Brussel, 24.8.2016

COM(2016) 533 final

VERSLAG VAN DE COMMISSIE

over de toepassing in 2015 van Verordening (EG) nr. 1049/2001 inzake de toegang van het publiek tot documenten van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie


De doeltreffende uitvoering van het recht van het publiek op toegang tot bij de EU-instellingen berustende documenten is een van de manieren waarop de EU de transparantie en verantwoordingsplicht jegens de burgers probeert te verhogen.

In 2015 heeft de Commissie wederom op verschillende manieren werk gemaakt van haar krachtige verbintenis om de transparantie te verbeteren.

Tegen eind december 2015 was informatie gepubliceerd over meer dan 7000 bilaterale bijeenkomsten tussen Commissieleden, kabinetsleden en directeurengeneraal, en belangenvertegenwoordigers. Via deze weg kunnen burgers en belanghebbenden achterhalen wie de Commissie ontmoet en welke onderwerpen op die ontmoetingen worden behandeld.

In januari werd een verbeterde versie van het transparantieregister gepresenteerd. Het besluit van de Commissie dat Commissieleden, kabinetsleden en directeurengeneraal alleen een ontmoeting kunnen hebben met belangenvertegenwoordigers die in het transparantieregister staan ingeschreven, draagt aanzienlijk bij tot de zichtbaarheid van de entiteiten die invloed willen uitoefenen op de manier waarop het EU-beleid wordt geformuleerd en geïmplementeerd. Het register wordt steeds uitgebreider en telt momenteel meer dan 9.300 inschrijvingen, waarvan er 3.600 na januari 2015 zijn geregistreerd 1 .

Voorts heeft de Commissie in de tweede helft van 2015 een belangrijk deel van de in mei 2015 gepresenteerde Agenda voor betere regelgeving geïmplementeerd, met als doel te waarborgen dat het EU-beleid zijn doelstellingen op de meest effectieve, efficiënte en transparante wijze bereikt. Onlangs werd de vorig jaar door de Commissie voorgestelde interinstitutionele overeenkomst voor beter wetgeven aangenomen. Deze overeenkomst geeft uiting aan de gedeelde verbintenis van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie om de transparantie in de hele cyclus van de Europese besluitvorming te verbeteren. Bovendien heeft de Commissie nieuwe mechanismen opgezet om de belanghebbenden al heel vroeg in de voorbereiding van een voorstel te voorzien van feedback door stappenplannen en eerste effectbeoordelingen bekend te maken.

De Commissie heeft in november 2014 beloofd de onderhandelingen over het transAtlantische partnerschap voor handel en investeringen (TTIP) met de Verenigde Staten transparanter te maken en heeft die belofte gestand gedaan. Sinds januari 2015 publiceert de Commissie niet alleen een regelmatig bijgewerkte lijst van TTIP-documenten, maar daarbovenop ook een groter aantal onderhandelingsteksten en gedetailleerde rapporten over de vergaderingsrondes.

In het kader van dit streven naar meer transparantie blijft het recht van toegang tot documenten, zoals vastgelegd in artikel 15, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie en Verordening (EG) nr. 1049/2001, een van de hoekstenen in de transparantieaanpak van de Commissie. Dit toegangsrecht moet worden gezien als een aanvulling op de enorme rijkdom aan informatie en documenten die de Commissie al proactief op haar verschillende webpagina's publiceert.

Dit verslag is opgesteld op grond van artikel 17, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1049/2001 inzake de toegang van het publiek tot documenten van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie 2 , en bevat informatie over de wijze waarop de Commissie de regels voor toegang tot documenten in 2015 heeft toegepast. Het omvat gegevens over het aantal verzoeken om toegang en de mate van openbaarmaking, en is gebaseerd op de statistieken in de bijlage 3 .

De statistieken geven een overzicht van het aantal aanvragen en antwoorden 4 , maar niet van de – aanzienlijk grotere – hoeveelheid aangevraagde of vrijgegeven documenten. Sommige aanvragen hebben betrekking op slechts één document, maar veel vaker gaat het om een veelvoud hiervan, of zelfs hele bestanden over een specifiek onderwerp of een specifieke procedure. 5  

Uit de statistieken blijkt duidelijk hoe belangrijk het recht van toegang tot documenten is in het transparantiebeleid van de Commissie: in 84 % van de gevallen werden de gevraagde documenten in de initiële fase volledig of gedeeltelijk openbaar gemaakt en in 41 % van de gevallen werd in de confirmatieve fase ruimere of zelfs volledige toegang verleend.

1.Registers en websites

1.1.In 2015 werden 18.945 nieuwe documenten 6 toegevoegd aan het documentenregister van de Commissie 7 (zie tabel 1 in de bijlage).

1.2.In 2015 omvatte het openbare register van de Commissie de volgende documenten: de reeksen COM, SEC, C, JOIN, SWD, OJ en PV 8 . In 2015 zijn door de Commissie geen gevoelige documenten 9 opgesteld of ontvangen die onder een van deze categorieën vallen.

1.3.De onderstaande tabel geeft aan hoe vaak de pagina over toegang tot documenten op de Europa-website in 2015 is bezocht. 10  



Unieke bezoekers

Bezoeken

Bekeken pagina’s

Totaal

15.525

18.939

23.324

Maandgemiddelde

1.294

1.578

1.944

2.Samenwerking met de andere instellingen waarop de verordening van toepassing is

De drie instellingen (het Europees Parlement, de Raad en de Commissie) hebben regelmatig op administratief niveau technische vergaderingen gehouden om ervaringen uit te wisselen, goede praktijken te ontwikkelen en een consistente toepassing van de verordening te waarborgen.

3.Analyse van de verzoeken om toegang

3.1.In 2015 steeg het aantal verzoeken om toegang tot documenten in de initiële fase met meer dan 8 % (6.752 aanvragen in 2015 versus 6.227 in 2014). Het aantal initiële antwoorden op grond van Verordening (EG) nr. 1049/2001 nam in gelijke mate toe, van 5.637 in 2014 tot 5.819 in 2015 (zie tabel 2 van de bijlage).

3.2.Het aantal confirmatieve verzoeken aan de Commissie tot herziening van een initieel besluit om de toegang tot documenten volledig of gedeeltelijk te weigeren, lag iets lager (284 nieuwe confirmatieve aanvragen in 2015 ten opzichte van 300 in 2014). Het aantal confirmatieve antwoorden daalde eveneens, van 327 in 2014 naar 291 in 2015 (zie tabel 5 van de bijlage).

3.3.Het directoraat-generaal Gezondheid en Voedselveiligheid ontving het hoogste aantal verzoeken in de initiële fase (9,2 % 11 van het totaal), terwijl het secretariaatgeneraal een tweede plaats innam, met een daling van 11,6 % in 2014 naar 8,7 % in 2015. Initiële verzoeken om toegang tot documenten van het directoraat-generaal Interne Markt, Industrie, Ondernemerschap en Midden- en Kleinbedrijf stegen van 5 % naar 8.6 %, en leverden dit DG de derde plaats op. Vier andere directoraten-generaal ontvingen meer dan 5 % van het aantal verzoeken (Concurrentie, Internationale Samenwerking en Ontwikkeling, Milieu, Belastingen en Douane-unie). De overige directoraten-generaal ontvingen minder dan 5 % van alle initiële verzoeken (zie tabel 10 van de bijlage).

3.4.De meeste aanvragen in 2015 zijn afkomstig van burgers die hun socioprofessioneel profiel niet hebben opgegeven (23 % van het aantal verzoeken). Het merendeel van de personen die dit wel deden, behoorde tot de academische wereld, die 22,3 % van de initiële aanvragen voor haar rekening nam (ten opzichte van 19,8 % in 2014), en de derde categorie werd gevormd door het maatschappelijk middenveld, met 15,6 % van de aanvragen. Het aantal aanvragen van juristen (op de vierde plaats) is aanzienlijk afgenomen, van 18,3 % in 2014 naar 13 % in 2015 (zie tabel 8 van de bijlage 8).

3.5.Uit de geografische opsplitsing blijkt dat het grootste aantal initiële aanvragen uit België (26,8 %) en Duitsland (11,7 %) afkomstig is. Spanje staat op de derde plaats: het aantal aanvragen uit die lidstaat is aanzienlijk gestegen, van 6,2 % in 2014 naar 9,9 % in 2015. Daarna volgen Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk (beide 7,6 %), Italië (7,3 %) en Nederland (5,5 %). Van de overige lidstaten komt geen enkele uit boven 5 % van de aanvragen (zie tabel 9 van de bijlage).

4.Toepassing van de uitzonderingen op het recht van toegang

4.1.Ook in 2015 werd in de initiële fase in meer dan twee van de drie gevallen volledige toegang verleend – wat neerkomt op een lichte daling ten opzichte van het jaar daarvoor (68,8 %, versus 72,8 % in 2014) 12 . Het percentage gedeeltelijk positieve antwoorden bleef in grote mate gelijk (15,3 % in 2015 vergeleken met 15,4 % in 2014) en ligt daarmee boven het relatief lagere percentage in de drie jaren daarvoor (7,6 %, 8,6 % en 10,7 % in 2011, 2012 en 2013 respectievelijk). In 2015 werd 15,9 % van de aanvragen afgewezen (tegenover 11,9 % in 2014 – nagenoeg evenveel als de vorige jaren (16,9 % en 14,5 % in 2012 en 2013 respectievelijk) (zie tabel 3 van de bijlage).

4.2.Het aantal gevallen waarbij na een confirmatieve aanvraag de initiële (volledige of gedeeltelijke) weigering werd opgeheven in de confirmatieve fase, bleef stabiel, namelijk 41,3 % (het overeenkomstige percentage in 2012, 2013 en 2014 was 43 %, 44 % en 43 %). In 31,7 % van de gevallen werd een ruimere toegang verleend dan in de initiële fase (hoewel geen volledige). Dit betekent een stijging ten opzichte van de drie voorgaande jaren (toen dit percentage rond 24 % schommelde). Het aantal confirmatieve aanvragen waarvoor een volledig positief confirmatief antwoord werd gegeven, lag lager (9,6 %) dan in de voorgaande jaren (tussen 15 en 20 %11) (zie tabel 6 van de bijlage).

4.3.Wat de aangehaalde weigeringsgronden betreft, was de bescherming van de privacy en de integriteit van de persoon nog steeds de belangrijkste reden voor een (volledige of gedeeltelijke) weigering in de initiële fase (met een stijging van 21 % in 2014 naar 29,4 % in 201511). Daarna volgde de bescherming van het doel van inspecties, onderzoeken en audits. Deze weigeringsgrond werd minder aangevoerd dan in voorgaande jaren (20,9 % in 2015, ten opzichte van 25,3 %, 23,6 % en 25 % in 2012, 2013 en 2014 respectievelijk) (zie tabel 4 van de bijlage).

4.4.Op de derde plaats staat de bescherming van het besluitvormingsproces. Ook deze weigeringsgrond werd minder vaak aangevoerd (20,3 % in 2015 tegenover 25,2 %, 27,1 % en 22,1 % in 2012, 2013 en 2014 respectievelijk). Het aantal gevallen waarin een beroep werd gedaan op de bescherming van de commerciële belangen om toegang te weigeren, bleef nagenoeg gelijk (14,8 % in 2015 tegenover 14,9 % in 2014), terwijl de bescherming van de internationale betrekkingen minder vaak als grond voor weigering werd gebruikt dan in de vorige jaren (4,9 % in 2015 tegenover 6,2 % en 7,3 % in 2013 en 2014 respectievelijk) (zie tabel 4 van de bijlage).

4.5.Op confirmatief niveau was de bescherming van het doel van inspecties, onderzoeken en audits net als in de vorige jaren de vaakst aangevoerde reden voor het bevestigen van een (volledige of gedeeltelijke) weigering van toegang. Het relatieve gebruik hiervan steeg van 33 % in 2014 naar 37,7 % in 2015. Het aantal gevallen waarin de bescherming van het besluitvormingsproces als weigeringsgrond werd aangevoerd, steeg licht van 14,5 % in 2014 tot 16,4 % in 2015, maar bleef stabiel ten opzichte van de vorige jaren, terwijl het relatieve belang van de bescherming van de persoonlijke levenssfeer en de integriteit van het individu' als voornaamste grond voor weigering van toegang daalde van 18,1 % in 2014 naar 15,6 % in 2015.

4.6.De volgende plaatsen in de reeks weigeringsgronden werden ingenomen door achtereenvolgens de bescherming van commerciële belangen (13,1 %), de bescherming van internationale betrekkingen (7,4 %) en de bescherming van gerechtelijke procedures (4,9 %).

5.Klachten bij de Europese Ombudsman

5.1.In 2015 sloot de Ombudsman 16 klachtendossiers af die betrekking hadden op de manier waarop de Commissie verzoeken om toegang tot documenten had afgehandeld. Slechts 2 daarvan werden afgesloten met een kritische opmerking. 13

5.2.In 2015 opende de Ombudsman 11 nieuwe onderzoeken waarin toegang tot documenten het hoofdonderwerp of een onderdeel van de klacht was. Dit zijn er aanzienlijk minder dan in het afgelopen jaar, toen 30 nieuwe onderzoeken werden geopend.

6.Rechterlijke toetsing

6.1.Net als in voorgaande jaren is in 2015 belangrijke nieuwe jurisprudentie tot stand gekomen.

6.2.Het Hof van Justitie heeft arrest gewezen in twee zaken in hoger beroep waarbij de Commissie partij was.

In zijn arrest inzake de Stichting Corporate Europe Observatory 14 heeft het Hof van Justitie verduidelijkt dat de veronderstelling dat het verzenden van een document naar collectieve entiteiten (zoals beroepsorganisaties) impliceert dat dit document voor een groot aantal personen zou zijn bestemd, en daarom openbaar moet worden gemaakt, geen grondslag vindt in het Europees recht. In zijn arrest inzake ClientEarth 15 heeft het Hof van Justitie de mogelijkheid uitgesloten om artikel 4, leden 1 en 4,, van het Verdrag van Aarhus toe te passen voor het beoordelen van de wettigheid van artikel 4, lid 2, derde streepje, van Verordening (EG) nr. 1049/2001, dat betrekking heeft op de bescherming van het doel van inspecties, onderzoeken en audits. Het Hof heeft verder bekrachtigd dat de algemene aanname van niet-openbaarmaking van kracht is voor conformiteitsonderzoeken die ten tijde van het besluit over de toegang al aanleiding hadden gegeven tot het inleiden van de precontentieuze fase van een inbreukprocedure in het kader van artikel 258 VWEU. Of andere onderzoeken al dan niet volledig openbaar moeten worden gemaakt, moet aan de hand van een individuele analyse van elk geval apart worden bepaald.

6.3.Het Gerecht heeft in verband met het recht van toegang tot documenten arrest gewezen in acht zaken waarbij de Commissie partij was.

Met betrekking tot de auditprocedures heeft het Gerecht bekrachtigd dat, zolang de procedure aanhangig is, de documenten die deel uitmaken van het auditdossier, volledig vallen onder de uitzondering van artikel 4, lid 2, derde streepje, van Verordening (EG) nr. 1049/2001, dat betrekking heeft op de bescherming van het doel van inspecties, onderzoeken en audits, en dat een concreet en individueel onderzoek van elk afzonderlijk document niet vereist is 16 .

Met betrekking tot artikel 4, lid 2, tweede streepje, van Verordening (EG) nr. 1049/2001, dat betrekking heeft op de bescherming van gerechtelijke procedures en juridisch advies, is het Gerecht van oordeel dat de schriftelijke stukken die bij de rechterlijke instanties van de Europese Unie worden ingediend, niet buiten het recht van toegang tot documenten vallen, op grond van artikel 15, lid 3 VWEU 17 . De Europese Commissie heeft hoger beroep aangetekend tegen dit arrest en deze zaak is nog aanhangig (zie de zaak C-213/15 P onder punt 6.8).

Met betrekking tot de kennisgevingsprocedures als bedoeld in Richtlijn 98/34/EG, is het Gerecht van oordeel dat deze procedures niet als onderzoek in de zin van artikel 4, lid 2, derde streepje, van Verordening (EG) nr. 1049/2011 18 worden beschouwd. Frankrijk, ondersteund door de Europese Commissie als interveniënt, heeft hoger beroep tegen dit arrest aangetekend (zie onder punt 6.8 de zaak C-331/15 P).

Wat het kwalificeren van gegevensbanken als documenten betreft, heeft het Gerecht een eerder arrest, bekrachtigd in de zin dat onderdelen van een elektronisch gegevensbestand alleen gelijkgesteld worden aan een document als bedoeld in Verordening (EG) nr. 1049/2001, als de gegevens door middel van een normale of routinezoekopdracht kunnen worden opgehaald. 19 Tegen dit arrest is door de aanvrager hoger beroep ingesteld (zie de zaak C-491/15 P onder punt 6.8).

Wat de uitzondering van artikel 4, lid 3, inzake de bescherming van het besluitvormingsproces betreft, heeft het Gerecht besloten dat er een algemene aanname van niet-openbaarmaking geldt voor (ontwerp-)effectbeoordelingen en verwante documenten, waaronder de adviezen van de raad voor regelgevingstoetsing, ten minste zolang de Commissie haar voorstel niet heeft vastgesteld of het niet passend acht een beleidsinitiatief voor te leggen 20 (tegen dit arrest is momenteel een zaak in hoger beroep aanhangig, C-57/16 P).

Verder heeft het Gerecht twee arresten gewezen inzake de algemene aanname van niet-openbaarmaking voor dossiers inzake staatssteun 21 en fusies 22 , en een arrest ten aanzien van de mogelijkheid de algemene aanname van niet-openbaarmaking aan te voeren voor documenten die zijn uitgewisseld in het kader van de regeling voor informatie-uitwisseling binnen het netwerk van openbare instanties die de naleving van de concurrentieregels van de EU garanderen, zelfs na de definitieve afsluiting van de procedures die door de nationale mededingsautoriteiten worden gevolgd 23 .

6.4.Het Gerecht heeft een arrest in hoger beroep gewezen tegen een besluit van het Gerecht voor ambtenarenzaken, in een zaak waarbij de Commissie partij was 24 . In dit arrest werd gewezen dat voor de vragen in vergelijkende onderzoeken de aanname van niet-openbaarmaking geldt, op basis van de bescherming van het besluitvormingsproces in de zin van artikel 4, lid 3, en meer bepaald, de specifieke bepalingen in het ambtenarenstatuut inzake de bescherming van de vertrouwelijkheid van de selectiecomités. Het Gerecht heeft een arrest in kort geding gewezen in een zaak waarbij de Commissie partij was. Hierbij werd het besluit van de Commissie geschorst en werd toegang verleend tot twee documenten van de Franse autoriteiten die naar de Commissie waren verstuurd overeenkomstig de procedure van Richtlijn 98/34/EG (technische normen) 25 . In een andere zaak waarbij de Commissie partij was, oordeelde het Gerecht dat geen beslissing nodig was, aangezien alle documenten waarvoor de initiële aanvraag was gedaan, naar de aanvrager waren verstuurd 26 .

6.5.Er werden bij het Gerecht tien nieuwe zaken aanhangig gemaakt tegen besluiten van de Commissie uit hoofde van Verordening (EG) nr. 1049/2001 27 .

6.6.Er werden bij het Hof van Justitie vier nieuwe zaken aanhangig gemaakt tegen besluiten van het Gerecht, waarbij de Commissie partij was 28 .

7.Conclusie

Ook in 2015 heeft de Commissie werk gemaakt van haar verbintenis de transparantie te verbeteren, zoals blijkt uit de systematische publicatie van informatie over wie haar politieke leiders en hoge ambtenaren ontmoeten, uit de ruimere toegang tot en publicatie van documenten met betrekking tot de onderhandelingen over het transAtlantische partnerschap voor handel en investeringen (TTIP) met de Verenigde Staten, uit de verbeterde versie van het transparantieregister en uit de progressieve implementatie van de Agenda voor betere regelgeving.

Wat het recht van toegang tot documenten betreft, heeft de Commissie wederom proactief uiteenlopende informatie en documenten over haar verschillende wetgevende en niet-wetgevende werkzaamheden bekendgemaakt. Het recht van toegang tot documenten op verzoek, waarbij rekening moet worden houden met een aantal specifieke, beperkte uitzonderingen, zoals bepaald in de verdragen en Verordening (EG) nr. 1049/2001, blijft een belangrijk instrument voor de Commissie om aan haar transparantieverbintenis te voldoen. De Commissie streeft ernaar dergelijke verzoeken zo snel mogelijk en met een zo efficiënt mogelijk gebruik van middelen te behandelen.

Waar het aantal confirmatieve aanvragen vrijwel gelijk is gebleven, daar is het aantal verzoeken om toegang tot documenten in de initiële fase fors gestegen, van 6.227 in 2014 tot 6.752 in 2015. Deze toename bevestigt de algemene opwaartse trend sinds de inwerkintreding van Verordening (EG) nr. 1049/2001 en bewijst dat burgers steeds vaker actief gebruik maken van hun recht om documenten van de Commissie op te vragen.

De Commissie blijft met afstand de instantie die het grootste aantal verzoeken om toegang tot documenten afhandelt. De hoeveelheid verzoeken om toegang en de hoge mate van openbaarmaking van documenten hebben er samen voor gezorgd dat een groot aantal documenten beschikbaar zijn gesteld, bovenop de uitvoerige documentatie die al beschikbaar was op de talrijke websites van de Commissie.

(1) Op basis van de cijfers per 3 maart 2016.
(2) Publicatieblad L 145 van 31.5.2001, blz. 43.
(3) De statistieken in onderhavig verslag zijn gebaseerd op gegevens uit de GestDem van maandag 11 april 2016.
(4) Verzoeken om toegang tot documenten die op het moment van indiening van het verzoek al toegankelijk waren voor het publiek, zijn niet meegerekend.
(5) In dit laatste geval worden de aanvragen gewoonlijk behandeld in opeenvolgende fasen. Elke fase beslaat een aantal documenten en wordt afgehandeld binnen de termijnen onder de verordening.
(6) Het aantal in 2014 was nagenoeg gelijk (19.755).
(7) Hierdoor komt het totaal aantal documenten in het documentenregister eind 2015 op 20.548.973.
(8) COM: wetsvoorstellen van de Commissie en gerelateerde documenten; SEC: restcategorie met interne stukken van de Commissie; C: eigen besluiten van de Commissie; JOIN: besluiten die de Commissie en de Hoge Vertegenwoordiger gezamenlijk hebben aangenomen; SWD: werkdocumenten van de Commissie; OJ: agenda's van de vergaderingen van de Commissie; PV: notulen van de vergaderingen van de Commissie.
(9) Voor de toepassing van Verordening (EG) nr. 1049/2001 worden gevoelige documenten gerubriceerd als "très secret/top secret", "secret" of "confidential" (zie artikel 9, lid 1, van de verordening).
(10) http://ec.europa.eu/transparency/access_documents/index_en.htm
(11) De percentages in het beschrijvende gedeelte van onderhavig verslag worden afgerond op de eerste decimaal.
(12) Dit is hoofdzakelijke vanwege de strengere naleving van de toepasselijke regelgeving voor de bescherming van persoonsgegevens, in het bijzonder ten aanzien van de namen van functionarissen of het personeel van derden die geen leidinggevende functie hebben.
(13) Twee zaken werden met een kritische opmerking afgesloten. 2014/0685/MHZ en 2013/2004/PMC.
Er werden 14 dossiers afgesloten zonder verdere actie: 2015/0900/JAS, 2015/0119/PL, 2014/1777/PL, 2014/1716/PMC, 2014/1506/KM, 2014/1457/KM, 2014/1456/KM, 2014/1421/PMC, 2014/1258/KM, 2014/0895/PMC, 2014/0648/MMN, 2013/6/OI, 2013/0181/AN en 2012/2287/VL. Nadere informatie over de afzonderlijke dossiers is beschikbaar op http://www.ombudsman.europa.eu/nl/cases/home.faces.
(14) C-399/13 P Stichting Corporate Europe Observatory v Europese Commissie ( http://curia.europa.eu/juris/document/document.jsf?text=&docid=164729&pageIndex=0&doclang=EN&mode=lst&dir=&occ=first&part=1&cid=1216880 ).
(15) C-612/13 P ClientEarth v Commissie ( http://curia.europa.eu/juris/document/document.jsf?text=&docid=165903&pageIndex=0&doclang=EN&mode=lst&dir=&occ=first&part=1&cid=1217623 ).
(16) T-480/11Technion and Technion Research & Development Foundation v Europese Commissie ( http://curia.europa.eu/juris/document/document.jsf?text=&docid=164251&pageIndex=0&doclang=EN&mode=lst&dir=&occ=first&part=1&cid=1216558 ).
(17) T-188/12Breyer v Europese Commissie ( http://curia.europa.eu/juris/document/document.jsf?text=&docid=162573&pageIndex=0&doclang=EN&mode=lst&dir=&occ=first&part=1&cid=1217873 ).
(18) T-402/12Schlyter v Europese Commissie ( http://curia.europa.eu/juris/document/document.jsf?text=&docid=163724&pageIndex=0&doclang=EN&mode=lst&dir=&occ=first&part=1&cid=1218137 .
(19) T-214/13Typke v Europese Commissie ( http://curia.europa.eu/juris/document/document.jsf?text=&docid=165450&pageIndex=0&doclang=EN&mode=lst&dir=&occ=first&part=1&cid=1218458 ).
(20) T-424/14 & T-425/14ClientEarth v Europese Commissie ( http://curia.europa.eu/juris/document/document.jsf?text=&docid=171521&pageIndex=0&doclang=EN&mode=lst&dir=&occ=first&part=1&cid=1219403 ).
(21) T-456/13 - Sea Handling SpA v Europese Commissie (zaak op dit moment in beroep: C-271/15 P) ( http://curia.europa.eu/juris/document/document.jsf?text=&docid=163182&pageIndex=0&doclang=FR&mode=lst&dir=&occ=first&part=1&cid=132413 ).
(22) T-677/13- Axa Versicherung AG v Europese Commissie ( http://curia.europa.eu/juris/document/document.jsf?text=&docid=165590&pageIndex=0&doclang=EN&mode=lst&dir=&occ=first&part=1&cid=18737 ).
(23) T-623/13Unión de Almacenistas de Hierros de España v Europese Commissie ( http://curia.europa.eu/juris/document/document.jsf?text=&docid=164249&pageIndex=0&doclang=EN&mode=lst&dir=&occ=first&part=1&cid=1218702 ).
(24) T 515/14 P & T 516/14 P - Christodoulos Alexandrou v Europese Commisse ( http://curia.europa.eu/juris/document/document_print.jsf?doclang=FR&text=&pageIndex=0&part=1&mode=lst&docid=171421&occ=first&dir=&cid=127813 ).
(25) T-344/15 R Franse Republiek v Europese Commissie ( http://curia.europa.eu/juris/document/document.jsf?text=&docid=166741&pageIndex=0&doclang=FR&mode=lst&dir=&occ=first&part=1&cid=19343 ).
(26) T-250/14 - European Environmental Bureau (EEB) v Europese Commissie ( http://curia.europa.eu/juris/document/document.jsf?text=&docid=164286&pageIndex=0&doclang=EN&mode=lst&dir=&occ=first&part=1&cid=127813 ).
(27) T-51/15 - PAN Europe v Europese Commissie, T-110/15 - International Management Group v Europese Commissie, T-210/15 - Deutsche Telekom v Europese Commissie, T-264/15 - Gameart v Europese Commissie, T-344/15 - Franse Republiek v Europese Commissie, T-448/15EEB v Europese Commissie, T-451/15AlzChem AG v Europese Commissie, T-514/15 - Izba Gospodarcza Producentów i Operatorów Urządzeń Rozrywkowych v Europese Commissie, T-611/15 - Edeka-Handelsgesellschaft Hessenring v Europese Commissie, en T-727/15 - Justice & Environment v Europese Commissie.
(28)  C-213/15 P - Europese Commissie v Breyer, C-271/15 P - Sea Handling v Europese Commissie, C-331/15 P Franse Republiek v Schlyter, en C-491/15 P - Typke v Europese Commissie.

Brussel, 24.8.2016

COM(2016) 533 final

BIJLAGE

bij

VERSLAG VAN DE COMMISSIE


over de toepassing in 2015 van Verordening (EG) nr. 1049/2001 inzake de toegang van het publiek tot documenten van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie


Statistieken betreffende de toepassing van Verordening (EG) nr. 1049/2001

BIJLAGE 1

1.Aantal in het register opgenomen documenten

COM

SEC

C

JOIN

SWD

OJ

PV

Totaal

2015

1488

1293

15558

91

309

119

87

18945

Initiële verzoeken

2.Aantal ontvangen en behandelde verzoeken

2011

2012

2013

2014

2015

Geregistreerde verzoeken

6.477

6.014

6.525

6.227

6.752

Antwoorden 2  

7.075

6.334

7.659

7.156

7.684

Antwoorden op grond van Verordening (EG) nr. 1049/2001 3

6.055

5.274

5.906

5.637

5.819

3.Resultaat

   

2011

2012

2013

2014

2015

Aantal

%

Aantal

%

Aantal

%

Aantal

%

Aantal

%

Volledige toegang verleend

4.856

80,20

3.928

74,48

4.400

73,43

4.096

72,77

4.003

68,79

Gedeeltelijke toegang verleend

462

7,62

454

8,61

640

10,68

866

15,36

890

15,29

Toegang geweigerd

737

12,18

892

16,91

866

14,45

668

11,87

926

15,91

Totaal

6.055

100

5.274

100

5.906

100

5.630

100

5.819

100

4.Uitsplitsing van de weigeringen volgens toegepaste uitzondering (%)

2011

2012

2013

2014

2015

Art. 4, lid 1, onder a), eerste streepje – Bescherming van de openbare veiligheid

2,40

1,34

1,53

1,52

2,43

Art. 4, lid 1, onder a), 2de streepje – Bescherming van defensie en militaire aangelegenheden

0,39

0,11

0,26

0,00

0,15

Art. 4, lid 1, onder a), derde streepje – Bescherming van de internationale betrekkingen

12,02

3,58

6,19

7,27

4,92

Art. 4, lid 1, onder a), vierde streepje – Bescherming van het financieel, monetair of economisch beleid

1,88

1,40

1,66

1,57

0,71

Art. 4, lid 1, onder b) – Bescherming van de persoonlijke levenssfeer en de integriteit van het individu

8,90

14,65

16,26

21,00

29,40

Art. 4, lid 2, eerste streepje – Bescherming van de commerciële belangen

16,83

16,94

16,14

14,92

14,75

Art. 4, lid 2, tweede streepje – Bescherming van gerechtelijke procedures en juridisch advies

6,76

9,84

5,42

4,94

4,51

Art. 4, lid 2, derde streepje – Bescherming van het doel van inspecties, onderzoeken en audits

21,90

25,32

23,60

25,01

20,88

Art. 4, lid 3, eerste alinea – Besluitvormingsproces, besluit nog niet genomen

17,15

20,23

20,60

15,95

17,69

Art. 4, lid 3, tweede alinea– Besluitvormingsproces, besluit reeds genomen: adviezen voor intern gebruik in het kader van beraadslagingen en voorafgaand overleg

8,58

4,92

6,51

6,19

2,58

Art. 4, lid 5Weigering lidstaat/auteur is derde 4

3,18

1,67

1,85

1,63

1,98

Totaal

100

100

100

100

100

Confirmatieve verzoeken

5.Aantal ontvangen en behandelde verzoeken

2011

2012

2013

2014

2015

Geregistreerde verzoeken

165

229

236

300

284

Antwoorden

162

202

252

327

291

Antwoorden op grond van Verordening (EG) nr. 1049/2001 5

144

160

189

272

230

6.Resultaat

2011

2012

2013

2014

2015

Aantal

%

Aantal

%

Aantal

%

Aantal

%

Aantal

%

Bevestiging van het initiële antwoord –

toegang geweigerd

61

42,36

91

56,88

106

56,08

154

56,62

135

58,70

Gedeeltelijke herziening –

gedeeltelijke toegang verleend

62

43,05

39

24,38

45

23,81

67

24,63

73

31,74

Volledige herziening –

volledige toegang verleend

21

14,58

30

18,75

38

20,11

51

18,75

22

9,57

Totaal

144

100

160

100

189

100

272

100

230

100


7.Uitsplitsing van de weigeringen volgens toegepaste uitzonderingsbepaling (%)

2011

2012

2013

2014

2015

Art. 4, lid 1, onder a), eerste streepje – Bescherming van de openbare veiligheid

1,33

1,31

0,92

0

2,05

Art. 4, lid 2, onder a), tweede streepje – Bescherming van defensie en militaire aangelegenheden

2,00

0,65

0 6

0,716

0

Art. 4, lid 1, onder a), derde streepje – Bescherming van de internationale betrekkingen

4,67

7,19

7,376

4,616

7,38

Art. 4, lid 1, onder a), vierde streepje – Bescherming van het financieel, monetair of economisch beleid

3,34

0,00

3,696

2,846

2,87

Art. 4, lid 1, onder b) – Bescherming van de persoonlijke levenssfeer en de integriteit van het individu

20,67

10,46

16,13

18,09

15,57

Art. 4, lid 2, eerste streepje – Bescherming van de commerciële belangen

14,66

11,76

11,98

15,96

13,11

Art. 4, lid 2, tweede streepje – Bescherming van gerechtelijke procedures en juridisch advies

1,33

7,84

6,91

10,28

4,92

Art. 4, lid 2, derde streepje – Bescherming van het doel van inspecties, onderzoeken en audits

32,68

45,10

36,87

32,98

37,70

Art. 4, lid 3, eerste alinea – Besluitvormingsproces, besluit nog niet genomen

15,33

6,54

10,60

11,35

13,93

Art. 4, lid 3, tweede alinea– Besluitvormingsproces, besluit reeds genomen: adviezen voor intern gebruik in het kader van beraadslagingen en voorafgaand overleg

4

9,15

5,53

3,19

2,46

Totaal

100

100

100

100

100

Uitsplitsing van de initiële verzoeken

 

8.Naar sociaal en professioneel profiel van de verzoeker (%)

2011

2012

2013

2014

2015

Academici

23,24

22,70

22,08

19,80

22,33

Juristen

10,69

13,58

14,46

18,30

13,06

Maatschappelijk middenveld (belangengroepen, industrie, ngo’s, enz.)

8,18

10,32

16,62

16,04

15,64

Overheden (andere dan EU-instellingen)

13,56

7,12

8,24

8,23

6,38

Andere EU-instellingen

8,32

7,64

8,76

12,80

12,56

Journalisten

3,35

4,81

4,58

6,00

7,03

Niet nader aangegeven

32,68

33,83

25,26

18,83

22,99

Totaal

100

100

100

100

100

9.Naar geografische oorsprong (%)

 

2011

2012

2013

2014

2015

België

21,42

21,85

24,23

29,30

26,78

Bulgarije

0,93

0,70

0,54

1,08

0,68

Cyprus

0,25

0,08

0,17

0,11

0,07

Denemarken

2,11

1,58

3,12

1,68

1,63

Duitsland

12,27

14,04

12,96

11,94

11,74

Estland

0,19

0,17

0,11

0,16

0,22

Finland

1,57

0,55

0,64

1,10

0,68

Frankrijk

8,90

7,53

7,27

7,97

7,57

Griekenland

1,10

1,73

1,67

1,24

0,96

Hongarije

0,96

0,63

0,86

0,63

1,29

Ierland

1,02

1,50

0,84

1,31

1,04

Italië

12,37

7,54

5,91

8,02

7,26

Kroatië

-

-

0,14

0,24

0,33

Letland

0,15

0,17

0,12

0,36

0,13

Litouwen

0,42

0,30

0,78

0,34

0,33

Luxemburg

2,12

1,79

1,50

1,48

0,96

Malta

0,12

0,17

0,20

0,26

0,28

Nederland

4,18

4,62

3,80

3,61

5,48

Oostenrijk

1,78

1,73

1,48

1,23

Polen

2,68

2,79

3,95

2,65

3,04

Portugal

1,15

1,11

0,98

1,40

0,89

Roemenië

0,87

0,91

0,67

0,65

0,46

Slovenië

0,31

0,22

0,29

0,39

0,15

Slowakije

0,56

0,81

0,35

0,65

0,76

Spanje

7,16

5,70

6,54

6,24

9,91

Tsjechië

0,93

2,01

1,39

1,00

0,86

Verenigd Koninkrijk

8,59

10,17

7,64

7,41

7,63

Zweden

1,81

2,16

2,19

1,42

2,22

Europese landen buiten de EU

0,40

0,37

1,81

1,81

1,81

Noord-Amerika

0,23

0,88

0,28

0,94

1,20

Australië en Nieuw-Zeeland

0,03

0,03

0,02

0,00

0,03

Afrika

0,02

0

0,08

0,24

0,36

Zuid-Amerika

0,02

0,03

0,03

0,03

0,09

Azië

0,06

0,05

0,26

0,39

0,96

Niet nader aangegeven

3,73

6,03

6,96

2,47

0,99

Totaal

100

100

100

100

99,98


10.Naar beleidsgebied (%)

Directoraat-generaal/Dienst 7

2011

2012

2013

2014

2015

AGRI – Landbouw en plattelandsontwikkeling

2,62

3,44

3,05

5,02

3,97

BUDG – Begroting

1,02

0,81

0,72

0,74

0,47

CLIMA – Klimaat

2,22

2,86

2,53

1,71

1,87

CNECT Communicatienetwerken, inhoud en technologie 8  

1,98

1,74

2,07

1,55

2,65

COMM – Communicatie

1,26

0,65

0,55

0,60

0,33

COMP – Concurrentie

6,99

6,81

5,13

7,55

5,81

DEVCO – Ontwikkeling en samenwerking-EuropeAid

3,30

4,67

2,89

3,99

5,35

DGT – Vertaling

0,14

0,20

0,14

0,05

0,06

DIGIT – Informatica

0,09

0,12

0,05

0,06

0,10

EAC – Onderwijs en cultuur

1,05

1,13

2,13

0,84

0,71

ECFIN – Economische en financiële zaken

1,57

1,11

1,53

1,44

1,26

ECHO – Humanitaire hulp en civiele bescherming

0,33

0,18

0,23

0,18

0,34

EMPL – Werkgelegenheid, sociale zaken en inclusie

1,64

3,47

2,51

2,61

2,68

ENER – Energie

5,86

5,15

4,78

3,20

3,47

ENV – Milieu

6,37

6,61

5,07

5,29

5,79

EPSC Europees Centrum voor politieke strategie 9

0,11

0

0,06

0,15

0,10

EPSO – Europees bureau voor personeelsselectie

0,23

0,23

0,18

0,23

0,09

ESTAT – Eurostat

0,20

0,20

0,28

0,36

0,44

FISMA Financiële stabiliteit, financiële diensten en kapitaalmarktenunie 10

2,59

FPI Dienst Instrumenten buitenlands beleid 11

-

0,13

0,46

0,90

0,86

GROW Interne markt, industrie, ondernemerschap en kmo's 12

4,84

4,55

5,02

5,02

8,58

HOME – Binnenlandse zaken

4,74

3,14

2,07

2,82

4,21

HR – Personeelsmiddelen en veiligheid + OIB (Bureau voor infrastructuur en logistiek - Brussel) + OIL (Bureau voor infrastructuur en logistiek - Luxemburg) + PMO (Bureau voor het beheer en de afwikkeling van individuele rechten)

2,34

2,98

2,23

2,45

2,37

IAS – Dienst interne audit

0,05

0,02

0,17

0,03

0,09

JUST – Justitie

2,54

3,72

4,21

3,60

2,77

MARE – Maritieme zaken en visserij

0,95

0,66

1,01

1,07

1,04

MOVE – Mobiliteit en vervoer 

3,02

2,66

4,15

3,47

3,76

NEAR Natuurschapsbeleid en uitbreidingsonderhandelingen 13  

1,04

0,95

0,93

0,97

1,38

OP – Publicatiebureau

0,37

0,12

0,11

0,10

0,15

RELEX – Buitenlandse betrekkingen

2,39

-

-

-

-

REGIO – Regionaal beleid

2,29

3,41

2,20

4,13

3,92

RTD – Onderzoek en innovatie + JRC – Gemeenschappelijk Centrum voor onderzoek

1,27

1,61

1,95

2

1,40

SANTE Gezondheid en voedselveiligheid 14

6,96

7,28

8,26

7,21

9,18

SCIC – Gemeenschappelijke tolken- en conferentiedienst

0

0,02

0,02

0

0,01

SG – Secretariaat-generaal

10,12

12,10

13,88

11,57

8,74

SJ – Juridische dienst

2,76

4,37

3,75

3

3,17

TAXUD – Belastingen en douane-unie

7,80

4,92

6,01

5,57

5,67

TRADE – Handel

3,47

2,48

4,73

5,08

4,38

Totaal

100

100

100

100

100

(1) Cijfers zoals opgevraagd op 11 april 2016.
(2) Een verzoek kan betrekking hebben op meer dan één document en derhalve aanleiding geven tot meerdere verschillende antwoorden.
(3) De antwoorden die niet op grond van Verordening (EG) nr. 1049/2001 gegeven zijn, maar bijvoorbeeld op grond van Verordening (EG) nr. 45/2001, zijn niet in deze categorie opgenomen.
(4) Deze categorie wordt niet meer gebruikt, aangezien deze geen uitzondering vormt in de zin van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 1049/2001. Het blijkt dat de ruwe gegevens niet in alle gevallen een uitsplitsing toelieten volgens de uitzonderingen van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 1049/2001.
(5) De antwoorden die niet onder Verordening (EG) nr. 1049/2001 vallen, zijn niet in deze categorie opgenomen.
(6) Vanwege een technische fout zijn in de jaarverslagen van 2013 en 2104 de cijfers in deze categorieën omgekeerd.
(7) Er dient rekening mee te worden gehouden dat aan OLAF gerichte verzoeken om toegang tot documenten in een apart systeem worden geregistreerd.
(8) DG CNECT was vroeger (tot 1 juli 2012) DG INFSO.
(9) Op 1 januari 2015 is het BEPA het EPCS geworden.
(10) Op 1 januari 2015 is DG MARKT DG FISMA geworden.
(11) Sinds de oprichting van de Europese Dienst voor extern optreden (EDEO) vallen enkele FPI-documenten onder de bevoegdheid van de Commissie.
(12) Op 1 januari 2015 is DG ENTR DG GROW geworden.
(13) Op 1 januari 2015 is DG ELARG DG NEAR geworden.
(14) Op 1 januari 2015 is DG SANCO DG SANTE geworden.