23.4.2021   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 139/187


UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2021/666 VAN DE COMMISSIE

van 22 april 2021

tot wijziging van Verordening (EU) nr. 923/2012 wat betreft eisen voor bemande luchtvaart in U-spaceluchtruim

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) 2018/1139 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2018 inzake gemeenschappelijke regels op het gebied van burgerluchtvaart en tot oprichting van een Agentschap van de Europese Unie voor de veiligheid van de luchtvaart, en tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 2111/2005, (EG) nr. 1008/2008, (EU) nr. 996/2010, (EU) nr. 376/2014 en de Richtlijnen 2014/30/EU en 2014/53/EU van het Europees Parlement en de Raad, en tot intrekking van de Verordeningen (EG) nr. 552/2004 en (EG) nr. 216/2008 van het Europees Parlement en de Raad en Verordening (EEG) nr. 3922/91 van de Raad (1), met name de artikelen 31 en 44,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

In Uitvoeringsverordening (EU) nr. 923/2012 van de Commissie (2) zijn de gemeenschappelijke luchtverkeersregels en operationele bepalingen betreffende luchtvaartnavigatiediensten en -procedures voor het algemene luchtverkeer vastgesteld.

(2)

Om het mogelijk te maken dat bemande luchtvaartuigen waaraan geen luchtverkeersleidingsdiensten worden verleend, veilig naast onbemande luchtvaartuigen in U-spaceluchtruim kunnen vliegen, is het belangrijk dat de positie van bemande luchtvaartuigen wordt meegedeeld aan U-spacedienstverleners. Dit moet worden bereikt door bemande luchtvaartuigen elektronisch zichtbaar te maken en hun aanwezigheid doeltreffend te signaleren door middel van surveillancetechnologieën.

(3)

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 923/2012 moet dergelijke eisen bevatten voor bemande luchtvaart in U-spaceluchtruim.

(4)

Dergelijke nieuwe eisen moeten de veiligheid vergroten door het situatiebewustzijn in het U-spaceluchtruim te verbeteren.

(5)

Om te garanderen dat deze verordening correct wordt toegepast, moeten de lidstaten en de betrokken belanghebbenden voldoende tijd krijgen om hun procedures aan te passen aan het nieuwe regelgevingskader.

(6)

Het Agentschap van de Europese Unie voor de veiligheid van de luchtvaart heeft maatregelen voorgesteld in zijn advies nr. 01/2020 (3), overeenkomstig artikel 76, lid 1, van Verordening (EU) 2018/1139.

(7)

Bijgevolg moet Uitvoeringsverordening (EU) nr. 923/2012 van de Commissie dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(8)

De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het bij artikel 127 van Verordening (EU) 2018/1139 opgerichte comité,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Verordening (EU) nr. 923/2012 wordt als volgt gewijzigd:

(1)

de volgende punten (146) en (147) worden toegevoegd aan artikel 2:

“(146)

“U-spaceluchtruim”: een door de lidstaten aangeduide geografische zone waarin activiteiten met UAS alleen mogen plaatsvinden met ondersteuning van U-spacediensten;

(147)

“U-spacedienst”: een op digitale diensten en automatisering van functies gebaseerde dienst die ontworpen is om de veilige, beveiligde en efficiënte toegang tot het U-spaceluchtruim te ondersteunen voor een groot aantal UAS;”;

(2)

In deel 6 van de bijlage wordt punt SERA.6005 vervangen door:

SERA.6005 Eisen voor communicatie, SSR-transponders en elektronische zichtbaarheid in het U-spaceluchtruim

(a)

Radio Mandatory Zone (RMZ)

(1)

VFR-vluchten die worden uitgevoerd in delen van luchtruim van klasse E, F of G en IFR-vluchten die worden uitgevoerd in delen van luchtruim van klasse F of G die door de bevoegde autoriteit als Radio Mandatory Zone (RMZ) zijn aangemerkt, zorgen voor permanente mondelinge lucht-grondcommunicatie en brengen zo nodig tweewegcommunicatie tot stand op het gepaste communicatiekanaal, tenzij wordt voldaan aan alternatieve voorschriften die door de verlener van luchtvaartnavigatiediensten voor het desbetreffende luchtruim worden opgelegd.

(2)

Alvorens een RMZ binnen te vliegen, brengen piloten op het gepaste communicatiekanaal een eerste oproep tot stand, met vermelding van de aanduiding van het opgeroepen station, de roepnaam, het luchtvaartuigtype, de positie, het vliegniveau, het doel van de vlucht en andere door de bevoegde autoriteit voorgeschreven informatie.

(b)

Transponder Mandatory Zone (TMZ)

Op alle vluchten die worden uitgevoerd in een door de bevoegde autoriteit als Transponder Mandatory Zone (TMZ) aangemerkt luchtruim geldt een verplichting tot het meenemen en gebruiken van SSR-transponders die functioneren in Mode A en Mode C of in Mode S, tenzij wordt voldaan aan alternatieve voorschriften die door de verlener van luchtvaartnavigatiediensten voor het desbetreffende luchtruim worden opgelegd.

(c)

U-spaceluchtruim

Bemande luchtvaartuigen die vluchten uitvoeren in luchtruim dat door de bevoegde autoriteit is aangewezen als U-spaceluchtruim, en waaraan geen luchtverkeersleidingsdiensten worden verleend door de verlener van luchtvaartnavigatiediensten, moeten zich voortdurend elektronisch zichtbaar maken voor de U-spacedienstverleners.

(d)

Als RMZ, TMZ of U-spaceluchtruim aangemerkte delen van het luchtruim worden bekendgemaakt in de luchtvaartgidsen.”.

Artikel 2

Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Zij is van toepassing met ingang van 26 januari 2023.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 22 april 2021.

Voor de Commissie

De voorzitter

Ursula VON DER LEYEN


(1)   PB L 212 van 22.8.2018, blz. 1.

(2)  Uitvoeringsverordening (EU) nr. 923/2012 van de Commissie van 26 september 2012 tot vaststelling van gemeenschappelijke luchtverkeersregels en operationele bepalingen betreffende luchtvaartnavigatiediensten en -procedures en tot wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1035/2011 en Verordeningen (EG) nr. 1265/2007, (EG) nr. 1794/2006, (EG) nr. 730/2006, (EG) nr. 1033/2006 en (EU) nr. 255/2010 (PB L 281 van 13.10.2012, blz. 1).

(3)  https://www.easa.europa.eu/document-library/opinions