|
29.4.2021 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 146/73 |
UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2021/705 VAN DE COMMISSIE
van 28 april 2021
tot wijziging van Verordening (EG) nr. 333/2007 wat betreft het vereiste aantal basismonsters en de prestatiecriteria voor sommige analysemethoden
(Voor de EER relevante tekst)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) 2017/625 van het Europees Parlement en de Raad van 15 maart 2017 betreffende officiële controles en andere officiële activiteiten die worden uitgevoerd om de toepassing van de levensmiddelen- en diervoederwetgeving en van de voorschriften inzake diergezondheid, dierenwelzijn, plantgezondheid en gewasbeschermingsmiddelen te waarborgen, tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 999/2001, (EG) nr. 396/2005, (EG) nr. 1069/2009, (EG) nr. 1107/2009, (EU) nr. 1151/2012, (EU) nr. 652/2014, (EU) 2016/429 en (EU) 2016/2031 van het Europees Parlement en de Raad, de Verordeningen (EG) nr. 1/2005 en (EG) nr. 1099/2009 van de Raad en de Richtlijnen 98/58/EG, 1999/74/EG, 2007/43/EG, 2008/119/EG en 2008/120/EG van de Raad, en tot intrekking van de Verordeningen (EG) nr. 854/2004 en (EG) nr. 882/2004 van het Europees Parlement en de Raad, de Richtlijnen 89/608/EEG, 89/662/EEG, 90/425/EEG, 91/496/EEG, 96/23/EG, 96/93/EG en 97/78/EG van de Raad en Besluit 92/438/EEG van de Raad (verordening officiële controles) (1), en met name artikel 34, lid 6,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Bij Verordening (EG) nr. 333/2007 van de Commissie (2) zijn bemonsteringswijzen en analysemethoden vastgesteld die voor de officiële controle op de gehalten aan sporenelementen en procescontaminanten in levensmiddelen moeten worden gebruikt. |
|
(2) |
Volgens de momenteel bij Verordening (EG) nr. 333/2007 vastgestelde bemonsteringsmethoden moet een verzamelmonster van ten minste 1 kg worden genomen. Voor voedingssupplementen, gedroogde specerijen of kruiden, gedroogde zwammen, algen of korstmossen, waaraan per gewichtseenheid hoge kosten zijn verbonden, leidt dit tot onevenredig hoge bemonsteringskosten. Daarom moeten voor deze producten specifieke bemonsteringsmethoden worden vastgesteld. |
|
(3) |
Op basis van de beste beschikbare wetenschappelijke informatie hebben de EU-referentielaboratoria op het gebied van contaminanten in diervoeders en levensmiddelen een richtsnoer opgesteld voor de schatting van de aantoonbaarheidsgrens (LOD) en de bepaalbaarheidsgrens (LOQ) bij metingen op het gebied van contaminanten in diervoeders en levensmiddelen (3). Aangezien dit richtsnoer de beste en meest actuele technologische kennis bevat, moeten de conclusies ervan in de voorschriften voor LOQ’s voor analysemethoden voor sporenelementen zoals vastgesteld in Verordening (EG) nr. 333/2007, worden weerspiegeld. |
|
(4) |
Verordening (EG) nr. 333/2007 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd. |
|
(5) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
De bijlage bij Verordening (EG) nr. 333/2007 wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij deze verordening.
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 28 april 2021.
Voor de Commissie
De voorzitter
Ursula VON DER LEYEN
(1) PB L 95 van 7.4.2017, blz. 1.
(2) Verordening (EG) nr. 333/2007 van de Commissie van 28 maart 2007 tot vaststelling van bemonsteringswijzen en analysemethoden voor de controle op de gehalten aan sporenelementen en procescontaminanten in levensmiddelen (PB L 88 van 29.3.2007, blz. 29).
(3) Wenzl, T., Haedrich, J., Schaechtele, A., Robouch, P., Stroka, J., Guidance Document on the Estimation of LOD and LOQ for Measurements in the field of contaminants in Feed and Food; EUR 28099, Bureau voor publicaties van de Europese Unie, Luxemburg, 2016, ISBN 978-92-79-61768-3; doi:10.2787/8931
BIJLAGE
De bijlage bij Verordening (EG) nr. 333/2007 wordt als volgt gewijzigd:
|
1) |
Punt B.2.2 wordt vervangen door: “B.2.2 Aantal basismonsters Het verzamelmonster van levensmiddelen anders dan voedingssupplementen, gedroogde kruiden of specerijen, gedroogde zwammen, algen of korstmossen heeft een gewicht van ten minste 1 kilogram of een volume van ten minste 1 liter, tenzij dat niet mogelijk is, bv. als het monster uit één verpakking of eenheid bestaat. Het verzamelmonster van voedingssupplementen, gedroogde specerijen of kruiden, gedroogde zwammen, algen of korstmossen heeft een gewicht van ten minste 100 gram of een volume van ten minste 100 milliliter. Het minimumaantal basismonsters dat van de partij of subpartij moet worden genomen, is voor levensmiddelen anders dan voedingssupplementen in tabel 3 aangegeven. In geval van onverpakte vloeibare producten wordt de partij of subpartij voor zover mogelijk en voor zover dit de kwaliteit van het product niet beïnvloedt, net vóór de bemonstering goed gemengd, hetzij handmatig, hetzij mechanisch. In dat geval wordt verondersteld dat de verontreinigingen homogeen over de partij of subpartij zijn verdeeld. Om die reden moet een verzamelmonster uit drie basismonsters van een partij of subpartij bestaan. Wanneer de partij of subpartij uit afzonderlijke verpakkingen of eenheden bestaat, is voor levensmiddelen anders dan voedingssupplementen het aantal verpakkingen of eenheden (basismonsters) dat voor het verzamelmonster moet worden genomen, in overeenstemming met tabel 4a. De basismonsters moeten van vergelijkbaar gewicht/volume zijn. Een basismonster van levensmiddelen anders dan voedingssupplementen, gedroogde kruiden of specerijen, gedroogde zwammen, algen of korstmossen, heeft een gewicht van ten minste 100 gram of een volume van ten minste 100 milliliter, zodat een verzamelmonster van ten minste ongeveer 1 kilogram of 1 liter wordt verkregen. Een basismonster van gedroogde specerijen of kruiden, gedroogde zwammen. algen of korstmossen, heeft een gewicht van ten minste 35 gram of een volume van ten minste 35 milliliter, zodat een verzamelmonster van ten minste 100 gram of 100 milliter wordt verkregen. De maximumgehalten voor anorganisch tin gelden voor de inhoud van elk blik, maar om praktische redenen kan de methode van het verzamelmonster worden gebruikt. Als het testresultaat voor een verzamelmonster blikken onder, maar dichtbij het maximumgehalte aan anorganisch tin ligt en als wordt vermoed dat voor afzonderlijke blikken het maximumgehalte kan worden overschreden, moet nader onderzoek worden verricht. Het minimumaantal en de minimumgrootte van de basismonsters van voedingssupplementen moeten in overeenstemming zijn met tabel 4b. Indien de in dit punt B.2 beschreven bemonsteringswijze onaanvaardbare economische schade aan de partij zou toebrengen (wegens de vorm van de verpakking, schade aan de partij enz.) of wanneer de in dit punt B.2 vastgestelde bemonsteringswijze in de praktijk onuitvoerbaar is, mag een alternatieve bemonsteringswijze worden toegepast, mits deze voldoende representatief is voor de bemonsterde partij of subpartij en grondig wordt gedocumenteerd. Dit wordt in het in punt B.1.8 bedoelde verslag vermeld. Tabel 1 Onderverdeling van partijen in subpartijen bij in bulkzendingen verhandelde producten
Tabel 2 Onderverdeling van partijen in subpartijen bij niet in bulkzendingen verhandelde producten
Tabel 3 Minimumaantal van de partij of subpartij te nemen basismonsters van levensmiddelen anders dan voedingssupplementen
Tabel 4a Aantal te nemen verpakkingen of eenheden (basismonsters) voor het samenstellen van het verzamelmonster, wanneer de partij of subpartij uit afzonderlijke verpakkingen of eenheden van levensmiddelen anders dan voedingssupplementen bestaat
Tabel 4b Minimale aantal en grootte van de basismonsters van voedingssupplementen
|
|
2) |
In punt C.3.3.1 wordt punt a) vervangen door:
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||