30.11.2021   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 427/169


UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2021/2093 VAN DE COMMISSIE

van 29 november 2021

tot verlening van een vergunning voor dinatrium-5’-guanylaat als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor alle diersoorten

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EG) nr. 1831/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 22 september 2003 betreffende toevoegingsmiddelen voor diervoeding (1), en met name artikel 9, lid 2,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De verlening van vergunningen voor toevoegingsmiddelen voor diervoeding, met inbegrip van de gronden en procedures voor het verlenen van dergelijke vergunningen, is geregeld bij Verordening (EG) nr. 1831/2003.

(2)

Overeenkomstig artikel 7 van Verordening (EG) nr. 1831/2003 is een aanvraag ingediend voor de verlening van een vergunning voor dinatrium-5’-guanylaat. De krachtens artikel 7, lid 3, van Verordening (EG) nr. 1831/2003 vereiste nadere gegevens en documenten waren bij de aanvraag gevoegd.

(3)

De aanvraag betreft de verlening van een vergunning voor dinatrium-5′-guanylaat als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor alle diersoorten, in te delen in de categorie “sensoriële toevoegingsmiddelen” en de functionele groep “aromatische stoffen”.

(4)

De aanvrager heeft ook verzocht om een vergunning voor het gebruik van dinatrium-5’-guanylaat in drinkwater. Verordening (EG) nr. 1831/2003 voorziet echter niet in de verlening van een vergunning voor het gebruik van “aromatische stoffen” in drinkwater. Daarom mag het gebruik van dinatrium-5’-guanylaat in drinkwater niet worden toegestaan.

(5)

De Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) heeft in haar advies van 5 mei 2021 (2) geconcludeerd dat dinatrium-5’-guanylaat onder de voorgestelde voorwaarden voor gebruik geen ongunstige gevolgen heeft voor de diergezondheid, de menselijke gezondheid of het milieu.

(6)

De EFSA heeft verder geconcludeerd dat dinatrium-5’-guanylaat doeltreffend bijdraagt tot de smaak van diervoeder. De EFSA heeft ook het verslag over de analysemethode voor het toevoegingsmiddel voor diervoeding geverifieerd dat door het bij Verordening (EG) nr. 1831/2003 ingestelde referentielaboratorium was ingediend.

(7)

Uit de beoordeling van dinatrium-5’-guanylaat blijkt dat aan de in artikel 5 van Verordening (EG) nr. 1831/2003 vermelde voorwaarden voor de verlening van een vergunning is voldaan. Daarom moet een vergunning worden verleend voor het gebruik van die stof zoals gespecificeerd in de bijlage bij de onderhavige verordening.

(8)

Om een betere controle mogelijk te maken, moeten bepaalde voorwaarden worden vastgesteld. Het is met name van belang dat er een aanbevolen gehalte op het etiket van het toevoegingsmiddel wordt vermeld. Indien dat gehalte wordt overschreden, moet bepaalde informatie op het etiket van de voormengsels worden vermeld.

(9)

Het feit dat dinatrium-5’-guanylaat niet als aromatische stof in drinkwater mag worden gebruikt, sluit het gebruik ervan in mengvoeders die via water worden toegediend, niet uit.

(10)

De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Voor de in de bijlage gespecificeerde stof, die behoort tot de categorie “sensoriële toevoegingsmiddelen” en de functionele groep “aromatische stoffen”, wordt onder de in die bijlage vastgestelde voorwaarden een vergunning voor gebruik als toevoegingsmiddel voor diervoeding verleend.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 29 november 2021.

Voor de Commissie

De voorzitter

Ursula VON DER LEYEN


(1)   PB L 268 van 18.10.2003, blz. 29.

(2)   EFSA Journal 2021;19(6):6619.


BIJLAGE

Identificatienummer van het toevoegingsmiddel

Naam van de vergunninghouder

Toevoegingsmiddel

Samenstelling, chemische formule, beschrijving, analysemethode

Diersoort of -categorie

Maximumleeftijd

Minimumgehalte

Maximumgehalte

Overige bepalingen

Einde van de vergunningsperiode

mg werkzame stof/kg volledig voeder met een vochtgehalte van 12 %

Categorie: sensoriële toevoegingsmiddelen.

Functionele groep: aromatische stoffen.

2b627i

Dinatrium-5’-guanylaat

Samenstelling van het toevoegingsmiddel

Dinatrium-5’-guanylaat (GMP).

Poedervorm

Karakterisering van de werkzame stof

Dinatrium-5’-guanylaat (in gehydrateerde vorm) geproduceerd met Corynebacterium stationis KCCM 10530 en Escherichia coli K-12 KFCC 11067.

Geproduceerd door fermentatie

Zuiverheid: ten minste 97 %

Chemische formule:

C10H12N5Na2O8P

CAS-nr.: 5550-12-9

Einecs-nr.: 226-914-1

Analysemethode  (1)

Voor de identificatie van dinatrium-5’-guanylaat (GMP) in het toevoegingsmiddel voor diervoeding:

FAO/JECFA-monografie over dinatrium-5’-guanylaat.

Voor de bepaling van dinatrium-5’-guanylaat (GMP) in het toevoegingsmiddel voor diervoeding, aromatische voormengsels en water:

hogedrukvloeistofchromatografie in combinatie met uv-detectie (HPLC-UV).

Alle diersoorten

1.

Het toevoegingsmiddel moet als voormengsel in het diervoeder worden verwerkt.

2.

In de aanwijzingen voor het gebruik van het toevoegingsmiddel en de voormengsels moeten de opslagomstandigheden en de stabiliteit bij warmtebehandeling worden vermeld.

3.

Op het etiket van het toevoegingsmiddel moet het volgende worden vermeld:

“Aanbevolen maximumgehalte van de werkzame stof alleen of in combinatie met andere ribonucleotiden tot hetzelfde niveau per kg volledig diervoeder met een vochtgehalte van 12 %: 50 mg.”.

4.

De functionele groep, het identificatienummer, de naam en de toegevoegde hoeveelheid van de werkzame stof moeten worden vermeld op het etiket van het voormengsel indien de gebruiksconcentratie op het etiket van het voormengsel zou leiden tot een overschrijding van de in punt 3 vermelde concentratie van de werkzame stof in volledig diervoeder.

20 december 2031


(1)  Nadere bijzonderheden over de analysemethoden zijn beschikbaar op de website van het referentielaboratorium: https://ec.europa.eu/jrc/en/eurl/feed-additives/evaluation-reports