Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD tot verlening van anticiperende financiële bijstand van de EU op middellange termijn aan Roemenië /* COM/2013/0708 final - 2013/0338 (NLE) */
TOELICHTING 1. Inleiding Na een gezamenlijk programma van de EU en het
IMF voor de verlening van financiële bijstand op middellange termijn aan
Roemenië, dat liep van voorjaar 2009 tot voorjaar 2011 en waarbij 5 miljard EUR
door de EU werd verstrekt en 12,9 miljard EUR door het IMF, hechtten de Raad en
de Europese Unie op 12 mei 2011 hun goedkeuring aan een besluit over een
vervolgprogramma voor de verlening van anticiperende bijstand waarmee de EU tot
1,4 miljard EUR vrijmaakt voor financiële bijstand op middellange termijn voor
Roemenië[1].
In het tweede programma, dat eveneens een gezamenlijk programma van de EU en
het IMF was, werden noch door de EU noch door het IMF middelen verstrekt
aangezien het een anticiperend programma betrof Op 4 juli 2013 verzocht de Roemeense overheid
in het licht van de nog steeds bestaande risico's voor haar betalingsbalans, om
een derde programma voor financiële bijstand op middellange termijn van de EU,
opnieuw samen met een stand-by-overeenkomst van het IMF. De bijstand van de EU
en IMF zal wellicht als preventief worden beschouwd, zonder daadwerkelijke
uitkeringen. Op 9 juli heeft het EFC gunstig geantwoord op dit verzoek en de
Commissie opdracht gegeven om over een nieuw gezamenlijk anticiperend programma
van de EU en het IMF te onderhandelen. Van 17 tot 31 juli 2013 hebben de diensten van
de Commissie samen met medewerkers van het IMF een onderhandelingsmissie
ondernomen naar Boekarest. Op technisch niveau werd overeenstemming bereikt
over de bepalingen en de inhoud van een nieuw programma. In het kader van een
nieuw programma zou nog steeds steun worden verleend aan het economische
programma van de overheid, dat onder meer gericht is op de consolidering van
macro-economische, budgettaire en financiële stabiliteit, de vergroting van de
veerkracht en groeipotentieel van de economie, de versterking van de
administratieve capaciteit, de hervorming van de belastingsdiensten en de
verbetering van het beheer en de controle van de overheidsfinanciën. Een nieuw
programma zou een looptijd hebben van 24 maanden en zou bestaan uit
anticiperende steun van de Europese Unie ter waarde van 2 miljard EUR, en van
het IMF ter waarde van 1,75 miljard SDR (ongeveer 2 miljard EUR), ondersteund
door een stand-by-overeenkomst. Daarnaast verstrekt de Wereldbank nog steeds de
eerder toegezegde steun ten belope van 891 miljoen EUR, waarvan 514 miljoen EUR
nog moet worden uitgekeerd. 2. Macro-economische ontwikkelingen en
vooruitzichten Sinds 2011 kent Roemenië een positieve
economische groei. Uit recente ontwikkelingen kan worden afgeleid dat de groei
in 2013 ongeveer 2 % zou bedragen, wat iets beter is dan de 1,6 % uit de
voorjaarsprognose van de Commissie De uitstekende exportprestaties
(voornamelijk van de automobielindustrie en dienstensector) en een goede oogst
zijn de voornaamste groeistimulansen. Deze positieve tendensen verbergen echter
een zwakke binnenlandse vraag, met een gelijkblijvend verbruik en krimpende
investeringen in de eerste helft van 2013. Verwacht wordt dat de groei geleidelijk zal
aantrekken naarmate de structurele hervormingen hun vruchten afwerpen, de
absorptie van de EU-fondsen verbetert en de export sterk blijft doordat de
Europese economie zich herstelt. Met een gemiddelde oogst wordt de groei op
iets meer dan 2 % geraamd voor 2014. Verwacht wordt dat de binnenlandse vraag
de belangrijkste groeimotor zal zijn, onder impuls van de investeringen en de
particuliere consumptie en dat de netto-export een kleine negatieve bijdrage
zal leveren, terwijl de import in 2014 zal heropleven als gevolg van de
toenemende binnenlandse vraag. De HICP-inflatie in Roemenië bleef in 2009-2011
met ongeveer 6 % hoog, maar daalde in 2012 naar gemiddeld 3,4 %. Eind 2012 en
de eerste helft van 2013 nam de opwaartse druk op de prijzen echter opnieuw toe.
Verwacht wordt dat de inflatie in de tweede helft van 2013 zal afnemen dankzij
een scherpe daling van de voedselprijzen en een omslag van de basiseffecten, om
eind 2013 onder 3,5 % uit te komen en zo in de buurt te komen van de
doelstelling van de centrale bank (2,5 % ±1pp). In 2014 wordt een verdere
vertraging verwacht. 3.
Overheidsfinanciën Roemenië heeft de afgelopen jaren zijn
overheidsfinanciën met succes geconsolideerd, en zijn begrotingstekort
teruggedrongen van 9 % van het bbp in 2009 tot iets minder dan 3 % in 2012.
Hierdoor kon de Raad op 21 juni 2013 de buitensporigtekortprocedure voor
Roemenië intrekken. Een nieuw programma zou ondersteuning bieden aan de
budgettaire consolidatie-inspanningen die gericht zijn op het bereiken van de
middellangetermijndoelstelling van Roemenië om tegen 2015 tot een structureel
begrotingstekort van 1 % van het bbp te komen. De overheid blijft vasthouden
aan de doelstelling van het vorige programma om voor 2013 een tekort van 2,4 %
in ESR-termen te bewerkstelligen. In 2014 in overeenstemming met de vereisten
van het stabiliteits- en groeipact is een verdere consolidatie gepland. Volgens
de huidige aanwijzingen zou Roemenië streven naar een tekort van 2 % in
ESR-termen, conform de actualisering van 2013 van zijn convergentieprogramma. Tijdens de onderhandelingsmissie van juli werd
overeenstemming bereikt over begrotingswijzigingen halverwege het jaar, met een
aantal verschuivingen in inkomsten en uitgaven en met een gelijkblijvende
algemene tekortdoelstelling in 2013 van 2,3 % op kasbasis en 2,4 % in
ESA-termen. In de herziene begroting wordt uitgegaan van lagere inkomsten en
geringere binnenlandse kapitaalinvesteringen, minder voorzieningen voor
correcties in verband met EU-fondsen en een verlaging van de overdrachten aan
andere overheidsdiensten. Voor de begroting 2014 zoekt de overheid naar
manieren om de inkomsten te vergroten, met name door de verbreding van de
grondslagen. Een grote uitdaging aan de uitgavenkant is de geleidelijke
invoering van de wet inzake de gelijkschakeling van salarissen, zoals
overeengekomen in het kader van het eerste programma. Nu het grootste deel van de vereiste
begrotingsconsolidering is uitgevoerd, ligt de nadruk van een nieuw programma
op betere budgettaire governance. Het is de bedoeling het begrotingskader te
verbeteren zodat het voldoet aan de vereisten van het begrotingspact. Tevens
zal een aantal andere verbeteringen worden aangebracht aan de inhoud van de
begrotingsstrategie en de transparantie van de begrotingsprocedure. Voorts zullen
verbeteringen nodig zijn aan de jaarlijkse en halfjaarlijkse
investeringsbegroting, moet het systeem voor het uitoefenen van controle op
nieuwe verplichtingen worden afgewerkt (om nieuwe achterstallen te voorkomen)
en moeten de belastingdiensten worden verbeterd om de belastinginning
efficiënter te maken. 4. Ontwikkelingen van de financiële markten
en de bankensector De omstandigheden op de financiële markten
zijn er sinds de zomer van 2012 aanzienlijk op vooruitgegaan omdat de stemming
op de wereldmarkten verbeterde en de binnenlandse politieke situatie tegen het
jaareinde stabieler werd. Die evolueerde grotendeels parallel aan de andere
landen van de regio, en bleef ook in de eerste helft van 2013 vrij gunstig. De
CDS-overheidsspreads over 5 jaar voor Roemenië zijn van bijna 500 basispunten
in mei 2012 gedaald tot onder 200 basispunten begin januari 2013, en blijven
sinds eind juni 2013 lichtjes boven 200 basispunten hangen. Na aanzienlijke
verliezen in mei 2012 herstelde de BET-aandelenmarktindex zich tot eind 2012; sindsdien
schommelde hij maar begin september 2013 was hij met ongeveer 10 % toegenomen. Ondanks de stijgende tendens bij de
probleemactiva (de dubieuze leningen vertegenwoordigden in juni 2013 20,3 %)
blijft de kapitalisatie van de bankensector op een geruststellend niveau (de
solvabiliteitsratio bedroeg in juni 14,7 %). De risico's van dubieuze leningen
werden gecompenseerd door een voorzichtig beleid inzake voorzieningen voor
verliezen op leningen, hoewel de voorzieningen de winstgevendheid onder druk
bleven zetten (het rendement op het eigen vermogen bedroeg in de eerste helft
van 2013 6 %, na drie jaar van verliezen). De centrale bank houdt nauwlettend
toezicht op banken met moederinstelingen in de periferie van het eurogebied,
die voldoende kapitaalbuffers hebben weten te handhaven. De overloopeffecten
van de crisis in Cyprus werden gecompenseerd door het akkoord om de lokale
depositogrondslag van de Roemeense tak van de Bank van Cyprus over te hevelen
naar Marfin Bank, een dochteronderneming van de Laikigroep, het
schuldafbouwproces van de buitenlandse banken en de verlaging van de
financiering van moederbanken (-14,6 % sinds december 2012), weliswaar in
overeenstemming met de regionale ontwikkelingen en grotendeels op ordelijke
wijze doorgevoerd, maar moeten door de toezichthouder nog steeds nauwlettend
worden gevolgd. 5.
Betalingsbalans en externe financieringsbehoefte Verwacht wordt dat Roemenië in de beschouwde
programmaperiode (24 maanden) volledige toegang behoudt tot de markten voor
overheidsschulden behoudens ongunstigde externe ontwikkelingen. De CDS-spreads
bevinden zich op het laagste niveau sinds 2010. Verwacht wordt dat het tekort
op de lopende rekening zal dalen van ongeveer 4 % van het bbp in 2012 naar
ongeveer 2 % in 2013, voornamelijk dankzij een afname van het handelstekort. Volgens het basisscenario zouden de komende
twee jaar geen overheids- of externe financieringstekorten mogen opduiken. Toch
blijft Roemenië kwetsbaar voor wisselkoersvolatiliteit en voor volatiele internationale
kapitaalbewegingen. In een ongunstig scenario zou de financiering van de
lopende rekening moeilijk kunnen worden en zou de toegang tot de markten voor
overheidspapier worden gehinderd. In dat geval zouden de kasreserve van de
schatkist (ongeveer 6 maanden financieringsbehoeften) en in mindere mate de
reserves van de nationale bank van Roemenië een eerste buffer vormen. Mocht
Roemenië langdurige en acute financieringsproblemen ondervinden, dan kan het
anticiperende programma worden geactiveerd en kunnen de beschikbare middelen (2
miljard EUR van de EU, uitkeerbaar in twee tranches van 1 miljard EUR, en tot 2
miljard van de stand-by-overeenkomst met het IMF) de overheids- en
begrotingsvastleggingen dekken. Een nieuw programma zal de financiële markten
ook duidelijk maken dat Roemenië vastbesloten is een ambitieuze agenda voor
economische hervormingen uit te voeren. 6. EU-betalingsbalanssteun past in het
kader van een internationaal optreden Aangezien er in Roemenië nog steeds risico's
op betalingsbalansproblemen bestaan, heeft de Commissie, na raadpleging van het
Economisch en Financieel Comité (EFC) op donderdag 3 oktober 2013, de Raad
aanbevolen te besluiten wederzijdse bijstand overeenkomstig artikel 143
van het Verdrag (VWEU) te blijven verlenen, mits de Roemeense autoriteiten zich
vastleggen op de uitvoering van een omvangrijk programma van budgettaire,
financiële en structurele aanpassingen. De Roemeense regering moet haar
economisch programma uitvoeren om de resterende kwetsbaarheden weg te werken en
de resterende bedreigingen voor een houdbare betalingsbalans te verhelpen, en
moet tevens de nodige capaciteit ontwikkelen om economisch beleid uit te
stippelen en uit te voeren zonder internationale steun. Voorts stelt de Commissie, na raadpleging van
het EFC, de Raad voor een besluit vast te stellen waarbij aan Roemenië
anticiperende financiële bijstand van de EU op middellange termijn ten belope
van maximaal 2 miljard EUR wordt toegekend ter ondersteuning van de
betalingsbalans van het land. Tot 30 september 2015
kan worden verzocht om de activering van de anticiperende financiële bijstand
en uitkeringen van de EU. 7. Grote lijnen van een nieuw programma In het nieuwe programma wordt nog steeds
financiële bijstand verleend aan het economische programma van de overheid, dat
onder meer gericht is op de consolidering van macro-economische, budgettaire en
financiële stabiliteit, de vergroting van de veerkracht en het groeipotentieel
van de economie, de versterking van de administratieve capaciteit, de hervorming
van de belastingdiensten en de verbetering van het beheer en de controle van de
overheidsfinanciën. De specifieke economische beleidsvoorwaarden worden
uiteengezet in een memorandum van overeenstemming dat de Commissie zal sluiten
met de Roemeense overheid. Daarin blijven de verwezenlijkingen van de twee
voorgaande programma's behouden en worden de voorwaarden van het tweede
programma waaraan nog niet is voldaan, overgenomen. A: Begrotingsconsolidatie Na de correctie van zijn buitensporige tekort
moet Roemenië volgens de vereisten van het stabiliteits- en groeipact zijn
structurele begrotingssaldo terugdringen totdat de
middellangetermijndoelstelling wordt bereikt om tegen 2015 te komen tot een
structureel overheidstekort van 1 % van het bbp, en dat daarna ook aan te
houden. Met het programma worden de inspanningen gehouden om de aanwas van
achterstallen te voorkomen, zowel bij de centrale als bij de lokale overheden.
De loonmassa in de overheidssector moet op een houdbaar niveau blijven, met een
beperking van zowel de loongroei als het aantal overheidsbanen. B: Budgettaire governance en structurele
begrotingshervormingen Om de begrotingsconsolidatie stevig te
verankeren voorziet het programma in een verdere versterking van het kader voor
budgettaire governance. De tenuitvoerlegging van het begrotingspact is op dat
vlak cruciaal, en een betere meerjarenbegrotingsplanning zal een duurzamer
begrotingsbeleid mogelijk maken. De regering zal kunnen rekenen op aanzienlijke
technische bijstand van het IMF en de Wereldbank op het gebied van openbaar
financieel beheer en toezicht. De tenuitvoerlegging van een systeem voor het
uitoefenen van controle op de vastleggingen, in verschillende stappen, zal
zorgen voor een vermindering en betere beheersing van de achterstallen. In de
gezondheidssector zullen de begrotingscontrolemechanismen worden versterkt via
een kader voor betere rapportering en toezicht, in het bijzonder voor
ziekenhuzen en uitgaven voor geneesmiddelen, om te voorkomen dat
betalingsachterstallen zich opnieuw ophopen. Er zal nog meer voorrang worden
gegeven aan overheidsinvesteringen, om zo het groeipotentieel van het land te
versterken. C: Beheer van de overheidsschuld De overheid zal de nodige stappen ondernemen
om het beheer van de overheidsschuld te verbeteren teneinde de
financieringskosten en -risico's te verlagen en de gemiddelde looptijd van de
overheidsschuld te verhogen. D: Toezicht- en regelgevingskader voor de
financiële sector In de financiële sector blijven de overheden
werken aan de verbetering van het kader voor de afwikkeling van banken en de
wetgeving betreffende het depositogarantiefonds door GO 39/1996 en GEO 99/2006
te wijzigen. Om de procedure voor het opschonen van de balansen te versnellen,
heeft de nationale bank van Roemenië de bepalingen verduidelijkt die van
toepassing zijn op de afboekingen van leningen bij de Roemeense
bankenvereniging en zal zij een omvattende analyse maken van de kwaliteit van
de activa in de banksector. Om de kapitaalmarkt verder te ontwikkelen en de financieringsbronnen
voor banken te diversifiëren, zal de overheid de wetgeving inzake gedekte
obligaties wijzigen. Het handhaven van de kredietdiscipline en het vermijden
van moreel risico bij debiteuren dragen in belangrijke mate bij tot het
bevorderen van de financiële stabiliteit. De regering zal zich daarom blijven
onthouden van wetgevingsinitiatieven (zoals de uitvaardiging van een wet op het
persoonlijk faillissement) en wijzigingen in de schuldinvorderingswetgeving
omdat dit de kredietdiscipline zou ondermijnen. De overheid zal nauw overleg
plegen met alle relevante belanghebbenden, daarbij rekening houdend met de
effectbeoordeling van de nationale bank van Roemenië, over de nieuwe bepalingen
over onrechtmatige clausules in de wet betreffende de toepassing van het
wetboek van burgerlijke rechtsvordering. Zij zal ook zorgen dat rechtszaken
over onrechtmatige clausules worden behandeld door hogere rechtbanken of door
één gespecialiseerde rechtbank, en zal alle andere maatregelen treffen die
nodig zijn om de consequente toepassing van deze bepalingen te waarborgen. Om
het toezicht op de niet-bancaire financiële markt te versterken en de
consumentenbescherming te ondersteunen, moet de overheid ervoor zorgen dat de
wetgeving inzake de geïntegreerde toezichthouder voor de niet-bancaire
financiële sector, de financiële toezichthoudende autoriteit, wordt gewijzigd
zodat zij overeenstemt met de internationale goede praktijken. E: Structurele hervormingen De structurele hervormingen moeten de
marktwerking verbeteren, de weerbaarheid tegen externe schokken vergroten en
het groeipotentieel op lange termijn van Roemenië versterken. De agenda voor
structurele hervorming van dit programma maakt deel uit van een bredere agenda
in het kader van het nationaal hervormingsprogramma van Roemenië en valt onder
de landenspecifieke aanbevelingen die in het kader van het Europees semester
zijn gedaan aan Roemenië. De herstructurering van de staatsbedrijven,
met inbegrip van de privatisering ervan, wordt opgevoerd om de risico's van
opgebouwde achterstallen en operationele verliezen voor de staatsbegroting te
beperken en de financiële levensvatbaarheid van de meeste operaties van deze
bedrijven te vergroten. De autoriteiten zullen maatregelen nemen ter
versterking van de corporate governance van staatsbedrijven, onder meer ook in
de financiële sector. In de energiesector zullen de nog niet
voltooide maatregelen van de vorige twee programma's worden uitgevoerd, samen
met de routekaarten voor de liberalisering van de gas- en elektriciteitsmarkt. De verbetering van het ondernemersklimaat en
betere toegang tot financiering voor kleine en middelgrote ondernemingen is nog
een belangrijke pijler van de agenda voor structurele hervorming van dit
programma. Het programma strekt ertoe de administratieve lasten voor kleine en
middelgrote ondernemingen te verlagen, hun toegang tot bank- en
aandelenkapitaal te vergemakkelijken, de rechtsonzekerheid te verminderen door
de registratie van grond en eigendommen te verbeteren, en kleine en middelgrote
ondernemingen die naar het buitenland trekken te ondersteunen. Daarnaast steunt
het programma de hervorming van het kader voor intellectuele eigendomsrechten,
in het bijzonder met betrekking tot octrooien, met het oog op het aantrekken
van buitenlandse directe investeringen in onderzoek en innovatie. Met betrekking tot de arbeidsmarkten steunt
het programma de voltooiing van de pensioenhervorming van 2010 door de
pensioenleeftijd voor vrouwen en mannen gelijk te trekken. Naast de reeds beschreven brede domeinen van
maatregelen om de efficiëntie van de overheid te vergroten op gebieden die
cruciaal zijn voor de tenuitvoerlegging van het programma, wordt de Roemeense
overheid uitgenodigd halfjaarlijks verslag uit te brengen aan het Economisch en
Financieel Comité/Comité voor economische politiek over de geboekte
vooruitgang. F: Monetair beleid Het monetair beleid zal gericht blijven op
prijsstabiliteit zodat de inflatie binnen de doelbrandbreedte van de nationale
bank van Roemenië blijft (2,5 %, ± 1 pp). 2013/0338 (NLE) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD tot verlening van anticiperende financiële
bijstand van de EU op middellange termijn aan Roemenië DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE, Gezien het Verdrag betreffende de werking van
de Europese Unie, Gezien Verordening (EG) nr. 332/2002 van de
Raad van 18 februari 2002 houdende instelling van een mechanisme voor
financiële ondersteuning op middellange termijn van de betalingsbalansen van de
lidstaten[2],
en met name artikel 3, lid 2, Gezien het voorstel van de Commissie, na
raadpleging van het Economisch en Financieel Comité (EFC), Overwegende hetgeen
volgt: (1) Bij Besluit 2013/xxx/EU[3] heeft de Raad besloten
wederzijdse bijstand aan Roemenië toe te kennen. (2) Onder de huidige
omstandigheden van onstabiele kapitaalstromen die met name de opkomende markten
aantasten, van risico's voor het macro-economische scenario en van resterende
kwetsbaarheden in de bankensector is het gerechtvaardigd Roemenië in het kader
van het betalingsbalansmechanisme voor de lidstaten anticiperende financiële
bijstand op middellange termijn te verlenen. Hoewel Roemenië onder de heersende
marktomstandigheden niet voornemens is om uitkering van een tranche van de
anticiperende bijstand te verzoeken, zal deze niettemin naar verwachting kunnen
helpen bij de consolidering van de macro-economische, budgettaire en financiële
stabiliteit en, via de voortzetting van de structurele hervormingen, bij de
vergroting van de veerkracht en het groeipotentieel van de Roemeense economie. (3) Indien de negatieve risico's
zich daadwerkelijk voordoen, zouden de beschikbare financieringsmiddelen niet
volstaan om Roemenië in staat te stellen zijn externe financieringsbehoefte
volledig te dekken. Deze risico's worden onder meer in verband gebracht met het
doorrollen van grote externe schulden en schulden van de financiële sector, een
hoge negatieve netto-investeringspositie en overloopeffecten van ongunstige
ontwikkelingen in de eurozone. Bij een dergelijk stressscenario kan het
noodzakelijk blijken de resterende financieringsbehoefte te dekken door de
anticiperende financiële bijstand van de EU aan te spreken. (4) Het is raadzaam anticiperende
EU-bijstand aan Roemenië ten belope van maximaal 2 miljard EUR te verlenen
in het kader van het mechanisme voor financiële ondersteuning op middellange
termijn van de betalingsbalansen van de lidstaten dat is ingesteld bij
Verordening (EG) nr. 332/2002. Deze bijstand moet worden gecombineerd met steun
van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) ten belope van 1 751,34
miljoen SDR (ongeveer 2 miljard EUR, 170 % van het IMF-quotum van Roemenië),
die wordt verstrekt in het kader van een stand-by-overeenkomst die op 27 september
2013 is goedgekeurd, en die de autoriteiten ook als anticiperend zullen
beschouwen. De Wereldbank stelt 1 miljard EUR ter beschikking in het kader van
een ontwikkelingslening, met een optie voor uitgestelde opneming geldig tot
juni 2015. Daarnaast zal de Wereldbank doorgaan met het verlenen van de eerder
toegezegde steun ten belope van 891 miljoen EUR, waarvan 514 miljoen EUR nog
moet worden uitgekeerd. (5) De bijstand moet worden
beheerd door de Commissie, die met de Roemeense autoriteiten, na raadpleging
van het EFC, de concrete economische beleidsvoorwaarden overeenkomt die aan de
anticiperende financiële bijstand worden verbonden. Deze voorwaarden moeten in
een memorandum van overeenstemming worden vastgelegd. (6) Gezien het anticiperende
karakter van de bijstand zal Roemenië niet om uitkering van enigerlei tranche
van de lening van de Unie verzoeken, tenzij het land in moeilijkheden komt te
verkeren wegens zijn lopende rekening van de betalingsbalans of het
kapitaalverkeer. Ingeval Roemenië een verzoek om financiering tot de Commissie
richt, neemt deze, na raadpleging van het EFC, een besluit over de activering van
het programma en over het bedrag en het tijdschema van zulk een eventuele
tranche. De nadere financiële voorwaarden waaronder mogelijke uitkeringen
plaatsvinden, worden vastgelegd in een anticiperende-leningsovereenkomst. (7) De anticiperende financiële
bijstand wordt verleend om bij te dragen tot het welslagen van het economische
beleidsprogramma van de regering en ondersteunt daarmee de houdbaarheid van de
betalingsbalans van Roemenië, BESLUIT: Artikel 1 1. De Unie stelt Roemenië
anticiperende financiële bijstand op middellange termijn ten belope van
maximaal 2 miljard EUR ter beschikking. Ingeval op het mechanisme een beroep
wordt gedaan en uitkeringen worden verricht, wordt de bijstand verleend in de
vorm van een lening met een maximale gemiddelde looptijd van acht jaar. 2. Tot
30 september 2015 kan om activering van de anticiperende financiële bijstand van
de Unie en om uitkeringen ervan worden verzocht. Artikel 2 1. De Commissie zal de bijstand
beheren op een wijze die aansluit bij de toezeggingen van Roemenië en bij de
aanbevelingen van de Raad, met name die in het kader van de uitvoering van het
nationaal hervormingsprogramma en in het kader van de jaarlijkse actualisering
van het Roemeense convergentieprogramma. 2. De Commissie komt met de
Roemeense autoriteiten, na raadpleging van het EFC, de concrete economische
beleidsvoorwaarden overeen die overeenkomstig artikel 3, lid 3, aan de
anticiperende financiële bijstand worden verbonden. Deze voorwaarden worden
vastgelegd in een memorandum van overeenstemming dat aansluit bij de
toezeggingen en aanbevelingen als bedoeld in lid 1. De Commissie legt de nadere
financiële voorwaarden vast in een anticiperende-leningsovereenkomst. 3. De Commissie gaat in
samenwerking met het EFC op gezette tijden na of voldaan wordt aan de
economische beleidsvoorwaarden die aan de bijstand verbonden zijn. Artikel 3 1. De Commissie onderzoekt de
activering van de anticiperende financiële bijstand van de Unie op schriftelijk
verzoek van Roemenië aan de Commissie. De Commissie besluit, na raadpleging van
het EFC, of de activering van de bijstand en het verzoek om uitkeringen uit
hoofde van de bijstand gerechtvaardigd is, en neemt een besluit over het bedrag
en het tijdschema van de uitkeringen. Als de financiële bijstand wordt geactiveerd
worden de middelen in niet meer dan twee tranches beschikbaar gesteld. Een
tranche kan in één of meer deeltranches worden uitbetaald. 2. Bij activering van de
bijstand beslist de Commissie, na raadpleging van het EFC, over de uitkering
van de lening van de Unie of delen daarvan. 3. Elke uitkering wordt
afhankelijk gesteld van een bevredigende tenuitvoerlegging van het in zowel het
convergentieprogramma als het nationale hervormingsprogramma op te nemen
economische programma van de Roemeense regering, en meer in het bijzonder van
de concrete economische beleidsvoorwaarden die in het memorandum van
overeenstemming zijn vastgelegd. Deze houden onder meer het volgende in: (a)
de aanneming van begrotingen en de
tenuitvoerlegging van beleidsmaatregelen die sporen met het traject van de
begrotingsconsolidatie voortvloeiend uit de verplichtingen van Roemenië in het
kader van het stabiliteits- en groeipact, met de bedoeling de
middellangetermijndoelstelling van Roemenië tegen 2015 te realiseren en daarna
ook vast te houden; (b)
de volledige handhaving van de maatregelen van de
vorige twee programma's en de tenuitvoerlegging van de onderdelen daarvan die
nog niet zijn uitgevoerd; (c)
de verdere versterking van het kader voor
budgettaire governance, onder meer door de tenuitvoerlegging van artikel 3 van
het Verdrag inzake stabiliteit, coördinatie en bestuur in de Economische en
Monetaire Unie (het begrotingspact), zodat de begrotingsconsolidatie stevig
wordt verankerd. Bijzondere aandacht moet worden besteed aan een betere
meerjarenbegrotingsplanning, aan de tenuitvoerlegging van een efficiënt systeem
voor het uitoefenen van controle op verplichtingen, aan een betere inning van
belastingen en aan het investeringsbegrotingsproces; (d)
de tijdige tenuitvoerlegging van actieplannen die
zijn goedgekeurd als reactie op de bevindingen van de functionele evaluaties
die de Wereldbank in 2010-2011 heeft uitgevoerd en de oprichting van een
centrale eenheid om de bepaling van de beleidsprioriteiten op regeringsniveau
te verbeteren; (e)
het wegwerken van achterstanden en de versterking
van de begrotingscontrolemechanismen in de gezondheidssector via een beter
rapportage- en toezichtkader; (f)
de tenuitvoerlegging van een strategisch actieplan
voor de gezondheidszorg, de rationalisering van de ziekenhuisstructuur en de
verbreding van de reikwijdte van eerste hulp, om zo tot betere
gezondheidsresultaten te komen; (g)
de verbetering van het beheer van de
overheidsschuld teneinde de risico's te verkleinen en de yieldcurve van de
overheidsschuld te consolideren en uit te breiden; (h)
de verdere versterking van het kader voor de
afwikkeling van banken, de noodplaning van de centrale bank en de corporate
governance van het depositogarantiefonds, alsook de tenuitvoerlegging van de
maatregelen om de procedure voor het opschonen van de balansen te versnellen en
de kredietdiscipline in de bankensector te behouden; (i)
de afstemming van de wetgeving inzake de financiële
toezichthoudende autoriteit op de internationale goede praktijken om het
toezicht op de niet-bancaire financiële markt te versterken; (j)
de herstructurering van de staatsbedrijven, met
inbegrip van de verkoop van deelnemingen in het kapitaal ervan, en de
versterking van de corporate governance van de staatsbedrijven; (k)
de verdere tenuitvoerlegging van maatregelen om het
ondernemersklimaat te verbeteren, onder meer via de verlaging van de
administratieve lasten voor kleine en middelgrote ondernemingen, en maatregelen
om die ondernemingen betere toegang tot financiering te bieden. 4. Een voorzichtig gebruik van
renteswaps met tegenpartijen die de hoogste kredietwaardigheid bezitten, is
toegestaan indien dit nodig is om de lening te financieren. De Commissie houdt
het EFC op de hoogte van een eventuele herfinanciering van de leningen of een
eventuele herstructurering van de financiële voorwaarden. Artikel 4 Dit besluit wordt van kracht op de dag van de kennisgeving
ervan. Artikel 5 Dit besluit is gericht tot Roemenië. Gedaan te Brussel, Voor
de Raad De
voorzitter FINANCIEEL MEMORANDUM (zie
artikel 16 van de interne regels) BELEIDSGEBIED: TITEL 01 – ECONOMISCHE EN
FINANCIËLE ZAKEN ACTIVITEIT: FINANCIËLE VERRICHTINGEN EN
INSTRUMENTEN 1. BENAMING VAN HET VOORSTEL,
HET DESBETREFFEND BEGROTINGSONDERDEEL EN DE BEGROTINGSTITEL Voorstel voor een besluit van de Raad tot verlening
van anticiperende financiële bijstand van de EU op middellange termijn aan
Roemenië, in combinatie met een aanbeveling voor een besluit van de Raad tot
toekenning van wederzijdse bijstand aan Roemenië 01 04 01 01 Garantie van de Europese Unie voor
door de Unie opgenomen leningen ter ondersteuning van de betalingsbalansen. 2. RECHTSGRONDSLAG: Artikel 143 VWEU, Artikel 352 VWEU, Verordening
(EG) nr.332/2002 van de Raad. 3. ALGEMENE KWANTITATIEVE
GEGEVENS VAN HET BEGROTINGSJAAR (IN EURO) Deze post dient voor de opname in de begroting van
de door de Europese Unie verstrekte garantie. Aldus kan de Commissie de
schuldendienst (hoofdsom, rente en andere kosten) betalen, mocht de debiteur
(Roemenië) in gebreke blijven. De begrotingspost ("p.m.") voor de
begrotingsgarantie zal alleen worden ingezet als daadwerkelijk een beroep op de
garantie wordt gedaan. Verwacht wordt dat geen beroep op de begrotingsgarantie
zal worden gedaan. 3a - Lopend jaar Niet van toepassing || || VK Aanvankelijk krediet voor het begrotingsjaar (budget) || || Overdrachten || || Aanvullend krediet || || Totaal krediet || || Reeds uit hoofde van een ander werkprogramma gereserveerde kredieten || || Beschikbaar saldo || || Bedrag van de voorgestelde actie || || 3b - Overdrachten Niet van toepassing || || VK Overdrachten || || Reeds uit hoofde van een ander werkprogramma gereserveerde kredieten || || Beschikbaar saldo || || Bedrag van de voorgestelde actie || || 3c - Volgend begrotingsjaar Niet van toepassing || || VK Aanvankelijk krediet voor het begrotingsjaar (budget) || || p.m. Overdrachten || || Aanvullend krediet || || Totaal krediet || || Reeds uit hoofde van een ander werkprogramma gereserveerde kredieten || || Beschikbaar saldo || || Bedrag van de voorgestelde actie || || p.m. 4. BESCHRIJVING VAN DE ACTIE Indien deze wordt geactiveerd, bestaat de voorgestelde
anticiperende financiële bijstand van de EU op middellange termijn aan Roemenië
uit een (met leningen van de Unie op de internationale kapitaalmarkten of met
financiële instellingen te financieren) EU-lening van maximaal 2 miljard EUR.
Deze zal worden verstrekt in het kader van een internationaal
financieringspakket, en met name in combinatie met een IMF-lening van 1,75
miljard SDR (circa 2 miljard EUR) ondersteund door een
stand-by-overeenkomst. De Wereldbank stelt 1 miljard EUR ter beschikking in het
kader van een ontwikkelingslening, met een optie voor uitgestelde opneming.
Daarnaast verstrekt de Wereldbank nog steeds de eerder toegezegde steun ten
belope van 891 miljoen EUR, waarvan 514 miljoen EUR nog moet worden uitgekeerd.
De anticiperende financiële bijstand van de EU op middellange termijn aan
Roemenië is bedoeld voor het afdekken van de nog steeds bestaande risico's die
aan de houdbaarheid van de betalingsbalans van Roemenië verbonden zijn; ook al
is het tekort op de lopende rekening duidelijk gedaald, toch houden de
volatiele kapitaalbewegingen nog steeds risico's in voor de financiering. De
anticiperende bijstand blijft ook ondersteuning bieden aan het economische
programma van de overheid, dat onder meer gericht is op de consolidering van de
macro-economische, budgettaire en financiële stabiliteit, de vergroting van de
veerkracht en de potentiële groei van de economie, de versterking van de
administratieve capaciteit, de hervorming van de belastingdiensten en de
verbetering van het beheer en de controle van de overheidsfinanciën, en op de
vergroting van de weerbaarheid en het groeipotentieel van de Roemeense
economie. Tot slot wordt er met de door de Commissie in overleg met het
Economisch en Financieel Comité beheerde bijstand voor gezorgd dat het
economisch beleid in Roemenië blijft aansluiten bij de toezeggingen van
Roemenië in EU-verband en bij de aanbevelingen van de Raad, met name die in het
kader van de uitvoering van het nationaal hervormingsprogramma en in het kader
van het convergentieprogramma. De EU-middelen die op de kapitaalmarkten of bij
financiële instellingen worden opgenomen om de lening aan Roemenië te kunnen
verstrekken ingeval het land daarom verzoekt en de Commissie na raadpleging van
het EFC dat verzoek inwilligt, vallen onder de EU-garantie. De lening wordt
opgenomen op de kapitaalmarkten of bij financiële instellingen. De hoofdsom van
de leningen die aan Roemenië kunnen worden toegekend, bedraagt maximaal 2
miljard EUR. De garantie van de EU is zo opgezet dat de Commissie
de schuldendienst kan betalen, mocht Roemenië in gebreke blijven. Om aan haar verplichtingen te voldoen, kan de
Commissie de schuldendienst tijdelijk uit haar eigen kasmiddelen bekostigen. In
dat geval is artikel 12 van Verordening (EG, Euratom) nr. 1150/2000
van de Raad van 22 mei 2000 houdende toepassing van Besluit 2007/436/EG,
Euratom betreffende het stelsel van eigen middelen van de Europese
Gemeenschappen (PB L 130 van 31.5.2000, blz. 1) van toepassing. 5. BEREKENINGSWIJZE Niet van toepassing. 6. TIJDSCHEMA VOOR DE
BETALINGEN (IN EURO) Niet van toepassing. Rubriek || Kredieten || Betalingen || || || Jaar n || Jaar n+1 || Jaar n+2 || Jaar n+3 || Volgende begrotingsjaren || Jaar n || || || || || || || Jaar n+1 || || || || || || || || || || || || || || Jaar n || || || || || || || Jaar n+1 || || || || || || || || || || || || || || Totaal || || || || || || [1] Het eerste programma viel onder Beschikking 2009/458/EG
van de Raad, het tweede onder Besluit 2011/288/EU van de Raad. [2] PB L 53 van 23.2.2002, blz. 1. [3] Zie blz. XX van dit Publicatieblad.