|
14.6.2013 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 168/5 |
Conclusies van de Raad over de bijdrage van kwalitatief goed jongerenwerk tot de ontwikkeling, het welzijn en de sociale insluiting van jongeren
2013/C 168/03
DE RAAD EN DE VERTEGENWOORDIGERS VAN DE REGERINGEN VAN DE LIDSTATEN, IN HET KADER VAN DE RAAD BIJEEN
VERWIJZEND NAAR DE POLITIEKE VOORGESCHIEDENIS VAN DIT DOSSIER, MET NAME:
|
1. |
Europese samenwerking in jeugdzaken (1), waarin welzijn en sociale insluiting worden aangemerkt als twee van zijn acht actiegebieden, en de ondersteuning en ontwikkeling van jongerenwerk benadrukt wordt als sectoroverstijgende manier om de algemene doelstellingen van het kader te realiseren, en waarin wordt aanbevolen meer het accent te leggen op sociale insluiting, gezondheid en welzijn van jongeren. |
|
2. |
De door de Europese Raad onderschreven mededeling van de Commissie „Europa 2020”, waarin de cruciale rol van jongerenwerk erkend wordt als verstrekker van niet-formele leerkansen voor alle jongeren. |
|
3. |
De aanbeveling van de Raad van 20 december 2012 betreffende de validatie van niet-formeel en informeel leren (2). |
|
4. |
De gezamenlijke conclusies van de Jeugdconferentie van de EU, georganiseerd door het Ierse voorzitterschap, 11-13 maart 2013 (3). |
VOORTBOUWEND OP:
|
5. |
De resolutie van de Raad en de vertegenwoordigers van de regeringen der lidstaten, in het kader van de Raad bijeen, van 19 november 2010 over jongerenwerk, waarin gepleit wordt voor meer begrip van en een grotere rol voor jongerenwerk, in het bijzonder met betrekking tot het propageren, steunen en ontwikkelen van jongerenwerk op diverse niveaus. |
ONDERSCHRIJVEN HET VOLGENDE:
|
6. |
Jongeren dragen actief bij tot de sociale infrastructuur en de levendigheid van de gemeenschappen, zowel geografische gemeenschappen als groepen met gemeenschappelijke belangen. Jongeren vormen een diverse, dynamische populatie met onderling verschillende realiteiten, behoeften, vragen en aspiraties. Demografie, levensloop, diversiteit, overgangen en kansen zijn thema's die rechtstreeks van invloed zijn op en soms bepalend zijn voor jongeren. Daarom moet jongerenbeleid op dergelijke thema's reflecteren en reageren, en voor alle jongeren mogelijkheden creëren en hun competenties vergroten, en hun gelijke kansen bieden. |
|
7. |
Jongerenwerk is een ruime term, waaronder een breed scala van activiteiten van sociale, culturele, educatieve of politieke aard valt, zowel van, voor als met jongeren. Dergelijke activiteiten omvatten ook steeds vaker sport en diensten voor jongeren. Het heeft betrekking op buitenschoolse vorming en specifieke vrijetijdsactiviteiten die worden georganiseerd door professionele of vrijwillige jongerenwerkers en jeugdleiders. Jongerenwerk wordt op diverse manieren georganiseerd (door jongeren geleide organisaties, jongerenorganisaties, informele groepen of via jeugddiensten en overheden). Jongerenwerk wordt in diverse vormen en omgevingen aangeboden (bijvoorbeeld open, groepsgericht, op basis van een programma, outreachend en ambulant) en wordt op lokaal, regionaal, nationaal en Europees niveau vorm gegeven. |
|
8. |
Jongerenwerk is gericht op de persoonlijke en sociale ontwikkeling van jongeren en heeft een grote reikwijdte waarbij jongeren op grond van hun behoeften en belangstelling worden aangesproken en geactiveerd, en rekening wordt gehouden met hun omgeving. Dank zij dit bereik en deze reikwijdte is het een aanvulling op andere beleidsinitiatieven voor jongeren en daarom kan jongerenwerk jongeren locaties aanbieden waar zij contacten kunnen leggen, zich kunnen verenigen en vooruitgang kunnen maken. |
|
9. |
Sociale insluiting vereist een overkoepelende, sectoroverstijgende aanpak om de vele gezichten van marginalisatie en uitsluiting in de samenleving aan te pakken. |
|
10. |
Jongerenwerk speelt een belangrijke rol bij het voorkomen van sociale uitsluiting en het versterken van sociale insluiting. Jongerenwerk biedt alle jongeren ruimte en kansen om zich te ontwikkelen en is gebaseerd op „niet-formele en informele leerprocessen (4) en op vrijwillige deelname” (5). |
|
11. |
Doeltreffend jongerenwerk en doeltreffende jeugdinitiatieven moeten jongeren meer kansen bieden en hen aanmoedigen actief aan de samenleving deel te nemen. Jongerenwerk geeft hun vaardigheden, competenties en ervaringen voor hun hele leven, waarbij de beschermende factoren worden geoptimaliseerd waardoor de ontwikkeling, het welzijn, de autonomie en de sociale insluiting van jongeren worden gestimuleerd, ook van kansarme jongeren. |
|
12. |
Kwalitatief goed jongerenwerk houdt in dat constant gestreefd wordt naar het waarborgen en verbeteren van een optimaal jongerenwerkaanbod en een optimale jongerenwerkpraktijk voor jongeren. Het gaat om jongerenorganisaties, jongerendiensten en jongerenwerkers die met de daarvoor in aanmerking komende belanghebbenden samenwerken aan activiteiten en programma's die van belang zijn voor en aansluiten op de interesses, behoeften en ervaringen van jongeren, en die op feiten gebaseerd en resultaatgericht zijn. Kwalitatief goed jongerenwerk moet ertoe leiden dat jongeren maximaal profijt hebben van hun deelname aan jongerenwerk. |
ZIJN OVERTUIGD VAN HET VOLGENDE:
|
13. |
Sociale insluiting moet betrekking hebben op alle jongeren en de problemen waarmee ze geconfronteerd worden, met speciale aandacht voor kansarme jongeren. Het potentieel van jongerenwerk om bij te dragen aan beleidsdoelen zoals sociale insluiting kan worden geoptimaliseerd door een op kwaliteit gerichte en op de praktijk gebaseerde aanpak die jongeren op de voorgrond plaatst bij het ontwerpen en verstrekken van het aanbod van jongerenwerk. Deze aanpak steunt de participatie, ontwikkeling en vooruitgang van jongeren op een wijze die hun sterke punten bevestigt, hun weerbaarheid en vaardigheden vergroot en hun potentieel om een individueel, maatschappelijk en sociaal kapitaal op te bouwen, erkent. Kwalitatief goed jongerenwerk is een universeel thema dat jongeren ten goede komt, de praktijk van het jongerenwerk verbetert en een bijdrage levert aan bredere beleidsdoelen.
|
ZIEN DE VOLGENDE PRIORITEITEN OM KWALITATIEF GOED JONGERENWERK VOOR DE ONTWIKKELING, HET WELZIJN EN DE SOCIALE INSLUITING VAN JONGEREN TE VERBETEREN:
|
14. |
Met de volgende prioriteiten moet ervoor worden gezorgd dat jongerenwerk relevant is en inspeelt op de belangen en behoeften van jongeren, en dat jongerenwerk optimaal bijdraagt aan hun ontwikkeling, welzijn en sociale insluiting:
|
VERZOEKEN DE LIDSTATEN EN DE COMMISSIE, BINNEN HET KADER VAN HUN RESPECTIEVE BEVOEGDHEDEN EN MET INACHTNEMING VAN HET SUBSIDIARITEITSBEGINSEL:
|
15. |
door middel van de open coördinatiemethode zowel in het beleid als in de praktijk de verbanden met jeugdgerelateerde gebieden als gezondheid, onderwijs en opleiding en werkgelegenheid, cultuur en sport, te versterken. |
|
16. |
in structuur en praktijk met betrekking tot jongerenwerk de nadruk te leggen op kwaliteit en aansturen op resultaten van jongerenwerk die bijdragen tot de ontwikkeling, het welzijn en de sociale insluiting van jongeren; |
|
17. |
Steun te geven aan een betere samenwerking tussen alle betrokken partijen (in het bijzonder onderzoekers, beleidsmakers, maatschappelijke organisaties, mensen uit de praktijk en jongeren) om de impact van kwalitatief goed jongerenwerk vast te stellen, voor de jongeren zelf, de jongerensector en aanverwante beleidsterreinen, bijvoorbeeld middels de ontwikkeling van bewijs van het effect van kwalitatief goed jongerenwerk en het mogelijk maken en verbeteren van de erkenning en validering van niet-formeel en informeel leren op nationaal en op EU-niveau. |
|
18. |
Jongeren door middel van initiatieven op het gebied van onderwijs, maatschappelijk middenveld en kwalitatief goed jongerenwerk aan te moedigen en te steunen zodat zij deelnemen aan het democratische leven en gebruik maken van bestaande en nieuwe instrumenten om bij te dragen aan beleidsontwikkeling, zulks ten gunste van hun ontwikkeling, welzijn en sociale insluiting. |
|
19. |
ontwikkeling van ervaringsleren en vaardigheden te stimuleren, met inbegrip van overdraagbare vaardigheden voor jongeren, via kansen en programma's voor kwalitatief jongerenwerk, en de erkenning en validering van die vaardigheden en competenties; |
|
20. |
De jeugdsector ondersteuning te geven voor het ontwikkelen van zijn structuren, werkmethodes en communicatiekanalen zodat er meer jongeren worden bereikt, en dan vooral jongeren die sociaal buitengesloten zouden kunnen raken. |
|
21. |
leidinggevende vrijwilligers bij jeugdzaken te stimuleren en te ondersteunen om diversiteit en sociale insluiting te bevorderen en sociaal kapitaal op te bouwen; |
|
22. |
de bijdrage van kwalitatief goed jongerenwerk te vergroten door financieringsmogelijkheden ter ondersteuning van doeltreffend jongerenwerk te optimaliseren; |
|
23. |
via de relevante programma's, platforms en kanalen de Europese en internationale uitwisseling van goede praktijken, opleiding, competentieverwerving en intercollegiaal leren met betrekking tot op kwaliteit gebaseerd jongerenwerk, te bevorderen. |
|
24. |
een themagroep met deskundigen samen te stellen die de kwaliteitsregelingen voor jongerenwerk in de EU-lidstaten onderzoekt om na te gaan hoe er gemeenschappelijke indicatoren en kaders kunnen worden ontworpen. De komende studie van de Europese Commissie zal een inbreng zijn voor het werk van deze groep. Dit moet uitmonden in een verslag met aanbevelingen voor de Groep jeugdzaken. Een ontwerp van het voorgestelde mandaat en het lidmaatschap van de themagroep van deskundigen staat in bijlage dezes. |
VERZOEKEN DE COMMISSIE:
|
25. |
de bevindingen van haar verwachte studie over de waarde van jongerenwerk trachten te gebruiken om na te gaan welke initiatieven er nodig zijn om te zorgen voor kwalitatief en doeltreffend jongerenwerk; |
|
26. |
rekening te houden met andere onderzoeken en initiatieven op dit gebied; de bevindingen te verspreiden en leerstof te ontwikkelen voor de entiteiten beleid, onderzoek, praktijk en jeugd en voor aanverwante beleidsterreinen. |
|
27. |
Na te denken over een goed vervolg op de komende studie over de waarde van jongerenwerk en het resultaat van het werk van de themagroep met deskundigen over kwalitatief jongerenwerk. |
(1) Resolutie van de Raad van 27 november 2009 over een nieuw kader voor Europese samenwerking in jeugdzaken (2010-2018) (PB C 311, 19.12.2009, blz. 1) en het gezamenlijk verslag 2012 van de Raad en de Commissie betreffende de uitvoering van het nieuwe kader voor Europese samenwerking in jeugdzaken (EU-strategie voor jongeren 2010-2018) (PB C 394, 20.12.2012, blz. 5).
(2) PB C 398 van 22.12.2012, blz. 1.
(3) 7808/13.
(4) Niet-formeel en informeel leren volgens de definitie in de aanbeveling van de Raad van 20 december 2012 betreffende de validatie van niet-formeel en informeel leren (PB C 398, 22.12.2012).
(5) Resolutie van de Raad en de vertegenwoordigers van de regeringen der lidstaten, in het kader van de Raad bijeen op 19 november 2010, over jongerenwerk, blz. 3.
BIJLAGE
Ontwerpmandaat en voorgestelde criteria voor het lidmaatschap van de themagroep van deskundigen die opgericht moet worden door de lidstaten van de Unie en de Commissie
Doel
Kwaliteitsregelingen voor jongerenwerk in de EU-lidstaten onderzoeken om na te gaan hoe er gemeenschappelijke indicatoren en kaders kunnen worden ontworpen. Daartoe behoort een illustratie van de praktijk, het proces en het product van jongerenwerk en de impact van jongerenwerk op de inzet, ontwikkeling en vooruitgang van jongeren.
Lidmaatschap
|
— |
De deelneming van de lidstaten aan deze themagroep van deskundigen is vrijwillig. De lidstaten kunnen zich te allen tijde aansluiten. |
|
— |
De lidstaten benoemen, via de Commissie, personen met ervaring en expertise op het themagebied. De leden van de groep zorgen ervoor dat de nationale autoriteiten en andere belanghebbenden op de hoogte blijven van de vorderingen van de groep deskundigen. |
|
— |
De themagroep van deskundigen kan nieuwe leden uitnodigen, indien dat nodig is. |
|
— |
De themagroep kan ook vertegenwoordigers van stakeholders van het jeugdbeleid en vertegenwoordigers van niet-EU-landen van Jeugd in Actie of daarop volgende programma's uitnodigen, als de groep dat zinvol acht. |
Werkmethode
|
— |
Het werk van de themagroep van deskundigen is taakgericht en aan een tijdslimiet gebonden (maximaal 18 maanden). De groep stelt een gedetailleerd mandaat en een beknopt werkprogramma op met meetbare en haalbare resultaten. |
|
— |
Tijdens de eerste vergadering benoemt de groep een voorzitter en een medevoorzitter. |
|
— |
Alle vergaderingen vinden in Brussel plaats; indien gewenst, kunnen de lidstaten een enkele maal een vergadering in hun land houden. |
|
— |
De Commissie levert expertise en logistieke en secretariaatsondersteuning voor de oprichting en werking van de deskundigengroep. |
|
— |
De groep brengt de Groep jeugdzaken regelmatig op de hoogte van de vorderingen in het beraad. |
|
— |
De deskundigengroep legt een eindverslag met aanbevelingen voor om de Groep jeugdzaken te informeren over de ontwikkeling van beleid en maatregelen inzake jongerenwerk. |