|
Publicatieblad |
NL L-serie |
|
2024/2555 |
27.9.2024 |
GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) 2024/2555 VAN DE COMMISSIE
van 21 maart 2024
tot wijziging van Verordening (EU) 2019/1021 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft hexabroomcyclododecaan
(Voor de EER relevante tekst)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) 2019/1021 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 betreffende persistente organische verontreinigende stoffen (1), en met name artikel 15, lid 1,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Verordening (EU) 2019/1021 geeft uitvoering aan de verbintenissen die de Unie is aangegaan in het kader van het Verdrag van Stockholm inzake persistente organische verontreinigende stoffen (2) (“het verdrag”) en het Protocol inzake persistente organische verontreinigende stoffen bij het Verdrag van 1979 betreffende grensoverschrijdende luchtverontreiniging over lange afstand (3). |
|
(2) |
Krachtens artikel 3, lid 1, van Verordening (EU) 2019/1021 zijn de vervaardiging, het in de handel brengen en het gebruik, als zodanig of in mengsels of voorwerpen, van de in bijlage I bij die verordening opgenomen stoffen verboden, met inachtneming van artikel 4 van die verordening. |
|
(3) |
Hexabroomcyclododecaan (HBCDD) is opgenomen in bijlage I bij Verordening (EU) 2019/1021 met een grenswaarde voor onopzettelijke sporenverontreiniging (UTC) van 100 mg/kg (0,01 % in gewicht) voor de aanwezigheid in stoffen, mengsels of voorwerpen of als bestanddeel in brandvertraagde voorwerpen. Die UTC-grenswaarde wordt door de Commissie herzien. |
|
(4) |
De productie, het in de handel brengen en het gebruik van HBCDD in de Unie zijn grotendeels uitgefaseerd. Als gevolg van vroegere en huidige recyclingactiviteiten komt HBCDD voor in gerecycleerde kunststoffen en daarvan vervaardigde producten. Er bestaat bezorgdheid over het feit dat nieuwe toepassingen van gerecycleerd polymeer materiaal dat bij de oorspronkelijke toepassing vlamvertragend was, hebben geleid tot de ongewenste aanwezigheid van broomhoudende brandvertragers, waarvan het gebruik bij wet beperkt werd, in goederen zoals kinderspeelgoed, voorwerpen die met levensmiddelen in contact komen en verpakkingen van polystyreen. |
|
(5) |
Gezien de aanwezigheid van HBCDD in verschillende afvalstromen en de relevantie ervan voor recyclingactiviteiten, aangezien de stof als persistente organische verontreinigende stof is aangemerkt, moet de concentratie van deze toxische stof in producten zo laag mogelijk zijn om de blootstelling tot een minimum te beperken en zo de menselijke gezondheid en het milieu te beschermen. |
|
(6) |
Hoewel de huidige recycling van EPS beperkt is, wordt verwacht dat de recycling van EPS-isolatie de komende decennia sterk zal toenemen. |
|
(7) |
Er worden innovatieve technologieën, waaronder op oplosmiddelen gebaseerde recyclingprocessen, ontwikkeld voor levensvatbare en milieuvriendelijke recycling. De recyclingtechnologie op basis van oplosmiddelen die reeds in gebruik is voor de recycling van bouw- en sloopafval tot polystyreenpellets, die kunnen worden gebruikt voor nieuwe XPS- of EPS-voorwerpen, is relatief nieuw doch beloftevol en aanvullende gegevens en informatie zullen worden gegenereerd door de verdere uitvoering en opschaling ervan, waardoor het proces verder kan worden verbeterd en er een stevigere feitenbasis voor de besluitvorming kan worden gelegd. |
|
(8) |
De huidige bepaalbaarheidsgrenzen van analysemethoden die worden gebruikt om HBCDD-concentraties in stoffen, mengsels of voorwerpen te bepalen, maken het niet mogelijk een betrouwbare meting uit te voeren voor een aanzienlijk lagere UTC-grenswaarde dan die welke momenteel van kracht is, waardoor de handhavingsautoriteiten voor uitdagingen komen te staan. |
|
(9) |
Verordening (EU) 2019/1021 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Bijlage I bij Verordening (EU) 2019/1021 wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij deze verordening.
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 21 maart 2024.
Voor de Commissie
De voorzitter
Ursula VON DER LEYEN
(1) PB L 169 van 25.6.2019, blz. 45, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2019/1021/oj.
(2) PB L 209 van 31.7.2006, blz. 3, ELI: http://data.europa.eu/eli/convention/2006/507/oj.
(3) PB L 81 van 19.3.2004, blz. 37, ELI: http://data.europa.eu/eli/prot/2004/259/oj.
BIJLAGE
In de tabel van deel A van bijlage I bij Verordening (EU) 2019/1021, in de rij voor “1 Hexabroom-cyclododecaan” — “Hexabroomcyclododecaan” omvat: hexabroomcyclododecaan, 1,2,5,6,9,10-hexabroomcyclododecaan en zijn voornaamste diastereo-isomeren: α-hexabroomcyclododecaan, β-hexabroomcyclododecaan, en γ-hexabroomcyclododecaan”, vierde kolom (“Specifieke vrijstelling voor gebruik als tussenproduct of andere specificatie”), wordt punt 1 vervangen door:
|
“1. |
Voor de toepassing van deze vermelding is artikel 4, lid 1, punt b), van toepassing op concentraties hexabroomcyclododecaan van ten hoogste 75 mg/kg (0,0075 massaprocent) wanneer de stof voorkomt in stoffen, mengsels of voorwerpen of als bestanddeel van de brandvertraagde voorwerpen. Voor het gebruik van gerecycleerd polystyreen bij de productie van EPS- en XPS-isolatiemateriaal voor gebruik in gebouwen of civieltechnische werken, is punt b) van toepassing op concentraties hexabroomcyclododecaan van ten hoogste 100 mg/kg (0,01 massaprocent). De in dit punt 1 bedoelde vrijstellingen worden uiterlijk op 1 januari 2026 beoordeeld en herzien door de Commissie.”. |
ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2024/2555/oj
ISSN 1977-0758 (electronic edition)