Ontwerp Besluit van de vertegenwoordigers van de regeringen van de lidstaten, in het kader van de Raad bijeen, inzake voorlopige toepassing van het Intern Akkoord betreffende de financiering en het beheer van de steun van de Gemeenschap in het kader van het Financieel Protocol bij de Partnerschapsovereenkomst tussen de staten in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan en de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, ondertekend in Benin op 23 juni 2000, en de toewijzing van financiële bijstand ten behoeve van de landen en gebieden overzee waarop de bepalingen van het vierde deel van het EG-verdrag van toepassing zijn /* SEC/2000/1359 def. */
Ontwerp BESLUIT van de vertegenwoordigers van de regeringen van de lidstaten, in het kader van de Raad bijeen, inzake voorlopige toepassing van het Intern Akkoord betreffende de financiering en het beheer van de steun van de Gemeenschap in het kader van het Financieel Protocol bij de Partnerschapsovereenkomst tussen de staten in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan en de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, ondertekend in Benin op 23 juni 2000, en de toewijzing van financiële bijstand ten behoeve van de landen en gebieden overzee waarop de bepalingen van het vierde deel van het EG-verdrag van toepassing zijn (door de Commissie ingediend) TOELICHTING Op de ministersconferentie van 2 en 3 februari 2000 zijn de onderhandelingen over een nieuwe ACS-EG-Partnerschapsovereenkomst afgesloten. De overeenkomst is op 23 juni 2000 ondertekend in Cotonou (Benin) en zal vervolgens ter ratificatie worden voorgelegd. De ACS-EG-Raad van Ministers heeft overgangsmaatregelen vastgesteld om de voorlopige toepassing van delen van de nieuwe Partnerschapsovereenkomst met ingang van 2 augustus 2000 mogelijk te maken. Bepalingen met betrekking tot het vrijgeven en de aanwending van financiële middelen en instrumenten van het negende EOF kunnen echter pas van kracht worden wanneer het aan de nieuwe overeenkomst gehechte protocol in werking is getreden. De financiële samenwerking in de tussenliggende periode zal daarom gefinancierd worden met de middelen die nog resteren van het achtste of eerdere EOF's. De programmering van de in het kader van het negende EOF beschikbare middelen kan daarentegen al worden gestart vóór het nieuwe financieel protocol in werking treedt. Bij die programmering kunnen middelen die onder het negende EOF beschikbaar komen indicatief worden toegewezen, maar nog niet worden vastgelegd. Overeenkomstig artikel 5 van het besluit inzake de overgangsmaatregelen neemt de Gemeenschap passende maatregelen voor de tenuitvoerlegging van de overgangsmaatregelen. Om het negende EOF onmiddellijk te kunnen uitvoeren zodra de middelen beschikbaar komen, dienen de passende besluitvormingsprocedures inzake de programmeringsbesluiten en de voorbereiding derhalve gereed te zijn. De Commissie stelt daarom voor de desbetreffende bepalingen van het Intern Akkoord tot oprichting van het negende EOF voorlopig toe te passen. Een ontwerp daarvoor heeft zij reeds ingediend [1]. Deze aanpak komt overeen met de procedure die is gevolgd bij de overgang van het zevende naar het achtste EOF [2]. [1] COM (2000) ... [2] PB L 327 van 30.12.1995, blz. 16. De Commissie stelt derhalve voor dat de vertegenwoordigers van de regeringen van de lidstaten bijgaand besluit goedkeuren. Ontwerp BESLUIT van de vertegenwoordigers van de regeringen van de lidstaten, in het kader van de Raad bijeen, inzake voorlopige toepassing van het Intern Akkoord betreffende de financiering en het beheer van de steun van de Gemeenschap in het kader van het Financieel Protocol bij de Partnerschapsovereenkomst tussen de staten in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan en de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, ondertekend in Benin op 23 juni 2000, en de toewijzing van financiële bijstand ten behoeve van de landen en gebieden overzee waarop de bepalingen van het vierde deel van het EG-verdrag van toepassing zijn DE VERTEGENWOORDIGERS VAN DE REGERINGEN VAN DE LIDSTATEN VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAP, IN HET KADER VAN DE RAAD BIJEEN, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, Gelet op het ontwerp dat door de Commissie werd ingediend, Overwegende hetgeen volgt: (1) Op 2 en 3 februari 2000 werden in Brussel de onderhandelingen over een nieuwe ACS-EG-Partnerschapsovereenkomst afgesloten. De overeenkomst zal pas in werking treden wanneer het ratificatieproces overeenkomstig artikel 93 van de overeenkomst is afgerond. (2) Het ACS-EG-Comité van Ambassadeurs nam op 28 februari 2000 een besluit tot vaststelling van overgangsmaatregelen die tot 1 augustus 2000 van toepassing zijn. (3) Overeenkomstig artikel 366, lid 3 van de vierde ACS-EG-Overeenkomst zoals gewijzigd bij de overeenkomst die op 4 november 1995 op Mauritius werd ondertekend, heeft de ACS-EG-Raad van Ministers overgangsmaatregelen goedgekeurd om de periode van 2 augustus 2000 tot het tijdstip waarop de overeenkomst in werking treedt te overbruggen. (4) Overeenkomstig artikel 5 van bovengenoemde overgangsmaatregelen neemt de Gemeenschap de voor elk van deze overgangsmaatregelen passende maatregelen voor de tenuitvoerlegging ervan. (5) De lidstaten hebben, in het kader van de Raad bijeen, overeenstemming bereikt over een Intern Akkoord betreffende de financiering en het beheer van de steun van de Gemeenschap aan de ACS-landen, dat overeenstemt met de bepalingen inzake de programmering en de tenuitvoerlegging van de overeenkomst. De overeenkomst treedt niet eerder in werking treden dan nadat alle lidstaten de overeenkomst overeenkomstig hun grondwet hebben goedgekeurd, BESLUITEN: Artikel 1 De volgende bepalingen van het Intern Akkoord voor het negende Europees Ontwikkelingsfonds worden met ingang van de datum waarop dit besluit wordt goedgekeurd voorlopig toegepast: (a) De artikelen 14 tot en met 16 en artikel 19, lid 1 tot en met lid 4, betreffende de tenuitvoerlegging van het programmeringsproces; (b) De artikelen 21 tot en met 27, met het oog op de tenuitvoerlegging van het programmeringsproces; (c) De artikelen 29 en 30, met het oog op de voorbereiding van de werking van de investeringsfaciliteit; en (d) Artikel 31, met het oog op de goedkeuring van het Financieel Reglement. Artikel 2 Dit besluit blijft van kracht tot de inwerkingtreding van het Intern Akkoord, doch niet langer dan tot 1 juni 2002. De vertegenwoordigers van de regeringen van de lidstaten kunnen besluiten de geldigheidsduur van dit besluit te verlengen. Dit besluit wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen. Gedaan te Brussel, Voor de Raad De Voorzitter