Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD betreffende de AIEM-belastingregeling die van toepassing is op de Canarische eilanden /* COM/2014/0171 final - 2014/0093 (CNS) */
TOELICHTING 1. ACHTERGROND VAN HET VOORSTEL Het Verdrag
betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU), dat van toepassing is op de
ultraperifere gebieden van de Unie, waartoe ook de Canarische eilanden behoren,
staat in beginsel geen verschillen toe tussen belastingen die worden geheven op
lokale producten en op producten uit Spanje of andere lidstaten. Artikel 349
VWEU maakt het echter mogelijk om voor deze gebieden specifieke maatregelen in
te voeren omdat zij worden geconfronteerd met permanente belemmeringen die
gevolgen hebben voor hun economische en sociale situatie. Krachtens
Beschikking 2002/546/EG van de Raad van 20 juni 2002[1], die is aangenomen op
basis van artikel 299, lid 2, van het EG-Verdrag, mag Spanje tot 30 juni 2014
bepaalde producten die lokaal worden vervaardigd op de Canarische eilanden,
vrijstellen van de "Arbitrio sobre Importaciones y Entregas de Mercancías
en las islas Canarias" (AIEM-belasting) dan wel deze belasting
verminderen. De bijlage bij de beschikking bevat een lijst van producten die in
aanmerking komen voor vrijstelling en vermindering van de AIEM-belasting.
Afhankelijk van het product mag het belastingverschil tussen lokaal
vervaardigde producten en andere producten niet meer dan 5, 15 of 25
procentpunten bedragen. In Beschikking 2002/546/EG
worden de redenen voor het nemen van specifieke maatregelen uiteengezet,
waaronder: de geïsoleerde ligging, de afhankelijkheid van grondstoffen en
energie, de noodzaak om voorraden aan te leggen, de beperkte omvang van de
lokale markt en de geringe exportactiviteit. Al deze belemmeringen samen leiden
tot hogere productiekosten en daarmee tot een hogere kostprijs van lokaal
vervaardigde producten, die - als er geen specifieke maatregelen werden genomen
- minder concurrerend zouden zijn dan producten van elders, zelfs wanneer
rekening wordt gehouden met de kosten voor het vervoer naar de Canarische
eilanden. Het behoud van de lokale productie zou daardoor worden bemoeilijkt.
De specifieke maatregelen van Beschikking 2002/546/EG beogen daarom de lokale
industrie te versterken door het concurrentievermogen ervan te verbeteren. De AIEM-belasting is een indirecte staatsbelasting die in één enkel
stadium wordt geheven, namelijk bij de levering van goederen op de Canarische eilanden.
De maatstaf van heffing voor de ingevoerde goederen is gebaseerd op de
douanewaarde; de maatstaf van heffing voor de leveringen van goederen door
producenten op de Canarische eilanden is gebaseerd op de totale waarde van de
tegenprestatie. Met de specifieke maatregelen van Beschikking 2002/546/EG wordt
een vorm van gedifferentieerde belastingheffing ingesteld die ten goede komt
van de lokale productie van sommige producten. Dit belastingvoordeel vormt
staatssteun waarvoor goedkeuring van de Commissie is vereist, die bij besluit
betreffende staatssteun NN 22/2008 werd verleend. Op 16 november 2010
diende Spanje een verzoek in bij de Commissie om de toepassingsduur van
Beschikking 2002/546/EG met twee jaar te verlengen, zodat de vervaldatum zou
samenvallen met de datum in de richtsnoeren inzake regionale steunmaatregelen
voor de periode 2007-2013[2]. Spanje diende
daarnaast ook een verzoek in om de toepassingsduur van besluit betreffende
staatssteun NN 22/2008 met twee jaar te verlengen, volgens welk de door de
Spaanse autoriteiten verstrekte steun, wat de AIEM betreft, met de
gemeenschappelijke markt verenigbaar was. De Commissie keurde deze verlenging
van twee jaar goed door middel van besluit betreffende staatssteun SA.31950 (N 544/10)[3], waarmee de
toepassingsduur van besluit betreffende staatssteun NN 22/2008 werd verlengd
tot en met 31 december 2013. Met betrekking tot
het verzoek om de toepassingsduur van Beschikking 2002/546/EG te verlengen,
heeft de Commissie gekeken naar de omvang van de belemmeringen die zich voordoen
op de Canarische eilanden en achtte zij het gerechtvaardigd om de gevraagde
verlenging toe te staan. In het op 28
augustus 2008 aangenomen verslag van de Commissie aan de Raad over de
uitvoering van de bijzondere regeling betreffende de AIEM-belasting die van
toepassing is op de Canarische eilanden, werd immers bevestigd dat de regeling
naar behoren functioneerde en dat de bepalingen van Beschikking 2002/546/EG
niet moesten worden aangepast. Daarom werd
Beschikking 2002/546/EG bij Besluit nr. 895/2011/EU van de Raad van 19
december 2011[4]
gewijzigd en de toepassingsduur ervan verlengd tot en met 31 december 2013. Op 4 maart 2013
verzochten de Spaanse autoriteiten de Commissie een besluit van de Raad op te
stellen waarbij Spanje voor de periode 2014-2020 wordt gemachtigd vrijstelling
of vermindering van de AIEM-belasting te verlenen voor bepaalde producten die
lokaal op de Canarische eilanden worden vervaardigd; dit verzoek voorzag in een
aanpassing van de lijst van producten en van het toepasselijke maximumtarief
voor sommige daarvan. Op 28 juni 2013
heeft de Commissie nieuwe richtsnoeren inzake regionale steunmaatregelen voor
de periode 2014-2020[5]
goedgekeurd. Deze richtsnoeren maken deel uit van een bredere strategie voor de
modernisering van het staatssteuntoezicht, die tot doel heeft de groei op de
eengemaakte markt te bevorderen door bij te dragen aan doeltreffender
steunmaatregelen en het handhavingsbeleid van de Commissie te concentreren op
zaken met de grootste impact op de mededinging. Aangezien deze
richtsnoeren op 1 juli 2014 in werking treden, leek het gerechtvaardigd om de
toepassingsduur van Beschikking 2002/546/EG, zoals gewijzigd bij Besluit
nr. 895/2011/EU, met zes maanden te verlengen, zodat de vervaldatum
samenvalt met de datum van inwerkingtreding van de richtsnoeren.
Dienovereenkomstig werd Besluit 2002/546/EG bij Besluit nr. 1413/2013/EU[6] gewijzigd en de
toepassingsduur ervan verlengd tot en met 30 juni 2014. De Commissie heeft
het verzoek van de Spaanse autoriteiten geanalyseerd, evenals de informatie die
zij heeft ontvangen van vele verschillende stakeholders die het initiatief
hebben genomen om contact met haar op te nemen. Deze analyse bevestigt dat de
specifieke kenmerken van de Canarische eilanden hun ontwikkeling belemmeren en
extra kosten met zich meebrengen voor de marktdeelnemers daar. Het is derhalve
gerechtvaardigd de vrijstelling van de AIEM-belasting te handhaven voor een
lijst van lokaal vervaardigde industriële producten. Deze maatregel is
noodzakelijk en evenredig en doet geen afbreuk aan de integriteit en de
samenhang van de rechtsorde van de Unie. 2. ANALYSE VAN HET SPAANSE
VERZOEK EN EVENREDIGHEID VAN HET BESLUIT TOT AFWIJKING Volgens artikel 110 VWEU heffen de lidstaten
al dan niet rechtstreeks op producten van de overige lidstaten geen hogere
binnenlandse belastingen van welke aard ook dan die welke, al dan niet
rechtstreeks, op gelijksoortige nationale producten worden geheven. Bovendien
heffen de lidstaten op de producten van de overige lidstaten geen zodanige binnenlandse
belastingen dat daardoor andere producties zijdelings worden beschermd. Op grond van artikel 349 VWEU mag de Raad
lidstaten met ultraperifere gebieden evenwel machtigen van de bepalingen in
artikel 110 VWEU af te wijken, teneinde rekening te houden met de structurele
sociale en economische situatie van deze gebieden, die wordt bemoeilijkt door
andere factoren die hun ontwikkeling ernstig schaden. Een dergelijke afwijking
mag geen afbreuk doen aan de integriteit en de samenhang van de rechtsorde van
de Unie, met inbegrip van de interne markt en het gemeenschappelijk beleid,
zoals een gemeenschappelijk fiscaal beleid op grond van artikel 113 VWEU.
Dergelijke afwijkingen dienen dus evenredig te blijven, dat wil zeggen dat zij
niet verder mogen gaan dan nodig is ter bestrijding van de ongunstige
randvoorwaarden die de economische ontwikkeling van deze gebieden schaden, en
de mededinging in de interne markt niet buitensporig mogen verstoren. Derhalve
dient elke afwijking van artikel 110 VWEU beperkt te blijven tot het geheel of
gedeeltelijk compenseren van het kostennadeel dat producenten uit deze gebieden
ondervinden. De economie van de Canarische eilanden is
sterk afhankelijk van het toerisme. Deze afhankelijkheid vormt een ernstige
bedreiging voor de ontwikkeling van de Canarische eilanden, omdat wijzigingen
van voorkeur, natuurrampen of economische recessies een enorme impact kunnen
hebben op de economische en sociale situatie van de eilandengroep. Dit is precies
wat er gebeurd is tijdens de wereldwijde financiële crisis van 2008 en 2009,
die grote gevolgen heeft gehad voor het aantal toeristen dat de eilanden
bezocht en bijgevolg ook voor de economie. De daling in het toerisme heeft
geleid tot een sterke stijging van de werkloosheid, tot zelfs boven de cijfers
van het Spaanse moederland, dat samen met Griekenland een van de twee lidstaten
met de hoogste werkloosheid in de Europese Unie is. De toename kwam nog
duidelijker tot uiting in de jeugdwerkloosheid, hetgeen kan worden verklaard
door het grote aantal jongeren dat afhankelijk is van de seizoensgebonden banen
in de toeristische sector. De markt van de Canarische eilanden wordt ook
gekenmerkt door zijn kleinere omvang, die verhindert dat bedrijven hun optimale
productiepeil kunnen bereiken. De meeste industriële machines zijn ontworpen om
op grote schaal te produceren en zo de productiviteit en de winstgevendheid te
verhogen. Deze machines zijn niet ontworpen voor een kleinere markt, waardoor
productiecapaciteit onbenut blijft; bedrijven zijn genoodzaakt op een lager
niveau te werken dan wat vereist is om de productiekosten te minimaliseren,
waardoor schaalvoordelen moeilijk te realiseren zijn. De landen en gebieden in de nabijheid van de
Canarische eilanden (Marokko, de Westelijke Sahara en Mauritanië) hebben hun
afnamecapaciteit verlaagd en de aanzienlijke ontwikkelingskloof beperkt de
uitvoermogelijkheden voor de Canarische eilanden. Een ander kenmerk van de Canarische eilanden
dat een grote impact heeft op de extra kosten voor de ondernemers die daar
gevestigd zijn, is de geografische versnippering en het feit dat de meeste
grondstoffen van ver moeten worden aangevoerd, wat leidt tot hogere
transportkosten. Dit probleem is nog verergerd door de stijging van de
olieprijzen, die een grote impact had op de stijging van de transportkosten. Water is een schaarse hulpbron op de
Canarische eilanden. Het spreekt voor zich dat deze schaarste een impact heeft
op de prijs, waardoor een concurrentienadeel ontstaat ten opzichte van
bedrijven in andere delen van Spanje of de Europese Unie. Dit is met name het
geval in de bedrijfstakken die water gebruiken als een belangrijke grondstof
(bv. voeding, chemie, papier), maar ook de bedrijfstakken waar koeling een
belangrijke rol speelt. Er zijn plannen voor de invoering van aardgas
op de twee grootste eilanden van de Canarische eilanden, maar het is vooralsnog
onduidelijk wanneer deze brandstof effectief zal kunnen worden gebruikt. Het
ontbreken van aardgas speelt een belangrijke rol bij het verlies van
concurrentievermogen, aangezien de kosten voor de opwekking van warmte en
energie op basis van andere hulpbronnen aanzienlijk hoger zijn. Aangezien er geen recyclingfabrieken zijn en
afval naar het vasteland moet worden vervoerd en giftig afval buiten de
Canarische eilanden moet worden verwerkt, brengen de verwijdering van
industrieel afval en de verwerking van giftig afval hogere milieukosten met
zich mee. De hierboven beschreven kenmerken van de
Canarische eilanden beïnvloeden tot op zekere hoogte alle binnenlandse productie.
Het is derhalve passend na te gaan welk effect de bestaande gedifferentieerde
belastingheffing heeft gehad op het marktaandeel van de lokale productie en
deze gedifferentieerde heffing aan te passen om te garanderen dat er geen
buitensporige verstoring van de mededinging optreedt. In de analyse van de toegestane
gedifferentieerde tarieven is niet alleen rekening gehouden met het gemiddelde
marktaandeel van de lokale productie in de periode 2008-2011, maar ook met de
ontwikkeling ervan en met andere informatie van belanghebbenden die contact
hebben opgenomen met de Commissie om relevante informatie te verstrekken. Voor
bedrijfstakken die producten vervaardigen met een verschillend
gemeenschappelijk douanetarief, heeft de analyse betrekking op de ontwikkeling
van het gecombineerde marktaandeel voor alle producten samen en niet op de
individuele marktaandelen. Om die reden hebben producten met vergelijkbare
gemiddelde marktaandelen van de lokale industrie een verschillend maximumtarief
voor de gedifferentieerde belastingheffing. Voor tabak wordt voorgesteld het
gedifferentieerde tarief op 25 % te handhaven en het minimum voor 1 000
sigaretten te verhogen van 6 EUR tot 18 EUR, zoals door de Spaanse autoriteiten
is gevraagd. In de lijst van producten die aan de
gedifferentieerde heffing zullen worden onderworpen, hebben de Spaanse
autoriteiten een aantal producten opgenomen met een uiterst laag marktaandeel
van de lokale industrie. Als argument hiervoor verwijzen zij naar plannen om de
lokale productie van deze producten uit te breiden, wat zonder
gedifferentieerde belastingheffing niet mogelijk is. Voor 119 van de in totaal 139 producten in het
Spaanse verzoek aanvaardt de Commissie het gevraagde tarief; voor de overige 20
daarentegen meent zij dat het gedifferentieerde tarief lager moet zijn om
mogelijke gevallen van concurrentieverstoring te voorkomen. Op basis van de gedetailleerde analyse van de Commissie
kunnen de verschillende productlijsten worden vastgesteld volgens de tarieven
van de belastingdifferentiatie, de sector en het gemeenschappelijk
douanetarief: 5 % Landbouw-
en visserijproducten: 0207 11/0207
13 Mineralen: 2516 90 00 00/6801/6802 Bouwmaterialen: 3816/3824 40
00 00/3824 50/3824 90 45 00/3824 90 70 00/ 3824 90 97 99/ 6809 Chemische
industrie: 2804 30 00 00/2804
40 00 00/3105 20 90 00/3208/3209/3210/3212 90 00 00/3213/3214/3304 99 00 00/3925
90 80 00/ 3401/3402/3406/3814 00 90/3923 90 00 00/4012 11 00/4012 12 00/4012 13/4012
19 Metaalindustrie: 7604/7608 Voedingsindustrie: 0210 12 11 00/0210 12 19 00/0210 19 40 00/0210 19 81/0305 41 00/0305 43
00 90/ 0901 22
00 00/1101/1102/1601/1602/1704 90 30 00/1704 90 51 00/1704 90 55 00/ 1704 90
75 00/1704 90 71 00/1806/1901 20 00 00/1901 90 91 00/1901 90 99/ 1904 10
10/1905/2005 20 20/2006 00 31 00/2008 11 96 00/2008 11 98 00/2008 19 92/ 2008 19
93/2008 19 95/2008 19 99/2309 Dranken: 2009 11/2009 12 00/2009 19/2009 41/2009 49/2009
50/2009 61/2009 71/2009 79/2009 89/ 2009 90/2201/2202/2204 Textiel en leder: 6112 31/6112 41 Papier: 4818 90 90 00/4823 90 85 90 Artikelen van de grafische industrie en van
de uitgeverij: 4910 10 % Landbouw- en visserijproducten: 0203 11/0203 12/0203 19/0701 90/0703 Bouwmaterialen: 2523 29 00 00/ Voedingsindustrie: 0210 11 11 00/0210 11 31 00/1905/2105 Papier: 4808/4819/4823 90 40 00/ 15 % Landbouw- en visserijproducten: 0407 21 00 00/0407 29 10 00/0407 90 10 00 Bouwmaterialen: 2523 90/7010 Chemische industrie: 3809 91 00/3917 21/3917 23/3917 32 00/ 3917 33
00/3917 39 00/3917 40 00/3923 10 00/39 23 21 00/3923 30 10/3924 10 00 Metaalindustrie: 7309 00/7610 10 00 00/9403 20 80 90 Voedingsindustrie: 0403/0901 21/1902/2103 20 00 00/2103 30/2103 90
90/2106 90 98/ Dranken: 2203/2208 40 Textiel en leder: 6302 Papier: 4818 10/4818 20/4818 30/4821 Artikelen van de grafische industrie en van
de uitgeverij: 4909/4911 25 % Tabak: 2402 Met deze lijsten van producten wordt
aangesloten bij de doelstelling van artikel 349, namelijk het nemen van
specifieke maatregelen om rekening te houden met de bijzondere kenmerken van de
Canarische eilanden als ultraperifeer gebied, zonder dat de mededinging wordt
verstoord op een wijze die afbreuk kan doen aan de interne markt. Wanneer de Spaanse autoriteiten het verslag
als bedoeld in artikel 2 van dit besluit van de Raad voorleggen, is het
dienstig dat de Commissie de effecten van de gedifferentieerde tarieven
evalueert en onderzoekt of aanpassingen vereist zijn. Het is ook zaak dat zij op
dat moment nagaat of er sprake is van een toename van de lokale productie van
de producten waarvoor een gedifferentieerde heffing is gevraagd, maar die
momenteel lokaal niet in significante hoeveelheden worden vervaardigd. 3. JURIDISCHE ELEMENTEN VAN HET
VOORSTEL Samenvatting
van de voorgestelde maatregelen Machtiging van
Spanje om vrijstelling of vermindering van de AIEM-belasting te verlenen voor
bepaalde producten die lokaal worden vervaardigd op de Canarische eilanden. Rechtsgrondslag
Artikel 349 VWEU. Subsidiariteitsbeginsel Alleen de Raad is
gemachtigd, op basis van artikel 349 VWEU, om specifieke maatregelen te nemen
ten gunste van de ultraperifere gebieden om de toepassing van de verdragen –
met inbegrip van gemeenschappelijk beleid – op deze gebieden aan te passen
wegens de permanente belemmeringen die gevolgen hebben voor hun economische en
sociale situatie. Het voorstel is
derhalve in overeenstemming met het subsidiariteitsbeginsel. Evenredigheidsbeginsel Het voorstel is om
de volgende redenen in overeenstemming met het evenredigheidsbeginsel: Keuze van
instrumenten Voorgesteld
instrument: besluit van de Raad. Andere
instrumenten zouden om de volgende reden ongeschikt zijn. Afwijkingen krachtens artikel 349 VWEU worden
verleend door middel van besluiten van de Raad. 4. GEVOLGEN VOOR DE BEGROTING Het voorstel heeft
geen gevolgen voor de begroting van de Europese Unie. 2014/0093 (CNS) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD betreffende de AIEM-belastingregeling die van
toepassing is op de Canarische eilanden DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE, Gezien het Verdrag betreffende de werking van
de Europese Unie, en met name artikel 349, Gezien het voorstel van de Europese Commissie, Gezien het advies van het Europees Parlement[7], Handelend volgens een bijzondere
wetgevingsprocedure, Overwegende hetgeen volgt: (1) Overeenkomstig artikel 349
VWEU neemt de Raad, rekening houdend met de structurele sociale en economische
situatie van de ultraperifere gebieden, die wordt bemoeilijkt door de grote
afstand, het insulaire karakter, de kleine oppervlakte, een moeilijk reliëf en
klimaat en de economische afhankelijkheid van enkele producten, specifieke
maatregelen aan die er met name op gericht zijn de voorwaarden voor de
toepassing van de Verdragen, met inbegrip van gemeenschappelijk beleid, op deze
gebieden vast te stellen. (2) Het is derhalve dienstig
specifieke maatregelen te nemen die erop gericht zijn de voorwaarden voor de
toepassing van het Verdrag op deze gebieden vast te stellen. Deze maatregelen
moeten rekening houden met de bijzondere kenmerken en beperkingen van deze
gebieden, zonder afbreuk te doen aan de integriteit en de samenhang van de
rechtsorde van de Unie, met inbegrip van de interne markt en het
gemeenschappelijk beleid. (3) Bovenaan de lijst van
belemmeringen die voor de Canarische eilanden in kaart zijn gebracht, staat het
overwicht van de dienstensector, met name de toeristensector, in het regionale
product, alsmede de afhankelijkheid van de Canarische economie van deze sector
en het kleine aandeel van de industriële sector in het Canarische bbp. (4) Op de tweede plaats komt de
geïsoleerde ligging van de eilanden, die het vrije verkeer van personen,
goederen en diensten belemmert. De afhankelijkheid van bepaalde vervoerswijzen,
het vervoer door de lucht en over zee, wordt vergroot door het feit dat het
gaat om vervoerswijzen waarvan de liberalisering nog niet is voltooid. De
productiekosten zijn hoger, aangezien het gaat om vervoerswijzen die minder
efficiënt zijn en duurder dan vervoer over de weg of per spoor. (5) De geïsoleerde ligging leidt
ook tot hogere productiekosten als gevolg van de afhankelijkheid in termen van
grondstoffen en energie, van de noodzaak om voorraden aan te leggen en van de moeilijke
levering van productieapparatuur. (6) De geringe omvang van de
Canarische markt, het weinig ontwikkelde karakter van de export, de
geografische versnippering van de eilanden en de verplichting om gediversifieerde,
maar in omvang beperkte productielijnen in stand te houden om aan de behoeften
van een kleine markt te voldoen, beperken de mogelijkheden om schaalvoordelen
te behalen. (7) Het is voor bedrijven in vele
gevallen moeilijker of duurder om een beroep te doen op gespecialiseerde
diensten en onderhoudsdiensten, te voorzien in opleidingen voor managers en
technici, activiteiten uit te besteden of te gaan ontplooien buiten de
Canarische markt. Bovendien zorgen de beperkte distributiemethoden voor te
grote voorraden. (8) Op het gebied van het milieu
brengen de verwijdering van industrieel afval en de verwerking van giftig afval
hogere milieukosten met zich mee. Deze kosten zijn hoger door het ontbreken van
recyclingbedrijven, behalve voor enkele producten, en door het afvoeren van
afval naar het vasteland of door de verwerking van giftig afval buiten de
Canarische eilanden. (9) Op grond van al deze gegevens
en van de kennisgeving van de Spaanse autoriteiten is het wenselijk te voorzien
in een verlenging van de machtiging voor de toepassing van een belasting op een
lijst van producten, waarvoor vrijstellingen kunnen worden verleend ten gunste
van lokale producten. (10) Krachtens Beschikking 2002/546/EG
van de Raad van 20 juni 2002[8],
aangenomen op basis van artikel 299 van het EG-Verdrag, mocht Spanje
aanvankelijk tot 31 december 2011 bepaalde producten die lokaal worden vervaardigd
op de Canarische eilanden, vrijstellen van de "Arbitrio sobre
Importaciones y Entregas de Mercancías en las islas Canarias"
(AIEM-belasting) dan wel deze belasting verminderen. De bijlage bij de
beschikking bevat een lijst van producten die in aanmerking komen voor
vrijstelling en vermindering van belasting. Afhankelijk van het product mag het
belastingverschil tussen lokaal vervaardigde producten en andere producten niet
meer dan 5, 15 of 25 procentpunten bedragen. (11) Beschikking 2002/546/EG werd
bij Besluit nr. 895/2011/EU van de Raad van 19 december 2011[9] gewijzigd en de
toepassingsduur ervan verlengd tot en met 31 december 2013. (12) Beschikking 2002/546/EG werd
bij Besluit nr. 1413/2013/EU van de Raad van 17 december 2013[10] gewijzigd en de
toepassingsduur ervan verlengd tot en met 30 juni 2014. (13) De AIEM-belasting heeft tot
doel de autonome ontwikkeling van de Canarische industriële productiesectoren
te bevorderen en de Canarische economie te diversifiëren. (14) De maximale vrijstellingen die
voor de betrokken industriële producten kunnen worden verleend, variëren per
sector en per product van 5 % tot 15 %. (15) De maximale vrijstelling voor
eindproducten van tabak is evenwel hoger, aangezien de tabakssector een
uitzonderlijk geval vormt. De tabaksindustrie, die zich sterk had ontwikkeld op
de Canarische eilanden, vertoont al enkele jaren een zeer uitgesproken krimp.
De hierboven beschreven traditionele belemmeringen als gevolg van het insulaire
karakter van de Canarische eilanden liggen zonder twijfel ten grondslag aan de
teruggang van de lokale tabaksproductie. Er zijn redenen voor het handhaven van
een aanzienlijke belastingvrijstelling voor tabak. Deze vrijstelling staat
namelijk in directe relatie tot het beoogde behoud van de productieactiviteit
op de Canarische eilanden. (16) De beoogde bevordering van de
sociaaleconomische ontwikkeling van de Canarische eilanden komt op nationaal
niveau tot uiting in de doelgerichtheid van de belasting en de bestemming van
de AIEM-ontvangsten. Er is bij wet voorgeschreven dat de opbrengsten van deze
belasting moeten worden geïntegreerd in de middelen van het economisch en
fiscaal regime van de Canarische eilanden en moeten worden besteed aan een
strategie voor economische en sociale ontwikkeling door middel van bevordering
van lokale activiteiten. (17) De duur van de regeling is
vastgesteld op 6,5 jaar. De resultaten zullen niettemin beoordeeld moeten
worden. Daarom zullen de Spaanse autoriteiten de Commissie uiterlijk 30
september 2017 een verslag moeten voorleggen over de toepassing van de in
artikel 1 bedoelde regeling, ter verificatie van de impact van de genomen
maatregelen en de bijdrage ervan aan de bevordering of het behoud van de lokale
economische activiteiten, rekening houdende met de belemmeringen waarmee de
ultraperifere gebieden te kampen hebben. Op basis hiervan zullen het
toepassingsgebied en de krachtens de Unieregels toegestane vrijstellingen zo
nodig worden herzien. (18) Het op de AIEM betrekking
hebbende fiscale voordeel moet evenredig blijven, zodat er geen afbreuk wordt
gedaan aan de integriteit en de samenhang van de rechtsorde van de Unie, met
inbegrip van het waarborgen van een onverstoorde mededinging in de interne
markt en het staatssteunbeleid. (19) Dit besluit laat de eventuele
toepassing van de artikelen 107 en 108 van het VWEU onverlet, HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1 1. In afwijking van de artikelen 28, 30
en 110 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie worden de
Spaanse autoriteiten gemachtigd om tot en met 31 december 2020 voor de in de
bijlage bedoelde producten die lokaal op de Canarische eilanden worden
vervaardigd, in een volledige vrijstelling dan wel een vermindering van de
belasting genaamd "Arbitrio sobre las Importaciones y Entregas de Mercancías
en las islas Canarias (AIEM)" te voorzien. Deze vrijstellingen worden
geïntegreerd in de strategie voor economische en sociale ontwikkeling van de
Canarische eilanden en dragen bij aan de bevordering van lokale activiteiten. 2. De toepassing van de in lid 1
bedoelde algehele vrijstellingen of verminderingen mag niet leiden tot
verschillen die groter zijn dan: a) 5 % voor de in deel A van de bijlage
bedoelde producten; b) 10 % voor de in deel B van de bijlage
bedoelde producten; c) 15 % voor de in deel C van de bijlage
bedoelde producten; d) 25 % voor de in deel D van de bijlage
bedoelde producten. De Spaanse autoriteiten mogen voor sigaretten evenwel een
minimumbelasting van ten hoogste 18 EUR per 1 000 sigaretten vaststellen,
die alleen van toepassing is wanneer de AIEM-belasting die voortvloeit uit de
toepassing van algemene soorten belastingen, onder dat bedrag ligt. Artikel 2 De Spaanse autoriteiten leggen de Commissie
uiterlijk 30 september 2017 een verslag voor over de toepassing van de in
artikel 1 bedoelde regeling ter verificatie van de impact van de genomen
maatregelen en de bijdrage ervan aan de bevordering of het behoud van lokale
economische activiteiten, rekening houdende met de belemmeringen waarmee de
ultraperifere gebieden te kampen hebben. Op basis hiervan legt de Commissie de Raad een
verslag met een volledige economische en sociale analyse voor en, in voorkomend
geval, een voorstel ter aanpassing van de bepalingen van dit besluit. Artikel 3 Dit besluit is van toepassing vanaf 1 juli 2014. Artikel 4 Dit besluit is gericht tot het Koninkrijk
Spanje. Gedaan te Brussel, Voor
de Raad De
voorzitter [1] PB L 179 van 9.7.2002, blz. 22-27. [2] PB C 54 van 4.3.2006, blz. 13. [3] PB C 237 van 13.8.2011, blz. 1. [4] PB L 345 van 29.12.2011, blz. 17. [5] PB C 209 van 23.7.2013, blz. 1. [6] PB L 353 van 28.12.2013, blz. 13-14. [7] PB C van […]. [8] PB L 179 van 9.7.2002, blz. 22. [9] PB L 345 van 29.12.2011, blz. 17. [10] PB L 353 van 28.12.2013, blz. 13-14. BIJLAGE A. Lijst van de in artikel 1, lid 2, onder
a), bedoelde producten volgens de indeling van de nomenclatuur van het
gemeenschappelijk douanetarief Landbouw-
en visserijproducten: 0207 11/0207
13 Mineralen: 2516 90 00 00/6801/6802 Bouwmaterialen: 3816/3824 40
00 00/3824 50/3824 90 45 00/3824 90 70 00/ 3824 90 97 99/ 6809 Chemische
industrie: 2804 30 00 00/2804
40 00 00/3105 20 90 00/3208/3209/3210/3212 90 00 00/3213/3214/3304 99 00 00/3925
90 80 00/ 3401/3402/3406/3814 00 90/3923 90 00 00/4012 11 00/4012 12 00/4012 13/4012
19 Metaalindustrie: 7604/7608 Voedingsindustrie: 0210 12 11 00/0210 12 19 00/0210 19 40 00/0210 19 81/0305 41 00/0305 43
00 90/ 0901 22
00 00/1101/1102/1601/1602/1704 90 30 00/1704 90 51 00/1704 90 55 00/ 1704 90
75 00/1704 90 71 00/1806/1901 20 00 00/1901 90 91 00/1901 90 99/ 1904 10
10/1905/2005 20 20/2006 00 31 00/2008 11 96 00/2008 11 98 00/2008 19 92/ 2008 19
93/2008 19 95/2008 19 99/2309 Dranken: 2009 11/2009 12 00/2009 19/2009 41/2009 49/2009
50/2009 61/2009 71/2009 79/2009 89/ 2009 90/2201/2202/2204 Textiel en leder: 6112 31/6112 41 Papier: 4818 90 90 00/4823 90 85 90 Artikelen van de grafische industrie en van
de uitgeverij: 4910 B. Lijst van de in artikel 1, lid 2, onder
b), bedoelde producten volgens de indeling van de nomenclatuur van het
gemeenschappelijk douanetarief Landbouw- en visserijproducten: 0203 11/0203 12/0203 19/0701 90/0703 Bouwmaterialen: 2523 29 00 00/ Voedingsindustrie: 0210 11 11 00/0210 11 31 00/1905/2105 Papier: 4808/4819/4823 90 40 00 C. Lijst van de in artikel 1, lid 2, onder
c), bedoelde producten volgens de indeling van de nomenclatuur van het
gemeenschappelijk douanetarief Landbouw- en visserijproducten: 0407 21 00 00/0407 29 10 00/0407 90 10 00 Bouwmaterialen: 2523 90/7010 Chemische industrie: 3809 91 00/3917 21/3917 23/3917 32 00/ 3917 33
00/3917 39 00/3917 40 00/3923 10 00/39 23 21 00/3923 30 10/3924 10 00 Metaalindustrie: 7309 00/7610 10 00 00/9403 20 80 90 Voedingsindustrie: 0403/0901 21/1902/2103 20 00 00/2103 30/2103 90
90/2106 90 98/ Dranken: 2203/2208 40 Textiel en leder: 6302 Papier: 4818 10/4818 20/4818 30/4821 Artikelen van de grafische industrie en van
de uitgeverij: 4909/4911 D. Lijst van de in artikel 1, lid 2, onder
d), bedoelde producten volgens de indeling van de nomenclatuur van het
gemeenschappelijk douanetarief Tabak: 2402