|
21.6.2019 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 166/1 |
GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) 2019/979 VAN DE COMMISSIE
van 14 maart 2019
houdende aanvulling van Verordening (EU) 2017/1129 van het Europees Parlement en de Raad met technische reguleringsnormen betreffende essentiële financiële informatie in de samenvatting van een prospectus, de publicatie en classificatie van prospectussen, reclame voor effecten, aanvullingen van een prospectus, en het kennisgevingsportaal, en tot intrekking van Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 382/2014 van de Commissie en Gedelegeerde Verordening (EU) 2016/301 van de Commissie
(Voor de EER relevante tekst)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) 2017/1129 van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2017 betreffende het prospectus dat moet worden gepubliceerd wanneer effecten aan het publiek worden aangeboden of tot de handel op een gereglementeerde markt worden toegelaten en tot intrekking van Richtlijn 2003/71/EG (1), en met name artikel 7, lid 13, artikel 21, leden 12 en 13, artikel 22, lid 9, artikel 23, lid 7, en artikel 25, lid 7,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
De essentiële financiële informatie in de samenvatting van een prospectus moet de financiële kerngegevens bevatten die beleggers een beknopt overzicht geven van de activa, passiva en winstgevendheid van de uitgevende instelling, alsook alle andere essentiële financiële informatie die voor beleggers relevant is om een voorlopige beoordeling te maken van de financiële prestaties en de financiële positie van de uitgevende instelling. Om ervoor te zorgen dat deze informatie beknopt en relevant is, is het derhalve noodzakelijk een beperkt aantal openbaarmakingen vast te stellen, de opmaak ervan te specificeren en de financiële informatie af te stemmen op de verschillende soorten uitgevende instellingen en effecten. |
|
(2) |
Om misleiding van beleggers te voorkomen, moeten uitgevende instellingen het recht hebben om specifieke aanvullende informatie openbaar te maken, waaronder alternatieve prestatiemaatstaven, wanneer zij van oordeel zijn dat de vereiste informatie geen goed beeld geeft van hun prestaties en financiële positie. Om ervoor te zorgen dat beleggers zich in de eerste plaats richten op de cijfers uit de jaarrekening, mogen alternatieve prestatiemaatstaven in het prospectus echter geen prominentere plaats krijgen dan de cijfers uit de historische financiële informatie. |
|
(3) |
Om de nalevingskosten en de administratieve lasten voor uitgevende instellingen te verminderen, moet de essentiële financiële informatie in de samenvatting van een prospectus, inclusief aanvullende posten en alternatieve prestatiemaatstaven, de informatie overnemen die in het hoofdgedeelte van het prospectus openbaar wordt gemaakt. |
|
(4) |
Het is passend dat de essentiële financiële informatie in de samenvatting van een prospectus wordt afgestemd op de economische activiteit van de uitgevende instelling, haar industriële sector, de belangrijkste posten van haar jaarrekening en het soort effecten dat wordt uitgegeven of aangeboden. Het is echter niet mogelijk voor alle soorten uitgevende instellingen specifieke templates te verstrekken. |
|
(5) |
Om misleiding van beleggers te voorkomen en te zorgen voor consistentie met de informatie in het prospectus, moet, wanneer de historische financiële informatie in het prospectus wordt aangepast in geval van materiële fouten in de jaarrekening of wijzigingen in de standaarden voor jaarrekeningen, de essentiële financiële informatie in de samenvatting van een prospectus die aangepaste historische financiële informatie weerspiegelen. |
|
(6) |
Wanneer een uitgevende instelling een complexe financiële geschiedenis heeft, moet zij, in voorkomend geval, zowel haar eigen financiële informatie als de financiële informatie met betrekking tot een andere entiteit of entiteiten presenteren binnen een op zichzelf staande afdeling in de samenvatting van het prospectus. |
|
(7) |
Beleggers moeten duidelijkheid hebben over de vraag welke informatie deel uitmaakt van het prospectus en tot wie een aanbieding van effecten aan het publiek is gericht. Daarom moet het prospectus wanneer het hyperlinks bevat, met uitzondering van door middel van verwijzing opgenomen informatie, beleggers ervan op de hoogte brengen dat de informatie op de desbetreffende websites geen deel uitmaakt van het prospectus en niet door de bevoegde autoriteit is gecontroleerd of goedgekeurd. Voorts moeten maatregelen worden vastgesteld om te voorkomen dat websites die voor de publicatie van het prospectus worden gebruikt, gericht zijn op ingezetenen van lidstaten of derde landen waar de aanbieding van effecten aan het publiek niet plaatsvindt, bijvoorbeeld door op de website een verklaring op te nemen waarin de adressaten van de aanbieding worden vermeld. |
|
(8) |
Rapportage en publicatie van gegevens in een elektronisch, machineleesbaar formaat vergemakkelijkt een efficiënt gebruik en efficiënte uitwisseling van die gegevens. Daarom moet de lijst worden gespecificeerd van de gegevensvelden die voor de classificatie van prospectussen aan de Europese Autoriteit voor effecten en markten (ESMA) moeten worden gerapporteerd, en moet het gebruik van templates in XML-formaat verplicht worden om ervoor te zorgen dat dergelijke velden machineleesbaar zijn. De lijst van gegevens moet uitgebreid genoeg zijn om ervoor te zorgen dat ESMA zich kan kwijten van haar taak krachtens artikel 47 van Verordening (EU) 2017/1129 om jaarlijks een verslag te publiceren met statistische gegevens over de in de Unie goedgekeurde en ter kennis gebrachte prospectussen, alsmede met een trendanalyse waarin rekening wordt gehouden met het soort uitgevende instellingen en het soort uitgiften. |
|
(9) |
Om te voorkomen dat retailbeleggers worden misleid tijdens het in de handel brengen van voor een openbare aanbieding of toelating tot de handel op een gereglementeerde markt voorgestelde effecten, mag reclame niet voorgeven het voornaamste informatiedocument te zijn. Reclame mag dan ook niet onnodig lang zijn, om verwarring met het prospectus te voorkomen. |
|
(10) |
Reclame voor een aanbieding van effecten aan het publiek of een toelating tot de handel op een gereglementeerde markt kan onjuist of misleidend worden wanneer er zich een belangrijke nieuwe factor, materiële vergissing of materiële onnauwkeurigheid met betrekking tot de informatie in het desbetreffende prospectus voordoet. Er moeten voorschriften worden vastgesteld om ervoor te zorgen dat reclame onverwijld wordt aangepast wanneer zij als gevolg van een dergelijke nieuwe factor, materiële vergissing of materiële onnauwkeurigheid onjuist of misleidend wordt. |
|
(11) |
Om beleggers in staat te stellen met kennis van zaken beleggingsbeslissingen te nemen, mag de in reclame opgenomen informatie geen onevenwichtig beeld geven, bijvoorbeeld door negatieve aspecten van die informatie minder prominent te presenteren dan de positieve aspecten. |
|
(12) |
Aangezien alternatieve prestatiemaatstaven beleggingsbeslissingen in onevenredige mate kunnen beïnvloeden, mag informatie over een aanbieding aan het publiek of een toelating tot de handel op een gereglementeerde markt die buiten het prospectus om wordt verspreid, dergelijke maatstaven niet bevatten, tenzij zij in het hoofdgedeelte van het prospectus zijn opgenomen. |
|
(13) |
De bevoegde autoriteiten in de lidstaten van ontvangst controleren prospectussen niet. Om ervoor te zorgen dat beleggers in lidstaten van ontvangst naar behoren worden beschermd, moet de bevoegde autoriteit in de lidstaat van ontvangst derhalve, wanneer zij de bevoegde autoriteit in de lidstaat van herkomst om bijstand vraagt, meedelen welke informatie voor haar relevant is om na te gaan of de reclame strookt met de inhoud van het prospectus. Een dergelijke mededeling moet binnen een passende termijn plaatsvinden om ervoor te zorgen dat beleggers in lidstaten van ontvangst niet worden benadeeld door het feit dat de bevoegde autoriteiten van de lidstaat van ontvangst de prospectussen niet controleren en dat zij voldoende tijd hebben om de onderliggende openbare aanbieding te analyseren. De bevoegde autoriteit in de lidstaat van ontvangst moet worden geïnformeerd in de mate die nodig is om toezicht uit te oefenen op de compliance van de reclameactiviteiten in haar jurisdictie. |
|
(14) |
Om een consistente toepassing van Verordening (EU) 2017/1129 te waarborgen en rekening te houden met de technische ontwikkelingen op de financiële markten, is het noodzakelijk de situaties waarin publicatie van een aanvulling van het prospectus vereist is, nader te omschrijven. Het is onmogelijk alle situaties waarin een aanvulling van het prospectus vereist is, te inventariseren, omdat zulks afhankelijk kan zijn van de betrokken uitgevende instelling en effecten. Daarom is het dienstig een minimumlijst op te stellen van situaties waarin een aanvulling vereist is. |
|
(15) |
Gecontroleerde jaarrekeningen zijn voor beleggers cruciaal voor het nemen van beleggingsbeslissingen. Om te garanderen dat beleggers hun beleggingsbeslissingen nemen op basis van de meest recente financiële informatie, is het noodzakelijk de publicatie van een aanvulling verplicht te stellen waarin nieuwe gecontroleerde jaarrekeningen van uitgevende instellingen van effecten met een aandelenkarakter en uitgevende instellingen van de onderliggende aandelen zijn opgenomen als het gaat om certificaten van aandelen die zijn gepubliceerd na de goedkeuring van het prospectus. |
|
(16) |
Aangezien winstprognoses en winstramingen een beleggingsbeslissing kunnen beïnvloeden, is het noodzakelijk een aanvulling te publiceren met de wijzigingen van impliciete of expliciete cijfers die winstprognoses of winstramingen vormen, dan wel de intrekking van een winstprognose of winstraming die al in het prospectus was vermeld. Om dezelfde reden moet in het geval van effecten met een aandelenkarakter en certificaten van aandelen ook een aanvulling van het prospectus worden opgesteld wanneer een nieuwe winstprognose of winstraming is gepubliceerd vóór het einde van de aanbiedingsperiode of vóór de toelating tot de handel. |
|
(17) |
Informatie over de identiteit van de hoofdaandeelhouders of van entiteiten die zeggenschap hebben over de uitgevende instelling, is essentieel om de uitgevende instelling met kennis van zaken te kunnen beoordelen. Verandering van zeggenschap over de uitgevende instelling is echter met name significant wanneer de aanbieding betrekking heeft op effecten met een aandelenkarakter, die hiervoor doorgaans prijsgevoeliger zijn. Derhalve moet een aanvulling worden gepubliceerd wanneer de zeggenschap over een uitgevende instelling van effecten met een aandelenkarakter of een uitgevende instelling van de onderliggende aandelen van certificaten van aandelen verandert. |
|
(18) |
Het is essentieel dat potentiële beleggers die een uitstaande aanbieding van effecten met een aandelenkarakter beoordelen, in staat zijn de voorwaarden daarvan te vergelijken met de prijs of de ruilvoorwaarden van een openbaar overnamebod dat tijdens de aanbiedingsperiode wordt aangekondigd. Het resultaat van een openbaar overnamebod is daarenboven ook relevant voor de beleggingsbeslissing omdat beleggers moeten weten of het al dan niet iets verandert aan de zeggenschap over de uitgevende instelling. Daarom moet een aanvulling worden gepubliceerd in geval van een nieuw openbaar overnamebod. |
|
(19) |
Wanneer de verklaring inzake het werkkapitaal achterhaald is, kunnen beleggers niet met volledige kennis van de financiële situatie van de uitgevende instelling een beleggingsbeslissing nemen. Beleggers dienen in staat te worden gesteld hun beleggingsbeslissingen te heroverwegen in het licht van nieuwe informatie over de mate waarin de uitgevende instelling toegang heeft tot contanten en andere liquide middelen om haar verplichtingen na te komen. Hiervoor is een aanvulling nodig. |
|
(20) |
Nadat het prospectus is goedgekeurd, kan een uitgevende instelling of een aanbieder besluiten om de effecten aan te bieden in andere lidstaten dan die welke in het prospectus zijn vermeld of om een aanvraag in te dienen om toelating van de effecten tot de handel op gereglementeerde markten in andere lidstaten dan die welke in het prospectus zijn vermeld. Informatie over dergelijke aanbiedingen en toelatingen is belangrijk voor de beoordeling door de belegger van bepaalde aspecten van de effecten van de uitgevende instelling, zodat het passend is in dergelijke gevallen een aanvulling verplicht te stellen. |
|
(21) |
Het is waarschijnlijk dat de financiële positie of de activiteiten van de entiteit invloed ondervinden van een belangrijke financiële verplichting. Daarom dienen beleggers het recht te hebben om in een aanvulling van het prospectus aanvullende informatie te ontvangen over de gevolgen van een dergelijke verplichting. |
|
(22) |
Een verhoging van het totale nominale bedrag van een aanbiedingsprogramma zegt iets over de toegenomen financieringsbehoefte van de uitgevende instelling of over de toegenomen vraag naar de effecten van de uitgevende instelling. In een dergelijk geval moet een aanvulling van het prospectus worden gepubliceerd. |
|
(23) |
De betrokken bevoegde autoriteiten moeten het prospectus en de bijbehorende gegevens tijdig via het kennisgevingsportaal ontvangen, samen met een goedkeuringsverklaring die aangeeft dat het prospectus is opgesteld overeenkomstig Verordening (EU) 2017/1129. ESMA moet ervoor zorgen dat het kennisgevingsportaal de veiligheid en de integriteit van de tussen de bevoegde autoriteiten uitgewisselde informatie beschermt. De bevoegde autoriteiten blijven voor de indiening van dergelijke informatie verantwoordelijk. Met het oog op een soepele en vlotte werking van het kennisgevingsportaal moet worden gespecificeerd welke bijbehorende gegevens via dat portaal moeten worden verstrekt. |
|
(24) |
Overeenkomstig artikel 10 van Verordening (EU) nr. 1095/2010 van het Europees Parlement en de Raad (2) heeft ESMA openbare raadplegingen over dergelijke ontwerpen van technische reguleringsnormen gehouden, de mogelijke kosten en baten daarvan geanalyseerd en het advies van de bij artikel 37 van die verordening opgerichte Stakeholdergroep effecten en markten ingewonnen. ESMA heeft die Stakeholdergroep echter niet geraadpleegd over de ontwerpen van technische reguleringsnormen inzake de technische regelingen voor het kennisgevingsportaal, aangezien die regelingen alleen ESMA en de nationale bevoegde autoriteiten betreffen. |
|
(25) |
Deze verordening is gebaseerd op de ontwerpen van technische reguleringsnormen die ESMA bij de Commissie heeft ingediend. |
|
(26) |
Aangezien deze verordening Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 382/2014 van de Commissie (3) en Gedelegeerde Verordening (EU) 2016/301 van de Commissie (4) vervangt, worden die gedelegeerde verordeningen overbodig en moeten zij worden ingetrokken. |
|
(27) |
Aangezien deze verordening een aanvulling vormt op bepalingen van Verordening (EU) 2017/1129, moet de toepassing ervan worden uitgesteld tot de datum van toepassing van Verordening (EU) 2017/1129, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
HOOFDSTUK I
ESSENTIËLE FINANCIËLE INFORMATIE IN DE SAMENVATTING VAN HET PROSPECTUS
AFDELING 1
Inhoud van de essentiële financiële informatie in de samenvatting van het prospectus
Artikel 1
Minimuminhoud van de essentiële financiële informatie in de samenvatting van een prospectus
1. De essentiële financiële informatie in de samenvatting van een prospectus bestaat uit de financiële informatie die is vastgelegd in de bijlagen bij Gedelegeerde Verordening 2019/980 van de Commissie (5).
2. Wanneer de informatie als bedoeld in de tabellen in de bijlagen I tot en met VI bij deze verordening niet in de jaarrekening van de uitgevende instelling is opgenomen, maakt de uitgevende instelling in plaats daarvan een overeenkomstige post van haar jaarrekening bekend.
3. De uitgevende instelling mag aanvullende posten of alternatieve prestatiemaatstaven in de samenvatting van een prospectus opnemen indien deze essentiële financiële informatie vormen over de uitgevende instelling of de aangeboden of tot de handel op een gereglementeerde markt toegelaten effecten. Voor de toepassing van de eerste zin worden onder alternatieve prestatiemaatstaven verstaan financiële maatstaven van historische of toekomstige financiële prestaties, financiële positie of kasstromen, niet zijnde in het toepasselijke kader voor financiële verslaggeving omschreven financiële maatstaven.
4. Uitgevende instellingen die niet onder een van de in de artikelen 2 tot en met 8 genoemde categorieën uitgevende instellingen vallen, verstrekken de essentiële financiële informatie als bedoeld in de tabellen die volgens hen het best overeenkomt met het soort uitgegeven effecten.
5. De essentiële financiële informatie wordt verstrekt voor het aantal jaren dat vereist is krachtens Gedelegeerde Verordening 2019/980 voor het soort uitgifte en het soort uitgegeven effecten.
Artikel 2
Essentiële financiële informatie voor effecten met een aandelenkarakter uitgevende niet-financiële entiteiten
Wanneer de uitgevende instelling een niet-financiële entiteit is die effecten met een aandelenkarakter uitgeeft, bevat de samenvatting van een prospectus de essentiële financiële informatie als bedoeld in de tabellen in bijlage I.
Artikel 3
Essentiële financiële informatie voor effecten zonder aandelenkarakter uitgevende niet-financiële entiteiten
Wanneer de uitgevende instelling een niet-financiële entiteit is die effecten zonder aandelenkarakter uitgeeft, bevat de samenvatting van een prospectus de essentiële financiële informatie als bedoeld in de tabellen in bijlage II.
Artikel 4
Essentiële financiële informatie voor kredietinstellingen
Wanneer de uitgevende instelling een kredietinstelling is, bevat de samenvatting van een prospectus de essentiële financiële informatie als bedoeld in de tabellen in bijlage III.
Artikel 5
Essentiële financiële informatie voor verzekeringsondernemingen
Wanneer de uitgevende instelling een verzekeringsonderneming is, bevat de samenvatting van een prospectus de essentiële financiële informatie als bedoeld in de tabellen in bijlage IV.
Artikel 6
Essentiële financiële informatie voor special purpose vehicles die door activa gedekte effecten uitgeven
Wanneer de uitgevende instelling een special purpose vehicle is dat door activa gedekte effecten uitgeeft, bevat de samenvatting van een prospectus de essentiële financiële informatie als bedoeld in de tabellen in bijlage V.
Artikel 7
Essentiële financiële informatie voor closed-end-beleggingsinstellingen
Wanneer de uitgevende instelling een closed-end-beleggingsinstelling is, bevat de samenvatting van een prospectus de essentiële financiële informatie als bedoeld in de tabellen in bijlage VI.
Artikel 8
Essentiële financiële informatie voor garanten
Wanneer aan de effecten een garantie verbonden is, wordt de essentiële financiële informatie over de garant verstrekt alsof de garant de uitgevende instelling van hetzelfde soort effecten is als die waarop de garantie betrekking heeft, met gebruikmaking van de tabellen in de bijlagen I tot en met VI. Wanneer de garantie wordt afgegeven voor door activa gedekte effecten, wordt de essentiële financiële informatie over de garant verstrekt alsof de garant de uitgevende instelling van de onderliggende effecten is.
AFDELING 2
Vorm van de essentiële financiële informatie in de samenvatting van het prospectus
Artikel 9
Vorm van de essentiële financiële informatie in de samenvatting van een prospectus
1. De essentiële financiële informatie wordt in tabelvorm gepresenteerd in overeenstemming met de tabellen in de bijlagen I tot en met VI bij deze verordening.
2. Eventuele historische financiële informatie in de samenvatting van het prospectus die niet uit de jaarrekening afkomstig is, wordt als zodanig aangeduid.
3. Wanneer pro-forma-informatie die in de samenvatting van een prospectus moet worden opgenomen, de essentiële financiële informatie als bedoeld in de desbetreffende tabel van de bijlagen I tot en met VI bij deze verordening beïnvloedt, wordt die pro-forma-informatie verstrekt in extra kolommen in de tabellen in de bijlagen I tot en met VI bij deze verordening of als aparte tabel. Wanneer zulks voor een goed begrip ervan nodig is, gaat de pro-forma-informatie vergezeld van een korte toelichting op de in de extra kolommen of aparte tabel gepresenteerde cijfers.
Wanneer in geval van een brutowijziging van betekenis alleen kwalitatieve informatie in het prospectus wordt opgenomen, moet in de samenvatting van dat prospectus een verklaring van die strekking worden opgenomen.
4. Wanneer de uitgevende instelling een complexe financiële geschiedenis heeft als bedoeld in artikel 18 van Gedelegeerde Verordening 2019/980, wordt de essentiële financiële informatie in de samenvatting van het prospectus gepresenteerd op een wijze die strookt met het prospectus en met gebruikmaking van de desbetreffende tabellen in de bijlagen I tot en met VI bij deze verordening.
HOOFDSTUK II
PUBLICATIE VAN HET PROSPECTUS
Artikel 10
Publicatie van het prospectus
1. Wanneer een prospectus, ongeacht of het één document betreft, dan wel uit afzonderlijke documenten bestaat, hyperlinks naar websites bevat, bevat het tevens een verklaring dat de informatie op die websites geen deel uitmaakt van het prospectus en niet door de bevoegde autoriteit is gecontroleerd of goedgekeurd. Die vereiste geldt niet voor hyperlinks naar door verwijzing opgenomen informatie.
2. Wanneer een prospectus wordt gepubliceerd overeenkomstig artikel 21, lid 2, van Verordening (EU) 2017/1129, worden op de voor de publicatie van het prospectus gebruikte websites maatregelen genomen om ervoor te zorgen dat geen ingezetenen worden aangesproken van andere lidstaten of derde landen dan die waar de effecten aan het publiek worden aangeboden.
HOOFDSTUK III
MACHINELEESBARE GEGEVENS VOOR DE CLASSIFICATIE VAN PROSPECTUSSEN
Artikel 11
Gegevens voor de classificatie van prospectussen
Wanneer de bevoegde autoriteit ESMA een elektronisch exemplaar van een goedgekeurd prospectus verstrekt, inclusief alle aanvullingen daarvan en, in voorkomend geval, de definitieve voorwaarden, verstrekt zij ESMA ook de relevante begeleidende gegevens voor de classificatie van prospectussen overeenkomstig de tabellen in bijlage VII bij deze verordening.
Artikel 12
Praktische regelingen om de machineleesbaarheid van de gegevens te waarborgen
De bevoegde autoriteit verstrekt de in artikel 11 bedoelde begeleidende gegevens in een gemeenschappelijk XML-formaat en in overeenstemming met het formaat en de normen in de tabellen in bijlage VII.
HOOFDSTUK IV
RECLAME
Artikel 13
Identificatie van het prospectus
Wanneer de uitgevende instelling, de aanbieder of de aanvrager van de toelating tot de handel op een gereglementeerde markt onderworpen is aan de verplichting een prospectus op te stellen, identificeert reclame dat prospectus duidelijk door:
|
a) |
duidelijk aan te geven op welke website het prospectus is of zal worden gepubliceerd, wanneer de reclame in schriftelijke vorm en langs andere dan elektronische weg wordt verspreid; |
|
b) |
een hyperlink op te nemen naar het prospectus en de relevante definitieve voorwaarden van het basisprospectus wanneer de reclame in schriftelijke vorm langs elektronische weg wordt verspreid, of door een hyperlink op te nemen naar de pagina van de website waar het prospectus zal worden gepubliceerd indien dat nog niet is gebeurd; |
|
c) |
accurate informatie op te nemen over waar het prospectus verkrijgbaar is, en accurate informatie over de aanbieding van effecten of de toelating tot de handel op een gereglementeerde markt waarop het betrekking heeft, wanneer de reclame wordt verspreid in een vorm of op een wijze die niet onder de punten a) of b) valt. |
Artikel 14
Vereiste inhoud
1. Reclame die onder potentiële retailbeleggers wordt verspreid, bevat de volgende elementen:
|
a) |
het woord „reclame” op een in het oog springende manier. Wanneer een reclame in mondelinge vorm wordt verspreid, wordt het doel ervan duidelijk vermeld aan het begin van het bericht; |
|
b) |
een verklaring dat de goedkeuring van het prospectus niet mag worden beschouwd als aanprijzing van de aangeboden of tot de handel op een gereglementeerde markt toegelaten effecten, wanneer de reclame een verwijzing naar een door een bevoegde autoriteit goedgekeurd prospectus bevat; |
|
c) |
een aanbeveling dat potentiële beleggers, voordat zij een beleggingsbeslissing nemen, het prospectus lezen om de potentiële risico's en voordelen in verband met de beslissing om in de effecten te beleggen volledig te begrijpen, wanneer de reclame een verwijzing naar een door een bevoegde autoriteit goedgekeurd prospectus bevat; |
|
d) |
de krachtens artikel 8, lid 3, onder b), van Verordening (EU) nr. 1286/2014 van het Europees Parlement en de Raad (6) vereiste begrijpelijkheidswaarschuwing wanneer:
|
2. Reclame in schriftelijke vorm die onder potentiële retailbeleggers wordt verspreid, verschilt in vorm en omvang voldoende van het prospectus zodat geen verwarring met het prospectus mogelijk is.
Artikel 15
Verspreiding van reclame
1. Onder potentiële beleggers verspreide reclame wordt gewijzigd wanneer:
|
a) |
vervolgens een aanvulling van het prospectus wordt gepubliceerd overeenkomstig artikel 23 van Verordening (EU) 2017/1129; |
|
b) |
een in de aanvulling vermelde belangrijke nieuwe factor, materiële vergissing of materiële onnauwkeurigheid de eerder verspreide reclame materieel onjuist of misleidend maakt. |
De eerste alinea is niet van toepassing na de afsluiting van de periode van aanbieding aan het publiek of na het tijdstip waarop de handel op een gereglementeerde markt begint, indien dat later valt.
2. De in lid 1 bedoelde gewijzigde reclame wordt onmiddellijk na de publicatie van de aanvulling van het prospectus onder potentiële beleggers verspreid en bevat alle volgende elementen:
|
a) |
een duidelijke verwijzing naar de onjuiste of misleidende versie van de reclame; |
|
b) |
een verklaring dat de reclame is gewijzigd omdat zij materieel onjuiste of misleidende informatie bevatte; |
|
c) |
een duidelijke beschrijving van de verschillen tussen de twee versies van de reclame. |
3. Met uitzondering van mondeling verspreide reclame wordt de overeenkomstig lid 1 gewijzigde reclame ten minste op dezelfde wijze verspreid als de eerdere reclame.
Artikel 16
Informatie over aanbiedingen van effecten
1. In mondelinge of schriftelijke vorm bekendgemaakte informatie over een aanbieding van effecten aan het publiek of over een toelating tot de handel op een gereglementeerde markt mag, ongeacht of zij als reclame dan wel voor andere doeleinden wordt verspreid:
|
a) |
niet in tegenspraak zijn met de informatie in het prospectus; |
|
b) |
niet verwijzen naar informatie die in tegenspraak is met de informatie in het prospectus; |
|
c) |
geen materieel onevenwichtig beeld geven van de informatie in het prospectus, bijvoorbeeld door negatieve aspecten van die informatie minder prominent te presenteren dan de positieve aspecten, door weglating of door selectieve weergave van bepaalde informatie; |
|
d) |
geen alternatieve prestatiemaatstaven bevatten tenzij zij in het prospectus zijn opgenomen. |
2. Voor de toepassing van lid 1 wordt onder informatie in het prospectus verstaan informatie die in het prospectus is opgenomen, indien het reeds is gepubliceerd, of informatie die in het prospectus zal worden opgenomen, indien het prospectus op een latere datum wordt gepubliceerd.
3. Voor de toepassing van lid 1, onder d), worden onder alternatieve prestatiemaatstaven verstaan financiële maatstaven van historische of toekomstige financiële prestaties, financiële positie of kasstromen, behalve in het toepasselijke kader voor financiële verslaggeving omschreven financiële maatstaven.
Artikel 17
Procedure voor samenwerking tussen de bevoegde autoriteiten
1. Wanneer de bevoegde autoriteit van een lidstaat waar een reclame wordt verspreid, van mening is dat de inhoud van die reclame niet strookt met de informatie in het prospectus, mag zij de bevoegde autoriteit van de lidstaat van herkomst om bijstand verzoeken. De bevoegde autoriteit van de lidstaat waar de reclame wordt verspreid, verstrekt de bevoegde autoriteit van de lidstaat van herkomst op verzoek:
|
a) |
de redenen waarom zij van mening is dat de inhoud van de reclame niet strookt met de informatie in het prospectus; |
|
b) |
de desbetreffende reclame en, zo nodig, een vertaling daarvan in de taal van het prospectus of in een taal die in de internationale financiële wereld gangbaar is. |
2. De bevoegde autoriteit van de lidstaat van herkomst zendt de bevoegde autoriteit van de lidstaat waar de reclame wordt verspreid, zo spoedig mogelijk de resultaten toe van haar beoordeling van de overeenstemming van de reclame met de informatie in het prospectus.
HOOFDSTUK V
AANVULLINGEN VAN HET PROSPECTUS
Artikel 18
Publicatie van een aanvulling van het prospectus
1. In de volgende situaties moet een aanvulling van het prospectus worden gepubliceerd:
|
a) |
wanneer nieuwe gecontroleerde jaarrekeningen zijn bekendgemaakt door:
|
|
b) |
wanneer een uitgevende instelling na de goedkeuring van het prospectus een winstprognose of -raming heeft gepubliceerd, indien een winstprognose of -raming in het prospectus moet worden opgenomen krachtens Gedelegeerde Verordening 2019/980; |
|
c) |
wanneer een wijziging of intrekking van een winstprognose of winstraming in het prospectus is opgenomen; |
|
d) |
wanneer een wijziging optreedt in de zeggenschap over:
|
|
e) |
wanneer derden een nieuw openbaar overnamebod uitbrengen als bedoeld in artikel 2, lid 1, onder a), van Richtlijn 2004/25/EG van het Europees Parlement en de Raad (8) of het resultaat van een openbaar overnamebod beschikbaar komt met betrekking tot een van de volgende soorten effecten:
|
|
f) |
wanneer de in het prospectus opgenomen verklaring inzake het werkkapitaal voldoende of onvoldoende wordt voor de huidige vereisten van de uitgevende instelling, met betrekking tot:
|
|
g) |
wanneer een uitgevende instelling toelating vraagt tot de handel op ten minste één extra gereglementeerde markt in ten minste één extra lidstaat of voornemens is een aanbieding van effecten aan het publiek te doen in ten minste één extra lidstaat die niet in het prospectus is vermeld; |
|
h) |
wanneer, in geval van een prospectus met betrekking tot effecten met een aandelenkarakter of andere effecten als bedoeld in artikel 19, lid 2, artikel 19, lid 3, of artikel 20, lid 2, van Gedelegeerde Verordening 2019/980, een nieuwe aanzienlijke financiële verplichting waarschijnlijk aanleiding zal geven tot een brutowijziging van betekenis in de zin van artikel 1, onder e), van die gedelegeerde verordening; |
|
i) |
wanneer het totale nominale bedrag van een aanbiedingsprogramma wordt verhoogd. |
HOOFDSTUK VI
TECHNISCHE REGELINGEN VOOR DE WERKING VAN HET KENNISGEVINGSPORTAAL
Artikel 19
Uploaden van documenten en bijbehorende gegevens
Wanneer de bevoegde autoriteit documenten als bedoeld in artikel 25, lid 6, van Verordening (EU) 2017/1129 naar het kennisgevingsportaal uploadt, zorgt zij ervoor dat die documenten in een doorzoekbaar elektronisch formaat zijn dat niet kan worden gewijzigd en dat deze vergezeld gaan van de gegevens over die documenten als gespecificeerd in de tabellen van bijlage VII bij deze verordening in een gemeenschappelijk XML-formaat.
Artikel 20
Verwerking en kennisgeving van documenten en bijbehorende gegevens
1. ESMA zorgt ervoor dat het kennisgevingsportaal alle geüploade documenten en bijbehorende gegevens automatisch verwerkt en controleert en de uploadende bevoegde autoriteit ervan in kennis stelt of het uploaden succesvol was en of de upload fouten bevatte.
2. ESMA zorgt ervoor dat het kennisgevingsportaal kennisgevingen van de geüploade documenten en bijbehorende gegevens aan de betrokken bevoegde autoriteiten verzendt.
Artikel 21
Downloaden van documenten en bijbehorende gegevens
ESMA zorgt ervoor dat het kennisgevingsportaal de geüploade documenten en bijbehorende gegevens aan de betrokken bevoegde autoriteiten beschikbaar stelt.
HOOFDSTUK VII
SLOTBEPALINGEN
Artikel 22
Intrekking
Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 382/2014 wordt ingetrokken.
Gedelegeerde Verordening (EU) 2016/301 wordt ingetrokken.
Artikel 23
Inwerkingtreding
Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Zij is van toepassing met ingang van 21 juli 2019.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 14 maart 2019.
Voor de Commissie
De voorzitter
Jean-Claude JUNCKER
(1) PB L 168 van 30.6.2017, blz. 12.
(2) Verordening (EU) nr. 1095/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 tot oprichting van een Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Autoriteit voor effecten en markten), tot wijziging van Besluit nr. 716/2009/EG en tot intrekking van Besluit 2009/77/EG van de Commissie (PB L 331 van 15.12.2010, blz. 84).
(3) Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 382/2014 van de Commissie van 7 maart 2014 houdende aanvulling van Richtlijn 2003/71/EG van het Europees Parlement en de Raad met technische reguleringsnormen voor de publicatie van supplementen op het prospectus (PB L 111 van 15.4.2014, blz. 36).
(4) Gedelegeerde Verordening (EU) 2016/301 van de Commissie van 30 november 2015 tot aanvulling van Richtlijn 2003/71/EG van het Europees Parlement en de Raad ten aanzien van technische reguleringsnormen voor goedkeuring en publicatie van het prospectus en verspreiding van reclame en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 809/2004 van de Commissie (PB L 58 van 4.3.2016, blz. 13).
(5) Gedelegeerde Verordening 2019/980 van de Commissie van 14 maart 2019 tot aanvulling van Verordening (EU) 2017/1129 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de vorm, de inhoud, de controle en de goedkeuring van het prospectus dat moet worden gepubliceerd wanneer effecten aan het publiek worden aangeboden of tot de handel op een gereglementeerde markt worden toegelaten, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 809/2004 van de Commissie (zie bladzijde 26 van dit Publicatieblad).
(6) Verordening (EU) nr. 1286/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 26 november 2014 over essentiële-informatiedocumenten voor verpakte retailbeleggingsproducten en verzekeringsgebaseerde beleggingsproducten (PRIIP’s) (PB L 352 van 9.12.2014, blz. 1).
(7) Richtlijn 2014/65/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende markten voor financiële instrumenten en tot wijziging van Richtlijn 2002/92/EG en Richtlijn 2011/61/EU (PB L 173 van 12.6.2014, blz. 349).
(8) Richtlijn 2004/25/EG van het Europees Parlement en de Raad van 21 april 2004 betreffende het openbaar overnamebod (PB L 142 van 30.4.2004, blz. 12).
BIJLAGE I
NIET-FINANCIËLE ENTITEITEN (EFFECTEN MET EEN AANDELENKARAKTER)
|
— |
„*” betekent dat het gaat om verplichte informatie of overeenkomstige informatie wanneer de uitgevende instelling geen gebruik maakt van de International Financial Reporting Standards (IFRS). De uitgevende instelling kan een andere titel gebruiken om dezelfde informatie te verstrekken als in de tabel beschreven, wanneer in haar jaarrekening die alternatieve titel wordt gebruikt. |
|
— |
„#” betekent dat deze informatie verplicht is als zij elders in het prospectus voorkomt. |
|
— |
„~” met betrekking tot closed-end-beleggingsinstellingen verwijst naar investeringen tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in winst of verlies op dezelfde datum als de datum van de intrinsieke waarde (NAV). |
Tabel 1
Winst- en verliesrekening voor niet-financiële entiteiten (effecten met een aandelenkarakter)
|
|
Jaar |
Jaar – 1 |
Jaar – 2 |
Tussentijdse waarde |
Vergelijkende tussentijdse waarde uit zelfde periode in eerder jaar |
|
*Totale inkomsten |
|
|
|
|
|
|
*Exploitatiewinst/-verlies of een andere soortgelijke maatstaf van financiële prestaties die de uitgevende instelling in de jaarrekening gebruikt |
|
|
|
|
|
|
*Nettowinst of -verlies (voor geconsolideerde jaarrekening nettowinst of -verlies toerekenbaar aan aandeelhouders van de moedermaatschappij) |
|
|
|
|
|
|
#Inkomstengroei jaar-op-jaar |
|
|
|
|
|
|
#Winstmarge exploitatie |
|
|
|
|
|
|
#Nettowinstmarge |
|
|
|
|
|
|
#Winst per aandeel |
|
|
|
|
|
Tabel 2
Balans voor niet-financiële entiteiten (effecten met een aandelenkarakter)
|
|
Jaar |
Jaar – 1 |
Jaar – 2 |
Tussentijdse waarde |
|
*Totale activa |
|
|
|
|
|
*Totaal eigen vermogen |
|
|
|
|
|
#Netto financiële schuld (langlopende schuld plus kortlopende schuld minus kasmiddelen) |
|
|
|
|
Tabel 3
Kasstroomoverzicht voor niet-financiële entiteiten (effecten met een aandelenkarakter)
|
|
Jaar |
Jaar – 1 |
Tussentijdse waarde |
Vergelijkende tussentijdse waarde uit zelfde periode in eerder jaar |
|
*Relevante nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten en/of kasstromen uit beleggingsactiviteiten en/of kasstromen uit financieringsactiviteiten |
|
|
|
|
BIJLAGE II
NIET-FINANCIËLE ENTITEITEN (EFFECTEN ZONDER AANDELENKARAKTER)
|
— |
„*” betekent dat het gaat om verplichte informatie of overeenkomstige informatie wanneer de uitgevende instelling geen gebruik maakt van de International Financial Reporting Standards (IFRS). De uitgevende instelling kan een andere titel gebruiken om dezelfde informatie te verstrekken als in de tabel beschreven, wanneer in haar jaarrekening die alternatieve titel wordt gebruikt. |
|
— |
„#” betekent dat deze informatie verplicht is als zij elders in het prospectus voorkomt. |
|
— |
„~” met betrekking tot closed-end-beleggingsinstellingen verwijst naar investeringen tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in winst of verlies op dezelfde datum als de datum van de intrinsieke waarde (NAV). |
Tabel 1
Winst- en verliesrekening voor effecten zonder aandelenkarakter
|
|
Jaar |
Jaar – 1 |
Tussentijdse waarde |
Vergelijkende tussentijdse waarde uit zelfde periode in eerder jaar |
|
*Exploitatiewinst/-verlies of een andere soortgelijke maatstaf van financiële prestaties die de uitgevende instelling in de jaarrekening gebruikt |
|
|
|
|
Tabel 2
Balans voor effecten zonder aandelenkarakter
|
|
Jaar |
Jaar – 1 |
Tussentijdse |
|
#Netto financiële schuld (langlopende schuld plus kortlopende schuld minus kasmiddelen) |
|
|
|
|
#Current ratio (vlottende activa/kortlopende verplichtingen) |
|
|
|
|
#Verhouding tussen vreemd en eigen vermogen (totale passiva/totaal aandelenkapitaal) |
|
|
|
|
#Rentedekkingsratio (bedrijfsinkomsten/rente-uitgaven) |
|
|
|
Tabel 3
Kasstroomoverzicht voor effecten zonder aandelenkarakter
|
|
Jaar |
Jaar – 1 |
Tussentijdse waarde |
Vergelijkende tussentijdse waarde uit zelfde periode in eerder jaar |
|
*Nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten |
|
|
|
|
|
*Nettokasstromen uit financieringsactiviteiten |
|
|
|
|
|
*Nettokasstromen uit beleggingsactiviteiten |
|
|
|
|
BIJLAGE III
KREDIETINSTELLINGEN (EFFECTEN MET EN ZONDER AANDELENKARAKTER)
|
— |
„*” betekent dat het gaat om verplichte informatie of overeenkomstige informatie wanneer de uitgevende instelling geen gebruik maakt van de International Financial Reporting Standards (IFRS). De uitgevende instelling kan een andere titel gebruiken om dezelfde informatie te verstrekken als in de tabel beschreven, wanneer in haar jaarrekening die alternatieve titel wordt gebruikt. |
|
— |
„#” betekent dat deze informatie verplicht is als zij elders in het prospectus voorkomt. |
|
— |
„~” met betrekking tot closed-end-beleggingsinstellingen verwijst naar investeringen tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in winst of verlies op dezelfde datum als de datum van de intrinsieke waarde (NAV). |
Tabel 1
Winst- en verliesrekening voor kredietinstellingen
|
|
Jaar |
Jaar – 1 |
Jaar – 2 (1) |
Tussentijdse waarde |
Vergelijkende tussentijdse waarde uit zelfde periode in eerder jaar |
|
*Nettorentebaten (of equivalent) |
|
|
|
|
|
|
*Netto honoraria- en provisiebaten |
|
|
|
|
|
|
*Netto bijzondere-waardeverminderingsverlies uit hoofde van financiële activa |
|
|
|
|
|
|
*Nettohandelsbaten |
|
|
|
|
|
|
*Maatstaf van financiële prestaties die de uitgevende instelling in de jaarrekening gebruikt, zoals bedrijfswinst |
|
|
|
|
|
|
*Nettowinst of -verlies (voor geconsolideerde jaarrekening nettowinst of -verlies toerekenbaar aan aandeelhouders van de moedermaatschappij) |
|
|
|
|
|
|
#Winst per aandeel (alleen voor effecten met een aandelenkarakter uitgevende instellingen) |
|
|
|
|
|
Tabel 2
Balans voor kredietinstellingen
|
|
Jaar |
Jaar – 1 |
Jaar – 2 (2) |
Tussentijdse waarde |
#Waarde als uitkomst van het meest recente proces van toetsing en evaluatie door de toezichthouder (SREP) |
|
*Totale activa |
|
|
|
|
|
|
*Niet-achtergestelde schuld |
|
|
|
|
|
|
*Achtergestelde schuld |
|
|
|
|
|
|
*Leningen en vorderingen op cliënten (netto) |
|
|
|
|
|
|
*Deposito’s van cliënten |
|
|
|
|
|
|
*Totaal eigen vermogen |
|
|
|
|
|
|
#Niet-renderende leningen (op basis van nettoboekwaarde)/leningen en vorderingen) |
|
|
|
|
|
|
#Tier 1-kernkapitaalratio (CET1) of andere relevante prudentiële kapitaalratio afhankelijk van de uitgifte |
|
|
|
|
|
|
#Totale kapitaalratio |
|
|
|
|
|
|
#Volgens het toepasselijke regelgevingskader berekende hefboomratio |
|
|
|
|
|
(1) Vermeld de essentiële financiële informatie voor het aantal jaren waarvoor de desbetreffende informatievereiste van toepassing is krachtens Gedelegeerde Verordening 980/2019.
(2) Vermeld de essentiële financiële informatie voor het aantal jaren waarvoor de desbetreffende informatievereiste van toepassing is krachtens Gedelegeerde Verordening 980/2019.
BIJLAGE IV
VERZEKERINGSONDERNEMINGEN (EFFECTEN MET EN ZONDER AANDELENKARAKTER)
|
— |
„*” betekent dat het gaat om verplichte informatie of overeenkomstige informatie wanneer de uitgevende instelling geen gebruik maakt van de International Financial Reporting Standards (IFRS). De uitgevende instelling kan een andere titel gebruiken om dezelfde informatie te verstrekken als in de tabel beschreven, wanneer in haar jaarrekening die alternatieve titel wordt gebruikt. |
|
— |
„#” betekent dat deze informatie verplicht is als zij elders in het prospectus voorkomt. |
|
— |
„~” met betrekking tot closed-end-beleggingsinstellingen verwijst naar investeringen tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in winst of verlies op dezelfde datum als de datum van de intrinsieke waarde (NAV). |
Tabel 1
Winst- en verliesrekening voor verzekeringsondernemingen
|
|
Jaar |
Jaar – 1 |
Jaar – 2 (1) |
Tussentijdse waarde |
Vergelijkende tussentijdse waarde uit zelfde periode in eerder jaar |
|
*Nettopremies |
|
|
|
|
|
|
*Netto-uitkeringen en schaden |
|
|
|
|
|
|
*Winst vóór belastingen |
|
|
|
|
|
|
*Bedrijfswinst (waarbij een onderscheid wordt gemaakt tussen levensverzekering en schadeverzekering) |
|
|
|
|
|
|
*Nettowinst of -verlies (voor geconsolideerde jaarrekening nettowinst of -verlies toerekenbaar aan aandeelhouders van de moedermaatschappij) |
|
|
|
|
|
|
#Inkomstengroei jaar-op-jaar (nettopremies) |
|
|
|
|
|
|
#Winst per aandeel (alleen voor effecten met een aandelenkarakter uitgevende instellingen) |
|
|
|
|
|
Tabel 2
Balans voor verzekeringsondernemingen
|
|
Jaar |
Jaar – 1 |
Jaar – 2 (2) |
Tussentijdse waarde |
|
*Investeringen inclusief financiële activa in verband met aan beleggingen gekoppelde overeenkomsten |
|
|
|
|
|
*Totale activa |
|
|
|
|
|
*Verplichtingen uit hoofde van verzekeringscontracten |
|
|
|
|
|
*Financiële verplichtingen |
|
|
|
|
|
*Totale verplichtingen |
|
|
|
|
|
*Totaal eigen vermogen |
|
|
|
|
|
#Solvabiliteitsdekkingsratio (Solvabiliteit II-ratio — SII-ratio) of andere relevante prudentiële kapitaalratio afhankelijk van de uitgifte |
|
|
|
|
|
#Verliesratio |
|
|
|
|
|
#Combined ratio (schadelasten + bedrijfskosten/premies voor de periode) |
|
|
|
|
(1) Vermeld de essentiële financiële informatie voor het aantal jaren waarvoor de desbetreffende informatievereiste van toepassing is krachtens Gedelegeerde Verordening 980/2019.
(2) Vermeld de essentiële financiële informatie voor het aantal jaren waarvoor de desbetreffende informatievereiste van toepassing is krachtens Gedelegeerde Verordening 980/2019.
BIJLAGE V
SPECIAL PURPOSE VEHICLES (SPV’s) DIE DOOR ACTIVA GEDEKTE EFFECTEN UITGEVEN
|
— |
„*” betekent dat het gaat om verplichte informatie of overeenkomstige informatie wanneer de uitgevende instelling geen gebruik maakt van de International Financial Reporting Standards (IFRS). De uitgevende instelling kan een andere titel gebruiken om dezelfde informatie te verstrekken als in de tabel beschreven, wanneer in haar jaarrekening die alternatieve titel wordt gebruikt. |
|
— |
„#” betekent dat deze informatie verplicht is als zij elders in het prospectus voorkomt. |
|
— |
„~” met betrekking tot closed-end-beleggingsinstellingen verwijst naar investeringen tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in winst of verlies op dezelfde datum als de datum van de intrinsieke waarde (NAV). |
Tabel 1
Winst-en-verliesrekening voor SPV’s met betrekking tot door activa gedekte effecten
|
|
Jaar |
Jaar – 1 |
|
*Nettowinst of -verlies |
|
|
Tabel 2
Balans voor SPV’s met betrekking tot door activa gedekte effecten
|
|
Jaar |
Jaar – 1 |
|
*Totale activa |
|
|
|
*Totale passiva |
|
|
|
*Financiële activa die als gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in winst of verlies zijn aangewezen |
|
|
|
*Afgeleide financiële activa |
|
|
|
*Niet-financiële activa indien van wezenlijk belang voor de bedrijfsactiviteiten van de entiteit |
|
|
|
*Financiële verplichtingen die als gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in winst of verlies worden aangewezen |
|
|
|
*Afgeleide financiële verplichtingen |
|
|
BIJLAGE VI
CLOSED-END-BELEGGINGSINSTELLINGEN
|
— |
„*” betekent dat het gaat om verplichte informatie of overeenkomstige informatie wanneer de uitgevende instelling geen gebruik maakt van de International Financial Reporting Standards (IFRS). De uitgevende instelling kan een andere titel gebruiken om dezelfde informatie te verstrekken als in de tabel beschreven, wanneer in haar jaarrekening die alternatieve titel wordt gebruikt. |
|
— |
„#” betekent dat deze informatie verplicht is als zij elders in het prospectus voorkomt. |
|
— |
„~” met betrekking tot closed-end-beleggingsinstellingen verwijst naar investeringen tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in winst of verlies op dezelfde datum als de datum van de intrinsieke waarde (NAV). |
Tabel 1
Aanvullende informatie met betrekking tot closed-end-beleggingsinstellingen
|
Aandelenklasse |
Totale NAV |
Aantal aandelen/ deelnemingsrechten |
~NAV/aandeel of Marktprijs/aandeel/ deelnemingsrecht |
#Historische prestaties van de beleggingsinstelling |
|
A |
XXX |
XX |
X |
|
|
|
Totaal-generaal |
Totaal-generaal |
|
|
Tabel 2
Winst- en verliesrekening voor closed-end-beleggingsinstellingen
|
|
Jaar |
Jaar – 1 |
Jaar – 2 |
Tussentijdse waarde |
Vergelijkende tussentijdse waarde uit zelfde periode in eerder jaar |
|
*Totale netto-inkomsten/nettobeleggingsinkomsten of totale inkomsten vóór exploitatiekosten |
|
|
|
|
|
|
*Nettowinst (-verlies) |
|
|
|
|
|
|
*Prestatievergoeding (opgelopen/betaald) |
|
|
|
|
|
|
*Beleggingsbeheersvergoeding (opgelopen/betaald) |
|
|
|
|
|
|
*Andere materiële vergoedingen (opgelopen/betaald) aan dienstverleners |
|
|
|
|
|
|
#Winst per aandeel |
|
|
|
|
|
Tabel 3
Balans voor closed-end-beleggingsinstellingen
|
|
Jaar |
Jaar – 1 |
Jaar – 2 |
Tussentijdse waarde |
|
*Totale nettoactiva |
|
|
|
|
|
#Hefboomratio |
|
|
|
|
BIJLAGE VII
AAN ESMA TE VERSTREKKEN MACHINELEESBARE GEGEVENS
Tabel 1
|
Nummer |
Veld |
Te rapporteren inhoud |
Format en normen die voor de rapportage moeten worden gebruikt |
||||||||||||||||||||||||
|
1. |
Nationale identificatiecode |
Unieke identificatiecode van het geüploade bestand, toegekend door de verzendende NBA |
{ALPHANUM-50} |
||||||||||||||||||||||||
|
2. |
Gerelateerde nationale identificatiecode |
Unieke identificatiecode van het bestand waaraan het geüploade bestand gerelateerd is, toegekend door de verzendende NBA Wordt niet gerapporteerd indien gerelateerde nationale identificatiecode niet van toepassing is |
{ALPHANUM-50} |
||||||||||||||||||||||||
|
3. |
Verzendende lidstaat |
Landencode van de lidstaat die het geüploade bestand heeft goedgekeurd of waarbij het geüploade bestand is ingediend |
{COUNTRYCODE_2} |
||||||||||||||||||||||||
|
4. |
Ontvangende lidstaat/lidstaten |
Landencode van de lidstaat/lidstaten waaraan het geüploade bestand moet worden gemeld of meegedeeld Indien het aan meerdere lidstaten moet worden meegedeeld, moet veld 4 zo vaak als nodig worden gerapporteerd |
{COUNTRYCODE_2} |
||||||||||||||||||||||||
|
5. |
Soort document |
Het soort geüploade document(en) |
Keuze uit een lijst van vooraf bepaalde velden:
Indien meerdere documenten moeten worden meegedeeld, moet veld [5] zo vaak als nodig worden gerapporteerd om elk document in het bestand te beschrijven |
||||||||||||||||||||||||
|
6. |
Soort structuur |
Voor het prospectus gekozen vorm |
Keuze uit een lijst van vooraf bepaalde velden:
|
||||||||||||||||||||||||
|
7. |
Datum van goedkeuring of indiening |
Datum waarop het geüploade bestand is goedgekeurd of ingediend |
{DATEFORMAT} |
||||||||||||||||||||||||
|
8. |
Taal |
De EU-taal waarin het geüploade bestand is opgesteld |
{LANGUAGE} |
||||||||||||||||||||||||
|
9. |
Gestandaardiseerde naam van de aanbieder |
Voor- en achternaam van de aanbieder indien de aanbieder een natuurlijke persoon is Indien meerdere aanbieders moeten worden meegedeeld, moet veld [9] zo vaak als nodig worden gerapporteerd |
{ALPHANUM-280} |
||||||||||||||||||||||||
|
10. |
Gestandaardiseerde naam van de garant |
Voor- en achternaam van de garant indien de garant een natuurlijke persoon is Indien meerdere garanten moeten worden meegedeeld, moet veld [10] zo vaak als nodig worden gerapporteerd |
{ALPHANUM-280} |
||||||||||||||||||||||||
|
11. |
LEI van de uitgevende instelling |
Identificatiecode (Legal Entity Identifier — LEI) van de uitgevende instelling Indien meerdere uitgevende instellingen moeten worden meegedeeld, moet veld [11] zo vaak als nodig worden gerapporteerd |
{LEI} |
||||||||||||||||||||||||
|
12. |
LEI van de aanbieder |
Identificatiecode van de aanbieder Indien meerdere aanbieders moeten worden meegedeeld, moet veld [12] zo vaak als nodig worden gerapporteerd |
{LEI} |
||||||||||||||||||||||||
|
13. |
LEI van de garant |
Identificatiecode van de garant Indien meerdere garanten moeten worden meegedeeld, moet veld [13] zo vaak als nodig worden gerapporteerd |
{LEI} |
||||||||||||||||||||||||
|
14. |
Woonplaats van de aanbieder |
Woonplaats van de aanbieder indien de aanbieder een natuurlijke persoon is Indien meerdere aanbieders moeten worden meegedeeld, moet veld [14] zo vaak als nodig worden gerapporteerd |
{COUNTRYCODE_2} |
||||||||||||||||||||||||
|
15. |
Woonplaats van de garant |
Woonplaats van de garant indien de garant een natuurlijke persoon is Indien meerdere garanten moeten worden meegedeeld, moet veld [15] zo vaak als nodig worden gerapporteerd |
{COUNTRYCODE_2} |
||||||||||||||||||||||||
|
16. |
FISN |
Korte naam van het financieel instrument Dit veld moet voor elk ISIN worden herhaald |
{FISN} |
||||||||||||||||||||||||
|
17. |
ISIN |
Internationaal effectenidentificatienummer |
{ISIN} |
||||||||||||||||||||||||
|
18. |
CFI |
Code voor classificatie van financiële instrumenten Dit veld moet voor elk ISIN worden herhaald |
{CFI_CODE} |
||||||||||||||||||||||||
|
19. |
Uitgiftevaluta |
Code voor de valuta waarin de nominale of notionele waarde is uitgedrukt Dit veld moet voor elk ISIN worden herhaald |
{CURRENCYCODE_3} |
||||||||||||||||||||||||
|
20. |
Denominatie per deelnemingsrecht |
Nominale of notionele waarde per deelnemingsrecht in de uitgiftevaluta Dit veld moet voor elk ISIN worden herhaald Veld dat van toepassing is op effecten met een vastgestelde denominatie |
{DECIMAL-18/5} |
||||||||||||||||||||||||
|
21. |
Identificatiecode of naam van de onderliggende waarde |
ISIN-code van onderliggende effect/index of naam van onderliggende effect/index indien ISIN niet bestaat Indien mandje van effecten, als zodanig identificeren Veld dat van toepassing is op effecten met een vastgestelde onderliggende waarde. Dit veld moet voor elk ISIN van dergelijke effecten worden herhaald |
Voor één onderliggende:
Voor meer dan één onderliggende: „BSKT” |
||||||||||||||||||||||||
|
22. |
Verval- of expiratiedatum |
Verval- of expiratiedatum van het effect, indien van toepassing Dit veld moet voor elk ISIN worden herhaald Veld dat van toepassing is op effecten met een vastgestelde looptijd |
{DATEFORMAT} Voor eeuwigdurende schuldinstrumenten moet in veld 22 de waarde 9999-12-31 worden ingevuld. |
||||||||||||||||||||||||
|
23. |
Aangeboden volume |
Aantal aangeboden effecten Veld is alleen van toepassing op aandelen Dit veld moet voor elk toepasselijk ISIN worden herhaald |
{INTEGER-18} Eén waarde, bandbreedte of maximumaantal |
||||||||||||||||||||||||
|
24. |
Aangeboden prijs |
Prijs per aangeboden effect, in monetaire waarde. De valuta van de prijs is de uitgiftevaluta Veld is alleen van toepassing op aandelen Dit veld moet voor elk toepasselijk ISIN worden herhaald |
{DECIMAL-18/5} Eén waarde, bandbreedte of maximumaantal „PNDG” wanneer de aangeboden prijs niet beschikbaar is, maar hangende „NOAP” wanneer de aangeboden prijs niet van toepassing is |
||||||||||||||||||||||||
|
25. |
Aangeboden tegenprestatie |
Totaal aangeboden bedrag, in monetaire waarde van de uitgiftevaluta Dit veld moet voor elk ISIN worden herhaald |
{DECIMAL-18/5} Eén waarde, bandbreedte of maximumaantal „PNDG” wanneer de aangeboden tegenprestatie niet beschikbaar is, maar hangende „NOAP” wanneer de aangeboden tegenprestatie niet van toepassing is |
||||||||||||||||||||||||
|
26. |
Soort effect |
Classificatie van categorieën van effecten met en zonder aandelenkarakter Dit veld moet voor elk ISIN worden herhaald |
Keuze uit een lijst van vooraf bepaalde velden: Eigen vermogen
Vreemd vermogen
„ABSE”: Door activa gedekte effecten (ABS) „DERV”: Derivaat |
||||||||||||||||||||||||
|
27. |
Soort aanbieding/toelating |
Taxonomie volgens Prospectusverordening (PV) en MiFID/MIFIR |
Keuze uit een lijst van vooraf bepaalde velden:
|
||||||||||||||||||||||||
|
28. |
Kenmerken van het handelsplatform waar de effecten voor het eerst tot de handel zijn toegelaten |
Taxonomie volgens PV en MiFID/MIFIR |
Keuze uit een lijst van vooraf bepaalde velden:
|
||||||||||||||||||||||||
|
29. |
Openbaarmakingsregeling |
Het nummer van de bijlage volgens welke het prospectus is opgesteld krachtens Gedelegeerde Verordening (EU) [] van de Commissie Indien meerdere bijlagen moeten worden meegedeeld, moet veld 29 zo vaak als nodig worden gerapporteerd |
{INTEGER-2} van 1 tot [29] |
||||||||||||||||||||||||
|
30. |
Categorie EU-groeiprospectus |
Reden waarom een EU-groeiprospectus is gebruikt |
Keuze uit een lijst van vooraf bepaalde velden:
|
Tabel 2
|
Symbool |
Soort gegevens |
Definitie |
|
{ALPHANUM-n} |
Maximaal n alfanumerieke tekens |
Veld voor vrije tekst |
|
{CFI_CODE} |
6 tekens |
CFI-code volgens ISO 10962 |
|
{COUNTRYCODE_2} |
2 alfanumerieke tekens |
Tweeletterige landencode overeenkomstig de ISO 3166-1 alpha-2-landcode |
|
{DATEFORMAT} |
Data in het volgende formaat: JJJJ-MM-DD Data moeten in UTC worden gerapporteerd |
Datumformaat volgens ISO 8601 |
|
{LANGUAGE} |
Tweeletterige code |
ISO 639-1 |
|
{LEI} |
20 alfanumerieke tekens |
Identificatiecode juridische entiteit (LEI) volgens ISO 17442 |
|
{FISN} |
35 alfanumerieke tekens met de volgende structuur |
FISN-code overeenkomstig ISO 18774 |
|
{ISIN} |
12 alfanumerieke tekens |
ISIN-code volgens ISO 6166 |
|
{CURRENCYCODE_3} |
3 alfanumerieke tekens |
Drieletterige valutacode volgens ISO 4217 valutacodes |
|
{DECIMAL-n/m} |
Decimaal getal van maximaal n cijfers in totaal, waarvan maximaal m cijfers fractiecijfers kunnen zijn. |
Numeriek veld Het decimaalteken is „.” (punt) Waarden worden afgerond, niet afgebroken. |
|
{INTEGER-n} |
Geheel getal van maximaal n tekens in totaal |
Numeriek veld |
|
{INDEX} |
4 alfabetische tekens |
„EONA” — EONIA „EONS” — EONIA SWAP „EURI” — EURIBOR „EUUS” — EURODOLLAR „EUCH” — EuroSwiss „GCFR” — GCF REPO „ISDA” — ISDAFIX „LIBI” — LIBID „LIBO” — LIBOR „MAAA” — Muni AAA „PFAN” — Pfandbriefe „TIBO” — TIBOR „STBO” — STIBOR „BBSW” — BBSW „JIBA” — JIBAR „BUBO” — BUBOR „CDOR” — CDOR „CIBO” — CIBOR „MOSP” — MOSPRIM „NIBO” — NIBOR „PRBO” — PRIBOR „TLBO” — TELBOR „WIBO” — WIBOR „TREA” — Treasury „SWAP” — SWAP „FUSW” — Future SWA |