|
15.2.2019 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 44/1 |
UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2019/260 VAN DE COMMISSIE
van 14 februari 2019
tot wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 180/2014 wat betreft de volumes van de traditionele handelsstromen tussen bepaalde ultraperifere gebieden van de Unie en het Verenigd Koninkrijk
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) nr. 228/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 13 maart 2013 houdende specifieke maatregelen op landbouwgebied ten behoeve van de ultraperifere gebieden van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 247/2006 van de Raad (1), en met name artikel 14,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Op 29 maart 2017 heeft het Verenigd Koninkrijk kennisgegeven van zijn voornemen om zich uit de Unie terug te trekken krachtens artikel 50 van het Verdrag betreffende de Europese Unie. De Verdragen zijn niet meer van toepassing op het Verenigd Koninkrijk met ingang van de datum van inwerkingtreding van een terugtrekkingsakkoord of, bij gebreke daarvan, na verloop van twee jaar na die kennisgeving, d.w.z. met ingang van 30 maart 2019, tenzij de Europese Raad met instemming van het Verenigd Koninkrijk en met eenparigheid van stemmen tot verlenging van deze termijn besluit. |
|
(2) |
Het tussen de onderhandelaars overeengekomen terugtrekkingsakkoord voorziet in regelingen op grond waarvan bepalingen van het Unierecht op en in het Verenigd Koninkrijk van toepassing kunnen blijven na de datum waarop de Verdragen niet meer op en in het Verenigd Koninkrijk van toepassing zijn. Indien dat akkoord in werking treedt, is Uitvoeringsverordening (EU) nr. 180/2014 van de Commissie (2) gedurende de overgangsperiode overeenkomstig dat akkoord van toepassing op en in het Verenigd Koninkrijk en is dat niet langer het geval na het verstrijken van die periode. |
|
(3) |
Artikel 15, lid 1, van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 180/2014 biedt marktdeelnemers de mogelijkheid om verwerkte producten die grondstoffen bevatten waarvoor de in artikel 10 van Verordening (EU) nr. 228/2013 bedoelde specifieke voorzieningsregeling is toegepast, hetzij uit te voeren in het kader van traditionele handelsstromen of van de regionale handel, hetzij te verzenden in het kader van traditionele handelsstromen. Verwerkers die van plan zijn dergelijke producten in dat kader uit te voeren of te verzenden, kunnen zulks doen binnen de grenzen van de in de bijlagen II tot en met V bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 180/2014 vermelde jaarlijkse hoeveelheden. Bijlage VI bij die uitvoeringsverordening bevat de lijst van derde landen waarnaar dergelijke producten kunnen worden uitgevoerd. |
|
(4) |
Om een mogelijke verstoring van de traditionele handelsstromen tussen de betrokken ultraperifere regio's en het Verenigd Koninkrijk te voorkomen, moeten de volumes van de betrokken verwerkte producten die momenteel van Madeira en de Canarische Eilanden naar het Verenigd Koninkrijk in zijn hoedanigheid van lidstaat worden verzonden, in de bijlagen III en IV bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 180/2014 worden weergegeven als uitvoer naar derde landen. Daarnaast moet het Verenigd Koninkrijk in bijlage VI bij die verordening worden vermeld als een derde land. |
|
(5) |
Uitvoeringsverordening (EU) nr. 180/2014 moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd. |
|
(6) |
Overeenkomstig artikel 4, lid 3, van Verordening (EEG, Euratom) nr. 1182/71 van de Raad (3) geldt dat wanneer is bepaald dat rechtshandelingen op een bepaalde datum niet meer van toepassing zijn, dit geschiedt bij het einde van het laatste uur van de dag waarop die datum valt. Deze verordening moet derhalve van toepassing zijn met ingang van de dag na die waarop Uitvoeringsverordening (EU) nr. 180/2014 niet meer van toepassing is op en in het Verenigd Koninkrijk. |
|
(7) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité voor rechtstreekse betalingen, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
De bijlagen III, IV en VI bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 180/2014 worden gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij deze verordening.
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op de derde dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Zij is van toepassing met ingang van de dag na die waarop Uitvoeringsverordening (EU) nr. 180/2014 niet meer van toepassing is op en in het Verenigd Koninkrijk.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 14 februari 2019.
Voor de Commissie
De voorzitter
Jean-Claude JUNCKER
(1) PB L 78 van 20.3.2013, blz. 23.
(2) Uitvoeringsverordening (EU) nr. 180/2014 van de Commissie van 20 februari 2014 tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen voor Verordening (EU) nr. 228/2013 van het Europees Parlement en de Raad houdende specifieke maatregelen op landbouwgebied ten behoeve van de ultraperifere gebieden van de Unie (PB L 63 van 4.3.2014, blz. 13).
(3) Verordening (EEG, Euratom) nr. 1182/71 van de Raad van 3 juni 1971 houdende vaststelling van de regels die van toepassing zijn op termijnen, data en aanvangs- en vervaltijden (PB L 124 van 8.6.1971, blz. 1).
BIJLAGE
De bijlagen III, IV en VI bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 180/2014 worden als volgt gewijzigd:
|
1) |
In bijlage III wordt de tabel voor Madeira als volgt gewijzigd:
|
|
2) |
In de tabel van bijlage IV wordt de rij met betrekking tot onderverdeling 1704 90 vervangen door:
|
|
3) |
In bijlage VI wordt de tekst betreffende de Azoren en Madeira vervangen door: „ Derde landen waarnaar verwerkte producten uit de Azoren en Madeira worden uitgevoerd in het kader van de regionale handel Angola, Canada, Guinee-Bissau, Kaapverdië, Marokko, Mozambique, Venezuela, Verenigde Staten van Amerika, Verenigd Koninkrijk en Zuid-Afrika”. |