52001SC0013

Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement overeenkomstig artikel 251, lid 2, tweede alinea van het EG-verdrag over het Gemeenschappelijk standpunt van de Raad met het oog op de aanneming van de Verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de afsluiting en afwikkeling van projecten door de Commissie goedgekeurd in het kader van de Verordening (EG) nr. 213/96 van de Raad betreffende de tenuitvoerlegging van het financieel instrument "EC Investment Partners" ten behoeve van de landen van Latijns-Amerika, Azië, het Middellandse-Zeegebied en Zuid-Afrika /* SEC/2001/0013 def. - COD 2000/0034 */


MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT overeenkomstig artikel 251, lid 2, tweede alinea van het EG-verdrag over het Gemeenschappelijk standpunt van de Raad met het oog op de aanneming van de Verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de afsluiting en afwikkeling van projecten door de Commissie goedgekeurd in het kader van de Verordening (EG) nr. 213/96 van de Raad betreffende de tenuitvoerlegging van het financieel instrument "EC Investment Partners" ten behoeve van de landen van Latijns-Amerika, Azië, het Middellandse-Zeegebied en Zuid-Afrika

2000/0034 (COD)

MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT

overeenkomstig artikel 251, lid 2, tweede alinea van het EG-verdrag over het Gemeenschappelijk standpunt van de Raad met het oog op de aanneming van de Verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de afsluiting en afwikkeling van projecten door de Commissie goedgekeurd in het kader van de Verordening (EG) nr. 213/96 van de Raad betreffende de tenuitvoerlegging van het financieel instrument "EC Investment Partners" ten behoeve van de landen van Latijns-Amerika, Azië, het Middellandse-Zeegebied en Zuid-Afrika

1. Voorgeschiedenis

Het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad COM(1999)726 def - 2000/0034 (COD) werd op 31 januari 2000 goedgekeurd. Het voorstel werd op 31 januari 2000 aan het Europees Parlement en aan de Raad gezonden.

Het Europees Parlement heeft zijn advies in eerste lezing gegeven op 5 september 2000.

De politieke goedkeuring door de Raad over een ontwerp van gemeenschappelijk standpunt werd bij het COREPER op 31 oktober 2000 afgerond. De Raad heeft het gemeenschappelijk standpunt op 10 november 2000 formeel met eenparigheid van stemmen goedgekeurd.

2. Doel van het voorstel van de Commissie

De Commissie stelt voor dat het Europees Parlement en de Raad hun goedkeuring hechten aan een nieuwe verordening voor twee jaar (tot 31 december 2001) teneinde de kosten voor de afwikkeling en afsluiting van lopende projecten in het kader van ECIP te financieren. In het kader van de voorgestelde verordening zal de begroting van ECIP uitsluitend gebruikt worden voor de operationele evaluatie van reeds gefinancierde maatregelen of voor wijzigingen op reeds ondertekende contracten, evenals voor de technische bijstand met het oog op de afronding en afsluiting van lopende maatregelen. Geen enkel nieuw project zal worden gefinancierd.

3. Commentaar op het gemeenschappelijk standpunt

3.1. Algemene opmerking

Bij het bestuderen van het voorstel in eerste lezing heeft het Europees Parlement drie amendementen op het voorstel van de Commissie aangenomen. De Commissie heeft de eerste twee aanvaard, en deze zijn eveneens in het gemeenschappelijk standpunt overgenomen. Het derde amendement van het Parlement, dat niet door de Commissie is aanvaard, is door de Raad gewijzigd. De Commissie kan dit punt, zoals door de Raad gewijzigd, niet aanvaarden.

3.2. Verwerking van de amendementen van het Europees Parlement in eerste lezing

Op basis van een door de heer dell'Alba ingediend verslag heeft het Europees Parlement zijn standpunt in eerste lezing vastgesteld en daarbij drie wijzigingen op het voorstel van de Commissie aangebracht.

De eerste twee wijzigingen zijn door de Commissie aanvaard en in het gemeenschappelijk standpunt van de Raad overgenomen:

-het eerste amendement (3e overweging) betreft de coördinatie en de samenhang tussen de diverse door de Commissie beheerde financiële instrumenten

-het tweede amendement (4e overweging) heeft betrekking op de grondslagen die gelegd moeten worden door de Commissie met het oog op een toekomstig geïntegreerd programma voor de bevordering van investeringen in ontwikkelingslanden.

In het derde amendement van het Parlement (artikel 3) wordt de Commissie gevraagd uiterlijk op 31 december 2000 wetgevingsvoorstellen in te dienen teneinde de continuïteit van de ECIP-maatregelen te garanderen. De Commissie heeft deze wijziging niet aanvaard. Zij heeft daarentegen aangegeven dat zij bereid is in de maand juni 2001 een evaluatie van de opties in te dienen, en eventueel passende maatregelen voor te stellen.

3.3. Het gemeenschappelijk voorstel van de Raad

In zijn gemeenschappelijk voorstel heeft de Raad het derde amendement van de Raad (artikel 2) gewijzigd. De gewijzigde tekst geeft aan dat zo spoedig mogelijk en uiterlijk op 31 MAART 2001 de Commissie een verslag zal indienen betreffende het instrument ter ondersteuning van de particuliere sector in de ontwikkelingslanden, zo spoedig mogelijk gevolgd door een wetgevingsvoorstel DAT de toekomst van dit instrument veilig moet stellen.

De Commissie kan deze bepaling van het gemeenschappelijk standpunt van de Raad om de volgende redenen niet aanvaarden:

-de Commissie bezint zich in algemene zin op haar beleid met betrekking tot de particuliere sector, door middel van onder andere: een evaluatie van de bestaande financiële instrumenten, een dialoog met de particuliere sector, en een verbetering van het beheer en de financiële procedures. De Commissie kan het resultaat van deze bezinning aan het eind van de maand juni 2001 indienen;

-de Commissie is van mening dat door de dwingende formulering van artikel 2 en het opnemen van een termijn afbreuk wordt gedaan aan haar initiatiefrecht.

In deze omstandigheden handhaaft de Commissie het door haar aan het Europees Parlement in de maand september voorgelegde standpunt: zij zal de opties voor 31 juni 2001 evalueren en eventueel passende maatregelen voorstellen

4. Conclusies

De Commissie en de Raad hebben twee van de door het Europees Parlement in eerste lezing voorgestelde wijzigingen goedgekeurd.

Daarentegen verschilt het standpunt van de Commissie van het standpunt van het Parlement en van de Raad met betrekking tot het derde amendement, zowel in de versie van het Parlement als in de versie van de Raad. De Raad heeft zijn gemeenschappelijk standpunt met eenparigheid van stemmen vastgesteld, tegen het advies van de Commissie in, die haar standpunt heeft gehandhaafd.

5. Verklaring van de Commissie

Zie aangehechte verklaring.

BIJLAGE

RAAD ONTWIKKELING 10 NOVEMBER 2000

Punt ... van de lijst van A-punten (ECIP)

Ref: Gemeenschappelijk standpunt van de Raad betreffende de afsluiting en afwikkeling van projecten door de Commissie goedgekeurd in het kader van de Verordening (EEG) nr. 213/96 van de Raad betreffende de tenuitvoerlegging van het financieel instrument "EC Investment Partners" ten behoeve van de landen van Latijns-Amerika, Azië, het Middellandse-Zeegebied en Zuid-Afrika.

VERKLARING VOOR DE NOTULEN

De Commissie neemt nota van de verzoeken die zijn opgenomen in artikel 2 van het gemeenschappelijk standpunt. De Commissie behoudt zich echter het recht voor op deze verzoeken te reageren, indien deze worden gehandhaafd in de verordening van het Parlement en de Raad, overeenkomstig de bepalingen van het Verdrag, met name waar het haar recht van initiatief betreft.