|
8.4.2022 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 111/70 |
BESLUIT (GBVB) 2022/578 VAN DE RAAD
van 8 april 2022
tot wijziging van Besluit 2014/512/GBVB betreffende beperkende maatregelen naar aanleiding van acties van Rusland die de situatie in Oekraïne destabiliseren
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gezien het Verdrag betreffende de Europese Unie, en met name artikel 29,
Gezien het voorstel van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
De Raad heeft op 31 juli 2014 Besluit 2014/512/GBVB (1) vastgesteld. |
|
(2) |
De Unie houdt onverkort vast aan haar steun voor de soevereiniteit en territoriale integriteit van Oekraïne. |
|
(3) |
Op 24 februari 2022 kondigde de president van de Russische Federatie een militaire operatie in Oekraïne aan, waarna de Russische strijdkrachten een aanval begonnen op Oekraïne. Die aanval is een flagrante schending van de territoriale integriteit, soevereiniteit en onafhankelijkheid van Oekraïne. |
|
(4) |
In zijn conclusies van 24 februari 2022 veroordeelde de Europese Raad in de krachtigste bewoordingen de niet-uitgelokte en ongerechtvaardigde militaire agressie van de Russische Federatie tegen Oekraïne. De onwettige militaire acties van Rusland vormen een flagrante schending van het internationaal recht en van de beginselen van het VN-Handvest en ondermijnen de Europese en mondiale veiligheid en stabiliteit. De Europese Raad riep op tot de dringende voorbereiding en aanneming van een nieuw pakket individuele en economische sancties. |
|
(5) |
In zijn conclusies van 24 maart 2022 verklaarde de Europese Raad dat de Russische aanvalsoorlog tegen Oekraïne een grove schending vormt van het internationaal recht en tot enorm veel dodelijke slachtoffers en gewonden leidt onder de burgerbevolking, en dat de Europese Unie bereid blijft om snel mazen te dichten, daadwerkelijke en mogelijke omzeiling van de reeds aangenomen beperkende maatregelen aan te pakken, en snel verdere gecoördineerde, zware sancties op te leggen aan Rusland en Belarus om de Russische mogelijkheden om de agressie voort te zetten op effectieve wijze te dwarsbomen. |
|
(6) |
Gezien de ernst van de situatie en in reactie op de militaire agressie van Rusland tegen Oekraïne moeten verdere beperkende maatregelen worden ingesteld. Met name moet het verbod inzake deposito’s worden uitgebreid naar cryptoportemonnees en moet het verbod op de uitvoer van in euro luidende bankbiljetten en het verbod op de verkoop van in euro luidende overdraagbare effecten worden uitgebreid tot alle officiële valuta’s van de lidstaten. Daarnaast moeten de gunning en voortzetting van de uitvoering van overheidsopdrachten en concessies met Russische onderdanen en in Rusland gevestigde entiteiten of lichamen worden verboden. Voorts moet er een verbod komen op het verlenen van steun, met inbegrip van financiering en financiële bijstand of enig ander voordeel uit een programma van de Unie, Euratom of een lidstaat, aan entiteiten die eigendom zijn van of onder zeggenschap staan van de Russische overheid. Ook moet het verboden worden om begunstigde te zijn of op te treden als trustee of in vergelijkbare hoedanigheid voor Russische personen en entiteiten, en moet er een verbod komen op het verlenen van bepaalde diensten aan trusts. Verder moet vaartuigen onder Russische vlag de toegang tot havens op het grondgebied van de Unie worden ontzegd. Ook moet de uitvoer van vliegtuigbrandstof en andere goederen naar Rusland worden beperkt en moeten er aanvullende invoerbeperkingen komen op bepaalde goederen die door of uit Rusland worden uitgevoerd, met inbegrip van steenkool en andere vaste fossiele brandstoffen. Tot slot moet het voor in Rusland gevestigde wegvervoerondernemingen verboden worden om op het grondgebied van de Unie goederen over de weg te vervoeren, ook in doorvoer. |
|
(7) |
Daarnaast moet de vrijstelling van het verbod op transacties met bepaalde staatsentiteiten worden uitgebreid tot Zwitserland, de Europese Economische Ruimte en de Westelijke Balkan. De Unie verwacht dat alle landen in de regio zich snel en volledig zullen aanpassen aan de beperkende maatregelen van de EU, inclusief de maatregelen betreffende acties van Rusland die de situatie in Oekraïne destabiliseren. Bovendien moeten er, wat betreft de beperkingen op goederen en technologieën voor tweeërlei gebruik, goederen en technologieën die kunnen bijdragen tot de militaire en technologische versterking van Rusland of de ontwikkeling van de Russische defensie- en veiligheidssector, goederen en technologie die geschikt zijn voor gebruik in de luchtvaart of de ruimtevaartindustrie, vliegtuigbrandstof en brandstofadditieven, en luxegoederen, bepaalde afwijkingen worden gewijzigd of ingevoerd. |
|
(8) |
Om uitvoering te geven aan bepaalde maatregelen, is verder optreden van de Unie vereist. |
|
(9) |
Besluit 2014/512/GBVB moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
Besluit 2014/512/GBVB wordt als volgt gewijzigd:
|
1) |
in artikel 1 bis bis, lid 3, wordt punt a) vervangen door:
|
|
2) |
aan artikel 1 bis bis, lid 3, wordt het volgende punt toegevoegd:
|
|
3) |
Aan artikel 1 bis bis wordt het volgende lid toegevoegd: “4. De Unie neemt de nodige maatregelen om te bepalen welke voorwerpen onder dit artikel moeten vallen.”; |
|
4) |
artikel 1 ter wordt vervangen door: “Artikel 1 ter 1. Het is verboden deposito’s te aanvaarden van Russische onderdanen of natuurlijke personen die in Rusland verblijven, of van in Rusland gevestigde rechtspersonen, entiteiten of lichamen, indien de totale waarde van de deposito’s van de natuurlijke persoon, de rechtspersoon, de entiteit of het lichaam per kredietinstelling meer dan 100 000 EUR bedraagt. 2. Het is verboden diensten op het gebied van portemonnees, rekeningen en bewaring van cryptoactiva te verrichten voor Russische onderdanen of natuurlijke personen die in Rusland verblijven, of voor in Rusland gevestigde rechtspersonen, entiteiten of lichamen, indien de totale waarde van de cryptoactiva van de natuurlijke persoon, de rechtspersoon, de entiteit of het lichaam per portemonnee, rekening of aanbieder van cryptobewaringsdiensten meer dan 10 000 EUR bedraagt. 3. De leden 1 en 2 zijn niet van toepassing op onderdanen van een lidstaat, van een land dat lid is van de Europese Economische Ruimte of van Zwitserland, noch op natuurlijke personen die in het bezit zijn van een tijdelijke of permanente verblijfsvergunning voor een lidstaat, voor een land dat lid is van de Europese Economische Ruimte of voor Zwitserland. 4. De leden 1 en 2 zijn niet van toepassing op deposito’s die noodzakelijk zijn voor niet aan beperkingen onderworpen grensoverschrijdende handel in goederen en diensten tussen de Unie en Rusland. 5. In afwijking van de leden 1 en 2 kunnen de bevoegde autoriteiten onder door hen passend geachte voorwaarden vergunning verlenen voor de aanvaarding van een dergelijk deposito of de verrichting van diensten op het gebied van portemonnees, rekeningen en bewaring van cryptoactiva, nadat zij hebben geconstateerd dat de aanvaarding van een dergelijk deposito of de verrichting van diensten op het gebied van portemonnees, rekeningen en bewaring van cryptoactiva:
De betrokken lidstaat stelt de andere lidstaten en de Commissie in kennis van elke op grond van dit lid verleende vergunning, binnen twee weken na het verlenen van de vergunning. 6. In afwijking van de leden 1 en 2 kunnen de bevoegde autoriteiten onder door hen passend geachte voorwaarden vergunning verlenen voor de aanvaarding van een dergelijk deposito of de verrichting van diensten op het gebied van portemonnees, rekeningen en bewaring van cryptoactiva, nadat zij hebben geconstateerd dat de aanvaarding van een dergelijk deposito of de verrichting van diensten op het gebied van portemonnees, rekeningen en bewaring van cryptoactiva:
De betrokken lidstaat stelt de andere lidstaten en de Commissie binnen twee weken na het verlenen van de vergunning in kennis van elke op grond van dit lid verleende vergunning.”; |
|
5) |
in artikel 1 quinquies wordt lid 1 vervangen door: “1. Het is verboden in een officiële valuta van een lidstaat luidende effecten die na 12 april 2022 zijn uitgegeven of rechten van deelneming in instellingen voor collectieve belegging die blootstelling bieden aan dergelijke effecten, te verkopen aan Russische onderdanen of in Rusland verblijvende natuurlijke personen of in Rusland gevestigde rechtspersonen, entiteiten of lichamen.”; |
|
6) |
artikel 1 septies wordt vervangen door: “Artikel 1 septies 1. Het is verboden om in een officiële valuta van een lidstaat luidende bankbiljetten te verkopen, te leveren, over te dragen aan of uit te voeren naar Rusland of naar natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten of lichamen in Rusland, met inbegrip van de regering en de centrale bank van Rusland, of voor gebruik in Rusland. 2. Het in lid 1 bedoelde verbod is niet van toepassing op de verkoop, levering, overdracht of uitvoer van in een officiële valuta van een lidstaat luidende bankbiljetten indien dergelijke verkoop, levering, overdracht of uitvoer noodzakelijk is voor:
|
|
7) |
de volgende artikelen worden ingevoegd: “Artikel 1 nonies 1. Het is verboden overheidsopdrachten of concessieovereenkomsten te gunnen of voort te zetten die binnen het toepassingsgebied vallen van zowel de Richtlijnen 2014/23/EU (*1), 2014/24/EU (*2), 2014/25/EU (*3) en 2009/81/EG (*4) van het Europees Parlement en de Raad, alsmede artikel 10, leden 1 en 3, lid 6, punten a) tot en met e), en leden 8, 9 en 10, de artikelen 11, 12, 13 en 14 van Richtlijn 2014/23/EU, de artikelen 7 en 8, artikel 10, punten b) tot en met f) en h) tot en met j), van Richtlijn 2014/24/EU, artikel 18, artikel 21, punten b) tot en met e) en g) tot en met i), en de artikelen 29 en 30, van Richtlijn 2014/25/EU en artikel 13, punten a) tot en met d), f) tot en met h) en j), van Richtlijn 2009/81/EG, aan of met:
met inbegrip van onderaannemers, leveranciers of entiteiten waarvan in de zin van de Richtlijnen 2014/23/EU, 2014/24/EU, 2014/25/EU en 2009/81/EG de capaciteit wordt ingeroepen, wanneer zij meer dan 10 % van de waarde van de opdracht vertegenwoordigen. 2. In afwijking van lid 1 kunnen de bevoegde autoriteiten toestemming verlenen voor de gunning en de voortzetting van de uitvoering van overeenkomsten voor:
3. De betrokken lidstaat stelt de andere lidstaten en de Commissie in kennis van elke toestemming die overeenkomstig dit artikel is verleend, binnen twee weken na de verlening van de toestemming. 4. Het in lid 1 bedoelde verbod is niet van toepassing op de tenuitvoerlegging tot 10 oktober 2022 van contracten die zijn afgesloten vóór 9 april 2022. 5. De Unie neemt de nodige maatregelen om te bepalen welke voorwerpen onder dit artikel moeten vallen.”; Artikel 1 decies 1. Het is verboden directe of indirecte steun, met inbegrip van financiering en financiële bijstand of enig ander voordeel uit hoofde van een programma van de Unie, Euratom of een lidstaat en contracten in de zin van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 (*5), te verlenen aan in Rusland gevestigde rechtspersonen, entiteiten of lichamen die voor meer dan 50 % staatseigendom zijn of onder overheidscontrole staan. 2. Het in lid 1 bedoelde verbod is niet van toepassing op:
Artikel 1 undecies 1. Het is verboden te voorzien in de registratie, een statutaire zetel, een zakelijk of administratief adres en beheersdiensten te verstrekken aan een trust of een soortgelijke juridische constructie met als insteller van de trust of begunstigde:
2. Met ingang van 10 mei 2022 is het verboden op te treden als, of ervoor te zorgen dat een andere persoon optreedt als trustee, gevolmachtigde aandeelhouder, bestuurder, secretaris of een soortgelijke positie, voor een trust of soortgelijke juridische constructie als bedoeld in lid 1. 3. De leden 1 en 2 zijn niet van toepassing op de verrichtingen die strikt noodzakelijk zijn voor de beëindiging uiterlijk op 10 mei 2022 van contracten die niet voldoen aan dit artikel die vóór 9 april 2022 zijn gesloten of aanvullende contracten die nodig zijn voor de uitvoering van dergelijke contracten. 4. De leden 1 en 2 zijn niet van toepassing in het geval dat de insteller van de trust of begunstigde een onderdaan van een lidstaat of natuurlijke persoon is die in het bezit is van een tijdelijke of permanente verblijfsvergunning in een lidstaat. 5. In afwijking van de leden 1 en 2 kunnen de bevoegde autoriteiten, onder door hen passend geachte voorwaarden, toestemming verlenen voor het verstrekken van de in deze leden bedoelde diensten nadat zij hebben vastgesteld dat dit noodzakelijk is voor:
(*1) Richtlijn 2014/23/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 februari 2014 betreffende het plaatsen van concessieovereenkomsten (PB L 94 van 28.3.2014, blz. 1)." (*2) Richtlijn 2014/24/EU van het Europees Parlement de Raad van 26 februari 2014 betreffende het plaatsen van overheidsopdrachten en tot intrekking van Richtlijn 2004/18/EG (PB L 94 van 28.3.2014, blz. 65)." (*3) Richtlijn 2014/25/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 februari 2014 betreffende het plaatsen van opdrachten in de sectoren water- en energievoorziening, vervoer en postdiensten en houdende intrekking van Richtlijn 2004/17/EG (PB L 94 van 28.3.2014, blz. 243)." (*4) Richtlijn 2009/81/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 betreffende de coördinatie van de procedures voor het plaatsen door aanbestedende diensten van bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten op defensie- en veiligheidsgebied, en tot wijziging van Richtlijnen 2004/17/EG en 2004/18/EG (PB L 216 van 20.8.2009, blz. 76)." (*5) Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 (PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1).”;" |
|
8) |
artikel 2 wordt als volgt gewijzigd:
|
|
9) |
in artikel 3, lid 4, wordt punt e) vervangen door:
|
|
10) |
in artikel 3, lid 7, worden de punten i) en ii) vervangen door:
|
|
11) |
in artikel 3 bis, lid 4, wordt punt e) vervangen door:
|
|
12) |
in artikel 3 bis, lid 7, worden de punten i) en ii) vervangen door:
|
|
13) |
in artikel 4, lid 3, wordt punt a), vervangen door:
|
|
14) |
in artikel 4 bis, lid 2, wordt punt a) vervangen door:
|
|
15) |
in artikel 4 quater wordt lid 1 vervangen door: “1. Het is verboden om goederen en technologie die geschikt zijn voor gebruik in de raffinage van olie en het vloeibaar maken van aardgas, al dan niet van oorsprong uit de Unie, direct of indirect te verkopen, te leveren, over te dragen aan of uit te voeren naar natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten of lichamen in Rusland of voor gebruik in Rusland.”; |
|
16) |
in artikel 4 quinquies wordt lid 1 vervangen door: “1. Het is verboden om goederen en technologie die geschikt zijn voor gebruik in de lucht- of de ruimtevaartsector, alsmede vliegtuigbrandstof en brandstofadditieven, al dan niet van oorsprong uit de Unie, direct of indirect te verkopen, te leveren, over te dragen aan of uit te voeren naar natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten of lichamen in Rusland of voor gebruik in Rusland.”; |
|
17) |
in artikel 4 quinquies wordt lid 6 vervangen door het volgende en worden de volgende leden toegevoegd: “6. In afwijking van de leden 1 en 4 kunnen de nationale bevoegde autoriteiten op door hen passend geachte voorwaarden toestemming verlenen voor de uitvoering van een vóór 26 februari 2022 gesloten financiële leasing van vliegtuigen, nadat zij hebben vastgesteld dat:
7. De betrokken lidstaat stelt de andere lidstaten en de Commissie in kennis van elke toestemming die overeenkomstig dit artikel is verleend, binnen twee weken na de verlening van de toestemming. 8. Het in lid 1 bedoelde verbod laat artikel 3, lid 4, punt b), en artikel 3 bis, lid 4, punt b), onverlet. 9. De Unie neemt de nodige maatregelen om te bepalen welke voorwerpen onder dit artikel moeten vallen.”; |
|
18) |
het volgende artikel wordt ingevoegd: “Artikel 4 nonies bis 1. Het is verboden na 16 april 2022 toegang te verlenen tot havens op het grondgebied van de Unie aan vaartuigen die geregistreerd zijn onder Russische vlag. 2. Lid 1 is van toepassing op vaartuigen die hun Russische vlag hebben gewisseld of hun Russische registratie hebben gewijzigd in de vlag van of de registratie bij een andere staat na 24 februari 2022. 3. Voor de toepassing van dit artikel wordt onder “vaartuig” verstaan:
4. Lid 1 is niet van toepassing in het geval van een vaartuig dat bijstand behoeft en een toevluchtsoord zoekt of bij een havenaanloop om redenen van maritieme veiligheid of om mensenlevens op zee te redden. 5. In afwijking van lid 1 kunnen de bevoegde autoriteiten, onder door hen passend geachte voorwaarden, een vaartuig toegang tot een haven verlenen nadat zij hebben vastgesteld dat de toegang noodzakelijk is voor:
6. De betrokken lidstaat stelt de andere lidstaten en de Commissie in kennis van elke op grond van lid 5 verleende toestemming, binnen twee weken na het verlenen van de toestemming. 7. De Unie neemt de nodige maatregelen om te bepalen welke voorwerpen onder dit artikel moeten vallen. (*6) Richtlijn 2013/53/EU van het Europees Parlement en de Raad van 20 november 2013 betreffende pleziervaartuigen en waterscooters en tot intrekking van Richtlijn 94/25/EG (PB L 354 van 28.12.2013, blz. 90).”;" |
|
19) |
in artikel 4 undecies wordt lid 4 vervangen door het volgende en worden de volgende leden toegevoegd: “4. In afwijking van lid 1 kunnen de bevoegde autoriteiten toestemming verlenen voor de overdracht aan of de uitvoer naar Rusland van culturele goederen die in bruikleen zijn gegeven in het kader van een formele culturele samenwerking met Rusland. 5. De betrokken lidstaat stelt de andere lidstaten en de Commissie in kennis van elke op grond van lid 4 verleende toestemming, binnen twee weken na het verlenen van de toestemming. 6. De Unie neemt de nodige maatregelen om te bepalen welke voorwerpen onder dit artikel moeten vallen.”; |
|
20) |
de volgende artikelen worden ingevoegd: “Artikel 4 duodecies 1. Het is verboden goederen die aanzienlijke inkomsten opleveren voor Rusland en waarmee het dan acties kan opzetten die de situatie in Oekraïne destabiliseren, direct of indirect aan te kopen, in te voeren of over te dragen naar de Unie indien zij van oorsprong zijn uit Rusland of uit Rusland worden uitgevoerd. 2. Er geldt een verbod op:
3. De in de leden 1 en 2 bedoelde verbodsbepalingen zijn tot 10 juli 2022 niet van toepassing op de uitvoering van contracten die zijn afgesloten vóór 9 april 2022, of aanvullende contracten die nodig zijn voor de uitvoering van dergelijke contracten. 4. Met ingang van 10 juli 2022 zijn de verbodsbepalingen in de leden 1 en 2 niet van toepassing op de invoer, de aankoop of het vervoer, of de daarmee verband houdende technische of financiële bijstand, die nodig zijn voor de invoer in de Unie van:
5. De in lid 4 vastgestelde in volume uitgedrukte invoercontingenten worden door de Commissie en de lidstaten beheerd overeenkomstig de methode voor het beheer van tariefcontingenten die is omschreven in de artikelen 49 tot en met 54 van Uitvoeringsverordening (EU) 2015/2447 van de Commissie (*7). 6. De Unie neemt de nodige maatregelen om te bepalen welke voorwerpen onder dit artikel moeten vallen. Artikel 4 terdecies 1. Het is verboden steenkool en andere vaste fossiele brandstoffen direct of indirect aan te kopen, in te voeren of over te dragen naar de Unie indien zij van oorsprong zijn uit Rusland of uit Rusland worden uitgevoerd. 2. Er geldt een verbod op:
3. De in de leden 1 en 2 bedoelde verbodsbepalingen zijn tot 10 augustus 2022 niet van toepassing op de uitvoering van contracten die zijn afgesloten vóór 9 april 2022, of aanvullende contracten die nodig zijn voor de uitvoering van dergelijke contracten. 4. De Unie neemt de nodige maatregelen om te bepalen welke voorwerpen onder dit artikel moeten vallen. Artikel 4 quaterdecies 1. Het is verboden goederen die in het bijzonder zouden kunnen bijdragen tot de versterking van de industriële capaciteit van Rusland, direct of indirect te verkopen, te leveren en over te dragen aan of uit te voeren naar natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten of lichamen in Rusland, of voor gebruik in Rusland. 2. Er geldt een verbod op:
3. De verbodsbepalingen van de leden 1 en 2 zijn tot 10 juli 2022 niet van toepassing op de uitvoering van contracten die zijn afgesloten vóór 9 april 2022 of aanvullende contracten die nodig zijn voor de uitvoering van dergelijke contracten. 4. De verbodsbepalingen van de leden 1 en 2 zijn niet van toepassing op goederen die noodzakelijk zijn voor de officiële doelen van diplomatieke of consulaire missies van de lidstaten of partnerlanden in Rusland, of van internationale organisaties die bescherming genieten op grond van het internationaal recht, of op de persoonlijke bezittingen van hun personeelsleden. 5. De bevoegde autoriteiten van de lidstaten kunnen, op door hen passend geachte voorwaarden, toestemming verlenen voor de verkoop, levering, overdracht of uitvoer van de goederen en technologie die onder dit artikel vallen, of voor de verlening van daarmee verband houdende technische of financiële bijstand, nadat zij hebben vastgesteld dat dergelijke goederen of technologie of de verlening van daarmee verband houdende technische of financiële bijstand noodzakelijk zijn voor humanitaire doeleinden, zoals het verlenen of faciliteren van de verlening van bijstand, met inbegrip van medische benodigdheden, levensmiddelen, de overbrenging van humanitaire hulpverleners en daarmee verband houdende bijstand, of voor evacuaties. 6. De Unie neemt de nodige maatregelen om te bepalen welke voorwerpen onder dit artikel moeten vallen. Artikel 4 quindecies 1. Het is voor in Rusland gevestigde wegvervoerondernemingen verboden op het grondgebied van de Unie goederen over de weg te vervoeren, ook in doorvoer. 2. De in lid 1 bedoelde verbodsbepaling geldt niet voor:
3. Het in lid 1 bedoelde verbod is niet van toepassing op het vervoer van goederen dat vóór 9 april 2022 van start is gegaan tot 16 april 2022, op voorwaarde dat het voertuig van de wegvervoeronderneming:
4. In afwijking van lid 1 kunnen de bevoegde autoriteiten van een lidstaat toestemming verlenen voor goederenvervoer door een in Rusland gevestigde wegvervoeronderneming indien de bevoegde autoriteiten hebben vastgesteld dat dit vervoer noodzakelijk is voor:
5. De betrokken lidstaat stelt de andere lidstaten en de Commissie in kennis van elke op grond van lid 4 verleende toestemming, binnen twee weken na het verlenen van de toestemming. (*7) Uitvoeringsverordening (EU) 2015/2447 van de Commissie van 24 november 2015 houdende nadere uitvoeringsvoorschriften voor enkele bepalingen van Verordening (EU) nr. 952/2013 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van het douanewetboek van de Unie (PB L 343 van 29.12.2015, blz. 558).”;" |
|
21) |
in artikel 7, lid 1, wordt punt a), vervangen door:
|
|
22) |
bijlage VII wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij dit besluit. |
Artikel 2
Dit besluit treedt in werking op de datum na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Gedaan te Brussel, 8 april 2022.
Voor de Raad
De voorzitter
J.-Y. LE DRIAN
(1) Besluit 2014/512/GBVB van de Raad van 31 juli 2014 betreffende beperkende maatregelen naar aanleiding van acties van Rusland die de situatie in Oekraïne destabiliseren (PB L 229 van 31.7.2014, blz. 13).
BIJLAGE
In bijlage VII bij Besluit 2014/512/GBVB wordt het volgende partnerland toegevoegd:
|
|
“JAPAN”. |