15.6.2016   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 214/25


Toelichtingen op de gecombineerde nomenclatuur van de Europese Unie

(2016/C 214/09)

Overeenkomstig artikel 9, lid 1, onder a), tweede streepje, van Verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad (1) worden de toelichtingen op de gecombineerde nomenclatuur van de Europese Unie (2) als volgt gewijzigd:

Bladzijde 339:

De bestaande tekst wordt vervangen door:

8525 80 30

Digitale fototoestellen

Digitale fototoestellen (camera’s) van deze onderverdeling zijn altijd geschikt voor de opname van stilstaand beeld op een intern geheugen of een verwisselbare drager. De meeste toestellen hebben het ontwerp van een traditioneel fototoestel.

Digitale fototoestellen die alleen stilstaande beelden kunnen opnemen, blijven onder deze onderverdeling ingedeeld.

De fototoestellen van deze onderverdeling kunnen ook beschikken over de mogelijkheid om gedurende een ononderbroken periode filmbeelden op te nemen.

Wanneer een dergelijk toestel echter, gebruikmakend van de maximale opslagcapaciteit, in staat is om minstens dertig minuten video in één opname op te nemen (ongeacht het feit dat de vastgelegde beelden in aparte bestanden van minder dan dertig minuten worden opgenomen (zie ook Uitvoeringsverordening (EU) nr. 876/2014 van de Commissie)) met een kwaliteit van 800 × 600 pixels (of hoger) bij 23 beelden per seconde (of hoger), moet het altijd onder de onderverdelingen 8525 80 91 of 8525 80 99 worden ingedeeld.

Indien het toestel niet voldoet aan een of meer van bovenstaande criteria, moet het met toepassing van aantekening 3 op afdeling XVI worden ingedeeld (zie ook Uitvoeringsverordening (EU) nr. 458/2014 van de Commissie).

Vergeleken met videocamera-opnametoestellen van onderverdelingen 8525 80 91 en 8525 80 99 bieden veel digitale fototoestellen (wanneer ze als videocamera-opnametoestellen worden gebruikt) niet de mogelijkheid om tijdens de video-opname gebruik te maken van een zoomfunctie. Sommige digitale fototoestellen stoppen de video-opname na een bepaalde tijd, ongeacht de beschikbare opslagcapaciteit.

8525 80 91 en 8525 80 99

Videocamera-opnametoestellen

Videocamera-opnametoestellen van deze onderverdelingen kunnen altijd gedurende een ononderbroken periode filmbeelden opnemen op een intern geheugen of een verwisselbare drager.

In het algemeen hebben digitale videocamera-opnametoestellen van deze onderverdelingen een andere vormgeving dan digitale fototoestellen van onderverdeling 8525 80 30. Ze hebben vaak een inklapbare zoeker en worden dikwijls samen met een afstandsbediening aangeboden. De meeste videocamera-opnametoestellen beschikken over een zoomfunctie die tijdens de video-opname kan worden gebruikt. Het feit dat videocamera’s die bijvoorbeeld in sportbrillen zijn ingebouwd, niet over een optische zoomfunctie beschikken, staat niet in de weg dat dergelijke producten worden ingedeeld onder de onderverdelingen 8525 80 91 en 8525 80 99 (zie zaak C-178/14, Vario Tek, ECLI:EU:C:2015:152, punten 17-29).

Digitale videocamera-opnametoestellen die alleen filmbeelden kunnen opnemen, worden altijd onder deze onderverdelingen ingedeeld.

Toestellen die zowel filmbeelden als stilstaande beelden kunnen opnemen, moeten op basis van de toelichting onder onderverdeling 8525 80 30 worden ingedeeld.”.


(1)  Verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad van 23 juli 1987 met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief (PB L 256 van 7.9.1987, blz. 1).

(2)  PB C 76 van 4.3.2015, blz. 1.