Voorstel voor een richtlijn van de Raad betreffende de harmonisatie van de voornaamste bepalingen inzake de exportkredietverzekering op middellange en lange termijn /* COM/97/0264 def. - ACC 97/0166 */
Publicatieblad Nr. C 213 van 15/07/1997 blz. 0015
Voorstel voor een richtlijn van de Raad betreffende de harmonisatie van de voornaamste bepalingen inzake de exportkredietverzekering op middellange en lange termijn (97/C 213/10) (Voor de EER relevante tekst) COM(97) 264 def. - 97/0166(ACC) (Door de Commissie ingediend op 26 juni 1997) DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, inzonderheid op artikel 113, Gezien het voorstel van de Commissie, Gezien het advies van het Europees Parlement, (1) Overwegende dat de exportkredietverzekering op middellange en lange termijn in het internationale handelsverkeer een doorslaggevende rol speelt en een belangrijk handelspolitiek instrument is; (2) Overwegende dat de exportkredietverzekering op middellange en lange termijn in de handelsbetrekkingen met ontwikkelingslanden een belangrijke rol vervult en bevorderlijk is voor de integratie van die landen in de wereldeconomie, hetgeen een van de doelstellingen van het ontwikkelingsbeleid van de Gemeenschap is; (3) Overwegende dat de verschillen tussen de publieke stelsels voor exportkredietverzekering op middellange en lange termijn die thans in de lidstaten opereren wat de voornaamste dekkingselementen, premies en dekkingsbeleid betreft tot concurrentievervalsing tussen de ondernemingen in de Gemeenschap kunnen leiden; (4) Overwegende dat, gezien artikel 3 B, derde alinea, van het Verdrag de in deze richtlijn voorziene maatregelen niet verder dienen te gaan dan hetgeen nodig is om de doelstelling te verwezenlijken, van de harmonisatie die noodzakelijk is om te waarborgen dat exportbeleid op eenvormige beginselen wordt gebaseerd en dat de concurrentie tussen ondernemingen in de Gemeenschap niet wordt vervalst; (5) Overwegende dat het, om bestaande concurrentievervalsing geringer te doen zijn, wenselijk is dat de verschillende overheidsregelingen voor exportkredietverzekering, zoals in artikel 112 van het Verdrag voorzien, op basis van eenvormige beginselen op zodanige wijze worden geharmoniseerd dat zij een onderdeel van het gemeenschappelijk handelsbeleid vormen; (6) Overwegende dat het opzetten door de regeringen (of door speciale, door regeringen gecontroleerde instellingen) van exportkredietgarantie- of verzekeringsprogramma's tegen premies die ontoereikend zijn om de werkingskosten en verliezen op lange termijn van de programma's te dekken in de Overeenkomst inzake subsidies en compenserende maatregelen die in het raam van de multilaterale onderhandelingen van de Uruguay-ronde (1986-1994) (1) (zie artikel 3, lid 1, onder a), en bijlage I, onder j), als verboden exportsubsidies worden beschouwd; (7) Overwegende dat de door kredietverzekeraars berekende premies met de verzekerde risico's in overeenstemming zouden moeten zijn; (8) Overwegende dat harmonisatie de samenwerking tussen de kredietverzekeraars die namens of met steun van de staat handelen zou bevorderen en die tussen de ondernemingen in de Gemeenschap zou versterken, hetgeen in overeenstemming is met artikel 130 van het Verdrag; (9) Overwegende dat zowel harmonisatie als samenwerking belangrijke, zo niet doorslaggevende factoren zijn voor het concurrentievermogen van de communautaire export naar markten buiten de Gemeenschap; (10) Overwegende dat de Commissie in haar Witboek over de voltooiing van de interne markt, dat door de Europese Raad in juni 1985 werd aangenomen, op het belang heeft gewezen van een klimaat dat tot de samenwerking tussen ondernemingen in de Gemeenschap leidt; (11) Overwegende dat de Raad bij beschikking (2) van 27 september 1960 een Groep heeft opgericht belast met de cooerdinatie van het beleid inzake kredietverzekering, garanties en financieringskredieten; (12) Overwegende dat deze Groep op 15 mei 1991 deskundigen uit elke lidstaat van destijds, de zogenaamde "Groep Deskundigen Interne Markt 1992" opdracht heeft gegeven voorstellen te doen, welke voorstellen zijn opgenomen in verslagen die op 27 maart 1992, 11 juni 1993 en 9 februari 1994 zijn ingediend; (13) Overwegende dat Richtlijn 70/509/EEG van de Raad van 27 oktober 1970 betreffende de invoering van een gemeenschappelijke kredietverzekeringspolis voor transacties op middelange en lange termijn met overheidsafnemers (3), laatstelijk gewijzigd bij de Akte van Toetreding van Oostenrijk, Finland en Zweden, en Richtlijn 70/510/EEG van de Raad van 27 oktober 1970 betreffende de invoering van een gemeenschappelijke kredietverzekeringspolis voor transacties op middellange en lange termijn met particuliere afnemers (4), laatstelijk gewijzigd bij de Akte van Toetreding van Oostenrijk, Finland en Zweden, dienen te worden ingetrokken; (14) Overwegende dat dit eerste voorstel tot harmonisering van de exportkredietverzekering als een stap dient te worden beschouwd in de richting van convergentie van de verschillende stelsels van de lidstaten, die door andere voorstellen dient te worden gevolgd om aan elke resterende vorm van concurrentievervalsing een einde te maken, HEEFT DE VOLGENDE RICHTLIJN VASTGESTELD: Artikel 1 Toepassingsgebied De richtlijn is van toepassing op de dekking van exporttransacties die betrekking hebben op de goederen en/of diensten die hun oorsprong in een lidstaat hebben, voorzover die dekking, rechtstreeks of onrechtstreeks, voor rekening of met steun van een of meer lidstaten wordt verleend en waarvoor een terugbetalingstermijn van twee jaar of langer of een fabricagetermijn en een terugbetalingstermijn van in totaal twee jaar of langer geldt. Deze richtlijn is niet van toepassing op dekking voor vooruitbetaling, uitvoering en de inhouding van garantiebedragen. Zij is evenmin van toepassing op de dekking van risico's met betrekking tot bouwmateriaal en -uitrusting indien die ter plaatse bij de uitvoering van het handelscontract worden gebruikt. Artikel 2 Verplichtingen van de lidstaten De lidstaten dragen ervoor zorg dat de instellingen die door rekening of met steun van de staat in de vorm van exportkredietverzekering of exportkredietgaranties dekking verlenen, hierna "verzekeraars" genoemd, onder het toepassingsgebied van deze richtlijn vallende exporttransacties die gericht zijn op landen buiten de Gemeenschap en door afnemers- of leverancierskrediet worden gefinancierd of contant worden betaald, in overeenstemming met de bepalingen in de bijlage verzekeren. Artikel 3 Comité De Commissie wordt bijgestaan door een comité bestaande uit vertegenwoordigers van de lidstaten en voorgezeten door een vertegenwoordiger van de Commissie. De vertegenwoordiger van de Commissie legt het comité een ontwerp van de te nemen maatregelen voor. Het comité brengt over dit ontwerp advies uit binnen een termijn die de voorzitter kan vaststellen naargelang de urgentie van de materie. Het comité spreekt zich uit met de meerderheid van stemmen die in artikel 148, lid 2, van het Verdrag is voorgeschreven voor de aanneming van de besluiten die de Raad op voorstel van de Commissie dient te nemen. Bij stemming in het comité worden de stemmen van de vertegenwoordigers van de lidstaten gewogen overeenkomstig genoemd artikel. De voorzitter neemt niet aan de stemming deel. De Commissie stelt maatregelen vast die onmiddellijk van toepassing zijn. Indien deze maatregelen echter niet in overeenstemming zijn met het advies dat het comité heeft uitgebracht, worden zij onverwijld door de Commissie ter kennis van de Raad gebracht. In dat geval kan de Commissie de toepassing van de maatregelen waartoe zij heeft besloten voor ten hoogste één maand na deze kennisgeving uitstellen. De Raad kan binnen de in de voorgaande alinea genoemde termijn met een gekwalificeerde meerderheid van stemmen een andersluitend besluit nemen. Artikel 4 Toepassing van de procedure van het comité De besluiten bedoeld in de punten 47, 50 en 51 van de bijlage worden overeenkomstig de procedure van artikel 3 genomen. Artikel 5 Verslaglegging en herziening De Commissie brengt vóór 31 december 2000 bij het Europees Parlement en de Raad verslag uit over de bij de toepassing van de bepalingen van deze richtlijn verworven ervaring. De Commissie zal in haar streven om de nationale stelsels voor exportkredietverzekering sterker te doen convergeren en om de resterende concurrentieverstoringen tussen verzekerden in de Gemeenschap weg te nemen, indien nodig voorstellen tot wijziging van deze richtlijn doen. Artikel 6 Verband met andere procedures De in deze richtlijn vervatte procedures vormen een aanvulling op die welke zijn vastgesteld bij Beschikking 73/391/EEG van de Raad (5). Artikel 7 Intrekkingen Richtlijn 70/509/EEG en Richtlijn 70/510/EEG worden ingetrokken. Artikel 8 Omzetting De lidstaten doen vóór 30 september 1998 de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in werking treden om aan deze richtlijn te voldoen. Zij stellen de Commissie daarvan onverwijld in kennis. Wanneer de lidstaten deze bepalingen aannemen, wordt in die bepalingen naar de onderhavige richtlijn verwezen of wordt hiernaar verwezen bij de officiële bekendmaking van die bepalingen. De regels voor deze verwijzing worden vastgesteld door de lidstaten. Artikel 9 Inwerkingtreding Deze richtlijn treedt in werking op de twintigste dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen. Artikel 10 Adressaten Deze richtlijn is gericht tot de lidstaten. (1) PB nr. L 366 van 23. 12. 1994, blz. 156. (2) PB nr. 66 van 27. 10. 1960, blz. 1339/60. (3) PB nr. L 254 van 23. 11. 1970, blz. 1. (4) PB nr. L 254 van 23. 11. 1970, blz. 26. (5) PB nr. L 346 van 17. 12. 1973, blz. 1. BIJLAGE GEMEENSCHAPPELIJKE BEGINSELEN VOOR DE EXPORTKREDIETVERZEKERING HOOFDSTUK I: BESTANDDELEN VAN DE DEKKING Afdeling 1: Algemene beginselen en definities 1. Toepassingsgebied van de algemene beginselen a) De in deze bijlage omschreven algemene beginselen zijn van toepassing op dekking voor leverancierskrediettransacties met openbare of met particuliere afnemers en op dekking voor afnemerskrediettransacties met openbare of met particuliere leningnemers. b) De gemeenschappelijke beginselen zijn van toepassing op de dekking van alle in punt 4 omschreven risico's. De verzekeraar kan echter in elk afzonderlijk geval beslissen de dekking tot bepaalde risico's te beperken. c) Indien alle verplichtingen van een particuliere schuldenaar volledig en onvoorwaardelijk door een openbaar lichaam worden gegarandeerd, zijn de gemeenschappelijke beginselen voor openbare schuldenaren van toepassing. Onder "schuldenaar" wordt in deze bijlage de in punt 1, onder a), bedoelde afnemer of leningnemer verstaan, of hun garant wat de verzekerde transactie betreft. 2. Kenmerken van leverancierskrediet a) Onder "leverancierskrediet" wordt verstaan, een handelscontract tussen een of meer leveranciers en een of meer afnemers dat in de uitvoer van goederen en/of diensten van oorsprong uit een lidstaat voorziet, waarbij de afnemer(s) zich ertoe verbind(t)(en) de leverancier(s) contant of op kredietvoorwaarden te betalen. b) De bepalingen betreffende de dekking van leverancierskrediet zijn van toepassing wanneer dekking wordt verleend aan een overeenkomstig artikel 58 van het EG-Verdrag in een lidstaat gevestigde onderneming. c) Indien een handelscontract gefinancierd wordt door middel van afnemerskrediet of een andere financiële regeling, zijn de bepalingen betreffende de dekking van leverancierskredieten van toepassing op de dekking die de exporteur voor het handelscontract zelf wordt verleend. 3. Kenmerken van afnemerskrediet a) Onder "afnemerskrediet" wordt verstaan, een leningsovereenkomst tussen een of meer financiële instellingen en een of meer leningnemers voor de financiering van een handelscontract dat in de uitvoer van goederen en/of diensten van oorsprong uit een lidstaat voorziet, waarbij de kredietverlenende instelling(en) zich ertoe verbind(t)(en) de leverancier(s) op grond van de betrokken transactie namens de afnemer(s)/leningnemer(s) contant te betalen, terwijl de afnemer(s)/leningnemer(s) de kredietverlenende instelling volgens de kredietvoorwaarden zal (zullen) terugbetalen. b) De bepalingen betreffende de dekking van afnemerskrediet zijn van toepassing wanneer dekking wordt verleend aan financiële instellingen, ongeacht hun plaats van vestiging of registratie, mits het afnemerskrediet een onvoorwaardelijke verplichting van de leningnemer vormt om zijn schuld terug te betalen, ongeacht de uitvoering van het te financieren handelscontract. c) De bepalingen betreffende de dekking van afnemerskrediet zijn van toepassing op financiële regelingen voor de financiering van een handelscontract dat betrekking heeft op door een afnemer te betalen waardepapieren die bij een financiële instelling in bewaring zijn. 4. Definitie van de betrokken risico's a) Het commerciële risico voor particuliere schuldenaren is omschreven in de punten 14, 15 en 16. b) Het politieke risico voor particuliere schuldenaren is omschreven in de punten 17 tot en met 22, en voor openbare schuldenaren in de punten 15 tot en met 22. c) Het fabricagerisico is omschreven in punt 6, onder b). d) Het kredietrisico is omschreven in punt 6, onder c). 5. Definitie van openbare en particuliere schuldenaar a) Een openbare schuldenaar is een lichaam dat, in welke vorm dan ook, de openbare overheid vertegenwoordigt en dat niet door een gerechtelijke uitspraak noch door een administratief besluit betalingsonbekwaam kan worden verklaard. Schuldenaren die overeenkomstig deze definitie niet openbaar zijn, worden beschouwd particuliere schuldenaren te zijn. b) Bij de beoordeling van de status van een schuldenaar, gaat de verzekeraar uit van: - de wettelijke status van de schuldenaar; - de werkelijke effectiviteit van rechtsvorderingen tegen de schuldenaar; - de bronnen van financiering en inkomsten van de schuldenaar; - de mate waarin de regering van het gastland over de schuldenaar invloed of zeggenschap heeft. c) In geval van twijfel over de status van de schuldenaar, houdt de verzekeraar rekening met het volgende: - een openbare schuldenaar kan een souvereine staat zijn of een lichaam van de centrale overheid of een ander openbaar lichaam dat onder de centrale overheid ressorteert, zoals regionale, gemeentelijke of semi-overheids- of andere openbare instellingen; - de handelingen van een openbare schuldenaar kunnen de centrale overheid of de staat verbinden; bedragen die op grond van het handelscontract of de afnemerskredietovereenkomst verschuldigd zijn, worden uit de middelen van de staatsbegroting betaald of door de staat gedekt, bijvoorbeeld via het Ministerie van Financiën of via de Centrale Bank; - een openbare schuldenaar kan zijn schulden ook betalen uit andere middelen dan die van de centrale overheid, bijvoorbeeld uit midddelen die door de heffing van plaatselijke belastingen of door het verrichten van openbare diensten zijn verkregen. Afdeling 2: Toepassingsgebied van de dekking 6. Gedekte risico's a) De gedekte risico's zijn het fabricage- en het kredietrisico. b) Het fabricagerisico treedt in wanneer de nakoming van de contractuele verplichtingen van de verzekerde, of de fabricage van de te leveren goederen, gedurende een periode van zes opeenvolgende maanden is onderbroken, mits deze onderbreking rechtstreeks en uitsluitend het gevolg is van een of meer in de punten 14 tot en met 22 genoemde schadeveroorzakende feiten. c) Het kredietrisico treedt in wanneer de verzekerde drie maanden na de vervaldag, geheel of gedeeltelijk, geen betaling van zijn vordering heeft kunnen verkrijgen, mits deze niet-betaling rechtstreeks en uitsluitend het gevolg is van een of meer in de punten 14 tot en met 22 genoemde schadeveroorzakende feiten. d) Het afnemerskredietrisico kan voorwaardelijk of onvoorwaardelijk zijn gedekt. De verzekeraar neemt hierbij de in de punten 32, 33 en 48, onder a), omschreven beginselen en procedures in acht. 7. Reikwijdte van de dekking a) De dekking van het fabricagerisico omvat, binnen de grenzen van het bedrag van het contract, de kosten die de verzekerde uit hoofde van zijn contractuele verplichtingen of bij de vervaardiging van de te leveren goederen heeft gemaakt, mits deze kosten daadwerkelijk aan de uitvoering van het contract kunnen worden toegerekend. De dekking van het fabricagerisico strekt zich niet uit tot: - kosten voor goederen waarvoor de dekking van het kredietrisico reeds is ingegaan; - de door de verzekerde aan de verzekeraar betaalde kredietverzekeringspremies; - de door de verzekerde betaalde bedragen op grond van een ten behoeve van het gedekte contract gestelde uitvoeringsgarantie, dit belet de verzekeraar echter niet risico buiten het toepassingsgebied van deze richtlijn te dekken, en - de door de verzekerde aan boetes dwangsommen en schadevergoedingen betaalde bedragen. b) De dekking van het kredietrisico omvat het bedrag hoofdsom en rente) dat de afnemer op grond van het handelscontract of de leningnemer op grond van de afnemerskredietovereenkomst schuldig is, met inbegrip van de rente over de periode tussen de vervaldag en het einde van de wachttermijn (achterstalligheidsrente). Bij afnemerskrediet omvat de dekking voor kredietrisico de gebruikelijke bankkosten die verschuldigd zijn na de inwerkingtreding van de afnemerskredietovereenkomst. Bij leverancierskrediet omvat de dekking voor kredietrisico niet de door de verzekerde aan boetes, dwangsommen en schadevergoedingen betaalde bedragen. 8. Percentage van de dekking a) Het percentage van de dekking is 95 %. b) Indien een verzekeraar een hoger dan het onder a) genoemde percentage geeft, zijn de in de punten 32, 33 en 48, onder a), omschreven beginselen en procedures van toepassing. c) Het percentage van de dekking en het maximumbedrag van de schadevergoeding waarvoor de verzekeraar aansprakelijk kan worden gesteld, worden in de door de verzekeraar afgegeven kredietverzekeringspolis uitdrukkelijk genoemd. 9. Onverzekerd percentage De verzekerde neemt een deel van het onverzekerde percentage, gelijk aan 2 % van het verzekerde bedrag, voor eigen rekening. De verzekeraar mag toestaan dat de verzekerde dit resterende onverzekerde percentage afwentelt. 10. Dekking voor tansacties in vreemde valuta Indien de transacties in een betaling of in financiering in een of meer vreemde valuta voorzien, kan dekking in eender welke valuta worden verleend. 11. Buitenlandse leveranties Contracten met onderaannemers of toeleveranciers in een of meer lidstaten zijn automatisch in de dekking begrepen overeenkomstig Beschikking 82/854/EEG van de Raad van 10 december 1982 betreffende de regeling welke bij exportgaranties en exportfinancieringen geldt voor bepaalde onderleveranties afkomstig uit staten, al dan niet lid van de Europese Gemeenschappen (1). 12. Datum van inwerkingtreding van de dekking a) Bij afnemerskrediet gaat de dekking in op de datum van inwerkingtreding van de leningovereenkomst, mits aan de in de kredietverzekeringspolis en de in de afnemerskredietovereenkomst opgenomen voorwaarden is voldaan. b) Bij leverancierskrediet gaat de dekking van het fabricagerisico in op de datum van inwerkingtreding van het handelscontract, mits aan de in de kredietverzekeringspolis en de in het handelscontract opgenomen voorwaarden is voldaan. De dekking van het kredietrisico gaat in op de dag waarop de verzekerde, door de volledige nakoming van zijn contractuele verplichtingen, recht op betaling verkrijgt, mits aan de in de kredietverzekeringspolis en de in het handelscontract opgenomen voorwaarden is voldaan. De dekking van het kredietrisico kan echter ingaan op de dag van elke gedeeltelijke levering of gedeeltelijke verzending, mits de verzekerde, volgens de termen van het contract, recht heeft op betaling van een definitief vast bedrag dat met de waarde van de geleverde of verzonden goederen overeenstemt. Afdeling 3: Schadeveroorzakende feiten en uitsluiting van aansprakelijkheid 13. Aansprakelijkheid van de verzekeraar De verzekeraar is aansprakelijk indien de schade rechtstreeks en uitsluitend aan een of meer in de punten 14 tot en met 22 omschreven schadeveroorzakende feiten is te wijten. 14. Betalingsonbekwaamheid Juridische of feitelijke betalingsonbekwaamheid van de particuliere schuldenaar en, in voorkomend geval, van zijn garant. 15. Niet-betaling Niet-betaling door de schuldenaar en, in voorkomend geval, door zijn garant. 16. Willekeurige verbreking of weigering Besluit van de afnemer, in het kader van leverancierskrediet, het handelscontract op te schorten of te annuleren of de goederen en/of diensten niet in ontvangst te nemen, zonder dat hij daartoe wettelijk gerechtigd is. 17. Besluit van een derde land Maatregelen of besluiten van de regering van een ander land dan dat van de verzekeraar, waaronder maatregelen en besluiten van overheden die worden geacht handelingen van een regering te vormen, waardoor de uitvoering van de afnemerskredietovereenkomst of van het handelscontract wordt verhinderd. 18. Moratorium Een algemeen moratorium, afgekondigd door de regering van het land van de schuldenaar of door die van een derde land via hetwelk betalingen uit hoofde van de afnemerskredietovereenkomst of het handelscontract moeten worden verricht. 19. Verhindering van of vertraging bij de overmaking van bedragen Politieke gebeurtenissen, economische problemen of wettelijke of bestuursrechtelijke maatregelen buiten het land van de verzekeraar en die de overmaking van bedragen uit hoofde van de afnemerskredietovereenkomst of het handelscontract verhinderen of vertragen. 20. Wettelijke voorschriften in het land van de schuldenaar In het land van de schuldenaar aangenomen wettelijke voorschriften waardoor de gestorte bedragen, bij omzetting in de valuta van het handelscontract of van de afnemerskredietovereenkomst, ten gevolge van wisselkoersschommelingen op de dag van overmaking minder dan het bedrag van de vordering opleveren. 21. Besluit van het land van de verzekeraar In geval van een leverancierskredietovereenkomst, maatregelen of besluiten van de regering van het land van de verzekeraar, waaronder maatregelen en besluiten van de Europese Gemeenschap, betreffende de handel tussen lidstaten en derde landen, zoals een uitvoerverbod, voorzover de gevolgen daarvan niet op andere wijze door deze regering worden gedekt. 22. Overmacht Gevallen van overmacht buiten het land van de verzekeraar, bijvoorbeeld oorlog, waaronder burgeroorlog, revolutie, burgerlijke onlusten, wervelstorm, overstroming, aardbeving, vulkaanuitbarsting, vloedgolf, kernongeval, voorzover de gevolgen ervan niet op andere wijze worden gedekt. 23. Allgemene uitsluiting van aansprakelijkheid De verzekeraar is niet aansprakelijk indien de schade rechtstreeks of onrechtstreeks kan worden toegeschreven aan: a) een handelen of nalaten van de verzekerde of van een namens hem optredende persoon, waardoor de afnemerskredietovereenkomst of het handelscontract geheel of gedeeltelijk onafdwingbaar wordt; b) bepalingen in de afnemerskredietovereenkomst, het handelscontract of een daarbij behorend document inclusief documenten betreffende de betrokken waarborg of zekerheid, die de rechten der verzekerde beperken; c) overeenkomsten tussen de verzekerde en de leningnemer, respectievelijk een garant, die na de sluiting van de afnemerskredietovereenkomst of van het handelscontract tot stand komen en die de betaling van de schuld verhinderen of vertragen; d) bij leverancierskrediet, het niet nakomen van hun verplichtingen door onderaannemers, medecontractanten of andere leveranciers, voorzover dit niet het gevolg is van hierboven onder de punten 17 tot en met 22 vermelde politieke gebeurtenissen. Afdeling 4: Vergoeding van de schade 24. Wachttermijn a) De wachttermijn is gelijk aan de tijd die verstrijkt voordat het gedekte risico intreedt zoals in punt 6 onder b) en c), omschreven. b) Er behoeft geen wachttermijn te worden toegepast, - indien, in geval van een particuliere schuldenaar, de niet-betaling aan de juridische of feitelijke betalingsonbekwaamheid van de schuldenaar is toe te schrijven; - in geval van een bilaterale intergouvernementele schuldenherschikkingsovereenkomst, en - wanneer de verzekeraar dekking heeft verleend in de vorm van een onvoorwaardelijke garantie. 25. Vergoeding van de schade De verzekerde heeft recht op schadevergoeding van het einde van de in punt 24 omschreven wachttermijn, mits aan de voorwaarden die voorafgaan aan de verzekering is voldaan, de vordering rechtsgeldig is en de verzekerde het risico met de nodige zorg heeft omgeven. 26. Gewaarborgde verplichtingen Indien de nakoming van de verplichtingen van de schuldenaar jegens de vezekerde door een garantie of een andere vorm van zekerheid is gewaarborgd, moet de verzekerde alle nodige maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat de garantie of de zekerheid niet alleen geldig, maar ook uitvoerbaar is. 27. Berekening van vergoeding voor de schade Bij de berekening van de vergoeding voor de schade, dient de verzekeraar aan de verzekerde geen bedrag uit te betalen dat hoger is dan dat van zijn totale schade en/of het bedrag dat de vezekerde gerechtigd was van de leningnemer op grond van de afnemerskredietovereenkomst of van de afnemer op grond van het handelscontract te ontvangen. 28. Uitbetaling van de vergoeding voor de schade De vergoeding van de schade wordt terstond en uiterlijk binnen een maand na afloop van de wachttermijn uitbetaald, mits de verzekeraar alle nodige inlichtingen, documenten en bewijsmateriaal heeft ontvangen aan de hand waarvan hij de geldigheid van de vordering tijdig kan vaststellen. Bij dekking van fabricagerisico wordt de vergoeding voor de schade binnen een maand na afloop van de wachttermijn betaald of, in voorkomend geval, binnen een maand na ontvangst van het verslag van de expert of binnen een maand na de dag waarop de verzekerde en de verzekeraar overeenstemming over het bedrag van de schadevergoeding hebben bereikt, en wel op het tijdstip dat van de genoemde het laatste uitvalt. 29. Geschillen in verband met de vergoeding voor de schade Indien de verzekerde een vordering heeft ingediend met betrekking tot een schadegeval waarover een geschil bestaat, stelt de verzekeraar de betaling van de vergoeding ervan uit tot het geschil door een rechtbank of door een in de afnemerskredietovereenkomst of het handelscontract aangewezen arbitrageorgaan ten gunste van de verzekerde is geregeld. 30. Bilaterale intergouvernementele schuldenherschikkingsovereenkomst a) Indien de gedekte afnemerskredietovereenkomst of het gedekte handelscontract onder een bilaterale intergouvernementele schuldenherschikkingsovereenkomst valt, voegt de verzekerde zich zowel ten aanzien van het verzekerde als het onverzekerde gedeelte van die afnemerskredietovereenkomst of dat handelscontract naar de voorwaarden van deze herschikkingsovereenkomst. De verzekerde geeft de verzekeraar alle bijstand die voor de uitvoering van de herschikkingsovereenkomst nodig is. b) Indien het verzekerde bedrag in de bilaterale intergouvernementele schuldenherschikkingsovereenkomst is begrepen, kan de verzekeraar afzien van de in punt 28 genoemde termijn van een maand, zodra de bilaterale overeenkomst in werking is getreden. 31. Bijkomende kosten Bijkomende kosten die gemaakt zijn om de schade te voorkomen of te beperken worden gedekt tot het in de kredietverzekeringspolis opgenomen dekkingspercentage, mits de vezekeraar hiermee heeft ingestemd. Bijkomende kosten omvatten proces- en andere gerechtelijke kosten. Mochten deze kosten evenwel betrekking hebben op bedragen of vorderingen die niet door de verzekeraar zijn gedekt, dan worden zij proportioneel aan de gedekte of niet-gedekte bedragen of vorderingen toegerekend. HOOFDSTUK II: PREMIE 32. Algemeen beginselen voor de premieberekening De premie die voor de exportkredietverzekering wordt aangerekend: - stemt overeen met het gedekte risico; - stemt adequaat overeen met de omvang en de kwaliteit van de dekking; - is niet ontoereikend om de werkingskosten en verliezen op lange termijn te dekken. 33. Kwaliteit van de dekking Ter bepaling van de in punt 32 genoemde kwaliteit van de dekking, houdt de verzekeraar rekening met het percentage van de dekking, de voorwaardelijkheid van de dekking en de andere voorwaarden die op de kwaliteit van de dekking van invloed zijn. 34. Beoordeling van het landenrisico De hoogte van de premie per land of categorie landen is gebaseerd op een passende beoordeling van het landenrisico. 35. Status van de schuldenaar a) Bij de vaststelling van de premietarieven wordt rekening gehouden met de in punt 5 omschreven openbare of particuliere status van de schuldenaar door toepassing van premietarieven die met de kredietwaardigheid van de schuldenaar overeenstemmen. b) Voor een particuliere schuldenaar kan de verzekeraar hetzij het commerciële, hetzij het politieke risico of beide soorten risico's dekken. Indien de dekking tot één soort risico is beperkt, stemt de aangerekende premie uitsluitend met het gedekte risico overeen. 36. Risicotermijn a) Bij het berekenen van de premie wordt rekening gehouden met de totale risicotermijn. b) De totale risicotermijn voor fabricagerisico is de periode begrepen tussen de datum waarop het handelscontract in werking treedt en: - de datum waarop de exporteur aan al zijn contractuele verplichtingen heeft voldaan of - de gewogen gemiddelde datum van de leveringen indien het contract in deelleveringen voorziet die de leverancier op overeenkomstige betalingen recht geven. c) De totale risicotermijn voor kredietrisico, gewogen volgens het daadwerkelijke risicobedrag van hoofdsom en de rente, is: - de periode begrepen tussen de datum waarop de dekking van het kredietrisico voor de exporteur is ingegaan en de laatste betaling door de afnemer of - de gemiddelde risicotermijn tussen de eerste trekking die in de afnemerskredietovereenkomst is voorzien en de datum van de laatste terugbetaling. 37. Premiegrondslag a) Premie wordt betaald over de hieronder omschreven premiegrondslag die overeenstemt met de maximumaansprakelijkheid van de verzekeraar op grond van de kredietverzekeringspolis. b) Voor afnemerskrediet is de premiegrondslag het totaal van de gedekte bedragen van: - de hoofdsom van de lening; - de rente op de lening, inclusief de constructietijdrente; - de gebruikelijke bankkosten en - de achterstalligheidsrente. c) Voor leverancierskrediet en contante contracten is de premiegrondslag: - voor fabricagerisico: de totale contractwaarde verminderd met de aanbetaling en de niet gedekte bedragen; de premiegrondslag kan, indien de verzekeraar hiermee instemt, tot de voorziene maximumschade worden beperkt; - voor kredietrisico: het totaal van de hoofdsom en de rente met inbegrip van de achterstalligheidsrente, of de verschuldigde bedragen bij of na deelleveringen of bij of na de algehele nakoming van de contractuele verplichtingen, of de na afzonderlijke prestaties verschuldigde bedragen die de leverancier recht geven op overeenkomstige betalingen; de premiegrondslag kan, indien de vezekeraar hiermee instemt, tot de voorziene maximumschade worden beperkt. 38. Premiebetaling a) Het totale premiebedrag is verschuldigd op de dag van afgifte van de kredietverzekeringspolis. b) Desondanks mag de premie in termijnen worden betaald. In dit geval: - eist de verzekeraar dat ten minste 15 % van het premiebedrag op de dag van afgifte van de kredietverzekeringspolis wordt betaald; - berekent de verzekeraar vanaf de datum van afgifte van de kredietverzekeringspolis een rente op de uitgestelde betalingen aan die met een passende commerciële rente overeenstemt; - eist de verzekeraar dat de ontvangen premie ten minste overeenstemt met de verschuldigde premie voor het bedrag dat op een bepaald tijdstip risico loopt. HOOFDSTUK III: LANDENDEKKINGSBELEID 39. Bepaling van het beleid a) De verzekeraar bepaalt zijn landendekkingsbeleid aan de hand van een risicobeoordeling per land, zijn totale uitstaande risico per land en de samenstelling van zijn risicoportefeuille per land. b) Bij het bepalen van zijn landendekkingsbeleid houdt de verzekeraar rekening met de classificatie van elk debiteurenland. c) De verzekeraar mag niettemin besluiten voor een bepaald land, ongeacht de classificatie van dat land, geen of slechts een beperkte dekking te verlenen. 40. Definitie van het totale uitstaande risico a) Het totale uitstaande riciso wordt, binnen de grenzen van het dekkingspercentage, vastgesteld aan de hand van de bedragen van de transacties op middellange en lange termijn, als omschreven in artikel 1 van de richtlijn. Het totale uitstaande risico bestaat uit de hieronder onder b) tot en met e) vermelde elementen. b) Het maximumrisicobedrag aan hoofdsom en rente voor contracten die door de verzekeraar zijn gedekt, zelfs indien de verzekeringspolis nog niet is afgegeven. Gedekte achterstalligheidsrente die tijdens de wachttermijn loopt. Herverzekerde bedragen, indien de verzekeraar als herverzekeraar optreedt; indien de verzekeraar als eerste verzekeraar optreedt, is het herverzekerde bedrag uitgesloten. c) Nog in te vorderen bedragen die niet zijn afgeschreven, ongeacht of dergelijke vorderingen betrekking hebben op een ingetreden fabricage- en/of kredietrisico. d) Niet te repatriëren bedragen (bijvoorbeeld verbintenissen van de garant en voor de dekking van het risico van niet-terugverkrijging) wanneer de vordering is betaald en niet is ingevorderd of afgeschreven. e) Uitstaande rentebedragen en door debiteurenlanden op grond van schuldenherschikkingsregelingen te betalen rente, met inbegrip van gekapitaliseerde rente. 41. Landenrisico a) Het dekkingsbeleid van de vezekeraar kent in beginsel geen beperkingen voor de groep landen die het beste riciso vormt. b) Voor de overige landen kan de verzekeraar beperkingen op zijn dekkingsbeleid vaststellen. c) Een verzekeraar die in beginsel geen dekking biedt voor een bepaald land of voor een bepaalde groep landen kan echter bij wijze van uitzondering voor bepaalde transacties dekking verlenen om redenen van bilateraal beleid of nationaal belang of wanneer voor bedoelde transactie voldoende vrij converteerbare vreemde valuta beschikbaar zijn. 42. Beperkingen op het uitstaande risico a) Voor de in punt 41, onder b), bedoelde landen kunnen de verzekeraars risicoplafonds vaststellen die gewoonlijk overeenstemmen met het maximumrisico dat een verzekeraar in een bepaald land kan hebben uitstaan. b) Wordt het risicoplafond voor een bepaald land bereikt of overschreden, dan mag de verzekeraar het totale uitstaande risico voor dat land beperken door de toepasselijke premie te verhogen en/of door, bijvoorbeeld, - het totale uitstaande risico voor dat land, - de totale waarde van dekkingsaanbiedingen, - de waarde van nieuw te dekken contracten, - het maximum gedekte bedrag per transactie, te beperken. c) Is het risicoplafond voor een bepaald land niet bereikt, dan is er over het algemeen geen beperking op het dekkingsbeleid. De verzekeraar mag het dekkingsbedrag voor het bedoelde land echter beperken door, bijvoorbeeld, de onder b) omschreven beperkingen toe te passen. 43. Bijzondere voorwaarden voor de landendekking De verzekeraar mag voor een bepaald land, ongeacht de classificatie van dat land, stelselmatig bijzondere dekkingsvoorwaarden toepassen, zoals - betalings- en/of overmakingsgarantie door de centrale bank of het Ministerie van Financiën van het betrokken land; - een onherroepelijk accreditief of een onherroepelijke bankgarantie; - verlenging van de wachttermijn bij schade; - verlaging van het dekkingspercentage; - beperking van de dekking tot bepaalde sectoren of soorten projecten. HOOFDSTUK IV: KENNISGEVINGSPROCEDURES 44. Toepassingsgebied a) De verzekeraar volgt de volgende procedures bij de toepassing van de in de hoofdstukken I, II en III omschreven algemene beginselen. b) Deze procedures vormen een aanvulling op de procedures die zijn omschreven in Beschikking 73/391/EEG van de Raad van 3 december 1973 betreffende de raadplegings- en informatieprocedures op het gebied van kredietverzekering, garanties en financieringskredieten (2). 45. Soorten kennisgevingsprocedures Er zijn vier soorten kennisgevingen die aan de Commissie en de andere verzekeraars moeten worden gedaan: - jaarlijkse kennisgeving ter informatie; - kennisgeving voor het nemen van een besluit; - kennisgeving vooraf, en - kennisgeving achteraf. 46. Jaarlijkse kennisgeving ter informatie a) Aan het einde van elk jaar, en uiterlijk op 31 maart van het volgende jaar, brengen de verzekeraars bij de andere verzekeraars en de Commissie verslag uit over de activiteiten van het afgelopen jaar. Dit verslag heeft betrekking op alle debiteurenlanden en vermeldt, voor elk van deze landen: - het totale dekkingsbedrag dat de verzekeraar heeft aangeboden; - het totale uitstaande risico, als in punt 40 omschreven; - de verdiende premies; - de bedrag van de achterstallige betalingen; - de ingevorderde bedragen, en - de uitbetaalde schadevergoedingen. b) In het begin van elk jaar en uiterlijk op 31 januari brengt elke verzekeraar aan de andere verzekeraars en de Commissie verslag uit over het in dat jaar te volgen dekkingsbeleid. Dit verslag heeft betrekking op alle debiteurenlanden en bevat voor al deze landen ten minste de volgende gegevens: - het totale bedrag aan dekking dat de verzekeraar bereid is aan te bieden; - het landendekkingsbeleid, namelijk het soort en de hoogte van de plafonds en de andere voorwaarden die de verzekeraar voornemens is stelselmatig toe te passen; - de wijze waarop de premie voor commercieel en politiek risico wordt berekend en aangerekend. 47. Kennisgeving voor het nemen van een besluit a) Bij concurrerende aanbiedingen van EG-exporteurs of -banken beantwoordt een betrokken verzekeraar terstond de verzoeken om informatie van een andere betrokken verzekeraar over de status van de schuldenaar van de betrokken transactie als in punt 5 omschreven. b) Indien geen overeenstemming bestaat over de status van de schuldenaar, delen de betrokken verzekeraars de beschikbare informatie aan de andere verzekeraars mede teneinde overeenstemming over deze status te bereiken. c) Indien de verzekeraars binnen tien werkdagen na het verzoek om informatie geen overeenstemming over de status van een schuldenaar kunnen bereiken, leggen de verzekeraars de kwestie aan de Commissie voor en verstrekken deze de nodige gegevens. De Commissie zal de nodige stappen ondernemen om overeenkomstig de in artikel 3 van de richtlijn omschreven procedure tot een besluit te komen. 48. Kennisgeving vooraf a) Een verzekeraar die voornemens is van de bepalingen van deze bijlage af te wijken door gunstiger dekkingsvoorwaarden toe te staan voor een bepaalde transactie of reeks transacties, voor een bepaalde sector of bepaalde sectoren, voor een bepaald land of bepaalde landen, of voor zijn systeem in het algemeen, deelt dit ten minste zeven werkdagen voordat het besluit in werking treedt, aan de andere verzekeraars en aan de Commissie mede, onder opgave van de redenen van de voorgenomen afwijking, bijvoorbeeld de noodzaak om de internationale concurrentie het hoofd te bieden, en de aan te rekenen premie. b) Een verzekeraar die voornemens is een lagere premie aan te rekenen dan hij in zijn jaarlijkse kennisgeving overeenkomstig punt 46, onder b), had aangekondigd, deelt dit voornemen, ten minste zeven werkdagen voordat zijn besluit in werking treedt, mede aan de andere verzekeraars en de Commissie. c) Een verzekeraar die, naar aanleiding van een kennisgeving van een andere verzekeraar overeenkomstig de punten a) en b), voornemens is gunstiger voorwaarden te verlenen dan de verzekeraar die deze kennisgeving heeft gedaan, deelt dit ten minste zeven werkdagen voordat zijn besluit in werking treedt, mede aan de andere verzekeraars en aan de Commissie, onder opgave van de premie die hij voornemens is aan te rekenen. d) Een verzekeraar die, overeenkomstig punt 41, onder c), voornemens is transacties te dekken met schuldenaren in landen waarvoor hij gewoonlijk geen dekking verleent, deelt dit voornemen ten minste zeven werkdagen voordat zijn besluit in werking treedt, mede aan de andere verzekeraars en aan de Commissie, onder opgave van de premie die hij voornemens is aan te rekenen. 49. Kennisgeving achteraf a) Een verzekeraar die besluit van de bepalingen van deze bijlage af te wijken door minder gunstige dekkingsvoorwaarden te verlenen voor een bepaalde transactie of reeks transacties, voor een bepaalde sector of bepaalde sectoren, voor een bepaald land of bepaalde landen, deelt dit aan de andere verzekeraars en aan de Commissie mede. b) Een verzekeraar die besluit een of meer elementen van zijn landendekkingsbeleid, zoals overeenkomstig punt 46, onder b), in zijn jaarlijkse kennisgeving is uiteengezet, te wijzigen, deelt dit terstond aan de andere verzekeraars en aan de Commissie mede. c) Een verzekeraar die, naar aanleiding van een kennisgeving overeenkomstig punkt 48, onder a) en/of b), besluit dezelfde voorwaarden te verlenen als de verzekeraar die deze kennisgeving heeft gedaan, deelt dit terstond aan de andere vezekeraars en aan de Commissie mede. d) Een verzekeraar geeft terstond een gedetailleerd antwoord op een door andere verzekeraars of door de Commissie gedaan verzoek om inlichtingen of om nadere inlichtingen over zijn activiteiten. 50. Gebruik van de elektronische post a) Alle kennisgevingen worden gewoonlijk via de elektronische post gedaan of, zo nodig, door andere passende middelen waarmede berichten onverwijld schriftelijk kunnen worden doorgegeven. b) Over het systeem van elektronische post zal overeenkomstig de in artikel 3 van de richtlijn omschreven procedure een besluit worden genomen. 51. In de kennisgevingen te gebruiken valuta Alle monetaire bedragen die in een kennisgeving, van welke soort dan ook, worden vermeld, worden op basis van de laatste wisselkoers in ecu uitgedrukt, tenzij overeenkomstig de in artikel 3 van de richtlijn omschreven procedure anders wordt besloten. (1) PB nr. L 357 van 18. 12. 1982, blz. 20. (2) PB nr. L 346 van 17. 12. 1973, blz. 1.