52002PC0114

Voorstel voor een Verordening van de Raad tot vaststelling van autonome maatregelen betreffende de invoer van vis en visserijproducten uit de Republiek Polen /* COM/2002/0114 def. - ACC 2002/0060 */

Publicatieblad Nr. 262 E van 29/10/2002 blz. 0015 - 0017


Voorstel voor een VERORDENING VAN DE RAAD tot vaststelling van autonome maatregelen betreffende de invoer van vis en visserijproducten uit de Republiek Polen

(door de Commissie ingediend)

TOELICHTING

Op 29 mei 2000 heeft de Raad de Commissie gemachtigd namens de Gemeenschap met de Republiek Polen onderhandelingen te openen over de liberalisering van de onderlinge handel in vis en visserijproducten.

De onderhandelingen vonden plaats op 18-19 juli, 16 november, 7 december 2000 en 8 februari 2001. Op 13 juli 2001 werd een addendum bij de overeenkomst ondertekend.

De partijen hebben daarbij overeenstemming bereikt over de basisbeginselen van eenvoudige, geleidelijke en wederzijdse tariefconcessies, waarvan de bijzonderheden zijn neergelegd in het proces-verbaal en in een addendum, die door de hoofden van de delegaties zijn ondertekend. De Gemeenschap is bij deze onderhandelingen in hoofdzaak de volgende verbintenissen aangegaan:

- Een maand na de datum van inwerkingtreding van de overeenkomst worden de rechten van het gemeenschappelijk douanetarief voor alle andere vis en visserijproducten die vallen onder de definitie die is opgenomen in n Verordening (EG) nr. 104/2000 van de Raad met een derde verlaagd. Een jaar na de inwerkingtreding van de overeenkomst wordt nogmaals een verlaging van één derde toegepast. Twee jaar na de inwerkingtreding van de overeenkomst geldt voor alle vis en visserijproducten volledige vrijhandel.

- Daarentegen past de Gemeenschap op de producten in de bijlage bij het aangehechte voorstel voor een verordening van de Raad een maand na de datum van inwerkingtreding van de overeenkomst 70% van de rechten voor meestbegunstigde naties toe. Een jaar na de inwerkingtreding van de overeenkomst past de Gemeenschap 40% van de rechten voor meestbegunstigde naties toe zoals die van toepassing waren bij de inwerkingtreding van de overeenkomst. Twee jaar na de inwerkingtreding van de overeenkomst geldt voor alle vis en visserijproducten volledige vrijhandel.

- De reeds door de Gemeenschap op autonome basis aan de Republiek Polen toegekende tariefcontingenten blijven geldig tot de toetreding. Voor invoer naar de Gemeenschap van hoeveelheden die het contingent overschrijden, worden de overeengekomen tariefreducties als hierboven omschreven toegepast.

Aan de Europa-Overeenkomst tussen de Gemeenschap en de Republiek Polen dient een protocol te worden toegevoegd waarin de nieuwe handelsregelingen voor bepaalde vis en visserijproducten zijn neergelegd. In afwachting van de voltooiing van de interne procedures voor de inwerkingtreding van het aanvullend protocol wordt voorgesteld dat de Gemeenschap bij verordening van de Raad autonome maatregelen vaststelt om de aan de Republiek Polen gedane concessies reeds op 1 januari 2002 in werking te doen treden. Het is wenselijk dat de overeenkomst snel in werking treedt zodat een aanvang kan worden gemaakt met de geleidelijke liberalisering van de handel in vis en visserijproducten en teneinde de Republiek Polen een positief politiek signaal te geven in het kader van het toetredingsproces.

De goedkeuring van de voorgestelde autonome maatregelen vervroegt de werkelijke begindatum van de geleidelijke liberalisering van de handel in vis en visserijproducten tussen de Gemeenschap en de Republiek Polen. Met deze omstandigheid dient derhalve rekening te worden gehouden wanneer het nieuwe aanvullende protocol bij de Europa-Overeenkomst in werking treedt. Met het oog hierop zal binnenkort de sluiting van een interpretatieve briefwisseling met de Republiek Polen worden voorgesteld.

Gezien het bovenstaande wordt de Raad verzocht zijn goedkeuring te hechten aan de bijgaande verordening waarbij de tussen de Gemeenschap en de Republiek Polen overeengekomen concessies autonoom ten uitvoer worden gelegd.

2002/0060 (ACC)

Voorstel voor een VERORDENING VAN DE RAAD tot vaststelling van autonome maatregelen betreffende de invoer van vis en visserijproducten uit de Republiek Polen

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, inzonderheid op artikel 133,

Gezien het voorstel van de Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1) De Europa-Overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Polen, anderzijds [1], werd in december 1991 te Brussel ondertekend en trad in februari 1994 in werking.

[1] PB L 348 van 31.12.1993, blz. 2.

(2) Verordening (EG) nr. 1798/94 [2] van de Raad, zoals gewijzigd bij Verordening 921/96 [3], voorziet in bepaalde concessies voor vis en visserijproducten die zijn opgenomen in bijlage IV daarbij.

[2] PB L 189 van 23.07.94, blz. 1.

[3] PB L 126 van 24.05.1996, blz. 1.

(3) Overeenkomstig de op 29 mei 2000 door de Raad vastgestelde richtsnoeren werden de onderhandelingen met de Republiek Polen over een nieuw aanvullend protocol bij de Europa-Overeenkomst op 13 juli 2001 afgerond.

(4) Het nieuwe aanvullende protocol, dat op artikel 23 en artikel 20, lid 5, van de Europa-Overeenkomst gebaseerd is, voorziet in concessies voor vis en visserijproducten.

(5) Een essentieel element van de resultaten van de onderhandelingen over de sluiting van een nieuw aanvullend protocol bij de Europa-Overeenkomst met de Republiek Polen is dat de overeenkomst snel ten uitvoer moet worden gelegd.

(6) De Republiek Polen zal op autonome grondslag alle wettelijke bepalingen vaststellen die noodzakelijk zijn voor de wederzijdse en simultane tenuitvoerlegging van de aan de Gemeenschap gedane concessies waarin het aanvullende protocol voorziet.

(7) Het is derhalve passend dat de Gemeenschap autonome maatregelen vaststelt ter uitvoering van de concessies waarin het nieuwe aanvullende protocol bij de Europa-Overeenkomst voorziet.

(8) Het is dienstig bij het beheer van de tariefcontingenten rekening te houden met de chronologische volgorde van de data van aanvaarding van de douaneaangiften overeenkomstig het bepaalde in Verordening (EEG) nr. 2454/93 van 2 juli 1993 houdende vaststelling van enkele bepalingen ter uitvoering van Verordening (EEG) nr. 2913/92 van de Raad tot vaststelling van het communautair douanewetboek [4] .

[4] PB L 253 van 11.10.1993, blz. 1. Verordening, laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 993/2001 (PB L 141 van 28.05.2001, blz. 1.).

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

1. De in onderstaande artikelen 2, 3 en 4 neergelegde regelingen voor de invoer in de Gemeenschap van vis en visserijproducten van oorsprong uit de Republiek Polen strekken tot wijziging van de Europa-Overeenkomst met de Republiek Polen.

2. Met ingang van de datum van inwerkingtreding van het nieuwe aanvullende protocol bij de Europa-Overeenkomst met de Republiek Polen zijn de daarin neergelegde concessies op wederkerige grondslag van toepassing met inachtneming van de uitvoeringsmaatregelen die reeds voor die datum door beide partijen werden vastgesteld. Dientengevolge treden de bepalingen van het aanvullende protocol op de datum van inwerkingtreding in de plaats van de desbetreffende bepalingen van deze verordening en prevaleren zij boven de laatstgenoemde.

Artikel 2

Met ingang van 1 januari 2002 worden de rechten van het gemeenschappelijk douanetarief voor vis en visserijproducten als omschreven in artikel 1 van Verordening (EG) Nr. 104/2000 [5] van de Raad, andere dan die vermeld in de artikelen 3 en 4, door de Gemeenschap met een derde verlaagd.

[5] PB L 17, 21.1.2000, blz. 22.

Met ingang van 1 januari 2003 zal de Gemeenschap de rechten van het gemeenschappelijk douanetarief die op het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening van toepassing waren nogmaals met een derde verlagen.

Met ingang van 1 januari 2004 worden de rechten van het gemeenschappelijk douanetarief voor alle vis en visserijproducten, met inbegrip van de producten vermeld in onderstaande artikelen 3 en 4, door de Gemeenschap opgeheven.

Artikel 3

Met ingang van 1 januari 2002 past de Gemeenschap een verlaging van 30% toe van de rechten van het gemeenschappelijk douanetarief die van toepassing zijn op de in de bijlage bij deze verordening opgenomen producten. Met ingang van 1 januari 2003 zal de Gemeenschap de rechten van het gemeenschappelijk douanetarief die op het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening van toepassing waren nogmaals met 30% verlagen.

Artikel 4

De in Bijlage IV van Verordening (EG) nr. 1798/94 genoemde tariefcontingenten blijven geldig tot 31 december 2003. Op de in de Gemeenschap ingevoerde hoeveelheden die deze tariefcontingenten overschrijden, zijn de bepalingen van artikel 2 van toepassing.

Artikel 5

De in de artikelen 2 en 3 bedoelde verlagingen worden volgens gangbare wiskundige methoden berekend.

Dat wil zeggen dat:

(a) cijfers met 50 of minder na de decimale komma naar beneden worden afgerond op het naaste gehele getal;

(b) cijfers met meer dan 50 na de decimale komma naar boven worden afgerond op het naaste gehele getal;

(c) alle rechten van minder dan 2% automatisch op 0% worden vastgesteld.

Artikel 6

Deze verordening treedt in werking op de derde dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen.

Zij is van toepassing met ingang van 1 januari 2002.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, op [...]

Voor de Raad

De voorzitter

BIJLAGE

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

FINANCIEEL MEMORANDUM

1. Benaming van de maatregel

Voorstel voor autonome maatregelen die erop gericht zijn de toepassing van de bepalingen van een aanvullend protocol bij de Europa-Overeenkomst met de Republiek Polen, houdende een handelsregeling voor vis en visserijproducten, op een eerder tijdstip te doen plaatsvinden. De overeengekomen wederzijdse concessies worden over een periode van drie jaar ten uitvoer gelegd en leiden tot volledige liberalisering van de handel in de betrokken producten.

2. Begrotingsonderdeel

Hoofdstuk 12, artikel 120

3. Rechtsgrond

Artikel 133 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap.

4. Beschrijving en motivering

4.1 Algemeen doel

Volledige liberalisering van de handel in vis en visserijproducten ter voorbereiding van de toetreding van de Republiek Polen tot de Europese Gemeenschap.

5. Indeling van uitgaven of ontvangsten

5.1 Aard van de ontvangsten

De rechten bij invoer

6. Aard van uitgaven en ontvangsten

- De voorgestelde maatregel leidt tot een vermindering van de op vis en visserijproducten van oorsprong uit de Republiek Polen geheven invoerrechten.

- De maatregel zal echter ook ten gevolge hebben dat exporteurs van visserijproducten in de Gemeenschap minder invoerrechten betalen in de Republiek Polen.

7. Financiële gevolgen

7.1 Wijze van berekening van de totale kosten van de maatregel (samenhang tussen de kosten per onderdeel en de totale kosten)

Bij de berekening van de kosten van de maatregel wordt uitgegaan van de handel in 1998, 1999 en 2000. In verband met de onvoorspelbaarheid van de handel en de uiteenlopende toegepaste rechten voor de betrokken producten is voor de berekening van de in 1998, 1999 en 2000 geheven rechten een geschat gemiddelde van 12% toegepast. In 1999 is ten opzichte van 1998 bijna 19% minder aan invoerrechten geheven. In 2000 zijn de geheven invoerrechten ten opzichte van 1999 met ca. 1,5% gestegen. Voor het berekenen van de geschatte verwachte invoerrechten is daarom uitgegaan van een stijging van 8%. Dit cijfer is voor jaar 1 met één derde verlaagd en voor jaar 2 nogmaals met één derde.

Aangezien de autonome regeling volgens verwachting op 1 januari 2002 in werking zal treden, is voor de berekening van de geschatte kosten 2002 jaar 1, 2003 jaar 2 en 2004 jaar 3.

7.2 Uitsplitsing van de kosten

Vastleggingskredieten in miljoen euro (lopende prijzen)

>RUIMTE VOOR DE TABEL>