|
31.7.2020 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 251/13 |
Kennisgeving aan de persoon die onderworpen is aan de beperkende maatregelen van Besluit (GBVB) 2016/1693 van de Raad, als gewijzigd bij Besluit (GBVB) 2020/1126 van de Raad, en van Verordening (EU) 2016/1686 van de Raad, als uitgevoerd bij Uitvoeringsverordening (EU) 2020/1124 van de Raad, betreffende beperkende maatregelen tegen ISIS (Da'esh) en Al Qaida en daarmee verbonden personen, groepen, ondernemingen en entiteiten
(2020/C 251/10)
De volgende informatie wordt ter kennis gebracht van de heer Bryan D'ANCONA, die is opgenomen in de lijst in de bijlage bij Besluit (GBVB) 2016/1693 van de Raad (1), als gewijzigd bij Besluit (GBVB) 2020/1126 van de Raad (2), en in bijlage I bij Verordening (EU) 2016/1686 van de Raad (3), als uitgevoerd bij Uitvoeringsverordening (EU) 2020/1124 van de Raad (4), betreffende beperkende maatregelen tegen ISIS (Da'esh) en Al Qaida en daarmee verbonden personen, groepen, ondernemingen en entiteiten.
De Raad van de Europese Unie heeft besloten dat de in de bovengenoemde bijlagen vermelde persoon moet worden toegevoegd aan de lijst van personen, groepen, ondernemingen en entiteiten waarop de beperkende maatregelen van Besluit (GBVB) 2016/1693 en Verordening (EU) 2016/1686 van toepassing zijn.
De betrokken persoon wordt erop geattendeerd dat hij bij de in bijlage II bij Verordening (EU) 2016/1686 vermelde bevoegde instanties van de betrokken lidstaat of lidstaten een machtiging tot het gebruik van bevroren tegoeden voor essentiële behoeften of specifieke betalingen kan aanvragen (zie artikel 5 van die verordening).
De betrokken persoon kan de Raad verzoeken zijn motivering om hem op bovengenoemde lijst te plaatsen, mede te delen. Dit verzoek dient aan het volgende adres te worden gericht:
|
Raad van de Europese Unie |
|
Secretariaat-generaal |
|
RELEX.1.C |
|
Wetstraat 175 |
|
1048 Brussel |
|
BELGIË |
E-mail: sanctions@consilium.europa.eu
De betrokken persoon kan te allen tijde, onder overlegging van eventuele bewijsstukken, de Raad verzoeken het besluit om hem op bovengenoemde lijst te plaatsen, te heroverwegen; dat verzoek dient aan bovengenoemd adres te worden gericht. In dat verband worden de betrokken persoon geattendeerd op de regelmatige evaluatie van de lijst door de Raad overeenkomstig artikel 6, lid 2, van Besluit (GBVB) 2016/1693 en artikel 4, lid 4, van Verordening (EU) 2016/1686. Om bij de volgende evaluatie te kunnen worden behandeld, dienen verzoeken uiterlijk op 31 augustus 2020 te worden ingediend.
Tevens wordt de betrokken persoon erop geattendeerd dat hij tegen het besluit van de Raad beroep kan instellen bij het Gerecht van de Europese Unie, overeenkomstig de voorwaarden die zijn neergelegd in artikel 275, tweede alinea, en artikel 263, vierde en zesde alinea, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.
(1) PB L 255 van 21.9.2016, blz. 25.
(2) PB L 246 van 30.7.2020, blz. 10.