|
14.6.2022 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 159/52 |
UITVOERINGSBESLUIT (EU) 2022/919 VAN DE COMMISSIE
van 8 juni 2022
tot wijziging van Beschikking 2005/381/EG van de Commissie wat betreft de vragenlijst voor de rapportage over de toepassing van Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad
(Kennisgeving geschied onder nummer C(2022) 3604)
(Voor de EER relevante tekst)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 oktober 2003 tot vaststelling van een systeem voor de handel in broeikasgasemissierechten binnen de Unie en tot wijziging van Richtlijn 96/61/EG van de Raad (1), en met name op artikel 21, lid 1,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Op grond van artikel 21, lid 1, van Richtlijn 2003/87/EG moeten de lidstaten elk jaar bij de Commissie verslag uitbrengen over de toepassing van die richtlijn. |
|
(2) |
Beschikking 2005/381/EG van de Commissie (2) bevat in de bijlage een vragenlijst die de lidstaten moeten gebruiken voor de opstelling van jaarverslagen met het oog op een gedetailleerde rapportage over de toepassing van Richtlijn 2003/87/EG. |
|
(3) |
Richtlijn (EU) 2018/410 van het Europees Parlement en de Raad (3) heeft Richtlijn 2003/87/EG gewijzigd om rekening te houden met de toezegging die de Europese Raad in 2014 heeft gedaan om de totale broeikasgasemissies van de Unie tegen 2030 met ten minste 40 % te verminderen ten opzichte van het niveau van 1990. |
|
(4) |
Met het oog op de uitvoering van de wijzigingen van Richtlijn (EU) 2018/410 zijn bij Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066 van de Commissie (4) herziene regels vastgesteld voor de monitoring en rapportage van broeikasgasemissies en activiteitsgegevens overeenkomstig Richtlijn 2003/87/EG in de handelsperiode van de regeling voor de handel in emissierechten van de Unie die op 1 januari 2021 begint en de daaropvolgende handelsperioden. Daarnaast zijn bij Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067 van de Commissie (5) herziene bepalingen vastgesteld voor de verificatie van overeenkomstig Richtlijn 2003/87/EG ingediende verslagen en voor de accreditatie van en het toezicht op verificateurs. Bij die uitvoeringsverordening zijn ook bepalingen vastgesteld voor de wederzijdse erkenning van verificateurs en de collegiale toetsing van nationale accreditatie-instanties overeenkomstig artikel 15 van Richtlijn 2003/87/EG. Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067 is van toepassing op de verificatie van broeikasgasemissies en tonkilometergegevens vanaf 1 januari 2019 en op de verificatie van gegevens die relevant zijn voor de actualisering van ex-antebenchmarks en voor de bepaling van de kosteloze toewijzing aan installaties. |
|
(5) |
Bovendien zijn de regels voor de kosteloze toewijzing van emissierechten geactualiseerd bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/331 van de Commissie (6) en Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1842 van de Commissie (7). |
|
(6) |
Daarom moet in Besluit 2005/381/EG rekening worden gehouden met de wijzigingen van Richtlijn 2003/87/EG en de bijbehorende uitvoeringshandelingen en gedelegeerde handelingen. Bovendien is uit verdere ervaring die de lidstaten en de Commissie met het gebruik van de vragenlijst hebben opgedaan, gebleken dat de efficiëntie van de rapportage en de samenhang van de gerapporteerde informatie moeten worden verbeterd. |
|
(7) |
Beschikking 2005/381/EG moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd. |
|
(8) |
De in dit besluit vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité klimaatverandering, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
De bijlage bij Besluit 2005/381/EG wordt vervangen door de tekst in de bijlage bij dit besluit.
Artikel 2
Dit besluit is gericht tot de lidstaten.
Gedaan te Brussel, 8 juni 2022.
Voor de Commissie
Frans TIMMERMANS
Uitvoerend vicevoorzitter
(1) PB L 275 van 25.10.2003, blz. 32.
(2) Beschikking 2005/381/EG van de Commissie van 4 mei 2005 tot vaststelling van een vragenlijst voor de rapportage over de toepassing van Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van een regeling voor de handel in broeikasgasemissierechten binnen de Gemeenschap en tot wijziging van Richtlijn 96/61/EG van de Raad (PB L 126 van 19.5.2005, blz. 43).
(3) Richtlijn (EU) 2018/410 van het Europees Parlement en de Raad van 14 maart 2018 tot wijziging van Richtlijn 2003/87/EG ter bevordering van kosteneffectieve emissiereducties en koolstofarme investeringen en van Besluit (EU) 2015/1814 (PB L 76 van 19.3.2018, blz. 3).
(4) Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066 van de Commissie van 19 december 2018 inzake de monitoring en rapportage van de emissies van broeikasgassen overeenkomstig Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 601/2012 van de Commissie (PB L 334 van 31.12.2018, blz. 1).
(5) Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067 van de Commissie van 19 december 2018 inzake de verificatie van gegevens en de accreditatie van verificateurs krachtens Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad (PB L 334 van 31.12.2018, blz. 94).
(6) Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/331 van de Commissie van 19 december 2018 tot vaststelling van een voor de hele Unie geldende overgangsregeling voor de geharmoniseerde kosteloze toewijzing van emissierechten overeenkomstig artikel 10 bis van Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad (PB L 59 van 27.2.2019, blz. 8).
(7) Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1842 van de Commissie van 31 oktober 2019 tot vaststelling van bepalingen ter uitvoering van Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad wat de verdere regelingen voor de aanpassingen van de kosteloze toewijzing van emissierechten als gevolg van veranderingen in het activiteitsniveau betreft (PB L 282 van 4.11.2019, blz. 20).
BIJLAGE
““BIJLAGE
VRAGENLIJST OVER DE TOEPASSING VAN RICHTLIJN 2003/87/EG
1. Gegevens betreffende de rapporterende instelling
Naam en afdeling van de organisatie:
Naam van de contactpersoon:
Functie van de contactpersoon:
Adres:
Internationaal telefoonnummer:
E-mailadres:
2. Verantwoordelijke autoriteiten inzake het emissiehandelssysteem (EU ETS) en coördinatie tussen de autoriteiten
De in dit deel gestelde vragen moeten worden beantwoord in het voor 30 juni 2022 in te dienen verslag en in de daaropvolgende verslagen indien er tijdens de verslagperiode wijzigingen zijn opgetreden.
|
2.1. |
Vermeld in de onderstaande tabel de naam, de afkorting en de contactgegevens van de bevoegde autoriteiten die betrokken zijn bij de uitvoering van de EU ETS voor installaties en luchtvaartactiviteiten in uw lidstaat. Voeg zo nodig extra regels toe.
Maakt u gebruik van de overeenkomstig artikel 4, lid 1, van Verordening (EG) nr. 765/2008 van het Europees Parlement en de Raad (4) aangewezen nationale accreditatie-instantie om verificateurs te accrediteren die de verificatie van emissieverslagen, verslagen met referentiegegevens, gegevensverslagen over nieuwkomers of jaarlijkse activiteitsniveauverslagen verrichten? Ja/Neen Zo ja, vermeld de naam, de afkorting en de contactgegevens van die nationale accreditatie-instantie.
Hebt u een nationale certificeringsinstantie opgezet om verificateurs te certificeren overeenkomstig artikel 55, lid 2, van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067 van de Commissie (6)? Ja/Neen Zo ja, vermeld dan de naam, de afkorting en de contactgegevens van de nationale certificeringsinstantie in de onderstaande tabel.
Vermeld in de onderstaande tabel de naam, de afkorting en de contactgegevens van de registeradministrateur in uw lidstaat.
|
|
2.2. |
Vermeld in de onderstaande tabel welke bevoegde autoriteit is belast met de volgende taken. Gebruik hierbij de afkorting van die autoriteit. Voeg zo nodig extra regels toe.
Er zij op gewezen dat indien een vak in de tabel hieronder grijs is, de taak niet relevant is voor installaties of de luchtvaart.
|
|
2.3. |
Indien in uw lidstaat overeenkomstig artikel 18 van Richtlijn 2003/87/EG meer dan één bevoegde autoriteit is aangewezen, welke bevoegde autoriteit is dan uw contactpunt als bedoeld in artikel 70, lid 2, van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067? Gebruik voor uw antwoord in de onderstaande tabel de desbetreffende afkorting.
Indien in uw lidstaat voor de uitvoering van de in Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066 bedoelde activiteiten meer dan één bevoegde autoriteit is aangewezen, welke maatregelen zijn dan genomen om de werkzaamheden van deze bevoegde autoriteiten te coördineren overeenkomstig artikel 10 van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066? Geef uw antwoord in de onderstaande tabel. Voeg zo nodig extra regels toe.
|
|||||||||||||||||||||||||||||
|
2.4. |
Welke doeltreffende uitwisseling van informatie en samenwerking in de zin van artikel 70, lid 1, van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067 bestaat er tussen de nationale accreditatie-instantie of, in voorkomend geval, de nationale certificeringsinstantie en de bevoegde autoriteit in uw lidstaat? Geef uw antwoord in de onderstaande tabel. Voeg zo nodig extra regels toe.
|
||||||||||||||||
3. Betrokken activiteiten, installaties en vliegtuigexploitanten
3.A. Installaties
|
3.1. |
In hoeveel installaties worden activiteiten verricht en worden broeikasgassen uitgestoten als vermeld in bijlage I bij Richtlijn 2003/87/EG? Hoeveel van deze installaties zijn installaties van categorie A, B en C als bedoeld in artikel 19, lid 2, van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066? Hoeveel van de installaties van categorie A zijn installaties met geringe emissies als bedoeld in artikel 47, lid 2, van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066? Geef uw antwoord in de onderstaande tabel.
Welke activiteiten in bijlage I worden verricht door installaties in uw lidstaat? Geef uw antwoord in de onderstaande tabel.
|
|
3.2. |
Hebt u installaties uitgesloten op grond van artikel 27 of 27a van Richtlijn 2003/87/EG? Ja/Neen
Zo ja, vul dan de tabel hieronder in:
Hoeveel installaties die op grond van de artikelen 27 en 27a van Richtlijn 2003/87/EG zijn uitgesloten, zijn in de verslagperiode gesloten?
|
3.B. Vliegtuigexploitanten
|
3.3. |
Hoeveel vliegtuigexploitanten verrichten activiteiten die zijn opgenomen in bijlage I bij Richtlijn 2003/87/EG waarvoor u als administrerende lidstaat verantwoordelijk bent? Hoeveel van deze vliegtuigexploitanten zijn commerciële vliegtuigexploitanten en hoeveel zijn niet-commerciële vliegtuigexploitanten? Hoeveel van het totale aantal vliegtuigexploitanten zijn kleine emittenten als bedoeld in artikel 55, lid 1, van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066? Omschrijf in de onderstaande tabel.
|
4. Vergunningen voor installaties
Vraag 4.1 en het eerste onderdeel van vraag 4.2 moeten worden beantwoord in het voor 30 juni 2022 in te dienen verslag en in de daaropvolgende verslagen indien er tijdens de verslagperiode wijzigingen zijn opgetreden. Alle andere vragen moeten jaarlijks worden beantwoord.
|
4.1. |
Geef in de onderstaande tabel aan in hoeverre er sprake is van integratie of coördinatie tussen Richtlijn 2003/87/EG en Richtlijn 2010/75/EU van het Europees Parlement en de Raad (18).
|
||||||||||||||||||||||||||||
|
4.2. |
Wanneer is naar nationaal recht een bijwerking van de vergunning overeenkomstig de artikelen 6 en 7 van Richtlijn 2003/87/EG vereist? Geef in de onderstaande tabel details van de nationaalrechtelijke bepalingen. Voeg zo nodig extra regels toe.
Hoeveel bijwerkingen van vergunningen vonden in de verslagperiode plaats? Vermeld, voor zover dit bij de bevoegde autoriteit bekend is, in de onderstaande tabel hoe vaak vergunningen zijn bijgewerkt.
|
5. Toepassing van de monitoring- en rapportageverordening
5.A. Algemeen
De vragen 5.1, 5.2, 5.3 en 5.4 moeten worden beantwoord in het voor 30 juni 2022 in te dienen verslag en in de daaropvolgende verslagen indien er tijdens de verslagperiode wijzigingen zijn opgetreden.
|
5.1. |
Is aanvullende nationale wetgeving aangenomen als hulpmiddel bij de uitvoering van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066? Ja/Neen
Zo ja, omschrijf dan hieronder voor welke gebieden aanvullende nationale wetgeving is of wordt uitgevoerd.
Zijn aanvullende nationale richtsnoeren ontwikkeld voor een beter begrip van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066? Ja/Neen Zo ja, vermeld hieronder voor welke gebieden aanvullende nationale richtsnoeren zijn ontwikkeld.
|
|
5.2. |
Welke maatregelen zijn genomen om de EU ETS-rapportagevoorschriften te stroomlijnen met de rapportagevoorschriften van andere bestaande rapportagemechanismen, zoals de rapportage van broeikasgasinventarissen en het Europees register inzake de uitstoot en overbrenging van verontreinigende stoffen (E-PRTR)? Vul de onderstaande tabel in.
|
|||||||||||||||||||||||||
|
5.3. |
Gebruikt u het door de Commissie ontwikkelde model voor monitoringplannen, emissieverslagen, verificatieverslagen en/of verbeteringsverslagen? Ja/Neen
Zo neen, vermeld in de onderstaande tabel of uw lidstaat op maat gemaakte elektronische modellen of specifieke bestandsformaten voor monitoringplannen, emissieverslagen, verificatieverslagen en/of verbeteringsverslagen heeft ontwikkeld en vermeld welke elementen verschillen van het door de Commissie ontwikkelde model.
Welke maatregelen zijn genomen om te voldoen aan de eisen in artikel 74, leden 1 en 2, van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066? Vermeld hieronder hoe.
|
|
5.4. |
Gebruikt u een geautomatiseerd systeem voor de elektronische uitwisseling van gegevens tussen exploitanten of vliegtuigexploitanten en de bevoegde autoriteit en andere partijen? Ja/Neen
Zo ja, omschrijf dan hieronder welke bepalingen u hebt uitgevoerd om te voldoen aan de eisen in artikel 75, leden 1 en 2, van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066.
|
5.B. Installaties
Vraag 5.17 moet worden beantwoord in het voor 30 juni 2022 in te dienen verslag en in de daaropvolgende verslagen indien er tijdens de verslagperiode wijzigingen zijn opgetreden.
|
5.5. |
Vermeld in de onderstaande tabel voor de genoemde brandstoffen het totale brandstofverbruik en de totale jaarlijkse emissies, gebaseerd op de gegevens in de emissieverslagen van de exploitant voor het verslagjaar.
|
|
5.6. |
Vermeld in de onderstaande tabel de totale emissies voor elke gerapporteerde categorie van het gemeenschappelijke IPCC-rapportageformaat (CRF), op basis van de gegevens in de emissieverslagen van de exploitant overeenkomstig artikel 73 van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066.
|
|
5.7. |
Vermeld in de onderstaande tabel voor elke installatiecategorie en voor elk brandstof- of materiaaltype het aantal installaties waarvoor de bevoegde autoriteit de in artikel 31, lid 1, van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066 bedoelde standaardwaarden heeft goedgekeurd.
|
|
5.8. |
Vermeld in de onderstaande tabel het aantal installaties waarvoor de bevoegde autoriteit overeenkomstig artikel 35, lid 2, punt b), van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066 een andere frequentie voor analyse heeft toegestaan, alsmede de bevestiging dat het bemonsteringsplan in die gevallen volledig wordt gedocumenteerd en nageleefd.
|
|
5.9. |
Wanneer voor de werkwijze bij grote bronstromen of grote emissiebronnen van categorie C-installaties als bedoeld in artikel 19, lid 2, punt c), van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066 niet het hoogste niveau wordt toegepast, vermeld dan in onderstaande tabel voor elke installatie waarvoor dat het geval is wat de betrokken bronstromen of grote emissiebronnen zijn, wat de betrokken bewakingsparameter is, wat het hoogste vereiste niveau is krachtens Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066 en welk niveau is toegepast.
|
|
5.10. |
Vermeld in de onderstaande tabel het aantal installaties van categorie B als bedoeld in artikel 19, lid 2, punt b), van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066, waarvoor niet het hoogste niveau wordt toegepast dat geldt voor alle grote bronstromen en alle grote emissiebronnen (25) overeenkomstig Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066.
|
|
5.11. |
Is voor installaties in uw lidstaat de fall-back-monitoringmethode toegepast overeenkomstig artikel 22 van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066? Ja/Neen
Zo ja, vul dan de tabel hieronder in.
|
|
5.12. |
Vermeld in onderstaande tabel het aantal installaties van de categorieën A, B en C waarvoor overeenkomstig artikel 69 van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066 een verbeteringsverslag moest worden ingediend en waarvoor dit ook daadwerkelijk is gedaan. De informatie in de onderstaande tabel heeft betrekking op de indiening van het verbeteringsverslag in de voorgaande verslagperiode.
|
|
5.13. |
Is inherent CO2 overeenkomstig artikel 48, CO2 overeenkomstig artikel 49 of N2O overeenkomstig artikel 50 van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066 overgebracht naar uw lidstaat? Ja/Neen
Zo ja, vul dan de tabel hieronder in.
|
|
5.14. |
Is in een van de installaties in uw lidstaat continue emissiemeting toegepast overeenkomstig artikel 40 van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066? Ja/Neen
Zo ja, vermeld in onderstaande tabel dan het totaal aan emissies van elke installatie, de emissies waarop continue emissiemeting van toepassing is, en of het gemeten gas biomassa-CO2 bevat.
|
|
5.15. |
Vermeld in de onderstaande tabel voor elk van de belangrijkste activiteiten bedoeld in bijlage I bij Richtlijn 2003/87/EG:
Welke methoden om de naleving van duurzaamheids- of broeikasgasemissiereductiecriteria aan te tonen worden in uw lidstaat in het algemeen toegepast? Beschrijf hieronder de belangrijkste elementen als nationale systemen worden gebruikt om aan te tonen dat aan deze criteria is voldaan.
|
|
5.16. |
Wat was de totale hoeveelheid fossiele CO2—emissies uit als brandstof of uitgangsmateriaal gebruikt afval? Geef uw antwoord in de onderstaande tabel.
|
|
5.17. |
Heeft uw lidstaat toestemming gegeven voor vereenvoudigde monitoringplannen overeenkomstig artikel 13, lid 2, van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066? Ja/Neen
Zo ja, vermeld in onderstaande tabel wat voor soort risicobeoordeling werd uitgevoerd en op welke uitgangspunten deze was gebaseerd.
|
5.C. Vliegtuigexploitanten
Vraag 5.23 moet worden beantwoord in het voor 30 juni 2022 in te dienen verslag en in de daaropvolgende verslagen indien er tijdens de verslagperiode wijzigingen zijn opgetreden.
|
5.18. |
Hoeveel vliegtuigexploitanten maken gebruik van methode A of B om het brandstofverbruik te bepalen? Geef uw antwoord in de onderstaande tabel.
|
|
5.19. |
Vermeld in onderstaande tabel
|
|
5.20. |
Vermeld in de onderstaande tabel:
|
|
5.21. |
Vermeld in de onderstaande tabel:
|
|
5.22. |
Vermeld in onderstaande tabel het aantal vliegtuigexploitanten dat overeenkomstig artikel 69 van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066 een verbeteringsverslag moest indienen en dat ook daadwerkelijk heeft gedaan. De in de onderstaande tabel gevraagde informatie heeft betrekking op de indiening van verbeteringsverslagen in de voorgaande verslagperiode.
|
|
5.23. |
Heeft uw lidstaat toestemming gegeven voor vereenvoudigde monitoringplannen overeenkomstig artikel 13, lid 2, van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066? Ja/Neen.
Zo ja, vermeld in onderstaande tabel wat voor soort risicobeoordeling werd uitgevoerd en op welke beginselen deze was gebaseerd.
|
6. Regelingen voor verificatie
6.A. Algemeen
|
6.1. |
Vermeld in de onderstaande tabel het totale aantal verificateurs dat de verslagen van exploitanten of vliegtuigexploitanten verifieert (40). Vermeld voor het totale aantal verificateurs uit een andere lidstaat in welke lidstaat zij door de nationale accreditatie-instantie zijn geaccrediteerd.
Vermeld in de onderstaande tabel het aantal verificateurs dat is geaccrediteerd voor een specifiek accreditatiedoel in de zin van bijlage I bij Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067. Als lidstaten overeenkomstig artikel 55, lid 2, van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067 de certificatie van natuurlijke personen hebben toegestaan, vermeld dan ook het aantal natuurlijke personen-verificateurs dat is gecertificeerd voor een specifiek certificatiedoel in de zin van bijlage I bij Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
6.2. |
Geef in de onderstaande tabel informatie over de toepassing van de voorschriften voor de uitwisseling van informatie als bedoeld in hoofdstuk VI van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067:
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
6.B. Installaties
|
6.3. |
Voor welke installaties heeft de bevoegde autoriteit overeenkomstig artikel 70, lid 1, van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066 een voorzichtige schatting van de emissies gemaakt? Geef uw antwoord in de onderstaande tabel. Voeg zo nodig extra regels toe.
Hoeveel installaties hebben een negatief verificatieadvies ontvangen of hebben binnen de vereiste termijn geen emissieverslag ingediend?
|
|
6.4. |
Is er een verificatierapport met niet-beduidende onjuiste opgaven, afwijkingen die niet hebben geleid tot een negatief verificatieadvies, niet-naleving van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066 of aanbevelingen voor verbetering? Ja/Neen
Zo ja, vermeld de informatie in de onderstaande tabel:
|
|
6.5. |
Heeft de bevoegde autoriteit geverifieerde emissieverslagen gecontroleerd? Ja/Neen
Zo ja, vermeld dan in de onderstaande tabel welke controles werden uitgevoerd:
|
|||||||||||||||||||||||||||||||
|
6.6. |
Is in het geval van installaties met een emissie van meer dan 25 000 ton CO2(e) per jaar afgezien van bezoeken ter plaatse? Ja/Neen
Zo ja, vermeld in de onderstaande tabel het aantal installaties waarvoor is afgezien van een bezoek ter plaatse en de specifieke omstandigheid waaronder dat is gebeurd. Voeg zo nodig extra regels toe.
Is in het geval van installaties met geringe emissies als bedoeld in artikel 47, lid 2, van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066 afgezien van een bezoek ter plaatse? Ja/Neen Zo ja, vermeld in de onderstaande tabel het aantal installaties waarvoor is afgezien van een bezoek ter plaatse.
|
|
6.7. |
Zijn er virtuele bezoeken ter plaatse uitgevoerd overeenkomstig artikel 34 bis van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067? Ja/Neen
Zo ja, vermeld de informatie in de onderstaande tabel:
|
6.C. Vliegtuigexploitanten
|
6.8. |
Voor welke vliegtuigexploitanten heeft de bevoegde autoriteit overeenkomstig artikel 70, lid 1, van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066 een voorzichtige schatting van de emissies gemaakt? Geef uw antwoord in de onderstaande tabel. Voeg zo nodig extra regels toe.
Hoeveel vliegtuigexploitanten hebben een negatief verificatieadvies ontvangen of hebben binnen de vereiste termijn geen emissieverslag ingediend?
|
|
6.9. |
Is er een verificatierapport met niet-beduidende onjuiste opgaven, afwijkingen die niet hebben geleid tot een negatief verificatieadvies, niet-naleving van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066 of aanbevelingen voor verbetering? Ja/Neen
Zo ja, geef dan in de onderstaande tabellen informatie over emissies en tonkilometergegevens. Tabel voor gegevens met betrekking tot de emissieverslagen
Tabel voor gegevens met betrekking tot de tonkilometerverslagen
|
|
6.10. |
Heeft de bevoegde autoriteit geverifieerde emissieverslagen gecontroleerd? Ja/Neen
Zo ja, vermeld dan in de onderstaande tabellen welke controles werden uitgevoerd met betrekking tot gegevens over emissies en tonkilometers. Tabel voor gegevens met betrekking tot de emissieverslagen
Tabel voor gegevens met betrekking tot de tonkilometerverslagen
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
6.11. |
Is in het geval van kleine emittenten als bedoeld in artikel 55, lid 1, van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066 afgezien van bezoeken ter plaatse? Ja/Neen
Zo ja, vermeld in de onderstaande tabel het aantal kleine emittenten waarvoor is afgezien van een bezoek ter plaatse.
|
|
6.12. |
Zijn er virtuele bezoeken ter plaatse uitgevoerd overeenkomstig artikel 34 bis van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067? Ja/Neen
Zo ja, vermeld de informatie in de onderstaande tabel:
|
7. Registers
|
7.1. |
Sluit een kopie bij van de specifieke voorwaarden die de rekeninghouders in uw lidstaat moeten ondertekenen. |
|
7.2. |
Vermeld voor alle gevallen waarin een rekening in het register gesloten is omdat er redelijkerwijs geen verdere inlevering van emissierechten door de exploitant van de installatie of de vliegtuigexploitant mocht worden verwacht, waarom dat vooruitzicht niet bestond en meld het bedrag aan uitstaande rechten. Voeg zo nodig extra regels toe.
|
|
7.3. |
Hoe vaak hebben vliegtuigexploitanten gedurende het verslagjaar gebruikgemaakt van de machtiging zoals bedoeld in artikel 15, lid 3, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/1122 van de Commissie (61)? Vermeld hieronder het aantal gevallen.
Welke vliegtuigexploitanten hebben tijdens de verslagperiode gebruikgemaakt van een machtiging als bedoeld in artikel 15, lid 3, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/1122? Vul in de onderstaande tabel de gegevens in. Voeg zo nodig extra regels toe.
|
8. Toewijzing
De vragen 8.1, 8.2, 8.3, 8.10, 8,11 en 8.17 moeten worden beantwoord in het voor 30 juni 2022 in te dienen verslag en in de daaropvolgende verslagen indien er tijdens de verslagperiode wijzigingen zijn opgetreden.
8.A. Algemeen
|
8.1. |
Gebruikt u het door de Commissie ontwikkelde model voor monitoringmethodiekplannen, verslagen met referentiegegevens, jaarlijkse activiteitsniveauverslagen en verificatieverslagen? Ja/Neen
Zo neen, vermeld in de onderstaande tabel of uw lidstaat op maat gemaakte elektronische modellen of specifieke bestandsformaten voor monitoringmethodiekplannen, verslagen met referentiegegevens, jaarlijkse activiteitsniveauverslagen en verificatieverslagen heeft ontwikkeld en geef aan welke elementen verschillen van het door de Commissie ontwikkelde model.
|
|
8.2. |
Worden aan exploitanten vergoedingen in rekening gebracht in verband met activiteiten overeenkomstig Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/331 en Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1842? Ja/Neen
Zo ja, vermeld in de onderstaande tabel nadere gegevens over deze vergoedingen:
|
|
8.3. |
Indien de lidstaten een IT-systeem gebruiken, bestrijkt dit systeem dan ook activiteiten uit hoofde van Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/331 en Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1842? Ja/Neen |
|
8.4. |
Gelieve in de onderstaande tabel informatie in te vullen over afstand doen van en opschorting van emissierechten en de terugvordering van te veel toegewezen emissierechten als gevolg van overmatige toewijzing:
|
|
8.5. |
Waren er subinstallaties die de brandstofbenchmark of warmtebenchmark gebruikten waarop artikel 6, lid 1, van Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1842 van toepassing is? Ja/Neen
Zo ja, vul dan in onderstaande tabel het aantal desbetreffende subinstallaties in:
Waren er subinstallaties waarvoor de bevoegde autoriteit de aanvraag van artikel 6, lid 1, van Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1842 heeft afgewezen? Ja/Neen Zo ja, vul dan in onderstaande tabel het aantal subinstallaties in:
Waren er subinstallaties die de brandstofbenchmark of warmtebenchmark gebruikten waarop artikel 6, lid 2, van Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1842 van toepassing was? Ja/Neen Zo ja, vul dan in onderstaande tabel het aantal desbetreffende subinstallaties in:
|
|
8.6. |
Vermeld het aantal installaties dat van het toepassingsgebied van de EU ETS is uitgesloten:
|
|
8.7. |
Hebt u artikel 10 quater van Richtlijn 2003/87/EG toegepast? Ja/Neen
Zo ja, vermeld dan in de onderstaande tabel voor de verslagperiode het totale aantal afgegeven emissierechten en de totale waarde van de investeringen.
|
8.B. Verslagen met referentiegegevens
|
8.8. |
Hoeveel installaties hebben een negatief verificatieadvies ontvangen voor de verslagen met referentiegegevens?
|
|
8.9. |
Is er een verificatierapport met niet-beduidende onjuiste opgaven, afwijkingen die niet hebben geleid tot een negatief verificatieadvies, niet-naleving van Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/331 of aanbevelingen voor verbetering? Ja/Neen
Zo ja, vermeld de informatie in de onderstaande tabel:
|
8.C. Gegevens over het jaarlijkse activiteitsniveau
|
8.10. |
Heeft de bevoegde autoriteit de exploitanten verplicht aanvullende parameters in bijlage IV bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/331 te rapporteren overeenkomstig artikel 3, lid 2, van Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1842? Ja/Neen
Zo ja, vermeld het soort aanvullende parameters:
|
|
8.11. |
Eiste de bevoegde autoriteit de indiening van een voorlopig activiteitsniveauverslag? Ja/Neen
Zo ja, welk tijdschema is van toepassing voor het indienen van het voorlopige activiteitsniveauverslag?
|
|
8.12. |
Hoeveel installaties hebben een negatief verificatieadvies ontvangen voor een jaarlijks activiteitsniveauverslag of hebben binnen de vereiste termijn geen jaarverslag over het activiteitsniveau ingediend?
|
|
8.13. |
Is er een verificatierapport met niet-beduidende onjuiste opgaven, afwijkingen die niet hebben geleid tot een negatief verificatieadvies, niet-naleving van Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/331 en Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1842 of aanbevelingen voor verbetering? Ja/Neen
Zo ja, vermeld de informatie in de onderstaande tabel:
|
|
8.14. |
Heeft de bevoegde autoriteit de jaarlijkse activiteitsniveauverslagen afgewezen? Ja/Neen
Indien ja, vul de tabel in:
|
||||||||||||||||
|
8.15. |
Is bij de verificatie van de jaarlijkse activiteitsniveauverslagen afgezien van bezoeken ter plaatse? Ja/Neen
Zo ja, vermeld in de onderstaande tabel het aantal installaties waarvoor is afgezien van een bezoek ter plaatse en de specifieke omstandigheid waaronder dat is gebeurd. Voeg zo nodig extra regels toe.
|
|
8.16. |
Zijn er virtuele bezoeken ter plaatse uitgevoerd overeenkomstig artikel 34 bis van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067 tijdens de verificatie van de jaarlijkse activiteitsniveauverslagen? Ja/Neen
Zo ja, vermeld de informatie in de onderstaande tabel:
|
|
8.17. |
Welke sancties zijn van toepassing op inbreuken op Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/331, Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1842 en het nationale recht overeenkomstig artikel 16, lid 1, van Richtlijn 2003/87/EG? Vul de tabel in en voeg zo nodig extra rijen toe.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
8.18. |
Welke inbreuken zijn begaan en welke sancties zijn opgelegd tijdens de verslagperiode overeenkomstig artikel 16, lid 1, van Richtlijn 2003/87/EG? Vul de tabel in en voeg zo nodig extra rijen toe.
Werden sancties werden opgelegd in eerdere verslagperioden, uitgevoerd in de huidige verslagperiode? Zo ja, vul dan de tabel in:
|
||||||||||||||||||||||||||||
9. Kosten en vergoedingen
De vragen 9.1, 9.2 en 9.3 hoeven alleen te worden beantwoord in het voor 30 juni 2022 in te dienen verslag en in de daaropvolgende verslagen indien er tijdens de verslagperiode wijzigingen zijn opgetreden.
9.A. Installaties
9.1. Wordt van de exploitanten een vergoeding verlangd? Ja/Neen
Zo ja, geef dan in de onderstaande tabel een nadere specificatie van de vergoedingen voor de afgifte en bijwerking van vergunningen en de goedkeuring en bijwerking van de monitoringplannen.
|
Reden voor de vergoeding/omschrijving |
Bedrag in EUR |
|
Afgifte vergunning/goedkeuring monitoringplan |
|
|
Bijwerking vergunning |
|
|
Overdracht vergunning |
|
|
Inlevering vergunning |
|
|
Aanvraag nieuwkomer |
|
|
Andere (omschrijf): |
|
Zo ja, geef dan in de onderstaande tabel een nadere specificatie van de jaarlijkse verblijfsvergoedingen.
|
Reden voor de vergoeding/omschrijving |
Bedrag in EUR |
|
Jaarlijkse verblijfskosten |
|
|
Andere (toelichten) |
|
9.B. Vliegtuigexploitanten
9.2. Wordt van de vliegtuigexploitanten een vergoeding verlangd? Ja/Neen
Zo ja, geef dan in de onderstaande tabel een nadere specificatie van de vergoedingen voor de goedkeuring en bijwerking van de monitoringplannen.
|
Reden voor de vergoeding/omschrijving |
Bedrag in EUR |
|
Goedkeuring van het monitoringplan voor emissies |
|
|
Goedkeuring van wijziging van het monitoringplan voor emissies |
|
|
Goedkeuring van het monitoringplan voor tonkilometergegevens |
|
|
Goedkeuring van wijziging van het monitoringplan voor tonkilometergegevens |
|
|
Overdracht van het monitoringplan |
|
|
Inlevering van het monitoringplan |
|
|
Andere (toelichten) |
|
Zo ja, geef dan in de onderstaande tabel een nadere specificatie van de jaarlijkse verblijfsvergoedingen.
|
Reden voor de vergoeding/omschrijving |
Bedrag in EUR |
|
Jaarlijkse verblijfskosten |
|
|
Andere (toelichten) |
|
9.C. Installaties en vliegtuigexploitanten
|
9.3. |
Vermeld in de onderstaande tabellen de eenmalige en jaarlijkse vergoedingen die exploitanten en vliegtuigexploitanten geacht worden te voldoen in verband met registerrekeningen.
Tabel voor eenmalige vergoedingen
Tabel voor jaarlijkse vergoedingen
|
10. Aangelegenheden betreffende de naleving van de ETS-richtlijn
10.A. Installaties
Vraag 10.2 moet worden beantwoord in het voor 30 juni 2022 in te dienen verslag en in de daaropvolgende verslagen indien er tijdens de verslagperiode wijzigingen zijn opgetreden.
|
10.1. |
Vermeld in de onderstaande tabel welke maatregelen zijn genomen om te verzekeren dat exploitanten de vergunningsbepalingen en Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066 en Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067 hebben nageleefd. Voeg zo nodig extra regels toe.
|
|||||||||||||||||||
|
10.2. |
Welke sancties zijn van toepassing op inbreuken op Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066, Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067 en het nationale recht overeenkomstig artikel 16, lid 1, van Richtlijn 2003/87/EG? Vul de tabel in en voeg zo nodig extra rijen toe.
In welk nationaal recht zijn de inbreuken en sancties gedefinieerd?
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
10.3. |
Welke inbreuken zijn begaan en welke sancties zijn opgelegd tijdens de verslagperiode overeenkomstig artikel 16, lid 1, van Richtlijn 2003/87/EG? Vul de tabel in en voeg zo nodig extra rijen toe.
Werden sancties werden opgelegd in eerdere verslagperioden, uitgevoerd in de huidige verslagperiode? Zo ja, vul dan de tabel in:
|
||||||||||||||||||||||||||||
|
10.4. |
Vermeld in de onderstaande tabel de namen van de exploitanten aan wie tijdens de verslagperiode overeenkomstig artikel 16, lid 3, van Richtlijn 2003/87/EG boeten zijn opgelegd wegens overmatige emissie.
|
10.B. Vliegtuigexploitanten
De vragen 10.6 en 10.9 moeten worden beantwoord in het voor 30 juni 2022 in te dienen verslag en in de daaropvolgende verslagen indien er tijdens de verslagperiode wijzigingen zijn opgetreden.
|
10.5. |
Vermeld in de onderstaande tabel welke maatregelen zijn genomen om te verzekeren dat vliegtuigexploitanten Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066 en Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067 hebben nageleefd. Voeg zo nodig extra regels toe.
|
|||||||||||||||||||
|
10.6. |
Welke sancties zijn van toepassing op inbreuken op Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066, Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067 en het nationale recht overeenkomstig artikel 16, lid 1, van Richtlijn 2003/87/EG? Vul de tabel in en voeg zo nodig extra rijen toe.
In welk nationaal recht zijn de inbreuken en sancties gedefinieerd?
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
10.7. |
Welke inbreuken zijn geconstateerd en welke sancties zijn opgelegd tijdens de verslagperiode overeenkomstig artikel 16, lid 1, van Richtlijn 2003/87/EG? Vul de tabel in en voeg zo nodig extra rijen toe.
Werden sancties werden opgelegd in eerdere verslagperioden, uitgevoerd in de huidige verslagperiode? Zo ja, vul dan de tabel hieronder in.
|
||||||||||||||||||||||||||||
|
10.8. |
Vermeld in de onderstaande tabel de namen van de vliegtuigexploitanten aan wie tijdens de verslagperiode overeenkomstig artikel 16, lid 3, van Richtlijn 2003/87/EG boeten zijn opgelegd wegens overmatige emissie.
|
|
10.9. |
Welke maatregelen zouden in uw lidstaat genomen moeten worden voor een verzoek om een exploitatieverbod van de Commissie overeenkomstig artikel 16, lid 10, van Richtlijn 2003/87/EG? Geef hieronder het soort maatregelen aan.
|
11. Juridische status van de emissierechten en fiscale behandeling
De vragen 11.1, 11.2, 11.3 en 11.4 moeten worden beantwoord in het voor 30 juni 2022 in te dienen verslag en in de daaropvolgende verslagen indien er tijdens de verslagperiode wijzigingen zijn opgetreden.
11.1. Wat is de juridische status van de emissierechten in uw land?
|
|
11.2. Wat is de financiële boekhoudkundige behandeling van de emissierechten in uw land?
|
|
11.3. Is btw verschuldigd over de afgifte van en de transacties met emissierechten? Ja/Neen
Zo ja, past uw lidstaat de verleggingsregeling toe? Ja/Neen
11.4. Worden emissierechten belast? Ja/Neen
Zo ja, vermeld dan in de onderstaande tabel het soort belasting en de tarieven die van toepassing zijn. Voeg zo nodig extra regels toe.
|
Soort belasting |
Toegepast belastingtarief |
|
|
|
|
|
|
12. Fraude
De vragen 12.1 en 12.2 moeten worden beantwoord in het voor 30 juni 2022 in te dienen verslag en in de daaropvolgende verslagen indien er tijdens de verslagperiode wijzigingen zijn opgetreden.
|
12.1. |
Vermeld in de onderstaande tabel welke regelingen van toepassing zijn in geval van frauduleuze activiteiten in verband met de kosteloze toewijzing van emissierechten.
|
|
12.2. |
Vermeld in de onderstaande tabel welke regelingen zijn getroffen om te verzekeren dat bevoegde autoriteiten die zijn betrokken bij de uitvoering van de EU ETS op de hoogte worden gesteld van frauduleuze activiteiten.
|
|
12.3. |
Vermeld in de onderstaande tabel de volgende informatie over frauduleuze activiteiten, voor zover deze bekend zijn bij de bevoegde autoriteit die is betrokken bij de uitvoering van de EU ETS in uw lidstaat:
|
13. Verdere opmerkingen
|
13.1. |
Vermeld in de onderstaande tabel nadere bijzonderheden over eventuele andere kwesties die aanleiding geven tot bezorgdheid in uw lidstaat of andere relevante informatie die u wilt geven.
|
|
13.2. |
Hebt u alle eenmalige vragen in deze vragenlijst beantwoord en hebt u de antwoorden op die vragen waar relevant bijgewerkt? Ja/Neen
Zo neen, ga dan terug naar de desbetreffende vraag. |
(1) Kies uit het vervolgkeuzevak: centrale bevoegde autoriteit, regionale bevoegde autoriteit, lokale bevoegde autoriteit, andere. Indien de bevoegde autoriteit een centrale bevoegde autoriteit is, hoeft het aantal bevoegde autoriteiten niet te worden ingevuld.
(2) Vermeld het aantal bevoegde autoriteiten indien in de linkerkolom regionale of lokale bevoegde autoriteiten zijn geselecteerd.
(3) Vermeld het telefoonnummer, het e-mailadres en het websiteadres.
(4) Verordening (EG) nr. 765/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 9 juli 2008 tot vaststelling van de eisen inzake accreditatie en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 339/93 (PB L 218 van 13.8.2008, blz. 30).
(5) Vermeld het telefoonnummer, het e-mailadres en het websiteadres.
(6) Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067 van de Commissie van 19 december 2018 inzake de verificatie van gegevens en de accreditatie van verificateurs krachtens Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad (PB L 334 van 31.12.2018, blz. 94). Deze verordening vervangt Verordening (EU) nr. 600/2012 van de Commissie.
(7) Vermeld het telefoonnummer, het e-mailadres en het websiteadres.
(8) Vermeld het telefoonnummer, het e-mailadres en het websiteadres.
(9) Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 oktober 2003 tot vaststelling van een systeem voor de handel in broeikasgasemissierechten binnen de Unie en tot wijziging van Richtlijn 96/61/EG van de Raad (PB L 275 van 25.10.2003, blz. 32).
(10) Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/331 van de Commissie van 19 december 2018 tot vaststelling van een voor de hele Unie geldende overgangsregeling voor de geharmoniseerde kosteloze toewijzing van emissierechten overeenkomstig artikel 10 bis van Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad (PB L 59 van 27.2.2019, blz. 8).
(11) Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1842 van de Commissie van 31 oktober 2019 tot vaststelling van bepalingen ter uitvoering van Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad wat de verdere regelingen voor de aanpassingen van de kosteloze toewijzing van emissierechten als gevolg van veranderingen in het activiteitsniveau betreft (PB L 282 van 4.11.2019, blz. 20).
(12) Verordening (EU) nr. 1031/2010 van de Commissie van 12 november 2010 inzake de tijdstippen, het beheer en andere aspecten van de veiling van broeikasgasemissierechten overeenkomstig Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van een systeem voor de handel in broeikasgasemissierechten binnen de Unie (PB L 302 van 18.11.2010, blz. 1).
(13) Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066 van de Commissie van 19 december 2018 inzake de monitoring en rapportage van de emissies van broeikasgassen overeenkomstig Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 601/2012 van de Commissie (PB L 334 van 31.12.2018, blz. 1).
(14) Dit vak behoeft alleen te worden ingevuld als de lidstaat activiteiten of gassen heeft opgenomen op grond van artikel 24 van Richtlijn 2003/87/EG.
(15) Dit vak behoeft alleen te worden ingevuld als de lidstaat installaties heeft uitgesloten op grond van de artikelen 27 en 27a van Richtlijn 2003/87/EG.
(16) Richtlijn 2009/31/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 april 2009 betreffende de geologische opslag van kooldioxide en tot wijziging van Richtlijn 85/337/EEG van de Raad, de Richtlijnen 2000/60/EG, 2001/80/EG, 2004/35/EG, 2006/12/EG, 2008/1/EG en Verordening (EG) nr. 1013/2006 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 140 van 5.6.2009, blz. 114)
(17) Selecteer artikel 27, artikel 27a, lid 1, of artikel 27a, lid 3.
(18) Richtlijn 2010/75/EU van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 inzake industriële emissies (geïntegreerde preventie en bestrijding van verontreiniging) (PB L 334 van 17.12.2010, blz. 17).
(19) Selecteer lidstaatspecifiek model of lidstaatspecifiek bestandsformaat.
(20) Selecteer lidstaatspecifiek model of lidstaatspecifiek bestandsformaat.
(21) Let wel: deze vraag is niet van toepassing op biomassa (inclusief niet-duurzame biobrandstoffen, vloeibare biomassa en vaste biomassa). Informatie over verbranding van biomassa wordt behandeld in vraag 5.15.
(22) Kies een installatie van categorie A, een installatie van categorie B, een installatie van categorie C of een installatie met lage emissies.
(23) Installatie-identificatiecode erkend overeenkomstig Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/1122 van de Commissie van 12 maart 2019 tot aanvulling van Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad betreffende de werking van het EU-register.
(24) Selecteer onder de betrokken bewakingsparameter: hoeveelheid brandstof, hoeveelheid materiaal, calorische onderwaarde, emissiefactor, voorlopige emissiefactor, oxidatiefactor, conversiefactor, koolstofgehalte, biomassafractie en, in het geval van een meetmethode, de jaarlijkse gemiddelde emissies per uur in kg/h uit de betrokken emissiebron. over het jaar gemiddelde emissies per uur in kg/u vanuit de bron.
(25) Emissiebronnen die meer dan 5 000 ton CO2(e) per jaar uitstoten of voor meer dan 10 % bijdragen aan de totale jaarlijkse emissies van de installatie, als deze waarde hoger is in termen van absolute emissies.
(26) Selecteer de rekenmethode of de meetmethode.
(27) Identificatiecode van de installatie erkend overeenkomstig Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/1122.
(28) Selecteer:
|
a) |
de toepassing van niveau 1 is technisch onhaalbaar of leidt tot onredelijke kosten voor één grote bronstroom; |
|
b) |
de toepassing van niveau 1 is technisch onhaalbaar of leidt tot onredelijke kosten voor één kleine bronstroom; |
|
c) |
de toepassing van niveau 1 is technisch onhaalbaar of leidt tot onredelijke kosten voor meer dan één grote of kleine bronstroom, of |
|
d) |
de toepassing van niveau 1 volgens de meetmethode is technisch onhaalbaar of leidt tot onredelijke kosten, als bedoeld in artikel 22 van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066. |
(29) Selecteer: hoeveelheid brandstof, hoeveelheid materiaal, calorische onderwaarde, emissiefactor, voorlopige emissiefactor, oxidatiefactor, conversiefactor, koolstofgehalte, biomassafractie en, in het geval van een meetmethode, de jaarlijkse gemiddelde emissies per uur in kg/h uit de betrokken emissiebron. over het jaar gemiddelde emissies per uur in kg/u vanuit de bron.
(30) Selecteer: verbeteringsverslag overeenkomstig artikel 69, lid 1, van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066, verbeteringsverslag overeenkomstig artikel 69, lid 3, van die verordening of verbeteringsverslag overeenkomstig artikel 69, lid 4, van die verordening.
(31) Selecteer: overbrenging van inherent CO2 (artikel 48), overbrenging van CO2 naar opslag voor koolstofafvang (artikel 49, lid 1, punt a), overbrenging van CO2 om een precipitatie van calciumcarbonaat te produceren (artikel 49, lid 1, punt b), overbrenging van N2O (artikel 50).
(32) Identificatiecode van de installatie erkend overeenkomstig Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/1122
(33) De installatie die het inherente CO2 overbrengt overeenkomstig artikel 48 van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066, de installatie die CO2 overbrengt overeenkomstig artikel 49 van die verordening en de installatie die N2O overbrengt overeenkomstig artikel 50 van die verordening
(34) Vermeld de installatie-identificatiecode van de installatie die het inherente CO2 ontvangt, de installatie-identificatiecode van de installaties die CO2 ontvangen overeenkomstig artikel 49 van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066 of die N2O ontvangen overeenkomstig artikel 50 van die verordening. Indien de ontvangende partij een niet-EU ETS-consument is, vul dan “niet-EU ETS-consument” in.
(35) Vermeld de hoeveelheid inherent CO2 of CO2 die is overgebracht overeenkomstig artikel 49 van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066 of de hoeveelheid N2O die is overgebracht overeenkomstig artikel 50 van die Uitvoeringsverordening.
(36) Identificatiecode van de installatie erkend overeenkomstig Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/1122.
(37) Selecteer: risicobeoordeling door de bevoegde autoriteit of risicobeoordeling door de exploitant.
(38) Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/1603 van de Commissie van 18 juli 2019 tot aanvulling van Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de door de Internationale Burgerluchtvaartorganisatie aangenomen maatregelen voor de monitoring, rapportage en verificatie van luchtvaartemissies ter uitvoering van een wereldwijde marktgebaseerde maatregel (PB L 250 van 30.9.2019, blz. 10).
(39) Selecteer: risicobeoordeling door de bevoegde autoriteit of risicobeoordeling door de vliegtuigexploitant.
(40) Emissieverslagen, verslagen met referentiegegevens, jaarlijkse activiteitsniveauverslagen, gegevensverslagen over nieuwkomers, tonkilometerverslagen.
(41) Gelieve in te vullen: ja/neen/gedeeltelijk.
(42) En niet gerapporteerd als opgelost in eerdere verslagen.
(43) Identificatiecode van de installatie erkend overeenkomstig Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/1122.
(44) Specificeer: geen emissieverslag ingediend vóór 31 maart, geen positief verificatieadvies als gevolg van materiële onjuistheden, geen positief verificatieadvies door beperking van de reikwijdte (artikel 27, lid 1, punt c), van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067), geen positief verificatieadvies als gevolg van artikel 27, lid 1, punt d), van die verordening, emissieverslag geweigerd omdat dit niet in overeenstemming was met Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066, emissieverslag niet geverifieerd in overeenstemming met Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067.
(45) Vermeld welke van de volgende maatregelen zijn genomen of worden voorgesteld: herinnering of formele waarschuwing over het opleggen van sancties toegezonden aan exploitanten, blokkering van de exploitanttegoedrekening, oplegging van boeten of andere (omschrijf). Een combinatie van maatregelen is mogelijk.
(46) Specificeer: geen emissieverslag uiterlijk op 31 maart, geen positief verificatieadvies vanwege materiële onjuistheden (artikel 27, lid 1, punt b)), van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067, geen positief verificatieadvies vanwege de beperking van het toepassingsgebied (artikel 27, lid 1, punt c)), van die verordening geen positief verificatieadvies vanwege artikel 27, lid 1, punt d), van die verordening.
(47) Vermeld: niet-beduidende onjuiste opgaven, non-conformiteiten die niet leiden tot een negatief verificatieadvies, niet-naleving van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066, aanbevelingen voor verbetering.
(48) Selecteer: risicogebaseerde beoordeling, % van de installaties, alle installaties van categorie C, willekeurige selectie of anders (indien anders, gelieve te specificeren).
(49) Selecteer de voorwaarde(n) als vermeld in artikel 32 van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067.
(50) Selecteer goedkeuring door de bevoegde autoriteit of algemene toelating overeenkomstig artikel 34 bis, lid 4, van Uitvoeringsverordening (EG) 2018/2067 van de Commissie.
(51) Identificatiecode van de vliegtuigexploitant erkend overeenkomstig Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/1122.
(52) Selecteer: geen emissieverslag ingediend vóór 31 maart, geen positief verificatieadvies als gevolg van materiële onjuistheden, geen positief verificatieadvies door beperking van de reikwijdte (artikel 27, lid 1, punt c), van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067), geen positief verificatieadvies als gevolg van artikel 27, lid 1, punt d), van die verordening, emissieverslag geweigerd omdat dit niet in overeenstemming was met Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066, emissieverslag niet geverifieerd in overeenstemming met Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067.
(53) Geef aan welke van de volgende acties zijn uitgevoerd of worden voorgesteld: herinnering of formele waarschuwing voor het opleggen van sancties aan vliegtuigexploitanten, het blokkeren van de vliegtuigexploitanttegoedrekening, het opleggen van boeten of andere (gelieve te specificeren). Een combinatie van maatregelen is mogelijk.
(54) Specificeer: geen emissieverslag uiterlijk op 31 maart, geen positief verificatieadvies vanwege materiële onjuistheden, geen positief verificatieadvies vanwege de beperking van het toepassingsgebied (artikel 27, lid 1, punt c), van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067), geen positief verificatieadvies vanwege artikel 27, lid 1, punt d), van die verordening.
(55) Selecteer: niet-beduidende onjuiste opgaven, non-conformiteiten die niet leiden tot een negatief verificatieadvies, niet-naleving van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066, of aanbevelingen voor verbetering.
(56) Selecteer: niet-beduidende onjuiste opgaven, non-conformiteiten die niet leiden tot een negatief verificatieadvies, niet-naleving van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2066, of aanbevelingen voor verbetering.
(57) Selecteer: risicogebaseerde beoordeling, % van vliegtuigexploitanten, alle grote vliegtuigexploitanten, willekeurige selectie of anders (indien anders, gelieve toe te lichten).
(58) Selecteer: risicogebaseerde beoordeling, % van vliegtuigexploitanten, grote vliegtuigexploitanten, willekeurige selectie of anders (indien anders, gelieve toe te lichten).
(59) Selecteer goedkeuring door de bevoegde autoriteit of algemene toelating overeenkomstig artikel 34 bis, lid 4, van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067.
(60) Identificatiecode van de installatie erkend overeenkomstig Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/1122.
(61) Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/1122 van de Commissie van 12 maart 2019 tot aanvulling van Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad betreffende de werking van het EU-register (PB L 177 van 2.7.2019, blz. 3).
(62) Identificatiecode van de vliegtuigexploitant erkend overeenkomstig Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1122.
(63) Selecteer lidstaatspecifiek model of lidstaatspecifiek bestandsformaat.
(64) In vergelijking met de vereisten van de door de Commissie gepubliceerde modellen en specifieke bestandsformaten.
(65) Specificeer: geen positief verificatieadvies vanwege materiële onjuistheden (artikel 27, lid 1, punt b), van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067, geen positief verificatieadvies vanwege de beperking van het toepassingsgebied (artikel 27, lid 1, punt c), van die verordening, geen positief verificatieadvies vanwege artikel 27, lid 1, punt d), van die verordening.
(66) Specificeer: niet-beduidende onjuiste opgaven, non-conformiteiten die niet leiden tot een negatief verificatieadvies, niet-naleving van Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/331, of aanbevelingen voor verbetering.
(67) Specificeer: uiterlijk op 31 maart geen jaarlijks activiteitsniveauverslag ingediend, geen positief verificatieadvies wegens materiële onjuiste opgaven (artikel 27, lid 1, punt b)), van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067), geen positief verificatieadvies vanwege de beperking van het toepassingsgebied (artikel 27, lid 1, punt c)), van die Uitvoeringsverordening, geen positief verificatieadvies vanwege artikel 27, lid 1, punt d), van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067.
(68) Specificeer: niet-beduidende onjuiste opgaven, non-conformiteiten die niet leiden tot een negatief verificatieadvies, niet-naleving van Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/331 en Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1842, of aanbevelingen voor verbetering.
(69) Selecteer de criteria als vermeld in artikel 32 van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067.
(70) Selecteer goedkeuring door de bevoegde autoriteit of algemene toelating overeenkomstig artikel 34 bis van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2067 van de Commissie.
(71) Selecteer boeten, gevangenisstraf of andere sancties.
(72) Selecteer boeten, gevangenisstraf of andere sancties.
(73) Identificatiecode van de installatie erkend overeenkomstig Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/1122.
(74) Selecteer boeten, gevangenisstraf of andere sancties.
(75) Identificatiecode van de vliegtuigexploitant erkend overeenkomstig Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/1122.