|
3.9.2020 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 289/1 |
GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) 2020/1224 VAN DE COMMISSIE
van 16 oktober 2019
tot aanvulling van Verordening (EU) 2017/2402 van het Europees Parlement en de Raad betreffende technische reguleringsnormen ter specificatie van de door de initiator, de sponsor en de SSPE beschikbaar te stellen informatie over een securitisatie
(Voor de EER relevante tekst)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) 2017/2402 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2017 tot vaststelling van een algemeen kader voor securitisatie en tot instelling van een specifiek kader voor eenvoudige, transparante en gestandaardiseerde securitisatie, en tot wijziging van de Richtlijnen 2009/65/EG, 2009/138/EG en 2011/61/EU en de Verordeningen (EG) nr. 1060/2009 en (EU) nr. 648/2012 (1), en met name artikel 7, lid 3, en artikel 17, lid 2, onder a),
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Het toepassingsgebied van artikel 7, lid 3, van Verordening (EU) 2017/2402 omvat alle securitisaties, zowel securitisaties waarvoor een prospectus moet worden opgesteld overeenkomstig Verordening (EU) 2017/1129 van het Europees Parlement en de Raad (2) (gewoonlijk “publieke” securitisaties genoemd) als securitisaties waarvoor geen prospectus hoeft te worden opgesteld (gewoonlijk “particuliere” securitisaties genoemd). Artikel 17, lid 2, onder a), van Verordening (EU) 2017/2402 heeft betrekking op securitisaties waarover informatie moet worden verstrekt aan een securitisatieregister, dat geen particuliere securitisaties omvat. Om recht te doen aan dit onderscheid, zijn de te verstrekken informatie over alle securitisaties en de te verstrekken informatie over alleen publieke securitisaties in deze verordening ondergebracht in afzonderlijke rubrieken. |
|
(2) |
De bekendmaking van bepaalde informatie met betrekking tot een securitisatie is noodzakelijk om beleggers en potentiële beleggers in staat te stellen een doeltreffende due diligence uit te voeren en een behoorlijke inschatting te maken van de kredietrisico’s van de onderliggende blootstellingen, het modelrisico, het juridische risico, het operationele risico, het tegenpartijrisico, het servicingrisico, het liquiditeitsrisico en het concentratierisico. Ook moet de bekend te maken informatie voldoende gedetailleerd zijn om de in artikel 17, lid 1, van Verordening (EU) 2017/2402 bedoelde entiteiten in staat te stellen de algehele werking van de securitisatiemarkten, tendensen in pools van onderliggende activa, securitisatiestructuren, de onderlinge verwevenheid van tegenpartijen en de effecten van securitisatie in het bredere macrofinanciële landschap van de Unie effectief te kunnen beoordelen. |
|
(3) |
Securitisaties kunnen allerlei typen onderliggende blootstellingen omvatten, zoals leningen, leases, schulden, kredieten of andere kasstroomgenererende vorderingen. Daarom is het passend om op maat gemaakte rapportagevereisten vast te stellen voor de typen onderliggende blootstellingen die het meest prominent zijn in de Unie, rekening houdend met zowel de uitstaande bedragen als de aanwezigheid ervan op verschillende plaatsen. Ook moeten er specifieke rapportagevereisten worden vastgesteld voor “esoterische” onderliggende blootstellingen, d.w.z. blootstellingen die niet tot de meest prominente typen kunnen worden gerekend, teneinde te waarborgen dat alle typen onderliggende blootstellingen worden gerapporteerd. |
|
(4) |
Een type onderliggende blootstelling kan onder meerdere groepen van rapportagevereisten uit hoofde van deze verordening vallen. In overeenstemming met de huidige marktpraktijk moet informatie over een pool van onderliggende blootstellingen die volledig uit onderliggende blootstellingen aan auto’s bestaat, worden gerapporteerd met behulp van het overeenkomstige template voor onderliggende blootstellingen aan auto’s dat is opgenomen in de bijlagen bij deze verordening, ongeacht of de onderliggende blootstellingen autoleningen of autoleases zijn. Evenzo moet, in overeenstemming met de huidige marktpraktijk, informatie over een pool van onderliggende blootstellingen die volledig uit onderliggende blootstellingen aan leases bestaat, worden gerapporteerd met behulp van het overeenkomstige template voor onderliggende blootstellingen aan leases dat is opgenomen in de bijlagen bij deze verordening, tenzij de pool van onderliggende blootstellingen volledig uit onderliggende blootstellingen aan autoleases bestaat, in welk geval het in de bijlagen bij deze verordening opgenomen template voor onderliggende blootstellingen aan auto’s moet worden gebruikt om de informatie te rapporteren. |
|
(5) |
Omwille van de consistentie moet de terminologie met betrekking tot leningen in verband met niet-zakelijk en zakelijk vastgoed van Aanbeveling ESRB/2016/14 van het Europees Comité voor Systeemrisico’s (3) worden gebruikt. In overeenstemming met die aanbeveling moet een onroerend goed met gemengd zakelijk en niet-zakelijk gebruik worden beschouwd als afzonderlijke onroerende goederen indien het haalbaar is om een dergelijke uitsplitsing te maken. Wanneer een dergelijke uitsplitsing niet mogelijk is, moet het onroerend goed worden ingedeeld op basis van het hoofdgebruik ervan. |
|
(6) |
Om te zorgen voor continuïteit met bestaande templates voor de bekendmaking van bepaalde informatie, moet de terminologie met betrekking tot kleine, middelgrote en micro-ondernemingen van Aanbeveling 2003/361/EG van de Commissie (4) worden gebruikt. Evenzo moet de terminologie met betrekking tot onderliggende blootstellingen aan auto’s, consumenten, creditcards en leasing van Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/3 van de Commissie (5) worden gebruikt. |
|
(7) |
De granulariteit van de bekend te maken informatie over de onderliggende blootstellingen van niet-ABCP-securitisaties moet aansluiten bij het niveau van de informatie per lening/lease in de bestaande bepalingen inzake de verzameling en bekendmaking van gegevens. Gedesaggregeerde gegevens op het niveau van de onderliggende blootstellingen zijn voor beleggers en potentiële beleggers in securitisaties, bevoegde autoriteiten en, met betrekking tot publieke securitisaties, de overige in artikel 17 van Verordening (EU) 2017/2402 genoemde entiteiten van belang voor het uitvoeren van hun due-diligence-, monitoring- en toezichtsactiviteiten. Bovendien zijn gedesaggregeerde gegevens op het niveau van de onderliggende blootstellingen essentieel voor het herstel van het vertrouwen van het publiek en beleggers in de securitisatiemarkten. Met betrekking tot ABCP-securitisaties vermindert zowel het kortlopende karakter van de passiva als de aanwezigheid van aanvullende vormen van steun die verder gaan dan de onderliggende blootstellingen de behoefte aan gegevens op het niveau van de lening/lease. |
|
(8) |
Minder nuttig is het voor beleggers, potentiële beleggers, bevoegde autoriteiten en, met betrekking tot publieke securitisaties, de overige in artikel 17, lid 1, van Verordening (EU) 2017/2402 genoemde entiteiten om informatie over “inactieve” blootstellingen te blijven ontvangen. De reden hiervoor is dat “inactieve” blootstellingen, zoals leningen waarbij sprake is van wanbetaling en waarvoor geldt dat er geen verdere terugvorderingen te verwachten zijn, of leningen die zijn terugbetaald, geannuleerd, teruggekocht, vervangen of vervroegd ingelost, niet langer bijdragen aan het risicoprofiel van de securitisatie. Daarom is het passend, om redenen van transparantie, dat informatie over inactieve blootstellingen wordt gerapporteerd wanneer deze van de “actieve” status overgaan naar de “inactieve” status, maar is het niet nodig om daarna nog over deze blootstellingen te rapporteren. |
|
(9) |
De mogelijkheid bestaat dat er overeenkomstig de rapportagevereisten van Verordening (EU) 2017/2402 een substantieel aantal uiteenlopende documenten en andere items beschikbaar moet worden gesteld. Om het in kaart brengen van deze documentatie te vergemakkelijken, moet de initiator, de sponsor of de SSPE een reeks identificatiecodes gebruiken bij het beschikbaar stellen van informatie aan een securitisatieregister. |
|
(10) |
Overeenkomstig de beste praktijken op het gebied van rapportagevereisten en om beleggers, potentiële beleggers, bevoegde autoriteiten en, met betrekking tot publieke securitisaties, de overige in artikel 17, lid 1, van Verordening (EU) 2017/2402 genoemde entiteiten te helpen bij het in kaart brengen van de desbetreffende informatie, moeten gestandaardiseerde identificatiecodes aan de verstrekte gegevens worden toegekend. Bovendien moeten die gestandaardiseerde identificatiecodes uniek en permanent zijn, zodat de ontwikkeling van de securitisatie-informatie in de loop van de tijd doeltreffend kan worden gemonitord. |
|
(11) |
Om beleggers, potentiële beleggers, bevoegde autoriteiten en, met betrekking tot publieke securitisaties, de overige in artikel 17, lid 1, van Verordening (EU) 2017/2402 genoemde entiteiten in staat te stellen te voldoen aan hun due-diligence- en andere verplichtingen overeenkomstig die verordening, is het van essentieel belang dat de beschikbaar gestelde informatie volledig, consistent en up-to-date is. Een verandering in de risicokenmerken van de onderliggende blootstellingen of de door die onderliggende blootstellingen gegenereerde geaggregeerde kasstromen, of in andere informatie in het beleggersverslag, kan van wezenlijke invloed zijn op de prestaties van de securitisatie en kan een significant effect hebben op de prijzen van de tranches/obligaties van die securitisatie. Daarom moet, voor publieke securitisaties, informatie over voorwetenschap of belangrijke gebeurtenissen worden verstrekt op het moment dat informatie over de onderliggende blootstellingen en het beleggersverslag via een securitisatieregister beschikbaar wordt gesteld. Bovendien moet, voor publieke securitisaties, de informatie over voorwetenschap of belangrijke gebeurtenissen gedetailleerde informatie bevatten over de niet-ABCP-securitisatie, het ABCP-programma, de ABCP-transactie, de tranches/obligaties, de rekeningen en de tegenpartijen, evenals informatie over kenmerken die relevant zijn voor synthetische securitisaties en/of securitisaties op basis van door onderpand gedekte leningen (Collateralised Loan Obligation (CLO)-securitisaties). |
|
(12) |
Om redenen van transparantie moet de initiator, de sponsor of de SSPE, wanneer de informatie niet beschikbaar kan worden gesteld of niet van toepassing is, dit aangeven en op gestandaardiseerde wijze toelichten vanwege welke specifieke reden en omstandigheden de gegevens niet kunnen worden gerapporteerd. Voor dit doel moeten opties voor het invullen van het antwoord “Geen gegevens” (No data — ND) worden ontwikkeld, die een afspiegeling vormen van bestaande praktijken voor de bekendmaking van securitisatie-informatie. |
|
(13) |
De “Geen gegevens”-opties mogen alleen worden gebruikt wanneer er om gerechtvaardigde redenen geen informatie beschikbaar is, bijvoorbeeld wanneer een specifiek te rapporteren gegeven niet beschikbaar is vanwege de heterogeniteit van de onderliggende blootstellingen van een gegeven securitisatie. Het gebruik van “Geen gegevens”-opties mag er echter in geen geval toe leiden dat de rapportagevereisten worden omzeild. Het gebruik van de “Geen gegevens”-opties moet daarom op doorlopende basis objectief verifieerbaar zijn, met name door de bevoegde autoriteiten te allen tijde, op verzoek, uitleg te verschaffen over de omstandigheden die aanleiding hebben gegeven tot het gebruik van de ND-waarden. |
|
(14) |
Om redenen van nauwkeurigheid moet de gerapporteerde informatie up-to-date zijn. Daarom moet de beschikbaar gestelde informatie betrekking hebben op een tijdvak dat zo dicht mogelijk bij de datum van indiening ligt, met inachtneming van de operationele stappen die de initiator, de sponsor of de SSPE moet zetten om de vereiste informatie te verzamelen en in te dienen. |
|
(15) |
De bepalingen van deze verordening houden onderling nauw verband met elkaar, aangezien zij betrekking hebben op de informatie over een securitisatie die de initiator, de sponsor of de SSPE van die securitisatie beschikbaar moet stellen aan diverse partijen, zoals vereist door Verordening (EU) 2017/2402. Om de samenhang tussen die bepalingen te waarborgen, die op hetzelfde moment in werking moeten treden, en om een volledig beeld van een securitisatie te verschaffen en efficiënte toegang tot alle relevante informatie over die securitisatie te bieden, is het noodzakelijk om de technische reguleringsnormen in één enkele verordening onder te brengen. |
|
(16) |
Deze verordening is gebaseerd op de ontwerpen van technische reguleringsnormen die de Europese Autoriteit voor effecten en markten (ESMA) bij de Commissie heeft ingediend. |
|
(17) |
De ESMA heeft een openbare raadpleging gehouden over de ontwerpen van technische uitvoeringsnormen waarop deze verordening is gebaseerd, de potentiële daaraan verbonden kosten en baten geanalyseerd en de bij artikel 37 van Verordening (EU) nr. 1095/2010 van het Europees Parlement en de Raad (6) opgerichte Stakeholdergroep effecten en markten om advies verzocht, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Definities
Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
|
1. |
“rapporterende entiteit”: de entiteit die is aangewezen overeenkomstig artikel 7, lid 2, eerste alinea, van Verordening (EU) 2017/2402; |
|
2. |
“afsluitdatum van de gegevensinzending”: de referentiedatum van de informatie die overeenkomstig deze verordening wordt gerapporteerd; |
|
3. |
“actieve onderliggende blootstelling”: een onderliggende blootstelling waarvan op de afsluitdatum van de gegevensinzending kan worden verwacht dat deze in de toekomst kasinstromen of kasuitstromen zal genereren; |
|
4. |
“inactieve onderliggende blootstelling”: een onderliggende blootstelling waarbij sprake is van wanbetaling en waarvoor geldt dat er geen verdere terugvorderingen te verwachten zijn, of die is terugbetaald, geannuleerd, teruggekocht, vervangen of vervroegd ingelost; |
|
5. |
“schuldenaflossing-dekkingratio”: de jaarlijkse door zakelijk onroerend goed gegenereerde huurinkomsten die minstens deels door schuld wordt gefinancierd, minus belastingen en bedrijfskosten voor de instandhouding van de waarde van het onroerend goed, ten opzichte van de jaarlijkse gecombineerde rentebetalingen en kapitaalaflossingen op de totale schuld van de kredietnemer over een gegeven periode van de lening waarvoor het onroerend goed als zekerheid dient; |
|
6. |
“rente-dekkingratio”: de bruto jaarlijkse huurinkomsten, vóór bedrijfskosten en belastingen, uit voor verhuur bestemd onroerend goed, of de netto jaarlijkse huurinkomsten uit een zakelijk onroerend goed, of een geheel van onroerend goed, ten opzichte van de jaarlijkse interestkosten van de lening waarvoor het onroerend goed, of het geheel van onroerend goed, tot zekerheid strekt. |
DEEL 1
Informatie die beschikbaar moet worden gesteld voor alle securitisaties
Artikel 2
Informatie over onderliggende blootstellingen
1) De informatie die beschikbaar moet worden gesteld voor een niet-ABCP-securitisatie overeenkomstig artikel 7, lid 1, onder a), van Verordening (EU) 2017/2402, wordt gespecificeerd in:
|
a) |
bijlage II voor leningen aan particuliere huishoudens die gedekt zijn door niet-zakelijk onroerend goed, ongeacht het doel van die leningen; |
|
b) |
bijlage III voor leningen die bestemd zijn om te worden gebruikt voor de aankoop van zakelijk onroerend goed of die worden gedekt door zakelijk onroerend goed; |
|
c) |
bijlage IV voor onderliggende blootstellingen aan ondernemingen, met inbegrip van onderliggende blootstellingen aan kleine, middelgrote en micro-ondernemingen; |
|
d) |
bijlage V voor onderliggende blootstellingen aan auto’s, met inbegrip van door auto’s gedekte leningen en leases aan natuurlijke of rechtspersonen; |
|
e) |
bijlage VI voor onderliggende blootstellingen aan consumenten; |
|
f) |
bijlage VII voor onderliggende blootstellingen aan creditcards; |
|
g) |
bijlage VIII voor onderliggende blootstellingen aan leasing; |
|
h) |
bijlage IX voor onderliggende blootstellingen die niet in een van de onder a) tot en met g) bedoelde categorieën vallen. |
Voor de toepassing van punt a) wordt onder niet-zakelijk onroerend goed verstaan elk onroerend goed dat beschikbaar is voor bewoning (met inbegrip van voor-verhuur-bestemde woningen of onroerende goederen) en dat is verworven, gebouwd of gerenoveerd door een particulier huishouden en niet in aanmerking komt voor zakelijk onroerend goed.
Voor de toepassing van punt b) wordt onder zakelijk onroerend goed verstaan bestaand onroerend goed of onroerend goed in aanbouw dat inkomen genereert, met uitzondering van sociale huisvesting en onroerend goed dat eigendom is van eindgebruikers;
2) Wanneer een niet-ABCP-securitisatie meer dan één van de in lid 1 genoemde typen onderliggende blootstellingen omvat, stelt de rapporterende entiteit voor die securitisatie de in de toepasselijke bijlage gespecificeerde informatie beschikbaar voor elk type onderliggende blootstelling.
3) De rapporterende entiteit voor een securitisatie met niet-renderende blootstellingen verstrekt de informatie die is gespecificeerd in:
|
a) |
de in lid 1, onder a) tot en met h), bedoelde bijlagen, voor zover relevant voor het type onderliggende blootstelling; |
|
b) |
bijlage X. |
Voor de toepassing van dit lid wordt een “securitisatie met niet-renderende blootstellingen” beschouwd als een niet-ABCP-securitisatie waarvan de meeste actieve onderliggende blootstellingen, gemeten als het uitstaande kapitaalsaldo op de afsluitdatum van de gegevensinzending, in één van de volgende categorieën vallen:
|
a) |
niet-renderende blootstellingen als bedoeld in de punten 213 tot en met 239 van bijlage V, deel 2, bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 680/2014 van de Commissie (7); |
|
b) |
financiële activa met verminderde kredietwaardigheid zoals gedefinieerd in bijlage A bij internationale standaard voor financiële verslaglegging (International Financial Reporting Standard — IFRS) 9 als vervat in Verordening (EG) nr. 1126/2008 van de Commissie (8) of financiële activa die volgens de nationale voorschriften tot toepassing van de algemeen aanvaarde boekhoudkundige beginselen (Generally Accepted Accounting Principles — GAAP) op grond van Richtlijn 86/635/EEG van de Raad (9) als financiële activa met verminderde kredietwaardigheid worden geboekt. |
4) De rapporterende entiteit voor een ABCP-securitisatie stelt de in bijlage XI gespecificeerde informatie beschikbaar.
5) Voor de toepassing van dit artikel heeft de overeenkomstig de leden 1 tot en met 4 beschikbaar te stellen informatie betrekking op:
|
a) |
actieve onderliggende blootstellingen op de afsluitdatum van de gegevensinzending; |
|
b) |
inactieve onderliggende blootstellingen die op de onmiddellijk voorafgaande afsluitdatum van de gegevensinzending actieve onderliggende blootstellingen waren. |
Artikel 3
Informatie inzake beleggersverslagen
1) De rapporterende entiteit voor een niet-ABCP-securitisatie stelt de in bijlage XII gespecificeerde informatie inzake beleggersverslagen beschikbaar.
2) De rapporterende entiteit voor een ABCP-securitisatie stelt de in bijlage XIII gespecificeerde informatie inzake beleggersverslagen beschikbaar.
Artikel 4
Granulariteit van de informatie
1) De rapporterende entiteit stelt de in de bijlagen II tot en met X en XII gespecificeerde informatie beschikbaar voor:
|
a) |
de onderliggende blootstellingen, met betrekking tot elke individuele onderliggende blootstelling; |
|
b) |
onderpand, wanneer aan een van de volgende voorwaarden is voldaan en met betrekking tot elk onderpand van elke onderliggende blootstelling:
|
|
c) |
huurders, voor elk van de drie grootste huurders die een zakelijk onroerend goed bewonen, gemeten als de totale jaarlijkse huur die elke huurder die het onroerend goed bewoont, is verschuldigd; |
|
d) |
historische inningen, voor elke onderliggende blootstelling en voor elke maand in de periode van 36 maanden vóór de afsluitdatum van de gegevensinzending tot die datum; |
|
e) |
kasstromen, voor elk kasinstroom- of kasuitstroomitem in de securitisatie, overeenkomstig de toepasselijke prioriteit van ontvangsten of betalingen op de afsluitdatum van de gegevensinzending; |
|
f) |
tests/gebeurtenissen/triggers, voor elke test/gebeurtenis/trigger die aanleiding vormt voor een verandering in de prioriteit van betalingen of de vervanging van een of meer tegenpartijen. |
Voor de toepassing van de punten a) en d) worden gesecuritiseerde leningonderdelen behandeld als individuele onderliggende blootstellingen.
Voor de toepassing van punt b) wordt elk onroerend goed dat als zekerheid fungeert voor leningen als bedoeld in artikel 2, lid 1, onder a) en b), beschouwd als één enkel onderpand.
2) De rapporterende entiteit stelt de in de bijlagen XI en XIII gespecificeerde informatie beschikbaar voor:
|
a) |
ABCP-transacties, voor zo veel ABCP-transacties als er op de afsluitdatum van de gegevensinzending aanwezig zijn in het ABCP-programma; |
|
b) |
elk ABCP-programma dat de ABCP-transacties financiert waarover overeenkomstig punt a) informatie beschikbaar wordt gesteld, op de afsluitdatum van de gegevensinzending; |
|
c) |
tests/gebeurtenissen/triggers, voor elke test/gebeurtenis/trigger in de ABCP-securitisatie die aanleiding vormt voor een verandering in de prioriteit van betalingen of de vervanging van een of meer tegenpartijen; |
|
d) |
de onderliggende blootstellingen voor elke ABCP-transactie waarover overeenkomstig punt a) informatie beschikbaar wordt gesteld, en voor elk type blootstelling dat in die ABCP-transactie aanwezig is op de afsluitdatum van de gegevensinzending, in overeenstemming met de lijst in veld IVAL5 in bijlage XI. |
DEEL 2
Informatie die beschikbaar moet worden gesteld voor securitisaties waarvoor een prospectus moet worden opgesteld (publieke securitisaties)
Artikel 5
Itemcodes
Rapporterende entiteiten wijzen itemcodes toe aan de informatie die beschikbaar wordt gesteld aan securitisatieregisters. Daartoe wijzen de rapporterende entiteiten de in tabel 3 van bijlage I vermelde code toe die het meest passend is voor die informatie.
Artikel 6
Voorwetenschap
1) De rapporterende entiteit voor een niet-ABCP-securitisatie stelt de in bijlage XIV gespecificeerde informatie over voorwetenschap beschikbaar.
2) De rapporterende entiteit voor een ABCP-securitisatie stelt de in bijlage XV gespecificeerde informatie over voorwetenschap beschikbaar.
Artikel 7
Informatie over belangrijke gebeurtenissen
1) De rapporterende entiteit voor een niet-ABCP-securitisatie stelt de in bijlage XIV gespecificeerde informatie over belangrijke gebeurtenissen beschikbaar.
2) De rapporterende entiteit voor een ABCP-securitisatie stelt de in bijlage XV gespecificeerde informatie over belangrijke gebeurtenissen beschikbaar.
Artikel 8
Granulariteit van de informatie
1) De rapporterende entiteit stelt de in de bijlagen XIV gespecificeerde informatie beschikbaar voor:
|
a) |
de tranches/obligaties in de securitisatie, voor elke tranche-uitgifte in de securitisatie of elk ander instrument waaraan een internationaal effectenidentificatienummer is toegewezen, en voor elke achtergestelde lening in de securitisatie; |
|
b) |
rekeningen, voor elke rekening in de securitisatie; |
|
c) |
tegenpartijen, voor elke tegenpartij in de securitisatie; |
|
d) |
wanneer de securitisatie een synthetische niet-ABCP-securitisatie is:
|
|
e) |
wanneer de securitisatie een niet-ABCP-securitisatie op basis van door onderpand gedekte leningen (Collateralised Loan Obligation — CLO) is:
|
Voor de toepassing van punt d), ii), wordt elk activum waarvoor een internationaal effectenidentificatienummer bestaat, behandeld als een afzonderlijk onderpandactivum, worden in dezelfde valuta luidende contante onderpanden geaggregeerd en behandeld als een afzonderlijk onderpandactivum en worden in verschillende valuta’s luidende contante onderpanden gerapporteerd als afzonderlijke onderpandactiva.
2) De rapporterende entiteit stelt de in bijlage XV gespecificeerde informatie beschikbaar voor:
|
a) |
ABCP-transacties, voor zo veel ABCP-transacties als er op de afsluitdatum van de gegevensinzending aanwezig zijn in het ABCP-programma; |
|
b) |
ABCP-programma’s, voor zo veel ABCP-programma’s als er, op de afsluitdatum van de gegevensinzending, de ABCP-transacties financieren waarover informatie overeenkomstig punt a) beschikbaar wordt gesteld; |
|
c) |
de tranches/obligaties in het ABCP-programma, voor elke tranche-uitgifte of uitgifte van commercieel papier in het ABCP-programma of elk ander instrument waaraan een internationaal effectenidentificatienummer is toegewezen, en voor elke achtergestelde lening in het ABCP-programma; |
|
d) |
rekeningen, voor elke rekening in de ABCP-securitisatie; |
|
e) |
tegenpartijen, voor elke tegenpartij in de ABCP-securitisatie. |
DEEL 3
Gemeenschappelijke bepalingen
Artikel 9
Volledigheid en consistentie van de informatie
1) De overeenkomstig deze verordening beschikbaar gestelde informatie is volledig en consistent.
2) Wanneer de rapporterende entiteit feitelijke fouten ontdekt in informatie die zij op grond van deze verordening beschikbaar heeft gesteld, stelt zij onverwijld een gecorrigeerd verslag met alle door deze verordening vereiste informatie over de securitisatie beschikbaar.
3) Indien toegestaan in de toepasselijke bijlage, kan de rapporterende entiteit één van de volgende “Geen gegevens”-waarden (“ND”) rapporteren die behoort bij de reden van de niet-beschikbaarheid van de te verstrekken informatie:
|
a) |
waarde “ND1”, wanneer de vereiste informatie niet is verzameld omdat die bij de initiëring van de onderliggende blootstelling niet was vereist op grond van de kredietverlenings- of underwritingscriteria; |
|
b) |
waarde “ND2”, wanneer de vereiste informatie bij de initiëring van de onderliggende blootstelling is verzameld, maar op de afsluitdatum van de gegevensinzending niet is ingevoerd in het rapportagesysteem van de rapporterende entiteit; |
|
c) |
waarde “ND3”, wanneer de vereiste informatie bij de initiëring van de onderliggende blootstelling is verzameld, maar op de afsluitdatum van de gegevensinzending is ingevoerd in een ander systeem dan het rapportagesysteem van de rapporterende entiteit; |
|
d) |
waarde “ND4-JJJJ-MM-DD”, wanneer de vereiste informatie is verzameld, maar pas beschikbaar kan worden gesteld op een latere datum dan de afsluitdatum van de gegevensinzending. “JJJJ-MM-DD” verwijst naar respectievelijk het numerieke jaar, de numerieke maand en de numerieke dag die overeenstemmen met de toekomstige datum waarop de vereiste informatie beschikbaar zal worden gesteld; |
|
e) |
waarde “ND5”, wanneer de vereiste informatie niet van toepassing is op het gerapporteerde item. |
Voor de toepassing van dit lid wordt het rapporteren van ND-waarden niet gebruikt om de vereisten in deze verordening te omzeilen.
Op verzoek van de bevoegde autoriteiten verstrekt de rapporterende entiteit nadere bijzonderheden over de omstandigheden die het gebruik van die ND-waarden rechtvaardigen.
Artikel 10
Tijdschema’s voor de informatie
1) Wanneer een securitisatie geen ABCP-securitisatie is, ligt de afsluitdatum van de gegevensinzending voor de op grond van deze verordening beschikbaar gestelde informatie ten hoogste twee kalendermaanden vóór de datum van indiening.
2) Wanneer een securitisatie een ABCP-securitisatie is:
|
a) |
ligt de afsluitdatum van de gegevensinzending voor de in bijlage XI en in de rubriek “informatie over de transactie” in de bijlagen XIII en XV gespecificeerde informatie ten hoogste twee kalendermaanden vóór de datum van indiening; |
|
b) |
ligt de afsluitdatum van de gegevensinzending voor de in alle rubrieken van de bijlagen XIII en XV gespecificeerde informatie anders dan die in de rubriek “informatie over de transactie” ten hoogste één kalendermaand vóór de datum van indiening. |
Artikel 11
Unieke identificatiecodes
1) Aan elke securitisatie wordt een unieke identificatiecode toegekend die bestaat uit de volgende elementen, achtereenvolgens:
|
a) |
de identificatiecode van de juridische entiteit van de rapporterende entiteit; |
|
b) |
de letter “A” voor ABCP-securitisatie of de letter “N” voor een niet-ABCP-securitisatie; |
|
c) |
het jaartal, uitgedrukt in vier cijfers, dat overeenkomt met:
|
|
d) |
het nummer 01 of, wanneer er meer dan één securitisatie is met dezelfde identificatiecode als bedoeld onder a), b) en c), een tweecijferig volgnummer dat overeenkomt met de volgorde waarin de informatie over elke securitisatie beschikbaar wordt gesteld. De volgorde van gelijktijdige securitisaties is discretionair. |
2) Aan elke ABCP-transactie in een ABCP-programma wordt een unieke identificatiecode toegekend die bestaat uit de volgende elementen, achtereenvolgens:
|
a) |
de identificatiecode van de juridische entiteit van de rapporterende entiteit; |
|
b) |
de letter “T”; |
|
c) |
het jaartal, uitgedrukt in vier cijfers, dat overeenkomt met de eerste sluitingsdatum van de ABCP-transactie; |
|
d) |
het nummer 01 of, wanneer er meer dan één ABCP-transactie is met dezelfde identificatiecode als bedoeld onder a), b) en c) van dit lid, een tweecijferig volgnummer dat overeenkomt met de eerste sluitingsdatum van elke ABCP-transactie. De volgorde van gelijktijdige ABCP-transacties is discretionair. |
3) Unieke identificatiecodes mogen door de rapporterende entiteit niet worden gewijzigd.
Artikel 12
Rapportage van indelingen
1) De in Verordening (EU) nr. 549/2013 van het Europees Parlement en de Raad (10) bedoelde informatie over de indeling in het Europees systeem van rekeningen (ESR) 2010 wordt beschikbaar gesteld aan de hand van de codes in tabel 1 van bijlage I.
2) De informatie over de indelingen in de watchlist van de servicer wordt beschikbaar gesteld aan de hand van de in tabel 2 van bijlage I vermelde codes.
Artikel 13
Inwerkingtreding
Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 16 oktober 2019.
Voor de Commissie
De voorzitter
Jean Claude JUNCKER
(1) PB L 347 van 28.12.2017, blz. 35.
(2) Verordening (EU) 2017/1129 van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2017 betreffende het prospectus dat moet worden gepubliceerd wanneer effecten aan het publiek worden aangeboden of tot de handel op een gereglementeerde markt worden toegelaten en tot intrekking van Richtlijn 2003/71/EG (PB L 168 van 30.6.2017, blz. 12).
(3) Aanbeveling van het Europees Comité voor systeemrisico’s van 31 oktober 2016 betreffende het opvullen van lacunes in onroerendgoedgegevens (ESRB/2016/14) (PB C 31 van 31.1.2017, blz. 1).
(4) Aanbeveling van de Commissie van 6 mei 2003 betreffende de definitie van kleine, middelgrote en micro-ondernemingen (2003/361/EG) (PB L 124 van 20.5.2003, blz. 36).
(5) Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/3 van de Commissie van 30 september 2014 tot aanvulling van Verordening (EG) nr. 1060/2009 van het Europees Parlement en de Raad met technische reguleringsnormen betreffende openbaarmakingsvereisten voor gestructureerde financiële instrumenten (PB L 2 van 6.1.2015, blz. 57).
(6) Verordening (EU) nr. 1095/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 tot oprichting van een Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Autoriteit voor effecten en markten), tot wijziging van Besluit nr. 716/2009/EG en tot intrekking van Besluit 2009/77/EG van de Commissie (PB L 331 van 15.12.2010, blz. 84).
(7) Uitvoeringsverordening (EU) nr. 680/2014 van de Commissie van 16 april 2014 tot vaststelling van technische uitvoeringsnormen voor wat betreft de rapportage aan de toezichthoudende autoriteit door instellingen overeenkomstig Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 191 van 28.6.2014, blz. 1).
(8) Verordening (EG) nr. 1126/2008 van de Commissie van 3 november 2008 tot goedkeuring van bepaalde internationale standaarden voor jaarrekeningen overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1606/2002 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 320 van 29.11.2008, blz. 1).
(9) Richtlijn 86/635/EEG van de Raad van 8 december 1986 betreffende de jaarrekening en de geconsolideerde jaarrekening van banken en andere financiële instellingen (PB L 372 van 31.12.1986, blz. 1).
(10) Verordening (EU) nr. 549/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 21 mei 2013 betreffende het Europees systeem van nationale en regionale rekeningen in de Europese Unie (PB L 174 van 26.6.2013, blz. 1).
BIJLAGE I
Tabel 1: Europees rekeningenstelsel (ESR) — Codes
|
Sectoren |
Subsectoren |
ESR-code |
|
Niet-financiële vennootschappen |
Niet-financiële vennootschappen in handen van de overheid |
S.11001 |
|
Nationale, niet-financiële vennootschappen in handen van de particuliere sector |
S.11002 |
|
|
Niet-financiële vennootschappen in handen van het buitenland |
S.11003 |
|
|
Monetaire financiële-instellingen (MFI’s) |
Centrale bank |
S.121 |
|
Deposito-instellingen in handen van de overheid, met uitzondering van de centrale bank |
S.12201 |
|
|
Nationale deposito-instellingen in handen van de particuliere sector, met uitzondering van de centrale bank |
S.12202 |
|
|
Deposito-instellingen in handen van het buitenland, met uitzondering van de centrale bank |
S.12203 |
|
|
Geldmarktfondsen (MMF’s) in handen van de overheid |
S.12301 |
|
|
Nationale geldmarktfondsen (MMF’s) in handen van de particuliere sector |
S.12302 |
|
|
Geldmarktfondsen (MMF’s) in handen van het buitenland |
S.12303 |
|
|
Financiële instellingen met uitzondering van MFI’s en verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen (VIPF’s) |
Beleggingsfondsen, met uitzondering van MMF’s, in handen van de overheid |
S.12401 |
|
Nationale beleggingsfondsen, met uitzondering van MMF’s, in handen van de particuliere sector |
S.12402 |
|
|
Beleggingsfondsen, met uitzondering van MMF’s, in handen van het buitenland |
S.12403 |
|
|
Overige financiële intermediairs, met uitzondering van verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen, in handen van de overheid |
S.12501 |
|
|
Nationale overige financiële intermediairs, met uitzondering van verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen, in handen van de particuliere sector |
S.12502 |
|
|
Overige financiële intermediairs, met uitzondering van verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen, in handen van het buitenland |
S.12503 |
|
|
Financiële hulpbedrijven in handen van de overheid |
S.12601 |
|
|
Nationale financiële hulpbedrijven in handen van de particuliere sector |
S.12602 |
|
|
Financiële hulpbedrijven in handen van het buitenland |
S.12603 |
|
|
Financiële instellingen en kredietverstrekkers binnen concernverband in handen van de overheid |
S.12701 |
|
|
Nationale financiële instellingen en kredietverstrekkers binnen concernverband in handen van de particuliere sector |
S.12702 |
|
|
Financiële instellingen en kredietverstrekkers binnen concernverband in handen van het buitenland |
S.12703 |
|
|
VIPF’s |
Verzekeringsinstellingen in handen van de overheid |
S.12801 |
|
Nationale verzekeringsinstellingen in handen van de particuliere sector |
S.12802 |
|
|
Verzekeringsinstellingen in handen van het buitenland |
S.12803 |
|
|
Pensioenfondsen in handen van de overheid |
S.12901 |
|
|
Nationale pensioenfondsen in handen van de particuliere sector |
S.12902 |
|
|
Pensioenfondsen in handen van het buitenland |
S.12903 |
|
|
Overig |
Overheid |
S.13 |
|
Centrale overheid (met uitzondering van socialeverzekeringsinstellingen) |
S.1311 |
|
|
Deelstaatoverheid (met uitzondering van socialeverzekeringsinstellingen) |
S.1312 |
|
|
Lagere overheid (met uitzondering van socialeverzekeringsinstellingen) |
S.1313 |
|
|
Socialeverzekeringsinstellingen |
S.1314 |
|
|
Huishoudens |
S.14 |
|
|
Werkgevers en zelfstandigen |
S.141 + S.142 |
|
|
Werknemers |
S.143 |
|
|
Huishoudens met inkomen uit vermogen en overdrachten |
S.144 |
|
|
Huishoudens met inkomen uit vermogen |
S.1441 |
|
|
Huishoudens met pensioeninkomen |
S.1442 |
|
|
Huishoudens met overige overdrachten |
S.1443 |
|
|
Instellingen zonder winstoogmerk t.b.v. huishoudens |
S.15 |
|
|
Lidstaten van de Europese Unie |
S.211 |
|
|
Instellingen en organen van de Europese Unie |
S.212 |
|
|
Niet-lidstaten en internationale organisaties die geen ingezetenen in de Europese Unie zijn |
S.22 |
Tabel 2: Watchlistcodes van servicer
|
Watchlistcode van servicer |
Betekenis |
Drempel voor opneming |
Drempel voor verwijdering |
|
1A |
Achterstallige betalingen H&R |
2 betalingen achterstallig |
Achterstallige betalingen weggewerkt, lening is bij. 2 kwartalen/perioden op watchlist houden |
|
1B |
Nagelaten vernieuwing verzekering of afgedwongen dekking |
30 dagen achterstallig |
Ontvangst van bewijs voor toereikende verzekering |
|
1C |
Rentedekkingsratio onder dividendval |
Rentedekkingsratio < vereist in de leningsovereenkomst (cashval of standaardniveau); Rentedekkingsratio < 1,00 per individuele lening |
Rentedekkingsratio boven drempel |
|
1D |
Schuldaflossing-dekkingratio absoluut niveau |
Schuldaflossing-dekkingratio < 1,00; Schuldaflossing-dekkingratio < 1,20 voor gezondheidszorg en accommodatie; of per individuele lening |
Schuldaflossing-dekkingratio boven drempel |
|
1E |
Schuldaflossing-dekkingratio neemt af vanaf “securitisatiedatum” |
Schuldaflossing-dekkingratio < 80 % van de schuldendienstquote op de “securitisatiedatum” |
Schuldaflossing-dekkingratio boven drempel. 2 kwartalen/perioden op watchlist houden |
|
1F |
Wanbetaling, verval, of ontdekking van eerder niet-gemeld achtergesteld pandrecht, inclusief mezzaninelening |
Na ontvangst bericht door servicer |
Wanbetaling gecorrigeerd of achtergestelde schuld goedgekeurd door servicer |
|
1G |
Ongeplande opname op kredietbrief, schuldendienstreserve, of werkkapitaal voor het betalen van schuldendienst |
Elke gebeurtenis per individuele lening. |
Na vervanging van middelen of kredietbrief indien vereist door de documenten, anders na twee rentebetalingsdata zonder verdere opnamen |
|
2 A |
Absoluut vereiste gereserveerde herstelbedragen op de sluitingsdatum, of op andere wijze meegedeeld aan de servicer, maar niet voltooid op de datum waarop de bedragen verschuldigd worden |
Indien het vereiste herstel niet is voltooid binnen 60 dagen na de datum waarop de bedragen verschuldigd worden (inclusief door de servicer goedgekeurde verlengingen) en 10 % van het onbetaalde saldo van de hoofdsom of, indien dit minder is, 250 000 EUR bedraagt |
Bevredigende vaststelling dat de compensatie is voltooid |
|
2 B |
Tekort aan vereiste uitgavenplan (d.w.z.: kapitaaluitgaven, meubilair, inventaris en uitrusting (FF&E) |
Kennis van gebrek dat de prestaties of waarde van het eigendom negatief beïnvloedt; per individuele lening/materieel (> 5 % van het uitstaande saldo van de lening) |
Wanneer tekortkomingen in plan zijn verholpen |
|
2C |
Plaatsvinden van in documenten inzake de hypothecaire lening omschreven triggergebeurtenis (e.g. vereiste aanbetaling op de lening, vorming van aanvullende reserves, inbreuk op minimumdrempel enz.) |
Elke gebeurtenis |
Verhelpen van gebeurtenis die op grond van de hypotheekdocumenten actie vereiste |
|
2D |
Controle van financiële prestaties. Ontoereikende of niet-geleverde huur- of resultatenoverzichten |
Elke tekortkoming die zes maanden of langer duurt |
Verhelpen van gebeurtenis die op grond van de hyptheekdocumenten actie vereiste |
|
2E |
Wanbetaling op exploitatievergunning of franchiseovereenkomst |
Na ontvangst bericht door servicer |
Nieuwe franchise of licentie, of wanbetaling is gecorrigeerd — relatieovereenkomst |
|
2F |
Faillissement leningnemer/eigenaar/sponsor of soortgelijke gebeurtenis (bv. insolventieovereenkomst, faillissement, ondercuratelestelling, liquidatie, vrijwilligeschikkingsovereenkomst bedrijf/vrijwilligeschikkingsovereenkomst particulier), wordt voorwerp van een afwikkelingsbevel, faillissementsaanvraag of anders. |
Na ontvangst bericht door servicer |
Op watchlist houden tot volgende rentebetalingsdatum na correctie |
|
3A(i) |
Uit inspectie blijkt slechte staat |
Elke gebeurtenis op een individuele lening/materieel 5 % > van nettohuurinkomsten (NRI) |
Servicer beoordeelt naar eigen inzicht of tekortkomingen in het eigendom zijn verholpen of toegang is toegestaan en inspectie is voltooid |
|
3A(ii) |
Uit inspectie blijkt slechte toegankelijkheid |
Elke gebeurtenis op een individuele lening/materieel 5 % > van nettohuurinkomsten (NRI) |
Servicer beoordeelt naar eigen inzicht of tekortkomingen in het eigendom zijn verholpen of toegang is toegestaan en inspectie is voltooid |
|
3 B |
Uit inspectie blijken schadelijke milieueffecten |
Elke gebeurtenis |
Naar eigen inzicht van servicer zijn tekortkomingen in het eigendom verholpen |
|
3C |
Eigendommen getroffen door groot ongeval of onteigeningsprocedure gestart, met gevolgen voor toekomstige kasstromen, waarde/schade door openbare werken/borgsom. |
Wanneer servicer kennis neemt van het probleem en dat van invloed is op > 10 % van de waarde of 500 000 EUR |
Servicer beoordeelt naar eigen inzicht of alle reparaties naar tevredenheid zijn uitgevoerd dan wel of de gerechtelijke onteigeningsprocedures zijn voltooid en het eigendom goed kan presteren |
|
4 A |
Totale afname van de bezettingsgraad van de portefeuille |
20 % minder dan op de “securitisatiedatum”; per individuele lening |
Wanneer situatie niet langer bestaat |
|
4 B |
Een individuele huurder of combinatie van top 3-huurders (op basis van brutohuur) > 30 % van de huurovereenkomsten loopt binnen de komende twaalf maanden af. |
Alleen van toepassing op kantoor-, industriële en retailgebouwen |
Wanneer situatie niet langer bestaat of naar eigen inzicht van servicer |
|
4C |
Belangrijke huurovereenkomst in wanbetaling, beëindigd of “donker” (niet bezet, maar huur wordt betaald) |
> 30 % nettohuurinkomsten |
Wanneer situatie niet langer bestaat of naar eigen inzicht van servicer |
|
5 A |
Vervaldatum lening nadert |
< 180 dagen tot verval |
Lening is afbetaald |
Tabel 3: Documenten en documentcodes
|
Type document |
Artikel(en) van Verordening (EU) 2017/2402 |
Documentcode |
||||||||||
|
Onderliggende blootstellingen of onderliggende kortlopende vorderingen of kredietvorderingen |
artikel 7, lid 1, onder a) |
1 |
||||||||||
|
Verslag voor belegger |
artikel 7, lid 1, onder e) |
2 |
||||||||||
|
Document met het definitieve aanbod; prospectus; documenten inzake de afsluiting van de transactie, met uitzondering van juridische adviezen |
artikel 7, lid 1, onder b), punt i) |
3 |
||||||||||
|
Overeenkomst inzake de verkoop van activa, cessie, novatie of overdracht, en elke toepasselijke trustverklaring |
artikel 7, lid 1, onder b), punt ii) |
4 |
||||||||||
|
Derivaten- en garantieovereenkomsten; alle relevante documenten inzake zekerheidsstellingsovereenkomsten indien de blootstellingen die worden gesecuritiseerd, blootstellingen van de initiator blijven |
artikel 7, lid 1, onder b), punt iii) |
5 |
||||||||||
|
Overeenkomsten inzake servicing, backup-servicing, administratie en beheer van liquide middelen |
artikel 7, lid 1, onder b), punt iv) |
6 |
||||||||||
|
Trustakte, akte van verpanding, agentuurovereenkomst, bankovereenkomst, gegarandeerde beleggingsovereenkomst, opgenomen voorwaarden of trustkaderovereenkomst of kaderovereenkomst met definities of soortgelijke juridische documenten met gelijke juridische waarde |
artikel 7, lid 1, onder b), punt v) |
7 |
||||||||||
|
Akkoorden tussen kredietverstrekkers, derivatendocumentatie, overeenkomsten inzake achtergestelde leningen, leningsovereenkomsten voor startende bedrijven en liquiditeitsfaciliteitovereenkomsten |
artikel 7, lid 1, onder b), punt vi) |
8 |
||||||||||
|
Alle onderliggende documentatie die essentieel is voor een goed inzicht in de transactie |
artikel 7, lid 1, onder b) |
9 |
||||||||||
|
Eenvoudige, transparante en gestandaardiseerde (simple, transparent and standardised, STS) kennisgeving overeenkomstig artikel 27 van Verordening (EU) 2017/2402 |
artikel 7, lid 1, onder d) |
10 |
||||||||||
|
Voorwetenschap met betrekking tot de securitisatie die door de initiator/sponsor/SSPE verplicht openbaar moet worden gemaakt overeenkomstig artikel 17 van Verordening (EU) nr. 596/2014 van het Europees Parlement en de Raad (1) |
Artikel 7, lid 1, onder f) |
11 |
||||||||||
|
Een significante gebeurtenis, zoals:
|
artikel 7, lid 1, onder g) |
12 |
(1) Verordening (EU) nr. 596/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 16 april 2014 betreffende marktmisbruik (Verordening marktmisbruik) en houdende intrekking van Richtlijn 2003/6/EG van het Europees Parlement en de Raad en Richtlijnen 2003/124, 2003/125/EG en 2004/72/EG van de Commissie (PB L 173 van 12.6.2014, blz. 1).
BIJLAGE II
INFORMATIE OVER ONDERLIGGENDE BLOOTSTELLINGEN — NIET-ZAKELIJK ONROEREND GOED
|
Veldcode |
Veldnaam |
Te rapporteren inhoud |
ND1-ND4 toegestaan? |
ND5 toegestaan? |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Informatie over onderliggende blootstellingen |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL1 |
Unieke identificatiecode |
De unieke identificatiecode die door de rapporterende entiteit is toegekend overeenkomstig artikel 11, lid 1, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/1224 van de Commissie (1). |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL2 |
Oorspronkelijke identificatiecode van onderliggende blootstelling |
Unieke identificatiecode van de onderliggende blootstelling. De identificatiecode moet verschillen van externe identificatiecodes teneinde de anonimiteit van de debiteur te garanderen. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL3 |
Nieuwe identificatiecode van onderliggende blootstelling |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld RREL2 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld RREL2. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL4 |
Oorspronkelijke identificatiecode van debiteur |
Oorspronkelijke unieke identificatiecode van de debiteur. De identificatiecode moet verschillen van externe identificatiecodes teneinde de anonimiteit van de debiteur te garanderen. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL5 |
Nieuwe identificatiecode van debiteur |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld RREL4 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld RREL4. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL6 |
Afsluitdatum van gegevensinzending |
De afsluitdatum van deze gegevensinzending. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL7 |
Datum van toevoeging aan pool |
De datum waarop de onderliggende blootstelling is overgedragen aan de SSPE. Voor alle onderliggende blootstellingen in de pool per de afsluitdatum zoals vermeld in het eerste bij het securitisatieregister ingediende verslag; indien deze informatie niet beschikbaar is, vul dan de sluitingsdatum van de securitisatie in of, als deze later is, de datum van initiëring van de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL8 |
Datum van terugkoop |
Datum waarop de onderliggende blootstelling is teruggekocht uit de pool. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL9 |
Datum van aflossing |
De datum van terugbetaling van de rekening of (voor onderliggende blootstellingen waarop wanbetaling heeft plaatsgevonden) de datum waarop het aflossingsproces is voltooid. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL10 |
Ingezetene |
Is de primaire debiteur een ingezetene van het land waar de zekerheid en de onderliggende blootstelling zich bevinden? |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL11 |
Geografische regio — debiteur |
De geografische regio (NUTS3-classificatie) waar de debiteur is gevestigd. Wanneer Eurostat geen NUTS3-classificatie heeft opgesteld (bv. in geval van een rechtsgebied buiten de EU), vul dan de tweecijferige landcode in ({COUNTRYCODE_2}), gevolgd door “ZZZ”. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL12 |
Geografische regio — classificatie |
Vul het jaar van de voor de velden voor de geografische regio gebruikte NUTS3-classificatie in, bv. 2013 voor NUTS3 2013. In alle velden voor de geografische regio moet consequent dezelfde classificatie worden gebruikt voor elke onderliggende blootstelling en voor alle onderliggende blootstellingen in de gegevensinzending. Het gebruik van NUTS3 2006 in sommige velden voor de geografische regio met betrekking tot een gegeven onderliggende blootstelling en NUTS3 2013 in andere velden met betrekking tot dezelfde blootstelling is bijvoorbeeld niet toegestaan. Evenzo is het gebruik van NUTS3 2006 in de velden voor de geografische regio voor sommige onderliggende blootstellingen en NUTS3 2013 voor andere onderliggende blootstellingen in dezelfde gegevensinzending niet toegestaan. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL13 |
Arbeidsstatus |
Arbeidsstatus van de primaire debiteur:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL14 |
Debiteur met aangetaste kredietwaardigheid |
Bevestig dat, overeenkomstig artikel 20, lid 11, van Verordening (EU) 2017/2402, deze onderliggende blootstelling op het moment van selectie voor overdracht aan de SSPE geen blootstelling was waarbij sprake was van wanbetaling in de zin van artikel 178, lid 1, van Verordening (EU) nr. 575/2013, of een blootstelling met betrekking tot een debiteur of garantiegever met aangetaste kredietwaardigheid die, voor zover de initiator of de oorspronkelijke kredietverstrekker bekend:
Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL15 |
Cliënttype |
Type cliënt bij initiëring:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL16 |
Primair inkomen |
Primair jaarinkomen van debiteur dat wordt gebruikt bij het overnemen (“underwriting”) van de onderliggende blootstelling op het moment van de initiëring. Wanneer de primaire debiteur een rechtspersoon/juridische entiteit is, voer dan de jaaromzet die debiteur in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL17 |
Type primair inkomen |
Vermeld welk inkomen wordt weergegeven in RREL16:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL18 |
Valuta van primair inkomen |
De munteenheid waarin het inkomen of de inkomsten van de primaire debiteur is/zijn uitgedrukt. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL19 |
Inkomenscontrole voor primair inkomen |
Inkomenscontrole voor primair inkomen:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL20 |
Secundair inkomen |
Secundair jaarinkomen van debiteur dat wordt gebruikt voor het overnemen (“underwriting”) van de onderliggende blootstelling op het moment van de initiëring Wanneer de secundaire debiteur een rechtspersoon/juridische entiteit is, voer dan de jaaromzet van die debiteur in. Wanneer er meer dan twee debiteuren zijn in deze onderliggende blootstelling, vermeld in dit veld dan het gecombineerde jaarinkomen van alle debiteuren. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL21 |
Inkomenscontrole voor secundair inkomen |
Inkomenscontrole voor secundair inkomen:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL22 |
Bijzondere regeling |
Indien op de onderliggende blootstelling een bijzondere regeling voor de publieke sector van toepassing is, geef hier dan de volledige naam (zonder afkortingen) van de regeling. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL23 |
Datum van initiëring |
Datum van de betaling van het voorschot op de oorspronkelijke onderliggende blootstelling. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL24 |
Vervaldatum |
Datum waarop de onderliggende blootstelling of de lease vervalt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL25 |
Oorspronkelijke looptijd |
Oorspronkelijke contractuele looptijd (aantal maanden) op de datum van initiëring. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL26 |
Kanaal van initiëring |
Kanaal voor de initiëring van de onderliggende blootstelling:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL27 |
Doel |
De reden van de debiteur om de lening te nemen:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL28 |
Munteenheid |
De munteenheid waarin de onderliggende blootstelling is uitgedrukt. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL29 |
Oorspronkelijk kapitaalsaldo |
Oorspronkelijk saldo van de onderliggende blootstelling (inclusief vergoedingen). Dit is het saldo van de onderliggende blootstelling op de datum van initiëring van de onderliggende blootstelling, niet de datum van verkoop van de onderliggende blootstelling aan de SSPE of de sluitingsdatum van de securitisatie. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL30 |
Huidig kapitaalsaldo |
Uitstaand bedrag van de onderliggende blootstelling op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Dit omvat bedragen waarvoor de hypotheek als zekerheid is gesteld en die in de securitisatie als kapitaal zullen worden aangemerkt. Indien er bijvoorbeeld vergoedingen zijn toegevoegd aan het saldo van de onderliggende blootstelling en die vergoedingen zijn onderdeel van het kapitaal in de securitisatie, dan moeten deze worden toegevoegd. Achterstallige rentebetalingen of boeten vallen hier niet onder. Het huidige saldo omvat achterstallige aflossingen van het kapitaal. Als er een subdeelneming is, wordt het gespaarde bedrag in mindering gebracht. (d.w.z. saldo van de onderliggende blootstelling = onderliggende blootstelling +/- subdeelneming; +/- 0 als er geen subdeelneming is). Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL31 |
Eerdere kapitaalsaldo’s |
Totale saldo’s met een hogere rangorde dan deze onderliggende blootstelling (met inbegrip van bij andere kredietverstrekkers aangehouden blootstellingen). Indien er geen eerdere saldo’s zijn, vul dan 0 in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL32 |
Onderliggende blootstellingen met dezelfde rangorde (pari passu) |
Totale waarde van onderliggende blootstellingen aan deze debiteur die dezelfde rangorde hebben (pari passu) als deze onderliggende blootstelling (ongeacht of ze al dan niet zijn opgenomen in deze pool). Als er geen pari-passusaldo’s zijn, vul dan 0 in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL33 |
Totale kredietlimiet |
Voor onderliggende blootstellingen die worden gekenmerkt door flexibel herlenen (met inbegrip van revolveerkenmerken) of wanneer het maximumbedrag van de onderliggende blootstelling niet volledig is opgenomen — het maximaal mogelijke uitstaande bedrag van de onderliggende blootstelling. Dit veld moet alleen worden ingevuld voor onderliggende blootstellingen met flexibele of andere hernieuwingskenmerken. Dit is niet bedoeld voor gevallen waarin de debiteur kan heronderhandelen over een verhoging van het saldo van een onderliggende blootstelling, maar voor gevallen waarin contractueel is vastgelegd dat de debiteur dit kan doen en de kredietverstrekker de aanvullende financiering kan verstrekken. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL34 |
Aankoopprijs |
De prijs, ten opzichte van de nominale waarde, waartegen de onderliggende blootstelling door de SSPE is gekocht. Vul 100 in indien geen discontering is toegepast. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL35 |
Aflossingstype |
Type aflossing van de onderliggende blootstelling met inbegrip van kapitaal en rente. Frans — d.w.z. aflossing waarbij het totale bedrag (kapitaal plus rente) dat elke termijn wordt terugbetaald steeds gelijk is. (FRXX) Duits — d.w.z. aflossing waarbij de eerste aflossingstermijn uitsluitend rente omvat en het bedrag van de overige termijnen constant is, met inbegrip van kapitaalaflossing en rente. (DEXX) Vast aflossingsschema — d.w.z. aflossing waarbij het af te lossen bedrag van het kapitaal steeds gelijk is. (FIXE) Bullet — d.w.z. aflossing waarbij het volledige kapitaal in de laatste aflossingstermijn wordt terugbetaald. (BLLT) Anders (OTHR) |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL36 |
Einddatum van aflossingsvrije periode voor kapitaal |
Indien van toepassing per de afsluitdatum van de gegevensinzending, vermeld dan de einddatum van de aflossingsvrije periode voor het kapitaal. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL37 |
Geplande frequentie van kapitaalaflossingen |
Frequentie van de verschuldigde kapitaalaflossingen, d.w.z. de periode tussen de aflossingen:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL38 |
Geplande frequentie van rentebetalingen |
Frequentie van de verschuldigde rentebetalingen, d.w.z. de periode tussen de betalingen:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL39 |
Verschuldigde betaling |
Dit is de volgende contractueel verschuldigde betaling overeenkomstig de betalingsfrequentie van de onderliggende blootstelling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL40 |
Schuld/inkomen-ratio |
Schuld gedefinieerd als het per de afsluitdatum van de gegevensinzending uitstaande bedrag van de onderliggende blootstelling; dit omvat bedragen waarvoor de hypotheek als zekerheid is gesteld en die in de securitisatie als kapitaal zullen worden aangemerkt. Indien er bijvoorbeeld vergoedingen zijn toegevoegd aan het saldo van de onderliggende blootstelling en die vergoedingen zijn onderdeel van het kapitaal in de securitisatie, dan moeten deze worden toegevoegd. Achterstallige rentebetalingen en boeten zijn hiervan uitgezonderd. Inkomen gedefinieerd als gecombineerd inkomen: de som van de velden voor primair en secundair inkomen (veldnummers RREL16 en RREL20) en overig inkomen. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL41 |
Ballonbedrag |
Totaalbedrag van de op de vervaldag van de onderliggende blootstelling te betalen aflossing van het (gesecuritiseerde) kapitaal. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL42 |
Rentevoettype |
Rentevoettype:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL43 |
Huidige rentevoet |
Brutorentevoet per jaar die wordt gebruikt om de voor de huidige periode voorziene rente op de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling te berekenen. Per periode berekende rentevoeten moeten worden geannualiseerd. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL44 |
Huidige rente-index |
De basisreferentie-index die momenteel wordt toegepast (referentierente op basis waarvan de rentevoet wordt vastgesteld):
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL45 |
Looptijd (“tenor”) van huidige rente-index |
Looptijd (“tenor”) van de huidige rente-index:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL46 |
Huidige rentevoetmarge |
De huidige rentevoetmarge van de onderliggende blootstelling met variabele rente boven (of onder, in welk geval een negatief getal wordt ingevoerd) het indextarief. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL47 |
Interval voor herziening van rentevoet |
Aantal maanden tussen elke datum waarop de rentevoet op de onderliggende blootstelling wordt aangepast. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL48 |
Rentevoetplafond |
Maximumtarief dat de debiteur moet betalen op een onderliggende blootstelling met variabele rente overeenkomstig de voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL49 |
Rentevoetbodem |
Minimumtarief dat de debiteur moet betalen op een onderliggende blootstelling met variabele rente overeenkomstig de voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL50 |
Herzieningsmarge 1 |
De marge voor de onderliggende blootstelling op de eerste herzieningsdatum. Dit heeft uitsluitend betrekking op contractuele wijzigingen van de marge (bv. van +50 bp naar +100 bp) of van de onderliggende index (bv. van 3-maands Euribor naar 1-maands Euribor) die wordt gebruikt voor de berekening van de rentevoet. Dit veld heeft geen betrekking op de datum waarop de index periodiek wordt aangepast (bv. door elke maand 1-maands Euribor vast te stellen). In dit veld moet de volledige herzieningsmarge worden ingevoerd, niet de verandering van de marge. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL51 |
Renteherzieningsdatum 1 |
Eerstvolgende datum waarop de rentevoet verandert (bv. discontomarge verandert, vaste periode eindigt, onderliggende blootstelling wordt herschikt enz. Dit is niet de volgende datum waarop de Libor/Euribor/index wordt aangepast). |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL52 |
Herzieningsmarge 2 |
De marge voor de onderliggende blootstelling op de tweede herzieningsdatum. Dit heeft uitsluitend betrekking op contractuele wijzigingen van de marge (bv. van +50 bp naar +100 bp) of van de onderliggende index (bv. van 3-maands Euribor naar 1-maands Euribor) die wordt gebruikt voor de berekening van de rentevoet. Dit veld heeft geen betrekking op de datum waarop de index periodiek wordt aangepast (bv. door elke maand 1-maands Euribor vast te stellen). In dit veld moet de volledige herzieningsmarge worden ingevoerd, niet de verandering van de marge. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL53 |
Renteherzieningsdatum 2 |
Datum van de tweede herziening van de rentevoet (bv. discontomarge verandert, vaste periode eindigt, onderliggende blootstelling wordt herschikt enz. Dit is niet de volgende datum waarop de Libor/Euribor/index wordt aangepast). |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL54 |
Herzieningsmarge 3 |
De marge voor de onderliggende blootstelling op de derde herzieningsdatum. Dit heeft uitsluitend betrekking op contractuele wijzigingen van de marge (bv. van +50 bp naar +100 bp) of van de onderliggende index (bv. van 3-maands Euribor naar 1-maands Euribor) die wordt gebruikt voor de berekening van de rentevoet. Dit veld heeft geen betrekking op de datum waarop de index periodiek wordt aangepast (bv. door elke maand 1-maands Euribor vast te stellen). In dit veld moet de volledige herzieningsmarge worden ingevoerd, niet de verandering van de marge. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL55 |
Renteherzieningsdatum 3 |
Datum van de derde herziening van de rentevoet (bv. discontomarge verandert, vaste periode eindigt, onderliggende blootstelling wordt herschikt enz. Dit is niet de volgende datum waarop de Libor/Euribor/index wordt aangepast). |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL56 |
Herziene rente-index |
De volgende rente-index. MuniAAA (MAAA) FutureSWAP (FUSW) LIBID (LIBI) Libor (LIBO) SWAP (SWAP) Treasury (TREA) Euribor (EURI) Pfandbriefe (PFAN) EONIA (EONA) EONIASwaps (EONS) EURODOLLAR (EUUS) EuroSwiss (EUCH) TIBOR (TIBO) ISDAFIX (ISDA) GCFRepo (GCFR) STIBOR (STBO) BBSW (BBSW) JIBAR (JIBA) BUBOR (BUBO) CDOR (CDOR) CIBOR (CIBO) MOSPRIM (MOSP) NIBOR (NIBO) PRIBOR (PRBO) TELBOR (TLBO) WIBOR (WIBO) Basistarief van de Bank of England (BOER) Basistarief van de Europese Centrale Bank (ECBR) Eigen tarief van kredietverstrekker (LDOR) Anders (OTHR) |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL57 |
Looptijd herziene rente-index |
Looptijd (“tenor”) van de volgende rente-index:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL58 |
Aantal betalingen vóór securitisatie |
Vul het aantal betalingen in dat is verricht vóór de overdracht van de blootstelling aan de securitisatie. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL59 |
Percentage aan per jaar toegestane vervroegde terugbetalingen |
Percentage vervroegde terugbetalingen dat per jaar is toegestaan voor het product. Dit is voor onderliggende blootstellingen waarvoor een bepaalde drempel voor vervroegde terugbetalingen (bv. 10 %) is toegestaan voordat een boete wordt opgelegd. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL60 |
Einddatum verbodsperiode vervroegde terugbetaling |
De datum waarna de kredietverstrekker vervroegde terugbetaling van de lening toestaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL61 |
Vergoeding voor vervroegde terugbetaling |
Van de debiteur geïnd bedrag als vergoeding/boete voor het verrichten van vervroegde betalingen overeenkomstig de voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling. Hierin dienen geen bedragen te worden opgenomen die zijn betaald als “inbreukkosten” ter compensatie van rentebetalingen tot de betalingsdatum voor de onderliggende blootstelling. Dit omvat geïnde bedragen die niet zijn gesecuritiseerd. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL62 |
Einddatum vergoeding voor vervroegde terugbetaling |
De datum waarop de kredietverstrekker vervroegde terugbetaling van de onderliggende blootstelling toestaat zonder te eisen dat een vergoeding voor vervroegde terugbetaling wordt betaald. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL63 |
Datum vervroegde terugbetaling |
De meest recente datum waarop een niet-geplande kapitaalbetaling is ontvangen. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL64 |
Cumulatieve vervroegde terugbetalingen |
Totale per de afsluitdatum van de gegevensinzending geïnde vervroegde terugbetalingen (vervroegde terugbetalingen gedefinieerd als niet-geplande kapitaalbetalingen) sinds de datum van initiëring van de onderliggende blootstelling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL65 |
Herstructureringsdatum |
De datum waarop de onderliggende blootstelling is geherstructureerd. Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. Indien er meerdere datums zijn, moeten alle datums worden verstrekt overeenkomstig het XML-schema. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL66 |
Laatste datum betalingsachterstand |
Datum waarop er voor het laatst een betalingsachterstand op de onderliggende blootstelling was. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL67 |
Saldo van achterstallige bedragen |
Huidig saldo van achterstallige bedragen, gedefinieerd als:
Indien er geen achterstallige betalingen zijn, vul dan 0 in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL68 |
Aantal dagen achterstallig |
Aantal dagen waarop de onderliggende blootstelling achterstallig is (rente of kapitaal, en als deze van elkaar verschillen, de hoogste van de twee aantallen) per de afsluitdatum van de pool. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL69 |
Rekeningstatus |
Huidige status van de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling:
Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL70 |
Reden voor wanbetaling of executie |
Indien er met betrekking tot de onderliggende blootstelling sprake is van wanbetaling overeenkomstig artikel 178 van Verordening (EU) nr. 575/2013, selecteer de passende reden:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL71 |
Bedrag van wanbetaling |
Totaal brutobedrag van wanbetaling vóór toepassing van verkoopopbrengsten en terugvorderingen. Als er geen sprake van wanbetaling is, vul dan 0 in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL72 |
Wanbetalingsdatum |
De datum van de wanbetaling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL73 |
Toegerekende verliezen |
De toegerekende verliezen tot heden, na aftrek van vergoedingen, opgebouwde rente enz. en na toepassing van verkoopopbrengsten en terugvorderingen (met uitzondering van premies op vervroegde betalingen indien achtergesteld bij terugvorderingen van kapitaal). Verkoopwinsten dienen te worden vermeld als negatief getal. Moet de meest recente situatie per de afsluitdatum van de gegevensinzending weergeven, d.w.z. naarmate terugvorderingen worden geïnd en de oplossingsprocedure voortschrijdt. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL74 |
Cumulatieve terugvorderingen |
Totaal aan terugvorderingen (ongeacht de bron ervan) op de schuld (met wanbetaling, als oninbaar geboekt enz.), exclusief kosten. Omvat alle bronnen van terugvorderingen, niet alleen de opbrengsten van de afstoting van onderpand. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL75 |
Gerechtelijke procedure |
Markering die aangeeft dat er een gerechtelijke procedure is aangespannen (indien de terugvordering heeft plaatsgevonden en er niet langer actief wordt geprocedeerd, moet dit op N worden gezet). |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL76 |
Verhaal |
Kan er voor deze onderliggende blootstelling (volledig of gedeeltelijk) verhaal worden gehaald via de bezittingen van de debiteur, bovenop de opbrengsten van onderpand? |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL77 |
Depositobedrag |
De som van alle door de initiator of verkoper aangehouden bedragen van de debiteur die potentieel kunnen worden verrekend met het saldo van de onderliggende blootstelling, met uitzondering van de baten van een nationale schadeloosstellingsregeling voor deposito’s. Om dubbeltelling te voorkomen, kan dit worden gemaximeerd op het laagste van 1) het depositobedrag, en 2) het maximale potentieel verrekenbare bedrag op het niveau van de debiteur (en dus niet op het niveau van de onderliggende blootstelling) binnen de pool. Het bedrag van de aanbetaling moet luiden in dezelfde valuta als die welke is gebruikt voor de onderliggende blootstelling. Als een debiteur meer dan één onderliggende blootstelling heeft uitstaan in de pool, moet dit veld worden ingevuld voor elke onderliggende blootstelling, en het is aan de rapporterende entiteit om te besluiten hoe het depositobedrag wordt verdeeld over die onderliggende blootstellingen, met inachtneming van het hierboven bedoelde plafond en zolang de totale posten voor dit veld, voor de diverse onderliggende blootstellingen, optellen tot het juiste bedrag. Als de debiteur bijvoorbeeld een depositosaldo van 100 EUR heeft en twee onderliggende blootstellingen heeft uitstaan in de pool, van respectievelijk 60 en 75 EUR. Dit veld kan worden ingevuld als ofwel onderliggende blootstelling 1 — 60 EUR en onderliggende blootstelling 2 — 40 EUR, ofwel onderliggende blootstelling 1 — 25 EUR en onderliggende blootstelling 2 — 75 EUR (d.w.z. dat het relatieve bedrag dat moet worden ingevuld in dit veld voor elke onderliggende blootstelling wordt gemaximeerd op 60 EUR voor onderliggende blootstelling 1 en op 75 EUR voor onderliggende blootstelling 2 en de som van de waarden voor onderliggende blootstelling 1 en onderliggende blootstelling 2 gelijk moet zijn aan 100 EUR). Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL78 |
Verzekeraar of aanbieder van belegging |
Naam van de verzekeraar of aanbieder van de belegging (d.w.z. voor levensverzekering of aan de belegging onderliggende blootstellingen). |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL79 |
Naam van oorspronkelijke kredietverstrekker |
De volledige juridische naam van de oorspronkelijke kredietverstrekker. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL80 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van oorspronkelijke kredietverstrekker |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de oorspronkelijke kredietverstrekker. Indien er geen LEI beschikbaar is, vul dan ND5 in. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL81 |
Land van vestiging van oorspronkelijke kredietverstrekker |
Land waar de oorspronkelijke kredietverstrekker is gevestigd. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL82 |
Naam van initiator |
De volledige juridische naam van de initiator van de onderliggende blootstelling. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL83 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van initiator |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de initiator van de onderliggende blootstelling. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREL84 |
Land van vestiging van initiator |
Land waar de initiator van de onderliggende blootstelling is gevestigd. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Informatie op het niveau van onderpand |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREC1 |
Unieke identificatiecode |
Vermeld hier dezelfde unieke identificatiecode als in veld RREL1. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREC2 |
Identificatiecode van onderliggende blootstelling |
Unieke identificatiecode voor elke onderliggende blootstelling. Deze code moet gelijk zijn aan die welke is ingevuld in veld RREL3. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREC3 |
Oorspronkelijke identificatiecode van onderpand |
De oorspronkelijk aan het onderpand toegekende identificatiecode. De identificatiecode moet verschillen van externe identificatiecodes teneinde de anonimiteit van de debiteur te garanderen. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREC4 |
Nieuwe identificatiecode van onderpand |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld RREC2 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. De identificatiecode moet verschillen van externe identificatiecodes teneinde de anonimiteit van de debiteur te garanderen. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld RREC2. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREC5 |
Onderpandtype |
Het (wat waarde betreft) primaire activumtype waar de schuld door wordt gedekt. Wanneer er een door fysiek of financieel onderpand gedekte garantie is, kijk dan door de garantie heen naar een onderpand dat de garantie zou kunnen ondersteunen.
|
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREC6 |
Geografische regio — onderpand |
De geografische regio (NUTS3-classificatie) waar het fysieke onderpand zich bevindt. Wanneer Eurostat geen NUTS3-classificatie heeft opgesteld (bv. in geval van een rechtsgebied buiten de EU), vul dan de tweecijferige landcode in ({COUNTRYCODE_2}), gevolgd door “ZZZ”. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREC7 |
Type bewoning |
Type bewoning van het gebouw:
Als het gerapporteerde onderpand geen vastgoed is, vul dan ND5 in. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREC8 |
Pandrecht |
Hoogste pandrechtpositie van de initiator met betrekking tot het onderpand. Als het gerapporteerde onderpand geen vastgoed is, vul dan ND5 in. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREC9 |
Type vastgoed |
Type vastgoed:
Als het gerapporteerde onderpand geen vastgoed is, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREC10 |
Waarde energieprestatiecertificaat |
De waarde van het energieprestatiecertificaat van het onderpand op het moment van initiëring:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREC11 |
Naam van verstrekker van energieprestatiecertificaat |
Vul de volledige juridische naam van de verstrekker van het energieprestatiecertificaat in. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREC12 |
Huidige loan-to-value (LTV) |
Huidige verhouding tussen lening en waarde (loan-to-value, LTV). Voor leningen met tweede pandrecht is dit de gecombineerde of totale LTV. Wanneer het huidige leningsaldo negatief is, vul dan 0 in. Als het gerapporteerde onderpand geen vastgoed is, vul dan ND5 in. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREC13 |
Huidig taxatiebedrag |
De meest recente waarde van het onderpand zoals geschat door een onafhankelijke externe of interne taxateur. Als een dergelijke taxatie niet beschikbaar is, kan de huidige waarde van het onderpand worden geschat met behulp van een voldoende granulaire vastgoedwaarde-index voor de geografische locatie en het onderpandtype; indien er ook geen vastgoedwaarde-index voorhanden is, kan een voldoende granulaire vastgoedprijsindex voor de geografische locatie en het onderpandtype worden gebruikt, na toepassing van een passende korting voor de waardevermindering van het onderpand. Als het gerapporteerde onderpand geen vastgoed is, vul dan de meest recente waarde van het onderpand in zoals geschat door een onafhankelijke externe of interne taxateur, of, indien die niet beschikbaar is, zoals geschat door de initiator. Indien het gerapporteerde onderpand een garantie is, vul dan het door dit onderpand ten gunste van de initiator gegarandeerde bedrag van de onderliggende blootstelling in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREC14 |
Huidige taxatiemethode |
De gebruikte methode voor het berekenen van de meest recente waarde van het onderpand, zoals ingevuld in veld RREC13:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREC15 |
Huidige taxatiedatum |
De datum van de meest recente taxatie, zoals ingevuld in veld RREC13. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREC16 |
Oorspronkelijke loan-to-value (LTV) |
De oorspronkelijke door de initiator gewaarborgde verhouding tussen de lening en de waarde (LTV). Voor leningen met tweede pandrecht is dit de gecombineerde of totale LTV. Als het gerapporteerde onderpand geen vastgoed is, vul dan ND5 in. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREC17 |
Oorspronkelijk taxatiebedrag |
De oorspronkelijke geschatte waarde van het onderpand zoals gebruikt bij de initiëring van de onderliggende blootstelling (d.w.z. vóór securitisatie). Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREC18 |
Oorspronkelijke taxatiemethode |
De gebruikte methode voor het berekenen van de waarde van het onderpand bij de initiëring van de onderliggende blootstelling, zoals ingevuld in veld RREC17:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREC19 |
Oorspronkelijke taxatiedatum |
De datum van de oorspronkelijke taxatie van het onderpand, zoals ingevuld in veld RREC17. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREC20 |
Verkoopdatum |
De datum van de verkoop van het uitgewonnen onderpand. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREC21 |
Verkoopprijs |
Prijs die is verkregen bij de verkoop van het onderpand in geval van executie. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREC22 |
Valuta van onderpand |
De munteenheid waarin het in veld RREC13 ingevulde bedrag van de waarde is uitgedrukt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
RREC23 |
Type garantiegever |
Type garantiegever:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
(1) Gedelegeerde Verordening van de Commissie (EU) 2020/1224 van 16 oktober 2019 tot aanvulling van Verordening (EU) 2017/2402 van het Europees Parlement en de Raad betreffende technische reguleringsnormen ter specificatie van de door de initiator, sponsor en SSPE beschikbaar te stellen informatie over een securitisatie (PB L 289 van 3.9.2020, blz. 1).
BIJLAGE III
INFORMATIE OVER ONDERLIGGENDE BLOOTSTELLINGEN — ZAKELIJK ONROEREND GOED
|
Veldcode |
Veldnaam |
Te rapporteren inhoud |
ND1-ND4 toegestaan? |
ND5 toegestaan? |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Informatie over onderliggende blootstellingen |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL1 |
Unieke identificatiecode |
De unieke identificatiecode die door de rapporterende entiteit is toegekend overeenkomstig artikel 11, lid 1, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/1224 van de Commissie . |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL2 |
Oorspronkelijke identificatiecode van debiteur |
Oorspronkelijke unieke identificatiecode van de debiteur. De identificatiecode moet verschillen van externe identificatiecodes teneinde de anonimiteit van de debiteur te garanderen. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL3 |
Nieuwe identificatiecode van debiteur |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld CREL2 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld CREL2. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL4 |
Oorspronkelijke identificatiecode van onderliggende blootstelling |
Unieke identificatiecode van de onderliggende blootstelling. De identificatiecode moet verschillen van externe identificatiecodes teneinde de anonimiteit van de debiteur te garanderen. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL5 |
Nieuwe identificatiecode van onderliggende blootstelling |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld CREL4 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld CREL4. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL6 |
Afsluitdatum van gegevensinzending |
De afsluitdatum van deze gegevensinzending. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL7 |
Datum van toevoeging aan pool |
De datum waarop de onderliggende blootstelling is overgedragen aan de SSPE. Voor alle onderliggende blootstellingen in de pool per de afsluitdatum zoals vermeld in het eerste bij het securitisatieregister ingediende verslag; indien deze informatie niet beschikbaar is, vul dan de sluitingsdatum van de securitisatie in of, als deze later is, de datum van initiëring van de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL8 |
Herstructureringsdatum |
De datum waarop de onderliggende blootstelling is geherstructureerd. Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. Indien er meerdere datums zijn, moeten alle datums worden verstrekt overeenkomstig het XML-schema. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL9 |
Datum van terugkoop |
Datum waarop de onderliggende blootstelling is teruggekocht uit de pool. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL10 |
Datum van vervanging |
Indien de onderliggende blootstelling na de securitisatiedatum is vervangen door andere onderliggende blootstelling, de datum van die vervanging. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL11 |
Datum van aflossing |
De datum van terugbetaling van de rekening of (voor onderliggende blootstellingen waarop wanbetaling heeft plaatsgevonden) de datum waarop het aflossingsproces is voltooid. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL12 |
Geografische regio — debiteur |
De geografische regio (NUTS3-classificatie) waar de debiteur is gevestigd. Wanneer Eurostat geen NUTS3-classificatie heeft opgesteld (bv. in geval van een rechtsgebied buiten de EU), vul dan de tweecijferige landcode in ({COUNTRYCODE_2}), gevolgd door “ZZZ”. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL13 |
Geografische regio — classificatie |
Vul het jaar van de voor de velden voor de geografische regio gebruikte NUTS3-classificatie in, bv. 2013 voor NUTS3 2013. In alle velden voor de geografische regio moet consequent dezelfde classificatie worden gebruikt voor elke onderliggende blootstelling en voor alle onderliggende blootstellingen in de gegevensinzending. Het gebruik van NUTS3 2006 in sommige velden voor de geografische regio met betrekking tot een gegeven onderliggende blootstelling en NUTS3 2013 in andere velden met betrekking tot dezelfde blootstelling is bijvoorbeeld niet toegestaan. Evenzo is het gebruik van NUTS3 2006 in de velden voor de geografische regio voor sommige onderliggende blootstellingen en NUTS3 2013 voor andere onderliggende blootstellingen in dezelfde gegevensinzending niet toegestaan. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL14 |
Bijzondere regeling |
Indien op de onderliggende blootstelling een bijzondere regeling voor de publieke sector van toepassing is, geef hier dan de volledige naam (zonder afkortingen) van de regeling. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL15 |
Datum van initiëring |
Datum van de betaling van het voorschot op de oorspronkelijke onderliggende blootstelling. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL16 |
Begindatum van aflossing |
De datum waarop een aanvang wordt gemaakt met de aflossing op de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling (dit kan een datum vóór de securitisatiedatum zijn). |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL17 |
Vervaldatum op securitisatiedatum |
De vervaldatum van de onderliggende blootstelling zoals bepaald in de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling. Hierbij wordt geen rekening gehouden met een verlengde vervaldatum die eventueel is toegestaan uit hoofde van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL18 |
Vervaldatum |
Datum waarop de onderliggende blootstelling of de lease vervalt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL19 |
Oorspronkelijke looptijd |
Oorspronkelijke contractuele looptijd (aantal maanden) op de datum van initiëring. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL20 |
Duur van de verlengingsmogelijkheid |
Duur in maanden van een beschikbare mogelijkheid om de vervaldatum van de onderliggende blootstelling naar een latere datum te verschuiven. Indien er meerdere mogelijkheden voor het verschuiven van de vervaldatum zijn, de duur van de kortste verlengingsmogelijkheid voor de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL21 |
Aard van de verlengingsmogelijkheid |
Referentiedrempels voor de mogelijkheid om de in CREL 20 bedoelde verlengingsmogelijkheid te triggeren/uit te oefenen:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL22 |
Munteenheid |
De munteenheid waarin de onderliggende blootstelling is uitgedrukt. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL23 |
Huidig kapitaalsaldo |
Uitstaande kapitaalsaldo van de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling. Dit omvat bedragen waarvoor de hypotheek als zekerheid is gesteld en die in de securitisatie als kapitaal zullen worden aangemerkt. Indien er bijvoorbeeld vergoedingen zijn toegevoegd aan het saldo van de onderliggende blootstelling en die vergoedingen zijn onderdeel van het kapitaal in de securitisatie, dan moeten deze worden toegevoegd. Achterstallige rentebetalingen of boeten vallen hier niet onder. Het huidige saldo omvat achterstallige aflossingen van het kapitaal. Als er een subdeelneming is, wordt het gespaarde bedrag in mindering gebracht. (d.w.z. saldo van de onderliggende blootstelling = onderliggende blootstelling +/- subdeelneming; +/- 0 als er geen subdeelneming is). Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL24 |
Oorspronkelijk kapitaalsaldo |
Oorspronkelijk saldo van de onderliggende blootstelling (inclusief vergoedingen). Dit is het saldo van de onderliggende blootstelling op de datum van initiëring van de onderliggende blootstelling, niet de datum van verkoop van de onderliggende blootstelling aan de SSPE of de sluitingsdatum van de securitisatie. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL25 |
Oorspronkelijk kapitaalsaldo op securitisatiedatum |
Oorspronkelijk kapitaalsaldo van de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling op de securitisatiedatum zoals vermeld in het prospectus. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL26 |
Gecommitteerd niet-opgenomen saldo van de onderliggende blootstelling |
De totale resterende faciliteit van de hele onderliggende blootstelling/het niet-opgenomen saldo aan het einde van de periode. De totale resterende faciliteit van de hele onderliggende blootstelling aan het einde van de vervaldag van de rente die de debiteur nog kan opnemen. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL27 |
Totaal andere uitstaande bedragen |
Cumulatieve op de lening uitstaande bedragen (bv. verzekeringspremie, erfpacht, kapitaaluitgaven) die door de SSPE/servicer zijn uitgegeven. Het cumulatieve bedrag van eventuele voorschotten voor eigendomsbescherming of andere bedragen die als voorschot zijn betaald door de servicer of de SSPE en die nog niet zijn terugbetaald door de debiteur. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL28 |
Aankoopprijs |
De prijs, ten opzichte van de nominale waarde, waartegen de onderliggende blootstelling door de SSPE is gekocht. Vul 100 in indien geen discontering is toegepast. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL29 |
Meest recente datum van benutting |
Datum van de meest recente benutting/opneming in het kader van de faciliteit van de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL30 |
Doel |
Doel van de onderliggende blootstelling — in geval van meerdere doelen, rapporteer de mogelijkheid die de regeling het best beschrijft:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL31 |
Structuur |
Structuur van de onderliggende blootstelling:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL32 |
Gecascadeerd A-B pre-executieschema voor rentebetalingen |
Gecascadeerd pre-executieschema voor rentebetalingen:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL33 |
Gecascadeerd A-B pre-executieschema voor kapitaalbetalingen |
Gecascadeerd pre-executieschema voor kapitaalbetalingen:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL34 |
Toewijzing kapitaalbetaling aan senior lening |
Vermeld % van alle periodieke geplande kapitaalbetalingen die naar de senior lening (d.w.z. de A-lening) gaan indien de leningsovereenomst betrekking heeft op meerdere leningen (bijvoorbeeld als veld CREL31 is ingevuld met de waarden PMLS, AABP, BABP, AABC, BABC of CABC). |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL35 |
Cascaderingstype |
Type cascadering voor de hele leningsovereenkomst:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL36 |
Aankoopprijs onderliggende blootstelling waarop wanbetaling heeft plaatsgevonden |
Indien de houder van de achtergestelde lening (bv. de B-lening) de senior lening kan kopen in geval van wanbetaling, vul dan de aankoopprijs overeenkomstig de toepasselijke overeenkomst tussen de kredietverstrekkers in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL37 |
Zuiveringsbetalingen mogelijk? |
Kan de houder van de achtergestelde lening (bv. de B-lening) de zuiveringsbetalingen verrichten in plaats van de hypothecaire debiteur? Kies uit de onderstaande lijst:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL38 |
Restricties op de verkoop van achtergestelde lening? |
Zijn er beperkingen gesteld aan verkoop van een achtergestelde lening (bv. de B-lening) door de houder aan een derde? |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL39 |
Houder van achtergestelde lening verbonden met debiteur? |
Is er een rechthebbende houder van een achtergestelde lening (bv. de B-lening) verbonden (d.w.z. onderdeel van dezelfde financiële groep) met de debiteur van een commerciële hypotheek? |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL40 |
Controle van oplossingsproces door houder van achtergestelde lening |
Kan de houder van een achtergestelde lening (bv. de B-lening) zeggenschap uitoefenen over het besluit om het onderpand van de lening uit te winnen en te verkopen? |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL41 |
Vormen niet-betalingen op vorderingen met een hogere rangorde een wanbetaling op de onderliggende blootstelling? |
Vormen niet-betalingen op vorderingen met een hogere rangorde een wanbetaling op de onderliggende blootstelling? |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL42 |
Vormen niet-betalingen op onderliggende blootstellingen met dezelfde rangorde een wanbetaling op het eigendom? |
Vormen niet-betalingen op onderliggende blootstellingen met dezelfde rangorde een wanbetaling op het eigendom? |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL43 |
Toestemming van notehouders |
Is de toestemming van de notehouders vereist voor een herstructurering? Herstructurering omvat veranderingen in de betalingsvoorwaarden van gesecuritiseerde onderliggende blootstellingen (met inbegrip van rentevoet, vergoedingen, boeten, vervaldatum, aflossingsschema en/of andere algemeen aanvaarde maatstaven voor betalingsvoorwaarden). |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL44 |
Vergadering met notehouders gepland |
Op welke datum is de volgende vergadering met notehouders gepland? |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL45 |
Verstrekking door syndicaat |
Is de onderliggende blootstelling verstrekt door een syndicaat? |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL46 |
Deelneming door SSPE |
Door de SSPE gebruikte methode voor het verwerven van eigendom in de door een syndicaat verstrekte onderliggende blootstelling:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL47 |
Consequentie van inbreuk op financiële convenant |
De consequentie van een inbreuk op het financiële convenant:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL48 |
Boeten i.v.m. niet-indienen van financiële informatie |
Staan er geldelijke sancties op verzuim door de debiteur om de overeenkomstig de documenten betreffende de onderliggende blootstelling vereiste financiële informatie (winst-en-verliesrekening, tijdschema enz.) in te dienen? |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL49 |
Verhaal |
Kan er voor deze onderliggende blootstelling (volledig of gedeeltelijk) verhaal worden gehaald via de bezittingen van de debiteur, bovenop de opbrengsten van onderpand? |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL50 |
Verhaal — derde |
Kan er (geheel of gedeeltelijk) verhaal worden gehaald bij een andere partij (bv. de garantiegever) indien de debiteur in gebreke blijft inzake een verplichting uit hoofde van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling? |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL51 |
Servicingstandaard |
Verleent de servicer voor deze gesecuritiseerde onderliggende blootstelling zijn diensten ook voor de hele onderliggende blootstelling of slechts voor één of meer onderdelen (bv. de A- of B-component) van de hele onderliggende blootstelling, of een van de passi-paruonderdelen? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL52 |
Op escrowrekening aangehouden bedragen |
Totaal van de wettelijk gedebiteerde reserverekeningen op het niveau van de lening per de afsluitdatum van de gegevensinzending. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL53 |
Inning van bedragen op escrowrekeningen |
Vul J (ja) in als er bedragen in de reserverekeningen worden aangehouden voor betaling van de huur van terreinen, verzekeringen of belastingen (niet voor onderhoud, aanpassingen, kapitaaluitgaven enz.) zoals vereist uit hoofde van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL54 |
Inning van andere reserves |
Worden er nog andere bedragen dan erfpachtbelasting of verzekeringen aangehouden in reserverekeningen zoals vereist volgens de bepalingen van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling, voor aanpassingen, huurprovisies en soortgelijke posten met betrekking tot het bijbehorende vastgoed of als aanvullend onderpand voor die onderliggende blootstelling? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL55 |
Triggergebeurtenis die tot betalingen op escrowrekening leidt |
Soort triggergebeurtenis die leidt tot escrowbetalingen:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL56 |
Beoogde escrowbedragen/reserves |
Beoogde escrowbedragen/reserves Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL57 |
Voorwaarden voor vrijgave escrowrekening |
Voorwaarden die vervuld moeten zijn voor de vrijgave van de escrowrekening. Indien er meerdere voorwaarden zijn, moeten alle voorwaarden worden verstrekt overeenkomstig het XML-schema. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL58 |
Voorwaarden voor opneming van kasreserve |
Wanneer de kasreserve mag worden aangesproken:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL59 |
Valuta escrowrekening |
Munteenheid waarin de escrowrekening is uitgedrukt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL60 |
Valuta escrowbetalingen |
Valuta van de escrowbetalingen. Velden CREL52 en CREL56. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL61 |
Totaal saldo aan reserves |
Totaal saldo van de reserverekeningen op het niveau van de onderliggende blootstelling op de betalingsdatum van de onderliggende blootstelling. Omvat onderhoud, reparaties, milieu enz. (exclusief reserves voor belastingen en verzekeringen, inclusief huurprovisies voor reserves). Moet worden ingevuld indien het veld CRELL54 (“Inning van andere reserves”) “J” (ja) is. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL62 |
Valuta van reservesaldo |
Munteenheid waarin de reserverekening is uitgedrukt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL63 |
Triggergebeurtenis die tot escrow leidt |
Vul J (ja) in als zich een gebeurtenis heeft voorgedaan die ertoe heeft geleid dat er reservebedragen zijn opgebouwd. Vul N (nee) in als er betalingen worden opgebouwd als normale voorwaarde van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL64 |
In huidige periode bij escrows getelde bedragen |
Bedrag dat tussen de afsluitdatum van de vorige gegevensinzending en de afsluitdatum van deze gegevensinzending is opgeteld bij eventuele escrows of reserves. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL65 |
Inkomsten |
Totale inkomsten uit alle bronnen voor de periode die wordt bestreken door het meest recente financiële overzicht (d.w.z. vanaf het begin van het jaar tot op de dag van vandaag (YTD) of over de voorbije twaalf maanden) voor alle eigendommen. Kan worden genormaliseerd indien vereist door de toepasselijke servicingovereenkomst. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL66 |
Operationele kosten op securitisatiedatum |
De totale gewaarborgde (“underwritten”) bedrijfskosten voor de eigendommen zoals beschreven in het prospectus. Dit zijn onder meer vastgoedbelastingen, verzekeringen, beheer, nutsvoorzieningen, onderhoud en reparaties en rechtstreekse eigendomskosten voor de eigenaar; exclusief kapitaaluitgaven en huurprovisies. Indien er meerdere eigendommen zijn, de totale operationele kosten van de onderliggende eigendommen. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL67 |
Kapitaaluitgaven op securitisatiedatum |
Verwachte kapitaaluitgaven over de levensduur van de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling op de securitisatiedatum (tegenover reparaties en onderhoud) indien vermeld in het prospectus. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL68 |
Valuta van financiële verslaglegging |
De munteenheid die wordt gebruikt in de aanvankelijke financiële verslaglegging in de velden CREL65 — CREL66. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL69 |
Inbreuk op verslaggevingsverplichtingen door debiteur |
Pleegt de debiteur inbreuk op zijn verplichting om verslagen in te dienen bij de servicer of de kredietverstrekker van de onderliggende blootstelling? J = ja; N = nee. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL70 |
Methode voor berekening van de schuldaflossing-dekkingratio |
Definieer de berekening van de schuldaflossing-dekkingratio als vereiste van het financiële convenant en de daaruit afgeleide berekeningsmethode. Indien de berekeningsmethode verschilt tussen de hele lening en de A-lening, vul dan de berekeningsmethode voor de A-lening in. Huidige periode (CRRP) Projectie — zes maanden vooruit berekend (PRSF) Projectie — twaalf maanden vooruit berekend (PRTF) Combo 6 — Huidige periode en zes maanden vooruit berekend (CMSF) Combo 12 — Huidige periode en twaalf maanden vooruit berekend (CMTF) Historisch — zes maanden vooruit berekend (HISF) Historisch — twaalf maanden vooruit berekend (HITF) Gewijzigd — Omvat een injectie in de reserve of een procentuele huurinkomenswaarschijnlijkheidsberekening (MODI) Meerdere perioden — Berekening over de opeenvolgende perioden Anders (OTHR) |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL71 |
Indicator voor schuldaflossing-dekkingratio op securitisatiedatum |
Hoe wordt de schuldaflossing-dekkingratio berekend of toegepast wanneer een onderliggende blootstelling betrekking heeft op meerdere eigendommen?
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL72 |
Meest recente indicator voor schuldaflossing-dekkingratio |
Hoe wordt de schuldaflossing-dekkingratio berekend of toegepast wanneer een onderliggende blootstelling betrekking heeft op meerdere eigendommen?
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL73 |
Schuldaflossing-dekkingratio op securitisatiedatum |
Berekening van de schuldaflossing-dekkingratio voor de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling, op de securitisatiedatum, op basis van de documenten inzake de onderliggende blootstelling. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL74 |
Huidige schuldaflossing-dekkingratio |
Berekening van de huidige schuldaflossing-dekkingratio voor de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling op basis van de documenten inzake de onderliggende blootstelling. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL75 |
Oorspronkelijke loan-to-value (LTV) |
De loan-to-value (LTV)-ratio voor de hele leningsregeling (d.w.z. niet alleen voor het gesecuritiseerde bedrag van de lening) per de securitisatiedatum. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL76 |
Huidige loan-to-value (LTV) |
Huidige loan-to-value (LTV)-ratio voor de hele leningsregeling (d.w.z. niet alleen voor het gesecuritiseerde bedrag van de lening). |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL77 |
Rentedekkingsratio op securitisatiedatum |
Berekening van de rentedekkingsratio voor de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling op de securitisatiedatum. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL78 |
Huidige rentedekkingsratio |
De berekening van de huidige rentedekkingsratio voor de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL79 |
Methode voor berekening van rentedekkingsratio |
Definieer de berekening van de rentedekkingsratio als vereiste van het financiële convenant op het niveau van de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling (of de hele onderliggende blootstelling indien niet gespecificeerd voor specifieke regelingen inzake onderliggende blootstellingen binnen de algehele leningsregeling) en de daaruit afgeleide berekeningsmethode:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL80 |
Aantal eigendommen op securitisatiedatum |
Het aantal eigendommen dat op de securitisatiedatum dient als zekerheid voor de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL81 |
Aantal eigendommen op afsluitdatum van gegevensinzending |
Het aantal eigendommen dat op de afsluitdatum van de gegevensinzending dient als zekerheid voor de onderliggende blootstelling. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL82 |
Eigendommen die als onderpand dienen voor de onderliggende blootstelling |
Vermeld de unieke identificatiecode van het onderpand (CREC4) van de eigendommen die op de afsluitdatum van de gegevensinzending dienen als zekerheid voor de onderliggende blootstelling. Als er meerdere eigendommen zijn, vul dan alle identificatiecodes als vermeld in het XML-schema in. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL83 |
Waarde van eigendommenportefeuille op securitisatiedatum |
De taxatie van de eigendommen die als zekerheid dienen voor de onderliggende blootstelling op de securitisatiedatum zoals beschreven in het prospectus. Als er meerdere eigendommen zijn, vul dan de som van de waarden van de eigendommen in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL84 |
Valuta van waarde van eigendommenportefeuille op securitisatiedatum |
De munteenheid waarin de in veld CREL83 ingevulde waarde is uitgedrukt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL85 |
Status van eigendommen |
Status van eigendommen. Wanneer er meerdere situaties van de onderstaande lijst van toepassing zijn, kies dan de situatie die het geheel aan eigendommen het best vertegenwoordigt. Permanente volmacht (LPOA) Onder curatele (RCVR) In executie (FCLS) Vastgoed in eigendom (REOW) Beëindigd (defeased) (DFSD) Gedeeltelijke vrijgave (PRLS) Vrijgegeven (RLSD) Zelfde als per de securitisatiedatum (SCDT) Speciale servicestatus (SSRV) Anders (OTHR) |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL86 |
Taxatiedatum op securitisatiedatum |
De datum waarop de taxatie is opgesteld voor de in het prospectus bekendgemaakte waarden. Voor meerdere eigendommen, als er verschillende datums zijn, de meest recente datum. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL87 |
Aflossingstype |
Type aflossing van de onderliggende blootstelling met inbegrip van kapitaal en rente. Frans — d.w.z. aflossing waarbij het totale bedrag (kapitaal plus rente) dat elke termijn wordt terugbetaald steeds gelijk is. (FRXX) Duits — d.w.z. aflossing waarbij de eerste aflossingstermijn uitsluitend rente omvat en het bedrag van de overige termijnen constant is, met inbegrip van kapitaalaflossing en rente. (DEXX) Vast aflossingsschema — d.w.z. aflossing waarbij het af te lossen bedrag van het kapitaal steeds gelijk is. (FIXE) Bullet — d.w.z. aflossing waarbij het volledige kapitaal in de laatste aflossingstermijn wordt terugbetaald. (BLLT) Anders (OTHR) |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL88 |
Einddatum van aflossingsvrije periode voor kapitaal |
Indien van toepassing per de afsluitdatum van de gegevensinzending, vermeld dan de einddatum van de aflossingsvrije periode voor het kapitaal. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL89 |
Toegestane respijtdagen |
Het aantal dagen nadat een betaling verschuldigd is dat de kredietverstrekker de gemiste betaling niet als wanbetalingsgebeurtenis beschouwt. Dit heeft betrekking op betalingen die zijn gemist om niet-technische redenen (bv. niet als gevolg van systeemstoringen). |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL90 |
Geplande frequentie van kapitaalaflossingen |
Frequentie van de verschuldigde kapitaalaflossingen, d.w.z. de periode tussen de aflossingen:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL91 |
Geplande frequentie van rentebetalingen |
Frequentie van de verschuldigde rentebetalingen, d.w.z. de periode tussen de betalingen:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL92 |
Aantal betalingen vóór securitisatie |
Vul het aantal betalingen in dat is verricht vóór de overdracht van de blootstelling aan de securitisatie. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL93 |
Beschrijving van voorwaarden voor vervroegde terugbetaling |
Moet de informatie in het prospectus weergeven. Als de voorwaarden voor vervroegde terugbetaling bijvoorbeeld als volgt zijn: een vergoeding van 1 % in jaar één, van 0,5 % in jaar twee en van 0,25 % in jaar drie van de lening, kan dit in het prospectus worden vermeld als: 1 % (12), 0,5 % (24), 0,25 % (36). |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL94 |
Einddatum verbodsperiode vervroegde terugbetaling |
De datum waarna de kredietverstrekker vervroegde terugbetaling van de lening toestaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL95 |
Einddatum rendementsbehoud |
De datum waarna de onderliggende blootstelling kan worden terugbetaald zonder rendementsbehoud. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL96 |
Vergoeding voor vervroegde terugbetaling |
Van de debiteur geïnd bedrag als vergoeding/boete voor het verrichten van vervroegde betalingen overeenkomstig de voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling. Hierin dienen geen bedragen te worden opgenomen die zijn betaald als “inbreukkosten” ter compensatie van rentebetalingen tot de betalingsdatum voor de onderliggende blootstelling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL97 |
Einddatum vergoeding voor vervroegde terugbetaling |
De datum waarop de kredietverstrekker vervroegde terugbetaling van de onderliggende blootstelling toestaat zonder te eisen dat een vergoeding voor vervroegde terugbetaling wordt betaald. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL98 |
Ongeplande inningen van kapitaal |
Ongeplande aflossingen van het kapitaal die tijdens de huidige periode zijn ontvangen. Andere tijdens de renteperiode ontvangen betalingen van het kapitaal die zullen worden gebruikt om de onderliggende blootstelling af te lossen Daarbij kan het gaan om de opbrengst van verkopen, vrijwillige vervroegde terugbetalingen of vereffeningsbedragen. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL99 |
Datum vereffening/vervroegde terugbetaling |
De meest recente datum waarop een niet-geplande betaling van het kapitaal of vereffeningsopbrengsten zijn ontvangen. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL100 |
Code van vereffening/vervroegde terugbetaling |
Code die wordt toegewezen aan niet-geplande kapitaalbetalingen of vereffeningsopbrengsten die tijdens de inningsperiode worden ontvangen.
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL101 |
Teveel/tekort aan rente door vervroegde terugbetaling |
Tekort of teveel aan feitelijk betaalde rente in vergelijking met de geplande rentebetaling dat geen verband houdt met een wanbetaling op de onderliggende blootstelling. Resultaten van een vervroegde terugbetaling die is ontvangen op een andere dan een geplande vervaldatum: Tekort — Het negatieve verschil tussen het bedrag van de betaalde rente en de geplande rentebetaling die verschuldigd was op de betalingsdatum voor de onderliggende blootstelling (dit is alleen van toepassing als er een tekort is nadat de debiteur inbreukkosten heeft betaald). Teveel — Geïnde rente voor zover hoger dan de in de renteopbouwperiode voor de onderliggende blootstelling opgebouwde rente. Een negatief getal staat voor een tekort en een positief getal voor een teveel. Heeft betrekking op de hele leningsregeling (d.w.z. niet alleen op het bedrag van de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling). Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL102 |
Betalingsdatum |
De meest recente datum waarop kapitaal en rente is betaald aan de SSPE, per de afsluitdatum van de gegevensinzending; dit is normaliter de datum van de betaling van rente op de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL103 |
Datum van volgende betalingsaanpassing |
Voor onderliggende blootstellingen met variabele rente, de volgende datum waarop het bedrag van het geplande kapitaal en/of de rente zal veranderen. Vul voor onderliggende blootstellingen met vaste rente de volgende betalingsdatum in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL104 |
Volgende betalingsdatum |
Datum van de volgende betaling op de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL105 |
Verschuldigde betaling |
Dit is de volgende contractueel verschuldigde betaling overeenkomstig de betalingsfrequentie van de onderliggende blootstelling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL106 |
Oorspronkelijke rentevoet |
All-in rentevoet van de onderliggende blootstelling op de datum van initiëring van de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL107 |
Rentevoet op securitisatiedatum |
De totale rentevoet (bv. Euribor + marge) die wordt gebruikt voor de berekening van de verschuldigde rente op de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling die is verschuldigd op de eerste rentebetalingsdatum na de securitisatiedatm. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL108 |
Datum van eerstvolgende betalingsaanpassing |
Voor onderliggende blootstellingen met variabele rente, de eerste datum waarop het bedrag van het geplande kapitaal en/of de rente zal veranderen. Vermeld voor onderliggende blootstellingen met vaste rente de eerste datum waarop het bedrag van het geplande kapitaal en/of de rente verschuldigd is (niet de eerste datum na de securitisatie waarop het zou kunnen veranderen). |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL109 |
Rentevoettype |
Rentevoettype:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL110 |
Huidige rentevoet |
Brutorentevoet per jaar die wordt gebruikt om de voor de huidige periode voorziene rente op de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling te berekenen. Per periode berekende rentevoeten moeten worden geannualiseerd. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL111 |
Huidige rente-index |
De basisreferentie-index die momenteel wordt toegepast (referentierente op basis waarvan de rentevoet wordt vastgesteld):
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL112 |
Looptijd (“tenor”) van huidige rente-index |
Looptijd (“tenor”) van de huidige rente-index:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL113 |
Huidige rentevoetmarge |
De huidige rentevoetmarge van de onderliggende blootstelling met variabele rente boven (of onder, in welk geval een negatief getal wordt ingevoerd) het indextarief. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL114 |
Interval voor herziening van rentevoet |
Aantal maanden tussen elke datum waarop de rentevoet op de onderliggende blootstelling wordt aangepast. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL115 |
Huidig indextarief |
Het indextarief dat wordt gebruikt om de huidige rentevoet van de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling te bepalen. De rentevoet (vóór marge) die wordt gebruikt voor het berekenen van de rente die is betaald op de in veld CREL102 vermelde betalingsdatum van de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL116 |
Datum indexbepaling |
Als in de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling wordt bepaald dat de index op specifieke datums moet worden bepaald, wordt hier de volgende datum van de indexbepaling ingevuld. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL117 |
Afrondingsincrement |
Het incrementspercentage waarmee een indextarief moet worden afgerond bij vaststelling van de rentevoet zoals vermeld in de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL118 |
Rentevoetplafond |
Maximumtarief dat de debiteur moet betalen op een onderliggende blootstelling met variabele rente overeenkomstig de voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL119 |
Rentevoetbodem |
Minimumtarief dat de debiteur moet betalen op een onderliggende blootstelling met variabele rente overeenkomstig de voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL120 |
Huidige standaardrentevoet |
De rentevoet die wordt gebruikt voor de berekening van de standaardrente die is betaald op de in veld CREL102 vermelde betalingsdatum van de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL121 |
Toegestane lopende rente |
Is het volgens de documenten van de onderliggende blootstelling toegestaan dat de rente oploopt en wordt gekapitaliseerd? |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL122 |
Dagtellingsconventie |
De “dagen”-conventie die wordt gebruikt voor de berekening van de rente:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL123 |
Totale geplande betaling van kapitaal en rente die is verschuldigd |
Geplande betaling van kapitaal en rente die verschuldigd is op de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling op de meest recente betalingsdatum, per de afsluitdatum van de gegevensinzending. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL124 |
Totale geplande betaling van kapitaal en rente die is betaald |
Geplande betaling van kapitaal en rente die is betaald op de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling op de meest recente betalingsdatum, per de afsluitdatum van de gegevensinzending. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL125 |
Negatieve aflossing |
Negatieve aflossing/uitgestelde rente/gekapitaliseerde rente zonder boete. Van negatieve aflossing is sprake wanneer het tijdens een betalingsperiode opgebouwde rentebedrag hoger is dan de geplande betaling en het overschot wordt toegevoegd aan het uitstaande saldo van de onderliggende blootstelling. Heeft betrekking op de hele leningsregeling (d.w.z. niet alleen op het bedrag van de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling). Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL126 |
Uitgestelde rente |
Uitgestelde rente op de hele lening (d.w.z. de gesecuritiseerde lening en alle andere leningen die onder de leningsregeling met de debiteur vallen). Uitgestelde rente is het bedrag waarbij de rente die een debiteur op een hypothecaire lening moet betalen minder is dan het bedrag van de rente die is opgebouwd op het openstaande kapitaalsaldo. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL127 |
Totaal tekorten in uitstaand kapitaal en uitstaande rente |
Cumulatief verschuldigde uitstaande kapitaal- en rentebedragen op de hele leningsregeling (d.w.z. niet alleen op de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling), per de afsluitdatum van de gegevensinzending. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL128 |
Laatste datum betalingsachterstand |
Datum waarop de debiteur voor het laatst een betalingsachterstand had. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL129 |
Saldo van achterstallige bedragen |
Huidig saldo van achterstallige bedragen, gedefinieerd als:
Indien er geen achterstallige betalingen zijn, vul dan 0 in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL130 |
Aantal dagen achterstallig |
Aantal dagen waarop de onderliggende blootstelling achterstallig is (rente of kapitaal, en als deze van elkaar verschillen, de hoogste van de twee aantallen) per de afsluitdatum van de pool. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL131 |
Reden voor wanbetaling of executie |
Indien er met betrekking tot de onderliggende blootstelling sprake is van wanbetaling overeenkomstig artikel 178 van Verordening (EU) nr. 575/2013, selecteer de passende reden:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL132 |
Bedrag van wanbetaling |
Totaal brutobedrag van de wanbetaling vóór de toepassing van de verkoopopbrengsten en terugvorderingen en inclusief gekapitaliseerde vergoedingen/boeten enz. Als er geen sprake van wanbetaling is, vul dan 0 in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL133 |
Wanbetalingsdatum |
De datum van de wanbetaling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL134 |
Achterstallige rente |
Is er een betalingsachterstand op de op de onderliggende blootstelling opgebouwde rente? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL135 |
Feitelijke moratoire rente |
Feitelijke moratoire rente die is betaald tussen de vorige afsluitdatum van de gegevensinzending en de afsluitdatum van deze gegevensinzending. Totaalbedrag van moratoire rente die door de debiteur is betaald tijdens de renteperiode of op de betalingsdatum van de onderliggende blootstelling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL136 |
Rekeningstatus |
Huidige status van de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling:
Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL137 |
Toegerekende verliezen |
De toegerekende verliezen tot heden, na aftrek van vergoedingen, opgebouwde rente enz. en na toepassing van verkoopopbrengsten en terugvorderingen (met uitzondering van premies op vervroegde betalingen indien achtergesteld bij terugvorderingen van kapitaal). Verkoopwinsten dienen te worden vermeld als negatief getal. Moet de meest recente situatie per de afsluitdatum van de gegevensinzending weergeven, d.w.z. naarmate terugvorderingen worden geïnd en de oplossingsprocedure voortschrijdt. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL138 |
Netto-opbrengsten ontvangen bij liquidatie |
Bij liquidatie ontvangen netto-opbrengsten die worden aangewend om het verlies voor de SSPE te bepalen volgens de securitisatiedocumenten. Het bedrag van de ontvangen netto opbrengsten van de verkoop zal bepalen of er een verlies of tekort is op de lening. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL139 |
Liquidatiekosten |
Kosten in verband met de liquidatie die moeten worden afgetrokken van de andere activa van de uitgevende instelling om het verlies te bepalen volgens de securitisatiedocumenten. Bedrag van liquidatiekosten dat zal worden betaald uit de netto opbrengsten van de verkoop om te bepalen of er een verlies zal zijn. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL140 |
Verwacht tijdschema van invorderingen |
Verwacht tijdschema van invorderingen door de servicer voor de onderliggende blootstelling, uitgedrukt in maanden. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL141 |
Cumulatieve terugvorderingen |
Totaal aan terugvorderingen (ongeacht de bron ervan) op de schuld (met wanbetaling, als oninbaar geboekt enz.), exclusief kosten. Omvat alle bronnen van terugvorderingen, niet alleen de opbrengsten van de afstoting van onderpand. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL142 |
Aanvangsdatum van afdwinging |
De datum waarop een executie of administratieve procedure of een andere afdwingingsprocedure wordt gestart tegen de debiteur of met diens instemming. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL143 |
Code van oplossingsstrategie |
Oplossingsstrategie:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL144 |
Wijziging |
Type wijziging:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL145 |
Speciale servicestatus |
Krijgt de onderliggende blootstelling vanaf de betalingsdatum van de onderliggende blootstelling momenteel een speciale service? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL146 |
Meest recente datum van overdracht aan speciale servicer |
De datum waarop een onderliggende blootstelling is overgedragen aan de speciale servicer na een triggergebeurtenis die tot servicingoverdracht heeft geleid. Opmerking: Als er verschillende overdrachten zijn voor de onderliggende blootstelling, moet dit de laatste datum zijn waarop de onderliggende blootstelling aan de speciale servicer is overgedragen. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL147 |
Meest recente datum van teruggave aan primaire servicer |
De datum waarop een onderliggende blootstelling een “gecorrigeerde hypothecaire onderliggende blootstelling” wordt, d.w.z. de datum waarop de onderliggende blootstelling door de speciale servicer is teruggegeven aan de belangrijkste/primaire servicer. Opmerking: Als er verschillende overdrachten zijn voor de onderliggende blootstelling, moet dit de laatste datum zijn waarop de onderliggende blootstelling door de speciale servicer is teruggegeven aan de belangrijkste/primaire servicer. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL148 |
Niet-terugvorderbaarheid vastgesteld |
Indicator (ja/nee) of de servicer of speciale servicer heeft vastgesteld dat er een tekort zal optreden bij het terugvorderen van door hem betaalde voorschotten en het uitstaande saldo van de onderliggende blootstelling en andere bedragen die zijn verschuldigd op grond van de onderliggende blootstelling die voortvloeien uit de opbrengsten bij verkoop of liquidatie van het eigendom of de onderliggende blootstelling. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL149 |
Schending van convenant/trigger |
Type schending van convenant/trigger:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL150 |
Datum van inbreuk |
De datum waarop een inbreuk op de voorwaarden van de onderliggende blootstelling heeft plaatsgevonden. In geval van meerdere inbreuken, de datum van de eerste inbreuk. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL151 |
Datum van correctie van inbreuk |
De datum waarop een in veld CREL150 gerapporteerde inbreuk is gecorrigeerd. In geval van meerdere inbreuken, de datum van de laatst gecorrigeerde inbreuk. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL152 |
Watchlistcode van servicer |
Als de onderliggende blootstelling op de watchlist van de servicer is geplaatst, moet de meest passende bijbehorende code in tabel 2 in bijlage I bij deze verordening worden vermeld. Als er verschillende criteria van toepassing zijn, moet de nadeligste code worden vermeld. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL153 |
Datum van plaatsing op watchlist van servicer |
Datum waarop is besloten een onderliggende blootstelling op de watchlist te plaatsen. Als de onderliggende blootstelling in een voorgaande periode van de watchlist is gehaald en er nu weer op wordt geplaatst, moet de nieuwe datum van opneming in de watchlist worden ingevuld. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL154 |
Verstrekker van renteswap |
Als er een renteswap van toepassing is op de onderliggende blootstelling, vermeld dan de volledige juridische naam van de verstrekker van de renteswap. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL155 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van verstrekker van renteswap |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de verstrekker van de renteswap voor de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL156 |
Vervaldatum van renteswap |
Vervaldatum van de renteswap op het niveau van de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL157 |
Notioneel bedrag van renteswap |
Het notionele bedrag van de renteswap op het niveau van de onderliggende blootstelling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL158 |
Verstrekker van valutawap |
Als er een wisselkoersswap van toepassing is op de onderliggende blootstelling, vermeld dan de volledige juridische naam van de verstrekker van de wisselkoersswap. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL159 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van verstrekker van valutaswap |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de verstrekker van de valutaswap voor de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL160 |
Vervaldatum van valutaswap |
Vervaldatum van de valutawap op het niveau van de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL161 |
Notioneel bedrag van valutaswap |
Het notionele bedrag van de valutawap op het niveau van de onderliggende blootstelling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL162 |
Wisselkoers voor swap |
De wisselkoers die is vastgesteld voor een valutaswap op het niveau van de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL163 |
Verstrekker van andere swap |
De volledige juridische naam van de verstrekker van de swap voor de onderliggende blootstelling, wanneer de swap noch een renteswap, noch een valutaswap is. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL164 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van verstrekker van andere swap |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de verstrekker van de “andere” swap voor de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL165 |
Debiteur moet verbrekingskosten betalen op een swap |
De mate waarin de debiteur verplicht is om verbrekingskosten te betalen aan de verstrekker van de swap op het niveau van de onderliggende blootstelling. Als er meerdere swaps zijn, moet de meest passende waarde worden ingevuld. Volledige schadeloosstelling door debiteur (TOTL) Gedeeltelijke schadeloosstelling door debiteur (PINO) Geen schadeloosstelling door debiteur (NOPE) |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL166 |
Gebeurtenis die leidt tot volledige of gedeeltelijke beëindiging van de swap voor de huidige periode |
Als de swap voor de onderliggende blootstelling is beëindigd tussen de vorige afsluitdatum van de gegevensinzending en de afsluitdatum van de huidige rapportageperiode, moet de reden daarvoor worden vermeld. Als er meerdere swaps zijn, moet de meest passende waarde worden ingevuld. Swap stopgezet wegens verlaging van de rating van de verstrekker van de swap op de onderliggende blootstelling (RTDW) Swap stopgezet wegens wanbetaling door de verstrekker van de swap op de onderliggende blootstelling (PYMD) Swap stopgezet wegens ander type wanbetaling door de tegenpartij van de swap op de onderliggende blootstelling (CNTD) Swap stopgezet wegens volledige of gedeeltelijke vervroegde terugbetaling door de debiteur (PRPY) Swap stopgezet wegens ander type wanbetaling door de debiteur (OBGD) Anders (OTHR) |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL167 |
Netto periodieke betaling door de verstrekker van de swap |
Nettobedrag van de door de tegenpartij van de swap op de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling verrichte betaling, op de betalingsdatum van de onderliggende blootstelling zoals vereist door de swapovereenkomst. Dit omvat geen verbrekings- of beëindigingskosten. Als er meerdere swaps zijn, moet de som van alle swaps worden ingevuld. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL168 |
Verbrekingskosten verschuldigd aan de verstrekker van de swap op de onderliggende blootstelling |
Betaling die de debiteur verschuldigd is aan de tegenpartij van de swap voor de volledige of gedeeltelijke beëindiging van de swap. Als er meerdere swaps zijn, moet de meest passende waarde worden ingevuld. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL169 |
Tekort in de betaling van verbrekingskosten op de swap |
Bedrag van een tekort, in voorkomend geval, in de verbrekingskosten ten gevolge van de volledige of gedeeltelijke beëindiging van de swap, betaald door de kredietnemer Als er meerdere swaps zijn, moet de som van alle swaps worden ingevuld. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL170 |
Door de tegenpartij van de swap verschuldigde verbrekingskosten |
Het bedrag van eventuele winsten dat door de tegenpartij van de swap wordt betaald aan de debiteur bij volledige of gedeeltelijke beëindiging. Als er meerdere swaps zijn, moet de meest passende waarde worden ingevuld. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL171 |
Volgende herzieningsdatum voor de swap |
Datum van de volgende herziening van de swap op het niveau van de onderliggende blootstelling. Als er meerdere swaps zijn, moet de meest passende waarde worden ingevuld. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL172 |
Sponsor |
De naam van de sponsor van de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL173 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van correspondentbank van syndicaat |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de correspondentbank van het syndicaat, d.w.z. de entiteit die optreedt als intermediair tussen de debiteur en de leninggevende partijen die betrokken zijn bij de door een syndicaat verstrekte onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL174 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van servicer |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de servicer van de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL175 |
Naam van servicer |
De volledige juridische naam van de servicer van de onderliggende blootstelling. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL176 |
Naam van initiator |
De volledige juridische naam van de initiator van de onderliggende blootstelling. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL177 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van initiator |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de initiator van de onderliggende blootstelling. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL178 |
Land van vestiging van initiator |
Land waar de initiator van de onderliggende blootstelling is gevestigd. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL179 |
Naam van oorspronkelijke kredietverstrekker |
De volledige juridische naam van de oorspronkelijke kredietverstrekker. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL180 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van oorspronkelijke kredietverstrekker |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de oorspronkelijke kredietverstrekker. Indien er geen LEI beschikbaar is, vul dan ND5 in. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREL181 |
Land van vestiging van oorspronkelijke kredietverstrekker |
Land waar de oorspronkelijke kredietverstrekker is gevestigd. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Informatie op het niveau van onderpand |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC1 |
Unieke identificatiecode |
Vermeld hier dezelfde unieke identificatiecode als in veld CREL1. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC2 |
Identificatiecode van onderliggende blootstelling |
Unieke identificatiecode van de onderliggende blootstelling. Deze code moet overeenkomen met de identificatiecode die is ingevuld in veld CREL5. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC3 |
Oorspronkelijke identificatiecode van onderpand |
De oorspronkelijk aan het onderpand toegekende identificatiecode. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC4 |
Nieuwe identificatiecode van onderpand |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld CREC3 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld CREC3. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC5 |
Onderpandtype |
Het (wat waarde betreft) primaire activumtype waar de schuld door wordt gedekt. Wanneer er een door fysiek of financieel onderpand gedekte garantie is, kijk dan door de garantie heen naar een onderpand dat de garantie zou kunnen ondersteunen. Auto (CARX) Industrieel voertuig (INDV) Bedrijfsvrachtwagen (CMTR) Spoorvoertuig (RALV) Nautisch bedrijfsvoertuig (NACM) Nautisch recreatievoertuig (NALV) Vliegtuig (AERO) Werktuigmachine (MCHT) Industriële apparatuur (INDE) Kantooruitrusting (OFEQ) IT-apparatuur (ITEQ) Medische apparatuur (MDEQ) Energiegerelateerde apparatuur (ENEQ) Gebouw voor commerciële doeleinden (CBLD) Residentieel gebouw (RBLD) Industrieel gebouw (IBLD) Ander voertuig (OTHV) Andere apparatuur (OTHE) Ander vastgoed (OTRE) Andere goederen of inventaris (OTGI) Effecten (SECU) Garantie (GUAR) Andere financiële activa (OTFA) Gemengde categorieën van zekerheid voor alle bezittingen van de debiteur (MIXD) Anders (OTHR) |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC6 |
Naam van eigendom |
De naam van het eigendom dat dient als zekerheid voor de onderliggende blootstelling. Als het gerapporteerde onderpand geen vastgoed is, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC7 |
Adres van eigendom |
Het adres van het eigendom dat dient als zekerheid voor de onderliggende blootstelling. Als het gerapporteerde onderpand geen vastgoed is, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC8 |
Geografische regio — onderpand |
De geografische regio (NUTS3-classificatie) waar het fysieke onderpand zich bevindt. Wanneer Eurostat geen NUTS3-classificatie heeft opgesteld (bv. in geval van een rechtsgebied buiten de EU), vul dan de tweecijferige landcode in ({COUNTRYCODE_2}), gevolgd door “ZZZ”. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC9 |
Postcode van eigendom |
De postcode van het primaire eigendom. Als het gerapporteerde onderpand geen vastgoed is, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC10 |
Pandrecht |
Hoogste pandrechtpositie van de initiator met betrekking tot het onderpand. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC11 |
Status van eigendom |
Status van eigendom:
Als het gerapporteerde onderpand geen vastgoed is, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC12 |
Type vastgoed |
Type vastgoed:
Als het gerapporteerde onderpand geen vastgoed is, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC13 |
Eigendomsvorm |
De betrokken eigendomsvorm. Alleen een grondpacht, waarbij de debiteur doorgaans eigenaar is van een gebouw of verplicht is te bouwen zoals vermeld in de pachtovereenkomst. Deze vormen zijn doorgaans gebaseerd op langlopende nettopachtovereenkomsten; de rechten en verplichtingen van de debiteur blijven bestaan tot de pacht vervalt of wordt beëindigd wegens wanbetaling:
Als het gerapporteerde onderpand geen vastgoed is, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC14 |
Huidige taxatiedatum |
De datum van de meest recente taxatie. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC15 |
Huidig taxatiebedrag |
De meest recente waarde van het eigendom zoals geschat door een onafhankelijke externe of interne taxateur; als een dergelijke taxatie niet beschikbaar is, kan de huidige waarde van het eigendom worden geschat met behulp van een voldoende granulaire vastgoedwaarde-index voor de geografische locatie en het eigendomstype; indien er ook geen vastgoedwaarde-index voorhanden is, kan een voldoende granulaire vastgoedprijsindex voor de geografische locatie en het eigendomstype worden gebruikt na toepassing van een passende korting voor de waardevermindering van het eigendom. Als het gerapporteerde onderpand geen vastgoed is, vul dan de meest recente waarde van het onderpand in zoals geschat door een onafhankelijke externe of interne taxateur, of, indien die niet beschikbaar is, zoals geschat door de initiator. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC16 |
Huidige taxatiemethode |
De meest recente methode voor de berekening van de waarde van het onderpand als ingevuld in veld CREC15. Volledige interne en externe inspectie (FALL) Volledige externe inspectie (FEXT) Langsrijden (DRVB) Geautomatiseerd taxatiemodel (AUVM) Geïndexeerd (IDXD) Desktop (DKTP) Beheer- of vastgoedagent (MAEA) Belastingdienst (TXAT) Anders (OTHR) |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC17 |
Huidige taxatiegrondslag |
De meest recente taxatiesgrondslag:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC18 |
Oorspronkelijke taxatiemethode |
De gebruikte methode voor het berekenen van de waarde van het onderpand bij de initiëring van de onderliggende blootstelling:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC19 |
Datum van securitisatie van onderpand |
Datum waarop het eigendom/onderpand als zekerheid is gesteld voor de onderliggende blootstelling. Als dit eigendom/onderpand is vervangen, vul dan de datum van vervanging in. Als het eigendom/onderpand onderdeel van de oorspronkelijke securitisatie was, is dit de datum van securitisatie. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC20 |
Toegewezen percentage van onderliggende blootstelling op securitisatiedatum |
Toegewezen percentage van de onderliggende blootstelling dat op de securitisatiedatum aan het eigendom/onderpand kan worden toegeschreven wanneer meer dan één eigendom/onderpand dient als zekerheid voor de onderliggende blootstelling. Dit kan worden vastgelegd in de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling, en anders kan dit worden bepaald op basis van het nettobedrijfsresultaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC21 |
Huidig toegewezen percentage van onderliggende blootstelling |
Toegewezen percentage van de onderliggende blootstelling dat op de betalingsdatum voor de onderliggende blootstelling aan het onderpand kan worden toegeschreven. Als er meerdere onderpanden dienen als zekerheid voor de onderliggende blootstelling, is de som van alle percentages 100 %. Dit kan worden vastgelegd in de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling, en anders kan dit worden bepaald op basis van het nettobedrijfsresultaat). |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC22 |
Taxatie bij securitisatie |
De taxatie van het eigendom/onderpand dat als zekerheid dient voor de onderliggende blootstelling op de securitisatiedatum zoals beschreven in het prospectus. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC23 |
Naam van taxateur bij securitisatie |
Naam van de taxatiefirma die het eigendom/onderpand heeft getaxeerd bij de securitisatie. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC24 |
Datum van taxatie bij securitisatie |
De datum waarop de taxatie is opgesteld voor de in het prospectus bekendgemaakte waarden. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC25 |
Bouwjaar |
Het jaar waarin het eigendom is gebouwd volgens het taxatierapport of prospectus. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC26 |
Jaar van laatste renovatie |
Jaar waarin de laatste renovatie/nieuwbouw op het eigendom is voltooid volgens het taxatierapport of het document inzake de onderliggende blootstelling. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC27 |
Aantal eenheden |
Voor vastgoedtype meergezinswoning wordt het aantal eenheden ingevuld, voor horeca/hotel/gezondheidszorg het aantal bedden, voor caravanterrein het aantal eenheden, voor accommodatie het aantal kamers, voor opslagruimte het aantal eenheden. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC28 |
Netto vierkante meter |
De totale netto verhuurbare oppervlakte in vierkante meter van het eigendom dat dient als zekerheid voor de onderliggende blootstelling volgens het meest recente taxatierapport. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC29 |
Ruimte voor commerciële doeleinden |
De totale netto verhuurbare oppervlakte voor commerciële doeleinden in vierkante meter van het eigendom dat dient als zekerheid voor de onderliggende blootstelling volgens het meest recente taxatierapport. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC30 |
Woonruimte |
De totale netto verhuurbare woonruimte in vierkante meter van het eigendom dat dient als zekerheid voor de lening volgens het meest recente taxatierapport. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC31 |
Netto gevalideerde vloeroppervlakte binnen |
Heeft de taxateur (in het meest recente taxatierapport) de nettovloeroppervlakte binnen gecontroleerd? |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC32 |
Bezettingsgraad op datum |
Datum van het laatste ontvangen pachtregister of de laatste ontvangen huurderslijst. Voor horeca (hotels) en gezondheidszorg wordt gebruikgemaakt van de gemiddelde bezettingsgraad over de periode waarvoor de financiële overzichten worden gegeven. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC33 |
Economische bezettingsgraad bij securitisatie |
Het percentage verhuurbare ruimte met ondertekend huurcontract op de securitisatiedatum indien bekendgemaakt in het prospectus (de huurders hoeven het eigendom niet te betrekken maar moeten wel huur betalen). |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC34 |
Fysieke bezettingsgraad bij securitisatie |
Het beschikbare percentage verhuurbare ruimte dat effectief bezet is op de securitisatiedatum (d.w.z. waar feitelijk huurders aanwezig zijn, en geen leegstand), indien bekendgemaakt in het prospectus. Moet worden afgeleid van een pachtregister of een ander document waarin de bezettingsgraad wordt aangegeven en dat strookt met de informatie voor het meest recente boekjaar. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC35 |
Waarde van leegstaande bezittingen op securitisatiedatum |
Waarde van leegstaande bezittingen op de securitisatiedatum. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC36 |
Datum van financiële gegevens bij securitisatie |
De einddatum van de financiële gegevens voor de informatie die in het prospectus wordt gebruikt (bv. YTD, jaarlijks, driemaandelijks of de voorbije twaalf maanden). |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC37 |
Nettobedrijfsresultaat bij securitisatie |
Inkomsten minus operationele kosten op securitisatiedatum. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC38 |
Meest recente financiële gegevens op begindatum |
De eerste dag van de periode waarop het meest recente beschikbare financiële overzicht betrekking heeft (bv. maandelijks, driemaandelijks, YTD of de voorbije twaalf maanden). |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC39 |
Meest recente financiële gegevens op einddatum |
De einddatum van de financiële gegevens die worden gebruikt voor het meest recente financiële overzicht (bv. maandelijks, driemaandelijks, YTD of de voorbije twaalf maanden). |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC40 |
Meest recente inkomsten |
Totale inkomsten voor de periode waarop het meest recente beschikbare financiële overzicht voor het eigendom betrekking heeft (bv. maandelijks, driemaandelijks, YTD of de voorbije twaalf maanden). Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC41 |
Meest recente operationele kosten |
Totale operationele kosten voor de periode waarop het meest recente beschikbare financiële overzicht voor het eigendom betrekking heeft (bv. maandelijks, driemaandelijks, YTD of de voorbije twaalf maanden). Dit zijn onder meer vastgoedbelastingen, verzekeringen, beheer, nutsvoorzieningen, onderhoud en reparaties en rechtstreekse eigendomskosten voor de eigenaar; exclusief kapitaaluitgaven en huurprovisies. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC42 |
Meest recente kapitaaluitgaven |
Totale kapitaaluitgaven (in tegenstelling tot reparaties en onderhoud) voor de periode waarop het meest recente beschikbare financiële overzicht voor het eigendom betrekking heeft (bv. maandelijks, driemaandelijks, YTD of de voorbije twaalf maanden). Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC43 |
Verschuldigde erfpacht |
Als een eigendom pachtbezit is, vermeld dan het huidige jaarlijkse pachtgeld dat verschuldigd is aan de verhuurder. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC44 |
Gewogen gemiddelde huurtermijnen |
Gewogen gemiddelde huurtermijnen uitgedrukt in jaren, waarbij als gewichten de meest recente beschikbare uitstaande huurwaarden worden genomen. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC45 |
Vervaldatum van pachtbezit |
De vroegste datum waarop het pachtbezit vervalt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC46 |
Contractuele jaarlijkse huurinkomsten |
De contractuele jaarlijkse huurinkomsten zoals afgeleid uit de meest recente huurderslijst van de debiteur. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC47 |
Over 1 tot twaalf maanden vervallende inkomsten |
Percentage inkomsten dat over 1 tot twaalf maanden komt te vervallen. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC48 |
Over 13 tot 24 maanden vervallende inkomsten |
Percentage inkomsten dat over 13 tot 24 maanden komt te vervallen. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC49 |
Over 25 tot 36 maanden vervallende inkomsten |
Percentage inkomsten dat over 25 tot 36 maanden komt te vervallen. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC50 |
Over 37 tot 48 maanden vervallende inkomsten |
Percentage inkomsten dat over 37 tot 48 maanden komt te vervallen. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CREC51 |
Over 49+ maanden vervallende inkomsten |
Percentage inkomsten dat over 49 of meer maanden komt te vervallen. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Informatie op het niveau van huurder |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRET1 |
Unieke identificatiecode |
Vermeld hier dezelfde unieke identificatiecode als in veld CREL1. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRET2 |
Identificatiecode van onderliggende blootstelling |
Unieke identificatiecode van de onderliggende blootstelling. Deze code moet overeenkomen met de identificatiecode die is ingevuld in veld CREL5. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRET3 |
Identificatiecode van onderpand |
Unieke identificatiecode van het onderpand Om “mapping” mogelijk te maken, moet dit veld overeenkomen met veld CREC4. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRET4 |
Identificatiecode van huurder |
Unieke identificatiecode van de huurder. De identificatiecode moet verschillen van externe identificatiecodes teneinde de anonimiteit van de debiteur te garanderen. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRET5 |
Naam van huurder |
De naam van de huidige huurder. Als de huurder een natuurlijke persoon is, moet dit veld overeenkomen met veld CRET4. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRET6 |
NACE-sectorcode |
NACE-code van de sector verhuur als vermeld in Verordening (EG) nr. 1893/2006 van het Europees Parlement en de Raad (1). |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRET7 |
Vervaldatum van huurovereenkomst |
Vervaldatum van de huurovereenkomst met de huidige huurder. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRET8 |
Verschuldigde huur |
Jaarlijkse huur die door de huidige huurder is verschuldigd. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRET9 |
Valuta van huur |
De munteenheid waarin de huur is uitgedrukt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
(1) Verordening (EG) nr. 1893/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 20 december 2006 tot vaststelling van de statistische classificatie van economische activiteiten NACE Rev. 2 en tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 3037/90 en enkele EG-verordeningen op specifieke statistische gebieden (PB L 393 van 30.12.2006, blz. 1).
BIJLAGE IV
INFORMATIE OVER ONDERLIGGENDE BLOOTSTELLINGEN — CORPORATE
|
Veldcode |
Veldnaam |
Te rapporteren inhoud |
ND1-ND4 toegestaan? |
ND5 toegestaan? |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Informatie over onderliggende blootstellingen |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL1 |
Unieke identificatiecode |
De unieke identificatiecode die door de rapporterende entiteit is toegekend overeenkomstig artikel 11, lid 1, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/1224 van de Commissie . |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL2 |
Oorspronkelijke identificatiecode van onderliggende blootstelling |
Unieke identificatiecode van de onderliggende blootstelling. De identificatiecode moet verschillen van externe identificatiecodes teneinde de anonimiteit van de debiteur te garanderen. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL3 |
Nieuwe identificatiecode van onderliggende blootstelling |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld CRPL2 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld CRPL2. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL4 |
Oorspronkelijke identificatiecode van debiteur |
Oorspronkelijke unieke identificatiecode van de debiteur. De identificatiecode moet verschillen van externe identificatiecodes teneinde de anonimiteit van de debiteur te garanderen. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL5 |
Nieuwe identificatiecode van debiteur |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld CRPL4 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld CRPL4. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL6 |
Afsluitdatum van gegevensinzending |
De afsluitdatum van deze gegevensinzending. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL7 |
Datum van toevoeging aan pool |
De datum waarop de onderliggende blootstelling is overgedragen aan de SSPE. Voor alle onderliggende blootstellingen in de pool per de afsluitdatum zoals vermeld in het eerste bij het securitisatieregister ingediende verslag; indien deze informatie niet beschikbaar is, vul dan de sluitingsdatum van de securitisatie in of, als deze later is, de datum van initiëring van de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL8 |
Datum van terugkoop |
Datum waarop de onderliggende blootstelling is teruggekocht uit de pool. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL9 |
Datum van aflossing |
De datum van terugbetaling van de rekening of (voor onderliggende blootstellingen waarop wanbetaling heeft plaatsgevonden) de datum waarop het aflossingsproces is voltooid. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL10 |
Geografische regio — debiteur |
De geografische regio (NUTS3-classificatie) waar de debiteur is gevestigd. Wanneer Eurostat geen NUTS3-classificatie heeft opgesteld (bv. in geval van een rechtsgebied buiten de EU), vul dan de tweecijferige landcode in ({COUNTRYCODE_2}), gevolgd door “ZZZ”. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL11 |
Geografische regio — classificatie |
Vul het jaar van de voor de velden voor de geografische regio gebruikte NUTS3-classificatie in, bv. 2013 voor NUTS3 2013. In alle velden voor de geografische regio moet consequent dezelfde classificatie worden gebruikt voor elke onderliggende blootstelling en voor alle onderliggende blootstellingen in de gegevensinzending. Het gebruik van NUTS3 2006 in sommige velden voor de geografische regio met betrekking tot een gegeven onderliggende blootstelling en NUTS3 2013 in andere velden met betrekking tot dezelfde blootstelling is bijvoorbeeld niet toegestaan. Evenzo is het gebruik van NUTS3 2006 in de velden voor de geografische regio voor sommige onderliggende blootstellingen en NUTS3 2013 voor andere onderliggende blootstellingen in dezelfde gegevensinzending niet toegestaan. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL12 |
Debiteur met aangetaste kredietwaardigheid |
Bevestig dat, overeenkomstig artikel 20, lid 11, van Verordening (EU) 2017/2402, deze onderliggende blootstelling op het moment van selectie voor overdracht aan de SSPE geen blootstelling was waarbij sprake was van wanbetaling in de zin van artikel 178, lid 1, van Verordening (EU) nr. 575/2013, of een blootstelling met betrekking tot een debiteur of garantiegever met aangetaste kredietwaardigheid die, voor zover de initiator of de oorspronkelijke kredietverstrekker bekend:
Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL13 |
Cliënttype |
Type cliënt bij initiëring:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL14 |
NACE-sectorcode |
NACE-code van sector kredietverstrekking als vermeld in Verordening (EG) nr. 1893/2006 van het Europees Parlement en de Raad. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL15 |
Bazel III-debiteurensegment |
Bazel III-debiteurensegment:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL16 |
Omvang onderneming |
Classificatie van ondernemingen naar omvang, overeenkomstig de bijlage bij Aanbeveling 2003/361/EG van de Commissie:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL17 |
Inkomsten |
Jaarlijkse omzet na alle kortingen en omzetbelasting van de debiteur overeenkomstig Aanbeveling 2003/361/EG. Equivalent aan het begrip “totale jaaromzet” in artikel 153, lid 4, van Verordening (EU) nr. 575/2013. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL18 |
Totale schuld |
Totale brutoschuld van de debiteur, inclusief de financiering die is verstrekt in de onderhavige onderliggende blootstelling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL19 |
Ebitda |
Recurrente bedrijfswinst uit voortgezette bedrijfsactiviteiten plus rente, belastingen, afschrijving en aflossing. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL20 |
Waarde van de onderneming |
Waarde van de onderneming, d.w.z. marktkapitalisatie plus schuld, minderheidsbelang en preferente aandelen, minus geldmiddelen en kasequivalenten. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL21 |
Vrije kasstroom |
Netto-inkomsten plus mutaties anders dan in geld plus rente (1 — belastingtarief) plus langlopende investeringen minus investeringen in werkkapitaal. Mutaties anders dan in geld omvatten afschrijvingen, aflossing, depletie, op aandelen gebaseerde vergoedingen en bijzondere waardevermindering van activa. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL22 |
Datum financiële overzichten |
De datum van de financiële informatie (bv. ebitda) over de debiteur van deze onderliggende blootstelling. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL23 |
Valuta van financiële verslaglegging |
De munteenheid waarin de informatie in de financiële overzichten is uitgedrukt. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL24 |
Type schuld |
Type schuld:
|
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL25 |
Gesecuritiseerde kortlopende vorderingen |
Met deze onderliggende blootstelling verbonden kortlopende vorderingen die zijn gesecuritiseerd:
|
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL26 |
Internationaal effectenidentificatienummer (ISIN) |
De ISIN-code die aan deze onderliggende blootstelling is toegekend, indien van toepassing. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL27 |
Rangorde |
Rangorde van het schuldinstrument:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL28 |
Verstrekking door syndicaat |
Is de onderliggende blootstelling verstrekt door een syndicaat? |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL29 |
Transactie met hefboom |
Is de onderliggende blootstelling een transactie met hefboom als gedefinieerd in https://www.bankingsupervision.europa.eu/ecb/pub/pdf/ssm.leveraged_transactions_guidance_201705.en.pdf? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL30 |
Beheerd door Collateralised Loan Obligation (CLO) |
Wordt de onderliggende blootstelling ook beheerd door de CLO-beheerder? |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL31 |
Betaling in natura |
Wordt op de onderliggende blootstelling momenteel in natura betaald? (d.w.z. dat de rente wordt betaald in de vorm van gekapitaliseerde hoofdsom) |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL32 |
Bijzondere regeling |
Indien op de onderliggende blootstelling een bijzondere regeling voor de publieke sector van toepassing is, geef hier dan de volledige naam (zonder afkortingen) van de regeling. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL33 |
Datum van initiëring |
Datum van de betaling van het voorschot op de oorspronkelijke onderliggende blootstelling. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL34 |
Vervaldatum |
Datum waarop de onderliggende blootstelling of de lease vervalt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL35 |
Kanaal van initiëring |
Kanaal voor de initiëring van de onderliggende blootstelling:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL36 |
Doel |
Doel van de onderliggende blootstelling:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL37 |
Munteenheid |
De munteenheid waarin de onderliggende blootstelling is uitgedrukt. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL38 |
Oorspronkelijk kapitaalsaldo |
Oorspronkelijk saldo van de onderliggende blootstelling (inclusief vergoedingen). Dit is het saldo van de onderliggende blootstelling op de datum van initiëring van de onderliggende blootstelling, niet de datum van verkoop van de onderliggende blootstelling aan de SSPE of de sluitingsdatum van de securitisatie. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL39 |
Huidig kapitaalsaldo |
Uitstaand bedrag van de onderliggende blootstelling op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Dit omvat bedragen die in de securitisatie als kapitaal worden aangemerkt. Indien er bijvoorbeeld vergoedingen zijn toegevoegd aan het saldo van de onderliggende blootstelling en die vergoedingen zijn onderdeel van het kapitaal in de securitisatie, dan moeten deze worden toegevoegd. Achterstallige rentebetalingen en boeten zijn hiervan uitgezonderd. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL40 |
Eerdere kapitaalsaldo’s |
Totale saldo’s met een hogere rangorde dan deze onderliggende blootstelling (met inbegrip van bij andere kredietverstrekkers aangehouden blootstellingen). Indien er geen eerdere saldo’s zijn, vul dan 0 in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL41 |
Marktwaarde |
Vul voor CLO-securitisaties de marktwaarde van de zekerheid in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL42 |
Totale kredietlimiet |
Voor onderliggende blootstellingen die worden gekenmerkt door flexibel herlenen (met inbegrip van revolveerkenmerken) of wanneer het maximumbedrag van de onderliggende blootstelling niet volledig is opgenomen — het maximaal mogelijke uitstaande bedrag van de onderliggende blootstelling. Dit veld moet alleen worden ingevuld voor onderliggende blootstellingen met flexibele of andere hernieuwingskenmerken. Dit is niet bedoeld voor gevallen waarin de debiteur kan heronderhandelen over een verhoging van het saldo van een onderliggende blootstelling, maar voor gevallen waarin contractueel is vastgelegd dat de debiteur dit kan doen en de kredietverstrekker de aanvullende financiering kan verstrekken. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL43 |
Aankoopprijs |
De prijs, ten opzichte van de nominale waarde, waartegen de onderliggende blootstelling door de SSPE is gekocht. Vul 100 in indien geen discontering is toegepast. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL44 |
Datum van putoptie |
Als er een optie tot terugverkoop van de onderliggende blootstelling is, vermeld dan de datum waarop de optie kan worden uitgeoefend. Als de datum onbekend is (bv. als de optie een Amerikaanse optie is), vul dan 31 december 2099 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL45 |
Uitoefenprijs van putoptie |
Als er een optie tot terugverkoop van de onderliggende blootstelling is, vermeld dan de uitoefenprijs van de putoptie. Als de uitoefenprijs variabel is (bv. als de optie een lookback-optie is), vermeld dan de beste schatting van de uitoefenprijs op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL46 |
Aflossingstype |
Type aflossing van de onderliggende blootstelling met inbegrip van kapitaal en rente. Frans — d.w.z. aflossing waarbij het totale bedrag (kapitaal plus rente) dat elke termijn wordt terugbetaald steeds gelijk is. (FRXX) Duits — d.w.z. aflossing waarbij de eerste aflossingstermijn uitsluitend rente omvat en het bedrag van de overige termijnen constant is, met inbegrip van kapitaalaflossing en rente. (DEXX) Vast aflossingsschema — d.w.z. aflossing waarbij het af te lossen bedrag van het kapitaal steeds gelijk is. (FIXE) Bullet — d.w.z. aflossing waarbij het volledige kapitaal in de laatste aflossingstermijn wordt terugbetaald. (BLLT) Anders (OTHR) |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL47 |
Einddatum van aflossingsvrije periode voor kapitaal |
Indien van toepassing per de afsluitdatum van de gegevensinzending, vermeld dan de einddatum van de aflossingsvrije periode voor het kapitaal. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL48 |
Geplande frequentie van kapitaalaflossingen |
Frequentie van de verschuldigde kapitaalaflossingen, d.w.z. de periode tussen de aflossingen:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL49 |
Geplande frequentie van rentebetalingen |
Frequentie van de verschuldigde rentebetalingen, d.w.z. de periode tussen de betalingen:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL50 |
Verschuldigde betaling |
Dit is de volgende contractueel verschuldigde betaling overeenkomstig de betalingsfrequentie van de onderliggende blootstelling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL51 |
Ballonbedrag |
Totaalbedrag van de op de vervaldag van de onderliggende blootstelling te betalen aflossing van het (gesecuritiseerde) kapitaal. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL52 |
Rentevoettype |
Rentevoettype:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL53 |
Huidige rentevoet |
Brutorentevoet per jaar die wordt gebruikt om de voor de huidige periode voorziene rente op de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling te berekenen. Per periode berekende rentevoeten moeten worden geannualiseerd. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL54 |
Huidige rente-index |
De basisreferentie-index die momenteel wordt toegepast (referentierente op basis waarvan de rentevoet wordt vastgesteld):
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL55 |
Looptijd (“tenor”) van huidige rente-index |
Looptijd (“tenor”) van de huidige rente-index:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL56 |
Huidige rentevoetmarge |
De huidige rentevoetmarge van de onderliggende blootstelling met variabele rente boven (of onder, in welk geval een negatief getal wordt ingevoerd) het indextarief. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL57 |
Interval voor herziening van rentevoet |
Aantal maanden tussen elke datum waarop de rentevoet op de onderliggende blootstelling wordt aangepast. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL58 |
Rentevoetplafond |
Maximumtarief dat de debiteur moet betalen op een onderliggende blootstelling met variabele rente overeenkomstig de voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL59 |
Rentevoetbodem |
Minimumtarief dat de debiteur moet betalen op een onderliggende blootstelling met variabele rente overeenkomstig de voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL60 |
Herzieningsmarge 1 |
De marge voor de onderliggende blootstelling op de eerste herzieningsdatum. Dit heeft uitsluitend betrekking op contractuele wijzigingen van de marge (bv. van +50 bp naar +100 bp) of van de onderliggende index (bv. van 3-maands Euribor naar 1-maands Euribor) die wordt gebruikt voor de berekening van de rentevoet. Dit veld heeft geen betrekking op de datum waarop de index periodiek wordt aangepast (bv. door elke maand 1-maands Euribor vast te stellen). In dit veld moet de volledige herzieningsmarge worden ingevoerd, niet de verandering van de marge. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL61 |
Renteherzieningsdatum 1 |
Eerstvolgende datum waarop de rentevoet verandert (bv. discontomarge verandert, vaste periode eindigt, onderliggende blootstelling wordt herschikt enz. Dit is niet de volgende datum waarop de Libor/Euribor/index wordt aangepast). |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL62 |
Herzieningsmarge 2 |
De marge voor de onderliggende blootstelling op de tweede herzieningsdatum. Dit heeft uitsluitend betrekking op contractuele wijzigingen van de marge (bv. van +50 bp naar +100 bp) of van de onderliggende index (bv. van 3-maands Euribor naar 1-maands Euribor) die wordt gebruikt voor de berekening van de rentevoet. Dit veld heeft geen betrekking op de datum waarop de index periodiek wordt aangepast (bv. door elke maand 1-maands Euribor vast te stellen). In dit veld moet de volledige herzieningsmarge worden ingevoerd, niet de verandering van de marge. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL63 |
Renteherzieningsdatum 2 |
Datum van de tweede herziening van de rentevoet (bv. discontomarge verandert, vaste periode eindigt, onderliggende blootstelling wordt herschikt enz. Dit is niet de volgende datum waarop de Libor/Euribor/index wordt aangepast). |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL64 |
Herzieningsmarge 3 |
De marge voor de onderliggende blootstelling op de derde herzieningsdatum. Dit heeft uitsluitend betrekking op contractuele wijzigingen van de marge (bv. van +50 bp naar +100 bp) of van de onderliggende index (bv. van 3-maands Euribor naar 1-maands Euribor) die wordt gebruikt voor de berekening van de rentevoet. Dit veld heeft geen betrekking op de datum waarop de index periodiek wordt aangepast (bv. door elke maand 1-maands Euribor vast te stellen). In dit veld moet de volledige herzieningsmarge worden ingevoerd, niet de verandering van de marge. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL65 |
Renteherzieningsdatum 3 |
Datum van de derde herziening van de rentevoet (bv. discontomarge verandert, vaste periode eindigt, onderliggende blootstelling wordt herschikt enz. Dit is niet de volgende datum waarop de Libor/Euribor/index wordt aangepast). |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL66 |
Herziene rente-index |
De volgende rente-index. MuniAAA (MAAA) FutureSWAP (FUSW) LIBID (LIBI) Libor (LIBO) SWAP (SWAP) Treasury (TREA) Euribor (EURI) Pfandbriefe (PFAN) EONIA (EONA) EONIASwaps (EONS) EURODOLLAR (EUUS) EuroSwiss (EUCH) TIBOR (TIBO) ISDAFIX (ISDA) GCFRepo (GCFR) STIBOR (STBO) BBSW (BBSW) JIBAR (JIBA) BUBOR (BUBO) CDOR (CDOR) CIBOR (CIBO) MOSPRIM (MOSP) NIBOR (NIBO) PRIBOR (PRBO) TELBOR (TLBO) WIBOR (WIBO) Basistarief van de Bank of England (BOER) Basistarief van de Europese Centrale Bank (ECBR) Eigen tarief van kredietverstrekker (LDOR) Anders (OTHR) |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL67 |
Looptijd herziene rente-index |
Looptijd (“tenor”) van de volgende rente-index:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL68 |
Aantal betalingen vóór securitisatie |
Vul het aantal betalingen in dat is verricht vóór de overdracht van de blootstelling aan de securitisatie. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL69 |
Percentage aan per jaar toegestane vervroegde terugbetalingen |
Percentage vervroegde terugbetalingen dat per jaar is toegestaan voor het product. Dit is voor onderliggende blootstellingen waarvoor een bepaalde drempel voor vervroegde terugbetalingen (bv. 10 %) is toegestaan voordat een boete wordt opgelegd. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL70 |
Einddatum verbodsperiode vervroegde terugbetaling |
De datum waarna de kredietverstrekker vervroegde terugbetaling van de lening toestaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL71 |
Vergoeding voor vervroegde terugbetaling |
Van de debiteur geïnd bedrag als vergoeding/boete voor het verrichten van vervroegde betalingen overeenkomstig de voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling. Hierin dienen geen bedragen te worden opgenomen die zijn betaald als “inbreukkosten” ter compensatie van rentebetalingen tot de betalingsdatum voor de onderliggende blootstelling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL72 |
Einddatum vergoeding voor vervroegde terugbetaling |
De datum waarop de kredietverstrekker vervroegde terugbetaling van de onderliggende blootstelling toestaat zonder te eisen dat een vergoeding voor vervroegde terugbetaling wordt betaald. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL73 |
Datum vervroegde terugbetaling |
De meest recente datum waarop een niet-geplande kapitaalbetaling is ontvangen. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL74 |
Cumulatieve vervroegde terugbetalingen |
Totale per de afsluitdatum van de gegevensinzending geïnde vervroegde terugbetalingen (vervroegde terugbetalingen gedefinieerd als niet-geplande kapitaalbetalingen) sinds de datum van initiëring van de onderliggende blootstelling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL75 |
Herstructureringsdatum |
De datum waarop de onderliggende blootstelling is geherstructureerd. Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. Indien er meerdere datums zijn, moeten alle datums worden verstrekt overeenkomstig het XML-schema. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL76 |
Laatste datum betalingsachterstand |
Datum waarop de debiteur voor het laatst een betalingsachterstand had. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL77 |
Saldo van achterstallige bedragen |
Huidig saldo van achterstallige bedragen, gedefinieerd als:
Indien er geen achterstallige betalingen zijn, vul dan 0 in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL78 |
Aantal dagen achterstallig |
Aantal dagen waarop de onderliggende blootstelling achterstallig is (rente of kapitaal, en als deze van elkaar verschillen, de hoogste van de twee aantallen) per de afsluitdatum van de pool. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL79 |
Rekeningstatus |
Huidige status van de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling:
Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL80 |
Reden voor wanbetaling of executie |
Indien er met betrekking tot de onderliggende blootstelling sprake is van wanbetaling overeenkomstig artikel 178 van Verordening (EU) nr. 575/2013, selecteer de passende reden:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL81 |
Bedrag van wanbetaling |
Totaal brutobedrag van wanbetaling vóór toepassing van verkoopopbrengsten en terugvorderingen. Als er geen sprake van wanbetaling is, vul dan 0 in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL82 |
Wanbetalingsdatum |
De datum van de wanbetaling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL83 |
Toegerekende verliezen |
De toegerekende verliezen tot heden, na aftrek van vergoedingen, opgebouwde rente enz. en na toepassing van verkoopopbrengsten en terugvorderingen (met uitzondering van premies op vervroegde betalingen indien achtergesteld bij terugvorderingen van kapitaal). Verkoopwinsten dienen te worden vermeld als negatief getal. Moet de meest recente situatie per de afsluitdatum van de gegevensinzending weergeven, d.w.z. naarmate terugvorderingen worden geïnd en de oplossingsprocedure voortschrijdt. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL84 |
Cumulatieve terugvorderingen |
Totaal aan terugvorderingen (ongeacht de bron ervan) op de schuld (met wanbetaling, als oninbaar geboekt enz.), exclusief kosten. Omvat alle bronnen van terugvorderingen, niet alleen de opbrengsten van de afstoting van onderpand. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL85 |
Terugvorderingsbron |
De bron van de terugvorderingen:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL86 |
Verhaal |
Kan er voor deze onderliggende blootstelling (volledig of gedeeltelijk) verhaal worden gehaald via de bezittingen van de debiteur, bovenop de opbrengsten van onderpand? |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL87 |
Depositobedrag |
De som van alle door de initiator of verkoper aangehouden bedragen van de debiteur die potentieel kunnen worden verrekend met het saldo van de onderliggende blootstelling, met uitzondering van de baten van een nationale schadeloosstellingsregeling voor deposito’s. Om dubbeltelling te voorkomen, kan dit worden gemaximeerd op het laagste van 1) het depositobedrag, en 2) het maximale potentieel verrekenbare bedrag op het niveau van de debiteur (en dus niet op het niveau van de onderliggende blootstelling) binnen de pool. Het bedrag van de aanbetaling moet luiden in dezelfde valuta als die welke is gebruikt voor de onderliggende blootstelling. Als een debiteur meer dan één onderliggende blootstelling heeft uitstaan in de pool, moet dit veld worden ingevuld voor elke onderliggende blootstelling, en het is aan de rapporterende entiteit om te besluiten hoe het depositobedrag wordt verdeeld over die onderliggende blootstellingen, met inachtneming van het hierboven bedoelde plafond en zolang de totale posten voor dit veld, voor de diverse onderliggende blootstellingen, optellen tot het juiste bedrag. Als de debiteur bijvoorbeeld een depositosaldo van 100 EUR heeft en twee onderliggende blootstellingen heeft uitstaan in de pool, van respectievelijk 60 en 75 EUR. Dit veld kan worden ingevuld als ofwel onderliggende blootstelling 1 - 60 EUR en onderliggende blootstelling 2 - 40 EUR, ofwel onderliggende blootstelling 1 - 25 EUR en onderliggende blootstelling 2 - 75 EUR (d.w.z. dat het relatieve bedrag dat moet worden ingevuld in dit veld voor elke onderliggende blootstelling wordt gemaximeerd op 60 EUR voor onderliggende blootstelling 1 en op 75 EUR voor onderliggende blootstelling 2 en de som van de waarden voor onderliggende blootstelling 1 en onderliggende blootstelling 2 gelijk moet zijn aan 100 EUR). Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL88 |
Notioneel bedrag van renteswap |
Als er een renteswap van toepassing is op de onderliggende blootstelling, vul dan het notionele bedrag van de swap in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL89 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van verstrekker van renteswap |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de verstrekker van de renteswap voor de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL90 |
Verstrekker van renteswap |
Als er een renteswap van toepassing is op de onderliggende blootstelling, vermeld dan de volledige juridische naam van de verstrekker van de renteswap. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL91 |
Vervaldatum van renteswap |
Als er een renteswap van toepassing is op de onderliggende blootstelling, vul dan de vervaldatum van de swap in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL92 |
Notioneel bedrag van valutaswap |
Als er een wisselkoersswap van toepassing is op de onderliggende blootstelling, vul dan het notionele bedrag van de swap in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL93 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van verstrekker van valutaswap |
Als er een wisselkoersswap van toepassing is op de onderliggende blootstelling, verstrek dan de LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de verstrekker van de swap. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL94 |
Verstrekker van valutawap |
Als er een wisselkoersswap van toepassing is op de onderliggende blootstelling, vermeld dan de volledige juridische naam van de verstrekker van de wisselkoersswap. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL95 |
Vervaldatum van valutaswap |
Als er een wisselkoersswap van toepassing is op de onderliggende blootstelling, vul dan de vervaldatum van de swap in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL96 |
Naam van oorspronkelijke kredietverstrekker |
De volledige juridische naam van de oorspronkelijke kredietverstrekker. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL97 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van oorspronkelijke kredietverstrekker |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de oorspronkelijke kredietverstrekker. Indien er geen LEI beschikbaar is, vul dan ND5 in. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL98 |
Land van vestiging van oorspronkelijke kredietverstrekker |
Land waar de oorspronkelijke kredietverstrekker is gevestigd. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL99 |
Naam van initiator |
De volledige juridische naam van de initiator van de onderliggende blootstelling. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL100 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van initiator |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de initiator van de onderliggende blootstelling. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPL101 |
Land van vestiging van initiator |
Land waar de initiator van de onderliggende blootstelling is gevestigd. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Informatie op het niveau van onderpand |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPC1 |
Unieke identificatiecode |
Vermeld hier dezelfde unieke identificatiecode als in veld CRPL1. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPC2 |
Identificatiecode van onderliggende blootstelling |
Unieke identificatiecode van de onderliggende blootstelling. Deze code moet overeenkomen met de identificatiecode die is ingevuld in veld CRPL3. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPC3 |
Oorspronkelijke identificatiecode van onderpand |
De oorspronkelijk aan het onderpand of de garantie toegekende identificatiecode. De identificatiecode moet verschillen van externe identificatiecodes teneinde de anonimiteit van de debiteur te garanderen. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPC4 |
Nieuwe identificatiecode van onderpand |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld CRPC3 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. De identificatiecode moet verschillen van externe identificatiecodes teneinde de anonimiteit van de debiteur te garanderen. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld CRPC3. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPC5 |
Geografische regio — onderpand |
De geografische regio (NUTS3-classificatie) waar het fysieke onderpand zich bevindt. Wanneer Eurostat geen NUTS3-classificatie heeft opgesteld (bv. in geval van een rechtsgebied buiten de EU), vul dan de tweecijferige landcode in ({COUNTRYCODE_2}), gevolgd door “ZZZ”. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPC6 |
Type zekerheid |
Het type zekerheid:
|
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPC7 |
Type bezwaring |
Type zekerheid dat op het onderpand is gevestigd. Wanneer er een garantie is, heeft dit veld alleen betrekking op elke zekerheid op onderpand dat deze garantie ondersteunt. “Geen bezwaring maar een onherroepelijke volmacht of vergelijkbaar” heeft betrekking op de situatie dat de initiator of de oorspronkelijke kredietverstrekker, naargelang wat van toepassing is, onherroepelijk en onvoorwaardelijk gemachtigd is om het onderpand te allen tijde in de toekomst eenzijdig te bezwaren, zonder dat daarvoor verdere toestemming van de debiteur of de garantiegever nodig is:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPC8 |
Pandrecht |
Hoogste pandrechtpositie van de initiator met betrekking tot het onderpand. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPC9 |
Onderpandtype |
Het (wat waarde betreft) primaire activumtype waar de schuld door wordt gedekt. Wanneer er een door fysiek of financieel onderpand gedekte garantie is, kijk dan door de garantie heen naar een onderpand dat de garantie zou kunnen ondersteunen. Auto (CARX) Industrieel voertuig (INDV) Bedrijfsvrachtwagen (CMTR) Spoorvoertuig (RALV) Nautisch bedrijfsvoertuig (NACM) Nautisch recreatievoertuig (NALV) Vliegtuig (AERO) Werktuigmachine (MCHT) Industriële apparatuur (INDE) Kantooruitrusting (OFEQ) IT-apparatuur (ITEQ) Medische apparatuur (MDEQ) Energiegerelateerde apparatuur (ENEQ) Gebouw voor commerciële doeleinden (CBLD) Residentieel gebouw (RBLD) Industrieel gebouw (IBLD) Ander voertuig (OTHV) Andere apparatuur (OTHE) Ander vastgoed (OTRE) Andere goederen of inventaris (OTGI) Effecten (SECU) Garantie (GUAR) Andere financiële activa (OTFA) Gemengde categorieën van zekerheid voor alle bezittingen van de debiteur (MIXD) Anders (OTHR) |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPC10 |
Huidig taxatiebedrag |
De meest recente waardering van het onderpand. Wanneer er een door fysiek of financieel onderpand gedekte garantie is, kijk dan door de garantie heen naar onderpand dat die garantie ondersteunt. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPC11 |
Huidige taxatiemethode |
De gebruikte methode voor het berekenen van de meest recente waarde van het onderpand, zoals ingevuld in veld CRPC10. Volledige taxatie (FAPR) Langsrijden (DRVB) Geautomatiseerd taxatiemodel (AUVM) Geïndexeerd (IDXD) Desktop (DKTP) Beheer- of vastgoedagent (MAEA) Aankoopprijs (PPRI) Haircut (HCUT) Mark-to-market (MTTM) Taxatie door debiteur (OBLV) Anders (OTHR) |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPC12 |
Huidige taxatiedatum |
De datum van de meest recente taxatie van het onderpand, zoals ingevuld in veld CRPC10. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPC13 |
Oorspronkelijk taxatiebedrag |
De oorspronkelijk getaxeerde waarde van het onderpand op de datum van initiëring van de onderliggende blootstelling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPC14 |
Oorspronkelijke taxatiemethode |
De gebruikte methode voor het berekenen van de waarde van het onderpand bij de initiëring van de onderliggende blootstelling, zoals ingevuld in veld CRPC13. Volledige taxatie (FAPR) Langsrijden (DRVB) Geautomatiseerd taxatiemodel (AUVM) Geïndexeerd (IDXD) Desktop (DKTP) Beheer- of vastgoedagent (MAEA) Aankoopprijs (PPRI) Haircut (HCUT) Mark-to-market (MTTM) Taxatie door debiteur (OBLV) Anders (OTHR) |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPC15 |
Oorspronkelijke taxatiedatum |
De datum van de oorspronkelijk getaxeerde waarde van het fysieke of financiële onderpand, zoals ingevuld in veld CRPC13. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPC16 |
Verkoopdatum |
De datum van verkoop van het onderpand. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPC17 |
Verkoopprijs |
Prijs die is verkregen bij de verkoop van het onderpand in geval van executie. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPC18 |
Valuta van onderpand |
De munteenheid waarin het in veld CRPC10 ingevulde bedrag van de waarde is uitgedrukt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPC19 |
Land van garantiegever |
Het rechtsgebied waar de garantiegever is gevestigd. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CRPC20 |
ESA-subsector van garantiegever |
De ESR 2010-classificatie van de garantiegever overeenkomstig Verordening (EU) nr. 549/2013 van het Europees Parlement en de Raad (“ESA 2010”) (1). Deze classificatie moet worden vermeld op het niveau van de subsector. Daarvoor dient te worden gebruikgemaakt van één van de waarden in bijlage I bij deze verordening. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
(1) Verordening (EU) nr. 549/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 21 mei 2013 betreffende het Europees systeem van nationale en regionale rekeningen in de Europese Unie Voor de EER relevante tekst (PB L 174 van 26.6.2013, blz. 1).
BIJLAGE V
INFORMATIE OVER ONDERLIGGENDE BLOOTSTELLINGEN — AUTO’S
|
Veldcode |
Veldnaam |
Te rapporteren inhoud |
ND1-ND4 toegestaan? |
ND5 toegestaan? |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Informatie over onderliggende blootstellingen |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL1 |
Unieke identificatiecode |
De unieke identificatiecode die door de rapporterende entiteit is toegekend overeenkomstig artikel 11, lid 1, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/1224 van de Commissie . |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL2 |
Oorspronkelijke identificatiecode van onderliggende blootstelling |
Unieke identificatiecode van de onderliggende blootstelling. De identificatiecode moet verschillen van externe identificatiecodes teneinde de anonimiteit van de debiteur te garanderen. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL3 |
Nieuwe identificatiecode van onderliggende blootstelling |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld AUTL2 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld AUTL2. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL4 |
Oorspronkelijke identificatiecode van debiteur |
Oorspronkelijke unieke identificatiecode van de debiteur. De identificatiecode moet verschillen van externe identificatiecodes teneinde de anonimiteit van de debiteur te garanderen. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL5 |
Nieuwe identificatiecode van debiteur |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld AUTL4 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld AUTL4. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL6 |
Afsluitdatum van gegevensinzending |
De afsluitdatum van deze gegevensinzending. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL7 |
Datum van toevoeging aan pool |
De datum waarop de onderliggende blootstelling is overgedragen aan de SSPE. Voor alle onderliggende blootstellingen in de pool per de afsluitdatum zoals vermeld in het eerste bij het securitisatieregister ingediende verslag; indien deze informatie niet beschikbaar is, vul dan de sluitingsdatum van de securitisatie in of, als deze later is, de datum van initiëring van de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL8 |
Datum van terugkoop |
Datum waarop de onderliggende blootstelling is teruggekocht uit de pool. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL9 |
Datum van aflossing |
De datum van terugbetaling van de rekening of (voor onderliggende blootstellingen waarop wanbetaling heeft plaatsgevonden) de datum waarop het aflossingsproces is voltooid. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL10 |
Geografische regio — debiteur |
De geografische regio (NUTS3-classificatie) waar de debiteur is gevestigd. Wanneer Eurostat geen NUTS3-classificatie heeft opgesteld (bv. in geval van een rechtsgebied buiten de EU), vul dan de tweecijferige landcode in ({COUNTRYCODE_2}), gevolgd door “ZZZ”. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL11 |
Geografische regio — classificatie |
Vul het jaar van de voor de velden voor de geografische regio gebruikte NUTS3-classificatie in, bv. 2013 voor NUTS3 2013. In alle velden voor de geografische regio moet consequent dezelfde classificatie worden gebruikt voor elke onderliggende blootstelling en voor alle onderliggende blootstellingen in de gegevensinzending. Het gebruik van NUTS3 2006 in sommige velden voor de geografische regio met betrekking tot een gegeven onderliggende blootstelling en NUTS3 2013 in andere velden met betrekking tot dezelfde blootstelling is bijvoorbeeld niet toegestaan. Evenzo is het gebruik van NUTS3 2006 in de velden voor de geografische regio voor sommige onderliggende blootstellingen en NUTS3 2013 voor andere onderliggende blootstellingen in dezelfde gegevensinzending niet toegestaan. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL12 |
Arbeidsstatus |
Arbeidsstatus van de primaire debiteur:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL13 |
Debiteur met aangetaste kredietwaardigheid |
Bevestig dat, overeenkomstig artikel 20, lid 11, van Verordening (EU) 2017/2402, deze onderliggende blootstelling op het moment van selectie voor overdracht aan de SSPE geen blootstelling was waarbij sprake was van wanbetaling in de zin van artikel 178, lid 1, van Verordening (EU) nr. 575/2013, of een blootstelling met betrekking tot een debiteur of garantiegever met aangetaste kredietwaardigheid die, voor zover de initiator of de oorspronkelijke kredietverstrekker bekend:
Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL14 |
Rechtsvorm van debiteur |
Rechtsvorm van de cliënt:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL15 |
Cliënttype |
Type cliënt bij initiëring:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL16 |
Primair inkomen |
Primair jaarinkomen van debiteur dat wordt gebruikt bij het overnemen (“underwriting”) van de onderliggende blootstelling op het moment van de initiëring. Wanneer de primaire debiteur een rechtspersoon/juridische entiteit is, voer dan de jaaromzet die debiteur in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL17 |
Type primair inkomen |
Vermeld welk inkomen wordt weergegeven in AUTL16:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL18 |
Valuta van primair inkomen |
De munteenheid waarin het inkomen of de inkomsten van de primaire debiteur is/zijn uitgedrukt. Wanneer de primaire debiteur een rechtspersoon/juridische entiteit is, vul dan de valuta van de inkomsten als vermeld in AUTL20 in. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL19 |
Inkomenscontrole voor primair inkomen |
Inkomenscontrole voor primair inkomen:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL20 |
Inkomsten |
Jaarlijkse omzet na alle kortingen en omzetbelasting van de debiteur overeenkomstig Aanbeveling 2003/361/EG. Equivalent aan het begrip “totale jaaromzet” in artikel 153, lid 4, van Verordening (EU) nr. 575/2013. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL21 |
Valuta van financiële verslaglegging |
De munteenheid waarin de informatie in de financiële overzichten is uitgedrukt. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL22 |
Bijzondere regeling |
Indien op de onderliggende blootstelling een bijzondere regeling voor de publieke sector van toepassing is, geef hier dan de volledige naam (zonder afkortingen) van de regeling. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL23 |
Type product |
De classificatie van de lease, volgens de definities van de verhuurder:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL24 |
Datum van initiëring |
Datum van de betaling van het voorschot op de oorspronkelijke onderliggende blootstelling. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL25 |
Vervaldatum |
Datum waarop de onderliggende blootstelling of de lease vervalt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL26 |
Oorspronkelijke looptijd |
Oorspronkelijke contractuele looptijd (aantal maanden) op de datum van initiëring. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL27 |
Kanaal van initiëring |
Kanaal voor de initiëring van de onderliggende blootstelling:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL28 |
Munteenheid |
De munteenheid waarin de onderliggende blootstelling is uitgedrukt. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL29 |
Oorspronkelijk kapitaalsaldo |
Kapitaalsaldo van de onderliggende blootstelling of verdisconteerd leasesaldo (inclusief gekapitaliseerde vergoedingen) van de debiteur bij initiëring. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL30 |
Huidig kapitaalsaldo |
Op de afsluitdatum van de gegevensinzending uitstaand kapitaalsaldo van de onderliggende blootstelling (of het verdisconteerde leasesaldo) van de debiteur. Dit omvat bedragen die als zekerheid voor het voertuig zijn gesteld. Indien er bijvoorbeeld vergoedingen zijn toegevoegd aan het saldo die onderdeel zijn van het kapitaal in de securitisatie, dan moeten deze worden toegevoegd. Achterstallige rentebetalingen en boeten zijn hiervan uitgezonderd. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL31 |
Aankoopprijs |
De prijs, ten opzichte van de nominale waarde, waartegen de onderliggende blootstelling door de SSPE is gekocht. Vul 100 in indien geen discontering is toegepast. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL32 |
Aflossingstype |
Type aflossing van de onderliggende blootstelling met inbegrip van kapitaal en rente. Frans — d.w.z. aflossing waarbij het totale bedrag (kapitaal plus rente) dat elke termijn wordt terugbetaald steeds gelijk is. (FRXX) Duits — d.w.z. aflossing waarbij de eerste aflossingstermijn uitsluitend rente omvat en het bedrag van de overige termijnen constant is, met inbegrip van kapitaalaflossing en rente. (DEXX) Vast aflossingsschema — d.w.z. aflossing waarbij het af te lossen bedrag van het kapitaal steeds gelijk is. (FIXE) Bullet — d.w.z. aflossing waarbij het volledige kapitaal in de laatste aflossingstermijn wordt terugbetaald. (BLLT) Anders (OTHR) |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL33 |
Einddatum van aflossingsvrije periode voor kapitaal |
Indien van toepassing per de afsluitdatum van de gegevensinzending, vermeld dan de einddatum van de aflossingsvrije periode voor het kapitaal. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL34 |
Geplande frequentie van kapitaalaflossingen |
Frequentie van de verschuldigde kapitaalaflossingen, d.w.z. de periode tussen de aflossingen:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL35 |
Geplande frequentie van rentebetalingen |
Frequentie van de verschuldigde rentebetalingen, d.w.z. de periode tussen de betalingen:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL36 |
Betalingsmethode |
Gebruikelijke betalingsmethode (kan worden gebaseerd op de laatste ontvangen betaling):
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL37 |
Verschuldigde betaling |
Dit is de volgende contractueel verschuldigde betaling overeenkomstig de betalingsfrequentie van de onderliggende blootstelling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL38 |
Ballonbedrag |
Totaalbedrag van de op de vervaldag van de onderliggende blootstelling te betalen aflossing van het (gesecuritiseerde) kapitaal. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL39 |
Bedrag van aanbetaling |
Bedrag van deposito/aanbetaling bij initiëring van de onderliggende blootstelling (dit omvat de waarde van ingeruilde voertuigen enz.) Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL40 |
Huidige rentevoet |
Totale bruto rentevoet of discontovoet die wordt toegepast op de onderliggende blootstelling. Per periode berekende rentevoeten moeten worden geannualiseerd. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL41 |
Huidige rente-index |
De basisreferentie-index die momenteel wordt toegepast (referentierente op basis waarvan de rentevoet wordt vastgesteld):
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL42 |
Looptijd (“tenor”) van huidige rente-index |
Looptijd (“tenor”) van de huidige rente-index:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL43 |
Huidige rentevoetmarge |
De huidige rentevoetmarge van de onderliggende blootstelling met variabele rente boven (of onder, in welk geval een negatief getal wordt ingevoerd) het indextarief. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL44 |
Interval voor herziening van rentevoet |
Aantal maanden tussen elke datum waarop de rentevoet op de onderliggende blootstelling wordt aangepast. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL45 |
Rentevoetplafond |
Maximumtarief dat de debiteur moet betalen op een onderliggende blootstelling met variabele rente overeenkomstig de voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL46 |
Rentevoetbodem |
Minimumtarief dat de debiteur moet betalen op een onderliggende blootstelling met variabele rente overeenkomstig de voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL47 |
Aantal betalingen vóór securitisatie |
Vul het aantal betalingen in dat is verricht vóór de overdracht van de blootstelling aan de securitisatie. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL48 |
Percentage aan per jaar toegestane vervroegde terugbetalingen |
Percentage vervroegde terugbetalingen dat per jaar is toegestaan voor het product. Dit is voor onderliggende blootstellingen waarvoor een bepaalde drempel voor vervroegde terugbetalingen (bv. 10 %) is toegestaan voordat een boete wordt opgelegd. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL49 |
Vergoeding voor vervroegde terugbetaling |
Van de debiteur geïnd bedrag als vergoeding/boete voor het verrichten van vervroegde betalingen overeenkomstig de voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling. Hierin dienen geen bedragen te worden opgenomen die zijn betaald als “inbreukkosten” ter compensatie van rentebetalingen tot de betalingsdatum voor de onderliggende blootstelling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL50 |
Einddatum vergoeding voor vervroegde terugbetaling |
De datum waarop de kredietverstrekker vervroegde terugbetaling van de onderliggende blootstelling toestaat zonder te eisen dat een vergoeding voor vervroegde terugbetaling wordt betaald. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL51 |
Datum vervroegde terugbetaling |
De meest recente datum waarop een niet-geplande kapitaalbetaling is ontvangen. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL52 |
Cumulatieve vervroegde terugbetalingen |
Totale per de afsluitdatum van de gegevensinzending geïnde vervroegde terugbetalingen (vervroegde terugbetalingen gedefinieerd als niet-geplande kapitaalbetalingen) sinds de datum van initiëring van de onderliggende blootstelling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL53 |
Fabrikant |
Merknaam van de autofabrikant. Vul bv. “Skoda” in, niet “Volkswagen”. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL54 |
Model |
Naam van het automodel. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL55 |
Jaar van registratie |
Jaar waarin de auto is geregistreerd. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL56 |
Nieuw of tweedehands |
Staat van het voertuig bij initiëring van de onderliggende blootstelling:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL57 |
Waarde energieprestatiecertificaat |
De waarde van het energieprestatiecertificaat van het onderpand op het moment van initiëring:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL58 |
Naam van verstrekker van energieprestatiecertificaat |
Vul de volledige juridische naam van de verstrekker van het energieprestatiecertificaat in. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL59 |
Oorspronkelijke loan-to-value (LTV) |
De verhouding tussen het saldo van de onderliggende blootstelling bij initiëring en de waarde van de auto bij initiëring. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL60 |
Oorspronkelijk taxatiebedrag |
Catalogusprijs van het voertuig bij initiëring van de onderliggende blootstelling. Voor een niet-nieuwe auto, vul de handelswaarde of de verkoopprijs van de auto in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL61 |
Oorspronkelijke restwaarde van voertuig |
De geschatte restwaarde van het activum op de datum van initiëring van de lease. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL62 |
Prijs van optie tot koop |
Het bedrag dat de kredietnemer op het einde van de lease of de onderliggende blootstelling moet betalen om eigenaar te worden van het voertuig, anders dan het in AUTL63 bedoelde bedrag. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL63 |
Gesecuritiseerde restwaarde |
Alleen het bedrag van de restwaarde dat gesecuritiseerd is. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL64 |
Geactualiseerde restwaarde van voertuig |
Als de restwaarde is gesecuritiseerd, vul dan de meest recente geschatte restwaarde van het voertuig aan het eind van het contract in. Als er geen actualisering is verricht, vul dan de datum van de oorspronkelijk geschatte restwaarde in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL65 |
Datum van geactualiseerde schatting van de restwaarde van voertuig |
Als de restwaarde is gesecuritiseerd, vul dan de datum van berekening van de meest recente geactualiseerde schatting van de restwaarde van het voertuig in. Als er geen actualisering is verricht, vul dan de datum van de oorspronkelijk geschatte restwaarde in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL66 |
Herstructureringsdatum |
De datum waarop de onderliggende blootstelling is geherstructureerd. Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. Indien er meerdere datums zijn, moeten alle datums worden verstrekt overeenkomstig het XML-schema. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL67 |
Laatste datum betalingsachterstand |
Datum waarop de debiteur voor het laatst een betalingsachterstand had. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL68 |
Saldo van achterstallige bedragen |
Huidig saldo van achterstallige bedragen, gedefinieerd als:
Indien er geen achterstallige betalingen zijn, vul dan 0 in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL69 |
Aantal dagen achterstallig |
Aantal dagen waarop de onderliggende blootstelling achterstallig is (rente of kapitaal, en als deze van elkaar verschillen, de hoogste van de twee aantallen) per de afsluitdatum van de pool. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL70 |
Rekeningstatus |
Huidige status van de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling:
Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL71 |
Reden voor wanbetaling of executie |
Indien er met betrekking tot de onderliggende blootstelling sprake is van wanbetaling overeenkomstig artikel 178 van Verordening (EU) nr. 575/2013, selecteer de passende reden:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL72 |
Bedrag van wanbetaling |
Totaal brutobedrag van wanbetaling vóór toepassing van verkoopopbrengsten en terugvorderingen. Als er geen sprake van wanbetaling is, vul dan 0 in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL73 |
Wanbetalingsdatum |
De datum van de wanbetaling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL74 |
Toegerekende verliezen |
De toegerekende verliezen tot heden, na aftrek van vergoedingen, opgebouwde rente enz. en na toepassing van verkoopopbrengsten en terugvorderingen (met uitzondering van premies op vervroegde betalingen indien achtergesteld bij terugvorderingen van kapitaal). Verkoopwinsten dienen te worden vermeld als negatief getal. Moet de meest recente situatie per de afsluitdatum van de gegevensinzending weergeven, d.w.z. naarmate terugvorderingen worden geïnd en de oplossingsprocedure voortschrijdt. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL75 |
Restwaardeverliezen |
Restwaardeverlies dat het gevolg is van het inruilen van een voertuig. Als de restwaarde niet is gesecuritiseerd, vul dan ND5 in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL76 |
Cumulatieve terugvorderingen |
Totaal aan terugvorderingen (ongeacht de bron ervan) op de schuld (met wanbetaling, als oninbaar geboekt enz.), exclusief kosten. Omvat alle bronnen van terugvorderingen, niet alleen de opbrengsten van de afstoting van onderpand. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL77 |
Verkoopprijs |
Prijs die is verkregen bij de verkoop van het voertuig in geval van executie. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL78 |
Depositobedrag |
De som van alle door de initiator of verkoper aangehouden bedragen van de debiteur die potentieel kunnen worden verrekend met het saldo van de onderliggende blootstelling, met uitzondering van de baten van een nationale schadeloosstellingsregeling voor deposito’s. Om dubbeltelling te voorkomen, kan dit worden gemaximeerd op het laagste van 1) het depositobedrag, en 2) het maximale potentieel verrekenbare bedrag op het niveau van de debiteur (en dus niet op het niveau van de onderliggende blootstelling) binnen de pool. Het bedrag van de aanbetaling moet luiden in dezelfde valuta als die welke is gebruikt voor de onderliggende blootstelling. Als een debiteur meer dan één onderliggende blootstelling heeft uitstaan in de pool, moet dit veld worden ingevuld voor elke onderliggende blootstelling, en het is aan de rapporterende entiteit om te besluiten hoe het depositobedrag wordt verdeeld over die onderliggende blootstellingen, met inachtneming van het hierboven bedoelde plafond en zolang de totale posten voor dit veld, voor de diverse onderliggende blootstellingen, optellen tot het juiste bedrag. Als de debiteur bijvoorbeeld een depositosaldo van 100 EUR heeft en twee onderliggende blootstellingen heeft uitstaan in de pool, van respectievelijk 60 en 75 EUR. Dit veld kan worden ingevuld als ofwel onderliggende blootstelling 1 — 60 EUR en onderliggende blootstelling 2 — 40 EUR, ofwel onderliggende blootstelling 1 — 25 EUR en onderliggende blootstelling 2 — 75 EUR (d.w.z. dat het relatieve bedrag dat moet worden ingevuld in dit veld voor elke onderliggende blootstelling wordt gemaximeerd op 60 EUR voor onderliggende blootstelling 1 en op 75 EUR voor onderliggende blootstelling 2 en de som van de waarden voor onderliggende blootstelling 1 en onderliggende blootstelling 2 gelijk moet zijn aan 100 EUR). Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL79 |
Naam van oorspronkelijke kredietverstrekker |
De volledige juridische naam van de oorspronkelijke kredietverstrekker. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL80 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van oorspronkelijke kredietverstrekker |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de oorspronkelijke kredietverstrekker. Indien er geen LEI beschikbaar is, vul dan ND5 in. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL81 |
Land van vestiging van oorspronkelijke kredietverstrekker |
Land waar de oorspronkelijke kredietverstrekker is gevestigd. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL82 |
Naam van initiator |
De volledige juridische naam van de initiator van de onderliggende blootstelling. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL83 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van initiator |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de initiator van de onderliggende blootstelling. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
AUTL84 |
Land van vestiging van initiator |
Land waar de initiator van de onderliggende blootstelling is gevestigd. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
BIJLAGE VI
INFORMATIE OVER ONDERLIGGENDE BLOOTSTELLINGEN — CONSUMENT
|
Veldcode |
Veldnaam |
Te rapporteren inhoud |
ND1-ND4 toegestaan? |
ND5 toegestaan? |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Informatie over onderliggende blootstellingen |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL1 |
Unieke identificatiecode |
De unieke identificatiecode die door de rapporterende entiteit is toegekend overeenkomstig artikel 11, lid 1, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/1224 van de Commissie. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL2 |
Oorspronkelijke identificatiecode van onderliggende blootstelling |
Unieke identificatiecode van de onderliggende blootstelling. De identificatiecode moet verschillen van externe identificatiecodes teneinde de anonimiteit van de debiteur te garanderen. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL3 |
Nieuwe identificatiecode van onderliggende blootstelling |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld CMRL2 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld CMRL2. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL4 |
Oorspronkelijke identificatiecode van debiteur |
Oorspronkelijke unieke identificatiecode van de debiteur. De identificatiecode moet verschillen van externe identificatiecodes teneinde de anonimiteit van de debiteur te garanderen. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL5 |
Nieuwe identificatiecode van debiteur |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld CMRL4 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld CMRL4. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL6 |
Afsluitdatum van gegevensinzending |
De afsluitdatum van deze gegevensinzending. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL7 |
Datum van toevoeging aan pool |
De datum waarop de onderliggende blootstelling is overgedragen aan de SSPE. Voor alle onderliggende blootstellingen in de pool per de afsluitdatum zoals vermeld in het eerste bij het securitisatieregister ingediende verslag; indien deze informatie niet beschikbaar is, vul dan de sluitingsdatum van de securitisatie in of, als deze later is, de datum van initiëring van de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL8 |
Datum van terugkoop |
Datum waarop de onderliggende blootstelling is teruggekocht uit de pool. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL9 |
Datum van aflossing |
De datum van terugbetaling van de rekening of (voor onderliggende blootstellingen waarop wanbetaling heeft plaatsgevonden) de datum waarop het aflossingsproces is voltooid. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL10 |
Geografische regio — debiteur |
De geografische regio (NUTS3-classificatie) waar de debiteur is gevestigd. Wanneer Eurostat geen NUTS3-classificatie heeft opgesteld (bv. in geval van een rechtsgebied buiten de EU), vul dan de tweecijferige landcode in ({COUNTRYCODE_2}), gevolgd door “ZZZ”. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL11 |
Geografische regio — classificatie |
Vul het jaar van de voor de velden voor de geografische regio gebruikte NUTS3-classificatie in, bv. 2013 voor NUTS3 2013. In alle velden voor de geografische regio moet consequent dezelfde classificatie worden gebruikt voor elke onderliggende blootstelling en voor alle onderliggende blootstellingen in de gegevensinzending. Het gebruik van NUTS3 2006 in sommige velden voor de geografische regio met betrekking tot een gegeven onderliggende blootstelling en NUTS3 2013 in andere velden met betrekking tot dezelfde blootstelling is bijvoorbeeld niet toegestaan. Evenzo is het gebruik van NUTS3 2006 in de velden voor de geografische regio voor sommige onderliggende blootstellingen en NUTS3 2013 voor andere onderliggende blootstellingen in dezelfde gegevensinzending niet toegestaan. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL12 |
Arbeidsstatus |
Arbeidsstatus van de primaire debiteur:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL13 |
Debiteur met aangetaste kredietwaardigheid |
Bevestig dat, overeenkomstig artikel 20, lid 11, van Verordening (EU) 2017/2402, deze onderliggende blootstelling op het moment van selectie voor overdracht aan de SSPE geen blootstelling was waarbij sprake was van wanbetaling in de zin van artikel 178, lid 1, van Verordening (EU) nr. 575/2013, of een blootstelling met betrekking tot een debiteur of garantiegever met aangetaste kredietwaardigheid die, voor zover de initiator of de oorspronkelijke kredietverstrekker bekend:
Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL14 |
Cliënttype |
Type cliënt bij initiëring:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL15 |
Primair inkomen |
Primair jaarinkomen van debiteur dat wordt gebruikt bij het overnemen (“underwriting”) van de onderliggende blootstelling op het moment van de initiëring. Wanneer de primaire debiteur een rechtspersoon/juridische entiteit is, voer dan de jaaromzet die debiteur in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL16 |
Type primair inkomen |
Vermeld welk inkomen wordt weergegeven in CMRL15:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL17 |
Valuta van primair inkomen |
De munteenheid waarin het inkomen of de inkomsten van de primaire debiteur is/zijn uitgedrukt. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL18 |
Inkomenscontrole voor primair inkomen |
Inkomenscontrole voor primair inkomen:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL19 |
Gedekt door salaris/pensioen |
Valt de persoonlijke onderliggende blootstelling in de categorie van door salaris of pensioen gedekte onderliggende blootstellingen (d.w.z. cessione del quinto)? |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL20 |
Bijzondere regeling |
Indien op de onderliggende blootstelling een bijzondere regeling voor de publieke sector van toepassing is, geef hier dan de volledige naam (zonder afkortingen) van de regeling. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL21 |
Datum van initiëring |
Datum van de betaling van het voorschot op de oorspronkelijke onderliggende blootstelling. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL22 |
Vervaldatum |
Datum waarop de onderliggende blootstelling of de lease vervalt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL23 |
Oorspronkelijke looptijd |
Oorspronkelijke contractuele looptijd (aantal maanden) op de datum van initiëring. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL24 |
Kanaal van initiëring |
Het kanaal van de initiëring:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL25 |
Doel |
Doel van de lening:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL26 |
Munteenheid |
De munteenheid waarin de onderliggende blootstelling is uitgedrukt. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL27 |
Oorspronkelijk kapitaalsaldo |
Oorspronkelijk kapitaalsaldo van de onderliggende blootstelling (inclusief gekapitaliseerde vergoedingen) bij initiëring. Dit is het saldo van de onderliggende blootstelling op de datum van initiëring van de onderliggende blootstelling, niet de datum van verkoop van de onderliggende blootstelling aan de SSPE of de sluitingsdatum van de securitisatie. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL28 |
Huidig kapitaalsaldo |
Uitstaand bedrag van de onderliggende blootstelling op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Dit omvat bedragen die in de securitisatie als kapitaal worden aangemerkt. Indien er bijvoorbeeld vergoedingen zijn toegevoegd aan het saldo van de onderliggende blootstelling en die premies zijn onderdeel van het kapitaal in de securitisatie, dan moeten deze worden toegevoegd. Achterstallige rentebetalingen en boeten zijn hiervan uitgezonderd. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL29 |
Totale kredietlimiet |
Voor onderliggende blootstellingen die worden gekenmerkt door flexibel herlenen (met inbegrip van revolveerkenmerken) of wanneer het maximumbedrag van de onderliggende blootstelling niet volledig is opgenomen — het maximaal mogelijke uitstaande bedrag van de onderliggende blootstelling. Dit veld moet alleen worden ingevuld voor onderliggende blootstellingen met flexibele of andere hernieuwingskenmerken. Dit is niet bedoeld voor gevallen waarin de debiteur kan heronderhandelen over een verhoging van het saldo van een onderliggende blootstelling, maar voor gevallen waarin contractueel is vastgelegd dat de debiteur dit kan doen en de kredietverstrekker de aanvullende financiering kan verstrekken. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL30 |
Einddatum hernieuwing |
Voor onderliggende blootstelling met flexibel herlenen/vernieuwing — de datum waarop de flexibele kenmerken naar verwachting zullen vervallen, d.w.z. wanneer de hernieuwingsperiode zal eindigen. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL31 |
Aankoopprijs |
De prijs, ten opzichte van de nominale waarde, waartegen de onderliggende blootstelling door de SSPE is gekocht. Vul 100 in indien geen discontering is toegepast. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL32 |
Aflossingstype |
Type aflossing van de onderliggende blootstelling met inbegrip van kapitaal en rente. Frans — d.w.z. aflossing waarbij het totale bedrag (kapitaal plus rente) dat elke termijn wordt terugbetaald steeds gelijk is. (FRXX) Duits — d.w.z. aflossing waarbij de eerste aflossingstermijn uitsluitend rente omvat en het bedrag van de overige termijnen constant is, met inbegrip van kapitaalaflossing en rente. (DEXX) Vast aflossingsschema — d.w.z. aflossing waarbij het af te lossen bedrag van het kapitaal steeds gelijk is. (FIXE) Bullet — d.w.z. aflossing waarbij het volledige kapitaal in de laatste aflossingstermijn wordt terugbetaald. (BLLT) Anders (OTHR) |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL33 |
Einddatum van aflossingsvrije periode voor kapitaal |
Indien van toepassing per de afsluitdatum van de gegevensinzending, vermeld dan de einddatum van de aflossingsvrije periode voor het kapitaal. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL34 |
Geplande frequentie van kapitaalaflossingen |
Frequentie van de verschuldigde kapitaalaflossingen, d.w.z. de periode tussen de aflossingen:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL35 |
Geplande frequentie van rentebetalingen |
Frequentie van de verschuldigde rentebetalingen, d.w.z. de periode tussen de betalingen:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL36 |
Verschuldigde betaling |
Dit is de volgende contractueel verschuldigde betaling overeenkomstig de betalingsfrequentie van de onderliggende blootstelling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL37 |
Huidige rentevoet |
Brutorentevoet per jaar die wordt gebruikt om de voor de huidige periode voorziene rente op de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling te berekenen. Per periode berekende rentevoeten moeten worden geannualiseerd. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL38 |
Huidige rente-index |
De basisreferentie-index die momenteel wordt toegepast (referentierente op basis waarvan de rentevoet wordt vastgesteld):
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL39 |
Looptijd (“tenor”) van huidige rente-index |
Looptijd (“tenor”) van de huidige rente-index:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL40 |
Huidige rentevoetmarge |
De huidige rentevoetmarge van de onderliggende blootstelling met variabele rente boven (of onder, in welk geval een negatief getal wordt ingevoerd) het indextarief. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL41 |
Interval voor herziening van rentevoet |
Aantal maanden tussen elke datum waarop de rentevoet op de onderliggende blootstelling wordt aangepast. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL42 |
Rentevoetplafond |
Maximumtarief dat de debiteur moet betalen op een onderliggende blootstelling met variabele rente overeenkomstig de voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL43 |
Rentevoetbodem |
Minimumtarief dat de debiteur moet betalen op een onderliggende blootstelling met variabele rente overeenkomstig de voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL44 |
Aantal betalingen vóór securitisatie |
Vul het aantal betalingen in dat is verricht vóór de overdracht van de blootstelling aan de securitisatie. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL45 |
Percentage aan per jaar toegestane vervroegde terugbetalingen |
Percentage vervroegde terugbetalingen dat per jaar is toegestaan voor het product. Dit is voor onderliggende blootstellingen waarvoor een bepaalde drempel voor vervroegde terugbetalingen (bv. 10 %) is toegestaan voordat een boete wordt opgelegd. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL46 |
Einddatum verbodsperiode vervroegde terugbetaling |
De datum waarna de kredietverstrekker vervroegde terugbetaling van de lening toestaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL47 |
Vergoeding voor vervroegde terugbetaling |
Van de debiteur geïnd bedrag als vergoeding/boete voor het verrichten van vervroegde betalingen overeenkomstig de voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling. Hierin dienen geen bedragen te worden opgenomen die zijn betaald als “inbreukkosten” ter compensatie van rentebetalingen tot de betalingsdatum voor de onderliggende blootstelling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL48 |
Einddatum vergoeding voor vervroegde terugbetaling |
De datum waarop de kredietverstrekker vervroegde terugbetaling van de onderliggende blootstelling toestaat zonder te eisen dat een vergoeding voor vervroegde terugbetaling wordt betaald. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL49 |
Datum vervroegde terugbetaling |
De meest recente datum waarop een niet-geplande kapitaalbetaling is ontvangen. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL50 |
Cumulatieve vervroegde terugbetalingen |
Totale per de afsluitdatum van de gegevensinzending geïnde vervroegde terugbetalingen (vervroegde terugbetalingen gedefinieerd als niet-geplande kapitaalbetalingen) sinds de datum van initiëring van de onderliggende blootstelling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL51 |
Herstructureringsdatum |
De datum waarop de onderliggende blootstelling is geherstructureerd. Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. Indien er meerdere datums zijn, moeten alle datums worden verstrekt overeenkomstig het XML-schema. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL52 |
Laatste datum betalingsachterstand |
Datum waarop de debiteur voor het laatst een betalingsachterstand had. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL53 |
Saldo van achterstallige bedragen |
Huidig saldo van achterstallige bedragen, gedefinieerd als:
Indien er geen achterstallige betalingen zijn, vul dan 0 in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL54 |
Aantal dagen achterstallig |
Aantal dagen waarop de onderliggende blootstelling achterstallig is (rente of kapitaal, en als deze van elkaar verschillen, de hoogste van de twee aantallen) per de afsluitdatum van de pool. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL55 |
Rekeningstatus |
Huidige status van de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling:
Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL56 |
Reden voor wanbetaling of executie |
Indien er met betrekking tot de onderliggende blootstelling sprake is van wanbetaling overeenkomstig artikel 178 van Verordening (EU) nr. 575/2013, selecteer de passende reden:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL57 |
Bedrag van wanbetaling |
Totaal brutobedrag van wanbetaling vóór toepassing van verkoopopbrengsten en terugvorderingen. Als er geen sprake van wanbetaling is, vul dan 0 in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL58 |
Wanbetalingsdatum |
De datum van de wanbetaling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL59 |
Toegerekende verliezen |
De toegerekende verliezen tot heden, na aftrek van vergoedingen, opgebouwde rente enz. en na toepassing van verkoopopbrengsten en terugvorderingen (met uitzondering van premies op vervroegde betalingen indien achtergesteld bij terugvorderingen van kapitaal). Verkoopwinsten dienen te worden vermeld als negatief getal. Moet de meest recente situatie per de afsluitdatum van de gegevensinzending weergeven, d.w.z. naarmate terugvorderingen worden geïnd en de oplossingsprocedure voortschrijdt. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL60 |
Cumulatieve terugvorderingen |
Totaal aan terugvorderingen (ongeacht de bron ervan) op de schuld (met wanbetaling, als oninbaar geboekt enz.), exclusief kosten. Omvat alle bronnen van terugvorderingen, niet alleen de opbrengsten van de afstoting van onderpand. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL61 |
Depositobedrag |
De som van alle door de initiator of verkoper aangehouden bedragen van de debiteur die potentieel kunnen worden verrekend met het saldo van de onderliggende blootstelling, met uitzondering van de baten van een nationale schadeloosstellingsregeling voor deposito’s. Om dubbeltelling te voorkomen, kan dit worden gemaximeerd op het laagste van 1) het depositobedrag, en 2) het maximale potentieel verrekenbare bedrag op het niveau van de debiteur (en dus niet op het niveau van de onderliggende blootstelling) binnen de pool. Het bedrag van de aanbetaling moet luiden in dezelfde valuta als die welke is gebruikt voor de onderliggende blootstelling. Als een debiteur meer dan één onderliggende blootstelling heeft uitstaan in de pool, moet dit veld worden ingevuld voor elke onderliggende blootstelling, en het is aan de rapporterende entiteit om te besluiten hoe het depositobedrag wordt verdeeld over die onderliggende blootstellingen, met inachtneming van het hierboven bedoelde plafond en zolang de totale posten voor dit veld, voor de diverse onderliggende blootstellingen, optellen tot het juiste bedrag. Als de debiteur bijvoorbeeld een depositosaldo van 100 EUR heeft en twee onderliggende blootstellingen heeft uitstaan in de pool, van respectievelijk 60 en 75 EUR. Dit veld kan worden ingevuld als ofwel onderliggende blootstelling 1 - 60 EUR en onderliggende blootstelling 2 - 40 EUR, ofwel onderliggende blootstelling 1 - 25 EUR en onderliggende blootstelling 2 - 75 EUR (d.w.z. dat het relatieve bedrag dat moet worden ingevuld in dit veld voor elke onderliggende blootstelling wordt gemaximeerd op 60 EUR voor onderliggende blootstelling 1 en op 75 EUR voor onderliggende blootstelling 2 en de som van de waarden voor onderliggende blootstelling 1 en onderliggende blootstelling 2 gelijk moet zijn aan 100 EUR). Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL62 |
Naam van oorspronkelijke kredietverstrekker |
De volledige juridische naam van de oorspronkelijke kredietverstrekker. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL63 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van oorspronkelijke kredietverstrekker |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de oorspronkelijke kredietverstrekker. Indien er geen LEI beschikbaar is, vul dan ND5 in. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL64 |
Land van vestiging van oorspronkelijke kredietverstrekker |
Land waar de oorspronkelijke kredietverstrekker is gevestigd. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL65 |
Naam van initiator |
De volledige juridische naam van de initiator van de onderliggende blootstelling. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL66 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van initiator |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de initiator van de onderliggende blootstelling. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL67 |
Land van vestiging van initiator |
Land waar de initiator van de onderliggende blootstelling is gevestigd. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL68 |
Waarde energieprestatiecertificaat |
De waarde van het energieprestatiecertificaat van het onderpand op het moment van initiëring:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CMRL69 |
Naam van verstrekker van energieprestatiecertificaat |
Vul de volledige juridische naam van de verstrekker van het energieprestatiecertificaat in. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
BIJLAGE VII
INFORMATIE OVER ONDERLIGGENDE BLOOTSTELLINGEN — CREDITCARD
|
Veldcode |
Veldnaam |
Te rapporteren inhoud |
ND1-ND4 toegestaan? |
ND5 toegestaan? |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Informatie over onderliggende blootstellingen |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL1 |
Unieke identificatiecode |
De unieke identificatiecode die door de rapporterende entiteit is toegekend overeenkomstig artikel 11, lid 1, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/1224 van de Commissie. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL2 |
Oorspronkelijke identificatiecode van onderliggende blootstelling |
Unieke identificatiecode van de onderliggende blootstelling. De identificatiecode moet verschillen van externe identificatiecodes teneinde de anonimiteit van de debiteur te garanderen. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL3 |
Nieuwe identificatiecode van onderliggende blootstelling |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld CCDL2 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld CCDL2. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL4 |
Oorspronkelijke identificatiecode van debiteur |
Oorspronkelijke unieke identificatiecode van de debiteur. De identificatiecode moet verschillen van externe identificatiecodes teneinde de anonimiteit van de debiteur te garanderen. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL5 |
Nieuwe identificatiecode van debiteur |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld CCDL4 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld CCDL4. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL6 |
Afsluitdatum van gegevensinzending |
De afsluitdatum van deze gegevensinzending. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL7 |
Datum van toevoeging aan pool |
De datum waarop de onderliggende blootstelling is overgedragen aan de SSPE. Voor alle onderliggende blootstellingen in de pool per de afsluitdatum zoals vermeld in het eerste bij het securitisatieregister ingediende verslag; indien deze informatie niet beschikbaar is, vul dan de sluitingsdatum van de securitisatie in of, als deze later is, de datum van initiëring van de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL8 |
Datum van terugkoop |
Datum waarop de onderliggende blootstelling is teruggekocht uit de pool. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL9 |
Geografische regio — debiteur |
De geografische regio (NUTS3-classificatie) waar de debiteur is gevestigd. Wanneer Eurostat geen NUTS3-classificatie heeft opgesteld (bv. in geval van een rechtsgebied buiten de EU), vul dan de tweecijferige landcode in ({COUNTRYCODE_2}), gevolgd door “ZZZ”. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL10 |
Geografische regio — classificatie |
Vul het jaar van de voor de velden voor de geografische regio gebruikte NUTS3-classificatie in, bv. 2013 voor NUTS3 2013. In alle velden voor de geografische regio moet consequent dezelfde classificatie worden gebruikt voor elke onderliggende blootstelling en voor alle onderliggende blootstellingen in de gegevensinzending. Het gebruik van NUTS3 2006 in sommige velden voor de geografische regio met betrekking tot een gegeven onderliggende blootstelling en NUTS3 2013 in andere velden met betrekking tot dezelfde blootstelling is bijvoorbeeld niet toegestaan. Evenzo is het gebruik van NUTS3 2006 in de velden voor de geografische regio voor sommige onderliggende blootstellingen en NUTS3 2013 voor andere onderliggende blootstellingen in dezelfde gegevensinzending niet toegestaan. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL11 |
Arbeidsstatus |
Arbeidsstatus van de primaire debiteur:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL12 |
Debiteur met aangetaste kredietwaardigheid |
Bevestig dat, overeenkomstig artikel 20, lid 11, van Verordening (EU) 2017/2402, deze onderliggende blootstelling op het moment van selectie voor overdracht aan de SSPE geen blootstelling was waarbij sprake was van wanbetaling in de zin van artikel 178, lid 1, van Verordening (EU) nr. 575/2013, of een blootstelling met betrekking tot een debiteur of garantiegever met aangetaste kredietwaardigheid die, voor zover de initiator of de oorspronkelijke kredietverstrekker bekend:
Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL13 |
Cliënttype |
Type cliënt bij initiëring:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL14 |
Primair inkomen |
Primair jaarinkomen van debiteur dat wordt gebruikt bij het overnemen (“underwriting”) van de onderliggende blootstelling op het moment van de initiëring. Wanneer de primaire debiteur een rechtspersoon/juridische entiteit is, voer dan de jaaromzet die debiteur in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL15 |
Type primair inkomen |
Vermeld welk inkomen wordt weergegeven in CCDL14:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL16 |
Valuta van primair inkomen |
De munteenheid waarin het inkomen of de inkomsten van de primaire debiteur is/zijn uitgedrukt. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL17 |
Inkomenscontrole voor primair inkomen |
Inkomenscontrole voor primair inkomen:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL18 |
Bijzondere regeling |
Indien op de onderliggende blootstelling een bijzondere regeling voor de publieke sector van toepassing is, geef hier dan de volledige naam (zonder afkortingen) van de regeling. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL19 |
Datum van initiëring |
De datum waarop de rekening is geopend. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL20 |
Kanaal van initiëring |
Het kanaal van de initiëring:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL21 |
Munteenheid |
De munteenheid waarin de onderliggende blootstelling is uitgedrukt. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL22 |
Huidig kapitaalsaldo |
Vul het huidige totale door de debiteur op de rekening verschuldigde bedrag in (inclusief alle vergoedingen en rente). Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL23 |
Totale kredietlimiet |
Voor onderliggende blootstellingen die worden gekenmerkt door flexibel herlenen (met inbegrip van revolveerkenmerken) of wanneer het maximumbedrag van de onderliggende blootstelling niet volledig is opgenomen — het maximaal mogelijke uitstaande bedrag van de onderliggende blootstelling. Dit veld moet alleen worden ingevuld voor onderliggende blootstellingen met flexibele of andere hernieuwingskenmerken. Dit is niet bedoeld voor gevallen waarin de debiteur kan heronderhandelen over een verhoging van het saldo van een onderliggende blootstelling, maar voor gevallen waarin contractueel is vastgelegd dat de debiteur dit kan doen en de kredietverstrekker de aanvullende financiering kan verstrekken. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL24 |
Aankoopprijs |
De prijs, ten opzichte van de nominale waarde, waartegen de onderliggende blootstelling door de SSPE is gekocht. Vul 100 in indien geen discontering is toegepast. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL25 |
Einddatum van aflossingsvrije periode voor kapitaal |
Indien van toepassing per de afsluitdatum van de gegevensinzending, vermeld dan de einddatum van de aflossingsvrije periode voor het kapitaal. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL26 |
Geplande frequentie van kapitaalaflossingen |
Frequentie van de verschuldigde kapitaalaflossingen, d.w.z. de periode tussen de aflossingen:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL27 |
Geplande frequentie van rentebetalingen |
Frequentie van de verschuldigde rentebetalingen, d.w.z. de periode tussen de betalingen:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL28 |
Verschuldigde betaling |
De volgende minimale geplande betaling die de debiteur verschuldigd is. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL29 |
Huidige rentevoet |
Totaal gewogen gemiddeld rendement, inclusief alle vergoedingen die van toepassing waren op de meest recente factureringsdatum (d.w.z dat dit is gefactureerd, geen contant rendement). |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL30 |
Huidige rente-index |
De basisreferentie-index die momenteel wordt toegepast (referentierente op basis waarvan de rentevoet wordt vastgesteld):
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL31 |
Looptijd (“tenor”) van huidige rente-index |
Looptijd (“tenor”) van de huidige rente-index:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL32 |
Aantal betalingen vóór securitisatie |
Vul het aantal betalingen in dat is verricht vóór de overdracht van de blootstelling aan de securitisatie. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL33 |
Herstructureringsdatum |
De datum waarop de onderliggende blootstelling is geherstructureerd. Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. Indien er meerdere datums zijn, moeten alle datums worden verstrekt overeenkomstig het XML-schema. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL34 |
Laatste datum betalingsachterstand |
Datum waarop voor het laatst een betalingsachterstand op de rekening bestond. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL35 |
Aantal dagen achterstallig |
Aantal dagen dat er een betalingsachterstand op de rekening is per de afsluitdatum van de gegevensinzending. Als er geen betalingsachterstand is, vul dan 0 in. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL36 |
Saldo van achterstallige bedragen |
Huidig saldo van achterstallige bedragen, gedefinieerd als:
Indien er geen achterstallige betalingen zijn, vul dan 0 in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL37 |
Rekeningstatus |
Huidige status van de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling:
Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL38 |
Reden voor wanbetaling of executie |
Indien er met betrekking tot de onderliggende blootstelling sprake is van wanbetaling overeenkomstig artikel 178 van Verordening (EU) nr. 575/2013, selecteer de passende reden:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL39 |
Bedrag van wanbetaling |
Totaal brutobedrag van wanbetaling vóór toepassing van verkoopopbrengsten en terugvorderingen. Als er geen sprake van wanbetaling is, vul dan 0 in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL40 |
Wanbetalingsdatum |
De datum van de wanbetaling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL41 |
Cumulatieve terugvorderingen |
Totaal aan terugvorderingen (ongeacht de bron ervan) op de schuld (met wanbetaling, als oninbaar geboekt enz.), exclusief kosten. Omvat alle bronnen van terugvorderingen, niet alleen de opbrengsten van de afstoting van onderpand. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL42 |
Naam van oorspronkelijke kredietverstrekker |
De volledige juridische naam van de oorspronkelijke kredietverstrekker. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL43 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van oorspronkelijke kredietverstrekker |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de oorspronkelijke kredietverstrekker. Indien er geen LEI beschikbaar is, vul dan ND5 in. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL44 |
Land van vestiging van oorspronkelijke kredietverstrekker |
Land waar de oorspronkelijke kredietverstrekker is gevestigd. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL45 |
Naam van initiator |
De volledige juridische naam van de initiator van de onderliggende blootstelling. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL46 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van initiator |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de initiator van de onderliggende blootstelling. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CCDL47 |
Land van vestiging van initiator |
Land waar de initiator van de onderliggende blootstelling is gevestigd. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
BIJLAGE VIII
INFORMATIE OVER ONDERLIGGENDE BLOOTSTELLINGEN — LEASING
|
Veldcode |
Veldnaam |
Te rapporteren inhoud |
ND1-ND4 toegestaan? |
ND5 toegestaan? |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Informatie over onderliggende blootstellingen |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL1 |
Unieke identificatiecode |
De unieke identificatiecode die door de rapporterende entiteit is toegekend overeenkomstig artikel 11, lid 1, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/1224 van de Commissie. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL2 |
Oorspronkelijke identificatiecode van onderliggende blootstelling |
Unieke identificatiecode van de onderliggende blootstelling. De identificatiecode moet verschillen van externe identificatiecodes teneinde de anonimiteit van de debiteur te garanderen. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL3 |
Nieuwe identificatiecode van onderliggende blootstelling |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld LESL2 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld LESL2. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL4 |
Oorspronkelijke identificatiecode van debiteur |
Oorspronkelijke unieke identificatiecode van de debiteur. De identificatiecode moet verschillen van externe identificatiecodes teneinde de anonimiteit van de debiteur te garanderen. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL5 |
Nieuwe identificatiecode van debiteur |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld LESL4 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld LESL4. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL6 |
Afsluitdatum van gegevensinzending |
De afsluitdatum van deze gegevensinzending. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL7 |
Datum van toevoeging aan pool |
De datum waarop de onderliggende blootstelling is overgedragen aan de SSPE. Voor alle onderliggende blootstellingen in de pool per de afsluitdatum zoals vermeld in het eerste bij het securitisatieregister ingediende verslag; indien deze informatie niet beschikbaar is, vul dan de sluitingsdatum van de securitisatie in of, als deze later is, de datum van initiëring van de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL8 |
Datum van terugkoop |
Datum waarop de onderliggende blootstelling is teruggekocht uit de pool. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL9 |
Datum van aflossing |
De datum van terugbetaling van de rekening of (voor onderliggende blootstellingen waarop wanbetaling heeft plaatsgevonden) de datum waarop het aflossingsproces is voltooid. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL10 |
Geografische regio — debiteur |
De geografische regio (NUTS3-classificatie) waar de debiteur is gevestigd. Wanneer Eurostat geen NUTS3-classificatie heeft opgesteld (bv. in geval van een rechtsgebied buiten de EU), vul dan de tweecijferige landcode in ({COUNTRYCODE_2}), gevolgd door “ZZZ”. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL11 |
Geografische regio — classificatie |
Vul het jaar van de voor de velden voor de geografische regio gebruikte NUTS3-classificatie in, bv. 2013 voor NUTS3 2013. In alle velden voor de geografische regio moet consequent dezelfde classificatie worden gebruikt voor elke onderliggende blootstelling en voor alle onderliggende blootstellingen in de gegevensinzending. Het gebruik van NUTS3 2006 in sommige velden voor de geografische regio met betrekking tot een gegeven onderliggende blootstelling en NUTS3 2013 in andere velden met betrekking tot dezelfde blootstelling is bijvoorbeeld niet toegestaan. Evenzo is het gebruik van NUTS3 2006 in de velden voor de geografische regio voor sommige onderliggende blootstellingen en NUTS3 2013 voor andere onderliggende blootstellingen in dezelfde gegevensinzending niet toegestaan. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL12 |
Debiteur met aangetaste kredietwaardigheid |
Bevestig dat, overeenkomstig artikel 20, lid 11, van Verordening (EU) 2017/2402, deze onderliggende blootstelling op het moment van selectie voor overdracht aan de SSPE geen blootstelling was waarbij sprake was van wanbetaling in de zin van artikel 178, lid 1, van Verordening (EU) nr. 575/2013, of een blootstelling met betrekking tot een debiteur of garantiegever met aangetaste kredietwaardigheid die, voor zover de initiator of de oorspronkelijke kredietverstrekker bekend:
Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL13 |
Bazel III-debiteurensegment |
Bazel III-debiteurensegment:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL14 |
Cliënttype |
Type cliënt bij initiëring:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL15 |
NACE-sectorcode |
NACE-code van leasingsector als vermeld in Verordening (EG) nr. 1893/2006. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL16 |
Omvang onderneming |
Classificatie van ondernemingen naar omvang, overeenkomstig de bijlage bij Aanbeveling 2003/361/EG van de Commissie:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL17 |
Inkomsten |
Jaarlijkse omzet na alle kortingen en omzetbelasting van de debiteur overeenkomstig Aanbeveling 2003/361/EG. Equivalent aan het begrip “totale jaaromzet” in artikel 153, lid 4, van Verordening (EU) nr. 575/2013. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL18 |
Valuta van financiële verslaglegging |
De munteenheid waarin de informatie in de financiële overzichten is uitgedrukt. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL19 |
Type product |
De classificatie van de onderliggende blootstelling, volgens de definities van de verhuurder:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL20 |
Verstrekking door syndicaat |
Is de onderliggende blootstelling verstrekt door een syndicaat? |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL21 |
Bijzondere regeling |
Indien op de onderliggende blootstelling een bijzondere regeling voor de publieke sector van toepassing is, geef hier dan de volledige naam (zonder afkortingen) van de regeling. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL22 |
Datum van initiëring |
Datum van de betaling van het voorschot op de oorspronkelijke lease. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL23 |
Vervaldatum |
Datum waarop de onderliggende blootstelling of de lease vervalt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL24 |
Oorspronkelijke looptijd |
Oorspronkelijke contractuele looptijd (aantal maanden) op de datum van initiëring. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL25 |
Kanaal van initiëring |
Kanaal voor de initiëring van de onderliggende blootstelling:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL26 |
Munteenheid |
De munteenheid waarin de onderliggende blootstelling is uitgedrukt. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL27 |
Oorspronkelijk kapitaalsaldo |
Oorspronkelijke (of verdisconteerde) kapitaalsaldo van de lease (inclusief gekapitaliseerde vergoedingen) bij initiëring. Dit is het saldo van de lease op de datum van initiëring, niet de datum van verkoop van de onderliggende blootstelling aan de SSPE of de sluitingsdatum van de securitisatie. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL28 |
Huidig kapitaalsaldo |
Op de afsluitdatum van de gegevensinzending uitstaand leasesaldo of verdisconteerd leasesaldo van de debiteur. Dit omvat bedragen die als zekerheid voor het activum zijn gesteld. Indien er bijvoorbeeld vergoedingen zijn toegevoegd aan het saldo die onderdeel zijn van het kapitaal in de securitisatie, dan moeten deze worden toegevoegd. Achterstallige rentebetalingen en boeten zijn hiervan uitgezonderd. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL29 |
Aankoopprijs |
De prijs, ten opzichte van de nominale waarde, waartegen de onderliggende blootstelling door de SSPE is gekocht. Vul 100 in indien geen discontering is toegepast. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL30 |
Gesecuritiseerde restwaarde |
Alleen het bedrag van de restwaarde dat gesecuritiseerd is. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL31 |
Aflossingstype |
Type aflossing van de onderliggende blootstelling met inbegrip van kapitaal en rente. Frans — d.w.z. aflossing waarbij het totale bedrag (kapitaal plus rente) dat elke termijn wordt terugbetaald steeds gelijk is. (FRXX) Duits — d.w.z. aflossing waarbij de eerste aflossingstermijn uitsluitend rente omvat en het bedrag van de overige termijnen constant is, met inbegrip van kapitaalaflossing en rente. (DEXX) Vast aflossingsschema — d.w.z. aflossing waarbij het af te lossen bedrag van het kapitaal steeds gelijk is. (FIXE) Bullet — d.w.z. aflossing waarbij het volledige kapitaal in de laatste aflossingstermijn wordt terugbetaald. (BLLT) Anders (OTHR) |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL32 |
Einddatum van aflossingsvrije periode voor kapitaal |
Indien van toepassing per de afsluitdatum van de gegevensinzending, vermeld dan de einddatum van de aflossingsvrije periode voor het kapitaal. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL33 |
Geplande frequentie van kapitaalaflossingen |
Frequentie van de verschuldigde kapitaalaflossingen, d.w.z. de periode tussen de aflossingen:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL34 |
Geplande frequentie van rentebetalingen |
Frequentie van de verschuldigde rentebetalingen, d.w.z. de periode tussen de betalingen:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL35 |
Verschuldigde betaling |
Dit is de volgende contractueel verschuldigde betaling overeenkomstig de betalingsfrequentie van de onderliggende blootstelling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL36 |
Huidige rentevoet |
Totale bruto rentevoet of discontovoet die wordt toegepast op de onderliggende blootstelling. Per periode berekende rentevoeten moeten worden geannualiseerd. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL37 |
Huidige rente-index |
De basisreferentie-index die momenteel wordt toegepast (referentierente op basis waarvan de rentevoet wordt vastgesteld):
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL38 |
Looptijd (“tenor”) van huidige rente-index |
Looptijd (“tenor”) van de huidige rente-index:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL39 |
Huidige rentevoetmarge |
De huidige rentevoetmarge van de onderliggende blootstelling met variabele rente boven (of onder, in welk geval een negatief getal wordt ingevoerd) het indextarief. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL40 |
Interval voor herziening van rentevoet |
Aantal maanden tussen elke datum waarop de rentevoet op de onderliggende blootstelling wordt aangepast. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL41 |
Rentevoetplafond |
Maximumtarief dat de debiteur moet betalen op een lease met variabele rente overeenkomstig de voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL42 |
Rentevoetbodem |
Maximumtarief dat de debiteur moet betalen op een lease met variabele rente overeenkomstig de voorwaarden van de leaseovereenkomst. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL43 |
Aantal betalingen vóór securitisatie |
Vul het aantal betalingen in dat is verricht vóór de overdracht van de blootstelling aan de securitisatie. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL44 |
Percentage aan per jaar toegestane vervroegde terugbetalingen |
Percentage vervroegde terugbetalingen dat per jaar is toegestaan voor het product. Dit is voor onderliggende blootstellingen waarvoor een bepaalde drempel voor vervroegde terugbetalingen (bv. 10 %) is toegestaan voordat een boete wordt opgelegd. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL45 |
Einddatum verbodsperiode vervroegde terugbetaling |
De datum waarna de kredietverstrekker vervroegde terugbetaling van de lening toestaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL46 |
Vergoeding voor vervroegde terugbetaling |
Van de debiteur geïnd bedrag als vergoeding/boete voor het verrichten van vervroegde betalingen overeenkomstig de voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling. Hierin dienen geen bedragen te worden opgenomen die zijn betaald als “inbreukkosten” ter compensatie van rentebetalingen tot de betalingsdatum voor de lease. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL47 |
Einddatum vergoeding voor vervroegde terugbetaling |
De datum waarop de kredietverstrekker vervroegde terugbetaling van de onderliggende blootstelling toestaat zonder te eisen dat een vergoeding voor vervroegde terugbetaling wordt betaald. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL48 |
Datum vervroegde terugbetaling |
De meest recente datum waarop een niet-geplande kapitaalbetaling is ontvangen. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL49 |
Cumulatieve vervroegde terugbetalingen |
Totale per de afsluitdatum van de gegevensinzending geïnde vervroegde terugbetalingen (vervroegde terugbetalingen gedefinieerd als niet-geplande kapitaalbetalingen) sinds de datum van initiëring van de onderliggende blootstelling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL50 |
Prijs van optie tot koop |
Het bedrag dat de lessee op het einde van de lease moet betalen om eigenaar te worden van het activum, anders dan het in LESL30 bedoelde bedrag. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL51 |
Bedrag van aanbetaling |
Bedrag van deposito/aanbetaling bij initiëring van de onderliggende blootstelling (dit omvat de waarde van ingeruilde uitrusting enz.). Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL52 |
Huidige restwaarde van activum |
Meest recente voorspelde restwaarde van het activum aan het eind van de leasetermijn. Als er geen actualisering is verricht, vul dan de datum van de oorspronkelijk geschatte restwaarde in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL53 |
Herstructureringsdatum |
De datum waarop de onderliggende blootstelling is geherstructureerd. Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. Indien er meerdere datums zijn, moeten alle datums worden verstrekt overeenkomstig het XML-schema. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL54 |
Laatste datum betalingsachterstand |
Datum waarop de debiteur voor het laatst een betalingsachterstand had. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL55 |
Saldo van achterstallige bedragen |
Huidig saldo van achterstallige bedragen, gedefinieerd als:
Indien er geen achterstallige betalingen zijn, vul dan 0 in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL56 |
Aantal dagen achterstallig |
Aantal dagen waarop de onderliggende blootstelling achterstallig is (rente of kapitaal, en als deze van elkaar verschillen, de hoogste van de twee aantallen) per de afsluitdatum van de pool. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL57 |
Rekeningstatus |
Huidige status van de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling:
Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL58 |
Reden voor wanbetaling of executie |
Indien er met betrekking tot de onderliggende blootstelling sprake is van wanbetaling overeenkomstig artikel 178 van Verordening (EU) nr. 575/2013, selecteer de passende reden:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL59 |
Bedrag van wanbetaling |
Totaal brutobedrag van wanbetaling vóór toepassing van verkoopopbrengsten en terugvorderingen. Als er geen sprake van wanbetaling is, vul dan 0 in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL60 |
Wanbetalingsdatum |
De datum van de wanbetaling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL61 |
Toegerekende verliezen |
De toegerekende verliezen tot heden, na aftrek van vergoedingen, opgebouwde rente enz. en na toepassing van verkoopopbrengsten en terugvorderingen (met uitzondering van premies op vervroegde betalingen indien achtergesteld bij terugvorderingen van kapitaal). Verkoopwinsten dienen te worden vermeld als negatief getal. Moet de meest recente situatie per de afsluitdatum van de gegevensinzending weergeven, d.w.z. naarmate terugvorderingen worden geïnd en de oplossingsprocedure voortschrijdt. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL62 |
Cumulatieve terugvorderingen |
Totaal aan terugvorderingen (ongeacht de bron ervan) op de schuld (met wanbetaling, als oninbaar geboekt enz.), exclusief kosten. Omvat alle bronnen van terugvorderingen, niet alleen de opbrengsten van de afstoting van onderpand. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL63 |
Terugvorderingsbron |
De bron van de terugvorderingen:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL64 |
Depositobedrag |
De som van alle door de initiator of verkoper aangehouden bedragen van de debiteur die potentieel kunnen worden verrekend met het saldo van de onderliggende blootstelling, met uitzondering van de baten van een nationale schadeloosstellingsregeling voor deposito’s. Om dubbeltelling te voorkomen, kan dit worden gemaximeerd op het laagste van 1) het depositobedrag, en 2) het maximale potentieel verrekenbare bedrag op het niveau van de debiteur (en dus niet op het niveau van de onderliggende blootstelling) binnen de pool. Het bedrag van de aanbetaling moet luiden in dezelfde valuta als die welke is gebruikt voor de onderliggende blootstelling. Als een debiteur meer dan één onderliggende blootstelling heeft uitstaan in de pool, moet dit veld worden ingevuld voor elke onderliggende blootstelling, en het is aan de rapporterende entiteit om te besluiten hoe het depositobedrag wordt verdeeld over die onderliggende blootstellingen, met inachtneming van het hierboven bedoelde plafond en zolang de totale posten voor dit veld, voor de diverse onderliggende blootstellingen, optellen tot het juiste bedrag. Als de debiteur bijvoorbeeld een depositosaldo van 100 EUR heeft en twee onderliggende blootstellingen heeft uitstaan in de pool, van respectievelijk 60 en 75 EUR. Dit veld kan worden ingevuld als ofwel onderliggende blootstelling 1 - 60 EUR en onderliggende blootstelling 2 - 40 EUR, ofwel onderliggende blootstelling 1 - 25 EUR en onderliggende blootstelling 2 - 75 EUR (d.w.z. dat het relatieve bedrag dat moet worden ingevuld in dit veld voor elke onderliggende blootstelling wordt gemaximeerd op 60 EUR voor onderliggende blootstelling 1 en op 75 EUR voor onderliggende blootstelling 2 en de som van de waarden voor onderliggende blootstelling 1 en onderliggende blootstelling 2 gelijk moet zijn aan 100 EUR). Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL65 |
Geografische regio — onderpand |
De geografische regio (NUTS3-classificatie) waar het fysieke onderpand zich bevindt. Wanneer Eurostat geen NUTS3-classificatie heeft opgesteld (bv. in geval van een rechtsgebied buiten de EU), vul dan de tweecijferige landcode in ({COUNTRYCODE_2}), gevolgd door “ZZZ”. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL66 |
Fabrikant |
Naam van de fabrikant van het activum. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL67 |
Model |
Naam van het activum/model. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL68 |
Jaar van vervaardiging/bouw |
Jaar van vervaardiging. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL69 |
Nieuw of tweedehands |
Staat van het activum bij initiëring van de onderliggende blootstelling:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL70 |
Oorspronkelijke restwaarde van activum |
De geschatte restwaarde van het activum op de datum van initiëring van de onderliggende blootstelling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL71 |
Onderpandtype |
Het (wat waarde betreft) primaire activumtype waar de onderliggende blootstelling door wordt gedekt:
|
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL72 |
Oorspronkelijk taxatiebedrag |
Waardering van het activum bij initiëring van de onderliggende blootstelling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL73 |
Oorspronkelijke taxatiemethode |
De gebruikte methode voor het berekenen van de waarde van het activum bij initiëring van de onderliggende blootstelling:
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL74 |
Oorspronkelijke taxatiedatum |
Datum van taxatie van het activum bij initiëring. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL75 |
Huidig taxatiebedrag |
Meest recente waardering van het activum. Als er sinds de initiëring geen herwaardering heeft plaatsgevonden, vul dan de oorspronkelijke waardering in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL76 |
Huidige taxatiemethode |
De gebruikte methode voor het berekenen van de meest recente waarde van het activum. Als er sinds de initiëring geen herwaardering heeft plaatsgevonden, vul dan het type oorspronkelijke waardering in.
|
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL77 |
Huidige taxatiedatum |
Datum van de meest recente taxatie van het activum. Als er sinds de initiëring geen herwaardering heeft plaatsgevonden, vul dan het type oorspronkelijke waardering in. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL78 |
Aantal geleasete objecten |
Het aantal individuele activa dat wordt gedekt door deze onderliggende blootstelling. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL79 |
Naam van oorspronkelijke kredietverstrekker |
De volledige juridische naam van de oorspronkelijke kredietverstrekker. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL80 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van oorspronkelijke kredietverstrekker |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de oorspronkelijke kredietverstrekker. Indien er geen LEI beschikbaar is, vul dan ND5 in. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL81 |
Land van vestiging van oorspronkelijke kredietverstrekker |
Land waar de oorspronkelijke kredietverstrekker is gevestigd. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL82 |
Naam van initiator |
De volledige juridische naam van de initiator van de onderliggende blootstelling. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL83 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van initiator |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de initiator van de onderliggende blootstelling. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
LESL84 |
Land van vestiging van initiator |
Land waar de initiator van de onderliggende blootstelling is gevestigd. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
BIJLAGE IX
INFORMATIE OVER ONDERLIGGENDE BLOOTSTELLINGEN — ESOTERISCH
|
Veldcode |
Veldnaam |
Te rapporteren inhoud |
ND1-ND4 toegestaan? |
ND5 toegestaan? |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Informatie over onderliggende blootstellingen |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL1 |
Unieke identificatiecode |
De unieke identificatiecode die door de rapporterende entiteit is toegekend overeenkomstig artikel 11, lid 1, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/1224 van de Commissie. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL2 |
Oorspronkelijke identificatiecode van onderliggende blootstelling |
Unieke identificatiecode van de onderliggende blootstelling. De identificatiecode moet verschillen van externe identificatiecodes teneinde de anonimiteit van de debiteur te garanderen. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL3 |
Nieuwe identificatiecode van onderliggende blootstelling |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld ESTL2 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld ESTL2. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL4 |
Oorspronkelijke identificatiecode van debiteur |
Oorspronkelijke unieke identificatiecode van de debiteur. De identificatiecode moet verschillen van externe identificatiecodes teneinde de anonimiteit van de debiteur te garanderen. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL5 |
Nieuwe identificatiecode van debiteur |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld ESTL4 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld ESTL4. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL6 |
Afsluitdatum van gegevensinzending |
De afsluitdatum van deze gegevensinzending. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL7 |
Datum van toevoeging aan pool |
De datum waarop de onderliggende blootstelling is overgedragen aan de SSPE. Voor alle onderliggende blootstellingen in de pool per de afsluitdatum zoals vermeld in het eerste bij het securitisatieregister ingediende verslag; indien deze informatie niet beschikbaar is, vul dan de sluitingsdatum van de securitisatie in of, als deze later is, de datum van initiëring van de onderliggende blootstelling. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL8 |
Datum van terugkoop |
Datum waarop de onderliggende blootstelling is teruggekocht uit de pool. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL9 |
Datum van aflossing |
De datum van terugbetaling van de rekening of (voor onderliggende blootstellingen waarop wanbetaling heeft plaatsgevonden) de datum waarop het aflossingsproces is voltooid. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL10 |
Beschrijving |
Beschrijf de onderliggende blootstelling in een paar woorden (bv. “Toekomstige te ontvangen elektriciteitstarieven”, “Future Flow”). Alle onderliggende blootstellingen van dit type in de gegevensinzending moeten in dezelfde bewoordingen worden beschreven. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL11 |
Geografische regio — debiteur |
De geografische regio (NUTS3-classificatie) waar de debiteur is gevestigd. Wanneer Eurostat geen NUTS3-classificatie heeft opgesteld (bv. in geval van een rechtsgebied buiten de EU), vul dan de tweecijferige landcode in ({COUNTRYCODE_2}), gevolgd door “ZZZ”. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL12 |
Geografische regio — classificatie |
Vul het jaar van de voor de velden voor de geografische regio gebruikte NUTS3-classificatie in, bv. 2013 voor NUTS3 2013. In alle velden voor de geografische regio moet consequent dezelfde classificatie worden gebruikt voor elke onderliggende blootstelling en voor alle onderliggende blootstellingen in de gegevensinzending. Het gebruik van NUTS3 2006 in sommige velden voor de geografische regio met betrekking tot een gegeven onderliggende blootstelling en NUTS3 2013 in andere velden met betrekking tot dezelfde blootstelling is bijvoorbeeld niet toegestaan. Evenzo is het gebruik van NUTS3 2006 in de velden voor de geografische regio voor sommige onderliggende blootstellingen en NUTS3 2013 voor andere onderliggende blootstellingen in dezelfde gegevensinzending niet toegestaan. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL13 |
Arbeidsstatus |
Arbeidsstatus van de primaire debiteur:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL14 |
Debiteur met aangetaste kredietwaardigheid |
Bevestig dat, overeenkomstig artikel 20, lid 11, van Verordening (EU) 2017/2402, deze onderliggende blootstelling op het moment van selectie voor overdracht aan de SSPE geen blootstelling was waarbij sprake was van wanbetaling in de zin van artikel 178, lid 1, van Verordening (EU) nr. 575/2013, of een blootstelling met betrekking tot een debiteur of garantiegever met aangetaste kredietwaardigheid die, voor zover de initiator of de oorspronkelijke kredietverstrekker bekend:
Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL15 |
Rechtsvorm van debiteur |
Rechtsvorm van de cliënt:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL16 |
NACE-sectorcode |
NACE-code van sector kredietverstrekking als vermeld in Verordening (EG) nr. 1893/2006 van het Europees Parlement en de Raad. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL17 |
Primair inkomen |
Primair jaarinkomen van debiteur dat wordt gebruikt bij het overnemen (“underwriting”) van de onderliggende blootstelling op het moment van de initiëring. Wanneer de primaire debiteur een rechtspersoon/juridische entiteit is, voer dan de jaaromzet die debiteur in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL18 |
Type primair inkomen |
Vermeld welk inkomen wordt weergegeven in ESTL17:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL19 |
Valuta van primair inkomen |
De munteenheid waarin het inkomen of de inkomsten van de primaire debiteur is/zijn uitgedrukt. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL20 |
Inkomenscontrole voor primair inkomen |
Inkomenscontrole voor primair inkomen:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL21 |
Inkomsten |
Jaarlijkse omzet na alle kortingen en omzetbelasting van de debiteur overeenkomstig Aanbeveling 2003/361/EG. Equivalent aan het begrip “totale jaaromzet” in artikel 153, lid 4, van Verordening (EU) nr. 575/2013. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL22 |
Valuta van financiële verslaglegging |
De munteenheid waarin de informatie in de financiële overzichten is uitgedrukt. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL23 |
Internationaal effectenidentificatienummer (ISIN) |
De ISIN-code die aan deze onderliggende blootstelling is toegekend, indien van toepassing. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL24 |
Datum van initiëring |
Datum van de betaling van het voorschot op de oorspronkelijke onderliggende blootstelling. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL25 |
Vervaldatum |
Datum waarop de onderliggende blootstelling of de lease vervalt. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL26 |
Munteenheid |
De munteenheid waarin de onderliggende blootstelling is uitgedrukt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL27 |
Oorspronkelijk kapitaalsaldo |
Oorspronkelijk kapitaalsaldo van de onderliggende blootstelling (inclusief gekapitaliseerde vergoedingen) bij initiëring. Dit is het saldo van de onderliggende blootstelling op de datum van initiëring van de onderliggende blootstelling, niet de datum van verkoop van de onderliggende blootstelling aan de SSPE of de sluitingsdatum van de securitisatie. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL28 |
Huidig kapitaalsaldo |
Uitstaand bedrag van de onderliggende blootstelling op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Dit omvat bedragen die in de securitisatie als kapitaal worden aangemerkt. Indien er bijvoorbeeld vergoedingen zijn toegevoegd aan het saldo van de onderliggende blootstelling en die vergoedingen zijn onderdeel van het kapitaal in de securitisatie, dan moeten deze worden toegevoegd. Achterstallige rentebetalingen en boeten zijn hiervan uitgezonderd. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL29 |
Totale kredietlimiet |
Voor onderliggende blootstellingen die worden gekenmerkt door flexibel herlenen (met inbegrip van revolveerkenmerken) of wanneer het maximumbedrag van de onderliggende blootstelling niet volledig is opgenomen — het maximaal mogelijke uitstaande bedrag van de onderliggende blootstelling. Dit veld moet alleen worden ingevuld voor onderliggende blootstellingen met flexibele of andere hernieuwingskenmerken. Dit is niet bedoeld voor gevallen waarin de debiteur kan heronderhandelen over een verhoging van het saldo van een onderliggende blootstelling, maar voor gevallen waarin contractueel is vastgelegd dat de debiteur dit kan doen en de kredietverstrekker de aanvullende financiering kan verstrekken. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL30 |
Aankoopprijs |
De prijs, ten opzichte van de nominale waarde, waartegen de onderliggende blootstelling door de SSPE is gekocht. Vul 100 in indien geen discontering is toegepast. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL31 |
Aflossingstype |
Type aflossing van de onderliggende blootstelling met inbegrip van kapitaal en rente. Frans — d.w.z. aflossing waarbij het totale bedrag (kapitaal plus rente) dat elke termijn wordt terugbetaald steeds gelijk is. (FRXX) Duits — d.w.z. aflossing waarbij de eerste aflossingstermijn uitsluitend rente omvat en het bedrag van de overige termijnen constant is, met inbegrip van kapitaalaflossing en rente. (DEXX) Vast aflossingsschema — d.w.z. aflossing waarbij het af te lossen bedrag van het kapitaal steeds gelijk is. (FIXE) Bullet — d.w.z. aflossing waarbij het volledige kapitaal in de laatste aflossingstermijn wordt terugbetaald. (BLLT) Anders (OTHR) |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL32 |
Einddatum van aflossingsvrije periode voor kapitaal |
Indien van toepassing per de afsluitdatum van de gegevensinzending, vermeld dan de einddatum van de aflossingsvrije periode voor het kapitaal. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL33 |
Geplande frequentie van kapitaalaflossingen |
Frequentie van de verschuldigde kapitaalaflossingen, d.w.z. de periode tussen de aflossingen:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL34 |
Geplande frequentie van rentebetalingen |
Frequentie van de verschuldigde rentebetalingen, d.w.z. de periode tussen de betalingen:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL35 |
Verschuldigde betaling |
Dit is de volgende contractueel verschuldigde betaling overeenkomstig de betalingsfrequentie van de onderliggende blootstelling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL36 |
Schuld/inkomen-ratio |
Schuld gedefinieerd als het per de afsluitdatum van de gegevensinzending uitstaande bedrag van de onderliggende blootstelling; dit omvat bedragen waarvoor de hypotheek als zekerheid is gesteld en die in de securitisatie als kapitaal zullen worden aangemerkt. Indien er bijvoorbeeld vergoedingen zijn toegevoegd aan het saldo van de onderliggende blootstelling en die vergoedingen zijn onderdeel van het kapitaal in de securitisatie, dan moeten deze worden toegevoegd. Achterstallige rentebetalingen en boeten zijn hiervan uitgezonderd. Inkomen gedefinieerd als in de veldcode ESTL17, plus andere relevante inkomsten (bv. secundair inkomen). |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL37 |
Ballonbedrag |
Totaalbedrag van de op de vervaldag van de onderliggende blootstelling te betalen aflossing van het (gesecuritiseerde) kapitaal. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL38 |
Interval voor herziening van rentevoet |
Aantal maanden tussen elke datum waarop de rentevoet op de onderliggende blootstelling wordt aangepast. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL39 |
Huidige rentevoet |
Huidige rentevoet. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL40 |
Huidige rente-index |
De basisreferentie-index die momenteel wordt toegepast (referentierente op basis waarvan de rentevoet wordt vastgesteld):
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL41 |
Looptijd (“tenor”) van huidige rente-index |
Looptijd (“tenor”) van de huidige rente-index:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL42 |
Huidige rentevoetmarge |
De huidige rentevoetmarge van de onderliggende blootstelling met variabele rente boven (of onder, in welk geval een negatief getal wordt ingevoerd) het indextarief. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL43 |
Rentevoetplafond |
Maximumtarief dat de debiteur moet betalen op een onderliggende blootstelling met variabele rente overeenkomstig de voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL44 |
Rentevoetbodem |
Minimumtarief dat de debiteur moet betalen op een onderliggende blootstelling met variabele rente overeenkomstig de voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL45 |
Aantal betalingen vóór securitisatie |
Vul het aantal betalingen in dat is verricht vóór de overdracht van de blootstelling aan de securitisatie. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL46 |
Percentage aan per jaar toegestane vervroegde terugbetalingen |
Percentage vervroegde terugbetalingen dat per jaar is toegestaan voor het product. Dit is voor onderliggende blootstellingen waarvoor een bepaalde drempel voor vervroegde terugbetalingen (bv. 10 %) is toegestaan voordat een boete wordt opgelegd. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL47 |
Einddatum verbodsperiode vervroegde terugbetaling |
De datum waarna de kredietverstrekker vervroegde terugbetaling van de lening toestaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL48 |
Vergoeding voor vervroegde terugbetaling |
Van de debiteur geïnd bedrag als vergoeding/boete voor het verrichten van vervroegde betalingen overeenkomstig de voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling. Hierin dienen geen bedragen te worden opgenomen die zijn betaald als “inbreukkosten” ter compensatie van rentebetalingen tot de betalingsdatum voor de onderliggende blootstelling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL49 |
Einddatum vergoeding voor vervroegde terugbetaling |
De datum waarop de kredietverstrekker vervroegde terugbetaling van de onderliggende blootstelling toestaat zonder te eisen dat een vergoeding voor vervroegde terugbetaling wordt betaald. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL50 |
Datum vervroegde terugbetaling |
De meest recente datum waarop een niet-geplande kapitaalbetaling is ontvangen. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL51 |
Cumulatieve vervroegde terugbetalingen |
Totale per de afsluitdatum van de gegevensinzending geïnde vervroegde terugbetalingen (vervroegde terugbetalingen gedefinieerd als niet-geplande kapitaalbetalingen) sinds de datum van initiëring van de onderliggende blootstelling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL52 |
Laatste datum betalingsachterstand |
Datum waarop de debiteur voor het laatst een betalingsachterstand had. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL53 |
Saldo van achterstallige bedragen |
Huidig saldo van achterstallige bedragen, gedefinieerd als:
Indien er geen achterstallige betalingen zijn, vul dan 0 in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL54 |
Aantal dagen achterstallig |
Aantal dagen waarop de onderliggende blootstelling achterstallig is (rente of kapitaal, en als deze van elkaar verschillen, de hoogste van de twee aantallen) per de afsluitdatum van de pool. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL55 |
Rekeningstatus |
Huidige status van de gesecuritiseerde onderliggende blootstelling:
Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL56 |
Reden voor wanbetaling of executie |
Indien er met betrekking tot de onderliggende blootstelling sprake is van wanbetaling overeenkomstig artikel 178 van Verordening (EU) nr. 575/2013, selecteer de passende reden:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL57 |
Bedrag van wanbetaling |
Totaal brutobedrag van wanbetaling vóór toepassing van verkoopopbrengsten en terugvorderingen. Als er geen sprake van wanbetaling is, vul dan 0 in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL58 |
Wanbetalingsdatum |
De datum van de wanbetaling. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL59 |
Toegerekende verliezen |
De toegerekende verliezen tot heden, na aftrek van vergoedingen, opgebouwde rente enz. en na toepassing van verkoopopbrengsten en terugvorderingen (met uitzondering van premies op vervroegde betalingen indien achtergesteld bij terugvorderingen van kapitaal). Verkoopwinsten dienen te worden vermeld als negatief getal. Moet de meest recente situatie per de afsluitdatum van de gegevensinzending weergeven, d.w.z. naarmate terugvorderingen worden geïnd en de oplossingsprocedure voortschrijdt. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL60 |
Cumulatieve terugvorderingen |
Totaal aan terugvorderingen (ongeacht de bron ervan) op de schuld (met wanbetaling, als oninbaar geboekt enz.), exclusief kosten. Omvat alle bronnen van terugvorderingen, niet alleen de opbrengsten van de afstoting van onderpand. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL61 |
Naam van initiator |
De volledige juridische naam van de initiator van de onderliggende blootstelling. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL62 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van initiator |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de initiator van de onderliggende blootstelling. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL63 |
Land van vestiging van initiator |
Land waar de initiator van de onderliggende blootstelling is gevestigd. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL64 |
Naam van oorspronkelijke kredietverstrekker |
De volledige juridische naam van de oorspronkelijke kredietverstrekker. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL65 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van oorspronkelijke kredietverstrekker |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de oorspronkelijke kredietverstrekker. Indien er geen LEI beschikbaar is, vul dan ND5 in. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTL66 |
Land van vestiging van oorspronkelijke kredietverstrekker |
Land waar de oorspronkelijke kredietverstrekker is gevestigd. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Informatie op het niveau van onderpand |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTC1 |
Unieke identificatiecode |
Vermeld hier dezelfde unieke identificatiecode als in veld ESTL1. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTC2 |
Identificatiecode van onderliggende blootstelling |
Unieke identificatiecode van de onderliggende blootstelling. Deze code moet overeenkomen met de identificatiecode die is ingevuld in veld ESTL3. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTC3 |
Oorspronkelijke identificatiecode van onderpand |
De oorspronkelijk aan het onderpand of de garantie toegekende identificatiecode. De identificatiecode moet verschillen van externe identificatiecodes teneinde de anonimiteit van de debiteur te garanderen. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTC4 |
Nieuwe identificatiecode van onderpand |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld ESTC3 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. De identificatiecode moet verschillen van externe identificatiecodes teneinde de anonimiteit van de debiteur te garanderen. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld ESTC3. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTC5 |
Geografische regio — onderpand |
De geografische regio (NUTS3-classificatie) waar het fysieke onderpand zich bevindt. Wanneer Eurostat geen NUTS3-classificatie heeft opgesteld (bv. in geval van een rechtsgebied buiten de EU), vul dan de tweecijferige landcode in ({COUNTRYCODE_2}), gevolgd door “ZZZ”. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTC6 |
Type zekerheid |
Het type zekerheid:
|
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTC7 |
Type bezwaring |
Type zekerheid dat op het onderpand is gevestigd. Wanneer er een garantie is, heeft dit veld alleen betrekking op elke zekerheid op onderpand dat deze garantie ondersteunt. “Geen bezwaring maar een onherroepelijke volmacht of vergelijkbaar” heeft betrekking op de situatie dat de initiator of de oorspronkelijke kredietverstrekker, naargelang wat van toepassing is, onherroepelijk en onvoorwaardelijk gemachtigd is om het onderpand te allen tijde in de toekomst eenzijdig te bezwaren, zonder dat daarvoor verdere toestemming van de debiteur of de garantiegever nodig is:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTC8 |
Pandrecht |
Hoogste pandrechtpositie van de initiator met betrekking tot het onderpand. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTC9 |
Onderpandtype |
Het (wat waarde betreft) primaire activumtype waar de schuld door wordt gedekt. Wanneer er een door fysiek of financieel onderpand gedekte garantie is, kijk dan door de garantie heen naar een onderpand dat de garantie zou kunnen ondersteunen. Auto (CARX) Industrieel voertuig (INDV) Bedrijfsvrachtwagen (CMTR) Spoorvoertuig (RALV) Nautisch bedrijfsvoertuig (NACM) Nautisch recreatievoertuig (NALV) Vliegtuig (AERO) Werktuigmachine (MCHT) Industriële apparatuur (INDE) Kantooruitrusting (OFEQ) IT-apparatuur (ITEQ) Medische apparatuur (MDEQ) Energiegerelateerde apparatuur (ENEQ) Gebouw voor commerciële doeleinden (CBLD) Residentieel gebouw (RBLD) Industrieel gebouw (IBLD) Ander voertuig (OTHV) Andere apparatuur (OTHE) Ander vastgoed (OTRE) Andere goederen of inventaris (OTGI) Effecten (SECU) Garantie (GUAR) Andere financiële activa (OTFA) Gemengde categorieën van zekerheid voor alle bezittingen van de debiteur (MIXD) Anders (OTHR) |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTC10 |
Huidig taxatiebedrag |
De meest recente waardering van het onderpand. Wanneer er een door fysiek of financieel onderpand gedekte garantie is, kijk dan door de garantie heen naar onderpand dat die garantie ondersteunt. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTC11 |
Huidige taxatiemethode |
De gebruikte methode voor het berekenen van de meest recente waarde van het onderpand, zoals ingevuld in veld ESTC10. Volledige taxatie (FAPR) Langsrijden (DRVB) Geautomatiseerd taxatiemodel (AUVM) Geïndexeerd (IDXD) Desktop (DKTP) Beheer- of vastgoedagent (MAEA) Aankoopprijs (PPRI) Haircut (HCUT) Mark-to-market (MTTM) Taxatie door debiteur (OBLV) Anders (OTHR) |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTC12 |
Huidige taxatiedatum |
De datum van de meest recente taxatie van het onderpand, zoals ingevuld in veld ESTC10. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTC13 |
Huidige loan-to-value (LTV) |
Huidige verhouding tussen lening en waarde (loan-to-value, LTV). Voor leningen met tweede pandrecht is dit de gecombineerde of totale LTV. Wanneer het huidige leningsaldo negatief is, vul dan 0 in. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTC14 |
Oorspronkelijk taxatiebedrag |
De oorspronkelijk getaxeerde waarde van het onderpand op de datum van initiëring van de onderliggende blootstelling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTC15 |
Oorspronkelijke taxatiemethode |
De gebruikte methode voor het berekenen van de in veld ESTC14 vermelde waarde van het onderpand bij initiëring van de onderliggende blootstelling:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTC16 |
Oorspronkelijke taxatiedatum |
De datum van de oorspronkelijk getaxeerde waarde van het fysieke of financiële onderpand, zoals ingevuld in veld ESTC14. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTC17 |
Oorspronkelijke loan-to-value (LTV) |
De oorspronkelijke door de initiator gewaarborgde verhouding tussen de lening en de waarde (LTV). Voor leningen met tweede pandrecht is dit de gecombineerde of totale LTV. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTC18 |
Verkoopdatum |
De datum van verkoop van het onderpand. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTC19 |
Verkoopprijs |
Prijs die is verkregen bij de verkoop van het onderpand in geval van executie. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
ESTC20 |
Valuta van onderpand |
De munteenheid waarin het in veld ESTC10 ingevulde bedrag van de waarde is uitgedrukt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
BIJLAGE X
INFORMATIE OVER ONDERLIGGENDE BLOOTSTELLINGEN — OPSLAG VOOR NIET-RENDERENDE BLOOTSTELLINGEN
|
Veldcode |
Veldnaam |
Te rapporteren inhoud |
ND1-ND4 toegestaan? |
ND5 toegestaan? |
||||||||||||||||||||||||
|
Informatie over onderliggende blootstellingen |
||||||||||||||||||||||||||||
|
NPEL1 |
Unieke identificatiecode |
De unieke identificatiecode die door de rapporterende entiteit is toegekend overeenkomstig artikel 11, lid 1, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/1224 van de. Deze identificatiecode moet overeenkomen met de unieke identificatiecode in het template voor de bijbehorende onderliggende blootstellingen dat is ingevuld voor deze specifieke onderliggende blootstelling. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL2 |
Oorspronkelijke identificatiecode van onderliggende blootstelling |
Unieke identificatiecode van de onderliggende blootstelling. De identificatiecode moet verschillen van externe identificatiecodes teneinde de anonimiteit van de debiteur te garanderen. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. Deze identificatiecode moet overeenkomen met de oorspronkelijke identificatiecode van onderliggende blootstelling in het template voor de bijbehorende onderliggende blootstellingen (bijlagen II-IX bij deze verordening) dat is ingevuld voor deze specifieke onderliggende blootstelling. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL3 |
Nieuwe identificatiecode van onderliggende blootstelling |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld NPEL2 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in (die moet overeenkomen met de nieuwe identificatiecode in het template voor de bijbehorende onderliggende blootstellingen (bijlagen II-IX bij deze verordening) dat is ingevuld voor deze specifieke onderliggende blootstelling. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld NPEL2. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL4 |
Oorspronkelijke identificatiecode van debiteur |
Oorspronkelijke unieke identificatiecode van de debiteur. De identificatiecode moet verschillen van externe identificatiecodes teneinde de anonimiteit van de debiteur te garanderen. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. Deze identificatiecode moet overeenkomen met de unieke identificatiecode van debiteur in het template voor de bijbehorende onderliggende blootstellingen (bijlagen II-IX bij deze verordening) dat is ingevuld voor deze specifieke onderliggende blootstelling. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL5 |
Nieuwe identificatiecode van debiteur |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld NPEL4 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in (die moet overeenkomen met de nieuwe identificatiecode van debiteur in het template voor de bijbehorende onderliggende blootstellingen (bijlagen II-IX bij deze verordening) dat is ingevuld voor deze specifieke onderliggende blootstelling. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld NPEL4. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL6 |
Afsluitdatum van gegevensinzending |
De afsluitdatum van deze gegevensinzending. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL7 |
Onder curatele |
Geeft aan of de debiteur onder curatele is gesteld. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL8 |
Datum van laatste contact |
Datum waarop er voor het laatst rechtstreeks contact met de debiteur is geweest. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL9 |
Overleden |
Geeft aan of de debiteur is overleden. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL10 |
Juridische status |
Het type juridische status van de debiteur. Beursgenoteerde onderneming: onderneming waarvan de aandelen een notering hebben en worden verhandeld op een effectenbeurs (LCRP). Niet-beursgenoteerde onderneming: onderneming waarvan de aandelen geen notering hebben en niet worden verhandeld op een effectenbeurs; een niet-beursgenoteerde onderneming kan echter een onbeperkt aantal aandeelhouders hebben om kapitaal bij op te halen voor een bedrijfsactiviteit (UCRP). Beursgenoteerd fonds: fonds waarvan de aandelen een notering hebben en worden verhandeld op een effectenbeurs (LFND) Niet-beursgenoteerd fonds: fonds waarvan de aandelen geen notering hebben en niet worden verhandeld op een effectenbeurs (UFND). Personenvennootschap: sponsor bestaande uit een groep van personen die een juridische vennootschap vormen, waarbinnen winsten en verplichtingen worden gedeeld (PSHP). Particulier (INDV). |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL11 |
Type juridische procedure |
Type insolventieprocedure waarin de debiteur zich momenteel bevindt:
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL12 |
Naam van juridische procedure |
Naam van de juridische procedure, als indicatie van de fase waarin de procedure zich bevindt, afhankelijk van het land waar de debiteur is gevestigd. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL13 |
Voltooide juridische procedures |
Beschrijving van de ten aanzien van de debiteur voltooide juridische procedures. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL14 |
Begindatum van huidige juridische procedure |
Datum waarop de debiteur de lopende juridische procedure is gestart. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL15 |
Datum benoeming insolventiefunctionaris |
Datum waarop de insolventiefunctionaris is benoemd. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL16 |
Huidig aantal gerechtelijke bevelen |
Aantal uitstaande gerechtelijke executiebevelen ten aanzien van de debiteur. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL17 |
Aantal gewezen vonnissen |
Aantal gewezen gerechtelijke executiebevelen ten aanzien van de debiteur. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL18 |
Datum van indiening externe vordering |
Datum waarop een vordering door de advocaat is ingediend namens de instelling. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL19 |
Datum van verzending van brief inzake voorbehoud van rechten |
Datum waarop de brief inzake voorbehoud van rechten door de instelling is verzonden. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL20 |
Jurisdictie van de rechtbank |
Locatie van de rechtbank die de zaak behandelt. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL21 |
Datum van verkrijging bevel tot inbezitstelling |
Datum waarop het bevel tot inbezitstelling door de rechtbank wordt verleend. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL22 |
Opmerkingen over andere rechtsgedingen |
Nadere toelichting op/gegevens over eventuele andere rechtsgedingen. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL23 |
Toepasselijk recht |
Rechtsgebied waaronder de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling valt. Dit is niet noodzakelijkerwijs het land waar de onderliggende blootstelling is geïnitieerd. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL24 |
Beschrijving van specifieke terugbetaling |
Beschrijving van het specifieke terugbetalingsprofiel wanneer in het veld “Aflossingstype” de optie “Anders” is geselecteerd. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL25 |
Begindatum van “alleen rente”-periode |
Datum waarop de huidige periode van “alleen rente” betalen begint. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL26 |
Einddatum van “alleen rente”-periode |
Datum waarop de huidige periode van “alleen rente” betalen eindigt. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL27 |
Begindatum van huidige periode met vaste rente |
Datum waarop de huidige periode met vaste rente begint. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL28 |
Einddatum van huidige periode met vaste rente |
Datum waarop de huidige periode met vaste rente eindigt. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL29 |
Huidige rentevoet na omzetting |
Huidige hoogte van de rentevoet na omzetting van rentetype overeenkomstig de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL30 |
Meest recente betalingsdatum |
Datum van de meest recente betaling. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL31 |
Door syndicaat verstrekte portie |
Percentage van de door de instelling aangehouden portie wanneer in het veld “Verstrekking door syndicaat” in de toepasselijke bijlage voor de niet-renderende blootstelling “Ja” is ingevuld. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL32 |
Datum van verkrijging MARP-status |
Datum waarop de onderliggende blootstelling de huidige MARP-status heeft verkregen. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL33 |
MARP-status |
De status in het huidige Mortgage Arrears Resolution Process (MARP):
|
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL34 |
Niveau van externe incasso |
Geeft aan of externe incasso is voorbereid op het niveau van debiteur of op het niveau van de onderliggende blootstelling. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL35 |
Terugbetalingsplan |
Geeft aan of er een terugbetalingsplan is overeengekomen met het externe incassobureau. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL36 |
Niveau van respijt |
Geeft aan of er respijt is voorbereid op het niveau van debiteur of op het niveau van de onderliggende blootstelling. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL37 |
Datum van eerste respijt |
Datum waarop het eerste respijt is verleend. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL38 |
Aantal historische respijtgebeurtenissen |
Aantal keer dat in het verleden respijt is verleend. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL39 |
Kwijtschelding kapitaal |
Bedrag van het kapitaal dat is kwijtgescholden in het kader van het huidige respijt, inclusief met extern incassobureau overeengekomen kwijtgescholden kapitaal. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL40 |
Datum van kwijtschelding kapitaal |
Datum waarop het kapitaal is kwijtgescholden. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL41 |
Einddatum respijt |
Datum waarop de huidige respijtregeling eindigt. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEL42 |
Bedrag van de terugbetaling bij respijt |
Periodieke terugbetaling die de instelling en de debiteur zijn overeengekomen onder de huidige respijtvoorwaarden. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
Informatie op het niveau van onderpand |
||||||||||||||||||||||||||||
|
NPEC1 |
Unieke identificatiecode |
Vermeld hier dezelfde unieke identificatiecode als in veld NPEL1. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEC2 |
Identificatiecode van onderliggende blootstelling |
Unieke identificatiecode van de onderliggende blootstelling. Deze code moet overeenkomen met de identificatiecode die is ingevuld in veld NPEL3. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEC3 |
Oorspronkelijke identificatiecode van onderpand |
De oorspronkelijk aan het onderpand of de garantie toegekende identificatiecode. Wanneer het type onderliggende blootstelling vereist dat bijlage II, III, IV of IX moet worden ingevuld, moet dit veld overeenkomen met de oorspronkelijke onderpandcode in het desbetreffende template dat is ingevuld voor dit specifieke onderpand (d.w.z. dat dit veld moet overeenkomen met de velden RREC3, CREC3, CRPC3 en ESTC3, voor zover van toepassing). De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEC4 |
Nieuwe identificatiecode van onderpand |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld NPEC3 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. Wanneer het type onderliggende blootstelling vereist dat bijlage II, III, IV of IX moet worden ingevuld, moet dit veld overeenkomen met de nieuwe onderpandcode in het desbetreffende template dat is ingevuld voor dit specifieke onderpand (d.w.z. dat dit veld moet overeenkomen met de velden RREC4, CREC4, CRPC4 en ESTC4, voor zover van toepassing). Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld NPEC3. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEC5 |
Verschuldigde btw |
Verschuldigde btw bij verkoop van de eenheid. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEC6 |
Percentage voltooid |
Het percentage van de ontwikkeling dat is voltooid sinds de aanvang van de bouw. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEC7 |
Uitwinningsstatus |
Status van het uitwinningsproces waarin het onderpand zich momenteel bevindt, per de afsluitdatum van de gegevensinzending, bv. indien het onder curatele is gesteld. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEC8 |
Uitwinningsstatus derden |
Hebben andere crediteuren voor wie zekerheid is gesteld stappen ondernomen om de zekerheid op het activum uit te winnen? |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEC9 |
Toegekend hypotheekbedrag |
Totaalbedrag van de hypotheek dat is toegewezen aan het onderpand. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEC10 |
Onderliggende blootstelling met hogere rangorde |
Bedrag van de onderliggende blootstellingen met hogere rangorde/pandrecht die worden gedekt door het onderpand dat niet door de instelling wordt aangehouden en niet deel uitmaakt van de portefeuille. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEC11 |
Beschrijving van uitwinning |
Opmerkingen over of beschrijving van de uitwinningsfase. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEC12 |
Bedrag gerechtelijke taxatie |
Bedrag van de gerechtelijke taxatie van het eigendom/onderpand Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEC13 |
Datum gerechtelijke taxatie |
Datum waarop de gerechtelijke taxatie is verricht. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEC14 |
Marktprijs |
Marktprijs van het eigendom/onderpand. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEC15 |
Biedprijs |
De hoogste door potentiële kopers geboden prijs. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEC16 |
Datum in verkoop doen van eigendom |
Datum waarop het eigendom/onderpand in de verkoop is gedaan. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEC17 |
Datum eigendom op de markt |
Datum waarop het eigendom/onderpand te koop wordt aangeboden op de markt. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEC18 |
Datum bod uit de markt |
Datum waarop een bod op het eigendom/onderpand is ontvangen. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEC19 |
Datum van overeengekomen verkoop |
Datum waarop de verkoop is overeengekomen. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEC20 |
Contractuele verkoopdatum |
Contractuele verkoopdatum |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEC21 |
Eerste veilingsdatum |
Datum van de eerste veiling van het eigendom/onderpand. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEC22 |
Gerechtelijke minimumbiedprijs voor eerste veiling |
Door de rechtbank vastgestelde minimumbiedprijs voor de eerste veiling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEC23 |
Volgende veilingsdatum |
Datum van de volgende veiling van het eigendom/onderpand. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEC24 |
Gerechtelijke minimumbiedprijs voor volgende veiling |
Door de rechtbank vastgestelde minumumprijs voor de volgende veiling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEC25 |
Meest recente veilingsdatum |
Datum van de meest recente veiling van het eigendom/onderpand. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEC26 |
Gerechtelijke minimumbiedprijs voor meest recente veiling |
Door de rechtbank vastgesteld minumumprijs voor de meest recente veiling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEC27 |
Aantal mislukte veilingen |
Aantal eerder mislukte veilingen voor het eigendom/onderpand. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
Informatie over historische incasso’s |
||||||||||||||||||||||||||||
|
NPEH1 |
Unieke identificatiecode |
Vermeld hier dezelfde unieke identificatiecode als in veld NPEL1. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEH2 |
Identificatiecode van onderliggende blootstelling |
Unieke identificatiecode van de onderliggende blootstelling. Deze code moet overeenkomen met de identificatiecode die is ingevuld in veld NPEL3. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEH[3-38] |
Saldo van niet-betaalde juridische kosten in maand n |
Geschiedenis van het totale saldo van niet-betaalde juridische kosten in de 36 maanden voorafgaand aan de afsluitdatum van de gegevensinzending, elk maandelijks bedrag gerapporteerd in een apart veld. Begin met de meest recente maand in veld NPEH3 en eindig met de oudste maand in veld NPEH38. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEH[39-74] |
Geschiedenis van achterstallige saldi in maand n |
Geschiedenis van het totale saldo van achterstallige bedragen in de 36 maanden voorafgaand aan de afsluitdatum van de gegevensinzending, elk maandelijks bedrag gerapporteerd in een apart veld. Begin met de meest recente maand in veld NPEH39 en eindig met de oudste maand in veld NPEH74. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEH[75-110] |
Geschiedenis van terugbetalingen — niet uit opbrengsten van de verkoop van onderpand — in maand n |
Door de debiteur verrichte terugbetalingen in de 36 maanden voorafgaand aan de afsluitdatum van de gegevensinzending (maar niet uit de opbrengsten van de verkoop van onderpand), met inbegrip van incasso’s door externe incassobureaus, elk maandelijks bedrag gerapporteerd in een apart veld. Begin met de meest recente maand in veld NPEH75 en eindig met de oudste maand in veld NPEH110. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
|
NPEH[111-146] |
Geschiedenis van terugbetalingen — uit opbrengsten van de verkoop van onderpand — in maand n |
Terugbetalingen uit de opbrengsten van de verkoop van onderpand in de 36 maanden voorafgaand aan de afsluitdatum van de gegevensinzending, elk maandelijks bedrag gerapporteerd in een apart veld. Begin met de meest recente maand in veld NPEH111 en eindig met de oudste maand in veld NPEH146. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||
BIJLAGE XI
INFORMATIE OVER ONDERLIGGENDE BLOOTSTELLINGEN — ASSET-BACKED COMMERCIAL PAPER
|
Veldcode |
Veldnaam |
Te rapporteren inhoud |
ND1-ND4 toegestaan? |
ND5 toegestaan? |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Informatie over onderliggende blootstellingen |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL1 |
Unieke identificatiecode — ABCP-programma |
De unieke identificatiecode die door de rapporterende entiteit is toegekend overeenkomstig artikel 11, lid 1, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/1224 van de Commissie. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL2 |
Unieke identificatiecode — ABCP-transactie |
De unieke identificatiecode die door de rapporterende entiteit is toegekend overeenkomstig artikel 11, lid 2, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/1224 van de Commissie. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL3 |
Oorspronkelijke identificatiecode van onderliggende blootstelling |
Unieke identificatiecode van onderliggende blootstelling. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL4 |
Nieuwe identificatiecode van onderliggende blootstelling |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld IVAL3 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld IVAL3. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL5 |
Type onderliggende blootstelling |
Selecteer het type onderliggende blootstelling binnen deze transactie:
|
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL6 |
Afsluitdatum van gegevensinzending |
De afsluitdatum van deze gegevensinzending. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL7 |
Geografische regio — grootste blootstellingsconcentratie 1 |
De geografische regio van het grootste bedrag aan onderliggende blootstellingen (gemeten op basis van de huidige waarde van de blootstellingen op de afsluitdatum van de gegevensinzending) van dit type, in de zin van de locatie van het onderpand (voor gedekte onderliggende blootstellingen) of van de debiteur (voor niet-gedekte onderliggende blootstellingen). Wanneer Eurostat geen NUTS3-classificatie heeft opgesteld (bv. in geval van een rechtsgebied buiten de EU), vul dan de tweecijferige landcode in ({COUNTRYCODE_2}), gevolgd door “ZZZ”. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL8 |
Geografische regio — grootste blootstellingsconcentratie 2 |
De geografische regio van het op één na grootste bedrag aan onderliggende blootstellingen (gemeten op basis van de huidige waarde van de blootstellingen op de afsluitdatum van de gegevensinzending) van dit type, in de zin van de locatie van het onderpand (voor gedekte onderliggende blootstellingen) of van de debiteur (voor niet-gedekte onderliggende blootstellingen). Wanneer Eurostat geen NUTS3-classificatie heeft opgesteld (bv. in geval van een rechtsgebied buiten de EU), vul dan de tweecijferige landcode in ({COUNTRYCODE_2}), gevolgd door “ZZZ”. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL9 |
Geografische regio — grootste blootstellingsconcentratie 3 |
De geografische regio van het op twee na grootste bedrag aan onderliggende blootstellingen (gemeten op basis van de huidige waarde van de blootstellingen op de afsluitdatum van de gegevensinzending) van dit type, in de zin van de locatie van het onderpand (voor gedekte onderliggende blootstellingen) of van de debiteur (voor niet-gedekte onderliggende blootstellingen). Wanneer Eurostat geen NUTS3-classificatie heeft opgesteld (bv. in geval van een rechtsgebied buiten de EU), vul dan de tweecijferige landcode in ({COUNTRYCODE_2}), gevolgd door “ZZZ”. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL10 |
Geografische regio — classificatie |
Vul het jaar van de voor de velden voor de geografische regio gebruikte NUTS3-classificatie in, bv. 2013 voor NUTS3 2013. In alle velden voor de geografische regio moet consequent dezelfde classificatie worden gebruikt voor elke onderliggende blootstelling en voor alle onderliggende blootstellingen in de gegevensinzending. Het gebruik van NUTS3 2006 in sommige velden voor de geografische regio met betrekking tot een gegeven onderliggende blootstelling en NUTS3 2013 in andere velden met betrekking tot dezelfde blootstelling is bijvoorbeeld niet toegestaan. Evenzo is het gebruik van NUTS3 2006 in de velden voor de geografische regio voor sommige onderliggende blootstellingen en NUTS3 2013 voor andere onderliggende blootstellingen in dezelfde gegevensinzending niet toegestaan. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL11 |
Huidig kapitaalsaldo |
Het totale uitstaande kapitaalsaldo op de afsluitdatum van deze gegevensinzending voor dit type onderliggende blootstelling. Dit omvat bedragen die in de securitisatie als kapitaal worden aangemerkt. Indien er bijvoorbeeld vergoedingen zijn toegevoegd aan het saldo van de onderliggende blootstelling en die vergoedingen zijn onderdeel van het kapitaal in de securitisatie, dan moeten deze worden toegevoegd. Achterstallige rentebetalingen en boeten zijn hiervan uitgezonderd. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL12 |
Aantal onderliggende blootstellingen |
Aantal onderliggende blootstellingen van dit type onderliggende blootstelling dat wordt gesecuritiseerd. |
JA |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL13 |
Blootstellingen in EUR |
Het totale uitstaande kapitaalsaldo van blootstellingen van dit type luidend in EUR op de afsluitdatum van deze gegevensinzending. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL14 |
Blootstellingen in GBP |
Het totale uitstaande kapitaalsaldo van blootstellingen van dit type luidend in GBP op de afsluitdatum van deze gegevensinzending. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL15 |
Blootstellingen in USD |
Het totale uitstaande kapitaalsaldo van blootstellingen van dit type luidend in USD op de afsluitdatum van deze gegevensinzending. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL16 |
Blootstellingen in andere valuta’s |
Het totale uitstaande kapitaalsaldo van blootstellingen van dit type luidend in andere valuta’s dan EUR, GBP of USD op de afsluitdatum van deze gegevensinzending. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL17 |
Langste restlooptijd |
De langste restlooptijd in maanden, op de afsluitdatum van deze gegevensinzending, van een blootstelling van dit type. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL18 |
Gemiddelde restlooptijd |
De gemiddelde restlooptijd in maanden, op de afsluitdatum van deze gegevensinzending en gewogen op basis van het huidige saldo op de afsluitdatum van deze gegevensinzending, van alle blootstellingen van dit type. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL19 |
Huidige loan-to-value (LTV) |
Gewogen gemiddelde, op basis van het huidige saldo van alle blootstellingen van dit type op de afsluitdatum van deze gegevensinzending, van de huidige verhouding tussen lening en waarde (LTV). Voor leningen met tweede pandrecht is dit de gecombineerde of totale LTV. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL20 |
Schuld/inkomen-ratio |
Gewogen gemiddelde, op basis van het huidige saldo van alle blootstellingen van dit type op de afsluitdatum van deze gegevensinzending, van de verhouding tussen de schuld en het inkomen van de debiteur. Schuld gedefinieerd als het totale uitstaande kapitaalsaldo van de uitstaande onderliggende blootstellingen op de afsluitdatum van deze gegevensinzending. Dit omvat bedragen die in de securitisatie als kapitaal worden aangemerkt. Indien er bijvoorbeeld vergoedingen zijn toegevoegd aan het saldo van de onderliggende blootstelling en die vergoedingen zijn onderdeel van het kapitaal in de securitisatie, dan moeten deze worden toegevoegd. Achterstallige rentebetalingen en boeten zijn hiervan uitgezonderd. Inkomen gedefinieerd als gecombineerd inkomen; som van primair en (indien van toepassing) secundair inkomen. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL21 |
Aflossingstype |
Het totale uitstaande kapitaalsaldo van blootstellingen van dit type wanneer de aflossing een bullet-, ballon- of andere vorm van aflossing is, of enige andere regeling behalve Franse, Duitse amortisatie of een vast aflossingsschema. Voor de doeleinden van dit veld wordt verstaan onder:
Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL22 |
Geplande frequentie van kapitaalaflossingen — minder vaak dan maandelijks |
Het totale uitstaande kapitaalsaldo van blootstellingen van dit type wanneer de frequentie van de verschuldigde kapitaalaflossingen, d.w.z. de periode tussen betalingen, lager is dan maandelijks (bv. driemaandelijks, halfjaarlijks, jaarlijks, bullet, zero-coupon, anders). Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL23 |
Geplande frequentie van rentebetalingen — minder vaak dan maandelijks |
Het totale uitstaande kapitaalsaldo van blootstellingen van dit type wanneer de frequentie van de verschuldigde kapitaalaflossingen, d.w.z. de periode tussen betalingen, lager is dan maandelijks (bv. driemaandelijks, halfjaarlijks, jaarlijks, bullet, zero-coupon, anders). Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL24 |
Kortlopende vorderingen met variabele rente |
Het totale uitstaande kapitaalsaldo van blootstellingen van dit type, op de afsluitdatum van de gegevensinzending, wanneer de rentevoet algemeen wordt beschouwd als variabel. De term “variabel” heeft betrekking op een tarief dat is gekoppeld aan een van de volgende indexen: Libor (elke valuta en “tenor”), Euribor (elke valuta en “tenor”), elk basistarief van een centrale bank (BoE, ECB enz.), het standaard variabele tarief van de initiator, of een soortgelijke regeling. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL25 |
Gefinancierd bedrag |
Bedrag van in deze transactie van de initiator gekochte onderliggende blootstellingen die zijn gefinancierd door middel van commercial paper, tussen de vorige afsluitdatum van de gegevensinzending en de afsluitdatum van de onderhavige gegevensinzending. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL26 |
Verwateringen |
Totale kapitaalverminderingen in onderliggende blootstellingen van dit type tijdens de periode. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL27 |
Teruggekochte blootstellingen |
Het totale uitstaande kapitaalsaldo van blootstellingen van dit type die zijn teruggekocht (d.w.z. verwijderd uit de pool van onderliggende blootstellingen door terugkoop) door de initiator/sponsor tussen de vorige afsluitdatum en de afsluitdatum van de onderhavige gegevensinzending. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL28 |
Blootstellingen waarop wanbetaling heeft plaatsgevonden of met verminderde kredietwaardigheid |
Overeenkomstig artikel 24, lid 9, van Verordening (EU) 2017/2402, vermeld het totale uitstaande kapitaalsaldo van blootstellingen van dit type die, bij securitisatie, ofwel blootstellingen waren waarbij sprake is van wanbetaling, ofwel blootstellingen met betrekking tot een debiteur of garantiegever met aangetaste kredietwaardigheid in de zin van dat artikel. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL29 |
Blootstellingen ten aanzien waarvan zich wanbetaling heeft voorgedaan |
Het totale uitstaande kapitaalsaldo van blootstellingen van dit type op de afsluitdatum van de gegevensinzending, op basis van de definitie van wanbetaling in de securitisatiedocumenten. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL30 |
Blootstellingen ten aanzien waarvan zich CRR-wanbetaling heeft voorgedaan |
Het totale uitstaande kapitaalsaldo van blootstellingen van dit type op de afsluitdatum van de gegevensinzending, op basis van de definitie van wanbetaling in artikel 178 van Verordening (EU) nr. 575/2013. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL31 |
Bruto oninbare schulden in de periode |
Nominale waarde van bruto oninbare schulden aan kapitaal (d.w.z. vóór terugvorderingen) voor de periode. Oninbare schuld volgens de securitisatiedefinitie, of anders volgens de gebruikelijke praktijk van de kredietverstrekker. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL32 |
Achterstallige betalingen 1-29 dagen |
Percentage blootstellingen van dit type waarvoor geldt dat er 1-29 dagen achterstalligheid is bij kapitaalaflossingen en/of rentebetalingen op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Het percentage wordt berekend als het totale uitstaande kapitaalsaldo van blootstellingen van dit type en in deze categorie achterstalligheid op de afsluitdatum van de gegevensinzending, in verhouding tot het totale uitstaande kapitaalsaldo van alle blootstellingen van dit type op de afsluitdatum van de gegevensinzending. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL33 |
Achterstallige betalingen 30-59 dagen |
Percentage blootstellingen van dit type waarvoor geldt dat er 30-59 dagen achterstalligheid is bij kapitaalaflossingen en/of rentebetalingen op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Het percentage wordt berekend als het totale uitstaande kapitaalsaldo van blootstellingen van dit type en in deze categorie achterstalligheid op de afsluitdatum van de gegevensinzending, in verhouding tot het totale uitstaande kapitaalsaldo van alle blootstellingen van dit type op de afsluitdatum van de gegevensinzending. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL34 |
Achterstallige betalingen 60-89 dagen |
Percentage blootstellingen van dit type waarvoor geldt dat er 60-89 dagen achterstalligheid is bij kapitaalaflossingen en/of rentebetalingen op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Het percentage wordt berekend als het totale uitstaande kapitaalsaldo van blootstellingen van dit type en in deze categorie achterstalligheid op de afsluitdatum van de gegevensinzending, in verhouding tot het totale uitstaande kapitaalsaldo van alle blootstellingen van dit type op de afsluitdatum van de gegevensinzending. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL35 |
Achterstallige betalingen 90-119 dagen |
Percentage blootstellingen van dit type waarvoor geldt dat er 90-119 dagen achterstalligheid is bij kapitaalaflossingen en/of rentebetalingen op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Het percentage wordt berekend als het totale uitstaande kapitaalsaldo van blootstellingen van dit type en in deze categorie achterstalligheid op de afsluitdatum van de gegevensinzending, in verhouding tot het totale uitstaande kapitaalsaldo van alle blootstellingen van dit type op de afsluitdatum van de gegevensinzending. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL36 |
Achterstallige betalingen 120-149 dagen |
Percentage blootstellingen van dit type waarvoor geldt dat er 120-149 dagen achterstalligheid is bij kapitaalaflossingen en/of rentebetalingen op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Het percentage wordt berekend als het totale uitstaande kapitaalsaldo van blootstellingen van dit type en in deze categorie achterstalligheid op de afsluitdatum van de gegevensinzending, in verhouding tot het totale uitstaande kapitaalsaldo van alle blootstellingen van dit type op de afsluitdatum van de gegevensinzending. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL37 |
Achterstallige betalingen 150-179 dagen |
Percentage blootstellingen van dit type waarvoor geldt dat er 150-179 dagen achterstalligheid is bij kapitaalaflossingen en/of rentebetalingen op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Het percentage wordt berekend als het totale uitstaande kapitaalsaldo van blootstellingen van dit type en in deze categorie achterstalligheid op de afsluitdatum van de gegevensinzending, in verhouding tot het totale uitstaande kapitaalsaldo van alle blootstellingen van dit type op de afsluitdatum van de gegevensinzending. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL38 |
Achterstallige betalingen 180+ dagen |
Percentage blootstellingen van dit type waarvoor geldt dat er 180 of meer dagen achterstalligheid is bij kapitaalaflossingen en/of rentebetalingen op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Het percentage wordt berekend als het totale uitstaande kapitaalsaldo van blootstellingen van dit type en in deze categorie achterstalligheid op de afsluitdatum van de gegevensinzending, in verhouding tot het totale uitstaande kapitaalsaldo van alle blootstellingen van dit type op de afsluitdatum van de gegevensinzending. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL39 |
Geherstructureerde blootstellingen |
Vermeld het percentage blootstellingen van dit type die ooit door de initiator/sponsor zijn geherstructureerd, zoals bedoeld in artikel 24, lid 9, onder a), van Verordening (EU) 2017/2402. Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. Bereken het percentage als het totale huidige saldo van deze blootstellingen gedeeld door het totale huidige saldo van de blootstellingen van dit type op de afsluitdatum van de gegevensinzending. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL40 |
Geherstructureerde blootstellingen (0-één jaar vóór de overdracht) |
Vermeld het totale uitstaande kapitaalsaldo van de blootstellingen van dit type die ooit door de initiator/sponsor zijn geherstructureerd sinds één jaar vóór de datum van overdracht of cessie aan de SSPE, zoals bedoeld in artikel 24, lid 9, onder a), van Verordening (EU) 2017/2402. Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL41 |
Geherstructureerde blootstellingen (1-3 jaar vóór de overdracht) |
Vermeld het totale uitstaande kapitaalsaldo van de blootstellingen van dit type die ooit door de initiator/sponsor zijn geherstructureerd tussen 3 en één jaar vóór de datum van overdracht of cessie aan de SSPE, zoals bedoeld in artikel 24, lid 9, onder a), van Verordening (EU) 2017/2402. Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL42 |
Geherstructureerde blootstellingen (> 3 jaar vóór de overdracht) |
Vermeld het totale uitstaande kapitaalsaldo van de blootstellingen van dit type die ooit door de initiator/sponsor zijn geherstructureerd vanaf 3 jaar vóór de datum van overdracht of cessie aan de SSPE, zoals bedoeld in artikel 24, lid 9, onder a), van Verordening (EU) 2017/2402. Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL43 |
Geherstructureerde blootstellingen (rentevoet) |
Vermeld het totale uitstaande kapitaalsaldo van de blootstellingen van dit type waarvan de rentevoet ooit door de initiator/sponsor is geherstructureerd, zoals bedoeld in artikel 24, lid 9, onder a), van Verordening (EU) 2017/2402. Herstructurering van de rentevoet heeft betrekking op elke wijziging van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling betreffende de rentevoet als gevolg van respijt, waaronder wijziging van de grondslag of de marge van de rentevoet, vergoedingen, boeten en/of algemeen aanvaarde maatregelen voor de herstructurering van de rentevoet in het kader van respijt. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL44 |
Geherstructureerde blootstellingen (aflossingsschema) |
Vermeld het totale uitstaande kapitaalsaldo van de blootstellingen van dit type waarvan het aflossingssschema ooit door de initiator/sponsor is geherstructureerd, zoals bedoeld in artikel 24, lid 9, onder a), van Verordening (EU) 2017/2402. Herstructurering van het aflossingsschema heeft betrekking op elke wijziging van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling betreffende het aflossingsschema, waaronder betalingsvrije perioden, wijziging van het tijdschema van de betalingen en/of algemeen aanvaarde maatregelen voor de herstructurering van het aflossingsschema in het kader van respijt. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL45 |
Geherstructureerde blootstellingen (vervaldatum) |
Vermeld het totale uitstaande kapitaalsaldo van de blootstellingen van dit type waarvan het looptijdprofiel ooit door de initiator/sponsor is geherstructureerd, zoals bedoeld in artikel 24, lid 9, onder a), van Verordening (EU) 2017/2402. Herstructurering van de vervaldatum heeft betrekking op elke wijziging van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling betreffende de vervaldatum als gevolg van respijt, waaronder verschuiving van de vervaldatum en/of algemeen aanvaarde maatregelen voor de herstructurering van de vervaldatum in het kader van respijt. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL46 |
Geherstructureerde blootstellingen (0-één jaar vóór de overdracht en geen nieuwe achterstalligheid) |
Vermeld het totale uitstaande kapitaalsaldo van de blootstellingen van dit type die één jaar of eerder vóór de datum van overdracht of cessie aan de SSPE door de initiator/sponsor zijn geherstructureerd EN waarvoor geldt dat er sinds de datum van herstructurering geen achterstallige betalingen (bij de aflossing van kapitaal of de betaling van rente) zijn geweest, zoals bedoeld in artikel 24, lid 9, onder a), van Verordening (EU) 2017/2402. Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL47 |
Geherstructureerde blootstellingen (geen nieuwe achterstalligheid) |
Vermeld het totale uitstaande kapitaalsaldo van de blootstellingen van dit type die ooit door de initiator/sponsor zijn geherstructureerd EN waarvoor geldt dat er sinds de datum van herstructurering geen achterstallige betalingen (bij de aflossing van kapitaal of de betaling van rente) zijn geweest, zoals bedoeld in artikel 24, lid 9, onder a), van Verordening (EU) 2017/2402. Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL48 |
Geherstructureerde blootstellingen (nieuwe achterstalligheid) |
Vermeld het totale uitstaande kapitaalsaldo van de blootstellingen van dit type die ooit door de initiator/sponsor zijn geherstructureerd EN waarvoor geldt dat er sinds de datum van de herstructurering achterstallige betalingen (bij de aflossing van kapitaal of de betaling van rente) zijn geweest, zoals bedoeld in artikel 24, lid 9, onder a), van Verordening (EU) 2017/2402. Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
IVAL49 |
Geherstructureerde blootstellingen (anders) |
Vermeld het totale uitstaande kapitaalsaldo van de blootstellingen van dit type die ooit door de initiator/sponsor zijn geherstructureerd, met uitzondering van reeds in de velden IVAL43, IVAL44 en IVAL45 vermelde herstructureringen, zoals bedoeld in artikel 24, lid 9, onder a), van Verordening (EU) 2017/2402. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||
BIJLAGE XII
INFORMATIE IN VERSLAG VOOR BELEGGERS — NIET-ABCP-SECURITISATIE
|
Veldcode |
Veldnaam |
Te rapporteren inhoud |
ND1-ND4 toegestaan? |
ND5 toegestaan? |
||||||||||||||||||||
|
Informatie over securitisatie |
||||||||||||||||||||||||
|
IVSS1 |
Unieke identificatiecode |
De unieke identificatiecode die door de rapporterende entiteit is toegekend overeenkomstig artikel 11, lid 1, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/1224 van de Commissie. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSS2 |
Afsluitdatum van gegevensinzending |
De afsluitdatum van deze gegevensinzending. Deze moet overeenkomen met de afsluitdatum van de gegevensinzending in de ingediende templates voor toepasselijke onderliggende blootstellingen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSS3 |
Naam securitisatie |
Vul de naam van de securitisatie in. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSS4 |
Naam van rapporterende entiteit |
De volledige juridische naam van de op grond van artikel 7, lid 2, van Verordening (EU) 2017/2402 aangewezen entiteit; deze naam moet overeenkomen met de naam van die entiteit die is ingevuld in veld SESP3 in het deel met Informatie op het niveau van tegenpartij. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSS5 |
Contactpersoon van rapporterende entiteit |
Voor- en achternaam van de contactperso(o)n(en) die verantwoordelijk is/zijn voor de indiening van deze securisitatiegegevensinzending en tot wie vragen over deze gegevensinzending dienen te worden gericht. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSS6 |
Telefoonnummer van rapporterende entiteit |
Rechtstreeks(e) telefoonnummer(s) van de contactperso(o)n(en) die verantwoordelijk is/zijn voor de indiening van deze securisitatiegegevensinzending en tot wie vragen over deze gegevensinzending dienen te worden gericht. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSS7 |
E-mailadres van rapporterende entiteit |
Rechtstreeks(e) e-mailadres(sen) van de contactperso(o)n(en) die verantwoordelijk is/zijn voor de indiening van deze securisitatiegegevensinzending en tot wie vragen over deze gegevensinzending dienen te worden gericht. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSS8 |
Risicobehoudmethode |
Methode die is gebruikt om te voldoen aan vereiste van risicobehoud in de EU (bv. artikel 6 van Verordening (EU) 2017/2402, of, tot de inwerkingtreding daarvan, artikel 405 van Verordening (EU) 575/2013):
|
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSS9 |
Houder van het behouden risico |
Entiteit die het materiële netto economisch belang behoudt, zoals gespecificeerd in artikel 6 van Verordening (EU) 2017/2402, of, tot de inwerkingtreding daarvan, artikel 405 van Verordening (EU) 575/2013:
|
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSS10 |
Type onderliggende blootstelling |
Vul het type onderliggende blootstelling van de securitisatie in. Als er meerdere typen van onderstaande lijst aanwezig zijn, vul dan “Gemengd” in (met uitzondering van de securitisaties waarvan de onderliggende blootstellingen uitsluitend bestaan uit een combinatie van consumentenleningen en autoleningen of -leases — voor deze securitisaties dient de in het veld “Consumentenleningen” vermelde waarde worden ingevuld):
|
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSS11 |
Risico-overdrachtsmethode |
In overeenstemming met artikel 242, leden 13 en 14, van Verordening (EU) nr. 575/2013, is de methode voor de overdracht van het securitisatierisico “traditioneel” (d.w.z. “echte verkoop”). |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSS12 |
Triggermetingen/triggerratio’s |
Heeft er een triggergebeurtenis voor de onderliggende blootstelling plaatsgevonden? Deze omvatten betalingsachterstanden, verwatering, wanbetaling, verlies, stop-vervanging, stop-revolverend, of soortgelijke blootstellingsgerelateerde gebeurtenissen die van invloed zijn op de securitisatie op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Dit omvat ook een eventueel debetsaldo in een PDL of een activumtekort. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSS13 |
Einddatum revolveer-/aanloopperiode |
De datum waarop de revolveer-/aanloopperiode volgens de planning ophoudt. Vul de vervaldatum van de securitisatie in als er een revolveerperiode zonder geplande einddatum is. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||
|
IVSS14 |
Kapitaalterugvorderingen in de periode |
Brutokapitaalterugvorderingen die in de periode zijn ontvangen. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||
|
IVSS15 |
Renteterugvorderingen in de periode |
Brutorenteterugvorderingen die in de periode zijn ontvangen. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||
|
IVSS16 |
Inningen van kapitaal in de periode |
Inningen die in de periode als kapitaal zijn behandeld. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||
|
IVSS17 |
Inningen van rente in de periode |
Inningen die in de periode als inkomsten zijn behandeld. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||
|
IVSS18 |
Opnemingen uit hoofde van liquiditeitsfaciliteit |
Als er bij de securitisatie een liquiditeitsfaciliteit hoort, bevestig dan of er uit hoofde van de liquiditeitsfaciliteit al dan niet opnemingen hebben plaatsgevonden in de periode die eindigde op de laatste vervaldag van de rente. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||
|
IVSS19 |
Overgebleven rentemarge van securitisatie |
Het bedrag dat overblijft na toepassing van alle momenteel van toepassing zijnde fasen van de cascadering, doorgaans “overgebleven rentemarge” (excess spread) genoemd. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSS20 |
Vangmechanisme voor overgebleven rentemarge |
De overgebleven rentemarge is momenteel “gevangen” in de securitisatie (d.w.z. geaccumuleerd in een afzonderlijke reserverekening). |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSS21 |
Huidige overpanding |
Huidige overpanding van de securitisatie, berekend als de verhouding tussen (de som van de uitstaande kapitaalsaldo’s van alle onderliggende blootstellingen, uitgezonderd onderliggende blootstellingen waarop wanbetaling is vastgesteld, op de afsluitdatum van de gegevensinzending) en (de som van de uitstaande kapitaalsaldo’s van alle tranches/obligaties op de afsluitdatum van de gegevensinzending). |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSS22 |
Geannualiseerd constant ritme van vervroegde aflossingen |
Geannualiseerd constant ritme van vervroegde aflossingen (Constant Prepayment Rate, CPR) van de onderliggende blootstellingen op basis van het meest recente periodieke CPR. Het periodieke CPR is gelijk aan het totale ongeplande kapitaal dat is ontvangen in de meest recente inningperiode gedeeld door het saldo van het kapitaal aan het begin van de periode. Het periodieke CPR wordt als volgt geannualiseerd:
|
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSS23 |
Verwateringen |
Totale vermindering in voornaamste posities tijdens de periode. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSS24 |
Bruto oninbare schulden in de periode |
Totaalbedrag van bruto oninbare schulden aan kapitaal (d.w.z. vóór terugvorderingen) voor de periode. Oninbare schuld volgens de securitisatiedefinitie, of anders volgens de gebruikelijke praktijk van de kredietverstrekker. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSS25 |
Teruggekochte blootstellingen |
Het totale uitstaande kapitaalsaldo van onderliggende blootstellingen die zijn teruggekocht door de initiator/sponsor tussen de vorige afsluitdatum en de afsluitdatum van de onderhavige gegevensinzending. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||
|
IVSS26 |
Geherstructureerde blootstellingen |
Het totale uitstaande kapitaalsaldo van onderliggende blootstellingen die zijn geherstructureerd door de initiator/sponsor tussen de vorige afsluitdatum en de afsluitdatum van de onderhavige gegevensinzending. Herstructurering heeft betrekking op elke verandering van de contractuele voorwaarden van de overeenkomst inzake de onderliggende blootstelling als gevolg van respijt, waaronder aflossingsvrije perioden, kapitalisatie van achterstallige bedragen, wijziging van rentetarieven of marges, vergoedingen, boeten en/of de vervaldatum en/of andere algemeen aanvaarde herstructureringsmaatregelen in het kader van respijt. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSS27 |
Geannualiseerde constante wanbetalingsgraad |
Geannualiseerde constante wanbetalingsgraad (Constant Default Rate, CDR) van de onderliggende blootstellingen op basis van het meest recente periodieke CDR. Het periodieke CPR is gelijk aan het totale huidige saldo van onderliggende blootstellingen waarop wanbetaling is vastgesteld tijdens de periode gedeeld door het totale huidige saldo van onderliggende blootstellingen waarop geen wanbetaling is vastgesteld aan het begin van de periode. Deze waarde wordt dan als volgt geannualiseerd:
|
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSS28 |
Blootstellingen ten aanzien waarvan zich wanbetaling heeft voorgedaan |
Het totale uitstaande kapitaalsaldo op de afsluitdatum van de gegevensinzending van blootstellingen waarbij op de afsluitdatum van de gegevensinzending sprake was van wanbetaling, op basis van de definitie van wanbetaling in de securitisatiedocumenten. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSS29 |
Blootstellingen ten aanzien waarvan zich CRR-wanbetaling heeft voorgedaan |
Het totale uitstaande kapitaalsaldo op de afsluitdatum van de gegevensinzending van blootstellingen waarbij op de afsluitdatum van de gegevensinzending sprake was van wanbetaling, op basis van de definitie van wanbetaling in artikel 178 van Verordening (EU) nr. 575/2013. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||||||||
|
IVSS30 |
Risicowegingsbenadering |
De benadering van de risicoweging die door de initiator is gebruikt om het risicogewicht van de onderliggende blootstellingen, in overeenstemming met Verordening (EU) nr. 575/2013. Standaardbenadering (STND) Elementaire interne-ratingbenadering (FIRB) Geavanceerde interne-ratingbenadering (ADIR) |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||
|
IVSS31 |
Kans op wanbetaling door debiteur van 0,00 % - 0,10 % |
Het totale uitstaande bedrag aan onderliggende blootstellingen waarbij de kans op wanbetaling binnen een jaar is beoordeeld als 0,00 % <= x < 0,10 %. Deze schatting kan ofwel van de initiator ofwel van de betrokken nationale centrale bank zijn. Wanneer er geen wettelijke vereiste is om de kans op wanbetaling te berekenen, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||
|
IVSS32 |
Kans op wanbetaling door debiteur van 0,10 % - 0,25 % |
Het totale uitstaande bedrag aan onderliggende blootstellingen waarbij de kans op wanbetaling binnen een jaar is beoordeeld als 0,10 % <= x < 0,25 %. Deze schatting kan ofwel van de initiator ofwel van de betrokken nationale centrale bank zijn. Wanneer er geen wettelijke vereiste is om de kans op wanbetaling te berekenen, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||
|
IVSS33 |
Kans op wanbetaling door debiteur van 0,25 % - 1,00 % |
Het totale uitstaande bedrag aan onderliggende blootstellingen waarbij de kans op wanbetaling binnen een jaar is beoordeeld als 0,25 % <= x < 1,00 %. Deze schatting kan ofwel van de initiator ofwel van de betrokken nationale centrale bank zijn. Wanneer er geen wettelijke vereiste is om de kans op wanbetaling te berekenen, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||
|
IVSS34 |
Kans op wanbetaling door debiteur van 1,00 % - 7,50 % |
Het totale uitstaande bedrag aan onderliggende blootstellingen waarbij de kans op wanbetaling binnen een jaar is beoordeeld als 1,00 % <= x < 7,50 %. Deze schatting kan ofwel van de initiator ofwel van de betrokken nationale centrale bank zijn. Wanneer er geen wettelijke vereiste is om de kans op wanbetaling te berekenen, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||
|
IVSS35 |
Kans op wanbetaling door debiteur van 7,50 % - 20,00 % |
Het totale uitstaande bedrag aan onderliggende blootstellingen waarbij de kans op wanbetaling binnen een jaar is beoordeeld als 7,50 % <= x < 20,00 %. Deze schatting kan ofwel van de initiator ofwel van de betrokken nationale centrale bank zijn. Wanneer er geen wettelijke vereiste is om de kans op wanbetaling te berekenen, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||
|
IVSS36 |
Kans op wanbetaling door debiteur van 20,00 % - 100,00 % |
Het totale uitstaande bedrag aan onderliggende blootstellingen waarbij de kans op wanbetaling binnen een jaar is beoordeeld als 20,00 % <= x < 100,00 %. Deze schatting kan ofwel van de initiator ofwel van de betrokken nationale centrale bank zijn. Wanneer er geen wettelijke vereiste is om de kans op wanbetaling te berekenen, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||
|
IVSS37 |
Geschatte intern verlies bij wanbetaling |
De meest recente schatting van de initiator van het intern verlies bij wanbetaling voor de onderliggende blootstelling in een ongunstig scenario, gewogen op basis van het totale uitstaande kapitaalsaldo van de onderliggende blootstellingen op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Wanneer er geen wettelijke vereiste is om de kans op wanbetaling te berekenen, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||
|
IVSS38 |
Achterstallige betalingen 1-29 dagen |
Percentage blootstellingen van dit type waarvoor geldt dat er 1-29 dagen achterstalligheid is bij kapitaalaflossingen en/of rentebetalingen op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Het percentage wordt berekend als het totale uitstaande kapitaalsaldo van blootstellingen van dit type en in deze categorie achterstalligheid op de afsluitdatum van de gegevensinzending, in verhouding tot het totale uitstaande kapitaalsaldo van alle blootstellingen van dit type op de afsluitdatum van de gegevensinzending. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSS39 |
Achterstallige betalingen 30-59 dagen |
Percentage blootstellingen waarvoor geldt dat er 30-59 dagen achterstalligheid is bij kapitaalaflossingen en/of rentebetalingen op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Het percentage wordt berekend als het totale uitstaande kapitaalsaldo van blootstellingen in deze categorie achterstalligheid op de afsluitdatum van de gegevensinzending, in verhouding tot het totale uitstaande kapitaalsaldo van alle blootstellingen op de afsluitdatum van de gegevensinzending. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSS40 |
Achterstallige betalingen 60-89 dagen |
Percentage blootstellingen waarvoor geldt dat er 60-89 dagen achterstalligheid is bij kapitaalaflossingen en/of rentebetalingen op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Het percentage wordt berekend als het totale uitstaande kapitaalsaldo van blootstellingen in deze categorie achterstalligheid op de afsluitdatum van de gegevensinzending, in verhouding tot het totale uitstaande kapitaalsaldo van alle blootstellingen op de afsluitdatum van de gegevensinzending. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSS41 |
Achterstallige betalingen 90-119 dagen |
Percentage blootstellingen waarvoor geldt dat er 90-119 dagen achterstalligheid is bij kapitaalaflossingen en/of rentebetalingen op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Het percentage wordt berekend als het totale uitstaande kapitaalsaldo van blootstellingen in deze categorie achterstalligheid op de afsluitdatum van de gegevensinzending, in verhouding tot het totale uitstaande kapitaalsaldo van alle blootstellingen op de afsluitdatum van de gegevensinzending. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSS42 |
Achterstallige betalingen 120-149 dagen |
Percentage blootstellingen waarvoor geldt dat er 120-149 dagen achterstalligheid is bij kapitaalaflossingen en/of rentebetalingen op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Het percentage wordt berekend als het totale uitstaande kapitaalsaldo van blootstellingen in deze categorie achterstalligheid op de afsluitdatum van de gegevensinzending, in verhouding tot het totale uitstaande kapitaalsaldo van alle blootstellingen op de afsluitdatum van de gegevensinzending. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSS43 |
Achterstallige betalingen 150-179 dagen |
Percentage blootstellingen waarvoor geldt dat er 150-179 dagen achterstalligheid is bij kapitaalaflossingen en/of rentebetalingen op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Het percentage wordt berekend als het totale uitstaande kapitaalsaldo van blootstellingen in deze categorie achterstalligheid op de afsluitdatum van de gegevensinzending, in verhouding tot het totale uitstaande kapitaalsaldo van alle blootstellingen op de afsluitdatum van de gegevensinzending. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSS44 |
Achterstallige betalingen 180+ dagen |
Percentage blootstellingen waarvoor geldt dat er 180 of meer dagen achterstalligheid is bij kapitaalaflossingen en/of rentebetalingen op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Het percentage wordt berekend als het totale uitstaande kapitaalsaldo van blootstellingen in deze categorie achterstalligheid op de afsluitdatum van de gegevensinzending, in verhouding tot het totale uitstaande kapitaalsaldo van alle blootstellingen op de afsluitdatum van de gegevensinzending. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
Informatie over tests/gebeurtenissen/triggers |
||||||||||||||||||||||||
|
IVSR1 |
Unieke identificatiecode |
Vermeld hier dezelfde unieke identificatiecode als in veld IVSS1. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSR2 |
Oorspronkelijke identificatiecode van test/gebeurtenis/trigger |
De oorspronkelijke unieke identificatiecode van de test/gebeurtenis/trigger. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSR3 |
Nieuwe identificatiecode van test/gebeurtenis/trigger |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld IVSR2 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld IVSR2. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSR4 |
Beschrijving |
Beschrijving van de test/gebeurtenis/trigger, met inbegrip van eventuele formules. Dit is een vrijetekstveld; de beschrijving van de test/gebeurtenis/trigger omvat echter eventuele formules en essentiële definities teneinde een (potentiële) belegger in staat te stellen zich een redelijk beeld te vormen van de test/gebeurtenis/trigger en daaraan verbonden voorwaarden en consequenties. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSR5 |
Drempelwaarde |
De drempel waarboven de test geacht wordt gehaald te zijn, de trigger geacht wordt te zijn geactiveerd, of enige andere gebeurtenis geacht wordt te hebben plaatsgevonden, voor zover van toepassing gegeven het type gerapporteerde test/gebeurtenis/trigger. In het geval van niet-numerieke tests/gebeurtenissen/triggers, vul ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||
|
IVSR6 |
Daadwerkelijke waarde |
De huidige waarde van de meting ten opzichte van de drempelwaarde. In het geval van niet-numerieke tests/gebeurtenissen/triggers, vul ND5 in. De percentages dienen te worden ingevuld als procentpunten, bv. 99,50 voor 99,50 % en. 0,006 voor 0,006 %. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||
|
IVSR7 |
Status |
Is de status van de test/gebeurtenis/trigger “Inbreuk” (d.w.z. dat de test niet is gehaald of dat de voorwaarden van de trigger zijn vervuld) op de afsluitdatum van de gegevensinzending? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSR8 |
Zuiveringsperiode |
Het maximum aantal dagen dat voor deze test/trigger is verleend om weer in overeenstemming met het vereiste niveau te worden. Als er geen tijd is verleend (d.w.z. dat er geen zuiveringsperiode is), vul dan 0 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||
|
IVSR9 |
Berekeningsfrequentie |
Het interval in kalenderdagen voor de berekening van de test. Daarbij dienen ronde getallen te worden gebruikt, bv. 7 voor wekelijks, 30 voor maandelijks, 90 voor driemaandelijks, en 365 voor jaarlijks. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||
|
IVSR10 |
Consequentie van inbreuk |
De consequentie, volgens de securitisatiedocumentatie, van het niet-slagen voor de test/het optreden van een gebeurtenis/het activeren van een trigger:
|
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
Informatie over kasstroom |
||||||||||||||||||||||||
|
IVSF1 |
Unieke identificatiecode |
Vermeld hier dezelfde unieke identificatiecode als in veld IVSS1. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSF2 |
Oorspronkelijke identificatiecode van kasstroompost |
De unieke oorspronkelijke identificatiecode van de kasstroompost. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSF3 |
Nieuwe identificatiecode van kasstroompost |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld IVSF2 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld IVSF2. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSF4 |
Kasstroompost |
Vermeld de kasstroompost. Dit veld moet worden ingevuld in de toepasselijke volgorde van prioriteit van ontvangsten en betalingen op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Dat wil zeggen dat alle bron van kasinstromen na elkaar moet worden ingevuld, waarna de bronnen van kasuitstromen moeten worden vermeld. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSF5 |
Tijdens periode betaald bedrag |
Wat zijn de uitbetaalde fondsmiddelen op basis van de prioriteit van de betalingen voor deze post? Vul negatieve waarden in voor uitbetaalde fondsmiddelen en positieve waarden voor ontvangen middelen. Let op dat de in een gegeven regel (bv. in regel B) ingevulde waarde van “Tijdens periode betaald bedrag” plus de op de voorgaande regel (bv. regel A) ingevulde waarde voor “beschikbare fondspost” gelijk is aan de op deze regel (bv. regel B) ingevulde waarde voor “beschikbare fondspost”. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
|
IVSF6 |
Beschikbare middelen na |
Welke middelen zijn beschikbaar overeenkomstig de prioriteit van de betalingen na de toepassing van de kasstroompost? Let op dat de in een gegeven regel (bv. in regel B) ingevulde waarde van “Tijdens periode betaald bedrag” plus de op de voorgaande regel (bv. regel A) ingevulde waarde voor “beschikbare fondspost” gelijk is aan de op deze regel (bv. regel B) ingevulde waarde voor “beschikbare fondspost”. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||
BIJLAGE XIII
INFORMATIE IN VERSLAG VOOR BELEGGERS — ABCP-SECURITISATIE
|
Veldcode |
Veldnaam |
Te rapporteren inhoud |
ND1-ND4 toegestaan? |
ND5 toegestaan? |
||||||||||||||
|
Informatie over programma |
||||||||||||||||||
|
IVAS1 |
Unieke identificatiecode — ABCP-programma |
De unieke identificatiecode die door de rapporterende entiteit is toegekend overeenkomstig artikel 11, lid 1, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/1224 van de Commissie. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||
|
IVAS2 |
Afsluitdatum van gegevensinzending |
De afsluitdatum van deze gegevensinzending. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||
|
IVAS3 |
Naam van rapporterende entiteit |
De volledige juridische naam van de op grond van artikel 7, lid 2, van Verordening (EU) 2017/2402 aangewezen entiteit; deze naam moet overeenkomen met de naam van die entiteit die is ingevuld in veld SEAP3 in het deel met Informatie op het niveau van tegenpartij. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
NEE |
NEE |
||||||||||||||
|
IVAS4 |
Contactpersoon van rapporterende entiteit |
Voor- en achternaam van de contactperso(o)n(en) die verantwoordelijk is/zijn voor de indiening van deze securisitatiegegevensinzending en tot wie vragen over deze gegevensinzending dienen te worden gericht. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||
|
IVAS5 |
Telefoonnummer van rapporterende entiteit |
Rechtstreeks(e) telefoonnummer(s) van de contactperso(o)n(en) die verantwoordelijk is/zijn voor de indiening van deze securisitatiegegevensinzending en tot wie vragen over deze gegevensinzending dienen te worden gericht. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||
|
IVAS6 |
E-mailadres van rapporterende entiteit |
Rechtstreeks(e) e-mailadres(sen) van de contactperso(o)n(en) die verantwoordelijk is/zijn voor de indiening van deze securisitatiegegevensinzending en tot wie vragen over deze gegevensinzending dienen te worden gericht. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||
|
IVAS7 |
Triggermetingen/triggerratio’s |
Heeft er een triggergebeurtenis voor de onderliggende blootstelling plaatsgevonden? Deze omvatten betalingsachterstanden, verwatering, wanbetaling, verlies, stop-vervanging, stop-revolverend, of soortgelijke blootstellingsgerelateerde gebeurtenissen die van invloed zijn op de securitisatie op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Dit omvat ook een eventueel debetsaldo in een Principal Deficiency Ledger (PDL) of een activumtekort. |
NEE |
JA |
||||||||||||||
|
IVAS8 |
Blootstellingen die niet voldoen aan de vereisten |
Vermeld, overeenkomstig artikel 26, lid 1, van Verordening (EU) 2017/2402, de totale waarde van blootstellingen, op basis van de huidige balans op de afsluitdatum van de gegevensinzending, die niet voldoen aan de vereisten van artikel 24, leden 9, 10 en 11, van Verordening (EU) 2017/2402. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
JA |
JA |
||||||||||||||
|
IVAS9 |
Gewogen gemiddelde looptijd |
Vul de resterende gewogen gemiddelde levensduur in van de pool van onderliggende blootstellingen van dit ABCP-programma, uitgedrukt in jaren. |
JA |
JA |
||||||||||||||
|
IVAS10 |
Risicobehoudmethode |
Methode die is gebruikt om te voldoen aan vereiste van risicobehoud in de EU (bv. artikel 6 van Verordening (EU) 2017/2402, of, tot de inwerkingtreding daarvan, artikel 405 van Verordening (EU) 575/2013):
|
NEE |
JA |
||||||||||||||
|
IVAS11 |
Houder van het behouden risico |
Entiteit die het materiële netto economisch belang behoudt, zoals gespecificeerd in artikel 6 van Verordening (EU) 2017/2402, of, tot de inwerkingtreding daarvan, artikel 405 van Verordening (EU) 575/2013:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||
|
Informatie over transactie |
||||||||||||||||||
|
IVAN1 |
Unieke identificatiecode — ABCP-programma |
Vermeld hier dezelfde unieke identificatiecode van het ABCP-programma als in veld IVAS1. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||
|
IVAN2 |
Unieke identificatiecode — ABCP-transactie |
De unieke identificatiecode die door de rapporterende entiteit is toegekend overeenkomstig artikel 11, lid 2, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/1224 van de Commissie. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||
|
IVAN3 |
Afsluitdatum van gegevensinzending |
De afsluitdatum van deze gegevensinzending. Deze moet overeenkomen met de afsluitdatum van de gegevensinzending in de ingediende templates voor de onderliggende blootstellingen in bijlage XI. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||
|
IVAN4 |
NACE-sectorcode |
NACE-code van de initiatorsector als vermeld in Verordening (EG) nr. 1893/2006. |
NEE |
JA |
||||||||||||||
|
IVAN5 |
Risicobehoudmethode |
Methode die is gebruikt om te voldoen aan vereiste van risicobehoud in de EU (bv. artikel 6 van Verordening (EU) 2017/2402, of, tot de inwerkingtreding daarvan, artikel 405 van Verordening (EU) 575/2013):
|
NEE |
JA |
||||||||||||||
|
IVAN6 |
Houder van het behouden risico |
Entiteit die het materiële netto economisch belang behoudt, zoals gespecificeerd in artikel 6 van Verordening (EU) 2017/2402, of, tot de inwerkingtreding daarvan, artikel 405 van Verordening (EU) 575/2013:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||
|
IVAN7 |
Gewogen gemiddelde looptijd |
Vul de resterende gewogen gemiddelde looptijd in van de pool van onderliggende blootstellingen van deze transactie, uitgedrukt in jaren. |
JA |
JA |
||||||||||||||
|
Informatie over tests/gebeurtenissen/triggers |
||||||||||||||||||
|
IVAR1 |
Unieke identificatiecode — ABCP-transactie |
Vermeld hier dezelfde unieke identificatiecode van het ABCP-programma als in veld IVAN2. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||
|
IVAR2 |
Oorspronkelijke identificatiecode van test/gebeurtenis/trigger |
De oorspronkelijke unieke identificatiecode van de test/gebeurtenis/trigger. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||
|
IVAR3 |
Nieuwe identificatiecode van test/gebeurtenis/trigger |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld IVAR2 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld IVAR2. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||
|
IVAR4 |
Beschrijving |
Beschrijving van de test/gebeurtenis/trigger, met inbegrip van eventuele formules. Dit is een vrijetekstveld; de beschrijving van de test/gebeurtenis/trigger omvat echter eventuele formules en essentiële definities teneinde een (potentiële) belegger in staat te stellen zich een redelijk beeld te vormen van de test/gebeurtenis/trigger en daaraan verbonden voorwaarden en consequenties. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||
|
IVAR5 |
Status |
Is de test gehaald op de afsluitdatum van de gegevensinzending? In geval van een trigger, zijn de voorwaarden van de trigger niet vervuld? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||
|
IVAR6 |
Consequentie van inbreuk |
De consequentie, volgens de securitisatiedocumentatie, van het niet-slagen voor de test/het optreden van een gebeurtenis/het activeren van een trigger:
|
NEE |
NEE |
||||||||||||||
BIJLAGE XIV
VOORKENNIS OF SIGNIFICANTE INFORMATIE OVER GEBEURTENIS — NIET-ABCP-SECURITISATIE
|
Veldcode |
Veldnaam |
Te rapporteren inhoud |
ND1-ND4 toegestaan? |
ND5 toegestaan? |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Informatie over securitisatie |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESS1 |
Unieke identificatiecode |
De unieke identificatiecode die door de rapporterende entiteit is toegekend overeenkomstig artikel 11, lid 1, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/1224 van de Commissie. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESS2 |
Afsluitdatum van gegevensinzending |
De afsluitdatum van deze gegevensinzending. Wanneer dit wordt ingediend samen met een gegevensinzending voor een onderliggende blootstelling en een beleggersverslag, moet deze datum overeenkomen met de afsluitdatum die is vermeld in de ingediende templates voor de toepasselijke onderliggende blootstelling en de beleggersinformatie. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESS3 |
Niet langer STS |
Is de securitisatie niet langer eenvoudig, transparant en gestandaardiseerd (simple, transparent and standardised — STS)? Als de securitisatie nooit de STS-status heeft gehad, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESS4 |
Corrigerende maatregelen |
Hebben de bevoegde instanties corrigerende maatregelen ondernomen voor deze securitisatie? Als de securitisatie geen STS-securitisatie is, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESS5 |
Administratieve maatregelen |
Hebben de bevoegde instanties administratieve maatregelen ondernomen voor deze securitisatie? Als de securitisatie geen STS-securitisatie is, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESS6 |
Materiële wijziging in transactiedocumenten |
Beschrijving van materiële wijzigingen in transactiedocumenten, met inbegrip van de naam en de identificatiecode (overeenkomstig tabel 3 in bijlage I) van het document, en een gedetailleerde beschrijving van de wijzigingen. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESS7 |
Voltooiing van verkoop |
Heeft de overdracht van onderliggende blootstellingen aan de SSPE (d.w.z. de voltooiing van de verkoop) plaatsgevonden in overeenstemming met artikel 20, lid 5, van Verordening (EU) 2017/2402? |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESS8 |
Huidig cascaderingstype |
Kies uit onderstaande lijst de cascaderingsregeling die het dichtst bij de momenteel op de securitisatie toepasselijke regeling ligt:
|
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESS9 |
Mastertrust |
Als de securitisatie een mastertruststructuur heeft, kies dan de meest passende beschrijving van de structuur:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESS10 |
Waarde van SSPE |
Als de securitisatie een mastertruststructuur heeft, vermeld dan de nominale waarde van alle onderliggende blootstellingen (kapitaal en kosten) waarin de trust of de SSPE een belang heeft op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESS11 |
Kapitaalwaarde van SSPE |
Als de securitisatie een mastertruststructuur heeft, vermeld dan de nominale waarde van alle onderliggende blootstellingen (alleen kapitaal) waarin de trust een belang had op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESS12 |
Aantal rekeningen van SSPE |
Als de securitisatie een mastertruststructuur heeft, vermeld dan het aantal rekeningen waarin de trust of de SSPE een belang heeft op de afsluitdatum van de gegevensinzending. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESS13 |
Kapitaalsaldo notes |
Als de securitisatie een mastertruststructuur heeft, vermeld dan de nominale waarde van alle door activa gedekte notes waarvoor de onderliggende blootstellingen in de trust als zekerheid zijn gesteld. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESS14 |
Aandeel van verkoper |
Als de securitisatie een mastertruststructuur heeft, vermeld dan het belang van de initiator in de trust, uitgedrukt als percentage. Als er meerdere initiators zijn, vul dan het geaggregeerde belang van alle initiators in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESS15 |
Aandeel in financiering |
Als de securitisatie een mastertruststructuur heeft, vermeld dan het belang van de SSPE’s voor deze reeks in de trust op de afsluitdatum van de gegevensinzending, uitgedrukt als percentage. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESS16 |
Aan deze reeks toegewezen opbrengsten |
Als de securitisatie een mastertruststructuur heeft, vermeld dan de bedragen van de inkomsten die aan deze reeks zijn toegewezen uit de trust. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESS17 |
Benchmark van renteswap |
Beschrijf het type benchmark dat aan de betalerspoot van de swap is gehecht:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESS18 |
Vervaldatum van renteswap |
Vervaldatum van de renteswap. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESS19 |
Notioneel bedrag van renteswap |
Het notionele bedrag van de renteswap op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESS20 |
Valuta van betalerspoot van valutaswap |
De munteenheid waarin de betalingen door de betalerspoot van de swap zijn uitgedrukt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESS21 |
Valuta van ontvangerspoot van valutaswap |
De munteenheid waarin de betalingen door de ontvangerspoot van de swap zijn uitgedrukt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESS22 |
Wisselkoers voor valutaswap |
De wisselkoers die is vastgesteld voor een valutaswap. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESS23 |
Vervaldatum van valutaswap |
Vervaldatum van de valutaswap. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESS24 |
Notioneel bedrag van valutaswap |
Het notionele bedrag van de valutaswap op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Informatie op het niveau van tranche/obligatie |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST1 |
Unieke identificatiecode |
Vermeld hier dezelfde unieke identificatiecode als in veld SESS1. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST2 |
Oorspronkelijke identificatiecode van tranche |
De oorspronkelijk aan het instrument toegekende identificatiecode. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST3 |
Nieuwe identificatiecode van tranche |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld SEST2 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld SEST2. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST4 |
Internationaal effectenidentificatienummer (ISIN) |
De ISIN-code die aan deze tranche is toegekend, indien van toepassing. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST5 |
Naam van tranche |
De benaming (doorgaans een letter en/of cijfer) die is gegeven aan deze tranche van obligaties (of klasse van securitisaties) met dezelfde rechten, prioriteiten en kenmerken als omschreven in het prospectus, bv. Reeks 1, klasse A1 enz. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST6 |
Type tranche/obligatie |
Kies de meest passende optie om het aflossingsprofiel van het instrument te beschrijven:
|
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST7 |
Valuta |
De munteenheid waarin dit instrument wordt uitgedrukt. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST8 |
Oorspronkelijk kapitaalsaldo |
Het oorspronkelijke kapitaalsaldo van deze tranche bij uitgifte. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST9 |
Huidig kapitaalsaldo |
Het nominale of notionele saldo van deze tranche na de huidige datum van de vervaldag van het kapitaal. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST10 |
Frequentie van rentebetalingen |
De frequentie van de betalingen van rente op dit instrument:
|
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST11 |
Vervaldag van rente |
De eerste dag, na de afsluitdatum van de gegevensinzending waarover nu verslag wordt uitgebracht, waarop volgens planning rentebetalingen zullen worden uitgekeerd aan obligatiehouders van deze tranche. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST12 |
Vervaldag van kapitaal |
De eerste dag, na de afsluitdatum van de gegevensinzending waarover nu verslag wordt uitgebracht, waarop volgens planning kapitaalbetalingen zullen worden uitgekeerd aan obligatiehouders van deze tranche. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST13 |
Huidige coupon |
De coupon op het instrument in basispunten. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST14 |
Huidige rentevoetmarge/spread |
De couponspread die wordt toegepast op de referentierente-index als beschreven in het prospectus voor het specifieke instrument, in basispunten. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST15 |
Minimale coupon |
De minimale coupon van het instrument. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST16 |
Maximale coupon |
De maximale coupon van het instrument. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST17 |
Waarde van step-up-/step-downcoupon |
In voorkomend geval, wat is de waarde van de step-up-/step-downcoupon volgens de voorwaarden van de securitisatie/het programma? |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST18 |
Datum van step-up-/step-downcoupon |
In voorkomend geval, wat is de datum waarop de omschrijving van de coupon zal veranderen overeenkomstig de voorwaarden van de securitisatie/het programma? |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST19 |
Conventie werkdagen |
Conventie inzake werkdagen die wordt gebruikt voor de berekening van de verschuldigde rente:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST20 |
Huidige rente-index |
De basisreferentie-index die momenteel wordt toegepast (referentierente op basis waarvan de rentevoet wordt vastgesteld):
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST21 |
Looptijd (“tenor”) van huidige rente-index |
Looptijd (“tenor”) van de huidige rente-index:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST22 |
Datum van uitgifte |
Datum waarop het instrument is uitgegeven. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST23 |
Datum uitkering |
Eerste datum vanaf welke het bedrag van de verschuldigde rente op het instrument wordt berekend. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST24 |
Wettelijke vervaldatum |
De datum waarop dit instrument moet worden terugbetaald om geen wanbetaling te veroorzaken. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST25 |
Verlengingsclausule |
Kies de meest passende optie om te beschrijven welke partij het recht heeft om de vervaldatum van het instrument te verschuiven, overeenkomstig de voorwaarden van de securitisatie/het programma.
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST26 |
Volgende calldatum |
Wat is de volgende datum waarop een call op het instrument kan worden uitgeoefend overeenkomstig de voorwaarden van de securitisatie/het programma? Dit omvat geen restantaankoopregelingen. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST27 |
Drempel voor restantaankoopoptie |
Wat is de drempel voor een restantaankoopoptie volgens de voorwaarden van de securitisatie/het programma? |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST28 |
Volgende putdatum |
Wat is de drempel voor een restantaankoopoptie volgens de voorwaarden van de securitisatie/het programma? |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST29 |
Dagtellingsconventie |
De “dagen”-conventie die wordt gebruikt voor de berekening van de rente:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST30 |
Vereffeningsconventie |
Gebruikelijke wijze van vereffening voor de tranche:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST31 |
Huidig aanhechtingspunt |
Het huidige aanhechtingspunt overeenkomstig artikel 256 van Verordening (EU) nr. 575/2013, vermenigvuldigd met 100. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST32 |
Oorspronkelijk aanhechtingspunt |
Het aanhechtingspunt van de tranche bij de uitgifte van de tranche notes, berekend overeenkomstig artikel 256 van Verordening (EU) nr. 575/2013, vermenigvuldigd met 100. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST33 |
Huidige kredietverbetering |
De huidige kredietverbetering van de tranche, berekend volgens de definitie van de initiator/sponsor/SSPE. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST34 |
Oorspronkelijke kredietverbetering |
De oorspronkelijke kredietverbetering bij de uitgifte van de tranche notes, berekend volgens de definitie van de initiator/sponsor/SSPE. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST35 |
Formule van kredietverbetering |
Beschrijving van de formule voor de berekening van de kredietverbetering van de tranche. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST36 |
Pari-passu tranches |
Vul de ISIN’s van alle tranches in (inclusief deze) die op de afsluitdatum van de gegevensinzending dezelfde rangorde hebben als de huidige tranche volgens de prioriteit van betalingen van de securitisatie op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Indien er meerdere ISIN’s zijn, moeten alle ISIN’s worden verstrekt overeenkomstig het XML-schema. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST37 |
Senior tranches |
Vul de ISIN’s van alle tranches in (inclusief deze) die op de afsluitdatum van de gegevensinzending een hogere rangorde hebben dan de huidige tranche volgens de prioriteit van betalingen van de securitisatie op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Indien er meerdere ISIN’s zijn, moeten alle ISIN’s worden verstrekt overeenkomstig het XML-schema. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST38 |
Uitstaand saldo in Principal Deficiency Ledger |
Het niet-betaalde saldo van de tranche in kwestie in de Principal Deficiency Ledger. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST39 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van garantiegever |
Als de tranche is gegarandeerd, vermeld dan de LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF) van de garantiegever. Als de tranche niet is gegarandeerd, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST40 |
Naam garantiegever |
De volledige juridische naam van de garantiegever. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). Als de tranche niet is gegarandeerd, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST41 |
ESA-subsector van garantiegever |
De ESR 2010-classificatie van de garantiegever overeenkomstig Verordening (EU) nr. 549/2013 van het Europees Parlement en de Raad (“ESA 2010”). Deze classificatie moet worden vermeld op het niveau van de subsector. Daarvoor dient te worden gebruikgemaakt van één van de waarden in bijlage I bij deze verordening. Als de tranche niet is gegarandeerd, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEST42 |
Type protectie |
Vermeld het type protectie-instrument dat is gebruikt:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Informatie op het niveau van rekening |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESA1 |
Unieke identificatiecode |
Vermeld hier dezelfde unieke identificatiecode als in veld SESS1. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESA2 |
Oorspronkelijke identificatiecode van rekening |
De unieke oorspronkelijke identificatiecode van de rekening. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESA3 |
Nieuwe identificatiecode van rekening |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld SESA2 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld SESA2. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESA4 |
Rekeningtype |
Het type rekening:
|
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESA5 |
Streefsaldo van rekening |
Het bedrag dat op de rekening in kwestie zou staan wanneer die volledig is gefinancierd overeenkomstig de securitisatiedocumentatie. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESA6 |
Daadwerkelijk saldo van rekening |
Het saldo op de rekening in kwestie op de einddatum van de aanwas. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESA7 |
Amortisatierekening |
Vindt er amortisatie vanaf de rekening plaats gedurende de levensduur van de securitisatie? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Informatie op het niveau van tegenpartij |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESP1 |
Unieke identificatiecode |
Vermeld hier dezelfde unieke identificatiecode als in veld SESS1. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESP2 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van tegenpartij |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de tegenpartij. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESP3 |
Naam tegenpartij |
De volledige juridische naam van de tegenpartij. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESP4 |
Type tegenpartij |
Het type tegenpartij:
|
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESP5 |
Land van vestiging van tegenpartij |
Land waar de tegenpartij is gevestigd. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESP6 |
Ratingdrempel voor tegenpartij |
Als er een op rating gebaseerde drempel is gespecificeerd voor de door deze tegenpartij verrichte dienst in de securitisatie, vermeld dan de drempelrating voor de tegenpartij op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Als er meerdere ratings zijn, dienen alle ratings te worden vermeld overeenkomstig het XML-schema. Als er geen ratingdrempel is, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESP7 |
Rating van tegenpartij |
Als er een op rating gebaseerde drempel is gespecificeerd voor de door deze tegenpartij verrichte dienst in de securitisatie, vermeld dan de rating van de tegenpartij op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Als er meerdere ratingdrempels zijn, dienen alle ratings te worden vermeld overeenkomstig het XML-schema. Als er geen ratingdrempel is, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESP8 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van bron rating tegenpartij |
Als er een op rating gebaseerde drempel is gespecificeerd voor de door deze tegenpartij verrichte dienst in de securitisatie, vermeld dan de LEI van de verstrekker van de rating van de tegenpartij (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF) op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Als er meerdere ratings zijn, dienen alle LEI’s van ratingverstrekkers te worden vermeld overeenkomstig het XML-schema. Als er geen ratingdrempel is, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESP9 |
Naam van bron rating tegenpartij |
Als er een op rating gebaseerde drempel is gespecificeerd voor de door deze tegenpartij verrichte dienst in de securitisatie, vermeld dan de volledige naam van de verstrekker van de rating van de tegenpartij op de afsluitdatum van de gegevensinzending. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). Als er meerdere ratings zijn, dienen alle LEI’s van ratingverstrekkers te worden vermeld overeenkomstig het XML-schema. Als er geen ratingdrempel is, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Informatie over CLO-securitisatie |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESC1 |
Unieke identificatiecode |
Vermeld hier dezelfde unieke identificatiecode als in veld SESS1. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESC2 |
Einddatum niet-callperiode |
Dat datum waarop een eventuele niet-callperiode eindigt (bv. wanneer tranchehouders de SSPE niet kunnen vragen om de portefeuille te liquideren en alle tranches af te lossen, of om de tranches te herschikken of te herfinancieren enz.). |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESC3 |
CLO-type |
Het type CLO dat deze transactie het best beschrijft:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESC4 |
Huidige periode |
De huidige periodestatus van de CLO:
|
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESC5 |
Begindatum huidige periode |
De datum waarop de huidige periode is begonnen. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESC6 |
Einddatum huidige periode |
De datum waarop de huidige periode naar verwachting zal eindigen. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESC7 |
Concentratielimiet |
Vul de concentratielimiet in, als percentage van de nominale waarde van de portefeuille, die van toepassing is op tegenpartijen/debiteuren, zoals beschreven in de transactiedocumentatie. Als er meerdere limieten zijn, vul dan de maximumlimiet in (als er bv. twee limieten zijn, afhankelijk van de rating, van respectievelijk 10 % en 20 %, vul dan 20 % in). |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESC8 |
Restricties — Wettelijke vervaldatum |
Toegestaan percentage (vs. nominaal saldo van portefeuille) aan blootstellingen met wettelijke eindvervaldatum die verder in de tijd ligt dan de kortste wettelijke eindvervaldatum van de tranches. (Aangenomen dat restantaankoopoptie wordt uitgeoefend) |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESC9 |
Restricties — Achtergestelde blootstellingen |
Toegestaan percentage (vs. nominaal saldo van portefeuille) aan blootstellingen met tweede pandrecht die kunnen worden gekocht. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESC10 |
Restricties — Niet-renderende blootstellingen |
Toegestaan percentage (vs. nominaal saldo van de portefeuille) aan niet-renderende blootstellingen die kunnen worden gekocht. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESC11 |
Restricties — Betaling-in-naturablootstellingen |
Toegestaan percentage (vs. nominaal saldo van portefeuille) aan betaling-in-naturablootstellingen die op enig moment kunnen worden aangehouden. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESC12 |
Restricties — Zero-couponblootstellingen |
Toegestaan percentage (vs. nominaal saldo van portefeuille) aan zero-couponblootstellingen die op enig moment kunnen worden aangehouden. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESC13 |
Restricties — Aandelenblootstellingen |
Toegestaan percentage (vs. nominaal saldo van portefeuille) aan aandelen of in aandelen converteerbare schuld dat kan worden gekocht. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESC14 |
Restricties — Participatieblootstellingen |
Toegestaan percentage (vs. nominaal saldo van de portefeuille) aan leningparticipaties die kunnen worden gekocht. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESC15 |
Restricties — Discretionaire verkopen |
Toegestaan percentage (vs. nominaal saldo van portefeuille) aan discretionaire verkopen per jaar. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESC16 |
Discretionaire verkopen |
Feitelijke discretionaire verkopen tot op heden in dit jaar. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESC17 |
Herbeleggingen |
Herbelegd bedrag, tot op heden in dit jaar. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESC18 |
Restricties — Kredietverbetering |
Kan de CLO-beheerder een kredietverbeteringsoverschot intrekken of monetiseren? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESC19 |
Restricties — Prijsopgaven |
Kan de CLO-beheerder prijsopgaven verkrijgen van andere dealers dan de arranger? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESC20 |
Restricties — Handel |
Kan de CLO-beheerder handelen met anderen dan de arranger? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESC21 |
Restricties — Uitgiften |
Zijn er beperkingen gesteld aan de additionele uitgifte van notes? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESC22 |
Restricties — Aflossingen |
Zijn er beperkingen gesteld aan de oorsprong van de gelden die worden gebruikt voor het selectief terugkopen/aflossen van notes? (bv.: kapitaalopbrengsten mogen niet worden gebruikt om een aflossing te verrichten; aflossingen moeten plaatsvinden in de volgorde van betalingsprioriteit voor de notes; OC (overpandings)-testratio’s moeten gelijkblijven of verbeteren na aankoop) |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESC23 |
Restricties — Herfinanciering |
Zijn er beperkingen gesteld aan de herfinanciering van notes? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESC24 |
Restricties — Remuneratie op note |
Kunnen notehouders hun notes inleveren bij de trustee voor annulering zonder in ruil daarvoor een betaling te ontvangen? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESC25 |
Restricties — Kredietprotectie |
Kan de CLO-beheerder kredietprotectie van onderliggende activa kopen of verkopen? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESC26 |
Onderpanduitwinningsperiode |
Het aantal kalenderdagen waarna het onderpand moet worden uitgewonnen. Als er meerdere mogelijke perioden zijn, vul dan het laagste aantal kalenderdagen in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESC27 |
Onderpanduitwinning — Afstand |
Kunnen enkele of alle notehouders afstand doen van de onderpanduitwinningsperiode? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Informatie over CLO-beheerder |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESL1 |
Unieke identificatiecode |
Vermeld hier dezelfde unieke identificatiecode als in veld SESS1. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESL2 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van CLO-beheerder |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de CLO-beheerder. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESL3 |
Naam beheerder |
De volledige juridische naam van de CLO-beheerder. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESL4 |
Oprichtingsdatum |
Datum van oprichting van de CLO-beheerder. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESL5 |
Registratiedatum |
Datum van registratie binnen de EU als beleggingsadviseur. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESL6 |
Werknemers |
Totaal aantal werknemers. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESL7 |
Werknemers — CLO’s |
Totaal aantal werknemers dat zich bezighoudt met handel in leningen en beheer van CLO-portefeuilles. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESL8 |
Werknemers — Oplossingen |
Totaal aantal werknemers dat zich bezighoudt met het vinden van oplossingen voor problematische leningen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESL9 |
Beheerd vermogen |
Beheerd vermogen. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESL10 |
Beheerd vermogen — Leningen met hefboomwerking |
Totaal beheerd vermogen in de vorm van leningen met hefboomwerking. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESL11 |
Beheerd vermogen — CLO’s |
Totaal beheerd vermogen in de vorm van CLO’s. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESL12 |
Beheerd vermogen — EU |
Totaal beheerd vermogen in de vorm van EU-activa. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESL13 |
Beheerd vermogen — EU-CLO’s |
Totaal beheerd vermogen in de vorm van EU-CLO’s Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESL14 |
Aantal EU-CLO’s |
Aantal beheerde EU-CLO’s. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESL15 |
Kapitaal |
Totaal kapitaal Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESL16 |
Kapitaal — Risicobehoud |
Kapitaal voor de financiering van risicobehoud. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESL17 |
Afwikkelingstijd |
Gemiddelde tijd, in kalenderdagen, die nodig is voor de afwikkeling van transacties. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESL18 |
Prijsstellingsfrequentie |
Frequentie (in aantal dagen) van de (her)prijsstelling van portefeuilles. Als er verschillende frequenties worden toegepast, vermeld dan de gewogen gemiddelde frequentie, waarbij het beheerd vermogen van elke categorie zijn, afgerond op de dichtstbijzijnde dag, als gewicht dient. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESL19 |
Wanbetalingsgraad — één jaar |
Gemiddelde geannualiseerde wanbetalingsgraad op het aan de CLO-securitisatie gerelateerde door de CLO-beheerder beheerd vermogen, over het afgesloten één jaar. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESL20 |
Wanbetalingsgraad — 5 jaar |
Gemiddelde geannualiseerde wanbetalingsgraad op het aan de CLO-securitisatie gerelateerde door de CLO-beheerder beheerd vermogen, over de afgesloten 5 jaar. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESL21 |
Wanbetalingsgraad — 10 jaar |
Gemiddelde geannualiseerde wanbetalingsgraad op het aan de CLO-securitisatie gerelateerde door de CLO-beheerder beheerd vermogen, over de afgesloten 10 jaar. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Informatie over synthetische dekking |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV1 |
Unieke identificatiecode |
Vermeld hier dezelfde unieke identificatiecode als in veld SESS1. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV2 |
Identificatiecode van protectie-instrument |
De unieke identificatiecode van het protectie-instrument. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV3 |
Type protectie |
Vermeld het type protectie-instrument dat is gebruikt:
|
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV4 |
Internationaal effectenidentificatienummer (ISIN) protectie-instrument |
De ISIN-code van het protectie-instrument, indien van toepassing. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV5 |
Naam verstrekker van protectie-instrument |
De volledige juridische naam van de verstrekker van het protectie-instrument. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV6 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van verstrekker van protectie-instrument |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de verstrekker van het protectie-instrument. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV7 |
Publiekrechtelijk lichaam met risicogewicht nul |
Is de verstrekker van de protectie een publiekrechtelijk lichaam als bedoeld in artikel 113, lid 4, artikel 117, lid 2, of artikel 118 van Verordening (EU) 575/2013 (of als anderszins gewijzigd)? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV8 |
Toepasselijk recht |
Rechtsgebied waaronder de protectieovereenkomst valt. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV9 |
ISDA-masterovereenkomst |
Grondslag voor protectiedocumentatie:
|
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV10 |
Wanbetalings- en beëindigingsgebeurtenissen |
Waar worden de wanbetalings- en beëindigingsgebeurtenissen van de protectieregeling vermeld? Bijlage bij de ISDA 2002 (ISDA) Bijlage bij de ISDA 2014 (IS14) Anders — Op maat (OTHR) |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV11 |
Type synthetische securitisatie |
Is dit een “balance sheet” synthetische securitisatie? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV12 |
Protectievaluta |
De munteenheid waarin de protectie is uitgedrukt. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV13 |
Huidige notionele protectie |
Totaalbedrag van de door de protectieovereenkomst geboden dekking op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV14 |
Maximale notionele protectie |
Maximumbedrag van de door de protectieovereenkomst geboden dekking. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV15 |
Aanhechtingspunt van protectie |
Met betrekking tot het kapitaal van de pool, vermeld het aanhechtingspunt (percentage), d.w.z. waar de protectiedekking begint. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV16 |
Onthechtingspunt van protectie |
Met betrekking tot het kapitaal van de pool, vermeld het onthechtingspunt (percentage), d.w.z. waar de protectiedekking eindigt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV17 |
Internationaal effectenidentificatienummer (ISIN) van gedekte notes |
Als er protectie wordt verstrekt om specifieke tranches te dekken (bv. een garantie), vermeld dan de ISIN-code van elke door de specifieke protectieovereenkomst gedekte tranche. Indien er meerdere ISIN’s zijn, moeten alle ISIN’s worden verstrekt overeenkomstig het XML-schema. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV18 |
Protectiedekking |
Vermeld de optie die de protectiedekking het best beschrijft:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV19 |
Einddatum protectie |
De contractuele datum waarop de protectie zal vervallen/worden beëindigd. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV20 |
Materialiteitsdrempels |
Zijn er materialiteitsdrempels voordat protectie-uitbetalingen kunnen worden verricht? Is er bijvoorbeeld een minimumbedrag aan kredietverslechtering in de kasstroom genererende activa waarboven pas een uitbetaling van de protectieverkoper kan worden gevorderd? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV21 |
Voorwaarden voor vrijgave betalingen |
De voorwaarden voor de vrijgave van de uitbetalingen door de protectieverkoper:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV22 |
Aanpassingsbetalingen mogelijk |
Voorzien de voorwaarden van de kredietprotectieovereenkomst in de betaling van aanpassingsbetalingen aan de koper van de protectie (bv. als er na het verval van de kredietprotectieovereenkomst discrepanties zijn in eerder geschatte en uitgewisselde bedragen)? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV23 |
Duur van de periode voor het vinden van een oplossing |
Als er, wat betreft het tijdschema van de betalingen, een vooraf vastgestelde periode is toegestaan voor het uitvoeren van inningsactiviteiten en er aanpassingen moeten worden verricht voor de initiële verliesverrekening, vul dan het aantal dagen in dat deze periode volgens de kredietprotectieovereenkomst duurt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV24 |
Terugbetalingsverplichting |
Heeft de koper van de protectie een verplichting tot terugbetaling van eerder ontvangen protectiebetalingen (naast beëindiging van het derivaat, of als gevolg van een kredietgebeurtenistrigger, of wegens inbreuk van een garantie in verband met de referentieverplichtingen)? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV25 |
Onderpand vervangbaar |
Als er onderpand is, kunnen de activa in de onderpandportefeuille dan worden vervangen? Dit veld moet worden ingevuld voor gefinancierde synthetische regelingen, of indien het anderszins van toepassing is (bv. wanneer er geldmiddelen worden aangehouden als onderpand voor protectiebetalingen). |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV26 |
Vereisten inzake onderpanddekking |
Wanneer er onderpand wordt aangehouden, vermeld de vereiste dekking in % (aan notionele protectie) zoals bepaald in de securitisatiedocumentatie. Dit veld moet worden ingevuld voor gefinancierde synthetische regelingen, of indien het anderszins van toepassing is (bv. wanneer er geldmiddelen worden aangehouden als onderpand voor protectiebetalingen). |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV27 |
Initiële marge voor onderpand |
Als er een repo wordt gebruikt, vermeld dan de initiële marge voor het onderpand die wordt vereist voor in aanmerking komende beleggingen (onderpand), zoals bepaald in de securitisatiedocumentatie. Dit veld moet worden ingevuld voor gefinancierde synthetische regelingen, of indien het anderszins van toepassing is (bv. wanneer er geldmiddelen worden aangehouden als onderpand voor protectiebetalingen). Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV28 |
Termijn voor levering onderpand |
Als er een repo wordt gebruikt, vermeld dan de termijn (in dagen), zoals bepaald in de securitisatiedocumentatie, waarbinnen het onderpand moet worden geleverd ingeval het moet worden vrijgegeven. Dit veld moet worden ingevuld voor gefinancierde synthetische regelingen, of indien het anderszins van toepassing is (bv. wanneer er geldmiddelen worden aangehouden als onderpand voor protectiebetalingen). |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV29 |
Vereffening |
Te betalen compensatie:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV30 |
Uiterste toegestane vervaldatum |
In geval van fysieke vereffening, vermeld de uiterste vervaldatum zoals bepaald in de securitisatiedocumentatie voor effecten die kunnen worden geleverd. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV31 |
Huidige index voor betalingen aan protectiekoper |
Huidige rente-index (de referentierentevoet voor betalingen aan de protectiekoper). Dit veld moet met name worden ingevuld wanneer er protectieregelingen worden verstrekt via een swap:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV32 |
Looptijd (“tenor”) van huidige index voor betalingen aan protectiekoper |
Looptijd van de rente-index die wordt gebruikt voor betalingen aan de protectiekoper:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV33 |
Frequentie herziening betalingen — aan protectiekoper |
Frequentie waarmee betalingen aan de protectiekoper worden herzien volgens de kredietprotectieovereenkomst:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV34 |
Huidige rentevoetmarge voor betalingen aan protectiekoper |
Huidige rentevoetmarge die wordt toegepast op betalingen met variabele rente aan de protectiekoper boven (of, indien de marge eronder ligt, als negatieve waarde) de indexrentevoet die wordt gebruikt als referentie voor betalingen aan de protectiekoper. Dit veld moet met name worden ingevuld wanneer er protectieregelingen worden verstrekt via een swap. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV35 |
Huidige rentevoet voor betalingen aan protectiekoper |
Huidige rentevoet die wordt toegepast op betalingen aan de protectiekoper. Dit veld moet met name worden ingevuld wanneer er protectieregelingen worden verstrekt via een swap. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV36 |
Huidige index voor betalingen aan protectieverkoper |
Huidige rente-index (de referentierentevoet voor betalingen aan de protectieverkoper):
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV37 |
Looptijd (“tenor”) van huidige index voor betalingen aan protectieverkoper |
Looptijd van de rente-index die wordt gebruikt voor betalingen aan de protectieverkoper:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV38 |
Frequentie herziening betalingen — aan protectieverkoper |
Frequentie waarmee betalingen aan de protectieverkoper worden herzien volgens de kredietprotectieovereenkomst:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV39 |
Huidige rentevoetmarge voor betalingen aan protectieverkoper |
Huidige rentevoetmarge die wordt toegepast op betalingen met variabele rente aan de protectieverkoper boven (of, indien de marge eronder ligt, als negatieve waarde) de indexrentevoet die wordt gebruikt als referentie voor betalingen aan de protectiekoper. Dit veld moet met name worden ingevuld wanneer er protectieregelingen worden verstrekt via een swap. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV40 |
Huidige rentevoet voor betalingen aan protectieverkoper |
Huidige rentevoet die wordt toegepast op betalingen aan de protectieverkoper. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV41 |
Ondersteuning door overgebleven rentemarge |
Wordt de overgebleven rentemarge gebruikt als kredietverbetering van noteklassen met de laagste rangorde? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV42 |
Definitie van overgebleven rentemarge |
Volgens de securitisatiedocumentatie kan de overgebleven rentemarge het best worden beschreven als een vaste overgebleven rentemarge (het bedrag van de beschikbare overgebleven rentemarge is bv. van tevoren bepaald, doorgaans in de vorm van een vast percentage). |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV43 |
Huidige protectiestatus |
De huidige status van de protectie op de afsluitdatum van de gegevensinzending: Actief (ACTI) Geannuleerd (CANC) Gedeactiveerd (DEAC) Vervallen (EXPI) Inactief (INAC) Ingetrokken (WITH) Anders (OTHR) |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV44 |
Faillissement is kredietgebeurtenis |
Is faillissement van de referentielening/debiteur opgenomen in de definitie van kredietgebeurtenissen in de protectieovereenkomst? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV45 |
Betalingsverzuim is kredietgebeurtenis |
Is 90 dagen verzuim door de debiteur om te betalen opgenomen in de definitie van kredietgebeurtenissen in de protectieovereenkomst? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV46 |
Herstructurering is kredietgebeurtenis |
Is herstructurering van de referentielening/debiteur opgenomen in de definitie van kredietgebeurtenissen in de protectieovereenkomst? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV47 |
Kredietgebeurtenis |
Is er mededeling gedaan van een kredietgebeurtenis? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV48 |
Cumulatieve betalingen aan protectiekoper |
Totaalbedrag van de door de protectieverkoper aan de protectiekoper verrichte betalingen, op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV49 |
Cumulatieve aanpassingsbetalingen aan protectiekoper |
Totaalbedrag van de door de protectieverkoper aan de protectiekoper verrichte aanpassingsbetalingen, op de afsluitdatum van de gegevensinzending (bv. om te compenseren voor het verschil tussen de initiële betalingen voor verwachte verliezen en de daaropvolgende daadwerkelijke verliezen die zijn gerealiseerd op kasstroom genererende activa met bijzondere waardevermindering). Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV50 |
Cumulatieve betalingen aan protectieverkoper |
Totaalbedrag van de door de protectiekoper aan de protectieverkoper verrichte betalingen, op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV51 |
Cumulatieve aanpassingsbetalingen aan protectieverkoper |
Totaalbedrag van de door de protectiekoper aan de protectieverkoper verrichte aanpassingsbetalingen, op de afsluitdatum van de gegevensinzending (bv. om te compenseren voor het verschil tussen de initiële betalingen voor verwachte verliezen en de daaropvolgende daadwerkelijke verliezen die zijn gerealiseerd op kasstroom genererende activa met bijzondere waardevermindering). Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESV52 |
Geboekt bedrag van de synthetische overgebleven rentemarge |
Totaal geboekt bedrag van de synthetische overgebleven rentemarge, op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Informatie over uitgever van onderpand |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESI1 |
Unieke identificatiecode |
Vermeld hier dezelfde unieke identificatiecode als in veld SESS1. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESI2 |
Identificatiecode van protectie-instrument |
Vermeld hier dezelfde unieke identificatiecode als in veld SESV1. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESI3 |
Oorspronkelijke identificatiecode van onderpandinstrument |
De oorspronkelijk aan het onderpandinstrument toegekende identificatiecode. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESI4 |
Nieuwe identificatiecode van onderpand |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld SESI3 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld SESI3. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESI5 |
Internationaal effectenidentificatienummer (ISIN) van onderpandinstrument |
De ISIN-code van het onderpandinstrument, indien van toepassing. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESI6 |
Type onderpandinstrument |
Type onderpandinstrument:
|
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESI7 |
ESA-subsector van verstrekker van onderpand |
De ESR 2010-classificatie van het onderpand overeenkomstig Verordening (EU) nr. 549/2013 van het Europees Parlement en de Raad (“ESA 2010”). Deze classificatie moet worden vermeld op het niveau van de subsector. Daarvoor dient te worden gebruikgemaakt van één van de waarden in bijlage I bij deze verordening. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESI8 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van verstrekker van onderpand |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de verstrekker van het onderpand. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESI9 |
Uitgever van onderpand verbonden met initiator? |
Hebben de uitgever van het onderpand en de initiator dezelfde uiteindelijkemoederentiteit? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESI10 |
Huidig uitstaand saldo |
Totaal uitstaand kapitaalsaldo van het onderpand, op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESI11 |
Valuta van instrument |
Munteenheid waarin het instrument is uitgedrukt. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESI12 |
Vervaldatum |
Vervaldatum van het onderpand. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESI13 |
Haircut |
Vermeld het % haircut (toegepast op het huidige uitstaande kapitaalsaldo) op dit onderpand, zoals bepaald in de securitisatiedocumentatie. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESI14 |
Huidige rente-index |
De basisreferentie-index die momenteel wordt toegepast (referentierente op basis waarvan de rentevoet wordt vastgesteld):
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESI15 |
Looptijd (“tenor”) van huidige rente-index |
Looptijd (“tenor”) van de huidige rente-index:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESI16 |
Huidige rentevoet op deposito’s in contanten |
Wanneer het type onderpand deposito’s in contanten is, vul dan de huidige rentevoet op die deposito’s in. Als er meerdere depositorekeningen zijn per valuta, vermeld dan de gewogen gemiddelde huidige rentevoet, op basis van het huidige saldo van de deposito’s in contanten in de respectieve rekeningen als gewichten. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESI17 |
Naam tegenpartij repo |
Als het onderpand onderdeel van een repo is, vermeld dan de volledige juridische naam van de tegenpartij van de securitisatie. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESI18 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van tegenpartij van repo |
Als het onderpand onderdeel van een repo is, vermeld dan de LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de tegenpartij waarbij de contanten zijn gedeponeerd. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESI19 |
Vervaldatum van repo |
Als het onderpand onderdeel van een repo is, vermeld dan de vervaldatum van de securitisatie. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Overige informatie |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESO1 |
Unieke identificatiecode |
De unieke identificatiecode die is ingevuld in veld SESS1. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESO2 |
Regelnummer van overige informatie |
Vul het regelnummer van de overige informatie in. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SESO3 |
Overige informatie |
De overige informatie, per regel. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
BIJLAGE XV
VOORKENNIS OF SIGNIFICANTE INFORMATIE OVER GEBEURTENIS — ABCP-SECURITISATIE
|
Veldcode |
Veldnaam |
Te rapporteren inhoud |
ND1-ND4 toegestaan? |
ND5 toegestaan? |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Informatie over programma |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAS1 |
Unieke identificatiecode — ABCP-programma |
De unieke identificatiecode die door de rapporterende entiteit is toegekend overeenkomstig artikel 11, lid 1, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/1224 van de Commissie. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAS2 |
Afsluitdatum van gegevensinzending |
De afsluitdatum van deze gegevensinzending. Wanneer dit wordt ingediend samen met een gegevensinzending voor een onderliggende blootstelling en een beleggersverslag, moet deze datum overeenkomen met de afsluitdatum die is vermeld in de ingediende templates voor de toepasselijke onderliggende blootstelling en de beleggersinformatie. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAS3 |
Niet langer STS |
Is het ABCP-programma niet langer eenvoudig, transparant en gestandaardiseerd (simple, transparent and standardised — STS)? Als het ABCP-programma nooit de STS-status heeft gehad, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAS4 |
Corrigerende maatregelen |
Hebben de bevoegde instanties corrigerende maatregelen ondernomen voor deze securitisatie? Als de securitisatie geen STS-securitisatie is, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAS5 |
Administratieve maatregelen |
Hebben de bevoegde instanties administratieve maatregelen ondernomen voor deze securitisatie? Als de securitisatie geen STS-securitisatie is, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAS6 |
Materiële wijziging in transactiedocumenten |
Beschrijving van materiële wijzigingen in transactiedocumenten, met inbegrip van de naam en de identificatiecode (overeenkomstig tabel 3 in bijlage I) van het document, en een gedetailleerde beschrijving van de wijzigingen. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAS7 |
Toepasselijk recht |
Jurisdictie van het programma. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAS8 |
Duur van de liquiditeitsfaciliteit |
Periode gedurende welke de liquiditeitsfaciliteit op het niveau van het programma dekking biedt aan het programma (in dagen). |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAS9 |
Liquiditeitsfaciliteitsdekking |
Maximumfinancieringsbedrag (als percentage van de onderliggende blootstellingen van het programma) dat door de liquiditeitsfaciliteit op het niveau van het programma wordt gedekt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAS10 |
Interval van liquiditeitsfaciliteitsdekking |
Maximumaantal dagen voordat wordt begonnen met de financiering van de transactie uit de liquiditeitsfaciliteit op het niveau van het programma, na een triggergebeurtenis die leidt tot uitbetalingen uit de liquiditeitsfaciliteit. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAS11 |
Vervaldatum liquiditeitsfaciliteit |
Datum waarop de liquiditeitsfaciliteit op het niveau van het programma zal vervallen. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAS12 |
Opnemingen uit hoofde van liquiditeitsfaciliteit |
Als er bij de securitisatie een liquiditeitsfaciliteit op het niveau van het programma hoort, bevestig dan of er uit hoofde van de liquiditeitsfaciliteit al dan niet opnemingen hebben plaatsgevonden in de periode die eindigde op de laatste vervaldag van de rente. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAS13 |
Totale uitgiften |
Totale in het kader van het programma uitstaande uitgiften, geconverteerd in EUR. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAS14 |
Maximumbedrag van uitgiften |
Als er een maximum is gesteld aan het bedrag dat op enig moment in het kader van het ABCP-programma mag zijn uitgegeven, vul dat maximum dan hier in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Informatie over transactie |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR1 |
Unieke identificatiecode — ABCP-programma |
Vermeld hier dezelfde unieke identificatiecode van het ABCP-programma als in veld SEAS1. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR2 |
Unieke identificatiecode — ABCP-transactie |
De unieke identificatiecode die door de rapporterende entiteit is toegekend overeenkomstig artikel 11, lid 2, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/1224 van de Commissie. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR3 |
Aantal programma’s waaruit de transactie wordt gefinancierd |
Aantal ABCP-programma’s waaruit deze transactie wordt gefinancierd. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR4 |
Niet langer STS |
Is de ABCP-transactie niet langer eenvoudig, transparant en gestandaardiseerd (simple, transparent and standardised — STS)? Als de ABCP-transactie nooit de STS-status heeft gehad, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR5 |
Initiator cliënt van de sponsor van het programma |
Bestond er bij de overdracht van de activa een cliëntrelatie tussen de initiator en de sponsor van het programma? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR6 |
Zekerheidsbelang verleend |
Verleent de betrokken SSPE/tegen faillissement beschermde dochter van de initiator zekerheidsrecht op haar activa aan de koper (SSPE)? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR7 |
Inkomsten |
Totale inkomsten van de initiator voor de periode die wordt bestreken door het meest recente financiële overzicht (d.w.z. vanaf het begin van het jaar tot op heden (YTD) of over de voorbije twaalf maanden). Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR8 |
Operationele kosten |
Totale operationele kosten van de initiator voor de periode die wordt bestreken door het meest recente financiële overzicht (d.w.z. vanaf het begin van het jaar tot op heden (YTD) of over de voorbije twaalf maanden). Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR9 |
Vlottende activa |
Vlottende activa van de initiator (die binnen de komende twaalf maanden of overeenkomstig de toepasselijke boekhoudnorm komen te vervallen), volgens het meest recente financiële overzicht. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR10 |
Contanten |
Door de initiator aangehouden contanten, volgens het meest recente financiële overzicht. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR11 |
Verhandelbare effecten |
Door de initiator aangehouden verhandelbare effecten, volgens het meest recente financiële overzicht. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR12 |
Vorderingen |
Door de initiator aangehouden vorderingen, volgens het meest recente financiële overzicht. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR13 |
Vlottende passiva |
Vlottende passiva van de initiator (die binnen de komende twaalf maanden of overeenkomstig de toepasselijke boekhoudnorm komen te vervallen), volgens het meest recente financiële overzicht. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR14 |
Totale schuld |
Totale schuld van de initiator, volgens het meest recente financiële overzicht. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR15 |
Totaal eigen vermogen |
Totale eigen vermogen van de initiator, volgens het meest recente financiële overzicht. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR16 |
Valuta van financiële verslaglegging |
De munteenheid die wordt gebruikt in de financiële verslaglegging in de velden SEAR7 — SEAR15. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR17 |
Transactieondersteuning door sponsor |
Op welk niveau biedt de sponsor ondersteuning?
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR18 |
Type ondersteuning door sponsor |
Biedt de sponsor volledige ondersteuning aan de transactie? |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR19 |
Duur van de liquiditeitsfaciliteit |
Periode gedurende welke de liquiditeitsfaciliteit op het niveau van de transactie dekking biedt aan de transactie (in dagen). |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR20 |
Op de liquiditeitsfaciliteit opgenomen bedrag |
Op de liquiditeitsfaciliteit opgenomen bedrag tussen de vorige afsluitdatum van de gegevensinzending en de afsluitdatum van de onderhavige gegevensinzending. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR21 |
Liquiditeitsfaciliteitsdekking |
Maximumfinancieringsbedrag (als percentage van de onderliggende blootstellingen van de transactie) dat door de liquiditeitsfaciliteit op het niveau van de transactie wordt gedekt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR22 |
Interval van liquiditeitsfaciliteitsdekking |
Maximumaantal dagen voordat wordt begonnen met financiering van de transactie uit de liquiditeitsfaciliteit, na een triggergebeurtenis die leidt tot uitbetalingen uit de liquiditeitsfaciliteit. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR23 |
Type liquiditeitsfaciliteit |
Type liquiditeitsfaciliteit op het niveau van de transactie:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR24 |
Vervaldatum van de liquiditeitsfaciliteit van de repo-overeenkomst |
Als in de liquiditeitsfaciliteit op het niveau van de transactie wordt gebruikgemaakt van de repo-overeenkomsten, de datum waarop de repo-overeenkomst zal aflopen. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR25 |
Valuta liquiditeitsfaciliteit |
De valuta van de bedragen die kunnen worden opgenomen uit de liquiditeitsfaciliteit op het niveau van de transactie. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR26 |
Vervaldatum liquiditeitsfaciliteit |
Datum waarop de liquiditeitsfaciliteit op het niveau van de transactie zal vervallen. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR27 |
Naam verstrekker liquiditeitsfaciliteit |
De volledige juridische naam van de verstrekker van liquiditeitsfaciliteit. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR28 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van verstrekker van liquiditeitsfaciliteit |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de verstrekker van de liquiditeitsfaciliteit op het niveau van de transactie. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR29 |
Overpanding/achtergestelde rente |
Het percentage aan achtergestelde rente dat door de verkoper wordt aangehouden in de onderliggende blootstellingen (alternatief: de door de verkoper verleende korting op de aankoopprijs van de onderliggende blootstelling). Wanneer het percentage aan achtergestelde rente verschilt tussen de onderliggende blootstellingen, de minimumoverpanding voor alle onderliggende blootstellingen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR30 |
Overgebleven rentemarge van transactie |
Het bedrag dat overblijft na toepassing van alle momenteel van toepassing zijnde betalingen, kosten, vergoedingen, doorgaans “overgebleven rentemarge” genoemd. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR31 |
Naam verstrekker kredietbrief |
De volledige juridische naam van de verstrekker van de kredietbrief. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR32 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van verstrekker van kredietbrief |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de verstrekker van de kredietbrief. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR33 |
Valuta van kredietbrief |
Munteenheid waarin de kredietbrief luidt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR34 |
Maximumprotectie van kredietbrief |
Maximumbedrag van de door de kredietbrief geboden dekking, uitgedrukt als percentage van de onderliggende blootstellingen van de transactie. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR35 |
Naam garantiegever |
De volledige juridische naam van de garantiegever; dit geldt ook voor regelingen waarbij een instelling zich ertoe verbindt om kortlopende vorderingen waarbij sprake is van wanbetaling, te kopen van de verkoper. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR36 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van garantiegever |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de garantiegever; dit geldt ook voor regelingen waarbij een instelling zich ertoe verbindt om vorderingen waarbij sprake is van wanbetaling, te kopen van de verkoper. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR37 |
Maximumdekking van garantie |
Maximumbedrag van de door de garantie/koopovereenkomst geboden dekking. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR38 |
Valuta van garantie |
De munteenheid waarin de garantie is uitgedrukt. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR39 |
Vervaldatum van garantie |
Datum waarop de garantie zal aflopen. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR40 |
Type overdracht van kortlopende vorderingen |
Hoe heeft de overdracht van onderliggende blootstellingen aan de koper plaatsgevonden? Echte verkoop (1) Gedekte lening (2) Anders (3) |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR41 |
Vervaldatum van repo |
Datum waarop een repo-overeenkomst die van toepassing is op de overdracht van onderliggende blootstellingen aan de koper, zal aflopen. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR42 |
Bedrag van aankoop |
Bedrag van in deze transactie van de initiator gekochte onderliggende blootstellingen tussen de vorige afsluitdatum van de gegevensinzending en de afsluitdatum van de onderhavige gegevensinzending. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR43 |
Maximumfinancieringslimiet |
Maximumfinancieringslimiet die aan de initiator kan worden geboden in de transactie, op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR44 |
Benchmark van renteswap |
Beschrijf het type benchmark dat aan de betalerspoot van de swap is gehecht. Als er meerdere swaps in deze transactie zijn, moet dit verwijzen naar het type van de meest recentelijk gecontracteerde renteswap. MuniAAA (MAAA) FutureSWAP (FUSW) LIBID (LIBI) Libor (LIBO) SWAP (SWAP) Treasury (TREA) Euribor (EURI) Pfandbriefe (PFAN) EONIA (EONA) EONIASwaps (EONS) EURODOLLAR (EUUS) EuroSwiss (EUCH) TIBOR (TIBO) ISDAFIX (ISDA) GCFRepo (GCFR) STIBOR (STBO) BBSW (BBSW) JIBAR (JIBA) BUBOR (BUBO) CDOR (CDOR) CIBOR (CIBO) MOSPRIM (MOSP) NIBOR (NIBO) PRIBOR (PRBO) TELBOR (TLBO) WIBOR (WIBO) Basistarief van de Bank of England (BOER) Basistarief van de Europese Centrale Bank (ECBR) Eigen tarief van kredietverstrekker (LDOR) Anders (OTHR) |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR45 |
Vervaldatum van renteswap |
Vervaldatum van de renteswap op het niveau van de transactie. Als er meerdere swaps in deze transactie zijn, vul dan de vervaldatum van de meest recente swap in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR46 |
Notioneel bedrag van renteswap |
Het notionele bedrag van de renteswap op het niveau van de transactie. Als er meerdere swaps in deze transactie zijn, vul dan de vervaldatum van de meest recente swap in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR47 |
Valuta van betalerspoot van valutaswap |
De munteenheid waarin de betalingen door de betalerspoot van de swap zijn uitgedrukt. Als er meerdere swaps in deze transactie zijn, moet dit verwijzen naar het type van de meest recentelijk gecontracteerde valutaswap. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR48 |
Valuta van ontvangerspoot van valutaswap |
De munteenheid waarin de betalingen door de ontvangerspoot van de swap zijn uitgedrukt. Als er meerdere swaps in deze transactie zijn, moet dit verwijzen naar het type van de meest recentelijk gecontracteerde valutaswap. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR49 |
Wisselkoers voor valutaswap |
De wisselkoers die is vastgesteld voor een valutaswap op het niveau van de transactie. Als er meerdere swaps in deze transactie zijn, vul dan de wisselkoers van de meest recente swap in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR50 |
Vervaldatum van valutaswap |
Vervaldatum van de valutawap op het niveau van de transactie. Als er meerdere swaps in deze transactie zijn, vul dan de vervaldatum van de meest recent afgesloten swap in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAR51 |
Notioneel bedrag van valutaswap |
Het notionele bedrag van de valutaswap op het niveau van de transactie. Als er meerdere swaps in deze transactie zijn, vul dan het bedrag van de meest recent afgesloten swap in. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Informatie op het niveau van tranche/obligatie |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAT1 |
Unieke identificatiecode — ABCP-programma |
Vermeld hier dezelfde unieke identificatiecode van het ABCP-programma als in veld SEAS1. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAT2 |
Oorspronkelijke identificatiecode van obligatie |
De oorspronkelijk aan het instrument toegekende identificatiecode. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAT3 |
Nieuwe identificatiecode van obligatie |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld SEAT2 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld SEAT2. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAT4 |
Internationaal effectenidentificatienummer (ISIN) |
De ISIN-code die aan het instrument is toegekend, indien van toepassing. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAT5 |
Type tranche/obligatie |
Kies de meest passende optie om het aflossingsprofiel van het instrument te beschrijven:
|
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAT6 |
Datum van uitgifte |
Datum waarop het instrument is uitgegeven. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAT7 |
Wettelijke vervaldatum |
De datum waarop dit instrument moet worden terugbetaald om geen wanbetaling te veroorzaken. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAT8 |
Valuta |
De munteenheid waarin dit instrument wordt uitgedrukt. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAT9 |
Huidig kapitaalsaldo |
Het nominale of notionele saldo van het instrument na de huidige datum van de betalingsdag van het kapitaal. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAT10 |
Huidige coupon |
De coupon op het instrument in basispunten. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAT11 |
Huidige rente-index |
De basisreferentie-index die momenteel wordt toegepast (referentierente op basis waarvan de rentevoet wordt vastgesteld):
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAT12 |
Looptijd (“tenor”) van huidige rente-index |
Looptijd (“tenor”) van de huidige rente-index:
|
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAT13 |
Frequentie van rentebetalingen |
De frequentie van de betalingen van rente op dit instrument:
|
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAT14 |
Huidige kredietverbetering |
De huidige kredietverbetering van het instrument, berekend volgens de definitie van de initiator/sponsor/SSPE. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAT15 |
Formule van kredietverbetering |
Beschrijving van de formule voor de berekening van de kredietverbetering op het niveau van de obligatie. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Informatie op het niveau van rekening |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAA1 |
Unieke identificatiecode — ABCP-transactie |
Vermeld hier dezelfde unieke identificatiecode van het ABCP-programma als in veld SEAR2. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAA2 |
Oorspronkelijke identificatiecode van rekening |
De unieke oorspronkelijke identificatiecode van de rekening. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAA3 |
Nieuwe identificatiecode van rekening |
Indien de oorspronkelijke identificatiecode in veld SEAA2 niet in dit veld kan worden overgenomen, vul hier dan de nieuwe identificatiecode in. Indien de identificatiecode niet is veranderd, vul dan dezelfde identificatiecode in als in veld SEAA2. De rapporterende entiteit mag deze unieke identificatiecode niet wijzigen. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAA4 |
Rekeningtype |
Het type rekening:
|
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAA5 |
Streefsaldo van rekening |
Het bedrag dat op de rekening in kwestie zou staan wanneer die volledig is gefinancierd overeenkomstig de securitisatiedocumentatie. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAA6 |
Daadwerkelijk saldo van rekening |
Het saldo op de rekening in kwestie op de einddatum van de aanwas. Vermeld de valuta waarin het bedrag luidt in het {CURRENCYCODE_3}-formaat. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAA7 |
Amortisatierekening |
Vindt er amortisatie vanaf de rekening plaats gedurende de levensduur van de securitisatie? |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Informatie op het niveau van tegenpartij |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAP1 |
Unieke identificatiecode — ABCP-transactie |
Vermeld hier dezelfde unieke identificatiecode van het ABCP-programma als in veld SEAR2. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAP2 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van tegenpartij |
LEI (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF)) van de tegenpartij. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAP3 |
Naam tegenpartij |
De volledige juridische naam van de tegenpartij. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAP4 |
Type tegenpartij |
Het type tegenpartij:
|
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAP5 |
Land van vestiging van tegenpartij |
Land waar de tegenpartij is gevestigd. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAP6 |
Ratingdrempel voor tegenpartij |
Als er een op rating gebaseerde drempel is gespecificeerd voor de door deze tegenpartij verrichte dienst in de securitisatie, vermeld dan de drempelrating voor de tegenpartij op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Als er meerdere ratings zijn, dienen alle ratings te worden vermeld overeenkomstig het XML-schema. Als er geen ratingdrempel is, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAP7 |
Rating van tegenpartij |
Als er een op rating gebaseerde drempel is gespecificeerd voor de door deze tegenpartij verrichte dienst in de securitisatie, vermeld dan de rating van de tegenpartij op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Als er meerdere ratingdrempels zijn, dienen alle ratings te worden vermeld overeenkomstig het XML-schema. Als er geen ratingdrempel is, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAP8 |
Identificatiecode voor juridische entiteiten (LEI) van bron rating tegenpartij |
Als er een op rating gebaseerde drempel is gespecificeerd voor de door deze tegenpartij verrichte dienst in de securitisatie, vermeld dan de LEI van de verstrekker van de rating van de tegenpartij (zoals vermeld in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF) op de afsluitdatum van de gegevensinzending. Als er meerdere ratings zijn, dienen alle LEI’s van ratingverstrekkers te worden vermeld overeenkomstig het XML-schema. Als er geen ratingdrempel is, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAP9 |
Naam van bron rating tegenpartij |
Als er een op rating gebaseerde drempel is gespecificeerd voor de door deze tegenpartij verrichte dienst in de securitisatie, vermeld dan de volledige naam van de verstrekker van de rating van de tegenpartij op de afsluitdatum van de gegevensinzending. De ingevulde naam moet overeenkomen met de naam die is verbonden aan de LEI in de databank van de Global Legal Entity Foundation (GLEIF). Als er meerdere ratings zijn, dienen alle LEI’s van ratingverstrekkers te worden vermeld overeenkomstig het XML-schema. Als er geen ratingdrempel is, vul dan ND5 in. |
NEE |
JA |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Overige informatie |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAO1 |
Unieke identificatiecode |
De unieke identificatiecode die is ingevuld in veld SEAS1. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAO2 |
Regelnummer van overige informatie |
Vul het regelnummer van de overige informatie in. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
SEAO3 |
Overige informatie |
De overige informatie, per regel. |
NEE |
NEE |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||