Gezamenlijk voorstel voor een VERORDENING VAN DE RAAD tot wijziging van Verordening (EG) nr. 174/2005 van de Raad tot instelling van beperkingen op het leveren van bijstand in verband met militaire activiteiten aan Ivoorkust /* */
TOELICHTING (1)
Op grond van Gemeenschappelijk Standpunt 2004/852/GBVB
is bij Verordening (EG) nr. 174/2005 van de Raad een verbod
ingesteld op de uitvoer naar Ivoorkust van uitrusting voor binnenlandse repressie.
Gemeenschappelijk Standpunt 2004/852/GBVB is sindsdien vervangen door
Besluit 2010/656/GBVB van de Raad. Met Verordening (EG) nr. 174/2005,
zoals gewijzigd, wordt op het niveau van de Unie nu uitvoering gegeven aan
Besluit 2010/656/GBVB door beperkingen in te stellen op het leveren van
bijstand aan Ivoorkust in verband met militaire activiteiten. (2)
Het is aangewezen om te voorzien in een aanvullende
afwijking van het verbod op de verkoop, levering, overdracht en uitvoer van
uitrusting die voor binnenlandse repressie kan worden gebruikt, voor de levering
van uitrusting voor civiele toepassingen in de mijnbouw of
infrastructuurprojecten, naar aanleiding van de vaststelling van Besluit 2014/.../GBVB
van de Raad. (3)
De hoge vertegenwoordiger van de Unie voor
buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid en de Commissie stellen voor deze
maatregelen ten uitvoer te leggen door middel van een verordening tot wijziging
van Verordening (EG) nr. 174/2005 op basis van artikel 215
van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU). 2014/0351 (NLE) Gezamenlijk voorstel voor een VERORDENING VAN DE RAAD tot wijziging van Verordening (EG) nr. 174/2005
van de Raad tot instelling van beperkingen op het leveren van bijstand in
verband met militaire activiteiten aan Ivoorkust DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE, Gezien het Verdrag betreffende de werking van
de Europese Unie, en met name artikel 215, lid 1, Gezien Besluit 2010/656/GBVB van de Raad
van 29 oktober 2010 tot verlenging van de beperkende maatregelen tegen
Ivoorkust[1], Gezien het gezamenlijke voorstel van de hoge vertegenwoordiger
van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid en van de Europese
Commissie, Overwegende hetgeen volgt: (1) Met Besluit 2010/656/GBVB
werd Gemeenschappelijk Standpunt 2004/852/GBVB van de Raad[2] vervangen en werden de
beperkende maatregelen tegen Ivoorkust verlengd teneinde uitvoering te geven
aan Resolutie 1572 (2004) van de Veiligheidsraad van de Verenigde
Naties en de resoluties die daarop het vervolg vormen. Met
Verordening (EG) nr. 174/2005 van de Raad[3], die is vastgesteld om
uitvoering te geven aan Gemeenschappelijk Standpunt 2004/852/GBVB,
wordt nu op het niveau van de Unie uitvoering gegeven aan Besluit 2010/656/GBVB
door beperkingen in te stellen op het leveren van bijstand in verband met
militaire activiteiten aan Ivoorkust. (2) Het is aangewezen om te
voorzien in een aanvullende afwijking van het verbod op de verkoop, levering,
overdracht en uitvoer van uitrusting die voor binnenlandse repressie kan worden
gebruikt, zodat in voorkomend geval een vergunning kan worden verleend voor
bepaalde uitrusting voor civiele toepassingen in de mijnbouw of
infrastructuurprojecten, naar aanleiding van de vaststelling van Besluit 2014/.../GBVB
van de Raad. (3) Deze maatregel valt onder het
toepassingsgebied van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie
en derhalve is EU-regelgeving noodzakelijk voor de tenuitvoerlegging, om te
garanderen dat de maatregel in alle lidstaten uniform door de marktdeelnemers
wordt toegepast. (4) Verordening (EG) nr. 174/2005
moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd, HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING
VASTGESTELD: Artikel
1 Verordening (EG) nr. 174/2005 wordt als volgt
gewijzigd: 1) Artikel 1 wordt geschrapt. 2) Artikel 4 bis wordt vervangen
door: "Artikel
4 bis 1. In afwijking van artikel 3 kan de in
bijlage II vermelde bevoegde autoriteit van de lidstaat waar de exporteur
is gevestigd, of in het geval dat de exporteur niet binnen de Unie is
gevestigd, de lidstaat van waaruit de uitrusting wordt verkocht, geleverd,
overgebracht of uitgevoerd, op door haar passend geachte voorwaarden
toestemming geven voor de verkoop, levering, overdracht of uitvoer van
niet-dodelijke uitrusting als bedoeld in bijlage I, na te hebben
vastgesteld dat de niet-dodelijke uitrusting uitsluitend bestemd is om de veiligheidstroepen
van Ivoorkust in staat te stellen slechts passend en proportioneel geweld te
gebruiken voor de handhaving van de openbare orde. 2. In afwijking van artikel 3 kan de in
bijlage II vermelde bevoegde autoriteit van de lidstaat waar de exporteur
is gevestigd, of in het geval dat de exporteur niet binnen de Unie is
gevestigd, de lidstaat van waaruit de uitrusting wordt verkocht, geleverd,
overgebracht of uitgevoerd, op door haar passend geachte voorwaarden
toestemming geven voor de verkoop, levering, overdracht of uitvoer van de in
bijlage I bedoelde uitrusting die voor binnenlandse repressie zou kunnen
worden gebruikt, indien deze uitrusting uitsluitend bestemd is ter
ondersteuning van de hervorming van de veiligheidssector in Ivoorkust en voor
ondersteuning of gebruik door de Operatie van de Verenigde Naties in Ivoorkust
(UNOCI) en de Franse troepen die deze ondersteunen. 3. De in dit artikel bedoelde toestemming is
in overeenstemming met de uitvoeringsbepalingen van artikel 11 van
Verordening (EG) nr. 428/2009. De toestemming is in de gehele
Unie geldig." 3) Het volgende artikel 4 ter wordt
ingevoegd: "Artikel
4 ter 1. In afwijking van artikel 3 kan de in
bijlage II vermelde bevoegde autoriteit van de lidstaat waar de exporteur
is gevestigd, of in het geval dat de exporteur niet binnen de Unie is
gevestigd, de lidstaat van waaruit de uitrusting wordt verkocht, geleverd,
overgebracht of uitgevoerd, op door haar passend geachte voorwaarden
toestemming geven voor de verkoop, levering, overdracht of uitvoer van de in
punt 4 van bijlage I bedoelde uitrusting, indien deze uitrusting
alleen wordt gebruikt voor civiele toepassingen in de mijnbouw of
infrastructuurprojecten. 2. De in dit artikel bedoelde toestemming is
in overeenstemming met de uitvoeringsbepalingen van artikel 11 van
Verordening (EG) nr. 428/2009. De toestemming is in de gehele
Unie geldig. 3. Exporteurs verstrekken de bevoegde
autoriteiten alle relevante informatie voor de beoordeling van hun
vergunningsaanvraag. 4. De bevoegde autoriteiten verlenen geen toestemming
voor de verkoop, levering, overdracht of uitvoer van de in punt 4 van bijlage I
bedoelde uitrusting, tenzij de bevoegde autoriteit heeft vastgesteld dat de
uitrusting alleen bestemd is voor civiele toepassingen in de mijnbouw of infrastructuurprojecten. 5. De betrokken lidstaat stelt de andere
lidstaten en de Commissie ten minste twee weken vooraf in kennis van zijn
voornemen om toestemming te geven, als bedoel in lid 1 van dit artikel." 4) De titel van bijlage I wordt vervangen door: "Lijst van de uitrusting die voor interne
repressie zou kunnen worden gebruikt, als bedoeld in de artikelen 3, 4 bis
en 4 ter". 5) De titel van bijlage II wordt vervangen
door: "Lijst van bevoegde autoriteiten, bedoeld
in de artikelen 4 bis en 4 ter". Artikel
2 Deze verordening treedt in werking op de dag
na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie. Deze verordening is verbindend in al haar
onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat. Gedaan te Brussel, Voor
de Raad De
voorzitter [1] PB L 285 van 30.10.2010, blz. 28. [2] Gemeenschappelijk Standpunt 2004/852/GBVB
van de Raad van 13 december 2004 betreffende beperkende maatregelen tegen
Ivoorkust (PB L 368 van 15.12.2004, blz. 50). [3] Verordening (EG) nr. 174/2005 van de Raad
van 31 januari 2005 tot instelling van beperkingen op het leveren van bijstand
in verband met militaire activiteiten aan Ivoorkust (PB L 29 van 2.2.2005, blz.
5).