|
12.1.2022 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 15/166 |
P9_TA(2021)0253
De situatie in Tsjaad
Resolutie van het Europees Parlement van 20 mei 2021 over de situatie in Tsjaad (2021/2695(RSP))
(2022/C 15/16)
Het Europees Parlement,
|
— |
gezien zijn resolutie van 16 september 2020 over de samenwerking tussen de EU en Afrika op het gebied van veiligheid in de Sahelregio, West-Afrika en de Hoorn van Afrika (1), |
|
— |
gezien de verklaring van de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid (VV/HV) over het feit dat president Idriss Déby Itno op 20 april 2021 is omgekomen, |
|
— |
gezien de verklaring van de woordvoerder van de secretaris-generaal van de VN van 20 april 2021 over Tsjaad, |
|
— |
gezien het communiqué van de ministers van Buitenlandse Zaken en Ontwikkelingssamenwerking van de G7 van 5 mei 2021, |
|
— |
gezien het rapport van de onderzoeksmissie van de Raad voor Vrede en Veiligheid van de Afrikaanse Unie naar Tsjaad, die plaatsvond van 29 april tot 5 mei 2021, |
|
— |
gezien de gezamenlijke verklaring van de Europese Raad en de G5-Sahellanden van 28 april 2020 over de veiligheid, stabiliteit en ontwikkeling van de Sahel, |
|
— |
gezien de conclusies van de Raad van 16 april 2021, waarin andermaal gewezen wordt op het belang van een solide langetermijnpartnerschap tussen de EU en de Sahel, |
|
— |
gezien het nationaal indicatief programma voor Tsjaad van het Europees Ontwikkelingsfonds (EOF) 2014-2020, |
|
— |
gezien de resolutie van de Paritaire Parlementaire Vergadering van de Organisatie van staten in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan (ACS) en de EU van 11 maart 2021 over democratie en de eerbiediging van de grondwettelijke orde in de EU- en de ACS-landen, |
|
— |
gezien de grondwet van Tsjaad, |
|
— |
gezien de Overeenkomst van Cotonou, |
|
— |
gezien het Afrikaans Handvest inzake de rechten van de mens en de volkeren dat is aangenomen op 27 juni 1981 en in werking is getreden op 21 oktober 1986, |
|
— |
gezien het Afrikaans Handvest inzake democratie, verkiezingen en bestuur, |
|
— |
gezien de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, |
|
— |
gezien artikel 144, lid 5, en artikel 132, lid 4, van zijn Reglement, |
|
A. |
overwegende dat de president van Tsjaad, Idriss Déby Itno, die al 31 jaar aan de macht was, op 20 april 2021 is omgekomen bij een confrontatie tussen het leger en rebellengroeperingen, één dag nadat hij was uitgeroepen tot winnaar van de presidentsverkiezingen van 11 april 2021; |
|
B. |
overwegende dat de militaire overgangsraad (TMC) na de dood van Idriss Déby in strijd met de grondwet de macht heeft overgenomen en een overgangsregering heeft benoemd, onder leiding van Mahamat Idriss Déby, de zoon van de overleden Tsjadische president; overwegende dat de TMC de grondwet heeft opgeschort, de regering en het parlement heeft ontbonden en een “overgangshandvest” heeft vastgesteld dat de grondwet zal vervangen gedurende een periode van 18 maanden, die eenmaal kan worden verlengd; |
|
C. |
overwegende dat in de Tsjadische grondwet is bepaald dat ingeval het presidentschap vacant is of het staatshoofd blijvend niet in staat is om zijn functie te vervullen, de voorzitter van het Tsjadische parlement fungeert als interim-president en gehouden is om binnen een periode van 45 tot 90 dagen verkiezingen te organiseren; |
|
D. |
overwegende dat de TMC op 2 mei 2021 een overgangsregering heeft benoemd, met als civiele premier Albert Pahimi Padacké, en dat ook enkele leden van de oppositie deel uitmaken van de regering; overwegende dat Padacké bij de presidentsverkiezingen van 11 april 2021 tweede werd, ondanks het feit dat hij werd beschouwd als een van de bondgenoten van wijlen president Déby, en dat hij van 2016 tot 2018 premier was; |
|
E. |
overwegende dat er in het rapport van de onderzoeksmissie van de Raad voor Vrede en Veiligheid van de Afrikaanse Unie naar Tsjaad, die plaatsvond van 29 april tot 5 mei 2021, op wordt gewezen dat het belangrijk is dat er een levensvatbare grondwet voor Tsjaad wordt opgesteld die voor alle partijen aanvaardbaar is en dat het overgangshandvest onvoldoende geschikt is om de politieke en burgerrechten van de bevolking tijdens de overgangsperiode te waarborgen; |
|
F. |
overwegende dat de militaire regering op 27 april 2021 in strijd met de wet en op onevenredig harde wijze gewapend geweld heeft gebruikt tegen burgers; overwegende dat dit geweld door een groot aantal mensenrechtenorganisaties en de internationale gemeenschap, waaronder de Afrikaanse Unie en de Europese Unie, werd veroordeeld; overwegende dat er bij protesten na de dood van president Déby ten minste zes doden zijn gevallen, tientallen mensen gewond zijn geraakt en vele mensen willekeurig zijn gearresteerd en gevangen zijn genomen; overwegende dat er bij deze confrontaties naar schatting meer dan 600 mensen gearresteerd zijn; |
|
G. |
overwegende dat er in de jaren dat Déby president was sprake was van systematische en voortdurende mensenrechtenschendingen; |
|
H. |
overwegende dat de periode voorafgaand aan de verkiezingen gekenmerkt werd door vervolgingen en willekeurige arrestaties van meer dan 112 politieke tegenstanders en mensenrechtenactivisten; overwegende dat de veiligheidstroepen in de weken voorafgaand aan de verkiezingscampagne disproportioneel en onrechtmatig geweld hebben gebruikt tegen vreedzame demonstranten; overwegende dat de verkiezingen op grote schaal geboycot werden door de oppositie en maatschappelijke organisaties; |
|
I. |
overwegende dat de veiligheidssituatie in de Sahel-regio de afgelopen jaren aanzienlijk is verslechterd, wat een ernstige bedreiging vormt voor de regionale en internationale veiligheid; overwegende dat mensenrechtenschendingen en massamoorden op grote schaal voorkomen; overwegende dat de gewelddadige extremistische activiteiten in de Sahel in 2019 sneller zijn toegenomen dan in welke andere regio ook; overwegende dat de multinationale gezamenlijke taskforce sinds zijn oprichting in 2015 terroristische groeperingen uit een groot aantal gebieden die zij in handen hadden heeft verdreven, maar dat de regio nog altijd zeer instabiel is; |
|
J. |
overwegende dat Tsjaad zwaar te lijden heeft gehad onder terroristische activiteiten en aanslagen; overwegende dat Boko Haram, sinds 2015 gelieerd aan Islamitische Staat, in de hele regio actief is en ervoor gezorgd heeft dat veel mensen in het Tsjaadmeerbekken ontheemd zijn geraakt; overwegende dat er in Tsjaad momenteel 133 000 intern ontheemden zijn en ongeveer 500 000 vluchtelingen; overwegende dat de militaire confrontaties met rebellengroepen zoals het Front voor Verandering en Eensgezindheid (FACT) sinds de verkiezingen van dit jaar zijn toegenomen; overwegende dat het leger van Tsjaad recentelijk heeft beweerd FACT te hebben verslagen; overwegende dat de TMC het voorstel van gewapende FACT-rebellengroepen voor een staakt-het-vuren en het aangaan van onderhandelingen heeft verworpen; |
|
K. |
overwegende dat de EU steun verleent aan de G5-Sahel, een gezamenlijk defensie-initiatief van Burkina Faso, Tsjaad, Mali, Mauritanië en Niger, in het kader waarvan het optreden op het gebied van regionale ontwikkeling en veiligheid wordt gecoördineerd, met als doel terrorisme te bestrijden en stabiliteit te brengen in de regio, waarbij het Tsjadische leger een belangrijke rol speelt; overwegende dat het mandaat van de opleidingsmissie van de EU (EUTM) in Mali in maart 2020 werd verlengd om de nationale strijdkrachten van de G5-Sahellanden, waaronder Tsjaad, bijstand te verlenen in de vorm van adviesverlening en opleiding; overwegende dat Mauritanië en Niger door de overige G5-Sahellanden als bemiddelaars zijn aangewezen om te zorgen voor een inclusieve dialoog tussen alle partijen die een rol spelen in de huidige gespannen situatie in Tsjaad en om de voorwaarden te scheppen voor een op consensus berustende, vreedzame en succesvolle transitie; |
|
L. |
overwegende dat er in Tsjaad op grote schaal sprake is van armoede, voedselonzekerheid, corruptie, straffeloosheid, geweld tegen vrouwen en meisjes en een gebrek aan economische kansen, ondanks het feit dat Tsjaad een olieproducerend land is; overwegende dat het land op de menselijke ontwikkelingsindex 2019 op de 187e plaats staat van in totaal 189 landen; |
|
M. |
overwegende dat de EU de inspanningen op het gebied van ontwikkeling, vrede en veiligheid in Tsjaad en in de hele Sahel steunt via het EOF, de Vredesfaciliteit voor Afrika, het instrument voor bijdrage aan stabiliteit en vrede en het EU-noodtrustfonds voor Afrika; overwegende dat de EU tussen 2014 en 2020 in het kader van het EOF 542 miljoen EUR aan Tsjaad heeft toegewezen ter ondersteuning van onder meer de consolidatie van de rechtsstaat; overwegende dat de toekomstige Europese Vredesfaciliteit op 1 juli 2021 de taken van de Vredesfaciliteit voor Afrika zal overnemen; |
|
1. |
betreurt de moord op president Idriss Déby en het recente geweld en verlies van mensenlevens als gevolg van aanvallen door gewapende groeperingen in de regio; spreekt nogmaals zijn bezorgdheid uit over de aanhoudende crisis in Tsjaad en de onstabiele veiligheidssituatie in het noorden, en veroordeelt de herhaalde schendingen van de mensenrechten en het internationaal en humanitair recht met klem; |
|
2. |
veroordeelt de militaire machtsovername door het TMC op 20 april 2021, de daaropvolgende opschorting van de grondwet van Tsjaad en de ontbinding van de regering; verwerpt de opstelling van een handvest door het TMC, dat zonder democratisch overleg tot stand is gekomen; |
|
3. |
is ervan overtuigd dat de huidige verdeeldheid in de Tsjadische samenleving niet met militaire middelen kan worden aangepakt en roept alle partijen op om af te zien van gewelddadig optreden, een politieke dialoog aan te gaan en het leven van de burgerbevolking te beschermen; |
|
4. |
verzoekt het TMC te zorgen voor een ongehinderde en snelle terugkeer naar de grondwettelijke orde en te waarborgen dat de democratische waarden worden geëerbiedigd; merkt op dat de benoeming van een civiele overgangsregering met leden van bepaalde oppositiegroepen een eerste stap is naar een terugkeer van de grondwettelijke orde; dringt er voorts bij het TMC op aan de voorwaarden te scheppen en te waarborgen voor een inclusieve nationale dialoog tussen de regering en actoren uit het maatschappelijk middenveld, en zo snel mogelijk te zorgen voor een vreedzame, door burgers geleide en dringende overgang naar democratische, vrije en eerlijke verkiezingen, die zouden leiden tot een democratisch verkozen president en een inclusieve regering; |
|
5. |
herinnert eraan dat een echte democratische overgang en hervorming door burgers moet worden geleid en ruimte moet bieden voor de volledige en actieve betrokkenheid van maatschappelijke organisaties, vrouwen en jongeren, oppositiepartijen en de vrije pers, die zonder geweld, intimidatie of beperkingen moeten kunnen functioneren; |
|
6. |
veroordeelt de beperking van het recht om te demonstreren en het gebruik van geweld door het TMC tegen demonstranten; dringt er bij het TMC op aan alle personen die na recente demonstraties gevangen zitten vrij te laten; dringt voorts aan op de oprichting van een onafhankelijke en onpartijdige onderzoekscommissie om onderzoek te doen naar misbruiken tijdens de demonstraties en eventuele mensenrechtenschendingen, met inbegrip van het kennelijk gebruik van onnodig of onevenredig geweld om demonstraties uiteen te drijven; |
|
7. |
is bezorgd over corruptie en straffeloosheid in Tsjaad; merkt op dat het verzuim om schendingen van de mensenrechten aan te pakken bijdraagt tot de voortzetting van het misbruik en het vertrouwen van de burgers in overheidsinstellingen verzwakt; |
|
8. |
verzoekt de HV/VV, de EU-delegatie en de EU-missies in Tsjaad toe te zien op de volledige toepassing van de EU-richtsnoeren over mensenrechtenverdedigers en het EU-actieplan inzake mensenrechten en democratie, onder meer door de protesten te observeren en de gevraagde steun te verlenen die is vastgesteld in het overgangsplan van het maatschappelijk middenveld tegen het einde van de crisis; |
|
9. |
roept de internationale gemeenschap op om Tsjaad te steunen in zijn inspanningen op het gebied van de democratie; verzoekt met name de Afrikaanse Unie en de G5 om Tsjaad te ondersteunen bij de totstandbrenging van een inclusieve en maatschappelijke dialoog met een duurzame en vreedzame oplossing; benadrukt nogmaals dat moet worden afgezien van verregaande externe bemoeienis en dat de eenheid, stabiliteit en territoriale integriteit van Tsjaad moeten worden beschermd; verzoekt de presidenten van Mauritanië en Niger Tsjaad te blijven bijstaan als bemiddelaars in de Tsjadische crisis tot er een langdurige en vreedzame beëindiging van de huidige crisis is; |
|
10. |
erkent de belangrijke rol die Tsjaad speelt in de bestrijding van terrorisme binnen de G5-Sahelgroep; benadrukt het belang van de naleving van internationale mensenrechtenverdragen; benadrukt dat de territoriale integriteit en de stabiliteit van Tsjaad in de kwetsbare veiligheidscontext van de regio beschermd moeten worden; benadrukt de humanitaire nood in de Sahel; |
|
11. |
wijst erop dat regionale organisaties en partnerschappen, waaronder de Afrikaanse Unie en de G5, belangrijke actoren zijn bij het organiseren en ondersteunen van een door Afrika geleide strategie voor de aanpak van terrorisme en instabiliteit in de Sahel; spreekt nogmaals zijn steun uit voor de regionale multinationale gezamenlijke taskforce en zijn voortdurende steun via de Vredesfaciliteit voor Afrika, die binnenkort zal worden overgenomen door de Europese Vredesfaciliteit; dringt erop aan dat civiele actoren die melding maken van mensenrechtenschendingen worden beschermd, zonder dat zij te maken hoeven te krijgen met bedreigingen; |
|
12. |
herinnert eraan dat klimaatverandering, voedselonzekerheid, bevolkingsgroei, exploitatie van natuurlijke hulpbronnen, armoede, een gebrek aan onderwijs- en economische kansen, alsook gewelddadig optreden en ideologische inmenging door buitenlandse jihadistische groepen diepere oorzaken zijn van instabiliteit, geweld en rekrutering van terroristen in de hele Sahel; merkt op dat de COVID-19-pandemie deze druk heeft vergroot en de vooruitgang op het gebied van ontwikkeling aanzienlijk heeft belemmerd; benadrukt dat de coördinatie van veiligheids-, ontwikkelings-, humanitaire en democratieondersteunende bijstand noodzakelijk is om blijvende duurzame ontwikkeling in de hele regio te waarborgen; steunt een verschuiving naar een meer geïntegreerde benadering van stabilisatie met een sterke nadruk op de civiele en de politieke dimensie; |
|
13. |
benadrukt dat Tsjaad een sterke partner van de EU is en moet blijven en onderstreept nogmaals dat het zich zal blijven inzetten voor een dialoog en een vreedzame oplossing voor de huidige politieke crisis; |
|
14. |
dringt aan op een evaluatie van de aan de regio toegewezen EU-middelen om te waarborgen dat er geen misbruik van middelen plaatsvindt; |
|
15. |
verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, de regering en de Nationale Assemblee van Tsjaad, en de Afrikaanse Unie en haar instellingen. |
(1) Aangenomen teksten, P9_TA(2020)0213.