Besluit betreffende het gemeenschappelijk standpunt, door de Raad vastgesteld met het oog op de aanneming van de richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van richtlijn 84/450/EEG inzake misleidende reclame teneinde ook vergelijkende reclame te regelen (C4- 0325/96 - 00/0343(COD)) (Medebeslissingsprocedure: tweede lezing)
Publicatieblad Nr. C 347 van 18/11/1996 blz. 0069
A4-0314/96 Besluit betreffende het gemeenschappelijk standpunt, door de Raad vastgesteld met het oog op de aanneming van de richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van richtlijn 84/450/EEG inzake misleidende reclame teneinde ook vergelijkende reclame te regelen (C4-0325/96 - 00/0343(COD)) (Medebeslissingsprocedure: tweede lezing) Het Europees Parlement, - gezien het gemeenschappelijk standpunt van de Raad (C4-0325/96 - 00/0343(COD)) ((PB C 219 van 27.7.1996, blz. 14.)), - gezien zijn in eerste lezing uitgebrachte advies ((PB C 337 van 21.12.1992, blz. 137.)) inzake het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(91)0147 ((PB C 180 van 11.07.1991, blz. 14.)), - gezien het gewijzigde voorstel van de Commissie COM(94)0151 ((PB C 136 van 19.5.1994, blz. 4.)), - gelet op artikel 189 B, lid 2 van het EG-Verdrag, - gelet op artikel 72 van zijn Reglement, - gezien de aanbeveling voor de tweede lezing van de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en consumentenbescherming (A4-0314/96), 1. wijzigt het gemeenschappelijk standpunt als volgt; 2. verzoekt de Commissie in haar overeenkomstig artikel 189 B, lid 2, sub d) van het EG-Verdrag uit te brengen advies in te stemmen met de amendementen van het Parlement; 3. verzoekt de Raad zijn goedkeuring te hechten aan alle amendementen van het Parlement, zijn gemeenschappelijk standpunt dienovereenkomstig te wijzigen en het besluit definitief vast te stellen; 4. verzoekt zijn Voorzitter onderhavig besluit te doen toekomen aan de Raad en de Commissie. (Amendement 1) Overweging 2 >Oorspronkelijke tekst> (2) overwegende dat met de voltooiing van de interne markt het aanbod steeds gevarieerder zal worden; dat aangezien de consumenten zoveel mogelijk profijt van de interne markt kunnen en moeten trekken en aangezien reclame een zeer belangrijk middel is om overal in de Gemeenschap voor alle goederen en diensten reële afzetmogelijkheden te scheppen, de basisbepalingen die de vorm en inhoud van reclame regelen, eenvormig dienen te zijn en de voorwaarden voor het gebruik van vergelijkende reclame in de lid-staten geharmoniseerd dienen te worden; dat dit ertoe zal bijdragen dat de voordelen van de verschillende vergelijkbare produkten beter zullen worden belicht; dat vergelijkende reclame voorts, in het belang van de consument een stimulans kan vormen voor de concurrentie tussen de leveranciers van goederen en diensten; >Tekst na stemming van het EP> (2) overwegende dat met de voltooiing van de interne markt het aanbod steeds gevarieerder zal worden; dat aangezien de consumenten zoveel mogelijk profijt van de interne markt kunnen en moeten trekken en aangezien reclame een zeer belangrijk middel is om overal in de Europese Unie voor alle goederen en diensten reële afzetmogelijkheden te scheppen, de basisbepalingen die de vorm en inhoud van reclame regelen, uniform dienen te zijn en de voorwaarden voor het gebruik van vergelijkende reclame in de lid-staten geharmoniseerd dienen te worden; onder die voorwaarden zal dit ertoe bijdragen dat de voordelen van de verschillende vergelijkbare produkten objectief kunnen worden belicht; dat vergelijkende reclame voorts, in het belang van de consument een stimulans kan vormen voor de concurrentie tussen de leveranciers van goederen en diensten; (Amendement 2) Overweging 5 >Oorspronkelijke tekst> (5) overwegende dat in punt 3, onder d), van de bijlage bij de Resolutie van de Raad van 14 april 1975 betreffende een eerste programma van de Europese Economische Gemeenschap voor een beleid inzake bescherming en voorlichting van de consument, het recht op voorlichting onder de fundamentele rechten van de consument is opgenomen; dat dit recht wordt bevestigd in de resolutie van de Raad van 19 mei 1981 betreffende een tweede programma van de Europese Economische Gemeenschap betreffende een beleid inzake bescherming en voorlichting van de consument, in punt 40 van de bijlage, waarin met name de voorlichting van de consument ter sprake komt; dat vergelijkende reclame waarin wezenlijke, relevante, verifieerbare en representatieve kenmerken worden vergeleken en die niet misleidend is, een gewettigd middel is om de consumenten tot hun eigen voordeel voor te lichten; >Tekst na stemming van het EP> (5) overwegende dat in punt 3, onder d), van de bijlage bij de Resolutie van de Raad van 14 april 1975 betreffende een eerste programma van de Europese Economische Gemeenschap voor een beleid inzake bescherming en voorlichting van de consument, het recht op voorlichting onder de fundamentele rechten van de consument is opgenomen; dat dit recht wordt bevestigd in de resolutie van de Raad van 19 mei 1981 betreffende een tweede programma van de Europese Economische Gemeenschap betreffende een beleid inzake bescherming en voorlichting van de consument, in punt 40 van de bijlage, waarin met name de voorlichting van de consument ter sprake komt; dat vergelijkende reclame waarin wezenlijke, verifieerbare en representatieve kenmerken worden vergeleken en die niet misleidend is, een gewettigd middel kan zijn om de consumenten over hun voordelen voor te lichten; (Amendement 3) Overweging 9 bis (nieuw) >Tekst na stemming van het EP> (9 bis) overwegende dat voor vergelijkende reclame door een erkend neutraal instituut uitgevoerde vergelijkende tests een bruikbare grondslag kunnen vormen; dat, voorzover van deze resultaten een geoorloofd gebruik wordt gemaakt, de adverteerders zelf de verantwoordelijkheid voor dit gebruik moeten dragen; (Amendement 4) Overweging 10 >Oorspronkelijke tekst> (10) overwegende dat de voorwaarden voor vergelijkende reclame cumulatief moeten zijn en in hun geheel moeten worden nageleefd; dat dit de lid-staten niet belet uitvoeringsbepalingen voor elk van de voorwaarden vast te stellen om voor elk geval de passende oplossing te vinden; >Tekst na stemming van het EP> Schrappen. (Amendement 6) Overweging 15 >Oorspronkelijke tekst> (15) overwegende dat dient te worden bepaald dat de in de artikelen 4 en 5 van Richtlijn 84/450/EEG genoemde gerechtelijke en/of administratieve procedures ook ter beschikking staan om op te treden tegen vergelijkende reclame die niet beantwoordt aan de in deze richtlijn vastgestelde voorwaarden; overwegende dat artikel 6 op dezelfde wijze op ongeoorloofde vergelijkende reclame van toepassing is; >Tekst na stemming van het EP> (15) overwegende dat dient te worden bepaald dat de in de artikelen 4 en 5 van Richtlijn 84/450/EEG genoemde gerechtelijke en/of administratieve procedures ook ter beschikking staan om op te treden tegen vergelijkende reclame die niet beantwoordt aan de in deze richtlijn vastgestelde voorwaarden; dat reeds in de zestiende overweging van bovengenoemde richtlijn is gesteld dat vrijwillig toezicht door zelfreguleringscolleges om misleidende reclame tegen te gaan, administratieve of gerechtelijke maatregelen kan voorkomen en dus moet worden aangemoedigd en dat deze tendens nu moet worden doorgevoerd; overwegende dat artikel 6 op dezelfde wijze op ongeoorloofde vergelijkende reclame van toepassing is; (Amendement 20) Overweging 20 >Oorspronkelijke tekst> (20) overwegende dat de lid-staten niet verplicht zijn vergelijkende reclame toe te staan voor goederen of diensten waarvoor zij een verbod handhaven of invoeren, met inbegrip van een verbod op verkoopmethoden of reclame gericht op kwetsbare groepen consumenten; >Tekst na stemming van het EP> (20) overwegende dat de lid-staten niet verplicht zijn vergelijkende reclame toe te staan voor goederen of diensten waarvoor zij, met inachtneming van de bepalingen van het Verdrag, een verbod handhaven of invoeren, met inbegrip van een verbod op verkoopmethoden of reclame gericht op kwetsbare groepen consumenten, alsmede verbodsbepalingen, gebaseerd op gedragscodes die bepaalde beroepsgroepen hebben opgesteld in het kader van hun bevoegdheid tot zelfregulering zoals voorzien in de algemene rechtsorde; (Amendement 8) ARTIKEL 1, PUNT 4 Artikel 3 bis, lid 1, sub c) (richtlijn 84/450/EEG) >Oorspronkelijke tekst> c) op objectieve wijze een of meer wezenlijke, relevante, controleerbare en representatieve kenmerken van deze goederen en diensten, waartoe de prijs kan behoren, met elkaar vergelijkt; >Tekst na stemming van het EP> c) op objectieve wijze een of meer wezenlijke, controleerbare en representatieve kenmerken van deze goederen en diensten, waartoe ook de prijs kan behoren, met elkaar vergelijkt; (Amendement 9) ARTIKEL 1, PUNT 4 Artikel 3 bis, lid 1, sub e) (richtlijn 84/450/EEG) >Oorspronkelijke tekst> e) niet de goede naam schaadt van of zich niet kleinerend uitlaat over de merken, handelsnamen, andere onderscheidende kenmerken, goederen, diensten of activiteiten van een concurrent; >Tekst na stemming van het EP> e) niet de goede naam schaadt van of zich niet kleinerend uitlaat over de merken, handelsnamen, andere onderscheidende kenmerken, goederen, diensten, activiteiten, persoonlijke eigenschappen of omstandigheden van een concurrent; (Amendement 12) ARTIKEL 1, PUNT 4 Artikel 3 bis, lid 1, sub g) bis (nieuw) (richtlijn 84/450/EEG) >Tekst na stemming van het EP> g bis) en mits de adverteerder, voorafgaand aan het plaatsen van de advertentie, beschikt over concrete bewijzen voor de vergelijkende gegevens, zodat hij dit bewijsmateriaal binnen 48 uur ter beschikking kan stellen van de bevoegde instantie. (Amendement 13) ARTIKEL 1, PUNT 4 Artikel 3 bis, lid 1, sub g) ter (nieuw) (richtlijn 84/450/EEG) >Tekst na stemming van het EP> g ter) niet goederen of diensten voorstelt als een imitatie of namaak van goederen of diensten die beschermd zijn door een geregistreerd handelsmerk of handelsnaam. (Amendement 21) ARTIKEL 1, PUNT 4 Artikel 3 bis, lid 1, sub g) quater (nieuw) (richtlijn 84/450/EEG) >Tekst na stemming van het EP> g quater) wat betreft de beroeps-matige dienstverlening niet strijdig is met gedragscodes die, met inachtneming van alle bepalingen van het Verdrag, zijn opgesteld in het kader van de bevoegdheid tot zelfregulering zoals voorzien in de algemene rechtsorde, (Amendement 15) ARTIKEL 1, PUNT 4 Artikel 3 bis, lid 2 bis (nieuw) (richtlijn 84/450/EEG) >Tekst na stemming van het EP> 2 bis. Verwijzing naar of weergave van de resultaten van vergelijkende tests van goederen of diensten die door derden zijn uitgevoerd, is uitsluitend toegestaan indien de persoon die de tests heeft uitgevoerd daarvoor uitdrukkelijk toestemming verleent. In zulke gevallen aanvaardt de adverteerder de verantwoordelijkheid voor de test als was deze door hemzelf of onder zijn leiding uitgevoerd. (Amendement 16) ARTIKEL 1, PUNT 5 Artikel 4, lid 1, eerste alinea (richtlijn 84/450/EEG) >Oorspronkelijke tekst> 1. De lid-staten dragen zorg voor passende en doeltreffende middelen voor toezicht op misleidende reclame en voor de naleving van de bepalingen inzake vergelijkende reclame, zulks in het belang van zowel consumenten als concurrenten en het publiek in het algemeen. >Tekst na stemming van het EP> 1. De lid-staten dragen zorg voor passende en doeltreffende middelen ter bestrijding van misleidende reclame en voor de naleving van de bepalingen inzake vergelijkende reclame, zulks in het belang van zowel consumenten als concurrenten en het publiek in het algemeen. (Amendement 17) ARTIKEL 1, PUNT 5 Artikel 4, lid 1, tweede alinea bis (nieuw) (richtlijn 84/450/EEG) >Tekst na stemming van het EP> Elke lid-staat beslist welke van deze procedures zal worden gevolgd en of de rechterlijke of administratieve instantie zal mogen eisen dat afdoening van de klacht eerst langs andere wegen, met inbegrip van die vermeld in artikel 5, wordt beproefd. (Amendement 18) ARTIKEL 1, PUNT 7 Artikel 5 (richtlijn 84/450/EEG) >Oorspronkelijke tekst> Deze richtlijn sluit vrijwillig toezicht op misleidende reclame of vergelijkende reclame door zelfreguleringscolleges en het inschakelen van deze colleges door de in artikel 4 genoemde personen of organisaties niet uit, indien de mogelijkheid van procedures bij zulke colleges bestaat naast de gerechtelijke of de administratieve procedure bedoeld in artikel 4. >Tekst na stemming van het EP> Deze richtlijn sluit vrijwillig toezicht op misleidende reclame of vergelijkende reclame door zelfreguleringscolleges en het inschakelen van deze colleges door de in artikel 4 genoemde personen of organisaties niet uit maar bevordert juist het gebruik ervan, indien de mogelijkheid van procedures bij zulke colleges bestaat naast de gerechtelijke of de administratieve procedure bedoeld in artikel 4. (Amendement 19) ARTIKEL 1, PUNT 7 Artikel 5 bis (nieuw) (richtlijn 84/450/EEG) >Tekst na stemming van het EP> 7 bis. Het volgende artikel wordt toegevoegd: "Artikel 5 bis Op grond van het subsidiariteitsprincipe zal het vrijwillig toezicht op de misleidende en de vergelijkende reclame, indien van toepassing, uitgeoefend worden door de nationale zelfreguleringsinstantie; een overkoepelende Europese zelfreguleringsinstantie zal hierbij cooerdineren en openstaan voor grensoverschrijdende klachten.3