EUROPESE COMMISSIE
Brussel, 22.6.2018
COM(2018) 488 final
VERSLAG VAN DE COMMISSIE AAN DE RAAD
Veertiende verslag over de tenuitvoerlegging van Verordening (EG) nr. 866/2004 van de Raad van 29 april 2004 en over de situatie die het gevolg is van de toepassing van deze verordening, voor de periode van 1 januari tot en met 31 december 2017
{SWD(2018) 352 final}
VERSLAG VAN DE COMMISSIE AAN DE RAAD
Veertiende verslag over de tenuitvoerlegging van Verordening (EG) nr. 866/2004 van de Raad van 29 april 2004 en over de situatie die het gevolg is van de toepassing van deze verordening, voor de periode van 1 januari tot en met 31 december 2017
Verordening (EG) nr. 866/2004 van de Raad inzake een regeling op grond van artikel 2 van Protocol nr. 10 van de Toetredingsakte
(hierna de „groenelijnverordening” genoemd) is van kracht sinds 1 mei 2004. In deze verordening worden de voorwaarden vastgesteld waaronder de rechtsvoorschriften van de Europese Unie gelden ten aanzien van het verkeer van goederen, personen en diensten waarbij de groene lijn wordt overschreden tussen de gebieden van de Republiek Cyprus waarover de regering feitelijk het gezag uitoefent en de gebieden waarover zij niet feitelijk het gezag uitoefent. Om de doeltreffendheid van deze regels te garanderen, is de toepassing ervan uitgebreid tot de scheidslijn tussen deze gebieden en de Eastern Sovereign Base Area (ESBA) van het Verenigd Koninkrijk
.
Dit verslag betreft de periode van 1 januari tot en met 31 december 2017.
Gedurende de verslagperiode heeft de Commissie een constructieve dialoog over de tenuitvoerlegging van de verordening gevoerd met de betrokken autoriteiten van de Republiek Cyprus en de autoriteiten van de Sovereign Base Area (SBA), alsook met de Turks-Cypriotische Kamer van Koophandel.
1.
LIJNOVERSCHRIJDEND PERSONENVERKEER
1.1.
Verkeer via de toegestane doorlaatposten
De verordening biedt een stabiel juridisch kader voor het verkeer van Cyprioten, andere EU-burgers en onderdanen van derde landen die de groene lijn passeren via de toegestane doorlaatposten. Het aantal Grieks-Cyprioten en Turks-Cyprioten die de groene lijn in 2017 passeerden, is ten opzichte van de voorgaande jaren gestegen.
Volgens gegevens van de politie van de Republiek Cyprus (hierna “CYPOL” genoemd) staken tijdens de verslagperiode 646 569 Grieks-Cyprioten (het jaar daarvoor: 613 111) en 267 467 Grieks-Cypriotische voertuigen (het jaar daarvoor: 244 929) over van de door de regering gecontroleerde gebieden naar het noordelijke deel van Cyprus; daarnaast staken 1 140 682 Turks-Cyprioten (het jaar daarvoor: 1 138 670) en 435 882 Turks-Cypriotische voertuigen (het jaar daarvoor: 413 208) over van het noordelijke deel van Cyprus naar de door de regering gecontroleerde gebieden
.
Het aantal EU-burgers, andere dan Cyprioten, en onderdanen van derde landen dat de groene lijn overstak, is aanzienlijk toegenomen. Tijdens de verslagperiode staken ook 822 318 niet-Cypriotische EU-burgers en onderdanen van derde landen de groene lijn over (het jaar daarvoor: 385 426). De aanzienlijke toename van het aantal niet-Cypriotische EU-burgers en onderdanen van derde landen werd toegeschreven aan de algehele toename van het toerisme op het eiland.
De aangehaalde cijfers van CYPOL omvatten geen gegevens over personen en voertuigen die vanuit het noordelijk deel van Cyprus de groene lijn overstaken bij de doorlaatposten Pergamos en Strovilia, die onder het gezag staan van de Eastern Sovereign Base Area (ESBA) van het Verenigd Koninkrijk. Volgens de ESBA staken 140 913 Grieks-Cyprioten (het jaar daarvoor: 125 457) en 59 852 Grieks-Cypriotische voertuigen (het jaar daarvoor: 49 694) over naar het noordelijke deel van Cyprus. Daarnaast staken 457 314 Turks-Cyprioten (het jaar daarvoor: 429 807) en 272 090 Turks-Cypriotische voertuigen (het jaar daarvoor: 246 474) over in tegengestelde richting. Bovendien zijn 415 051 (het jaar daarvoor: 295 042) niet-Cypriotische EU-burgers en onderdanen van derde landen de groene lijn overgestoken.
Het aantal personeelsleden van CYPOL die werkzaam zijn op de doorlaatposten, bedraagt in 2017 nog steeds 69 (evenveel als in 2016).
Volgens de cijfers die door de Turks-Cypriotische gemeenschap werden verzameld, is het aantal lijnoverschrijdingen door Grieks-Cyprioten in 2017 toegenomen tot 1 066 284 (het jaar daarvoor: 980 724) en het aantal lijnoverschrijdingen door Grieks-Cypriotische voertuigen tot 392 300 (het jaar daarvoor: 346 609) uit de door de regering gecontroleerde gebieden naar het noordelijke deel van Cyprus. Voorts blijkt uit de cijfers dat de groene lijn ook in tegengestelde richting vaker werd overgestoken door Turks-Cyprioten, nl. 1 796 353 keer (het jaar daarvoor: 1 762 498), als door Turks-Cypriotische voertuigen, nl. tot 782 656 keer (het jaar daarvoor: 728 049). Volgens de verstrekte statistieken zijn 1 546 475 niet-Cypriotische EU-burgers en onderdanen van derde landen overgestoken van de door de regering gecontroleerde gebieden naar het noordelijke deel van Cyprus (het jaar daarvoor: 1 253 446).
Er werden in 2017 geen incidenten bij lijnoverschrijding gemeld. De autoriteiten van de Republiek Cyprus verbieden echter nog steeds dat Turks-Cypriotische bussen met EU-burgers de groene lijn overschrijden naar de door de regering gecontroleerde gebieden.
Er is verder gewerkt aan de aanleg van infrastructuur om de opening van twee nieuwe doorlaatposten mogelijk te maken, bij Lefka-Apliki en Deryneia.
De VN-vredeshandhavingsmissie in Cyprus (UNFICYP) bleef de godsdienstuitoefening door beide gemeenschappen faciliteren
. De UNFICYP constateerde echter met zorg een afname van het aantal aanvragen voor godsdienstoefeningen die zij verzocht werd te faciliteren in het noordelijke deel van Cyprus, alsook een daling van het aantal goedkeuringen voor dergelijke diensten ten opzichte van dezelfde periode in 2016.
1.2.
Irreguliere migratie over de groene lijn en asiel
Het aantal migranten dat de door de regering gecontroleerde gebieden heeft bereikt door de groene lijn vanuit het noordelijke deel van Cyprus irregulier over te steken, is volgens de cijfers voor 2017 van CYPOL gestegen. In 2017 staken 1 686 irreguliere migranten de groene lijn op deze manier over, tegenover 1 499 in 2016 en 1 290 in 2015. De landen waaruit de meeste na overschrijding van de groene lijn aangehouden irreguliere migranten afkomstig waren, waren Syrië (753), Pakistan (119), Somalië (111), Kameroen (98) en Turkije (74). Van de 1 686 irreguliere migranten die werden opgespoord, verzochten 1 519 (90 %) om internationale bescherming in de Republiek Cyprus; de meesten van hen waren (744) Syriërs.
Illegale immigranten worden meestal aangehouden tijdens controles langs de groene lijn of op luchthavens wanneer zij Cyprus proberen te verlaten. In sommige gevallen zijn irreguliere migranten naar politiebureaus gegaan om te verzoeken om internationale bescherming.
CYPOL kon personen die de door de regering gecontroleerde gebieden binnen waren gekomen door de groene lijn irregulier over te steken, identificeren aan de hand van dezelfde criteria als in voorgaande jaren, en baseerde zich daarbij voornamelijk op gegevens in hun reisdocumenten en op verklaringen van de betrokken migranten. Volgens CYPOL waren vrijwel alle migranten die in de door de regering gecontroleerde gebieden werden aangehouden nadat zij irregulier de groene lijn waren overgestoken, in het noordelijke deel van Cyprus aangekomen vanuit Turkije.
De Turks-Cypriotische gemeenschap informeerde de Commissie dat in het noordelijke deel van Cyprus de inspanningen om irreguliere migratie tegen te gaan, waren voortgezet. In 2017 werd aan 2 858 personen
de toegang tot het noordelijke deel van Cyprus ontzegd en werden 645 personen
die in het noordelijke deel van Cyprus waren aangehouden, teruggestuurd naar Turkije, het laatste land dat zij vóór hun aankomst op het eiland hadden bezocht.
Vertegenwoordigers van beide gemeenschappen komen onder auspiciën van de VN regelmatig bijeen in het kader van een technisch comité van beide gemeenschappen inzake criminaliteit en strafrecht. Als uitbreiding van dit comité gebruiken beide gemeenschappen nog steeds een gezamenlijke communicatieruimte, die fungeert als een forum voor de uitwisseling van strafrechtelijke informatie.
CYPOL omschreef de samenwerking met de andere overheidsinstanties van de Republiek Cyprus en het bestuur van de Eastern Sovereign Base Area als zeer goed.
Eastern Sovereign Base Area (ESBA)
In het algemeen is de irreguliere migratie vanuit het noordelijke deel van Cyprus via de ESBA licht afgenomen. Twee irreguliere migranten werden in 2017 aangehouden nadat zij irregulier de groene lijn waren overgestoken
. 1 263 personen kregen geen toestemming om de groene lijn te passeren; de grootste groep onder hen bestond uit Turkse burgers (379). De autoriteiten van de ESBA gaven onderdanen van de VS, Oekraïne, Rusland, Iran en Georgië die via het noordelijke deel van Cyprus aankwamen, evenmin toestemming om de groene lijn over te steken
. Deze personen werden doorverwezen naar de doorlaatpost Agios Dhometios om de voor toelating tot de Republiek Cyprus vereiste controles te ondergaan.
De functionarissen van de Sovereign Base Area omschreven hun samenwerking met de Republiek Cyprus nog steeds als uitstekend.
Naast de controles aan de doorlaatposten voert de politie van de Sovereign Base Area op risicoanalyses en inlichtingen gebaseerde patrouilles uit om irreguliere migratie te bestrijden. Deze patrouilles worden aangevuld met douane- en legerpatrouilles van de Sovereign Base Area.
Vier „niet-officiële doorlaatposten” in of bij het dorp Pergamos, die door lokale inwoners en boeren worden gebruikt, zijn bijzonder moeilijk te controleren. Zoals beschreven in eerdere verslagen blijven deze „niet-officiële doorlaatposten” een punt van zorg en moet er een geschikte oplossing overeenkomstig de vereisten van artikel 5, lid 2, van protocol nr. 3 bij de Toetredingsakte van 2003 worden gevonden
. De SBA heeft verklaard dat personeel snel naar de niet-officiële doorlaatposten kan worden gestuurd als dat nodig is.
2.
LIJNOVERSCHRIJDEND GOEDERENVERKEER
2.1.
Waarde van de handel
Uit hoofde van artikel 4 van de groenelijnverordening mogen goederen gebieden waarover de regering van de Republiek Cyprus het gezag uitoefent, worden binnengebracht vanuit gebieden waarover de regering niet het gezag uitoefent, op voorwaarde dat zij voldoen aan de in artikel 4 vastgestelde criteria
en vergezeld gaan van een document dat is afgegeven door de Turks-Cypriotische kamer van koophandel. Overeenkomstig artikel 8 van Verordening (EG) nr. 1480/2004 van de Commissie
hebben de Turks-Cypriotische Kamer van Koophandel en de autoriteiten van de Republiek Cyprus maandelijks gegevens verstrekt over de soort, hoeveelheid en waarde van de goederen waarvoor begeleidende documenten zijn afgegeven. Beide rapporteren over goederen die de door de regering gecontroleerde gebieden binnen zijn gekomen via de doorlaatposten Pergamos en Strovilia, die onder het gezag van de Sovereign Base Area vallen.
Volgens de Turks-Cypriotische Kamer van Koophandel bedroeg de totale waarde van de goederen waarvoor begeleidende documenten waren afgegeven 5 697 695 EUR (het jaar daarvoor: 5 017 714 EUR). Uit deze cijfers blijkt dat de waarde van de goederen waarvoor begeleidende documenten waren afgegeven, ten opzichte van 2016 met 13,55 % is toegenomen.
Volgens verslagen die door de autoriteiten van de Republiek Cyprus zijn verstrekt, is de totale handelswaarde van de goederen met begeleidende documenten die de groene lijn passeerden, met 9,5 % toegenomen tot 4 790 964 EUR (het jaar daarvoor: 4 374 968,06 EUR). Het grootste deel van deze toename had betrekking op bouwmaterialen. De algehele toename werd toegeschreven aan het huidige economisch herstel.
De handel vanuit de door de regering gecontroleerde gebieden naar het noordelijke deel van Cyprus valt niet onder de groenelijnverordening, maar nam volgens cijfers van de Kamer van Koophandel en Industrie van Cyprus licht af met circa 0,8 %, van 1 354 947 EUR in 2016 tot 1 343 524 EUR in 2017. De handel uit door de regering gecontroleerde gebieden naar het noordelijke deel van Cyprus bedraagt derhalve 28,04 % van de handel in omgekeerde richting (30,97 % in 2016).
De Turks-Cypriotische gemeenschap paste nog steeds een handelsregeling toe die in principe de beperkingen van de groenelijnverordening „weerspiegelt”. De Turks-Cypriotische belanghebbenden stellen dat de bescherming van lokale ondernemingen de voornaamste reden hiervoor is. Deze handelsregeling wordt echter niet altijd consequent toegepast.
2.2.
Soort goederen
Kunststofproducten waren in 2017 de meest verhandelde koopwaar, gevolgd door bouwmaterialen, verse vis, afval en schroot, en aardappelen
.
Ook zijn er nieuwe producten bij gekomen, zoals wikke, gedrukte catalogussen, geconfectioneerd textiel voor zonnetenten en olijven. Alle handel over de groene lijn vond plaats binnen Cyprus.
2.3.
Onregelmatigheden
Gedurende de verslagperiode attendeerde de Republiek Cyprus de Commissie op een specifieke onregelmatigheid met betrekking tot een lading tomaten; onderzoek door het Algemeen Staatslaboratorium wees uit dat monsters meer pirimifos-methyl bevatten dan toegestaan. De Commissie deelde dit mee aan de Turks-Cypriotische Kamer van Koophandel, die de producent daarop onmiddellijk sommeerde alle nodige maatregelen te nemen om volledige naleving van alle vereisten van het acquis te waarborgen en alle groente- en fruithandelaren nog eens op deze vereisten wees.
2.4.
Verkeer van goederen: obstakels en problemen
Er zijn nog steeds belemmeringen voor de handel over de groene lijn en de Commissie en de Turks-Cypriotische ondernemers zijn van oordeel dat deze een oorzaak vormen van het beperkte handelsverkeer.
Zoals in voorgaande verslagen werd gemeld
, is de kwestie van Turks-Cypriotische bedrijfsvoertuigen die oversteken naar de door de regering gecontroleerde gebieden, nog niet opgelost en mogen Turks-Cypriotische voertuigen van meer dan 7,5 ton de groene lijn nog steeds niet oversteken zonder documenten die volledig in overeenstemming met het acquis zijn en die door de Republiek Cyprus zijn afgegeven. De autoriteiten van de Republiek Cyprus hebben de Commissie meegedeeld dat zij bepalingen hebben ingesteld die het voor Turks-Cyprioten vergemakkelijken om een keuringsattest en een professioneel rijbewijs te verkrijgen. De Commissie is ervan overtuigd dat het bijzonder gunstig zou zijn voor de handel als deze kwestie zou worden verholpen, aangezien het goederenvervoer erdoor zou worden vergemakkelijkt. Bovendien zou dit het contact tussen de Cypriotische marktdeelnemers ten goede komen, hetgeen het vertrouwen tussen beide gemeenschappen sterk zou bevorderen. De Commissie heeft daarom een plan ontwikkeld voor een project op het gebied van de vervoersveiligheid.
Zoals in de voorgaande jaren gemeld, verbieden de autoriteiten van de Republiek Cyprus nog steeds de oversteek van verwerkte levensmiddelenproducten, omdat volgens de gezondheidsdiensten het productieproces in het noordelijke deel van Cyprus niet aan de normen beantwoordt. Zoals reeds gemeld, blijft de Commissie van oordeel dat er op grond van de groenelijnverordening geen redenen zijn om controles uit te voeren van bedrijfsruimten in het noordelijke deel van Cyprus om na te gaan of de productie tot stand komt overeenkomstig de voorschriften van de Unie
.
Hoewel de autoriteiten van de Republiek Cyprus overeenkomstig de groenelijnverordening monsters van de producten mogen nemen voor verdere analyse, mogen zij niet de oversteek van alle verwerkte levensmiddelenproducten weigeren. Tijdens de verslagperiode hebben zich op dit vlak geen ontwikkelingen voorgedaan.
Tijdens de verslagperiode zijn de autoriteiten van de Republiek Cyprus ten aanzien van de handel in materialen die met voedsel in contact komen, dezelfde eisen blijven toepassen als ten aanzien van verwerkte levensmiddelen. De Commissie onderzoekt deze zaak nog.
Net als in voorgaande jaren blijven Turks-Cypriotische handelaren berichten over handelsbelemmerende moeilijkheden bij de afzet van hun producten aan winkels en bij het adverteren van hun producten en diensten in de door de regering gecontroleerde gebieden. Handelaren blijven melding maken van tegenzin bij Grieks-Cyprioten om Turks-Cypriotische producten te kopen. Voorts werd gemeld dat handelaren van beide gemeenschappen te maken krijgen met talrijke administratieve problemen als zij handel willen drijven met de andere gemeenschap. De marktdeelnemers van beide zijden moeten vrij zijn handelsbetrekkingen aan te gaan op basis van hun bedrijfsbehoeften.
2.5.
Smokkel van goederen
De smokkel van goederen komt nog steeds veelvuldig voor, aangezien het moeilijk is om onregelmatige bewegingen over de groene lijn te controleren.
In 2017 verrichtte de Republiek Cyprus 1 334 inbeslagnames (het jaar daarvoor: 1 852). In 2017 is de door de Republiek Cyprus in beslag genomen hoeveelheid sigaretten afgenomen en de hoeveelheid in beslag genomen roltabak toegenomen: 203 290 sigaretten en 440 259 gram roltabak (het jaar daarvoor: 257 785 sigaretten en 374 133 gram roltabak). Naar verluidt gaat het bij deze smokkel in de meeste gevallen om kleine hoeveelheden. De smokkel is te wijten aan de prijsverschillen en aan de hogere belasting op tabaksproducten in de door de regering gecontroleerde gebieden. De smokkel van alcohol en landbouwproducten is toegenomen. Bij andere in beslag genomen producten gaat het om goederen waarvoor intellectuele-eigendomsrechten zijn geschonden, om pesticiden, alsook om dierlijke en zuivelproducten. Er is éénmaal vervolging in verband met smokkel ingesteld bij de arrondissementsrechtbank. Gevallen van smokkel van kleine hoeveelheden sigaretten zijn doorgaans afgehandeld door middel van het opleggen van een administratieve sanctie en verbeurdverklaring.
De autoriteiten van de ESBA registreerden in 2017 meer inbeslagnames van smokkelwaar binnen de ESBA dan het jaar daarvoor, nl. 432 (tegenover 277 in 2016). Net als in 2016 werden het vaakst sigaretten en roltabak in beslag genomen.
Wat betreft de traditionele bevoorrading van de Turks-Cypriotische bevolking van het dorp Pyla, dat in de bufferzone ligt (artikel 4, lid 10, van de groenelijnverordening), werden de hoeveelheden bouwmateriaal, vis, sigaretten enz. gecontroleerd en geregistreerd door de autoriteiten van de Sovereign Base Area.
2.6.
Bevordering van de handel
De Commissie blijft naar methoden zoeken om de handel over de groene lijn te stimuleren.
In juli 2015 heeft de Commissie een voorstel tot wijziging van de groenelijnverordening vastgesteld. Doel van dat voorstel is te bepalen op welke wijze het controlemechanisme voor goederen met een overeenkomstig Verordening (EU) nr. 1151/2012 geregistreerde benaming moet worden toegepast in de gebieden van de Republiek Cyprus waarover de regering van de Republiek Cyprus niet feitelijk het gezag uitoefent
. Het voorstel was aan het einde van de verslagperiode nog niet goedgekeurd. Het voorstel is gebaseerd op de consensus over een tijdelijke oplossing voor Halloumi/Hellim-kaas, die moet worden toegepast in afwachting van de hereniging van Cyprus en werd bereikt onder leiding van voorzitter Juncker tijdens zijn bezoek aan Cyprus op 16 juli 2015
.
De Turks-Cypriotische Kamer van Koophandel bleef blijk geven van een algemene belangstelling voor de opheffing van het verbod op handel in alle levende dieren en dierlijke producten voor zover deze producten aan de wet- en regelgeving van de EU beantwoorden. De Commissie onderzoekt momenteel het verzoek om de handel in kweekvissen toe te staan. De Republiek Cyprus heeft zich herhaaldelijk bereid verklaard om de mogelijkheid te onderzoeken de lijst uit te breiden van goederen die naar de door de regering gecontroleerde gebieden mogen worden vervoerd.
De Commissie moedigt de marktdeelnemers aan om te profiteren van de ondernemingskansen en is ingenomen met de intensieve inspanningen die de Kamer van Koophandel en Industrie van Cyprus en de Turks-Cypriotische Kamer van Koophandel hebben geleverd.
2.7.
EU-goederen die opnieuw worden binnengebracht in de gebieden waarover de regering van de Republiek Cyprus feitelijk het gezag uitoefent, na te zijn vervoerd via de gebieden waarover de regering van de Republiek Cyprus niet feitelijk het gezag uitoefent
De autoriteiten van de Republiek Cyprus hebben gemeld dat 3 899 artikelen opnieuw zijn binnengebracht in door de regering gecontroleerde gebieden na te zijn vervoerd via de gebieden waarover de regering van de Republiek Cyprus niet feitelijk het gezag uitoefent. Daarbij is gemeld dat deze lijnoverschrijdingen probleemloos verlopen en dat het grootste deel van dit handelsverkeer plaatsvindt van en naar de doorlaatposten van Kato Pyrgos-Karavostasi en Astromeritis-Zhodia.
3.
CONCLUSIES
Zoals werd gesteld in eerdere verslagen verloopt de controle van de groene lijn aan de toegestane doorlaatposten door de autoriteiten van de Republiek Cyprus en de SBA bevredigend. Het aantal personen dat de groene lijn irregulier oversteekt, is gestegen en de situatie moet dan ook nauwlettend in het oog worden gehouden. De Commissie roept de autoriteiten van de Sovereign Base Area ertoe op de nodige medewerkers in te zetten om het probleem van de “niet-toegestane doorlaatposten” aan te pakken. De Commissie blijft van mening dat de stabiliteit, voorspelbaarheid en rechtszekerheid in verband met de vereisten aan de doorlaatposten en het vrije verkeer van EU-burgers van cruciaal belang zijn.
De waarde van de lijnoverschrijdende handel is in 2017 toegenomen met 9,5 % (van 4 374 968 EUR tot 4 790 964 EUR), terwijl de waarde van de goederen waarvoor begeleidende documenten werden afgegeven door de Turks-Cypriotische Kamer van Koophandel is toegenomen met 13,55 % (van 5 017 714 EUR tot 5 697 695 EUR). Kunststofproducten waren de meest verhandelde koopwaar, gevolgd door bouwmaterialen, verse vis, afval en schroot, en aardappelen. De handel in bouwmaterialen vertegenwoordigt het grootste deel van de totale stijging.
De Kamer van Koophandel en Industrie van Cyprus en de Turks-Cypriotische Kamer van Koophandel hebben hun nauwe samenwerking voortgezet om beide gemeenschappen economische voordelen te bezorgen.
Tijdens de verslagperiode is een aantal handelsbelemmeringen blijven bestaan. De autoriteiten van de Republiek Cyprus geven nog altijd geen toestemming om de groene lijn over te steken met Turks-Cypriotische bedrijfsvoertuigen van meer dan 7,5 ton of verwerkte levensmiddelen. In 2017 hebben wat dat betreft geen ontwikkelingen plaatsgevonden.
Over het geheel genomen blijft de groenelijnverordening een werkbare basis vormen voor het verkeer van personen en goederen van en naar de door de regering gecontroleerde gebieden van de Republiek Cyprus, maar de Commissie blijft bezorgd over het feit dat het handelsverkeer in het algemeen beperkt is. De Commissie is van mening dat het wegnemen van de in dit verslag genoemde handelsbelemmeringen het handelsverkeer over de groene lijn aanzienlijk zal bevorderen. Ook hoopt zij dat het streven van de twee Kamers naar intensivering van de contacten tussen het bedrijfsleven aan beide zijden de economische banden zal versterken.
Tegen deze achtergrond blijft de Commissie rekenen op de medewerking van de Republiek Cyprus en de SBA voor een doeltreffende tenuitvoerlegging van Verordening (EG) nr. 866/2004 van de Raad. De Commissie blijft de uitvoering van de verordening in het oog houden.