25.7.2009   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 173/11


Advies van het Adviescomite voor mededingingsregelingen en machtsposities uitgebracht op zijn bijeenkomst van 1 juli 2008 betreffende een ontwerpbeschikking in zaak COMP/39.125 — PO/Autoglas (1)

Rapporteur: Litouwen

2009/C 173/07

1.

Het Adviescomité onderschrijft de beoordeling van de Commissie dat de feiten neerkomen op een overeenkomst en/of onderling afgestemde feitelijke gedraging in de zin van artikel 81 van het Verdrag en artikel 53 van de EER-Overeenkomst.

2.

Het Adviescomité is het met de beoordeling van de Commissie eens dat de productmarkt waarop de desbetreffende inbreuk betrekking heeft, de levering van autoglasonderdelen aan autofabrikanten is.

3.

Het Adviescomité is het met de Commissie eens dat de geografische markt in dit geval de EER omvat, omdat autoglasonderdelen worden geleverd aan autofabrikanten in de EER.

4.

Het Adviescomité onderschrijft de beoordeling van de Commissie waarbij de overeenkomsten en/of onderling afgestemde feitelijke gedragingen op het gebied van prijscoördinatie, leveringsstrategieën, onderlinge verdeling van klanten alsook de controle en naleving van een compensatieregeling ten einde de stabiliteit van het marktaandeel te waarborgen, als onwettig gedrag worden aangemerkt.

5.

Het Adviescomité is het met de Commissie eens dat de inbreuk ten laatste op 10 maart 1998 begon en ten minste tot 11 maart 2003 heeft geduurd.

6.

Het Adviescomité is het met de Commissie eens dat de uitwisseling van informatie tussen de betrokken ondernemingen inherent is aan de onwettige praktijken en daarvan integraal deel uitmaakt.

7.

Het Adviescomité is het met de Commissie eens dat de vermelde onwettige praktijken ten doel en tot gevolg hebben dat de mededinging wordt beperkt in de zin van artikel 81 van het Verdrag en artikel 53 van de EER-Overeenkomst, en dat zij de mededinging kunnen verstoren.

8.

Het Adviescomité is het in het bijzonder met de beoordeling van de Commissie eens dat de genoemde onwettige praktijken deel uitmaken van een algemeen plan waarmee een en hetzelfde mededingingsbeperkend economisch doel wordt nagestreefd, en dat zij derhalve één enkele, voortdurende en complexe inbreuk vormen op artikel 81 van het EG-Verdrag en artikel 53 van de EER-Overeenkomst.

9.

Het Adviescomité is het met de Commissie eens dat artikel 81, lid 3, van het Verdrag niet kan worden toegepast in de onderhavige zaak.

10.

Het Adviescomité is het met de ontwerpbeschikking van de Commissie eens wat de adressaten van die beschikking betreft, meer bepaald inzake het toeschrijven van de aansprakelijkheid aan de moederondernemingen van de betrokken concerns.

11.

Het Adviescomité is het met de Commissie eens dat een geldboete moet worden opgelegd aan de adressaten van de ontwerpbeschikking.

12.

Een meerderheid van het Adviescomité onderschrijft de redenering van de Commissie inzake het basisbedrag van de geldboeten alsook inzake de verzachtende en verzwarende omstandigheden. Een minderheid onthoudt zich.

13.

Het Adviescomité is het met de Commissie eens wat betreft de toepassing van de mededeling van de Commissie van 2002 betreffende immuniteit tegen geldboeten en vermindering van geldboeten, ook met betrekking tot de weigering van immuniteit.

14.

Het Adviescomité beveelt aan dat zijn advies wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie.

BELGIË/BELGIQUE

BULGARIA

ČESKÁ REPUBLIKA

DANMARK

DEUTSCHLAND

 

 

 

 

 

Mr Dirk VERTONGEN

 

 

 

Mr Tobias GLASS


EESTI

ÉIRE-IRELAND

ELLADA

ESPAÑA

FRANCE

 

 

 

 

 

 

Mr. John BURKE

 

Mr. Oswaldo GARCIA-HERNAN

Ms Catherine AMIEL


ITALIA

KYPROS/KIBRIS

LATVIJA

LIETUVA

LUXEMBOURG

 

 

 

 

 

Mr Flavio PAPADIA

 

 

Ms Giedre JARMALYTE

 


MAGYARORSZÁG

MALTA

NEDERLAND

ÖSTERREICH

POLSKA

 

 

 

 

 

 

 

Ms. HIJMANS

Mr KOPRIVNIKAR

 


PORTUGAL

ROMANIA

SLOVENIJA

SLOVENSKO

SUOMI-FINLAND

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Ms Pirjo ASPINEN


SVERIGE

UNITED KINGDOM

 

 

Mr. Peter DELDEN

Mr Terry BUTLER