|
12.10.2018 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 256/33 |
VERORDENING (EU) 2018/1515 VAN DE COMMISSIE
van 10 oktober 2018
tot wijziging van de bijlagen III en V bij Verordening (EG) nr. 396/2005 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de maximumgehalten aan residuen van difenylamine en oxadixyl in of op bepaalde producten
(Voor de EER relevante tekst)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EG) nr. 396/2005 van het Europees Parlement en de Raad van 23 februari 2005 tot vaststelling van maximumgehalten aan bestrijdingsmiddelenresiduen in of op levensmiddelen en diervoeders van plantaardige en dierlijke oorsprong en houdende wijziging van Richtlijn 91/414/EEG van de Raad (1), en met name artikel 14, lid 1, onder a), artikel 18, lid 1, onder b), en artikel 49, lid 2,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Voor difenylamine en oxadixyl zijn maximumresidugehalten (MRL's) vastgesteld in deel A van bijlage III bij Verordening (EG) nr. 396/2005. |
|
(2) |
De werkzame stof difenylamine is niet goedgekeurd bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 578/2012 van de Commissie (2). De werkzame stof oxadixyl is niet opgenomen in bijlage I bij Richtlijn 91/414/EEG bij Verordening (EG) nr. 2076/2002 van de Commissie (3). Alle bestaande toelatingen voor gewasbeschermingsmiddelen die deze werkzame stoffen bevatten, zijn ingetrokken. Het is derhalve passend om de in bijlage III voor deze stof vastgestelde bestaande MRL's voor deze stoffen te schrappen overeenkomstig artikel 17 juncto artikel 14, lid 1, onder a), van Verordening (EG) nr. 396/2005. |
|
(3) |
Voor difenylamine zijn in Verordening (EU) nr. 772/2013 (4) tot en met 2 september 2015 tijdelijke MRL's vastgesteld voor appelen en peren, teneinde een onvermijdelijke kruisbesmetting aan te pakken waardoor onbehandelde appelen en peren werden getroffen als gevolg van de aanwezigheid van residuen van difenylamine in opslaginstallaties. Bij Verordening (EU) 2016/67 van de Commissie (5) is de geldigheidsduur van deze MRL's verlengd tot en met 22 januari 2018 om exploitanten de nodige tijd te geven om de residuen van difenylamine uit de opslaginstallaties te verwijderen. De Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) en de exploitanten van levensmiddelenbedrijven hebben recente monitoringgegevens ingediend waaruit blijkt dat residuen van difenylamine niet meer voorkomen boven de desbetreffende bepaalbaarheidsgrens (LOD). |
|
(4) |
Voor oxadixyl zijn in Verordening (EU) nr. 592/2012 (6) tot en met 31 december 2014 tijdelijke MRL's vastgesteld voor peterselie, bleekselderij en slasoorten, teneinde een onvermijdelijke kruisbesmetting aan te pakken waardoor onbehandelde gewassen werden getroffen als gevolg van de aanwezigheid van residuen van oxadixyl in de bodem. Bij Verordening (EU) 2016/46 van de Commissie (7) is de geldigheidsduur van deze MRL's verlengd tot en met 19 januari 2018 in het licht van de persistentie van die werkzame stof in de bodem. De EFSA en de exploitanten van levensmiddelenbedrijven hebben recente monitoringgegevens ingediend waaruit blijkt dat residuen van oxadixyl niet meer voorkomen boven de desbetreffende LOD. |
|
(5) |
Gezien de niet-goedkeuring van de werkzame stof difenylamine en de niet-opneming van de werkzame stof oxadixyl in bijlage I bij Richtlijn 91/414/EEG moeten de MRL's voor deze stoffen overeenkomstig artikel 18 van Verordening (EG) nr. 396/2005 worden vastgesteld op de LOD. Voor de werkzame stoffen waarvoor alle MRL's tot de desbetreffende bepaalbaarheidsgrens moeten worden verlaagd, moeten overeenkomstig artikel 18, lid 1, onder b), van Verordening (EG) nr. 396/2005 in de lijst van bijlage V standaardwaarden worden opgenomen. |
|
(6) |
De handelspartners van de Unie zijn via de Wereldhandelsorganisatie over de nieuwe MRL's geraadpleegd en er is rekening gehouden met hun opmerkingen. |
|
(7) |
Verordening (EG) nr. 396/2005 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd. |
|
(8) |
Deze verordening moet voorzien in een overgangsregeling voor producten die vóór de wijziging van de MRL's rechtmatig werden vervaardigd en waarvoor uit de informatie is gebleken dat een hoog niveau van consumentenbescherming wordt gehandhaafd, zodat deze op een normale wijze in de handel gebracht, verwerkt en geconsumeerd kunnen worden. |
|
(9) |
Er moet worden voorzien in een redelijke termijn voordat de gewijzigde MRL's van toepassing worden, zodat de lidstaten, derde landen en de exploitanten van levensmiddelenbedrijven zich kunnen voorbereiden op de nieuwe eisen die uit de wijziging van de MRL's zullen voortvloeien. |
|
(10) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
De bijlagen III en V bij Verordening (EG) nr. 396/2005 worden gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij deze verordening.
Artikel 2
Verordening (EG) nr. 396/2005 blijft in de versie die vóór de wijziging uit hoofde van deze verordening van kracht was, van toepassing op producten die vóór 1 mei 2019 in de Unie zijn geproduceerd of ingevoerd.
Artikel 3
Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Zij is van toepassing met ingang van 1 mei 2019.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 10 oktober 2018.
Voor de Commissie
De voorzitter
Jean-Claude JUNCKER
(1) PB L 70 van 16.3.2005, blz. 1.
(2) Uitvoeringsverordening (EU) nr. 578/2012 van de Commissie van 29 juni 2012 tot niet-goedkeuring van de werkzame stof difenylamine overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen (PB L 171 van 30.6.2012, blz. 2).
(3) Verordening (EG) nr. 2076/2002 van de Commissie van 20 november 2002 houdende verlenging van de in artikel 8, lid 2, van Richtlijn 91/414/EEG van de Raad bedoelde termijn en betreffende de niet-opneming van bepaalde werkzame stoffen in bijlage I bij die richtlijn en de intrekking van toelatingen voor gewasbeschermingsmiddelen die deze stoffen bevatten (PB L 319 van 23.11.2002, blz. 3).
(4) Verordening (EU) nr. 772/2013 van de Commissie van 8 augustus 2013 tot wijziging van de bijlagen II, III en V bij Verordening (EG) nr. 396/2005 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de maximumgehalten aan residuen van difenylamine in of op bepaalde producten (PB L 217 van 13.8.2013, blz. 1).
(5) Verordening (EU) 2016/67 van de Commissie van 19 januari 2016 tot wijziging van de bijlagen II, III en V bij Verordening (EG) nr. 396/2005 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de maximumresidugehalten voor ametoctradin, chloorthalonil, difenylamine, flonicamide, fluazinam, fluoxastrobin, halauxifen-methyl, propamocarb, prothioconazool, thiacloprid en trifloxystrobin in of op bepaalde producten (PB L 15 van 22.1.2016, blz. 2).
(6) Verordening (EU) nr. 592/2012 van de Commissie van 4 juli 2012 tot wijziging van de bijlagen II en III bij Verordening (EG) nr. 396/2005 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de maximumresidugehalten voor bifenazaat, captan, cyprodinil, fluopicolide, hexythiazox, isoprothiolane, metaldehyde, oxadixyl en fosmet in of op bepaalde producten (PB L 176 van 6.7.2012, blz. 1).
(7) Verordening (EU) 2016/46 van de Commissie van 18 januari 2016 tot wijziging van bijlage III bij Verordening (EG) nr. 396/2005 van het Europees Parlement en de Raad wat de maximumgehalten aan residuen van oxadixyl en spinetoram in of op bepaalde producten betreft (PB L 12 van 19.1.2016, blz. 28).
BIJLAGE
De bijlagen III en V bij Verordening (EG) nr. 396/2005 worden als volgt gewijzigd:
|
1) |
In deel A van bijlage III worden de kolommen voor difenylamine en oxadixyl geschrapt. |
|
2) |
In bijlage V worden de volgende kolommen voor difenylamine en oxadixyl toegevoegd: „Bestrijdingsmiddelenresiduen en maximumresidugehalten (mg/kg)
|
(*1) Bepaalbaarheidsgrens
(1) Voor de volledige lijst van producten van plantaardige en dierlijke oorsprong waarvoor de MRL's gelden, zie bijlage I.”