Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD inzake het door de Unie in te nemen standpunt in de Samenwerkingsraad die is ingesteld bij de partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Irak, anderzijds, betreffende de goedkeuring van het reglement van orde van de Samenwerkingsraad en het Samenwerkingscomité, en de instelling van gespecialiseerde subcomités en de vaststelling van hun taken /* COM/2013/0170 final - 2013/0090 (NLE) */
TOELICHTING (1)
Op 21 december 2011 heeft de Raad het besluit vastgesteld
betreffende de ondertekening, namens de Europese Unie, en de voorlopige
toepassing van enkele bepalingen van de partnerschaps- en
samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds,
en de Republiek Irak, anderzijds (hierna “de overeenkomst” genoemd)[1]. (2)
Op 11 mei 2012 werd de overeenkomst ondertekend
door Catherine Ashton, hoge vertegenwoordiger van de Europese Unie voor
Buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid en vicevoorzitter van de Europese
Commissie, en Hoshyar Zebari, minister van Buitenlandse Zaken van Irak. (3)
Dit is de allereerste overeenkomst waarin
contractuele betrekkingen tussen de EU en Irak worden vastgelegd. De
overeenkomst vormt een juridisch kader voor aangelegenheden die uiteenlopen van
een regelmatige politieke dialoog tot handelsbetrekkingen, samenwerking inzake
regelgeving en ontwikkelingshulp. (4)
Het doel van de overeenkomst, die voor tien jaar
wordt gesloten (en vervolgens kan worden verlengd), is een solide grondslag te
leggen voor de versterking van de banden tussen Irak en de EU. De overeenkomst
beoogt met name de politieke dialoog over bilaterale, regionale en mondiale
vraagstukken te intensiveren, de handelsregeling tussen Irak en de EU te verbeteren,
de wezenlijke eigen hervormings- en ontwikkelingsinspanningen van Irak te
steunen en de integratie van Irak in de ruimere internationale economie te
vergemakkelijken. De overeenkomst onderstreept de wens van de EU om een
belangrijke rol te spelen in het overgangsproces in Irak en vormt het
belangrijkste kanaal voor de EU-steun aan Irak en de verdere verbetering van de
onderlinge betrekkingen. (5)
Overeenkomstig artikel 3 van het Besluit van
de Raad van 21 december 2011 betreffende de ondertekening en de voorlopige
toepassing van enkele bepalingen van de overeenkomst, worden artikel 2
(mensenrechtenclausule) en de titels II (handel en investeringen), III
(samenwerkingsgebieden) en V (institutionele, algemene en slotbepalingen) op
voorlopige basis toegepast vanaf 1 augustus 2012, voor zover dit
aangelegenheden betreft die binnen de bevoegdheid van de EU vallen. (6)
Onder titel V (institutionele bepalingen)
wordt een Samenwerkingsraad op ministerieel niveau ingesteld die toezicht houdt
op de tenuitvoerlegging van de overeenkomst, conform artikel 111 van de
overeenkomst. Het Samenwerkingscomité wordt ingesteld bij 112, lid 1, van
de overeenkomst. Overeenkomstig artikel 112, lid 2, wordt de
Samenwerkingsraad voor de uitvoering van zijn taken bijgestaan door het Samenwerkingscomité.
De Samenwerkingsraad kan besluiten om nog andere gespecialiseerde subcomités of
organen op te richten om te helpen bij het uitvoeren van zijn taken. De
Samenwerkingsraad bepaalt de samenstelling, de taken en de werkwijze van zulke
comités of organen. (7)
Met het oog op de voltooiing van het institutioneel
kader en om beraadslaging op deskundigenniveau mogelijk te maken over de
kerngebieden die onder de voorlopige toepassing van de overeenkomst vallen,
wordt voorgesteld om drie subcomités op te richten: (1) een subcomité
Mensenrechten en democratie, (2) een subcomité Handel en aanverwante
vraagstukken en (3) een subcomité Energie en aanverwante vraagstukken.
Bijkomende subcomités kunnen met instemming van beide partijen in een later
stadium worden opgericht. (8)
Door de vergaderingen van de subcomités zal de
interactie tussen de EU en de regering van Irak worden versterkt. De EU zal in
detail kunnen praten over de Iraakse ontwikkelingen op de specifieke gebieden
en prioriteiten voor de samenwerking tussen de EU en Irak en over de Europese
steun aan Irak. Irak wil de drie subcomités zo snel mogelijk aan het werk laten
gaan. (9)
Zowel de EU als Irak willen de overeenkomst snel en
doeltreffend uitvoeren. Dit voorstel heeft tot doel te verzekeren dat het institutioneel
kader van de overeenkomst zo snel mogelijk wordt ingesteld, met dien verstande
dat de eerste vergaderingen van de subcomités uiterlijk begin 2013
plaatsvinden, gevolgd door de vergaderingen van het Samenwerkingscomité en de
Samenwerkingsraad. Om deze volgorde te kunnen behouden, wordt voorgesteld dat
de Samenwerkingsraad in de eerste plaats conclusies aanneemt over (1) de
goedkeuring van het reglement van orde van de Samenwerkingsraad en het
Samenwerkingscomité en (2) de oprichting van de gespecialiseerde subcomités en
de goedkeuring van hun taken. Bovendien moeten deze conclusies, overeenkomstig
artikel 10 van het voorgestelde reglement van orde van de
Samenwerkingsraad, bij schriftelijke procedure worden goedgekeurd. 2013/0090 (NLE) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD inzake het door de Unie in te nemen standpunt
in de Samenwerkingsraad die is ingesteld bij de partnerschaps- en
samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds,
en de Republiek Irak, anderzijds, betreffende de goedkeuring van het reglement
van orde van de Samenwerkingsraad en het Samenwerkingscomité, en de instelling
van gespecialiseerde subcomités en de vaststelling van hun taken
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE, Gezien het Verdrag betreffende de werking van
de Europese Unie, en met name artikel 218, lid 9, Gezien artikel 3 van het Besluit van de
Raad van 21 december 2011 inzake de ondertekening en de voorlopige goedkeuring
van enkele bepalingen van de partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst (hierna
“de overeenkomst” genoemd) tussen de Europese Unie en haar lidstaten,
enerzijds, en de Republiek Irak, anderzijds[2],
en met name artikel 111, lid 3, en artikel 112, lid 2, Gezien het voorstel van de Commissie, Overwegende hetgeen volgt: (1) Overeenkomstig
artikel 117 worden bepaalde onderdelen van de overeenkomst voorlopig
toegepast vanaf 1 augustus 2012. (2) Om bij te dragen aan de
doeltreffende tenuitvoerlegging van de overeenkomst, moet het institutioneel
kader zo snel mogelijk worden ingesteld. (3) Volgens artikel
111 lid 3, van de overeenkomst stelt de Samenwerkingsraad zijn eigen
reglement van orde vast. (4) Volgens artikel 112 van
de overeenkomst wordt de Samenwerkingsraad in de uitvoering van zijn taken
bijgestaan door een Samenwerkingscomité. De Samenwerkingsraad kan besluiten om
nog andere gespecialiseerde subcomités of organen op te richten om te helpen
bij het uitvoeren van de taken, en bepaalt de samenstelling, de taken en
werking van zulke comités of organen. HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD: Enig artikel 1. Het door de Unie in te nemen
standpunt in de Samenwerkingsraad die is ingesteld bij artikel 111 van de
partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten,
enerzijds, en de Republiek Irak, anderzijds, wordt vastgesteld met betrekking
tot: –
de goedkeuring van het reglement van orde van de
Samenwerkingsraad en het Samenwerkingscomité, en –
de instelling van gespecialiseerde subcomités en de
vaststelling van hun taken, overeenkomstig de voorlopige besluiten van de
Samenwerkingsraad die als bijlage bij dit besluit worden gevoegd. 2. Kleine wijzigingen in het
ontwerpbesluit kunnen door de vertegenwoordigers van de Unie in de
Samenwerkingsraad worden goedgekeurd zonder verder besluit van de Raad. Gedaan te Brussel, Voor
de Raad De
voorzitter BIJLAGE I BESLUIT
NR. 1/2013 VAN DE SAMENWERKINGSRAAD EU-IRAK van
… 2013 tot
vaststelling van zijn reglement van orde en het reglement van orde van het
Samenwerkingscomité DE SAMENWERKINGSRAAD EU-IRAK, Gezien de partnerschaps- en
samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds,
en de Republiek Irak, anderzijds, (hierna “de Overeenkomst” genoemd) en met
name artikel 111, Overwegende hetgeen volgt: (1)
Overeenkomstig artikel 117 worden bepaalde onderdelen
van de overeenkomst voorlopig toegepast vanaf 1 augustus 2012. (2)
Om bij te dragen aan de doeltreffende
tenuitvoerlegging van de overeenkomst, moet het institutioneel kader zo snel
mogelijk worden ingesteld. (3)
Het is de taak van de Samenwerkingsraad om daartoe
de nodige maatregelen te nemen; volgens artikel 111, lid 3, van de
overeenkomst stelt de Samenwerkingsraad zijn eigen reglement van orde vast.
Opdat het Samenwerkingscomité zo snel mogelijk operationeel zou zijn, stelt de
Samenwerkingsraad ook het reglement van orde van het Samenwerkingscomité op. (4)
Overeenkomstig artikel 10 van het reglement
van orde van de Samenwerkingsraad kan de Samenwerkingsraad bij schriftelijke
procedure besluiten nemen. (5)
Dit besluit van de Samenwerkingsraad moet bij
schriftelijke procedure worden goedgekeurd, BESLUIT: Enig artikel Het reglement
van orde van de Samenwerkingsraad en het reglement van orde van het
Samenwerkingscomité, zoals uiteengezet in respectievelijk de aanhangsels A en
B, worden goedgekeurd. Gedaan te …, … || Voor de Samenwerkingsraad De voorzitter AANHANGSEL
A BIJ BIJLAGE I Reglement
van orde van het Samenwerkingscomité Artikel
1 Voorzitterschap De Samenwerkingsraad wordt beurtelings
gedurende een periode van twaalf maanden voorgezeten door de voorzitter van de
Raad Buitenlandse Zaken van de Europese Unie, namens de Europese Unie en haar
lidstaten, en de minister van Buitenlandse Zaken van Irak. De eerste
voorzitterschapsperiode vangt aan op de datum van de eerste vergadering van de
Samenwerkingsraad en loopt af op 31 december van hetzelfde jaar. Artikel
2 Vergaderingen De Samenwerkingsraad komt één keer per jaar op
ministerieel niveau bijeen. Op verzoek van een van de partijen kunnen in
onderling overleg speciale vergaderingen van de Samenwerkingsraad worden belegd.
Tenzij anders wordt overeengekomen, wordt elke vergadering van de
Samenwerkingsraad op een door beide partijen overeengekomen datum gehouden op
de locatie waar gewoonlijk de zittingen van de Raad van de Europese Unie worden
gehouden. De vergaderingen van de Samenwerkingsraad worden door de
secretarissen van de Samenwerkingsraad gezamenlijk en in overleg met de
voorzitter bijeengeroepen. Artikel
3 Vertegenwoordiging De leden van de Samenwerkingsraad kunnen zich
laten vertegenwoordigen als zij de vergadering niet kunnen bijwonen. Als een
lid zich wenst te laten vertegenwoordigen, dient hij/zij de voorzitter vóór de
zitting waar hij/zij vertegenwoordigd zal worden in kennis te stellen van de
naam van zijn/haar vertegenwoordiger. De vertegenwoordiger van een lid van de
Samenwerkingsraad oefent alle rechten van het vertegenwoordigde lid uit. Artikel
4 Delegaties De leden van de Samenwerkingsraad mogen door
ambtenaren worden vergezeld. Vóór elke vergadering wordt de voorzitter in
kennis gesteld van de voorgenomen samenstelling van de delegaties van beide
partijen. Als er op de agenda een punt staat dat verband
houdt met de Europese Investeringsbank, woont een vertegenwoordiger van de Bank
de zitting van de Samenwerkingsraad als waarnemer bij. Indien nodig kunnen deskundigen of
vertegenwoordigers van andere organen met wederzijdse toestemming voor de
vergaderingen van de Samenwerkingsraad worden uitgenodigd, als waarnemer of om
informatie over een specifiek onderwerp te verstrekken. Artikel
5 Secretariaat Een vertegenwoordiger van het
secretariaat-generaal van de Raad van de Europese Unie en een vertegenwoordiger
van de diplomatieke vertegenwoordiging van Irak bij de Europese Unie treden
gezamenlijk op als secretarissen van de Samenwerkingsraad. Artikel
6 Correspondentie De voor de Samenwerkingsraad bestemde
correspondentie wordt gericht tot de voorzitter van de Samenwerkingsraad op het
adres van de Raad van de Europese Unie. De twee secretarissen zorgen ervoor dat deze
correspondentie wordt doorgestuurd aan de voorzitter van de Samenwerkingsraad
en, in voorkomend geval, wordt verspreid onder de andere leden van de
Samenwerkingsraad. De verspreide correspondentie wordt doorgestuurd naar het
secretariaat-generaal van de Commissie, de Europese Dienst voor extern optreden,
de permanente vertegenwoordigingen van de lidstaten, het secretariaat-generaal
van de Raad van de Europese Unie en de diplomatieke vertegenwoordiging van Irak
bij de Europese Unie. Mededelingen van de voorzitter van de
Samenwerkingsraad worden door de twee secretarissen aan de geadresseerden
gestuurd en, in voorkomend geval, verspreid onder de andere leden van de
Samenwerkingsraad op de in de tweede alinea vermelde adressen. Artikel
7 Publiciteit De vergaderingen van de Samenwerkingsraad zijn
niet openbaar, tenzij anders wordt besloten. Artikel 8 Agenda van de vergaderingen 1. De voorzitter stelt voor elke
vergadering een voorlopige agenda op. Deze wordt door de secretarissen van de
Samenwerkingsraad uiterlijk vijftien dagen voor het begin van de vergadering
naar de in artikel 6 bedoelde geadresseerden gestuurd. De voorlopige
agenda omvat de punten waarvoor de voorzitter uiterlijk 21 dagen vóór het begin
van de vergadering een verzoek tot opname in de agenda heeft ontvangen; een
punt wordt evenwel pas op de voorlopige agenda geplaatst als de desbetreffende
stukken uiterlijk op de datum waarop de agenda wordt verzonden, zijn
binnengekomen bij de secretarissen. De agenda wordt bij het begin van elke
vergadering door de Samenwerkingsraad vastgesteld. Als de partijen zulks
overeenkomen, kan een punt dat niet op de voorlopige agenda staat als
agendapunt worden opgenomen. 2. De voorzitter kan met
instemming van beide partijen de in lid 1 genoemde termijnen inkorten als dat
in een bepaald geval noodzakelijk is. Artikel
9 Notulen Van elke vergadering worden door de twee
secretarissen ontwerpnotulen opgesteld. Doorgaans bevatten de notulen voor elk
agendapunt: –
de bij de Samenwerkingsraad ingediende
documentatie, –
verklaringen die op verzoek van een lid van de Samenwerkingsraad
worden opgenomen, –
de gedane aanbevelingen, de overeengekomen
verklaringen en de vastgestelde conclusies. De ontwerpnotulen worden ter goedkeuring aan
de Samenwerkingsraad voorgelegd. Eenmaal goedgekeurd worden de notulen door de
voorzitter en de twee secretarissen ondertekend. De notulen worden bewaard in
de archieven van het secretariaat-generaal van de Raad van de Europese Unie, die
als depositaris van de documenten van de overeenkomst optreedt. Aan elk van de
in artikel 6 bedoelde geadresseerden wordt een gewaarmerkt afschrift
gezonden. Artikel 10 Beraadslagingen 1. De besluiten en aanbevelingen
van de Samenwerkingsraad worden in onderlinge overeenstemming tussen de
partijen vastgesteld. De gevallen waarin de Samenwerkingsraad besluiten kan nemen,
zijn opgenomen in de overeenkomst. Als de partijen dit overeenkomen, kan de
Samenwerkingsraad besluiten of aanbevelingen bij schriftelijke procedure
vaststellen. Als de Samenwerkingsraad besluit de schriftelijke procedure te
gebruiken, kunnen de partijen in onderlinge overeenstemming een termijn
vaststellen. Na afloop daarvan verklaart de voorzitter van de Samenwerkingsraad,
op grond van het verslag van beide secretarissen, of de partijen een
gezamenlijk akkoord hebben gegeven. 2. De besluiten en aanbevelingen
van de Samenwerkingsraad in de zin van artikel 111 van de overeenkomst
dragen de titel “besluit”, respectievelijk “aanbeveling”, gevolgd door een
volgnummer, de datum van aanneming en de beschrijving van het onderwerp. De
besluiten en aanbevelingen van de Samenwerkingsraad worden ondertekend door de
voorzitter en gewaarmerkt door de twee secretarissen. De besluiten en
aanbevelingen worden toegezonden aan elk van de in artikel 6 bedoelde
geadresseerden. De partijen kunnen beslissen om de besluiten en aanbevelingen
van de Samenwerkingsraad op te nemen in hun respectieve publicatieblad. Artikel
11 Talen De officiële talen van de Samenwerkingsraad
zijn de officiële talen van de twee partijen. Tenzij anders wordt besloten,
beraadslaagt de Samenwerkingsraad op basis van in deze talen opgestelde
documenten. Artikel
12 Kosten De Europese Unie en Irak nemen de uitgaven
voor hun rekening van hun deelname aan de vergaderingen van de
Samenwerkingsraad, zowel personeelsuitgaven en reis- en verblijfkosten als de
uitgaven voor post en telecommunicatie. De uitgaven voor de vertolking tijdens
de zittingen en voor de vertaling en het afdrukken van de documenten komen ten
laste van de Europese Unie, met uitzondering van de kosten voor vertolking of
vertaling in of uit de officiële taal van Irak, welke voor rekening van Irak
komen. Andere kosten die verbonden zijn aan de organisatie van vergaderingen
komen ten laste van de partij die als gastheer voor de vergaderingen optreedt. Artikel 13 Samenwerkingscomité 1. Overeenkomstig
artikel 112 van de overeenkomst wordt een Samenwerkingscomité opgericht
dat de Samenwerkingsraad bijstaat in de uitvoering van zijn taken. Dit comité
bestaat uit vertegenwoordigers van de Europese Unie, enerzijds, en
vertegenwoordigers van de regering van Irak, anderzijds, in de regel op het
niveau van hoge ambtenaren. 2. Het Samenwerkingscomité
bereidt de vergaderingen en beraadslagingen van de Samenwerkingsraad voor,
voert indien nodig de besluiten en de aanbevelingen van de Samenwerkingsraad
uit en zorgt in algemene zin voor de continuïteit van het partnerschap en de
goede werking van de overeenkomst. Het Samenwerkingscomité behandelt alle zaken
die de Samenwerkingsraad aan het comité voorlegt, evenals alle andere
vraagstukken die zich bij de dagelijkse uitvoering van de overeenkomst
voordoen. Voorstellen of ontwerpbesluiten en ontwerpaanbevelingen worden door
het Samenwerkingscomité ter goedkeuring aan de Samenwerkingsraad voorgelegd. De Samenwerkingsraad mag elk van zijn bevoegdheden
aan het Samenwerkingscomité delegeren. 3. In de gevallen waarin de
overeenkomst spreekt van een verplichting of een mogelijkheid tot raadpleging,
of waarin de partijen na onderling overleg besluiten elkaar te raadplegen, kan
deze raadpleging plaatsvinden in het Samenwerkingcomité. Indien de partijen
zulks overeenkomen, kan de raadpleging plaatsvinden in de Samenwerkingsraad. AANHANGSEL
B BIJ BIJLAGE I Reglement
van orde van het Samenwerkingscomité Artikel
1 Voorzitterschap Het Samenwerkingscomité wordt beurtelings gedurende
een periode van twaalf maanden voorgezeten door een vertegenwoordiger van de
Europese Unie en een vertegenwoordiger van de regering van Irak. De eerste voorzitterschapsperiode vangt aan op
de datum van de eerste vergadering van de Samenwerkingsraad en loopt af op 31
december van hetzelfde jaar. Artikel
2 Vergaderingen Het Samenwerkingscomité komt, met instemming
van beide partijen, ten minste eenmaal per jaar bijeen als de omstandigheden
dit vereisen. Elke vergadering van het Samenwerkingscomité wordt belegd op een
tijd en op een plaats die door beide partijen is overeengekomen. De vergaderingen van het Samenwerkingscomité
worden door de voorzitter bijeengeroepen. De jaarlijkse vergadering van het
Samenwerkingscomité wordt vóór de jaarlijkse vergadering van de
Samenwerkingsraad bijeengeroepen. De vergadering moet tijdig worden
bijeengeroepen, zodat het Samenwerkingscomité de vergadering van de
Samenwerkingsraad kan voorbereiden. Artikel
3 Delegaties Vóór elke vergadering wordt de voorzitter in
kennis gesteld van de voorgenomen samenstelling van de delegaties van beide
partijen. Artikel
4 Secretariaat Een vertegenwoordiger van de Europese Dienst
voor extern optreden en een vertegenwoordiger van de regering van Irak treden
gezamenlijk op als secretarissen van het Samenwerkingscomité. Alle in dit
besluit bedoelde mededelingen bestemd voor en afkomstig van de voorzitter van
het Samenwerkingscomité worden naar de secretarissen van het
Samenwerkingscomité en naar de secretarissen en de voorzitter van de Samenwerkingsraad
gezonden. Artikel 5 Publiciteit De vergaderingen van het Samenwerkingscomité zijn
niet openbaar, tenzij anders wordt besloten. Artikel
6 Agenda
van de vergaderingen 1. De voorzitter stelt voor elke
vergadering een voorlopige agenda op. Deze wordt door de secretarissen van het
Samenwerkingscomité uiterlijk vijftien dagen voor de vergadering naar de in
artikel 4 bedoelde geadresseerden gestuurd. De voorlopige agenda omvat de punten waarvoor de
voorzitter uiterlijk 21 dagen vóór het begin van de vergadering een verzoek tot
opname in de agenda heeft ontvangen; een punt wordt evenwel pas op de
voorlopige agenda geplaatst als de desbetreffende stukken uiterlijk op de datum
waarop de agenda wordt verzonden, zijn binnengekomen bij de secretarissen. Het Samenwerkingscomité kan deskundigen voor de
vergaderingen uitnodigen om informatie over bepaalde onderwerpen te
verstrekken. De agenda wordt aan het begin van elke vergadering
door het Samenwerkingscomité goedgekeurd. Als de partijen zulks overeenkomen,
kan een punt dat niet op de voorlopige agenda staat als agendapunt worden
opgenomen. 2. De voorzitter kan met
instemming van beide partijen de in lid 1 genoemde termijnen inkorten als
dat in een bepaald geval noodzakelijk is. Artikel
7 Notulen Van elke vergadering worden notulen opgesteld,
gebaseerd op de samenvatting van de voorzitter van de door het
Samenwerkingscomité bereikte conclusies. Na
goedkeuring door het Samenwerkingscomité worden de notulen ondertekend door de
voorzitter en de secretarissen en bij elk van beide partijen in de archieven
bewaard. Aan elk van de in artikel 4
bedoelde geadresseerden wordt een afschrift van de notulen gezonden. Artikel
8 Beraadslagingen In de specifieke gevallen waarin het
Samenwerkingscomité overeenkomstig artikel 13, lid 2, van het
reglement van orde van de Samenwerkingsraad is gemachtigd om bepaalde
besluiten/aanbevelingen aan te nemen, dragen deze de titel “besluit”
respectievelijk “aanbeveling”, gevolgd door een nummer, de datum van aanneming
en een beschrijving van het onderwerp. Besluiten en aanbevelingen van het
Samenwerkingscomité worden in onderlinge overeenstemming tussen de partijen
vastgesteld. Als de partijen dit overeenkomen, kan het
Samenwerkingscomité besluiten of aanbevelingen bij schriftelijke procedure vaststellen.
Als het Samenwerkingscomité besluit de schriftelijke procedure te gebruiken,
kunnen de partijen in onderlinge overeenstemming een termijn vaststellen. Na
afloop daarvan verklaart de voorzitter van het Samenwerkingscomité, op grond
van het verslag van beide secretarissen, of de partijen een gezamenlijk akkoord
hebben gegeven. De besluiten en aanbevelingen van het
Samenwerkingscomité worden ondertekend door de voorzitter en gewaarmerkt door
de twee secretarissen, en worden toegezonden aan elk van de in artikel 4
van het reglement van orde bedoelde geadresseerden. De partijen kunnen
beslissen om de besluiten en aanbevelingen van het Samenwerkingscomité op te
nemen in hun respectieve publicatieblad. Artikel
9 Kosten De Europese Unie en Irak nemen de uitgaven
voor hun rekening van hun deelname aan de vergaderingen van het
Samenwerkingscomité, zowel personeelsuitgaven en reis- en verblijfkosten als de
uitgaven voor post en telecommunicatie. De
uitgaven voor de vertolking tijdens de zittingen en voor de vertaling en het
afdrukken van de documenten komen ten laste van de Europese Unie, met
uitzondering van de kosten voor vertolking of vertaling in of uit de officiële
taal van Irak, welke voor rekening van Irak komen. Andere
kosten die verbonden zijn aan de organisatie van vergaderingen, komen ten laste
van de partij die als gastheer voor de vergaderingen optreedt. Artikel
10 Subcomités
en speciale groepen Overeenkomstig artikel 13 van het
reglement van orde van de Samenwerkingsraad, kan het Samenwerkingscomité
besluiten om subcomités of speciale werkgroepen op te richten die onder het
gezag van het Samenwerkingscomité staan, waaraan zij na elke vergadering
verslag uitbrengen. Het Samenwerkingscomité kan subcomités of werkgroepen
opheffen, hun taken vaststellen of wijzigen, of andere subcomités of
werkgroepen oprichten om het comité bij het vervullen van zijn taken bij te
staan. Deze subcomités en groepen hebben niet de bevoegdheid om besluiten te
nemen. BIJLAGE
II BESLUIT
NR. 2/2013 VAN DE SAMENWERKINGSRAAD EU-IRAK van
… 2013 betreffende
de instelling van drie gespecialiseerde subcomités en de vaststelling van hun
taken DE SAMENWERKINGSRAAD EU-IRAK, Gezien de partnerschaps- en
samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds,
en de Republiek Irak, anderzijds, (hierna “de overeenkomst” genoemd) en met
name artikel 112, Overwegende hetgeen volgt: (1) Overeenkomstig
artikel 117 worden bepaalde onderdelen van de overeenkomst voorlopig
toegepast vanaf 1 augustus 2012. (2) Om bij te dragen aan de
doeltreffende tenuitvoerlegging van de overeenkomst, moet het institutioneel
kader zo snel mogelijk worden ingesteld. (3) Volgens artikel 112 van
de overeenkomst wordt de Samenwerkingsraad bij de uitvoering van zijn taken
bijgestaan door een Samenwerkingscomité. De Samenwerkingsraad besluit eventueel
om andere gespecialiseerde subcomités of organen in te stellen om hem bij de
uitvoering van zijn taken bij te staan, en bepaalt de samenstelling, de taken
en de werking van dergelijke comités of organen. (4) Om op deskundigenniveau te
kunnen beraadslagen over de kerngebieden die onder de voorlopige toepassing van
de overeenkomst vallen, moeten drie subcomités worden ingesteld. Na verder
overleg tussen de partijen kunnen zowel de subcomités als hun respectieve werkterreinen
worden gewijzigd. (5) Overeenkomstig
artikel 10 van het reglement van orde van de Samenwerkingsraad kan de
Samenwerkingsraad bij schriftelijke procedure besluiten nemen. (6) Om de subcomités tijdig
operationeel te maken, moet bijgaand besluit van de Samenwerkingsraad bij
schriftelijke procedure worden goedgekeurd. HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD: Enig
artikel De in aanhangsel A genoemde subcomités worden
hierbij ingesteld. De in aanhangsel B opgenomen taken van de subcomités worden
hierbij vastgesteld. Gedaan te … Voor de
Samenwerkingsraad EU-Irak Aanhangsel
A bij BIJLAGE II Samenwerkingsraad
EU-Irak Opgerichte
subcomités (1) Subcomité Mensenrechten en
democratie; (2) Subcomité Handel en
aanverwante vraagstukken; (3) Subcomité Energie en
aanverwante vraagstukken. Aanhangsel B
bij BIJLAGE II
Taken
van de onder aanhangsel A opgerichte subcomités, volgens de
partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten,
enerzijds, en de Republiek Irak, anderzijds Artikel
1 Op zijn vergaderingen mag elk subcomité de
uitvoering van de partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst behandelen op het
gebied of de gebieden waarvoor het is opgericht. De subcomités kunnen ook onderwerpen of
specifieke projecten bespreken die verband houden met het relevante gebied van
de bilaterale samenwerking. Als een van beide partijen daarom verzoekt,
kunnen ook individuele gevallen ter sprake worden gebracht. Artikel
2 De subcomités werken onder het gezag van het
Samenwerkingscomité. Na iedere vergadering brengen de subcomités verslag uit aan
het Samenwerkingscomité en doen zij het comité hun conclusies toekomen. Artikel
3 De subcomités bestaan uit vertegenwoordigers
van beide partijen. Na onderling overleg tussen de partijen kunnen
de subcomités indien nodig deskundigen uitnodigen en deze raadplegen met
betrekking tot specifieke punten op de agenda van de vergaderingen van de
subcomités. Artikel
4 De subcomités worden beurtelings voorgezeten
door beide partijen, overeenkomstig de regels voor het beurtelings
voorzitterschap van het Samenwerkingscomité, door een vertegenwoordiger van de
Europese Unie, enerzijds, en een vertegenwoordiger van de regering van Irak,
anderzijds. Artikel
5 Een vertegenwoordiger van de Europese Dienst
voor extern optreden en een vertegenwoordiger van de regering van de Republiek
Irak treden gezamenlijk op als permanente secretarissen van het subcomité. Alle
mededelingen betreffende een bepaald subcomité worden naar de permanente
secretarissen gezonden. Artikel 6 De subcomités vergaderen op schriftelijk
verzoek van een partij en na instemming van beide partijen als de
omstandigheden dat vereisen, maar ten minste éénmaal per jaar. Plaats en tijd
van de vergaderingen worden door beide partijen vastgesteld. Na ontvangst van het verzoek van de ene partij
antwoordt de secretaris van de andere partij binnen vijftien werkdagen. In bijzonder dringende gevallen kan het
subcomité op kortere termijn in overleg tussen de partijen worden
bijeengeroepen. De voorzitter wordt vóór iedere vergadering in
kennis gesteld van de voorgenomen samenstelling van de delegaties van beide
partijen. De vergaderingen van het subcomité worden
gezamenlijk bijeengeroepen door de twee permanente secretarissen, die optreden
in overleg met de secretarissen van het Samenwerkingscomité. Artikel
7 Agendapunten worden ten minste vijftien
werkdagen voor de betrokken bijeenkomst van het subcomité bij de permanente
secretarissen ingediend. Bijbehorende stukken worden ten minste tien werkdagen
van tevoren aan de permanente secretarissen voorgelegd. Op basis van de agendapunten wordt uiterlijk
vijf werkdagen voor de bijeenkomst van het subcomité een voorlopige agenda
opgesteld, die met de bijbehorende stukken aan de secretarissen van het
Samenwerkingscomité en de permanente vertegenwoordigingen van de lidstaten
wordt gezonden. Onder uitzonderlijke omstandigheden kunnen agendapunten met de
schriftelijke instemming van beide permanente secretarissen op kortere termijn
aan de agenda worden toegevoegd. Artikel
8 Tenzij anders wordt beslist, zijn de
bijeenkomsten van het subcomité niet openbaar. Artikel
9 Van elke bijeenkomst worden notulen opgesteld.
Een kopie van de notulen en de conclusies van iedere bijeenkomst van het
subcomité wordt naar de secretarissen van het Samenwerkingscomité gezonden. Er
worden ook kopieën naar de permanente vertegenwoordigingen van de lidstaten
gezonden. [1] PB L 204 van 31.7.2012. [2] PB L xxxx