|
11.12.2007 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 298/21 |
Bekendmaking van een wijzigingsverzoek overeenkomstig artikel 6, lid 2, van Verordening (EG) nr. 510/2006 van de Raad inzake de bescherming van geografische aanduidingen en oorsprongsbenamingen van landbouwproducten en levensmiddelen
(2007/C 298/10)
Deze bekendmaking verleent het recht om op grond van artikel 7 van Verordening (EG) nr. 510/2006 van de Raad bezwaar aan te tekenen tegen de aanvraag. Bezwaarschriften moeten de Commissie bereiken binnen zes maanden te rekenen vanaf de datum van deze bekendmaking.
WIJZIGINGSVERZOEK
VERORDENING (EG) Nr. 510/2006 VAN DE RAAD
Wijzigingsverzoek overeenkomstig artikel 9 en artikel 17, lid 2
„BLEU DE GEX HAUT-JURA” of „BLEU DE SEPTMONCEL”
EG-nummer: FR/PDO/117/0109/08.09.2005
BOB ( X ) BGA ( )
Gevraagde wijziging(en)
1. Rubriek van het productdossier waarop de wijziging betrekking heeft:
|
— |
|
Naam van het product |
|
— |
|
Beschrijving van het product |
|
— |
|
Geografisch gebied |
|
— |
|
Bewijs van de oorsprong |
|
— |
|
Werkwijze voor het verkrijgen van het product |
|
— |
|
Verband |
|
— |
|
Etikettering |
|
— |
|
Nationale eisen |
|
— |
|
Overige [nader aan te geven] |
2. Aard van de wijziging(en):
|
— |
|
Wijziging van het enige document of de samenvatting |
|
— |
|
Wijziging van het productdossier voor een geregistreerde BOB of BGA waarvoor geen enig document en ook geen samenvatting is bekendgemaakt |
|
— |
|
Wijziging van het productdossier waarbij geen wijziging van het bekendgemaakte enige document nodig is (artikel 9, lid 3, van Verordening (EG) nr. 510/2006) |
|
— |
|
Tijdelijke wijziging van het productdossier als gevolg van een verplichte gezondheids- of fytosanitaire maatregel die is opgelegd door de overheid (artikel 9, lid 4, van Verordening (EG) nr. 510/2006) |
3. Wijziging(en):
Het algemene doel van de gevraagde wijzigingen is om alle benodigde details te vermelden ter verduidelijking van zowel de voorwaarden voor productie van de gebruikte melk als de voorwaarden voor verkrijging van het product.
Met deze wijzigingen kan het product beter in verband worden gebracht met zijn streek, kunnen de kenmerken van het product beter worden beschermd en kunnen afwijkingen van de regels worden voorkomen.
Naam: „Bleu de Gex Haut-Jura” of „Bleu de Septmoncel” in plaats van „Bleu de Gex” of „Bleu du Haut-Jura” of „Bleu de Septmoncel”.
Uitleg: vereenvoudiging van de mogelijke benamingen.
Beschrijving: In de eerste alinea moet „gemiddeld gewicht van 7,5 kg” worden vervangen door „gewicht van 6,5 tot 8,5 kg”.
Uitleg: Preciezere aanduiding van het gewicht van elke kaas.
In de tweede alinea moet „de korst van de kaas is dun, droog, geelachtig, (…)”, worden vervangen door „de korst van de kaas is dun, droog, witachtig tot geelachtig, (…)”.
Uitleg: Preciezere beschrijving van de korst, omdat het uiterlijk van deze kaas van oudsher ook meer wit dan geel kan zijn.
In de derde alinea moet „de witte tot ivoorkleurige pasta is gemarmerd met vrij lichte blauwgroene schimmel die goed over de hele massa verdeeld is en is zacht en iets kruimelig” worden vervangen door: „de witte tot ivoorkleurige pasta is zacht en gemarmerd met vrij lichte, blauwgroene schimmel die goed door de hele massa verdeeld is”.
Uitleg: De kwalificatie „iets kruimelig” betreft slechts het deel onder de korst van enkele niet goed gerijpte kazen. De verwijdering van deze vermelding brengt de ondernemers ertoe om de kaas beter te laten rijpen.
Geografisch gebied: Uitbreiding van het geografische gebied met de gemeenten Lancrans en Léaz, evenals met een deel van het grondgebied van de gemeenten Echenevex, Vesancy, Divonne-les-Bains, Farges, Collonges, Sergy, Bellegarde-sur-Valserine en Saint-Claude.
Uitleg: Deze gemeenten (of delen van gemeenten) vormen een homogeen geheel met het in 1935 afgebakende gebied. Sommige gemeenten of delen van gemeenten waren enclaves die rond het vroeger afgebakende gebied lagen en zijn nu opgenomen in het nieuwe gebied. Andere gemeenten vormen hiervan een logische verlenging. Al deze gemeenten voldoen aan de criteria van de benaming.
Bewijs van de oorsprong: Toevoeging van „Een ivoorkleurig plaatje van caseïne, ter identificatie van het productiebedrijf, moet tijdens de vervaardiging op de kaas worden aangebracht. Dit bevat de identificatie van het productiebedrijf en de dag van vervaardiging van de kaas”.
Uitleg: Door het identificatieplaatje kan de hoeveelheid van per maand en per bedrijf vervaardigde kazen beter worden gevolgd, omdat dit alleen wordt geleverd door een door het INAO erkende organisatie. Aan de hand van dit plaatje van caseïne kan ook de herkomst van elke kaas worden bepaald en kan de duur van de rijping worden gecontroleerd.
Hierdoor is het product tevens beter traceerbaar.
Werkwijze voor het verkrijgen van het product: Toevoeging van de alinea: „De voor de vervaardiging gebruikte melk mag alleen afkomstig zijn van koeien van het Franse ras Montbéliarde of Simmental”.
Uitleg: Alleen de traditionele koeienrassen uit deze streek zijn toegestaan, omdat deze zich hebben aangepast aan de bergomgeving en omdat de kwaliteit van hun melk geschikt is voor de vereisten van de kaas.
Toevoeging van de volgende alinea's:
„Het basisvoer van de melkkoeien dient te bestaan uit voeder dat afkomstig is van het grasland dat zich in het geografische gebied bevindt.”
„In het bedrijf dient het daadwerkelijk geëxploiteerde graasoppervlak ten minste één hectare per melkkoe te zijn.”
„In uitzonderlijke omstandigheden, vooral in het geval van onvoorziene klimaatomstandigheden, kan het INAO tijdelijke afwijkingen toestaan om ervoor te zorgen dat de kudde gevoederd blijft”.
„Het is verboden om kuilproducten en andere gegiste voedingsmiddelen te gebruiken voor de voeding van de melkkoeien en in het bedrijf.”
Uitleg: Met deze maatregelen bestaat er een sterker verband tussen de oorsprong van de melk en de specifieke eigenschappen van de kaas door bevordering van het gebruik van vers gras of hooi.
Toevoeging van de alinea: „De melk moet zo snel mogelijk na het melken of dagelijks naar het productiebedrijf worden gebracht. De melk dient onmiddellijk te worden gekoeld indien hier niet binnen twee uur stremsel aan wordt toegevoegd”.
Uitleg: door een kortere tijd te hanteren, wordt voorkomen dat de melk in kwaliteit achteruit gaat, wat gevolgen zou hebben voor de organoleptische kenmerken van de kaas.
In de zevende alinea moet „de melk die wordt gebruikt voor de vervaardiging, mag maximaal twee dagen worden bewaard” worden vervangen door „Wanneer de melk is afgekoeld tot een temperatuur van 2 °C tot 8 °C, bedraagt de maximale tijd tussen de eerste melking en het toevoegen van stremsel 36 uur. Als de melk is afgekoeld tot een temperatuur van 12 °C tot 16 °C wordt de maximale wachttijd verkort tot 14 uur.”
Uitleg: De bewaartijd van de melk wordt verkort en de bewaaromstandigheden worden nader omschreven om te voorkomen dat de melk in kwaliteit achteruit gaat en om zo de kenmerken van de kaas te behouden.
Toevoeging van de alinea „In de productieruimte waar Bleu de Gex Haut-Jura wordt vervaardigd, mag alleen melk worden binnengebracht die overeenstemt met het productdossier. Deze melk dient apart van alle andere melk, die niet voldoet aan het productdossier, te worden verzameld”.
Uitleg: Scheiding van de melk om de controle op de naleving van het productdossier gemakkelijker te maken en zo te zorgen voor traceerbaarheid.
Toevoeging van de alinea: Het productiebedrijf van Bleu de Gex Haut-Jura en de bijgebouwen daarvan mogen geen enkel systeem of installatie bevatten die de melk, voordat het stremsel wordt toegevoegd, in korte tijd kan opwarmen tot een temperatuur van meer dan 40 °C.
Uitleg: Om het gebruik van rauwe melk te garanderen, wat een essentieel onderdeel is voor Bleu de Gex Haut-Jura.
Toevoeging van de alinea: De melk mag niet worden verhit tot een temperatuur boven 30 °C.
Uitleg: Grens voor verhitting van de melk overeenkomstig het gebruik.
Toevoeging van de alinea: „Het concentreren van de melk door gedeeltelijke verwijdering van het waterige gedeelte voor het stremmen, is verboden.”
In de twaalfde alinea moet „het stremmen van de melk wordt alleen verkregen voor gebruik van stremsel” worden vervangen door „er is alleen stremsel toegestaan dat afkomstig is uit de lebmaag van kalveren”.
Toevoeging van de volgende alinea's:
„Het is verboden om additieven of hulpstoffen voor vervaardiging of voor rijping te gebruiken, behalve de geselecteerde culturen van melkzuurbacteriën, Penicillium glaucum en Penicillium roqueforti, zout en stremsel.”
„Het is verboden om de melkgrondstoffen, de producten tijdens de vervaardiging, de wrongel of de verse kaas te bewaren bij een temperatuur onder 0 °C.”
„Het is verboden om verse kaas en kaas die ligt te rijpen, te bewaren onder gewijzigde atmosfeer.”
Uitleg: Voor het gebruik van behandelingen en additieven voor kaas gold een algemene regelgeving. Er wordt echter opgemerkt dat nieuwe technieken, waarvan een aantal betrekking heeft op behandelingen en additieven, zoals microfiltratie, gedeeltelijke concentratie van de melk of rijpingsenzymen, gevolgen konden hebben voor de kenmerken van kazen met een oorsprongsbenaming. Vooral bepaalde enzymadditieven leken niet verenigbaar te zijn met het behoud van de essentiële kenmerken van producten met een beschermde oorsprongsbenaming.
Daarom bleek het nodig om in de productdossiers van elke oorsprongsbenaming, bij de werkwijze voor het verkrijgen van het product, de huidige praktijken te vermelden met betrekking tot het gebruik van behandelingen en additieven in de melk en bij de vervaardiging van kaas teneinde te voorkomen dat toekomstige, niet nader omschreven praktijken schade toebrengen aan de kenmerken van kaas met een oorsprongsbenaming.
Toevoeging van een alinea: De kaas wordt in afzonderlijke vormen met een diameter van 36 cm gegoten, met een juten doek of vlasdoek.
Uitleg: Opname in het productdossier van het traditionele procedé dat tot nu toe niet gecodificeerd was.
In de veertiende alinea moet „het zouten gebeurt droog, in kuipen, gedurende 4 tot 6 dagen” worden vervangen door „Het zouten gebeurt pas na het in vormen gieten. Het zouten dient te gebeuren met droog, grof zout, afzonderlijk in kuipen gedurende meerdere dagen. De wrongel wordt, 4 tot 6 uur na het in de vorm gieten, voor het eerst gezouten en gedurende meerdere dagen wordt er dagelijks gezouten. De kaas blijft minimaal drie dagen in de afzonderlijke kuip-zoutvorm bij een temperatuur van ten minste 18 °C.”
Uitleg: Het zouten is een essentiële stap bij de vervaardiging van deze kaas en de methode is specifiek voor de benaming. Deze handeling wordt dus duidelijk afgebakend om de kwaliteit van de kaas en de traditionele knowhow van de kaasmakers te behouden.
In de zestiende alinea moet „de kaas wordt gerijpt op de oorspronkelijke plaats gedurende minimaal drie weken na de dag van vervaardiging” worden vervangen door „Het rijpen van de kaas duurt minimaal 21 dagen na de dag van vervaardiging, waarvan ten minste 18 dagen in de kelders van het productiebedrijf.”
Uitleg: Beperking van de gezondheidsrisico's die optreden bij het transport van te jonge kaas. Na 18 dagen hebben de korst en de Penicillium zich voldoende ontwikkeld om deze risico's te voorkomen. Van oudsher verlaat de kaas de oorspronkelijke kaasmakerij niet voor deze tijd.
Toevoeging van een alinea: De kaas dient op planken van vurenhout te worden gelegd. De rijpingstemperatuur dient tussen 6 °C en 14 °C te liggen.
Uitleg: Afbakening van de traditionele regels voor rijping.
Toevoeging van een alinea: Het prikken van de kaas moet gebeuren tussen de achtste en vijftiende dag na de dag van vervaardiging.
Uitleg: Afbakening van de traditionele regels voor het prikken.
Toevoeging van een alinea: „Kaas van 18 dagen of ouder, te rekenen vanaf de dag van vervaardiging, heeft een minimaal zoutgehalte (NaCl) van 0,8 gram per 100 gram kaas.”
Uitleg: Verplichting van het minimale resultaat van het zouten.
Verband: In de zevende alinea moet „Deze streek met weiden, bossen en dalen en een zeer gevarieerde en geurige flora geeft de melk van de koeien, die doorgaans van het ras Montbéliarde zijn, een specifieke smaak”, worden vervangen door „Deze streek met weiden, bossen en dalen en een zeer gevarieerde en geurige flora geeft de melk van de koeien, van de Franse rassen Montbéliarde en Simmental die zeer goed zijn aangepast aan het geografische gebied, een specifieke smaak.”
Uitleg: De Franse rassen Montbéliarde en Simmental zijn zeer goed aangepast aan het gebied waar de melk wordt geproduceerd en leven van oudsher in deze streek. De eis dat de melk van twee rassen afkomstig moet zijn, versterkt het verband met het gebied.
SAMENVATTING
VERORDENING (EG) Nr. 510/2006 VAN DE RAAD
„BLEU DE GEX HAUT-JURA” of „BLEU DE SEPTMONCEL”
EG-nummer: FR/PDO/117/0109/08.09.2005
BOB ( X ) BGA ( )
Deze samenvatting bevat de belangrijkste gegevens uit het productdossier ter informatie.
1. Bevoegde dienst van de lidstaat:
|
Naam: |
Institut National de l'Origine et de la Qualité (INAO) |
||
|
Adres: |
|
||
|
Tel. |
(33) 1 53 89 80 00 |
||
|
Fax |
(33) 1 53 89 80 60 |
||
|
E-mail: |
info@inao.gouv.fr |
2. Groepering:
|
Naam: |
Syndicat interprofessionnel du Bleu de Gex/Haut-Jura |
||
|
Adres: |
|
||
|
Tel. |
(33) 3 81 53 22 30 |
||
|
Fax |
(33) 3 81 53 59 31 |
||
|
E-mail: |
bleudegexhaujura@wanadoo.fr |
||
|
Samenstelling: |
Producenten/verwerkers ( X ) Andere samenstelling ( ) |
3. Productcategorie:
Klasse 1.3 — Kaas
4. Overzicht van het productdossier:
(samenvatting van de voorwaarden overeenkomstig artikel 4, lid 2, van Verordening (EG) nr. 510/2006)
4.1. Naam: „Bleu de Gex Haut-Jura” of „Bleu de Septmoncel”.
4.2. Beschrijving: Blauwgroen geaderde kaas van rauwe koeienmelk, die niet gekookt en niet geperst wordt, met een gewicht van 6,5 tot 8,5 kg, een ronde vorm met afgeplatte boven- en onderzijde en een licht ronde rand, die in een vorm wordt gegoten met een diameter van 36 cm. Deze bevat ten minste 50 gram vet per 100 gram kaas na volledige droging en het gehalte aan droge stof mag niet lager zijn dan 52 gram per 100 gram kaas.
4.3. Geografisch gebied: Bergmassief van de Jura, dat wil zeggen de Haut Jura, dat zich uitstrekt over de departementen Ain en Jura, oftewel de volgende gemeenten:
Departement Ain
Arrondissement Gex:
|
— |
kanton Gex: de gemeenten Gex, Lélex en Mijoux en de delen van de gemeenten Crozet, Echenevex, Vesancy en Divonne-les-Bains die op een hoogte van ten minste achthonderd meter liggen; |
|
— |
kanton Collonges: de gemeenten Chèzery-Forens, Confort, Lancrans, Léaz en de delen van de gemeenten Péron, Farges, Collonges en Saint-Jean-de-Gonville die op een hoogte van ten minste achthonderd meter liggen; |
|
— |
kanton Ferney-Voltaire: de delen van de gemeenten Thoiry en Sergy die op een hoogte van ten minste achthonderd meter liggen. |
Arrondissement Nantua:
|
— |
kanton Bellegarde-sur-Valserine: de gemeenten Champfromier, Giron, Montanges, Plagne en Saint-Germain-de-Joux, de delen van de gemeenten Billiat, Châtillon-en-Michaille, Injoux-Génissiat en Villes die op een hoogte van ten minste achthonderd meter liggen en het deel van de gemeente Bellegarde-sur-Valserine dat ten noordoosten van de Rhône of van de Valserine ligt; |
|
— |
kanton Brénod: de gemeenten Le Grand-Abergement en Le Petit-Abergement; |
|
— |
kanton Oyonnax: de gemeenten Belleydoux en Echallon; |
|
— |
kanton Nantua: de gemeenten Apremont, Charix, Lalleyriat en Le Poizat. |
Departement Jura
Arrondissement Saint-Claude:
|
— |
kanton Les Bouchoux; |
|
— |
kanton Morez: de gemeenten Lézat, Longchaumois, La Mouille, Prémanon en Tancua; |
|
— |
kanton Saint-Claude: de gemeenten Chassal, Lajoux, Lamoura, Lavancia-Epercy (met uitzondering van het deel van deze gemeente dat het oude deel van de gemeente Epercy is), Molinges, Les Molunes, La Rixouse, Saint-Claude, Septmoncel, Vaux-lès-Saint-Claude, Villard-Saint-Sauveur en Villard-sur-Bienne; |
|
— |
kanton Saint-Laurent-en-Grandvaux: de gemeenten Château-des-Prés, La Chaumusse, Chaux-des-Prés, La Chaux-du-Dombief, Fort-du-Plasne, Grande-Rivière, Lac-des-Rouges-Truites, Les Piards, Prénovel, Saint-Laurent-en-Grandvaux, Saint-Maurice-Crillat (met uitzondering van het deel van deze gemeente dat de oude gemeente Crillat is) en Saint-Pierre. |
4.4. Bewijs van oorsprong: Elke melkproducent, elk verwerkingsbedrijf en elk rijpingsbedrijf vult een „verklaring van geschiktheid” in die wordt geregistreerd door de diensten van het INAO en aan de hand waarvan de laatstgenoemde alle ondernemers kan identificeren. De ondernemers dienen registers bij te houden voor het INAO, evenals alle documenten die nodig zijn voor de controle van de oorsprong, de kwaliteit en de omstandigheden van productie van de melk en de kaas.
Bij de controle die wordt uitgevoerd met betrekking tot de kenmerken van het product met oorsprongsbenaming wordt een analytisch en organoleptisch onderzoek uitgevoerd ter controle van de kwaliteit en de typische kenmerken van de producten die aan dit onderzoek worden onderworpen.
Een ivoorkleurig plaatje van caseïne, ter identificatie van het productiebedrijf, moet tijdens de vervaardiging op de kaas worden aangebracht. Dit bevat de identificatie van het productiebedrijf en de dag van vervaardiging van de kaas.
4.5. Werkwijze voor het verkrijgen van het product: De productie van melk, de verwerking tot kaas en de rijping dienen plaats te vinden in het geografische gebied.
De voor de vervaardiging gebruikte melk mag alleen afkomstig zijn van koeien van het Franse ras Montbéliarde of Simmental. Het basisvoer van de melkkoeien dient te bestaan uit voeder dat afkomstig is van het grasland dat zich in het geografische gebied bevindt. Het is verboden om kuilproducten en andere gegiste voedingsmiddelen, waaronder balen die verpakt zijn in plastic folie, te gebruiken in het bedrijf en voor de voeding van de herkauwers.
De vervaardiging van Bleu de Gex is erg traditioneel gebleven: de wrongel, die wordt verkregen na het toevoegen van stremsel aan de melk, wordt vervolgens gesneden, geroerd en in vormen gegoten. Al deze handelingen dienen met de hand te worden verricht. Het droog zouten, dat net als vroeger gebeurt in afzonderlijke kuipen, verdeeld over een aantal dagen, geeft de korst en de kaas zelf een zeer bijzondere textuur. Het enten gebeurt in een koele en vochtige kelder waar de Bleu de Gex ten minste 3 weken blijft liggen op vurenhouten planken. Het is verboden om additieven of hulpstoffen voor vervaardiging of voor rijping te gebruiken, behalve de geselecteerde culturen van melkzuurbacteriën, Penicillium glaucum en Penicillium roqueforti, zout en stremsel.
4.6. Verband: De oorsprong van Bleu de Gex gaat terug tot de 14e eeuw, toen monniken uit de Dauphiné zich in de Haut Jura, in de abdij van Saint Claude, vestigden en de vervaardigingstechniek van een blauwgroen geaderde kaas met zich meebrachten, die daarna de benaming Bleu de Gex kreeg. In 1935 werd de oorsprongsbenaming van Bleu de Gex, die tevens Bleu du Haut Jura of Bleu de Septmoncel wordt genoemd, bekrachtigd door een uitspraak van de Civiele Rechtbank van Nantua en vervolgens in een besluit van 20 september 1977.
Bleu de Gex is een kaas uit de bergen waarvan de bijzondere eigenschappen voortkomen uit de specifieke kenmerken van het berggebied van de Haut Jura, waar de weidegrond een gevarieerde en geurige flora bevat, en uit een knowhow die stoelt op een eeuwenlange traditie die ook nu nog wordt gebruikt in de ambachtelijke bedrijven. De melk die wordt gebruikt voor de vervaardiging van Bleu de Gex is afkomstig van de Franse koeienrassen Montbéliarde en Simmental, die bijzonder zijn aangepast aan het geografische gebied van productie.
4.7. Controlestructuur:
|
Naam: |
Institut National de l'Origine et de la Qualité (INAO) |
||
|
Adres: |
|
||
|
Tel. |
(33) 1 53 89 80 00 |
||
|
Fax |
(33) 1 53 89 80 60 |
||
|
E-mail: |
info@inao.gouv.fr |
Het Institut National des Appellations d'Origine (nationaal instituut voor oorsprongsbenamingen) is een bestuursrechtelijke openbare instelling met rechtspersoonlijkheid die onder het ministerie van landbouw valt.
Het INAO is verantwoordelijk voor de controle van de productieomstandigheden van producten met een oorsprongsbenaming.
Indien niet wordt voldaan aan de voorwaarden van het geografische gebied of een van de productievoorwaarden, leidt dit tot een verbod op het gebruik, in ongeacht welke vorm en met ongeacht welk doel, van de oorsprongsbenaming.
|
Naam: |
Direction Générale de la Concurrence, de la Consommation et de la Répression des Fraudes (DGCCRF) |
||
|
Adres: |
|
||
|
Tel. |
(33) 1 44 87 17 17 |
||
|
Fax |
(33) 1 44 97 30 37 |
||
|
E-mail: |
C3@dgccrf.finances.gouv.fr |
Het DGCCRF is een dienst van het ministerie van economische zaken, financiële zaken en industrie.
4.8. Etikettering: Het is verplicht om het logo met de afkorting „INAO”, de vermelding „Beschermde oorsprongsbenaming” en de benaming aan te brengen. Daarnaast moet het woord „Gex” tijdens de vervaardiging in reliëf op elke kaas worden aangebracht.