Advies van de Commissie overeenkomstig artikel 251, lid 2, derde alinea, onder c), van het EG-Verdrag over het amendement van het Europees Parlement op het gemeenschappelijk standpunt van de Raad inzake het voorstel voor een Verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de verzekeringseisen voor luchtvervoerders en exploitanten van luchtvaartuigen houdende wijziging van het voorstel van de Commissie overeenkomstig artikel 250, lid 2 van het EG-verdrag /* COM/2004/0255 def. - COD 2002/0234 */
ADVIES VAN DE COMMISSIE overeenkomstig artikel 251, lid 2, derde alinea, onder c), van het EG-Verdrag over het amendement van het Europees Parlement op het gemeenschappelijk standpunt van de Raad inzake het voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD betreffende de verzekeringseisen voor luchtvervoerders en exploitanten van luchtvaartuigen HOUDENDE WIJZIGING VAN HET VOORSTEL VAN DE COMMISSIE overeenkomstig artikel 250, lid 2 van het EG-verdrag 2002/0234 (COD) ADVIES VAN DE COMMISSIE overeenkomstig artikel 251, lid 2, derde alinea, onder c), van het EG-Verdrag over het amendement van het Europees Parlement op het gemeenschappelijk standpunt van de Raad inzake het voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD betreffende de verzekeringseisen voor luchtvervoerders en exploitanten van luchtvaartuigen 1. Inleiding Artikel 251, lid 2, derde alinea, onder c), van het EG-Verdrag bepaalt dat de Commissie advies moet uitbrengen over de amendementen van het Europees Parlement in tweede lezing. De Commissie brengt hieronder advies uit over het enige amendement van het Parlement. 2. Achtergrond - Datum van indiening van het voorstel bij het EP en de Raad (document COM(2002) 521 def. - C5-0455/2002 - 2002/0234(COD)): 25 september 2002 - Datum van het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité: 26 februari 2003 - Datum van het advies van het Europees Parlement in eerste lezing: 13 mei 2003 - Datum van indiening van het gewijzigde voorstel (COM(2003) 454 def. van 24.7.2003): 28 juli 2003 - Datum van vaststelling van het gemeenschappelijk standpunt van de Raad: 5 december 2003 - Datum van indiening van de mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, overeenkomstig artikel 251, lid 2, tweede alinea, van het EG-Verdrag, betreffende het gemeenschappelijk standpunt van de Raad (COM(2004) 6 def.): 9 januari 2004. - Datum van ontvangst van het gemeenschappelijk standpunt van de Raad door het Europees Parlement: 9 januari 2004. 3. Doel van het voorstel Doel van het voorstel van de Commissie is een wetgevingskader vast te stellen dat de verzekeringsvoorwaarden en minimumbedragen aangeeft die luchtvervoerders en exploitanten van luchtvaartuigen uit de Gemeenschap en derde landen te allen tijde in acht moeten nemen, wanneer zij binnen, naar of vanuit de Gemeenschap of over het grondgebied van de Gemeenschap vliegen. Deze verzekeringseisen hebben betrekking op hun aansprakelijkheid ten aanzien van passagiers, bagage, vracht, post en derden. Dit voorstel moet rechtszekerheid verschaffen voor luchtvervoerders en exploitanten van luchtvaartuigen uit de Gemeenschap en derde landen en voor een gelijke behandeling zorgen door het waarborgen van een transparante, niet-discriminerende en geharmoniseerde toepassing van de minimumverzekeringseisen in de gehele Gemeenschap. 4. Advies van de Commissie over het enige amendement van het Europees Parlement Op 11 maart heeft de plenaire vergadering van het Europees Parlement één amendement aangenomen tot wijziging van het enige amendement op het gemeenschappelijk standpunt dat in een vroeger stadium was aangenomen door de ter zake bevoegde Commissie regionaal beleid, vervoer en toerisme (RETT) van het Parlement. De Commissie kan dit amendement aanvaarden. Het amendement heeft betrekking op het toepassingsgebied van de verordening en is van invloed op de verzekeringseisen voor kleine luchtvaartuigen van minder dan 500 kg, waaronder begrepen "ultralichte" vliegtuigen en zweefvliegtuigen. Het sluit aan bij het oorspronkelijke voorstel van de Commissie en is gericht op de voor het sport- en vrijetijdsvliegen gebruikte kleine luchtvaartuigen (zweefvliegtuigen en ultralichte vliegtuigen), welke volgens dat oorspronkelijke voorstel al van het toepassingsgebied van de verordening waren uitgesloten. Uitgangspunt daarbij is dat enerzijds de verzekeringskosten voor oorlogsdreiging en terrorisme te hoog zijn en het sport- en vrijetijdsvliegen te duur zouden maken en anderzijds de kans op schade tengevolge van dergelijke risico's vrij gering is. Het amendement sluit bijgevolg verzekeringseisen voor deze luchtvaartuigen met betrekking tot oorlogshandelingen en terrorisme uit van het toepassingsgebied van deze verordening. Voor alle andere risico's vallen dergelijke luchtvaartuigen onder de bepalingen van de verordening. 5. Conclusie Gelet op artikel 250, lid 2, van het EG-Verdrag wijzigt de Commissie haar voorstel zoals hierboven aangegeven.