52006PC0573

Voorstel voor een besluit van de Raad inzake de sluiting van bilaterale overeenkomsten tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Bulgarije en tussen de Europese Gemeenschap en Roemenië voor een informatieprocedure op het gebied van technische voorschriften en regels betreffende diensten van de informatiemaatschappij /* COM/2006/0573 def. - ACC 2006/0179 */


[pic] | COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN |

Brussel, 5.10.2006

COM(2006) 573 definitief

2006/0179 (ACC)

Voorstel voor een

BESLUIT VAN DE RAAD

inzake de sluiting van bilaterale overeenkomsten tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Bulgarije en tussen de Europese Gemeenschap en Roemenië voor een informatieprocedure op het gebied van technische voorschriften en regels betreffende diensten van de informatiemaatschappij

(door de Commissie ingediend)

TOELICHTING

1. ACHTERGROND VAN HET VOORSTEL

Vóór de uitbreiding van de EU in 2004 en op basis van de op 21.10.2002 door de Raad goedgekeurde onderhandelingsrichtsnoeren heeft de Commissie bilaterale overeenkomsten tussen de Europese Gemeenschap en tien voormalige kandidaat-lidstaten (de Republiek Cyprus, de Republiek Estland, de Republiek Hongarije, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, de Republiek Malta, de Republiek Polen, de Republiek Slovenië, de Slowaakse Republiek en de Tsjechische Republiek) gesloten voor een informatieprocedure op het gebied van technische voorschriften en regels betreffende diensten van de informatiemaatschappij. Dit resulteerde in twee besluiten van de Raad inzake de sluiting van bilaterale overeenkomsten met de Republiek Cyprus en de Republiek Hongarije (Besluit 2004/299/EG van de Raad van 24 november 2003)[1] en met de overige acht voormalige kandidaat-lidstaten (Besluit 2004/330/EG van de Raad van 22 september 2003)[2] . Vervolgens werden vóór 1 mei 2004 overeenkomsten met diverse voormalige kandidaat-lidstaten gesloten.

Het in 2002 goedgekeurde onderhandelingsmandaat dekte ook de Republiek Bulgarije en Roemenië, waarmee de Commissie over identieke bilaterale overeenkomsten heeft onderhandeld.

De tekst van deze twee overeenkomsten en de bijlagen is precies dezelfde als die waarover met de voormalige kandidaat-lidstaten vóór 1 mei 2004 is onderhandeld.

Hierbij is een voorstel voor een besluit van de Raad gevoegd. Het voorstel betreft de goedkeuring en ondertekening van de twee bilaterale overeenkomsten. Verwacht wordt dus dat de Raad deze bilaterale overeenkomsten goedkeurt.

De ondertekening door elk van de twee kandidaat-lidstaten is vereist voor de goedkeuring van de desbetreffende bilaterale overeenkomst. Dienovereenkomstig wordt voorgesteld dat de voorzitter van de Raad wordt gemachtigd de personen aan te wijzen die bevoegd zijn om de overeenkomsten namens de Gemeenschap te ondertekenen.

Daarom stelt de Commissie voor dat de Raad het bijgevoegde besluit goedkeurt.

De tekst van deze twee overeenkomsten en de bijlagen is bij dit voorstel gevoegd. In wat volgt worden de overeenkomsten geëvalueerd in het licht van de door de Raad goedgekeurde onderhandelingsrichtsnoeren.

2. JURIDISCHE ELEMENTEN VAN HET VOORSTEL

2.1. Samenvatting van de voorgestelde overeenkomsten

Krachtens de overeenkomsten worden de twee bovengenoemde kandidaat-lidstaten betrokken bij de kennisgevingsprocedure die op communautair niveau is ingevoerd bij Richtlijn 83/189/EEG (meermaals gewijzigd, vervolgens gecodificeerd bij Richtlijn 98/34/EG, en daarna gewijzigd bij Richtlijn 98/48/EG)[3].

De twee bilaterale overeenkomsten bevatten precies dezelfde artikelen. Overeenkomstig het onderhandelingsmandaat is het toepassingsgebied van de overeenkomsten precies hetzelfde als dat van Richtlijn 98/34/EG, zoals gewijzigd bij Richtlijn 98/48/EG. Bovendien is de definitie van technische voorschriften en regels betreffende diensten van de informatiemaatschappij identiek aan de definities in artikel 1 van Richtlijn 98/34/EG, zoals gewijzigd bij Richtlijn 98/48/EG.

Wat het systeem van informatie-uitwisseling betreft, is het overeenkomstig het onderhandelingsmandaat de taak van de Gemeenschap om aan de betrokken landen mededeling te doen van de ontwerpen voor technische voorschriften en de ontwerpregels betreffende diensten van de informatiemaatschappij die de lidstaten overeenkomstig Richtlijn 98/34/EG, zoals gewijzigd bij Richtlijn 98/48/EG, ter kennis van de Commissie hebben gebracht.

Elk van de twee kandidaat-lidstaten waarmee een bilaterale overeenkomst is opgesteld, moet zijn ontwerpen voor technische voorschriften en ontwerpregels betreffende diensten van de informatiemaatschappij aan de Gemeenschap meedelen.

Overeenkomstig de onderhandelingsrichtsnoeren is de status-quoperiode van drie maanden bedoeld in Richtlijn 98/34/EG, zoals gewijzigd bij Richtlijn 98/48/EG, in elke overeenkomst opgenomen. Tijdens deze status-quoperiode van drie maanden heeft de Gemeenschap het recht opmerkingen te maken over de ontwerpen waarvan kennis is gegeven door de twee kandidaat-lidstaten waarmee een bilaterale overeenkomst is opgesteld; en heeft ieder van de twee kandidaat-lidstaten het recht opmerkingen te maken over de ontwerpen waarvan de lidstaten kennis hebben gegeven.

Ten slotte moeten de twee kandidaat-lidstaten overeenkomstig de onderhandelingsrichtsnoeren de informatie in een van de officiële talen van de Gemeenschap indienen.

2.2 Artikelsgewijze toelichting

De overeenkomst

Hierna volgt een artikelsgewijze evaluatie (aangezien de artikelen in alle overeenkomsten dezelfde zijn, geldt de navolgende beschrijving voor de twee bilaterale overeenkomsten):

Preambule. Het basisdoel van de overeenkomst wordt beschreven, namelijk de uitbreiding van de kennisgevingsprocedure tot de kandidaat-lidstaat.

Artikel 1: Definities. Deze behoeven geen uitleg. Het zijn precies dezelfde als die in Richtlijn 98/34/EG, zoals gewijzigd bij Richtlijn 98/48/EG.

Artikel 2: Uitsluiting van het toepassingsgebied. Zoals in Richtlijn 98/34/EG, als gewijzigd bij Richtlijn 98/48/EG, vallen maatregelen die de lidstaten of de kandidaat-lidstaat nemen om personen (met name werknemers) bij het gebruik van producten te beschermen, niet binnen het toepassingsgebied van de overeenkomst. Kennisgeving is echter vereist indien deze maatregelen gevolgen hebben voor de producten,.

Artikel 3: Systeem van informatie-uitwisseling. Het is de taak van de Gemeenschap de kennisgevingen van de lidstaten aan de kandidaat-lidstaat toe te zenden. Omgekeerd moeten de kennisgevingen van de betrokken kandidaat-lidstaat aan de Gemeenschap worden toegezonden. Overeenkomstig Richtlijn 98/34/EG, zoals gewijzigd bij Richtlijn 98/48/EG, is het, indien een technisch voorschrift gewoonweg de complete tekst van een internationale of een Europese norm omzet, niet nodig de tekst van die norm toe te zenden, aangezien de Commissie gemakkelijk over deze teksten kan beschikken. In dit geval volstaat het de juiste referentie van de norm in kwestie mee te delen.

Artikel 4: Taal van de toegezonden informatie. De ontwerpen voor technische voorschriften moeten volledig vertaald in een van de officiële talen van de Europese Gemeenschap worden toegezonden.

Artikel 5: Basisteksten en risicoanalyse. Richtlijn 98/34/EG, als gewijzigd bij Richtlijn 98/48/EG, bepaalt dat ook de basisteksten moeten worden toegezonden wanneer dit noodzakelijk is om de implicaties van de meegedeelde ontwerpen voor technische voorschriften te beoordelen. Bovendien moeten in bepaalde gevallen risico-evaluaties worden toegezonden indien deze beschikbaar zijn.

Artikel 6: Kennisgeving in geval van significante wijzigingen. Volgens dit artikel moet een nieuwe kennisgeving worden toegezonden indien de lidstaten of de kandidaat-lidstaat hun reeds meegedeelde ontwerpen wijzigen. De definitie van een significante wijziging is identiek aan die in Richtlijn 98/34/EG, zoals gewijzigd bij Richtlijn 98/48/EG.

Artikel 7: Nadere informatie. Elke overeenkomstsluitende partij heeft het recht nadere informatie over de meegedeelde ontwerpen te vragen indien dit voor de beoordeling noodzakelijk is.

Artikel 8: Opmerkingen. Elke overeenkomstsluitende partij kan opmerkingen maken over de door de andere overeenkomstsluitende partij meegedeelde ontwerpen.

Artikel 9: Status-quoperiode. Er geldt een uniforme status-quoperiode van drie maanden voor de door elke overeenkomstsluitende partij meegedeelde ontwerpen. Deze status-quoperiode kan niet worden verlengd.

Artikel 10: Spoedprocedure. De status-quoperiode van drie maanden geldt niet wanneer dringende redenen worden ingeroepen. De definitie van urgentie in dit artikel is identiek aan die in Richtlijn 98/34/EG, zoals gewijzigd bij Richtlijn 98/48/EG.

Artikel 11: Definitieve tekst en administratieve regelingen voor de toezending. Ook de definitieve tekst moet worden toegezonden, omdat het voor sommige kennisgevingen nuttig is de meegedeelde tekst te kunnen vergelijken met de uiteindelijk goedgekeurde tekst. Hetzelfde artikel verwijst ook naar bijlage III van de overeenkomst (zie hierna), die voorziet in enkele algemene voorschriften betreffende de administratieve regelingen voor de mededeling van informatie op grond van de overeenkomst.

Artikel 12: Uitzonderingen op de verplichting tot kennisgeving. Dit artikel bepaalt in welke gevallen geen kennisgeving is vereist. Deze uitzonderingen zijn dezelfde als die in Richtlijn 98/34/EG, zoals gewijzigd bij Richtlijn 98/48/EG. De kandidaat-lidstaat hoeft geen kennisgeving te doen van de wetten, voorschriften en administratieve bepalingen die voortvloeien uit een internationale overeenkomst die in de kandidaat-lidstaat en in de hele Europese Gemeenschap van toepassing is. De reden daarvoor is dat dezelfde bepalingen zullen gelden in de kandidaat-lidstaat en in de Europese Gemeenschap, zodra de kandidaat-lidstaat en alle lidstaten de internationale overeenkomst hebben omgezet.

Indien de kandidaat-lidstaat echter wetten, voorschriften of administratieve bepalingen goedkeurt die voortvloeien uit een internationale overeenkomst die geldt in de kandidaat-lidstaat en een derde land, of die geldt in de kandidaat-lidstaat en slechts een gedeelte van de Europese Gemeenschap, is kennisgeving vereist, aangezien de goedgekeurde bepalingen in beide gevallen handelsbelemmeringen kunnen teweegbrengen, daar beide beschreven typen internationale overeenkomsten niet op het hele grondgebied van beide overeenkomstsluitende partijen van toepassing zijn.

Artikel 13: Vertrouwelijkheid. Informatie die op grond van de bilaterale overeenkomst wordt verstrekt, is in principe niet vertrouwelijk, hoewel elke overeenkomstsluitende partij om geheimhouding kan verzoeken.

Artikel 14: Beheer van de overeenkomst. Met het oog op het beheer van de overeenkomst vindt regelmatig overleg tussen deskundigen van de Europese Gemeenschap en de kandidaat-lidstaat plaats en anderzijds neemt de kandidaat-lidstaat deel aan het permanent comité dat is opgericht krachtens Richtlijn 98/34/EG, zoals gewijzigd bij Richtlijn 98/48/EG.

Artikel 15: Territoriale clausule. Een standaardbepaling waarin de geografische werkingssfeer van de overeenkomst wordt vastgelegd.

Artikel 16: Inwerkingtreding. Een standaardbepaling waarin de inwerkingtreding wordt geregeld.

Artikel 17: Afloop. Het spreekt vanzelf dat de overeenkomst afloopt op de datum van toetreding van de kandidaat-lidstaat.

Artikel 18: Talen van de overeenkomst. Een standaardbepaling waarin staat dat de overeenkomst wordt opgesteld in alle talen van de Gemeenschap en in de taal van de kandidaat-lidstaat.

Bijlagen bij de overeenkomst

Een evaluatie van de inhoud van de bijlagen.

Bijlage I: Diensten van de informatiemaatschappij. In deze bijlage wordt het begrip diensten van de informatiemaatschappij, zoals gedefinieerd in artikel 1, punt 2, van de overeenkomst, nader toegelicht. De bijlage is identiek aan bijlage V van Richtlijn 98/34/EG, zoals gewijzigd bij Richtlijn 98/48/EG, en bevat een indicatieve lijst van diensten die niet onder de definitie van diensten van de informatiemaatschappij vallen.

Bijlage II: Financiële diensten. Deze bijlage geeft een indicatieve lijst van de financiële diensten die zijn uitgesloten van het toepassingsgebied van de overeenkomst (zie artikel 1, punt 5, derde alinea, van de overeenkomst). De bijlage is identiek aan bijlage VI van Richtlijn 98/34/EG, zoals gewijzigd bij Richtlijn 98/48/EG.

Bijlage III: Administratieve procedure voor de toezending van informatie. Deze bijlage bevat enkele algemene bepalingen betreffende de administratieve regelingen voor de mededeling van informatie op grond van de overeenkomst. Deze regelingen zijn in principe identiek aan die welke momenteel gelden voor de EVA-landen die de EER-Overeenkomst hebben ondertekend.

2006/0179 (ACC)

Voorstel voor een

BESLUIT VAN DE RAAD

inzake de sluiting van bilaterale overeenkomsten tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Bulgarije en tussen de Europese Gemeenschap en Roemenië voor een informatieprocedure op het gebied van technische voorschriften en regels betreffende diensten van de informatiemaatschappij

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, en met name op artikel 133, in samenhang met de eerste zin van de eerste alinea van artikel 300, lid 2,

Gezien het voorstel van de Commissie[4],

Overwegende dat de onderhandelingen over de bilaterale overeenkomsten tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Bulgarije en tussen de Europese Gemeenschap en Roemenië voor een informatieprocedure op het gebied van technische voorschriften betreffende diensten van de informatiemaatschappij zijn afgesloten en dat deze overeenkomsten moeten worden goedgekeurd,

BESLUIT:

Artikel 1

De bilaterale overeenkomsten tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Bulgarije en tussen de Europese Gemeenschap en Roemenië voor een informatieprocedure op het gebied van technische voorschriften betreffende diensten van de informatiemaatschappij worden namens de Europese Gemeenschap goedgekeurd. De tekst van de overeenkomsten en de bijlagen is aan dit besluit gehecht.

Artikel 2

De voorzitter van de Raad is gemachtigd de personen aan te wijzen die bevoegd zijn om de overeenkomsten te ondertekenen teneinde daardoor de Gemeenschap te binden en om namens de Gemeenschap de in artikel 16 van de overeenkomsten bedoelde kennisgeving te doen[5].

Gedaan te Brussel,

Voor de Raad

De voorzitter

OVEREENKOMST

tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Bulgarije voor een informatieprocedure op het gebied van technische voorschriften en regels betreffende diensten van de informatiemaatschappij

DE EUROPESE GEMEENSCHAP,

enerzijds, en

DE REPUBLIEK BULGARIJE,

anderzijds,

hierna “de overeenkomstsluitende partijen” genoemd,

GELET op de Europaovereenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Bulgarije, anderzijds[6], en met name op de in artikel 1 vastgestelde doelstellingen,

GELET op de informatieprocedure op het gebied van technische voorschriften en regels betreffende diensten van de informatiemaatschappij die in de Europese Gemeenschap wordt toegepast[7],

OVERWEGENDE dat de Republiek Bulgarije en de Europese Gemeenschap zich ertoe hebben verbonden harmonieuze economische betrekkingen tussen de overeenkomstsluitende partijen te bevorderen,

OVERWEGENDE dat de Europese Gemeenschap en de Republiek Bulgarije momenteel samenwerken om technische handelsbelemmeringen uit de weg te ruimen en zij in het kader van deze samenwerking hebben besloten deze in de Europese Gemeenschap toegepaste informatieprocedure op het gebied van technische voorschriften en regels betreffende diensten van de informatiemaatschappij uit te breiden tot de Republiek Bulgarije,

KOMEN OVEREEN:

Artikel 1

In de zin van deze overeenkomst zijn de volgende definities van toepassing:

1. “product”: alle industrieel vervaardigde producten, en alle landbouwproducten, met inbegrip van visproducten;

2. “dienst”: elke dienst van de informatiemaatschappij, dat wil zeggen elke dienst die gewoonlijk tegen vergoeding, op afstand, langs elektronische weg en op individueel verzoek van een afnemer van diensten wordt verleend.

In deze definitie wordt verstaan onder:

- “op afstand”: dat de dienst geleverd wordt zonder dat de partijen gelijktijdig aanwezig zijn;

- “langs elektronische weg”: dat de dienst verzonden en ontvangen wordt via elektronische apparatuur voor de verwerking (met inbegrip van digitale compressie) en opslag van gegevens, en dat hij geheel via draden, radio, optische middelen of andere elektromagnetische middelen wordt verzonden, doorgeleid en ontvangen;

- “op individueel verzoek van een afnemer van diensten”: dat de dienst op individueel verzoek via de transmissie van gegevens wordt geleverd.

In bijlage I is een indicatieve lijst opgenomen van diensten die niet onder deze definitie vallen.

Deze overeenkomst geldt niet voor:

- radio-omroepdiensten,

- televisieomroepdiensten bedoeld in artikel 1, onder a), van Richtlijn 89/552/EEG[8].

3. “technische specificatie”: een specificatie die voorkomt in een document ter omschrijving van de vereiste kenmerken van een product, zoals kwaliteitsniveau, prestaties, veiligheid of afmetingen, met inbegrip van de voor het product geldende voorschriften inzake verkoopbenaming, terminologie, symbolen, beproeving en beproevingsmethoden, verpakking, het merken of etiketteren, en de overeenstemmingsbeoordelingsprocedures.

Onder de term “technische specificatie” zijn ook begrepen de productiemethoden en -procédés voor de landbouwproducten bedoeld in artikel 38, lid 1, van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, voor de producten bestemd voor menselijke voeding, voor diervoeding en voor de geneesmiddelen zoals gedefinieerd in artikel 1 van Richtlijn 2001/83/EG[9], alsmede de productiemethoden en -procédés voor de overige producten, wanneer die gevolgen hebben voor de kenmerken van deze producten;

4. “andere eis”: een eis die, zonder een technische specificatie te zijn, ter bescherming van met name de consument of het milieu wordt opgelegd en betrekking heeft op de levenscyclus van het product nadat het in de handel is gebracht, zoals voorwaarden voor gebruik, recycling, hergebruik of verwijdering van het product, wanneer deze voorwaarden op significante wijze de samenstelling, de aard of de verhandeling van het product kunnen beïnvloeden;

5. “regel betreffende diensten”: een algemene eis betreffende de toegang tot en de uitoefening van dienstenactiviteiten zoals bedoeld in punt 2, met name bepalingen met betrekking tot de dienstverlener, de diensten en de afnemer van diensten, met uitzondering van regels die niet specifiek betrekking hebben op de in dat punt gedefinieerde diensten.

Deze overeenkomst geldt niet voor regels betreffende zaken die vallen onder de wetgeving van de Europese Gemeenschap inzake telecommunicatiediensten, gedefinieerd als “diensten die geheel of gedeeltelijk bestaan in de overdracht en routering van signalen over een telecommunicatienet via telecommunicatieprocédés, met uitzondering van radio-omroep en televisie”[10]. Deze overeenkomst geldt niet voor regels betreffende zaken die vallen onder de wetgeving van de Europese Gemeenschap inzake financiële diensten, zoals genoemd in de indicatieve lijst van bijlage II bij deze overeenkomst.

Deze overeenkomst geldt niet voor regels die uitgevaardigd zijn door of voor gereglementeerde markten in de zin van Richtlijn 2004/39/EG[11], andere markten of instellingen die compensatie- of verrekeningsverrichtingen voor die markten doen, met uitzondering van artikel 11 van deze overeenkomst.

Voor deze definitie:

- wordt een regel geacht specifiek betrekking te hebben op diensten van de informatiemaatschappij wanneer die regel, gezien de motivering en de tekst van het dispositief, in zijn totaliteit of in enkele specifieke bepalingen specifiek tot doel heeft die diensten uitdrukkelijk en gericht te reglementeren;

- wordt een regel niet geacht specifiek betrekking te hebben op diensten van de informatiemaatschappij indien deze slechts impliciet of incidenteel op die diensten van toepassing is;

6. “technisch voorschrift”: een technische specificatie of andere eis of een regel betreffende diensten, met inbegrip van de erop toepasselijke bestuursrechtelijke bepalingen, die de jure of de facto moet worden nageleefd voor de verhandeling, de dienstverlening, de vestiging van een dienstverlener of het gebruik in een lidstaat van de Europese Gemeenschap of in een groot deel van een lidstaat, dan wel in de Republiek Bulgarije of in een groot deel ervan, alsmede de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen, behoudens die bedoeld in artikel 12, van de lidstaten van de Europese Gemeenschap of van de Republiek Bulgarije waarbij de vervaardiging, de invoer, de verhandeling of het gebruik van een product dan wel de verlening of het gebruik van een dienst of de vestiging als dienstverlener wordt verboden.

De facto technische voorschriften zijn met name:

- wettelijke of bestuursrechtelijke bepalingen van een lidstaat van de Europese Gemeenschap of van de Republiek Bulgarije die hetzij verwijzen naar technische specificaties, andere eisen of regels betreffende diensten, hetzij naar beroepscodes of codes voor goede praktijken die zelf verwijzen naar technische specificaties, andere eisen of regels betreffende diensten waarvan de naleving een vermoeden geeft dat zij in overeenstemming zijn met de voorschriften die bij deze wettelijke of bestuursrechtelijke bepalingen zijn vastgesteld;

- vrijwillige overeenkomsten waarbij de overheid partij is en die in het algemeen belang gericht zijn op de naleving van technische specificaties, andere eisen of regels betreffende diensten, met uitsluiting van bestekken voor overheidsopdrachten;

- technische specificaties, andere eisen of regels betreffende diensten die verbonden zijn met fiscale of financiële maatregelen die het verbruik van producten of het gebruik van diensten beïnvloeden, doordat zij de naleving van die technische specificaties, andere eisen of regels betreffende diensten aanmoedigen; hieronder vallen niet de technische specificaties, andere eisen of regels betreffende diensten die samenhangen met de nationale stelsels van sociale zekerheid.

Hieronder zijn de technische voorschriften begrepen die worden vastgesteld door de instanties die door de lidstaten zijn aangewezen en die zijn opgenomen in een door de Commissie van de Europese Gemeenschappen (hierna “de Commissie” genoemd) opgestelde lijst[12] in het kader van het in artikel 5 van Richtlijn 98/34/EG bedoelde comité. De Republiek Bulgarije stelt een dergelijke lijst op en doet deze aan de Commissie toekomen de eerste dag van de eerste maand volgende op de inwerkingtreding van deze overeenkomst.

Wijziging van de lijst geschiedt volgens dezelfde procedure;

7. “ontwerp voor een technisch voorschrift”: de tekst van een technische specificatie, een andere eis of een regel betreffende diensten, met inbegrip van bestuursrechtelijke bepalingen, die is opgesteld om deze als technisch voorschrift vast te stellen of uiteindelijk te doen vaststellen en die zich in een stadium van voorbereiding bevindt waarin nog ingrijpende wijzigingen kunnen worden aangebracht.

Artikel 2

Deze overeenkomst geldt niet voor de maatregelen die de lidstaten in het kader van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap nodig achten of die de Republiek Bulgarije nodig acht:

- om de bescherming van personen, met name van werknemers, bij het gebruik van producten te waarborgen, voor zover deze maatregelen geen gevolgen hebben voor de producten.

Artikel 3

1. Behoudens artikel 12 stelt de Europese Gemeenschap de Republiek Bulgarije in kennis van de ontwerpen voor technische voorschriften waarvan haar door de lidstaten kennis wordt gegeven. Indien deze technische voorschriften uitsluitend een integrale omzetting van een internationale of Europese norm betreffen, kan met een mededeling van de betrokken norm worden volstaan. Zij stelt de Republiek Bulgarije tevens in kennis van de redenen waarom de vaststelling van dit technisch voorschrift nodig is, tenzij die redenen al uit het ontwerp zelf blijken.

2. Behoudens artikel 12 stelt de Republiek Bulgarije op dezelfde manier de Europese Gemeenschap in kennis van haar ontwerpen voor technische voorschriften. Indien deze technische voorschriften uitsluitend een integrale omzetting van een internationale of Europese norm betreffen, volstaat mededeling van de betrokken norm. Zij stelt de Europese Gemeenschap tevens in kennis van de redenen waarom de vaststelling van dit technisch voorschrift nodig is, tenzij die redenen al uit het ontwerp zelf blijken.

Artikel 4

De integrale tekst van het ontwerp voor technische voorschriften waarvan kennis wordt gegeven, wordt in de oorspronkelijke taal ter beschikking gesteld, samen met een volledige vertaling in een van de officiële talen van de Europese Gemeenschap.

Artikel 5

1. De integrale tekst van de in hoofdzaak en rechtstreeks betrokken wettelijke en bestuursrechtelijke basisbepalingen wordt zo nodig in de oorspronkelijke taal meegedeeld, indien kennis van die tekst noodzakelijk is om de reikwijdte te kunnen beoordelen van het ontwerp voor een technisch voorschrift waarvan kennis wordt gegeven en indien deze tekst niet reeds met een eerdere mededeling is toegezonden.

2. Wanneer om redenen van volksgezondheid of van consumenten- of milieubescherming met het ontwerp voor een technisch voorschrift in het bijzonder wordt beoogd de verhandeling of het gebruik van een stof, preparaat of chemisch product te beperken, zenden de lidstaten en de Republiek Bulgarije tevens hetzij een samenvatting, hetzij de referenties van de relevante gegevens over die stof, dat preparaat of dat product en de verkrijgbare vervangende producten, voor zover deze gegevens beschikbaar zijn, alsmede de verwachte gevolgen van de maatregel voor de volksgezondheid of voor de consumenten- en milieubescherming met, in de daartoe geëigende gevallen, een risicoanalyse volgens de algemene beginselen voor de evaluatie van de risico's die zijn verbonden aan de chemische producten bedoeld in artikel 10, lid 4, van Verordening (EEG) nr. 793/93[13], in het geval van een bestaande stof, of in artikel 3, lid 2, van Richtlijn 67/548/EEG[14], in het geval van een nieuwe stof.

Artikel 6

De lidstaten en de Republiek Bulgarije gaan in bovengenoemde omstandigheden tot een nieuwe mededeling over, indien zij in het ontwerp voor een technisch voorschrift wijzigingen aanbrengen die het toepassingsgebied ingrijpend veranderen, het oorspronkelijk geplande toepassingsschema verkorten, specificaties of eisen toevoegen of de eisen stringenter maken. Deze mededeling zal volgens de bepalingen van artikel 3 worden toegezonden.

Artikel 7

Elke overeenkomstsluitende partij kan verzoeken om nadere informatie over een technisch voorschrift waarvan in overeenstemming met deze overeenkomst kennis wordt gegeven.

Artikel 8

1. De Europese Gemeenschap en de Republiek Bulgarije kunnen opmerkingen maken over de meegedeelde ontwerpen. De opmerkingen van de Republiek Bulgarije worden naar de Commissie gezonden en de opmerkingen van de Europese Gemeenschap worden door de Commissie naar de Republiek Bulgarije gezonden.

2. De lidstaten en de Republiek Bulgarije houden bij de verdere ontwikkeling van het technisch voorschrift zoveel mogelijk rekening met deze opmerkingen.

3. Wat de in artikel 1, punt 6, tweede alinea, derde streepje, bedoelde technische specificaties, andere eisen of regels betreffende diensten betreft, mogen de opmerkingen van de overeenkomstsluitende partijen alleen betrekking hebben op de aspecten die eventueel een belemmering vormen voor het handelsverkeer of, wat de regels betreffende diensten betreft, voor het vrije verkeer van diensten of de vrijheid van vestiging van dienstverleners, doch niet op de fiscale of financiële aspecten van de maatregel.

4. Wanneer een status-quo van zes maanden wordt ingeroepen overeenkomstig de voorschriften van Richtlijn 98/34/EG, stelt de Commissie de Republiek Bulgarije hiervan in kennis.

Artikel 9

De bevoegde autoriteiten van de lidstaten en de Republiek Bulgarije stellen de goedkeuring van het ontwerp voor technische voorschriften waarvan kennis wordt gegeven met drie maanden uit, te rekenen vanaf de datum waarop de Commissie de tekst van het ontwerpvoorschrift ontvangt.

Artikel 10

De in artikel 9 bedoelde status-quoperiode is niet van toepassing indien de bevoegde autoriteiten:

- om dringende redenen wegens een ernstige en onvoorziene situatie die verband houdt met de bescherming van de gezondheid van mens en dier, de bescherming van planten of de veiligheid en, in het geval van regels betreffende diensten, ook met de bescherming van de openbare orde, met name de bescherming van minderjarigen, op zeer korte termijn technische voorschriften moeten uitwerken en deze onmiddellijk daarop moet vaststellen en invoeren, zonder dat raadpleging mogelijk is, of

- om dringende redenen wegens een ernstige situatie die verband houdt met de bescherming van de veiligheid en de integriteit van het financiële systeem, met name de bescherming van deposanten, beleggers en verzekerden, onverwijld regels betreffende financiële diensten moeten vaststellen en invoeren.

De gronden voor de urgentie van de maatregelen worden vermeld. Deze urgente maatregelen worden uitvoerig en duidelijk gerechtvaardigd met bijzondere nadruk op de onvoorspelbaarheid en de ernst van het gevaar waarmee de betrokken autoriteiten worden geconfronteerd, alsmede de absolute noodzaak om dit onmiddellijk af te wenden.

Artikel 11

1. Ook de definitieve tekst in de oorspronkelijke taal van het technisch voorschrift wordt meegedeeld.

2. De administratieve regelingen voor de bovengenoemde kennisgevingen zijn uitvoerig vermeld in bijlage III, die integraal deel uitmaakt van deze overeenkomst.

Artikel 12

1. De artikelen 3 tot en met 10 zijn niet van toepassing op de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van de lidstaten en de Republiek Bulgarije of op de vrijwillige overeenkomsten waarbij de lidstaten of de Republiek Bulgarije:

- zich, indien het de lidstaten betreft, voegen naar dwingende besluiten van de Europese Gemeenschap die de aanneming van technische voorschriften of regels betreffende diensten tot gevolg hebben, of, indien het de Republiek Bulgarije betreft, besluiten van de Europese Gemeenschap die de aanneming van technische voorschriften of regels betreffende diensten tot gevolg hebben, in intern recht omzetten;

- indien het de lidstaten betreft, voldoen aan de uit een internationale overeenkomst voortvloeiende verplichtingen die de aanneming van gemeenschappelijke technische voorschriften of regels betreffende diensten in de Europese Gemeenschap tot gevolg hebben;

- indien het de Republiek Bulgarije betreft, voldoen aan de uit een internationale overeenkomst voortvloeiende verplichtingen die de aanneming van gemeenschappelijke technische voorschriften of regels betreffende diensten in de Republiek Bulgarije en in de Europese Gemeenschap tot gevolg hebben;

- gebruikmaken van in dwingende besluiten van de Europese Gemeenschap vervatte vrijwaringclausules;

- artikel 12, lid 1, van Richtlijn 2001/95/EG[15] toepassen;

- zich beperken tot het gevolg geven aan een arrest van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen;

- zich beperken tot wijziging van een technisch voorschrift in de zin van artikel 1, punt 6, overeenkomstig een verzoek van de Commissie, teneinde een belemmering voor het handelsverkeer of, wat betreft regels betreffende diensten, voor het vrije verkeer van diensten of de vrijheid van vestiging van dienstverleners op te heffen.

2. De artikelen 9 en 10 zijn niet van toepassing op de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van de lidstaten en van de Republiek Bulgarije waarmee een fabricageverbod wordt beoogd, voor zover deze bepalingen geen belemmering vormen voor het vrije verkeer van goederen.

3. De artikelen 9 en 10 zijn niet van toepassing op de in artikel 1, punt 6, tweede alinea, derde streepje, bedoelde technische specificaties, andere eisen of regels betreffende diensten.

Artikel 13

De in het kader van deze overeenkomst verstrekte informatie wordt op verzoek als vertrouwelijk beschouwd. De Europese Gemeenschap en de Republiek Bulgarije kunnen echter, met inachtneming van de nodige voorzorgen, natuurlijke of rechtspersonen die ook tot de particuliere sector kunnen behoren, om deskundig advies vragen.

Artikel 14

1. In het kader van de samenwerking tussen deskundigen van de Europese Gemeenschap en de Republiek Bulgarije op het gebied van de technische handelsbelemmeringen plegen de overeenkomstsluitende partijen geregeld overleg om te waarborgen dat de in deze overeenkomst bedoelde kennisgevingsprocedure naar behoren verloopt en om van gedachten te wisselen over opmerkingen van een overeenkomstsluitende partij over een ontwerp voor een technisch voorschrift waarvan ingevolge deze overeenkomst kennis wordt gegeven. Bovendien kunnen de overeenkomstsluitende partijen in onderling overleg aanvullende vergaderingen ad hoc beleggen om specifieke gevallen te behandelen die van bijzonder belang zijn voor een overeenkomstsluitende partij.

2. De Republiek Bulgarije wijst een deskundige aan die haar zal vertegenwoordigen in vergaderingen van het comité dat is opgericht overeenkomstig artikel 5 van Richtlijn 98/34/EG, secties “Diensten van de informatiemaatschappij” en “Technische voorschriften”. De deskundige moet deel uitmaken van de overheidsdiensten van de Republiek Bulgarije. De deskundige heeft geen stemrecht.

3. De Commissie stelt de deskundige tijdig op de hoogte van de vergaderdata en van de agendapunten van het comité. De Commissie doet de deskundige relevante informatie toekomen.

4. De voorzitter van het comité kan besluiten dat het comité bijeenkomt zonder de aanwezigheid van de deskundige die de Republiek Bulgarije vertegenwoordigt. In dat geval wordt de Republiek Bulgarije op de hoogte gebracht.

Artikel 15

Deze overeenkomst is van toepassing, enerzijds, op de gebieden waar het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap van toepassing is en onder de in dat Verdrag neergelegde voorwaarden en, anderzijds, op het grondgebied van de Republiek Bulgarije.

Artikel 16

Deze overeenkomst treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand volgende op de datum waarop de partijen elkaar kennis hebben gegeven van de voltooiing van hun respectieve procedures voor de inwerkingtreding van deze overeenkomst.

Artikel 17

Deze overeenkomst loopt ten einde op de datum waarop de Republiek Bulgarije tot de Europese Unie toetreedt.

Artikel 18

Deze overeenkomst is opgesteld in twee originele exemplaren in de Bulgaarse, de Deense, de Duitse, de Engelse, de Estse, de Finse, de Franse, de Griekse, de Hongaarse, de Italiaanse, de Letse, de Litouwse, de Maltese, de Nederlandse, de Poolse, de Portugese, de Sloveense, de Slowaakse, de Spaanse, de Tsjechische en de Zweedse taal, waarbij alle teksten gelijkelijk authentiek zijn.

BIJLAGE I

Indicatieve lijst van diensten die niet onder artikel 1, punt 2, tweede alinea, vallen

1. Diensten die niet “op afstand” worden geleverd

Diensten die in de fysieke aanwezigheid van de verlener en de afnemer worden verleend, ook wanneer daarbij elektronische apparatuur wordt gebruikt:

a) medisch onderzoek of medische behandeling in de spreekkamer van een arts met behulp van elektronische apparatuur, in de fysieke aanwezigheid van de patiënt;

b) raadpleging van een elektronische catalogus in een winkel, in de fysieke aanwezigheid van de klant;

c) reservering van een vliegtuigticket via een computernetwerk in een reisagentschap, in de fysieke aanwezigheid van de klant;

d) beschikbaarstelling van elektronische spelletjes in een speelhal in de fysieke aanwezigheid van de gebruiker.

2. Diensten die niet “langs elektronische weg” worden geleverd

- Diensten met een materiële inhoud, ook wanneer daarbij elektronische apparatuur wordt gebruikt:

a) automaten (bankbiljetten, treinkaartjes);

b) toegang tot wegennetten, parkeerplaatsen enz. waarvoor betaald moet worden, ook wanneer de toegang en/of de correcte betaling wordt gecontroleerd door middel van elektronische apparatuur aan de ingang en/of uitgang.

- Off-linediensten: verspreiding van cd-roms of software op diskettes.

- Diensten die niet via elektronische systemen voor de opslag en verwerking van gegevens worden geleverd:

a) spraaktelefoniediensten;

b) fax- en telexdiensten;

c) diensten die via spraaktelefonie of per fax worden verleend;

d) raadpleging van een arts per telefoon of fax;

e) raadpleging van een advocaat per telefoon of fax;

f) direct marketing per telefoon of fax.

3. Diensten die niet “op individueel verzoek van een afnemer van diensten” worden geleverd

Diensten die via de verzending van gegevens zonder individuele oproep worden verleend en bestemd zijn voor gelijktijdige ontvangst door een onbeperkt aantal ontvangers (point-to-multipoint-transmissie):

a) televisieomroepdiensten (waaronder “near-video-on-demand”), bedoeld in artikel 1, onder a), van Richtlijn 89/552/EEG;

b) radio-omroepdiensten;

c) teletekst (via televisie).

BIJLAGE II

Indicatieve lijst van financiële diensten, bedoeld in artikel 1, punt 5, derde alinea

- Beleggingsdiensten

- Verzekeringen en herverzekeringen

- Bankdiensten

- Transacties in verband met pensioenfondsen

- Diensten inzake termijntransacties of opties

Deze diensten omvatten in het bijzonder:

a) de beleggingsdiensten bedoeld in de bijlage bij Richtlijn 2004/39/EG[16]; de diensten van collectieve beleggingsondernemingen;

b) diensten in verband met werkzaamheden die onder de wederzijdse erkenning vallen en bedoeld worden in de bijlage bij Richtlijn 2000/12/EG[17];

c) transacties in verband met de verzekerings- en herverzekeringsactiviteiten bedoeld in:

- artikel 1 van Richtlijn 73/239/EEG[18],

- bijlage I bij Richtlijn 2002/83/EG[19],

- Richtlijn 64/225/EEG[20],

- de Richtlijnen 92/49/EEG[21] en 2002/83/EG[22].

BIJLAGE III

Krachtens artikel 11, lid 2, van de overeenkomst dienen de volgende mededelingen elektronisch te worden gedaan:

1. formulieren van kennisgeving. Deze kunnen vóór of samen met de volledige tekst worden meegedeeld.

2. de volledige tekst van het ontwerp waarvan kennis wordt gegeven;

3. bevestiging van ontvangst van de ontwerptekst met onder meer de datum waarop de status-quoperiode afloopt;

4. mededelingen die extra informatie vereisen;

5. antwoorden op verzoeken om extra informatie;

6. opmerkingen;

7. verzoeken om vergaderingen ad hoc;

8. antwoorden op verzoeken om vergaderingen ad hoc;

9. verzoeken om definitieve teksten;

10. informatie over de aankondiging van een status quo van zes maanden.

De volgende mededelingen kunnen momenteel nog per fax worden gedaan, hoewel elektronische middelen de voorkeur verdienen:

11. wettelijke en bestuursrechtelijke basisbepalingen;

12. de definitieve tekst.

Administratieve regelingen met betrekking tot mededelingen worden in onderling overleg door de overeenkomstsluitende partijen overeengekomen.

OVEREENKOMST

tussen de Europese Gemeenschap en Roemenië voor een informatieprocedure op het gebied van technische voorschriften en regels betreffende diensten van de informatiemaatschappij

DE EUROPESE GEMEENSCHAP,

enerzijds, en

ROEMENIË,

anderzijds,

hierna “de overeenkomstsluitende partijen” genoemd,

GELET op de Europaovereenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en Roemenië, anderzijds[23], en met name op de in artikel 1 vastgestelde doelstellingen,

GELET op de informatieprocedure op het gebied van technische voorschriften en regels betreffende diensten van de informatiemaatschappij die in de Europese Gemeenschap wordt toegepast[24],

OVERWEGENDE dat Roemenië en de Europese Gemeenschap zich ertoe hebben verbonden harmonieuze economische betrekkingen tussen de overeenkomstsluitende partijen te bevorderen,

OVERWEGENDE dat de Europese Gemeenschap en Roemenië momenteel samenwerken om technische handelsbelemmeringen uit de weg te ruimen en zij in het kader van deze samenwerking hebben besloten deze in de Europese Gemeenschap toegepaste informatieprocedure op het gebied van technische voorschriften en regels betreffende diensten van de informatiemaatschappij uit te breiden tot Roemenië,

KOMEN OVEREEN:

Artikel 1

In de zin van deze overeenkomst zijn de volgende definities van toepassing:

1. “product”: alle industrieel vervaardigde producten en alle landbouwproducten, met inbegrip van visproducten;

2. “dienst”: elke dienst van de informatiemaatschappij, dat wil zeggen elke dienst die gewoonlijk tegen vergoeding, op afstand, langs elektronische weg en op individueel verzoek van een afnemer van diensten wordt verleend.

In deze definitie wordt verstaan onder:

- “op afstand”: dat de dienst geleverd wordt zonder dat de partijen gelijktijdig aanwezig zijn;

- “langs elektronische weg”: dat de dienst verzonden en ontvangen wordt via elektronische apparatuur voor de verwerking (met inbegrip van digitale compressie) en opslag van gegevens, en dat hij geheel via draden, radio, optische middelen of andere elektromagnetische middelen wordt verzonden, doorgeleid en ontvangen;

- “op individueel verzoek van een afnemer van diensten”: dat de dienst op individueel verzoek via de transmissie van gegevens wordt geleverd.

In bijlage I is een indicatieve lijst opgenomen van diensten die niet onder deze definitie vallen.

Deze overeenkomst geldt niet voor:

- radio-omroepdiensten,

- televisieomroepdiensten bedoeld in artikel 1, onder a), van Richtlijn 89/552/EEG[25].

3. “technische specificatie”: een specificatie die voorkomt in een document ter omschrijving van de vereiste kenmerken van een product, zoals kwaliteitsniveau, prestaties, veiligheid of afmetingen, met inbegrip van de voor het product geldende voorschriften inzake verkoopbenaming, terminologie, symbolen, beproeving en beproevingsmethoden, verpakking, het merken of etiketteren, en de overeenstemmingsbeoordelingsprocedures.

Onder de term “technische specificatie” zijn ook begrepen de productiemethoden en -procédés voor de landbouwproducten bedoeld in artikel 38, lid 1, van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, voor de producten bestemd voor menselijke voeding, voor diervoeding en voor de geneesmiddelen zoals omschreven in artikel 1 van Richtlijn 2001/83/EG[26], alsmede de productiemethoden en -procédés voor de overige producten, wanneer die gevolgen hebben voor de kenmerken van deze producten;

4. “andere eis”: een eis die, zonder een technische specificatie te zijn, ter bescherming van met name de consument of het milieu wordt opgelegd en betrekking heeft op de levenscyclus van het product nadat het in de handel is gebracht, zoals voorwaarden voor gebruik, recycling, hergebruik of verwijdering van het product, wanneer deze voorwaarden op significante wijze de samenstelling, de aard of de verhandeling van het product kunnen beïnvloeden;

5. “regel betreffende diensten”: een algemene eis betreffende de toegang tot en de uitoefening van dienstenactiviteiten zoals bedoeld in punt 2, met name bepalingen met betrekking tot de dienstverlener, de diensten en de afnemer van diensten, met uitzondering van regels die niet specifiek betrekking hebben op de in dat punt gedefinieerde diensten.

Deze overeenkomst geldt niet voor regels betreffende zaken die vallen onder de wetgeving van de Europese Gemeenschap inzake telecommunicatiediensten, gedefinieerd als “diensten die geheel of gedeeltelijk bestaan in de overdracht en routering van signalen over een telecommunicatienet via telecommunicatieprocédés, met uitzondering van radio-omroep en televisie”[27].

Deze overeenkomst geldt niet voor regels betreffende zaken die vallen onder de wetgeving van de Europese Gemeenschap inzake financiële diensten, zoals genoemd in de indicatieve lijst van bijlage II bij deze overeenkomst.

Deze overeenkomst geldt niet voor regels die uitgevaardigd zijn door of voor gereglementeerde markten in de zin van Richtlijn 2004/39/EG[28], andere markten of instellingen die compensatie- of verrekeningsverrichtingen voor die markten doen, met uitzondering van artikel 11 van deze overeenkomst.

Voor deze definitie:

- wordt een regel geacht specifiek betrekking te hebben op diensten van de informatiemaatschappij wanneer die regel, gezien de motivering en de tekst van het dispositief, in zijn totaliteit of in enkele specifieke bepalingen specifiek tot doel heeft die diensten uitdrukkelijk en gericht te reglementeren;

- wordt een regel niet geacht specifiek betrekking te hebben op diensten van de informatiemaatschappij indien deze slechts impliciet of incidenteel op die diensten van toepassing is;

6. “technisch voorschrift”: een technische specificatie of andere eis of een regel betreffende diensten, met inbegrip van de erop toepasselijke bestuursrechtelijke bepalingen, die de jure of de facto moet worden nageleefd voor de verhandeling, de dienstverlening, de vestiging van een dienstverlener of het gebruik in een lidstaat van de Europese Gemeenschap of in een groot deel van een lidstaat, dan wel in Roemenië of in een groot deel ervan, alsmede de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen, behoudens die bedoeld in artikel 12, van de lidstaten van de Europese Gemeenschap of van Roemenië waarbij de vervaardiging, de invoer, de verhandeling of het gebruik van een product dan wel de verlening of het gebruik van een dienst of de vestiging als dienstverlener wordt verboden.

De facto technische voorschriften zijn met name:

- wettelijke of bestuursrechtelijke bepalingen van een lidstaat van de Europese Gemeenschap of van Roemenië die hetzij verwijzen naar technische specificaties, andere eisen of regels betreffende diensten, hetzij naar beroepscodes of codes voor goede praktijken die zelf verwijzen naar technische specificaties, andere eisen of regels betreffende diensten waarvan de naleving een vermoeden geeft dat zij in overeenstemming zijn met de voorschriften die bij deze wettelijke of bestuursrechtelijke bepalingen zijn vastgesteld;

- vrijwillige overeenkomsten waarbij de overheid partij is en die in het algemeen belang gericht zijn op de naleving van technische specificaties, andere eisen of regels betreffende diensten, met uitsluiting van bestekken voor overheidsopdrachten;

- technische specificaties, andere eisen of regels betreffende diensten die verbonden zijn met fiscale of financiële maatregelen die het verbruik van producten of het gebruik van diensten beïnvloeden, doordat zij de naleving van die technische specificaties, andere eisen of regels betreffende diensten aanmoedigen; hieronder vallen niet de technische specificaties, andere eisen of regels betreffende diensten die samenhangen met de nationale stelsels van sociale zekerheid.

Hieronder zijn de technische voorschriften begrepen die worden vastgesteld door de instanties die door de lidstaten zijn aangewezen en die zijn opgenomen in een door de Commissie van de Europese Gemeenschappen (hierna “de Commissie” genoemd) opgestelde lijst[29] in het kader van het in artikel 5 van Richtlijn 98/34/EG bedoelde comité. Roemenië stelt een dergelijke lijst op en doet deze aan de Commissie toekomen de eerste dag van de eerste maand volgende op de inwerkingtreding van deze overeenkomst.

Wijziging van de lijst geschiedt volgens dezelfde procedure;

7. “ontwerp voor een technisch voorschrift”: de tekst van een technische specificatie, een andere eis of een regel betreffende diensten, met inbegrip van bestuursrechtelijke bepalingen, die is opgesteld om deze als technisch voorschrift vast te stellen of uiteindelijk te doen vaststellen en die zich in een stadium van voorbereiding bevindt waarin nog ingrijpende wijzigingen kunnen worden aangebracht.

Artikel 2

Deze overeenkomst geldt niet voor de maatregelen die de lidstaten in het kader van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap nodig achten of die Roemenië nodig acht:

- om de bescherming van personen, met name van werknemers, bij het gebruik van producten te waarborgen, voor zover deze maatregelen geen gevolgen hebben voor de producten.

Artikel 3

1. Behoudens artikel 12 stelt de Europese Gemeenschap Roemenië in kennis van de ontwerpen voor technische voorschriften waarvan haar door de lidstaten kennis wordt gegeven. Indien deze technische voorschriften uitsluitend een integrale omzetting van een internationale of Europese norm betreffen, kan met een mededeling van de betrokken norm worden volstaan. Zij stelt Roemenië tevens in kennis van de redenen waarom de vaststelling van dit technische voorschrift nodig is, tenzij die redenen al uit het ontwerp zelf blijken.

2. Behoudens artikel 12 stelt Roemenië op dezelfde manier de Europese Gemeenschap in kennis van haar ontwerpen voor technische voorschriften. Indien deze technische voorschriften uitsluitend een integrale omzetting van een internationale of Europese norm betreffen, volstaat mededeling van de betrokken norm. Zij stelt de Europese Gemeenschap tevens in kennis van de redenen waarom de vaststelling van dit technisch voorschrift nodig is, tenzij die redenen al uit het ontwerp zelf blijken.

Artikel 4

De integrale tekst van het ontwerp voor technische voorschriften waarvan kennis wordt gegeven, wordt in de oorspronkelijke taal ter beschikking gesteld, samen met een volledige vertaling in een van de officiële talen van de Europese Gemeenschap.

Artikel 5

1. De integrale tekst van de in hoofdzaak en rechtstreeks betrokken wettelijke en bestuursrechtelijke basisbepalingen wordt zo nodig in de oorspronkelijke taal meegedeeld, indien kennis van die tekst noodzakelijk is om de reikwijdte te kunnen beoordelen van het ontwerp voor een technisch voorschrift waarvan kennis wordt gegeven en indien deze tekst niet reeds met een eerdere mededeling is toegezonden.

2. Wanneer om redenen van volksgezondheid of van consumenten- of milieubescherming met het ontwerp voor een technisch voorschrift in het bijzonder wordt beoogd de verhandeling of het gebruik van een stof, preparaat of chemisch product te beperken, zenden de lidstaten en Roemenië tevens hetzij een samenvatting, hetzij de referenties van de relevante gegevens over die stof, dat preparaat of dat product en de verkrijgbare vervangende producten, voor zover deze gegevens beschikbaar zijn, alsmede de verwachte gevolgen van de maatregel voor de volksgezondheid of voor de consumenten- en milieubescherming met, in de daartoe geëigende gevallen, een risicoanalyse volgens de algemene beginselen voor de evaluatie van de risico's die zijn verbonden aan de chemische producten bedoeld in artikel 10, lid 4, van Verordening (EEG) nr. 793/93[30], in het geval van een bestaande stof, of in artikel 3, lid 2, van Richtlijn 67/548/EEG[31], in het geval van een nieuwe stof.

Artikel 6

De lidstaten en Roemenië gaan in bovengenoemde omstandigheden tot een nieuwe mededeling over, indien zij in het ontwerp voor een technisch voorschrift wijzigingen aanbrengen die het toepassingsgebied ingrijpend veranderen, het oorspronkelijk geplande toepassingsschema verkorten, specificaties of eisen toevoegen of die eisen stringenter maken. Deze mededeling zal volgens de bepalingen van artikel 3 worden toegezonden.

Artikel 7

Elke overeenkomstsluitende partij kan verzoeken om nadere informatie over een technisch voorschrift waarvan in overeenstemming met deze overeenkomst kennis wordt gegeven.

Artikel 8

1. De Europese Gemeenschap en Roemenië kunnen opmerkingen maken over de meegedeelde ontwerpen. De opmerkingen van Roemenië worden naar de Commissie gezonden en de opmerkingen van de Europese Gemeenschap worden door de Commissie naar Roemenië gezonden.

2. De lidstaten en Roemenië houden bij de verdere ontwikkeling van het technisch voorschrift zoveel mogelijk rekening met deze opmerkingen.

3. Wat de in artikel 1, punt 6, tweede alinea, derde streepje, bedoelde technische specificaties, andere eisen of regels betreffende diensten betreft, mogen de opmerkingen van de overeenkomstsluitende partijen alleen betrekking hebben op de aspecten die eventueel een belemmering vormen voor het handelsverkeer of, wat de regels betreffende diensten betreft, voor het vrije verkeer van diensten of de vrijheid van vestiging van dienstverleners, doch niet op de fiscale of financiële aspecten van de maatregel.

4. Wanneer een status-quo van zes maanden wordt ingeroepen overeenkomstig de voorschriften van Richtlijn 98/34/EG, stelt de Commissie Roemenië hiervan in kennis.

Artikel 9

De bevoegde autoriteiten van de lidstaten en Roemenië stellen de goedkeuring van het ontwerp voor technische voorschriften waarvan kennis wordt gegeven met drie maanden uit, te rekenen vanaf de datum waarop de Commissie de tekst van het ontwerpvoorschrift ontvangt.

Artikel 10

De in artikel 9 bedoelde status-quoperiode is niet van toepassing indien de bevoegde autoriteiten:

- om dringende redenen wegens een ernstige en onvoorziene situatie die verband houdt met de bescherming van de gezondheid van mens en dier, de bescherming van planten of de veiligheid en, in het geval van regels betreffende diensten, ook met de bescherming van de openbare orde, met name de bescherming van minderjarigen, op zeer korte termijn technische voorschriften moeten uitwerken en deze onmiddellijk daarop moet vaststellen en invoeren, zonder dat raadpleging mogelijk is, of

- om dringende redenen wegens een ernstige situatie die verband houdt met de bescherming van de veiligheid en de integriteit van het financiële systeem, met name de bescherming van deposanten, beleggers en verzekerden, onverwijld regels betreffende financiële diensten moeten vaststellen en invoeren.

De gronden voor de urgentie van de maatregelen worden vermeld. Deze urgente maatregelen worden uitvoerig en duidelijk gerechtvaardigd met bijzondere nadruk op de onvoorspelbaarheid en de ernst van het gevaar waarmee de betrokken autoriteiten worden geconfronteerd, alsmede de absolute noodzaak om dit onmiddellijk af te wenden.

Artikel 11

1. Ook de definitieve tekst in de oorspronkelijke taal van het technisch voorschrift wordt meegedeeld.

2. De administratieve regelingen voor de bovengenoemde kennisgevingen zijn uitvoerig vermeld in bijlage III, die integraal deel uitmaakt van deze overeenkomst.

Artikel 12

1. De artikelen 3 tot en met 10 zijn niet van toepassing op de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van de lidstaten en Roemenië of op de vrijwillige overeenkomsten waarbij de lidstaten of Roemenië:

- zich, indien het de lidstaten betreft, voegen naar dwingende besluiten van de Europese Gemeenschap die de aanneming van technische voorschriften of regels betreffende diensten tot gevolg hebben, of, indien het Roemenië betreft, besluiten van de Europese Gemeenschap die de aanneming van technische voorschriften of regels betreffende diensten tot gevolg hebben, in intern recht omzetten;

- indien het de lidstaten betreft, voldoen aan de uit een internationale overeenkomst voortvloeiende verplichtingen die de aanneming van gemeenschappelijke technische voorschriften of regels betreffende diensten in de Europese Gemeenschap tot gevolg hebben;

- indien het Roemenië betreft, voldoen aan de uit een internationale overeenkomst voortvloeiende verplichtingen die de aanneming van gemeenschappelijke technische voorschriften of regels betreffende diensten in de Europese Gemeenschap tot gevolg hebben;

- gebruikmaken van in dwingende besluiten van de Europese Gemeenschap vervatte vrijwaringclausules;

- artikel 12, lid 1, van Richtlijn 2001/95/EG[32] toepassen;

- zich beperken tot het gevolg geven aan een arrest van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen;

- zich beperken tot wijziging van een technisch voorschrift in de zin van artikel 1, punt 6, overeenkomstig een verzoek van de Commissie, teneinde een belemmering voor het handelsverkeer of, wat betreft regels betreffende diensten, voor het vrije verkeer van diensten of de vrijheid van vestiging van dienstverleners op te heffen.

2. De artikelen 9 en 10 zijn niet van toepassing op de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van de lidstaten en van Roemenië waarmee een fabricageverbod wordt beoogd, voor zover deze bepalingen geen belemmering vormen voor het vrije verkeer van goederen.

3. De artikelen 9 en 10 zijn niet van toepassing op de in artikel 1, punt 6, tweede alinea, derde streepje, bedoelde technische specificaties, andere eisen of regels betreffende diensten.

Artikel 13

De in het kader van deze overeenkomst verstrekte informatie wordt op verzoek als vertrouwelijk beschouwd. De Europese Gemeenschap en Roemenië kunnen echter, met inachtneming van de nodige voorzorgen, natuurlijke of rechtspersonen die ook tot de particuliere sector kunnen behoren, om deskundig advies vragen.

Artikel 14

1. In het kader van de samenwerking tussen deskundigen van de Europese Gemeenschap en Roemenië op het gebied van de technische handelsbelemmeringen plegen de overeenkomstsluitende partijen geregeld overleg om te waarborgen dat de in deze overeenkomst bedoelde kennisgevingsprocedure naar behoren verloopt en om van gedachten te wisselen over opmerkingen van een overeenkomstsluitende partij over een ontwerp voor een technisch voorschrift waarvan ingevolge deze overeenkomst kennis wordt gegeven. Bovendien kunnen de overeenkomstsluitende partijen in onderling overleg aanvullende vergaderingen ad hoc beleggen om specifieke gevallen te behandelen die van bijzonder belang zijn voor een overeenkomstsluitende partij.

2. Roemenië wijst een deskundige aan die haar zal vertegenwoordigen in vergaderingen van het comité dat is opgericht overeenkomstig artikel 5 van Richtlijn 98/34/EG, secties "Diensten van de informatiemaatschappij" en "Technische voorschriften". De deskundige moet deel uitmaken van de overheidsdiensten van Roemenië. De deskundige heeft geen stemrecht.

3. De Commissie stelt de deskundige tijdig op de hoogte van de vergaderdata en van de agendapunten van het comité. De Commissie doet de deskundige relevante informatie toekomen.

4. De voorzitter van het comité kan besluiten dat het comité bijeenkomt zonder de aanwezigheid van de deskundige die Roemenië vertegenwoordigt. In dat geval wordt Roemenië op de hoogte gebracht.

Artikel 15

Deze overeenkomst is van toepassing, enerzijds, op de gebieden waar het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap van toepassing is en onder de in dat Verdrag neergelegde voorwaarden en, anderzijds, op het grondgebied van Roemenië.

Artikel 16

Deze overeenkomst treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand volgende op de datum waarop de partijen elkaar kennis hebben gegeven van de voltooiing van hun respectieve procedures voor de inwerkingtreding van deze overeenkomst.

Artikel 17

Deze overeenkomst loopt ten einde op de datum waarop Roemenië tot de Europese Unie toetreedt.

Artikel 18

Deze overeenkomst is opgesteld in twee originele exemplaren in de Deense, de Duitse, de Engelse, de Estse, de Finse, de Franse, de Griekse, de Hongaarse, de Italiaanse, de Letse, de Litouwse, de Maltese, de Nederlandse, de Poolse, de Portugese, de Roemeense, de Sloveense, de Slowaakse, de Spaanse, de Tsjechische en de Zweedse taal, waarbij alle teksten gelijkelijk authentiek zijn.

BIJLAGE I

Indicatieve lijst van diensten die niet onder artikel 1, punt 2, tweede alinea, vallen

1. Diensten die niet “op afstand” worden geleverd

Diensten die in de fysieke aanwezigheid van de verlener en de afnemer worden verleend, ook wanneer daarbij elektronische apparatuur wordt gebruikt:

a) medisch onderzoek of medische behandeling in de spreekkamer van een arts met behulp van elektronische apparatuur, in de fysieke aanwezigheid van de patiënt;

b) raadpleging van een elektronische catalogus in een winkel, in de fysieke aanwezigheid van de klant;

c) reservering van een vliegtuigticket via een computernetwerk in een reisagentschap, in de fysieke aanwezigheid van de klant;

d) beschikbaarstelling van elektronische spelletjes in een speelhal in de fysieke aanwezigheid van de gebruiker.

2. Diensten die niet “langs elektronische weg” worden geleverd

- Diensten met een materiële inhoud, ook wanneer daarbij elektronische apparatuur wordt gebruikt:

a) automaten (bankbiljetten, treinkaartjes);

b) toegang tot wegennetten, parkeerplaatsen enz. waarvoor betaald moet worden, ook wanneer de toegang en/of de correcte betaling wordt gecontroleerd door middel van elektronische apparatuur aan de ingang en/of uitgang.

- Off-linediensten: verspreiding van cd-roms of software op diskettes.

- Diensten die niet via elektronische systemen voor de opslag en verwerking van gegevens worden geleverd:

a) spraaktelefoniediensten;

b) fax- en telexdiensten;

c) diensten die via spraaktelefonie of per fax worden verleend;

d) raadpleging van een arts per telefoon of fax;

e) raadpleging van een advocaat per telefoon of fax;

f) direct marketing per telefoon of fax.

3. Diensten die niet “op individueel verzoek van een afnemer van diensten” worden geleverd

Diensten die via de verzending van gegevens zonder individuele oproep worden verleend en bestemd zijn voor gelijktijdige ontvangst door een onbeperkt aantal ontvangers (point-to-multipoint-transmissie):

a) televisieomroepdiensten (waaronder “near-video-on-demand”), bedoeld in artikel 1, onder a), van Richtlijn 89/552/EEG;

b) radio-omroepdiensten;

c) teletekst (via televisie).

BIJLAGE II

Indicatieve lijst van financiële diensten, bedoeld in artikel 1, punt 5, derde alinea

- Beleggingsdiensten

- Verzekeringen en herverzekeringen

- Bankdiensten

- Transacties in verband met pensioenfondsen

- Diensten inzake termijntransacties of opties

Deze diensten omvatten in het bijzonder:

a) de beleggingsdiensten bedoeld in de bijlage bij Richtlijn 2004/39/EG[33]; de diensten van collectieve beleggingsondernemingen;

b) diensten in verband met werkzaamheden die onder de wederzijdse erkenning vallen en bedoeld worden in de bijlage bij Richtlijn 2000/12/EG[34];

c) transacties in verband met de verzekerings- en herverzekeringsactiviteiten bedoeld in:

- artikel 1 van Richtlijn 73/239/EEG[35],

- bijlage I bij Richtlijn 2002/83/EG[36],

- Richtlijn 64/225/EEG[37],

- de Richtlijnen 92/49/EEG[38] en 2002/83/EG[39].

BIJLAGE III

Krachtens artikel 11, lid 2, van de overeenkomst dienen de volgende mededelingen elektronisch te worden gedaan:

1. formulieren van kennisgeving. Deze kunnen vóór of samen met de volledige tekst worden meegedeeld.

2. de volledige tekst van het ontwerp waarvan kennis wordt gegeven;

3. bevestiging van ontvangst van de ontwerptekst met onder meer de datum waarop de status-quoperiode afloopt;

4. mededelingen die extra informatie vereisen;

5. antwoorden op verzoeken om extra informatie;

6. opmerkingen;

7. verzoeken om vergaderingen ad hoc;

8. antwoorden op verzoeken om vergaderingen ad hoc;

9. verzoeken om definitieve teksten;

10. informatie over de aankondiging van een status quo van zes maanden.

De volgende mededelingen kunnen momenteel nog per fax worden gedaan, hoewel elektronische middelen de voorkeur verdienen:

11. wettelijke en bestuursrechtelijke basisbepalingen;

12. de definitieve tekst.

Administratieve regelingen met betrekking tot mededelingen worden in onderling overleg door de overeenkomstsluitende partijen overeengekomen.

FINANCIEEL MEMORANDUM

Beleidsgebied(en): Ondernemingen Activiteit(en): Interne goederenmarkt en sectoraal beleid |

BENAMING VAN DE MAATREGEL: BESLUIT VAN DE RAAD INZAKE DE SLUITING VAN EEN BILATERALE OVEREENKOMST MET TWEE KANDIDAAT-LIDSTATEN VOOR EEN INFORMATIEPROCEDURE OP HET GEBIED VAN TECHNISCHE VOORSCHRIFTEN EN REGELS BETREFFENDE DIENSTEN VAN DE INFORMATIEMAATSCHAPPIJ |

1. BEGROTINGSONDERDEEL + OMSCHRIJVING 02 01 01 UITGAVEN VOOR PERSONEEL IN ACTIEVE DIENST VOOR HET BELEIDSTERREIN “ONDERNEMINGEN

02 01 04 01 Werking en ontwikkeling van de interne markt, met name op het gebied van kennisgeving, certificering en sectorale harmonisatie.Uitgaven voor administratief beheer

02 03 01 Werking en ontwikkeling van de interne markt, met name op het gebied van kennisgeving, certificering en sectorale harmonisatie

2. ALGEMENE CIJFERS

2.1. Totale toewijzing voor de actie (deel B): 0,014 miljoen euro aan vastleggingskredieten.

2.2. Looptijd:

De overeenkomsten hebben een beperkte looptijd. Elke overeenkomst eindigt op het moment dat de twee kandidaat-lidstaten waarmee de overeenkomst is gesloten, tot de Europese Unie toetreden. In verlenging van de overeenkomsten is dus niet voorzien.

2.3. Meerjarenraming van de uitgaven:

a) Overzicht van de vastleggingskredieten (VK) en betalingskredieten (BK) (financiering uit de begroting) (zie punt 6.1.1)

in miljoenen euro’s (tot op 3 decimalen)

2006 | 2007 | 2008 | 2009 | 2010 | n + 5 e.v. | Totaal |

VK | 0,014 | p.m. | p.m. | p.m. | p.m. | p.m. | 0,014 |

BK | 0,007 | 0,007 | p.m. | p.m. | p.m. | p.m. | 0,014 |

b) Technische en administratieve bijstand en ondersteuningsuitgaven (zie 6.1.2)

VK | Geen | Geen | Geen | Geen | Geen | Geen | Geen |

BK | Geen | Geen | Geen | Geen | Geen | Geen | Geen |

Subtotaal a + b |

VK | 0,014 | p.m. | p.m. | p.m. | p.m. | p.m. | 0,014 |

BK | 0,007 | 0,007 | p.m. | p.m. | p.m. | p.m. | 0,014 |

c) Financiële gevolgen in verband met de personele middelen en andere administratieve uitgaven (zie de punten 7.2 en 7.3)

VK/BK | 0,0173 | p.m. | p.m. | p.m. | p.m. | p.m. | 0,0173 |

TOTAAL a+b+c |

VK | 0,0313 | p.m. | p.m. | p.m. | p.m. | p.m. | 0,0313 |

BK | 0,0156 | 0,0156 | p.m. | p.m. | p.m. | p.m. | 0,0313 |

2.4. Verenigbaarheid met de financiële programmering en de financiële vooruitzichten:

Het voorstel is verenigbaar met de bestaande financiële programmering.

2.5. Financiële gevolgen voor de ontvangsten:

Het voorstel heeft geen financiële gevolgen (het betreft technische aspecten in verband met de uitvoering van een maatregel).

3. BEGROTINGSKENMERKEN

Soort uitgave (03 02 01) | Nieuw | Bijdrage EVA | Bijdragen kandidaat-lidstaten | Rubriek financiële vooruitzichten |

Niet-verplicht | Gesplitste kredieten | JA | NEE | NEE | nr. 1.1 |

4. RECHTSGROND

Artikel 133 van het EG-Verdrag.

5. OMSCHRIJVING EN MOTIVERING

5.1. Noodzaak van het communautaire optreden

5.1.1. Doelstellingen

Het doel is de twee kandidaat-lidstaten waarmee een overeenkomst is gesloten, al vóór hun toetreding tot de Europese Unie te laten deelnemen aan het systeem van kennisgeving van technische voorschriften, dat is vastgesteld bij Richtlijn 98/34/EG, zoals gewijzigd bij Richtlijn 98/48/EG.

Deze richtlijn voorziet in de voorafgaande kennisgeving van ontwerpvoorschriften betreffende alle goederen en de diensten van de informatiemaatschappij van elk van de 25 lidstaten van de Europese Gemeenschap, teneinde te voorkomen dat technische handelsbelemmeringen ontstaan. In de richtlijn wordt een status-quoperiode (van minstens drie maanden) vastgesteld waarin het betreffende ontwerp niet op nationaal niveau mag worden goedgekeurd. Een vereenvoudigd systeem van kennisgeving (met een status-quoperiode van hoogstens drie maanden en alleen de mogelijkheid om opmerkingen te maken) geldt voor de landen van de Europese Economische Ruimte en sinds 1 januari 2001 voor Turkije.

Het is de bedoeling dat door middel van deze overeenkomsten ditzelfde vereenvoudigde systeem wordt toegepast op de kandidaat-lidstaten teneinde:

- nieuwe belemmeringen voor het handelsverkeer tussen de Europese Unie en de kandidaat-lidstaten te voorkomen;

- deze landen zo vroeg mogelijk voor te bereiden op de toetreding tot de Europese Unie wat de kennisgevingsprocedure betreft; en

- de geest van dialoog en wederzijds begrip te versterken.

5.1.2. Maatregelen voor evaluatie vooraf

Uit de evaluatie vooraf is gebleken:

- Voor de Europese Gemeenschap en haar lidstaten ligt het belang van het sluiten van dergelijke overeenkomsten in het feit dat ze door middel van het beoogde systeem regelmatig op de hoogte zullen worden gebracht van de regelgevingsinitiatieven die in de kandidaat-lidstaten worden voorbereid, en dat ze vervolgens in voorkomend geval opmerkingen kunnen maken over ontwerpen die ernstige juridische en economische gevolgen kunnen hebben, met name uit het oogpunt van het vrije verkeer van goederen en van diensten van de informatiemaatschappij (bijvoorbeeld voor personen of ondernemingen uit de Gemeenschap die in de kandidaat-lidstaten actief zijn).

- Bovendien zullen alle partijen, door in een vereenvoudigde vorm een procedure toe te passen die vanaf de toetreding in volle omvang van toepassing zal zijn, in de gelegenheid worden gesteld om zich op deze toetreding voor te bereiden en dan ook voor een correcte toepassing van de communautaire verplichtingen te zorgen.

5.1.3. Naar aanleiding van de evaluatie achteraf genomen maatregelen

Geen.

5.2. Voorgenomen acties en wijze van financiering uit de begroting

Het doel van de overeenkomsten met de kandidaat-lidstaten is ze nog vóór hun toetreding tot de Europese Unie te laten deelnemen aan het kennisgevingssysteem dat in 1983 op communautair niveau is ingevoerd. Met dit systeem moeten nieuwe belemmeringen voor het handelsverkeer tussen de Gemeenschap en de kandidaat-lidstaten worden voorkomen.

De geografische dekking is beperkt tot de twee kandidaat-lidstaten waarmee een overeenkomst is gesloten. De verzending en ontvangst van ontwerpregelgeving tussen de Commissie, de kandidaat-lidstaten en de lidstaten maakt deel uit van het administratieve mechanisme van Richtlijn 98/34/EG, dat al sinds 1984 in de EG in werking is.

Redelijkerwijs is te verwachten dat de twee kandidaat-lidstaten maximaal ongeveer 20 ontwerpen per jaar zullen toezenden. Dit cijfer is gebaseerd op het feit dat:

- de kandidaat-lidstaten hun wetgevingsactiviteiten meer toespitsen op de overname van het acquis communautaire (maatregelen die niet onder de hier bedoelde kennisgevingsprocedure vallen) dan op louter unilaterale initiatieven.

De twee kandidaat-lidstaten die tegelijkertijd aan de kennisgevingsprocedure zullen deelnemen, zullen elk vermoedelijk vijf kennisgevingen indienen tijdens de overblijvende periode tot de toetreding (d.w.z. 6 maanden, in de veronderstelling dat de uitbreiding op 1 januari 2007 plaatsvindt). Dit cijfer wordt door de ervaring met de EVA-landen bevestigd.

5.3. Uitvoering

Actie 1

De computertoepassing voor de automatische verzending van de teksten van de lidstaten van de Gemeenschap naar de kandidaat-lidstaten en omgekeerd bestaat al sinds het vorige project met de voormalige kandidaat-lidstaten vóór 1 mei 2004 (zie COM(2003) 203 definitief). Daarom zijn geen aanvullende middelen nodig.

Actie 2

Zoals nu al het geval is met de kennisgevingen van de landen van de Europese Economische Ruimte, dient de kennisgeving door de kandidaat-lidstaten te geschieden in een van de talen van de Gemeenschap. Redelijkerwijs is te verwachten dat de meeste kennisgevingen in het Engels zullen worden gedaan.

Zoals ook voor de kennisgevingen van de landen van de Europese Economische Ruimte geldt, zullen de teksten alleen in het Duits, het Engels en het Frans worden vertaald.

Uitgaande van 10 kennisgevingen in 6 maanden tot de toetreding (zie punt 5.2) en van een gemiddelde van 20 pagina's per kennisgeving zouden er 200 pagina's moeten worden vertaald. Wat de Bulgaarse en Roemeense kennisgevingen betreft, zal dit cijfer moeten worden verdubbeld, aangezien een tekst die bv. in het Engels werd meegedeeld, in het Frans en het Duits zal worden vertaald (5 x 20 x 2 = 200 blz.). De kosten worden derhalve geraamd op 14 000 € (400 blz. tegen 35 €/blz.). Dit bedrag zal worden gefinancierd uit de begroting van DG Ondernemingen en industrie (02.0301) , die al voorziet in een kleine verhoging van de vertaalkosten voor 2006 met het oog op de uitbreiding.

Actie 3

DG Ondernemingen en industrie moet zorgen voor:

- de coördinatie van de analyse van de projecten door de overige betrokken diensten van de Commissie;

- de coördinatie met de lidstaten van de opmerkingen over de teksten van de kandidaat-lidstaten en van de antwoorden op de opmerkingen van de kandidaat-lidstaten over de teksten van de lidstaten;

- het beheer van de databank, de vertalingen en de verzending van de berichten.

Het hiervoor benodigde personeel zal worden betaald met de financiële middelen van DG Ondernemingen en industrie.

6. FINANCIËLE GEVOLGEN

6.1. Totale financiële gevolgen voor deel B (voor de hele programmeringsperiode)

6.1.1. Financiering

Vastleggingskredieten, in miljoenen euro’s (tot op 3 decimalen)

Uitsplitsing | 2006 | 2007 | 2008 | 2009 | 2010 | n + 5 e.v. | Totaal |

Actie 2 | 0,014 | p.m. | p.m. | p.m. | p.m. | p.m. | 0,014 |

TOTAAL | 0,014 | p.m. | p.m. | p.m. | p.m. | p.m. | 0,014 |

6.1.2. Technische en administratieve bijstand, ondersteuningsuitgaven en IT-uitgaven (vastleggingskredieten) |

Geen.

6.2. Berekening van de kosten per overwogen maatregel in deel B (voor de hele programmeringsperiode)

Vastleggingskredieten, in miljoenen euro’s (tot op 3 decimalen)

Uitsplitsing | Soort output (projecten, dossiers) | Aantal (totaal jaren 1 t/m n) | Gemiddelde kosten per eenheid | Totale kosten (totaal jaren 1 t/m n) |

1 | 2 | 3 | 4=(2X3) |

Actie 2 - vertaling | Bestanden | 10 | 0,0014 | 0,014 |

TOTALE KOSTEN | 0,014 |

(Actie 2: 10 kennisgevingen van elk 20 blz. = 200 blz., te vertalen in 2 talen = 400 blz. vertaling tegen 40 €/blz.)

7. GEVOLGEN VOOR DE PERSONELE MIDDELEN EN DE ADMINISTRATIEVE UITGAVEN

7.1. Gevolgen voor de personele middelen

Soort post | Huidig of extra personeel dat zal worden ingezet voor het beheer van de actie | Totaal | Beschrijving van de taken die uit de actie voortvloeien |

Vast | Tijdelijk |

Ambtenaren of tijdelijke functionarissen | A B C | 0,1 0,1 0,1 | 0,05 0,05 0,05 | Juridische analyse en administratieve steun |

Ander personeel |

Totaal | 0.15 |

7.2. Algemene financiële gevolgen in verband met de personele middelen

Soort personeel | Bedrag in euro’s | Berekeningswijze* |

Ambtenaren Tijdelijke functionarissen | 17 250 | 115 000 x 0,15 |

Ander personeel (begrotingsonderdeel vermelden) |

Totaal | 17 250 |

De bedragen stemmen overeen met de totale uitgaven gedurende zes maanden (d.w.z. de periode tot de toetreding).

7.3. Andere administratieve uitgaven in verband met de maatregel

Begrotingsonderdeel (nummer en omschrijving) | Bedrag in euro’s | Berekeningswijze |

Totale toewijzing (Titel A7) A0701 — Dienstreizen A07030 — Vergaderingen A07031 – Comités die moeten worden geraadpleegd1 A07032 – Comités die niet hoeven te worden geraadpleegd1 A07040 — Conferenties A0705 — Studies en adviezen Andere uitgaven (specificeren) |

Informatiesystemen |

Overige uitgaven – (A-2422) |

Totaal |

De bedragen stemmen overeen met de totale uitgaven gedurende zes maanden.

I. Jaartotaal (7.2 + 7.3) II. Duur van de actie III. Kosten van de actie (I x II) | € 17 250 Tot de toetreding van de twee kandidaat-lidstaten tot de Gemeenschap |

De behoeften aan personele en administratieve middelen zullen worden gedekt uit de toewijzing aan het beherende DG in het kader van de jaarlijkse toewijzingsprocedure.

8. TOEZICHT EN EVALUATIE

8.1. Toezicht

De kennisgevingen van de kandidaat-lidstaten zullen worden opgenomen in het bestaande databanksysteem (TRIS) voor de kennisgevingsprocedure. Door middel van dit systeem zullen de kennisgevingen van de kandidaat-lidstaten, de reacties van de Gemeenschap op deze kennisgevingen, alsmede de reactie van de kandidaat-lidstaten op de kennisgevingen van de lidstaten van dag tot dag kunnen worden gevolgd.

8.2. Vorm en frequentie van de evaluatie

Op basis van de door TRIS verstrekte gegevens zal jaarlijks een evaluatie van het effect van het optreden van de Gemeenschap plaatsvinden.

9. FRAUDEBESTRIJDINGSMAATREGELEN

Geen (er zijn geen maatregelen en geen vervolgstudies).

[1] PB L 98 van 2.4.2004, blz. 30.

[2] PB L 117 van 22.4.2004, blz. 1.

[3] Richtlijn 98/34/EG van het Europees Parlement en de Raad van 22 juni 1998 betreffende een informatieprocedure op het gebied van normen en technische voorschriften, PB L 204 van 21.7.1998. Het toepassingsgebied van de richtlijn werd uitgebreid tot diensten van de informatiemaatschappij bij Richtlijn 98/48/EG van het Europees Parlement en de Raad van 20 juli 1998 tot wijziging van Richtlijn 98/34/EG betreffende een informatieprocedure op het gebied van normen en technische voorschriften, PB L 217 van 5.8.1998. Nieuwe titel: Richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende een informatieprocedure op het gebied van normen en technische voorschriften en regels betreffende diensten van de informatiemaatschappij.

[4] PB C […] van […], blz. […].

[5] De datum van inwerkingtreding van de overeenkomsten zal door het secretariaat-generaal van de Raad in het Publicatieblad van de Europese Unie worden bekendgemaakt.

[6] PB L 358 van 31.12.1994, blz.3.

[7] Richtlijn 98/34/EG (PB L 204 van 21.7.1998, blz. 37), gewijzigd bij Richtlijn 98/48/EG (PB L 217 van 5.8.1998, blz. 18).

[8] PB L 298 van 17.10.1989, blz. 23. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 97/36/EG van de Raad (PB L 202 van 30.7.1997, blz. 1).

[9] PB L 311 van 28.11.2001, blz. 67.

[10] Deze definitie komt uit Richtlijn 98/48/EG, waarin wordt verwezen naar Richtlijn 90/387/EEG betreffende de totstandbrenging van de interne markt voor telecommunicatiediensten door middel van de tenuitvoerlegging van Open Network Provision (PB L 192 van 24.7.1990, blz. 1). Laatstgenoemde richtlijn is ingetrokken bij Richtlijn 2002/21/EG inzake een gemeenschappelijk regelgevingskader voor elektronische-communicatienetwerken en -diensten (PB L 108 van 24.4.2002, blz. 3). Voor de toepassing van Richtlijn 98/48/EG geldt echter de definitie van ‘telecommunicatiediensten’ in Richtlijn 90/387/EEG.

[11] PB L 145 van 30.4.2004, blz.1.

[12] PC C 23 van 27.1.2000, blz. 3.

[13] Verordening (EEG) nr. 793/93 van de Raad van 23 maart 1993 inzake de beoordeling en de beperking van de risico' s van bestaande stoffen (PB L 84 van 5.4.1993, blz. 1).

[14] Richtlijn 67/548/EEG van de Raad van 27 juni 1967 betreffende de aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen inzake de indeling, de verpakking en het kenmerken van gevaarlijke stoffen (PB 196 van 16.8.1967, blz. 1). Richtlijn gewijzigd bij Richtlijn 92/32/EEG (PB L 154 van 5.6.1992, blz. 1) en daaropvolgende richtlijnen.

[15] Richtlijn 2001/95/EG van 3 december 2001 inzake algemene productveiligheid (PB L 11 van 15.1.2002, blz. 4).

[16] PB L 145 van 30.4.2004, blz. 1.

[17] PB L 126 van 26.5.2000, blz. 1.

[18] PB L 228 van 16.8.1973, blz. 3, en later daarin aangebrachte wijzigingen.

[19] PB L 345 van 19.12.2002, blz. 1.

[20] PB 56 van 4.4.1964, blz. 878/64. Richtlijn gewijzigd bij de Toetredingsakte van 1973.

[21] PB L 228 van 11.8.1992, blz. 1.

[22] PB L 345 van 19.12.2002, blz. 1.

[23] PB L 357 van 31.12.1994, blz. 2.

[24] Richtlijn 98/34/EG (PB L 204 van 21.7.1998, blz. 37), gewijzigd bij Richtlijn 98/48/EG (PB L 217 van 5.8.1998, blz. 18).

[25] PB L 298 van 17.10.1989, blz. 23. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 97/36/EG van de Raad (PB L 202 van 30.7.1997, blz. 1).

[26] PB L 311 van 28.11.2001, blz. 67.

[27] Deze definitie komt uit Richtlijn 98/48/EG, waarin wordt verwezen naar Richtlijn 90/387/EEG (PB L 192 van 24.7.1990, blz. 1). Laatstgenoemde richtlijn is ingetrokken bij Richtlijn 2002/21/EG inzake een gemeenschappelijk regelgevingskader voor elektronische-communicatienetwerken en -diensten (PB L 108 van 24.4.2002, blz. 3). Voor de toepassing van Richtlijn 98/48/EG geldt echter de definitie van ‘telecommunicatiediensten’ in Richtlijn 90/387/EEG.

[28] PB L 145 van 30.4.2004, blz.1.

[29] PC C 23 van 27.1.2000, blz. 3.

[30] Verordening (EEG) nr. 793/93 van de Raad van 23 maart 1993 inzake de beoordeling en de beperking van de risico' s van bestaande stoffen (PB L 84 van 5.4.1993, blz. 1).

[31] Richtlijn 67/548/EEG van de Raad van 27 juni 1967 betreffende de aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen inzake de indeling, de verpakking en het kenmerken van gevaarlijke stoffen (PB 196 van 16.8.1967, blz. 1). Richtlijn gewijzigd bij Richtlijn 92/32/EEG (PB L 154 van 5.6.1992, blz. 1) en daaropvolgende richtlijnen.

[32] Richtlijn 2001/95/EG van 3 december 2001 inzake algemene productveiligheid (PB L 11 van 15.1.2002, blz. 4).

[33] PB L 145 van 30.4.2004, blz. 1.

[34] PB L 126 van 26.5.2000, blz. 1.

[35] PB L 228 van 16.8.1973, blz. 3, en later daarin aangebrachte wijzigingen.

[36] PB L 345 van 19.12.2002, blz. 1.

[37] PB 56 van 4.4.1964, blz. 878/64. Richtlijn gewijzigd bij de Toetredingsakte van 1973.

[38] PB L 228 van 11.8.1992, blz. 1.

[39] PB L 345 van 19.12.2002, blz. 1.