|
19.6.2020 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 205/3 |
Conclusies van de Raad over demografische uitdagingen — te volgen koers
(2020/C 205/03)
NOTA NEMEND VAN HET VOLGENDE:
|
1. |
In de strategische agenda 2019-2024 wordt bepaald dat de basis voor duurzame en inclusieve groei op lange termijn moet worden vernieuwd en dat de cohesie in de EU moet worden versterkt. Dit vereist dat een opwaartse convergentie van onze economieën wordt bereikt en dat een reeks uitdagingen, waaronder demografische verandering, wordt aangegaan. |
|
2. |
De Europese pijler van sociale rechten dient als leidraad voor efficiënte werkgelegenheid en sociale resultaten voor een sociaal billijke en rechtvaardige transitie naar klimaatneutraliteit, digitalisering en demografische veranderingen. |
|
3. |
De uitbraak en verspreiding van de COVID-19-pandemie vormt een ongekende, wereldwijde uitdaging die op verschillende manieren gevolgen zal hebben voor de diverse sectoren van onze samenlevingen, economieën, arbeidsmarkten, gezondheids- en socialezorgstelsels, gezinsbudgetten en het dagelijks leven van onze burgers, en mogelijk nieuwe demografische uitdagingen veroorzaakt. |
|
4. |
Veranderingen op het gebied van klimaat, technologie en demografie beïnvloeden en transformeren onze samenlevingen en leefwijze (1). Aangezien duurzame ontwikkeling en inclusieve economische groei menselijk kapitaal en nieuwe, innovatieve oplossingen vereisen, moet in alle lidstaten steun worden verleend voor demografische vernieuwing, die dezelfde prioriteit moet krijgen als klimaatneutraliteit en digitalisering op EU-niveau. In alle toekomstige initiatieven van de Commissie moet hierop worden geanticipeerd en moet dit aan bod komen, op horizontale wijze. |
|
5. |
Er is sprake van een wisselwerking tussen de arbeidsmobiliteit binnen de EU en demografische veranderingen, waardoor de demografische druk in sommige regio’s wordt verlicht en de situatie in andere regio’s wordt verergerd. Het vrije verkeer van werknemers is een van de fundamentele vrijheden van de Unie, en moet dit ook blijven. Het heeft de arbeidsmobiliteit binnen de EU vergemakkelijkt, maar heeft ook geleid tot uiteenlopende verschijnselen in verschillende regio’s van de Unie: “braindrain”, “braingain”, “brain regain” (remigratie van hoogopgeleiden), kennismobiliteit en bevolkingsafname in het algemeen. Het is belangrijk om in regio’s met een achterstand omstandigheden te scheppen die deze dynamischer en aantrekkelijker maken, en aldus bij te dragen aan de duurzame ontwikkeling ervan. |
|
6. |
Tijdens de wereldwijde COVID-19-pandemie moet het vrije verkeer van werknemers volledig worden gehandhaafd, terwijl alle nodige maatregelen worden genomen om de verspreiding van het virus te voorkomen en de rechten en gezondheid van kwetsbare werknemers te beschermen. |
|
7. |
Tussen 2023 en 2060 zal de Europese beroepsbevolking (20-64 jaar) naar verwachting met 8,2 % afnemen (ongeveer 19 miljoen mensen). Deze krimpende beroepsbevolking zal naar verwachting voorzien in de middelen voor de pensioenen en de gezondheidszorg voor de snel groeiende groep gepensioneerden, hetgeen de houdbaarheid en de toereikendheid van de pensioenstelsels op de proef zal stellen (2). Om de economische groei te ondersteunen is het van belang te investeren in vaardigheden om de productiviteitsgroei te bevorderen en het beschikbare arbeidsaanbod volledig te benutten door vrouwen en momenteel ondervertegenwoordigde groepen, met name jongeren, ouderen en personen met een handicap, te integreren en, waar zulks passend wordt geacht, reguliere migratie te overwegen om het krimpen van de beroepsbevolking te beperken, met inachtneming van de nationale bevoegdheden. |
|
8. |
De demografische ontwikkelingen in de EU wijzen duidelijk op vergrijzing van de bevolking, waarbij de vruchtbaarheidscijfers soms aanzienlijk onder het vervangingsniveau van 2,1 liggen (3). Bijna een vijfde (19,7 %) van de totale bevolking van de EU is ouder dan 65 jaar, en dit cohort zal in 2050 naar verwachting 28,5 % van de totale bevolking uitmaken (4). Dit wijst op een gestage toename van de afhankelijkheidsratio. Een vergrijzende samenleving brengt uitdagingen met zich mee, maar ook kansen voor economische en sociale ontwikkeling en voor de samenleving als geheel. Zij zou een belangrijke rol kunnen spelen bij het scheppen van banen en bij het ondersteunen van activiteiten in diverse sectoren. Aangezien we langer en gezonder leven dankzij vooruitgang op het gebied van onder meer geneeskunde en gezondheidszorg, sociale zekerheid en de uitbanning van armoede, zullen er nieuwe kansen ontstaan in de “zilveren economie” en de zorgeconomie. De “zilveren economie” moet, afgezien van het economisch belang ervan, worden beschouwd als een teken van sociale en culturele vooruitgang en moet worden gekoppeld aan een positieve en sociaal inclusieve identiteit voor ouderen in Europa. De toename van de levensverwachting en van de levenskwaliteit moet worden beschouwd als een succes van het sociale model binnen de kernwaarden van de EU. Een eerste doelstelling met betrekking tot de vergrijzing van de bevolking is dan ook de nadruk te leggen op gerichte beleidsmaatregelen en het zorgen voor een uitgebreid, op de leeftijd afgestemd gezondheidszorgstelsel gedurende het hele leven, met name in het geval van afhankelijke personen. |
|
9. |
Ouderen zijn waardevol voor de samenleving en moeten daarom doeltreffend en volwaardig deelnemen aan de samenleving en hun leven met waardigheid en zo onafhankelijk mogelijk leiden. Dit geldt ook voor mensen met een handicap. De demografische tendensen, waaronder de snel vergrijzende bevolking en de hogere levensverwachting, betekenen dat de behoefte aan bevordering van gezondheid en welzijn, langdurige zorg en de druk op de gezondheidszorg- en pensioenstelsels in Europa zullen toenemen. Deze uitdaging moet worden gezien als een kans om nieuwe diensten, nieuwe banen en nieuwe vormen van samenwerking te ontwikkelen, alsook voor sociale ontwikkeling. Toegankelijke welzijnstechnologie en digitalisering kunnen helpen deze uitdagingen het hoofd te bieden. |
|
10. |
Actieve inclusie van jongeren op de arbeidsmarkt en in de samenleving is van essentieel belang. Jongeren kunnen bijzonder kwetsbaar zijn omdat zij een overgangsfase in hun leven doormaken, vanwege een gebrek aan beroepservaring of zelfs basisvaardigheden, ontoereikend onderwijs en opleiding, geringe sociale zekerheid, beperkte toegang tot financiële middelen en precaire arbeidsvoorwaarden (5). |
|
11. |
De opvoeding van kinderen is een langetermijninspanning, en het demografisch beleid moet betrouwbaar en duurzaam zijn om doeltreffend te zijn. Investeringen in betaalbaar en kwalitatief hoogwaardig onderwijs en opvang voor jonge kinderen kunnen bijdragen tot demografische vernieuwing en aanzienlijke positieve resultaten opleveren, met name voor sociaal-economisch kansarme kinderen, en helpen de toekomstige beroepsbevolking weerbaarder te maken ten aanzien van demografische uitdagingen, alsook tot betere sociale resultaten in de hele levenscyclus leiden. |
|
12. |
De doelstellingen van Barcelona wat betreft de beschikbaarheid van kwalitatief hoogwaardige en betaalbare kinderopvang voor kinderen in de voorschoolse leeftijd (90 % van de kinderen vanaf de leeftijd van drie jaar tot de leerplichtige leeftijd en 33 % van de kinderen jonger dan drie jaar die deelnemen aan kinderopvang) moeten verder worden nagestreefd in de lidstaten met een achterstand, om te zorgen voor opwaartse convergentie. |
|
13. |
Het overheidsbeleid moet zo worden opgezet dat het de voorwaarden, waaronder het economisch klimaat, schept die individuen en gezinnen de mogelijkheid bieden om de kinderen te krijgen die zij wensen en een betere kwaliteit van leven te genieten, in veiligheid te leven en een evenwicht tussen werk, gezin en zorgtaken te bereiken. |
|
14. |
De richtlijn betreffende het evenwicht tussen werk en privéleven uit 2019 is gericht op het bereiken van gelijkheid tussen vrouwen en mannen met betrekking tot arbeidsmarktkansen en de behandeling op het werk door het combineren van werk, gezinsleven en zorgtaken voor werknemers die ouders of mantelzorgers zijn te vergemakkelijken, en de gelijke verdeling van die taken te bevorderen, zoals dit ook in beginsel 9 van de Europese pijler van sociale rechten is verankerd. |
|
15. |
Verstedelijking, onvoldoende werkgelegenheidskansen, lage inkomens en ontoereikende diensten leiden in veel plattelandsgebieden en insulaire regio’s tot afname van de bevolking, hetgeen de kloof tussen de stad en het platteland vergroot, en de aanneming nodig maakt van een geïntegreerde strategie om de duurzame ontwikkeling van deze regio’s op basis van hun specifieke potentieel te bevorderen. |
|
16. |
Door het verbeteren van de vervoersverbindingen en het verder ontwikkelen van het openbaar vervoer kunnen mensen zich vrij verplaatsen, en kunnen de connectiviteitslacunes worden aangepakt, hetgeen leidt tot een sterkere sociale cohesie. |
|
17. |
Demografische veranderingen bieden een kans om de pensioenstelsels, de gezondheidszorgstelsels en de stelsels voor langdurige zorg aan te passen. Actief en gezond ouder worden, ondersteund door efficiënte gezondheidszorgstelsels, flexibele, adequate en op maat gemaakte zorgmodellen, en de inzetbaarheid van de vergrijzende bevolking zijn van essentieel belang bij het zorgen voor de houdbaarheid van de socialezekerheids- en zorgstelsels. Een betere dekking, toegankelijkheid, toereikendheid en houdbaarheid zijn van essentieel belang voor de modernisering van de socialebeschermingsstelsels (6) en voor de versterking van de weerbaarheid ervan ten aanzien van crises in de gezondheidszorg- en de sociale stelsels, zoals de COVID-19-pandemie. |
|
18. |
De EU beweegt zich momenteel in de richting van langer levende, minder vruchtbare en beter opgeleide samenlevingen. Een alomvattend, nauwkeurig en op feiten gebaseerd beeld van de huidige situatie en toekomstige prognoses kan worden verkregen door gegevens over migratie, vruchtbaarheid en sterfte te bestuderen (7), samen met het opleidingsniveau en het feitelijke vaardighedenniveau, de arbeidsparticipatiepercentages en andere sociaal-demografische indicatoren. Empirisch onderbouwde beleidsvorming vereist geldige, relevante en actuele gegevens, uitgesplitst naar geslacht en leeftijd. Voortdurend geactualiseerde gegevens over demografische processen en over factoren die van invloed zijn op deze processen, alsook over de specifieke behoeften en voorkeuren van vrouwen en mannen van alle leeftijdsgroepen, vormen een essentieel instrument voor de formulering van demografisch beleid en de evaluatie van de resultaten daarvan. |
|
19. |
Bij het uitwerken van demografisch beleid zijn sectoroverschrijdende coördinatie en samenwerking tussen sociale, familiale, gezondheids-, werkgelegenheids-, onderwijs- en zorgdiensten sterk vereist, in alle economische sectoren, rekening houdend met de economische omstandigheden van elke lidstaat. |
|
20. |
De sleutel tot succes ligt in doeltreffende coördinatie en samenwerking tussen alle overheidsniveaus: nationaal, regionaal en lokaal, met de betrokkenheid van de sociale partners, het maatschappelijk middenveld en andere relevante belanghebbenden, die op alle niveaus samenwerken om het te doen slagen, |
OVERWEGEND HETGEEN VOLGT:
|
21. |
In het verkennend advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité over “Demografische uitdagingen in de EU in het licht van de ongelijkheid op economisch en ontwikkelingsvlak” wordt benadrukt dat kwalitatief hoogwaardige, toegankelijke en betaalbare voorzieningen voor onderwijs, zorg en bijstand (voor kinderen, mensen met een handicap en ouderen) cruciaal zijn om de demografische uitdagingen het hoofd te bieden en de bevolkingsgroei te ondersteunen (8). |
|
22. |
De boodschap die werd overgebracht in het kader van het Europees Jaar voor actief ouder worden (2012), namelijk dat met de solidariteit tussen generaties de proef van de vergrijzing kan worden doorstaan, is nog steeds relevant. |
|
23. |
De conclusies van de Raad over de economie van het welzijn (2019) belichten verschillende sleutelelementen voor de veerkracht van onze economieën en samenlevingen en hun toekomstige welvaart, met inbegrip van toegankelijk en hoogwaardig onderwijs en opleiding, alsmede een leven lang leren, billijk beroepslevenbeleid, adequate en duurzame socialebeschermingsstelsels, toegang tot diensten, digitalisering en andere technologische ontwikkelingen, |
VERZOEKT DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
DE LIDSTATEN:
|
24. |
een kader voor demografisch beleid UIT TE WERKEN en TE ACTUALISEREN waarbij de sociale partners, het maatschappelijk middenveld en andere belanghebbenden worden betrokken, overeenkomstig hun bevoegdheden; |
|
25. |
de huidige en toekomstige discrepanties tussen vraag en aanbod van arbeidskrachten AAN TE PAKKEN, aangezien digitale transformatie, globalisering en demografische veranderingen de vraag op de arbeidsmarkt vormgeven door het scheppen en vernietigen van banen, alsook door de aard van bestaande beroepen te wijzigen, rekening houdend met het effect van demografische veranderingen op de arbeidsmarktprocessen, teneinde de vruchten van de digitale transformatie en de globalisering te plukken voor het scheppen van nieuwe werkgelegenheid in alle regio’s; |
|
26. |
de verbetering van vaardigheden door middel van betaalbaar, toegankelijk en inclusief onderwijs en opleiding van hoge kwaliteit, alsook via een leven lang leren, met inbegrip van digitale vaardigheden, AAN TE MOEDIGEN, om de toegang tot de arbeidsmarkt te helpen verbeteren en economische groei, sociale inclusie en persoonlijke ontplooiing in stand te houden, zowel voor vrouwen als voor mannen; |
|
27. |
de verwerving van vaardigheden op het gebied van wetenschap, technologie, engineering en wiskunde (“science, technology, engineering and mathematics” — STEM) AAN TE MOEDIGEN en TE BEVORDEREN, en jongeren, met name jonge vrouwen, te motiveren om voor een STEM-loopbaan te kiezen, alsmede investeringen in onderwijs en opleiding, onderzoek, innovatie en artificiële intelligentie, die de EU kunnen helpen om de demografische uitdagingen het hoofd te bieden, en de productiviteit kunnen verhogen en de economische groei kunnen ondersteunen ten overstaan van een krimpende beroepsbevolking, waarbij hoogwaardige banen worden gecreëerd die talent aantrekken; |
|
28. |
te zorgen voor BEWUSTWORDING van de noodzaak dat vrouwen en ondervertegenwoordigde groepen, met name jongeren, oudere werknemers en personen met een handicap, hierbij worden betrokken, en dat de arbeidsparticipatie in alle leeftijdscategorieën en groepen wordt verbeterd om de gevolgen van de vergrijzing voor de houdbaarheid van de socialebeschermingsstelsels te verminderen en gelijkheid te bevorderen; |
|
29. |
UITVOERING TE GEVEN AAN een inclusief sociaal en werkgelegenheidsbeleid, op basis van gelijke kansen, en in het bijzonder beleid inzake het evenwicht tussen werk en privéleven, door de participatie van vrouwen op de arbeidsmarkt te bevorderen, flexibele werkregelingen voor zowel vrouwen als mannen, het aanbieden van toegankelijke en betaalbare, kwalitatief hoogwaardige kinderopvang en langdurige zorg, alsmede een gelijke verdeling van huishoudelijke en zorgtaken tussen vrouwen en mannen, om ouders of mensen met zorgtaken in staat te stellen deel te nemen aan het beroepsleven en de samenleving; |
|
30. |
VOORUITGANG TE BOEKEN bij de uitvoering en waarborging van het beginsel van gelijke beloning voor arbeid van gelijke waarde voor vrouwen en mannen, teneinde de genderkloven op het gebied van werk, beloning en pensioenen te dichten; |
|
31. |
investeringen in kinderen AAN TE MOEDIGEN als de vorm van sociale investering die in de toekomst het hoogste rendement oplevert. Dit omvat ook inspanningen om de armoedecyclus van generatie op generatie te doorbreken door middel van gerichte investeringen om kinderarmoede te bestrijden; |
|
32. |
een passend en gecoördineerd beleid TE BEVORDEREN en TE BENADRUKKEN dat voorziet in verschillende soorten financiële en andere steun voor gezinnen, met name voor degenen die kinderen opvoeden (bv. betaald verlof, kinderbijslagen, passende belasting- en uitkeringsstelsels, gesubsidieerde woonoplossingen en steun voor studenten), met inbegrip van innovatieve oplossingen; |
|
33. |
het belang van solidariteit tussen de generaties TE BENADRUKKEN, actief en gezond ouder worden TE PROPAGEREN en toegang TE VERZEKEREN tot de nodige steun voor ouderen en hun families, met inbegrip van de aanpasbaarheid van woonruimten, e-gezondheid en artificiële intelligentie, gezien het effect ervan op het aangaan van de uitdagingen van de vergrijzing en het verlies van autonomie; |
|
34. |
de bevolking MEER BEWUST TE MAKEN van de rechten van ouderen op een zelfstandig, waardig en onafhankelijk leven en het recht op sociale participatie, ook in tijden van crisis, zoals de huidige wereldwijde COVID-19-pandemie, met bevordering van gezond en actief ouder worden, investeringen in sociale bescherming en aandacht in alle opzichten voor de positieve behandeling van ouderen; |
|
35. |
de rechten van ouderen met een handicap TE BEVORDEREN, te zorgen voor fatsoenlijke leefomstandigheden en volledige deelname aan het gemeenschapsleven en de compatibiliteit tussen de pensioenen van gehandicapten en ouderdomspensioenen TE ONDERZOEKEN; |
|
36. |
de uitdagingen AAN TE GAAN en de kansen TE BENUTTEN die voortvloeien uit de toenemende vraag naar langdurige zorg als gevolg van de vergrijzing en NA TE GAAN hoe digitalisering en welzijnstechnologie beter in de zorgdiensten kunnen worden geïntegreerd om de toegankelijkheid en de dienstverlening te verbeteren; |
|
37. |
TE BEPALEN in welke gebieden en regio’s mogelijk maatregelen moeten worden genomen wat betreft de toegankelijkheid van vervoer, aangezien het ontbreken van toegang tot vervoer vaak een ontbreken van toegang tot kwalitatief hoogwaardig onderwijs en opleiding, cultuur, arbeidsmarkten of gezondheidszorgdiensten inhoudt; |
|
38. |
naargelang de nationale omstandigheden TE ZORGEN voor toegang tot adequate sociale bescherming voor alle werknemers, ongeacht de aard en de duur van de arbeidsrelatie, en, onder vergelijkbare voorwaarden, voor zelfstandigen (9) (10); |
|
39. |
waar zulks passend wordt geacht, reguliere migratie TE OVERWEGEN om het krimpen van de beroepsbevolking te beperken, met inachtneming van de nationale bevoegdheden; |
DE LIDSTATEN EN DE EUROPESE COMMISSIE, CONFORM HUN RESPECTIEVE BEVOEGDHEDEN, REKENING HOUDEND MET NATIONALE OMSTANDIGHEDEN EN MET INACHTNEMING VAN DE ROL EN DE AUTONOMIE VAN DE SOCIALE PARTNERS, OM:
|
40. |
de toepassing van de beginselen van de Europese pijler van sociale rechten TE BEVORDEREN als noodzakelijke stap naar gelijke kansen en toegang tot de arbeidsmarkt, billijke arbeidsvoorwaarden, sociale bescherming en inclusie; |
|
41. |
empirisch onderbouwde en doeltreffende beleidsmaatregelen op nationaal en Unieniveau UIT TE VOEREN om gemeenschappelijke uitdagingen aan te gaan die het gevolg zijn van demografische veranderingen, met inbegrip van de beschikbaarheid van kwalitatief hoogwaardige langdurige zorg en de houdbaarheid en toereikendheid van socialebeschermingsstelsels; |
|
42. |
onevenwichtigheden in de mobiliteit binnen de EU OP TE LOSSEN om de sociale cohesie te versterken en “braindrain” om te zetten in kennismobiliteit of in “braingain” en TE KOMEN TOT voortdurende bij- en omscholing van de beroepsbevolking, rekening houdend met het dynamische karakter van de arbeidsmarkt en de ecologische, technologische en demografische transformatie, teneinde regionale verschillen, ontvolking van het platteland en stedelijke uitdagingen aan te pakken; |
|
43. |
de kennisbasis en het begrip TE VERBETEREN en bewustzijn TE CREËREN van het belang van de “zilveren economie” en de mogelijkheden van het positieve algemene effect ervan, dat gebaseerd moet zijn op een evenwicht tussen economische en menselijke behoeften; |
|
44. |
innovatieve oplossingen TE STIMULEREN die de participatie van ouderen in de samenleving en op de arbeidsmarkt vergemakkelijken en daaraan een toegevoegde waarde geven, in overeenstemming met hun capaciteiten en voorkeuren, en die gezond en actief ouder worden in alle beleidsmaatregelen aanmoedigen en ondersteunen, en de rechten van ouderen met een handicap TE BEVORDEREN; |
|
45. |
de toegankelijkheid TE VERBETEREN van betaalbare, hoogwaardige en, in voorkomend geval, geïntegreerde sociale, familiale, gezondheids-, werkgelegenheids-, onderwijs-, huisvestings-, zorg- en vervoersdiensten, die belangrijke factoren kunnen zijn om de kloof tussen stad en platteland te verkleinen; |
|
46. |
het vermogen TE VERSTERKEN om mogelijke nieuwe demografische problemen als gevolg van de uitbraak van de COVID-19-pandemie te beperken en TE ZORGEN voor de veerkracht van de samenleving; |
|
47. |
de voortgang van de uitvoering van de gezamenlijke Europese routekaart naar een meer veerkrachtig, duurzaam en billijk Europa (11), gericht op een gecoördineerde en inclusieve strategie voor het overwinnen van de huidige fase van de COVID-19-pandemie, TE BEWAKEN, en de coördinatie van de economische strategieën TE VERSTERKEN, teneinde een herstel van de productieactiviteiten en de werking van de arbeidsmarkten tot stand te brengen; |
DE EUROPESE COMMISSIE OM:
|
48. |
een gemeenschappelijke basis en interactieve EU-brede middelen VERDER UIT TE WERKEN voor het verkrijgen van tijdige, consistente, betrouwbare, vergelijkbare en toegankelijke gegevens, uitgesplitst naar geslacht en leeftijd, voor het omgaan met demografische ontwikkelingen, en ONDERSTEUNING TE VERLENEN aan nationaal beleid om demografische problemen aan te pakken, rekening houdend met de demografische prognoses en de geconstateerde gevolgen van de demografische veranderingen voor de Europese samenleving, met name in het licht van het herstel van COVID-19; |
|
49. |
in voorkomend geval een passende en gedifferentieerde strategie UIT TE WERKEN, met inbegrip van mogelijke gerichte Europese financiering, voor de lidstaten, hun plattelandsgebieden, eilanden en andere regio’s die het hardst getroffen worden door bevolkingskrimp, vooral wanneer deze een gevolg is van onvoldoende werkgelegenheid, diensten of vervoersverbindingen, die specifiek is opgezet om deze regio’s aantrekkelijker te maken; |
|
50. |
ervoor TE ZORGEN dat alle beleidsvoorstellen en -initiatieven vergezeld gaan van uitgebreide demografische en territoriale effectbeoordelingen, die parallel met economische, milieu- en sociale effectbeoordelingen worden uitgevoerd, met als doel de regio’s met een achterstand dynamischer en aantrekkelijker te maken en aldus bij te dragen aan de sociale en territoriale cohesie van de Unie; |
|
51. |
een brede discussie AAN TE GAAN over de vergrijzing en alle gevolgen daarvan, met inbegrip van de gevolgen op lange termijn voor de economie en de samenleving van de EU, gevolgd door concrete initiatieven, met inachtneming van de bevoegdheden van de lidstaten, met als doel deze uitdaging om te zetten in nieuwe kansen en op die manier op termijn te proberen te zorgen voor inclusieve en duurzame economische groei en socialebeschermingsstelsels; |
|
52. |
een afzonderlijke langetermijnstrategie VOOR TE STELLEN om de participatie van vrouwen op de arbeidsmarkt te vergroten, teneinde een inclusieve en niet-discriminerende economische groei in stand te houden en de risico’s voor en de druk op de overheidsfinanciën en de sociale uitgaven, die meer in het algemeen verband houden met de vergrijzing van de bevolking, te verminderen, rekening houdend met het evenwicht tussen werk en gezinsleven; |
|
53. |
tijdig een voorstel voor een Europese kindergarantie IN TE DIENEN; |
|
54. |
VOOR TE STELLEN dat 2023 als het Europees Jaar voor de bestrijding van kinderarmoede wordt aangewezen; |
|
55. |
ervoor TE ZORGEN dat investeringen via EU-fondsen een concrete bijdrage leveren aan het oplossen van demografische problemen op nationaal en regionaal niveau, rekening houdend met de mobiliteit binnen de EU, door specifieke acties vast te stellen om de meest acute effecten van demografische tendensen te beperken en de middelen voor het uitwisselen van beste praktijken in het leven te roepen, zodat de relevante belanghebbenden van elkaars ervaringen kunnen leren; |
|
56. |
ervoor TE ZORGEN dat in het Europees Semester op passende wijze rekening wordt gehouden met de demografische uitdagingen, met name met betrekking tot het effect ervan op de economie en op de socialebeschermingsstelsels, rekening houdend met de specifieke context in elke lidstaat; |
HET COMITÉ VOOR DE WERKGELEGENHEID EN HET COMITÉ VOOR SOCIALE BESCHERMING OM:
|
57. |
zich IN TE SPANNEN om adequate reeksen demografische indicatoren te ontwikkelen en bij te werken, uitgesplitst naar geslacht en leeftijd, op basis van de indicatoren die momenteel worden gebruikt, en waar nodig nieuwe reeksen UIT TE WERKEN, met verwijzing naar de arbeidsmarkt en de sociaal-economische cohesie en, in voorkomend geval, in samenwerking met de andere betrokken voorbereidende instanties van de Raad, met name op het gebied van economie en financiën; |
|
58. |
de uitwisseling van beste praktijken tussen de lidstaten bij het omgaan met de demografische uitdagingen AAN TE MOEDIGEN, met verwijzing naar de arbeidsmarkt en de sociaal-economische cohesie; |
DE COMMISSIE EN HET COMITÉ VOOR SOCIALE BESCHERMING OM:
|
59. |
een studie UIT TE VOEREN naar de gevolgen van demografische ontwikkelingen voor de toereikendheid van de pensioenen en de langdurige zorg. |
(1) Politieke beleidslijnen voor de volgende Europese Commissie 2019-2024.
(2) Europees Parlement, uitgebreide analyse: “Demografische vooruitzichten voor de Europese Unie 2019”.
(3) Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio’s: Een sterk sociaal Europa voor rechtvaardige transities, 14 januari 2020.
(4) “Ageing Europe, Looking at the lives of older people in the EU”, editie 2019.
(5) Aanbeveling van de Raad van 22 april 2013 tot invoering van een jongerengarantie (PB C 120 van 26.4.2013, blz. 1).
(6) Gezamenlijk verslag over de werkgelegenheid — 6346/20.
(7) https://ec.europa.eu/eurostat/web/population/overview
(8) https://www.eesc.europa.eu/en/our-work/opinions-information-reports/opinions/demographic-challenges-eu-light-economic-and-development-inequalities-exploratory-opinion-request-croatian-presidency
(9) Aanbeveling van de Raad van 8 november 2019 met betrekking tot de toegang tot sociale bescherming voor werknemers en zelfstandigen (PB C 387 van 15.11.2019, blz. 1).
(10) Europese pijler van sociale rechten.
(11) https://ec.europa.eu/info/sites/info/files/joint_eu_roadmap_lifting_covid19_containment_measures_nl.pdf