Voorstel voor een beschikking van de Raad waarbij Italië wordt gemachtigd, in overeenstemming met de procedure van artikel 8, lid 4, van Richtlijn 92/81/EEG, een verlaagd accijnstarief toe te passen op bepaalde minerale oliën die gebruikt worden voor bijzondere doeleinden /* COM/2000/0614 def. */
Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD waarbij Italië wordt gemachtigd, in overeenstemming met de procedure van artikel 8, lid 4, van Richtlijn 92/81/EEG, een verlaagd accijnstarief toe te passen op bepaalde minerale oliën die gebruikt worden voor bijzondere doeleinden (door de Commissie ingediend) TOELICHTING Uit hoofde van artikel 8, lid 4, van Richtlijn 92/81/EEG van de Raad betreffende de harmonisatie van de structuur van de accijns op minerale oliën [1], kan de Raad op voorstel van de Commissie met eenparigheid van stemmen besluiten dat een lidstaat uit specifieke beleidsoverwegingen verdere vrijstellingen of verlagingen mag invoeren. [1] PB L 316, 31.10.92, blz. 12. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 94/74/EG (PB L 365, 31.12.94, blz. 46). De Italiaanse autoriteiten hebben de Commissie in kennis gesteld van hun voornemen het wateraandeel van gestabiliseerde water-dieselemulsies en emulsies van water en zware stookolie van accijns vrij te stellen. De water-dieselemulsie wordt gebruikt als motorbrandstof en als brandstof voor verwarming. De emulsie van water en zware stookolie wordt gebruikt als brandstof voor verwarming, en voor industriële doeleinden. Overeenkomstig artikel 2, lid 2, en artikel 2, lid 3, van Richtlijn 92/81/EEG is het wateraandeel van emulsies van water en minerale oliën onderworpen aan accijns, indien de emulsie wordt gebruikt als brandstof voor verwarming of als motorbrandstof. Het wateraandeel in de emulsie draagt echter niet bij tot het vrijkomen van energie, maar ondersteunt slechts de verbranding van de brandstof, waardoor verontreinigende emissies worden verminderd. De Italiaanse autoriteiten zijn derhalve voornemens het wateraandeel vrij te stellen van accijns. Italië verzoekt derhalve om machtiging om het wateraandeel van de betreffende water-dieselemulsies en emulsies van water en zware stookolie vanaf 1 oktober 2000 vrij te stellen van accijns. De specifieke beleidsoverweging bestaat erin dat moet worden gezorgd voor een eerlijke en billijke belasting en dat het gebruik van een milieuvriendelijker brandstof moet worden aangemoedigd. De hieruit voortvloeiende gedifferentieerde accijnstarieven op deze brandstoffen mogen niet lager zijn dan de in Richtlijn 92/82/EEG [2] vastgestelde minimumtarieven. [2] PB L 316, 31.10.92, blz. 19. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 94/74/EG (PB L 365, 31.12.94, blz. 46). Dit verzoek is overeenkomstig Richtlijn 92/81/EEG aan de overige lidstaten medegedeeld. Richtlijn 92/81/EEG voorziet erin dat de Commissie op gezette tijden deze vrijstellingen en verlagingen onderzoekt. Indien de Commissie van oordeel is dat deze niet langer mogen worden toegepast omdat zij de concurrentie of de werking van de interne markt verstoren of onverenigbaar zijn met het beleid van de Gemeenschap inzake milieubescherming, dient zij bij de Raad passende voorstellen in. Deze afwijking moet in ieder geval en uiterlijk op 31 december 2005, de datum waarop de bij deze beschikking verleende machtiging verstrijkt, worden onderzocht. De Raad zal de situatie opnieuw onderzoeken op basis van een voorstel van de Commissie en zal nagaan of de op grond van artikel 1 van deze beschikking verleende machtiging moet worden ingetrokken, gewijzigd of bevestigd. Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD waarbij Italië wordt gemachtigd, in overeenstemming met de procedure van artikel 8, lid 4, van Richtlijn 92/81/EEG, een verlaagd accijnstarief toe te passen op bepaalde minerale oliën die gebruikt worden voor bijzondere doeleinden DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, Gelet op Richtlijn 92/81/EEG van de Raad van 19 oktober 1992 betreffende de harmonisatie van de structuur van de accijns op minerale oliën [3], inzonderheid op artikel 8, lid 4, [3] PB L 316, 31.10.92, blz. 12. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 94/74/EG (PB L 365, 31.12.94, blz. 46). Gezien het voorstel van de Commissie, Overwegende hetgeen volgt: (1) De Raad kan uit hoofde van artikel 8, lid 4, van Richtlijn 92/81/EEG op voorstel van de Commissie met eenparigheid van stemmen besluiten dat een lidstaat uit specifieke beleidsoverwegingen vrijstellingen of verlagingen op accijnstarieven op minerale oliën mag invoeren. (2) De Italiaanse autoriteiten hebben de Commissie in kennis gesteld van hun voornemen het wateraandeel van gestabiliseerde water-dieselemulsies en emulsies van water en zware stookolie van accijns vrij te stellen. De water-dieselemulsie wordt gebruikt als motorbrandstof en als brandstof voor verwarming. De emulsie van water en zware stookolie wordt gebruikt als brandstof voor verwarming, en voor industriële doeleinden. (3) Overeenkomstig artikel 2, lid 2, en artikel 2, lid 3, van Richtlijn 92/81/EEG is het wateraandeel van emulsies van water en minerale oliën onderworpen aan accijns, indien de emulsie wordt gebruikt als brandstof voor verwarming of als motorbrandstof. Het wateraandeel in de emulsie draagt echter niet bij tot het vrijkomen van energie, maar ondersteunt slechts de verbranding van de brandstof, waardoor verontreinigende emissies worden verminderd. De Italiaanse autoriteiten zijn derhalve voornemens het wateraandeel vrij te stellen van accijns. (4) Dit verzoek is medegedeeld aan de overige lidstaten. (5) De Commissie en alle lidstaten zijn het er over eens dat het vrijstellen van accijns van het wateraandeel van water-dieselemulsies en emulsies van water en zware stookolie niet zal leiden tot verstoring van de concurrentie en de werking van de interne markt niet zal hinderen. (6) Deze beschikking doet geen afbreuk aan de resultaten van procedures met betrekking tot steunmaatregelen van de staten die in overeenstemming met de artikelen 87 en 88 van het Verdrag kunnen worden ingesteld, en ook niet aan het vereiste dat de lidstaten, overeenkomstig artikel 88 van het Verdrag, de Commissie in kennis moeten stellen van gevallen van potentiële steunmaatregelen van de staten. (7) De Commissie onderzoekt deze verlagingen en vrijstellingen op gezette tijden om na te gaan of zij de concurrentie of de werking van de interne markt niet verstoren dan wel niet verenigbaar zijn met het beleid van de Gemeenschap op het gebied van milieubescherming. (8) Teneinde te zorgen voor een eerlijke en billijke belasting en het gebruik van milieuvriendelijkere brandstoffen aan te moedigen, heeft Italië verzocht om machtiging om het betreffende wateraandeel van water-dieselemulsies en emulsies van water en zware stookolie vanaf 1 oktober 2000 vrij te stellen van accijns. (9) De hieruit voortvloeiende gedifferentieerde accijnstarieven op deze brandstoffen mogen niet lager zijn dan de in Richtlijn 92/82/EEG [4] vastgestelde minimumtarieven. [4] PB L 316, 31.10.92, blz. 19. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 94/74/EG (PB L 365, 31.12.94, blz. 46). (10) De Raad moet uiterlijk op 31 december 2005, de datum waarop de bij deze beschikking verleende machtiging verstrijkt, deze beschikking op basis van een voorstel van de Commissie opnieuw onderzoeken, HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN: Artikel 1 Overeenkomstig artikel 8, lid 4, van Richtlijn 92/81/EEG, wordt Italië gemachtigd van 1 oktober 2000 tot en met 31 december 2005 gedifferentieerde accijnstarieven toe te passen op water-dieselemulsies en emulsies van water en zware stookolie, op voorwaarde dat de gedifferentieerde tarieven in overeenstemming zijn met de verplichtingen die zijn vervat in Richtlijn 92/82/EEG van de Raad van 19 oktober 1992 betreffende de onderlinge aanpassing van de accijnstarieven voor minerale oliën [5], inzonderheid de in artikel 5 en artikel 6 vastgestelde minimumtarieven. [5] PB L 316, 31.10.92, blz. 19. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 94/74/EG (PB L 365, 31.12.94, blz. 46). Artikel 2 Deze beschikking is gericht tot Italië. Gedaan te Brussel, op Voor de Raad De voorzitter