52009DC0073




[pic] | COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN |

Brussel, 18.2.2009

COM(2009) 73 definitief

MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT, DE RAAD, HET EUROPEES ECONOMISCH EN SOCIAAL COMITÉ EN HET COMITÉ VAN DE REGIO'S

Jaarlijkse beleidsstrategie voor 2010

INHOUDSOPGAVE

1. Inleiding 3

2. Deel I – Beleidsprioriteiten voor 2010 4

2.1. Economisch en maatschappelijk herstel 4

2.2. Klimaatverandering en een duurzaam Europa 6

2.3. De burger op de eerste plaats 6

2.4. Europa als mondiale partner 8

2.5 Betere regelgeving en transparantie 9

3. Deel II – Algemeen kader voor personele en financiële middelen voor 2010 10

3.1. Personeel 10

3.2. Verschuivingen in de toewijzing van de financiële middelen 10

3.2.1. Concurrentievermogen voor groei en werkgelegenheid (subrubriek 1a) 10

3.2.2. Cohesie voor groei en werkgelegenheid (subrubriek 1b) 11

3.2.3. Behoud en beheer van de natuurlijke hulpbronnen (rubriek 2) 12

3.2.4. Vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid (subrubriek 3a) 12

3.2.5. Burgerschap (subrubriek 3b) 12

3.2.6. De EU als mondiale partner (rubriek 4) 13

MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT, DE RAAD, HET EUROPEES ECONOMISCH EN SOCIAAL COMITÉ EN HET COMITÉ VAN DE REGIO'S

Jaarlijkse beleidsstrategie voor 2010

1. INLEIDING

In deze jaarlijkse beleidsstrategie wordt de beleidsagenda voor 2010 geschetst en hiermee wordt de interinstitutionele dialoog over de prioriteiten voor het jaar daarna in gang gezet. De huidige Commissie moet de continuïteit van het systeem van strategische planning en programmering van de instelling waarborgen, maar moet ook rekening houden met het feit dat in 2010 een nieuwe Commissie aantreedt. De volgende Commissie kan de beleidsprioriteiten herzien in het licht van haar strategische doelstellingen en zal deze operationaliseren wanneer zij het werkprogramma voor 2010 opstelt.

Als de nationale ratificatieprocessen worden afgerond, zal het institutionele kader vanwege het verdrag van Lissabon ingrijpend veranderen. Als het verdrag in werking treedt, moet de Commissie een aantal voorstellen indienen om het volledig ten uitvoer te leggen.

Europa verkeert momenteel in een economische crisis die burgers en bedrijven in alle regio's treft. De crisis zal zich naar verwachting in 2009 en 2010 aanzienlijk laten voelen. De EU moet daarom snel, krachtdadig en op gecoördineerde wijze blijven optreden en de internationale oplossingen actief mee vormgeven. Het Europese economische herstelplan vormt een solide basis voor het scheppen van een klimaat voor herstel. Aan de uitvoering hiervan moet in 2009 en 2010 de hoogste prioriteit worden gegeven. Om ervoor te zorgen dat de EU sterker uit de crisis komt en kan profiteren van de economische opleving, moeten we de structurele hervormingen van de Lissabonstrategie voor groei en werkgelegenheid voortzetten, in een partnerschap tussen de Europese instellingen en de lidstaten.

De presentatie van de begrotingsherziening in 2009 zal aanleiding geven tot een breed debat tussen de Commissie, het Europees Parlement en de Raad over de toekomst van de EU-financiën. In 2010 zal de Commissie streven naar een consensus over de hoofdlijnen van het volgende financiële meerjarenkader, dat de grondslag vormt voor de wetgevingsvoorstellen. In het kader van deze voorbereiding in 2010 zal een tussentijdse evaluatie van de huidige uitgavenprogramma's worden uitgevoerd. Het beschermen van de financiële belangen van de Gemeenschappen zal de hoogste prioriteit blijven krijgen van de Commissie, als integrerend onderdeel van solide en streng financieel beheer van het EU-beleid.

In een jaar waarin verschillende institutionele veranderingen zullen plaatsvinden, is communicatie over EU-vraagstukken essentieel. De Commissie, de Raad en het Europees Parlement zullen interinstitutionele communicatieprioriteiten vaststellen overeenkomstig de politieke verklaring over "Communiceren over Europa in partnerschap". Hieronder vallen vraagstukken die rechtstreeks van belang zijn voor de burger, zoals economisch herstel, milieu, klimaat en energie, evenals beter bestuur in Europa met betrekking tot de interne en de externe veiligheid, zoals bedoeld in het nieuwe verdrag.

2. Deel I – Beleidsprioriteiten voor 2010

2.1. Economisch en maatschappelijk herstel

Het optreden van 2009 moet worden voortgezet, waarbij de belangrijkste taak van de Commissie is om ervoor te zorgen dat er daadwerkelijk gevolg wordt gegeven aan het Europese economische herstelplan en om toe te zien op de impact op de lidstaten en de Gemeenschap. De Commissie zal ervoor zorgen dat de lidstaten hun verplichtingen nakomen wat betreft de voortzetting en coördinatie van de nationale inspanningen in het kader van de Lissabonstrategie voor groei en werkgelegenheid en het stabiliteits- en groeipact. De tweede fase van de Lissabonstrategie loopt ten einde en nu moet worden besloten hoe de strategie na 2010 zal worden versterkt.

Gezien de manier waarop de crisis zich ontwikkelt, is het des te belangrijker dat de EU haar instrumenten gebruikt om de lidstaten te helpen de werkloosheid aan te pakken en de sociale cohesie te ondersteunen. De Europese dimensie van het beleid inzake werkgelegenheid, onderwijs en opleiding moet creatief worden ingezet om de lidstaten te helpen strategieën te ontwikkelen om nieuwe vaardigheden op te bouwen, goede banen te scheppen en mensen te helpen die hun baan kwijt zijn geraakt, bijvoorbeeld door meer gebruik te maken van het Europees Sociaal Fonds en het Europees Fonds voor aanpassing aan de mondialisering. In 2010 zullen de eerste resultaten zichtbaar zijn van de aanpassingen van de cohesie- en plattelandsontwikkelingsprogramma's voor 2007-2013 en de versnelde uitvoering daarvan teneinde volledig herstel van de crisis te bevorderen. Dit vereist meer samenwerking met nationale en regionale overheden bij de voorbereiding van projecten voor meer investeringen in energiezuinigheid, koolstofarme en duurzame-energietechnologieën, infrastructuur en maatregelen ter bestrijding van klimaatverandering.

2010 zal ook een belangrijk jaar zijn voor de voltooiing en uitvoering van de herziening van de regelgeving en het toezicht inzake de financiële markten. Door de crisis zijn de gebreken en zwakke punten van het huidige stelsel aan het licht gekomen. De Commissie wil zorgen voor goede regelgeving voor alle systeemkritische instellingen. De Commissie zal binnenkort voorstellen presenteren voor de hervorming van de financiële dienstensector, waarbij wordt voortgebouwd op het werk van de groep-De Larosière, parallel aan de internationale ontwikkelingen, met name binnen de G20. Gedurende 2009 en 2010 zal de hoogste prioriteit moeten worden gegeven aan het op de juiste wijze en op tijd goedkeuren en uitvoeren van hervormingsmaatregelen.

Een goed functionerende, open interne markt is een van de waardevolste instrumenten van de EU om groei en welvaart te bewerkstelligen. De Commissie zal er samen met de lidstaten voor blijven zorgen dat de interne markt rechtstreekse voordelen oplevert voor de Europese burger en het bedrijfsleven. De hervormingen die zijn ingezet na de evaluatie van de interne markt zullen worden voortgezet om het zakelijke klimaat te verbeteren en het consumentenvertrouwen en de vraag te stimuleren. In het kader van het herstel moet in 2010 de Small Business Act van 2008 volledig worden uitgevoerd en moet de markttoegang voor kleine en middelgrote ondernemingen in derde landen worden verbeterd, wat ertoe bij zal dragen dat kleine en middelgrote ondernemingen niet failliet gaan tijdens een crisis.

De Commissie zal ervoor zorgen dat de interne markt open blijft voor particuliere ondernemingen zodat de markten na 2010 hun concurrentievermogen kunnen terugwinnen. De uitvoering en toepassing van de dienstenrichtlijn zou daarvoor een stevig fundament moeten vormen. De uitvoering van de richtlijn betreffende postdiensten komt in de laatste fase, waarna er volledige mededinging zal zijn op de postmarkt. Er zou een nieuw Europees normalisatiekader kunnen worden ontwikkeld om het bestaande systeem doeltreffender en doelmatiger te maken.

Een van de prioriteiten voor 2010 is het beheersen van de gevolgen van de crisis voor de Europese economie door het controleren van staatssteun en fusies. Het economische herstel zal ook worden bevorderd door kartelvorming te bestrijden en de mededingingsregels in netwerkindustrieën (energie, ICT, vervoer, posterijen en financiële dienstverlening) te handhaven. Er zullen nieuwe sectorale mededingingsonderzoeken worden uitgevoerd en dankzij nieuwe uitgebreide marktobservaties zal worden vastgesteld welke markten en sectoren niet goed functioneren en waar aanpassingen kunnen leiden tot meer groei, werkgelegenheid en welzijn. Bij reddings- of herstructureringsmaatregelen voor bedrijven die zwaar zijn getroffen door de crisis moet tegelijkertijd de consistentie op Europees niveau worden gewaarborgd.

De uitvoering van de wetgeving die naar verwachting in 2009 zal worden aangenomen, moet leiden tot meer concurrentie op de telecommunicatie-, elektriciteits- en gasmarkten. 2010 is een geschikt moment om een geïntegreerde beleidsaanpak te ontwikkelen met betrekking tot digitale diensten en het huidige ICT-beleidskader (i2010) te herschikken. Er zal met name verder worden gewerkt aan de bijdrage van ICT aan energiezuinigheid. Bijzondere aandacht moet worden besteed aan netwerk- en informatiebeveiliging. In 2010 zal ook een vervolg worden gegeven aan de nieuwe breedbandstrategie, die de Commissie in 2009 zal presenteren, waaronder de waarschijnlijke uitbreiding van breedbandtoegang tot plattelandsgebieden.

In het huidige economische klimaat moeten namaak en piraterij extra krachtig worden bestreden, onder meer door de douane en via internationale samenwerking. Er zal verder worden gewerkt aan de opzet van een Europees systeem voor octrooien en octrooigeschillen. Tegelijkertijd moeten de systemen voor auteursrechten en handelsmerken worden gemoderniseerd en aangepast aan de behoeften van ondernemingen en consumenten.

Om de Europese onderzoeksinspanningen minder gefragmenteerd te maken, zal de Commissie samen met de lidstaten blijven werken aan het vrije verkeer van kennis binnen de Europese Onderzoekruimte. Het zevende kaderprogramma zal de hoeksteen blijven van deze Europese Onderzoekruimte. Met de uitvoering van de omvattende innovatiestrategie kan onderzoek worden vertaald in commercieel succes.

De Commissie zal de ontwikkeling van het Europees Instituut voor innovatie en technologie (EIT) blijven ondersteunen. Met de start van de eerste kennis- en innovatiegemeenschappen zal het innovatiestimulerende potentieel worden benut.

In de vervoerssector zou in 2010 de raadpleging over de toekomst van het Europese vervoersbeleid moeten worden afgerond. De Commissie kan op grond daarvan haar vervoersbeleid herzien, waarbij rekening moet worden gehouden met de vraag naar een koolstofarme economie en met de recent ontwikkelde financieringsmechanismen. De richtsnoeren voor trans-Europese vervoersnetwerken (TEN-T) zullen ook worden geactualiseerd in het licht van de wetenschappelijke en technologische vooruitgang. Daarnaast zal de Commissie voorstellen indienen voor het beheer van het Galileoprogramma na 2013.

2.2. Klimaatverandering en een duurzaam Europa

Als de EU inderdaad haar doel bereikt en er in 2009 een nieuw internationaal verdrag inzake klimaatverandering wordt ondertekend in Kopenhagen, moet het nieuwe verdrag worden omgezet in wetgeving en worden uitgevoerd in de EU en in andere delen van de wereld, waaronder de landen die het kwetsbaarst zijn voor klimaatverandering. De EU is eenzijdig ambitieuze verbintenissen aangegaan om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen, duurzame energie te ontwikkelen en de energiezuinigheid te vergroten. In 2010 moet voorrang worden gegeven aan de implementatie van het onlangs goedgekeurde klimaat- en energiepakket, waaronder de herziene regeling voor de handel in emissierechten. Dankzij investeringen in het kader van de structuurfondsen (13 miljard euro in 2010) zal het milieu verbeteren en wordt klimaatverandering bestreden. De operationele diensten voor de wereldwijde monitoring voor milieu en veiligheid (Global Monitoring for Environment and Security - GMES) zullen verder worden ontwikkeld om de gevolgen van de klimaatverandering te volgen.

Op basis van voorstellen van de Commissie zou de Europese Raad tijdens zijn voorjaarsbijeenkomst een energieactieplan voor 2010-2014 moeten aannemen. Energiezuinigheid blijft een belangrijk thema, met name in de bijgewerkte versie van het actieplan voor energie-efficiëntie. De richtsnoeren voor de trans-Europese energienetwerken (TEN-E) moeten ook worden herzien om een effectief instrument voor de continuïteit van de energievoorziening te creëren. Ook zijn inspanningen nodig om de nieuwe wetgeving inzake duurzame energie en de interne elektriciteits- en gasmarkt uit te voeren.

In 2010 zal de Commissie de biodiversiteit in de EU blijven beschermen door de bestaande natuurwetgeving te implementeren, het Natura 2000-netwerk te voltooien en het actieplan inzake biodiversiteit van 2006 uit te voeren. 2010 zal het eerste jaar zal zijn waarin de "gezondheidscontrole" van het gemeenschappelijk landbouwbeleid ten volle ten uitvoer wordt gelegd. De Commissie zal ook een vervolg geven aan de initiatieven die zij had gepland in het werkprogramma voor 2009 met betrekking tot kansarme gebieden en de kwaliteit van landbouwproducten.

De Commissie zal haar integrale maritieme beleid in 2010 blijven bevorderen en implementeren, waaronder de langetermijnprojecten voor zeebewaking, maritieme ruimtelijke ordening en het Europees mariene observatie- en datanetwerk (EMODNET). 2010 is een belangrijk jaar voor het gemeenschappelijke visserijbeleid, want de Commissie zal naar verwachting na de openbare raadpleging haar hervormingsvoorstellen indienen. Ook zullen in 2010 de nieuwe controle- en handhavingsmechanismen voor het gemeenschappelijke visserijbeleid in werking treden zodra het voorstel daartoe, dat momenteel wordt besproken, is goedgekeurd.

De Commissie zal operationele steun verlenen voor de uitvoering van de strategie voor de Oostzee en het daarbij behorende actieplan, dat betrekking heeft op onder andere energie, milieu, vervoer, ICT, onderzoek, innovatie en meer samenwerking met derde landen.

2.3. De burger op de eerste plaats

2010 is het eerste jaar van de uitvoering van het programma van Stockholm op het gebied van vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid. Op basis van de initiatieven die in 2009 zullen worden gepresenteerd, zal verder worden gewerkt aan het bestrijden van terroristische dreigingen en de georganiseerde misdaad om de veiligheid van de burger te vergroten. Ook zal de Europese justitiële ruimte worden ontwikkeld, met name via het e-Justiceportaal, de verbetering van de wederzijdse erkenning op straf- en civielrechtelijk gebied en de toekenning van verdere procedurele rechten.

De bescherming van de fundamentele vrijheden zal de kern blijven vormen van de activiteit van de EU, met name wat betreft kwetsbare groepen, zoals kinderen. Het burgerschap zal worden bevorderd en het zal gemakkelijker worden voor burgers om naar landen buiten de EU te reizen. Er kunnen nieuwe initiatieven noodzakelijk zijn om de privacy in onze gemondialiseerde wereld te beschermen.

Het Europese pact inzake immigratie en asiel vormt het kader voor het immigratie- en asielbeleid van de EU de komende jaren. In juni 2010 zal de Europese Raad voor de eerste keer debatteren over de uitvoering van het pact, naar aanleiding van een door de Commissie te presenteren rapport. Wat betreft integratie moeten de tijdens de ministeriële conferentie in Vichy in 2008 voorgestelde initiatieven worden uitgevoerd.

Op het gebied van grenzen moet het nieuwe Schengenevaluatiemechanisme in de praktijk worden gebracht. Begin 2010 zou de Commissie voorstellen kunnen indienen voor de opzet van een inreis-uitreissysteem, een programma betreffende geregistreerde reizigers en wijzigingen van het mandaat van het Frontex-agentschap. In 2010 zou ook vooruitgang moeten worden geboekt met de oprichting van een Europees grensbewakingssysteem (Eurosur). Het gemeenschappelijke visumbeleid zal worden versterkt, met name door de toepassing van het wederkerigheidsbeginsel bij ontheffing van de visumplicht.

Beleid op het gebied van werkgelegenheid, onderwijs en opleiding zal centraal staan in de inspanningen om de gevolgen van de economische crisis aan te pakken. Als vervolg op de herziene sociale agenda zal de volgende Commissie de werkzaamheden voortzetten op het gebied van werkgelegenheid, sociale zaken, jongeren en gelijke kansen voor mannen en vrouwen, zodat kan worden ingespeeld op belangrijke uitdagingen zoals de mondialisering, technologische ontwikkeling en demografische verandering. De Commissie moet ook een vervolgstrategie presenteren op het draaiboek voor gelijke kansen voor mannen en vrouwen, dat in 2010 afloopt, en verdergaan met het creëren van werkelijk gelijke kansen voor mensen met een handicap. 2010 is het Europese jaar voor de bestrijding van armoede en sociale uitsluiting en daarom zal de EU meer aandacht besteden aan haar verbintenissen op dit vlak. Samen met de lidstaten, de belanghebbenden en andere EU-instellingen zal de Commissie het Europese jaar van de vrijwilligers (2011) voorbereiden.

Er zullen verdere maatregelen worden getroffen om de volksgezondheid te verbeteren en de veiligheid van de consument te waarborgen. Dit omvat tenuitvoerlegging van de gezondheidsstrategie van de EU, uitvoering van het tweede communautaire actieprogramma op het gebied van gezondheid, afronding van de medebeslissingsprocedures over de rechten van patiënten bij grensoverschrijdende gezondheidszorg en orgaandonatie en -transplantatie en actualisering van het werk met betrekking tot griepepidemieën en risico's voor de volksgezondheid. Door de omzetting van het Geneesmiddelenpakket van 2008 in wetgeving zullen geneesmiddelen veiliger worden voor patiënten, waarbij de concurrentiepositie van de sector gewaarborgd blijft. De gezondheid en het welzijn van dieren is een ander terrein waarop de Commissie nieuwe voorstellen doet, overeenkomstig de strategie met betrekking tot diergezondheid en het actieplan inzake de bescherming en het welzijn van dieren.

De Commissie zal verdergaan met de gezamenlijke aanpak van de productveiligheid met de Verenigde Staten en China en deze uitbreiden tot andere landen. Met de aanstaande inwerkingtreding van de richtlijn over de veiligheid van speelgoed zullen deze inspanningen worden geïntensiveerd. De Commissie zal blijven toezien op markten en de effecten op consumenten en zal blijven nadenken over de manier waarop de Europese wetgeving op consumentengebied beter kan worden gehandhaafd, op basis van de in 2009 in te dienen mededeling. De Commissie zal ook een vervolg geven aan het groenboek over de schadeloosstelling voor consumenten bij collectieve claims.

2.4. Europa als mondiale partner

Het is belangrijk dat de EU een sterke rol speelt op het wereldtoneel om de diverse uitdagingen in verband met de mondialisering aan te pakken, zoals energiezekerheid, klimaatverandering, voedselzekerheid en migratie en het helpen van de armste landen bij hun herstel van de crisis. In 2010 zal het buitenlandse beleid van de EU een nieuwe fase bereiken als het verdrag van Lissabon in werking treedt. Een van de eerste, zichtbare resultaten van de institutionele veranderingen zal de oprichting van de Europese Dienst voor extern optreden (EEAS) zijn.

In 2010 zou economisch herstel moeten intreden en zou het internationale financiële stelsel moeten worden herzien. De Commissie zal actief deelnemen aan de verschillende internationale fora die de nieuwe mondiale structuren vormgeven. Ook zullen belangrijke initiatieven worden uitgevoerd om het financiële toezicht te verbeteren en het macro-economisch toezicht en crisisbeheer te bevorderen.

De toetredingsonderhandelingen met Kroatië en Turkije zullen worden voortgezet. De Commissie zal gehoor geven aan het verzoek van de Europese Raad om het stabilisatie- en associatieproces in de westelijke Balkan te versnellen. De Commissie zal ook maatregelen voorbereiden om de politieke en sociaaleconomische ontwikkeling van Kosovo te stimuleren en het land te helpen om dichter bij de EU te komen.

De EU zal de hereniging van Cyprus blijven ondersteunen.

Binnen het Europese nabuurschapsbeleid (ENB) zal bijzondere aandacht worden besteed aan het verdiepen van de bilaterale betrekkingen, met name met Israël, Moldavië, Marokko en Oekraïne. Het ENB zal worden geïntensiveerd, bijvoorbeeld door middel van het Oostelijk Partnerschap, de start van de eerste speerpuntprojecten in het kader van de Mediterrane Unie en betere samenwerking door middel van de Zwarte Zeesynergie. In 2010 zal verder worden onderhandeld over een nieuwe overeenkomst met Rusland. De uitvoering van de strategie voor Centraal-Azië zal worden opgevoerd. De Commissie zal met al deze partners samenwerken en bijzondere aandacht besteden aan het ontwikkelen van wederzijdse energiezekerheid.

De Commissie zal nauw samenwerken met de nieuwe Amerikaanse regering om het trans-Atlantische partnerschap verder te ontwikkelen. Er moet worden gestreefd naar bevordering van de wederzijdse belangen en een positieve gemeenschappelijke agenda in de mondiale context.

De Commissie zal ook de samenwerking met de ASEAN-landen, China en India voortzetten. Tijdens de topontmoeting tussen de EU en Latijns-Amerika in mei 2010 zal het strategische partnerschap met Latijns-Amerika verder worden ontwikkeld. Naar aanleiding van het besluit van de Raad van juni 2008 om de politieke dialoog met Cuba te heropenen, wordt de samenwerking momenteel hervat en zal deze in 2010 worden geïntensiveerd.

In 2010 zal de Commissie waarschijnlijk actief betrokken zijn bij de sluiting en/of de praktische uitvoering van de Ontwikkelingsronde van Doha en de lopende bilaterale handelsbesprekingen. Met onze belangrijkste economische partners zullen we blijven overleggen over betere toegang tot de markten in derde landen voor Europese bedrijven. De Commissie zal ook bijzondere aandacht besteden aan het voorkómen en aanpakken van concurrentieverstoring en protectionisme in derde landen.

De EU zal moeten blijven bijdragen aan de internationale veiligheid en stabiliteit, met name in Kosovo, het Midden-Oosten, Afghanistan en Georgië. De EU moet actief betrokken blijven bij het vredesproces in het Midden-Oosten, waar de vooruitgang afhangt van de interne politieke situatie in Israël en de bezette Palestijnse gebieden, de aanpak van de nieuwe Amerikaanse regering, de inspanningen van het Kwartet en de ontwikkelingen ter plaatse.

De uitvoering van de Voedselfaciliteit wordt voortgezet. In 2010 zal de Commissie evenals in voorgaande jaren streven naar actieve crisisbeheersing en een efficiënte en snelle reactie bij humanitaire crisissen, overeenkomstig het in 2008 goedgekeurde actieplan ter uitvoering van de Europese consensus betreffende humanitaire hulp.

Tijdens de VN-top in september 2010 zullen de vorderingen met betrekking tot de millenniumdoelstellingen voor ontwikkeling worden geëvalueerd. In de ambitieuze verbintenissen van de EU inzake de omvang van de hulp vormt 2010 een tussendoel op weg naar de 0,7% in 2015. In 2010 zal ook de tweede herziening van de Overeenkomst van Cotonou met de ACS-landen worden afgerond en zal een tussentijdse evaluatie plaatsvinden van het tiende Europees Ontwikkelingsfonds. Tijdens de derde top tussen de EU en Afrika zal de in december 2007 goedgekeurde gezamenlijke strategie EU-Afrika worden geëvalueerd en zal een nieuw actieplan voor 2011-2013 worden vastgesteld.

De Commissie zal met ontwikkelingslanden en geïndustrialiseerde landen werken aan de snelle uitvoering van de klimaatovereenkomst, als die in Kopenhagen wordt ondertekend.

Eventuele veranderingen in de financieringsinstrumenten voor buitenlandse betrekkingen, waartoe zou kunnen worden besloten na de tussentijdse evaluatie in 2009, zouden in 2010 in werking kunnen treden.

2.5 Betere regelgeving en transparantie

Betere regelgeving blijft centraal staan in de werkzaamheden van de Commissie. Met het oog op de algemene vereenvoudiging zal de doeltreffendheid van de bestaande wetgeving per beleidsterrein worden onderzocht. Daarnaast zal de Commissie de gebieden aanpakken waarvoor in het “Pakket betere regelgeving” (2009) wordt vastgesteld dat de regelgeving kan worden vereenvoudigd. De Commissie zal ook hard blijven werken aan de vermindering van de administratieve belasting, zodat deze tegen 2012 met het streefcijfer van 25% zal zijn gedaald. Om ervoor te zorgen dat nieuwe wetgeving van de hoogst mogelijke kwaliteit is, zal de Commissie het onlangs versterkte effectbeoordelingssysteem blijven toepassen en de resultaten van de evaluaties beter benutten.

Er zal verder worden gewerkt aan het Europese Transparantie-initiatief. In 2009 zal het register van belangenvertegenwoordigers (het "lobbyistenregister") worden herzien, waarna samen met het Europees Parlement een gezamenlijk register zou kunnen worden aangelegd. De Commissie zal ook de transparantie blijven verbeteren wat betreft de eindbegunstigden van EU-middelen.

3. Deel II – Algemeen kader voor personele en financiële middelen voor 2010

3.1. Personeel

Na de begin 2007 uitgevoerde toetsing van de personele middelen[1] verbond de Commissie zich ertoe tot 2013 alle personeelskosten te dekken met gelijkblijvende middelen, zodra de laatste voor Bulgarije en Roemenië gereserveerde posten in het kader van de uitbreiding zijn ingevuld. Om de beleidsprioriteiten voor 2010 te halen, heeft de Commissie haar diensten opgedragen te onderzoeken waar efficiënter kan worden gewerkt, met name wat betreft de ondersteunende en coördinerende functies. Dit zou moeten leiden tot de herverdeling van ongeveer 600 posten. De meeste daarvan zullen binnen het betreffende directoraat-generaal worden gebruikt voor de versterking van de operationele activiteiten, te weten het maken van beleid en wetgeving, toezicht en handhaving van het communautaire beleid. Hieronder vallen ook maatregelen in verband met de aanpak van de financiële en economische crisis, de versterking van de onderzoeksprogramma's op het gebied van vervoer en energie, de uitbreiding van de taken van de EU-delegaties in derde landen op politiek en handelsvlak, de versterking van de vertegenwoordigingen in de lidstaten en de ontwikkeling van eigen communicatiemiddelen.

3.2. Verschuivingen in de toewijzing van de financiële middelen

Ter voorbereiding op het voorontwerp van begroting voor 2010, dat de Commissie eind april zal presenteren, worden in de jaarlijkse beleidsstrategie veranderingen voorgesteld voor de financiële programmering voor de rubrieken van het financiële meerjarenkader voor 2007-2013. Alle voorstellen zijn in overeenstemming met de uitgavenplafonds van het financiële meerjarenkader voor 2007-2013 en de referentiebedragen van de verschillende financiële programma's.

3.2.1. Concurrentievermogen voor groei en werkgelegenheid (subrubriek 1a)

Voor subrubriek 1a (Concurrentievermogen voor groei en werkgelegenheid) zullen de toewijzingen met 9% toenemen in vergelijking met de begroting voor 2009, overeenkomstig de financiële programmering van de Commissie. Dit omvat een toename van de financiële middelen voor belangrijke initiatieven in verband met het Europese economische herstelplan uit hoofde van subrubriek 1a en de Lissabonstrategie, namelijk:

- het zevende kaderprogramma voor onderzoek en technologische ontwikkeling (EG + Euratom): + 803 miljoen euro;

- programma voor een leven lang leren: + 39 miljoen euro;

- programma voor concurrentievermogen en innovatie (CIP): + 25 miljoen euro;

- trans-Europese netwerken (TEN): + 128 miljoen euro;

- Galileo: + 66 miljoen euro;

- Europees Instituut voor innovatie en technologie (EIT): + EUR 24 miljoen voor het eerste jaar.

Een belangrijk onderdeel van het door de Europese Raad in december 2008 bekrachtigde economische herstelplan[2] is een nieuw financieringinstrument, het Europese energieprogramma, dat is bedoeld om energieprojecten in de Gemeenschap te ontwikkelen. Het programma heeft een looptijd van twee jaar (2009-2010) en een budget van 3,5 miljard euro, dat als volgt wordt verdeeld:

- interconnectieprojecten voor gas en elektriciteit: 1,75 miljard euro;

- windenergieprojecten op zee: 500 miljoen euro;

- projecten voor de vastlegging en opslag van koolstof: 1,25 miljard euro.

De Commissie heeft voorgesteld het financiële meerjarenkader voor 2007-2013 te herzien om extra middelen beschikbaar te maken voor subrubriek 1a en tegelijkertijd de totaalbedragen te respecteren die zijn vastgelegd in het Interinstitutioneel akkoord van 17 mei 2006 betreffende de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer[3]. Gezien de besprekingen met de begrotingsautoriteit stelt de Commissie voor het overschot voor 2008 aan middelen uit rubriek 2 over te hevelen naar subrubriek 1a ten behoeve van de financiering van de 3,5 miljard euro die nodig zijn voor de energieprojecten (1,5 miljard euro in 2009 en 2 miljard in 2010).

De Commissie zal samen met het Europees Agentschap voor chemische stoffen zoeken naar een oplossing voor het kastekort dat in 2010 wordt verwacht doordat de bijdragen pas later in het jaar worden betaald. Er zal een subsidie uit de EU-begroting noodzakelijk zijn.

Met het voorgestelde communautaire programma voor specifieke activiteiten op het gebied van financiële diensten, financiële verslaggeving en controle van jaarrekeningen[4] zal de Gemeenschap instanties[5] kunnen financieren die zich bezighouden met de convergentie van het toezicht en samenwerking op het gebied van financiële verslaggeving en controle van jaarrekeningen. De voorgestelde financiële toewijzing bedraagt 36,2 miljoen euro voor de periode 2010-2013, zoals reeds was gepland in de bijgewerkte financiële programmering van januari 2009.

3.2.2. Cohesie voor groei en werkgelegenheid (subrubriek 1b)

Overeenkomstig de huidige programmering van de structuur- en cohesiefondsen zullen de financiële middelen voor Cohesie voor groei en werkgelegenheid ten opzichte van 2009 toenemen met 980 miljoen euro (= 2%). Na totstandbrenging van de voorwaarden voor efficiënt beheer en efficiënte controle en goedkeuring van de eind 2008 voorgestelde maatregelen om de uitvoering te stroomlijnen, zal de Commissie er vooral voor zorgen dat die maatregelen maximaal effect hebben op de cohesie, de groei en de bestrijding van de economische en financiële crisis.

3.2.3. Behoud en beheer van de natuurlijke hulpbronnen (rubriek 2)

Op basis van de gezondheidscontrole van het landbouwbeleid zal 479 miljoen euro worden overgeheveld van rechtstreekse steun naar plattelandsontwikkeling. Dit komt bovenop het bedrag als gevolg van de vrijwillige modulatie voor Portugal en de hervorming van de wijnsector, waardoor in 2010 de financiële middelen voor plattelandsontwikkeling ten opzichte van 2009 toenemen met 4,3%.

Hierin is geen rekening gehouden met de voor 2009 geplande specifieke maatregelen in het kader van het Europese economische herstelplan. Voor rubriek 2 stelt de Commissie voor om in 2009 al te anticiperen op de nieuwe maatregelen die voortvloeien uit de gezondheidscontrole (500 miljoen euro) en om betere breedbandinfrastructuur op het platteland te creëren (1 miljard euro). Deze maatregelen van het Europese economische herstelplan komen bovenop de maatregelen van subrubriek 1a.

In 2010 zal voor LIFE+ 6,9% meer middelen worden uitgetrokken, zoals gepland in de financiële programmering.

3.2.4. Vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid (subrubriek 3a)

In 2010 zal voor deze rubriek ongeveer 14% meer middelen worden uitgetrokken dan in 2009, waaruit blijkt dat hoge prioriteit wordt gegeven aan het communautaire optreden op dit gebied.

De Commissie zal voorstellen doen voor de uitvoering van het gemeenschappelijke visumbeleid, onder andere voor de oprichting van een ondersteunend agentschap, zoals bepaald in het Europese pact inzake immigratie en asiel, dat op 15-16 oktober 2008 is goedgekeurd door de Europese Raad. Dit agentschap is een belangrijke component van het gemeenschappelijke beleid inzake immigratie en asiel.

De Commissie stelt ook voor de begroting voor Frontex (78 miljoen euro) in 2010 te handhaven op hetzelfde niveau als in 2009, dat wil zeggen 8 miljoen euro meer dan in de oorspronkelijke financiële programmering.

Gezien het gebrek aan rechtsinstrumenten wordt een verlaging van 30 miljoen euro voorgesteld. Daarmee zijn nog steeds ontwikkelingen mogelijk op het gebied van grenscontroles, zoals de voor 2010 geplande start van een inreis-uitreissysteem en een systeem voor geregistreerde reizigers.

3.2.5. Burgerschap (subrubriek 3b)

Gezien de geringe omvang van deze rubriek betekent het voor 2010 voorgestelde totaalbedrag een lichte stijging van 0,6% ten opzichte van 2009, zodat dezelfde hoeveelheid middelen beschikbaar blijft voor maatregelen die belangrijk zijn voor de Europese burgers, zoals volksgezondheid, consumentenbescherming, civiele bescherming, culturele programma's en communicatie.

3.2.6. De EU als mondiale partner (rubriek 4)

Voor de EU is het van groot belang dat de klimaatconferentie van de Verenigde Naties, die in december 2009 in Kopenhagen zal plaatsvinden, een succes wordt. De resultaten van deze conferentie zullen van invloed zijn op het interne en het externe beleid van de EU. De nieuwe internationale regeling inzake klimaatverandering die in Kopenhagen moet worden goedgekeurd, zal waarschijnlijk maatregelen omvatten op het gebied van aanpassing, verzachting, financiering en technologieoverdracht, ondermeer via de Global Climate Change Alliance, om de meest kwetsbare landen te helpen bij hun aanpassingsprogramma's.

De Commissie is van plan 600 miljoen euro uit te trekken voor de geleidelijke tenuitvoerlegging van het Oostelijk Partnerschap gedurende de periode 2010-2013. 250 miljoen euro is gereserveerd voor de herprogrammering van de ENPI-middelen. De overige 350 miljoen euro komen uit de niet-toegewezen marge van rubriek 4: 2010: 25 miljoen euro; 2011: 53 miljoen euro; 2012: 113 miljoen euro; 2013: 159 miljoen euro.

Voor de Palestijnse gebieden zal steun noodzakelijk zijn voor de Gazastrook en de westelijke Jordaanoever om de gevolgen van de aanslepende crisis te verzachten.

De Commissie zal ook haar belofte nakomen om aan de behoeften als gevolg van de crisis in Georgië in 2008 te voldoen. De steun voor Georgië in verband met de in het indicatieve programma van het ENPI voor 2007-2010 vastgestelde prioriteiten (steun voor democratische ontwikkeling, de rechtsstaat en bestuur, steun voor economische ontwikkeling, armoedebestrijding en sociale hervormingen en steun voor een vreedzame regeling van de binnenlandse conflicten in Georgië) zal worden aangevuld en versterkt met steun voor binnenlandse ontheemden.

De Commissie zal ook het stabilisatie- en associatieproces met Kosovo verder versterken. In 2010 zal de Commissie maatregelen uitvoeren om de politieke en sociaaleconomische ontwikkeling van Kosovo en de aanpassing aan de EU te bevorderen, in het kader van een studie die zij in het najaar van 2009 wil uitvoeren.

De middelen die noodzakelijk zijn voor het vredesproces in het Midden-Oosten, Cuba, Georgië, Kosovo, de hereniging van Cyprus en klimaatverandering zijn afhankelijk van de ontwikkelingen tijdens de komende maanden. De Commissie zal haar verzoeken aanvullen tijdens de begrotingsprocedure.

[1] “Planning & optimising Commission human resources to serve EU priorities” - SEC(2007)530 van 24 april 2007 (document alleen beschikbaar in het Duits, het Engels en het Frans).

[2] Conclusies van het voorzitterschap van de Europese Raad van Brussel (11-12 december), 17271/08, punt 9.

[3] COM(2008) 859 van 10.12.2008.

[4] COM(2009) 14 van 23.1.2009.

[5] De International Accounting Standards Committee Foundation; de European Financial Reporting Advisory Group; de Public Interest Oversight Board; het Comité van Europese effectenregelgevers; het Comité van Europese bankentoezichthouders en het Comité van Europese toezichthouders op verzekeringen en bedrijfspensioenen.