10.11.2021   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 396/4


GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) 2021/1933 VAN DE COMMISSIE

van 14 juli 2021

tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 576/2013 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft voorschriften voor het niet-commerciële verkeer van gezelschapsvogels naar een lidstaat vanuit een gebied of derde land

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 576/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 12 juni 2013 betreffende het niet-commerciële verkeer van gezelschapsdieren en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 998/2003 (1), en met name artikel 5, lid 5, artikel 17, lid 2, tweede alinea, en artikel 19, lid 1, eerste alinea,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Verordening (EU) nr. 576/2013 bevat de veterinairrechtelijke voorschriften voor het niet-commerciële verkeer van gezelschapsdieren, inclusief vogels zoals bedoeld in deel B van bijlage I bij die Verordening (gezelschapsvogels), en bepaalt dat door middel van gedelegeerde handelingen preventieve gezondheidsmaatregelen kunnen worden vastgesteld ter bescherming van de diergezondheid en de volksgezondheid tegen ziekten of infecties die zich waarschijnlijk zullen verspreiden als gevolg van het niet-commerciële verkeer van gezelschapsvogels naar een lidstaat vanuit een gebied of derde land.

(2)

Verordening (EU) nr. 576/2013 bepaalt ook dat de preventieve gezondheidsmaatregelen moeten worden gebaseerd op adequate, betrouwbare en gevalideerde wetenschappelijke informatie en moeten worden toegepast op een wijze die in verhouding staat tot het risico voor de volks- en diergezondheid als gevolg van de verspreiding van die ziekten of infecties via het grensoverschrijdende verkeer van gezelschapsvogels.

(3)

Met het oog op de eenvoud en de transparantie van de regels van de Unie, en om de toepassing ervan te vergemakkelijken en overlapping te voorkomen, moeten de regels voor het niet-commerciële verkeer van gezelschapsvogels naar een lidstaat vanuit een gebied of derde land worden vastgesteld in één enkele handeling en niet in een aantal afzonderlijke handelingen met kruisverwijzingen. Deze aanpak is ook in overeenstemming met de huidige aanpak op het gebied van de wetgeving van de Unie inzake diergezondheid, zoals vastgesteld in Verordening (EU) 2016/429 van het Europees Parlement en de Raad (2), die de stroomlijning van de Unieregels bevordert teneinde de toepassing ervan te vergemakkelijken en de administratieve lasten te beperken.

(4)

Aviaire influenza is een virale infectieziekte bij vogels die negatieve gevolgen kan hebben voor de diergezondheid en de volksgezondheid. Met name veroorzaken infecties met aviaire-influenzavirussen bij gedomesticeerd pluimvee twee hoofdvormen van de ziekte met een verschillende virulentie. De laagpathogene vorm leidt in de regel slechts tot milde symptomen, terwijl de hoogpathogene vorm bij de meeste pluimveesoorten een zeer hoge sterfte veroorzaakt. Die ziekte kan derhalve ernstige gevolgen hebben voor de rentabiliteit van de pluimveehouderij. Daarnaast kan de infectie, hoewel aviaire influenza vooral bij vogels wordt aangetroffen, onder bepaalde omstandigheden ook bij mensen voorkomen, al is dat risico in de regel erg klein.

(5)

Nadat zich in 2005 voor het eerst een geval van hoogpathogene aviaire influenza (HPAI) van het subtype H5N1 had voorgedaan bij een in gevangenschap levende vogel die de Unie was binnengebracht, zijn bij Beschikking 2005/759/EG van de Commissie (3) beschermende maatregelen vastgesteld ter voorkoming van de insleep en verspreiding van het HPAI-virus door het verkeer van gezelschapsvogels die hun eigenaar vergezellen naar de Unie. Beschikking 2005/759/EG is ingetrokken en vervangen door Beschikking 2007/25/EG van de Commissie (4) wegens de aanhoudende risico’s voor de diergezondheid als gevolg van dergelijk verkeer. Beschikking 2007/25/EG is verder gewijzigd als gevolg van wijzigingen in de epidemiologische situatie in de Unie, en de datum van toepassing ervan is herhaaldelijk verlengd, laatstelijk bij Uitvoeringsbesluit (EU) 2020/2107 van de Commissie (5). Beschikking 2007/25/EG zal nu op 31 december 2021 komen te vervallen.

(6)

Aangezien de wereldwijde dreiging van aviaire influenza de afgelopen jaren is toegenomen en de epidemiologische situatie in de nabije toekomst naar verwachting niet zal verbeteren, is het echter passend om in het kader van Verordening (EU) nr. 576/2013 permanente beschermende maatregelen vast te stellen om ervoor te zorgen dat het niet-commerciële verkeer van gezelschapsvogels naar de Unie geen risico oplevert op de insleep en de verspreiding van het aviaire-influenzavirus.

(7)

Bepaalde gebieden en derde landen passen veterinairrechtelijke voorschriften voor het niet-commerciële verkeer naar hun grondgebied van gezelschapsvogels toe, die gelijkwaardig zijn aan de in deze verordening vastgestelde voorschriften. Van het niet-commerciële verkeer van gezelschapsvogels uit die gebieden en derde landen naar de Unie kan derhalve worden aangenomen dat het voor de Unie nauwelijks risico’s op het gebied van de diergezondheid oplevert, en de in deze verordening vastgestelde voorschriften voor het niet-commerciële verkeer van gezelschapsvogels moeten niet gelden voor het niet-commerciële verkeer naar de Unie van gezelschapsvogels uit die specifieke gebieden en derde landen.

(8)

Om te vermijden dat het commerciële verkeer van vogels naar de Unie op frauduleuze wijze als niet-commercieel verkeer wordt verhuld, moet het maximaal aantal gezelschapsvogels dat de eigenaar of een gemachtigde persoon mag vergezellen, worden beperkt tot vijf gezelschapsvogels tijdens een eenmalige verplaatsing in het kader van niet-commercieel verkeer. Aangezien een groter aantal vogels een groter risico oplevert voor de insleep en verspreiding van het aviaire-influenzavirus, moet het verkeer naar de Unie van meer dan vijf gezelschapsvogels niet worden beschouwd als een eenmalige verplaatsing in het kader van niet-commercieel verkeer van gezelschapsvogels, en moet dergelijk verkeer niet binnen het toepassingsgebied van de voorschriften van deze handeling vallen. Dergelijk verkeer moet in plaats daarvan blijven plaatsvinden overeenkomstig de voorschriften voor de binnenkomst in de Unie van in gevangenschap levende vogels van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/692 van de Commissie (6) en moet ook aan officiële controles aan grenscontroleposten worden onderworpen, zoals vastgesteld in Verordening (EU) 2017/625 van het Europees Parlement en de Raad (7).

(9)

Bovendien moeten in deze handeling voorschriften worden vastgesteld met betrekking tot de middelen om gezelschapsvogels te identificeren die vanuit een gebied of een derde land naar een lidstaat zullen worden overgebracht, om ervoor te zorgen dat er een verband kan worden gelegd tussen de gezelschapsvogel en het desbetreffende identificatiedocument.

(10)

In haar wetenschappelijk advies over aviaire influenza, voor het eerst gepubliceerd op 16 oktober 2017 (8), heeft de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) de veterinairrechtelijke voorschriften van Beschikking 2007/25/EG doeltreffend bevonden voor het beperken van het risico op de insleep in de Unie van het aviaire-influenzavirus via het niet-commerciële verkeer van gezelschapsvogels naar lidstaten vanuit gebieden of derde landen. De in die beschikking vastgestelde veterinairrechtelijke voorschriften moeten derhalve worden gebruikt als basis voor de voorschriften van deze verordening.

(11)

De preventieve gezondheidsmaatregelen voor het niet-commerciële verkeer van gezelschapsvogels naar de Unie moeten voorzien in verscheidene opties wat betreft de voorwaarden voor het binnenbrengen ervan, waaronder afzondering, voorafgaand aan dergelijk niet-commercieel verkeer dan wel op de plaats van bestemming, alsook vóór de verplaatsing uit te voeren tests op de H5- en H7-subtypen van het HPAI-virus en vaccinaties tegen H5- en H7-subtypen van het HPAI-virus.

(12)

De optie van afzondering voorafgaand aan het niet-commerciële verkeer naar de Unie moet echter alleen worden toegestaan voor gezelschapsvogels die afkomstig zijn uit gebieden of derde landen die ten aanzien van aviaire influenza en andere voor de desbetreffende vogelsoort relevante ziekten zijn beoordeeld. Daarom moet deze optie worden beperkt tot de derde landen of gebieden die in de tabel in deel 1 van bijlage V, bijlage XIV of bijlage XIX bij Uitvoeringsverordening (EU) 2021/404 van de Commissie (9) zijn opgenomen voor de binnenkomst in de Unie van, respectievelijk, pluimvee en levende producten van pluimvee, vers vlees van pluimvee en vederwild, en eieren en eiproducten.

(13)

Voorts mag, wat de optie van afzondering van gezelschapsvogels op de plaats van bestemming betreft, die afzondering alleen plaatsvinden in een inrichting die de diergezondheidsstatus van de dieren kan garanderen. Daarom moet worden vereist dat bij gebruikmaking van deze optie de gezelschapsvogels worden geplaatst in een overeenkomstig artikel 14 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/2035 van de Commissie (10) erkende quarantaine-inrichting.

(14)

Om het risico op de verspreiding van het aviaire-influenzavirus in de Unie via het niet-commerciële verkeer van gezelschapsvogels uit gebieden of derde landen verder te beperken, moet het verboden zijn gedurende een passende periode na hun binnenkomst in de Unie die gezelschapsvogels deel te laten nemen aan salons, beurzen, tentoonstellingen of andere bijeenkomsten van vogels. Daarom moet worden vereist dat de gezelschapsvogels gedurende die periode worden afgezonderd onder officieel toezicht, overeenkomstig het officiële toezicht zoals bedoeld in artikel 35, lid 1, punt b), van Verordening (EU) nr. 576/2013.

(15)

De naleving van de in deze verordening vastgestelde vereisten moet worden gecertificeerd door een officiële dierenarts van het gebied of het derde land van verzending, dan wel door een gemachtigde dierenarts met aansluitende bekrachtiging door de bevoegde autoriteit van het gebied of het derde land van verzending, overeenkomstig het veterinair certificaat zoals vastgesteld in de bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) 2021/1938 van de Commissie (11), die samen met de voorschriften van deze verordening moet worden toegepast.

(16)

Om ervoor te zorgen dat er geen juridische leemte ontstaat wat betreft de voorschriften voor het niet-commerciële verkeer van gezelschapsvogels naar een lidstaat vanuit gebieden of derde landen, moet deze verordening van toepassing zijn met ingang van 1 januari 2022, aangezien de hierbij vastgestelde voorschriften een aantal van de voorschriften vervangen die momenteel zijn vastgesteld bij Beschikking 2007/25/EG, die van toepassing is tot en met 31 december 2021,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Onderwerp en toepassingsgebied

1.   Deze verordening bevat de veterinairrechtelijke voorschriften voor het niet-commerciële verkeer van gezelschapsdieren van de in deel B van bijlage I bij Verordening (EU) nr. 576/2013 bedoelde vogelsoorten (gezelschapsvogels) naar een lidstaat vanuit een gebied of derde land.

2.   Deze verordening is niet van toepassing:

a)

indien het totale aantal gezelschapsvogels tijdens een eenmalige verplaatsing groter is dan vijf;

b)

op het verkeer van gezelschapsvogels uit Andorra, de Faeröer, Gibraltar, Groenland, IJsland, Liechtenstein, Monaco, Noorwegen, San Marino, Vaticaanstad en Zwitserland.

Artikel 2

Maximaal aantal gezelschapsvogels tijdens een verplaatsing in het kader van niet-commercieel verkeer

Het maximaal aantal gezelschapsvogels dat de eigenaar of een gemachtigde persoon mag vergezellen tijdens een eenmalige verplaatsing in het kader van niet-commercieel verkeer naar een lidstaat vanuit een gebied of derde land, mag niet groter zijn dan vijf.

Artikel 3

Merken van gezelschapsvogels

1.   Gezelschapsvogels mogen slechts vanuit een gebied of een derde land in een lidstaat worden binnengebracht indien zij in het gebied of het derde land van verzending zijn gemerkt met een duurzaam, niet-verwijderbaar en goed leesbaar individueel merkteken met een alfanumerieke code.

2.   Indien de gezelschapsvogels overeenkomstig de voorwaarden van artikel 4, lid 1, punt b), i), ii) of iii), worden verplaatst, moet het in lid 1 van dit artikel bedoelde merkteken op de dieren zijn aangebracht voordat zij zijn afgezonderd, getest of gevaccineerd tegen aviaire influenza van de H5- en H7-subtypen.

3.   In afwijking van lid 1 is een beschrijving van de gezelschapsvogels voldoende, mits de gezelschapsvogels aan de volgende vereisten voldoen:

a)

zij worden verplaatst onder de in artikel 6 bepaalde voorwaarden;

b)

zij zijn vóór hun verzending naar de Unie in een behuizing geplaatst die door de bevoegde autoriteit van het gebied of het derde land van verzending is verzegeld en verblijven in die verzegelde behuizing tijdens de in artikel 6, lid 1, punt a), bedoelde quarantaine.

Artikel 4

Preventieve gezondheidsmaatregelen voor het niet-commerciële verkeer van gezelschapsvogels naar een lidstaat vanuit een gebied of derde land

1.   Gezelschapsvogels mogen alleen vanuit een gebied of derde land naar een lidstaat worden verplaatst indien aan de volgende vereisten wordt voldaan:

a)

het gebied of het derde land van verzending is lid van de Wereldorganisatie voor diergezondheid (OIE);

b)

de gezelschapsvogels voldoen aan een van de volgende voorwaarden:

i)

zij zijn afkomstig uit een derde land of gebied dat is opgenomen in de eerste kolom van de tabel in deel 1 van bijlage V, bijlage XIV of bijlage XIX bij Uitvoeringsverordening (EU) 2021/404, waar zij gedurende ten minste 30 dagen vóór de datum van verzending uit het gebied of het derde land onder officieel toezicht in afzondering moeten zijn gehouden, of

ii)

binnen de periode van zes maanden vóór de datum van verzending naar de Unie, en niet later dan 60 dagen vóór de datum van verzending naar de Unie, hebben zij een volledige eerste vaccinatie ontvangen en zijn zij, overeenkomstig de instructies van de fabrikant, in voorkomend geval opnieuw gevaccineerd met een goedgekeurd vaccin tegen aviaire influenza van de H5- en H7-subtypen, dat geen levend verzwakt vaccin geweest mag zijn en dat is toegediend door een gemachtigde dierenarts of een officiële dierenarts van het gebied of het derde land van verzending, of

iii)

zij zijn in het gebied of het derde land van verzending:

gedurende ten minste 14 dagen vóór de datum van verzending naar de Unie onder toezicht van een gemachtigde dierenarts of een officiële dierenarts afgezonderd gehouden,

en

aan een antigeen- of genoomdetectietest op aviaire influenza van de H5- en H7-subtypen onderworpen, met negatief resultaat uitgevoerd op een niet eerder dan op de zevende dag van de afzondering door een gemachtigde dierenarts of een officiële dierenarts genomen monster;

c)

binnen een periode van 48 uur of op de laatste werkdag vóór de datum van verzending uit het gebied of het derde land zijn de gezelschapsvogels onderworpen aan een klinische inspectie door een gemachtigde dierenarts of een officiële dierenarts van het gebied of het derde land van verzending, waarbij zij vrij werden bevonden van duidelijke tekenen van ziekte;

d)

gedurende de periode tussen de in punt c) bedoelde klinische inspectie en het vertrek uit het gebied of het derde land van verzending zijn de gezelschapsvogels niet met andere vogels in contact gekomen.

2.   De overeenkomstig lid 1, punt b), ii) en iii), uit te voeren tests en te verstrekken vaccinaties moeten voldoen aan de vereisten van hoofdstuk 3.3.4 van het Manual of Diagnostic Tests and Vaccines for Terrestrial Animals (Handboek inzake normen voor diagnostische tests en vaccins voor landdieren), 8e editie, 2018, van de Wereldorganisatie voor diergezondheid (OIE).

Artikel 5

Verkeer van gezelschapsvogels na aankomst in de Unie

Eigenaren of gemachtigde personen verplaatsen gezelschapsvogels die vanuit een gebied of derde land de Unie zijn binnengekomen, uitsluitend rechtstreeks vanuit het punt van binnenkomst naar een huishouden of een andere verblijfplaats in de Unie, waar de gezelschapsvogels gedurende ten minste 30 dagen na de datum van hun binnenkomst in de Unie onder officieel toezicht worden gehouden en gedurende deze periode niet mogen deelnemen aan salons, beurzen, tentoonstellingen of andere bijeenkomsten van vogels.

Artikel 6

Afwijking van de vereisten van artikel 4, lid 1, punt b), en artikel 5

1.   In afwijking van de vereisten van artikel 4, lid 1, punt b), en artikel 5, mogen gezelschapsvogels die niet voldoen aan de voorwaarden van artikel 4, lid 1, punt b), slechts vanuit een gebied of derde land naar een lidstaat worden verplaatst indien aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

a)

zij zijn bestemd voor een overeenkomstig artikel 14 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/2035 erkende quarantaine-inrichting in de lidstaat van bestemming, waar zij onmiddellijk na aankomst in de Unie gedurende ten minste 30 dagen in quarantaine worden gehouden;

b)

de eigenaar of gemachtigde persoon vervoert de gezelschapsvogels rechtstreeks van het punt van binnenkomst in de Unie naar de in punt a) bedoelde erkende quarantaine-inrichting;

c)

de in gevangenschap levende vogels worden slechts uit quarantaine vrijgegeven na schriftelijke toestemming van een officiële dierenarts.

2.   De bevoegde autoriteit:

a)

houdt toezicht op de aankomst van de gezelschapsvogels in de in lid 1, punt a), bedoelde erkende quarantaine-inrichting;

b)

inspecteert de quarantaineomstandigheden, met inbegrip van een onderzoek van de sterftegegevens en een klinische inspectie van de vogels, ten minste aan het begin en aan het einde van de quarantaineperiode.

Artikel 7

Gezondheidscertificering

1.   Gezelschapsvogels mogen alleen naar de Unie worden verplaatst indien aan de volgende vereisten wordt voldaan:

a)

een officiële dierenarts van het gebied of het derde land van verzending heeft overeenkomstig het veterinair certificaat in de bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) 2021/1938 gecertificeerd dat de gezelschapsvogels aan de vereisten van deze verordening voldoen, of

b)

een gemachtigde dierenarts van het gebied of het derde land heeft overeenkomstig het veterinair certificaat in de bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) 2021/1938 gecertificeerd dat de gezelschapsvogels voldoen aan de vereisten van deze verordening, en deze certificering is vervolgens door de bevoegde autoriteit van het gebied of het derde land bekrachtigd.

2.   Gezelschapsvogels mogen alleen in de Unie worden binnengebracht als het in lid 1 bedoelde veterinair certificaat door de officiële dierenarts of de gemachtigde dierenarts in het gebied of het derde land van verzending is ingevuld op basis van een schriftelijke verklaring van de eigenaar of de gemachtigde persoon die deel uitmaakt van dat veterinair certificaat, alsook op basis van:

a)

door de eigenaar of de gemachtigde persoon verstrekte bewijsstukken waaruit blijkt dat de nodige regelingen zijn getroffen voor de quarantaine van de gezelschapsvogels in een overeenkomstig artikel 14 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/2035 erkende quarantaine-inrichting, in het geval van gezelschapsvogels die overeenkomstig artikel 6 van deze verordening in quarantaine moeten worden gehouden, of

b)

de door de lidstaat van bestemming verleende vergunning, in het geval van gezelschapsvogels waarvoor een afwijking is toegestaan overeenkomstig artikel 32, lid 1, van Verordening (EU) nr. 576/2013.

Artikel 8

Inwerkingtreding en toepasselijkheid

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Zij is van toepassing met ingang van 1 januari 2022.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 14 juli 2021.

Voor de Commissie

De voorzitter

Ursula VON DER LEYEN


(1)   PB L 178 van 28.6.2013, blz. 1.

(2)  Verordening (EU) 2016/429 van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2016 betreffende overdraagbare dierziekten en tot wijziging en intrekking van bepaalde handelingen op het gebied van diergezondheid (“diergezondheidswetgeving”) (PB L 84 van 31.3.2016, blz. 1).

(3)  Beschikking 2005/759/EG van de Commissie van 27 oktober 2005 tot vaststelling van bepaalde beschermende maatregelen in verband met hoogpathogene aviaire influenza in bepaalde derde landen en het verkeer uit derde landen van vogels die hun eigenaar vergezellen (PB L 285 van 28.10.2005, blz. 52).

(4)  Beschikking 2007/25/EG van de Commissie van 22 december 2006 tot vaststelling van bepaalde beschermende maatregelen in verband met hoogpathogene aviaire influenza en het verkeer van gezelschapsvogels die hun eigenaar vergezellen (PB L 8 van 13.1.2007, blz. 29).

(5)  Uitvoeringsbesluit (EU) 2020/2107 van de Commissie van 14 december 2020 tot wijziging van Beschikking 2007/25/EG wat de toepassingsduur betreft (PB L 425 van 16.12.2020, blz. 103).

(6)  Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/692 van de Commissie van 30 januari 2020 tot aanvulling van Verordening (EU) 2016/429 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft regels voor de binnenkomst in de Unie en het na binnenkomst verplaatsen van en werken met zendingen van bepaalde dieren, levende producten en producten van dierlijke oorsprong (PB L 174 van 3.6.2020, blz. 379).

(7)  Verordening (EU) 2017/625 van het Europees Parlement en de Raad van 15 maart 2017 betreffende officiële controles en andere officiële activiteiten die worden uitgevoerd om de toepassing van de levensmiddelen- en diervoederwetgeving en van de voorschriften inzake diergezondheid, dierenwelzijn, plantgezondheid en gewasbeschermingsmiddelen te waarborgen, tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 999/2001, (EG) nr. 396/2005, (EG) nr. 1069/2009, (EG) nr. 1107/2009, (EU) nr. 1151/2012, (EU) nr. 652/2014, (EU) 2016/429 en (EU) 2016/2031 van het Europees Parlement en de Raad, de Verordeningen (EG) nr. 1/2005 en (EG) nr. 1099/2009 van de Raad en de Richtlijnen 98/58/EG, 1999/74/EG, 2007/43/EG, 2008/119/EG en 2008/120/EG van de Raad, en tot intrekking van de Verordeningen (EG) nr. 854/2004 en (EG) nr. 882/2004 van het Europees Parlement en de Raad, de Richtlijnen 89/608/EEG, 89/662/EEG, 90/425/EEG, 91/496/EEG, 96/23/EG, 96/93/EG en 97/78/EG van de Raad en Besluit 92/438/EEG van de Raad (verordening officiële controles) (PB L 95 van 7.4.2017, blz. 1).

(8)   EFSA Journal 2017;15(10):4991.

(9)  Uitvoeringsverordening (EU) 2021/404 van de Commissie van 24 maart 2021 tot vaststelling van de lijsten van derde landen en gebieden of zones daarvan waaruit de binnenkomst in de Unie van dieren, levende producten en producten van dierlijke oorsprong is toegestaan overeenkomstig Verordening (EU) 2016/429 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 114 van 31.3.2021, blz. 1).

(10)  Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/2035 van de Commissie van 28 juni 2019 tot aanvulling van Verordening (EU) 2016/429 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft regels voor inrichtingen waar landdieren worden gehouden en broederijen, alsmede voor de traceerbaarheid van bepaalde gehouden landdieren en broedeieren (PB L 314 van 5.12.2019, blz. 115).

(11)  Uitvoeringsverordening (EU) 2021/1938 van de Commissie van 10 november 2021 tot vaststelling van het model-identificatiedocument voor het niet-commerciële verkeer van gezelschapsvogels naar een lidstaat vanuit een gebied of derde land en tot intrekking van Beschikking 2007/25/EG [document SANTE/7186/2019] (PB L 396 van 10.11.2021, blz. 47).