20.5.2020   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 158/7


UITVOERINGSBESLUIT (EU) 2020/676 VAN DE COMMISSIE

van 18 mei 2020

betreffende vrijstellingen van het uitgebreide antidumpingrecht op bepaalde delen van rijwielen van oorsprong uit de Volksrepubliek China uit hoofde van Verordening (EG) nr. 88/97

(kennisgeving geschied onder nummer C(2020) 3137)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) 2016/1036 van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2016 betreffende beschermende maatregelen tegen invoer met dumping uit landen die geen lid zijn van de Europese Unie (1), en met name artikel 13, lid 4,

Gezien Verordening (EG) nr. 71/97 van de Raad van 10 januari 1997 tot uitbreiding van het definitieve antidumpingrecht, ingesteld bij Verordening (EEG) nr. 2474/93 voor rijwielen van oorsprong uit de Volksrepubliek China op de invoer van bepaalde onderdelen van rijwielen uit de Volksrepubliek China en tot heffing van het uitgebreide recht op dergelijke uit hoofde van Verordening (EG) nr. 703/96 geregistreerde invoer (2), en met name artikel 3,

Gezien Verordening (EG) nr. 88/97 van de Commissie van 20 januari 1997 tot goedkeuring van de vrijstelling van de invoer van bepaalde delen van rijwielen, van oorsprong uit de Volksrepubliek China, van de uitbreiding bij Verordening (EG) nr. 71/97 van de Raad van het bij Verordening (EEG) nr. 2474/93 van de Raad ingestelde antidumpingrecht (3), en met name de artikelen 4 tot en met 7,

Gezien Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1379 van de Commissie van 28 augustus 2019 tot instelling van een definitief antidumpingrecht op rijwielen van oorsprong uit de Volksrepubliek China, zoals uitgebreid tot rijwielen verzonden vanuit Indonesië, Maleisië, Sri Lanka, Tunesië, Cambodja, Pakistan en de Filipijnen, al dan niet aangegeven als van oorsprong uit deze landen, naar aanleiding van een nieuw onderzoek bij het vervallen van de maatregelen op grond van artikel 11, lid 2, van Verordening (EU) 2016/1036 (4),

Na kennisgeving aan de lidstaten,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Als gevolg van de uitbreiding bij Verordening (EG) nr. 71/97 van het antidumpingrecht op rijwielen van oorsprong uit de Volksrepubliek China (“de VRC”) geldt momenteel een antidumpingrecht op bepaalde hoofdbestanddelen van rijwielen van oorsprong uit de VRC die in de Unie worden ingevoerd.

(2)

Krachtens artikel 3 van Verordening (EG) nr. 71/97 is de Commissie bevoegd de nodige maatregelen vast te stellen om goedkeuring te geven voor de vrijstelling van de invoer van hoofdbestanddelen van rijwielen die geen ontwijking van het antidumpingrecht inhoudt.

(3)

Die uitvoeringsmaatregelen zijn vastgelegd in Verordening (EG) nr. 88/97, waarbij het specifieke stelsel van vrijstelling is ingevoerd.

(4)

Op basis hiervan heeft de Commissie een aantal rijwielassemblagebedrijven van het uitgebreide recht vrijgesteld.

(5)

Overeenkomstig artikel 16, lid 2, van Verordening (EG) nr. 88/97 heeft de Commissie in het Publicatieblad van de Europese Unie meermaals lijsten van de vrijgestelde partijen bekendgemaakt (5).

(6)

Het meest recente besluit van de Commissie betreffende vrijstellingen uit hoofde van Verordening (EG) nr. 88/97, te weten Uitvoeringsbesluit (EU) 2020/588 (6), is aangenomen op 22 april 2020.

(7)

Voor de toepassing van het onderhavige besluit zijn de definities van artikel 1 van Verordening (EG) nr. 88/97 van toepassing.

(8)

De Commissie heeft op 19 december 2016 van de Nederlandse onderneming VanMoof B.V. (“VanMoof”) een aanvraag om vrijstelling ontvangen met de informatie die nodig is om te kunnen vaststellen of deze aanvraag op grond van artikel 4, lid 1, van Verordening (EG) nr. 88/97 ontvankelijk is.

(9)

Overeenkomstig artikel 5, lid 1, van Verordening (EG) nr. 88/97 is, in afwachting van een beslissing over de gegrondheid van de aanvraag, de betaling van het uitgebreide recht met betrekking tot de invoer van hoofdbestanddelen van rijwielen die door VanMoof voor het vrije verkeer zijn aangegeven, geschorst met ingang van de datum waarop de Commissie haar aanvraag om vrijstelling heeft ontvangen.

(10)

Om te kunnen vaststellen welke invoer van hoofdbestanddelen van rijwielen voor het vrije verkeer wordt aangegeven en onder de schorsing van de betaling van het uitgebreide recht valt, is aan VanMoof de aanvullende Taric-code C202 toegekend.

(11)

Vervolgens heeft VanMoof de Commissie laten weten dat zij haar boekhoudsysteem heeft aangepast en verbeterd teneinde aan de vereisten van artikel 6 van Verordening (EG) nr. 88/97 te voldoen, en zij heeft daarom verzocht de datum van de aanvraag om vrijstelling van 19 december 2016 in 1 januari 2018 te veranderen.

(12)

Derhalve moet de schorsing van de betaling van het uitgebreide recht worden opgeheven voor de periode vóór 1 januari 2018. Het uitgebreide recht moet worden geïnd met ingang van de datum waarop de vrijstellingsaanvraag van VanMoof is ontvangen — en op welke datum de schorsing is ingegaan —, dat wil zeggen voor de periode van 19 december 2016 tot en met 31 december 2017. Bijgevolg is, in afwachting van een beslissing over de gegrondheid van de aanvraag om vrijstelling, de datum met ingang waarvan de betaling van het uitgebreide recht wordt geschorst, veranderd in 1 januari 2018.

(13)

De Commissie heeft haar onderzoek naar de gegrondheid van de aanvraag van VanMoof om vrijstelling afgesloten.

(14)

De Commissie heeft tijdens haar onderzoek vastgesteld dat de waarde van de delen van oorsprong uit de VRC minder dan 60 % van de totale waarde van de delen van alle door VanMoof geassembleerde rijwielen bedroeg. Dit was ook het geval voor de meeste door VanMoof geassembleerde rijwielen.

(15)

Bijgevolg heeft de Commissie geconcludeerd dat de door VanMoof uitgevoerde assemblageverrichtingen niet binnen de werkingssfeer van artikel 13, lid 2, van Verordening (EU) 2016/1036 vallen. Om die reden en overeenkomstig artikel 7, lid 1, van Verordening (EG) nr. 88/97 voldoet VanMoof aan de voorwaarden voor vrijstelling van het uitgebreide recht.

(16)

Overeenkomstig artikel 7, lid 2, van Verordening (EG) nr. 88/97 moet de vrijstelling van kracht worden met ingang van de datum waarop de schorsing van de betaling van het uitgebreide recht is ingegaan, te weten 1 januari 2018. Derhalve moet de douaneschuld van de om vrijstelling verzoekende partij met betrekking tot het uitgebreide recht met ingang van dezelfde datum geacht worden niet te hebben bestaan.

(17)

De Commissie heeft VanMoof in kennis gesteld van haar conclusies met betrekking tot de gegrondheid van haar aanvraag om vrijstelling en heeft VanMoof in de gelegenheid gesteld opmerkingen te maken. De Commissie heeft geen opmerkingen ontvangen.

(18)

Aangezien de vrijstelling uitsluitend geldt ten aanzien van de partij die uitdrukkelijk in de onderstaande tabel wordt vermeld, moet de vrijgestelde partij de Commissie (7) onverwijld in kennis stellen van elke wijziging die haar betreft (bv. een wijziging van de naam, de rechtsvorm of het adres, of het opzetten van een nieuwe assemblage-eenheid of nieuwe productieprocessen). In dergelijke gevallen moet VanMoof alle relevante informatie verstrekken, met name over wijzigingen van haar met assemblageverrichtingen verband houdende activiteiten. Waar nodig werkt de Commissie de referentiegegevens dienovereenkomstig bij.

Aanvullende Taric-code

Naam

Adres

C202

VanMoof B.V.

Mauritskade 55,

NL-1092 AD Amsterdam, Nederland

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

De in de tabel in dit artikel vermelde partij wordt vrijgesteld van de uitbreiding bij Verordening (EG) nr. 71/97 van de Raad van het bij Verordening (EEG) nr. 2474/93 van de Raad (8) ingestelde definitieve antidumpingrecht op rijwielen van oorsprong uit de Volksrepubliek China tot bepaalde delen van rijwielen uit de Volksrepubliek China.

Overeenkomstig artikel 7, lid 2, van Verordening (EG) nr. 88/97 wordt de vrijstelling van kracht met ingang van de datum vermeld in de tabelkolom “Geldig vanaf”.

De vrijstelling geldt uitsluitend ten aanzien van de partij die uitdrukkelijk in de tabel in dit artikel wordt vermeld.

De vrijgestelde partij stelt de Commissie onverwijld in kennis van elke wijziging van haar naam en adres en verstrekt daarbij alle relevante informatie, met name over wijzigingen van haar met assemblageverrichtingen verband houdende activiteiten die de vrijstellingsvoorwaarden betreffen.

Vrijgestelde partij

Aanvullende Taric-code

Naam

Adres

Geldig vanaf

C202

VanMoof B.V.

Mauritskade 55,

NL-1092 AD Amsterdam, Nederland

1.1.2018

Artikel 2

De schorsing van de betaling van het uitgebreide antidumpingrecht uit hoofde van artikel 5 van Verordening (EG) nr. 88/97 wordt opgeheven ten aanzien van de in de tabel in artikel 1 vermelde partij.

Het uitgebreide recht wordt geïnd voor de periode van 19 december 2016 tot en met 31 december 2017.

Artikel 3

Dit besluit is gericht tot de lidstaten alsmede tot de in de artikel 1 vermelde partij en wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 18 mei 2020.

Voor de Commissie

Phil HOGAN

Lid van de Commissie


(1)   PB L 176 van 30.6.2016, blz. 21.

(2)   PB L 16 van 18.1.1997, blz. 55.

(3)   PB L 17 van 21.1.1997, blz. 17.

(4)   PB L 225 van 29.8.2019, blz. 1.

(5)   PB C 45 van 13.2.1997, blz. 3; PB C 112 van 10.4.1997, blz. 9; PB C 220 van 19.7.1997, blz. 6; PB L 193 van 22.7.1997, blz. 32; PB L 334 van 5.12.1997, blz. 37; PB C 378 van 13.12.1997, blz. 2; PB C 217 van 11.7.1998, blz. 9; PB C 37 van 11.2.1999, blz. 3; PB C 186 van 2.7.1999, blz. 6; PB C 216 van 28.7.2000, blz. 8; PB C 170 van 14.6.2001, blz. 5; PB C 103 van 30.4.2002, blz. 2; PB C 35 van 14.2.2003, blz. 3; PB C 43 van 22.2.2003, blz. 5; PB C 54 van 2.3.2004, blz. 2; PB L 343 van 19.11.2004, blz. 23; PB C 299 van 4.12.2004, blz. 4; PB L 17 van 21.1.2006, blz. 16; PB L 313 van 14.11.2006, blz. 5; PB L 81 van 20.3.2008, blz. 73; PB C 310 van 5.12.2008, blz. 19; PB L 19 van 23.1.2009, blz. 62; PB L 314 van 1.12.2009, blz. 106; PB L 136 van 24.5.2011, blz. 99; PB L 343 van 23.12.2011, blz. 86; PB L 119 van 23.4.2014, blz. 67; PB L 132 van 29.5.2015, blz. 32; PB L 331 van 17.12.2015, blz. 30; PB L 47 van 24.2.2017, blz. 13, PB L 79 van 22.3.2018, blz. 31, PB L 171 van 26.6.2019, blz. 117, en PB L 138 van 30.4.2020, blz. 8.

(6)  Uitvoeringsbesluit (EU) 2020/588 van de Commissie van 22 april 2020 betreffende vrijstellingen van het uitgebreide antidumpingrecht op bepaalde onderdelen van rijwielen van oorsprong uit de Volksrepubliek China overeenkomstig Verordening (EG) nr. 88/97 (PB L 138 van 30.4.2020, blz. 8).

(7)  De partij wordt aangeraden het volgende e-mailadres te gebruiken: TRADE-BICYCLE-PARTS@ec.europa.eu

(8)  Verordening (EEG) nr. 2474/93 van de Raad van 8 september 1993 tot instelling van een definitief anti-dumpingrecht op de invoer in de Gemeenschap van rijwielen van oorsprong uit de Volksrepubliek China en tot definitieve inning van het voorlopige anti-dumpingrecht (PB L 228 van 9.9.1993, blz. 1).