|
15.1.2010 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
CE 9/70 |
Donderdag, 9 oktober 2008
Oprichting van het Europees Strafregister Informatiesysteem (ECRIS) *
P6_TA(2008)0465
Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement van 9oktober 2008 over het voorstel voor een besluit van de Raad betreffende de oprichting van het Europees Strafregister Informatiesysteem (ECRIS) overeenkomstig artikel 11 van Kaderbesluit 2008/XX/JBZ (COM(2008)0332 — C6-0216/2008 — 2008/0101(CNS))
2010/C 9 E/14
(Raadplegingsprocedure)
Het Europees Parlement,
gezien het voorstel van de Commissie (COM(2008)0332),
gelet op de artikelen 31 en 34, lid 2, onder c) van het EU-Verdrag,
gelet op artikel 39, lid 1 van het EU-Verdrag, op grond waarvan het Parlement door de Raad is geraadpleegd (C6-0216/2008),
gelet op de artikelen 93 en 51 van zijn Reglement,
gezien het verslag van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken (A6-0360/2008),
|
1. |
hecht zijn goedkeuring aan het Commissievoorstel, als geamendeerd door het Parlement; |
|
2. |
verzoekt de Commissie haar voorstel krachtens artikel 250, lid 2 van het EG-Verdrag dienovereenkomstig te wijzigen; |
|
3. |
verzoekt de Raad, wanneer deze voornemens is af te wijken van de door het Parlement goedgekeurde tekst, het Parlement hiervan op de hoogte te stellen; |
|
4. |
wenst opnieuw te worden geraadpleegd ingeval de Raad voornemens is ingrijpende wijzigingen aan te brengen in het voorstel van de Commissie; |
|
5. |
is vastbesloten, indien het onderhavige voorstel niet voor de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon wordt goedgekeurd, alle dergelijke toekomstige voorstellen via de urgentieprocedure te behandelen en in nauwe samenwerking met de nationale parlementen; |
|
6. |
verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en de Commissie. |
|
DOOR DE COMMISSIE VOORGESTELDE TEKST |
AMENDEMENT |
||||
|
Amendement 1 |
|||||
|
Voorstel voor een besluit Overweging 6 bis (nieuw) |
|||||
|
|
|
||||
|
Amendement 2 |
|||||
|
Voorstel voor een besluit Overweging 9 |
|||||
|
|
||||
|
Amendement 3 |
|||||
|
Voorstel voor een besluit Overweging 9 bis (nieuw) |
|||||
|
|
|
||||
|
Amendement 4 |
|||||
|
Voorstel voor een besluit Overweging 13 |
|||||
|
|
||||
|
Amendement 5 |
|||||
|
Voorstel voor een besluit Overweging 14 |
|||||
|
|
||||
|
Amendement 6 |
|||||
|
Voorstel voor een besluit Artikel 3 — lid 5 |
|||||
|
5. Om een efficiënte werking van het ECRIS te garanderen, biedt de Commissie algemene ondersteuning en toezichtdiensten. |
5. Om een efficiënte werking van het ECRIS te garanderen, biedt de Commissie algemene ondersteuning en toezichtdiensten en houdt zij toezicht op de correcte uitvoering van de in artikel 6 genoemde maatregelen . |
||||
|
Amendement 7 |
|||||
|
Voorstel voor een besluit Artikel 5 — lid 1 — letter a |
|||||
|
|
||||
|
Amendement 8 |
|||||
|
Voorstel voor een besluit Artikel 5 — lid 1 — letter a — alinea 1 bis (nieuw) |
|||||
|
|
De vertaling van de beschrijving van het nationaal strafbaar feit uit de oorspronkelijke taal waarin de lijst is ingediend is uitsluitend de taak en de verantwoordelijkheid van iedere lidstaat die om een vertaling vraagt, en niet van het ECRIS. Zodra een vertaling is voltooid, biedt het ECRIS de mogelijkheid om ze aan de databank toe te voegen. |
||||
|
Amendement 9 |
|||||
|
Voorstel voor een besluit Artikel 6 — inleidende formule |
|||||
|
De volgende uitvoeringsmaatregelen worden vastgesteld volgens de procedure van artikel 7: |
Indien nodig legt de Commissie, overeenkomstig artikel 34, lid 2, onder c) en artikel 39 van het EU-Verdrag, alle nodige maatregelen om de functionering van het ECRIS te verbeteren en de interoperabiliteit met de nationale systemen te garanderen ter goedkeuring voor aan de Raad, zoals bijvoorbeeld: |
||||
|
Amendement 10 |
|||||
|
Voorstel voor een besluit Artikel 7 |
|||||
|
Artikel 7 Comité 1. Wanneer naar dit artikel wordt verwezen, wordt de Commissie bijgestaan door een regelgevend comité, bestaande uit vertegenwoordigers van de lidstaten en voorgezeten door een vertegenwoordiger van de Commissie (hierna „het comité” genoemd). 2. Het comité stelt zijn reglement van orde vast. 3. De vertegenwoordiger van de Commissie legt het comité een ontwerp van de te nemen maatregelen voor. Het comité brengt zijn advies uit binnen een termijn die de voorzitter kan vaststellen naar gelang van de urgentie van het onderwerp. Het comité spreekt zich uit met de meerderheid van stemmen die in artikel 205, lid 2, en lid 4, van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap is voorgeschreven voor de goedkeuring van de besluiten die de Raad op voorstel van de Commissie moet aannemen. Bij de stemmingen binnen het comité worden de stemmen van de vertegenwoordigers gewogen op de in voornoemd artikel omschreven wijze. De voorzitter neemt niet aan de stemming deel. 4. De Commissie stelt de voorgenomen maatregelen vast wanneer zij in overeenstemming zijn met het advies van het comité. 5. Wanneer de beoogde maatregelen niet in overeenstemming zijn met het advies van het comité of wanneer geen advies is uitgebracht, dient de Commissie onverwijld bij de Raad een voorstel betreffende de te nemen maatregelen in en brengt zij het Europees Parlement op de hoogte. 6. De Raad kan binnen drie maanden na de datum van verwijzing naar de Raad met gekwalificeerde meerderheid van stemmen een besluit over het voorstel nemen. Als de Raad zich binnen die termijn met gekwalificeerde meerderheid tegen het voorstel heeft uitgesproken, onderzoekt de Commissie het voorstel opnieuw. Zij kan bij de Raad een gewijzigd voorstel indienen, haar voorstel opnieuw indienen of een wetgevingsvoorstel op basis van het Verdrag indienen. Wanneer de Raad bij afloop van die termijn het voorgestelde uitvoeringsbesluit niet heeft aangenomen of niet te kennen heeft gegeven dat hij zich tegen het voorstel voor uitvoeringsmaatregelen verzet, wordt het voorgestelde uitvoeringsbesluit door de Commissie vastgesteld. |
Schrappen. |
||||