23.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 332/1


GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) 2019/2200 VAN DE COMMISSIE

van 10 juli 2019

tot wijziging van Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/98 betreffende de uitvoering van de internationale verplichtingen van de Unie, als bedoeld in artikel 15, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1380/2013 van het Europees Parlement en de Raad, in het kader van het Internationaal Verdrag voor de instandhouding van Atlantische tonijnen en van het Verdrag inzake toekomstige multilaterale samenwerking op visserijgebied in het noordwestelijk deel van de Atlantische Oceaan

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 1380/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 inzake het gemeenschappelijk visserijbeleid, tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 1954/2003 en (EG) nr. 1224/2009 van de Raad en tot intrekking van Verordeningen (EG) nr. 2371/2002 en (EG) nr. 639/2004 van de Raad en Besluit 2004/585/EG van de Raad (1), en met name artikel 15, lid 2,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Met het oog op de bescherming van jonge blauwvintonijn voorziet punt 34 van aanbeveling 18‐02 van de Internationale Commissie voor de instandhouding van Atlantische tonijnen (Iccat) in een minimummaat voor in het oostelijke deel van de Atlantische Oceaan en in de Middellandse Zee gevangen blauwvintonijn. Vangsten en bijvangsten van blauwvintonijn onder deze minimummaat, met inbegrip van vangsten door sport- of recreatievaartuigen, worden niet aan boord van het vaartuig gehouden of overgeladen, vervoerd, opgeslagen, aangeland, verkocht, uitgestald of te koop aangeboden.

(2)

Bovendien moeten vaartuigen die op blauwvintonijn vissen, op grond van punt 37 van aanbeveling 18‐02 incidentele vangsten van blauwvintonijn onder de minimummaat teruggooien indien die meer dan 5 % van hun totale vangsten van blauwvintonijn uitmaken.

(3)

In punt 40 van aanbeveling 18‐02 is bepaald dat sport- of recreatievaartuigen per vaartuig per dag niet meer één blauwvintonijn mogen vangen, aan boord houden, overladen of aanlanden. De nodige maatregelen worden getroffen om blauwvintonijn, en met name jonge blauwvintonijn, die is gevangen in het kader van sport- of recreatievisserij, zo veel mogelijk vrij te laten.

(4)

Punt 38 van aanbeveling 18‐02 bepaalt dat vaartuigen die niet zijn gemachtigd om actief op blauwvintonijn te vissen, vangsten van blauwvintonijn aan boord mogen houden die niet meer bedragen dan het toegestane maximum aan bijvangsten per vaartuig en per visreis. Deze bijvangstbeperking mag niet meer bedragen dan 20 % van de totale vangsten. De lidstaten moeten deze limiet vaststellen in hun jaarlijkse visserijplannen.

(5)

Om de samenhang tussen aanbeveling 18‐02 en het EU-recht te waarborgen, mag de in artikel 15, lid 1, van Verordening (EU) nr. 1380/2013 vastgestelde aanlandingsverplichting niet van toepassing zijn op vaartuigen van de Unie die deelnemen aan de visserij op blauwvintonijn.

(6)

Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/98 van de Commissie (2) moet worden gewijzigd om er nieuwe bepalingen in op te nemen die de in Iccat-aanbeveling 18‐02 vastgelegde visserijvoorwaarden weergeven.

(7)

Aanbeveling 18‐02 is van toepassing met ingang van 21 juni 2019. Deze verordening moet daarom op dezelfde dag in werking treden, zodat EU-vaartuigen kunnen vissen onder dezelfde voorwaarden als andere verdragsluitende partijen bij de Iccat,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

(1)   Artikel 4 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/98 wordt als volgt gewijzigd:

a)

Lid 6 wordt vervangen door:

(1)“6.   In afwijking van artikel 15, lid 1, van Verordening (EU) nr. 1380/2013, mag op vangstvaartuigen die niet actief op blauwvintonijn vissen, de totale aan boord gehouden vangst in gewicht of aantal exemplaren voor niet meer dan 20 % bestaan uit blauwvintonijn. Het toegestane maximum aan bijvangsten van blauwvintonijn wordt bepaald door de lidstaten in hun jaarlijkse visserijplannen als bedoeld in artikel 7 van Verordening (EU) 2016/1627 van het Europees Parlement en de Raad (*1) en mag dat percentage nooit overschrijden. De berekening op basis van het aantal exemplaren is alleen van toepassing op tonijn en tonijnachtigen die onder het beheer van Iccat vallen.

(*1)  Verordening (EU) 2016/1627 van het Europees Parlement en de Raad van 14 september 2016 betreffende een meerjarig herstelplan voor blauwvintonijn in het oostelijke deel van de Atlantische Oceaan en de Middellandse Zee en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 302/2009 van de Raad (PB L 252 van 16.9.2016, blz. 1).”."

b)

De leden 8 en 9 worden vervangen door:

„8.   In afwijking van artikel 15, lid 1, van Verordening (EU) nr. 1380/2013 is het in recreatievisserij verboden om meer dan één blauwvintonijn per vaartuig per dag te vangen, aan boord te houden, over te laden of aan te landen. De lidstaten treffen de nodige maatregelen om de vrijlating van blauwvintonijn die levend is gevangen in het kader van recreatievisserij, te waarborgen en te vergemakkelijken.

9.   In afwijking van artikel 15, lid 1, van Verordening (EU) nr. 1380/2013 is het in sportvisserij verboden om meer dan één blauwvintonijn per vaartuig per dag te vangen, aan boord te houden, over te laden of aan te landen. De lidstaten treffen de nodige maatregelen om de vrijlating van blauwvintonijn die levend is gevangen in het kader van sportvisserij, te waarborgen en te vergemakkelijken.”.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Zij is van toepassing met ingang van 21 juni 2019.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 10 juli 2019.

Voor de Commissie

De voorzitter

Jean-Claude JUNCKER


(1)   PB L 354 van 28.12.2013, blz. 22.

(2)  Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/98 van de Commissie van 18 november 2014 betreffende de uitvoering van de internationale verplichtingen van de Unie, als bedoeld in artikel 15, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1380/2013 van het Europees Parlement en de Raad, in het kader van het Internationaal Verdrag voor de instandhouding van Atlantische tonijnen en van het Verdrag inzake toekomstige multilaterale samenwerking op visserijgebied in het noordwestelijk deel van de Atlantische Oceaan (PB L 16 van 23.1.2015, blz. 23).