EUROPESE COMMISSIE
Brussel, 31.10.2019
COM(2019) 556 final
BIJLAGE
bij
Voorstel voor een besluit van de Raad
betreffende het standpunt dat namens de Europese Unie moet worden ingenomen in het gemengd comité voor de uitvoering van de overeenkomst dat is opgericht krachtens artikel 18 van de vrijwillige partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en de Socialistische Republiek Vietnam inzake wetshandhaving, governance en handel in de bosbouw met betrekking tot de vaststelling van het reglement van orde van het gemengd comité voor de uitvoering van de overeenkomst
BIJLAGE
REGLEMENT VAN ORDE VAN HET GEMENGD COMITÉ VOOR DE UITVOERING VAN DE OVEREENKOMST
in het kader van de vrijwillige partnerschapsovereenkomst inzake wetshandhaving, governance en handel in de bosbouw tussen de Socialistische Republiek Vietnam en de Europese Unie (“de overeenkomst”)
Artikel 1
Samenstelling en voorzitterschap
1. Het gemengd comité voor de uitvoering van de overeenkomst (“het gemengd comité”) is samengesteld als bedoeld in artikel 18 van de overeenkomst.
2. Het gemengd comité wordt gezamenlijk voorgezeten door het hoofd van de delegatie van de Europese Unie in de Socialistische Republiek Vietnam namens de Europese Unie en door de viceminister van Landbouw en Plattelandsontwikkeling namens de Socialistische Republiek Vietnam (“de partijen”).
Artikel 2
Vertegenwoordiging
Elke partij stelt de andere partij voorafgaand aan alle vergaderingen van het gemengd comité in kennis van de voorgenomen samenstelling van haar delegatie.
Artikel 3
Waarnemers en deskundigen
De voorzitters van het gemengd comité kunnen, in overeenstemming met de partijen, deskundigen en waarnemers uitnodigen om de vergaderingen bij te wonen teneinde informatie over specifieke onderwerpen te verstrekken en waar nuttig de uitvoering van de overeenkomst te ondersteunen.
Artikel 4
Werkgroepen en suborganen
De partijen bij het gemengd comité kunnen in onderling overleg werkgroepen of andere suborganen oprichten, waaronder:
i) gezamenlijke deskundigenvergaderingen om het werk van het gemengd comité op technisch niveau te ondersteunen en technische kwesties, waar noodzakelijk geacht, te onderzoeken,
ii) andere organen die het gemengd comité passend acht.
Artikel 5
Secretariaat
Een ambtenaar van de delegatie van de Europese Unie in de Socialistische Republiek Vietnam en een ambtenaar van de dienst Bosbouw van het ministerie van Landbouw en Plattelandsontwikkeling van de Socialistische Republiek Vietnam treden gezamenlijk op als secretariaat van het gemengd comité voor het verlenen van administratieve bijstand aan het gemengd comité en de organen die het gemengd comité besluit op te richten.
Artikel 6
Correspondentie
1. De vertegenwoordigers van de partijen die verantwoordelijk zijn voor de officiële mededelingen over de uitvoering van de overeenkomst zijn het hoofd van de delegatie van de Europese Unie in de Socialistische Republiek Vietnam en de viceminister van het ministerie van Landbouw en Plattelandsontwikkeling van de Socialistische Republiek Vietnam, overeenkomstig artikel 20 van de overeenkomst.
2. Alle correspondentie die aan het gemengd comité is gericht, wordt gericht aan het secretariaat van het gemengd comité.
3. Het secretariaat ziet erop toe dat de correspondentie die aan het gemengd comité is gericht, aan de twee voorzitters van het gemengd comité wordt toegezonden en, in voorkomend geval, als in artikel 9 van dit reglement van orde bedoelde documenten aan alle andere leden van het gemengd comité wordt rondgezonden.
4. De correspondentie van een van de voorzitters van het gemengd comité wordt door het secretariaat naar de ontvangers gestuurd en, in voorkomend geval, als in artikel 9 van dit reglement van orde bedoelde documenten aan alle andere leden van het gemengd comité rondgezonden.
Artikel 7
Vergaderingen
1. Het gemengd comité vergadert in de eerste twee jaar ten minste tweemaal per jaar en in de daaropvolgende jaren eenmaal per jaar, op een datum en met een agenda die vooraf door de partijen worden overeengekomen.
2. Aanvullende vergaderingen kunnen op verzoek van elk van de partijen en in onderlinge overeenstemming tussen de partijen worden gehouden indien de omstandigheden zulks vereisen. Dergelijke aanvullende vergaderingen kunnen persoonlijk of via videoconferentie plaatsvinden indien beide partijen hiermee instemmen.
3. De vergaderingen van het gemengd comité worden door het secretariaat van het gemengd comité bijeengeroepen.
Artikel 8
Agenda van de vergaderingen
1. Het secretariaat van het gemengd comité stelt op basis van voorstellen van de partijen voor elke vergadering van het gemengd comité een voorlopige agenda op. Deze wordt uiterlijk vijftien (15) werkdagen vóór het begin van de vergadering toegezonden aan de voorzitters en de leden van het gemengd comité.
2. Aanvullingen op of wijzigingen van de agenda moeten uiterlijk tien (10) werkdagen vóór het begin van de vergadering door het secretariaat worden ontvangen. Deze punten worden echter niet op de voorlopige agenda geplaatst, tenzij de desbetreffende bewijsstukken uiterlijk tien (10) werkdagen vóór de vergadering door het secretariaat zijn ontvangen.
3. De agenda wordt aan het begin van elke vergadering door het gemengd comité goedgekeurd. Indien de partijen zulks onderling overeenkomen, kan een punt dat niet op de voorlopige agenda staat als agendapunt worden opgenomen.
4. Het secretariaat kan met instemming van de partijen de in lid 1 genoemde termijnen verlengen om rekening te houden met de omstandigheden van een specifiek geval.
Artikel 9
Documenten
Elke partij stuurt alle relevante documenten ten minste tien (10) werkdagen vóór de volgende vergadering van het gemengd comité naar het secretariaat. Wanneer documenten niet noodzakelijkerwijs van invloed zijn op de beraadslagingen van het gemengd comité, kunnen zij te allen tijde vóór de volgende vergadering van het gemengd comité worden toegezonden.
Artikel 10
Besluiten en aanbevelingen
1. Wanneer het gemengd comité krachtens de overeenkomst bevoegd is, stelt het in onderlinge overeenstemming besluiten en aanbevelingen vast.
2. In de periode tussen twee vergaderingen kan het gemengd comité, indien beide partijen daarmee instemmen, besluiten of aanbevelingen volgens de schriftelijke procedure vaststellen. Een schriftelijke procedure bestaat uit een uitwisseling van nota's tussen de partijen. De medevoorzitters hebben de bevoegdheid om indien nodig dergelijke nota’s uit te wisselen en de overeenstemming over een besluit te bevestigen.
3. Besluiten en aanbevelingen van het gemengd comité worden respectievelijk voorzien van het opschrift “Besluit” en “Aanbeveling”, gevolgd door een volgnummer, de datum van vaststelling en een beschrijving van het onderwerp. In elk besluit wordt de datum van inwerkingtreding vermeld.
4. De door het gemengd comité vastgestelde besluiten en aanbevelingen worden door de vertegenwoordiger van de Europese Unie in de Socialistische Republiek Vietnam namens de Unie en door het ministerie van Landbouw en Plattelandsontwikkeling namens de Socialistische Republiek Vietnam gewaarmerkt.
5. Besluiten en aanbevelingen worden toegezonden aan elk van de medevoorzitters overeenkomstig artikel 20 van de overeenkomst.
Artikel 11
Notulen van vergaderingen
1. Beide partijen stellen na afloop van elke vergadering van het gemengd comité gezamenlijk de notulen op van de vergadering. De notulen van de vergadering worden ondertekend en openbaar gemaakt.
2. In de notulen van vergaderingen worden alle verklaringen of besluiten opgenomen waarvan de opname door een partij is gevraagd.
3. De notulen van vergaderingen worden opgesteld in het Engels en in het Vietnamees.
Artikel 12
Missies ter plaatse
Indien een partij verzoekt om een gezamenlijke missie ter plaatse in verband met de overeenkomst uit te voeren, komen beide partijen onderling overeen wat de taakomschrijving en de timing van de missie zijn.
Artikel 13
Talen
1. De werktalen van het gemengd comité zijn het Engels en het Vietnamees.
2. Het gemengd comité baseert zijn beraadslagingen op en stelt besluiten en aanbevelingen vast betreffende documentatie en voorstellen die in het Engels en in het Vietnamees worden opgesteld.
Artikel 14
Kosten
Elke partij draagt haar eigen personeels-, reis- en verblijfskosten en haar eigen kosten voor post en telecommunicatie in verband met de deelname aan vergaderingen van het gemengd comité.
EUROPESE COMMISSIE
Brussel, 31.10.2019
COM(2019) 556 final
2019/0244(NLE)
Voorstel voor een
BESLUIT VAN DE RAAD
betreffende het standpunt dat namens de Europese Unie moet worden ingenomen in het gemengd comité voor de uitvoering van de overeenkomst dat is opgericht krachtens artikel 18 van de vrijwillige partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en de Socialistische Republiek Vietnam inzake wetshandhaving, governance en handel in de bosbouw met betrekking tot de vaststelling van het reglement van orde van het gemengd comité voor de uitvoering van de overeenkomst
TOELICHTING
1.Onderwerp van het voorstel
Dit voorstel betreft het besluit tot vaststelling van het standpunt dat namens de Europese Unie moet worden ingenomen in het gemengd comité voor de uitvoering van de overeenkomst (“het gemengd comité”) dat is opgericht krachtens artikel 18 van de vrijwillige partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en de Socialistische Republiek Vietnam inzake wetshandhaving, governance en handel in de bosbouw, in samenhang met de voorgenomen vaststelling van het reglement van orde daarvan
2.Achtergrond van het voorstel
2.1.De vrijwillige partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en de Socialistische Republiek Vietnam inzake wetshandhaving, governance en handel in de bosbouw
De vrijwillige partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en de Socialistische Republiek Vietnam inzake wetshandhaving, governance en handel in de bosbouw (“de overeenkomst”) heeft tot doel ervoor te zorgen dat alle invoer in de Europese Unie van hout en houtproducten uit de Socialistische Republiek Vietnam die onder de overeenkomst vallen, legaal is geproduceerd. Dit zal worden bereikt door het opzetten en implementeren van een Vietnamees systeem ter waarborging van de wettigheid van hout en houtproducten ("VNTLAS") om te controleren of hout en houtproducten legaal zijn geproduceerd en te waarborgen dat alleen aldus gecontroleerde zendingen naar de Unie worden uitgevoerd. Het verdrag is op 1 juni 2019 in werking getreden.
2.2.Het gemengd comité voor de uitvoering van de overeenkomst
Het gemengd comité, als bedoeld in artikel 18 van de overeenkomst en nader beschreven in bijlage IX bij de overeenkomst, heeft tot doel het beheer, de monitoring en de herziening van deze overeenkomst te vergemakkelijken. Het gemengd comité bevordert tevens de dialoog en de informatie-uitwisseling tussen de partijen bij de overeenkomst. Het gemengd comité neemt zijn besluiten bij consensus. Het gemengd comité wordt gezamenlijk voorgezeten door de viceminister van het Vietnamese ministerie van Landbouw en Plattelandsontwikkeling en het hoofd van de delegatie van de Europese Unie in de Socialistische Republiek Vietnam.
2.3.De beoogde handeling van het gemengd comité
In de week van 11 tot en met 15 november 2019 stelt het gemengd comité tijdens zijn eerste vergadering zijn reglement van orde vast (“de beoogde handeling”).
Doel van de beoogde handeling is de wijze te regelen waarop de partijen bij de overeenkomst samenwerken in het kader van het gemengd comité. De handeling beschrijft de samenstelling van het gemengd comité, de mogelijkheid om in het kader van de overeenkomst ondergeschikte organen op te richten, het secretariaat van het gemengd comité en de wijze waarop vergaderingen van het gemengd comité worden georganiseerd. De beoogde handeling bepaalt dat het gemengd comité besluiten en aanbevelingen bij consensus vaststelt via een schriftelijke procedure, bestaande uit een uitwisseling van nota’s, zoals die uit hoofde van de overeenkomst zijn toegestaan.
3.Namens de Unie in te nemen standpunt
De beoogde handeling stelt het standpunt vast dat namens de Unie moet worden ingenomen in het gemengd comité dat is opgericht overeenkomstig artikel 18 van de overeenkomst met betrekking tot de vaststelling van het reglement van orde van het gemengd comité.
De partijen bij de overeenkomst hebben overeenstemming bereikt over het ontwerpreglement van orde. Met inachtneming van de besluitvormingsprocedures van de Unie moeten zij worden vastgesteld op de eerste vergadering van het gemengd comité, die is gepland voor november 2019.
Het reglement van orde van het gemengd comité, dat hierbij is gevoegd, is erg gelijkaardig aan de reglementen van orde die zijn vastgesteld door de gemengde comités voor de uitvoering van de overeenkomst die zijn opgericht in het kader van andere vrijwillige partnerschapsovereenkomsten.
De vaststelling van dit document is van essentieel belang om de bepalingen van de overeenkomst operationeel te maken. Meer in het bijzonder wordt het gemengd comité hierdoor in staat gesteld uitvoering te geven aan de bepalingen in artikel 9 (hardnekkige meningsverschillen of problemen die ontstaan tijdens het overleg over Flegt-vergunningen), artikel 10 (klachten in verband met zijn werkzaamheden die door de onafhankelijke evaluator worden doorverwezen naar het gemengd comité voor de uitvoering van de overeenkomst) artikel 12 (kennisgeving, uitvoering van een onafhankelijke beoordeling van het Flegt-vergunningensysteem, en aanbeveling van een datum waarop het volledige Flegt-vergunningensysteem operationeel zal zijn), artikel 18 (oprichting en werking van het gemengd comité voor de uitvoering van de overeenkomst) van de overeenkomst en bijlage IX bij de overeenkomst (taken van het gemengd comité voor de uitvoering van de overeenkomst).
4.Rechtsgrondslag
4.1.Procedurele rechtsgrondslag
4.1.1.Beginselen
Artikel 218, lid 9, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) voorziet in de vaststelling van besluiten tot bepaling van “de standpunten die namens de Unie worden ingenomen in een krachtens een overeenkomst opgericht lichaam, wanneer dit lichaam handelingen met rechtsgevolgen vaststelt, met uitzondering van handelingen tot aanvulling of wijziging van het institutionele kader van het akkoord”.
Het begrip “handelingen met rechtsgevolgen” omvat tevens handelingen die rechtsgevolgen hebben uit hoofde van het op het betrokken lichaam toepasselijke internationale recht. Onder dit begrip vallen tevens instrumenten die volkenrechtelijk niet bindend zijn, maar die “beslissende invloed [hebben] op de inhoud van de regelgeving die de wetgever van de Unie vaststelt”.
4.1.2.Toepassing op het onderhavige geval
Het gemengd comité is een orgaan dat is ingesteld bij een overeenkomst, namelijk de vrijwillige partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en de Socialistische Republiek Vietnam inzake wetshandhaving, governance en handel in de bosbouw.
De door het gemengd comité vast te stellen handeling is een handeling met rechtsgevolgen aangezien zij de wijze regelt waarop de partijen bij de overeenkomst samenwerken bij de uitvoering van de overeenkomst, onder meer wat betreft het eventueel vaststellen van wijzigingen van de bijlagen.
De beoogde handeling strekt niet tot aanvulling of wijziging van het institutionele kader van de overeenkomst.
De procedurele rechtsgrondslag voor het voorgestelde besluit is derhalve artikel 218, lid 9, VWEU.
4.2.Materiële rechtsgrondslag
4.2.1.Beginselen
De materiële rechtsgrondslag voor een overeenkomstig artikel 218, lid 9, VWEU te nemen besluit wordt in de eerste plaats bepaald door de doelstelling en de inhoud van de beoogde handeling ten aanzien waarvan namens de Unie een standpunt moet worden ingenomen. Wanneer de beoogde handeling een tweeledige doelstelling heeft of bestaat uit twee componenten, waarvan er een kan worden gezien als hoofddoelstelling of overwegende component, terwijl de andere doelstelling of de andere component slechts ondergeschikt is, moet het overeenkomstig artikel 218, lid 9, VWEU te nemen besluit op één materiële rechtsgrondslag worden gebaseerd, namelijk die welke vereist is gelet op de hoofddoelstelling of de overwegende component.
4.2.2.Toepassing op het onderhavige geval
De hoofddoelstelling en de inhoud van de beoogde handeling hebben in het algemeen betrekking op de werking van de internationale organen die op basis van de overeenkomst zijn ingesteld. Hieruit volgt dat het gebied waarin de bestreden beslissing valt, in het licht van de overeenkomst in haar geheel moet worden bepaald (zaak C-244/17, Commissie/Raad (Kazachstan), ECLI:EU:C:2018:662). Het doel van de overeenkomst is te voorzien in een rechtskader dat ervoor moet zorgen dat alle invoer in de Europese Unie van hout en houtproducten uit de Socialistische Republiek Vietnam die onder de overeenkomst vallen, legaal is geproduceerd. De overwegende component van de overeenkomst is de gemeenschappelijke handelspolitiek.
De materiële rechtsgrondslagen voor het voorgestelde besluit zijn derhalve artikel 207, lid 3, en artikel 207, lid 4, eerste alinea, VWEU.
4.3.Conclusie
De rechtsgrondslagen voor het voorgestelde besluit zijn artikel 207, lid 3, VWEU en artikel 207, lid 4, eerste alinea, VWEU, in samenhang met artikel 218, lid 9, VWEU.
2019/0244 (NLE)
Voorstel voor een
BESLUIT VAN DE RAAD
betreffende het standpunt dat namens de Europese Unie moet worden ingenomen in het gemengd comité voor de uitvoering van de overeenkomst dat is opgericht krachtens artikel 18 van de vrijwillige partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en de Socialistische Republiek Vietnam inzake wetshandhaving, governance en handel in de bosbouw met betrekking tot de vaststelling van het reglement van orde van het gemengd comité voor de uitvoering van de overeenkomst
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 207, lid 3, en artikel 207, lid 4, eerste alinea, in samenhang met artikel 218, lid 9,
Gezien het voorstel van de Europese Commissie,
Overwegende hetgeen volgt:
(1)De vrijwillige partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en de Socialistische Republiek Vietnam inzake wetshandhaving, governance en handel in de bosbouw (“de overeenkomst”) is door de Unie gesloten bij Besluit 2019/854 van de Raad van 15 april 2019 en is op 1 juni 2019 in werking getreden.
(2)Overeenkomstig artikel 18, lid 3, van de overeenkomst stelt het gemengd comité voor de uitvoering van de overeenkomst (“het gemengd comité”) zijn reglement van orde vast.
(3)Het gemengd comité zal tijdens zijn vergadering van 13 november 2019 zijn reglement van orde vaststellen.
(4)Het is passend het standpunt te bepalen dat namens de Unie in het gemengd comité moet worden ingenomen, aangezien het reglement van orde bindend zal zijn voor de Unie.
(5)Het gemengd comité moet tijdens zijn eerste vergadering het bij dit besluit gevoegde reglement van orde vaststellen om van bij het begin te zorgen voor een vlotte en transparante samenwerking tussen de Europese Unie en de Socialistische Republiek Vietnam inzake de uitvoering van de overeenkomst en uiteindelijk van het vergunningensysteem van de EU voor wetshandhaving, governance en handel in de bosbouw,
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
1.Het standpunt dat tijdens de eerste vergadering van het gemengd comité namens de Unie moet worden ingenomen, berust op het bij het onderhavige besluit gevoegde ontwerpreglement van orde van het gemengd comité.
2.In het licht van ontwikkelingen tijdens de komende conferentie van de partijen kunnen kleine wijzigingen van het aan dit besluit gehechte ontwerpreglement van orde door vertegenwoordigers van de Unie in overleg met de lidstaten worden goedgekeurd tijdens coördinatievergaderingen ter plaatse, zonder nader besluit van de Raad.
Artikel 2
Dit besluit is gericht tot de Commissie.
Gedaan te Brussel,
Voor de Raad
De voorzitter