|
22.9.2021 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 385/138 |
P9_TA(2020)0234
Het geval van dr. Denis Mukwege in de Democratische Republiek Congo (DRC)
Resolutie van het Europees Parlement van 17 september 2020 over het geval van dr. Denis Mukwege in de Democratische Republiek Congo (DRC) (2020/2783(RSP))
(2021/C 385/15)
Het Europees Parlement,
|
— |
gezien zijn eerdere resoluties over de Democratische Republiek Congo (DRC), met name die van 18 januari 2018 (1), |
|
— |
gezien de verklaring van 20 mei 2020 van de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie (VV/HV) namens de EU over de situatie in Ituri, |
|
— |
gezien de conclusies van de Raad van 9 december 2019 over de Democratische Republiek Congo, |
|
— |
gezien de resoluties van de VN-Veiligheidsraad, met name resolutie 2528 van 25 juni 2020 over de situatie in de DRC en resolutie 2463 van 29 maart 2019 over de verlenging van het mandaat van de Stabilisatiemissie van de Verenigde Naties in de DRC (Monusco), |
|
— |
gezien de in resolutie 2528 van de VN-Veiligheidsraad vastgestelde maatregelen, waarbij een reeks sancties zijn verlengd tot juli 2021, zoals een wapenembargo voor gewapende groeperingen in de DRC, een reisverbod voor bepaalde personen en de bevriezing van tegoeden voor personen en entiteiten die door het Sanctiecomité zijn aangewezen, |
|
— |
gezien het verslag van de VN van augustus 2010 over het in kaart brengen van de ernstigste schendingen van de mensenrechten en het internationaal humanitair recht die tussen maart 1993 en juni 2003 op het grondgebied van de DRC zijn begaan, |
|
— |
gezien de toekenning van de Sacharovprijs voor de vrijheid van denken van het Europees Parlement aan dr. Denis Mukwege in 2014, |
|
— |
gezien de toekenning van de Nobelprijs voor de vrede aan dr. Denis Mukwege in 2018, |
|
— |
gezien de verklaring van 28 augustus 2020 van de Hoge Commissaris van de VN voor de mensenrechten, Michelle Bachelet, |
|
— |
gezien de gezamenlijke verklaring van de VV/HV, Josep Borrell, en de speciale vertegenwoordiger van de VN voor seksueel geweld in conflictgebieden, Pramila Patten, van 18 juni 2020 over de Internationale Dag voor de uitbanning van seksueel geweld tijdens conflicten, |
|
— |
gezien de EU-richtsnoeren inzake mensenrechtenverdedigers, |
|
— |
gezien Verordening (EU) 2017/821 van het Europees Parlement en de Raad van 17 mei 2017 tot vaststelling van verplichtingen inzake passende zorgvuldigheid in de toeleveringsketen voor Unie-importeurs van tin, tantaal en wolfraam, de overeenkomstige ertsen, en goud uit conflict- en hoogrisicogebieden (2), |
|
— |
gezien de Partnerschapsovereenkomst tussen de leden van de groep van Staten in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan, enerzijds, en de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, anderzijds (de Overeenkomst van Cotonou), |
|
— |
gezien het Afrikaanse Handvest van de rechten van de mens en de volkeren, dat werd aangenomen op 27 juni 1981 en in werking is getreden op 21 oktober 1986, |
|
— |
gezien resolutie 1325 van de VN-Veiligheidsraad over vrouwen, vrede en veiligheid, die met eenparigheid van stemmen op 31 oktober 2000 is aangenomen, |
|
— |
gezien de op 18 februari 2006 aangenomen grondwet van de Democratische Republiek Congo, |
|
— |
gezien de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, |
|
— |
gezien het Handvest van de Verenigde Naties, |
|
— |
gezien artikel 144, lid 5, en artikel 132, lid 4, van zijn Reglement, |
|
A. |
overwegende dat de DRC het toneel blijft van geweld, aanvallen, moorden en wijdverbreide mensenrechtenschendingen door binnenlandse en buitenlandse gewapende groeperingen, met name in het oosten van het land; overwegende dat deze aanvallen de afgelopen weken zijn toegenomen, met name op de grens tussen Ituri en Noord-Kivu; |
|
B. |
overwegende dat dr. Denis Mukwege, de gerenommeerde gynaecoloog uit de DRC, het grootste deel van zijn leven eraan heeft gewijd het gebruik van seksueel geweld als wapen in oorlogen en gewapende conflicten een halt toe te roepen; overwegende dat dr. Mukwege in 1999 het Panzi-ziekenhuis in Bukavu heeft opgericht om slachtoffers van seksueel en gendergerelateerd geweld in het oosten van de DRC te behandelen; overwegende dat tussen de oprichtingsdatum en augustus 2018 bijna 55 000 slachtoffers in het Panzi-ziekenhuis zijn behandeld; |
|
C. |
overwegende dat dr. Mukwege zich al lang uitspreekt vóór de mensenrechten, over de noodzaak van verantwoordingsplicht en over de tenuitvoerlegging van de aanbevelingen in het VN-mensenrechtenverslag over het in kaart brengen van de mensenrechtenschendingen die tussen 1993 en 2003 in de regio zijn begaan; overwegende dat dr. Mukwege in oktober 2012 nipt is ontsnapt aan een poging tot moord, toen schutters in burgerkleren zijn huis in Bukavu hebben aangevallen en zijn lijfwacht om het leven is gekomen; |
|
D. |
overwegende dat dr. Mukwege ernstige en aanhoudende bedreigingen heeft ontvangen, waaronder doodsbedreiging jegens hem, zijn familie en het medisch personeel in het Panzi-ziekenhuis; overwegende dat het aantal bedreigingen de aflopen maanden is toegenomen als gevolg van de herhaalde oproepen van dr. Mukwege in juli 2020 om de straffeloosheid voor daders van seksuele misdrijven en bloedbaden in de provincies Kipupu, Sange en Ituri een halt toe te roepen; |
|
E. |
overwegende dat dr. Mukwege in 2018 de Nobelprijs voor de vrede heeft gekregen, en in 2014 de Sacharovprijs voor de vrijheid van denken van het Europees Parlement, voor zijn levenslange inzet om zorg te verlenen aan slachtoffers van seksueel geweld in de DRC; overwegende dat dr. Mukwege als winnaar van de Sacharovprijs recht heeft op de volledige steun van het Europees Parlement; overwegende dat dr. Mukwege dankzij zijn verwezenlijkingen en internationale erkenning een prominente persoonlijkheid en een internationaal symbool is geworden en dat hij bijzondere bescherming tegen bedreigingen verdient; |
|
F. |
overwegende dat de president van de Democratische Republiek Congo, Félix Tshisekedi, in augustus 2020 de doodsbedreigingen heeft veroordeeld en zich ertoe heeft verbonden maatregelen te treffen om de veiligheid van dr. Mukwege te garanderen; |
|
G. |
overwegende dat de VN via Monusco de veiligheid van dr. Mukwege en het Panzi-ziekenhuis beschermt; overwegende dat deze bescherming in mei 2020 werd stopgezet, maar op 9 september 2020 opnieuw is ingevoerd na internationale ophef over de veiligheid van dr. Mukwege, waaronder oproepen van het Europees Parlement; overwegende dat de bescherming van dr. Mukwege op lange termijn nog onduidelijk is en moet worden verzekerd; |
|
H. |
overwegende dat demonstranten in Kinshasa, de hoofdstad van de DRC, op straat zijn gekomen om hun steun uit te spreken voor dr. Denis Mukwege en op te roepen tot zijn bescherming; |
|
I. |
overwegende dat gewapende mannen op 12 maart 2017 twee VN-onderzoekers — Zaida Catalán, een Zweed, en Michael Sharp, een Amerikaan — hebben geëxecuteerd toen zij mensenrechtenschendingen in de centrale provincie Kasaï van de DRC in kaart aan het brengen waren; |
|
J. |
overwegende dat verschillende mensenrechtenverdedigers en leden van de burgerbeweging Lutte pour le Changement (LUCHA) op 22 juli 2020 willekeurig zijn gearresteerd in Kalehe (Zuid-Kivu), omdat ze de diefstal van de openbare straatverlichting, die was geïnstalleerd om de veiligheid te verbeteren, aan de kaak stelden; overwegende dat mensenrechtenverdediger en lid van LUCHA Lucien Byamungu Munganga willekeurig is aangehouden in Kalehe toen hij vreedzaam protesteerde voor hun vrijlating, en dat hij momenteel vastzit in de gevangenis van Kalehe; overweging dat er bezorgdheid is geuit over de mensenrechtenverdediger Josué Aruna, de in Bukavu gevestigde provinciale voorzitter van de Société Civile Environnementale et Agro-Rurale du Congo; |
|
K. |
overwegende dat de DRC in maart 2018 het Protocol van Maputo heeft ondertekend; |
|
L. |
overwegende dat 20 soldaten en politieagenten uit de DRC op 3 september 2020 in het oosten van de DRC een gevangenisstraf tussen de 5 en 20 jaar hebben gekregen voor verkrachting; |
|
M. |
overwegende dat het Europees Parlement op 12 augustus 2020, de VV/HV op 20 augustus 2020, het Bureau van de Hoge Commissaris voor de mensenrechten van de Verenigde Naties op 28 augustus 2020, en een aantal nationale en internationale instellingen en organisaties bij meerdere gelegenheden de autoriteiten van de DRC ertoe hebben opgeroepen om een strafrechtelijk onderzoek te voeren naar de aanhoudende bedreigingen jegens dr. Mukwege en om de bescherming van de VN-vredeshandhavers opnieuw in te stellen; |
|
N. |
overwegende dat de Verenigde Naties zich ertoe hebben verbonden hun tegenhangers in de DRC te blijven opleiden teneinde een stabiele en langetermijnoplossing van het veiligheidsprobleem mogelijk te maken; |
|
1. |
is uiterst bezorgd over het ernstige gevaar dat dr. Mukwege nog steeds loopt; veroordeelt de doodsbedreigingen aan zijn adres en de bedreigingen tegen zijn gezin en zijn personeel; betuigt zijn volledige solidariteit met en zijn steun aan dr. Mukwege; |
|
2. |
prijst dr. Mukwege voor zijn levenslange inzet en zijn moed om het gebruik van seksueel geweld als wapen in oorlogen en gewapende conflicten te bestrijden; benadrukt het belang van het publieke standpunt dat dr. Mukwege de afgelopen decennia heeft ingenomen ten aanzien van het aan de kaak stellen van de mensenrechtenschendingen in de DRC; |
|
3. |
is verheugd over het besluit van de Verenigde Naties om de veiligheidsbescherming van dr. Mukwege door MONUSCO weer in te voeren; herhaalt dat zijn persoonlijke bescherming van het allergrootste belang en urgent is; dringt er bij de VN op aan ervoor te zorgen dat hij continu en blijvend beschermd wordt, met name in het licht van de ernstige doodsbedreigingen waarmee hij wordt geconfronteerd; |
|
4. |
dringt er bij de regering van de DRC op aan dat zij, zoals president Félix Tshisekedi heeft beloofd, onverwijld een uitgebreid onderzoek instelt naar de bedreigingen die via sociale media, telefoongesprekken en rechtstreekse berichten zijn geuit, niet alleen aan het adres van dr. Mukwege, maar ook tegen zijn gezin en het personeel van het Panzi-ziekenhuis; |
|
5. |
benadrukt dat de Sacharovprijs voor de vrijheid van denken niet alleen maar een prijs is, maar dat deze inhoudt dat de leden van het Europees Parlement zich samen met de winnaars van de Sacharovprijs inzetten voor de bevordering van de mensenrechten en alles in het werk stellen om ervoor te zorgen dat de winnaars zich vrij en veilig kunnen blijven inzetten voor de verdediging van de mensenrechten en de fundamentele vrijheden; |
|
6. |
is ingenomen met de uitgesproken inzet van dr. Mukwege voor het werk dat is verricht in het VN-inventarisatieverslag van 2010; veroordeelt het dat de internationale gemeenschap geen vorderingen maakt bij de uitvoering van de aanbevelingen van dit verslag; roept de autoriteiten van de DRC op hun inspanningen op te voeren om verdere schendingen van de mensenrechten in het oosten van de DRC te voorkomen en stappen te ondernemen om mechanismen in te stellen die garanderen dat de slachtoffers van toekomstige conflicten hun rechten op gerechtigheid en herstel kunnen uitoefenen; |
|
7. |
steunt derhalve de voorstellen voor de oprichting van gespecialiseerde gemengde kamers in de rechtbanken van de DRC zodat de magistraten van het land en de internationale gemeenschap kunnen samenwerken om mensenrechtenschendingen te vervolgen; |
|
8. |
dringt er bij de regering van de DRC op aan het werk van de vorige waarheids- en verzoeningscommissie te evalueren; steunt ten volle het verzoek van president Tshisekedi aan zijn regering om een gerechtelijk overgangsmechanisme in te stellen voor de berechting van de ernstigste misdaden en hoopt ten zeerste dat de Raad van Ministers de twee ontwerpdecreten die al enkele maanden in behandeling zijn, tijdig zal goedkeuren; |
|
9. |
vraagt dat de lidstaten van de VN-Veiligheidsraad zich inzetten voor de oprichting van een internationaal strafrechtelijk tribunaal dat de gedocumenteerde gevallen van mensenrechtenschendingen van vóór 2002 moet behandelen; |
|
10. |
veroordeelt ten stelligste de willekeurige arrestaties van Lucien Byamungu Munganga en andere LUCHA-leden en roept op tot hun onvoorwaardelijke en onmiddellijke vrijlating; onderstreept dat mensenrechtenactivisten, waaronder Josué Aruna, beschermd moeten worden; |
|
11. |
beschouwt het als een positieve stap voorwaarts dat op 3 september 2020 soldaten die zich schuldig hebben gemaakt aan verkrachting in het oostelijke deel van de DRC, veroordeeld zijn; vindt dat de strijd tegen de straffeloosheid van milities en strijdkrachten in het land moet worden opgevoerd om de vrede en veiligheid van de betrokken bevolkingen te waarborgen; |
|
12. |
prijst alle mensenrechtenactivisten in de DRC die ondanks de uitdagingen waarmee zij worden geconfronteerd, nog steeds hun werk doen, en is verheugd dat verschillende nationale en internationale organisaties de gebeurtenissen openlijk hebben veroordeeld; |
|
13. |
verzoekt de HV/VV, de EU-delegatie en de EU-missies in de DRC om hun zichtbare steun aan mensenrechtenactivisten die in de DRC gevaar lopen, op te voeren en daarbij alle mogelijke instrumenten (politiek, diplomatiek en financieel) te gebruiken als beschermingsmaatregel om hun mensenrechtenwerk te erkennen en hun belangrijke rol als mensenrechtenactivisten in de strijd voor stabiliteit en vrede in de regio te erkennen; |
|
14. |
roept de EU op de sancties tegen de plegers van geweld en mensenrechtenschendingen in de DRC te handhaven en dringt erop aan deze sancties uit te breiden tot de daders die in het inventarisatieverslag van de VN worden genoemd; |
|
15. |
veroordeelt het gebruik van seksueel geweld tegen vrouwen in conflicten en roept de internationale gemeenschap op meer inspanningen te leveren om de plaag van seksueel en gendergerelateerd geweld in gewapende conflicten en oorlogen uit te roeien, de slachtoffers te beschermen, een einde te maken aan de straffeloosheid van de daders en de toegang tot justitie, herstelbetalingen en schadeloosstelling voor de overlevenden te garanderen; |
|
16. |
is verheugd over de vooruitgang die is geboekt met de ratificatie van het Protocol van Maputo voor de rechten van de vrouw; onderstreept het belang van de uitvoering van dit protocol; |
|
17. |
herinnert eraan dat het geweld in het oosten van de DRC wordt bestendigd door gewapende binnenlandse en buitenlandse rebellengroepen die door de handel in mineralen worden gefinancierd en strijden om toegang tot deze handel; benadrukt dat alle zakelijke, individuele of aan de staat of de staat gerelateerde actoren die dergelijke misdrijven helpen plegen, voor de rechter moeten worden gebracht; is verheugd over de geplande inwerkingtreding van de verordening inzake conflictmineralen in de EU in januari 2021, die de eerste van de vele stappen is die de internationale gemeenschap moet zetten om dit diepgewortelde probleem aan te pakken; benadrukt dat er dringend verdere maatregelen moeten worden genomen op het gebied van zorgvuldigheidsverplichtingen en verantwoord ondernemerschap van bedrijven die in conflictgebieden actief zijn; |
|
18. |
dringt met klem aan op grensoverschrijdende samenwerking in het gebied van de Grote Meren en op een regionale strategie van de buurlanden om het geweld en de schendingen van de mensenrechten in de DRC aan te pakken; |
|
19. |
betreurt het dat de minitop in Goma, die aanvankelijk was gepland op 13 september 2020 op uitnodiging van de DRC met het doel de vijf staatshoofden van het gebied van de Grote Meren bijeen te roepen om te bespreken hoe de vrede in de regio kan worden hersteld, voor onbepaalde tijd is uitgesteld; hoopt ten zeerste dat deze top zo spoedig mogelijk opnieuw kan worden gepland en dat hij kan leiden tot een vermindering van de spanningen tussen de buurlanden; |
|
20. |
verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de vicevoorzitter van de Europese Commissie / hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, de speciale vertegenwoordiger van de EU voor de mensenrechten, de Raad van ministers en Paritaire Parlementaire Vergadering ACS-EU, het Noorse Nobelcomité, de president, de eerste minister en het parlement van de Democratische Republiek Congo, en de Afrikaanse Unie en haar instellingen. |