Wetgevingsresolutie houdende advies van het Europees Parlement inzake het voorstel voor een verordening (EG) van de Raad houdende invoering van de euro (COM(96)0499 - C4- 0579/96 - 96/0250(CNS)) (Raadplegingsprocedure)
Publicatieblad Nr. C 380 van 16/12/1996 blz. 0050
Voorstel voor een verordening (EG) van de Raad houdende invoering van de euro (COM(96)0499 - C4-0579/96 - 96/0250(CNS) Dit voorstel wordt goedgekeurd met de volgende wijzigingen: (Amendement 7) Overweging 2 >Oorspronkelijke tekst> 2. overwegende dat de Europese Raad tijdens zijn bijeenkomst van 15 en 16 december 1995 te Madrid besloten heeft de Europese munteenheid de naam «euro» te geven; dat de specifieke naam «euro» wordt gebruikt in plaats van de generieke term «ecu», die in het Verdrag gebruikt wordt om te verwijzen naar de Europese munteenheid; dat de euro als munteenheid van de lid-staten zonder derogatie is verdeeld in honderd onder-eenheden, die de naam «cent» hebben; dat de definitie van de naam «cent» niet betekent dat in de lid-staten algemeen gangbare varianten van deze naam niet mogen worden gebruikt; >Tekst na stemming van het EP> 2. overwegende dat de Europese Raad tijdens zijn bijeenkomst van 15 en 16 december 1995 te Madrid besloten heeft de Europese munteenheid de naam «euro» te geven; dat de specifieke naam «euro» wordt gebruikt in plaats van de generieke term «ecu», die in het Verdrag gebruikt wordt om te verwijzen naar de Europese munteenheid; dat de euro als munteenheid van de lid-staten zonder derogatie is verdeeld in honderd onder-eenheden, die de naam «cent» hebben; (Amendement 8) Overweging 8 bis (nieuw) >Tekst na stemming van het EP> 8 bis. overwegende dat het absoluut noodzakelijk dat voor en tijdens deze overgangsperiode alle deelnemers aan het economisch verkeer in de Europese Unie en de gebruikers in de lid-staten van de Europese Unie hierover zo goed mogelijk worden voorgelicht, (Amendement 29) Overweging 9 >Oorspronkelijke tekst> 9. overwegende dat de euro de rekeneenheid van de Europese Centrale Bank (ECB) en van de centrale banken van de deelnemende lid-staten wordt; dat dit er niet aan in de weg staat dat de nationale centrale banken tijdens de overgangsperiode hun boekhouding in de nationale munteenheid voeren, met name voor hun personeel en voor de overheid; >Tekst na stemming van het EP> 9. overwegende dat de euro de rekeneenheid van de organen en instellingen van de Europese Gemeenschap en van de centrale banken van de deelnemende lid-staten wordt; dat dit er niet aan in de weg staat dat de nationale centrale banken tijdens de overgangsperiode hun boekhouding in de nationale munteenheid voeren, met name voor hun personeel en voor de overheid; (Amendement 9) Overweging 9 bis (nieuw) >Tekst na stemming van het EP> 9 bis. overwegende dat, om van meet af aan het gebruik van de euro te stimuleren converteringsprogramma's door de centrale banken ter beschikking gesteld zullen worden van de financiële instellingen ten einde iedere debiteur in staat te stellen om zijn schuld te voldoen door een girale betaling in de munt van zijn keuze, welk bedrag, indien dit verschilt, automatisch wordt omgezet in de munt van de schuldeiser, (Amendement 10) Artikel 1, tweede streepje Dit amendement betreft slechts de lid-staten die onderscheid maken tussen «wettelijke» en «bestuursrechtelijke» bepalingen >Oorspronkelijke tekst> - «rechtsinstrumenten»: wettelijke bepalingen, bestuursdaden, rechterlijke uitspraken, contracten, eenzijdige rechtshandelingen, betaalmiddelen anders dan bankbiljetten en muntstukken, alsmede andere instrumenten die rechtsgevolgen hebben; >Tekst na stemming van het EP> - «rechtsinstrumenten»: wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen, bestuursdaden, rechterlijke uitspraken, contracten, eenzijdige rechtshandelingen, betaalmiddelen anders dan bankbiljetten en muntstukken, alsmede andere instrumenten die rechtsgevolgen hebben; (Amendement 30) Artikel 2 >Oorspronkelijke tekst> De munteenheid van de deelnemende lid-staten is de euro. De rekeneenheid is één euro. Eén euro is verdeeld in honderd centen. >Tekst na stemming van het EP> De munteenheid van de Europese Gemeenschap en van de deelnemende lid-staten is de euro. De rekeneenheid is één euro. Eén euro is verdeeld in honderd cent. (Amendement 11) Artikel 3, alinea bis en ter (nieuw) >Tekst na stemming van het EP> Conversie tussen een munt in een deelnemende lid-staat en de euro vindt kosteloos plaats. Conversie tussen munten van deelnemende lid-staten vindt slechts plaats op basis van de officiële conversiekoersen en alle transactiekosten moeten afzonderlijk worden aangegeven. (Amendement 31) Artikel 4 >Oorspronkelijke tekst> De euro is de rekeneenheid van de Europese Centrale Bank (ECB) en van de centrale banken van de deelnemende lid-staten. >Tekst na stemming van het EP> De euro is de rekeneenheid van de organen en instellingen van de Europese Gemeenschap en van de centrale banken van de deelnemende lid-staten. (Amendement 12) Artikel 5 >Oorspronkelijke tekst> De artikelen 6 tot en met 9 zijn tijdens de overgangsperiode van toepassing. >Tekst na stemming van het EP> De artikelen 6 tot en met 9 bis zijn tijdens de overgangsperiode van toepassing. (Amendement 13) Artikel 7 >Oorspronkelijke tekst> De vervanging van de munteenheden van de deelnemende lid-staten door de euro heeft als zodanig niet tot gevolg dat de muntaanduiding in rechtsinstrumenten die op de dag van de vervanging bestaan, wordt gewijzigd. >Tekst na stemming van het EP> De vervanging van de munteenheden van de deelnemende lid-staten door de euro kan als zodanig niet tot gevolg hebben dat de termen van de rechtsinstrumenten die op de dag van de vervanging bestaan, worden gewijzigd. (Amendement 14) Artikel 8, lid 1 >Oorspronkelijke tekst> 1. Handelingen die moeten worden verricht op grond van rechtsinstrumenten waarin het gebruik van een nationale munteenheid bepaald is, moeten in deze nationale munteenheid verricht worden. Handelingen die worden verricht op grond van rechtsinstrumenten waarin het gebruik van de euro-eenheid bepaald is, moeten in deze munteenheid verricht worden. >Tekst na stemming van het EP> 1. Voor het einde van de overgangsperiode kan een particuliere deelnemer aan het economisch verkeer op basis van deze verordening niet gedwongen worden om de euro, hetzij als rekeneenheid, hetzij als middel om betalingen te verrichten of te ontvangen, te gebruiken. Vanaf 1 januari 1999 vervallen alle wettelijke of bestuursrechtelijke beperkingen op het gebruik van de euro. (Amendement 15) Artikel 8, lid 2 >Oorspronkelijke tekst> 2. Partijen mogen bij overeenkomst afwijken van het bepaalde in lid 1. >Tekst na stemming van het EP> Schrappen. (Amendement 16) Artikel 8, lid 3 >Oorspronkelijke tekst> 3. Niettegenstaande de bepalingen van lid 1 mag elk bedrag dat in de euro- eenheid of in de nationale munteenheid van een deelnemende lid-staat luidt en dat in deze lid-staat betaald kan worden door overschrijving op de rekening van de crediteur, door de debiteur in de euro-eenheid of in de betrokken nationale munteenheid betaald worden. Het bedrag mag op de rekening van de crediteur worden bijgeschreven in de munteenheid waarin de rekening luidt, waarbij de eventuele omrekening wordt uitgevoerd volgens de omrekeningskoersen. >Tekst na stemming van het EP> 3. Elk bedrag dat in de euro-eenheid of in de nationale munteenheid van een deelnemende lid-staat luidt en dat betaald kan worden door overschrijving op de rekening van de crediteur, mag door de debiteur in de euro-eenheid of in de betrokken nationale munteenheid betaald worden. Het bedrag mag op de rekening van de crediteur worden bijgeschreven in de munteenheid waarin de rekening luidt, waarbij de eventuele omrekening wordt uitgevoerd volgens de omrekeningskoersen. Elke schuldeiser die een rekening in euro's bezit wordt geacht te accepteren dat zijn schuldenaar zijn schulden voldoet in euro's door creditering van deze rekening, tenzij hij dit uitdrukkelijk heeft uitgesloten. (Amendement 17) Artikel 8, lid 6 bis (nieuw) >Tekst na stemming van het EP> 6 bis. Geregelde controles van de prijzen, met inbegrip van de controles op de bankkosten vinden plaats en worden gepubliceerd vóór, tijdens en na de overgang naar de gemeenschappelijke munt. (Amendement 32) Artikel 8, lid 6 ter (nieuw) >Tekst na stemming van het EP> 6 ter. De lid-staten nemen de maatregelen die zij het meest geschikt achten om ervoor te zorgen dat, tijdens de kritieke periode van de invoering van de euro als wettig betaalmiddel, de prijsaanduiding in euro geen misverstand bij de consumenten kan doen ontstaan over de reële waarde van de goederen of diensten die zij kopen. (Amendement 20) Artikel 8 bis (nieuw) >Tekst na stemming van het EP> Artikel 8 bis. Teneinde te beantwoorden aan de wettelijke bepalingen inzake de risicoberekening zal er geen enkel wisselkoersrisico geacht worden te bestaan tussen de euro en de nationale munten van de deelnemende lid-staten, noch tussen deze nationale munten onderling. (Amendement 21) Artikel 8 ter (nieuw) >Tekst na stemming van het EP> Artikel 8 ter. De normale conversie van de nationale munten van de deelnemende landen in de euro en omgekeerd vindt plaats zonder kosten of lasten. (Amendement 22) Artikel 9 >Oorspronkelijke tekst> Bankbiljetten en muntstukken die in een nationale munteenheid luiden, behouden vanaf de laatste dag vóór de derde fase binnen de betrokken territoriale grenzen hun hoedanigheid van wettig betaalmiddel. >Tekst na stemming van het EP> Bankbiljetten en muntstukken die in de nationale munteenheid luiden, behouden hun hoedanigheid van wettig betaalmiddel binnen dezelfde territoriale grenzen als gelden op de laatste dag vóór de derde fase. (Amendement 23) Artikel 9 bis (nieuw) >Tekst na stemming van het EP> Artikel 9 bis. Obligaties, staatsfondsen en spaarbewijzen met een looptijd van meer dan drie jaar die zijn uitgegeven door de overheid na 1 januari 1999 zullen in euro luiden. (Amendement 24) Artikel 10 >Oorspronkelijke tekst> Met ingang van uiterlijk 1 januari 2002 brengen de ECB en de centrale banken van de deelnemende lid-staten in euro luidende bankbiljetten in omloop. Onverminderd het bepaalde in artikel 15 zijn deze bankbiljetten de enige bankbiljetten die in alle betrokken lid-staten de hoedanigheid van wettig betaalmiddel hebben. >Tekst na stemming van het EP> Met ingang van uiterlijk 1 januari 2002 brengt de ECB in euro luidende biljetten uit die in circulatie gebracht worden door haar en de centrale banken van de deelnemende lid-staten. Onverminderd het bepaalde in artikel 15 zijn deze biljetten in euro de enige bankbiljetten die in alle betrokken lid-staten de hoedanigheid van wettig betaalmiddel hebben. (Amendement 25) Artikel 11 >Oorspronkelijke tekst> Met ingang van uiterlijk 1 januari 2002 geven de deelnemende lid-staten in euro of in cent luidende muntstukken uit, waarvan de nominale waarden en technische specificaties voldoen aan hetgeen de Raad overeenkomstig artikel 105 A, lid 2, tweede zin, van het Verdrag kan bepalen. Onverminderd artikel 15 zijn deze muntstukken de enige muntstukken die in alle betrokken lid-staten de hoedanigheid van wettig betaalmiddel hebben. Behalve in het geval van de uitgevende autoriteit en van personen die specifiek in de nationale wetgeving van de uitgevende lid-staat zijn aangewezen, is geen enkele partij verplicht voor één betaling meer dan vijftig muntstukken te aanvaarden. >Tekst na stemming van het EP> Met ingang van uiterlijk 1 januari 2002 geven de deelnemende lid-staten in euro of in cent luidende muntstukken uit, waarvan de nominale waarden en technische specificaties voldoen aan hetgeen de Raad overeenkomstig artikel 105 A, lid 2, tweede zin, van het Verdrag zal bepalen. Onverminderd artikel 15 zijn deze muntstukken de enige muntstukken die in alle betrokken lid-staten de hoedanigheid van wettig betaalmiddel hebben. Behalve in het geval van de uitgevende autoriteit en van personen die specifiek in de nationale wetgeving van de uitgevende lid-staat zijn aangewezen, is geen enkele partij verplicht voor één betaling meer dan vijftig muntstukken te aanvaarden. (Amendement 26) Artikel 12 >Oorspronkelijke tekst> De deelnemende lid-staten zorgen voor adequate bestraffing van vervalsing en namaak van bankbiljetten en muntstukken. >Tekst na stemming van het EP> De lid-staten zorgen, in onderlinge samenwerking, voor adequate bestraffing van vervalsing en namaak van bankbiljetten en muntstukken. (Amendement 33) Artikel 12 bis (nieuw) >Tekst na stemming van het EP> Artikel 12 bis Onverminderd de bepalingen van artikel 105 A van het Verdrag mogen geldsoorten, andere dan bankbiljetten en muntstukken, bestemd voor gebruik als betaalmiddel door het publiek, slechts in omloop worden gebracht bij verordening van de Raad. De lid-staten zorgen voor adequate bestraffing van elke niet toegestane uitgifte. Wetgevingsresolutie houdende advies van het Europees Parlement inzake het voorstel voor een verordening (EG) van de Raad houdende invoering van de euro (COM(96)0499 - C4-0579/96 - 96/0250(CNS)) (Raadplegingsprocedure) Het Europees Parlement, - gezien het voorstel van de Commissie aan de Raad COM(96)0499 - 96/0250(CNS), - geraadpleegd door de Raad (C4-0579/96), - gelet op artikel 58 van zijn Reglement, - gezien het verslag van de Commissie economische en monetaire zaken en industriebeleid en het advies van de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en consumentenbescherming (A4-0375/96), 1. hecht zijn goedkeuring aan het Commissievoorstel zoals gewijzigd door het Parlement; 2. verzoekt de Commissie haar voorstel overeenkomstig artikel 189 A, lid 2 van het EG-Verdrag dienovereenkomstig te wijzigen; 3. verzoekt de Raad het Parlement op de hoogte te stellen ingeval hij voornemens is af te wijken van de door het Parlement goedgekeurde tekst; 4. wenst dat de overlegprocedure wordt ingeleid ingeval de Raad voornemens is af te wijken van de door het Parlement goedgekeurde tekst; 5. wenst opnieuw te worden geraadpleegd ingeval de Raad voornemens is ingrijpende wijzigingen aan te brengen in het voorstel van de Commissie; 6. verzoekt zijn Voorzitter dit advies te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.