6.2.2007   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 26/2


Advies van het Adviescomité voor mededingingsregelingen en economische machtsposities uitgebracht op de 370e bijeenkomst van 15 maart 2004 betreffende een voorontwerp van beschikking in Zaak nr. COMP/C-3/37.792 — Microsoft

(2007/C 26/02)

Het Adviescomité is het met de Commissie over de volgende punten eens:

I.   ASPECTEN VAN DEZE ZAAK DIE SPECIFIEK DE INTEROPERABILITEIT BETREFFEN

A.   Marktomschrijving

1.

De afbakening door de Commissie van de relevante productmarkten als zijnde die voor:

a)

client-pc-besturingssystemen, en

b)

workgroup server-besturingssystemen.

2.

De afbakening door de Commissie van de relevante geografische markten voor beide productmarkten als zijnde wereldwijd.

B.   Machtspositie

1.

Microsoft heeft een machtspositie op de markt voor client-pc-besturingssystemen in de zin van artikel 82 van het EG-Verdrag en artikel 54 van de EER-Overeenkomst.

C.   Misbruik van machtspositie

1.

Microsoft heeft haar machtspositie op de relevante productmarkt „client-pc-operating systemen” misbruikt door te weigeren haar concurrenten interoperabiliteitsinformatie te leveren die dezen nodig hebben om levensvatbaar te kunnen concurreren op de markt voor workgroup server-besturingssystemen.

2.

Microsofts weigering interoperabiliteitsinformatie te leveren houdt het risico in dat de concurrentie wordt uitgeschakeld op de markt voor workgroup server-besturingssystemen (waar Microsoft al over aanzienlijke marktmacht beschikt) en beperkt de technologische ontwikkeling — ten koste van consumenten.

3.

Microsoft heeft geen objectieve rechtvaardiging voor de weigering de interoperabiliteitsinformatie te leveren.

II.   ASPECTEN VAN DEZE ZAAK DIE SPECIFIEK DE MEDIA PLAYER BETREFFEN

A.   Marktomschrijving

1.

De afbakening door de Commissie van de relevante productmarkten als zijnde die voor:

a)

client-pc-besturingssystemen, en

b)

streaming media players.

2.

Client-pc-besturingssystemen en streaming media players vormen afzonderlijke productmarkten.

3.

De afbakening door de Commissie van de relevante geografische markten voor beide productmarkten als zijnde wereldwijd.

B.   Machtspositie

1.

Microsoft heeft een machtspositie op de markt voor client-pc-besturingssystemen in de zin van artikel 82 van het EG-Verdrag en artikel 54 van de EER-Overeenkomst.

C.   Misbruik van machtspositie

1.

Microsoft heeft haar machtspositie op de relevante markt van client-pc-besturingssystemen misbruikt door haar product Windows Media Player daaraan te koppelen.

2.

Het feit dat Microsoft Windows Media Player aan haar client-pc-besturingssysteem koppelt, houdt een ernstig risico in dat de markt voor concurrentie wordt afgeschermd en de innovatie op de markt voor mediaplayers wordt afgeremd.

3.

Microsoft heeft geen objectieve rechtvaardiging om haar Windows Media Player aan haar client-pc-besturingssysteem te koppelen.

III.   ASPECTEN VAN DE ZAAK DIE ZOWEL DE INTEROPERABILITEIT ALS DE MEDIA PLAYER BETREFFEN

A.   Effect van Microsofts acties en/of omissies op de handel tussen lidstaten.

1.

De volgens de beschikking van de Commissie aan Microsoft toe te rekenen acties en/of omissies beïnvloeden de handel tussen de lidstaten en de Overeenkomstsluitende Partijen merkbaar in de zin van artikel 82 van het EG-Verdrag en artikel 54 van de EER-Overeenkomst.

B.   Corrigerende maatregelen

1.

Wat specifiek de interoperabiliteit betreft:

a)

de corrigerende maatregel waarbij wordt geëist dat interoperabiliteitsinformatie wordt vrijgegeven zoals dat in de ontwerp-beschikking nader wordt aangegeven, is passend, en

b)

het mechanisme om te garanderen dat deze corrigerende maatregel ten uitvoer wordt gelegd en wordt nageleefd, is passend.

2.

Wat specifiek de mediaplayer betreft:

a)

de corrigerende maatregel waarbij Microsoft kopers een versie van haar client-pc-besturingssysteem zonder Windows Media Player moet aanbieden, en de middelen om zulks te garanderen, zijn passend, en

b)

het mechanisme om te garanderen dat deze corrigerende maatregel ten uitvoer wordt gelegd en wordt nageleefd, is passend.

C.   Geldboeten

1.

Zware inbreuken die voldoende zijn om een geldboete op te leggen

a.

Het is passend dat voor de in de ontwerp-beschikking beschreven inbreuken een geldboete wordt opgelegd.

b.

Microsoft heeft zeer zwaar inbreuk gemaakt op zowel artikel 82 van het EG-Verdrag als artikel 54 van de EER-Overeenkomst, en

c.

bij de berekening van de geldboete moet in aanmerking worden genomen dat de in de ontwerp-beschikking beschreven misbruiken de hele EER bestrijken.

2.

Bij de berekening van de geldboete in aanmerking te nemen periode

a.

De duur van de door de Microsoft gemaakte inbreuken, zoals die in de ontwerp-beschikking worden beschreven, bedraagt vijf jaar en vijf maanden.

3.

Verzwarende en verzachtende omstandigheden

a.

Er zijn geen verzwarende of verzachtende omstandigheden die tot een aanpassing van het boetebedrag kunnen leiden.

IV.

Het Adviescomité verzoekt de Commissie rekening te houden met alle overige opmerkingen die tijdens de discussie zijn gemaakt.