ADVIES VAN HET ECONOMISCH EN SOCIAAL COMITE over het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en van de Raad tot wijziging van Richtlijn 95/2/EG van het Europees Parlement en van de Raad betreffende levensmiddelenadditieven met uitzondering van kleurstoffen en zoetstoffen
Publicatieblad Nr. C 018 van 22/01/1996 blz. 0020
Advies over het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en van de Raad tot wijziging van Richtlijn 95/2/EG van het Europees Parlement en van de Raad betreffende levensmiddelenadditieven met uitzondering van kleurstoffen en zoetstoffen () (96/C 18/05) De Raad heeft op 5 oktober 1995 besloten overeenkomstig de bepalingen van artikel 100 A van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap het Economisch en Sociaal Comité om advies te vragen inzake het voornoemde voorstel. De Afdeling voor milieu, volksgezondheid en consumentenvraagstukken, die met de voorbereiding van de desbetreffende werkzaamheden was belast, heeft haar advies op 19 september 1995 goedgekeurd. Rapporteur was de heer Gardner; co-rapporteurs waren de heren De Knegt en Koopman. Het Economisch en Sociaal Comité heeft tijdens zijn 329e Zitting (vergadering van 25 oktober 1995) het volgende advies uitgebracht, dat met algemene stemmen is goedgekeurd. Het Comité hecht zijn goedkeuring aan het voorstel van de Commissie, onder voorbehoud van de onderstaande opmerkingen. 1. Inleiding Het levensmiddelenadditief E 407 of carrageen is een algenextract dat gebruikt wordt als verdikkingsmiddel. De Commissie stelt nu voor, ook E 407a, dat zij aanduidt als "op andere wijze geraffineerd carrageen", toe te staan. E 407a wordt vervaardigd uit Eucheuma-wieren en is eveneens een verdikkingsmiddel. Anders dan carrageen bevat het echter residuen van algencellen, en is het daarom rijker aan vezels. We hebben dus te maken met twee verschillende produkten, zowel vanuit technologisch oogpunt als wat de voedingswaarde betreft. Op het moment dat Richtlijn 95/2/EG werd vastgesteld was nog niet gebleken of het gebruik van E 407a onschadelijk is. Inmiddels is het onderzoek afgerond, en heeft het Wetenschappelijk Comité voor de menselijke voeding bepaald dat E 407 en E 407a even veilig zijn. 2. Opmerkingen 2.1. Het Comité steunt het voorstel onder voorbehoud van de volgende wijzigingen : 2.2. De voorgestelde benaming is nietszeggend en kan misleidend werken. Carrageen is geraffineerde gom, terwijl het nieuwe produkt behalve carrageen een aanzienlijke hoeveelheid residuen van algencellen bevat. Het spreekt vanzelf dat de naam (of het E-nummer) op de verpakking van het afgewerkte produkt moet worden vermeld. Om de consument zo goed mogelijk voor te lichten, dient de meest zinvolle benaming te worden gekozen. De Commissie moet dus op zoek gaan naar een andere naam, waaruit duidelijk het onderscheid tussen de twee produkten blijkt. 2.3. Gezien de niet te verwaarlozen hoeveelheid algen, komt het erop aan uiterst nauwkeurig informatie te verstrekken, waarbij ook wordt vermeld om welke soorten algen het gaat. 2.4. Het Comité suggereert "Eucheuma-gom". 2.5. Aangezien de informatie op de verpakking ook het E-nummer behelst, is het vanuit handelsoogpunt handiger een nummer te kiezen dat duidelijk verschilt van het carrageen-nummer. 2.6. Het Comité neemt aan dat het nummer E 407a is voorgesteld omdat de Codex-groep nog niet de gelegenheid heeft gehad om deze kwestie te bespreken en de Commissie het wenselijk acht dat het Codex- en het EEG-nummer samenvallen. 2.7. Het Comité meent dat het nummer E 408 beschikbaar kan worden gesteld. De Commissie zou dit moeten nagaan, zodat het door haar voorgestelde nummer kan worden veranderd in E 408 of een ander door de Codex-groep goedgekeurd nummer. Brussel, 25 oktober 1995. De voorzitter van het Economisch en Sociaal Comité C. FERRER () PB nr. C 163 van 29. 6. 1995, blz. 12.