Voorstel voor een Verordening van het Europees Parlement en de Raad van […] tot wijziging van Verordening (EG) nr. 338/97 inzake de bescherming van in het wild levende dier- en plantensoorten door controle op het desbetreffende handelsverkeer, wat de aan de Commissie verleende uitvoeringsbevoegdheden betreft - Aanpassing aan de regelgevingsprocedure met toetsing /* COM/2008/0104 def. - COD 2008/0042 */
[pic] | COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN | Brussel, 26.2.2008 COM(2008) 104 def. 2008/0042 (COD) Aanpassing aan de regelgevingsprocedure met toetsingVoorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van […] tot wijziging van Verordening (EG) nr. 338/97 inzake de bescherming van in het wild levende dier- en plantensoorten door controle op het desbetreffende handelsverkeer, wat de aan de Commissie verleende uitvoeringsbevoegdheden betreft (door de Commissie ingediend) TOELICHTING 1. ACHTERGROND VAN HET VOORSTEL 1.1 Hervorming van de comitéprocedures Besluit 1999/468/EG van de Raad van 28 juni 1999 tot vaststelling van de voorwaarden voor de uitoefening van de aan de Commissie verleende uitvoeringsbevoegdheden[1] is gewijzigd bij Besluit 2006/512/EG van de Raad van 17 juli 2006[2]. Bij artikel 5 bis van het gewijzigde Besluit 1999/468/EG is een nieuwe regelgevingsprocedure met toetsing ingevoerd voor de maatregelen van algemene strekking tot wijziging van niet-essentiële onderdelen van een volgens de procedure van artikel 251 van het Verdrag aangenomen basisbesluit, ook wanneer de wijziging behelst dat sommige van deze niet-essentiële onderdelen worden geschrapt of dat het besluit wordt aangevuld met nieuwe niet-essentiële onderdelen. 1.2. Prioritaire aanpassingsoperatie en algemene aanpassingsoperatie Het Parlement, de Raad en de Commissie hebben in een gemeenschappelijke verklaring[3] een lijst vastgesteld van basisbesluiten die dringend aan het gewijzigde besluit moesten worden aangepast om de nieuwe regelgevingsprocedure met toetsing erin op te nemen (prioritaire aanpassingsoperatie). Met het oog op toepassing van de regelgevingsprocedure met toetsing in het kader van de andere volgens de medebeslissingsprocedure aangenomen besluiten die reeds golden toen Besluit 2006/512/EG van kracht werd, is in de gemeenschappelijke verklaring tevens opgeroepen tot aanpassing van die besluiten volgens de geldende procedures (algemene aanpassingsoperatie). De Commissie heeft zich ertoe verbonden al die besluiten te onderzoeken teneinde zo nodig vóór eind 2007 wetgevingsvoorstellen te doen om de besluiten aan de nieuwe regelgevingsprocedure met toetsing aan te passen[4]. 1.3. Gevolgde aanpak Zoals al in de mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad van 23 november 2007[5] werd vermeld, heeft de Commissie alle volgens de medebeslissingsprocedure vastgestelde besluiten zorgvuldig bestudeerd om na te gaan welke van die besluiten haar machtigen om maatregelen van algemene strekking aan te nemen die ten doel hebben niet-essentiële onderdelen van het desbetreffende basisbesluit te wijzigen. Daarbij heeft de Commissie meer dan 200 besluiten gevonden die gewijzigd moeten worden. Een aantal van die besluiten komt voor in het codificatieprogramma van de Commissie. Dat is ook het geval met Verordening (EG) nr. 338/97 van de Raad van 9 december 1996 inzake de bescherming van in het wild levende dier- en plantensoorten door controle op het desbetreffende handelsverkeer. De aanpassing aan de nieuwe procedure van dergelijke besluiten moet, afhankelijk van het stadium waarin het codificatieproces zich bevindt, gebeuren door het codificatievoorstel om te zetten in een herschikking of, zoals hier het geval is, door middel van een wijzigingsbesluit. 2. JURIDISCHE ELEMENTEN VAN HET VOORSTEL De aanpassing heeft tot doel de regelgevingsprocedure met toetsing zoals vastgelegd in artikel 5 bis van het gewijzigde Besluit 1999/468/EG in de verordening op te nemen. Met name de volgende artikelen, die voorzien in de vaststelling van algemene maatregelen voor het wijzigen van niet-essentiële onderdelen van Verordening (EG) nr. 338/97, onder meer door haar aan te vullen, moeten worden aangepast aan de regelgevingsprocedure met toetsing: artikel 4, lid 7, artikel 5, lid 5, artikel 7, lid 1, onder c), artikel 7, lid 2, onder c), artikel 7, lid 3, artikel 8, lid 4, artikel 9, lid 6, artikel 11, lid 5, artikel 12, lid 4, artikel 19, lid 2, artikel 19, lid 3, artikel 19, lid 4 en artikel 19, lid 5. In het licht van met name de aard van de beoogde maatregelen behelst de aanpassing ook, overeenkomstig lid 5 van het genoemde artikel 5 bis, bepalingen om de in het kader van de regelgevingsprocedure met toetsing gebruikelijke termijnen in te korten. Om redenen van doeltreffendheid moeten de normaal voor de regelgevingsprocedure met toetsing gebruikelijke termijnen worden ingekort voor de aanneming van de in artikel 19, lid 3, bedoelde maatregelen tot wijziging van de bijlagen A tot en met D. Ook moet in de bepalingen inzake de comitéprocedures die niet hoeven te worden aangepast aan de regelgevingsprocedure met toetsing een verwijzing worden opgenomen naar de in artikel 18, lid 2, bedoelde regelgevingsprocedure. Dit betreft artikel 4, lid 6, artikel 5, lid 7, onder b), artikel 7, lid 4, artikel 15, lid 4, onder a), artikel 15, lid 4, onder c), artikel 15, lid 5, artikel 19, lid 1 en artikel 21, lid 3. Artikel 18 moet worden gewijzigd om een verwijzing op te nemen naar artikel 5 bis van Besluit 1999/468/EG. Het basisbesluit is een verordening en moet dus ook door middel van een verordening worden gewijzigd. 2008/0042 (COD) Aanpassing aan de regelgevingsprocedure met toetsing Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD tot wijziging van Verordening (EG) nr. 338/97 inzake de bescherming van in het wild levende dier- en plantensoorten door controle op het desbetreffende handelsverkeer, wat de aan de Commissie verleende uitvoeringsbevoegdheden betreft HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, en met name op artikel 175, lid 1, Gezien het voorstel van de Commissie[6], Gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité[7], Gezien het advies van het Comité van de Regio's[8], Volgens de procedure van artikel 251 van het Verdrag[9], Overwegende hetgeen volgt: (1) Volgens Verordening (EG) nr. 338/97[10] moeten bepaalde maatregelen worden vastgesteld overeenkomstig Besluit 1999/468/EG van de Raad van 28 juni 1999 tot vaststelling van de voorwaarden voor de uitoefening van de aan de Commissie verleende uitvoeringsbevoegdheden[11]. (2) Besluit 1999/468/EG is gewijzigd bij Besluit 2006/512/EG waarbij een regelgevingsprocedure met toetsing is ingevoerd voor uitvoeringsmaatregelen van algemene strekking die niet-essentiële elementen wijzigen van basisbesluiten welke zijn vastgesteld overeenkomstig de procedure van artikel 251 van het Verdrag, onder meer door in dergelijke besluiten sommige van dergelijke elementen te schrappen, dan wel door daaraan nieuwe niet-essentiële elementen toe te voegen. (3) Overeenkomstig de gemeenschappelijke verklaring van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie[12] betreffende Besluit 2006/512/EG vergt de toepassing van deze nieuwe procedure op reeds geldende, volgens de procedure van artikel 251 van het Verdrag aangenomen besluiten dat deze besluiten volgens de geldende procedures worden aangepast. (4) Met betrekking tot Verordening (EG) nr. 338/97 moet de Commissie in het bijzonder de bevoegdheid worden gegeven om voor bepaalde specimens die op schepen worden overgeladen, dan wel per vliegtuig of per spoor worden vervoerd, ontheffingen toe te staan op de controle en voorlegging van invoerdocumenten in het douanekantoor aan de grens waar zij worden binnengebracht; procedures vast te stellen voor overleg tussen administratieve instanties vóór de afgifte van wederuitvoercertificaten en voor de gevallen waarin overleg vereist is; criteria vast te stellen aan de hand waarvan moet worden uitgemaakt of een specimen in gevangenschap geboren en gefokt of kunstmatig gekweekt is en of dit al dan niet voor handelsdoeleinden gebeurde en bijzondere voorwaarden vast te stellen om af te wijken van het bepaalde in de artikelen 4 en 5 in het geval van kunstmatig gekweekte planten; voorwaarden vast te stellen voor de overlegging achteraf van de in artikel 7, lid 2, onder b), bedoelde documenten; bepalingen vast te stellen op grond waarvan de in de artikelen 4 en 5 vervatte bepalingen niet van toepassing zijn op persoonlijke bezittingen of huisraad die in de Gemeenschap worden binnengebracht dan wel uit de Gemeenschap worden uitgevoerd of wederuitgevoerd; de in artikel 8, lid 4, bedoelde afwijkingen vast te stellen; beperkingen op te leggen ten aanzien van het in het bezit hebben of vervoer van levende specimens van soorten waarvoor overeenkomstig artikel 4, lid 6, beperkingen zijn vastgesteld; termijnen vast te stellen voor de afgifte van vergunningen en certificaten; criteria vast te stellen op basis waarvan een administratieve instantie toestemming kan geven om specimens via een ander douanekantoor dan die welke overeenkomstig artikel 12, lid 1, zijn aangewezen, in de Gemeenschap binnen te brengen, c.q. daaruit uit te voeren of weder uit te voeren; de in artikel 19, lid 1, bedoelde uniforme bepalingen en criteria vast te stellen; de bijlagen A tot en met D te wijzigen; aanvullende maatregelen aan te nemen om de resoluties van de conferentie van de partijen bij de Overeenkomst, besluiten of aanbevelingen van het Permanent Comité van de Overeenkomst en aanbevelingen van het secretariaat van de Overeenkomst ten uitvoer te leggen. Daar het maatregelen van algemene strekking betreft tot wijziging van niet-essentiële onderdelen van Verordening 338/97/EG en tot aanvulling van deze richtlijn met nieuwe niet-essentiële onderdelen, moeten zij worden vastgesteld volgens de in artikel 5 bis van Besluit 1999/468/EG bedoelde regelgevingsprocedure met toetsing. (5) Om redenen van doeltreffendheid moeten de normaal voor de regelgevingsprocedure met toetsing gebruikelijke termijnen worden ingekort voor de aanneming van maatregelen waarnaar wordt verwezen in artikel 19, lid 3, tot wijziging van de bijlagen A tot en met D, om aan de termijn te kunnen voldoen voor de inwerkingtreding van de wijzigingen van de bijlagen bij de Overeenkomst die zijn goedgekeurd in de vergaderingen van de conferenties van de partijen bij de Overeenkomst en om te garanderen dat wordt voldaan aan de bepalingen van artikel 3. (6) Verordening (EG) nr. 338/97 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd, HEBBEN DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD: Artikel 1 Verordening (EG) nr. 338/97 wordt als volgt gewijzigd: (1) Artikel 4 wordt als volgt gewijzigd: a) in lid 6 komt de inleidende zin als volgt te luiden: "6. In overleg met de betrokken landen van herkomst kan de Commissie volgens de procedure van artikel 18, lid 2, en met inachtneming van de adviezen van de wetenschappelijke studiegroep, algemene - of bepaalde landen van herkomst betreffende - beperkingen opleggen ten aanzien van het binnenbrengen in de Gemeenschap:" b) lid 7 komt als volgt te luiden: "7. Indien bepaalde specimens, wanneer zij in de Gemeenschap worden binnengebracht, op schepen worden overgeladen, dan wel per vliegtuig of per spoor worden vervoerd, worden door de Commissie ontheffingen toegestaan op de in de leden 1 tot en met 4 bedoelde controle en voorlegging van invoerdocumenten in het douanekantoor aan de grens waar zij worden binnengebracht, zodat deze controle en voorlegging in een ander, overeenkomstig artikel 12, lid 1, aangewezen douanekantoor kunnen geschieden. Deze maatregelen, die niet-essentiële onderdelen van deze verordening beogen te wijzigen door haar aan te vullen, worden vastgesteld volgens de in artikel 18, lid 3, bedoelde regelgevingsprocedure met toetsing." (2) Artikel 5 wordt als volgt gewijzigd: a) lid 5 wordt vervangen door: "5. Indien een aanvraag voor een wederuitvoercertificaat betrekking heeft op specimens die bij binnenkomst in de Gemeenschap vergezeld gingen van een door een andere lidstaat afgegeven invoervergunning, pleegt de administratieve instantie vooraf overleg met de administratieve instantie die de invoervergunning heeft afgegeven. De overlegprocedures en de gevallen waarin overleg vereist is, worden door de Commissie vastgesteld. Deze maatregelen, die niet-essentiële onderdelen van deze verordening beogen te wijzigen door haar aan te vullen, worden vastgesteld volgens de in artikel 18, lid 3, bedoelde regelgevingsprocedure met toetsing." b) lid 7, onder b), wordt vervangen door: "b) Wanneer een administratieve instantie van dergelijke maatregelen op de hoogte is gebracht, deelt zij die - tezamen met haar opmerkingen - mee aan de Commissie; volgens de procedure van artikel 18, lid 2, beveelt de Commissie eventueel uitvoerbeperkingen met betrekking tot de betrokken soort aan." (3) Artikel 7 wordt als volgt gewijzigd: a) lid 1, onder c) wordt vervangen door: "c) De Commissie stelt naast de onder b) bedoelde bijzondere voorwaarden, ook de criteria vast aan de hand waarvan moet worden uitgemaakt of een specimen in gevangenschap geboren en gefokt of kunstmatig gekweekt is en of dit al dan niet voor handelsdoeleinden gebeurde. Deze maatregelen, die niet-essentiële onderdelen van deze verordening beogen te wijzigen door haar aan te vullen, worden vastgesteld volgens de in artikel 18, lid 3, bedoelde regelgevingsprocedure met toetsing." b) lid 2, onder c) wordt vervangen door: "c) Indien het onder b) bedoelde document niet vóór de uitvoer of wederuitvoer is afgegeven, moet het specimen in beslag worden genomen en kan het in voorkomend geval verbeurd worden verklaard, tenzij het document achteraf toch wordt overgelegd onder de door de Commissie vastgestelde voorwaarden. Deze maatregelen, die niet-essentiële onderdelen van deze verordening beogen te wijzigen door haar aan te vullen, worden vastgesteld volgens de in artikel 18, lid 3, bedoelde regelgevingsprocedure met toetsing." c) lid 3 komt als volgt te luiden: "3. Persoonlijke bezittingen en huisraad In afwijking van de artikelen 4 en 5 zijn de daarin vervatte bepalingen niet van toepassing op dode specimens, delen daarvan of daaruit verkregen producten van soorten genoemd in de bijlagen A tot en met D bij deze verordening die vallen onder persoonlijke bezittingen of huisraad die in de Gemeenschap worden binnengebracht dan wel uit de Gemeenschap worden uitgevoerd of wederuitgevoerd, in overeenstemming met de bepalingen die door de Commissie worden vastgesteld. Deze maatregelen, die niet-essentiële onderdelen van deze verordening beogen te wijzigen door haar aan te vullen, worden vastgesteld volgens de in artikel 18, lid 3, bedoelde regelgevingsprocedure met toetsing." d) lid 4 komt als volgt te luiden: "4. Wetenschappelijke instellingen De in de artikelen 4, 5, 8 en 9 voorgeschreven documenten behoeven niet te worden overgelegd wanneer het gaat om uitlening, schenking of uitwisseling voor niet-commerciële doeleinden tussen wetenschappers en wetenschappelijke instellingen die door een administratieve instantie van de Staat waarin ze zijn gevestigd zijn ingeschreven, van specimens uit herbaria en van andere geconserveerde gedroogde of ingesloten specimens uit musea en van levende planten die voorzien zijn van een etiket waarvan het model wordt vastgesteld volgens de procedure van artikel 18, lid 2, of van een gelijksoortig etiket, afgegeven of goedgekeurd door een administratieve instantie van een derde land." (4) Artikel 8, lid 4, wordt vervangen door het volgende: "4. De Commissie kan, op basis van de voorwaarden van lid 3, algemene afwijkingen van de verbodsbepalingen van lid 1 vaststellen, alsmede algemene ontheffingen met betrekking tot de soorten die overeenkomstig artikel 3, lid 1, onder b), punt ii), in bijlage A zijn opgenomen. Deze maatregelen, die niet-essentiële onderdelen van deze verordening beogen te wijzigen door haar aan te vullen, worden vastgesteld volgens de in artikel 18, lid 3, bedoelde regelgevingsprocedure met toetsing. Dergelijke afwijkingen moeten in overeenstemming zijn met de voorschriften van andere Gemeenschapswetgeving inzake de instandhouding van wilde fauna en flora." (5) Artikel 9, lid 6, wordt vervangen door het volgende: "6. De Commissie kan beperkingen opleggen ten aanzien van het in het bezit hebben of vervoer van levende specimens van soorten waarvoor overeenkomstig artikel 4, lid 6, beperkingen inzake het binnenbrengen in de Gemeenschap zijn vastgesteld. Deze maatregelen, die niet-essentiële onderdelen van deze verordening beogen te wijzigen door haar aan te vullen, worden vastgesteld volgens de in artikel 18, lid 3, bedoelde regelgevingsprocedure met toetsing." (6) Artikel 11, lid 5, wordt vervangen door het volgende: "5. De Commissie stelt de termijnen voor de afgifte van vergunningen en certificaten vast. Deze maatregelen, die niet-essentiële onderdelen van deze verordening beogen te wijzigen door haar aan te vullen, worden vastgesteld volgens de in artikel 18, lid 3, bedoelde regelgevingsprocedure met toetsing." (7) Artikel 12, lid 4, wordt vervangen door het volgende: "4. In uitzonderlijke gevallen en overeenkomstig de door de Commissie vastgestelde criteria kan een administratieve instantie toestemming geven om de betrokken specimens via een ander douanekantoor dan die welke overeenkomstig lid 1 zijn aangewezen, in de Gemeenschap binnen te brengen, c.q. daaruit uit te voeren of weder uit te voeren. Deze maatregelen die niet-essentiële elementen van deze verordening beogen te wijzigen door haar aan te vullen en die betrekking hebben op de vaststelling van criteria voor dergelijke vergunningen, worden vastgesteld volgens de in artikel 18, lid 3, bedoelde regelgevingsprocedure met toetsing." (8) Artikel 15 wordt als volgt gewijzigd: a) lid 4 wordt als volgt gewijzigd: i) de laatste zin van punt a) wordt vervangen door: "De Commissie bepaalt volgens de procedure van artikel 18, lid 2, welke informatie moet worden verstrekt en in welke vorm dat dient te geschieden." ii) de laatste zin van punt c) wordt vervangen door: "De Commissie bepaalt volgens de procedure van artikel 18, lid 2, welke informatie moet worden verstrekt en in welke vorm dat dient te geschieden." b) lid 5 komt als volgt te luiden: "5. Met het oog op de wijzigingen van de bijlagen delen de bevoegde autoriteiten van de lidstaten de Commissie alle relevante informatie mee. Volgens de procedure van artikel 18, lid 2, bepaalt de Commissie welke informatie vereist is. (9) Artikel 18 wordt als volgt gewijzigd: a) lid 3 komt als volgt te luiden: "3. Wanneer naar dit lid wordt verwezen, zijn artikel 5 bis, leden 1 tot en met 4, en artikel 7 van Besluit 1999/468/EG van toepassing, met inachtneming van artikel 8 van dat besluit." b) lid 4 wordt ingevoegd: "4. Wanneer naar dit lid wordt verwezen, zijn artikel 5 bis, leden 1 tot en met 4, en artikel 5 ter, alsmede artikel 7 van Besluit 1999/468/EG van toepassing, met inachtneming van artikel 8 van dat besluit. De in artikel 5 bis, lid 3, onder c), en lid 4, onder b) en e), van Besluit 1999/468/EG bedoelde termijnen worden vastgesteld op respectievelijk één maand, één maand en twee maanden." (10) Artikel 19 komt als volgt te luiden: "Artikel 19 1. Volgens de procedure van artikel 18, lid 2, neemt de Commissie de maatregelen aan bedoeld in artikel 4, lid 6, artikel 5, lid 7, onder b), artikel 7, lid 4, artikel 15, lid 4, onder a) en c), artikel 15, lid 5 en artikel 21, lid 3. De Commissie stelt het model vast van de in artikel 4, artikel 5, artikel 7, lid 4, en artikel 10 bedoelde documenten, volgens de procedure van artikel 18, lid 2. 2. De Commissie neemt de maatregelen aan bedoeld in artikel 4, lid 7, artikel 5, lid 5, artikel 7, leden 1, onder c), 2, onder c), en 3, artikel 8, lid 4, artikel 9, lid 6, en artikel 11, lid 5. Deze maatregelen, die niet-essentiële onderdelen van deze verordening beogen te wijzigen door haar aan te vullen, worden vastgesteld volgens de in artikel 18, lid 3, bedoelde regelgevingsprocedure met toetsing. 3. De Commissie stelt uniforme bepalingen en criteria vast voor: i) de afgifte, de geldigheid en het gebruik van de documenten bedoeld in artikel 4, artikel 5, artikel 7, lid 4, en artikel 10; ii) het gebruik van de in artikel 7, lid 1, onder b) i) bedoelde fytosanitaire certificaten; iii) het opstellen, wanneer zulks nodig is, van procedures voor het merken van specimens als hulpmiddel bij de identificatie ervan en ter naleving van de verordening; Deze maatregelen, die niet-essentiële onderdelen van deze verordening beogen te wijzigen door haar aan te vullen, worden vastgesteld volgens de in artikel 18, lid 3, bedoelde regelgevingsprocedure met toetsing. 4. De Commissie neemt zo nodig aanvullende maatregelen aan om de resoluties van de conferentie van de partijen bij de Overeenkomst, besluiten of aanbevelingen van het Permanent Comité van de Overeenkomst en aanbevelingen van het secretariaat van de Overeenkomst ten uitvoer te leggen. Deze maatregelen, die niet-essentiële onderdelen van deze verordening beogen te wijzigen door haar aan te vullen, worden vastgesteld volgens de in artikel 18, lid 3, bedoelde regelgevingsprocedure met toetsing. 5. De Commissie wijzigt de bijlagen A tot en met D, met uitzondering van de wijzigingen van bijlage A die niet uit de besluiten van de conferentie van de partijen bij de Overeenkomst voortvloeien. Die maatregelen, die niet-essentiële onderdelen van deze verordening beogen te wijzigen, worden vastgesteld volgens de in artikel 18, lid 4, bedoelde regelgevingsprocedure met toetsing." (11) In artikel 21, lid 3, wordt de inleidende zin vervangen door: "3. Twee maanden voor de toepassing van deze verordening handelt de Commissie volgens de procedure van artikel 18, lid 2, en in overleg met de wetenschappelijke studiegroep als volgt:" Artikel 2 Deze verordening treedt in werking op … Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat. Gedaan te Brussel, […] Voor het Europees Parlement Voor de Raad De voorzitter De voorzitter […] […] [1] PB L 184 van 17.7.1999, blz. 23. [2] PB L 200 van 22.7.2006, blz. 11. [3] PB C 255 van 21.10.2006, blz. 1. [4] PE 376.314v01-00 – A6-0236/2006 (aan het verslag van het Parlement gehechte verklaring van de Commissie). [5] COM(2007) 740 definitief. [6] PB C […] van […], blz. […]. [7] PB C […] van […], blz. […]. [8] PB C […] van […], blz. […]. [9] PB C […] van […], blz. […]. [10] PB L 61 van 3.3.1997, blz. 1. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1882/2003 (PB nr. L 284 van 31.10.2003, blz. 1). [11] PB L 184 van 17.7.1999, blz. 23. Besluit gewijzigd bij Besluit 2006/512/EG (PB L 200 van 22.7.2006, blz. 11). [12] PB C 255 van 21.10.2006, blz. 1.