52011XC0514(01)

Verklaringen van de Commissie

Publicatieblad Nr. L 127 van 14/05/2011 blz. 004 - 005


Verklaringen van de Commissie

1. Verklaring over de oorsprongsregels

De Commissie bevestigt het uitzonderlijke karakter van de afwijkingen voor bepaalde textielproducten en voor surimi in het Protocol betreffende de definitie van "producten van oorsprong". De Commissie bevestigt eveneens dat zij hecht aan de normale preferentiële oorsprongsregels van de Europese Unie als basis voor verdere onderhandelingen over vrijhandelsovereenkomsten, en dat het belangrijk is om in de oorsprongsregels de eis te handhaven dat producten in het land van oorsprong in voldoende mate be- of verwerkt moeten zijn om een preferentiële behandeling te kunnen genieten.

De Commissie is voornemens om in de huidige en toekomstige onderhandelingen over vrijhandelsovereenkomsten bij voorkeur in te zetten op een verbod op de teruggave van douanerechten. Zou in een bepaalde vrijhandelsovereenkomst van dit beleid worden afgeweken, dan moet dit vooraf met de lidstaten worden besproken.

2. Verklaring over de invoerprijzen

De Commissie bevestigt dat de bepalingen in de vrijhandelsovereenkomst betreffende de afschaffing van de invoerprijzen voor bepaalde soorten groenten en fruit, die gezien de bijzondere omstandigheden van die onderhandelingen met Korea waren overeengekomen, een uitzonderlijk karakter hebben en geen precedent vormen voor andere bilaterale of multilaterale onderhandelingen.

3. Verklaring over het Protocol betreffende culturele samenwerking

De Commissie herinnert eraan dat zij ten zeerste gehecht is aan de beginselen en de bepalingen van het Unesco-Verdrag van 2005 betreffende de bescherming en de bevordering van de diversiteit van cultuuruitingen. Het aan de vrijhandelsovereenkomst met Korea gehechte Protocol betreffende culturele samenwerking, waarvan de bepalingen betreffende audiovisuele coproducties voor een voorlopig tot drie jaar beperkte periode van kracht zijn, ressorteert rechtstreeks onder dat verdrag en laat het beleid van de Europese Unie volgens hetwelk de handelsbesprekingen op het gebied van culturele en audiovisuele diensten geen afbreuk mogen doen aan de verscheidenheid aan culturen en talen van de Unie, onverlet.

Bij de opstelling van en de onderhandelingen over het protocol is rekening gehouden met het specifieke karakter van het cultuurbeleid van Korea, in het bijzonder met de steun die het land aan de audiovisuele sector verleent. Het vormt derhalve geen precedent voor toekomstige onderhandelingen met andere partners.

De Commissie herhaalt haar belofte om te ijveren voor de ratificatie en de uitvoering van het Unesco-Verdrag en om een globale strategie van de Europese Unie inzake extern cultureel beleid op te stellen overeenkomstig de conclusies van de Raad van november 2008.

4. Verklaring over de uitvoering van de vrijhandelsovereenkomst

De Commissie zegt toe de procedures betreffende de beperkingen inzake de regelingen voor de teruggave van douanerechten, betreffende vrijwaringsmaatregelen en betreffende geschillenbeslechting te zullen inleiden zodra de voorwaarden van de desbetreffende bepalingen zijn vervuld.

Opdat de Commissie en de belanghebbenden nauwlettend kunnen toezien op de nakoming door Korea van zijn toezeggingen en op de medewerking van het land bij de uitvoering van de vrijhandelsovereenkomst, worden de volgende maatregelen genomen.

- De Commissie zal met de EU-ondernemingen, met de lidstaten en met de commissie internationale handel (INTA) op gezette tijden statistieken over de Koreaanse invoer in gevoelige sectoren uitwisselen, alsook invoer- en uitvoerstatistieken die relevant zijn voor het inroepen van de vrijwaringsclausule en de speciale clausule inzake teruggave van douanerechten. Statistieken betreffende auto’s, consumentenelektronica en textiel worden tweemaandelijks uitgewisseld, te beginnen vanaf de datum van voorlopige toepassing van deze overeenkomst.

- De Commissie zal belanghebbenden, de lidstaten en de commissie INTA in het begin van het jaar een voorlopige agenda van de geplande vergaderingen over de vrijhandelsovereenkomst toezenden, zodat deze makkelijker input voor de voorbereiding van deze vergaderingen kunnen aanleveren.

- De Commissie zal alle door EU-ondernemingen verstrekte, onderbouwde informatie over belemmeringen van de markttoegang zorgvuldig bezien. Zij zal deze informatie met de ondernemingen bespreken en de ondernemingen op de hoogte houden van de follow-up die aan de klachten in verband met markttoegang is gegeven. Daartoe wordt gebruikgemaakt van de verschillende fora die in Brussel en Seoel reeds zijn opgezet in het kader van de strategie inzake markttoegang.

Met het oog op een degelijke uitvoering van het hoofdstuk over handel en duurzame ontwikkeling wordt een interne adviesgroep opgericht. In deze groep zijn ondernemingen, vakbonden en niet-gouvernementele organisaties gelijkelijk vertegenwoordigd. Het Europees Economisch en Sociaal Comité wordt eveneens passend vertegenwoordigd. De nadere regelingen voor de werking van de groep zullen met de betrokkenen worden overeengekomen.

5. Verklaring over de bijzondere bepalingen inzake administratieve samenwerking

De Commissie bevestigt het uitzonderlijke karakter van de compromisformulering van artikel 2.17 "Bijzondere bepalingen inzake administratieve samenwerking", die geen precedent vormt voor andere bilaterale of multilaterale onderhandelingen.

De Commissie is voornemens om in de lopende en toekomstige onderhandelingen over vrijhandelsovereenkomsten bij voorkeur in te zetten op fraudebestrijdingsbepalingen die het partnerland ertoe verplichten de tariefpreferenties correct toe te passen, door te voorzien in de mogelijke opheffing van handelspreferenties in geval van niet-medewerking en/of fraude/onregelmatigheden.

--------------------------------------------------