VERSLAG VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD Toekomstige visumliberalisering voor de Republiek Moldavië: mogelijke gevolgen voor de Europese Unie op het gebied van migratie en veiligheid Voorlopige beoordeling /* COM/2012/0443 final */
VERSLAG VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES
PARLEMENT EN DE RAAD Toekomstige visumliberalisering voor de
Republiek Moldavië: mogelijke gevolgen voor de Europese Unie op het gebied van
migratie en veiligheid
Voorlopige beoordeling 1 - Inleiding 1.1. Achtergrond Het
actieplan voor visumliberalisering (hierna “VLAP” genoemd) werd op 24 januari
2011 door de Commissie aan de Moldavische autoriteiten gepresenteerd. De
Commissie heeft regelmatig verslag uitgebracht aan het Europees Parlement en de
Raad over de uitvoering van het VLAP. Het eerste voortgangsverslag werd
uitgebracht op 16 september 2011[1], Het tweede op 9 februari
2012[2].
Op 22 juni 2012 heeft de Commissie haar goedkeuring gehecht aan een verslag aan
het Europees Parlement en de Raad over de tenuitvoerlegging door de Republiek
Moldavië van het actieplan voor visumliberalisering[3]. In het VLAP werd de Commissie ook verzocht in
breder verband de mogelijke migratie- en veiligheidseffecten van een
toekomstige visumliberalisering voor burgers van Moldavië die naar de EU
reizen, te beoordelen. 1.2. Werkwijze De
Commissie heeft de EU-agentschappen en de overige partijen waarvan zij een
bijdrage noodzakelijk vond, zoals Europol, de missie van de Europese Unie voor
bijstandverlening inzake grensbeheer aan Moldavië en Oekraïne (EUBAM), Frontex
en het centrum voor migratiebeleid van het Europees Universitair Instituut
(EUI) betrokken bij deze beoordeling. Op 12 oktober 2011 heeft de Commissie een
vergadering met deze partijen gehouden. In januari 2012 hebben Europol[4],
EUBAM[5], Frontex[6]
en het EUI[7] hun beoordeling van de
mogelijke migratie- en/of veiligheidseffecten van een toekomstige
visumliberalisering ingeleverd. Op de bijeenkomst van hoge ambtenaren van 7
oktober 2011 werd de Republiek Moldavië ook om een bijdrage verzocht. Deze
bijdrage werd in januari 2012 ingediend. Nadat deze was besproken op de
bijeenkomst van hoge ambtenaren van 27 februari 2012, heeft de Commissie
geactualiseerde informatie ontvangen. Op 23 april werd een vervolgvergadering
gehouden met de betrokken EU-agentschappen en andere partijen, die vervolgens
in mei en juni 2012 bijkomende opmerkingen en informatie indienden, op basis
waarvan de beoordeling kon worden afgerond. De Commissie wijst erop dat niet alle
bijdragen dezelfde strekking hadden en dat de huidige informatie en de
ervaringen uit het verleden doen vermoeden dat de mogelijke effecten van
visumliberalisering voor de Republiek Moldavië niet voor alle EU-lidstaten
gelijk zullen zijn. Op basis van de ontvangen bijdragen worden in
deze beoordeling met betrekking tot de Republiek Moldavië de belangrijkste
aspecten en tendensen op het gebied van migratie, mobiliteit en
veiligheid beschreven, alsmede het mogelijke effect van een visumvrije
regeling daarop. Tevens wordt aangegeven welke maatregelen door de
Republiek Moldavië en, waar relevant, door de Europese Unie en haar lidstaten dienen
te worden overwogen. In deze beoordeling wordt uitgegaan van de
stand van zaken in juni 2012. De bevindingen die hier worden gepresenteerd,
moeten nog worden aangepast aan de wetgevings-, beleids- en institutionele
hervormingen die de Republiek Moldavië op grond van het VLAP moet doorvoeren.
Deze beoordeling is dus een voorlopige schets van de situatie, gebaseerd
op de huidige stand van de uitvoering van het VLAP. De situatie zal veranderen,
en mogelijk sterk verbeteren, als het VLAP effectief wordt uitgevoerd. De
Commissie blijft toezicht houden op de geleidelijke tenuitvoerlegging van het
VLAP en zal haar bevindingen presenteren in de verslagen die zij regelmatig aan
het Europees Parlement en de Raad zal voorleggen. 2 – Bestaande wettelijke regelingen 2.1. Achtergrond De visumdialoog tussen de EU en de Republiek
Moldavië moet de weg vrijmaken voor een visumvrijstelling voor Moldavische
burgers die voor een kort verblijf naar het Schengengebied komen. Een
dergelijke vrijstelling van de visumplicht zal worden geregeld bij
Verordening (EG) nr. 539/2001 van de Raad tot vaststelling van
de lijst van derde landen waarvan de onderdanen bij overschrijding
van de buitengrenzen in het bezit moeten zijn van een visum en de lijst
van derde landen waarvan de onderdanen van die plicht zijn vrijgesteld.
In dit verband zij erop gewezen dat de Commissie op 24 mei 2011 een voorstel
voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van
Verordening (EG) nr. 539/2001 van de Raad[8] heeft ingediend.
In dit voorstel, dat momenteel in het Europees Parlement en de Raad wordt
besproken, wordt een mechanisme ingevoerd voor de tijdelijke
opschorting van de visumvrijstelling voor een in bijlage II van Verordening
(EG) nr. 539/2001 opgenomen derde land in geval van een noodsituatie,
waarbij een snelle reactie noodzakelijk is om de problemen op te lossen waarmee
een of meer lidstaten worden geconfronteerd; hierbij wordt rekening gehouden
met het effect van de noodsituatie op de Europese Unie als geheel. Visumliberalisering
verandert niets aan de toegangs- en verblijfsvoorwaarden die in de Schengengrenscode[9] zijn vastgelegd voor
kort verblijf en in de nationale wet voor langer verblijf.
Visumliberalisering betekent niet dat burgers van Moldavië automatisch recht op
toegang en verblijf hebben. Het betekent ook niet dat de controle op de
toegangs- en verblijfsvoorwaarden wegvalt. Ook na de invoering van een
visumvrije regeling voor kort verblijf moeten Moldavische burgers bij het
passeren van de buitengrenzen van de lidstaten onder andere met documenten doel
en omstandigheden van hun reis aantonen en bewijzen dat zij voornemens zijn het
grondgebied van de lidstaten te verlaten voordat de maximale toegestane
verblijfsduur (90 dagen per periode van 180 dagen) is verstreken. Dat neemt
niet weg dat de voorbereidingstijd en de kosten van het reizen naar het Schengengebied
zullen verminderen als de visumplicht wordt opgeheven. In het VLAP is bepaald dat de
visumvrijstelling alleen geldt voor burgers van Moldavië die een biometrisch
paspoort hebben; daarom zijn de risico's van een visumvrijstelling voor
houders van een niet-biometrisch paspoort niet geanalyseerd. 2.2. Visumregeling van de EU ten aanzien
van de Republiek Moldavië Momenteel geldt voor Moldavische burgers een
visumplicht, behalve voor bepaalde beperkte categorieën personen die zijn
vrijgesteld van de visumplicht krachtens de visumversoepelingsovereenkomst of
krachtens nationaal recht (zoals houders van diplomatieke en dienstpaspoorten
en burgerluchtvaartpersoneel). De afgifte van visa voor kort verblijf is
geregeld bij de visumversoepelingsovereenkomst en de visumcode. De visumversoepelingsovereenkomst tussen de EU
en de Republiek Moldavië is op 1 januari 2008 in werking getreden. Het gemengd
comité dat toezicht houdt op de uitvoering van de
visumversoepelingsovereenkomst heeft regelmatig het probleem van fraude met
bewijsstukken aangekaart. De Republiek Moldavië heeft laten weten dat er
contactpunten binnen de overheidsdiensten zijn aangewezen waar de consulaten
van de lidstaten snel de echtheid van bepaalde categorieën bewijsstukken kunnen
verifiëren. Tijdens de recentste bijeenkomst van het Gemengd Comité
visumversoepeling op 23 mei 2012 in Chisinau, waaraan de EU-lidstaten ook
deelnamen, stelde de Commissie vast dat de overeenkomst over het geheel genomen
naar tevredenheid wordt uitgevoerd. De Schengenstaten
hebben de volgende aantallen visa voor kort verblijf afgegeven in de
Republiek Moldavië: 28 911 in 2008, 33 820 in 2009, 45 612 in
2010 en 49296 in 2011. In 2008 werd 12,1% van de aangevraagde visa voor kort
verblijf afgewezen, in 2009 10,15%, in 2010 11,43%, en in 2011 9,7%. Deze
percentages zijn hoger dan de gemiddelde weigeringspercentages: 6,68% (in
2009), 5,79% (in 2010) en 5,5% (in 2011). Bulgarije, Roemenië en Cyprus hebben de volgende aantallen nationale visa voor kort
verblijf afgegeven in de Republiek Moldavië: in 2009: Bulgarije
31 657, Roemenië 65 042 en Cyprus 900; in 2010: Bulgarije
40 898, Roemenië 92 556 en Cyprus 539; in 2011: Bulgarije 52 209
en Roemenië 50 836. Voor Cyprus zijn geen cijfers beschikbaar over 2011.
In 2009 werd 7,49% (Bulgarije), 4,45% (Roemenië) en 1,52% (Cyprus)
van de visumaanvragen geweigerd. In 2010 1,30% (Bulgarije),
6,89% (Roemenië) en 7,39% (Cyprus) en in 2011 0,58% (Bulgarije) en
7,61% (Roemenië). Voor Cyprus zijn geen cijfers beschikbaar over 2011. Volgens de informatie die door sommige
lidstaten is verstrekt, werden in 2011 de meeste visa geweigerd omdat gegevens
over het doel en de omstandigheden van het voorgenomen verblijf ontbraken of
onbetrouwbaar waren en omdat aanvragers niet overtuigend konden aantonen dat
zij voornemens waren terug te keren naar de Republiek Moldavië. Op 27 juni 2012 is een gewijzigde
visumversoepelingsovereenkomst tussen de EU en de Republiek Moldavië
ondertekend. 2.3. Overnameovereenkomst tussen
de EU en de Republiek Moldavië en overnameregeling van de Republiek Moldavië Overnameovereenkomst tussen de EU en de
Republiek Moldavië De overnameovereenkomst tussen de EU en de
Republiek Moldavië vergemakkelijkt een vlotte terugkeer van onregelmatige
migranten op basis van wederkerigheid, waardoor het risico van onregelmatige
migratie tussen de Republiek Moldavië en de EU wordt beperkt. Deze overeenkomst
is op 1 januari 2008 in werking getreden. Dit houdt in dat de Republiek
Moldavië heeft ingestemd met en zich houdt aan duidelijke verplichtingen en
voorwaarden voor de overname van eigen onderdanen die niet of niet meer voldoen
aan de voorwaarden voor toegang tot of verblijf op het grondgebied van de EU‑lidstaten
en van onderdanen van derde landen en staatlozen die illegaal rechtstreeks het
grondgebied van de lidstaten hebben betreden na een verblijf op of doorreis
over het grondgebied van de Republiek Moldavië, of die houder zijn van een door
de Republiek Moldavië afgegeven visum of verblijfsvergunning. De lidstaten melden regelmatig dat de overnameovereenkomst
over het geheel genomen naar tevredenheid wordt uitgevoerd. Dit wordt bevestigd
op de bijeenkomsten van het Gemengd Comité overname, waar beide partijen
informatie uitwisselen over de uitvoering van de overeenkomst en waar tot nu
toe geen problemen zijn gerezen. Tijdens de recentste bijeenkomst van het
Gemengd Comité overname op 23 mei 2012 in Chisinau, waaraan de EU-lidstaten ook
deelnamen, stelde de Commissie vast dat de overeenkomst over het geheel genomen
naar tevredenheid wordt uitgevoerd. De Republiek Moldavië heeft ook bilaterale
uitvoeringsprotocollen gesloten in het kader van de overnameovereenkomst tussen
de EU en de Republiek Moldavië. De uitvoeringsprotocollen met Oostenrijk,
Tsjechië, Estland, Hongarije, Duitsland, Letland, Litouwen, Malta, Roemenië en
Slowakije zijn al in werking getreden. De onderhandelingen met
Bulgarije, Italië, Polen en Nederland (dat mede namens België en Luxemburg
onderhandelt) zijn afgerond. De onderhandelingen met Cyprus, Portugal en
Spanje lopen nog. Mogelijk volgen in de toekomst nog onderhandelingen met
Finland, Ierland, Zweden en het Verenigd Koninkrijk. Ook Denemarken en Zwitserland hebben een
overnameovereenkomst met de Republiek Moldavië gesloten. De Republiek Moldavië bereikt goede resultaten
op dit gebied en dient haar aanzienlijke inspanningen op dit vlak voort te
zetten zodat de lopende gesprekken met de lidstaten kunnen worden afgerond. Overnameregeling van de Republiek Moldavië Naast de overnameovereenkomst met de EU heeft
de Republiek Moldavië ook met verschillende derde landen overnameovereenkomsten
gesloten of is zij daarover aan het onderhandelen. De overnamenovereenkomsten
met Noorwegen, Oekraïne en de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië
zijn al in werking getreden. Met Servië, Bosnië en Herzegovina en Montenegro
zijn overnameovereenkomsten ondertekend. De onderhandelingen met Turkije,
Oekraïne (ter vervanging van de overnameovereenkomst uit 1997), Albanië, de
Russische Federatie en Azerbeidzjan lopen nog en die met Libanon beginnen
waarschijnlijk binnenkort. De Republiek Moldavië dient ook te overwegen
onderhandelingen over overnameovereenkomsten te beginnen met andere belangrijke
landen van doorreis in de regio, alsook met landen waar veel migranten vandaan
komen. 2.4. Overeenkomst inzake klein
grensverkeer tussen Roemenië en de Republiek Moldavië De overeenkomst inzake klein grensverkeer
tussen Roemenië en de Republiek Moldavië is in oktober 2010 in werking
getreden. Volgens het tweede verslag van de Commissie over de tenuitvoerlegging
en de werking van de regeling voor klein grensverkeer die is vastgesteld bij
Verordening nr. 1931/2006[10], is de overeenkomst
tussen Roemenië en de Republiek Moldavië volledig in overeenstemming met de
verordening. 2.5. Visumregeling van de Republiek
Moldavië Onderdanen van de volgende landen zijn voor
een bezoek van maximaal 90 dagen vrijgesteld van de visumplicht voor de
Republiek Moldavië: alle lidstaten van de Europese Unie, Canada,
de Heilige Stoel, IJsland, Japan, Andorra, Monaco, Liechtenstein, Noorwegen,
San Marino, Israël, Zwitserland, de VS, Armenië, Azerbeidzjan, Belarus,
Georgië, Kazachstan, Kirgistan, de Russische Federatie, Tadzjikistan, Oekraïne
and Oezbekistan. Er hoeft geen visum te worden aangevraagd door
houders van diplomatieke en dienstpaspoorten van Albanië, Brazilië, Bosnië en
Herzegovina, Kroatië, Montenegro, Fyrom, Peru, Servië, Turkije en Vietnam (voor
een verblijf van maximaal 90 dagen) en van China, Iran en Turkmenistan (voor
een verblijf van maximaal 30 dagen). Er lopen onderhandelingen over een visumvrije
regeling met Chili, Mexico, Servië en Turkije. 3 – Mogelijke migratie-effecten van toekomstige
visumliberalisering 3.1. Huidige situatie Migratiestromen in het algemeen De Republiek Moldavië staat hoog op de lijst
van landen die afhankelijk zijn van overmakingen van migranten (vierde als het
gaat om het aandeel van overmakingen van migranten in het bbp[11])
en dus van arbeidsmigratie. Emigratie wordt beschouwd als een belangrijke
mogelijkheid om in je levensonderhoud te voorzien. De meeste Moldavische migranten trekken naar
de GOS-landen (voornamelijk de Russische Federatie) en naar de EU-lidstaten.
Ook Turkije, de VS, Canada en Israël zijn belangrijke landen van bestemming.
Binnen de EU zijn Italië, Spanje, Portugal, Duitsland, Roemenië, Tsjechië en
Griekenland de belangrijkste bestemmingen[12]. Volgens gegevens van Eurostat is het aantal
Moldavische burgers dat in de EU-landen staat geregistreerd, gestaag toegenomen
van 89 033 in 2006 tot 190 857 in 2011. Deze toename is wellicht
voornamelijk toe te schrijven aan regularisatieprogramma's in verschillende
lidstaten en aan de tenuitvoerlegging van de overeenkomst met Italië op het
gebied van arbeidsmigratie uit 2011. De gestage stijging van het aantal
migranten lijkt dan ook niet te moeten worden beschouwd als een aanwijzing dat
de migratie vanuit de Republiek Moldavië daadwerkelijk toeneemt. Andere
indicatoren betreffende het aantal verstrekte visa, het regelmatige
reizigersverkeer, weigeringen van toegang, illegaal verblijf en illegale
grensoverschrijdingen wijzen eerder op een stabiele of slechts licht toegenomen
migratie van Moldavische burgers naar de EU. Zoals hierboven al werd opgemerkt, zijn de
GOS-landen een belangrijke bestemming voor Moldavische migranten. Er zijn drie
factoren die de keuze tussen het GOS en de EU bepalen: ·
inreisaspecten: De
reiskosten naar de GOS-landen zijn lager en de formaliteiten minder omslachtig
(visumvrije regeling). ·
redenen voor de arbeidsmigratie (push- en
pullfactoren): Migranten die voor de GOS-landen
kiezen, kunnen vaak geen EU-visum krijgen en reageren eerder op directe
pushfactoren in de Republiek Moldavië (armoede en slechte
arbeidsvooruitzichten), terwijl migranten die voor de EU kiezen, eerder worden
aangetrokken door de bestaande migrantennetwerken in de landen van bestemming.
Migrantengemeenschappen in de EU spelen een belangrijke rol in de strategie van
potentiële migranten, omdat de ervaringen van lotgenoten helpen bij het afwegen
van de kosten, risico’s en mogelijke opbrengsten van een langdurig verblijf.
Frontex schat dat 75% van de Moldavische migranten bij aankomst in het land van
bestemming al zeker is van een activiteit die hen een inkomen oplevert. Kortom:
de arbeidsmigratie naar de GOS-landen is over het algemeen minder goed gepland
en komt meer voort uit onmiddellijke behoeften, terwijl de migratie naar de
EU-lidstaten meer is gebaseerd op advies en mogelijkheden. ·
duur van de migratie: Omdat
de reiskosten en de risico’s van illegaal verblijf in de GOS-landen betrekkelijk
beperkt zijn, is de migratie naar die landen nogal seizoensgebonden. Als gevolg
van de grotere risico's bij een volgende inreis en de hogere kosten van
eventuele illegale inreismethoden, vertrekken de meeste migranten uit de
Republiek Moldavië die naar de EU trekken, voor langere tijd. Velen van hen
vertrekken al met het voornemen om zich in de lidstaat van bestemming te
vestigen. De migratie naar de GOS-landen is dan ook voornamelijk circulair,
terwijl de migratie naar de EU eerder permanent is. Volgens officiële Eurostatgegevens over
verblijfsvergunningen zijn vrouwen veruit in de meerderheid onder de
arbeidsmigranten uit de Republiek Moldavië in de EU (in 2010 werden 24 845
verblijfsvergunning voor het verrichten van een betaalde activiteit verstrekt aan
vrouwen, tegen 8 298 aan mannen[13]). In sommige landen zijn
de mannen in de meerderheid, voornamelijk in Polen en Portugal. Moldaviërs
werken voornamelijk in de huishoudelijke sector en in de bouw en de landbouw;
slechts een gering percentage van de migranten heeft een baan voor
hoogopgeleiden. Volgens de Moldavische autoriteiten zijn de Moldavische
migranten relatief jong, namelijk tussen 20 en 49 jaar oud[14].
In 2010 bedroeg het percentage migranten dat hoger onderwijs had genoten 10%,
een stijgende tendens. Regelmatig reizigersverkeer Het aantal reizigers dat de Republiek Moldavië
verlaat is de afgelopen paar jaar gestaag toegenomen, zowel aan de land- als
aan de luchtgrenzen. Aan de luchtgrenzen werden in 2009 426 129
reizigers gemeld, in 2010 481 231 en in de eerste negen maanden van 2011
421 459. Aan de landgrenzen met Roemenië werden in 2009
1 078 024 reizigers gemeld, in 2010 1 922 753 en in de
eerste negen maanden van 2011 1 712 710[15]. Onregelmatige migratie Het percentage geweigerde visa voor kort verblijf
liep in 2010 voor de Schengenstaten uiteen van 23% voor Tsjechië tot 5,3% voor
Duitsland. In 2011 was het weigeringspercentage het hoogst in Italië (14,1%) en
het laagst in Duitsland (6,41%). Het gemiddelde weigeringspercentage voor een
Schengenvisum voor kort verblijf bedroeg in 2011 9,7% (een daling ten opzichte
van de 11,43% van 2010 en de 10,15% van 2009), wat nog altijd hoger is dan het
totale gemiddelde weigeringspercentage in het Schengengebied (5,5%) (zie ook
punt 2.2). De twee niet-Schengen lidstaten Bulgarije en
Roemenië wezen in 2009 respectievelijk 7,49% en 4,45% van de aanvragen voor een
nationaal visum voor kort verblijf af. In 2010 bedroegen deze percentages 1,3%
voor Bulgarije en 6,8% voor Roemenië en in 2011 0,58% voor Bulgarije en 7,61%
voor Roemenië (zie ook punt 2.2). In 2011 werden
3 435 illegaal verblijvende Moldaviërs in de EU gesignaleerd, 15% minder
dan in dezelfde periode van 2010. 1 571 Moldaviërs werd de toegang tot de
EU geweigerd aan de buitengrens, 7% minder dan in dezelfde periode van 2010
(zie tabel). FRAN-indicatoren voor Moldavische onderdanen. || || || || || || || || 2009 || % van EU-totaal || 2010 || % van EU-totaal || 2011 || % van EU-totaal || % verandering 2011 vs. 2010 || || || || || || || lllegaal verblijf || 4.182 || 1,0% || 4.023 || 1,1% || 3.435 || 1,0% || -15% In het land || 3.452 || 1,0% || 3.149 || 1,1% || 2.331 || 0,8% || -26% Aan de grens (bij uitreis) || 730 || 1,0% || 874 || 1,5% || 1.104 || 1,6% || 26% Weigering van toegang || 1.866 || 1,7% || 1.690 || 1,6% || 1.571 || 1,3% || -7,0% Landgrens || 1.582 || 3,0% || 1.427 || 2,6% || 1.360 || 2,3% || -4,7% Luchtgrens || 260 || 0,5% || 232 || 0,5% || 200 || 0,4% || -14% Zeegrens || 24 || 0,5% || 31 || 0,6% || 11 || 0,1% || -65% Terugkeerbesluiten || : || niet beschikbaar || : || niet beschikbaar || 1.463 || 0,6% || niet beschikbaar Daadwerkelijke terugkeergevallen || : || niet beschikbaar || : || niet beschikbaar || 2.012 || 1,4% || niet beschikbaar || || || || || || || Bron: Frontex, FRAN-gegevens vanaf 7mei 2012 Volgens Frontex komen de meeste migranten uit de Republiek
Moldavië de EU binnen via de landgrenzen, omdat dit goedkoper is en
omdat het risico op weigering kleiner is. Het risico om geweigerd te worden is momenteel aan de
luchtbuitengrenzen veel hoger dan aan de landbuitengrenzen. De meeste onregelmatige migranten
komen de EU binnen via reguliere grensdoorlaatposten en -procedures, en blijven
vervolgens langer dan is toegestaan. Zoals door verschillende lidstaten wordt gemeld,
is illegale binnenkomst een marginaal probleem als het om de Republiek
Moldavië gaat (213 gevallen op de belangrijkste punten van de groene grens van
de EU in de eerste negen maanden van 2011). Bovendien blijkt uit een
vergelijking met 2010 dat het aantal illegale grensoverschrijdingen met 34% is
gedaald. Het wekt dan ook geen verbazing dat het aandeel van Moldavische
burgers in het totale aantal illegale grensoverschrijdingen in de EU ook in
2011 zeer laag was. Frontex heeft opgemerkt dat het aantal
illegale grensoverschrijdingen door Moldavische onderdanen een constante daling
vertoont. Bovendien zijn het vaak dezelfde personen die meerdere keren illegaal
de grens oversteken. Volgens Frontex neemt het aantal Moldavische
onderdanen dat wordt betrapt op het gebruik van valse reisdocumenten
sinds 2009 voortdurend af (174 in 2009, 114 in 2010 en 45 in de eerste negen
maanden van 2011). Wat het vaakst voorkomt, zijn nagemaakte Roemeense
identiteitskaarten. Europol maakt ook melding van vervalste Italiaanse
identiteitskaarten en verblijfsvergunningen, alsook van Spaanse
verblijfsvergunningen (zie ook punt 4). Volgens de cijfers van de Moldavische
autoriteiten neemt het gebruik van valse identiteitskaarten en documenten door
Moldavische burgers af. Asiel De cijfers van Eurostat wijzen uit dat het
aantal asielverzoeken van Moldavische onderdanen in de EU al laag is en nog
verder afneemt (1 110 verzoeken in 2009, 735 in 2010 en 602 in 2011). Ook
het aantal positieve eindbeslissingen over verzoeken om internationale
bescherming van Moldavische onderdanen in de EU-lidstaten is gedaald (25 in
2009, 20 in 2010 en 15 in 2011). Volgens de gegevens van Frontex vragen de
meeste Moldaviërs asiel in Oostenrijk nadat is gebleken dat zij illegaal in de
EU verblijven. Volgens de gegevens die door de Moldavische
autoriteiten zijn verstrekt, is het aantal asielzoekers in de Republiek
Moldavië betrekkelijk laag (60 verzoeken in 2011, 90 in 2010 en 50 in 2009). In
2011 werd aan drie personen de vluchtelingenstatus en aan twintig personen
humanitaire bescherming toegekend (inclusief staatlozen). Legale migratie Het aantal
Moldaviërs dat legaal in de EU-lidstaten verblijft, is de afgelopen jaren
toegenomen (129 642 in 2008, 166 977 in 2009 en 184 501 in
2010). Uit de gegevens van Eurostat blijkt dat de meeste verblijfsvergunningen
worden afgegeven aan personen die een bezoldigde activiteit willen verrichten;
daarna volgen de verblijfsvergunningen die worden afgegeven met het oog op
gezinshereniging, een categorie die een stijgende tendens vertoont. Eerste verblijfsvergunningen voor Moldaviërs || Onderwijs || Bezoldigde activiteit || Gezins-hereniging || Andere redenen || Totaal 2008 || 2.727 || 36.766 || 10.555 || 8.394 || 58.442 2009 || 2.981 || 21.977 || 10.905 || 9.729 || 45.592 2010 || 2.931 || 34.648 || 16.674 || 1.353 || 55.606 Bron: Eurostat Uit de gegevens van het EUI blijkt dat
hoogopgeleide migranten die al in de EU verblijven, de visumregeling niet
zozeer als een probleem voor zichzelf beschouwen, maar meer voor hun familie
en voor het onderhouden van familiebanden. Migranten, ook hoogopgeleide
migranten, en toeristen zijn doorgaans slecht op de hoogte van hun rechten
(zoals het recht op bezwaar tegen de weigering van een visum) op grond van de
visumversoepelingsovereenkomst en de visumcode. De verschillen in de tenuitvoerlegging
van de visumversoepelingsbepalingen door de consulaten van de EU-lidstaten
baart hoogopgeleide Moldavische migranten zorgen en bepaalt mede de keuze van
hun bestemming. Andere belangrijke factoren zijn de tijd die verstrijkt tussen
de visumaanvraag en de beslissing daarover, de kosten[16]
en de administratieve rompslomp (rekening houdend met het feit dat de
visumversoepelingsovereenkomst en de visumcode alleen van toepassing zijn op
kort verblijf, en dat langdurig verblijf bij nationale wetgeving is geregeld). Ten slotte wijst de EUI-analyse uit dat de
visumregeling amper effect heeft op de uitwisseling van onderzoekers en
studenten, die vaak niet kunnen deelnemen aan conferenties of
uitwisselingen omdat hun visumaanvraag wordt afgewezen of het visum te laat
wordt verstrekt. Daardoor blijft de samenwerking en de uitwisseling van ideeën
tussen de EU en de Republiek Moldavië beperkt en worden de inspanningen van de
EU om de ontwikkeling van de Republiek Moldavië te ondersteunen en het land
dichter bij de EU-normen en waarden te brengen, ondermijnd. Ook contacten en
uitwisselingen in het bedrijfsleven worden er door gehinderd. 3.2. Belangrijkste mogelijke effecten Migratiestromen in het algemeen Bij het bestuderen van de mogelijke effecten
van visumliberalisering op de migratiestromen tussen de Republiek Moldavië en
de EU, moet niet uit het oog worden verloren dat visumliberalisering alleen
betekent dat reizen naar de EU minder voorbereidingstijd en geld zal kosten.
Arbeidsmigratie naar de EU of de Russische Federatie zal waarschijnlijk een
zeer aantrekkelijke strategie blijven om in het levensonderhoud te voorzien.
Ongeacht de economische en politieke ontwikkelingen in de Russische Federatie
blijft de EU waarschijnlijk een aantrekkelijke optie voor arbeidsmigranten, ook
zonder of met slechts een beperkte economische groei. Ook de vraag naar
huishoudelijk werk in de lidstaten zal waarschijnlijk ongevoelig zijn voor
eventuele toekomstige economische tegenslagen. Het EUI wijst er echter op dat
het migrantenpotentieel opdroogt als gevolg van de demografische
situatie in de Republiek Moldavië: Moldavië is het snelst vergrijzende land van
Europa. Zoals blijkt uit de Moldavische
arbeidsmigratie naar Portugal[17], wordt arbeidsmigratie
gereld door een zelfregulerend mechanisme waardoor legale en onregelmatige
immigratie toenemen wanneer de vraag naar arbeidskrachten aantrekt, en afnemen
wanneer de vraag inzakt. Nieuwe legale toegangswegen zullen dan ook
waarschijnlijk leiden tot meer circulaire migratie van Moldavische burgers
die illegaal in de EU werken. Het EUI merkt op dat dezelfde mechanismen te
zien waren in de jaren negentig, toen onderdanen van de Midden-Europese landen
zonder visum naar de EU konden reizen. De gegevens die door het EUI zijn verzameld,
wijzen erop dat de tijdelijke en kortdurende migratie van de Republiek
Moldavië naar de EU zal toenemen, zowel voor bona fide bezoeken
(de meerderheid) als voor werkgelegenheid voor de korte termijn. Uit eerdere
ervaringen (zoals de afschaffing van de visumplicht voor burgers van de
Midden-Europese landen halverwege de jaren negentig of de toetreding van deze
landen tot de EU), blijkt dat het opheffen van een belemmering voor mobiliteit
leidt tot een toename van de migratie, die zich na verloop van tijd weer stabiliseert.
De omvang van deze toename, zo blijkt uit de
ervaringen op het gebied van interne mobiliteit na de laatste EU-uitbreiding,
is afhankelijk van een aantal factoren, zoals nabijheid en openheid, het
bestaan van een migrantennetwerk, de toestand op de arbeidsmarkt in het land
van bestemming, de mogelijkheden in het land van herkomst, of de concurrentie
van andere aantrekkelijke bestemmingen buiten de EU. De toename van de migratie
is waarschijnlijk tijdelijk, hoewel het EUI een permanente toename niet uitsluit,
gezien de gezinsherenigingspatronen in sommige lidstaten (bv. Italië). De duur
van deze tijdelijke toename is moeilijk te voorspellen, omdat die wordt bepaald
door verschillende variabelen: de geneigdheid om te migreren, de financiële
middelen die kunnen worden besteed aan toerisme, en de stand van de economie in
de Republiek Moldavië en in het land van bestemming. Visumliberalisering zal niet veel effect
hebben op de duur van de perioden die onregelmatig in de EU verblijvende
Moldavische migranten in hun land van herkomst doorbrengen, gezien hun gebrek
aan vrije tijd en het risico op verlies van hun baan in de EU. De
liberalisering zal geen effect hebben op de circulaire migratie van Moldaviërs
met een verblijfsvergunning voor de EU, omdat zij nu ook zonder visum uit de
Republiek Moldavië kunnen terugkeren naar de EU. Regelmatig reizigersverkeer Het regelmatige reizigersverkeer zal
waarschijnlijk toenemen, omdat het reizen naar de EU
door de visumliberalisering gemakkelijker en goedkoper wordt. Onregelmatige migratie De migratiedruk op de EU-grenzen zal eerder
toe- dan afnemen als zich in de Republiek Moldavië grote economische en sociale
problemen blijven voordoen ondanks het hoge tempo van de structurele
hervormingen en de grote economische groei (de groei van het bbp bedroeg 7,1%
in 2010 en 6,4% in 2011). EUBAM verwacht dat de omvang van de
onregelmatige migratie van de Republiek Moldavië naar de EU-lidstaten gelijk
zal blijven. Het aantal onregelmatige migranten, hun aanpak en hun route
kunnen jaarlijks variëren, afhankelijk van verschillende interne en externe
push- en pullfactoren. De verhouding tussen de kans niet te worden toegelaten aan
de luchtbuitengrenzen en niet te worden toegelaten aan de landbuitengrenzen zal
niet veranderen als de visumplicht wordt afgeschaft. De meeste arbeidsmigranten zullen ervoor
blijven kiezen de EU over land binnen te gaan en vervolgens door te reizen naar
het land van bestemming. Wat de bestemming betreft, zullen de lidstaten
met de grootste Moldavische gemeenschappen waarschijnlijk de eerste keuze
blijven van arbeidsmigranten uit de Republiek Moldavië. Frontex en het EUI verwachten dat arbeidsmigranten uit de
Republiek Moldavië de toegestane verblijfstermijn van 90 dagen per zes maanden
zullen overschrijden als zij het risico lopen hun baan kwijt te raken. Om te voorkomen dat zij op
illegaal verblijf worden betrapt, wat negatieve gevolgen zou hebben, zouden
migranten er wellicht eerder voor kiezen vaker de EU te verlaten en weer terug
te komen (waardoor het gebruik van valse in- en uitreisstempels zou kunnen
toenemen).
Anderzijds blijkt
uit de mobiliteitservaringen binnen het GOS en het reizigersverkeer van
onderdanen van sommige Midden- en Oost-Europese landen in de jaren negentig dat
de legale mobiliteitsmogelijkheden migranten ertoe kunnen aanzetten heen en
weer te reizen binnen de voorgeschreven perioden. Afschaffing van de visumplicht kan ook een uitweg uit de
illegaliteit bieden voor Moldaviërs die illegaal in de EU verblijven en
niet weg kunnen, als het niet zulke zware gevolgen zou hebben als aan de grens
wordt ontdekt dat zij de toegestane verblijfsduur hebben overschreden. Criminele bendes die zich bezighouden met
mensensmokkel en hulp bij onregelmatige migratie zullen hun werkwijze
waarschijnlijk aanpassen aan de afschaffing van de visumplicht en hun
activiteiten misschien opvoeren (zie punt 4). Als de regels voor de afgifte van identiteits-
en reisdocumenten en de beveiliging daarvan niet strikt worden toegepast,
bijvoorbeeld voor ICAO-conforme biometrische paspoorten, zullen personen en
georganiseerde criminele groepen wellicht proberen gebruik te maken van de
mazen in de wetgeving. EUBAM verwacht dat de Republiek Moldavië zijn
huidige positie als land van doorreis voor onregelmatige migranten naar
de EU zal behouden. EUBAM denkt dat visumliberalisering de Republiek Moldavië
aantrekkelijker zal maken voor migranten uit het GOS en de Centraal-Aziatische
landen. Op basis van het bovenstaande zouden de volgende maatregelen kunnen worden overwogen: Door de Republiek Moldavië, overeenkomstig het VLAP: · de grenscontroles blijven aanscherpen, bijvoorbeeld met risicoanalyses en bewakingsmaatregelen, corruptie aan de grens voorkomen en bestrijden, en de samenwerking met EUBAM bij alle aspecten van grensbeheer verder uitbreiden; · continue, gerichte voorlichtingscampagnes organiseren om duidelijk te maken welke rechten en verplichtingen visumvrij reizen met zich brengt, welke regels er gelden voor de toegang tot de EU-arbeidsmarkt (bijvoorbeeld via het EU-immigratieportaal) en hoe de aansprakelijkheid voor het misbruik van de rechten in het kader van de visumvrije regeling is geregeld; · regelmatig met de EU-autoriteiten gegevens uitwisselen over verloren en gestolen biometrische paspoorten, met name via de databank van Interpol voor verloren en gestolen reisdocumenten; · evenredige, doeltreffende en afschrikkende sancties vaststellen en opleggen aan personen die worden veroordeeld voor het verkopen of uitlenen van hun paspoort; · het wettelijke en institutionele kader betreffende de burgerlijke stand versterken om misbruik van naams- of identiteitsveranderingen voor het verkrijgen van een nieuw paspoort te voorkomen. Er moeten duidelijke regels worden opgesteld en toegepast voor naamsveranderingen en er moeten doeltreffende controle- en traceerbaarheidsmaatregelen worden getroffen; · corruptie op alle niveaus en op alle gebieden voorkomen en bestrijden. Door de EU en de lidstaten: · xxtra inspanningen doen om het percentage reizigers van wie de biometrische gegevens door de grenscontroleautoriteiten van de EU-lidstaten zijn gecontroleerd, geleidelijk te verhogen; · in alle buitengrenssectoren waar grote aantallen Moldavische onderdanen de grens passeren, nieuwe IT-oplossingen gebruiken voor het berekenen van de totale verblijfsduur, overeenkomstig de uitgangspunten van de mededeling over slimme grenzen[18]; · de lidstaten dienen meer inspanningen te doen om de Commissie en de desbetreffende EU-agentschappen gedetailleerde statistieken te verstrekken over de tenuitvoerlegging van de overnameovereenkomsten. Overige relevante maatregelen op het niveau van de EU en van de lidstaten: · harmonisatie van de regels tegen illegale tewerkstelling van onderdanen van derde landen, waartoe de richtlijn inzake sancties tegen werkgevers de aanzet geeft[19]; · meer mogelijkheden bieden voor legale migratie naar de EU; · blijven samenwerken met de Republiek Moldavië om daar betere arbeidsmogelijkheden te scheppen. Asiel Om het effect van de afschaffing van de
visumplicht op het aantal asielverzoeken te kunnen inschatten, moet rekening
worden gehouden met verschillende factoren, zoals uit eerdere ervaringen met de
landen van de westelijke Balkan is gebleken[20]. Met name een beperkte
integratie van minderheden, in het bijzonder Roma, en een slechte toegang
van deze minderheden tot onderwijs, huisvesting, werkgelegenheid en
gezondheidszorg kan leiden tot meer misbruik van het asielstelsel in de
EU-lidstaten. Daarnaast maakten de ernstige politieke en economische
marginalisering, een aanzienlijke inkomenskloof met de rest van de
maatschappij, de geografische nabijheid van de EU, de lage reiskosten en de aan
asielverzoeken gekoppelde steun het indienen van een asielverzoek tot een
aantrekkelijke migratiestrategie voor de korte termijn voor sommige
gemeenschappen op de westelijke Balkan. Financiële steun voor de terugkeer van
afgewezen asielzoekers kan ook een belangrijke factor zijn. De Republiek Moldavië telt een aantal etnische
minderheden, waarvan de Oekraïners, de Russen, de Gagaoezen, de Bulgaren en
de Roma (zie punt 5) de belangrijkste zijn. De rechten van de Gagaoezische minderheid
zijn in 1994 erkend en grondwettelijk gewaarborgd met de vorming van het
Autonoom territoriaal gebied Gagaoezië. Hoewel de Roma over het algemeen in een achterstandspositie
verkeren op het gebied van onderwijs, werkgelegenheid, gezondheidszorg,
leefomstandigheden en deelname aan de besluitvorming, hebben de autoriteiten
van de Republiek Moldavië zich ingezet voor de verbetering van de situatie van
deze minderheid en vooruitgang geboekt met de ondersteuning en integratie van
de Romagemeenschap. Er
wordt momenteel een actieplan voor steun aan de Roma 2011-2015 uitgevoerd, dat
in 2012 is bijgesteld en nu voldoet aan de internationale vereisten op dit
gebied.
Er zijn
Roma-bemiddelaars aangesteld die optreden als tussenpersoon tussen de
autoriteiten en de minderheidsgemeenschappen, moeten helpen bij de
tenuitvoerlegging van het actieplan en in bredere zin de integratie van Roma
moeten bevorderen. Hoewel het niet kan worden
uitgesloten, zijn er momenteel dan ook geen aanwijzingen dat het aantal
asielverzoeken van Moldavische onderdanen zal toenemen na de
visumliberalisering. Op basis van het bovenstaande zouden de volgende maatregelen kunnen worden overwogen: Door de Republiek Moldavië: · continue, gerichte voorlichtingscampagnes organiseren om duidelijk te maken welke rechten en verplichtingen visumvrij reizen met zich brengt, welke regels er gelden voor de toegang tot de EU-arbeidsmarkt en hoe de aansprakelijkheid voor het misbruik van de rechten in het kader van de visumvrije regeling is geregeld. Door de EU en de lidstaten: · het beleid inzake asielprocedures van de lidstaten verder op elkaar afstemmen, met name wat betreft de lengte van de procedures, uitkeringen voor asielzoekers en eventuele financiële steun bij terugkeer. Legale
migratie Het EUI verwacht wel dat migranten in de EU
wat vaker naar hun land van herkomst zullen reizen, maar niet dat er veel
nieuwe migranten uit de Republiek Moldavië naar de EU komen. De
liberalisering zal geen effect hebben op de circulaire migratie van Moldaviërs
die een verblijfsvergunning voor de EU hebben, omdat zij nu ook zonder visum
uit de Republiek Moldavië kunnen terugkeren naar de EU. De beschikbaarheid van
financiële middelen (en niet de visumplicht) zal de doorslaggevende factor zijn
bij de beslissing van Moldavische migranten om naar hun land van herkomst te
reizen. Visumliberalisering zal het positieve effect
van migratie op ontwikkeling vergroten, vooral omdat migratie minder negatieve
sociale gevolgen zal hebben als het gemakkelijker wordt om de familiebanden
en het contact met de Republiek Moldavië te onderhouden. Achterblijvende
familieleden zullen minder negatieve gevolgen ondervinden, in het bijzonder
minderjarigen en ouderen, omdat het gemakkelijker wordt om het geëmigreerde
familielid te bezoeken. Ook in dit geval zal echter de beschikbaarheid van
financiële middelen de belangrijkste rol spelen. De verruiming van de mogelijkheden voor kort
verblijf als gevolg van de visumliberalisering zal er om twee redenen toe
leiden dat de EU aantrekkelijker wordt als bestemming voor
hoogopgeleide migranten: familiebezoek wordt eenvoudiger, zoals hierboven
reeds werd gesteld, en de EU krijgt een gunstiger imago als bestemming. Visumliberalisering zal een positief effect
hebben op zakelijke contacten en activiteiten, op onderzoek en innovatie, en op
de mobiliteit van studenten en onderzoekers, en daarmee een langdurig positief
effect op de economie. 4 – Mogelijke veiligheidseffecten[21]
van toekomstige visumliberalisering 4.1. Huidige situatie Volgens Europol zijn er in ten minste negen
EU-lidstaten al Moldavische georganiseerde criminele groepen (OCG's: organised
crime groups) actief. Sommige daarvan houden zich bezig met goed georganiseerde
criminele activiteiten en onderhouden banden met het horizontale Russischtalige
"thieves-in-law”-netwerk Daarnaast zijn er kleinere groepen
die op kleinere schaal actief zijn zonder gestructureerde voorbereiding en
algemene strategie, en die amper banden onderhouden met criminele groepen in de
EU. Moldavische OCG’s lijken geen belangrijke rol te spelen in de hiërarchie
van georganiseerde criminele groepen in de EU. Zoals alle OCG’s die zijn ontstaan in de voormalige Sovjet-Unie,
onderhouden ook Moldavische OCG’s nauwe banden met OCG’s uit andere delen van
de voormalige Sovjet-Unie. Soms treden zij op als tussenpersoon tussen OCG’s
uit de voormalige Sovjet-Unie en OCG’s die actief zijn in de EU. Daardoor
worden Moldavische OCG’s vaak ondergebracht in de categorie “Russischtalige OCG’s”.
Moldavische OCG’s zijn actief in verschillende
criminele knooppunten in de EU, als gedefinieerd in de door Europol opgestelde
dreigingsevaluatie van de georganiseerde criminaliteit (OCTA)[22].
Volgens Europol zijn Moldavische OCG’s
voornamelijk betrokken bij de volgende criminele activiteiten: Mensensmokkel,
hulp bij onregelmatige immigratie, georganiseerde diefstal, fraude met
betaalkaarten, sigarettensmokkel en cybercriminaliteit. Sommige van deze
bevindingen worden bevestigd door de feedback van "Operatie Akkerman[23]". i) Mensenhandel De Republiek Moldavië is een land van
herkomst en, in mindere mate, van doorreis en bestemming voor vrouwen en
meisjes als het gaat om seksuele uitbuiting, en voor mannen, vrouwen en
kinderen als het gaat om arbeidsuitbuiting[24]. Moldavische
slachtoffers van mensenhandel lijken steeds vaker te worden gedwongen tot
arbeid of dienstverlening, met name als verpleegsters, kinderoppas en gezins-
of ouderenverzorgers. Moldavische OCG’s houden zich voornamelijk bezig
met het ronselen van slachtoffers, hoofdzakelijk voor seksuele
uitbuiting in de EU. Soms buiten zij de slachtoffers zelf uit. De werkwijzen
van de mensenhandelaars zijn de laatste jaren niet noemenswaardig veranderd.
Ronselaars werven hun slachtoffers meestal door middel van bedrog en soms
door middel van geweld[25]. Slachtoffers worden vaak gedwongen de nodige
documenten te betalen, zoals paspoorten en identiteitskaarten, visa, contracten
met nachtclubeigenaren en een ziektekostenverzekering. Hierdoor wordt hun
schuld bij de OCG’s nog groter en blijft de uitbuiting duren. OCG’s maken
gebruik van bepaalde legitieme bedrijfsstructuren om slachtoffers te ronselen
en uit te buiten in de EU. De cijfers die de Moldavische autoriteiten
hebben verstrekt, laten een daling zien van het aantal gevallen van
mensenhandel: het aantal geregistreerde gevallen daalde van 243 in 2006 tot 111
in 2011[26]. Volgens cijfers van het
IOM is ook het aantal slachtoffers dat als zodanig is geïdentificeerd en hulp
krijgt, gedaald van 273 in 2007 tot 98 in 2011[27]. Ook het aantal
gevallen van kinderhandel is gedaald: van 61 in 2006 tot 23 in 2011[28]. Volgens de cijfers van de Moldavische
autoriteiten zijn aan de hand van een aantal onderzoeksmaatregelen
verschillende criminele groepen die zich bezighielden met mensenhandel en
aanverwante criminele activiteiten opgespoord en opgerold[29]. ii) Hulp bij onregelmatige immigratie OCG’s zijn ook
betrokken bij de uitbuiting van Moldavische migranten die het land van
bestemming niet legaal binnenkomen en er niet legaal werken of verblijven.
Moldavische OCG’s werken nauw samen met OCG’s uit de buurlanden, met name
Oekraïne; de bendes helpen elkaar met vervoer en vervalste documenten.
Wat hulp bij onregelmatige immigratie vanuit de Republiek Moldavië betreft,
zijn gevallen van vervalste Italiaanse en Roemeense identiteitskaarten en
Italiaanse en Spaanse verblijfsvergunningen gemeld (zie ook punt 3). OCG’s die zich bezighouden met onregelmatige
migratie van Moldavische onderdanen hebben actieve leden in de Republiek
Moldavië die potentiële onregelmatige migranten ronselen. Er zijn ook leden van
Moldavische OCG’s gesignaleerd in Oekraïne (waar zij betrokken waren bij de
vervalsing van documenten en optraden als gids aan de grens tussen Oekraïne en
Hongarije) en in Roemenië (waar zij zich bezighielden met het namaken van
identiteitskaarten en paspoorten). Bij het mogelijk maken van onregelmatige
migratie wordt kennelijk gebruikgemaakt van legale bedrijven. iii)
Drugshandel De Republiek Moldavië
wordt in de eerste plaats beschouwd als doorvoerland, waar naar verluidt
ook cocaïne wordt opgeslagen en verder wordt verwerkt[30]. Uit de cijfers van de
Moldavische autoriteiten spreekt een daling van de drugshandel: 2144 strafzaken
in 2007 tegen 1606 in 2011[31]. De bevindingen aan de
Moldavisch-Oekraïense grens voor 2011 geven een beeld van de huidige stand van
zaken van de drugshandel[32]. iv)
Georganiseerde diefstal Moldavische OCG’s
zijn betrokken bij verschillende soorten georganiseerde diefstal. Zij leggen
zich met name toe op de diefstal van vrachtwagens, bedrijfswagens en
landbouwvoertuigen. De OCG’s zijn klein (3 tot 5 leden) en gebruiken
basistechnieken en werkwijzen (voornamelijk plotselinge overvallen met gebruik
van geweld; pas nadat het feit is gepleegd wordt een afnemer gezocht). v) Smokkel van
hoge-accijnsgoederen Samen met Oekraïne
en in toenemende mate ook Belarus en de Russische Federatie was de Republiek
Moldavië de afgelopen jaren een van de belangrijkste aanvoerlanden van
sigaretten die de EU worden binnengesmokkeld, en deze situatie lijkt ernstiger
te worden. De Republiek Moldavië staat al langer bekend als aanvoer- en
doorvoerland van gesmokkelde sigaretten en speelt een steeds belangrijker
rol op dit gebied nu de tabaksprijzen in veel EU-landen stijgen, met name in de
landen die in 2004 of in 2007 zijn toegetreden tot de EU. Op de zwarte markt in
de EU-lidstaten zijn steeds meer sigaretten uit de Republiek Moldavië te
vinden. Daarom heeft de Commissie in 2011 een actieplan opgesteld voor de
bestrijding van de smokkel van sigaretten en alcohol aan de oostgrens van de EU[33]. Nauwere
samenwerking bij het voorkomen en bestrijden van de illegale handel in
tabaksproducten is ook een van de doelstellingen van het strategisch kader voor
de douanesamenwerking tussen de EU en de Republiek Moldavië[34].
De Republiek Moldavië is een van de grootste
producenten van echte sigaretten die de EU worden binnengesmokkeld. Het
populairste merk “goedkope, witte sigaretten” wordt legaal geproduceerd in de
Republiek Moldavië, Kaliningrad en Oekraïne[35]. Moldavische
OCG’s leveren ook grondstoffen aan OCG’s in de EU die zich bezighouden met de
productie, de verpakking en de distributie van namaaksigaretten. Omdat er
weinig risico's aan verbonden zijn terwijl ze wel veel winst opleveren, komen
deze activiteiten waarschijnlijk op grotere schaal voor dan de officiële
statistieken doen vermoeden. De cijfers van de
Moldavische autoriteiten wijzen uit dat het aantal in beslag genomen pakjes
sigaretten is gestegen van 201 588 in 2008 tot 276 337 in 2011. vi) Wapenhandel
Er zijn momenteel
geen duidelijke aanwijzingen voor georganiseerde wapen- en munitiehandel via de
Moldavisch-Oekraïense grens. Bij de wapens die in beslag werden genomen, ging
het vooral om luchtdrukwapens en jachtgeweren met bijbehoren munitie die van Oekraïne
naar de Republiek Moldavië werden vervoerd[36]. 4.2. Belangrijkste mogelijke effecten Visumliberalisering
zal waarschijnlijk niet veel effect hebben op het gedrag en de werkwijzen van
de "meer gestructureerde" OCG’s,
omdat deze er nu, onder de huidige visumregeling, ook al in slagen verkeer
tussen de EU en de Republiek Moldavië op gang te houden. Hun expertise in het
omzeilen van de visumbeperkingen is een van de oorzaken van hun succes (met
name als het gaat om mensensmokkel en hulp bij onregelmatige
immigratie). Maar door de visumliberalisering zal de vraag naar deze
expertise waarschijnlijk afnemen. De "minder gestructureerde"
OCG’s zullen waarschijnlijk wel op de een of andere manier van de
visumvrijstelling profiteren. Hoewel de activiteiten van deze groepen
minder omvangrijk zijn, zou de huidige criminele status quo kunnen veranderen
als zij toegang krijgen tot de EU (bijvoorbeeld doordat zij zich gemakkelijker
op nieuwe activiteiten kunnen richten). Hoewel op basis
van de beschikbare gegevens moeilijk valt in te schatten in hoeverre
Moldavische OCG's een bedreiging vormen voor de EU, is het van belang dit
te blijven volgen. Visumliberalisering zou de huidige dynamiek van criminele
activiteiten kunnen wijzigen. Het is echter in dit stadium moeilijk te
voorspellen in hoeverre visumliberalisering effect zal hebben op elk van die
activiteiten. i)
Mensenhandel De visumliberalisering zou een effect kunnen hebben op OCG's die actief
zijn op het gebied van mensenhandel, alsmede op de slachtoffers en de routes.
Er zijn Moldavische OCG’s die zich bezighouden met het ronselen van
slachtoffers en het vervoer van slachtoffers naar de EU; een visumvrije
regeling zou OCG’s die in de EU een stevige greep op de criminele markten
hebben, de mogelijkheid kunnen bieden de Moldavische OCG’s links te laten
liggen en hun slachtoffers rechtsreeks te ronselen. Tegelijkertijd zouden potentiële slachtoffers van mensenhandelaars, die
geen illegale hulp meer nodig hebben om de grens over te steken, kunnen
proberen zelf de EU binnen te komen, waardoor een van de belangrijkste
criminele activiteiten van de OCG’s zal afnemen. Een van de “diensten"
die worden aangeboden door mensenhandelaars is het vervoer van de slachtoffers
naar de EU, waar zij vervolgens worden verkocht en uitgebuit door andere OCG’s.
Als de visumplicht wordt afgeschaft, zal de vraag naar dergelijke
"diensten" de facto wegvallen, omdat de slachtoffers geen hulp meer
van de OCG’s nodig hebben. Om te voorkomen dat het aantal slachtoffers afneemt
en de winst daalt, zouden de OCG’s geneigd kunnen zijn nieuwe strategieën uit
te werken en zich op nieuwe criminele activiteiten te richten. ii) Hulp bij
onregelmatige immigratie Door de afschaffing van de visumplicht zou de
Republiek Moldavië aantrekkelijker kunnen worden voor de OCG’s die
onregelmatige migranten vervoeren, maar er zijn geen duidelijke aanwijzingen in
die richting (zie ook punt 3). iii) Drugshandel Het ligt niet voor de hand dat de Republiek
Moldavië een knooppunt voor de drugshandel wordt. Wellicht zal het in lichte
mate invloed ondervinden vanuit de noordelijke route[37],
en mogelijk zullen sommige Moldavische OCG’s tijdelijk drugsvoorraden aanleggen
in de Republiek Moldavië. Aan de grens tussen de Republiek Moldavië en
Oekraïne zal het risiconiveau op het gebied van illegaal vervoer van narcotica,
met name synthetische drugs, via de doorlaatposten aan de landgrens
waarschijnlijk gelijk blijven. iv) Georganiseerde diefstal Diefstal, met zijn vele verschijningsvormen,
zou een van de gebieden kunnen zijn waar het effect van de visumliberalisering
het grootst is. Moldavische OCG’s die zich bezighouden met diefstal zouden
gebruik kunnen maken van de visumliberalisering om samen te gaan werken met
OCG’s die al in de EU zijn gevestigd. v) Smokkel van
hoge-accijnsgoederen Mogelijk zal er
een groot effect zijn op de sigarettensmokkel, omdat deze activiteit zou kunnen
worden beschouwd als een gemakkelijk te beheren criminele activiteit die weinig
risico met zich brengt maar veel oplevert. vi) Wapenhandel Uit de beschikbare
informatie kan niet worden afgeleid dat de afschaffing van de visumplicht
effect zal hebben op de wapenhandel. Hoewel uit de cijfers over in beslag
genomen wapens en andere beschikbare informatie blijkt dat het risico op
wapenhandel momenteel niet erg groot is, moeten de mogelijkheden van
wapenhandel in samenhang met de opslag van wapens en munitie in de regio
Trans-Dnjestrië goed in de gaten worden gehouden. Op basis van het bovenstaande zouden de volgende maatregelen kunnen worden overwogen: Door de Republiek Moldavië, overeenkomstig het VLAP: · intensiever samenwerken met de buurlanden. De bilaterale en internationale samenwerking en uitwisseling op het gebied van statistische en analytische gegevens en tactische/operationele gegevens/inlichtingen verbeteren, door middel van maatregelen zoals het opzetten van/deelnemen aan gemeenschappelijke grensoverschrijdende operaties, gemeenschappelijke onderzoeksteams en gemeenschappelijke inlichtingeneenheden, het uitbreiden van de mogelijkheden voor de uitwisseling van verbindingsambtenaren bij dergelijke operaties, en het aanbieden van opleidingen voor het verrichten van gemeenschappelijke grens- en douanecontroles; · de opleiding en de capaciteit inzake internationale samenwerking op het gebied van douane, rechtshandhaving en informatie-uitwisseling verbeteren; · de samenwerking met EUBAM verder uitbreiden; · de controleactiviteiten aan de gemeenschappelijke grens coördineren. Inlichtingen delen en meer doen aan gemeenschappelijke situatiebeoordeling op operationeel niveau; · het verzamelen van gegevens over criminelen en OCG’s op nationaal niveau verbeteren, onder andere door nationale databanken op te zetten of de bestaande te verbeteren; · blijven werken aan betere indicatoren en aan het verzamelen van gegevens over criminaliteit op alle gebieden; · het justitiële systeem versterken, onder andere op het vlak van de justitiële samenwerking in strafzaken, vooral als het gaat om wederzijdse rechtsbijstand; · bij wijze van prioriteit anti-corruptiemaatregelen doorvoeren op alle gebieden, mede in het bredere kader van de handhaving van de rechtsstaat. De nationale autoriteiten zouden corruptie op alle niveaus moeten kunnen bestrijden: op centraal, regionaal, lokaal en sectoraal niveau, en daarbij met name aandacht moeten besteden aan de rechtshandhavings- en de douaneautoriteiten; · getuigen van mensenhandel goed beschermen en de bescherming, hulp en bijstand aan slachtoffers van mensenhandel verder verbeteren. Door de EU en de lidstaten: · meer en uitgebreidere operaties uitvoeren via samenwerkende agentschappen en landen, waarbij de doelstellingen top-down worden vastgesteld. Europol zou hierbij kunnen optreden als platform voor de coördinatie van multilaterale rechtshandhavingsoperaties. De informatie die bij dergelijke operaties wordt verzameld, moet vervolgens worden gebruikt voor het opstellen van specifieke dreigings- en risicoanalyses; · de grenscontroles aanscherpen overeenkomstig de Schengengrenscode en de mededeling over slimme grenzen[38], zodat er een doeltreffend systeem wordt ontwikkeld voor het signaleren en aanpakken van overschrijdingen van de toegestane verblijfsduur en voor het opsporen van activiteiten die mogelijk wijzen op georganiseerde criminaliteit; · overeenkomstig de “EU-strategie voor de uitroeiing van mensenhandel 2012-2016”[39] gerichte acties uitvoeren, met name ten aanzien van minderjarigen. Er zij in dit verband op gewezen dat Frontex binnenkort een handleiding op het gebied van de bestrijding van mensenhandel uitbrengt voor grenswachten en dat de Commissie in 2012 met richtsnoeren voor het herkennen van slachtoffers van mensenhandel komt voor consulaire diensten en grenswachten. Door de EU, de lidstaten en de Republiek Moldavië: · de samenwerking tussen de Moldavische autoriteiten en de autoriteiten van de lidstaten uitbreiden, onder meer op het gebied van de informatie-uitwisseling met Europol; · de samenwerking tussen de autoriteiten van Moldavië en die van de EU-lidstaten op het gebied van de bescherming en bijstand van slachtoffers van mensenhandel verbeteren, onder andere bij het herkennen, doorverwijzen en veilig laten terugkeren van slachtoffers van mensenhandel; · procedures voor de inbeslagname van vermogensbestanddelen afspreken met de Moldavische autoriteiten, teneinde gestolen goederen of de winst die daarmee wordt behaald, te kunnen terugvorderen en de OCG’s financieel minder sterk te maken en daardoor gemakkelijker te kunnen ontmantelen; · regelmatig dreigingsanalyses opstellen en informatie uitwisselen over zware criminaliteit, onder leiding van Europol en zo nodig met ondersteuning van Interpol. Vergelijkbare criminaliteitsgegevens verzamelen op basis van gemeenschappelijk vastgestelde indicatoren; · meer informatie uitwisselen over beproefde methoden en betere opleidingen ontwikkelen voor rechtshandhavingsambtenaren; · de samenwerking met de Moldavische autoriteiten intensiveren om de illegale handel in hoge-accijnsgoederen aan te pakken. 5 -Horizontale kwesties Volgens de cijfers die zijn verstrekt door het
Moldavische nationale bureau voor de statistiek en door de feitelijke
autoriteiten van Trans-Dnjestrië, telde de Republiek Moldavië in 2011 ongeveer
4 075 000 inwoners. 5.1. Minderheden 5.1.1.
Huidige situatie De bescherming van
minderheden tegen discriminatie wordt gegarandeerd door specifieke bepalingen in
de grondwet en in de straf-, civiele en administratieve wetgeving. De rechten
van minderheden werden verder versterkt met de vaststelling van de
anti-discriminatiewetgeving op 25 mei[40]. Volgens de
gegevens die door de Moldavische autoriteiten zijn verstrekt, wonen de volgende
etnische minderheden in de Republiek Moldavië: 311 902 Oekraïners,
236 087 Russen, 131 811 Gagaoezen, 68 928 Bulgaren en
14 202 Roma[41]. In de Moldavische
grondwet is de erkenning en bevordering van de politieke, sociale en culturele rechten
van het Autonoom territoriaal gebied Gagaoezië vastgelegd, waaronder het recht
van de bevolking om het Gagaoezisch te gebruiken in administratieve
aangelegenheden. Ook voor het
overige kent de Republiek Moldavië een liberale taalwetgeving: Russischtaligen
(waartoe behalve de Russische minderheid ook een aanzienlijk deel van de
Moldavische etnische meerderheid en van de Oekraïense etnische minderheid
behoort) hebben het recht kennis te nemen van officiële informatie in het
Russisch en de mogelijkheid Russisch taalonderwijs te volgen. Gezien deze
situatie gaat het bij minderhedenkwesties meestal om de Roma-gemeenschap en de
Moldavische regering zet zich actief in om hier iets aan te doen; zo zijn er
Roma-bemiddelaars aangesteld, wordt samengewerkt met Unicef en de Raad van
Europa en is voor het actieplan voor steun aan de Roma 2011-2015 een specifiek
budget in het nationale begrotingskader voor de middellange termijn
uitgetrokken. 5.1.2.
Belangrijkste mogelijke effecten De algemene indruk, ook van de
gespecialiseerde plaatselijke maatschappelijke organisaties, is dat de
Moldavische regering zich echt inspant om de prestaties van de Republiek
Moldavië op het gebied van de behandeling van etnische minderheden, met name de
Roma, snel te verbeteren. De goedkeuring van de wet betreffende het waarborgen
van de gelijkheid op 25 mei 2012 biedt extra waarborgen in dat opzicht. Op
uitvoeringsniveau is in juni 2012 een stappenplan opgesteld (dat moet worden
opgenomen in het actieplan op het gebied van de mensenrechten, dat momenteel
wordt herzien) als richtsnoer voor de toepassing van die wet, en op 5 juli 2012
is bij regeringsdecreet een gelijkheidsraad opgericht waar slachtoffers van
discriminatie terecht kunnen. Naar verwachting zullen minderheidskwesties dan ook
geen noemenswaardige veranderingen veroorzaken in de migratie- en
veiligheidssituatie als de visumliberalisering wordt ingevoerd. Zoals eerder al
werd opgemerkt (zie punt 4) is de vorming en samenwerking van OCG’s eerder op
taal- dan op etnische verwantschap gebaseerd, ook in de Republiek Moldavië. Op basis van het bovenstaande zouden de volgende maatregelen kunnen worden overwogen: Door de Republiek Moldavië, overeenkomstig het VLAP: · het actieplan op het gebied van mensenrechten 2011-2014 blijven uitvoeren en de hulp van de internationale gemeenschap blijven inroepen bij het oplossen van problemen met minderheden; · zorgen dat de anti-discriminatiewetgeving daadwerkelijk wordt toegepast, overeenkomstig Europese en internationale normen, met name door uitvoerige richtsnoeren vast te stellen en een goed werkende gelijkheidsraad in het leven te roepen; · de financiële inspanningen om het actieplan voor steun aan de Roma 2011-2015 effectief en consequent uit te voeren, blijven volhouden. 5.2. De regio Trans-Dnjestrië 5.2.1.
Huidige situatie De constitutionele
autoriteiten van de Republiek Moldavië hebben de facto geen zeggenschap over de
afgesplitste regio Trans-Dnjestrië of over het centrale deel van de
Oekraïens-Moldavische grens. De feitelijke autoriteiten in Tiraspol beschouwen
de Dnjestr als een grens die moet worden bewaakt door hun grenswachten en
douanebeambten, die zich bevinden op bepaalde plaatsen in de zogenoemde
veiligheidszone (bufferzone). Chisinau en de internationale gemeenschap, die de
onafhankelijke status van Trans-Dnjestrië niet heeft erkend, beschouwen de
Dnjestr als een interne administratieve grens die door de politie moet worden
bewaakt. Om fiscale redenen zijn langs de interne administratieve grens ook
Moldavische douanebeambten actief[42]. De huidige
situatie vormt een bijkomende belemmering voor daadwerkelijke, efficiënte
controles. De autoriteiten van de Republiek Moldavië staan voor verschillende
problemen bij het controleren van vreemdelingen die de Republiek Moldavië
binnenkomen of verlaten via Trans-Dnjestrië. Zo heeft de politie bij de
binnenlandse douanecontroleposten geen gegevens over vreemdelingen en is het
moeilijk om paspoortcontroles te verrichten en te beslissen welke vreemdelingen
tot de Republiek Moldavië mogen worden toegelaten (naleving van de
visumregeling). Op basis van een in juli 2010 gesloten
samenwerkingsovereenkomst tussen de politievertegenwoordigers van de linker- en
de rechteroever van de Dnjestr, wisselen Chisinau en Tiraspol informatie uit
over gezochte personen en over strafbladen van inwoners van beide oevers. De hervorming van
het Ministerie van Binnenlandse Zaken, de oprichting van de Grenspolitie en de
inwerkingtreding van de wet op de staatsgrens van de Republiek Moldavië, op 1
juli 2012[43], zullen waarschijnlijk
een positief effect hebben op de huidige situatie. De Moldavische autoriteiten
hebben een plan opgesteld om de migratiestromen via de regio Trans-Dnjestrië te
controleren. Tevens worden de douanecontroles langs het
Trans-Dnjestrische deel van de Moldavisch-Oekraïense grens uitgevoerd door
Oekraïne, namens en in samenwerking met de Republiek Moldavië, overeenkomstig
het akkoord over een gemeenschappelijke douaneregeling van 2005 tussen beide
landen (dat wordt uitgevoerd met behulp van EUBAM). Sinds januari 2012
wordt de samenwerking in douanezaken uitgebreid naar andere grenscontroles. In
Rososhany-Briceni, in het noorden van de Republiek Moldavië, is als
proefproject een gemeenschappelijk bediende grenspost opgezet. Dit experiment
wordt geleidelijk uitgebreid naar andere grensposten aan de gemeenschappelijke
grens, teneinde aan het Trans-Dnjestrische deel gemeenschappelijke
grenscontroles door gemengde Moldavisch-Oekraïense grenswacht- (grenspolitie-)
en douaneteams mogelijk te maken. Daarnaast worden de Moldavische autoriteiten
door EUBAM bijgestaan bij het werken met mobiele eenheden, waarbij de nadruk
meer ligt op risicoanalyses en inlichtingengestuurde activiteiten. De
Moldavische autoriteiten hebben zich bereid verklaard de aanbevelingen van EUBAM
op te volgen en per 1 januari 2012 een grenspolitiedienst ingevoerd die
grenscontroles moet uitvoeren aan de binnenlandse administratieve grens langs
de Dnjestr. Wat de beveiliging van documenten betreft,
is het zo dat volgens de laatste door de Moldavische autoriteiten verstrekte
gegevens 229 489 burgers van de Republiek Moldavië die in Trans-Dnjestrië
verblijven, een Moldavisch paspoort hebben gekregen, waarvan 175 764
paspoorten nog geldig zijn (dat wil zeggen: nog niet vervallen). In de eerste
drie maanden van 2012 hebben de autoriteiten in Chisinau 2 722
biometrische paspoorten afgegeven aan Moldavische burgers die in
Trans-Dnjestrië verblijven. Het Ministerie van Informatietechnologie en
Communicatie heeft in samenwerking met het Ministerie van Justitie en het
Ministerie van Binnenlandse Zaken een algemeen rechtskader ontwikkeld voor de
procedures ter identificatie, bij de eerste voorlegging van stukken, van
personen uit de regio Trans-Dnjestrië, op basis van aanvullende informatie over
familieleden en verwanten (onderliggende documenten van ouders, huwelijksakten
en andere)[44]. Daarnaast is na de verkiezing van
"president" Shevchuk in Trans-Dnjestrië in 2011 de bilaterale
werkgroep over kwesties inzake burgerlijke stand nieuw leven ingeblazen, om de
uitwisseling van informatie in de toekomst gemakkelijker te doen verlopen.
Thans past de nationale registratieautoriteit bijzondere maatregelen toe om het
staatsburgerschap te bevestigen en inwoners van de regio Trans-Dnjestrië
kosteloos toegang te geven tot nationale identiteitskaarten, overeenkomstig de
gewijzigde wet van 2 juni 2000 betreffende het staatsburgerschap en het
regeringsbesluit van 9 september 2005 over beveiligingsmaatregelen in verband
met de bevestiging van het staatsburgerschap en bevolkingsdocumenten in de
districten van de regio Trans-Dnjestrië[45]. Ook in
strafzaken was en is er samenwerking tussen Chisinau en Tiraspol. 5.2.2.
Belangrijkste mogelijke effecten De Moldavische regering is de situatie in de
regio Trans-Dnjestrië actief blijven aanpakken. Chisinau en
Tiraspol vonden samenwerking in zaken die te maken hebben met de
visumliberalisering – zoals de mensenrechtensituatie – zeer belangrijk voor
maatregelen en activiteiten die vertrouwen moeten wekken, hetgeen is terug te
vinden in het werkprogramma van de"5+2"-onderhandelingsformule over
de oplossing van het conflict over Trans-Dnjestrië. In afwachting van de concrete resultaten van
deze intensievere samenwerking zullen de voorlopige maatregelen die door
Chisinau, soms in samenwerking met Oekraïne, zijn getroffen, een duidelijk
omschreven kader bieden voor het waarborgen van de beveiliging van documenten
en van de grenzen. Op basis van het bovenstaande zouden de volgende maatregelen kunnen worden overwogen: Door de Republiek Moldavië: · nauwer samenwerken met de buurlanden, met name Oekraïne; · de samenwerking met EUBAM voortzetten en de aanbevelingen van EUBAM over een beter en intensiever gebruik van mobiele eenheden opvolgen[46]; · de goede samenwerking met de feitelijke autoriteiten van Tiraspol voortzetten, zodat informatie kan worden uitgewisseld over de afgifte van documenten en over rechtshandhavingsaspecten; · meer inspanningen doen om mogelijke problemen op het gebied van veiligheid en migratie op te lossen en een manier vinden om de controle op te voeren zonder afbreuk te doen aan het “5+2”-onderhandelingsproces. [1] Zie SEC(2011) 1075 final. [2] Zie SWD(2012) 12 final. [3] Zie COM(2012) 348 final. [4] De bevindingen in de bijdrage van Europol zijn gebaseerd
op de informatie waarover Europol beschikte. De bijdrage is geen volledige
dreigingsanalyse met betrekking tot de Moldavische georganiseerde
criminaliteit. [5] In de bijdrage van EUBAM ligt de klemtoon op de analyse
van de situatie aan de grens tussen de Republiek Moldavië en Oekraïne. [6] De risicoanalyse van Frontex is gebaseerd op het
gemeenschappelijk model voor geïntegreerde risicoanalyse. De gegevens werden
verzameld via het Frontex-netwerk voor risicoanalyse (FRAN) en het
Frontex-netwerk voor risicoanalyse betreffende de oostelijke grenzen (EBRAN).
Daarnaast werd gebruikgemaakt van de eigen verslagen van Frontex en van de
gegevens die werden verzameld tijdens door Frontex gecoördineerde gezamenlijke
operaties, alsook van algemeen toegankelijke statistische gegevens en
openbroninformatie. [7] De conclusies van het EUI zijn gebaseerd op primaire en
secundaire kwalitatieve gegevens: het Delphi-onderzoek onder deskundigen dat in
december 2011 is gehouden, interviews met Moldavische migranten in Duitsland,
Italië en Polen, en met potentiële migranten in de Republiek Moldavië, en een
evaluatie van het rechtskader. [8] Zie COM(2011) 290 definitief. [9] Verordening EG nr. 562/2006 van het Europees parlement
en de Raad d.d. 15 maart 2006 tot vaststelling van een communautaire code
betreffende de overschrijding van grenzen door personen (PB L 105 van
13.4.2006, blz. 1). [10] Zie COM(2011) 47 definitief. [11] Het begrip “migrant” wordt bij het berekenen van de
overmakingen van migranten door de Republiek Moldavië nogal ruim
geïnterpreteerd: verblijven van zes maanden of langer vallen eronder, terwijl
de meeste landen bij hun berekeningen uitgaan van verblijven van ten minste 12
maanden. [12] Gegevens beschikbaar op
http://www.carim-east.eu/900/moldovan-emigration-stocks-residing-in-the-european-union-by-country-of-residence-most-recent-data-circa-2010. [13] Gegevens over 14 lidstaten. [14] De volledige sociaaleconomische gegevens zijn beschikbaar
op
http://www.carim-east.eu/database/demographic-and-economic-module/?search=1&fromto=from&cmct=Republic
of Moldova&nocmct=European+Union [15] Gegevens afkomstig van Frontex. In de cijfers over
reizigersstromen vanuit de Republiek Moldavië zijn alle nationaliteiten die het
land verlaten, inbegrepen. [16] De prijs van een Schengenvisum is vrij hoog voor
Moldavische burgers, gezien het gemiddelde inkomen in Moldavië. In 2010 was 35
EUR bijvoorbeeld ongeveer 34% van het maandelijks inkomen. Daar komen de kosten
van de vertaling van de nodige bewijsstukken nog bij. [17] Analyse van Frontex. [18] Mededeling van de Europese Commissie: "Slimme grenzen
- opties en te volgen weg", COM(2011) definitief. [19] Richtlijn 2009/52/EG van 18 juni 2009. [20] Verslagen over de situatie na de visumliberalisering voor
de westelijke Balkanlanden, SEC (2011) 659 definitief en SEC (2011) 1570
definitief. [21] In dit punt wordt vooral nagegaan voor welke criminele
activiteiten de afschaffing van de visumplicht voor Moldaviërs gunstig zou
kunnen zijn en welke effecten visumliberalisering kan hebben voor
georganiseerde criminele groepen. [22] https://www.europol.europa.eu/content/press/europol-organised-crime-threat-assessment-2011-429.
NB: De Moldavische autoriteiten hebben in november 2011 een bijdrage geleverd
aan de OCTA 2011. [23] “Operatie Akkerman” is een internationale gezamenlijke
grenscontroleoperatie die door EUBAM en Europol samen met de Moldavische en
Oekraïense autoriteiten wordt uitgevoerd. Tijdens twee inlichtingengestuurde
operationele fases in 2011 – de laatste in september – werden gesmokkelde
sigaretten, alcohol en gestolen voertuigen in beslag genomen, en werd douanefraude
vastgesteld voor een bedrag van 3,2 miljoen EUR. Dit was mede mogelijk door de
structureel betere organisatie van de operatie waardoor inlichtingen beter
konden worden gebruikt, de oprichting van Task Force Teams als operationele
takken van de gemeenschappelijke operatie, de substantiële verbetering van de
interface van het communicatiecentrum en de uitgebreidere steun van de
belangrijkste internationale betrokken partijen. [24] Verslag over mensenhandel van het Amerikaanse Ministerie
van Buitenlandse Zaken: Moldavië, juni 2012. [25] De slachtoffers worden ofwel rechtstreeks benaderd ofwel
via arbeidsbemiddelingsbureaus of advertenties. Doorgaans wordt werk in het
buitenland aangeboden als huishoudelijke hulp, kinderoppas, serveerster,
boerderijmedewerker en andere legitieme activiteiten die zogenaamd goed worden
betaald in vergelijking met de gemiddelde lonen in de Republiek Moldavië. Het
komt wel voor dat slachtoffers werkelijk door mensenhandelaars worden ontvoerd,
maar niet vaak. Nadat de slachtoffers de EU zijn binnengesmokkeld, worden hun
papieren afgenomen en worden zij geïsoleerd en ernstig beperkt in hun
bewegingsvrijheid. Omdat zij de taal niet spreken en op geen enkele manier hun
identiteit kunnen aantonen, blijven zij in de greep van degenen door wie zij
worden uitgebuit en worden hun elementaire mensenrechten ernstig geschonden. In
veel gevallen vragen de slachtoffers hun klanten om hulp. [26] Aantal gevallen (d.w.z. strafbare feiten die zijn
geregistreerd in het criminele en forensische informatieregister, waar alleen
de gevallen in staan vermeld waarover een strafzaak loopt omdat de feiten op
grond van het Wetboek van Strafrecht als strafbaar zijn aangemerkt): 243
(2006), 251 (2007), 215 (2008), 185 (2009), 140 (2010), 111 ( 2011). [27] Aantal slachtoffers dat als zodanig is geïdentificeerd en
hulp krijgt: 273 (2007), 158 (2008), 159 (2009), 139 (2010), 98 (2011). [28] Aantal gevallen van kinderhandel: 61 (2006), 47 (2007), 31
(2008), 21 (2009), 21 (2010), 23 (2011). [29] Aantal criminele groepen: 39 (2006), 40 (2007), 29 (2008),
40 (2009), 22 (2010) en 40 (2011). [30] In Latijns-Amerika verblijvende Russischtaligen bieden
mogelijkheden faciliteren en organiseren het smokkelen van heroïne naar de EU
en de Russische Federatie. In juni 2010 werd een aanzienlijke hoeveelheid
cocaïne in beslag genomen in de haven van Odessa in Oekraïne. Volgens de
vrachtbrief was de lading afkomstig van een Boliviaanse onderneming en bestemd
voor een particuliere onderneming in de Republiek Moldavië. [31] Aantal strafzaken: 2144 (2007), 2103 (2008), 1865 (2009),
1773 (2010), 1606 (2011). [32] In 2011 werd in totaal – in 60 zaken – 34 255 kilo
drugs in beslag genomen aan de Moldavisch-Oekraïense grens. 61% daarvan werd
niet aan de grensposten maar in de grensstreek ontdekt. In 2010/2011 ging het
om de volgende soorten drugs: marijuana: 6,916kg/20,54kg; papaverbolkaf:
1,21kg/11,34kg; cannabis: 0,754kg/2,318kg; in 2011 is dus sprake van een
stijging ten opzichte van 2010. [33] Zie SEC(2011) 791 definitief. [34] Het strategisch kader werd in oktober 2011 door
minister-president Filat en commissaris Šemeta bij briefwisseling goedgekeurd. [35] De term “goedkope witte” sigaretten wordt in de
tabaksindustrie gebruikt voor sigaretten die volledig onafhankelijk van de
traditionele tabaksproducenten worden geproduceerd. Het zijn goedkope
sigarettenmerken die weliswaar legaal, maar speciaal voor de smokkel worden
geproduceerd, omdat er geen legitieme markt voor is. Ze zijn vaak van redelijke
en constante kwaliteit en ze vormen een goed alternatief voor namaaksigaretten,
waarvan de kwaliteit erg kan variëren. De EU wordt de laatste tijd overspoeld
met Jin Ling sigaretten, een nieuw merk dat de autoriteiten enkele jaren
geleden volkomen onbekend was. Jin Ling is zo populair dat het de positie van
Marlboro als meest gesmokkeld merk in de EU bedreigt.
Imperial Tobacco Limited (ITL) is ‘s werelds vierde internationale
tabaksproducent. Dit bedrijf schat dat ongeveer 20 procent van alle
namaaktabaksproducten die door rechtshandhavingsinstanties aan het bedrijf
worden gemeld, illegaal in Oekraïne en de Republiek Moldavië wordt gemaakt. [36] In vergelijking met 2010 nam in 2011 het aantal ontdekte
pogingen tot illegaal vervoer van munitie met 31% af. Tegelijkertijd nam het
aantal ontdekte gevallen van munitievervoer toe met 36% (1 955 stuks in
2011, tegen 1 269 stuks in 2010). In de meeste gevallen werd de munitie
van Oekraïne naar de Republiek Moldavië vervoerd, meestal (74%) via de
doorlaatposten aan de landgrens. In 2011 werd in totaal (zes gevallen) 3,65
kilo explosieven in beslag genomen aan de grens tussen Oekraïne en Moldavië
(tegen vier gevallen van in totaal 1,47 kilo in 2010). In 2011 werd alleen
buskruit ontdekt (3,65 kg), terwijl in 2010 behalve buskruit (1,2 kg) ook
trotyl in beslag werd genomen (0,27 kg). 90% van de overtreders zijn burgers
van de Republiek Moldavië die illegaal buskruit vervoeren voor jachtdoeleinden.
In 2011 werden alle gevallen van illegaal vervoer van explosieven bij het
vervoer van Oekraïne naar de Republiek Moldavië ontdekt aan grensdoorlaatposten.
Onder de in beslag genomen wapens waren vooral stroomstootwapens,
luchtdrukwapens, koude wapens en jachtwapens. Daarnaast werden vuurwapens
(zeven stuks) en gaswapens (twee stuks) ontdekt. Het waren vooral burgers van
de Republiek Moldavië en van Oekraïne die probeerden illegaal wapens te
vervoeren. Er werd geen radioactief materiaal gevonden. In 2010-2011 werden
twee gevallen van in beslag genomen radioactieve stoffen gemeld in de Republiek
Moldavië. De stoffen kwamen uit Rusland en werden via Oekraïne doorverkocht. [37] https://www.europol.europa.eu/content/press/europol-organised-crime-threat-assessment-2011-429. [38] Mededeling van de Europese Commissie: "Slimme grenzen
- opties en te volgen weg", COM(2011) definitief. [39] Zie COM(2012) 286 final. [40] De wet betreffende het waarborgen van de gelijkheid werd
in mei 2012 vastgesteld. Zie COM(2012) 348 final. [41] Volgens de volkstelling van 2004 woonden er 12 271
Roma in de Republiek Moldavië (of 14 202 – de gegevens verschillen per bron).
De autoriteiten van de Republiek Moldavië erkennen echter dat het precieze
aantal moeilijk is vast te stellen, omdat de Roma-afkomst vaak niet officieel
wordt vermeld. Roma-leiders noemen hogere cijfers. [42] Er zijn momenteel 20 controleposten op de rechteroever van
de Dnjestr, die een 411 kilometer lange grens vormt. Deze controleposten moeten
vooral passagiers en vracht onderwerpen aan politie- en douanecontroles. De
controles worden uitgevoerd door de douanedienst en het Ministerie van
Binnenlandse Zaken van de Republiek Moldavië. Er zijn 16 internationale
controleposten en 11 politiebureaus langs de administratieve grens met de regio
Trans-Dnjestrië, die online zijn verbonden met de databank van Interpol voor
gestolen en verloren reisdocumenten (SLDT). Er zijn ook 14 binnenlandse
douanecontroleposten, waarvan twee voor spoorwegvervoer die niet op de SLTD van
Interpol zijn aangesloten. Er wordt gewerkt aan plannen om gemeenschappelijke
Moldavisch-Oekraïense grensposten in te richten langs het centrale deel van de
grens (op Oekraïens grondgebied). In januari 2012 is een eerste
gemeenschappelijke grenspost geopend in Rososhany-Briceni, ter uitvoering van
een protocol tussen de betrokken autoriteiten van beide landen. [43] Zie COM(2012) 348 final. [44] Zie COM(2012) 348 final. [45] Zie COM(2012) 348 final. [46] Witboek van EUBAM van 6 augustus 2010, waarin een aantal
voorstellen worden gedaan betreffende risicoanalyses, inlichtingengestuurde
activiteiten van mobiele eenheden (binnenlandse controles) en
samenwerkingsafspraken tussen de betrokken rechtshandhavingsinstanties van
Chisinau en Tiraspol.