52001DC0700

Naar een succesvolle uitbreiding - Strategiedocument en Verslag van de Commissie over de vorderingen van de kandidaat-lidstaten op de weg naar toetreding [SEC (2001) 1744 à 1756] /* COM/2001/0700 def. */


Naar een succesvolle uitbreiding - Strategiedocument en Verslag van de Commissie over de vorderingen van de kandidaat-lidstaten op de weg naar toetreding [SEC (2001) 1744 à 1756]

I. Algemene context

1. Inleiding

2. Publieke opinie en uitbreiding

3. Het uitbreidingsproces en de buurlanden

a) Westelijke Balkan

b) EVA-landen

c) Nieuwe Onafhankelijke Staten

d) Middellandse-Zeegebied

II. Vorderingen van de kandidaat-lidstaten bij het voldoen aan de toetredingsvoorwaarden

1. Politieke criteria

a) Algemene ontwikkelingen

b) Conclusies

2. Economische criteria

a) Algemene ontwikkelingen

b) Conclusies

3. Andere verplichtingen van het lidmaatschap

a) Overname, uitvoering en handhaving van het acquis

b) Overzicht per sector en conclusies

c) De EMU en de euro

III. Naar een succesvolle uitbreiding

1. Het draaiboek: de nog af te handelen hoofdstukken

a) Financieel kader en daarmee verband houdende hoofdstukken

b) Andere hoofdstukken

2. Actieplan voor administratieve en gerechtelijke capaciteit

a) Intensivering van de maatregelen voor institutionele versterking

b) Beter toezicht

c) Administratieve capaciteit na de toetreding

3. De pretoetredingsstrategie voor Turkije - naar een nieuwe fase

4. De volgende stappen

a) Voldoen aan de toetredingscriteria

b) De eerste toetredingen

c) Andere kandidaat-lidstaten waarmee wordt onderhandeld - naar een bijgewerkte routebeschrijving

IV. Conclusies

Bijlagen

Bijlage 1: Conclusies van de periodieke verslagen

Bulgarije

Cyprus

Tsjechische Republiek

Estland

Hongarije

Letland

Litouwen

Malta

Polen

Roemenië

Slowakije

Slovenië

Turkije

Bijlage 2: Belangrijkste statistische indicatoren van de kandidaat-lidstaten (2000)

Bijlage 3: De pretoetredingsstrategie

Bijlage 4: Per 30 september 2001 door de kandidaat-lidstaten geratificeerde mensenrechtenverdragen

Bijlage 5: Twinningprojecten in 1998-2001

Bijlage 6: Stand van de onderhandelingen per 26 oktober 2001

I. Algemene context

1. Inleiding

Al ruim vijftig jaar draagt de Europese Unie ertoe bij dat er een einde komt aan conflicten uit het verleden en vrede, veiligheid, gerechtigheid en welzijn in heel Europa worden versterkt. Sinds de kandidaat-lidstaten de uitnodiging kregen lid te worden van de Europese Unie, draagt het uitbreidingsproces doorslaggevend bij tot de totstandbrenging van politieke stabiliteit, economische vooruitgang en sociale rechtvaardigheid. Stabiele instellingen, regeringswissels op basis van vrije en democratische verkiezingen, een betere bescherming van de mensenrechten, waaronder de rechten van minderheden, en markteconomische beginselen zijn inmiddels vrij gewoon. Het uitbreidingsproces maakt van Europa een veiliger oord voor haar burgers en draagt bij tot conflictpreventie en -beheersing in de rest van de wereld.

De uitbreiding levert niet alleen voordelen op voor de huidige en nieuwe lidstaten, maar ook voor buurlanden waarmee de Europese Unie nauwe banden onderhoudt. Er mogen op ons continent geen nieuwe scheidslijnen worden getrokken. Iedere nieuwe lidstaat wordt met zijn eigen politieke, economische, culturele, historische en geografische identiteit lid van de EU, en dat is een verrijking voor Europa als geheel.

Een sterk en verenigd Europa is belangrijker dan ooit, met name tegen de achtergrond van de terroristische aanslagen van 11 september en de daaropvolgende gebeurtenissen. De kandidaten voor het lidmaatschap van de Europese Unie betuigden hun instemming met de EU-veroordeling van terrorisme en sloten zich onmiddellijk en volledig aan bij de conclusies en het actieplan van de buitengewone Europese Raad van 21 september 2001.

De Commissie herinnert eraan dat zij vastbesloten is van de uitbreiding een succes te maken. Dit is bevorderlijk voor de veiligheid en stabiliteit in Europa, maar ook in aan de EU grenzende regio's en verder weg. 2002 wordt een cruciaal jaar voor de succesvolle voltooiing van de lopende toetredingsonderhandelingen en voor de voorbereidingen van de kandidaat-lidstaten op het lidmaatschap.

In de periodieke verslagen van dit jaar en de voorstellen voor herziene toetredingspartnerschappen worden de terreinen genoemd waarop verdere inspanningen het meest noodzakelijk zijn. Samen met de routebeschrijving die de Commissie vorig jaar november heeft opgesteld en die op de daaropvolgende bijeenkomsten van de Europese Raad is goedgekeurd, vormen deze een leidraad voor de succesvolle afronding van het toetredingsproces met de betrokken landen. De Commissie zal in de periodieke verslagen van komend jaar beoordelen of een kandidaat-lidstaat ver genoeg is om de rechten en verplichtingen van het lidmaatschap op zich te nemen. Als de inspanningen worden volgehouden, moet het mogelijk zijn de toetredingsonderhandelingen vóór eind 2002 af te sluiten met de landen die voldoen aan de toetredingscriteria. Op deze basis zouden deze landen klaar zijn om in 2004 lid te worden van de EU, overeenkomstig de doelstelling van het Europees Parlement en de Europese Raad.

De beginselen voor dit proces blijven ongewijzigd. Op de Europese Raad van Berlijn is een duidelijk raamwerk gecreëerd voor de financiële aspecten van de uitbreiding. Dit raamwerk vormt een toereikende basis voor de toetreding van maximaal tien landen in 2004. Op de Europese Raad van Nice is overeenstemming bereikt over een kader voor de institutionele hervormingen die noodzakelijk zijn in verband met de uitbreiding. De onderhandelingen worden gevoerd op basis van het bestaande acquis, onder toepassing van de beginselen van eigen merites en het inlopen van achterstand, en worden afgesloten met de kandidaat-lidstaten die voldoen aan de criteria voor het lidmaatschap. Dit zijn de noodzakelijke en toereikende voorwaarden die aan het begin van dit proces zijn vastgesteld voor de voltooiing van de eerste toetredingen. Discussies binnen de Europese Unie over de hervorming van het beleid of de instellingen moeten duidelijk worden gescheiden van de toetredingsonderhandelingen en mogen deze niet hinderen of vertragen.

Het tempo van de onderhandelingen met elke kandidaat weerspiegelt, eerst en vooral, het tempo van de eigen voorbereidingen van die kandidaat op de toetreding. De toepassing van het beginsel van differentiatie op basis van de eigen merites van elke kandidaat-lidstaat samen met een gedecideerd continueren van de voorbereidingen op het lidmaatschap, gesteund door de EU-pretoetredingsinstrumenten, betekent ook dat kandidaat-lidstaten waarmee de onderhandelingen later begonnen zijn, hun achterstand op een bepaald moment kunnen inhalen. De huidige uitbreidingsstrategie vormt een goede grondslag voor de tijdige voltooiing van de onderhandelingen met de kandidaat-lidstaten die ver genoeg gevorderd zijn met hun voorbereidingen.

De voorwaarden voor het lidmaatschap, zoals die uiteen zijn gezet door de Europese Raad van Kopenhagen in 1993 en verder werden uitgewerkt op de daaropvolgende bijeenkomsten van de Europese Raad, vormen de maatstaf voor de beoordeling van de vorderingen van de kandidaat-lidstaten. Deze voorwaarden gelden nog steeds en er is geen sprake van dat zij worden aangepast. In dit stadium van het uitbreidingsproces moet de aandacht echter zowel worden gericht op het vermogen van de kandidaat-lidstaten om het acquis te implementeren en te handhaven, als op de omzetting ervan in wetgeving. Om deze reden wordt nu bijzondere aandacht geschonken aan de bestuurlijke en justitiële capaciteit van de kandidaat-lidstaten. Via een actieplan wil de Commissie meer steun verlenen voor institutionele opbouw en nauw toezicht uitoefenen op het nakomen van verplichtingen die de kandidaat-lidstaten tijdens de onderhandelingen op zich nemen en de verwezenlijking van de in de toetredingspartnerschappen genoemde prioriteiten.

De Europese Unie blijft volledige steun verlenen voor de voorbereidingen op het lidmaatschap van kandidaat-lidstaten die de onderhandelingen niet binnen de hierboven genoemde termijn kunnen afsluiten. De onderhandelingen met deze kandidaat-lidstaten worden voortgezet op basis van de beginselen die het toetredingsproces al sedert het begin leiden. In 2002 zal de Commissie in haar strategiedocument over de uitbreiding een bijgewerkte versie opnemen van de routebeschrijving en, voor zover nodig, een herziene pretoetredingsstrategie voor deze kandidaat-lidstaten, rekening houdende met hun vorderingen komend jaar en de conclusies van de Europese Raad van Göteborg.

Om de voorbereidingen op de uitbreiding te intensiveren worden de kandidaat-lidstaten steeds nauwer betrokken bij EU-programma's en -activiteiten. Bij de opstelling van de economische pretoetredingsprogramma's is rekening gehouden met de vereisten voor de economische en monetaire unie. Verder worden nationale werkgelegenheidsstrategieën ontwikkeld. In de conclusies van de Europese Raad van Göteborg worden de kandidaat-lidstaten uitgenodigd de economische, sociale en milieudoelstellingen van de Unie om te zetten in hun nationale beleid. De kandidaat-lidstaten moeten zo veel mogelijk worden betrokken bij het proces van Lissabon, dat gericht is op de strategische doelstelling van de Unie om een duurzaam, sterk concurrerend, op kennis gebaseerd economisch bestel te ontwikkelen.

Samenwerking op het gebied van justitie en binnenlandse zaken wordt steeds belangrijker, zowel voor de bestrijding van terrorisme en georganiseerde criminaliteit, als met het oog op de discussies op langere termijn over de mogelijke totstandkoming van gezamenlijke regelingen voor grenscontrole. Het Schengen-systeem zal voor alle nieuwe lidstaten gelden. Volledige deelname eraan zal worden gebaseerd op een tweeledig proces. De nieuwe lidstaten moeten bij toetreding eerst zorgen voor een goede controle van de buitengrenzen. De opheffing van de controles aan de binnengrenzen met de huidige lidstaten volgt pas in een later stadium, na goedkeuring van een desbetreffend afzonderlijk besluit van de Raad.

Toetreden tot de Europese Unie kan niet worden gelijkgeschakeld met toetreden tot de euro. Deelname aan de muntunie maakt deel uit van het acquis, maar de kandidaat-lidstaten moeten eerst nog voldoen aan de convergentiecriteria voor deelname aan de euro. Hierover wordt later, na de toetreding, een besluit genomen, nadat is vastgesteld dat sprake is van een hoge graad van duurzame convergentie, zoals ook het geval was voor de eerste deelnemers aan de eurozone. De eerste prioriteit voor iedere kandidaat-lidstaat is nu echter het voldoen aan de economische criteria van Kopenhagen.

De kandidaat-lidstaten worden steeds meer betrokken bij de discussie over de toekomst van Europa, met inbegrip van de Conventie, die de weg moet bereiden voor de volgende Intergouvernementele Conferentie. Het werk van de Conventie en de IGC is van kapitaal belang voor de toekomst van Europa; het vormt echter geenszins een nieuwe voorwaarde voor de uitbreiding.

Naarmate het debat over de toekomst van Europa vordert en de uitbreidingsdatum dichterbij komt, zullen de burgers van de huidige en toekomstige lidstaten meer inzicht willen verwerven in de mogelijke gevolgen van die uitbreiding. De Commissie is, samen met het Europees Parlement, bereid in deze vraag te voorzien en de inspanningen van politieke leiders in de betrokken landen te steunen bij het verduidelijken van bepaalde vraagstukken aan het publiek.

Het zou voor Europa als geheel, en voor de wereld in het algemeen, buitengewoon inspirerend zijn als Cyprus ongedeeld lid zou worden van de Europese Unie, op basis van een regeling waarbij met de belangen van de respectieve partijen gelijkelijk rekening wordt gehouden. Betreurenswaardig is dat de Turks-Cyprische leiders momenteel niet betrokken zijn bij de inspanningen om deze kwestie onder auspiciën van de Verenigde Naties op te lossen. Alle betrokken partijen moeten ten volle gebruik maken van de geboden mogelijkheden om een oplossing te bereiken alvorens de toetredingsonderhandelingen worden afgerond. Wordt echter geen oplossing bereikt vóór afsluiting van de onderhandelingen, dan neemt de Raad, zonder dat dit een voorwaarde is, overeenkomstig de conclusies van de Europese Raad van Helsinki, een besluit over toetreding.

De Europese Raad van Helsinki concludeerde dat Turkije een kandidaat-lidstaat is waarvan het verzoek om lidmaatschap zal worden beoordeeld op basis van dezelfde criteria als de andere kandidaat-lidstaten. De pretoetredingsstrategie, waarop in de conclusies van die Raad wordt aangedrongen, is inmiddels goed gevorderd. De Commissie neemt met instemming kennis van de politieke en economische hervormingen waartoe reeds de aanzet is gegeven. Turkije moet erop toezien dat deze hervormingen doel treffen, met name wat de bescherming van de mensenrechten betreft, en een actieve bijdrage leveren aan de oplossing van de kwestie-Cyprus en de geschillen die zijn gerezen in verband met het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid.

De komende uitbreiding van de Europese Unie wordt grondig voorbereid door middel van de in dit document toegelichte strategie. Deze berust op duidelijke beginselen, die door de opeenvolgende bijeenkomsten van de Europese Raad zijn genoemd, en op een transparante en objectieve methode, die door de Commissie in Agenda 2000 is toegelicht en ieder jaar in de periodieke verslagen wordt toegepast. Dit document, en de daarmee gepaard gaande verslagen, bieden een analyse van de stand van zaken in het kader van het uitbreidingsproces aan het eind van 2001, en wijzen de weg om ervoor te zorgen dat de volgende en beslissende fase van het uitbreidingsproces succesvol verloopt.

2. Publieke opinie en uitbreiding

Bij de voorbereiding van de huidige uitbreidingsronde moeten de politieke en economische leiders in de Europese Unie met het publiek een dialoog aangaan over de uitbreiding en een bijdrage leveren aan de discussie over de Unie in de kandidaat-lidstaten.

Opiniepeilingen en de Eurobarometer geven te zien dat de voorlichting over de gevolgen van de uitbreiding en het inzicht daarin in de huidige Unie moeten worden verbeterd. In de kandidaat-lidstaten is de steun van het publiek voor de toetreding over het algemeen groot, al varieert deze steun ook wel door toedoen van verschillende factoren, bijvoorbeeld door ontwikkelingen in de toetredingsonderhandelingen.

In mei 2000 is de Commissie een communicatiestrategie begonnen om meer informatie beschikbaar te stellen over het uitbreidingsproces. Wil deze opzet slagen, dan moeten Europese instellingen, maar ook gekozen vertegenwoordigers, politieke leiders, regeringen, economische en sociale partners en de civiele samenleving in het algemeen bij de dialoog worden betrokken.

De Commissie ontwikkelt haar communicatiestrategie op een gedecentraliseerde basis, rekening houdende met de bijzondere behoeften en voorwaarden van de lidstaten en de kandidaat-lidstaten. De vertegenwoordigingen van de Commissie in de vijftien lidstaten, en haar delegaties in de dertien kandidaat-lidstaten, dragen de verantwoordelijkheid voor de opstelling van programma's die op hun behoeften zijn afgestemd. Op regionaal niveau wordt prioriteit verleend aan regio's van de Unie in haar huidige vorm die aan de kandidaat-lidstaten grenzen. Bij de ontwikkeling van de strategie werkt de Commissie nauw samen met de bureaus van het Europees Parlement.

De Commissie zal de Raad en het Parlement op de hoogte stellen van de resultaten.

3. Het uitbreidingsproces en de buurlanden

Wanneer de EU uitbreidt, krijgt zij nieuwe buurlanden en haar betrekkingen met deze buurlanden krijgen dan ook een ander karakter, waarin de nieuwe situatie tot uitdrukking komt. De EU heeft specifiek beleid ontwikkeld voor elke aan haar grondgebied grenzende regio: zo is er het Stabilisatie- en Associatieproces voor de westelijke Balkan, het proces van Barcelona voor het Middellandse-Zeegebied en het kader voor Partnerschap en Samenwerking met Rusland, Oekraïne en andere Nieuwe Onafhankelijke Staten (NOS). Dit vormt een aanvulling op de nauwe en geïntegreerde betrekkingen die zijn ontwikkeld met de landen die deel uitmaken van de Europese Vrijhandelsassociatie en de Europese Economische Ruimte.

Dit beleid is gericht op de totstandkoming van een vrijhandelszone die de EU en haar buurlanden omvat en waarin democratie en eerbiediging van de mensenrechten en de rechtsstaat overheersen.

Naarmate de EU uitbreidt, nemen ook de gezamenlijke belangen van de EU en haar nieuwe buurlanden toe. Dit creëert nieuwe mogelijkheden, en vormt een stimulans voor groei en investeringen. Uitbreiding betekent uiteindelijk dat er een interne markt ontstaat van ruim 500 miljoen consumenten. Het is in het gemeenschappelijk belang van de EU en haar nieuwe buurlanden dat zij samen blijven werken aan de consolidering van de economische hervormingen en de versterking van het bedrijfsleven door een transparant regelgevingsklimaat tot stand te brengen. Geleidelijke aanpassing aan de regels van de interne markt en het regelgevingskader van de EU vergemakkelijkt de handel en trekt investeringen aan in regio's die aan de EU grenzen. Dit brengt voordelen met zich voor bedrijven in alle betrokken landen.

De uitbreiding brengt echter ook een aantal nieuwe uitdagingen met zich. Er zal behoefte zijn aan meer samenwerking tussen de EU en haar buurlanden voor onderwerpen als justitie en binnenlandse zaken. De EU zal waarschijnlijk meer migranten aantrekken uit de buurlanden en met deze landen moeten gaan nadenken over strategieën om de legale migratie beter te plannen en illegale migratie en mensenhandel te bestrijden. Het beheer van de grenzen wordt nog belangrijker, aangezien nauw zal moeten worden samengewerkt op gebieden variërend van douane- en veterinaire/fytosanitaire controles tot bestrijding van georganiseerde criminaliteit en drugshandel.

De Unie in uitgebreide vorm moet de betrekkingen met haar onmiddellijke buren verdiepen en werken aan de verdere ontwikkeling van een gezamenlijke aanpak. Het is niet onwaarschijnlijk dat de Unie in uitgebreide vorm er belang in zal zien om de gemeenschappelijke elementen van de huidige drie geografische strategieën met elkaar te verbinden. De toekomstige grenzen van de Unie mogen geen nieuwe scheidslijn worden. Een goed opgezet proximiteitsbeleid, dat voortbouwt op het huidige beleidskader, moet waarborgen dat de EU in uitgebreide vorm en haar buurlanden hun gezamenlijke belangen en activiteiten verdiepen.

a) Westelijke Balkan

In 2001 is de democratie geconsolideerd in het gebied van de westelijke Balkan. Na de verkiezing van een nieuwe democratische regering in de Federale Republiek Joegoslavië (FRJ) hebben de landen in deze regio de politieke, economische en administratieve hervormingen voortgezet. Er is echter niet overal evenveel vooruitgang geboekt en de heropleving van het geweld in de zuidelijke regio's van de FRJ en in de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië is een zware slag voor de vrede en veiligheid in de regio. De uitdaging voor de EU bestaat eruit daadkrachtig te reageren wanneer de situatie in de regio onbestendig is en tegelijkertijd verder te gaan op de weg naar integratie van de landen in deze regio in de EU, overeenkomstig de conclusies van de Europese Raad van Feira.

Het stabilisatie- en associatieproces (SAP) biedt een kader waarbinnen nieuwe contractuele betrekkingen en een bijstandsprogramma (CARDS) de betrokken landen helpen in hun eigen tempo vorderingen te boeken als potentiële kandidaat voor het EU-lidmaatschap. Regionale samenwerking is van groot belang voor de consolidatie van de stabiliteit en een vitaal onderdeel van de betrokkenheid van de EU bij Zuidoost-Europa. Dit vereist aanvullende inspanningen. Alle landen in de regio dienen bijstand te krijgen bij hun pogingen om de inspanningen op het vlak van de regionale samenwerking te synchroniseren met de vereisten voor integratie in de EU. Het stabilisatie- en associatieproces, het stabiliteitspact en financiële bijstand spelen in dit verband elk voor zich een aanvullende rol.

b) EVA-landen

De nieuwe lidstaten treden toe tot de overeenkomsten van de Unie met de leden van de Europese Vrijhandelsassociatie (EVA). De toetredende landen moeten een aanvraag indienen om lid te worden van de Europese Economische Ruimte (EER), overeenkomstig artikel 128 van de Overeenkomst inzake de EER. Met het oog hierop houdt de Commissie de EVA-partners op de hoogte van de vorderingen in het kader van de toetredingsonderhandelingen.

c) Nieuwe Onafhankelijke Staten

De EU werkt aan een sterker partnerschap met Rusland, zodat beide partijen voordeel kunnen ondervinden van intensievere samenwerking op gebieden als energie, buitenlands beleid, justitie en binnenlandse zaken en milieu. De partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst (PSO) met Rusland biedt een basis voor een politieke dialoog en een brede vorm van samenwerking, onder meer in verband met de aanvraag van Rusland voor het lidmaatschap van de Wereldhandelsorganisatie (WTO). De ontwikkeling van de betrekkingen tussen de EU en Rusland binnen het kader van de PSO kreeg een nieuwe impuls op de topontmoeting EU-Rusland in oktober 2001, waarop overeenstemming werd bereikt over een werkgroep op hoog niveau voor de ontwikkeling van een concept voor een gemeenschappelijke Europese economische ruimte.

Rusland juicht de uitbreiding van de EU toe en verwacht van de EU dat de gevolgen daarvan voor Rusland zorgvuldig worden onderzocht. Dergelijke vraagstukken komen aan bod in de bij de partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst ingestelde organen, met het doel eventuele problemen vóór de uitbreiding op te lossen. De kwestie-Kaliningrad is in deze context aan de orde gesteld. De Commissie presenteerde in 2001 een discussiestuk. Daarin wordt onderzocht welke gevolgen de uitbreiding heeft voor Kaliningrad. Ook wordt aandacht besteed aan andere vraagstukken van gemeenschappelijk belang, zoals milieubescherming in het Oostzeegebied. Het is in het belang van de EU en Rusland erop toe te zien dat Kaliningrad baat ondervindt van de gunstige economische gevolgen van de uitbreiding. Praktische vraagstukken, zoals visa en grensformaliteiten voor reizen tussen Kaliningrad en de rest van Rusland moeten worden besproken om constructieve oplossingen te vinden binnen het acquis.

De EU heeft ook partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomsten gesloten met Oekraïne en Moldavië en zich ertoe verbonden deze twee landen bij te staan in hun proces van politieke en economische overgang en van geleidelijke aanpassing aan de Europese wetgeving en praktijk. Beide landen is verzocht deel te nemen aan de Europese Conferentie en beide zijn actief in regionale en sub-regionale groepen waaraan ook wordt deelgenomen door EU-lidstaten, kandidaat-lidstaten en landen die betrokken zijn bij het stabilisatie- en associatieproces. Ook Wit-Rusland krijgt een grens met de EU, maar de betrekkingen met dit land zijn beperkt vanwege de zwakke staat van dienst van Wit-Rusland op het gebied van de democratie, de mensenrechten en de rechtsstaat.

d) Middellandse-Zeegebied

De EU werkt samen met de landen van het Middellandse-Zeegebied in het kader van het proces van Barcelona, waarbinnen de vijftien lidstaten samen met twaalf landen uit het Middellandse-Zeegebied streven naar samenwerking in politieke en veiligheidsvraagstukken, economische samenwerking, met als einddoel vrijhandel, en sociale en culturele samenwerking. Diverse regionale samenwerkingsinitiatieven en een netwerk van bilaterale betrekkingen onderbouwen dit kader. Het proces ondervindt weliswaar hinder van het uitblijven van langdurige vrede in het Midden-Oosten, maar het is er in ieder geval in geslaagd de in 1995 ingestelde dialoog gaande te houden en een forum te bieden voor bijeenkomsten tussen Israël en de Arabische landen.

Er zijn associatieovereenkomsten in werking getreden tussen de EU en Marokko, Tunesië, Israël en de Palestijnse Autoriteit. Dergelijke overeenkomsten zijn ook al getekend met Jordanië en Egypte. De overeenkomst met Jordanië treedt op zeer korte termijn in werking. De onderhandelingen gaan voort met Algerije, Libanon en Syrië, en het ziet ernaar uit dat de overeenkomsten met de eerste twee landen vóór eind 2001 kunnen worden afgerond. De resterende drie landen (Cyprus, Malta en Turkije) vallen onder al eerder bestaande overeenkomsten en bevinden zich op de weg naar toetreding. Voorts voorziet het proces van Barcelona in sluiting van vrijhandelsovereenkomsten tussen de partners ("Zuid-Zuid-Overeenkomsten"). De EU heeft dan ook met grote instemming kennis genomen van en steun aangeboden voor het proces van Agadir, dat op 8 mei 2001 in gang is gezet en in het kader waarvan Marokko, Tunesië, Egypte en Jordanië hebben afgesproken vrijhandelsovereenkomsten te sluiten.

In november 2000 zijn de 27 ministers van Buitenlandse Zaken overeengekomen de Europees-mediterrane samenwerking opnieuw te stimuleren en ambitieuze doelen uit te zetten om het proces van Barcelona verder vooruit te helpen. De werkzaamheden zijn sindsdien geïntensiveerd. De tragische gebeurtenissen van 11 september 2001 hebben echter laten zien dat er behoefte is aan nog nauwere samenwerking, ook en misschien wel vooral op sociaal, cultureel en onderwijsgebied. Het proces van Barcelona biedt een uitermate geschikt kader daarvoor.

II. Vorderingen van de kandidaat-lidstaten bij het voldoen aan de toetredingsvoorwaarden

Als in eerdere jaren worden in de periodieke verslagen ook dit jaar vooral de feitelijk goedgekeurde wettelijke maatregelen genoemd en niet zozeer de maatregelen die in voorbereiding zijn. De Commissie heeft onderzocht of aangekondigde hervormingen in de periode na oktober 2000 daadwerkelijk zijn geïmplementeerd. Voor elk van de 29 hoofdstukken van het acquis van de Europese Unie worden in de rapporten de vorderingen van de kandidaat-lidstaten geanalyseerd bij de overname van het acquis en implementatie en handhaving daarvan middels de nodige bestuurlijke structuren. Elk hoofdstuk bevat een evaluatie van de vorderingen sinds het vorige periodiek verslag met daarnaast een evaluatie van de algemene vooruitgang.

De evaluatie is in eerste instantie gebaseerd op de informatie die door de kandidaat-lidstaten zelf wordt verstrekt. De Commissie heeft zich ook gebaseerd op informatie die is opgesteld in de context van de toetredingsonderhandelingen en tijdens bijeenkomsten in het kader van de associatieovereenkomsten. Zij vergeleek de informatie uit deze bronnen met de informatie die is opgenomen in de nieuwe Nationale Programma's voor de Overname van het Acquis, die zij in de eerste helft van 2001 ontving. De Commissie baseerde zich ook op de rapporten van het Europees Parlement, evaluaties van de lidstaten, de werkzaamheden van internationale organisaties, met name de Raad van Europa en de OVSE, internationale financiële instellingen, Europese bedrijfsorganisaties en niet-gouvernementele organisaties.

1. Politieke criteria

De Europese Raad van Kopenhagen verklaarde als volgt: "Het lidmaatschap vereist dat het kandidaat-land is gekomen tot stabiele instellingen die de democratie, de rechtsorde, de mensenrechten en het respect voor en de bescherming van minderheden garanderen." Artikel 6 van het Verdrag betreffende de Europese Unie bepaalt: "De Unie is gegrondvest op de beginselen van vrijheid, democratie, eerbiediging van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, en van de rechtsstaat." Deze beginselen werden benadrukt in het Handvest van grondrechten van de Europese Unie, dat in december 2000 in Nice is geproclameerd.

a) Algemene ontwikkelingen

In de verslagen van 2000 concludeerde de Commissie dat alle landen waarmee onderhandelingen gaande zijn, voldoen aan de politieke criteria en de algemene staat van dienst op het gebied van de versterking van de democratische instellingen, de eerbiediging van de rechtsstaat en de bescherming van de mensenrechten het afgelopen jaar is verbeterd. De Commissie wees de landen er evenwel op de hervorming dan wel versterking van het rechtsstelsel sneller door te voeren en het probleem van de corruptie aan te pakken. Ook riep zij op tot strengere maatregelen voor de bestrijding van het groeiende probleem van de handel in vrouwen en kinderen en beklemtoonde zij dat de inspanningen om verbetering te brengen in de situatie van de Roma onvermoeid moeten worden voortgezet. De Commissie verzocht Turkije dringend de vereiste besluiten te nemen om de intenties inzake bescherming van de mensenrechten om te zetten in concrete maatregelen.

De kandidaat-landen zijn zich sinds de vorige periodieke verslagen blijven inzetten om de werking van hun democratische regeringsstelsels te versterken. In Bulgarije, Cyprus, de Tsjechische Republiek, Estland, Letland, Malta, Polen en Roemenië zijn nationale of plaatselijke verkiezingen gehouden. Die verkiezingen waren in alle gevallen vrij en eerlijk.

Aanzienlijke verdere inspanningen werden geleverd om onafhankelijkheid, transparantie, verantwoordingsplicht en efficiency van de overheidsadministratie te waarborgen. In diverse landen werd het wettelijk kader voor de overheidsdienst versterkt en werden de opleiding van ambtenaren en de modernisering van de overheid voortgezet. Deze inspanningen moeten worden volgehouden.

Verdere vooruitgang werd geboekt bij de hervorming en versterking van het gerechtelijk apparaat, van het grootste belang om de eerbiediging van de rechtsstaat en de effectieve handhaving van het acquis te waarborgen. Diverse landen boekten vooruitgang bij de goedkeuring van basiswetgeving, de versterking van de human resources en de verbetering van de arbeidsomstandigheden. De inspanningen op dit gebied moeten worden versterkt, waarbij bijzondere aandacht moet worden besteed aan het waarborgen van de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht.

In eerdere rapporten wordt corruptie een ernstig probleem genoemd, dat "wordt verergerd door lage lonen in de overheidssector en het gebruik op grote schaal van bureaucratische controles in de economie". Deze evaluatie behoudt grotendeels haar geldigheid, al deden zich enkele positieve ontwikkelingen voor. In de meeste landen zijn de instanties die corruptie bestrijden versterkt, en is vooruitgang geboekt op wetgevingsvlak, op gebieden als overheidsopdrachten en de publieke toegang tot informatie. Bemoedigende ontwikkelingen in diverse landen met betrekking tot de hervorming van de overheidsadministratie dragen ook bij tot de bestrijding van corruptie. Ondanks deze inspanningen blijven corruptie, fraude en economische criminaliteit in vele kandidaat-landen een wijdverbreid verschijnsel. De burger heeft dan ook weinig vertrouwen en dit schaadt de geloofwaardigheid van de hervormingen. Verdere, krachtige maatregelen zijn nodig om dit probleem het hoofd te bieden.

De afgelopen jaren wees de Commissie reeds op het probleem van de kindertehuizen in Roemenië. De Roemeense autoriteiten hebben wetgevende, administratieve en financiële maatregelen genomen, met steun in het kader van PHARE. Deze inspanningen moeten worden gecontinueerd om een tastbare en langdurige verbetering van de levensomstandigheden van de betrokken kinderen en families te waarborgen, misbruik te voorkomen en het probleem van de straatkinderen aan te pakken.

De alarmerende trend die in het vorige periodiek verslag werd vastgesteld met betrekking tot de handel in vrouwen en kinderen, zette zich dit jaar helaas door. Verscheidene kandidaat-landen bleven landen van oorsprong, doorvoer en bestemming van deze handel, en niets wijst erop dat het probleem afneemt. Strenge maatregelen zijn nodig om deze trend te keren, met het nodige respect voor de rechten van slachtoffers.

In verscheidene landen kunnen beperkte verbeteringen worden waargenomen wat betreft de problemen met betrekking tot voorarrest. Deze houden vooral verband met de uitzonderlijk lange duur van het voorarrest, het weigeren van toegang aan advocaten en, in sommige gevallen, slechte behandeling. Deze problemen moeten worden aangepakt.

In diverse landen is verdere vooruitgang geboekt met betrekking tot gendergelijkheid, zowel wat wetgeving, als institutioneel kader betreft. Verdere inspanningen zijn echter noodzakelijk voor de bevordering van de economische en sociale gelijkheid van vrouwen. De maatregelen die in diverse landen zijn genomen om de slachtoffers van geweld bij te staan, zijn welkome ontwikkelingen, die gepaard dienen te gaan met passende preventieve maatregelen.

Met betrekking tot minderheden waren er diverse bemoedigende ontwikkelingen. Estland en Letland boekten verdere vooruitgang met de integratie van niet-staatsburgers en blijven voldoen aan alle OVSE-aanbevelingen betreffende staatsburgerschap en naturalisatie. In beide landen moet erop worden toegezien dat de taalwetten worden geïmplementeerd onder eerbiediging van de beginselen van proportionaliteit en gerechtvaardigd openbaar belang. In diverse landen zijn verdere stappen gezet om het wetgevings- en institutionele kader voor de bescherming van minderheden verder te versterken. In Bulgarije, Slowakije en Roemenië spelen minderheden een belangrijke rol in de nationale politiek.

Alle landen met grote Roma-gemeenschappen beschikken nu over nationale actieplannen voor de bestrijding van discriminatie, nog steeds een wijdverbreid verschijnsel, en de verbetering van de levensomstandigheden, die nog steeds moeilijk zijn. In de meeste gevallen is de implementatie van deze actieplannen gaande, en in enkele landen zijn de begrotingsmiddelen wat dit betreft versterkt. In het kader van PHARE worden nog steeds financieringsmiddelen vrijgemaakt voor de ondersteuning van deze acties. Verdere inspanningen zijn vereist om ervoor te zorgen dat de verschillende programma's, in nauwe samenwerking met de vertegenwoordigers van de Roma, duurzaam worden geïmplementeerd en passende budgettaire steun in alle landen beschikbaar wordt gemaakt.

In het verslag over 2000 concludeerde de Commissie dat Turkije niet beantwoordde aan de politieke criteria van Kopenhagen. Ondanks enkele positieve ontwikkelingen behoudt deze evaluatie haar geldigheid. Verdere inspanningen zijn nodig.

Het Turkse nationale programma voor de overname van het acquis werd gevolgd door een omvangrijk pakket van constitutionele hervormingen, dat voortbouwt op het werk van de parlementaire verzoeningscommissie. Dit pakket werd op 3 oktober 2001 in recordtempo en met een overweldigende meerderheid goedgekeurd, een bewijs dat het parlement vastbesloten is Turkije dichter bij de EU-normen te brengen.

Dit is een uiterst belangrijke stap op de weg naar versterking van de waarborgen op het gebied van de mensenrechten en de fundamentele vrijheden en de beperking van de toepassing van de doodstraf. De amendementen houden met name een beperking in van de gronden waarop restricties van de vrijheid van meningsuiting en communicatie, de persvrijheid en de vrijheid van vereniging mogen worden ingevoerd. De aandacht heeft zich nu verplaatst naar de effectieve implementatie van deze belangrijke veranderingen. Uitvoeringswetgeving is in voorbereiding.

Ondanks deze veranderingen blijven de restricties op de uitoefening van de fundamentele vrijheden van kracht. De mate waarin personen in Turkije daadwerkelijk kunnen profiteren van een verbetering van de situatie ten aanzien van de fundamentele vrijheden, is afhankelijk van de interpretatie van de constitutionele amendementen, de details van de uitvoeringswetgeving en de praktische toepassing van de wet door de autoriteiten.

De Commissie stimuleert Turkije sterk om substantiële verbeteringen door te voeren, niet alleen in constitutionele bepalingen en wetten betreffende de bescherming van de mensenrechten, maar vooral in de mensenrechtensituatie in de praktijk. Hiertoe is een hervorming van vele bestaande structuren en praktijken vereist. De Commissie neemt met instemming kennis van het feit dat het moratorium op de doodstraf nog steeds wordt gehandhaafd en de doodstraf door de constitutionele hervormingen minder wordt toegepast, maar herinnert Turkije eraan dat de doodstraf zelf moet worden afgeschaft om Turkije op één lijn te brengen met de beginselen van de Europese Unie. De Commissie verzoekt Turkije met klem bijzondere aandacht te schenken aan de significante verbetering van de situatie in Zuidoost-Turkije.

b) Conclusies

Alle kandidaat-landen waarmee op dit moment wordt onderhandeld, blijven beantwoorden aan de politieke criteria van Kopenhagen. Turkije voldoet nog steeds niet aan die criteria.

De vereisten van de politieke criteria van Kopenhagen en de regelmatige evaluatie door de Commissie van de vorderingen van de kandidaat-lidstaten bij het voldoen aan die criteria, blijven voor de kandidaat-lidstaten fungeren als een belangrijke stimulans. Sinds de adviezen van 1997 en de daaropvolgende periodieke verslagen is aanzienlijke algemene vooruitgang geboekt bij het consolideren en verdiepen van de democratie en de eerbiediging van de rechtsstaat, de mensenrechten en de rechten van minderheden. Voortbouwend op deze vooruitgang waren er het afgelopen jaar verdere positieve ontwikkelingen, en verbeterde de algemene staat van dienst op het gebied van de versterking van de democratische instellingen, de eerbiediging van de rechtsstaat en de bescherming van de mensenrechten zich verder.

De hervorming en versterking van het gerechtelijk apparaat begint weliswaar langzaam maar zeker vruchten af te werpen, maar moet in een hoger tempo en versterkt worden doorgevoerd, met name om de effectieve handhaving van het acquis te waarborgen. De bestrijding van corruptie moet worden geïntensiveerd. Tastbare resultaten op dit gebied zijn nodig gezien de grote bezorgdheid die hierover bestaat en om een transparant ondernemingsklimaat te creëren.

In bepaalde landen moeten hardnekkige problemen met betrekking tot voorarrest worden aangepakt. De handel in vrouwen en kinderen uit, via en naar bepaalde kandidaat-landen blijft een punt van ernstige zorg. Hiertegen moet dan ook krachtig worden opgetreden. Verdere inspanningen zijn nodig met het oog op gendergelijkheid en non-discriminatie. Het is ook van het grootste belang om de inspanningen ter verbetering van de situatie van de Roma voort te zetten.

Turkije moet de nodige maatregelen nemen om de recente ingrijpende constitutionele wijzigingen om te zetten in concrete vooruitgang betreffende de mensenrechten.

De conclusies van elk periodiek verslag zijn opgenomen in Bijlage 1. De lijst van mensenrechtenverdragen die door de kandidaat-landen zijn geratificeerd, is opgenomen in Bijlage 4.

2. Economische criteria

a) Algemene ontwikkelingen

De beoordeling van de vorderingen die de kandidaat-lidstaten hebben gemaakt wat het voldoen aan de economische criteria van Kopenhagen betreft, geschiedt dit jaar tegen een achtergrond van snel verslechterende economische omstandigheden wereldwijd. In 2000 en de eerste helft van 2001 was de groei in de kandidaat-lidstaten echter relatief sterk.

Het jaar 2000 gaf de beste groeipercentages te zien sinds met de periodieke verslagen werd begonnen. De gemiddelde reële groei van het BBP bedroeg in de kandidaat-lidstaten circa 5%, veel hoger dan de in 1999 geconstateerde nulgroei. De gemiddelde groei in de tien Midden- en Oost-Europese landen was 3,6%, veel beter dus dan de 2,2% het jaar ervoor. De groei herstelde zich in Estland, Litouwen, Roemenië en Tsjechië, en acht landen bereikten een hoger groeipercentage. De uitzonderingen waren Polen en Slowakije, waar de groei enigszins terugliep, hoewel die nog steeds voor Polen een solide 4% en voor Slovenië een goede 4,6% bedroeg. Gemiddeld deden de kandidaat-lidstaten in het Middellandse-Zeegebied het beter dan de overgangseconomieën: de reële BBP-groeicijfers waren 5% in Cyprus en Malta en 7,2% in Turkije. De gemiddelde groei van het BBP in de EU daarentegen was 3,3%, wat erop duidt dat het inhaalproces, hoewel nog steeds gering, iets sneller verliep dan het jaar ervoor.

In de eerste helft van 2001, bij teruglopende economische prestaties in de EU, is de groei van het BBP in de kandidaat-lidstaten gemiddeld afgenomen. Tot dusver is het zo dat de landen die een hogere en stabielere groei kenden, daarvan de sterkste gevolgen hebben ondervonden. Landen die net uit een recessie komen en nu pas een normale productiegroei ondervinden, zoals Tsjechië en Roemenië, lijken het beter te doen. Ook de Baltische staten, die in 2000 een cyclische daling van de groei doormaakten, lijken de huidige groeivermindering te kunnen weerstaan, ten dele als gevolg van het toenemen van de externe vraag door de sterkere groei in Rusland en de NOS. Polen maakt een sterkere vertraging door, grotendeels door slecht gecoördineerd beleid in combinatie met een teruglopend extern klimaat en politieke onzekerheid in het land zelf. De groeiprestaties van Turkije zijn sterk teruggelopen. Eind 2000 en begin 2001 maakte het land twee diepe financiële crises door, die gevolgen hadden voor de groei van het BBP maar de regering ook aanzetten tot enkele hoogst noodzakelijke hervormings- en correctiemaatregelen.

Het BBP per hoofd van de bevolking, gemeten in koopkrachtstandaard, steeg voor de tien landen in Midden- en Oost-Europa in 2000 tot 39% van het EU-gemiddelde, tegen 38% in 1999. Voor alle dertien kandidaat-lidstaten samen bleef het onveranderd op 35% staan. Het overbruggen van de huidige grote inkomenskloof is een project voor de middellange tot lange termijn, waarvoor uiteindelijk een hogere gemiddelde groei nodig is. Ten opzichte van de situatie in 1995 hebben negen kandidaat-lidstaten vooruitgang geboekt en drie niet (Bulgarije, Roemenië en Tsjechië), terwijl Turkije grotendeels op hetzelfde peil is gebleven. Estland, Letland, Hongarije, Polen en Slovenië hebben uitstekende vorderingen gemaakt. De inkomensverdeling is over het algemeen minder gelijkmatig geworden, met name in de tien Midden- en Oost-Europese landen. Dit was te verwachten, ten eerste gezien de vrij egalitaire inkomensverdeling onder de oude regimes; ten tweede door ongelijkmatige groei, waardoor de vraag naar bepaalde arbeidsvaardigheden in sommige gebieden en sectoren meer is toegenomen dan elders. De algehele inkomensstijging moet echter aan velen ten goede komen. De ongelijkheid is nog steeds minder groot dan in de EU.

Ondanks de relatief gezonde algemene groei in alle kandidaat-lidstaten behalve Turkije, zijn vele onevenwichtigheden toegenomen en blijven de macro-economische omstandigheden ongelijk.

De periodieke verslagen voor 2001 geven twee cijfers voor de overheidsbalans. Het ene cijfer is gebaseerd op het meest gebruikelijke nationale systeem. Het andere is berekend volgens het Europees Rekeningenstelsel (ESA 95) en wordt dit jaar voor het eerst door de kandidaat-lidstaten opgegeven. Gemiddeld genomen is het algemene overheidstekort volgens ESA 95 enigszins gestegen, van 3% van het BBP tot 3,5%. Tsjechië en Slowakije hadden aanzienlijke eenmalige meevallers, voornamelijk doordat de fiscale kosten van de sanering van een aantal banken volgens ESA 95 in de algemene nettobalans van de overheid moet worden geboekt in het jaar dat de kosten zijn gemaakt.

Enkele landen ondervinden moeilijkheden bij het uitvoeren van de hervormingen die onontbeerlijk zijn voor fiscale duurzaamheid op de middellange termijn. In Hongarije zijn sommige ondoorzichtige fiscale praktijken weer teruggekeerd. De gemeentelijke hervorming in Polen is niet gepaard gegaan met een realistisch plan voor het betalen van gemeentelijke diensten. In een aantal landen wordt de hervorming van de sociale zekerheid te timide aangepakt, of verkeert die nog in het beginstadium. Dit is het geval in Tsjechië, Slowakije en Slovenië.

De inflatie is in veel van de kandidaat-lidstaten aan het stijgen. Het gemiddelde voor de tien Midden- en Oost-Europese landen, meer dan 15%, is aanzienlijk hoger dan de 10% van vorig jaar. De belangrijkste onmiddellijke veroorzaker van inflatie was de sterke stijging van de olieprijs. Bijzonder zorgwekkend zijn de situaties waar het monetaire beleidskader en de structurele kenmerken in de overgangsfase ertoe leiden dat de inflatie onveranderd hoog blijft. Wat dit betreft doen zich positieve ontwikkelingen voor in Hongarije en Polen, die een nieuw monetair en wisselkoersbeleid hebben ingevoerd, terwijl Slovenië hier een achterstand heeft. Het is Roemenië en Turkije ook dit jaar niet gelukt de inflatie onder controle te brengen. Recentelijk zijn deze landen wel stabilisatieprogramma's overeengekomen met het IMF. De hoge inflatie in Slowakije is het gevolg van het uitblijven van de noodzakelijke verhoging van de gereguleerde prijzen. De stijgende inflatie in Bulgarije in het kader van de currency-boardregeling moet goed in het oog worden gehouden.

Ondanks de goede groeiprestaties is de werkloosheid in de tien Midden- en Oost-Europese landen nog gestegen van bijna 11% tot 12,5%, wat erop wijst dat de tot banenverlies leidende structurele hervormingen en de hoge productiviteitsgroei nog steeds een negatieve impact hebben. De uitzonderingen zijn Hongarije en Slovenië, waar de werkloosheid daalt. De participatiegraad is over het algemeen stabiel, hoewel in enkele gevallen nog laag. Een gebrek aan flexibiliteit van de arbeidsmarkt en niet aangepaste vaardigheden remmen de afname van de werkloosheid zelfs in economieën met een sterke groei. Van Cyprus en Malta kan worden gezegd dat zij dicht bij volledige werkgelegenheid zijn.

In de tien Midden- en Oost-Europese landen is het tekort op de lopende rekening gedaald van 5,6% van het BBP tot zo'n 5%, ondanks een verslechtering van de ruilvoet. Een aanzienlijke correctie heeft plaatsgevonden in Letland en Litouwen, die te omvangrijke verbintenissen hadden. In Malta is het tekort op de lopende rekening aanmerkelijk gestegen als gevolg van een eenmalig effect. Het herstel heeft geleid tot een verslechtering van de externe balans in Tsjechië, dat bereid moet zijn corrigerende maatregelen te nemen. In bijna alle gevallen hebben directe buitenlandse investeringen aanzienlijk bijgedragen tot de financiering van het tekort op de externe balans. Deze investeringen, vaak in het kader van de privatisering, lijken de totale instroom in alle kandidaat-lidstaten nog steeds te domineren. De buitenlandse schuld blijft daarom op hetzelfde peil als vorig jaar, behalve in Turkije. Turkije bevindt zich, doordat zijn munt als gevolg van de financiële crisis sterk in waarde is verminderd, in een slechtere situatie omdat de binnenlandse waarde van de grote buitenlandse schuld sterk is gestegen. Het peil van de buitenlandse directe investeringen in Turkije is aanzienlijk lager dan het zou kunnen zijn.

De kandidaat-lidstaten, behalve Cyprus en Malta, hebben nog te kampen met problemen bij het opzetten van het juridische en institutionele kader dat voor een markteconomie vereist is. Dit geldt ook voor de handhaving van gerechtelijke uitspraken. De ernst van deze problemen loopt uiteen. In Roemenië en in mindere mate Bulgarije zijn de problemen groot, terwijl er in landen als Estland en Hongarije geen significante belemmeringen zijn voor de toegang tot de markt en de rechtszekerheid groot is. Het belangrijkste probleem dat zich nog doet voelen is de tenuitvoerlegging van de faillissementswetgeving. Het is van wezenlijk belang dat op dit terrein vóór de uitbreiding vorderingen worden gemaakt.

De privatisering van de be- en verwerkende industrie is in veel van de tien Midden- en Oost-Europese landen vrijwel voltooid, behalve in Roemenië, waar veel bedrijven nog moeten worden geprivatiseerd, en in mindere mate Bulgarije. Polen moet voor een aantal belangrijke traditionele sectoren nog haalbare privatiserings- en herstructureringsstrategieën vaststellen. Privatiseringsstrategieën worden nu opgesteld voor sectoren als de nutsbedrijven, vervoer en energie, en worden begeleid door inspanningen om deze sectoren te herstructureren. Voor de financiële sector geldt dat de privatisering van de banken is voltooid in een aantal kandidaat-lidstaten, zoals Estland, Hongarije, Letland en Tsjechië. Met de privatisering is vooruitgang geboekt in Litouwen, Roemenië, Polen en Slowakije, terwijl Slovenië een grote achterstand heeft. Wat betreft banken in staatseigendom die niet moeten worden geprivatiseerd, is het van belang dat de overheid niet intervenieert in hun bedrijfspraktijken of kredietbeleid. In andere segmenten van de financiële sector verloopt de privatisering aarzelend, en niet in alle kandidaat-lidstaten even snel. In veel van de tien Midden- en Oost-Europese landen ligt de voltooiing van de grondhervorming, waarvan het opzetten van een functionele grondmarkt onderdeel is, achter op het schema. Dit vormt een belemmering voor de ontwikkeling van de grond- en woningmarkt, wat ongunstige gevolgen heeft voor de arbeidsmarkt en de sector financiële bemiddeling.

De sector financiële bemiddeling is in de economieën van de tien Midden- en Oost-Europese landen overal slechts weinig ontwikkeld, en draagt slechts weinig bij tot de financiering van investeringen in de particuliere sector, die zich in een groeistadium zou moeten bevinden. Bemiddeling is met name zwak en inefficiënt in Bulgarije, Roemenië en Litouwen. Over het algemeen moet nog voor de toetreding verdere vooruitgang worden gemaakt, aangezien voor een correcte werking van het transmissiemechanisme van het monetair beleid uitgebreidere en efficiëntere bemiddeling nodig is. De uitbreiding van de financiële sector is gepaard gegaan met verbetering van het toezicht op het bankwezen. In andere segmenten moet het toezicht echter ook worden verbeterd, niet alleen wat de regelgeving betreft, maar ook ten aanzien van de bestuurlijke capaciteit en de onafhankelijkheid van de toezichthouders.

De vooruitgang bij de economische integratie van de kandidaat-lidstaten in de EU is vooral te danken aan handel en kapitaalstromen, met name buitenlandse directe investeringen.

Wat de handelsintegratie betreft kan gezegd worden dat de export van de kandidaat-lidstaten in 2000 gemiddeld voor 62% naar de EU ging en dat 58% van hun invoer daaruit afkomstig was. Wanneer Turkije wordt uitgezonderd, is het 65% voor de uitvoer en 62% voor de invoer. Voor elk van de tien Midden- en Oost-Europese landen is in de periode 1995-2000 de uitvoer naar de EU percentsgewijs gestegen. Ook voor deze landen als groep is het aandeel van de uitvoer naar de EU gestegen. Deze regio heeft de afgelopen tien jaar de snelste groei van de handel met de EU vertoond, en was in 2000 goed voor ongeveer elf percent van de totale handel van de EU met derde landen, tegenover 6 percent in 1992. In de EU is dit effect het sterkst in de naburige lidstaten. Het onderlinge handelsverkeer tussen de kandidaat-lidstaten blijft verhoudingsgewijs achter, hoewel verschillende van de tien landen in 2000 een lichte stijging te zien gaven.

Financiële integratie: twee derde van de netto kapitaalinstroom kwam in de jaren '90 uit de lidstaten van de EU. Voor het grootste deel betreft dat buitenlandse directe investeringen. Door de privatisering kwam bijna de helft van de buitenlandse directe investeringen terecht bij niet-handelssectoren, zoals financiële instellingen (banken) en openbare nutsbedrijven (bijvoorbeeld in de telecommunicatiesector). De investeringen op nieuwe terreinen nemen toe in sommige landen: in Bulgarije gaat het bijvoorbeeld om meer dan de helft van de buitenlandse directe investeringen, en in Hongarije domineert dit type investeringen. In de sector verhandelbare goederen is een vijfde van alle directe buitenlandse investeringen gedaan in relatief arbeidsintensieve bedrijfstakken als textiel, kleding, elektrische machines en motorvoertuigen. In het kader van het overgangsproces en de reële convergentie van de economie dragen directe buitenlandse investeringen bij tot de vervanging van verouderde kapitaalgoederen en de invoering van nieuwe technologieën en managementtechnieken.

b) Conclusies

De vorderingen van elk land zijn beoordeeld aan de hand van de subcriteria van de economische criteria van Kopenhagen: het bestaan van een functionerende markteconomie en het vermogen om de concurrentiedruk en marktkrachten binnen de Unie het hoofd te bieden. Deze subcriteria zijn nader vastgesteld in de mededeling van de Commissie Agenda 2000.

Voor het bestaan van een functionerende markteconomie is het een voorwaarde dat de prijzen en de handel zijn geliberaliseerd en dat een effectief afdwingbaar juridisch stelsel, ook voor eigendomsrechten, voorhanden is. Macro-economische stabiliteit en consensus over het economische beleid verbeteren de prestaties van een markteconomie. Een goed ontwikkelde financiële sector en het ontbreken van belangrijke barrières voor toegang tot en verlaten van de markt verbeteren de efficiency van de economie. Het tweede criterium ('het vermogen om de concurrentiedruk en marktkrachten binnen de Unie het hoofd te bieden') is afhankelijk van het bestaan van een markteconomie en een stabiel macro-economisch kader waarbinnen de afzonderlijke marktdeelnemers bij het nemen van hun besluiten kunnen rekenen op een bepaalde mate van voorspelbaarheid. Het veronderstelt ook het bestaan van voldoende menselijke en materiële hulpbronnen, met inbegrip van infrastructuur. De staatsbedrijven moeten worden geherstructureerd en alle ondernemingen moeten investeren om hun efficiency te verbeteren. Naarmate bedrijven meer toegang hebben tot externe financiering en goed slagen in hun herstructurerings- en innovatieprogramma, zal hun aanpassingsvermogen ook groter zijn. In het algemeen zal een economie de verplichtingen van het lidmaatschap beter aankunnen naarmate haar economische integratie met de Unie vóór de toetreding al verder is gevorderd. Criteria waaruit dit blijkt zijn de aard en het volume van de handel met de lidstaten van de EU.

De twee criteria tezamen genomen kan van Cyprus en Malta worden gezegd dat bevestigd is dat zij functionerende markteconomieën zijn en de concurrentiedruk en de marktkrachten binnen de Unie kunnen weerstaan.

Estland, Hongarije, Letland, Litouwen, Polen, Slovenië, Slowakije en Tsjechië zijn functionerende markteconomieën. Er zijn tussen deze landen aanzienlijke economische verschillen, maar als zij bepaalde in de periodieke verslagen beschreven maatregelen doorzetten en in een aantal gevallen versterken, moeten zij in de nabije toekomst in staat worden geacht de concurrentiedruk en de marktkrachten binnen de Unie te kunnen weerstaan.

Bulgarije is bijna een functionerende markteconomie. Als het land doorzet met de hervormingen en de inspanningen om de zich nog voordoende problemen te elimineren versterkt, kan het naar verwachting de concurrentiedruk en de marktkrachten binnen de Unie op middellange termijn het hoofd bieden.

Roemenië voldoet aan geen van beide criteria, maar heeft voor het eerst beslissende vorderingen gemaakt in deze richting.

Turkije heeft geen verdere vooruitgang kunnen boeken in de richting van een functionerende markteconomie, vooral door de recente crises. Aanzienlijke segmenten van de Turkse economie kunnen echter reeds concurreren op de markt van de EU in het kader van de douane-unie met de EG.

Gedetailleerde conclusies over de mate waarin de kandidaten aan elk subcriterium voldoen zijn te vinden in bijlage 1. De belangrijkste statistische indicatoren zijn opgenomen in bijlage 2.

3. Andere verplichtingen van het lidmaatschap

De Europese Raad van Kopenhagen heeft aangegeven dat de kandidaten in staat moeten zijn ,de verplichtingen van het lidmaatschap op zich te nemen, wat mede inhoudt dat zij de doelstellingen van een politieke, economische en monetaire unie onderschrijven."

a) Overname, uitvoering en handhaving van het acquis

Het vermogen om de verplichtingen van het lidmaatschap op zich te nemen vereist de overname, uitvoering en handhaving van het acquis. De Europese Raad heeft bij diverse gelegenheden gewezen op het belang van uitvoering en handhaving van het acquis door de kandidaat-lidstaten. In 1995 wees de Europese Raad in Madrid op het belang van aanpassing van de bestuurlijke structuren van de kandidaat-lidstaten teneinde de voorwaarden te scheppen voor geleidelijke harmonieuze integratie. De Europese Raad van Feira memoreerde in 2000 dat ,vooruitgang bij de onderhandelingen afhankelijk is van de opneming door de kandidaat-lidstaten van het acquis in hun nationale wetgeving en vooral van hun vermogen om het doeltreffend toe te passen en te handhaven" door versterking van hun bestuurlijke en justitiële structuren. De Europese Raad van Göteborg (juni 2001) wees er opnieuw op dat de kandidaat-lidstaten vorderingen moeten maken wat betreft het omzetten, uitvoeren en handhaven van het acquis, en in het bijzonder aandacht moeten besteden aan het opzetten van adequate bestuurlijke structuren, de hervorming van het rechtsstelsel en het ambtenarenapparaat.

Omzetting, uitvoering en toepassing van het acquis is niet alleen een taak voor de centrale overheid, maar ook voor het bedrijfsleven, regionale en plaatselijke instanties en beroepsorganisaties. Door het Europees Parlement, het Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio's is aangedrongen op een sterkere betrokkenheid van de civiele samenleving bij het proces. De nationale autoriteiten van de kandidaat-lidstaten moeten de dialoog met de vertegenwoordigende instellingen intensiveren om het acquis uiteen te zetten en de uitvoering ervan in het hele land te bevorderen.

b) Overzicht per sector en conclusies

De periodieke verslagen van dit jaar noteren over het algemeen voor de meeste kandidaat-lidstaten en de meeste terreinen weer aanzienlijke vooruitgang bij de vaststelling van wetgeving tot aanpassing aan het acquis. Voor enkele gebieden, zoals vervoer [1], telecommunicatie, energie en justitie en binnenlandse zaken, is onlangs of wordt op korte termijn echter belangrijke nieuwe Gemeenschapswetgeving vastgesteld, in de meeste gevallen op basis van eerdere wetgeving.

[1] Het witboek Het Europese vervoersbeleid tot het jaar 2010: tijd om te kiezen (COM(2001)370 def.) beveelt een betere regeling van de concurrentie tussen verschillende vervoerswijzen aan door de spoorwegen en andere milieuvriendelijke vervoersmethoden in staat te stellen zich tot concurrerende alternatieven voor het wegvervoer te ontwikkelen.

Enkele landen ondervinden nog moeilijkheden met het omzetten van delen van het acquis. Hoewel het afgelopen jaar vooruitgang is geboekt, moet nu de meeste aandacht uitgaan naar het opbouwen van adequate bestuurlijke structuren en het versterken van de bestuurlijke capaciteit om het acquis uit te voeren.

Voor alle of vrijwel alle kandidaat-lidstaten stellen de periodieke verslagen en de voorgestelde herziene toetredingspartnerschappen het volgende vast:

* interne markt: horizontale administratieve infrastructuren op het gebied van normalisatie, accreditering, certificatie, conformiteitsbeoordeling, markttoezicht, wederzijdse erkenning van kwalificaties en toezicht op financiële dienstverlening moeten worden ingesteld of versterkt, en de mogelijkheden voor de tenuitvoerlegging van industriële en intellectuele eigendomsrechten moeten worden versterkt;

* concurrentie: de handhavingscapaciteit voor de regels inzake overheidssteun en de antikartelbepalingen moet worden uitgebreid of versterkt;

* vervoer en energie: passende structuren voor toezicht en inspectieregelingen moeten worden opgezet of versterkt (ook met het oog op komende nieuwe EG-bepalingen), met name om de veiligheid van het weg- en zeevervoer te bevorderen;

* telecommunicatie en cultuur en audiovisueel beleid: er moeten onafhankelijke structuren voor toezicht worden opgezet of versterkt, wat telecommunicatie betreft met name in verband met komende nieuwe EG-bepalingen;

* milieu: de bestuurlijke capaciteit en de capaciteit op het gebied van monitoring en handhaving moeten verder worden versterkt, met name wat betreft afvalstoffen, watermanagement en chemische stoffen;

* sociaal beleid en werkgelegenheid: er moet worden toegezien op de handhaving van de voorschriften voor gezondheid en veiligheid op de arbeidsplaats, en de arbeidsinspectie moet worden versterkt;

* justitie en binnenlandse zaken: het justitiële stelsel moet over de gehele linie worden versterkt, het grensbeheer moet worden verbeterd, vooral aan de toekomstige buitengrenzen van de EU en ter voorbereiding op de deelname aan het Schengen-informatiesysteem, en alle betrokkenen moeten intensiever samenwerken bij de bestrijding van de georganiseerde criminaliteit;

* douane en belastingen: IT-systemen moeten worden ontwikkeld voor de uitwisseling van elektronische gegevens met de Gemeenschap en de lidstaten, en het vermogen van de belastingdienst en de douane om de Gemeenschapswetgeving te handhaven en de naleving ervan te controleren, ook aan de buitengrenzen, moet worden versterkt;

* landbouw: de inspectieregelingen moeten worden aangepast aan de veterinaire en fytosanitaire wetgeving, vooral om de voedselveiligheid te waarborgen, en het vermogen om de beheersmechanismen van het gemeenschappelijk landbouwbeleid uit te voeren en te handhaven, moet worden versterkt. Dit betreft met name het geïntegreerd beheers- en controlesysteem en het betaalorgaan (het desbetreffende Sapard-orgaan kan wat de rurale ontwikkeling betreft hiervoor een voorloper zijn);

* structuurbeleid: de bestuurlijke capaciteit bij de betrokken ministeries moet worden versterkt en passende bestuurlijke structuren moeten worden opgezet voor programmering, beheer en controle van de structuurfondsen;

* financiële controle: de bestuurlijke capaciteit op het gebied van de interne financiële controle bij de overheid en de bestrijding van fraude moet worden versterkt.

Ook op een aantal andere gebieden moeten afzonderlijke kandidaat-lidstaten hun bestuurlijke capaciteit versterken. Dit kan het geval zijn voor de eerder genoemde hoofdstukken: sommige landen moeten bijvoorbeeld een onafhankelijke toezichthoudende instantie instellen voor gegevensbescherming, of deze instantie versterken. Dat kan ook gelden voor andere hoofdstukken, zoals visserij, statistiek of de economische en monetaire unie. Deze prioriteiten worden genoemd in de periodieke verslagen en opgenomen in de voorgestelde herziene toetredingspartnerschappen.

De periodieke verslagen geven ook aan welke hoofdstukken geen grote problemen geven wat de bestuurlijke capaciteit betreft. Dat kan komen doordat er voor de uitvoering van het acquis op dat gebied geen grote bestuurlijke capaciteit nodig is, of dat het betrokken land over het algemeen al goed is voorbereid.

De conclusies van het periodiek verslag voor elk land zijn opgenomen in bijlage 1.

c) De EMU en de euro

De kandidaat-lidstaten moeten zich voorbereiden op de procedures voor multilateraal toezicht en coördinatie van het economisch beleid, die onderdeel zijn van de economische en monetaire unie. Een van de economische prioriteiten van voorgaande toetredingspartnerschappen was het instellen van een procedure voor jaarlijks fiscaal toezicht in de pretoetredingsperiode. Deze bestaat uit twee onderdelen, de fiscale kennisgeving en het economisch pretoetredingsprogramma, die multilateraal met de lidstaten worden besproken.

Het raamwerk voor het wisselkoersbeleid van de kandidaat-lidstaten is verduidelijkt. De overgang naar de euro gebeurt in drie fasen: de pretoetredingsfase, de fase na de toetreding en de fase van de invoering van de euro. Unilaterale invoering van de euro gaat in tegen de economische principes die aan de EMU ten grondslag liggen, zoals die in het EG-verdrag zijn opgenomen. Die gaan er namelijk van uit dat de uiteindelijke invoering van de euro het eindpunt is van een gestructureerd convergentieproces in een multilateraal raamwerk. De fasen waarin het EG-verdrag voorziet voor de invoering van de euro kunnen dan ook niet worden overgeslagen.

Van nieuwe lidstaten wordt verwacht dat zij enige tijd na de toetreding tot de Unie ook toetreden tot ERM II. ERM II kan zich aanpassen aan de belangrijkste kenmerken van een aantal wisselkoersregelingen, mits de verbintenissen en doelstellingen daarvan realistisch zijn en overeenstemmen met die van ERM II. De enige duidelijk met ERM II onverenigbare punten die nu al kunnen worden aangewezen, zijn volledig zwevende wisselkoersen, kruipende wisselkoersen en koppeling met andere valuta's dan de euro.

III. Naar een succesvolle uitbreiding

De Europese Raad van Göteborg heeft een zeer ambitieus doel gesteld. De conclusies luiden: ,Als het tempo van de vorderingen bij het voldoen aan de toetredingscriteria wordt volgehouden, zou het draaiboek het mogelijk moeten maken de onderhandelingen voor de kandidaat-lidstaten die klaar zijn, eind 2002 te voltooien. De doelstelling is dat zij als lidstaten deelnemen aan de verkiezingen voor het Europees Parlement in 2004."

Het realiseren van deze doelstellingen vergt inspanningen van zowel de Unie als de kandidaat-lidstaten. De Unie moet gemeenschappelijke standpunten vaststellen die passen in het tijdschema waarin het draaiboek voorziet. De kandidaat-lidstaten moeten doorgaan met de voorbereidingen om aan de toetredingscriteria te kunnen voldoen, en daarbij bijzondere aandacht schenken aan het versterken van hun bestuurlijke capaciteit voor de uitvoering van het acquis. De onderhandelingen kunnen alleen vooruitgaan, als met het overnemen, uitvoeren en handhaven van het acquis overtuigende vorderingen worden gemaakt.

1. Het draaiboek: de nog af te handelen hoofdstukken

Er is bij de onderhandelingen belangrijke vooruitgang geboekt. De kandidaat-lidstaten hebben hun standpunt kenbaar gemaakt over de onderdelen van het acquis die in de diverse hoofdstukken aan de orde komen, alsmede hun wensen ten aanzien van overgangsmaatregelen. In vele gevallen, namelijk waar de kandidaten zich voldoende ertoe hebben verbonden het acquis toe te passen, zijn hoofdstukken voorlopig afgesloten (zie bijlage 6). Het aantal voorlopig afgesloten hoofdstukken geeft echter niet altijd een betrouwbaar beeld van de stand van de onderhandelingen. In sommige gevallen zijn slechts weinig vraagstukken van politieke belang nog onbeslist. Die kunnen dan worden opgelost wanneer de noodzakelijke politieke besluiten zijn gevallen.

Het draaiboek is nuttig gebleken om alle partijen bij de onderhandelingen zich tot een realistisch tijdschema te laten verbinden. Een verslag van de Commissie aan de Europese Raad van Gent geeft een overzicht van de vorderingen die zijn gemaakt en noemt vraagstukken waarover tijdens het Belgische voorzitterschap nog een besluit moet worden genomen [2]. Het document beschrijft enkele problemen waarvoor de EU een standpunt moet vaststellen in het kader van de hoofdstukken vervoer, belastingen, landbouw, justitie en binnenlandse zaken en energie. De Commissie heeft inmiddels, waar mogelijk, de onderhandelingspositie voor deze hoofdstukken aan de Raad doen toekomen, en het Belgische voorzitterschap maakt snelle vorderingen met het vaststellen van onderhandelingsposities. Wat het hoofdstuk energie betreft onderstreept de informatienota dat de standpunten van de kandidaat-lidstaten inzake de aanbevelingen van de EU voor nucleaire veiligheid moeten worden onderzocht, en dat ,de verbintenissen tot sluiting van installaties [van kerncentrales] die niet op peil kunnen worden gebracht, zoals Ignalina (Litouwen), Bohunice-VI (Slowakije) en bepaalde installaties van Kozloduj (Bulgarije), moeten worden nagekomen, hetgeen betekent dat een en ander op passende wijze moet worden opgenomen in de toetredingsverdragen."

[2] Mededeling van de Commissie: Informatienota aan de Europese Raad over de tussentijdse evaluatie van de implementatie van de uitbreidingsstrategie (COM(2001) 553 def. van 2 oktober 2001).

De verbintenis die de Unie is aangegaan om binnen een welbepaalde termijn gemeenschappelijke standpunten vast te stellen, ook voor terreinen waar zich bijzondere problemen voordoen, is voor de kandidaat-lidstaten een positief signaal geweest. De Unie heeft door zo te handelen getoond flexibel te zijn bij het vaststellen van standpunten die van belang zijn voor de aanvaarding door de bevolking, zowel in de Unie als in de kandidaat-lidstaten. Deze aanpak moet worden voortgezet.

Volgens het draaiboek voor de eerste helft van 2002 zal de Unie gemeenschappelijke standpunten vaststellen om de laatste groep hoofdstukken voorlopig te kunnen afsluiten: landbouw, regionaal beleid, financiële en budgettaire bepalingen, institutionele bepalingen en andere aangelegenheden. De Commissie zal tijdig bij de Raad de nodige voorstellen indienen. Bij het opstellen van haar voorstellen gaat de Commissie uit van de hierna omschreven aanpak.

a) Financieel kader en daarmee verband houdende hoofdstukken

De hoofdstukken landbouw en regionaal beleid hebben belangrijke budgettaire componenten en houden verband met het hoofdstuk financiële en budgettaire bepalingen. De onderhandelingen over deze drie hoofdstukken moeten daarom in een samenhangend kader worden gevoerd.

De Europese Raad van Berlijn (maart 1999) heeft het financiële raamwerk voor de periode 2000-20006 vastgesteld. Onderdeel daarvan waren uitbreidingsregelingen die ervan uitgingen dat in 2002 zes nieuwe leden zouden toetreden. De resultaten zijn vastgelegd in een interinstitutioneel akkoord tussen het Parlement, de Raad en de Commissie.

Het in Berlijn tot stand gekomen alomvattende akkoord betrof zowel de beleidshervorming als de reservering van de noodzakelijke middelen voor het pretoetredingsproces en de toetreding, zoals:

* een plafond voor betalingskredieten van 1,27% van het BBP, en absolute plafonds voor de jaarlijkse vastleggingskredieten in de begroting voor elke uitgavencategorie (financiële vooruitzichten 2000-2006). Verwacht werd dat de absolute plafonds tezamen genomen ruim onder het plafond van 1,27% zouden blijven, ook na de uitbreiding;

* hervorming van het gemeenschappelijk landbouwbeleid, de structuurfondsen en de cohesiefondsen;

* verdubbeling van de pretoetredingssteun voor de kandidaat-lidstaten (3,1 miljard euro per jaar [3]);

[3] Alle bedragen zijn vastleggingskredieten op constant prijspeil van 1999.

* voor de financiering van de toetreding gereserveerde bedragen, geleidelijk toenemend van 6,5 miljard euro in 2002 tot 16,8 miljard euro in 2006.

De veronderstellingen die aan het akkoord van Berlijn ten grondslag lagen zijn veranderd. Dit geldt met name voor het mogelijke tijdstip van toetreding en het mogelijke aantal nieuwe lidstaten.

Indien ervan uit wordt gegaan dat de eerste toetredingen in 2004 gebeuren in plaats van in 2002 en dat meer dan zes, maar niet meer dan tien nieuwe lidstaten toetreden, dan blijven de bijgestelde uitbreidingskosten in elk van de jaren 2004-2006 beneden de in Berlijn overeengekomen plafonds. Hierbij is rekening gehouden met de bijgewerkte gegevens over landbouwproductie en consumptie in de tien kandidaat-lidstaten.

De jaarlijkse bedragen die in de financiële vooruitzichten voor de toetreding zijn gereserveerd, nemen van 2002 tot 2006 substantieel toe. Omdat de eerste toetredingen later plaatsvinden, zijn de jaarlijkse bedragen voor de betrokken jaren lager dan wanneer de eerste toetredingen al in 2002 een feit zouden zijn. De in Berlijn overeengekomen bedragen zijn daardoor voldoende voor een groter aantal nieuwe lidstaten, namelijk tien.

De Commissie zal bij de Raad voorstellen indienen voor gemeenschappelijke onderhandelingsposities op het gebied van landbouw, regionaal beleid en begroting op basis van het bestaande acquis en de beginselen die aan het akkoord van Berlijn ten grondslag liggen. De toetredingsonderhandelingen kunnen daardoor onafhankelijk van de besluiten over de financiering van de EU na 2006 worden afgesloten.

De Commissie zal erop toezien dat de budgettaire implicaties van haar voorstellen voor gemeenschappelijke onderhandelingsposities in overeenstemming zijn met de uitgavenplafonds die in Berlijn voor de periode tot 2006 zijn overeengekomen, aangepast voor het mogelijk aantal nieuwe lidstaten. Met name zal de Commissie, zonder vooruit te lopen op toekomstige besluiten inzake de financiering van de EU, het volgende doen:

* voor het hoofdstuk landbouw: onderzoeken hoe directe betalingen en instrumenten voor beheer van het aanbod bij de onderhandelingen moeten worden behandeld;

* voor het structuurbeleid: vaststellen aan welke organisatorische en institutionele voorwaarden door de verschillende landen moet worden voldaan om dit hoofdstuk voorlopig te kunnen afsluiten, en uiteenzetten op welke wijze de toewijzing van structuurfondsen aan nieuwe lidstaten tot 2006 moet geschieden;

* voor het hoofdstuk budgettaire bepalingen: mogelijke overgangsregelingen onderzoeken.

De Commissie zal ervoor zorgen dat de Raad deze vraagstukken in een gemeenschappelijk kader voorjaar 2002 kan bespreken, zodat het verdere verloop van de toetredingsonderhandelingen kan worden voorbereid in overeenstemming met het draaiboek.

b) Andere hoofdstukken

De hoofdstukken Institutionele bepalingen en Andere aangelegenheden zijn nog met geen van de kandidaten geopend. Volgens het draaiboek moet de Unie ook voor deze hoofdstukken in de eerste helft van 2002 haar standpunt bepalen.

Het hoofdstuk over institutionele bepalingen betreft de opneming van de nieuwe lidstaten in het institutionele kader van de Unie. Zoals de Unie bij het openen van de toetredingsonderhandelingen heeft beklemtoond, brengt het lidmaatschap zowel rechten als plichten met zich mee. De Unie verwacht van nieuwe leden dat zij zich houden aan de verplichtingen van het lidmaatschap, overeenkomstig de voorwaarden die in de toetredingsonderhandelingen zijn afgesproken. De nieuwe leden kunnen hun rechten, net als de andere lidstaten, uitoefenen door deel te nemen aan de instellingen van de EU. Traditioneel komt het hoofdstuk over institutionele bepalingen bij toetredingsonderhandelingen aan de orde na de andere hoofdstukken betreffende het acquis.

In de huidige onderhandelingsronde is dit hoofdstuk voornamelijk gebaseerd op de conclusies van de intergouvernementele conferentie van Nice (december 2000), met name:

- de bepalingen van het Verdrag van Nice, met name inzake de aanpassing van de instellingen in het vooruitzicht van de toetreding;

- de bepalingen die zijn vastgelegd in de verklaringen van de intergouvernementele conferentie, zoals met name verklaring 20 over de standpunten die bij de toetredingsonderhandelingen moeten worden ingenomen inzake de zetelverdeling in het Parlement, de weging van stemmen in de Raad en de samenstelling van het Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio's.

De sluiting van het Verdrag van Nice bevestigt opnieuw dat de Unie zich sterk heeft verbonden tot de uitvoering van het uitbreidingsproces. Dit verdrag moet nu door de lidstaten worden geratificeerd. De Commissie merkt op dat het verdrag door drie lidstaten is geratificeerd en dat de ratificatie in de meeste andere gevallen voorspoedig verloopt. De Ierse regering organiseert naar aanleiding van het referendum van juni 2000 een nationale conventie om tot opheldering te komen wat de kwesties die verband houden met het verdrag betreft.

De Commissie hoopt dat in de loop van 2002 het verdrag, zoals gepland, door alle lidstaten zal zijn geratificeerd. De Commissie zal samen met het voorzitterschap besluiten over het juiste tijdstip en de procedure voor het hoofdstuk institutionele bepalingen, daarbij rekening houdend met de voortgang van de ratificatie van het verdrag van Nice.

Het laatste onderhandelingshoofdstuk betreft, net als bij de vorige onderhandelingsronden, andere aangelegenheden. Dit hoofdstuk is een verzamelterm voor zaken die niet in de eerdere hoofdstukken zijn behandeld: met name problemen die geen rechtstreeks verband houden met het acquis. De besprekingen in het kader van het hoofdstuk over andere aangelegenheden hebben bij eerdere toetredingsonderhandelingen geleid tot bijvoorbeeld een aantal verklaringen inzake transparantie, de status van ,bepaalde gebieden" en dergelijke, die later aan het toetredingsverdrag zijn gehecht. In de loop van 2002 wordt duidelijk welke vraagstukken in het lopende onderhandelingsproces mogelijk onder dit hoofdstuk zullen moeten worden behandeld.

2. Actieplan voor administratieve en gerechtelijke capaciteit

Lidstaten hebben een adequaat niveau van administratieve en gerechtelijke capaciteit nodig voor de tenuitvoerlegging en handhaving van het acquis. Daarom hebben de opeenvolgende Europese raden de nadruk gelegd op institutionele versterking in de aanloop tot de toetreding.

Een stabiele overheid met een onafhankelijk ambtenarenapparaat is een gemeenschappelijke doelstelling voor alle kandidaat-lidstaten. De meeste hebben zich op indrukwekkende wijze ingezet bij het hervormen van de overheid en hebben hervormingen doorgevoerd in het ambtenarenapparaat. Sommige landen hebben stappen ondernomen om goed personeel aan te trekken en de kwaliteit te verbeteren door opleiding en een betere salariëring. Desondanks blijkt uit de periodieke verslagen dat er nog veel te doen is. Een aantal kandidaat-lidstaten moet bovendien de corruptiebestrijding intensiveren.

Een voorspelbaar en efficiënt rechtsstelsel is eveneens essentieel voor de burger en het bedrijfsleven. In de meeste kandidaat-lidstaten is vooruitgang geboekt bij de hervorming van het gerechtelijk apparaat, maar in een aantal landen moet verder gewerkt worden aan de versterking van de onafhankelijkheid ervan, en betere salariëring, werkomstandigheden en opleiding van rechters.

Hierboven (II 3 b) zijn in een aantal hoofdstukken die verband houden met het acquis de belangrijkste uitdagingen vermeld. Wat betreft de administratieve capaciteit zijn de doelstellingen de volgende:

Ten eerste een soepel functionerende interne markt. Hiervoor zijn dikwijls passende en effectieve regelgevende instanties vereist, zoals mededingingsautoriteiten, en regelgevende instanties op het gebied van telecommunicatie, energie of transport, evenals informatietechnologieën.

* Ten tweede duurzame leefomstandigheden in de Europese Unie. Milieunormen moeten worden toegepast, een goed niveau van gezondheid en veiligheid op de werkplek moeten worden opgelegd, en er moet gezorgd worden voor een hoog niveau van nucleaire veiligheid en grotere veiligheid bij het vervoer. Deze maatregelen vereisen een aantal inspectieregelingen.

* Ten derde de algemene bescherming van de burgers van de Europese Unie. Hiervoor moet onder andere gezorgd worden door beveiliging van de grenzen om een aantal redenen, adequaat markttoezicht voor consumentenbescherming, handhaving en toezicht op een voldoende niveau van voedselveiligheid, en samenwerking op het gebied van justitie en binnenlandse zaken. Voor deze maatregelen zijn diverse inspectie- en handhavingsregelingen vereist.

* Ten vierde een correct beheer van de communautaire middelen. Hiervoor zijn passende structuren vereist in de centrale en regionale overheden voor de toepassing van de regels op het gebied van overheidsaanbestedingen, financiële controle, audit, fraude- en corruptiebestrijding.

De periodieke verslagen en de voorgestelde herziene toetredingspartnerschappen vermelden in detail op welke terreinen elke kandidaat-lidstaat actie moet ondernemen om een voldoende niveau van administratieve capaciteit te bereiken.

Met het oog op verdere maatregelen zal de Commissie een actieplan opstellen. Met elk van de kandidaat-lidstaten zal vroeg in 2002 besproken worden welke benadering zij zullen volgen om deze prioriteiten ten uitvoer te leggen, en eventueel de inspanningen zij voornemens zijn te doen met het oog op institutionele versterking. Bovendien zal de Commissie specifieke toezichtmaatregelen nemen, waar nodig samen met de lidstaten en de kandidaat-lidstaten.

Het actieplan:

* is gebaseerd op de prioritaire gebieden van de herziene toetredingspartnerschappen, de periodieke verslagen en de in de onderhandelingen aangegane verbintenissen;

* zal een reeks lopende maatregelen beschrijven voor het versterken van de administratieve capaciteit en het mobiliseren van verdere middelen ter intensivering van dergelijke inspanningen (met gebruik van bekende mechanismen als twinning of TAIEX - zie bijlagen 3 en 5);

* zal monitoring-mechanismen bevestigen of lanceren: o.a. monitoring-verslagen, peer-reviews, en dergelijke. Aan de hand waarvan de staat van voorbereiding van elke kandidaat-lidstaat zal worden bepaald.

Het actieplan zal net als de periodieke verslagen en de voorstellen voor de herziene toetredingspartnerschappen de situatie van de kandidaat-lidstaat weerspiegelen en rekening houden met de door hen geplande toetredingsdatum.

a) Intensivering van de maatregelen voor institutionele versterking

De Gemeenschap verleent reeds aanzienlijke bijstand aan de kandidaat-lidstaten bij het ontwikkelen van de adequate administratieve capaciteit voor de uitvoering en handhaving van het acquis. Wel tweederde van de nationale PHARE-programma's is gereserveerd voor institutionele versterking en aanverwante investeringen. De programmering is versneld en de jaarlijkse nationale bijstandsprogramma's moeten veel vroeger in 2002 worden vastgesteld dan in voorgaande jaren.

Bovendien zal de Commissie bovenop de jaarlijkse begroting die voor elk van de 10 PHARE-landen in 1999 was vastgesteld, nog eens 250 miljoen euro uit het bestaande PHARE-programma toewijzen voor institutionele versterking in 2002. Deze aanvullende faciliteit voor institutionele versterking is een aanbod aan de kandidaat-lidstaten, dat zou moeten worden aangenomen en tegen de zomer van 2002 zou moeten zijn geprogrammeerd. Zo nodig zou een soortgelijke maatregel ook kunnen worden toegepast op de toewijzing van de pretoetredingsbijstand voor institutionele versterking aan Malta en Cyprus.

De Commissie zal met de kandidaat-lidstaten de noodzaak bekijken om verdere institutionele versterking door te voeren in de programmering voor 2003. Projecten kunnen dan in elk geval nog drie jaar worden voortgezet, volgens de gebruikelijke regels van de Commissie inzake aanbesteding en betaling.

Deze inspanningen vormen een aanvulling op de grote inzet van de kandidaat-lidstaten, die daarin dikwijls worden bijgestaan door PHARE en bilaterale actie van de lidstaten, internationale organisaties en internationale financiële instellingen.

b) Beter toezicht

Aan het toezicht wordt reeds gewerkt. De Commissie voorziet de Raad regelmatig van gedetailleerde tabellen en rapporten over de uitvoering van de in het kader van de onderhandelingen gedane verbintenissen, onder andere met betrekking tot het opbouwen van een adequate administratieve capaciteit.

De Commissie beschikt niet altijd over de relevante expertise om de staat van voorbereiding van de overheden van de kandidaat-lidstaten te beoordelen, aangezien de tenuitvoerlegging grotendeels voor rekening van de lidstaten komt. Daarom zijn op een aantal terreinen peer reviews ingesteld die de kandidaat-lidstaten in staat stellen experts uit de lidstaten en de Commissie aan te trekken bij de beoordeling van de administratieve capaciteit. Peer reviews zijn reeds operationeel of worden overwogen op de volgende terreinen het gebied van: financiële dienstverlening, justitie en binnenlandse zaken, begroting, landbouw, nucleaire veiligheid en milieu. De Commissie zal praktische steun verlenen, met name via het Technical Assistance Information Exchange Office (TAIEX) of andere mechanismen (bijvoorbeeld SIGMA).

De Commissie zal de Raad in het voorjaar van 2002 informeren over de peer reviews of andere relevante maatregelen ter beoordeling van de administratieve capaciteit in de kandidaat-lidstaten. Op deze wijze kunnen de resultaten hiervan worden opgenomen in het kader van de toetredingsonderhandelingen.

Peer reviews zijn geen panacee. Zij vormen een aanvulling op het lopende toezichtsproces. Zij moeten alleen worden gebruikt waar dit gepast is en gericht zijn op terreinen van bijzonder belang zoals gedefinieerd in de periodieke verslagen, de voorstellen voor herziene toetredingspartnerschappen of tijdens de onderhandelingen.

Deze activiteiten zullen bijdragen aan het toezicht op de verbintenissen van de kandidaat-lidstaten tijdens de toetredingsonderhandelingen. Tijdens de Europese Raad van Sevilla in juni 2002 zal de Commissie verslag uitbrengen over haar actieplan en het toezicht op deze verbintenissen.

In de periodieke verslagen van 2002 zal een nauwkeurige analyse worden gemaakt van de behaalde resultaten en gekeken worden of de kandidaat-lidstaten er op de verschillende terreinen van het acquis in zullen slagen bij de toetreding de adequate structuren in te stellen voor de uitvoering en de handhaving van het acquis.

c) Administratieve capaciteit na de toetreding

Van lidstaten wordt verwacht dat zij hun administratieve capaciteit regelmatig aanpassen aan het zich ontwikkelende acquis. Het opbouwen van een adequate administratieve capaciteit is een proces dat niet stopt bij afsluiting van de onderhandelingen; het proces zal tot aan de toetreding en ook daarna worden voortgezet.

In de periode tussen de ondertekening van het toetredingsverdrag en de daadwerkelijke toetreding van de betrokken landen zal de Commissie de ontwikkelingen blijven volgen met betrekking tot kwesties die in de loop van de toetredingsonderhandelingen naar voren zijn gebracht. Ook zal de Commissie ontwikkelingen blijven volgen over economische kwesties die in de beoordeling van de economische criteria zijn genoemd. Vervolgens zal zij verslag uitbrengen aan de Raad.

De pretoetredingsprogramma's zullen in die periode blijven lopen. Voor de eerste toetredende landen zal 2003 waarschijnlijk het laatste jaar zijn waarin pretoetredingsfondsen worden geprogrammeerd. De opleiding van ambtenaren zou een van de belangrijkste behoeften in deze periode kunnen zijn. De tenuitvoerlegging zal normaal gesproken tot drie jaar kunnen duren. De overgangsregelingen voor het beheer en de uiteindelijke afsluiting van de programma's in het eerste jaar na toetreding moeten worden gedefinieerd.

Voor de periode na de toetreding zal de Commissie als hoedster van de verdragen controleren hoe het acquis door de nieuwe lidstaten wordt uitgevoerd, waarbij dezelfde mechanismen worden gebruikt als voor de huidige lidstaten. Hiertoe behoren onder andere periodieke verslagen van de Commissie aan de Raad over de toepassing van het gemeenschapsrecht, inbreukprocedures, en een dialoog tussen de Commissie en de lidstaten over uitvoeringsproblemen (zoals het netwerk voor probleemoplossing in de interne markt of de coördinatiecentra).

Benchmarking en peer pressure worden steeds meer gebruikt binnen de Unie om interoperabele en compatibele administratieve structuren te ontwikkelen. De deelname van de kandidaat-lidstaten aan communautaire programma's en bureaus draagt reeds bij tot een effectieve integratie van deze landen. Het e-Europe initiatief, nationale werkgelegenheidsstrategieën of activiteiten in het kader van de EMU zijn reeds uitgebreid tot de kandidaat-lidstaten via e-Europe plus, de gemeenschappelijke beoordeling van prioriteiten van het werkgelegenheidsbeleid ter voorbereiding op hun deelname aan de Europese werkgelegenheidsstrategie en de economische pretoetredingsprogramma's. Kandidaat-lidstaten moeten dit proces van integratie in bestaand beleid en bestaande mechanismen van de EU voortzetten.

Bovendien zullen de nieuwe lidstaten profiteren van eventuele nieuwe mechanismen ter verbetering van de tenuitvoerlegging van het gemeenschapsrecht. In het wetboek over governance heeft de Commissie aangegeven dat het in 2002 twinning-regelingen zal voorstellen tussen overheden om de beste praktijken bij de tenuitvoerlegging van maatregelen te delen, op basis van de ervaring van de kandidaat-lidstaten, en ter bevordering van de kennis van het Gemeenschapsrecht in nationale gerechtshoven en bij juristen. De invoering van dergelijke twinning-regelingen tussen de lidstaten zou er voor zorgen dat kandidaat-lidstaten na de toetreding van zulke regelingen kunnen blijven profiteren. Dit zou bijdragen tot een betere implementatie van het acquis in een uitgebreide Unie.

3. De pretoetredingsstrategie voor Turkije - naar een nieuwe fase

De tenuitvoerlegging van de pretoetredingsstrategie, zoals gedefinieerd door de Europese Raad van Helsinki, is goed gevorderd. Aan het eind van dit jaar zullen alle elementen van de strategie aan de orde zijn gekomen. In de volgende fase zal de aandacht uitgaan naar een meer gedetailleerde voorbereiding op de eisen van het EU-lidmaatschap.

In deze nieuwe fase wordt Turkije aangemoedigd het proces van politieke en economische hervormingen te intensiveren en te versnellen overeenkomstig de prioriteiten van het toetredingspartnerschap. Dit brengt verdere constitutionele, wetgevende, administratieve en gerechtelijke hervormingen met zich mee, met als doel Turkije dichter bij de EU-normen te brengen. De recente hervorming van de grondwet en de tenuitvoerlegging van het nieuwe economische plan zijn een veelbelovende start van dit proces.

Er zou meer gebruik moeten worden gemaakt van de versterkte politieke dialoog om verdere vooruitgang te stimuleren met betrekking tot prioriteiten van het toetredingspartnerschap, zoals de mensenrechten, Cyprus en de vreedzame regeling van grensgeschillen.

De steun die Turkije heeft geuit in de politieke dialoog voor de inspanningen van de secretaris-generaal van de VN om een alomvattende oplossing te vinden voor de kwestie Cyprus zou nu moeten gevolgd worden door concrete stappen van Turkije.

Wat betreft het Europese veiligheids en defensiebeleid (EVDB) zou Turkije zich moeten inspannen om de kwestie van de modaliteiten voor deelname aan besluiten over door de EU geleide operaties op te lossen, met het oog op een door de Europese Raad van Laken te nemen besluit, overeenkomstig de conclusies van de Europese Raad van Nice.

Een aantal vertrouwenwekkende maatregelen in het kader van de Grieks-Turkse relaties worden verder ontwikkeld en uitgevoerd. Dit zou moeten leiden tot een gunstig klimaat voor een vreedzame oplossing van grensgeschillen overeenkomstig de conclusies van de Europese Raad van Helsinki.

Turkije zal financiële hulp krijgen om te voldoen aan de prioriteiten van het toetredingspartnerschap. Turkije wordt uitgenodigd de administratieve capaciteit voor projectontwerp en beheer te versterken overeenkomstig de gedecentraliseerde benadering die met alle kandidaat-lidstaten wordt gevolgd. De Commissie zal advies en hulp van deskundigen uit de lidstaten mobiliseren ter ondersteuning van de Turkse inspanningen. Op basis van een door de EU en Turkije te ondertekenen kaderovereenkomst betreffende de Turkse deelname aan programma's van de Gemeenschap, wordt Turkije uitgenodigd effectieve structuren in te stellen voor het beheer van deze programma's, vooral op onderwijsgebied.

De afronding van de onderhandelingen over de uitbreiding van de douane-unie op het terrein van overheidsaanbestedingen en openbare diensten moet prioriteit krijgen.

De Europese Raad van Feira heeft de Commissie gevraagd verslag uit te brengen over de vorderingen bij de voorbereiding van het analytisch onderzoek van het acquis. Dit rapport wordt bij het periodiek verslag 2001 gevoegd.

Op basis van de huidige ervaringen en de geconstateerde lacunes in de Turkse wetgeving en de administratieve voorbereiding op het lidmaatschap, wordt aanbevolen een nieuwe fase in de pretoetredingsstrategie te laten ingaan. Deze omvat een gedetailleerde analyse van de Turkse wetgeving en het tijdschema voor aanpassing aan het acquis. In deze fase zal ook bijzondere aandacht worden besteed aan de capaciteit van de Turkse overheid en het gerechtelijk apparaat om het acquis daadwerkelijk uit te voeren en toe te zien op de naleving ervan.

Van nu af aan zullen de EU en Turkije een uitvoeriger dialoog voeren over de eisen voor de omzetting, tenuitvoerlegging en handhaving van het acquis, een zich daarbij concentreren op specifieke sectoriële kwesties die door de deskundigen in de bestaande fora zullen worden bestudeerd. De agenda's van subcomités zullen dan ook gericht zijn op gedetailleerde prioriteiten voor maatregelen. Turkse ambtenaren zullen uitvoerige informatie ontvangen over specifieke onderdelen van het acquis. EU-deskundigen zullen Turkse ontwerp-wetgeving beoordelen. TAIEX zal werkgroepen organiseren over specifieke kwesties.

Turkije zal worden uitgenodigd actief bij te dragen aan de databank van de Gemeenschap over de aanpassing van wetgeving zodat een gedetailleerde en voortdurende monitoring van de vorderingen mogelijk wordt.

Aanbevolen wordt dat het EG-Turkije-Associatiecomité bij zijn volgende bijeenkomst vaststelt welke onderwerpen in dit proces centraal moeten staan, evenals het vergaderschema.

4. De volgende stappen

a) Voldoen aan de toetredingscriteria

De toetreding vereist dat de kandidaten voldoen aan de voorwaarden voor het lidmaatschap, dat wil zeggen de politieke en economische criteria, en het vermogen om de verplichtingen van het lidmaatschap op zich te nemen. De Commissie zal een positief advies geven over de toetreding van een land als zij er van overtuigd is dat het in staat is op het moment van toetreding te voldoen aan de criteria.

De periodieke verslagen van dit jaar en de huidige fase van de toetredingsonderhandelingen stellen de Commissie nog niet in staat te concluderen dat door een van de kandidaat-lidstaten is voldaan aan de toetredingsvoorwaarden. Gelet echter op het huidige tempo van de onderhandelingen en de tot dusver geboekte vooruitgang, zou de Commissie op basis van de periodieke verslagen voor 2002 in staat moeten zijn aanbevelingen te doen omtrent de kandidaat-lidstaten die klaar zijn voor toetreding. Van de twaalf kandidaat-lidstaten hebben er tien streefdata voor toetreding die verenigbaar zijn met het tijdschema van Göteborg.

In de periodieke verslagen van dit jaar en de herziene toetredingspartnerschappen worden de nog steeds noodzakelijke hervormingen per land beschreven. In de periodieke verslagen van 2002 zal de Commissie haar beoordeling van de vooruitgang bij de tenuitvoerlegging van deze resterende hervormingen aanvullen met een evaluatie van de resultaten van elk land sinds de adviezen. De Unie zou op die manier in staat zijn de toetredingsonderhandelingen tegen het einde van het Deense voorzitterschap in 2002 af te ronden met de landen die aan de voorwaarden voldoen, met het oog op hun toetreding in 2004.

b) De eerste toetredingen

De conclusies van de toetredingsonderhandelingen zullen worden opgenomen in een toetredingsverdrag, waarin de resultaten van de afzonderlijke toetredingsconferenties worden gebundeld, waarschijnlijk net als bij voorgaande toetredingen in een enkel rechtsinstrument. Voor het opstellen van de wetsteksten is technische voorbereiding vereist, die reeds van start is gegaan.

Voor de meest recente uitbreiding was dit rechtsinstrument - bestaande uit een kort verdrag en een lange toetredingsakte - voornamelijk gewijd aan technische aanpassingen van de secundaire wetgeving die nodig was voor de toetreding van de vier betrokken kandidaat-lidstaten. Er was ook een bepaling in opgenomen voor aanpassing van het verdrag indien een kandidaat-lidstaat niet ratificeerde; zo kon het verdrag in werking treden ondanks het ontbreken van de ratificatie in Noorwegen.

Voor het volgende toetredingsverdrag moet in de eerste helft van 2002 een begin worden gemaakt met het redigeren van de tekst in het kader van de Raad en de toetredingsconferenties. De Commissie zou hierbij steun verlenen door de nodige technische voorstellen te doen. Ook zal de Commissie aanwijzen welke delen van het acquis technische aanpassingen vereisen en de Raad een inventarisatie voorleggen van deze technische aanpassingen, op basis van informatie van de kandidaat-lidstaten.

De uitbreiding moet van de zijde van de Unie worden goedgekeurd door de Raad en het Europees Parlement, rekening houdend met het uiteindelijke advies dat de Commissie aan het eind van de onderhandelingen zal voorleggen. Het verdrag dat uit de toetredingsonderhandelingen zal voortkomen wordt dan formeel door de betrokken partijen (lidstaten en kandidaat-lidstaten) ondertekend en voor ratificatie voorgelegd aan de verdragsluitende staten in overeenstemming met hun respectieve grondwettelijke voorwaarden.

c) Andere kandidaat-lidstaten waarmee wordt onderhandeld - naar een bijgewerkte routebeschrijving

Voor die kandidaat-lidstaten waarmee wordt onderhandeld en die geen deel zullen uitmaken van de eerste toetredingsgolf, zal de Commissie periodieke verslagen blijven publiceren, tot het algemene niveau van voorbereiding deze landen in staat stelt te voldoen aan de criteria voor toetreding. De Europese Unie zal haar volledige steun blijven geven aan de voorbereidingen op het lidmaatschap door deze kandidaten.

De onderhandelingen zullen worden voortgezet op basis van de principes die het toetredingsproces vanaf het begin hebben geleid. Het zou mogelijk moeten zijn volgend jaar alle 29 onderhandelingshoofdstukken die verband houden met het acquis te openen, op voorwaarde dat de kandidaten voldoende voorbereid zijn.

In haar strategiedocument van 2002 voor de uitbreiding zal de Commissie een bijgewerkte routebeschrijving opnemen en zo nodig een herziene pretoetredingsstrategie voor deze kandidaten, op basis van de vooruitgang in het volgende jaar en de conclusies van de Europese Raad van Göteborg.

IV. Conclusies

In het licht van het voorgaande beveelt de Europese Commissie de Europese Raad aan zijn conclusies te baseren op de volgende elementen:

1) Uit de periodieke verslagen blijkt dat alle kandidaat-lidstaten het laatste jaar aanzienlijke vorderingen hebben gemaakt bij de uitvoering van de toetredingscriteria, die, samen met de routebeschrijving, significante vooruitgang bij de onderhandelingen mogelijk hebben gemaakt.

2) De principes van dit proces blijven onveranderd. De Europese Raad van Berlijn heeft een duidelijk kader voor de financiële aspecten van de uitbreiding opgesteld. Dit kader vormt een voldoende basis voor de toetreding van maximaal tien nieuwe lidstaten in 2004. De Europese Raad van Nice heeft het kader voor de institutionele hervormingen die nodig zijn voor de uitbreiding gedefinieerd. De onderhandelingen worden gevoerd op basis van het bestaande acquis en zullen worden afgerond met die kandidaten die voldoen aan alle criteria voor het lidmaatschap, waarbij de principes van eigen verdiensten en inhaalmogelijkheden worden toegepast. Dit zijn de noodzakelijke en voldoende voorwaarden die bij aanvang zijn gedefinieerd voor de verwezenlijking van de eerste toetredingen.

3) Hiertoe moet de routebeschrijving volgens plan worden gevolgd. De EU zal nu gemeenschappelijke standpunten voor de overige hoofdstukken moeten bepalen. De Commissie zal er voor zorgen dat de Raad vroeg in 2002 financiële kwesties in een gemeenschappelijk kader kan bespreken, en bij de Raad voorstellen indienen op het terrein van landbouw, regionaal beleid en begroting, op basis van het huidige acquis en de inherente beginselen van de overeenkomst van Berlijn. De toetredingsonderhandelingen kunnen onafhankelijk van de besluiten voor de financiering van de EU na 2006 worden afgerond.

4) De periodieke verslagen van dit jaar en de huidige fase van de toetredingsonderhandelingen stellen de Commissie nog niet in staat te concluderen dat door een van de kandidaat-lidstaten is voldaan aan de toetredingsvoorwaarden. Gelet echter op het huidige tempo van de onderhandelingen en de tot dusver geboekte vooruitgang, zou de Commissie op basis van de periodieke verslagen voor 2002 in staat moeten zijn aanbevelingen te doen omtrent de kandidaat-lidstaten die klaar zijn voor toetreding. Van de twaalf kandidaat-lidstaten hebben tien streefdata voor toetreding die verenigbaar zijn met het tijdschema van Göteborg. De Unie dient dan ook gereed te zijn de toetredingsonderhandelingen af te sluiten aan het eind van het Deense voorzitterschap in 2002, met het oog op toetreding in 2004 door alle landen die voldoen aan de voorwaarden. De nodige administratieve voorbereidingen binnen de instellingen zijn reeds op gang gekomen en moeten worden voortgezet.

5) In het kader van een actieplan zal de Commissie vroeg in 2002 een analyse maken van de inspanningen van de kandidaat-lidstaten op het gebied van institutionele versterking, en zo nodig van hun intenties deze te intensiveren, met gebruikmaking van een aanvullende faciliteit voor institutionele versterking. De Commissie zal de Raad informeren over monitoring-maatregelen, waaronder peer reviews in het voorjaar van 2002, zodat deze kunnen worden opgenomen in een enkel kader voor de toetredingsonderhandelingen. De Commissie zal tijdens de Europese Raad van Sevilla in juni 2002 verslag uitbrengen over haar actieplan, onder andere over het toezicht op de door de kandidaat-lidstaten tijdens de onderhandelingstoetredingen gedane verbintenissen. De periodieke verslagen van 2002 zullen onderzoeken of de kandidaat-lidstaten bij de toetreding voldoende administratieve capaciteit zullen hebben voor de implementatie en handhaving van het acquis.

6) De onderhandelingen zullen worden voortgezet op basis van de principes die het toetredingsproces vanaf het begin hebben geleid. Het zou mogelijk moeten zijn volgend jaar alle 29 onderhandelingshoofdstukken die verband houden met het acquis te openen, op voorwaarde dat de kandidaten voldoende voorbereid zijn. In haar strategiedocument van 2002 voor de uitbreiding zal de Commissie een bijgewerkte routebeschrijving opnemen en zo nodig een herziene pretoetredingsstrategie voor deze kandidaten, op basis van de vooruitgang in het volgende jaar en de conclusies van de Europese Raad van Göteborg.

7) Alle kandidaat-lidstaten moeten zoveel mogelijk met het proces van Lissabon worden geassocieerd. Deze landen zullen betrokken worden bij de discussies over de toekomst van Europa en de conventie die de volgende intergouvernementele conferentie moet voorbereiden.

8) De partijen die betrokken zijn bij het zoeken naar een oplossing voor de kwestie Cyprus moeten de bestaande kansen om tot een regeling te komen volledig benutten voor het afronden van de toetredingsonderhandelingen. Indien de nodige politieke wil wordt getoond is een regeling die de belangen van de betrokken partijen weerspiegelt haalbaar via het proces onder auspiciën van de Verenigde Naties. Het is met name belangrijk dat het Turks-Cypriotische leiderschap opnieuw in het VN-proces investeert. De bepalingen van een politieke regeling kunnen worden opgenomen binnen de EU-toetredingsregeling voor Cyprus overeenkomstig de principes waarop de EU is gegrondvest. Indien echter geen regeling is bereikt voor de afronding van de toetredingsonderhandelingen zal de Raad het toetredingsbesluit nemen zonder dat dit een randvoorwaarde is, overeenkomstig de conclusies van de Europese Raad van Helsinki.

9) Aan het eind van dit jaar zullen alle elementen van de pretoetredingsstrategie voor Turkije, waartoe door de Europese Raad van Helsinki is besloten, aan de orde zijn gekomen. De pretoetredingsstrategie dient een nieuwe en intensere fase in te gaan, waarbij een gedetailleerde analyse wordt gemaakt van de Turkse wetgeving en de voorbereidingen op aanpassing aan het acquis. Turkije wordt aangemoedigd het proces van politieke en economische hervormingen voort te zetten en verdere vooruitgang te boeken bij het voldoen aan de criteria van Kopenhagen en de prioriteiten van het toetredingspartnerschap. Op de korte termijn is het van bijzonder belang dat de eerbiediging van de mensenrechten in de praktijk wordt verbeterd en dat er omstandigheden worden geschapen voor economische stabiliteit en groei. Turkije moet zich meer inspannen voor een oplossing voor de kwestie Cyprus. Bovendien dient Turkije actief bij te dragen aan het wegnemen van de meningsverschillen die zijn ontstaan in verband met de Europese veiligheids- en defensiebeleid.

10) Om er voor te zorgen dat het grote publiek in de lidstaten en de kandidaat-lidstaten goed geïnformeerd wordt over het uitbreidingsproces en de gevolgen en potentiële voordelen ervan, zal de communicatiestrategie met volledige steun van de lidstaten en het Europees Parlement worden gevolgd. Het is van fundamenteel belang dat het historische proces van de hereniging van het Europees continent gedragen wordt door haar bevolking.

1.1.

Bijlagen

Bijlage 1: Conclusies van de periodieke verslagen

Bulgarije

In haar advies van 1997 kwam de Commissie tot de conclusie dat Bulgarije voldeed aan de politieke criteria. Sindsdien heeft Bulgarije belangrijke vorderingen gemaakt wat betreft de verdere consolidatie en versterking van de stabiliteit van zijn instellingen die borg staan voor de democratie, de rechtsstaat, de mensenrechten en de eerbiediging en bescherming van minderheden. Het voorbije jaar zijn nog extra inspanningen geleverd op dat gebied. Bulgarije voldoet nog steeds aan de politieke criteria van Kopenhagen.

Sinds vorig jaar zijn verdere vorderingen gemaakt met de hervorming van het openbaar bestuur. Veel werknemers hebben het ambtenarenstatuut en er bestaat thans een Gedragscode voor ambtenaren. De wet op de toegang tot overheidsinformatie is een stap in de goede richting doch zij moet nog verder worden toegelicht om de daadwerkelijke tenuitvoerlegging daarvan te waarborgen. Er zijn nieuwe maatregelen nodig om tot een efficiënt, transparant en verantwoordingsplichtig openbaar bestuur te komen.

De recente goedkeuring door de regering van twee strategieën, een inzake de hervorming van het gerechtelijk apparaat en de andere betreffende de strijd tegen corruptie, is een belangrijke ontwikkeling. Het komt er nu op aan die strategieën ten uitvoer te leggen. Het gerechtelijk apparaat is nog steeds zwak en er is vooralsnog geen aanleiding om de evaluatie van vorig jaar te herzien, volgens welke verdere inspanningen nodig zijn om van het gerechtelijk apparaat een sterke, onafhankelijke, efficiënte en professionele instelling te maken die de volledige eerbiediging van de rechtsstaat en een daadwerkelijke deelname aan de interne markt kan waarborgen. De corruptie baart nog steeds grote zorgen. Het wettelijk kader moet daadwerkelijk worden versterkt en er moet meer aandacht worden besteed aan de voorkoming van corruptie.

Er is enige vooruitgang geboekt met de opleiding van de politie op het gebied van mensenrechten en de strijd tegen mensenhandel. Er moet echter iets worden gedaan aan het gedrag van de politie, met name wat betreft gerapporteerde gevallen van mishandeling. Dit baart nog steeds ernstige zorgen.

Er zijn een bureau voor kinderbescherming en een nationale adviesraad voor kinderbescherming opgericht. Er moeten nog verdere maatregelen worden genomen om het bureau voor kinderbescherming operationeel te maken. Op het vlak van het kinderwelzijn is er nog geen belangrijke wijziging gekomen in het aantal in instellingen opgenomen kinderen. De slechte omstandigheden in een aantal opvanghuizen voor kinderen met een mentale handicap geven reden tot bezorgdheid.

De Roma zijn nog steeds het slachtoffer van een algemeen verspreide sociale discriminatie. Het politieke engagement van de regering om die problemen te verhelpen heeft nog steeds geen concrete vorm aangenomen. Een positievere ontwikkeling is het feit dat een aantal NGO's projecten hebben uitgevoerd met betrekking tot de desegregatie van de Roma-scholen.

Er zijn heel weinig vorderingen gemaakt met betrekking tot de tenuitvoerlegging van het kaderprogramma voor de Roma en het versterken van de nationale raad voor etnische en demografische vraagstukken, die tot de prioriteiten van het partnerschap voor toetreding behoren.

Wat de overige daarmee verband houdende prioriteiten van het partnerschap voor toetreding betreft, heeft Bulgarije verdere vooruitgang geboekt met de tenuitvoerlegging van de ambtenarenwet. Een prioriteit waaraan echter nog niet is voldaan is de versterking van het gerechtelijk apparaat.

Bulgarije staat dicht bij een functionerende markteconomie. Het zou op middellange termijn in staat moeten zijn het hoofd te bieden aan de concurrentiedruk en de marktkrachten binnen de Unie, op voorwaarde dat het doorgaat met de hervormingen en zich nog meer inspant om hardnekkige problemen op te lossen.

De Bulgaarse macro-economie gaat het vierde jaar in met een stabiele situatie en bevredigende prestaties op macro-economisch gebied. Er zijn goede vorderingen gemaakt met de privatisering, vooral wat het bankwezen betreft, en met de structurele hervormingen, die de micro-economische basis vormen voor een duurzame groei.

De inflatie is in 2000 echter sterk gestegen. De investeringen blijven ontoereikend. De financiële bemiddeling staat nog steeds op een laag peil en is inefficiënt. Specifieke tekortkomingen die nog steeds in de grondmarkt bestaan tasten de prestaties van die markt en van andere economische sectoren aan. De autoriteiten zouden prioriteit moeten geven aan het versterken van het gerechtelijk apparaat en de handhaving van het regelgevingskader. Administratieve hinderpalen voor de ontwikkeling van de particuliere sector, die de oprichting, ontwikkeling en sluiting van bedrijven, met inbegrip van de faillissementsprocedures, beïnvloeden moeten worden weggewerkt. Een volgehouden uitvoering van deze hervormingsmaatregelen en een hoger niveau van particuliere en openbare investeringen zijn sleutelelementen voor een duurzame groei en de ontwikkeling van het concurrentievermogen.

Bulgarije heeft het tempo van aanpassing van de wetgeving aan het acquis goed weten te handhaven doch het moet meer aandacht besteden aan de tenuitvoerlegging en handhaving daarvan. Er is verdere vooruitgang geboekt met de hervorming van het openbaar bestuur en dat is een gunstig teken. Deze hervorming moet worden volgehouden om ervoor te zorgen dat het openbaar bestuur bij de toetreding tot de EU op zijn taak is voorbereid. Er is echter weinig gedaan voor de voorbereiding van het gerechtelijk apparaat dat moet worden gemoderniseerd en versterkt, met name om een daadwerkelijke handhaving van het acquis te waarborgen.

Wat de interne markt betreft, heeft Bulgarije op de meeste terreinen vooruitgang geboekt. Ten aanzien van het vrije verkeer van goederen zijn verdere vorderingen gemaakt met het lidmaatschap van de Europese accreditering als een van de belangrijkste resultaten. De administratieve infrastructuur voor standaardisering en certificering en het systeem voor markttoezicht moeten nog steeds worden versterkt. Wat de financiële diensten betreft, heeft Bulgarije degelijke procedures voor toezicht op het bankwezen ontwikkeld. Het vennootschapsrecht is verder aangepast en het wettelijk kader voor de bescherming van de intellectuele en industriële eigendomsrechten is verbeterd, doch er moeten nog verdere maatregelen worden genomen met het oog op de handhaving daarvan. Wat staatssteun betreft, begint Bulgarije eindelijk met de ontwikkeling en tenuitvoerlegging van een kader voor staatssteun doch dit is nog niet verenigbaar met het acquis. Bulgarije heeft nog steeds geen wettelijk kader voor gegevensbescherming dat verenigbaar is met het acquis.

Op landbouwgebied blijft Bulgarije over het algemeen goede vorderingen maken met de aanpassing van de wetgeving doch de tenuitvoerlegging van het acquis vormt een belangrijke uitdaging. De voorschriften met betrekking tot de veterinaire en fytosanitaire inspectie moeten verder worden verbeterd. De gedeeltelijke erkenning van SAPARD is een belangrijk succes. Het tempo van de vooruitgang op visserijgebied ligt vergeleken met de voorbije jaren veel hoger.

Hoewel vooruitgang is geboekt met de aanpassing van het arbeidsrecht aan het acquis, worden maar langzaam vorderingen gemaakt op het gebied van de wetgeving inzake gelijke behandeling. De bestuurlijke capaciteit van de arbeidsinspectie is weliswaar versterkt doch de capaciteit voor de tenuitvoerlegging van het acquis inzake de bescherming van de veiligheid en de gezondheid op het werk moet worden vergroot.

Wat het regionale beleid betreft, heeft Bulgarije weinig nieuwe vorderingen gemaakt en er moet veel meer aandacht worden besteed aan de voorbereiding op de tenuitvoerlegging van het structuurbeleid.

Bulgarije heeft zijn inspanningen voortgezet voor de omzetting van het milieuacquis van de EG doch de tenuitvoerlegging en de kosten van de aanpassing blijven een probleem vormen.

Het tempo van de vooruitgang op vervoersgebied is zowel wat de goedkeuring en totstandbrenging van de uitvoerende structuren betreft gehandhaafd gebleven. Ook de investeringen zijn toegenomen.

De herstructurering van de energiesector is in de loop van 2001 tegen een zeer laag tempo verlopen als gevolg van vertragingen bij de geplande herziening van het wettelijk kader. Deze vertragingen hebben de verbetering van de efficiency en de voorbereiding op de privatisering gehinderd. Wat de kernenergie betreft, moet Bulgarije de toezeggingen inzake ontmanteling van het Memorandum van overeenstemming nakomen en zorgen voor een hoger niveau van nucleaire veiligheid.

Op het vlak van justitie en binnenlandse zaken zijn op de meeste gebieden vorderingen gemaakt wat betreft de wetgeving doch de vooruitgang met betrekking tot de versterking van de bestuurlijke capaciteit was niet zo groot als nodig was. Er is enige vooruitgang geboekt met de controle van de buitengrenzen; er zijn echter nog verdere verbeteringen mogelijk, met name wat betreft de samenwerking tussen verschillende bureaus.

Op het vlak van het extern beleid blijft Bulgarije sterke prestaties leveren en blijft het een belangrijke bijdrage leveren aan de regionale stabiliteit en volgt het de weg van de liberalisering van de handel met de EG en zijn preferentiële partners.

Op het gebied van douane en belastingen moet Bulgarije IT-systemen ontwikkelen die de uitwisseling van gegevens met de EG mogelijk maken.

Er is verder vooruitgang geboekt met betrekking tot de versterking van de financiële controle en de verbetering van het beheer van en de controle op de overheidsuitgaven. De inspanningen moeten worden voortgezet.

Er valt vooruitgang te noteren met betrekking tot de oprichting van de instellingen die nodig zijn voor de tenuitvoerlegging van het acquis en de hervorming van het openbaar bestuur, doch de capaciteit van de Bulgaarse administratie blijft beperkt. Er is verdere vooruitgang nodig en de nodige middelen moeten worden toegewezen om het hoofd te kunnen bieden aan de komende uitdagingen. Verdere inspanningen zijn ook nodig om de bestuurlijke capaciteit tot stand te brengen die nodig is voor een gezond, efficiënt en controleerbaar beheer van de EG-middelen.

Er worden vorderingen gemaakt met de werkzaamheden met betrekking tot het openbaar bestuur doch het tempo van de voorbereiding van het gerechtelijk apparaat met het oog op de handhaving van het acquis geeft reden tot bezorgdheid. Het tempo van de vooruitgang met betrekking tot de hervorming van het gerechtelijk apparaat moet sterk worden opgevoerd.

Sinds vorig jaar heeft Bulgarije alle prioriteiten voor de korte termijn van het partnerschap voor toetreding met betrekking tot het acquis vervuld en heeft het op dit gebied vooruitgang geboekt. Bulgarije heeft vorderingen gemaakt ten aanzien van de prioriteiten inzake de bestuurlijke capaciteit, met uitzondering van de versterking van het gerechtelijk apparaat waarvoor weinig vooruitgang is geboekt. De tenuitvoerlegging van de onlangs aangenomen strategie voor de hervorming van het gerechtelijk apparaat zou daarin verandering moeten brengen. Bulgarije is begonnen met de tenuitvoerlegging van de meerderheid van de prioriteiten voor de middellange termijn van het partnerschap voor toetreding.

Cyprus

Cyprus voldoet nog steeds aan de politieke criteria van Kopenhagen. Er zijn verdere inspanningen geleverd om de overheid voor te bereiden op de uitoefening van haar taken binnen de EU, en op het gebied van democratie en mensenrechten kunnen de autoriteiten onveranderd op een in het algemeen goede staat van dienst bogen.

Cyprus kent een functionerende markteconomie en zou de concurrentiedruk en de marktkrachten binnen de Unie het hoofd moeten kunnen bieden.

De macro-economische toestand van het land blijft gezond met een sterke groei van het BBP, een lage inflatie en lage werkloosheid. Met behulp van het in 1999 ingevoerde plan voor de consolidering van de begroting worden met succes een aantal belangrijke structurele tekortkomingen in de overheidsfinanciën aangepakt. Er is vooruitgang geboekt met structurele hervormingen, met name in de financiële sector, het milieu en de gezondheidszorg. Zowel wat de financiële sector als de kapitaalrekening betreft, zijn belangrijke stappen gezet in de richting van een grotere liberalisering.

Het tekort op de lopende rekening is echter aanzienlijk toegenomen. De gewenste liberalisering op het gebied van de financiële sector en de kapitaalrekening stelt de economie voor nieuwe uitdagingen. De Cyprische autoriteiten moeten zorgen voor een degelijk en uniform toezicht op de financiële sector, inclusief de coöperatieve banken. Waar prijsregelingen van kracht zijn, moet meer marktwerking worden geïntroduceerd. Cyprus moet zijn particuliere sector blijven voorbereiden op het functioneren binnen de interne markt - het logische gevolg van integratie in de EU -, door cruciale sectoren open te stellen voor buitenlandse concurrentie.

Tijdens de periode waarop dit periodiek verslag betrekking heeft, heeft Cyprus aanzienlijke vooruitgang geboekt op verschillende terreinen van het acquis en heeft het stelselmatig zijn wetgeving verder aangepast en de vereiste bestuurlijke structuren opgezet en verbeterd. Het tempo van het aanpassingsproces is geleidelijk aan verhoogd. Er dient evenwel nog steeds een behoorlijk aantal wetten te worden goedgekeurd.

In het afgelopen jaar is vooruitgang geboekt op belangrijke gebieden van de interne markt. Wat het vrije goederenverkeer betreft, is de overname van EN-normen versneld en werd er nieuwe wetgeving vastgesteld met betrekking tot sectorspecifieke wetgeving. De omzetting en de uitvoering van het acquis vereisen echter onverminderd serieuze inspanningen, met name ten aanzien van de kaderwet betreffende de beginselen voor een nieuwe en algemene aanpak en de daaropvolgende besluiten voor de omzetting van de richtlijnen van de nieuwe aanpak. Daarnaast moet er een algemene strategie worden opgezet voor een betere coördinatie tussen de autoriteiten die met markttoezicht zijn belast. Ofschoon Cyprus op het gebied van het vrije personenverkeer, met name wat betreft de coördinatie van socialezekerheids stelsels, bepaalde maatregelen heeft genomen om regels af te schaffen die onverenigbaar zijn met het acquis, blijft er vóór de toetreding nog belangrijk wetgevend werk te verrichten. Ten aanzien van de financiële dienstverlening kan goede vooruitgang worden gemeld op het gebied van wetgeving en ook het algemene niveau van toezicht lijkt bevredigend. Er moet bijzondere aandacht worden gegeven aan de herstructurering van de sector van de coöperatieve verenigingen en de spaarinstellingen. De liberalisering van het kapitaalverkeer is doorgegaan en moet worden gehandhaafd opdat de markten bij de toetreding degelijk zouden functioneren. Er werden belangrijke maatregelen genomen in de strijd tegen witwaspraktijken, bijvoorbeeld door de uitbreiding van de werkingssfeer van de toepasselijke wetgeving tot advocaten en accountants. Cyprus heeft ook de maatregelen verscherpt ten aanzien van de identificatie van rekeninghouders en de melding van transacties overeenkomstig de aanbevelingen van verschillende internationale fora. Wat de intellectuele- en industriële-eigendomsrechten betreft, moet het harmonisatieproces worden versneld. Ten slotte moet worden gezorgd voor een effectieve toepassing en handhaving van de regels inzake staatssteun, onder andere via de aanpassing van bestaande steunregelingen, met name de belastingregeling voor de offshoresector.

Op het gebied van de landbouw is er gedeeltelijke vooruitgang geboekt; er moeten evenwel nog omvangrijke onderdelen en mechanismen van het acquis worden toegepast, met name wat de gemeenschappelijke marktordeningen en de veterinaire en fytosanitaire sector betreft.

Op het gebied van de visserij is de bestuurlijke capaciteit verder versterkt. Er moet nog meer vooruitgang worden geboekt wat betreft de huidige en toekomstige structuur van de vissersvloot die onder Cyprische vlag vaart. Er is aanzienlijke vooruitgang geboekt in bijna alle sectoren van het vervoersbeleid, met name op het gebied van het maritiem transport, waar de veiligheidscontroles zijn verbeterd. Er moet worden toegezien op de prestaties van de classificatiebureaus.

Ondanks de gewaardeerde inspanningen en initiatieven voor de verdere aanpassing van de belastingwetgeving aan het acquis, bijvoorbeeld via de geplande belasting hervorming, blijven er zorgen bestaan over de harmonisatie van het niveau van de indirecte belastingen en de bijzondere regeling van directe belasting voor offshore bedrijven.

Op het gebied van telecommunicatie heeft de vaststelling van wetgeving en de voorbereiding van secundaire regelgevingsinstrumenten ten behoeve van de omzetting van cruciale onderdelen van het acquis, behoorlijk wat vertraging opgelopen.

Ten aanzien van het milieu kan goede vooruitgang worden gemeld. Cyprus is doorgegaan met de harmonisatiemaatregelen voor de aanpassing van de wetgeving en de versterking van de bestuurlijke capaciteit. Er moet nu bijzondere aandacht worden gegeven aan een degelijke uitvoering en handhaving.

Wat justitie en binnenlandse zaken betreft, is er in het bijzonder vooruitgang geboekt op het gebied van grenscontrole en migratie alsmede in de strijd tegen corruptie en fraude. Er kan geen vooruitgang worden gemeld op het gebied van asielwetgeving, hoewel de bestuurlijke capaciteit met de oprichting van een dienst voor vluchtelingen werd versterkt. Gezien de toename van het aantal asielaanvragen, moet de aanpassing worden versneld, met name wat betreft de criteria voor het indienen van aanvragen en het oprichten van een onafhankelijke beroepsinstantie.

Cyprus heeft aanzienlijke vooruitgang geboekt op het gebied van douane: er is slechts op nog enkele terreinen een verdere aanpassing vereist, in het bijzonder wat betreft tijdelijke invoer, economische douaneregelingen en cultuurgoederen.

Het in Cyprus bestaande stelsel van financieel toezicht rust op een gezonde grondslag en beantwoordt aan de Europese normen. Er moeten inspanningen worden geleverd ten aanzien van het interne toezicht op inkomsten en het degelijke beheer van pretoetredings middelen en structuurfondsen.

In het afgelopen jaar is Cyprus onverminderd doorgegaan met zijn inspanningen om de bestuurlijke capaciteit verder te versterken. Er werden opleidingsprogramma's opgezet op verschillende terreinen, zoals de coördinatie van socialezekerheidsstelsels, maritieme veiligheid, en justitie en binnenlandse zaken. Voorts is extra personeel aangeworven in cruciale sectoren zoals financiële dienstverlening, vennootschapsrecht, veterinaire en fytosanitaire vraagstukken, visserij, vervoer, belastingen, sociaal beleid en werkgelegenheid, telecommunicatie, milieu, en justitie en binnenlandse zaken. Dit heeft Cyprus in staat gesteld de markttoezichtssystemen voor het vrije verkeer van goederen te versterken, het passende toezicht op de financiële diensten te verbeteren, de inspectieregelingen op veterinair en fytosanitair gebied te verfijnen en de arbeidsinspectiediensten te versterken.

Er zijn nieuwe bestuurlijke structuren opgezet om het acquis effectief toe te passen. Er is onder andere een instantie ingesteld voor geschillenbeslechting als bedoeld in de richtlijn grensoverschrijdende overmakingen, een instantie die toezicht houdt op de staatssteun, een nieuwe eenheid binnen het ministerie van Wegvervoer die bevoegd is voor markttoegang, een statistische raad, een bijzondere groep van ambtenaren die zich zal buigen over de nieuwe structuren van de regering in het licht van de gelijke behandeling van mannen en vrouwen, en ten slotte een dienst voor vluchtelingen. In andere gevallen zijn de bevoegdheden van de bestaande handhavingsinstanties versterkt, zoals is gebeurd bij de beleggings- en beurscommissie, de eenheid voor de bestrijding van witwaspraktijken (MOKAS) en de commissie voor de bescherming van de mededinging. Ten slotte zijn er plannen om een nieuw orgaan op te richten met betrekking tot farmaceutische producten (commissie voor de prijsregeling van geneesmiddelen). Op het gebied van douane is Cyprus onlangs begonnen met het updaten van zijn IT-systeem om geautomatiseerde gegevens met de Gemeenschap te kunnen uitwisselen.

In de toekomst is het wenselijk de bestuurlijke infrastructuur voor standaardisatie en certificering te versterken om aldus het vrije goederenverkeer te bevorderen. Er moeten ook verdere inspanningen worden geleverd om de handhavingscapaciteit op het gebied van de intellectuele-eigendomsrechten te versterken, met name ten aanzien van grenscontroles en de strijd tegen piraterij en namaak. Ofschoon er vooruitgang is geboekt op het gebied van antitrustzaken en staatssteun, moeten de infrastructuur, het personeel en de antitrustwetgeving, die op het punt van handhaving niet al te goed scoort, worden versterkt. Wat belastingen betreft, zou Cyprus IT-systemen moeten ontwikkelen om elektronische gegevens met de Gemeenschap en haar lidstaten te kunnen uitwisselen. Na de benoeming van het hoofd van de onafhankelijke toezichthouder in de telecommunicatiesector, die naar verwachting binnenkort zal plaatsvinden, zou deze nieuw opgerichte autoriteit snel haar werkzaamheden moeten aanvangen. Op het gebied van justitie en binnenlandse zaken is verbetering van het grensbeheer een dwingende zaak. Er moeten ook verdere inspanningen worden geleverd om de vereiste bestuurlijke capaciteit tot stand te brengen waarmee de communautaire fondsen gezond, efficiënt en onder toezicht kunnen worden beheerd.

Algemeen gesproken beschikt Cyprus grotendeels al over de bestuurlijke capaciteit om de verschillende aspecten van het acquis uit te voeren.

In het afgelopen jaar heeft Cyprus aan de kortetermijnprioriteiten van zijn toetredings partnerschap ten aanzien van het vrije verkeer van kapitaal, milieu en financieel toezicht voldaan. Op de meeste andere gebieden werden de prioriteiten ten dele vervuld. Cyprus is vooruitgang blijven boeken met het voldoen aan de middellange termijnprioriteiten van zijn toetredingspartnerschap, waarvan het er een aantal ten dele heeft vervuld, zoals justitie en binnenlandse zaken, regionaal beleid en coördinatie van structuurinstrumenten en vraagstukken met betrekking tot de interne markt.

Tsjechische Republiek

In haar verslag over 1997 concludeerde de Commissie dat de Tsjechische Republiek voldeed aan de politieke criteria van Kopenhagen. Sindsdien heeft het land aanzienlijke vooruitgang geboekt bij de verdere consolidatie en verdieping van de stabiliteit van zijn instellingen die de democratie, de rechtsstaat, de mensenrechten en de eerbiediging en bescherming van minderheden garanderen. In het afgelopen jaar werden verdere inspanningen geleverd in deze richting. De Tsjechische Republiek beantwoordt nog steeds aan de politieke criteria van Kopenhagen.

De regering heeft ook maatregelen genomen om de werking van de centrale en regionale overheid te verbeteren. Het valt echter te betreuren dat de Tsjechische Republiek nog steeds niet over een ambtenarenwet beschikt voor zijn overheidsadministratie. Dit is van essentieel belang met het oog op onafhankelijkheid, professionalisme en stabiliteit.

De hervorming van het gerechtelijk apparaat is aanzienlijk gevorderd. De werkzaamheden op het gebied van het burgerlijk recht zijn goed gevorderd, terwijl de inspanningen met betrekking tot het strafrecht, de organisatie van de rechtbanken en de autonomie van het gerechtelijk apparaat worden voortgezet. Er is met name overeenstemming bereikt over een ingrijpende hervorming van het wetboek van strafvordering. Doel hiervan is de capaciteit te verhogen, zodat strafzaken effectief onderzocht en voor het gerecht gebracht kunnen worden.

Er zijn enkele aanvullende maatregelen genomen om corruptie en economische criminaliteit te bestrijden. Corruptie en economische criminaliteit blijven echter een ernstige bron van bezorgdheid, zoals blijkt uit een overheidsrapport waarin wordt opgeroepen tot steun van de politiek om dit thema aan te pakken.

De Tsjechische Republiek heeft zijn interne institutionele kader op het gebied van de mensenrechten geconsolideerd. Meer inspanningen zijn echter nodig om de hardnekkige handel in vrouwen en kinderen beter te bestrijden.

De Tsjechische regering heeft aanzienlijke inspanningen geleverd met betrekking tot de Roma en andere minderheden. Verdere maatregelen zijn echter nodig om de wijdverbreide discriminatie te bestrijden, overeenkomstig het overheidsbeleid voor de Roma van juni 2000. De centrale overheid dient erop toe te zien dat alle niveaus van de overheid, ook het regionale en plaatselijke niveau, de geldende wetgeving met betrekking tot de rechten van minderheden respecteren, deze wetgeving wordt geïmplementeerd en de financiële middelen om dat te doen beschikbaar zijn.

Er is enige vooruitgang geboekt bij de aanpak van de prioriteiten van het toetredingspartnerschap, maar verdere inspanningen blijven nodig. De regering heeft het parlement een voorstel voorgelegd voor een wet inzake de overheidsdienst, maar dit is nog niet akkoord gegaan met het voorstel. De implementatie van een omvattende hervorming laat derhalve nog op zich wachten. Verdere, bemoedigende vorderingen werden geboekt bij de hervorming van het gerechtelijk apparaat. De meerderheid van de maatregelen vervat in de resolutie van de regering over de Roma van 1997 is vervuld en de regering heeft een langetermijnbeleid ontwikkeld voor de Roma. Verdere inspanningen zijn evenwel nodig om maatregelen te implementeren voor de bestrijding van discriminatie.

De Tsjechische Republiek is een functionerende markteconomie. Indien verdere vooruitgang wordt geboekt in de richting van fiscale consolidering op middellange termijn en de implementatie van structurele hervormingen wordt voltooid, kan de Tsjechische Republiek de concurrentiedruk en de marktkrachten binnen de Unie op korte termijn het hoofd bieden.

De macro-economische resultaten zijn over het algemeen verbeterd. Er is sprake van een hervatting en verbreding van de groei, terwijl de gunstige resultaten qua inflatie zich handhaafden. Er worden inspanningen geleverd om de transparantie van de overheidsfinanciën te vergroten. Aanhoudende, omvangrijke binnenlandse en vooral buitenlandse investeringen hebben ingrijpende herstructureringen en een sterke groei van de productiviteit in de bedrijfssector met zich meegebracht. Verdere vooruitgang werd geboekt bij de herstructurering van banken en daarmee is de privatisering van het bankwezen voltooid.

Het tekort op de lopende rekening nam echter toe en ook het begrotingstekort steeg aanzienlijk, door eenmalige kosten in verband met de hervormingen en een op de conjuncturele cyclus afgestemd soepel begrotingsbeleid. De duurzaamheid van de overheidsfinanciën op middellange termijn is derhalve nog onzeker. Verdere verbeteringen van het wettelijke kader voor markttoetreding en -uittreding en een krachtige implementatie van de prudentiële voorschriften voor de financiële sector zijn essentieel. De autoriteiten moeten na de herstructurering van de banken verder gaan met het wegwerken van 'slechte leningen'. Hun inspanningen om de resterende grote staatsondernemingen te privatiseren of herstructureren moeten actief worden voortgezet, teneinde governance en efficiency van het bedrijfsleven te versterken.

De Tsjechische Republiek heeft aanzienlijke verdere inspanningen geleverd voor een grote verscheidenheid aan hoofdstukken van het acquis. Verdere inspanningen blijven echter noodzakelijk op enkele gebieden. Ook is vooruitgang geboekt met de versterking van de bestuurlijke capaciteit, al wordt deze nog steeds gehinderd door het ontbreken van een wettelijk kader voor de overheidsadministratie.

De aanpassing aan de interne markt is in het algemeen goed gevorderd, maar er zijn nog altijd enkele leemten die moeten worden opgevuld. Er is vooruitgang geboekt met betrekking tot het vrij verkeer van goederen, behalve voor overheidsopdrachten, en de instanties die verantwoordelijk zijn voor normen en certificering blijven uitstekend functioneren. Voor het vrij verkeer van personen moet de omzetting in een hoger tempo worden doorgevoerd, met name wat betreft de wederzijdse erkenning van beroepskwalificaties. Op het gebied van het vrij verkeer van diensten moet de aanpassing aan het acquis inzake financiële diensten worden voortgezet. De capaciteit van de Commissie van toezicht voor het effectenverkeer is versterkt, maar sterkere regelgevende bevoegdheden zijn nodig om het toezicht op de financiële diensten te verbeteren. Op het gebied van het vrij verkeer van kapitaal moeten de bestaande anonieme rekeningen nog worden opgeheven.

Op het gebied van mededinging is de wetgeving nu grotendeels aangepast aan het acquis. De handhaving van de antitrustwetgeving en de wetgeving inzake staatssteun is redelijk te noemen. Op laatstgenoemd gebied is strenge en transparante handhaving nodig wat betreft de staalsector en de financiële sector. Het Bureau voor de bescherming van economische concurrentie is over het algemeen voorzien van voldoende en goed opgeleid personeel. Voor het vennootschapsrecht is sprake van een hoge graad van compatibiliteit met het acquis. De capaciteiten inzake handhaving en toezicht van de autoriteiten die bevoegd zijn voor intellectuele-eigendomsrechten, zoals douane, politie, justitie en handelsinspectie, moeten echter worden versterkt.

Wat de Economische en Monetaire Unie betreft, is over het algemeen een aanzienlijk deel van het acquis overgenomen, maar verdere inspanningen zijn nodig om de aanpassing te voltooien ten aanzien van de onafhankelijkheid van de centrale bank. Er is slechts beperkte vooruitgang geboekt op het gebied van belasting, en er moeten nog enkele belangrijke vraagstukken worden aangepakt met betrekking tot de harmonisatie van de BTW- en accijnstarieven. Ook moet er meer concrete vooruitgang worden geboekt om te zorgen voor een juist en efficiënt functioneren van de belastingadministratie bij toetreding.

Recentelijk is weinig vooruitgang geboekt in de sector telecommunicatie, al is het algemene niveau van aanpassing bevredigend. Er dient te worden voorzien in de technische voorwaarden voor de geplande liberalisering. Aanzienlijke vorderingen werden geboekt bij de aanpassing van de wetgeving inzake het audiovisueel beleid.

Verdere vorderingen zijn geboekt inzake de sectorale beleidslijnen. In de vervoerssector is de wetgeving voor het wegvervoer verder aangepast. Verder is de Tsjechische Republiek lid geworden van de gezamenlijke luchtvaartautoriteiten. Er is echter weinig vooruitgang geboekt in de spoorwegsector. In de energiesector is aanzienlijke vooruitgang geboekt bij de voorbereiding van de deelname aan de interne energiemarkt voor elektriciteit en gas. In het industriebeleid is een nieuwe impuls nodig om meer vooruitgang te boeken bij de herstructurering van de bedrijven.

Op het gebied van de economische en sociale cohesie zijn opnieuw vorderingen geboekt bij de omzetting van wetgeving. Op het vlak van sociaal beleid en werkgelegenheid is de aanpassing goed gevorderd voor gelijke behandeling, arbeidsrecht en gezondheid en veiligheid op het werk. Wat het regionaal beleid betreft, is het wettelijke kader voor de toekomstige implementatie van de structuurfondsen verder voltooid. Aanvullende inspanningen zijn echter nodig om ervoor te zorgen dat bestuurlijke organen goed functioneren, er voldoende opleiding is verstrekt en zij goed gecoördineerd werken, zodat zij gereed zijn voor de implementatie van de structuurfondsen bij toetreding.

Met betrekking tot de landbouw is de nodige vooruitgang geboekt op fytosanitair gebied. Verdere aanpassingswerkzaamheden, bijvoorbeeld op veterinair gebied, zijn echter nodig voor alle vraagstukken in verband met dit omvangrijke communautaire beleid. De nodige vooruitgang werd geboekt bij het opzetten van een landelijk interventiefonds voor de landbouw, maar verdere inspanningen zijn noodzakelijk, met name met betrekking tot de reorganisatie van het Ministerie van Landbouw.

Er is de nodige vooruitgang geboekt bij de omzetting van het acquis op milieugebied. Vooral de goedkeuring van een wet inzake milieueffectrapportage was een belangrijke ontwikkeling. De coördinatie tussen de belangrijkste regeringsinstanties moet worden verbeterd, waarbij bijzondere aandacht moet worden geschonken aan de implicaties van het lopende proces van decentralisatie.

Op het gebied van justitie en binnenlandse zaken is met name vooruitgang geboekt bij de aanpassing van het visabeleid, het migratiebeleid en de versterking van het wettelijke kader voor politie en justitiële samenwerking. De goedkeuring van een hoogwaardig Schengen-actieplan is een positieve ontwikkeling. Aanzienlijke verdere inspanningen zijn echter nodig om het regeringsbeleid voor de bestrijding van georganiseerde criminaliteit en witteboordencriminaliteit te implementeren middels effectieve beleidsstrategieën en organisatorische maatregelen. Wat de grenscontroles betreft, is er weliswaar sprake van een verbetering van de controles aan de officiële grensovergangen, maar doen zich nog steeds grote moeilijkheden voor bij het tegenhouden van illegale immigranten in natuurrijke gebieden, met name aan de grens met Slowakije.

Er is inmiddels sprake van een hoog niveau van compatibiliteit met het acquis op douanegebied, al moet de wijziging van de douanewet nog steeds worden goedgekeurd. Wel verbeterde zich de operationele capaciteit. Verdere inspanningen zijn echter nodig om ervoor te zorgen dat op het moment van toetreding IT-systemen in gebruik zijn die volledig compatibel zijn met de EG-systemen.

Met betrekking tot financiële controle werden vorderingen gemaakt bij de aanpassing van de wetgeving inzake openbare interne financiële controle en externe audit, al zijn verdere inspanningen noodzakelijk om een omvattend controlesysteem te ontwikkelen.

In het algemeen versterkt zich de bestuurlijke capaciteit van de Tsjechische Republiek en moeten inspanningen die in deze richting gaan worden voortgezet, met name wat betreft landbouw, milieu, regionaal beleid en grenscontroles. Verdere inspanningen zijn ook gewenst om de noodzakelijke bestuurlijke capaciteit tot stand te brengen voor een gezond, efficiënt en controleerbaar beheer van EG-middelen.

De overgrote meerderheid van de prioriteiten van het toetredingspartnerschap is aangepakt en de geboekte algemene vooruitgang bij hun verwezenlijking is bevredigend. De kortetermijnprioriteiten met betrekking tot de interne markt zijn over het algemeen gerealiseerd, al zijn verdere inspanningen op bepaalde gebieden nodig. Beperkte vorderingen werden geboekt op belastinggebied. De prioriteiten met betrekking tot landbouw, milieu en justitie en binnenlandse zaken zijn gedeeltelijk gerealiseerd.

Wat de middellangetermijnprioriteiten betreft, die voor de interne markt zijn grotendeels gerealiseerd, behalve voor overheidsopdrachten. De prioriteiten met betrekking tot de economische en monetaire unie en belasting zijn niet verwezenlijkt. Er werd enige vooruitgang geboekt bij het verwezenlijken van de middellangetermijnprioriteiten voor de resterende gebieden, die nu over het algemeen gedeeltelijk zijn gerealiseerd.

Estland

In haar advies van 1997 kwam de Commissie tot de conclusie dat Estland voldeed aan de politieke criteria. Sindsdien heeft het land aanzienlijke vorderingen geboekt bij het verder consolideren en verdiepen van de stabiliteit van zijn instellingen die de democratie, de rechtsstaat, de mensenrechten en het respect voor en de bescherming van minderheden moeten garanderen. In het afgelopen jaar zijn verdere inspanningen in die richting geleverd. Estland voldoet nog steeds aan de politieke criteria van Kopenhagen.

Er is vooruitgang behaald bij de modernisering van de overheidsadministratie door over te schakelen op een meer resultaatgericht systeem en de publieke toegang tot informatie te verbeteren. De inspanningen voor het moderniseren van het rechtssysteem en het verbeteren van de werking van het justitieel apparaat door opleiding, reorganisatie van de rechtbanken en ontwikkeling van systemen voor informatietechnologie zijn doorgegaan. Het is evenwel nodig het programma voor de hervorming van de overheidsdiensten verder te blijven uitvoeren en in het bijzonder de transparantie inzake personeel en coördinatie tussen de verschillende organen te verbeteren. Wat het justitieel systeem betreft, dient Estland de efficiency van de afhandeling van rechtszaken verder te verhogen en tegelijk de kwaliteit en de toepassing van uitspraken van de rechtbank te verbeteren. Het is ook nodig de toegang van de burgers tot justitie verder te verbeteren, in het bijzonder door juridische bijstand op grotere schaal beschikbaar te maken.

Estland heeft verdere vorderingen geboekt bij de toepassing van concrete maatregelen voor de integratie van niet-staatsburgers. Een belangrijke positieve ontwikkeling is de versterking van de administratieve capaciteit van de "kanselier van justitie" (die o.m. als ombudsman fungeert), met inbegrip van districtkantoren in het noordoostelijke deel van het land. Estland moet de impuls van het integratieproces gaande houden. Zulks omvat zorgen voor een doeltreffend naturalisatieproces, toegang verlenen tot talencursussen en bewustmaking van alle lagen van de Estse samenleving over deze kwestie. Estland dient ervoor te zorgen dat de tenuitvoerlegging van de taalwetten geschiedt onder naleving van de beginselen van een gerechtvaardigd openbaar belang en evenredigheid, de internationale verbintenissen van Estland en de Europaovereenkomst.

Estland blijft zorgen voor de verwezenlijking van de prioriteiten op korte en middellange termijn die in het toetredingspartnerschap van 1999 zijn vastgesteld. Meer in het bijzonder past Estland concrete maatregelen toe voor de integratie van niet-staatsburgers, met inbegrip van het organiseren van taalcursussen voor mensen met een andere moedertaal dan Ests. In de toekomst zal de verwezenlijking van deze prioritaire doelstellingen een volgehouden inspanning gedurende een lange tijd en een blijvende inzet van financiële middelen vereisen teneinde voort te bouwen op de positieve resultaten die al zijn bereikt.

Estland is een functionerende markteconomie. Op voorwaarde dat het land zijn hervormingsprogramma voortzet en volledig ten uitvoer legt, zou het op korte termijn in staat moeten zijn het hoofd te bieden aan de concurrentiedruk en de marktkrachten binnen de Unie.

Estland is teruggekeerd naar een sterke groei en heeft verdere vorderingen bereikt bij de versterking van zijn macro-economische prestaties en stabiliteit, de herstructurering van de bedrijfssector en de toepassing van structurele hervormingen in de sectoren nutsbedrijven en energie. De pensioenherziening is goedgekeurd. Er bestaat een juridisch, institutioneel en regelgevend kader en de handhaving is grotendeels adequaat.

Het tekort op de lopende rekening blijft evenwel hoog. De arbeidsmarkt is sterk gecompartimenteerd, wat leidt tot een hoge werkloosheid gecombineerd met tekorten aan arbeidskrachten. Er moeten initiatieven worden ontwikkeld om de respons van de arbeidsmarkt op de economische groei te verbeteren, met de nadruk op het verbeteren van onderwijs, opleiding en mobiliteit op de arbeidsmarkt. De herstructurering van de sector oliehoudende leisteen is pas gestart en zou moeten worden opgevoerd. Een versnelling van de inschrijving van gronden in het kadaster zou ten goede komen van de werking van de vastgoedmarkt maar wordt gedeeltelijk belemmerd door een gebrek aan daadwerkelijke vraag op het platteland. Estland moet zich blijven toespitsen op zijn fiscaal beleid, onder meer om ervoor te zorgen dat het tekort op de lopende rekening houdbaar blijft.

In het algemeen heeft Estland ook nu goede vorderingen gemaakt bij de vaststelling en toepassing van het acquis. Wat betreft de capaciteit om het acquis toe te passen en daadwerkelijk te handhaven, heeft Estland de nodige instellingen voor het grootste deel opgericht. Deze instellingen moeten nog verder worden versterkt, en in specifieke sectoren zijn er blijvende inspanningen vereist om de administratieve capaciteit te ontwikkelen.

Met betrekking tot de interne markt is vooruitgang geboekt bij het vrij verkeer van goederen, de aanpassing van de wetgeving inzake overheidsopdrachten en de vaststelling van normen, hoewel de sectorale wetgeving nog verder moet worden geharmoniseerd. Wat het vrije personenverkeer betreft, bestaat er thans een nieuwe wetgeving voor de wederzijdse erkenning van de beroepskwalificaties. Op het gebied van het mededingingsbeleid is de wetgeving verder aangepast, zodat zij thans grotendeels in overeenstemming is met het acquis inzake antitrust en staatssteun. Met betrekking tot de bescherming van consumenten en gezondheid is goede vooruitgang bereikt bij de aanpassing van de wetgeving aan het acquis. In verband met de vrijheid van dienstverrichting, het vrije kapitaalverkeer en het vennootschapsrecht werd vorig jaar al vermeld dat de voorbereidingen goed gevorderd waren en is ook dit jaar een verdere vooruitgang bij de aanpassing aan het acquis te noteren. Er dient evenwel blijvende aandacht te worden besteed aan de strijd tegen piraterij en namaakgoederen.

Op landbouwgebied zijn belangrijke stappen gezet bij de voorbereiding op het gemeenschappelijk landbouwbeleid, met inbegrip van de gedeeltelijke accreditering van het bureau SAPARD. Er is ook vooruitgang geboekt in de fytosanitaire sector. Er zijn nog belangrijke inspanningen vereist, vooral op veterinair gebied. Het optrekken van de normen voor levensmiddelen tot op het peil van de EU blijft een belangrijke uitdaging. Op het gebied van de visserij zijn de administratieve structuren gereorganiseerd en de werkzaamheden voor het introduceren van het satelliet-volgsysteem voor vissersvaartuigen voortgezet. Er zijn verdere werkzaamheden vereist, in het bijzonder voor de ontwikkeling van het register voor vissersvaartuigen, op het gebied van het marktbeleid en voor het vaststellen van het wetgevend kader inzake de structurele steun van de EG. De inspectiecapaciteit moet worden versterkt.

Op het gebied van het vervoerbeleid heeft Estland verdere vorderingen gemaakt bij de overname en de toepassing van de wetgeving. De noodzakelijke scheiding van rekeningen en de rol van het regelgevend orgaan voor de spoorwegen moeten worden verduidelijkt. Op energiegebied is een beperkte vooruitgang geboekt. Op dit terrein zijn nog inspanningen nodig, vooral in verband met de elektriciteitsmarkt. Estland moet ook zijn administratieve structuren verder ontwikkelen en het reguleringsmechanisme voor de energiemarkt versterken.

Op het gebied van het sociaal beleid en de werkgelegenheid heeft Estland goede vorderingen geboekt wat de omzetting van de wetgeving betreft. Er zijn verdere werkzaamheden vereist voor de tenuitvoerlegging. Ook de sociale dialoog moet actief worden gestimuleerd. Het bedrijfsklimaat blijft gunstig voor de ontwikkeling van kleine en middelgrote ondernemingen. Inzake regionaal beleid is sprake van een zekere vooruitgang. Estland dient echter heel wat meer inspanningen te leveren om zijn administratieve capaciteit voor te bereiden op de tenuitvoerlegging van het regionaal beleid van de EG na de toetreding.

Op het gebied van wetenschappen en onderzoek en van onderwijs en opleiding blijft Estland deelnemen aan de desbetreffende EG-programma's. De aanpassing van de wetgeving inzake telecommunicatie en IT en inzake cultuur en audiovisueel beleid is bijna voltooid.

In de milieusector zijn verdere vorderingen bereikt bij de overname en de toepassing van de milieuwetgeving. Estland moet die inspanningen voortzetten en zijn administratieve capaciteit versterken, vooral op plaatselijk niveau. Ook de handhaving van de milieuwetgeving moet worden verbeterd.

Estland heeft verdere vorderingen bereikt op het gebied van justitie en binnenlandse zaken, met inbegrip van de vaststelling van een nieuw wetboek van strafrecht. Er zijn verdere werkzaamheden noodzakelijk voor de toepassing van de wetgeving, de verbetering van de interne coördinatie en de uitbreiding van de samenwerking met externe organisaties. Er moet bijzondere aandacht worden besteed aan het versterken van de capaciteit voor de bestrijding van de georganiseerde misdaad, met inbegrip van de drugshandel.

Op belastinggebied zijn vorderingen bereikt bij de aanpassing van de BTW- en accijnstarieven maar er is nog verder werk noodzakelijk. Wat de douane-unie betreft, heeft Estland een nieuw douanewetboek ingevoerd. Het is echter noodzakelijk de tarifaire en tariefgerelateerde maatregelen nog verder aan te passen en effectief ten uitvoer te leggen. Er zijn nog heel wat inspanningen vereist om de administratieve en operationele capaciteit voor de tenuitvoerlegging van het acquis te ontwikkelen. Estland moet zorgen voor de interconnectiviteit van zijn IT-systemen inzake belastingen en douane met die van de EG.

Op het gebied van de buitenlandse betrekkingen heeft Estland goede vorderingen geboekt maar moet de wetgeving nog verder worden aangepast. Wat het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid betreft, heeft Estland zijn buitenlands beleid verder op dat van de EU afgestemd en op constructieve wijze aan de werkzaamheden in GBVB-verband deelgenomen.

Wat de financiële controle betreft, is verder vooruitgang geboekt bij de implementatie van de interne financiële controle, die thans moet worden voltooid. Er moet ook wetgeving betreffende externe financiële controle worden vastgesteld.

Bekijkt men alle sectoren in hun geheel, dan moet worden herhaald dat Estland vorderingen bij de ontwikkeling van zijn administratieve capaciteit heeft behaald. Estland heeft verdere stappen ondernomen voor de verbetering van de toepassing en de daadwerkelijke handhaving van het acquis, een proces dat vaak moeilijker, duurder en tijdrovender is dan de omzetting van de wetgeving. Zoals al eerder gezegd, zijn die positieve maatregelen onder meer de oprichting van de eengemaakte financiële toezichtautoriteit, de accreditering van het bureau SAPARD, de reorganisatie van de visserijadministratie, de fusie van stichtingen voor bedrijfsondersteuning en de oprichting van afdelingen financiële controle binnen de ministeries. Specifieke terreinen waaraan verder aandacht moet worden besteed, omvatten de reorganisatie van het systeem voor markttoezicht en de versterking van de strijd tegen piraterij en namaakgoederen, de voorbereiding op het gemeenschappelijk landbouwbeleid en het verbeteren van de voedselkwaliteit. Er zijn eveneens investeringen nodig voor de naleving en handhaving in de milieusector, de voorbereiding op de EG-structuurfondsen, de verbetering van de coördinatie tussen de wetshandhavingsorganen en de ontwikkeling van voldoende operationele capaciteit voor de uitvoering van het douane-acquis. Er zijn ook verdere inspanningen vereist voor het oprichten van de nodige administratieve capaciteit om te zorgen voor een gezond, efficiënt en controleerbaar beheer van de EG-middelen.

Estland heeft de diverse aspecten van alle kortetermijnprioriteiten van het toetredingspartnerschap van 1999 verder aangepakt. Het is thans bezig met werkzaamheden in verband met een groot aantal aspecten van de prioriteiten op middellange termijn, onder meer betreffende de interne markt, landbouw, visserij, vervoer, werkgelegenheid en sociale zaken, milieu en justitie en binnenlandse zaken.

Hongarije

In haar Advies van 1997 concludeerde de Commissie dat Hongarije aan de politieke criteria voldeed. Sindsdien heeft het land aanzienlijke vooruitgang geboekt bij het verder versterken en verdiepen van de institutionele stabiliteit, wat de democratie, de rechtsstaat, de mensenrechten en respect voor en bescherming van minderheden garandeert. Het afgelopen jaar zijn nadere inspanningen in deze richting gedaan. Hongarije voldoet nog steeds aan de politieke criteria van Kopenhagen.

Met betrekking tot de hervorming van de overheidsinstellingen zijn stappen in de goede richting gezet met de invoering van een nieuw wettelijk kader waardoor de verantwoordingsplicht en de efficiëntie van de overheid toenemen. Bovendien is de overheid aantrekkelijker geworden door betere salarissen en carrièremogelijkheden. Ook zijn de inspanningen met betrekking tot opleiding voortgezet, wat een belangrijk onderdeel van de carrièrestructuur is geworden.

Wat de rechterlijke macht betreft, is de algemene efficiëntie van rechtbanken verder verbeterd na de invoering van aanvullende maatregelen met betrekking tot de institutionele opbouw, met name de modernisering van IT-systemen, procedures, permanente educatie en nieuw personeel. Door de voortdurende overbelasting is het Hooggerechtshof echter minder goed in staat lagere rechtbanken te begeleiden en de praktijken van de rechtbanken gelijk te schakelen. De beperkte begrotingsmiddelen maken het moeilijk de resterende onderdelen van de gerechtelijke hervorming uit te voeren.

De strijd tegen corruptie bleef hoog op de politieke agenda staan; om deze aan te pakken zijn nieuwe wetten aangenomen inzake de vermogensaangifte en strengere straffen. Corruptie blijft echter een probleem en de nieuwe maatregelen zouden snel uitgevoerd moeten worden om de strijd effectiever te kunnen voeren.

Met betrekking tot de mensenrechten en vrijheden kan vooruitgang gemeld worden met betrekking tot asielaanvragen; de situatie is aanzienlijk verbeterd als gevolg van snellere en betere procedures en betere opvangfaciliteiten. Het optreden van de politie moet echter aan de orde gesteld worden, met name met betrekking tot de meldingen van mishandeling. Voor het openbare omroepbestel moet een oplossing gevonden worden voor de samenstelling van de raden van toezicht.

Er zijn nieuwe beleidsinstrumenten en -maatregelen aangenomen voor de Roma-minderheid. Dit proces ging gepaard met een aanzienlijke toename van de begrotingsmiddelen voor de verdere uitvoering van het actieprogramma op middellange termijn, dat al in 1999 door de regering werd aangenomen. In 2001 richtte de begrotingssteun zich voornamelijk op onderwijs, werkgelegenheid, sociaal beleid, rechtsbescherming en cultuur. In dit verband is het van belang de inspanningen in de strijd tegen de wijdverbreide discriminatie te versterken en de reeds bestaande wetgeving ten volle toe te passen en te versterken. De Roma-minderheid zou ook de mogelijkheid moeten krijgen om actiever deel te nemen aan het maatschappelijke leven.

Hongarije heeft de prioriteiten voor de korte en middellange termijn uit het partnerschap voor toetreding van 1999 uitgevoerd; deze hadden betrekking op de voortzetting van de uitvoering van het actieprogramma voor de middellange termijn voor de Roma en een toename van de begrotingsmiddelen hiervoor, alsmede de verdere hervorming van de overheids- en gerechtelijke instellingen.

Hongarije kent een functionerende markteconomie. Op voorwaarde dat het land het volledige hervormingsprogramma consistent handhaaft en uitvoert, zou het spoedig in staat moeten zijn het hoofd te bieden aan de concurrentiedruk en de marktkrachten binnen de Unie.

De macro-economische situatie blijft gezond, met een sterke groei van het BBP, ondersteund door een toename van het investeringsaandeel, verder afnemende werkloosheid en een gunstige ontwikkeling van de betalingsbalans. De spoorwegen werden verder geherstructureerd door middel van een grote financiële injectie en schuldsanering. Het land heeft een beter monetair en wisselkoersstelsel aangenomen; mede daardoor daalt de inflatie.

Het fiscale beleid was in 2001 echter expansiegericht. In combinatie met recente ondoorzichtige fiscale praktijken, hebben de onduidelijkheid over de verdere hervorming van het pensioensysteem en de vertraging bij de hervorming van de gezondheidszorg tot enige ongerustheid geleid over de verdere versterking en de duurzaamheid op middellange termijn van de overheidsfinanciën. De autoriteiten zullen de begrotingsdiscipline moeten handhaven om ervoor te zorgen dat het fiscale beleid aansluit bij het nieuwe monetaire beleidskader en de handelsbalans. Dit zou bijdragen aan een lagere inflatie. De hervorming van de gezondheidszorg zou snel ter hand genomen moeten worden.

Hongarije blijft op veel gebieden vorderingen maken bij de aanpassing en de tenuitvoerlegging van het acquis. Tijdens de verslagperiode bereikte het land langzaam maar zeker de administratieve capaciteit die nodig is om het acquis bevredigend ten uitvoer te kunnen leggen.

Er kon ook verdergaande vooruitgang geconstateerd worden met betrekking tot de interne markt. Op dit gebied is het grootste deel van het acquis geleidelijk aan ingevoerd, en is de vereiste primaire bestuurlijke structuur ingesteld. Met betrekking tot het vrij verkeer van goederen, is het aanpassingsproces voortgezet met de handhaving van de geharmoniseerde productwetgeving "nieuwe stijl" en Hongarije kon het volwaardig lidmaatschap aanvragen van de Europese normalisatie-instanties CEN en CENELEC. Er zou verder gewerkt moeten worden aan een coherente en brede regelgeving voor markttoezicht. Met betrekking tot de overheidsopdrachten zijn inspanningen nodig om volledige aanpassing te bereiken, transparantie te garanderen en versterking te realiseren van de huidige regels op alle bestuursniveaus en in alle sectoren, met name bij de aanleg van autosnelwegen. Wat de dienstensector betreft, is de wetgeving inzake het bank- en verzekeringswezen in grote lijnen aangepast en het controleorgaan lijkt goed te functioneren. Het kapitaalverkeer is vrijwel geheel geliberaliseerd. Het parlement behandelt een belangrijke nieuwe wet inzake de strijd tegen het witwassen van geld, die onder andere tot doel heeft anonieme spaarrekeningen geleidelijk te elimineren teneinde te voldoen aan de aanbevelingen van de Financial Action Task Force (FATF). Wat het vennootschapsrecht betreft, voldoet de Hongaarse wetgeving inzake het industriële- en intellectuele-eigendomsrecht al in hoge mate aan het acquis; Hongarije heeft op dit gebied een relatief goede staat van dienst. Op het terrein van het mededingingsbeleid werden de inhoudelijke en procedurele regels voor de controle van de staatssteun verder in overeenstemming gebracht met het acquis. Er zijn verdere inspanningen nodig om de staatssteunregelingen, en met name de fiscale steunmaatregelen, aan te passen. De instanties die belast zijn met de uitvoering van de anti-trust- en staatssteunmaatregelen, functioneren redelijk goed.

Met betrekking tot de belastingen zijn de BTW en de accijnzen verder aangepast. Er moeten echter nog steeds goede IT-systemen ontwikkeld worden waarmee elektronische gegevens uitgewisseld kunnen worden met de Gemeenschap en de lidstaten. Met name op douanegebied werd de administratieve en operationele capaciteit versterkt door middel van opleiding en de modernisering van de apparatuur. Hongarije moet er wel nog voor zorgen dat de IT-systemen compatibel worden met de computersystemen van de douane van de EG zodat de systemen aan elkaar gekoppeld kunnen worden op het moment van toetreding. In verband met de economische en monetaire unie, werd de onafhankelijkheid van de Nationale Bank versterkt door middel van een nieuwe wet. Met betrekking tot industriebeleid en het midden- en kleinbedrijf heeft Hongarije verder vooruitgang geboekt met de goedkeuring en uitvoering van het plan-Széchenyi. In de loop van de verslagperiode is vooruitgang geboekt met de herstructurering van de Hongaarse staalindustrie.

Er werd aanzienlijke vooruitgang geboekt op milieugebied, met name door de aanname van wetgeving over milieueffectrapportages, water, afval, industriële vervuiling en risicobeheer, chemicaliën en stralingsbescherming. De administratieve capaciteit in deze sector werd eveneens versterkt, maar moet nog verder versterkt worden, met name met betrekking tot een duidelijke taakverdeling tussen de betrokken ministeries.

De vooruitgang met betrekking tot landbouw bleef tijdens de verslagperiode beperkt tot de sectoren voedselveiligheid en diergeneesmiddelen, terwijl de inspectieafspraken op veterinair en fytosanitair gebied nog herzien moeten worden. Er zijn verdere inspanningen nodig om op tijd de nodige procedures en structuren in te stellen zodat Hongarije kan deelnemen aan het gemeenschappelijk landbouwbeleid. De wettelijke aanpassingen op het gebied van transport moeten verstevigd worden om de herstructurering van de spoorwegsector te kunnen uitvoeren die onontbeerlijk is voor de voorbereiding van de invoering van het acquis met betrekking tot de toegang tot de markt. Daarnaast moeten de juiste instellingen opgericht worden om het acquis op de juiste wijze ten uitvoer te brengen. In de energiesector is slechts weinig vooruitgang geboekt. Het wettelijk kader dat noodzakelijk is voor de deelname van Hongarije aan de binnenlandse energiemarkt moet nog steeds gecreëerd worden. Er kon geen vooruitgang gemeld wordt met betrekking tot de audiovisuele sector.

Er werd aanzienlijke vooruitgang geboekt met betrekking tot sociaal beleid en werkgelegenheid, met name door de goedkeuring van de herziene arbeidswetgeving. Voor de sociale dialoog zijn vertrouwenwekkende maatregelen noodzakelijk om een echte dialoog te stimuleren.

Met betrekking tot regionaal beleid heeft Hongarije goede vorderingen gemaakt met de voorbereiding van de programmering van Structuurfondsen en de vaststelling van de tenuitvoerleggingsstructuren, maar de administratieve capaciteit alsmede de financiële en begrotingsprocedures moeten verder versterkt worden. Er zouden ook effectieve interministeriële coördinatiemechanismen opgezet moeten worden, en het partnerschapbeginsel zou nog breder toegepast moeten worden.

De vooruitgang die geboekt is met betrekking tot de wetgeving binnen de telecommunicatiesector moet een vervolg krijgen in de nodige maatregelen tot handhaving.

Met betrekking tot justitie en binnenlandse zaken werd aanzienlijke vooruitgang bereikt door het visa-, migratie- en asielbeleid verder in overeenstemming te brengen met het acquis. Fraude, corruptie, het witwassen van geld en de georganiseerde misdaad werden efficiënter bestreden door het aannemen van aanvullende wetgeving en versterkte institutionele structuren. Voor de buitengrenzen werd een beleid goedgekeurd met betrekking tot de geïntegreerde ontwikkeling van grensovergangen. In het Schengen-actieplan zijn de belangrijkste punten van het acquis opgenomen.

Met betrekking tot het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid zijn sommige bepalingen van de wet inzake Hongaarse minderheden die in buurlanden leven schijnbaar in tegenspraak met de gangbare Europese normen met betrekking tot de bescherming van minderheden. Hongarije zou daarom tot een overeenkomst moeten komen met de buurlanden teneinde te voldoen aan de recente conclusies uit het verslag van het Venetie-comité. Overeenkomstig artikel 27 (2) moet de wetgeving uiterlijk op het moment van toetreding aangepast zijn aan het communautaire acquis, aangezien deze momenteel niet in overeenstemming is met het verbod op discriminatie zoals bepaald in het Verdrag.

Met betrekking tot financiële controle is enige vooruitgang geboekt zowel wat betreft externe controles als interne financiële controle van de overheidsinstellingen. De administratieve capaciteit in het algemeen en de functionele onafhankelijkheid van de accountants binnen de interne controle zouden echter verder versterkt moeten worden. Met betrekking tot financiële en begrotingsvoorschriften zijn verdere inspanningen nodig om te voldoen aan de communautaire verplichtingen inzake cofinanciering en meerjarenprogrammering.

Hongarije heeft verdere vooruitgang geboekt met de opbouw van de administratieve capaciteit voor de toepassing van het acquis op de meeste gebieden. Met betrekking tot administratieve en gerechtelijke capaciteit zijn verdere inspanningen nodig, met name op gebieden als het toezicht op de overheidssteun, audiovisueel beleid, markttoezicht, transport en landbouw. Nadere inspanningen zijn ook nodig bij het instellen van de benodigde administratieve capaciteit om te zorgen voor goed, efficiënt en controleerbaar beheer van communautaire fondsen.

Hongarije is verder gegaan met de in het partnerschap voor toetreding opgenomen prioriteiten voor de korte termijn, met uitzondering van bepaalde onderdelen met betrekking tot landbouw, audiovisueel beleid, het vrije verkeer van goederen en het mededingingsbeleid. Daarnaast heeft Hongarije een aantal prioriteiten voor de korte termijn uitgevoerd met betrekking tot sociaal beleid en werkgelegenheid, milieu en justitie en binnenlandse zaken (asielkwesties en visabeleid).

Letland

In haar Advies van 1997 concludeerde de Commissie dat Letland aan de politieke criteria voldeed. Sindsdien heeft het land aanzienlijke vooruitgang geboekt bij het verder versterken en verdiepen van de institutionele stabiliteit, wat de democratie, de rechtsstaat, de mensenrechten en het respect voor en de bescherming van minderheden garandeert. Het afgelopen jaar zijn verdere inspanningen in deze richting gedaan. Letland voldoet nog steeds aan de politieke criteria van Kopenhagen.

Het afgelopen jaar heeft de regering zich verder ingezet voor de hervorming van de openbare dienst en de rechterlijke macht en voor de strijd tegen de corruptie. Er zijn strategiedocumenten opgesteld voor de hervorming van de openbare dienst en de preventie van corruptie, er is kaderwetgeving goedgekeurd met betrekking tot publieke organen, en er zijn praktische maatregelen genomen op al deze gebieden. Het wordt nu zaak het tempo van de hervorming van de openbare dienst hoog te houden door het wettelijke kader te voltooien en de grondslag voor een stabiele ambtenarij te leggen, onder andere via de hervorming van de salarissen. Tegelijkertijd moet de hervorming van de rechterlijke macht worden voortgezet, waarbij in het bijzonder aandacht moet worden gegeven aan het wettelijke kader, snellere rechtspraak, afdwinging van vonnissen en het probleem van het voorarrest. De maatregelen ter bestrijding van de corruptie, een aanhoudende bron van zorg, moeten worden voortgezet, teneinde op grote schaal concrete resultaten te bereiken.

Er zijn verdere belangrijke stappen gezet ter bevordering van de integratie van niet-staatsburgers in de Letse maatschappij: er zijn maatregelen genomen ter vergemakkelijking van de naturalisatieprocedure, er is een verruimd programma voor maatschappelijke integratie vastgesteld en er is een wettelijke basis gelegd voor de toekomstige stichting voor maatschappelijke integratie. De huidige inspanningen ter ondersteuning van de integratie van niet-staatsburgers moeten worden voortgezet via de onverkorte tenuitvoerlegging van het brede programma voor maatschappelijke integratie, mede via activiteiten ter bevordering van naturalisatie en van de uitbreiding van Lets taalonderricht. Letland moet garanderen dat de taalwet wordt toegepast overeenkomstig het legitiem openbaar belang, het proportionaliteitsbeginsel, 's lands internationale verplichtingen en de Europa-overeenkomst.

Letland heeft vooruitgang geboekt bij het voldoen aan de prioriteiten voor de korte termijn van het toetredingspartnerschap wat betreft de taalwet en het taalonderricht alsmede de bestuurlijke en juridische capaciteit. Er is ook enige vooruitgang geboekt bij het voldoen aan de prioriteiten voor de middellange termijn ten aanzien van de verdere integratie van niet-staatsburgers, de ontwikkeling van de ambtenarij en de verbetering van de capaciteit van de openbare dienst; deze inspanningen moeten evenwel worden voortgezet.

Letland kent een functionerende markteconomie. Indien het bijkomende aanzienlijke inspanningen levert om het tempo van zijn structurele hervormingen te handhaven en deze te voltooien, zou het in staat moeten zijn op korte termijn de concurrentiedruk en de marktkrachten binnen de Unie het hoofd te bieden.

Letland heeft zijn macro-economische stabiliteit weten te handhaven. Er is verdere vooruitgang geboekt op het gebied van structurele hervorming, de pensioen hervorming bevindt zich in haar eindfase, er is een nieuw kader voor financieel toezicht geschapen en een nieuwe regelgevende autoriteit voor openbare nutsbedrijven ingesteld. Het wetgevende kader voor een markteconomie is grotendeels op orde en de mechanismen voor het toetreden tot en verlaten van de markt blijven op bevredigende wijze functioneren. De consolidatie in de - weliswaar kleine - financiële sector neemt geleidelijk toe.

De overheid moet haar beleid van begrotingsdiscipline evenwel voortzetten, binnen een begrotingskader op de middellange termijn, om het begrotingstekort en het tekort op de lopende rekening op de middellange termijn draaglijk te houden. De privatisering van de resterende grote bedrijven is trager opgeschoten dan verwacht en zou moeten worden voltooid. Er zou werk moeten worden gemaakt van de privatisering van de grond en de ontwikkeling van de grondmarkt. Er zijn maatregelen genomen om het ondernemingsklimaat te verbeteren en dit proces moet doorgaan, met name via de opheffing van resterende regelgevende en administratieve beperkingen voor de ontwikkeling van bedrijven. De werkloosheidscijfers blijven hoog en er moet meer flexibiliteit op de arbeidsmarkt komen.

Letland is in een gestaag tempo doorgegaan met de aanpassing van zijn wetgeving aan het acquis op de meeste gebieden. De behoefte aan de versterking van de bestuurlijke capaciteit om het acquis te beheren en toe te passen, wordt onderkend, ofschoon dit proces het land nog steeds voor aanzienlijke uitdagingen stelt. De inspanningen van het afgelopen jaar omvatten de reorganisatie van bestaande structuren en de oprichting van enkele gespecialiseerde organen, teneinde aan de verschillende eisen van het acquis te voldoen.

De voorbereidingen voor de interne markt zijn verder opgeschoten. Wat het vrije verkeer van goederen betreft, is de omzetting van de Europese normen versneld en zijn de instituten voor erkenning en normalisatie verder versterkt. De nieuwe raad voor het markttoezicht heeft zijn werkzaamheden opgenomen, maar het markttoezichtsysteem moet verder worden hervormd. Er is ook nieuwe wetgeving aangenomen op het gebied van overheidsopdrachten, maar het bureau voor toezicht op overheidsopdrachten werd nog niet opgericht. Wat het vrije verkeer van personen betreft, is kaderwetgeving betreffende de wederzijdse erkenning van beroepskwalificaties vastgesteld. Wat het vrije verkeer van diensten betreft, zijn twee nieuwe organen met hun werkzaamheden gestart, namelijk de commissie voor financiële en kapitaalmarkten en de registratiekamer, ofschoon de wettelijke basis van deze laatste nog moet worden verbeterd. Er is ook nieuwe wetgeving inzake kapitaalverkeer aangenomen, met name op het gebied van effectenverkeer en grensoverschrijdende overmakingen. De handhaving van de wetgeving op het gebied van het vennootschapsrecht blijft zorgen baren. Vertragingen bij de inwerkingtreding van het wetboek van koophandel en de effectieve bescherming van intellectuele- en industriële-eigendomsrechten vormen een grote uitdaging. Met de vaststelling van wetgeving inzake staatssteun wordt een belangrijke stap gezet in de richting van het voldoen aan de eisen van het mededingingsbeleid; de handhaving van de wetgeving terzake is erop vooruitgegaan, maar de inspanningen die moeten garanderen dat de anti-trustregels en de regels inzake staatssteun onverkort worden uitgevoerd, moeten worden voortgezet. Op douanegebied werd vooruitgang geboekt met de aanpassing en de verbetering van de bestuurlijke structuren; ook op het gebied van belastingen werden deze structuren versterkt. Op beide gebieden moet verder werk worden gemaakt van de ontwikkeling van IT-systemen met het oog op de uitwisseling van elektronische gegevens met de Gemeenschap en haar lidstaten.

De inspanningen op het gebied van landbouw waren bemoedigend, met name met betrekking tot veterinaire en fytosanitaire kwesties en voedselveiligheid. De resultaten omvatten onder andere de goedkeuring van wijzigingen op de landbouwwet, de vaststelling van een plan voor de uitvoering van gemeenschappelijke marktordeningen, de inwerkingtreding van een nieuwe wet betreffende diergeneeskunde en de herstructurering en versterking van de overheid. Er wachten het land nog belangrijke uitdagingen, zowel wat de voltooiing van de aanpassing van de wetgeving als wat de invoering en versterking van de noodzakelijke structuren en mechanismen betreft, waaronder het betaalorgaan, het geïntegreerd beheers- en controlesysteem, gemeenschappelijke marktordeningen en inspectieregelingen.

Ook voor het weg- en spoorvervoer is de aanpassing doorgegaan, en de aanhoudende inspanningen ter verbetering van de maritieme veiligheid hebben hun eerste vruchten afgeworpen. Met de vaststelling van de arbeidswet en de arbeidsbeschermingswet is een belangrijke stap gezet in de omzetting van het acquis inzake sociaal beleid en werkgelegenheid. Om de correcte tenuitvoerlegging van wetgeving te garanderen moet de bestuurlijke capaciteit worden versterkt, met name met betrekking tot veiligheid en gezondheid op het werk, onder andere via de verdere versterking van de nationale arbeidsinspectie. Op het gebied van energie en milieu werd verdere aanpassing verwezenlijkt. Wat energie betreft, dient dit proces door te gaan, met bijzondere aandacht voor de elektriciteits- en gasrichtlijn en de olievoorraden; wat milieu betreft, moet de aanpassing worden voltooid ten aanzien van de toegang tot milieu-informatie, afvalbeheer en chemische stoffen. Er werden meerdere gespecialiseerde organen opgericht, waaronder de Energie-inspectie, het Centrum voor stralingsveiligheid en het Lets Milieubureau; er moeten echter nog verdere inspanningen worden geleverd om de bestuurlijke structuren te verbeteren.

De omzetting van de meeste eisen op het gebied van telecommunicatie is nog steeds in behandeling. Er werd aanzienlijke vooruitgang geboekt bij de aanpassing van het acquis op cultureel en audiovisueel gebied. Wat binnenlandse zaken en justitie betreft, werd vooruitgang opgetekend ten aanzien van gegevensbescherming, visa en grenscontrole, met onder andere de goedkeuring van een Schengen-actieplan. Deze inspanningen moeten worden gehandhaafd en de aanpassing op het gebied van migratie en asiel moet worden voltooid. Ook de verbetering van de capaciteit en de infrastructuur voor grensbeheer blijft een prioriteit. Voorts moet de strijd tegen de georganiseerde misdaad, drughandel, witwaspraktijken, fraude en corruptie worden geïntensiveerd.

Met betrekking tot regionaal beleid en de coördinatie van structuurinstrumenten moet de basiswetgeving nog aangepast worden. Er zijn ook vorderingen nodig met betrekking tot de programmerings-, controle- en evaluatiecapaciteit. Het besluit om de toekomstige verantwoordelijkheid voor de Structuurfondsen onder te brengen bij het ministerie van Financiën is een belangrijke stap. Hoewel aanvullende wetgeving aangenomen moet worden inzake de interne en externe financiële controle van de overheidsinstellingen, konden enige vorderingen op dit terrein geconstateerd worden, met name met betrekking tot de versterking van de administratieve structuren; dit proces moet voortgezet worden.

De bestuursstructuur voorbereiden op het EU-lidmaatschap blijft een van de grootste uitdagingen voor Letland. Met betrekking tot de verantwoordelijkheden die Letland zal moeten nemen bij het beheer en de versterking van het acquis bij toetreding, is een aanzienlijk deel van de noodzakelijke instellingen en organen geherstructureerd of opgericht, bijvoorbeeld een toezichtbureau voor overheidsopdrachten, marktinterventiemechanismen voor de landbouw en het Garantiefonds voor de bescherming van werknemers bij insolventie van de werkgever. Verder zal het essentieel zijn alle instellingen voldoende middelen krijgen om te zorgen voor een betrouwbare uitvoering en versterking van het acquis, bijvoorbeeld de nieuwe commissie voor de regulering van de overheidsdiensten, die belangrijke acquisgerelateerde regelgevende bevoegdheden zal hebben op het gebied van de spoorwegen, energie en telecommunicatie. Er zullen verdere inspanningen nodig zijn voor goed, efficiënt en controleerbaar beheer van communautaire fondsen.

Letland heeft vooruitgang geboekt met vrijwel alle in het partnerschap voor toetreding opgenomen prioriteiten voor de korte termijn. De successen hadden bijvoorbeeld betrekking op het vrije verkeer van goederen, sociaal beleid en werkgelegenheid en milieu, waar het proces bijna voltooid is. Alle prioriteiten voor de middellange termijn zijn aangepakt, en bij de meeste is aanzienlijke vooruitgang geboekt. Er kon grote voortgang geconstateerd worden met betrekking tot het vrije verkeer van personen, wetgeving op audiovisueel gebied en douane. Er moet echter verder gewerkt worden aan alle prioriteiten, met name voor de gebieden waar nog belangrijke wetten moeten worden aangenomen, zoals energie, telecommunicatie en economische en sociale cohesie, of waar de administratieve structuur versterkt moet worden, zoals landbouw, visserij en het toezicht op communautaire fondsen.

Litouwen

De Commissie concludeerde in haar advies van 1997 dat Litouwen aan de politieke criteria voldeed. Het land heeft sedertdien aanzienlijke vooruitgang geboekt bij de consolidering en verbetering van de stabiliteit van zijn instellingen die de democratie, de rechtsstaat, de mensenrechten, alsook het respect voor en de bescherming van minderheden moeten garanderen. Tijdens het voorbije jaar zijn op dit gebied nog meer maatregelen genomen. Litouwen blijft aan de politieke criteria beantwoorden.

Litouwen heeft enige voortgang gemaakt bij de hervorming van het overheidsapparaat en het rechtwezen, waar de administratieve rechtbanken werden gereorganiseerd. Het rechtsstelsel werd verbeterd door het in werking treden van het nieuwe burgerlijk wetboek. De capaciteit inzake corruptiebestrijding werd uitgebreid. Opmerkenswaardig is de actieve rol van de ombudsman op het gebied van gelijke kansen en, meer recentelijk, kinderrechten.

Er zijn verdere inspanningen nodig om meer voortgang te maken met de hervorming van alle sectoren van het overheidsapparaat, waarbij aandacht moet worden besteed aan de voor de continuïteit en stabiliteit van de overheidsdiensten noodzakelijke voorwaarden. Er dient te worden voorzien in toereikende financiële middelen, de coördinatie tussen de diensten dient te worden opgevoerd en de opleiding dient meer systematisch te worden georganiseerd. Met betrekking tot het rechtswezen dient de nieuwe rechtbankenwet dringend te worden goedgekeurd. Er dient te worden voorzien in toereikende begrotingsmiddelen en een bekwaam management voor het beheer van de rechtbanken. De goedkeuring van het wetboek van strafvordering dient te worden bespoedigd ten einde de tenuitvoerlegging van het nieuwe strafwetboek mogelijk te maken.

Met betrekking tot de corruptiebestrijding dienen de in de loop van het voorbije jaar gedane inspanningen te worden aangehouden en uitgebreid door de goedkeuring van de nationale corruptiebestrijdingsstrategie en het daarop betrekking hebbende tenuitvoerleggingsprogramma door het Parlement, en de goedkeuring van een nieuwe wet inzake corruptiepreventie. In verband met de aanhoudende bezorgdheid aangaande administratieve corruptie dienen verdere maatregelen gericht op een transparante toepassing van de administratieve procedures te worden genomen en dient de coördinatie tussen de organen die corruptie bestrijden, te worden opgevoerd.

Litouwen heeft vooruitgang geboekt inzake de verwezenlijking van de op de politieke criteria betrekking hebbende prioriteiten. Het heeft op beperkte wijze voortgang gemaakt met de tenuitvoerlegging van de overheidsdienstenwet en de ambtenarenwet. De Regering heeft de nationale corruptiebestrijdingsstrategie goedgekeurd, maar die moet nu nog door het Parlement worden aangenomen en ten uitvoer gelegd. Een opleidingsprogramma voor rechters, dat betrekking heeft op verschillende aspecten van het EG-recht en de handhaving van het acquis, is op gang gekomen en moet verder worden uitgevoerd.

Litouwen kan worden beschouwd als een functionerende markteconomie die op korte termijn tegen de concurrentiedruk en het spel van vraag en aanbod binnen de Unie opgewassen zou moeten zijn, op voorwaarde dat het programma inzake structurele hervorming met voldoende gedetermineerdheid verder wordt uitgevoerd.

Litouwen is erin geslaagd zijn macro-economische stabiliteit te bewaren, alsook fiscale en externe wanverhoudingen evenals staatsinmenging te verminderen. De privatisering van bankwezen, andere sectoren en grondbezit is nagenoeg afgerond. Nieuwe wetten betreffende faillissementen en de herstructurering van ondernemingen zijn uiteindelijk van kracht geworden.

De werkloosheid blijft evenwel hoog en de structurele problemen op de arbeidsmarkt zullen moeten worden aangepakt. Ofschoon belangrijke wetten betreffende de herstructurering en liberalisering van de energiemarkt werden goedgekeurd, dienen nog andere besluiten te worden genomen en te worden voorzien in een doeltreffende tenuitvoerlegging. De rol van de financiële bemiddelingsinstanties blijft zwak en weinig doeltreffend. De binnenlandse en buitenlandse investeringen blijven op een betrekkelijk laag niveau. De autoriteiten dienen het nieuw wettelijk kader voor het bedrijfsleven, met name de faillissementswetten, naar behoren ten uitvoer te leggen. De geplande pensioenhervorming dient te worden bespoedigd en ten uitvoer gelegd. De fiscale discipline dient te worden gehandhaafd en de houdbaarheid op middellange termijn van de openbare financiën moet worden verzekerd, met name om het huidige tekort op de lopende rekening onder controle te houden in de context van de currency board-regeling.

Litouwen heeft aanzienlijke vooruitgang geboekt met betrekking tot de omzetting en tenuitvoerlegging op de meeste gebieden van het acquis. Ofschoon de voortgang voor de verschillende sectoren varieert, worden de leemten aangevuld en heeft Litouwen op sommige gebieden een aanzienlijk gedeelte omgezet. De gebieden waar nog belangrijke inspanningen nodig zijn, houden met name verband met het gebruik van EG-middelen. De administratieve capaciteit is over het geheel genomen verbeterd, ofschoon op sommige gebieden waarop de administratieve structuren in de loop van het voorbije jaar werden gewijzigd, het moeilijk is geweest om de nodige capaciteit opnieuw op te bouwen.

Met betrekking tot de interne markt heeft Litouwen inzake omzetting van het acquis en versterking van de instellingen verder voortgang gemaakt op het gebied van het vrije verkeer van goederen (vooral met betrekking tot standaardisatie en erkenning). Ofschoon de omzetting met betrekking tot overheidsopdrachten nog moet worden voltooid, is er verdergewerkt aan de tenuitvoerlegging van de bestaande wetgeving. De administratieve capaciteit van het Bureau voor Overheidsopdrachten werd verbeterd, ofschoon die nog verder moet worden opgevoerd. Wat het vrij verkeer van personen betreft, is de wetgeving inzake burgerrechten grotendeels in overeenstemming met het acquis en moeten de inspanningen met betrekking tot de wederzijdse erkenning van beroepskwalificaties worden voortgezet. Op het gebied van de vrijheid van dienstverlening is de voortgang inzake aanpassing van de wetgeving gepaard gegaan met grote inspanningen om de administratieve capaciteit uit te breiden, vooral in de sector financiële dienstverlening. Er werd nog vooruitgang geregistreerd op het gebied van het vrij verkeer van kapitaal, waar Litouwen reeds in aanzienlijke mate had geliberaliseerd. Op het gebied van de concurrentie, kan de kwaliteit van de aanpassing worden getoetst aan de bescheiden van de Litouwse Concurrentieraad, die tot dusver redelijk succesvol is geweest. Met betrekking tot het vennootschapsrecht werd weliswaar goede voortgang gemaakt, met name inzake aanpassing van de wetgeving betreffende de bescherming van intellectuele en industriële eigendomsrechten, maar moet het daadwerkelijk doen naleven van deze wetgeving nog in aanzienlijke mate verbeteren.

Met betrekking tot de economische en monetaire Unie, heeft Litouwen, door de goedkeuring van een nieuwe wet betreffende de Centrale Bank, een hoge graad van harmonisatie bereikt. Op het gebied van de belastingen, heeft Litouwen vooruitgang geboekt met betrekking tot de aanpassing aan het acquis inzake indirecte belastingen en heeft het de administratieve capaciteit verbeterd. Een verdere modernisering van de IT-systemen van de Belastinginspectie is nodig om interconnectie met de EG-systemen mogelijk te maken. Er is goede voortgang gemaakt met betrekking tot de harmonisatie op het gebied van de douane-unie maar de administratieve en operationele capaciteit dient nog aanzienlijk te worden uitgebreid, met name met IT-systemen welke interconnectie met de EG-douanesystemen mogelijk maken.

Met betrekking tot de landbouw, heeft Litouwen verder geherstructureerd. Er zijn evenwel nog belangrijke maatregelen nodig, vooral met betrekking tot de verdere verfijning van het systeem voor de identificatie van grondpercelen, de handhaving en praktische toepassing van de beheermechanismen van het gemeenschappelijk landbouwbeleid en de verdere voorbereidselen voor het betaalorgaan. Litouwen heeft verder vooruitgang geboekt met betrekking tot de voedselveiligheid evenals de veterinaire en fytosanitaire sector, maar moet nog verder zijn structuren voor de tenuitvoerlegging versterken. Met betrekking tot de modernisering van de controleprocedures aan de buitengrenzen was de voortgang beperkt. Op het gebied van de visserij werd vooral vooruitgang geboekt inzake administratieve capaciteit maar moet nog verder worden gewerkt aan de voorbereiding van structurele maatregelen en het marktbeleid.

Op het gebied van het vervoer heeft Litouwen goede voortgang gemaakt met name wat de verkeersveiligheid, herstructurering van de spoorwegen en de burgerluchtvaart betreft, en heeft het eveneens de daarop betrekking hebbende administratieve capaciteit opgevoerd. Op sommige gebieden evenwel, met name wat de capaciteit inzake controles betreft, zullen nog aanzienlijke inspanningen moeten worden geleverd. Met betrekking tot de energiesector heeft Litouwen een redelijk aanpassingsniveau bereikt maar moet het zijn inspanningen, met name op het gebied van de interne energiemarkt, volhouden. Verdere maatregelen zijn eveneens nodig op kernenergiegebied. Litouwen dient zijn sluitingsverbintenissen bij besluit te bekrachtigen en ten uitvoer te leggen, en een hoog niveau van nucleaire veiligheid te garanderen.

Met betrekking tot het sociaal beleid heeft Litouwen gestadig voorgang gemaakt met het omzetten en implementeren van het acquis. Het nieuwe arbeidsreglement en de nieuwe volksgezondheidswet moeten echter nog steeds worden goedgekeurd. Implementatie en handhaving dienen nog verder aandacht te krijgen. De sociale dialoog moet meer worden bevorderd.

Litouwen heeft verder vooruitgang geboekt op het gebied van het milieu, waar het grootste gedeelte van de kaderwetgeving tot stand is gekomen. De tenuitvoerlegging blijft een grote opgave, vooral op de gebieden waar grote investeringen of investeringen door particuliere ondernemingen nodig zijn.

Op het gebied van de telecommunicatie werd enige voortgang gemaakt met betrekking tot de aanpassing van het regelgevingskader. De regelgevende instantie is operationeel geworden maar moet nog versterking krijgen.

Op het gebied van justitie en binnenlandse zaken kunnen als verbeteringen worden vermeld het verscherpt worden van de controles aan de buitengrens en het verholpen worden van de tekortkomingen in de coördinatie tussen belangrijke instellingen en organen. De inspanningen op dit gebied dienen te worden volgehouden. Litouwen heeft een Schengen-actieplan goedgekeurd.

Met betrekking tot het regionaal beleid en de coördinatie van structurele instrumenten werden onlangs belangrijke besluiten genomen inzake de institutionele structuur voor het beheer van de structuurfondsen. Deze besluiten dienen dringend te worden geïmplementeerd door middel van een uitbreiding van de administratieve capaciteit, het tot stand brengen van doeltreffende interministeriële coördinatie, en van het kader voor de programmering en tenuitvoerlegging van communautaire steunmaatregelen met inachtneming van het partnerschapsbeginsel.

Ofschoon er enige vooruitgang is geboekt op het gebied van de financiële controle, moet Litouwen dringend zijn tenuitvoerleggingscapaciteit aanzienlijk opvoeren en zijn wetgeving inzake interne controle van de overheidsfinanciën nader uitwerken. Litouwen heeft beperkte voortgang gemaakt op het gebied van de financiële en budgettaire voorschriften, waar de implementatie van de begrotingswet van 2000 nog moet worden opgevolgd met andere belangrijke inspanningen.

Ofschoon het een voorzichtig budgettair beleid blijft voeren, heeft Litouwen vooruitgang geboekt met betrekking tot de opbouw van de zijn administratieve capaciteit, hetgeen nodig is voor de tenuitvoerlegging en handhaving van het acquis. Deze capaciteit is evenwel nog kwetsbaar en kan gemakkelijk worden aangetast indien de organisatiestructuren niet met de nodige aandacht zouden worden gewijzigd.. Er dient verder aandacht te worden besteed aan het in stand houden van de verworven administratieve capaciteit en het verder uitbreiden ervan.

De door Litouwen gemaakte voortgang is met betrekking tot de prioriteiten voor de korte termijn, en in mindere mate die voor de middellange termijn, van het Partnerschap voor Toetreding over het geheel genomen bevredigend. Litouwen heeft in het bijzonder verschillende prioriteiten voor de korte termijn betreffende economische criteria, de interne markt, energie en milieu grotendeels verwezenlijkt. Sommige prioriteiten voor de korte termijn, met name op landbouwgebied, moeten nog volledig worden behandeld. Litouwen heeft de meeste prioriteiten voor de middellange termijn gedeeltelijk verwezenlijkt, maar er blijven nog verdere inspanningen nodig, vooral met betrekking tot het beheer van en de controle op EG-middelen.

Malta

Malta blijft voldoen aan de politieke criteria van Kopenhagen. Er werd verder gewerkt aan de voorbereiding van de overheidsdiensten op de toetreding tot de EU; de prestaties van de overheid op het gebied van democratie en mensenrechten blijven over het algemeen goed.

Op justitieel gebied zijn vorderingen gemaakt: de rechtbanken hebben hun achterstand iets ingelopen en de eerste stappen zijn genomen om de Vluchtelingenwet ten uitvoer te leggen.

Malta heeft een functionerende markteconomie die in staat moet zijn aan de concurrentie en marktkrachten binnen de Unie het hoofd te bieden.

De macro-economische ontwikkelingen waren gunstig in termen van groei van het BNP, werkgelegenheid, inflatie en een sterke vermindering van het overheidstekort. Het belastingprogramma van de overheid op middellange termijn heeft tot een verdere vermindering van het overheidstekort geleid. Er werden vorderingen gemaakt bij de ontwikkeling van herstructurerings- en privatiseringsprogramma's en initiatieven voor ondernemerschap.

Ondanks een dalende tendens blijft het belastingtekort evenwel te hoog, wat bijdraagt tot een zeer groot tekort op de lopende rekening. Hoewel het huidige tekort op de lopende rekening een sterke eenmalige component heeft, moet het nauwlettend in het oog worden gehouden. De overheid dient de openbare financiën op middellange termijn in een duurzaam kader te plaatsen. De hervorming van het sociale-zekerheidsstelsel moet in dit perspectief worden bezien. De herstructurering en privatisering van nutsbedrijven en met verlies werkende staatsondernemingen gaan slechts langzaam vooruit. De inmenging van de staat in de economie moet verder worden verminderd. Een snellere tenuitvoerlegging van structurele hervormingen en een verdere liberalisering zijn van cruciaal belang om de duurzaamheid van het externe evenwicht en het externe concurrentievermogen in een meer open omgeving te ondersteunen.

Sinds het laatste Periodiek Verslag is Malta goede vooruitgang blijven boeken bij de aanpassing van de wetgeving aan het acquis en de versterking van de administratieve capaciteit. Deze vooruitgang was evenwel ongelijk verdeeld over de verschillende gebieden.

Aanzienlijke vorderingen werden gemaakt bij de aanpassing van het acquis inzake het vrije verkeer van goederen, met name wat het kader voor de nieuwe globale aanpak betreft. Malta moet zijn inspanningen op het gebied van normalisering, certificatie en markttoezicht voortzetten en de wetgeving op het gebied van overheidsopdrachten aanpassen wat beroepsmogelijkheden en publiekrechtelijke lichamen betreft. De wetgeving op het gebied van het vrije verkeer van personen moet verder worden aangepast. Malta heeft verder vorderingen gemaakt op het gebied van het vrije verkeer van diensten en kapitaal, maar de wetgeving moet nog verder worden aangepast, met name op het gebied van bank- en investeringsdiensten, gegevensbescherming en het witwassen van geld. De Maltese wetgeving op het gebied van het ondernemingsrecht is bijna volledig aangepast. Op het gebied van de mededinging is enige vooruitgang geboekt doordat een begin is gemaakt met de handhaving van de voorschriften inzake staatssteun, maar de administratieve capaciteit op dit gebied moet worden versterkt; voorts moet erop worden toegezien dat de mededingingsregels ook gelden voor overheidsondernemingen, overeenkomstig het acquis.

Malta heeft grote vorderingen gemaakt op het gebied van het sociale beleid, voornamelijk op het gebied van de arbeidswetgeving en de arbeidsveiligheid en -hygiëne. Er moet echter nog meer worden gedaan op het gebied van de gelijke kansen en ter versterking van de implementatiecapaciteit op het gebied van de arbeidsveiligheid en -hygiëne.

Wat de belastingen betreft, werden grote vorderingen gemaakt op het gebied van de accijnzen en enige vorderingen op het gebied van de BTW, hoewel nog verdere vooruitgang noodzakelijk is wat het toepassingsgebied van vrijgestelde transacties en de gedragscode inzake directe belastingen betreft. Ondanks enige vooruitgang op het gebied van de douane moet verder worden gewerkt aan de aanpassing van de Maltese douanewetgeving aan het acquis op dit gebied en aan de ontwikkeling van de administratieve capaciteit om deze wetgeving ten uitvoer te leggen.

De vorderingen op het gebied van de telecommunicatie en van het culturele en audiovisuele beleid werden voortgezet. Malta heeft ook een passend kader opgezet voor de ontwikkeling van investeringen en de herstructurering van het midden- en kleinbedrijf.

Op het gebied van de statistiek heeft het Centrale Bureau voor de Statistiek van Malta zijn werkzaamheden voortgezet; het is bezig zijn werkmethoden volledig in overeenstemming te brengen met de EG-normen. Op het gebied van de financiële controle is de herstructurering van het interne auditsysteem van de Maltese overheidsdiensten voltooid en de Nationale Rekenkamer werd verder versterkt, zodat Malta nu over een passend institutioneel kader voor de interne en externe controle beschikt. Malta dient deze vooruitgang te consolideren. Grote vorderingen werden gemaakt op het gebied van het regionale beleid - in dit verband werden structuren opgezet en versterkt voor de implementatie van de structuur- en cohesiefondsen.

Wat de wetgeving op het gebied van justitie en binnenlandse zaken betreft, werd sinds het vorige onderzoek slechts weinig vooruitgang geboekt. Er werden vorderingen gemaakt bij de voorbereiding van de Maltese overheidsdiensten op de tenuitvoerlegging van de asielwetgeving en de grenscontrole overeenkomstig de eisen van Schengen, met name met de voorbereiding van een Schengen-Actieprogramma. Er moet nog het nodige worden gedaan op het gebied van de gegevensbescherming, immigratie, het visumbeleid en de justitiële samenwerking.

Op het gebied van de landbouw werd weinig vooruitgang geboekt. Malta moet het grootste deel van het uitgebreide acquis op landbouwgebied nog goedkeuren en voorbereidingen treffen voor het gemeenschappelijk landbouwbeleid. De aanneming van de Wet Milieubescherming, tezamen met de afgeleide wetgeving, betekent een grote stap vooruit op milieugebied, maar Malta is nog ver verwijderd van een volledige aanpassing en beschikt over zeer weinig capaciteit om de wetgeving op dit gebied te handhaven. Er moet een algemene strategie worden uitgewerkt voor de goedkeuring en tenuitvoerlegging van het acquis op milieugebied.

In het afgelopen jaar is Malta begonnen met de versterking van de capaciteit voor de tenuitvoerlegging van het acquis op het gebied van overheidssteun, regionaal beleid en asielverlening. Op vele gebieden werden inspanningen gedaan ter versterking van de capaciteit, met name op het gebied van het vrije verkeer van goederen, markttoezicht, vervoer, belastingen, sociaal beleid, douane, statistiek, grenscontrole en financiële controle. Het is van belang dat de versterking van de administratieve capaciteit op deze gebieden wordt voortgezet, met name wat het acquis betreft op het gebied van de veiligheid van de zeevaart. Zowel op douane- als op belastinggebied moet bijzondere aandacht worden besteed aan de ontwikkeling van IT-systemen voor de uitwisseling van computergegevens met de EG. Voorts moet de administratieve capaciteit voor het grensbeheer worden versterkt. Malta moet meer inspanningen doen om de intellectuele eigendomsrechten te handhaven.

De capaciteit om het acquis te handhaven blijft een bron van bijzondere zorg op milieugebied en dient bij voorrang te worden versterkt. Malta dient de administratieve capaciteit op landbouwgebied ook aanzienlijk te versterken en met name de veterinaire en fytosanitaire inspectie.

De meeste prioriteiten van het Toetredingspartnerschap op korte en lange termijn zijn gedeeltelijk gerealiseerd. Er werd vooral vooruitgang geboekt op het gebied van het vrije verkeer van goederen en het sociale beleid en ook op het gebied van belastingen en telecommunicatie. Verdere inspanningen zijn nodig, met name op landbouw- en milieugebied en voor het vrije verkeer van diensten.

Polen

In haar Opinie van 1997 was de Commissie tot de conclusie gekomen dat Polen aan de politieke criteria voldeed. Sindsdien heeft het land aanzienlijke vorderingen geboekt bij de consolidatie en verdieping van de stabiliteit van zijn instellingen tot waarborging van de democratie, de rechtsstaat, de mensenrechten en de eerbiediging en bescherming van minderheden. In het afgelopen jaar is in deze richting verder gewerkt. Polen blijft voldoen aan de politieke criteria van Kopenhagen.

Op het gebied van de overheidsdiensten wordt verder gewerkt aan de tenuitvoerlegging van de Ambtenarenwet van 1999. Het tempo van deze werkzaamheden moet echter worden verhoogd, wil men dat Polen bij toetreding over een onafhankelijk, goed opgeleid en gemotiveerd ambtenarenapparaat beschikt.

Polen heeft de werkzaamheden voor de hervorming van gerechtelijk apparaat voortgezet en de ergste knelpunten weggewerkt. Het tempo van de hervormingen dient te worden verhoogd en er dient te worden verder gewerkt aan vraagstukken in verband van de gerechtelijke immuniteit.

Er zijn extra maatregelen genomen, waaronder de vaststelling van de hoognoodzakelijke wetgeving, voor de bestrijding van corruptie, die een bron van ernstige zorg blijft. De nadruk moet nu op een coherente aanpak van de corruptie komen te liggen, de tenuitvoerlegging van de wetgeving en vooral de ontwikkeling van een corruptiebestendig klimaat bij overheidsdiensten en in het zakenleven.

Er werd enige vooruitgang geboekt bij de vaststelling van het wettelijk kader voor gelijke kansen. Op dit gebied moeten nog verdere werkzaamheden worden verricht.

Er zijn verschillende gevallen aan het licht gekomen van misbruiken bij detentie. Er zijn reeds eerste maatregelen getroffen om deze misbruiken tegen te gaan.

De versterking van de administratieve en gerechtelijke capaciteit, de verbetering van de werking van de rechtbanken en de bestudering van de EG-wetgeving waren prioriteiten van het Toetredingspartnerschap. Aan deze zaken wordt gewerkt, maar verdere inspanningen blijven noodzakelijk.

Polen is een functionerende markteconomie. Indien het land zijn huidige inspanningen voortzet en intensiveert in een coherent beleidsklimaat, zou het in de nabije toekomst in staat moeten zijn de concurrentie en marktkrachten in de Unie het hoofd te bieden.

In de eerste helft van de verslagperiode heeft Polen een voldoende macro-economische stabiliteit gehandhaafd. De groei was behoorlijk, maar liep in de tweede helft van het afgelopen jaar een aanzienlijke vertraging op. De privatisering werd voortgezet, evenals de herstructurering van gevoelige sectoren zoals de steenkool- en energiesector. Het wettelijk kader voor het bedrijfsleven werd versterkt door de goedkeuring van een nieuwe faillissementswet en een nieuw handelswetboek.

De sterke daling van de groei weerspiegelt voor een groot deel problemen in de macro-economische beleidscombinatie - de coördinatie van het fiscale en monetaire beleid. De reeds hoge werkloosheid is nog toegenomen en ook het begrotingstekort stijgt. Er moet een fiscale aanpassing plaatsvinden om tot een betere beleidscombinatie te kunnen komen en om de duurzaamheid van de overheidsfinanciën op middellange termijn niet in gevaar te brengen. Dit zou ook de markten geruststellen en het vertrouwen van het bedrijfsleven vergroten. De overheid dient de privatisering en herstructurering te versnellen in enkele belangrijke sectoren, zoals sommige traditionele industrieën en de landbouw. Zij moet duidelijke plannen hebben om obstakels voor vervroegde uittreding uit de weg te ruimen en een einde maken aan onrechtstreekse staatssteun in de vorm van een uitstel van de betaling van belastingen en sociale premies, want deze verstoren de werking van de markt. De faillissementsprocedures moeten worden verbeterd. Er moet worden verder gewerkt aan de verbetering van de infrastructuur en de arbeidsmarkt moet beter leren inspelen op veranderende economische omstandigheden.

In de verslagperiode werd veel werk verricht op wetgevingsgebied. Op sommige gebieden was er een opmerkelijke doorbraak met de goedkeuring van primaire wetgeving. Op andere gebieden was er de consolidatie van de in 2000 bereikte resultaten (de kaderwetten die in dat jaar waren aangenomen) door de vaststelling van de noodzakelijke secondaire wetgeving. De consolidatie en de aankleding van het wettelijk kader is van essentieel belang voor het toekomstige vermogen het acquis ten uitvoer te leggen en de inspanningen op dit gebied zullen moeten worden geïntensiveerd. De noodzaak van verdere inspanningen doet zich nog meer gelden op het gebied van de versterking van de administratieve capaciteit om het acquis ten uitvoer te leggen. Er zijn verdere ontwikkelingen geweest op dit gebied, maar er gaapt nog een kloof tussen de vooruitgang op dit gebied en de goedkeuring van wetgeving.

Na de goedkeuring van de kaderwetgeving voor de interne markt werden de inspanningen gericht op de vaststelling van de secondaire wetgeving die nodig is om het acquis op dit gebied te implementeren, met name wat normen, certificatie en overheidssteun betreft. Beide zijn gebieden waarop, ten gevolge van Polen's bestaande verplichtingen, implementatie voor toetreding noodzakelijk is en waarop weinig vorderingen zijn gemaakt. In het geval van normen en certificatie moet nog veel worden gedaan om de noodzakelijke administratieve capaciteit tot stand te brengen. Dit is niet het geval op het gebied van de concurrentie waar de capaciteit aanwezig is, maar waar de implementatie beperkt is. Er is vooruitgang geboekt met die elementen van de voedselveiligheid die met de interne markt verband houden door de aanneming van de kaderwet, maar er moet nog veel worden gedaan voor de totstandbrenging van de secondaire wetgeving en de ontwikkeling van de administratieve capaciteit. De industriële eigendomswet is goedgekeurd, maar er zijn nog problemen op korte termijn in verband met de exclusiviteit van gegevens die uit de nieuwe farmaceuticawet voortvloeien. Hoewel de administratieve structuren zijn verbeterd, moet nog meer worden gedaan op het gebied van de rechtshandhaving.

Polen's prestaties op het gebied van het vrije verkeer van diensten en kapitaal blijven goed - er werd verder gewerkt aan de versterking van de administratieve capaciteit op deze gebieden. Er zijn aanzienlijke vorderingen gemaakt op het gebied van de wetgeving inzake overheidsopdrachten en enige vorderingen op het gebied van het vrije verkeer van personen. Er moeten nog verdere werkzaamheden worden verricht vooraleer Polen zonder problemen in de interne markt kan worden geïntegreerd.

De implementatie van de bestaande wetgeving op telecommunicatiegebied verloopt geleidelijk. Er is enige vooruitgang geboekt bij de verdere aanpassing van de tarieven van de indirecte belastingen en er moeten systemen worden opgezet voor de uitwisseling van computergegevens tussen de EG en Polen.

Wat de EMU betreft, waren er op wetgevingsgebied geen ontwikkelingen ter versterking van de onafhankelijkheid van de Nationale Bank.

Er zijn enige vorderingen gemaakt op het gebied van het industriebeleid. Er zijn stappen genomen om problemen in de staalsector op te lossen, maar het zal kracht vergen de nodige maatregelen tot een goed einde te brengen.

In de landbouwsector ontbreekt nog een coherente strategie. De aanzienlijke hervormingen van beleid, wetgeving en structuren die nodig zijn in de landbouw- en visserijsector hebben nog niet plaatsgevonden. In beide sectoren is enige vooruitgang geboekt op het gebied van de primaire wetgeving, met name op het gebied van de veterinaire wetgeving. De administratieve capaciteit in de visserijsector blijft zeer zwak en er zijn veel zwakke punten aan het licht gekomen in de landbouwsector, met name wat het geïntegreerde administratie- en controle systeem (IACS) en de grenscontrole betreft, zowel op veterinair als op fytosanitair gebied.

Op milieugebied zijn aanzienlijke vorderingen gemaakt op het gebied van de primaire wetgeving. Ook in de energie-, en met name in de transportsector, kon enige vooruitgang worden geboekt. In de drie genoemde sectoren moet nog veel gebeuren om de administratieve capaciteit te versterken. Dit is met name het geval voor het milieu, waar zowel de regionale als de nationale structuren moeten worden versterkt.

Op het gebied van het regionale beleid hebben zich weinig ontwikkelingen voorgedaan. Op sociaal gebied werd vooral gewerkt aan de wetgeving inzake de volksgezondheid, maar de handhaving blijft een bron van zorg, met name op het gebied van de arbeidsveiligheid en -hygiëne. Op dit gebied moet meer worden gedaan, met name om de Arbeidsinspecties te versterken. De vorderingen op het gebied van justitie en binnenlandse zaken werden voortgezet, met name wat de grensbewaking en het grensbeheer betreft, waar de eerder goedgekeurde douanestrategie ten uitvoer wordt gelegd. Er werd gewerkt aan de verbetering van de situatie van de organen die de georganiseerde misdaad bestrijden, en met name de politiediensten. Deze werkzaamheden moeten worden geïntensiveerd. Op douanegebied moet meer worden gedaan voor de aanpassing aan het acquis en voor de totstandkoming van een effectieve implementatiecapaciteit. Op wetgevingsgebied werden significante vorderingen geboekt in termen van interne financiële controle - het gaat er nu om de nodige controlemechanismes op te zetten.

Polen heeft zijn wetgeving verder aangepast, met name door de goedkeuring van secondaire wetgeving. Zoals eerder opgemerkt moeten deze werkzaamheden gepaard gaan met de aanpassing en versterking van de structuren die met het oog op toetreding nodig zijn. In een aantal sectoren is het niveau van de administratieve capaciteit onvoldoende. Verdere inspanningen moeten worden gedaan voor de opzet van de administratieve capaciteit die nodig is voor een gezond, efficiënt en controleerbaar beheer van de EG-fondsen.

Dit verschil tussen de vorderingen op wetgevingsgebied en de versterking van de administratieve capaciteit komt tot uiting in de mate waarin de prioriteiten op korte termijn van het toetredingspartnerschap zijn behandeld. Er is verder vooruitgang geboekt om aan de op het acquis gebaseerde elementen te voldoen. Er moet meer worden gedaan om administratieve capaciteiten in het algemeen op te zetten of te versterken met name op het gebied van certificatie, landbouw, visserij en regionaal beleid, op sociaal gebied en op het gebied van douane, justitie en binnenlandse zaken.

Polen is begonnen vorderingen te maken om aan alle prioriteiten op middellange termijn te voldoen. Deze vorderingen zijn ongelijk - de meeste vorderingen hebben te maken met het wetgevende aspect. Dit is de basis voor de ontwikkeling van de administratieve capaciteit die voor de implementatie nodig is. De reeds ondernomen werkzaamheden moeten worden geïntensiveerd.

Roemenië

In haar advies van 1997 concludeerde de Commissie dat Roemenië aan de politieke criteria voldeed. Sindsdien heeft het land aanzienlijke vooruitgang geboekt bij het verder versterken en verdiepen van de institutionele stabiliteit, hetgeen een waarborg is voor democratie, de rechtsstaat, de mensenrechten en respect voor en bescherming van minderheden. Het afgelopen jaar zijn nadere inspanningen in deze richting gedaan. Roemenië voldoet nog steeds aan de politieke criteria van Kopenhagen.

De efficiëntie van de rechterlijke macht is aanzienlijk verbeterd, alsook de algemene werking van de overheid. De hervorming van de gerechtelijke procedures werd voortgezet, en de effectieve toepassing van nieuwe wetgeving op het gebied van de openbare aanbestedingen zou een belangrijke bijdrage moeten leveren aan de strijd tegen corruptie - een ernstig probleem dat nog lang niet is opgelost. Het gebrek aan vooruitgang met betrekking tot de uitvoering van een strategische hervorming van het overheidsapparaat en de noodzaak om de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht beter te waarborgen geven eveneens reden tot bezorgdheid.

Belangrijke vorderingen zijn geboekt op het gebied van de mensenrechten. De hervorming van de kinderbescherming is in volle gang; homoseksualiteit wordt niet langer bestraft; en belangrijke nieuwe wetgeving is aangenomen over de teruggave van eigendom en over de behandeling van asielzoekers en vluchtelingen. Naast de invoering van een voorwaardelijke veroordeling, een belangrijke hervorming van het strafrecht, werden verschillende initiatieven ondernomen om de mensenhandel aan te pakken. In het kader van toekomstige hervormingen moet ernaar gestreefd worden het wetboek van strafrecht te moderniseren, de publieke verantwoording van politieagenten te vergroten en hun optreden binnen redelijke grenzen te houden. Er moeten bovendien inspanningen worden ondernomen om de huidige leefomstandigheden in de kinderhuizen verder te verbeteren.

Er werden nieuwe wetten goedgekeurd waardoor het gebruik van de minderheidstalen wordt uitgebreid, en er is een nationale strategie vastgesteld voor de verbetering van de levensomstandigheden van de Roma. De inspanningen moeten nu evenwel gericht worden op de tenuitvoerlegging van de strategie, om de discriminatie effectief te bestrijden en de levensomstandigheden van de Roma te verbeteren.

Roemenië heeft een begin gemaakt met de verwezenlijking van de kortetermijnprioriteiten van het partnerschap voor toetreding met betrekking tot de politieke criteria, door de omstandigheden in de kinderopvangtehuizen te verbeteren, vooruitgang te boeken met de hervorming van het kinderopvangbeleid, door een nationale strategie voor de Roma uit te stippelen, en maatregelen te nemen voor de ondersteuning van programma's ten gunste van de minderheden. Wat de prioriteiten op middellange termijn betreft is er vooruitgang geboekt op het gebied van de kinderbescherming en zijn er initiatieven genomen ter verbetering van de toegang tot het onderwijs voor Roma. Toch is er nog veel te doen op andere gebieden: de Roma-strategie is nog niet in de praktijk gebracht; de antidiscriminatiewetgeving is vastgesteld maar nog niet in werking getreden en met de demilitarisering van de politie is nog geen begin gemaakt.

Roemenië heeft vooruitgang geboekt op de weg naar de invoering van een functionerende markteconomie en ofschoon het land niet in staat is op de middellange termijn het hoofd te bieden aan de concurrentiedruk en de marktkrachten binnen de Unie, zijn er maatregelen genomen die de ontwikkeling van zijn toekomstige capaciteit mogelijk maken, mits het land verder gaat met de aan de gang zijnde economische hervormingen.

Roemenië heeft vooruitgang geboekt op de weg naar macro-economische stabiliteit: de groei is opnieuw toegenomen en de uitvoer gestegen. De regering is zich terdege bewust van de noodzaak om het met het IMF overeengekomen programma en het economische pretoetredingsprogramma te implementeren. Er zijn opnieuw structurele hervormingen gestart, met name op het gebied van de privatisering en de aanpassing van de energieprijzen. De recente privatiseringen getuigen van een hernieuwde inzet om een functionerende markteconomie tot stand te brengen.

Er zijn evenwel nog steeds ernstige economische onevenwichtigheden, met hoge inflatiecijfers en een groeiend tekort op de lopende rekening, en dat in een moeilijk sociaal klimaat. Het nog kwetsbare macro-economische klimaat, het onzekere wettelijke kader en de ontoereikende administratieve capaciteit belemmeren de ontwikkeling van de particuliere sector. In een zeer groot gedeelte van de bedrijfssector moet het herstructureringsproces nog op gang komen of bevindt het zich nog in een beginfase. Er moet nog een groot aantal hervormingen doorgevoerd worden. De autoriteiten zouden de prioriteit moeten geven aan het waarborgen van macro-economische stabiliteit door de inflatie te bestrijden en de verslechtering van de externe betalingsbalans af te remmen. Door de volledige tenuitvoerlegging van het met het IMF overeengekomen programma, vooral door de oorzaken van de inflatie te elimineren, zou het mogelijk zijn het monetaire en wisselkoersbeleid geleidelijk aan in de richting te draaien van een verlaging van de inflatie. Er zou in het bedrijfsleven een financiële discipline opgelegd moeten worden die de accumulatie van de achterstallen tussen de bedrijven afremt en een eind maakt aan de overheidssteun ten gunste van weinig efficiënte bedrijven. Door een eind te maken aan de druk die deze praktijken op het begrotingsbeleid uitoefenen zou er een verbetering mogelijk zijn van de coördinatie tussen het begrotings- en het monetaire beleid. Tegelijkertijd met de herstructurering en privatisering van de bedrijven moet er een deugdelijk juridisch en institutioneel kader aanwezig zijn dat nodig is om een functionerende markteconomie tot stand te brengen.

Roemenië heeft verdere vooruitgang geboekt bij de overname van het acquis zonder evenwel voldoende verbeteringen aan te brengen in zijn administratieve capaciteit.

De vorderingen op het gebied van de interne marktwetgeving variëren per sector. Behalve de vaststelling van nieuwe wetgeving inzake overheidsopdrachten, is er maar weinig vooruitgang geboekt op het gebied van het vrij verkeer van goederen en de kaderwetgeving voor de nieuwe en globale aanpak is nog steeds niet goedgekeurd. De administratieve infrastructuur voor standaardisering, certificering en markttoezicht moet bovendien versterkt worden. Met de aanpassing van het acquis voor het vrij verkeer van personen is slechts in beperkte mate vooruitgang geboekt. Er is vooruitgang geregistreerd inzake verzekeringen en banktoezicht, maar met de omzetting van het acquis inzake effectenmarkten was er geen vooruitgang. De wetgeving betreffende de bescherming van persoonsgegevens is nog steeds onvoldoende. De nieuwe Roemeense wetgeving inzake het witwassen van geld is een welkome ontwikkeling, maar het land heeft nog steeds een uitgebreid wisselverkeersysteem en andere beperkingen op kapitaalverkeer. Het toezicht op de financiële diensten moet ook worden verbeterd. Inzake de aanpassing aan het acquis werden verdere vorderingen gemaakt op het gebied van het vennootschapsrecht en de mededinging, sectoren waarin Roemenië zich al in hoge mate aan het acquis heeft geconformeerd. Hoe dan ook moet de controle van de intellectuele eigendomsrechten verder worden verbeterd, alsook de capaciteit om erop toe te zien dat de staatssteunregels en de antikartelwetgeving worden gehandhaafd.

De vooruitgang die door Roemenië is geboekt op het gebied van de belastingen, betreft vooral de accijnzen. Verdere aanpassing is evenwel nog steeds nodig op het gebied van de BTW en er moet nog heel veel worden gedaan om de belastingadministratie te moderniseren, waarbij onder meer de uitwisseling van elektronische gegevens met de Gemeenschap en de lidstaten moet worden ontwikkeld.

Roemenië heeft een document goedgekeurd betreffende het industriebeleid en een belangrijke impuls gegeven aan het privatiseringsproces, al zullen er nog aanzienlijke verdere inspanningen nodig zijn. Er is veel gedaan voor de ontwikkeling van de KMO-sector en er zijn maatregelen genomen om het ondernemingsklimaat te verbeteren.

Er is vooruitgang geboekt met de overname met betrekking tot verschillende aspecten van het landbouwacquis, maar de herstructurering van de sector is nog maar net begonnen. De globale administratieve capaciteit van het ministerie van landbouw blijft zwak en Roemenië is nog niet in staat de beheersmechanismen van het gemeenschappelijk landbouwbeleid toe te passen. Ook de controlesystemen op veterinair en fytosanitair gebied moeten verbeterd worden. Door de nieuwe visserijwet is het Roemeense wetgevingskader in hoge mate op het acquis afgestemd. Toch moeten er nog inspanningen worden geleverd om de administratieve structuren te versterken.

Roemenië heeft opnieuw behoorlijke vooruitgang geboekt met de harmonisatie van de wetgeving op het gebied van het vervoer. Het beleid in de energiesector was evenwel weinig samenhangend, zodat er slechts beperkte vooruitgang kan worden geregistreerd. Bij de omzetting van het acquis in de telecommunicatiesector is er slechts beperkte vooruitgang te noteren, maar er is veel gedaan om de toekomstige hervormingen voor te bereiden. Op milieugebied heeft Roemenië vooruitgang geboekt met de aanpassing, maar beschikt niet over de benodigde administratieve capaciteit om de nieuwe wetgeving correct toe te passen en evenmin over voldoende financiële middelen om aan de sector toe te wijzen. Roemenië heeft vooruitgang geboekt bij de overname van verschillende aspecten van het acquis inzake consumentenbescherming, maar zal de correcte toepassing van de wetgeving moeten waarborgen. In de audiovisuele sector is er door Roemenië maar weinig vooruitgang geboekt.

Er is enige vooruitgang geboekt wat het sociale beleid betreft, dat door de regering als een prioriteit wordt beschouwd, maar de verdere omzetting van het acquis moet worden voortgezet en de administratieve capaciteit moet worden verbeterd (vooral inzake veiligheid en gezondheid op het werk en versterking van de arbeidsinspecties). Op het gebied van het regionaal beleid is enige vooruitgang geboekt in de periode waarop dit verslag betrekking heeft, voornamelijk op institutioneel niveau. De nieuwe structuren blijven echter kwetsbaar en er moeten nog aanzienlijke inspanningen worden geleverd waar het gaat om programmering, toezicht en evaluatie alsook capaciteitsontwikkeling voor het beheren en controleren van overheidsmiddelen.

Wat justitie en binnenlandse zaken betreft, was de vooruitgang opvallend op het gebied van visumbeleid, grensbeheer en migratie. Op diverse belangrijke gebieden moet het land nog steeds wetgeving overnemen zoals gegevensbescherming en de capaciteit en infrastructuur voor het grensbeheer verder uitbouwen.

Roemenië heeft in toenemende mate zijn toevlucht genomen tot handelsmaatregelen die onverenigbaar zijn met zijn internationale verplichtingen en met het acquis. Tegelijkertijd heeft het succesvolle verloop van het presidentschap van de OVSE aangetoond dat Roemenië in staat is internationaal een leidende rol te spelen op het gebied van de buitenlandse zaken. De harmonisatie met het douaneacquis werd verder ondernomen, ofschoon het nodig is om de operationele capaciteit van de douanedienst te verbeteren en systemen te ontwikkelen voor de uitwisseling van computergegevens tussen de EG en Roemenië.

Ondanks enkele positieve ontwikkelingen zijn de Roemeense autoriteiten er nog niet in geslaagd een allesomvattend beleidskader voor interne financiële controle op publieke gelden te ontwikkelen; er moeten dan ook nog verdere maatregelen genomen worden om de administratieve capaciteit op dit terrein te versterken. Roemenië heeft enige vooruitgang geboekt met de hervorming van de nationale begrotingsprocedures, maar zal zich verder moeten inspannen zowel wat betreft de nationale begroting als de eigen middelen.

De globale capaciteit van de openbare dienst om het acquis toe te passen is nog steeds beperkt, wat de toetredingsvoorbereidingen sterk bemoeilijkt. Enkele sectoren van de administratie functioneren naar behoren, terwijl er vele belangrijke sectoren zijn waar de zwakte van de administratie reden tot ernstige bezorgdheid geeft. Deze bezorgdheid betreft verder de overname van het acquis alsook het beheer van de EG-middelen. Er is geen belangrijke vooruitgang geboekt met de ontwikkeling van de administratieve capaciteit; de regering heeft daar pas nu een begin mee gemaakt.

Op het vlak van vervoer heeft Roemenië de kortetermijnprioriteiten van het toetredingspartnerschap verwezenlijkt. Ondanks de vorderingen op het vlak van belastingen, douane en justitie en binnenlandse zaken, zijn geen van de voor deze gebieden vastgelegde prioriteiten al volledig verwezenlijkt. Het land heeft enige vooruitgang geboekt met de verwezenlijking van de prioriteiten die betrekking hebben op de interne markt, landbouw, milieu, werkgelegenheid en sociale zaken alsook de versterking van de bestuurlijke en gerechtelijke capaciteit. Roemenië is al begonnen met de verwezenlijking van enkele middellangetermijnprioriteiten van het toetredingspartnerschap en die op het gebied van vervoer en visserij zijn bijna verwezenlijkt. Wat landbouw, milieu en werkgelegenheid betreft werden er geen belangrijke vorderingen gemaakt.

Slowakije

In het periodiek verslag van 1999 was de conclusie van de Commissie dat Slowakije voldeed aan de politieke criteria. Sindsdien heeft het land aanzienlijke vorderingen gemaakt met de consolidatie en versterking van de stabiliteit van de instellingen die de democratie, de rechtsorde, de mensenrechten en het respect voor en de bescherming van minderheden garanderen. Het afgelopen jaar zijn verdere inspanningen in die richting gedaan. Slowakije voldoet ook nu aan de politieke criteria van Kopenhagen.

Aanzienlijke vooruitgang is geboekt ten aanzien van de structuur en het functioneren van het bestuur. Er is een juridisch kader voor de decentralisatie van het openbaar bestuur vastgesteld en een ambtenarenwet aangenomen. De wetgeving moet nu ook goed worden uitgevoerd, zodat de overheid haar taak bij uitstek in een functionerende democratie naar behoren kan vervullen op basis van de rechtsstaat, en zo het toetredingsproces kan ondersteunen.

Belangrijke maatregelen zijn genomen om de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht te versterken. Bijvoorbeeld is door een grondwetswijziging de proeftijd van vier jaar voor rechters afgeschaft en een Raad voor de Magistratuur ingesteld. De wijziging moet nu in de praktijk worden geïmplementeerd in primaire wetgeving om de professionele onafhankelijkheid en politieke neutraliteit van de rechterlijke macht te waarborgen.

Vooruitgang is ook geboekt met de strijd tegen corruptie, met name het omzetten en uitvoeren van het regeringsbeleid in concrete daden en het uitvoeren van internationale verplichtingen. Corruptie blijft echter een ernstig probleem. Om de strijd tegen corruptie te intensiveren moet Slowakije de uitvoering van zijn actieplannen rigoureus voortzetten, de bestaande wetgeving streng handhaven, de geplande wetgeving voltooien, de bestuurlijke capaciteit versterken en de coördinatie tussen de betrokken instanties verbeteren.

De grondwetswijziging heeft het tevens mogelijk gemaakt de institutionele structuur van het land op het gebied van de mensenrechten te versterken. Er moet echter iets worden gedaan aan het optreden van de politie, met name in verband met de gemelde gevallen van slechte behandeling.

In de verslagperiode is veel gedaan om de aanpak van de bescherming van de rechten van minderheden verder te ontwikkelen en in de praktijk te brengen, met name op het niveau van het overheidsbeleid. Er zijn positieve stappen gezet om het gebruik van minderheidstalen te bevorderen en de bescherming ervan te verbeteren. De uitvoering van het beleid inzake de Roma-minderheid, dat in 1999 en 2000 is vastgesteld, moet verder worden verbeterd. Nationaal en plaatselijk moeten daarvoor de nodige financiële middelen ter beschikking komen. Het is in dit verband van belang de inspanningen ter bestrijding van de wijdverbreide discriminatie te intensiveren.

De prioriteiten die in het partnerschap voor de toetreding voor de korte termijn zijn vastgesteld voor de modernisering en decentralisatie van het openbaar bestuur zijn uitgevoerd. Belangrijke maatregelen zijn genomen om de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht te versterken, wat eveneens een prioriteit was voor de korte termijn. Ondanks de positieve maatregelen is merkbare verbetering van de situatie van de Roma-minderheid, ook een prioriteit voor de korte termijn, slechts in beperkte mate gerealiseerd. Dit geldt ook voor de prioriteiten voor de middellange termijn die in het partnerschap voor 1999 ten aanzien van de politieke criteria waren vastgesteld, namelijk verdere tenuitvoerlegging van de wetgeving inzake minderheidstalen en versterking van het beleid en de budgettaire middelen voor de Roma-minderheid.

Slowakije is een functionerende markteconomie. Als het land verdere substantiële inspanningen verricht om de begroting op de middellange termijn te consolideren en het aangekondigde programma voor structurele hervorming volledig uit te voeren, kan het naar verwachting de concurrentiedruk en de marktkrachten binnen de Unie in de nabije toekomst het hoofd bieden.

De macro-economische stabiliteit is over het algemeen gehandhaafd. De privatisering van de banken verloopt voorspoedig en is nu bijna voltooid. Ook zijn vorderingen gemaakt met herstructurering en privatisering van de nog in staatseigendom zijnde nutsondernemingen en vervoersbedrijven. Vooruitgang is ook geboekt met het opzetten van het kader voor de ontwikkeling van de particuliere sector.

Gezien de aanzienlijke verhoging van het tekort op de lopende rekening, is een terughoudender begrotingsbeleid geboden. De werkloosheid is hoog en neemt nog toe. Ten aanzien van sommige onderdelen van het juridische en institutionele kader voor de ontwikkeling van het bedrijfsleven zijn verdere verbeteringen en effectieve tenuitvoerlegging geboden. Het toezicht op de financiële sector moet verder worden versterkt. Maatregelen moeten worden genomen om de duurzaamheid van de overheidsfinanciën op de middellange termijn te waarborgen. De autoriteiten moeten hun budgettaire doelstellingen verwezenlijken door de overheidsuitgaven op de middellange termijn te hervormen, met name wat betreft gezondheidszorg, pensioenen en subsidies. De macro-economische stabilisatie moet worden geconsolideerd door middel van een duurzaam prudente combinatie van budgettair en monetair beleid. Verdere vooruitgang bij de privatisering, de opbouw van het administratief en juridisch kader en de hervorming van de financiële sector maakt de weg vrij voor de ontwikkeling van de particuliere sector in de toekomst. Fundamentele hervorming van de arbeidsmarkt is nodig om de werkgelegenheid te bevorderen.

Slowakije maakt goede vorderingen met de aanpassing van de wetgeving aan het acquis. Net als vorig jaar is niet bij alle hoofdstukken evenveel vooruitgang geboekt. Het voorspoedigst verloopt het proces op gebieden als het vrije verkeer van goederen, vennootschapsrecht, sociaal beleid en werkgelegenheid en de douane-unie. In een aantal sectoren zijn er nog structureel zwakke punten: landbouw, regionaal beleid en de coördinatie van de structuurinstrumenten. De versterking van de bestuurlijke capaciteit is voortgegaan, maar in alle sectoren zijn nog versterkte aanhoudende inspanningen nodig.

Wat de wetgeving inzake de interne markt betreft zijn vorderingen gemaakt, met name op het gebied van het vrije verkeer van goederen en het vrije verkeer van diensten. De vooruitgang op het gebied van het vrije verkeer van personen is nog beperkt. Op het gebied van het vennootschapsrecht is aanzienlijke vooruitgang geboekt, met name door verdere aanpassing aan de richtlijnen inzake vennootschapsrecht en de vaststelling van nieuwe octrooiwetgeving. De bestuurlijke en justitiële instanties betrokken bij intellectuele en industriële eigendomsrechten moeten verder worden versterkt. Door een wijziging van de wet inzake staatsteun is het wetgevingskader voor het concurrentiebeleid nu grotendeels in overeenstemming met het acquis. De handhaving van de wetgeving inzake overheidssteun is echter, in tegenstelling tot de antikartelwetgeving, nog tamelijk inconsistent en ondoorzichtig. De bestuurlijke capaciteit op het gebied van de interne markt moet worden versterkt, met name wat betreft het toezicht op financiële diensten.

Op het gebied van de landbouw zijn over het algemeen de inspanningen voor de overname en uitvoering van het acquis beperkt gebleven, behalve wat veterinaire kwesties betreft, waar aanzienlijke vorderingen zijn gemaakt. Er moet harder worden gewerkt aan de invoering van een geïntegreerd beheers- en controlesysteem, de vaststelling van specifieke marktregelingen moet worden versneld, evenals de wetgevingsaanpassing op fytosanitair gebied, en de bestuurlijke capaciteit, ook wat betreft grenscontroleposten, moet worden versterkt.

De aanpassing van de wetgeving op het gebied van vervoer, met name het vervoer over land, is voortgezet. Aanzienlijke verdere aanpassing is echter vereist in alle sectoren, en de bestuurlijke capaciteit moet worden versterkt. In dat verband moeten de noodzakelijke structuren worden voltooid.

Beperkte aanpassing van de wetgeving inzake directe en indirecte belastingen is gerealiseerd, en aanvullende inspanningen zijn nodig om btw en accijnzen op het vereiste niveau te brengen. De hervorming van de Slowaakse belastingdienst is voortgezet. De maatregelen ter modernisering daarvan moeten rigoureus worden uitgevoerd. De fiscale informatiesystemen waarmee elektronisch gegevens kunnen worden uitgewisseld met de EG en haar lidstaten moeten verder worden ontwikkeld.

Verdere positieve stappen zijn gezet in de sector energie: besloten is de binnenlandse elektriciteitsmarkt voor een groot deel open te stellen en de grote energiebedrijven te privatiseren. Ten aanzien van kernenergie moet Slowakije zijn verbintenissen inzake sluiting uitvoeren en zorgen voor een hoog niveau van nucleaire veiligheid. Wat het beleid inzake het bedrijfsleven betreft heeft Slowakije het tempo van de hervormingen doorgezet door voortzetting van de privatisering, met name van de banken, en de herstructurering van het bedrijfsleven. Met uitzondering van de posterijen is voor telecommunicatie en informatietechnologie een hoge mate van aanpassing bereikt. De nadruk moet nu worden gelegd op effectieve tenuitvoerlegging en op versterking van de bestuurlijke capaciteit. De aanpassing van de wetgeving op het gebied van de bescherming van de consument is voortgezet, met name wat betreft niet-veiligheidsgerelateerde vraagstukken. De inspanningen voor adequate coördinatie en versterking van de instanties die bij markttoezicht zijn betrokken, moeten worden voortgezet.

Op het gebied van sociaal beleid en werkgelegenheid is aanzienlijke vooruitgang geboekt - met name is verdere aanpassing aan het acquis tot stand gebracht voor arbeidswetgeving en gelijke behandeling van mannen en vrouwen. De aandacht dient nu uit te gaan naar de tenuitvoerlegging, waarbij bijzondere nadruk moet komen te liggen op de handhaving van de regels inzake veiligheid en gezondheid op de arbeidsplaats.

De vorderingen op het gebied van het regionaal beleid en de coördinatie van de structuurinstrumenten zijn beperkt gebleven. Het gebrek aan voldoende gekwalificeerd personeel bij de betrokken ministeries en instanties blijft zorgwekkend.

De aanpassing van de wetgeving inzake het milieu is - met uitzondering van die betreffende waterkwaliteit, natuurbescherming en industriële vervuiling en risicobeheersing - is goed vooruitgegaan, hoewel nog aanzienlijke inspanningen moeten worden verricht. De maatregelen ter versterking van de bestuurlijke capaciteit moeten rigoureus worden uitgevoerd.

De aanpassing van de wetgeving en de bestuurlijke capaciteit voor samenwerking op het gebied van justitie en binnenlandse zaken is voortgezet, met name wat de grenscontrole betreft, onder meer met de vaststelling van een Schengen-actieplan. Ook op het gebied van het visumbeleid en politiesamenwerking is vooruitgang geboekt. Verdere vorderingen zijn noodzakelijk op alle gebieden, en onder meer dient intensiever te worden gewerkt aan de versterking van de bestuurlijke capaciteit.

Belangrijke maatregelen zijn genomen op het gebied van de douane-unie: een nieuwe douanewet en een wet inzake staatsinstellingen op het gebied van douane zijn in werking getreden. IT-systemen voor de uitwisseling van gegevens met de EG moeten worden ontwikkeld. Aanzienlijke vooruitgang kan worden gemeld voor financiële controle: het fundamentele juridische kader voor de interne financiële controle bij de overheid en voor externe audits is nu aanwezig. Bijzondere aandacht moet nu uitgaan naar de controle op uitgaven voor structurele maatregelen en bescherming van de financiële belangen van de EG.

De algemene vorderingen wat betreft de bestuurlijke capaciteit zijn beperkt, hoewel op een beperkt aantal terreinen goede vooruitgang is geboekt met de versterking van de institutionele structuren. Ten aanzien van het vrije verkeer van kapitaal en de douane-unie zijn aanmerkelijke vorderingen gemaakt, maar slechts weinig wat betreft landbouw, vervoersbeleid, regionaal beleid en coördinatie van de structuurinstrumenten en samenwerking op het gebied van justitie en binnenlandse zaken. De inspanningen op het gebied van de handhaving moeten met name worden gericht op vennootschapsrecht, mededingingsbeleid en sociaal beleid en werkgelegenheid. Het tempo van de versterking van de bestuurlijke capaciteit op het gebied van belastingen, energie en milieu moet worden volgehouden. De instellingen en mechanismen die verantwoordelijk zijn voor efficiënt en controleerbaar beheer van de EG-middelen moeten aanzienlijk worden versterkt.

Het besluit van de regering om het aantal ambtenaren dat zich met de integratie in de EU bezighoudt in 2002 met circa 1200 te verhogen, is een welkome maatregel, die noodzakelijk is om de over het algemeen nog zwakke bestuurlijke capaciteit te versterken.

De prioriteiten die voor de korte termijn in het partnerschap voor toetreding 1999 zijn opgenomen, zijn wat betreft de interne markt en sociaal beleid en werkgelegenheid voor een groot deel verwezenlijkt; voor energie en samenwerking op het gebied van justitie en binnenlandse zaken voor een deel, en wat landbouw en milieu betreft slechts in beperkte mate. Alle prioriteiten voor de middellange termijn zijn voor een deel verwezenlijkt, behalve wat betreft vervoersbeleid, regionaal beleid en coördinatie van de structuurinstrumenten, en milieu, waar de prioriteiten slechts in beperkte mate zijn gerealiseerd.

Slovenië

In het advies dat de Commissie in 1997 uitbracht, was de conclusie dat Slovenië voldeed aan de politieke criteria. Sindsdien heeft het land aanzienlijke vorderingen gemaakt met de consolidatie en versterking van de stabiliteit van de instellingen die de democratie, de rechtsorde, de mensenrechten en het respect voor en de bescherming van minderheden garanderen. Het afgelopen jaar zijn verdere inspanningen in die richting gedaan. Slovenië voldoet ook nu aan de politieke criteria van Kopenhagen.

Slovenië heeft goede vorderingen gemaakt met de hervorming van de rechterlijke macht door vaststelling van nieuwe wetgeving en uitvoering van ten dele vorig jaar al ingevoerde maatregelen om de achterstand bij de rechtbanken weg te werken. Het aantal lopende rechtszaken is daardoor aanzienlijk verminderd.

Over het algemeen is de hervorming van het openbaar bestuur het afgelopen jaar voortgezet. De ambtenarenwet en de wet inzake overheidsinstellingen moeten echter nog worden aangenomen. Deze wetten zijn een belangrijk onderdeel van de kaderwetgeving voor de hervorming van het openbaar bestuur, omdat zij de wettelijke basis vormen voor de onafhankelijkheid van het overheidsapparaat en de status van overheidsinstellingen. De inspanningen op dit terrein moeten worden voortgezet.

Er moet iets worden gedaan aan het optreden van de politie, met name in verband met gemelde gevallen van slechte behandeling.

Het toetredingspartnerschap voor 1999 noemt versnelling van de hervorming van het openbaar bestuur als een prioriteit voor de korte termijn. Deze kan als verwezenlijkt worden beschouwd. De vaststelling van wetgeving inzake overheidsinstanties, een prioriteit voor de middellange termijn, moet echter nog plaatsvinden. Slovenië heeft goede vooruitgang geboekt ten aanzien van de verbetering van het functioneren van de rechterlijke macht, een prioriteit voor de middellange termijn. Voortzetting van de inspanningen om grensgeschillen met Kroatië te beslechten is eveneens een prioriteit voor de middellange termijn, die thans is verwezenlijkt.

Slovenië is een functionerende markteconomie. Als het land de nog resterende hervormingen doorvoert om de concurrentie op de binnenlandse markten te stimuleren, kan het naar verwachting de concurrentiedruk en de marktkrachten binnen de Unie in de nabije toekomst het hoofd bieden.

De macro-economische ontwikkelingen zijn nog steeds over het algemeen gunstig: gestage groei van het BBP, lage werkgelegenheid en een teruggedrongen tekort op de lopende rekening. De nog resterende beperkingen op het kapitaalverkeer worden geleidelijk afgeschaft in het kader van een beleid van beheerste wisselkoersen.

De aanhoudende inflatie, in combinatie met de in de Sloveense economie wijdverbreide indexering en het monetair en wisselkoersbeleid, blijft echter zorgwekkend. De arbeidsmarkt is niet flexibel genoeg. Het functioneren van de markten zou kunnen worden verbeterd door de rol van de overheid in bepaalde gebieden van de economie te reduceren. De autoriteiten moeten nu doorgaan met de uitvoering van de aangekondigde structurele hervormingen en de privatisering in een aantal essentiële sectoren, zoals het bank- en verzekeringswezen. Daardoor zouden meer buitenlandse investeerders kunnen worden aangetrokken en een betere micro-economische basis kunnen worden gelegd voor aanhoudende groei op de middellange termijn. Door deze structurele maatregelen kan het monetair en wisselkoersbeleid zich concentreren op prijsstabiliteit in plaats van op handhaving van het externe concurrentievermogen. De lopende hervorming van de financiële sector zal ook een solider klimaat tot stand brengen voor de liberalisering van het kapitaalverkeer.

Slovenië heeft sinds het vorige periodieke verslag over het algemeen goede vorderingen gemaakt met de omzetting en uitvoering van het acquis. Aanzienlijke vooruitgang is geboekt op het gebied van vennootschapsrecht, landbouw, vervoer, energie, cultuur en de audiovisuele sector en telecommunicatie. Op andere terreinen is slechts beperkte vooruitgang te melden, zoals regionaal beleid, vrij verkeer van personen, sociaal beleid en werkgelegenheid, bescherming van de consument en gezondheid. De versterking van de bestuurlijke capaciteit is voortgezet, met name voor het vrije verkeer van goederen, telecommunicatie, cultuur en de audiovisuele sector en interne financiële controle.

Slovenië heeft sinds het vorige periodieke verslag goede vorderingen gemaakt met de vaststelling en uitvoering van wetgeving voor cruciale onderdelen van acquis inzake de interne markt. Er is aanzienlijke vooruitgang geboekt ten aanzien van het vennootschapsrecht. Het wetgevingskader is nu bijna voltooid. Het land moet zich nu richten op adequate uitvoering van de nieuwe bepalingen inzake intellectuele en industriële eigendomsrechten. Goede vooruitgang is ook geboekt wat het voltooien van het juridische kader voor het vrije verkeer van goederen betreft. Aandacht moet nu worden geschonken aan versterking van de institutionele structuur, onder meer het onlangs opgerichte normalisatie-instituut en de systemen voor markttoezicht. In de verslagperiode heeft Slovenië aanzienlijke vooruitgang geboekt met het verwijderen van beperkingen op het vrije verkeer van kapitaal. Dit proces moet echter nog worden afgerond volgens het door de regering vastgestelde tijdschema. Vorderingen zijn ook gemaakt wat de vrijheid van dienstverlening betreft. De aanpassing op dit terrein is vergevorderd. De toezichthoudende instanties op dit terrein moeten worden versterkt. Op het gebied van het concurrentiebeleid zijn weinig nieuwe ontwikkelingen te melden. De voorbereidingen op dit terrein waren echter al vergevorderd, en het land moet zich blijven richten op verbetering van de handhaving. Weinig vooruitgang is in de verslagperiode geboekt ten aanzien van het vrije verkeer van personen. Slovenië moet de aanpassing versnellen, in het bijzonder wat de wederzijdse erkenning van diploma's en de burgerrechten betreft.

Op het gebied van de belastingen maakt Slovenië nog steeds gestage vorderingen, en aan de verbintenis tot omvorming van de belastingvrije winkels is nu voldaan. Het is van belang dat Slovenië de IT-systemen ontwikkelt waarmee elektronisch gegevens kunnen worden uitgewisseld met de EG en haar lidstaten.

Zeer goede vooruitgang is geboekt bij de landbouw, met name door de vaststelling van nieuwe wetgeving op veterinair en fytosanitair gebied en inzake bescherming van planten. Prioriteit moeten nu hebben: versterking van de bestuurlijke capaciteit, voltooiing van de mechanismen voor het beheer van het gemeenschappelijk landbouwbeleid en de instelling van een adequate fytosanitaire en veterinaire inspectie.

Slovenië is ver gevorderd met de aanpassing van de wetgeving inzake vervoer: de belangrijkste wetten op het gebied van de luchtvaart, het zeevervoer en het vervoer over land zijn aanwezig. De toetredingsvoorbereidingen wat de sector energie betreft verlopen eveneens goed: een belangrijke stap was de openstelling van de binnenlandse elektriciteitsmarkt.

Slovenië heeft sinds het vorige periodieke verslag zeer weinig vooruitgang geboekt bij de toetredingsvoorbereidingen op het gebied van het regionaal beleid. De voorbereidingen voor de implementatie van de structuurfondsen moeten met voorrang worden versneld. De vooruitgang was in de verslagperiode ook beperkt wat werkgelegenheid en sociale zaken betreft: de vaststelling van de wet inzake arbeidsbetrekkingen heeft verdere vertraging opgelopen.

De aanpassing van de wetgeving op het gebied van het milieu is vergevorderd. Nu moet worden gewerkt aan vaststelling van de overige kernpunten van de wetgeving: waterkwaliteit, genetisch gemodificeerde organismen en stralingsbescherming. Weinig vorderingen zijn in de verslagperiode gemaakt op het gebied van consumentenbescherming. Hier moet nog veel werk worden verzet, met name wat niet-veiligheidsgerelateerde maatregelen betreft.

Slovenië heeft aanzienlijke vorderingen gemaakt wat de voltooiing van de aanpassing van de wetgeving en de tenuitvoerlegging van het acquis betreft op het gebied van telecommunicatie en cultuur en de audiovisuele sector. Belangrijke wetgeving is aangenomen en een telecommunicatie- en omroepautoriteit is ingesteld.

Enige vooruitgang is geboekt op het gebied van justitie en binnenlandse zaken, met name dankzij de vaststelling van het Schengen-actieplan en de uitbreiding van het personeel voor de verwerking van asielaanvragen. Slovenië moet blijven werken aan verbetering van de capaciteit en de infrastructuur voor de grenscontrole en het moet adequate voorzieningen treffen voor asielzoekers (gescheiden van het centrum voor illegale immigranten) en de resterende lacunes in de secundaire wetgeving aanvullen.

Slovenië heeft zijn wetgeving op het gebied van douane reeds vrij ver aangepast. De aandacht moet nu uitgaan naar de voltooiing van de aanpassing van de wetgeving en naar versterking van de douaneadministratie door voortzetting van de hervormingen. Ook moeten IT-systemen voor de uitwisseling van gegevens met de EG worden ontwikkeld.

Goede vorderingen zijn gemaakt op het gebied van externe financiële controle: een nieuwe wet inzake de rekenkamer is vastgesteld en de voorbereidingen op dit gebied verlopen voorspoedig. Aandacht moet nu worden geschonken aan versterking van de interne financiële controle van de overheid.

De bestuurlijke capaciteit van Slovenië voor de uitvoering van het acquis is versterkt. Sinds het vorige periodieke verslag is aanzienlijke vooruitgang geboekt bij de totstandbrenging van de instellingen voor tenuitvoerlegging, toezicht en regulering op het gebied van het vrije verkeer van goederen, telecommunicatie en cultuur en de audiovisuele sector. De institutionele structuren voor de uitvoering van het acquis zijn voor het grootste deel aanwezig. Er moet nu op worden toegezien dat deze instanties de beschikking krijgen over voldoende middelen om te kunnen functioneren. De bestuurlijke capaciteit op het gebied van het beheer van de structuurfondsen moet worden versterkt. Ook moet nog een onafhankelijke toezichthoudende autoriteit worden ingesteld voor gegevensbescherming. De noodzakelijke bestuurlijke capaciteit moet verder worden ontwikkeld om de EG-middelen op solide, efficiënte en controleerbare wijze te beheren.

De prioriteiten van het partnerschap voor toetreding voor de korte termijn wat betreft de economische criteria, de interne markt, landbouw, vervoer, milieu, werkgelegenheid en sociale zaken en justitie en binnenlandse zaken heeft Slovenië voor een groot deel verwezenlijkt. De prioriteiten op het gebied van de versterking van de bestuurlijke en justitiële capaciteit, onder meer op het gebied van beheer en controle van de EG-middelen, zijn ten dele verwezenlijkt. De aandacht moet nu in het bijzonder worden geconcentreerd op de resterende prioriteiten voor de korte termijn, met name de prioriteiten in verband met het beheer van de EG-middelen. Slovenië heeft ook goede vooruitgang geboekt bij de verwezenlijking van een aantal van de prioriteiten voor de middellange termijn. De voorbereidingen op het gebied van economische en sociale cohesie moeten worden versneld, en toegezien moet worden op de verwezenlijking van de prioriteiten ten aanzien van met name de economische criteria, de interne markt, de landbouw en werkgelegenheid en sociale zaken.

Turkije

De wijziging van de grondwet die op 3 oktober 2001 door het Turkse Parlement werd goedgekeurd is een belangrijke stap in de richting van betere garanties op het gebied van mensenrechten, de fundamentele vrijheden en een beperktere toepassing van de doodstraf. De wijzigingen verminderen het aantal gronden voor inperking van fundamentele vrijheden zoals de vrijheid van meningsuiting, van pers en van vergadering. De aandacht is nu gericht op de daadwerkelijke tenuitvoerlegging van deze belangrijke veranderingen. De Turkse regering werkt aan de afronding van een pakket nieuwe wetgeving, dat gericht is op de tenuitvoerlegging van een aantal grondwetswijzigingen, met name met betrekking tot de vrijheid van meningsuiting.. Dit zal het gemakkelijker maken vooruitgang te boeken bij het voldoen aan de prioriteiten van het toetredingspartnerschap.

Ondanks deze veranderingen blijft een aantal beperkingen van de fundamentele vrijheden bestaan. De mate waarin personen in Turkije daadwerkelijk verbetering bij het uitoefenen van de fundamentele vrijheden zullen ondervinden is afhankelijk van details van de uitvoeringsbepalingen in de wetgeving en de praktische toepassing daarvan. Het is bemoedigend dat een algemeen principe van proportionaliteit is ingevoerd en dat als algemeen doel van de hervormingen wordt opgegeven het verlenen van prioriteit aan de eerbiediging van de mensenrechten en de rechtsstaat.

Het moratorium op de doodstraf blijft gehandhaafd. Het herziene artikel 38 van de grondwet beperkt de doodstraf tot terroristische misdaden en tijden van oorlog of oorlogsdreiging. De gemaakte uitzondering voor terroristische misdaden strookt niet met protocol 6 van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens (EVRM) (dat geen enkele voorbehoud toestaat), terwijl de uitzondering in het geval van oorlogsmisdaden wel is toegestaan krachtens protocol 6.Veranderingen in het strafrecht zullen nodig zijn om het herziene artikel toe te passen. Op deze wijze kan beoordeeld worden of Turkije in staat is protocol 6 van de EVRM te ondertekenen en te ratificeren.

De hervormingen in verband met economische, sociale en culturele rechten bevatten een aantal positieve elementen. De bepalingen betreffende het verbod op het gebruik van bepaalde talen, in de artikelen 26 en 28, zijn nu afgeschaft. Dit zou het pad kunnen effenen voor het gebruik van andere talen dan uitsluitend Turks: een positieve ontwikkeling. Bestaande wettelijke beperkingen en praktijken zullen moeten worden gewijzigd om deze grondwetswijziging ten uitvoer te leggen, zoals de Turkse autoriteiten hebben ingezien. Er is geen verbetering opgetreden met betrekking tot de culturele rechten voor alle Turken, ongeacht hun etnische oorsprong.

Er is een aantal belangrijke wijzigingen van het gevangeniswezen vastgesteld. Turkije wordt aangemoedigd ervoor te zorgen dat deze hervormingen volledig worden uitgevoerd. Het disproportionele gebruik van geweld bij het optreden tegen gevangenisprotesten is betreurenswaardig. Het aanhoudende verlies van levens als gevolg van de hongerstakingen is uit humanitair oogpunt onaanvaardbaar. Ongeacht de politieke motieven van de betrokkenen moet er meer worden gedaan om sterfgevallen te voorkomen. Een vrij debat over deze kwesties zou moeten worden toegestaan.

De hervorming van het rechtsstelsel is begonnen. De onafhankelijkheid van het gerechtelijke apparaat, de bevoegdheden van de staatsveiligheidshoven en de militaire gerechtshoven en de compliantie met uitspraken van het Europees Hof voor de rechten van de mens blijven zorgen baren.

Een aantal initiatieven is ontplooid om ambtenaren die belast zijn met wetshandhaving en het gerechtelijk personeel bewust te maken van mensenrechtenkwesties, maar het is te vroeg om het effect ervan te beoordelen.

Ondanks diverse initiatieven om het Turkse openbare leven transparanter te maken blijft de corruptie een ernstig probleem. De recente ondertekening van belangrijke conventies van de Raad van de Europese Unie over corruptie en witwassen is een positieve ontwikkeling.

De economische situatie in het zuidoosten moet verder verbeteren door het wegnemen van regionale verschillen en het bevorderen van de economische, sociale en culturele kansen voor alle burgers. De noodtoestand is nog steeds van toepassing op vier provincies in dit deel van het land.

De basiskenmerken van een democratisch stelsel zijn in Turkije aanwezig, maar een aantal fundamentele kwesties zoals de civiele over het leger moeten worden aangepakt.

Ondanks een aantal administratieve en (grond)wetswijzigingen moet de mensenrechtensituatie in Turkije verbeterd worden.

Hoewel Turkije op een aantal terreinen vooruitgang begint te boeken, voldoet het nog niet aan de politieke criteria van Kopenhagen en wordt daarom aangemoedigd het hervormingsproces te intensiveren en te versnellen om ervoor te zorgen dat de mensenrechten en de fundamentele vrijheden volledig worden beschermd, bij wet en in de praktijk, voor alle burgers in het gehele land. Er moet meer gebruik worden gemaakt van de versterkte politieke dialoog om verdere vooruitgang te stimuleren op belangrijke prioriteiten van de toetredingspartnerschappen, zoals mensenrechten, Cyprus en de vreedzame regeling voor grensgeschillen.

Gelet op de steun van Ankara voor het besluit van de heer Denktash om zich terug te trekken uit de voorbereidende besprekingen van de VN (de zogenaamde "proximity talks") en om de uitnodiging van de secretaris-generaal van de VN voor besprekingen in New York af te slaan, moet de steun die Turkije heeft uitgesproken in de politieke dialoog voor de inspanningen van de secretaris-generaal van de VN om een alomvattende oplossing voor de kwestie Cyprus te vinden nu door concrete stappen worden gevolgd.

Als gevolg van twee financiële crises is Turkije niet in staat geweest vooruitgang te boeken op weg naar een functionerende markteconomie. Aanzienlijke delen van de economie zijn echter reeds concurrerend op de EU-markt, in het kader van de douane-unie met de EG.

De twee financiële crises hebben een halt toegeroepen aan het economisch herstel en betekenden het einde van het programma voor economische stabilisatie. De macro-economische stabiliteit heeft een zware klap gekregen en vele macro-economische onevenwichtigheden hebben opnieuw hun intrede gedaan. Turkije heeft een ambitieus programma voor economische hervormingen aangenomen en deels uitgevoerd, dat beter dan het voorgaande programma de risico's en kwetsbaarheden van de binnenlandse financiële sector aanpakt en gericht is op vermindering van overheidsmaatregelen op vele terreinen van de economie.

Deze problemen vormden de kern van de crisis. Prioriteit moet worden gegeven aan macro-economische stabiliteit op korte termijn, op basis van desinflatie. De autoriteiten moeten echter ook blijven werken aan een solide basis voor duurzame marktgerichte economische ontwikkeling op de middellange termijn. Significante herstructurering is noodzakelijk in diverse sectoren, zoals het bankwezen, de landbouw en bij de staatsbedrijven, om de concurrentiepositie van de economie als geheel op de middellange termijn te garanderen. De begrotingsprioriteiten zullen opnieuw moeten worden gedefinieerd, op middellange termijn, om te zorgen voor voldoende investeringen in onderwijs, gezondheid, sociale voorzieningen en de infrastructuur in het gehele land.

De aanpassing van Turkije aan het acquis is het verst gevorderd op terreinen die door de douane-unie worden bestreken. Sinds het vorige periodieke verslag is op deze terreinen verdere vooruitgang geboekt. Belangrijke wetgeving werd bovendien aangenomen voor de banksector (ook de centrale bank), en in sectoren als telecommunicatie, energie en landbouw. In sommige gevallen week de nieuwe wetgeving echter aanzienlijk af van het acquis (cosmetica, audiovisueel beleid, sociaal beleid). De belangrijkste discrepanties tussen het acquis en de Turkse wetgeving zijn gebleven. De vooruitgang bij het versterken van de administratieve capaciteit om het acquis uit te voeren is beperkt.

Wat betreft de interne markt zijn diverse wetten aangenomen en normen vastgesteld betreffende het vrije verkeer van goederen. Vooral het vaststellen van een kader voor technische wetgeving is significant. Verdere stappen moeten worden genomen op een aantal terreinen. De huidige regeling voor overheidsaanbestedingen strookt niet met het acquis. Er is geen vooruitgang op het gebied van vrij verkeer van personen. Op het terrein van vrij verkeer van kapitaal blijven belangrijke beperkingen op buitenlandse investeringen in diverse sectoren bestaan. Belangrijke inspanningen zijn nodig om de wetgeving op het gebied van niet-financiële diensten verder aan te passen. De tenuitvoerlegging van de wetgeving op het gebied van witwassen moet meer aandacht krijgen. Op het gebied van vennootschapsrecht is geen vooruitgang gemaakt bij het opstellen van een nieuwe handelscode. Belangrijke stappen zijn genomen om de wetgeving op het gebied van intellectuele eigendomsrechten aan te passen aan het acquis. Gespecialiseerde rechtbanken zijn opgezet op het terrein van bescherming van intellectuele eigendom, maar de handhavingscapaciteit op dit gebied moet nog worden versterkt. Op het gebied van concurrentiebeleid blijft de toepassing van anti-trustbepalingen bevredigend. Het beleid op het gebied van staatssteun is niet verenigbaar met het acquis. Ondanks een nieuwe wet behoeft de aanpassing van het monopolie op alcohol en tabak verdere aandacht.

Turkije is begonnen aan een aanzienlijke hervorming in de landbouwsector. Enkele van de basiskenmerken van het nieuwe Turkse beleid op het gebied van directe inkomenssteun verschillen van de huidige benadering in de EU. Turkije heeft een aantal basismechanismen nog niet ingesteld, zoals een nationaal kadaster. Turkije moet zich richten op de omzetting, uitvoering en handhaving van EG-wetgeving in de veterinaire en fytosanitaire sectoren.

Wat de visserij betreft is geen vooruitgang geboekt bij de aanpassing aan het gemeenschappelijk visserijbeleid. Het register van de visserijvloot moet worden gemoderniseerd.

Wat betreft het vervoerbeleid moet Turkije zich inzetten op het gebied van wetgeving die nodig is om het acquis over te nemen. De administratieve capaciteit om de desbetreffende wetgeving in alle sectoren toe te passen en uit te voeren moet worden verbeterd.

Op belastinggebied is aanzienlijke vooruitgang geboekt, vooral wat betreft de aanpassing van de tarieven die in het BTW-stelsel worden toegepast.

Op de meeste terreinen verschilt de Turkse statistische infra structuur nog zeer van die van de EU. Geen concrete vooruitgang kan worden gemeld.

Er zijn stappen genomen op het gebied van sociaal beleid en werkgelegenheid, maar deze zijn niet alle in overeenstemming met het acquis. De nieuwe wet op de economische en sociale raad bijvoorbeeld slaagt er niet in de omstandigheden te scheppen voor een echte sociale dialoog. De Turkse wetgeving verschilt nog steeds zeer sterk van die van de EG. Wat energie betreft is aanzienlijke vooruitgang geboekt op het gebied van elektriciteit en gas. De twee belangrijkste wetten die dit jaar zijn aangenomen zijn belangrijke stappen bij de voorbereiding van Turkije op de interne energiemarkt.

In de telecommunicatiesector moet het nieuwe regelgevend kader in overeenstemming worden gebracht met het acquis op terreinen als universele diensten en databescherming.

Wat betreft regionaal beleid heeft Turkije geen vooruitgang geboekt en is nog aanzienlijke aandacht nodig voor de voorbereiding op de tenuitvoerlegging van het structuurbeleid.

Op milieugebied is nieuwe wetgeving nodig waaronder een belangrijke kaderwet, die bij het Parlement is ingediend.

Op het gebied van justitie en binnenlandse zaken heeft Turkije onlangs drie belangrijke conventies van de Raad van de Europese Unie over witwassen en corruptiebestrijding ondertekend. Een bilaterale overeenkomst met Griekenland over misdaadbestrijding is in werking getreden.

Turkije heeft initiatieven genomen om zich aan te passen aan het visumbeleid van de EU en wederopnameovereenkomsten op het gebied van migratie te sluiten. De administratieve capaciteit op het gebied van grenscontrole en bestrijding van illegale immigratie moet worden versterkt.

Op het gebied van douane is de aanpassing bijna volledig.

Wat betreft financiële controle moeten de mechanismen voor begroting en financiële controle in de Turkse regering worden verbeterd.

De administratieve capaciteit op verschillende terreinen moet worden versterkt om ervoor te zorgen dat de uitvoering en handhaving van het acquis daadwerkelijk plaatsvinden. Een significante hervorming op alle niveaus van de administratie is vereist. Op sommige terreinen zal dit de oprichting van nieuwe structuren met zich meebrengen, bijvoorbeeld op het gebied van staatssteun en regionale ontwikkeling. Op sommige terreinen zijn nieuwe regelgevende instanties opgezet. Hun autonomie moet worden gegarandeerd, terwijl tegelijkertijd voldoende personeel en financiële middelen beschikbaar moeten worden gesteld.

Het Toetredingspartnerschap met Turkije werd in maart 2001 goedgekeurd en Turkije heeft aanzienlijke voorbereidende inspanningen gedaan voor de tenuitvoerlegging ervan. Turkije heeft een beter inzicht verworven in het acquis en de regering werkt intensief aan nieuwe wetgeving. Op de terreinen van vrij verkeer van goederen, intellectuele-eigendomsbescherming, energie, telecommunicatie en douane voldoen de genomen maatregelen deels aan de prioriteiten voor de korte termijn van het Toetredingspartnerschap. Aanzienlijke verdere inspanningen zijn nodig om te voldoen aan de kortetermijnprioriteiten van het Toetredingspartnerschap in verband met het acquis.

Bijlage 2: Belangrijkste statistische indicatoren van de kandidaat-lidstaten (2000)

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

Bronnen: Eurostat uit nationale bronnen

1) De methode voor het berekenen van het BBP in KKS werd sedert de verslagen van vorig jaar aangepast. De gegevens zijn derhalve niet vergelijkbaar.

2) Voor het berekenen van het BBP per hoofd werd gebruik gemaakt van gegevens betreffende de totale bevolking uit de nationale rekeningen, welke kunnen verschillen van die uit de demografische statistieken.

2000

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

3) Cijfers berekend aan de hand van bevolkingscijfers uit de nationale rekeningen, welke kunnen verschillen van die gebruikt in demografische statistieken.

4) Gegevens uit de betalingsbalansen

5) Voor Malta: ingeschreven werklozen

Bronnen: Eurostat uit nationale bronnen.

Bijlage 3: De pretoetredingsstrategie

De pretoetredingsstrategie is een combinatie van het vaststellen van prioriteiten, gekoppeld aan een aantal instrumenten met inbegrip van financiële bijstand, associatieovereenkomsten, deelname aan communautaire programma's en bureaus. Deze strategie helpt de kandidaat-lidstaten voorbereidingen te treffen voor hun lidmaatschap door de wetgeving vóór de toetreding aan te passen aan het acquis.

a) Vaststelling van prioriteiten

De Toetredingspartnerschappen vormen de hoeksteen van de pretoetredingsstrategie. De huidige toetredingspartnerschappen werden voor de kandidaat-lidstaten in Midden- en Oost-Europa in december 1999, voor Cyprus en Malta in maart 2000 en voor Turkije in maart 2001 goedgekeurd. Op basis van de analyse vervat in de periodieke verslagen worden hierin per land prioriteiten voorgesteld voor de korte en middellange termijn om te voldoen aan de toetredingscriteria. Verder staat erin hoeveel financiële bijstand de EU ter beschikking stelt voor de ondersteuning van deze prioriteiten en welke voorwaarden daaraan verbonden zijn.

De EU heeft nog geen beroep hoeven te doen op de in de verordening betreffende de toetredingspartnerschappen opgenomen conditionaliteitsclausule, die betrekking heeft op gevallen waarin onvoldoende vooruitgang is geboekt bij het voldoen aan de toetredingscriteria of waarin de verplichtingen van de associatieovereenkomst niet worden nagekomen. In een periodiek verslag worden zowel successen als tekortkomingen aangestipt.

Voorstellen betreffende de herziening van de toetredingspartnerschappen worden bij deze gelegenheid tegelijk met de periodieke verslagen bij de Raad ingediend. Zij hebben betrekking op de prioritaire gebieden waarop in 2002 en 2003 vooruitgang moet worden geboekt. Deze voorstellen worden ingediend voor alle landen met uitzondering van Turkije, waarvoor een herziening niet nodig is naar aanleiding van de recente goedkeuring van het lopende toetredingspartnerschap.

Het toetredingspartnerschap heeft tot gevolg dat ieder land zijn nationaal programma voor de overname van het acquis (NPOA) opstelt en geregeld herziet. In dit programma worden de menselijke en financiële hulpbronnen, en de tijdschema's die nodig zijn om te voorzien in de toetredingsprioriteiten aangegeven. Turkije heeft in 2001 voor het eerst een nationaal programma voor de overname van het acquis goedgekeurd, terwijl alle andere kandidaat-lidstaten hun programma's in de loop van het eerste halfjaar van 2001 hebben geüpdatet. In bepaalde landen maken de NPOA's inmiddels deel uit van het begrotingsproces. Elk periodiek verslag bevat een evaluatie van het NPOA.

b) Financiële bijstand

De kandidaat-lidstaten in Midden- en Oost-Europa ontvangen sinds het begin van het proces van omschakeling financiële bijstand van de EU via het PHARE-programma. Behalve het PHARE-programma zijn er nu twee nieuwe instrumenten die de landen voorbereiden op deelneming aan het cohesiefonds en de structuurfondsen. In het kader van ISPA wordt een bedrag van ruim 1 miljard EUR per jaar toegewezen voor investeringen in milieu- en vervoersinfrastructuur als voorbereiding op het cohesiefonds, terwijl in het kader van SAPARD wordt voorzien in ruim EUR 500 miljoen per jaar voor landbouw- en plattelandsontwikkeling ter voorbereiding van de deelneming aan de structuurfondsen voor landbouw en visserij.

PHARE heeft een jaarlijkse begroting van meer dan 1,6 miljard EUR. Het programma cofinanciert de institutionele opbouw en de daarmee gepaard gaande investeringen in de infrastructuur voor de tenuitvoerlegging van het acquis, en steun voor economische en sociale cohesie ten einde de kandidaat-lidstaten de tenuitvoerlegging van de structuurfondsen na de toetreding te helpen voorbereiden. Ongeveer een derde van de middelen worden aan elk van deze drie gebieden toegewezen.

De PHARE-steun voor institutionele opbouw helpt de kandidaat-lidstaten hun capaciteit om het acquis ten uitvoer te leggen en te doen naleven uit te breiden. Twinning is in dit verband het belangrijkste instrument. Het impliceert de detachering voor ten minste een jaar van ambtenaren van ministeries, regionale instanties, overheidsbureaus en beroepsorganisaties in de lidstaten naar soortgelijke instanties in de kandidaat-lidstaten. Het is in de landen van Midden- en Oost-Europa operationeel sedert 1998.

In het kader van de respectieve financiële instrumenten werd twinning naar Cyprus en Malta uitgebreid in 2001 en zal het eveneens voor Turkije worden toegepast vanaf 2002. Er lopen thans ongeveer 500 twinningprojecten met betrekking tot de meeste gebieden van het acquis (voor bijzonderheden zie bijlage 5).

Sedert het begin van dit jaar krijgen de kandidaat-lidstaten de gelegenheid op de ervaring van de lidstaten een beroep te doen voor kleinere projecten met een korte tot middellange looptijd via een nieuw mechanisme, "twinning light" genaamd. De eerste projecten gaan eind 2001 van start. Bovendien blijft TAIEX (Bureau voor de uitwisseling van informatie over technische bijstand) een bron van advies voor de korte termijn en voorziet SIGMA (gefinancierd uit PHARE en beheerd door de OESO) in advies aangaande horizontale overheidsfuncties in landen van Midden- en Oost-Europa, met de nadruk op hervorming van het overheidsapparaat, financiële controle en audit.

De tenuitvoerlegging van SAPARD wordt volledig gedecentraliseerd. Op basis van de door de Commissie goedgekeurde plannen inzake plattelandsontwikkeling cofinanciert SAPARD plattelandsontwikkelingsprojecten die geselecteerd zijn door de begunstigde landen. De implementatiestructuur omvat per land een SAPARD-bureau dat voor beheer en betalingen verantwoordelijk is en door de Commissie moet worden geaccrediteerd. Dit proces is gecompliceerder gebleken maar is nu aan de gang en gedeeltelijk tot voltooiing gekomen in Bulgarije en Estland. Naar aanleiding van de gerezen moeilijkheden moet het voor de andere kandidaat-lidstaten worden bespoedigd.

In het kader van ISPA heeft elk land nationale strategieën opgesteld voor vervoer en milieu; op basis waarvan de Commissie projecten heeft goedgekeurd voor het volledige voor het jaar 2000 beschikbare bedrag en met nagenoeg gelijke aandelen daarvan voor beide sectoren. Voor 2001 wordt een overeenkomstig resultaat verwacht.

De Europese Investeringsbank is in staat de landen van Midden- en Oost-Europa (waaronder eveneens enkele landen die geen toetredingskandidaat zijn) voor de periode 2000-2007 leningen te verstrekken voor in totaal meer den 17 miljard EUR (8,9 miljard EUR met communautaire begrotingsgarantie, 8,5 miljard EUR in een pretoetredingsfaciliteit zonder een dergelijke garantie). Naar verwachting zal in 2001 effectief voor in totaal 3,5 miljard EUR worden geleend.

De Raad heeft in maart 2000 een verordening inzake pretoetredingsprojecten goedgekeurd voor Cyprus en Malta. Deze voorziet in een financiële bijdrage ter hoogte van 95 miljoen EUR in de periode 2000-2004, bestemd voor de prioriteiten in het kader van de toetredingspartnerschappen. De begrotingstoewijzing voor 2000 bedraagt 6 miljoen EUR voor Malta en 9 miljoen EUR voor Cyprus. Beide landen komen in aanmerking voor de pretoetredingsfaciliteit van de EIB en voor de met 6,425 miljard EUR gedoteerde EIB-faciliteit voor de mediterrane landen. De EIB-leningen aan Cyprus hadden in 1999 een waarde van 200 miljoen EUR.

Turkije zal naar verwachting in 2001 financiële bijstand ten belope van 177 miljoen EUR ontvangen in het kader van MEDA en de twee verordeningen betreffende de Europese strategie/pretoetredingsstrategie. Deze middelen zijn beschikbaar voor structurele hervormingen, institutionele opbouw en investeringen in het acquis, zulks in overeenstemming met de voor de overige kandidaat-lidstaten geldende aanpak. De Commissie heeft een voorstel gedaan voor een nieuwe verordening inzake financiële bijstand met het oog op een toetredingsgerichte aanpak, en om beheer en procedures meer op één lijn te brengen met die voor het PHARE-programma. Deze verordening zal de rechtsgrond vormen voor één enkele begrotingslijn ter vervanging van de drie bestaande instrumenten (ofschoon Turkije in aanmerking blijft komen voor de MEDA-meerlandenprogramma's).

Turkije komt in aanmerking voor EIB-leningen in het kader van het zogenaamde Euromed II leningmandaat. Het gaat daarbij om 6,425 miljard EUR voor de periode januari 2000 tot januari 2007. Bovendien werd Turkije recentelijk aanvaard als in aanmerking komend voor de pretoetredingsfaciliteit van de EIB (zie boven). In 1999 stemde de EIB in met een lening ter waarde van 600 miljoen EUR voor de wederopbouw na de aardbeving. Een speciale actie ten belope van 450 miljoen EUR is in uitvoering. Bovendien is voor de heropbouw na de aardbeving een speciale faciliteit (TERRA) van 600 miljoen EUR beschikbaar. Turkije komt overigens nog in aanmerking voor een nieuwe "mediterrane partnerschapsfaciliteit" van 1 miljard EUR die voor de gehele regio is bedoeld.

De associatieovereenkomsten

De Europaovereenkomsten met de kandidaat-lidstaten van Midden- en Oost-Europa vormen een toetsingskader voor de overname van het acquis en de tenuitvoerlegging van de prioriteiten van de toetredingspartnerschappen. Het analytische onderzoek van het acquis heeft thans hoofdzakelijk plaats binnen de in het kader van deze overeenkomsten opgerichte subcomités (zie lager). Er werden gelijksoortige associatieovereenkomsten gesloten met de mediterrane kandidaat-lidstaten.

De Europaovereenkomsten met Hongarije en de Tsjechische Republiek zijn in respectievelijk juni 2000 en februari 2001 hun tweede etappe ingegaan. Deze houdt in beide gevallen een verdere liberalisering van voornamelijk de bepalingen inzake vestiging in. De Commissie bestudeert de mogelijkheid van overgang naar de tweede etappe voor Bulgarije, Polen, Roemenië en Slowakije. Voor Slovenië duurt de eerste etappe in beginsel tot 2003. Voor de Europaovereenkomsten met Estland, Letland en Litouwen is geen overgang naar de tweede etappe nodig.

Door het wegnemen van tarieven en kwantitatieve beperkingen voorzien de Europaovereenkomsten in de mogelijkheid van wederzijdse vrije handel in industrieproducten. Zij bevorderen op deze wijze een intensievere economische integratie met de EU. Er werden verdere wederzijdse handelsconcessies voor landbouwproducten op een autonome en wederzijdse basis overeengekomen met de Midden- en Oost-Europese kandidaat-lidstaten in juli 2000 (januari 2001 voor Litouwen), in afwachting van de vankrachtwording van aanvullende protocollen bij de Europaovereenkomsten. Onderhandelingen over verdere wederzijdse handelsconcessies voor landbouwproducten en soortgelijke onderhandelingen worden met Cyprus en Malta voorbereid. Verdere wederzijdse handelsconcessies betreffende be- en verwerkte landbouwproducten werden van kracht in september 2001 met Estland en in november 2001 met Slovenië. Met betrekking tot Bulgarije, Hongarije, Slowakije, Letland en Litouwen worden op dit ogenblik verdere handelsconcessies betreffende deze producten vastgelegd.

De protocollen inzake Europese overeenstemmingsbeoordeling (PEOB's) bij de Europovereenkomsten traden in werking op 1 juni met Hongarije en op 1 juli 2001 met de Tsjechische Republiek. Met Letland en Litouwen werden overeenkomsten betreffende soortgelijke protocollen geparafeerd, en met Estland, Slowakije en Slovenië zijn onderhandelingen aan de gang. De PEOB's zijn gericht op het vóór de toetreding tot de kandidaat-lidstaten uitbreiden van de regels van de interne markt betreffende overeenstemmingsbeoordeling voor fabrieksgoederen. In het kader van de PEOB's dienen de kandidaat-lidstaten voor bepaalde sectoren het acquis in te voeren. De EU en de kandidaat-lidstaat komen ook overeen dat zij elkaars technische organen voor de beoordeling van de overeenstemming van goederen met de wetgeving erkennen, waardoor technische controles aan grensovergangen overbodig worden.

Wat Turkije betreft, blijft de tenuitvoerlegging van de douane-unie de hoeksteen van de bilaterale betrekkingen. De in april 2000 geopende onderhandelingen over een overeenkomst voor de liberalisering van de diensten en de wederzijdse openstelling van de markten voor overheidsopdrachten zijn aan de gang.

Deelname aan communautaire programma's en organen

Alle kandidaat-lidstaten nemen, min of meer intensief, deel aan communautaire programma's. De kandidaat-lidstaten in Midden- en Oost-Europa nemen deel aan communautaire programma's, met name op het gebied van onderwijs, beroepsopleiding, jeugd, onderzoek, cultuur, de audiovisuele sector, energie, milieu, midden- en kleinbedrijf en volksgezondheid. Cyprus neemt deel aan bepaalde programma's betreffende de audiovisuele sector, onderwijs, beroepsopleiding, jeugd, wetenschappelijk onderzoek, het milieu en het midden- en kleinbedrijf, terwijl Malta deelneemt aan programma's betreffende wetenschappelijk onderzoek, onderwijs, beroepsopleiding en jeugd. Turkije neemt deel aan twee communautaire programma's (Life en het vijfde kaderprogramma voor onderzoek en technologische ontwikkeling). Aansluitend op de conclusies van de Europese Raad van Helsinki van december 1999 bereidt de Commissie volledige deelname van Turkije aan de programma's op het gebied van onderwijs, beroepsopleiding en jeugd voor. Er wordt met de Turkse overheid overlegd over de deelname aan andere communautaire programma's.

Zoals aangekondigd in het strategiedocument van vorig jaar worden, met het oog op stroomlijning van de procedures voor het deelnemen van de kandidaat-lidstaten aan de communautaire programma's, algemene associatieraadsbesluiten genomen voor elk van de landen van Midden- en Oost-Europa, en worden voor Cyprus, Malta en Turkije overeenkomsten gesloten. Deze nieuwe instrumenten zouden bedoelde deelname in aanzienlijke mate moeten vergemakkelijken. Op basis van deze instrumenten, waarbij de algemene beginselen voor deelname aan bestaande en toekomstige programma's worden vastgelegd, zullen de Commissie en de bevoegde instanties van de kandidaat-lidstaten onderhandelen over de voorwaarden voor deelname aan afzonderlijke programma's. De kandidaat-lidstaten kunnen verder gebruik maken van pretoetredingssteun voor het cofinancieren van de op hun deelname betrekking hebbende kosten.

Na de ratificatie van de desbetreffende overeenkomsten zullen alle 13 kandidaat-lidstaten in 2002 tot het Europees milieuagentschap toetreden. Binnenkort zullen ook met de meeste kandidaat-lidstaten soortgelijke overeenkomsten worden gesloten voor de deelname aan het Europees waarnemingscentrum voor drugs en drugsverslaving. Ten slotte worden ook voorbereidingen getroffen voor de deelname aan andere communautaire agentschappen.

Analytisch onderzoek van het acquis

Het analytische onderzoek van het acquis (screening) met de kandidaat-lidstaten, dat heeft helpen aangeven welke punten in de onderhandelingen aan de orde moesten worden gesteld, werd eind 1999 voltooid. Het nieuwe acquis dat in de loop van 2000 werd aangenomen en gepubliceerd, werd aan deze landen overgelegd, zodat zij in de context van de onderhandelingen met betrekking tot dit nieuwe acquis een standpunt kunnen innemen. Zoals in het strategiedocument van vorig jaar werd uiteengezet, worden de krachtens de associatieovereenkomsten ingestelde comités en subcomités gebruikt als een platform om het nieuwe acquis toe te lichten en de overname en tenuitvoerlegging ervan te bespreken. Bovendien werden er, waar zulks nodig was, vergaderingen georganiseerd om een aantal hoofdstukken, zoals bijvoorbeeld vervoer, landbouw of telecommunicatie, toe te lichten.

In 2002 zullen dezelfde procedures van toepassing zijn met de hierna omschreven uitzondering. Ten einde rekening te houden met het feit dat het afsluiten van de onderhandelingen met de landen welke de grootste vorderingen hebben gemaakt, op kortere termijn zal plaatshebben, wordt het nieuwe acquis aan de onderhandelende landen tweemaal overgelegd, te weten eenmaal bij de aanvang van het jaar voor het nieuwe acquis aangenomen in 2001 en een tweede maal bij de aanvang van het tweede halfjaar voor het nieuwe acquis aangenomen in het eerste halfjaar van 2002.

Op dezelfde wijze wordt met Turkije het proces van het analytische onderzoek van het acquis voorbereid in de context van de acht bij de associatieovereenkomst ingestelde subcomités, die met hun werkzaamheden in juni 2000 zijn begonnen. Elk subcomité is sedertdien reeds tweemaal bijeengekomen. De Commissie zal, overeenkomstig het verzoek van de Europese Raad van Santa Maria da Feira, in de vorm van een bijlage bij het periodiek verslag betreffende Turkije een verslag over de vorderingen bij de voorbereiding van het analytische onderzoek van het acquis bij de Raad indienen.

De Europese conferentie

De Europese conferentie werd opgezet als een forum voor politiek overleg over onderwerpen van gemeenschappelijk belang voor de EU-lidstaten en de kandidaat-lidstaten. Turkije neemt aan de Europese conferentie deel sedert de bijeenkomst op ministerieel niveau op 23 november 2000 in Sochaux. Een tweede conferentie - op het niveau van de staatshoofden en regeringsleiders op 2 december 2000 - was gewijd aan de institutionele hervormingen en de werking van de Unie op langere termijn.

Op de Europese Raad van Nice werd voorgesteld "de landen die deelnemen aan het stabilisatie- en associatieproces alsmede de EVA-landen als toekomstige leden uit te nodigen". Op de Europese Raad van Göteborg werd verklaard dat "de Europese Conferentie in haar huidige samenstelling onder het Belgische Voorzitterschap zou bijeenkomen", en dat "om het partnerschap tussen de Unie en Oekraïne en Moldavië te versterken, deze landen vervolgens uitgenodigd zouden worden aan de Conferentie deel te nemen". Op de laatste bijeenkomst van de Europese Conferentie op ministerieel niveau op 20 oktober 2001 te Brussel, waar blijk werd gegeven van een opmerkelijke eensgezindheid, werd de bestrijding van het internationale terrorisme besproken.

Bijlage 4: Per 30 september 2001 door de kandidaat-lidstaten geratificeerde mensenrechtenverdragen

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

X = geratificeerd

O = NIET geratificeerd

BG=Bulgarije; CY=Cyprus; CZ=Tsjechische Republiek; EE=Estland; HU=Hongarije; LV=Letland; LT=Litouwen; MT=Malta; PL=Polen; RO=Roemenië; SK= Slowaakse Republiek; SV=Slovenië; T=Turkije.

Bijlage 5: Twinningprojecten in 1998-2001

TWINNINGPROJECTEN MET PHARE-FINANCIERING 1998-2001

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

TWINNINGPROJECTEN 1998-2001* MET LIDSTATEN ALS LEIDER OF PARTNER

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

*) Voor 2001 zijn nog niet alle twinningpartners gekozen. .

**) Dit is niet het totale aantal projecten: aan de meeste daarvan wordt door meer dan één lidstaat deelgenomen.

Bijlage 6: Stand van de onderhandelingen per 26 oktober 2001

>RUIMTE VOOR DE TABEL>