51995AP0155

Wetgevingsresolutie houdende advies van het Europees Parlement inzake het voorstel voor een verordening van de Raad tot wijziging van verordening (EEG) nr. 3821/85 en richtlijn 88/599/EEG betreffende het controleapparaat in het wegvervoer (COM(94)0323 - C4-0125/94 - 94/0187(SYN)) (Samenwerkingsprocedure: eerste lezing)

Publicatieblad Nr. C 249 van 25/09/1995 blz. 0128


A4-0155/95

Voorstel voor een verordening van de Raad tot wijziging van verordening (EEG) nr. 3821/85 en richtlijn 88/599/EEG betreffende het controleapparaat in het wegvervoer (COM(94)0323 - C4-0125/94 - 94/0187(SYN))

Dit voorstel werd goedgekeurd met de volgende wijzigingen:

(Amendement 1)

Tweede overweging

>Oorspronkelijke tekst>

overwegende dat de economische druk op transportondernemingen en derhalve op de afzonderlijke chauffeurs op gespannen voet staat met de naleving van de noodzakelijke werktijden en snelheidsbeperkingen en dat er van de handhaving momenteel onvoldoende prikkels uitgaan om grove overtredingen tegen te gaan,

>Tekst na stemming van het EP>

overwegende dat door economische druk en concurrentie in het wegtransport en op de daarin werkzame afzonderlijke chauffeurs het problematisch is de naleving van rij- en rusttijden en snelheidsbeperkingen zorgvuldig te doen naleven,

(Amendement 2)

Tweede overweging bis (nieuw)

>Tekst na stemming van het EP>

overwegende dat het aan de lid-staten is controle uit te oefenen op de naleving van de wetgeving en dat zulks niet alleen zeer verscheiden maar ook weinig systematisch in de Gemeenschap als geheel geschiedt: wat de vraag wettigt of de doelstellingen van het beleid kunnen worden gerealiseerd zonder enige coördinerende bevoegdheid op Gemeenschapsniveau,

(Amendement 3)

Derde overweging

>Oorspronkelijke tekst>

overwegende dat deze grove overtredingen onaanvaardbaar zijn voor de afzonderlijke chauffeur, de eerlijke concurrentie nadelig beïnvloeden en een gevaar betekenen voor de verkeersveiligheid,

>Tekst na stemming van het EP>

overwegende dat grove overtredingen een gevaar betekenen voor de verkeersveiligheid en onaanvaardbaar zijn uit concurrentieoverwegingen voor de afzonderlijke chauffeur, die zich wel aan de regels houdt;

(Amendement 4)

Vierde overweging

>Oorspronkelijke tekst>

overwegende dat de verkeersveiligheid kan worden vergroot door het verstandig rijden aan te moedigen met behulp van de automatische registratie van andere gegevens over de rit van het voertuig, zoals de snelheid en de afgelegde afstand,

>Tekst na stemming van het EP>

overwegende dat de verkeersveiligheid kan worden vergroot dankzij automatische registratie van en regelmatige controle, zowel binnen de onderneming als door externe instanties, van gegevens over de inzet en het gedrag van de bestuurder en over de rit van het voertuig, zoals de snelheid en de afgelegde afstand;

(Amendement 5)

Vierde overweging bis (nieuw)

>Tekst na stemming van het EP>

overwegende dat de registratie van een groot aantal gegevens, zoals tijd en plaats van inzet van mens en materiaal, afgelegde afstand, snelheid en brandstofverbruik, verstandig rijden en rationele bedrijfsvoering kunnen aanmoedigen,

(Amendement 6)

Vijfde overweging

>Oorspronkelijke tekst>

overwegende dat het van essentieel belang is dat alle toekomstige systemen minstens even nauwkeurig, betrouwbaar en aanvaardbaar blijven als het huidige systeem dat de laatste veertig jaar de naleving van nationale en communautaire wetgeving heeft verbeterd,

>Tekst na stemming van het EP>

overwegende dat het van essentieel belang is dat alle toekomstige systemen nauwkeuriger, betrouwbaarder en minder fraudegevoelig zijn dan het bestaande systeem en dat alle gewenste overige data kunnen worden geregistreerd en opgeslagen en dat deze systemen ook de mogelijkheid bieden om de functies van het wagenparkbeheer op goedkope wijze uit te breiden,

(Amendement 7)

Vijfde overweging bis (nieuw)

>Tekst na stemming van het EP>

overwegende dat de communautaire wetgeving nieuwe technische ontwikkelingen in de data-registratie en verwerking die in een apparaat kunnen worden gecombineerd, niet in de weg mag staan,

(Amendement 8)

Zevende overweging

>Oorspronkelijke tekst>

overwegende dat deze voorschriften momenteel moeilijk te handhaven zijn aangezien de gegevens worden vastgelegd op verscheidene registratiebladen voor een dag, waarbij de registratiebladen voor de lopende week en de laatste dag van de voorgaande week in de cabine worden bewaard,

>Tekst na stemming van het EP>

overwegende dat deze voorschriften momenteel moeilijk te handhaven zijn aangezien de gegevens worden vastgelegd op verscheidene registratiebladen voor een dag, waarbij de registratiebladen voor de lopende week en de laatste dag van de voorgaande week in de cabine worden bewaard en derhalve deze gegevens dan meestal niet tevens in het bedrijf aanwezig zijn,

(Amendement 9)

Zevende overweging bis (nieuw)

>Tekst na stemming van het EP>

overwegende dat controles in het bedrijf, die thans niet in alle lid-staten en niet gelijkelijk in alle lid-staten worden uitgevoerd, effectiever zijn dan willekeurige controles op de weg en derhalve te prefereren en te systematiseren zijn,

(Amendement 10)

Achtste overweging

>Oorspronkelijke tekst>

overwegende dat de invoering van de bestuurderskaart een eind zal maken aan veel van de meest voorkomende misbruiken van het huidige systeem doordat het ervoor zorgt dat de vastgelegde gegevens onmiddellijk beschikbaar zijn op een leesvenster, niet voor meerdere uitleg vatbaar zijn, gemakkelijk begrijpbaar en betrouwbaar zijn en bovenal een onweerlegbare registratie van de werkzaamheden van de chauffeur gedurende de laatste 28 rijdagen vormt,

>Tekst na stemming van het EP>

overwegende dat de invoering van nieuwe geavanceerde apparatuur een eind kan maken aan misbruiken van het huidige systeem doordat het ervoor zorgt dat de vastgelegde gegevens onmiddellijk beschikbaar zijn in het bedrijf en in het voertuig, niet voor meerdere uitleg vatbaar zijn, gemakkelijk begrijpbaar en betrouwbaar zijn en bovenal een onweerlegbare registratie van de werkzaamheden van de chauffeur gedurende de laatste 28 rijdagen vormt,

(Amendement 11)

Negende overweging

>Oorspronkelijke tekst>

overwegende dat het derhalve dienstig is verordening (EEG) nr. 3821/85 te wijzigen om te voorzien in de toevoeging van een elektronische bestuurdersinformatie-eenheid zodat de bestuurderskaart in het bestaande controleapparaat kan worden gestoken,

>Tekst na stemming van het EP>

overwegende dat het derhalve dienstig is verordening (EEG) nr. 3821/85 te wijzigen om te voorzien in de toelating van elektronische registratie- en verwerkingsapparatuur en het wenselijk is dat op nader te bepalen termijn het controleapparaat nog uitsluitend bestaat uit apparatuur waarin alle gegevens in digitale vorm worden opgeslagen,

(Amendement 12)

Elfde overweging

>Oorspronkelijke tekst>

overwegende dat deze verordening voor zover het de specificatie van de bestuurderskaart betreft, de «nieuwe aanpak» toepast op de geharmoniseerde technische normen door een algemeen kader aan te geven voor de specificatie van de uitrusting, waarbij de uitgewerkte voorschriften worden overgelaten aan standaardisatieprocedures van de industrie,

>Tekst na stemming van het EP>

overwegende dat deze verordening voor zover het de specificatie van de bestuurderskaart en/of andere elektronische apparatuur betreft, de «nieuwe aanpak» toepast op de geharmoniseerde technische normen door een algemeen kader aan te geven voor de specificatie van de uitrusting, waarbij de uitgewerkte voorschriften worden overgelaten aan standaardisatieprocedures van de industrie,

(Amendement 13)

Twaalfde overweging

>Oorspronkelijke tekst>

overwegende dat het dienstig is in een vereenvoudigde procedure te voorzien voor de aanpassing van de technische aspecten van deze verordening en in de montage van alternatieve systemen die dezelfde essentiële functies vervullen, mogelijk te maken,

>Tekst na stemming van het EP>

overwegende dat het tevens dienstig is in deze verordening de technische aspecten van de montage van alternatieve systemen, die tenminste dezelfde essentiële functies vervullen, te voorzien,

(Amendement 14)

Dertiende overweging

>Oorspronkelijke tekst>

overwegende dat technische aanpassingen, alsmede alternatieve systemen die bijvoorbeeld het bestaande controleapparaat (tachograaf) en het registratieblad vervangen door apparatuur waarin gegevens in digitale vorm worden opgeslagen, worden goedgekeurd door de Commissie, bijgestaan door een raadgevend comité,

>Tekst na stemming van het EP>

overwegende dat de technische aanpassing van het huidige controlesysteem (tachograaf) en vervanging daarvan door apparatuur waarin de gegevens in digitale vorm worden opgeslagen, worden goedgekeurd door een door de Commissie ingesteld paritair comité van industrie, werkgevers en werknemers,

(Amendement 15)

Veertiende overweging

>Oorspronkelijke tekst>

overwegende dat de goedkeuring van een alternatief systeem afhankelijk is van de mate waarin dat systeem minstens in bijlage I(A) beschreven functies van het systeem vervult,

>Tekst na stemming van het EP>

overwegende dat de goedkeuring van een alternatief systeem afhankelijk is van de mate waarin dat systeem minstens in bijlage I(B) beschreven functies van het systeem vervult,

(Amendement 16)

Vijftiende overweging

>Oorspronkelijke tekst>

overwegende dat deze verordening van toepassing is op voertuigen die vallen onder de bepalingen van verordening (EEG) nr. 3820/85 en voor de eerste keer na 1 januari 1990 in het verkeer werden gebracht,

>Tekst na stemming van het EP>

overwegende dat deze verordening van toepassing is op voertuigen die vallen onder de bepalingen van verordening (EEG) nr. 3820/85 en voor de eerste keer na 1 januari 1985 in het verkeer werden gebracht,

(Amendement 17)

ARTIKEL 1, PUNT 2

Artikel 1 (Verordening EEG/3821/85)

>Oorspronkelijke tekst>

2. Artikel 1 wordt gewijzigd door toevoeging van «of I (A)" na bijlage I.

>Tekst na stemming van het EP>

2. Artikel 1 wordt gewijzigd door toevoeging van «of I (A) of (B)" na bijlage I.

(Amendement 18)

ARTIKEL 1, PUNT 3

Artikelen 4 t/m 8, 11 en 15 (Verordening EEG/3821/85)

>Oorspronkelijke tekst>

3. De artikelen 4, 5, 6, 7, 8, 11 en 15, lid 1, lid 2, eerste en tweede alinea, lid 3 en 4 worden gewijzigd door toevoeging van de woorden «of bestuurderskaart» waar het registratieblad of registratiebladen worden genoemd.

>Tekst na stemming van het EP>

3. De artikelen 4, 5, 6, 7, 8, 11 en 15, lid 1, lid 2, eerste en tweede alinea, lid 3 en 4 worden gewijzigd door toevoeging van de woorden «of bestuurderskaart» «of vervangen door digitale gegevens als opgeslagen in elektronische registratie-apparatuur» waar het registratieblad of registratiebladen worden genoemd.

(Amendement 19)

ARTIKEL 1, PUNT 4, inleidende zinsnede

Artikel 14 (Verordening EEG/3821/85)

>Oorspronkelijke tekst>

4. Er wordt aan artikel 14, een derde, vierde en vijfde lid als volgt toegevoegd:

>Tekst na stemming van het EP>

4. Er wordt aan artikel 14, een derde, vierde, vijfde en vijfde lid bis en vijfde lid ter als volgt toegevoegd:

(Amendement 20)

ARTIKEL 1, PUNT 4

Artikel 14, lid 5 (Verordening EEG/3821/85)

>Oorspronkelijke tekst>

5. De lid-staten mogen verlangen dat de bestuurdersgegevens op de intelligente kaart door de onderneming of de bevoegde instantie in een bestand worden bewaard. In dergelijke gevallen kunnen zij verlangen dat de gegevenstransmissie op de bestuurderskaart wordt aangegeven (tijd, naam van het bedrijf).

>Tekst na stemming van het EP>

5. De lid-staten nemen de nodige maatregelen opdat de bestuurdersgegevens op de intelligente kaart door de onderneming of de bevoegde instantie tijdelijk in een bestand worden bewaard. De daartoe nodige gegevenstransmissie wordt op de bestuurderskaart aangegeven (tijd, naam van het bedrijf).

(Amendement 21)

ARTIKEL 1, PUNT 4

Artikel 14, lid 5 bis (nieuw) (Verordening EEG/3821/85)

>Tekst na stemming van het EP>

5bis. De in Bijlage I (B) gedefinieerde elektronische registratie- en verwerkingsapparatuur volgens een door in artikel 18 genoemd comité goedgekeurd type vervangen zowel tachograaf als in bijlage I (A) genoemde bestuurderskaart; zij moeten echter tenminste dezelfde gegevens kunnen opnemen en doen uitlezen en moeten ook verder aan dezelfde voorwaarden van lid 5 van dit artikel voldoen.

(Amendement 22)

ARTIKEL 1, PUNT 4

Artikel 14, lid 5 ter (nieuw) (Verordening EEG/3821/85)

>Tekst na stemming van het EP>

5ter. De lid-staten dienen ervoor te zorgen dat de over de bestuurder in digitale vorm vastgelegde gegevens worden overgebracht en opgeslagen onder verantwoordelijkheid van de bevoegde instanties of met behulp van een systeem dat de veiligheid en juistheid van de gegevens garandeert.

(Amendement 23)

ARTIKEL 1, PUNT 5 BIS (nieuw)

Artikel 15 bis (nieuw) (Verordening EEG/3821/85)

>Tekst na stemming van het EP>

5 bis. Er wordt een artikel 15 bis toegevoegd:

«Artikel 15 bis

Het vervalsen, achterhouden of vernietigen van op het registratieblad, in het apparaat of op de kaart geregistreerde gegevens is verboden. Hetzelfde geldt voor manipulaties aan het apparaat, het registratieblad of de kaart, waardoor registraties vervalst, achtergehouden of vernietigd kunnen worden. In het voertuig mag geen voorziening aanwezig zijn, die daartoe kan worden gebruikt.»

(Amendement 24)

ARTIKEL 1, PUNT 7

Artikel 17, lid 2 (Verordening EEG/3821/85)

>Oorspronkelijke tekst>

2. Er kunnen nieuwe bijlagen worden opgesteld overeenkomstig dezelfde procedure voor vaststelling van technische voorschriften betreffende controleapparatuur waarin het registratieblad of de registratievoorziening als bedoeld in bijlage I(A) wordt vervangen door technologie die een vergelijkbare nauwkeurigheid en resolutie heeft. Met die techniek mogen gegevens in digitale vorm worden vastgelegd. In verband met de visuele vastlegging van de gegevens over de rijtijden en te hoge snelheden moet de functie van het registratieblad echter worden overgenomen door een printfaciliteit die op aanvraag de gegevens moet kunnen afdrukken. In de technische voorschriften van deze nieuwe bijlagen moeten procedures voor het overbrengen van de vastgelegde gegevens worden overgenomen. Hoe de bestuurderskaart moet functioneren en wat de specificaties daarvoor zijn, alsmede die voor het controleapparaat en het leesvenster wordt beschreven in bijlage I (A) van deze verordening.

>Tekst na stemming van het EP>

2. Er kunnen nieuwe bijlagen worden opgesteld overeenkomstig dezelfde procedure voor vaststelling van technische voorschriften betreffende controleapparatuur waarin het registratieblad of de registratievoorziening als bedoeld in bijlage I(A) wordt vervangen door technologie die een vergelijkbare nauwkeurigheid en resolutie heeft als omschreven in bijlage I(B). Met die techniek mogen gegevens in digitale vorm worden vastgelegd. In verband met de visuele vastlegging van de gegevens over de rijtijden en te hoge snelheden moet de functie van het registratieblad echter worden overgenomen door een printfaciliteit die op aanvraag de gegevens moet kunnen afdrukken. In de technische voorschriften van deze nieuwe bijlagen moeten procedures voor het overbrengen van de vastgelegde gegevens worden overgenomen. Hoe de bestuurderskaart moet functioneren en wat de specificaties daarvoor zijn, alsmede die voor het controleapparaat en het leesvenster wordt beschreven in bijlage I(A) van deze verordening.

>Tekst na stemming van het EP>

2 bis. In bijlage I(B) wordt de procedure vastgelegd voor vast-stelling van technische voorschriften betreffende controleapparatuur waarin het registratieblad of de registratievoorziening als bedoeld in bijlage I(A) wordt vervangen door in digitale vorm vastlegging van gegevens, de zogenaamde black box, op zulk een wijze dat dit apparaat tenminste voldoet aan dezelfde essentiële functies als de in bijlage I(A) voorziene apparatuur met dien verstande dat de compatibiliteit in het uitlezen van gegevens is gewaarborgd.

(Amendement 25)

ARTIKEL 1, PUNT 8

Artikel 18 (verordening (EEG) nr. 3821/85)

>Oorspronkelijke tekst>

De Commissie wordt bijgestaan door een comité van raadgevende aard dat is samengesteld uit vertegenwoordigers van de lid-staten en wordt voorgezeten door de vertegenwoordiger van de Commissie.

>Tekst na stemming van het EP>

De Commissie wordt bijgestaan door een comité dat is samengesteld uit vertegenwoordigers van de lid-staten, de werknemers, de werkgevers en de industrie en wordt voorgezeten door de vertegenwoordiger van de Commissie.

>Oorspronkelijke tekst>

De vertegenwoordiger van de Commissie legt aan het comité een ontwerp voor van de te nemen maatregelen. Het comité brengt over het ontwerp advies uit binnen een termijn die de voorzitter kan bepalen naar gelang van de urgentie van de materie, zo nodig door middel van een stemming.

Het advies wordt in de notulen opgenomen; voorts heeft iedere lid-staat het recht te verzoeken dat zijn standpunt in de notulen wordt opgenomen.

>Tekst na stemming van het EP>

De vertegenwoordiger van de Commissie legt aan het comité een ontwerp voor van de te nemen maatregelen. Het comité brengt over het ontwerp advies uit binnen een termijn die de voorzitter kan bepalen naar gelang van de urgentie van de materie.

Het comité spreekt zich uit met de meerderheid van stemmen die in artikel 148, lid 2, van het Verdrag is voorgeschreven voor de aanneming van besluiten die de Raad op voorstel van de Commissie dient te nemen. Bij de stemming in het comité worden de stemmen van de vertegenwoordigers van de lid-staten overeenkomstig genoemd artikel gewogen. De voorzitter neemt niet deel aan de stemming.

>Oorspronkelijke tekst>

De Commissie houdt zoveel mogelijk rekening met het door het comité uitgebrachte advies. Zij brengt het comité op de hoogte van de wijze waarop zij rekening heeft gehouden met zijn advies.

>Tekst na stemming van het EP>

De Commissie stelt de geplande maatregelen vast wanneer zij overeenstemmen met het advies van het comité.

Wanneer deze niet in overeenstemming zijn met het advies van het comité of wanneer geen advies is uitgebracht, dient de Commissie bij de Raad onverwijld een voorstel voor de te nemen maatregelen in. De Raad beslist met gekwalificeerde meerderheid van stemmen.

Wanneer de Raad na afloop van een termijn welke in elk krachtens deze alinea door de Raad te nemen besluit wordt vastgesteld, maar in geen geval een periode van drie maanden te rekenen vanaf het tijdstip waarop het voorstel aan de Raad wordt voorgelegd mag overschrijden, geen besluit heeft genomen, worden de voorgestelde maatregelen door de Commissie vastgesteld.

(Amendement 26)

ARTIKEL 1, PUNT 9

Bijlage I(A) (Verordening EEG/3821/85)

>Oorspronkelijke tekst>

9. Een nieuwe Bijlage I(A), wordt toegevoegd.

>Tekst na stemming van het EP>

9. Nieuwe bijlage I(A) en (B) worden toegevoegd.

(Amendement 27)

ARTIKEL 2, LID 1

>Oorspronkelijke tekst>

1. Voertuigen die vóór 1 januari 1990 in gebruik zijn genomen worden uitgerust met een controleapparaat als bedoeld in bijlage I of bijlage I(A). Artikel 14, de leden 3, 4 en 5, artikel 15, lid 3 en artikel 16, lid 3, zijn niet van toepassing op deze voertuigen die met een controleapparaat zijn uitgerust als bedoeld in bijlage I.

>Tekst na stemming van het EP>

1. Voertuigen die vóór 1 januari 1985 in gebruik zijn genomen worden uitgerust met een controleapparaat als bedoeld in bijlage I of bijlage I(A) of I(B). Artikel 14, de leden 3, 4 en 5, artikel 15, lid 3 en artikel 16, lid 3, zijn niet van toepassing op deze voertuigen die met een controleapparaat zijn uitgerust als bedoeld in bijlage I.

(Amendement 28)

ARTIKEL 2, LID 2, inleidende zin

>Oorspronkelijke tekst>

2. Voertuigen die na 1 januari 1990 en vóór 1 januari 1996 in gebruik zijn genomen, moeten vóór 1 januari 2000 worden uitgerust met het in bijlage I(A) van deze verordening bedoelde controleapparaat, met uitzondering van de volgende voorschriften van bijlage I(A).

>Tekst na stemming van het EP>

2. Voertuigen die na 1 januari 1990 en vóór 1 januari 1996 in gebruik zijn genomen, moeten vóór 1 januari 2000 worden uitgerust met het in bijlage I(A) of I(B) van deze verordening bedoelde controleapparaat indien zij zijn uitgerust met het in bijlage I(A) bedoelde apparaat, met uitzondering van de volgende voorschriften van bijlage I(A).

(Amendement 29)

ARTIKEL 3

>Oorspronkelijke tekst>

De lid-staten verlenen vanaf 1 januari 1997 geen EEG-goedkeuring meer voor alle nieuwe typen controle-apparaat die niet voldoen aan de bepalingen van bijlage I(A) van deze verordening.

>Tekst na stemming van het EP>

De lid-staten verlenen vanaf 1 januari 1997 geen EEG-goedkeuring meer voor alle nieuwe typen controle-apparaat die niet voldoen aan de bepalingen van bijlage I(A) of I (B) van deze verordening.

(Amendement 34)

ARTIKEL 5 BIS (nieuw)

>Tekst na stemming van het EP>

Artikel 5 bis

De Commissie wordt verzocht het Parlement en de Raad voor 30 juni 1996 een verslag voor te leggen over de technische haalbaarheid van een elektronisch registratie- en verwerkingsapparaat voor de controles in het wegvervoer, alsmede over de eventuele invoering daarvan vóór 1 januari 2000.

(Amendement 30)

Bijlage I(A), III sub c), paragraaf 4 (Verordening EEG/3821/85)

>Oorspronkelijke tekst>

4. Er dient een uitwendig waarschuwingssignaal te worden gegeven dat voor andere weggebruikers zichtbaar is wanneer de bestuurder langer dan een wettelijk voorgeschreven periode heeft gereden of wanneer de bestuurderskaart zich niet in het apparaat bevindt. In noodgevallen kan dit signaal worden afgezet met behulp van een verzegelde schakelaar.

>Tekst na stemming van het EP>

Schrappen

(Amendement 31)

Bijlage I(B) (nieuw)

>Tekst na stemming van het EP>

Een nieuwe bijlage I(B) wordt toegevoegd die daar waar afwijkend van bijlage I(A), als volgt luidt:

I(a) Registratie-apparatuur houdt in ... en een datageheugen.

>Tekst na stemming van het EP>

I(b) Massageheugen staat voor «een elektronisch opslagsysteem voor gegevens (geheugen) dat in de registratie-apparatuur is ingebouwd, dat in staat is een x aantal dagen van de registratie-apparatuur over te nemen. Het geheugen dient op een dusdanige manier beveiligd te zijn dat niet-geautoriseerde toegang en manipulatie van de gegevens niet mogelijk zijn.

>Tekst na stemming van het EP>

II(a) 6 punt 7 van Bijlage I(A) II a

7 punt 8 van Bijlage I(A) II a

8 punt 9 van Bijlage I(A) II a

II(d) Registratie en opslag van gegevens in het geval van twee chauffeurs

... De apparatuur moet tevens in staat zijn gelijktijdig, maar toch onderscheidenlijk details van de informatie als aangegeven onder II(a) 4 en 5 op twee bestuurderskaarten en in het geheugen op te slaan.

II(e) Tonen op aanvraag

7. Bestuurde voertuigen, minimaal 4 per dag voor ten minste 28 dagen met de laatste 8 tekens van het chassis-nummer, de per voertuig en dag afgelegde afstand, de tijd waarop de bestuurderskaart voor de eerste keer is ingebracht en voor de laatste keer is uitgenomen, de tijd waarop van voertuig werd gewisseld en het eerste volgnummer van het registratieblad per dag en de tijd waarop van voertuig werd gewisseld.

III(a)

1. 5. vervalt

6. Tijdmeting (uurwerk)

6.1. De tijdmeting geschiedt automatisch in het geheugen.

6.2. Het uurwerk in het geheugen ...

7. Verlichting en bescherming

7.4. alinea 2:

De bovengenoemde elektronische beveiliging ... de bepalingen van hoofdstuk II(a) 6 niet van toepassing.

III(d) Registreerinrichtingen (nieuwe tekst)

Registreerinrichtingen dienen op te slaan:

1. afgelegde afstand

2. snelheid

3. tijd

III(f) Slot (nieuwe tekst)

De weergave van het geheugen mag door bestuurder en anderen niet gemanipuleerd kunnen worden, dit moet zichtbaar zijn gemaakt op de installatie zelve of door een niet veranderbare tijdaanduiding in de inhoudsopgave van het geheugen.

IV BESTUURDERSKAART

(Hernummering van de rubrieken, na schrapping b en c)

(a) Inbrengen/uitnemen

(b) Rijden zonder bestuurderskaart

Het begin van een rijperiode zonder bestuurderskaart, d.w.z. wanneer de bestuurderskaart niet is ingebracht of een bestuurderskaart niet goed functioneert, moet speciaal op het geheugen worden opgetekend of aangegeven.

(c) Geheugencapaciteit van de bestuurderskaart

(d) Zichtbare gegevens

(e) Overname van gegevens

(f) normen

V. REGISTRATIEBLADEN (vervalt)

Wetgevingsresolutie houdende advies van het Europees Parlement inzake het voorstel voor een verordening van de Raad tot wijziging van verordening (EEG) nr. 3821/85 en richtlijn 88/599/EEG betreffende het controleapparaat in het wegvervoer (COM(94)0323 - C4-0125/94 - 94/0187(SYN))

(Samenwerkingsprocedure: eerste lezing)

Het Europees Parlement,

- gezien het voorstel van de Commissie aan de Raad (COM(94)0323 - 94/0187(SYN)) (( PB C 243 van 31.8.1994, blz. 8.)),

- geraadpleegd door de Raad overeenkomstig de artikelen 75 en 189 C van het EG- Verdrag (C4-0125/94),

- gelet op artikel 58 van zijn Reglement,

- gezien het verslag van de Commissie vervoer en toerisme en de adviezen van de Commissie economische en monetaire zaken en industriebeleid en de Commissie sociale zaken en werkgelegenheid (A4-0155/95),

1. hecht zijn goedkeuring aan het Commissievoorstel zoals gewijzigd door het Parlement;

2. verzoekt de Commissie haar voorstel krachtens artikel 189 A,lid 2, van het EG-Verdrag dienovereenkomstig te wijzigen;

3. verzoekt de Raad de door het Parlement aangenomen amendementen in zijn overeenkomstig artikel 189 C, sub a) van het EG-Verdrag vast te stellen gemeenschappelijk standpunt over te nemen;

4. verzoekt zijn Voorzitter dit advies te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.