Voorstel voor een Verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende statistieken over de informatiemaatschappij /* COM/2003/0509 def. - COD 2003/0199 */
Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD betreffende statistieken over de informatiemaatschappij (door de Commissie ingediend) TOELICHTING 1. Achtergrond De invloed van de informatie- en communicatietechnologieën (ICT's) op de economie en de maatschappij neemt hand over hand toe. Het streven van de beleidsmakers was de nieuwe technologieën snel in het dagelijkse economische en sociale leven ingang te doen vinden. Dit heeft geleid tot een vraag naar statistieken over een breed scala van onderwerpen in verband met de informatiemaatschappij. De structurele indicatoren die gebruikt worden in het jaarlijkse voorjaarsverslag aan de Europese Raad, omvatten ook indicatoren op het gebied van de informatiemaatschappij, die op Europees niveau geharmoniseerde statistieken vereisen. In juni 2002 hebben de Europese staatshoofden en regeringsleiders hun instemming betuigd met het actieplan eEurope 2005, dat een aantal doelstellingen behelst die voor eind 2005 gehaald moeten zijn, zulks in het kader van de algemene doelstelling van de Europese Raad van Lissabon voor 2010, namelijk "van Europa binnen tien jaar de meest concurrerende en dynamische kenniseconomie van de wereld te maken". Het plan voorziet onder andere in een benchmarkingproces aan de hand van indicatoren. Het actieplan stelt: "Om de kwaliteit [in vergelijking met eEurope 2002] te verbeteren, zou bij de meting van eEurope 2005-indicatoren meer gebruik moeten worden gemaakt van officiële statistieken van de nationale bureaus voor de statistiek en van Eurostat. Teneinde een regelmatige vergaring van vergelijkbare gegevens in de lidstaten mogelijk te maken, bestaat behoefte aan een juridische grondslag voor statistieken met betrekking tot de informatiemaatschappij" [1]. Ook in Resolutie 5197/2003 van de Raad betreffende de uitvoering van het actieplan eEurope 2005 wordt nog eens gewezen op de behoefte aan meer kwaliteit: "Om de kwaliteit te verbeteren moet meer gebruik worden gemaakt van de door de NBS en Eurostat verrichte enquêtes..... Bij het uitvoeren van de enquêtes moeten alle praktische stappen worden genomen om te zorgen voor kwaliteit en vergelijkbaarheid van de gegevens tussen de landen". Aangezien het door de Europese Raad van Lissabon vastgestelde streefjaar 2010 is, zal hieraan waarschijnlijk ook nog na 2005 behoefte bestaan. De DG's van de Commissie vertrouwen erop dat het Europees statistisch systeem (ESS) op dit gebied statistieken van een hoge kwaliteit verschaft. [1] "eEurope 2005: Een informatiemaatschappij voor iedereen" [een met het oog op de Europese Raad van Sevilla van 21 en 22 juni 2002 in te dienen actieplan]. In september 2002, na de publicatie van het actieplan eEurope 2005, legde Eurostat aan het Comité statistisch programma een actieplan voor statistieken over de informatiemaatschappij voor 2002/2003 voor, dat maatregelen omvatte om het ESS meer bij de levering van kernstatistieken te betrekken. De meeste lidstaten waren het erover eens dat er "een kaderverordening moest komen die voor een beperkte reeks indicatoren een maximum aan flexibiliteit moest bieden" [2]. [2] Notulen van de 46e vergadering van het CSP, Palermo, 18 september 2002 (CPS 2002/46/6). In november 2002 werd eerst een ontwerp-wetgevingsbesluit aan een strategische task force "Informatiemaatschappij" voorgelegd. Dit ontwerp werd vervolgens in overleg met de lidstaten herzien en nu ligt er dan het definitieve voorstel. 2. Inhoud van de verordening De voorgestelde verordening biedt de nationale bureaus voor de statistiek een juridisch kader voor de levering van de nodige statistieken voor de structurele indicatoren en de benchmarking van eEurope, en is tegelijk flexibel genoeg om in nieuwe behoeften te voorzien. Het besluit is een kaderverordening die alleen betrekking heeft op de te leveren statistieken, en laat de lidstaten volledig vrij in de wijze waarop zij deze verkrijgen. De verordening heeft een beperkte geldigheid om geen permanente statistische last te creëren. De verordening omvat twee bijlagen, elk met een module dat later bij een verordening van de Commissie zal worden geïmplementeerd. De modules bevatten lijsten van onderwerpen die door uitvoeringsmaatregelen bestreken kunnen worden. De lijsten zijn opgesteld na uitvoerig overleg met de lidstaten, die akkoord gaan met de inhoud van de lijsten zelf en de werkwijze om de onderwerpen in deze verordening zeer algemeen te houden en later aan de hand deze lijsten de kenmerken (de te verstrekken statistische variabelen) nauwkeuriger in de uitvoeringsmaatregelen te definiëren. De ontwerp-verordening werd op de vergadering van het Comité statistsch programma op 15 mei 2003 besproken. De overgrote meerderheid van de lidstaten was voorstander van deze verordening. 2003/0199 (COD) Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD betreffende statistieken over de informatiemaatschappij (Voor de EER relevante tekst) HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, en met name op artikel 285, lid 1, Gezien het voorstel van de Commissie [3], [3] PB C ..., ..., blz. ... Volgens de procedure van artikel 251 van het Verdrag [4], [4] PB C ..., ..., blz. ... Overwegende hetgeen volgt: (1) De Europese Raad van Lissabon van maart 2000 heeft als doel gesteld dat Europa binnen tien jaar de meest concurrerende en dynamische kenniseconomie van de wereld moet worden. (2) In het actieplan eEurope 2002 - dat in juni 2000 werd goedgekeurd door de Europese Raad van Feira - werd een proces ingesteld van doelstellingen en benchmarking om Europa zo snel mogelijk on line te brengen. (3) De Europese Raad van Sevilla van juni 2002 heeft de doelstellingen van het actieplan eEurope 2005 goedgekeurd, waarin werd gepleit voor een rechtsgrond om de regelmatige verstrekking van vergelijkbare gegevens in de lidstaten te waarborgen en een gebruik op grotere schaal van officiële statistieken over de informatiemaatschappij mogelijk te maken. (4) Voor de structurele indicatoren die worden gebruikt in het jaarlijkse voorjaarsverslag aan de Europese Raad zijn indicatoren vereist die gebaseerd zijn op coherente statistische informatie op het gebied van de informatiemaatschappij. (5) Voor de benchmarking van eEurope in het kader van de uitvoering van de actieplannen eEurope zijn indicatoren vereist die gebaseerd zijn op coherente statistische informatie op het gebied van de informatiemaatschappij; (6) De diensten van de Commissie hebben jaarlijks geharmoniseerde statistieken nodig over het gebruik van ICT's in het bedrijfsleven. (7) De diensten van de Commissie hebben geharmoniseerde statistieken op jaarbasis nodig over het gebruik van ICT's in huishoudens en door particulieren. (8) Als gevolg van de snelle ontwikkeling van de informatiemaatschappij moeten de geproduceerde statistieken zich aan de nieuwe ontwikkelingen aanpassen, en dit kan worden bereikt door gebruik te maken van modules met een vaste geldigheidsduur en door wijzigingen mogelijk te maken door middel van uitvoeringsmaatregelen die rekening houden met de middelen van de lidstaten en de last die op de respondenten rust. (9) De productie van specifieke communautaire statistieken wordt geregeld door Verordening nr. 322/97 van de Raad van 17 februari 1997 betreffende de communautaire statistiek [5]. [5] PB L 52, 22.2.1997, blz. 61. (10) Overeenkomstig het subsidiariteits- en het evenredigheidsbeginsel zoals neergelegd in artikel 5 van het Verdrag, kan het doel van het overwogen optreden, namelijk de vaststelling van een gemeenschappelijk kader voor de systematische productie van communautaire statistieken over de informatiemaatschappij, niet voldoende door de lidstaten worden verwezenlijkt en derhalve vanwege de omvang of de gevolgen van het overwogen optreden beter door de Gemeenschap worden verwezenlijkt. Deze verordening blijft beperkt tot het minimum dat vereist om dit doel te verwezenlijken, en gaat niet verder dan wat daartoe nodig is. (11) Aangezien de maatregelen die voor de tenuitvoerlegging van deze verordening nodig zijn, maatregelen van algemene strekking zijn in de zin van artikel 2 van Besluit 1999/468/EG van de Raad van 28 juni 1999 tot vaststelling van de voorwaarden voor de uitoefening van de aan de Commissie verleende uitvoeringsbevoegdheden [6], moeten zij worden vastgesteld via de regelgevingsprocedure van artikel 5 van dat besluit. [6] PB L 184, 17.7.1999, blz. 23. (12) Het Comité statistisch programma (CSP), opgericht bij Besluit 89/382/EEG, Euratom [7], is overeenkomstig artikel 3 van dit besluit geraadpleegd, [7] PB L 181, 28.6.1989, blz.47. HEBBEN DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD: Artikel 1 Onderwerp Het doel van deze verordening is een gemeenschappelijk kader vast te stellen voor de systematische productie van communautaire statistieken over de informatiemaatschappij. Artikel 2 Definities Voor de toepassing van deze verordening gelden de volgende definities: a) "Communautaire statistieken" heeft de betekenis die er in artikel 2 van Verordening (EG) nr. 322/97 [8] aan is toegekend; [8] PB L 52, 22.2.1997, blz.1. Eventuele wijzigingen in deze definitie in Verordening (EG) nr. 322/97 van de Raad zijn ook hier van toepassing. b) "Productie van statistieken" heeft de betekenis die er in artikel 2 van Verordening (EG) nr. 322/97 aan is toegekend; c) Onder "referentieperiode" wordt verstaan de periode waarop de gegevens betrekking hebben; d) Onder "referentiejaar" wordt verstaan een referentieperiode van één kalenderjaar; e) Onder "verzamelperiode" wordt verstaan een in de uitvoeringsmaatregelen vastgestelde periode gedurende welke gegevens verzameld worden. Artikel 3 Werkingssfeer 1. De samen te stellen statistieken omvatten informatie die vereist is voor de benchmarking van eEurope en voor de structurele indicatoren, en andere informatie die nodig is om een uniforme basis te verschaffen voor de analyse van de informatiemaatschappij. 2. De statistieken worden in modules verdeeld. Elke module wordt in een bijlage bij deze verordening omschreven. Artikel 4 Modules De modules in deze verordening hebben betrekking op de volgende gebieden: - Het bedrijfsleven en de informatiemaatschappij, omschreven in bijlage 1; - Particulieren en huishoudens en de informatiemaatschappij, omschreven in bijlage 2. Artikel 5 Methodologische handleiding De Commissie (Eurostat) stelt in nauwe samenwerking met de lidstaten een methodologische handleiding op met richtsnoeren voor de ingevolge deze verordening te produceren communautaire statistieken en werkt deze handleiding bij op basis van de door nieuwe uitvoeringsmaatregelen ontstane behoeften. Artikel 6 Toezending van de gegevens 1. De lidstaten zenden de op grond van deze verordening en de bijbehorende uitvoeringsmaatregelen vereiste geaggregeerde gegevens en metagegevens, met inbegrip van vertrouwelijke gegevens, aan de Commissie (Eurostat) overeenkomstig de bestaande communautaire bepalingen inzake de toezending van gegevens die onder de statistische geheimhouding vallen. Deze communautaire bepalingen zijn van toepassing op de verwerking van de resultaten in zoverre deze vertrouwelijke gegevens omvatten. 2. De lidstaten zenden de op grond van deze verordening en de bijbehorende uitvoeringsmaatregelen vereiste gegevens en metagegevens in elektronische vorm in, overeenkomstig een tussen de Commissie en de lidstaten overeengekomen uitwisselingsnorm. Artikel 7 Kwaliteitscriteria en verslagen 1. De Commissie (Eurostat) beoordeelt de kwaliteit van de ingediende gegevens. 2. De Commissie (Eurostat) ontwikkelt in nauwe samenwerking met de lidstaten aanbevolen gemeenschappelijke normen om de kwaliteit (volgens de standaardkwaliteitscriteria van Eurostat) van de verstrekte gegevens te waarborgen. Deze normen worden gepubliceerd in de methodologische handleiding. 3. De lidstaten nemen alle nodige maatregelen om de kwaliteit van de toegezonden gegevens te waarborgen. 4. Binnen een vastgestelde periode na de uiterste datum voor indiening van de eindresultaten leggen de lidstaten aan de Commissie (Eurostat) een verslag voor over de kwaliteit van de toegezonden gegevens op basis van de aanbevolen gemeenschappelijke kwaliteitsnormen. Deze periode wordt overeengekomen tijdens de uitwerking van de uitvoeringsmaatregelen. In het verslag moeten de gevallen worden vermeld waarin de in lid 2 bedoelde methodologische aanbevelingen niet zijn opgevolgd. Artikel 8 Uitvoeringsmaatregelen 1. De maatregelen ter uitvoering van de modules van deze verordening hebben betrekking op de specificatie, aanpassing en wijziging van de onderwerpen en de kenmerken daarvan, de referentieperioden en de onderverdelingen van de kenmerken, de periodiciteit en het tijdschema voor de verstrekking van de gegevens en de termijnen voor de toezending van de resultaten. 2. De uitvoeringsmaatregelen, met inbegrip van aanpassings- en bijwerkingsmaatregelen om rekening te houden met economische en technische veranderingen, worden vastgesteld overeenkomstig de procedure van artikel 9, lid 2, rekening houdend met de middelen van de lidstaten en de last die op de respondenten rust. 3. De uitvoeringsmaatregelen worden ten minste 9 maanden voor een verzamelperiode opgesteld. Artikel 9 Comité 1. De Commissie wordt bijgestaan door het bij Besluit 89/382/EEG, Euratom opgerichte Comité statistisch programma, bestaande uit vertegenwoordigers van de lidstaten en voorgezeten door de vertegenwoordiger van de Commissie. 2. In gevallen waarin naar dit lid wordt verwezen, is de regelgevingsprocedure van artikel 5 van Besluit 1999/468/EG van toepassing, overeenkomstig artikel 7, lid 3, en artikel 8. 3. De in artikel 5, lid 6, van Besluit 1999/468/EG bedoelde termijn bedraagt drie maanden. Artikel 10 Financiering 1. Gedurende ten minste het eerste jaar waarin de in de uitvoeringsmaatregelen bij deze verordening bedoelde statistieken door de lidstaten worden geproduceerd, draagt de Commissie bij in de door de lidstaten gemaakte kosten voor het produceren, verwerken en toezenden van deze statistieken. 2. De financiële bijdragen hebben de vorm van subsidies. De voorwaarden en procedures voor de toekenning van de subsidies en voor de betaling en controle zijn in overeenstemming met de artikelen 108-120 van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002, zoals ten uitvoer gelegd bij de artikelen 160-184 van Verordening (EG, Euratom) nr. 2342/2002 van de Commissie. 3. Indien de begroting zulks toelaat, is de Commissie voornemens de financiële steun (subsidies) aan de lidstaten te continueren om de kosten in verband met het verstrekken van deze statistieken in de jaren daarna te vergoeden. 4. Het bedrag van deze financiële bijdrage wordt vastgesteld in het kader van de jaarlijkse begrotingsprocedures van de Europese Gemeenschappen. De communautaire bijdrage bedraagt ten hoogste 90% van de totale kosten van het verstrekken van deze statistieken. De begrotingsautoriteit stelt de beschikbare kredieten vast. Artikel 11 Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie. Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat. Gedaan te Brussel, op Voor het Europees Parlement Voor de Raad De Voorzitter De Voorzitter BIJLAGE 1 MODULE 1: HET BEDRIJFSLEVEN EN DE INFORMATIEMAATSCHAPPIJ a) Doel Het doel van deze module is de tijdige verstrekking van statistieken over de beschikbaarheid van, de gereedheid voor, het gebruik van en de waargenomen effecten van ICT's in het bedrijfsleven. b) Dekking Deze module heeft betrekking op de economische activiteiten die vallen onder de secties D tot en met K, en afdeling 92 van de statistische nomenclatuur van de economische activiteiten in de Europese Gemeenschap (NACE REV. 1.1). Sectie J zal worden opgenomen afhankelijk van de resultaten van voorafgaande proefstudies. De statistieken worden samengesteld voor bedrijfseenheden. c) Duur en periodiciteit van de gegevensverstrekking Jaarlijkse verstrekking van statistieken gedurende vijf referentiejaren, gerekend vanaf de datum van inwerkingtreding van deze verordening. Het is niet gezegd dat elk jaar alle kenmerken moeten worden verstrekt; de periodiciteit van de verstrekking van elk kenmerk zal in het kader van de uitvoeringsmaatregelen worden vastgesteld. d) Onderwerpen De te verstrekken kenmerken worden ontleend aan onderstaande lijst van onderwerpen: - ICT-systemen en het gebruik ervan in bedrijven - Het gebruik van internet en andere elektronische netwerken door bedrijven - E-handel en elektronisch zakendoen - ICT-vaardigheid in de bedrijfseenheid en de vraag naar ICT-vaardigheden - Belemmeringen voor het gebruik van ICT's, internet en andere elektronische netwerken, e-handel en elektronisch zakendoen - Uitgaven voor en investeringen in ICT's - ICT-veiligheid - Waargenomen effecten van het gebruik van ICT's op de bedrijven e) Onderverdelingen Het is niet gezegd dat elk jaar alle onderverdelingen moeten worden verstrekt; de vereiste onderverdelingen worden ontleend aan onderstaande lijst en worden in het kader van de uitvoeringsmaatregelen overeengekomen: - Naar grootteklasse - Naar NACE-rubriek - Naar regio. BIJLAGE 2 MODULE 2: PARTICULIEREN EN HUISHOUDENS EN DE INFORMATIEMAATSCHAPPIJ a) Doel Het doel van deze module is de tijdige verstrekking van statistieken over de beschikbaarheid van, de gereedheid voor, het gebruik van en de waargenomen effecten van ICT's in huishoudens en voor particulieren. b) Dekking Deze module heeft betrekking op statistieken over huishoudens en particulieren. c) Duur en periodiciteit van de gegevensverstrekking Jaarlijkse verstrekking van statistieken gedurende vijf referentiejaren, gerekend vanaf de datum van inwerkingtreding van deze verordening. Het is niet gezegd dat elk jaar alle kenmerken moeten worden verstrekt; de periodiciteit van de verstrekking van elk kenmerk zal in het kader van de uitvoeringsmaatregelen worden vastgesteld. d) Onderwerpen De te verstrekken kenmerken worden ontleend aan onderstaande lijst van onderwerpen: - Toegang tot en gebruik van ICT-systemen door particulieren en/of in huishoudens - Gebruik van internet voor verschillende doeleinden door particulieren en/of in huishoudens - ICT-veiligheid - ICT-vaardigheid - Belemmeringen voor het gebruik van ICT's en internet - Waargenomen effecten van het gebruik van ICT's e) Onderverdelingen Het is niet gezegd dat elk jaar alle onderverdelingen moeten worden verstrekt; de vereiste onderverdelingen worden ontleend aan onderstaande lijst en worden in het kader van de uitvoeringsmaatregelen overeengekomen: A. Statistieken voor huishoudens: - Naar type huishouden B. Statistieken voor particulieren: - Naar leeftijdsklasse - Naar geslacht - Naar opleidingsniveau - Naar werkgelegenheidssituatie - Naar regio FINANCIEEL MEMORANDUM Beleidsgebied(en): Statistiek Activiteit(en): Statistieken over de informatiemaatschappij Benaming van de actie: Voorstel voor een verordening (EG) nr. ../..... van het Europees Parlement en de Raad betreffende statistieken over de informatiemaatschappij 1. BEGROTINGSONDERDELEN + OMSCHRIJVING B5-3310 (ABB 09 03 01)(DG INFSO/ESTAT) - MODINIS (tot eind 2005; in de jaren daarna afhankelijk van de beschikbaarheid van middelen uit een vervolgprogramma) B5-3260 (ABB 02 05 01) (DG ENTR) - Concurrentievermogen B5-6000 (ABB 29 02 01) (ESTAT) Beleid inzake statistische informatie (na 2006, indien verenigbaar met de financiële vooruitzichten voor de periode die begint in 2007) 2. ALGEMENE CIJFERS 2.1. Totale toewijzing voor de actie (deel B): 12,5 miljoen euro aan vastleggingskredieten Dit bedrag wordt reeds gedekt door de bestaande aanwijzing op deze begrotingsonderdelen (voor B5-3310 afhankelijk van de definitieve goedkeuring van de MODINIS-begroting), zodat er geen aanvullende middelen nodig zijn. Dit voorstel is verenigbaar met de bestaande financiële programmering van de Commissie. 2.2. Duur: 2004-2008 2.3. Meerjarenraming van de uitgaven: a) Tijdschema vastleggingskredieten/betalingskredieten (financiering uit de begroting) (zie punt 6.1.1) mln euro (tot op 3 decimalen nauwkeurig) >RUIMTE VOOR DE TABEL> * Verwachte verdeling van de uitgaven over de begrotingsonderdelen voor elk jaar (mln euro): B5-3310: 2,000 B2-3260: 0,500 B5-6000: (p.m.) Totaal: 2,500 b) Financiële gevolgen in verband met de personele middelen en andere huishoudelijke uitgaven (zie punten 7.2 en 7.3) >RUIMTE VOOR DE TABEL> De personele middelen zullen worden gedekt door de bestaande toewijzing voor beleidsstatistieken. >RUIMTE VOOR DE TABEL> 2.4. Verenigbaarheid met de financiële programmering en de financiële vooruitzichten Het voorstel is verenigbaar met de financiële programmering. 2.5. Financiële gevolgen voor de ontvangsten Geen enkele financiële implicatie (betreft technische aspecten in verband met de uitvoering van een maatregel) 3. BEGROTINGSKENMERKEN B5-3310 (09 03 01) MODINIS >RUIMTE VOOR DE TABEL> 4. RECHTSGROND De artikelen 285, 157 en 165 van het Verdrag van Amsterdam tot oprichting van de Europese Gemeenschap Verordening (EG) nr. 322/97 van de Raad betreffende de communautaire statistiek Beschikking nr. 2367/2002/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2002 betreffende het communautair statistisch programma voor de periode 2003-2007 Europese Raad van Sevilla (juni 2002) Resolutie 5197/2003 van de Raad betreffende de uitvoering van het actieplan eEurope 2005 5. OMSCHRIJVING EN MOTIVERING 5.1. Doel van het communautaire optreden 5.1.1. Doelstellingen Het doel van dit voorstel is een juridisch kader te creëren voor de verstrekking van op Europees niveau geharmoniseerde statistieken over de informatiemaatschappij, met inbegrip van de statistieken die nodig zijn voor de structurele indicatoren die in het voorjaarsverslag aan de Europese Raad worden gebruikt, en voor de benchmarking van eEurope. Het actieplan eEurope 2005, dat door de staatshoofden en regeringsleiders werd goedgekeurd op de Europese Raad van Sevilla in juni 2002, stelt: "Om de kwaliteit [in vergelijking met eEurope 2002] te verbeteren, zou bij de meting van eEurope 2005-indicatoren meer gebruik moeten worden gemaakt van officiële statistieken van de nationale bureaus voor de statistiek en van Eurostat. Teneinde een regelmatige vergaring van vergelijkbare gegevens in de lidstaten mogelijk te maken, bestaat behoefte aan een juridische grondslag voor statistieken met betrekking tot de informatiemaatschappij." [9] [9] "eEurope 2005: Een informatiemaatschappij voor iedereen" [een met het oog op de Europese Raad van Sevilla van 21 en 22 juni 2002 in te dienen actieplan]. 5.1.2. Genomen maatregelen in verband met de evaluatie vooraf Het actieplan eEurope 2002 bevatte een reeks van 23 indicatoren voor de benchmarking van de vorderingen bij de doelstelling van Lissabon om van Europa binnen tien jaar de meest concurrerende en dynamische kenniseconomie van de wereld te maken. Deze indicatoren waren gebaseerd op statistieken uit niet-officiële bronnen. De evaluatie van dit proces was aanleiding om in het actieplan eEurope 2005 de in punt 5.1.1. aangehaalde opmerking op te nemen, en in Resolutie 5197/2003 betreffende de uitvoering van het actieplan eEurope 2005 werd ook nog eens op de behoefte aan meer kwaliteit bij de gebruikte indicatoren gewezen: "Om de kwaliteit te verbeteren moet meer gebruik worden gemaakt van de door de NBS en Eurostat verrichte enquêtes..... Bij het uitvoeren van de enquêtes moeten alle praktische stappen worden genomen om te zorgen voor kwaliteit en vergelijkbaarheid van de gegevens tussen de landen". In dit verband heeft Eurostat aan het Comité statistisch programma een actieplan voor statistieken over de informatiemaatschappij voor 2002/2003 voorgelegd, dat maatregelen omvatte om het ESS meer bij de levering van kernstatistieken te betrekken. De meeste lidstaten waren het erover eens dat er "een kaderverordening moest komen die voor een beperkte reeks indicatoren een maximum aan flexibiliteit moest bieden" [10]. [10] Notulen van de 46e vergadering van het CSP, Palermo, 18 september 2002 (CPS 2002/46/6). 5.2. Voorgenomen acties en wijze van financiering uit de begroting De voorgestelde verordening beschrijft het juridisch kader waarbinnen de nationale bureaus voor de statistiek van de lidstaten de statistische variabelen over de informatiemaatschappij zullen leveren die nodig zijn voor de structurele indicatoren en de indicatoren voor de benchmarking van eEurope. De te verstrekken variabelen zullen uitvoeriger worden beschreven in uitvoeringsmaatregelen. Zowel deze kaderverordening als de toekomstige uitvoeringsmaatregelen zullen "output"-maatregelen zijn, waarin de te verstrekken statistische variabelen worden omschreven, maar die de lidstaten volledig vrij laten in de wijze waarop zij deze verkrijgen. In de praktijk zullen veel lidstaten hun bestaande enquêtes uitbreiden of specifieke enquêtes houden om aan de vereiste resultaten te komen. De Commissie levert een bijdrage in de vorm van subsidies die worden toegekend op basis van vooraf door de lidstaten in te dienen subsidieaanvragen met kostenramingen. De gegevens worden jaarlijks verstrekt. Eurostat houdt een databank voor de gegevens bij en zal de statistieken over de informatiemaatschappij jaarlijks publiceren. Er komt dus één actie: de nationale bureaus voor de statistiek van de lidstaten subsidie verstrekken als vergoeding voor de kosten van het verstrekken van deze variabelen. 5.3. Uitvoering Het beheer van de subsidieprocedure en de verwerking van alle gegevens wordt uitgevoerd door vast personeel van de Commissie. Er wordt geen werk uitbesteed. 6. FINANCIËLE GEVOLGEN 6.1. Totale financiële gevolgen voor deel B (voor de gehele programmeringsperiode) 6.1.1. Financiering VK, mln euro (tot op 3 decimalen nauwkeurig) >RUIMTE VOOR DE TABEL> * Verwachte uitsplitsing van de uitgaven over de begrotingsonderdelen per jaar (mln euro): B5-3310: 2,000 B5-3260: 0,500 B5-6000: (p.m.) Totaal: 2,500 6.2. Berekening van de kosten per overwogen maatregel in deel B (voor de hele programmeringsperiode) VK, mln euro (tot op 3 decimalen nauwkeurig) >RUIMTE VOOR DE TABEL> 7. GEVOLGEN VOOR DE PERSONELE MIDDELEN EN DE HUISHOUDELIJKE UITGAVEN 7.1. Gevolgen voor de personele middelen De personele middelen zullen worden gedekt door de bestaande toewijzing voor beleidsstatistieken. >RUIMTE VOOR DE TABEL> 7.2. Algemene financiële gevolgen in verband met de personele middelen >RUIMTE VOOR DE TABEL> De bedragen stemmen overeen met de totale uitgaven gedurende 12 maanden. 7.3. Andere huishoudelijke uitgaven die uit de actie voortvloeien >RUIMTE VOOR DE TABEL> De bedragen stemmen overeen met de totale uitgaven gedurende 12 maanden. 1 De aard van het comité vermelden, alsmede de groep waarvan het comité deel uitmaakt. >RUIMTE VOOR DE TABEL> 8. TOEZICHT EN EVALUATIE 8.1. Follow-up De uitvoering van deze verordening zal worden behandeld in een comitologieprocedure. Zoals in artikel 8 van deze verordening wordt bepaald, komen er verordeningen van de Commissie met betrekking tot de specificatie, aanpassing en wijziging van de te verstrekken statistische kenmerken (variabelen), de referentieperioden en de onderverdelingen, de periodiciteit en het tijdschema voor de verstrekking van de gegevens, de onderverdelingen van de resultaten en de termijnen voor de toezending van de resultaten en kwaliteitsverslagen aan Eurostat. 8.2. Procedure en tijdschema van de voorgeschreven evaluatie Binnen een vastgestelde periode na de uiterste datum voor indiening van de eindresultaten voor elke referentieperiode, dient elke lidstaat bij de Commissie een verslag in over de kwaliteit van de ingediende gegevens op grond van de door de Commissie in overleg met de lidstaten aanbevolen gemeenschappelijke kwaliteitsnormen. In het verslag moeten de gevallen worden vermeld waarin de methodologische aanbevelingen niet zijn opgevolgd, en moet worden vermeld waarom daarvan is afgeweken. De diensten van de Commissie beoordelen deze verslagen elk jaar en brengen in overleg met de lidstaten wijzigingen in de procedures of in de methodologische aanbevelingen aan om ervoor te zorgen dat in de toekomst beter de hand wordt gehouden aan de kwaliteitsnormen. 9. FRAUDEBESTRIJDINGSMAATREGELEN Ingevolge het initiatief van de Commissie tot hervorming van het financieel beheer werd het systeem voor intern beheer en interne controle herzien. Dit omvat een versterkte capaciteit voor interne audits. Het jaarlijks toezicht op de met de uitvoering van de interne controlenormen van de Commissie geboekte vooruitgang moet het bestaan en de werking van procedures waarborgen voor de preventie en opsporing van fraude en onregelmatigheden. Er zijn nieuwe regels en procedures vastgesteld voor het belangrijkste begrotingsproces: aanbestedingen, subsidies, vastleggingen, contracten en betalingen. De handleiding procedures is beschikbaar voor al degenen die bij financiële handelingen betrokken zijn teneinde de verantwoordelijkheden te verduidelijken, de workflows te vereenvoudigen en de belangrijkste controlepunten aan te geven. In het gebruik daarvan wordt een opleiding verstrekt. De handleidingen worden regelmatig herzien en bijgewerkt.