EUROPESE COMMISSIE
Brussel, 16.7.2021
COM(2021) 318 final
2021/0221(NLE)
Voorstel voor een
BESLUIT VAN DE RAAD
inzake het namens de Europese Unie in te nemen standpunt in de Associatieraad die is ingesteld bij de Europees-mediterrane overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Arabische Republiek Egypte, anderzijds, over de geplande vaststelling van een besluit tot verlenging van de partnerschapsprioriteiten EU-Egypte totdat de EU en Egypte geactualiseerde gezamenlijke documenten hebben vastgesteld
TOELICHTING
1.Onderwerp van het voorstel
Dit voorstel betreft het besluit inzake het namens de Unie in te nemen standpunt in de Associatieraad die is ingesteld bij de Europees-mediterrane overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Arabische Republiek Egypte, anderzijds, over de geplande vaststelling van een besluit tot verlenging van de partnerschapsprioriteiten EU-Egypte totdat de EU en Egypte geactualiseerde gezamenlijke documenten hebben vastgesteld.
2.Achtergrond van het voorstel
2.1.De associatieovereenkomst
De Europees-mediterrane overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Arabische Republiek Egypte, anderzijds (“de associatieovereenkomst”), is op 25 juni 2001 ondertekend en op 1 juni 2004 in werking getreden. De associatieovereenkomst vormt de rechtsgrondslag voor de bilaterale betrekkingen tussen de EU en Egypte. De associatieovereenkomst heeft ten doel:
–een passend kader tot stand te brengen voor de politieke dialoog met het oog op het versterken van de politieke betrekkingen tussen de partijen;
–de voorwaarden vast te leggen voor de geleidelijke liberalisering van het goederen-, diensten- en kapitaalverkeer;
–de ontwikkeling van evenwichtige economische en sociale betrekkingen tussen de partijen te bevorderen door middel van dialoog en samenwerking;
–bij te dragen tot de economische en sociale ontwikkeling van Egypte;
–regionale samenwerking aan te moedigen, teneinde de vreedzame co-existentie en economische en politieke stabiliteit te consolideren;
–de samenwerking op andere gebieden van wederzijds belang te bevorderen.
2.2.De Associatieraad
Bij de associatieovereenkomst wordt een Associatieraad ingesteld die bevoegd is om besluiten vast te stellen voor de verwezenlijking van de doelstellingen van de associatieovereenkomst, in de in die overeenkomst genoemde gevallen. De besluiten zijn bindend voor de partijen. De Associatieraad kan tevens aanbevelingen doen. Volgens het reglement van orde wordt de Associatieraad bij toerbeurt voor een periode van twaalf maanden voorgezeten door de EU en Egypte. De Associatieraad komt periodiek, eens per jaar, op ministerieel niveau bijeen. Op verzoek van een van de partijen kunnen bijzondere zittingen van de Associatieraad belegd worden indien de partijen dat overeenkomen.
2.3.De beoogde handeling van de Associatieraad
De Associatieraad moet een besluit vaststellen om de partnerschapsprioriteiten EU-Egypte 2017-2020 te verlengen totdat de EU en Egypte geactualiseerde gezamenlijke documenten hebben vastgesteld. Overeenkomstig artikel 10 van zijn reglement van orde zal de Associatieraad het besluit via schriftelijke procedure vaststellen.
3.Namens de Unie in te nemen standpunt
Het door de Europese Unie in de Associatieraad in te nemen standpunt inzake de vaststelling van een besluit tot verlenging van de partnerschapsprioriteiten EU-Egypte wordt gebaseerd op de tekst van het besluit dat aan dit besluit is gehecht.
De EU en Egypte hebben de gezamenlijke partnerschapsprioriteiten voor 2017-2020 aangenomen tijdens de 7e zitting van de Associatieraad EU-Egypte op 25 juli 2017.
In het kader van het lopende proces ter verlenging van het partnerschap van de EU met het zuidelijke nabuurschap en gezien de goedkeuring van het meerjarig financieel kader 2021-2027 en het nieuwe Instrument voor nabuurschapsbeleid, ontwikkeling en internationale samenwerking (NDICI) is de voorbereiding en goedkeuring van geactualiseerde gezamenlijke documenten met zuidelijke buurlanden, waaronder Egypte, gepland voor 2021. In dat verband, en om te voorkomen dat er een leemte ontstaat tussen het verstrijken van de partnerschapsprioriteiten EU-Egypte en de vaststelling van nieuwe, is het in het belang van de partijen om de huidige partnerschapsprioriteiten te verlengen totdat de nieuwe zijn vastgesteld.
4.Rechtsgrondslag
4.1.Procedurele rechtsgrondslag
4.1.1.Beginselen
Artikel 218, lid 9, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) voorziet in de vaststelling van besluiten tot bepaling van “de standpunten die namens de Unie worden ingenomen in een krachtens een overeenkomst opgericht lichaam, wanneer dit lichaam handelingen met rechtsgevolgen vaststelt, met uitzondering van handelingen tot aanvulling of wijziging van het institutionele kader van de overeenkomst”.
Het begrip “handelingen met rechtsgevolgen” omvat handelingen die rechtsgevolgen hebben uit hoofde van de op het betrokken lichaam toepasselijke volkenrechtelijke bepalingen. Onder dit begrip vallen tevens instrumenten die volkenrechtelijk niet bindend zijn, maar die een “beslissende invloed [hebben] op de inhoud van de regelgeving die de wetgever van de Unie vaststelt”.
4.1.2.Toepassing op het onderhavige geval
De Associatieraad is een lichaam dat is opgericht krachtens een overeenkomst, namelijk de associatieovereenkomst.
De door de Associatieraad vast te stellen handeling is een handeling met rechtsgevolgen. De beoogde handeling heeft rechtsgevolgen aangezien zij de bestaande partnerschapsprioriteiten zal verlengen totdat de geactualiseerde gezamenlijke documenten zijn vastgesteld.
De procedurele rechtsgrondslag voor het voorgestelde besluit is derhalve artikel 218, lid 9, VWEU.
4.2.Materiële rechtsgrondslag
4.2.1.Beginselen
De materiële rechtsgrondslag voor een overeenkomstig artikel 218, lid 9, VWEU vast te stellen besluit wordt in de eerste plaats bepaald door de doelstelling en de inhoud van de beoogde handeling ten aanzien waarvan namens de Unie een standpunt wordt ingenomen. Wanneer de beoogde handeling een tweeledige doelstelling heeft of bestaat uit twee componenten, waarvan er een kan worden gezien als hoofddoelstelling of hoofdcomponent, terwijl de andere doelstelling of de andere component slechts ondergeschikt is, moet het overeenkomstig artikel 218, lid 9, VWEU vast te stellen besluit op één materiële rechtsgrondslag worden gebaseerd, namelijk die welke vereist is voor de hoofddoelstelling of de hoofdcomponent dan wel de belangrijkste doelstelling of component.
4.2.2.Toepassing op het onderhavige geval
De doelstelling en de inhoud van de beoogde handeling hebben in de eerste plaats betrekking op de samenwerking met een derde land in het kader van een associatieovereenkomst en het Europees Nabuurschapsbeleid.
De materiële rechtsgrondslag voor het voorgestelde besluit is derhalve artikel 217, VWEU.
4.3.Conclusie
De rechtsgrondslag voor het voorgestelde besluit is artikel 217, VWEU, in samenhang met artikel 218, lid 9, VWEU.
5.Bekendmaking van de beoogde handeling
Aangezien met de handeling van de Associatieraad de looptijd van de partnerschapsprioriteiten EU-Egypte wordt gewijzigd, moet zij na de vaststelling ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie worden bekendgemaakt.
2021/0221 (NLE)
Voorstel voor een
BESLUIT VAN DE RAAD
inzake het namens de Europese Unie in te nemen standpunt in de Associatieraad die is ingesteld bij de Europees-mediterrane overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Arabische Republiek Egypte, anderzijds, over de geplande vaststelling van een besluit tot verlenging van de partnerschapsprioriteiten EU-Egypte totdat de EU en Egypte geactualiseerde gezamenlijke documenten hebben vastgesteld
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 217, in samenhang met artikel 218, lid 9,
Gezien het voorstel van de Europese Commissie,
Overwegende hetgeen volgt:
(1)De Europees-mediterrane overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Arabische Republiek Egypte anderzijds, is op 25 juni 2001 ondertekend en op 1 juni 2004 in werking getreden.
(2)De partnerschapsprioriteiten EU-Egypte werden op 25 juli 2017 door de Associatieraad goedgekeurd.
(3)De partijen zijn overeengekomen dat deze nog steeds geldig zijn als leidraad voor de consolidatie van het partnerschap, in afwachting van de vaststelling van geactualiseerde gezamenlijke documenten.
(4)Artikel 76 van de associatieovereenkomst geeft de Associatieraad de bevoegdheid besluiten vast te stellen om de doelstellingen van de associatieovereenkomst te verwezenlijken.
(5)De Associatieraad moet via de schriftelijke procedure een besluit vaststellen om de partnerschapsprioriteiten te verlengen totdat de EU en Egypte geactualiseerde gezamenlijke documenten hebben vastgesteld.
(6)Het is passend het standpunt te bepalen dat namens de Unie moet worden ingenomen in de Associatieraad, aangezien het besluit bindend zal zijn voor de Unie,
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
Het namens de Unie in te nemen standpunt in de Associatieraad die is ingesteld bij de Europees-mediterrane overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Arabische Republiek Egypte anderzijds, over de verlenging van de partnerschapsprioriteiten EU-Egypte totdat de EU en Egypte geactualiseerde gezamenlijke documenten hebben vastgesteld, wordt gebaseerd op het aan dit besluit gehechte ontwerpbesluit van de Associatieraad EU-Egypte.
Artikel 2
Dit besluit is gericht tot de Commissie.
Gedaan te Brussel,
Voor de Raad
De voorzitter
EUROPESE COMMISSIE
Brussel, 16.7.2021
COM(2021) 318 final
BIJLAGE
bij
Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD
inzake het namens de Europese Unie in te nemen standpunt in de Associatieraad die is ingesteld bij de Europees-mediterrane overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Arabische Republiek Egypte, anderzijds, over de geplande vaststelling van een besluit tot verlenging van de partnerschapsprioriteiten EU-Egypte totdat de EU en Egypte geactualiseerde gezamenlijke documenten hebben vastgesteld
BIJLAGE
BESLUIT NR. xx/2021 VAN DE ASSOCIATIERAAD EU-EGYPTE
van [dd/mm/jjjj]
tot verlenging van de partnerschapsprioriteiten EU-Egypte
DE ASSOCIATIERAAD EU-EGYPTE,
Gezien de Europees-mediterrane overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Arabische Republiek Egypte, anderzijds (“de associatieovereenkomst”),
Overwegende hetgeen volgt:
(1)De Europees-mediterrane overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Arabische Republiek Egypte, anderzijds, is op 25 juni 2001 ondertekend en op 1 juni 2004 in werking getreden.
(2)Artikel 76 van de associatieovereenkomst geeft de Associatieraad de bevoegdheid besluiten vast te stellen om de doelstellingen van de associatieovereenkomst te verwezenlijken.
(3)Overeenkomstig artikel 86 van de associatieovereenkomst treffen de partijen alle algemene of bijzondere maatregelen die vereist zijn om aan hun verplichtingen krachtens de overeenkomst te voldoen, en zien zij erop toe dat de in de overeenkomst aangegeven doelstellingen worden bereikt.
(4)In de Associatieraad van 25 juli 2017 zijn de EU en Egypte partnerschapsprioriteiten overeengekomen die de leidraad vormen voor het partnerschap in de periode 2017-2020.
(5)De partijen zijn overeengekomen dat deze nog steeds geldig zijn als leidraad voor de consolidatie van het partnerschap, in afwachting van de vaststelling van geactualiseerde gezamenlijke documenten.
(6)Op grond van artikel 10 van het reglement van orde kan de Associatieraad tussen de vergaderingen in besluiten vaststellen via schriftelijke procedure, als de partijen daarmee instemmen,
BESLUIT:
Artikel 1
De Associatieraad besluit via schriftelijke procedure de partnerschapsprioriteiten EU-Egypte, die zijn vastgesteld tijdens de Associatieraad EU-Egypte zijn vastgesteld van 25 juli 2017, te verlengen totdat de EU en Egypte geactualiseerde gezamenlijke documenten hebben vastgesteld.
Artikel 2
Dit besluit treedt in werking op de datum waarop het wordt vastgesteld.
Gedaan te xx, op [dag maand jaar].
Voor de Associatieraad