Voorstel voor een verordening van de Raad betreffende de sluiting van de overeenkomst in de vorm van een briefwisseling inzake de verlenging, voor de periode van 1 juli 2004 tot en met 30 juni 2005, van het protocol tot vaststelling van de vangstmogelijkheden en de financiële tegenprestatie, als bedoeld in de Overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en de Republiek Kaapverdië inzake de visserij voor de kust van Kaapverdië /* COM/2004/0183 def. - CNS 2004/0058 */
Voorstel voor een VERORDENING VAN DE RAAD betreffende de sluiting van de overeenkomst in de vorm van een briefwisseling inzake de verlenging, voor de periode van 1 juli 2004 tot en met 30 juni 2005, van het protocol tot vaststelling van de vangstmogelijkheden en de financiële tegenprestatie, als bedoeld in de Overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en de Republiek Kaapverdië inzake de visserij voor de kust van Kaapverdië (door de Commissie ingediend) TOELICHTING De geldigheidsduur van het aan de visserijovereenkomst tussen de EG en de Republiek Kaapverdië gehechte protocol loopt af op 30 juni 2004. De twee partijen zijn op 20 en 21 oktober 2003 bijeengekomen in het kader van de gemengde commissie als bedoeld in artikel 9 van de visserijovereenkomst tussen Kaapverdië en de EG. De twee partijen hebben besloten het aflopende protocol met een jaar te verlengen, voor de periode van 1 juli 2004 tot en met 30 juni 2005. Deze verlenging, in de vorm van een briefwisseling, is door de twee partijen op 21 oktober 2003 geparafeerd om de technische en financiële voorwaarden voor de uitoefening van de visserij door vaartuigen van de EG in de wateren van Kaapverdië in de periode van 1 juli 2004 tot en met 30 juni 2005 vast te stellen. De Commissie stelt derhalve voor dat de Raad de overeenkomst in de vorm van een briefwisseling inzake de verlenging van het protocol goedkeurt. Een voorstel voor een besluit van de Raad inzake de voorlopige toepassing van de overeenkomst in de vorm van een briefwisseling inzake de verlenging van het protocol in afwachting dat het definitief in werking treedt, wordt in een afzonderlijke procedure behandeld. 2004/0058 (CNS) Voorstel voor een VERORDENING VAN DE RAAD betreffende de sluiting van de overeenkomst in de vorm van een briefwisseling inzake de verlenging, voor de periode van 1 juli 2004 tot en met 30 juni 2005, van het protocol tot vaststelling van de vangstmogelijkheden en de financiële tegenprestatie, als bedoeld in de Overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en de Republiek Kaapverdië inzake de visserij voor de kust van Kaapverdië DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, met name op artikel 37, juncto artikel 300, lid 2 en lid 3, eerste alinea, Gezien het voorstel van de Commissie [1], [1] PB C [...] van [...], blz. [...] Gezien het advies van het Europees Parlement [2], [2] PB C [...] von [...], blz. [...] Overwegende hetgeen volgt: (1) Op grond van de overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en de Republiek Kaapverdië inzake de visserij voor de kust van Kaapverdië [3] voeren de overeenkomstsluitende partijen vóórdat de geldigheidsduur van het aan de overeenkomst gehechte protocol afloopt, onderhandelingen om in onderlinge overeenstemming de inhoud van het protocol voor de volgende periode te bepalen en, in voorkomend geval, te bepalen welke wijzigingen of aanvullingen in de bijlage moeten worden aangebracht. [3] PB L 212 van 09.8.1990, blz. 1. (2) De twee partijen hebben besloten om, bij overeenkomst in de vorm van een briefwisseling, het huidige bij Verordening (EG) nr. 301/2002 [4] goedgekeurde protocol met een jaar te verlengen, in afwachting dat onderhandelingen worden gevoerd over de in het protocol aan te brengen wijzigingen. [4] PB L 47 van 19.2.2002, blz. 2. (3) Het is in het belang van de Gemeenschap die verlenging goed te keuren. (4) De sleutel voor de verdeling van de vangstmogelijkheden over de lidstaten die bij het aflopende protocol betrokken zijn, moet worden bevestigd, HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD: Artikel 1 De overeenkomst in de vorm van een briefwisseling inzake de verlenging van het protocol tot vaststelling, voor de periode van 1 juli 2004 tot en met 30 juni 2005, van de vangstmogelijkheden en de financiële tegenprestatie, als bedoeld in de Overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en de Republiek Kaapverdië inzake de visserij voor de kust van Kaapverdië, wordt namens de Gemeenschap goedgekeurd. De tekst van de overeenkomst is aan deze verordening gehecht. Artikel 2 De in het protocol vastgestelde vangstmogelijkheden worden als volgt over de lidstaten verdeeld: >RUIMTE VOOR DE TABEL> Indien met de door deze lidstaten ingediende vergunningaanvragen niet alle in het protocol vastgestelde vangstmogelijkheden worden benut, kan de Commissie vergunningaanvragen van andere lidstaten in aanmerking nemen. Artikel 3 De lidstaten waarvan vaartuigen in het kader van deze overeenkomst vissen, melden de Commissie de hoeveelheden van elk bestand die in de visserijzone van Kaapverdië zijn gevangen, overeenkomstig het bepaalde in Verordening (EG) nr. 500/2001 van de Commissie [5]. [5] PB nr. L 73 van 15.3.2001, blz. 8. Artikel 4 Deze verordening treedt in werking op de derde dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie. Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat. Brussel, Voor de Raad De voorzitter OVEREENKOMST in de vorm van een briefwisseling betreffende de verlenging van het protocol tot vaststelling, voor de periode van 1 juli 2004 tot en met 30 juni 2005, van de vangstmogelijkheden en de financiële tegenprestatie, als bedoeld in de Overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en de Republiek Kaapverdië inzake de visserij voor de kust van Kaapverdië A. Brief van de Gemeenschap Mijne Heren, Met het oog op de verlenging van het huidige protocol (1 juli 2001 tot en met 30 juni 2004) tot vaststelling van de vangstmogelijkheden en de financiële tegenprestatie, als bedoeld in de Visserijovereenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en de regering van de Republiek Kaapverdië en in afwachting dat onderhandelingen worden gevoerd over de in het protocol aan te brengen wijzigingen, heb ik de eer te bevestigen dat wij de volgende tussentijdse regeling zijn overeengekomen: 1. De in de afgelopen drie jaar toegepaste regeling wordt met ingang van 1 juli 2004 verlengd tot en met 30 juni 2005. De financiële tegenprestatie van de Gemeenschap uit hoofde van de tussentijdse regeling is gelijk aan het jaarlijkse bedrag dat is vastgesteld in artikel 2 van het momenteel geldende protocol. De financiële vergoeding wordt uiterlijk op 31 januari 2005 betaald. De betaling voor de in artikel 3 bedoelde doelgerichte acties zal worden verricht zodra aan de in artikel 3 van het protocol voor deze acties vastgestelde voorwaarden is voldaan. 2. Gedurende deze periode worden visvergunningen afgegeven met inachtneming van de maxima die zijn vastgesteld in artikel 1 van het thans geldende protocol, tegen betaling van rechten of voorschotten die gelijk zijn aan die welke in punt 2 van de bijlage bij het protocol zijn bepaald. Ik moge u verzoeken mij de ontvangst van deze brief te willen bevestigen en mij mee te delen dat u akkoord gaat met de inhoud ervan. Hoogachtend, Namens de Raad van de Europese Unie B. Brief van de regering van de Republiek Kaapverdië Mijne Heren, Ik heb de eer u de ontvangst te bevestigen van uw brief van heden, die luidt als volgt: "Met het oog op de verlenging van het huidige protocol (1 juli 2001 tot en met 30 juni 2004) tot vaststelling van de vangstmogelijkheden en de financiële tegenprestatie, als bedoeld in de Visserijovereenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en de regering van de Republiek Kaapverdië en in afwachting dat onderhandelingen worden gevoerd over de in het protocol aan te brengen wijzigingen, heb ik de eer te bevestigen dat wij de volgende tussentijdse regeling zijn overeengekomen: 1. De in de afgelopen drie jaar toegepaste regeling wordt met ingang van 1 juli 2004 verlengd tot en met 30 juni 2005. De financiële tegenprestatie van de Gemeenschap uit hoofde van de tussentijdse regeling is gelijk aan het jaarlijkse bedrag dat is vastgesteld in artikel 2 van het momenteel geldende protocol. De financiële vergoeding wordt uiterlijk op 31 januari 2005 betaald. De betaling voor de in artikel 3 bedoelde doelgerichte acties zal worden verricht zodra aan de in artikel 3 van het protocol voor deze acties vastgestelde voorwaarden is voldaan. 2. Gedurende deze periode worden visvergunningen afgegeven met inachtneming van de maxima die zijn vastgesteld in artikel 1 van het thans geldende protocol, tegen betaling van rechten of voorschotten die gelijk zijn aan die welke in punt 2 van de bijlage bij het protocol zijn bepaald." Ik heb de eer u te bevestigen dat de inhoud van uw brief voor de regering van de Republiek Kaapverdië aanvaardbaar is en dat uw brief en deze brief, overeenkomstig uw voorstel, een overeenkomst vormen. Hoogachtend, Voor de regering van de Republiek Kaapverdië. FINANCIEEL MEMORANDUM BIJ HET BESLUIT Beleidsgebied: Externe aspecten van het visserijbeleid Activiteiten: Internationale visserijovereenkomsten Benaming van de actie: verlenging van het protocol tot vaststelling van de vangstmogelijkheden en de financiële tegenprestatie, bedoeld in de visserijovereenkomst EG/Republiek Kaapverdië, voor de periode 01.07.2004 -30.06.2005 1. BEGROTINGSPLAATS(EN) EN OMSCHRIJVING(EN) 110301 (ex B78000): "Internationale visserijovereenkomsten" 2. ALGEMENE CIJFERS 2.1 Totale toewijzing voor de actie (deel B): EUR 730 000 aan VK/BK 2.2 Duur: 01.07.2004 - 30.06.2005 2.3 Raming van de totale uitgaven: EUR 763 192 Tijdschema voor de vastleggings- en betalingskredieten (financiële steun) (zie punt 6.1.1) Bedrag in EUR >RUIMTE VOOR DE TABEL> b) Technische en administratieve bijstand en ondersteuningsuitgaven (cf. punt 6.1.2) >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> c) Financiële gevolgen in verband met de personele middelen en andere huishoudelijke uitgaven(cf. punten 7.2 en 7.3) >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> 2.4 Verenigbaarheid met de financiële programmering en de financiële vooruitzichten X Voorstel verenigbaar met de bestaande financiële programmering | | Dit voorstel vereist een herprogrammering van de betrokken rubriek van de financiële vooruitzichten | | inclusief, in voorkomend geval, een beroep op de bepalingen van het interinstitutioneel akkoord. 2.5 Financiële gevolgen voor de ontvangsten X Geen enkele financiële implicatie (betreft technische aspecten in verband met de tenuitvoerlegging van een maatregel) OF | | Financiële gevolgen - Het effect op de ontvangsten is als volgt: - NB.: alle opmerkingen en toelichtingen met betrekking tot de methode waarmee de gevolgen voor de ontvangsten worden berekend, moeten op een afzonderlijk blad worden toegevoegd aan dit financieel memorandum. in miljoen EUR (tot op 1 decimaal nauwkeurig) >RUIMTE VOOR DE TABEL> (Elke betrokken begrotingsplaats beschrijven en het passende aantal regels aan de tabel toevoegen indien het effect betrekking heeft op meerdere begrotingsplaatsen) 3. BEGROTINGSKENMERKEN >RUIMTE VOOR DE TABEL> 4. RECHTSGRONDSLAG Artikel 37 van het Verdrag, juncto art. 300, lid 2 en lid 3, eerste alinea; Overeenkomst Kaapverdië (PB L 212 van 9.8.1990). 5. BESCHRIJVING EN MOTIVERING 5.1 Noodzaak van het communautaire optreden 5.1.1 Nagestreefde doelstellingen De geldigheidsduur van het protocol betreffende de visserijovereenkomst tussen de EG en de Republiek Kaapverdië loopt op 30 juni 2004 af. De partijen zijn op 20 en 21 oktober 2003 bijeengekomen in het kader van de gemengde commissie als bedoeld in artikel 9 van de visserijovereenkomst tussen Kaapverdië en de EG. De twee partijen hebben besloten het aflopende protocol met een jaar te verlengen, voor de periode van 1 juli 2004 tot en met 30 juni 2005. Deze verlenging, in de vorm van een briefwisseling, is door de twee partijen op 21 oktober 2003 geparafeerd om de technische en financiële voorwaarden voor de uitoefening van de visserij door vaartuigen van de EG in de wateren van Kaapverdië in de periode van 1 juli 2004 tot en met 30 juni 2005 vast te stellen. Deze verlenging heeft tot doel de reders van de Gemeenschap in staat te stellen hun visserijactiviteiten in de Exclusieve Economische Zone (EEZ) van Kaapverdië voort te zetten in afwachting dat onderhandelingen worden gevoerd over de in het protocol aan te brengen wijzigingen. 5.1.2 Genomen maatregelen die onder de evaluatie ex ante vallen Er is geen specifieke evaluatie ex ante van het voorstel voor een voorlopige verlenging van het huidige protocol uitgevoerd omdat dat voorstel slechts betrekking heeft op een beperkte periode, namelijk een verlenging met slechts één jaar, bij ongewijzigde voorwaarden. Voordat een nieuw protocol wordt voorgesteld, zal een uitvoerige evaluatie van het huidige protocol (inclusief de periode van deze verlenging) plaatsvinden (zie ook punt 8.2 van het financieel memorandum). Niettemin volgen hieronder enkele elementen ter beoordeling van de waarde van het huidige protocol (2001-2004): Dit is het vierde protocol sinds de inwerkingtreding van de overeenkomst tussen de twee partijen in 1990. De overeenkomst heeft voornamelijk betrekking op de tonijnvisserij (117 vaartuigen), maar betreft voor een klein deel ook vaartuigen voor de visserij met de grondbeug die op demersale soorten vissen (630 brt, maximaal 4 vaartuigen tegelijkertijd). Het is een van de belangrijkste tonijnovereenkomsten van de EG in de Atlantische Oceaan. De totale in het protocol 2000-2004 vastgelegde vangstmogelijkheden waren: 37 vaartuigen voor de tonijnvisserij met de zegen, 18 vaartuigen voor de tonijnvisserij met de hengel (10 in het vorige protocol), 62 vaartuigen voor de visserij met de drijvende beug (26 in het vorige protocol) en 630 brt voor vaartuigen voor de visserij met de grondbeug. Dit betekent een aanzienlijke toename van het aantal vaartuigen ten opzichte van het vorige protocol. Gebleken is dat het gemiddelde aantal vergunningsaanvragen zeer goed is geweest voor vaartuigen voor de visserij met de drijvende beug en voor vaartuigen voor de tonijnvisserij met de hengel en goed voor de vaartuigen voor de tonijnvisserij met de zegen, maar nihil voor vaartuigen voor de visserij met de grondbeug. Het deel van dit protocol dat betrekking heeft op de tonijnvisserij, vormt een integrerend deel van de reeks overeenkomsten betreffende de tonijnvisserij in de Atlantische Oceaan, die het voor de vloot van de Gemeenschap mogelijk maakt de grensoverschrijdende bestanden te volgen. Benuttingsgraad van de visserijovereenkomst EG/Kaapverdië (aantal vaartuigen) >RUIMTE VOOR DE TABEL> Tonijn is een zeer sterk migrerende vissoort en de in een bepaald gebied gevangen hoeveelheden kunnen aanzienlijke schommelingen vertonen van het ene jaar tot het andere. De omvang van de vangsten van de communautaire vloot in de wateren van Kaapverdië is dus vooraf niet bekend. In het algemeen waren de vangsten kleiner dan de referentietonnage (1000-2000/7000 ton) Daarentegen zal het feit dat Kaapverdië sinds oktober 2003 weer visserijproducten naar de EG mag uitvoeren, de EG-vloot er mogelijk toe aanzetten zijn aanwezigheid in de EEZ van Kaapverdië te vergroten en meer vis aan te landen voor de plaatselijke conservenindustrie. Wat de baten van deze overeenkomst betreft, hoeft het geen betoog dat de waarde van de vangsten de kostprijs van het protocol overtreft. De gemiddelde handelswaarde van tonijn bedraagt meer dan 1 000 euro per ton. Afgezien van de directe handelswaarde van de vangsten van de betrokken vaartuigen biedt de overeenkomst de volgende voordelen: werkzekerheid voor de opvarenden van de vissersvaartuigen; multipliereffect op de werkgelegenheid in de havens, de visafslagen, de verwerkende bedrijven, de scheepswerven, de dienstensector, enz.; werkgelegenheid in gebieden waar er geen enkel alternatief is; bijdrage aan de voorziening van de communautaire markt met visserijproducten. Het is ook dienstig erop te wijzen dat in de door de Raad voor de onderhandelingen over visserijovereenkomsten met de ACS-landen vastgestelde richtsnoeren is bepaald dat rekening moet worden gehouden met het belang dat de Gemeenschap heeft bij de instandhouding of het tot stand brengen van betrekkingen op visserijgebied met de betrokken landen. 5.1.3 Naar aanleiding van de evaluatie ex post genomen maatregelen Voordat een voorstel voor het protocol voor de periode na juli 2005 wordt voorgelegd, zal een grondige evaluatie van het in 2004 aflopende protocol worden uitgevoerd. Deze evaluatie zal ook de periode van deze verlenging bestrijken (zie punt 8.2. hierna). Voor de doelgerichte acties, die een belangrijk onderdeel vormen van de financiële bijdrage, moet worden opgemerkt dat de Kaapverdiaanse autoriteiten alleen de eerste tranche hebben gebruikt. De autoriteiten van Kaapverdië hebben zich ertoe verbonden het verslag over de besteding van de eerste tranche op te sturen en de bestedingsprogrammering, alsmede de aanvraag van de resterende tranches zo snel mogelijk aan de Commissie te doen toekomen. 5.2 Voorgenomen acties en wijze van financiering uit de begroting In het kader van het verlengde protocol (2004-2005) betaalt de EG dus een financiële tegenprestatie van in totaal EUR 680 000. Van dit bedrag zal 41 % (EUR 280 000) worden besteed voor het financieren van doelgerichte acties voor de ontwikkeling van de visserijsector in Kaapverdië (financiering van wetenschappelijke en technische programma's; controle en bewaking van de visserij; financiering van studiebeurzen en opleidingsstages; programma's ter ondersteuning van de kwaliteitscontrole van visserijproducten). De financiële compensatie moet uiterlijk op 31 januari 2005 worden overgemaakt op een bij de Schatkist geopende rekening. De betaling voor de doelgerichte acties wordt verricht zodra aan de in artikel 3 van het protocol voor deze acties vastgestelde voorwaarden is voldaan. 5.3 Uitvoering De uitvoering van het betrokken protocol is een exclusieve bevoegdheid van de Commissie, die daarvoor gebruik zal maken van haar statutair personeel te Brussel en bij de delegatie in Kaapverdië. 6. FINANCIËLE CONSEQUENTIES 6.1 Totale financiële gevolgen voor deel B (voor de gehele programmeringsperiode) 6.1.1. Financiële steunverlening VK in euro >RUIMTE VOOR DE TABEL> 6.1.2 Technische en administratieve bijstand en ondersteuningsuitgaven en IT-uitgaven (vastleggingskredieten) Bedragen in euro >RUIMTE VOOR DE TABEL> 6.2. Berekening van de kosten per overwogen maatregel in deel B (voor de gehele programmeringsperiode) VK in euro >RUIMTE VOOR DE TABEL> 7. GEVOLGEN VOOR HET PERSONEEL EN DE ADMINISTRATIEVE UITGAVEN De personele en administratieve behoeften moeten worden gefinancierd met de aan het met het beheer belaste DG toegewezen middelen. 7.1. Gevolgen voor de personele middelen >RUIMTE VOOR DE TABEL> 7.2 Algemene financiële gevolgen in verband met de personele middelen >RUIMTE VOOR DE TABEL> De bedragen stemmen overeen met de totale uitgaven gedurende twaalf maanden. 7.3 Andere uit de maatregel voortvloeiende huishoudelijke uitgaven >RUIMTE VOOR DE TABEL> De bedragen stemmen overeen met de totale uitgaven gedurende 12 maanden. (1) De aard van het comité en de groep waarvan het deel uitmaakt, vermelden. I. Jaartotaal (7.2 + 7.3) // EUR 33 192 II. Duur van de actie // 1 jaar III. Totale kosten van de actie (IxII) // EUR 33 192 8. TOEZICHT EN EVALUATIE 8.1 Follow-upsysteem De financiële compensatie (EUR 400 000 per jaar) wordt elk jaar op een door de autoriteiten van Kaapverdië aangewezen rekening bij de schatkist gestort. Kaapverdië beslist autonoom hoe deze compensatie wordt besteed. De bijdragen in de financiering van doelgerichte acties (280 000 EUR per jaar) worden in jaarlijkse tranches ter beschikking van het voor visserij bevoegde ministerie gesteld, volgens de verdeling zoals is vastgesteld in artikel 3 van het protocol. Binnen drie maanden na de datum waarop het protocol verjaart, dient telkens een verslag over de besteding van de middelen voor de doelgerichte acties aan de Commissie te worden bezorgd. De Commissie heeft het recht aanvullende inlichtingen te vragen en de betalingen te herzien in het licht van de daadwerkelijke uitvoering van de voorgenomen acties. De EG en Kaapverdië kunnen te allen tijde bijeenkomen in het kader van een gemengde commissie die op de goede toepassing van het protocol toeziet, om alle aangelegenheden betreffende de uitvoering van het protocol te bespreken. 8.2 Evaluatiewerkwijze en -timing Vóór de verlenging van het protocol in juli 2005 zal de volledige toepassingsperiode van het huidige protocol (met inbegrip van de verlenging) worden geëvalueerd op basis van indicatoren voor het resultaat (omvang en waarde van de vangsten) en voor het effect (aantal nieuwe arbeidsplaatsen en aantal arbeidsplaatsen dat is gehandhaafd, verhouding tussen de kosten van het protocol en de waarde van de vangsten). Om een duurzame visserij in het gebied te garanderen, zal een evaluatie van het economische, sociale en milieueffect worden uitgevoerd voor elke toekomstige verlenging van de protocollen. 9. MAATREGELEN OM FRAUDE TEGEN TE GAAN Het betreft hier financiële vergoedingen als rechtstreekse compensatie voor toegekende vangstmogelijkheden; het begunstigde derde land gebruikt deze bedragen naar goeddunken. Over de besteding van bepaalde middelen moet evenwel bij de Commissie verslag worden uitgebracht, op de wijze die in het protocol is vastgesteld. Voor alle in artikel 3 van het protocol bedoelde acties moet een jaarlijks verslag over de uitvoering en de verkregen resultaten worden verstrekt. De Commissie behoudt zich het recht voor aanvullende inlichtingen omtrent de behaalde resultaten te vragen en de betalingen te herzien in het licht van de daadwerkelijke uitvoering van de acties. Bovendien moeten de lidstaten met vaartuigen die in het kader van de overeenkomst actief zijn, aan de Commissie de juistheid garanderen van de gegevens die in de meetbrieven van de vaartuigen vermeld zijn, zodat de vergunningsrechten op een zekere grondslag kunnen worden berekend. Daarnaast moeten de communautaire vaartuigen overeenkomstig het protocol ook vangstaangiften invullen (en deze aan de Commissie en aan de autoriteiten van Kaapverdië doen toekomen), die de grondslag vormen voor definitieve afrekening van de in het kader van het protocol gerealiseerde vangsten en de overeenkomstige visrechten.