|
14.8.2018 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 206/1 |
GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) 2018/1127 VAN DE COMMISSIE
van 28 mei 2018
tot wijziging van Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2195 tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 1304/2013 van het Europees Parlement en de Raad betreffende het Europees Sociaal Fonds, wat betreft de definitie van de standaardschalen van eenheidskosten en vaste bedragen voor de terugbetaling van uitgaven door de Commissie aan lidstaten
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) nr. 1304/2013 van het Europees Parlement en van de Raad betreffende het Europees Sociaal Fonds en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1081/2006 van de Raad (1), en met name artikel 14, lid 1,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Om het gebruik van het Europees Sociaal Fonds (ESF) te vereenvoudigen en de administratieve lasten voor de begunstigden te verminderen, is het raadzaam het toepassingsgebied van de standaardschalen van eenheidskosten en vaste bedragen voor de terugbetaling aan lidstaten uit te breiden. De standaardschalen van eenheidskosten en vaste bedragen voor de terugbetaling aan lidstaten moeten worden vastgesteld op basis van door de lidstaten ingediende of door Eurostat gepubliceerde gegevens en van gemeenschappelijk overeengekomen methoden, met inbegrip van de in artikel 67, lid 5, van Verordening (EU) nr. 1303/2013 van het Europees Parlement en de Raad (2) en artikel 14, leden 2 en 3, van Verordening (EU) nr. 1304/2013 vastgestelde methoden. |
|
(2) |
Aangezien de kosten voor bepaalde soorten concrete acties aanzienlijk van lidstaat tot lidstaat kunnen verschillen, kunnen de definitie en de bedragen van de standaardschalen van eenheidskosten en vaste bedragen verschillen afhankelijk van het soort concrete actie en de betrokken lidstaat om recht te doen aan hun specifieke karakter. |
|
(3) |
Kroatië, Ierland, Spanje en het Verenigd Koninkrijk hebben methoden voorgelegd om standaardschalen van eenheidskosten voor de terugbetaling van uitgaven door de Commissie vast te stellen. |
|
(4) |
Frankrijk, Tsjechië, Malta, Slowakije en Cyprus hebben methoden voorgelegd om hetzij bestaande standaardschalen van eenheidskosten te wijzigen, hetzij extra standaardschalen van eenheidskosten voor de terugbetaling van uitgaven door de Commissie vast te stellen voor soorten concrete acties die nog niet onder Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2195 van de Commissie (3) vallen. |
|
(5) |
Wat betreft de standaardschalen van eenheidskosten die betrekking hebben op concrete acties ter ondersteuning van onderwijs en die gelden voor alle lidstaten, met uitzondering van Griekenland en Denemarken, moeten de door de standaardschalen van eenheidskosten bestreken kostencategorieën en de in het geval van een opleiding die geen volledig academisch jaar duurt of in het geval van deeltijdse deelname te betalen bedragen worden verduidelijkt. |
|
(6) |
Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2195 moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2195 wordt als volgt gewijzigd:
|
1) |
Bijlage II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2195 wordt vervangen door de tekst die is opgenomen in bijlage I bij deze verordening. |
|
2) |
Bijlage III bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2195 wordt vervangen door de tekst die is opgenomen in bijlage II bij deze verordening. |
|
3) |
Bijlage V bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2195 wordt vervangen door de tekst die is opgenomen in bijlage III bij deze verordening. |
|
4) |
Bijlage VII bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2195 wordt vervangen door de tekst die is opgenomen in bijlage IV bij deze verordening. |
|
5) |
Bijlage XIV bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2195 wordt vervangen door de tekst die is opgenomen in bijlage V bij deze verordening. |
|
6) |
Bijlage XV bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2195 wordt vervangen door de tekst die is opgenomen in bijlage VI bij deze verordening. |
|
7) |
De tekst die is opgenomen in bijlage VII bij deze verordening wordt toegevoegd als bijlage XVI bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2195. |
|
8) |
De tekst die is opgenomen in bijlage VIII bij deze verordening wordt toegevoegd als bijlage XVII bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2195. |
|
9) |
De tekst die is opgenomen in bijlage IX bij deze verordening wordt toegevoegd als bijlage XVIII bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2195. |
|
10) |
De tekst die is opgenomen in bijlage X bij deze verordening wordt toegevoegd als bijlage XIX bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2195. |
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 28 mei 2018.
Voor de Commissie
De voorzitter
Jean-Claude JUNCKER
(1) PB L 347 van 20.12.2013, blz. 470.
(2) Verordening (EU) nr. 1303/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 houdende gemeenschappelijke bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Cohesiefonds, het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling en het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij en algemene bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Cohesiefonds en het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1083/2006 van de Raad (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 320).
(3) Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2195 van de Commissie van 9 juli 2015 tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 1304/2013 van het Europees Parlement en de Raad betreffende het Europees Sociaal Fonds, wat betreft de definitie van de standaardschalen van eenheidskosten en vaste bedragen voor de terugbetaling van uitgaven door de Commissie aan lidstaten (PB L 313 van 28.11.2015, blz. 22).
BIJLAGE I
„BIJLAGE II
Voorwaarden voor de terugbetaling van uitgaven aan Frankrijk op basis van standaardschalen van eenheidskosten
1. Definitie van de standaardschalen van eenheidskosten
|
Soorten concrete acties |
Naam van de indicator |
Categorie kosten |
Meeteenheid voor de indicator |
Bedragen (in EUR) |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
NEET-jongeren (1) die dankzij „Garantie Jeunes” uiterlijk twaalf maanden na het begin van de coaching een positief resultaat kunnen voorleggen |
|
Het aantal NEET-jongeren die uiterlijk twaalf maanden na het begin van de coaching een van de volgende resultaten kunnen voorleggen:
|
6 400 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Deelnemers die na het volgen van een opleiding een succesvol resultaat kunnen voorleggen |
Alle subsidiabele kosten van de concrete actie |
Aantal deelnemers die na het volgen van een opleiding een van de volgende resultaten kunnen voorleggen:
Wanneer een deelnemer na het volgen van een opleiding meer dan één succesvol resultaat bereikt, wordt voor deze opleiding slechts één bedrag terugbetaald. |
Categorie Sector Bedrag 1 Gezondheidszorg 3 931 Veiligheid van goederen en personen 2 Culturele, sportieve en recreatieve activiteiten 4 556 Dienstverlening aan personen Hantering van zachte materialen Agrovoeding, koken Handel en verkoop Verschaffing van accommodatie, hotelwezen, catering Gezondheid en veiligheid op het werk 3 Secretariaats- en kantoorautomatiseringsopleiding 5 695 Maatschappelijk werk Elektronica Haarverzorging, schoonheid en wellness Onderhoud van voertuigen en apparatuur Vervoer, laden en lossen, opslag 4 Landbouw 7 054 Milieu Bouw en openbare werken Druk- en publicatietechnieken |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Deelnemers die na het volgen van een opleiding een succesvol resultaat kunnen voorleggen |
Alle subsidiabele kosten van de concrete actie |
Aantal deelnemers die na het volgen van een opleiding een van de volgende resultaten kunnen voorleggen:
In het geval van categorie 5 tevens het aantal deelnemers met een succesvol resultaat, zoals hierboven beschreven, die recht hebben op een vergoeding van de regio Auvergne-Rhône-Alpes (2). Wanneer een deelnemer na het volgen van een opleiding meer dan één succesvol resultaat bereikt, wordt voor deze opleiding slechts één bedrag terugbetaald. |
Categorie Sector Bedrag 1 Vervoer, logistiek en toerisme 4 403 Bankwezen, verzekeringen Management, bedrijfskunde, oprichting van ondernemingen Diensten voor personen en gemeenschappen 2 Gezondheid en maatschappelijk werk, recreatieve, culturele en sportieve activiteiten 5 214 Restaurant-, hotel- en voedingssector Handel Hantering van zachte materialen en hout; grafische sectoren 3 Bouw en openbare werken 7 853 Verwerkende sectoren Mechanica, metaalbewerking Landbouw, visserij Communicatie, informatie, kunst en amusement 4 Onderhoud 9 605 Elektriciteit, elektronica IT en telecommunicatie 5 Vergoedingen 1 901 |
2. Aanpassing van de bedragen
Het bedrag van eenheidskostprijs 1 is deels gebaseerd op een volledig door Frankrijk gefinancierde standaardschaal van eenheidskosten. Van het bedrag van 6 400 EUR komt 1 600 EUR overeen met de door de „instruction ministérielle du 11 octobre 2013 relative à l’expérimentation Garantie Jeunes prise pour l’application du décret 2013-80 du 1er octobre 2013 ainsi que par l’instruction ministérielle du 20 mars 2014 ” vastgestelde standaardschaal van eenheidskosten om de uitgaven van de „Missions Locales” van de openbare diensten voor arbeidsvoorziening voor jongeren te dekken voor de coaching van elke NEET-jongere die aan het programma „Garantie Jeunes” deelneemt.
De lidstaat werkt eenheidskostprijs 1 bij overeenkomstig de aanpassingen die volgens de nationale regels worden toegepast op de in de alinea hierboven vermelde standaardschaal van eenheidskosten van 1 600 EUR die de uitgaven van de openbare diensten voor arbeidsvoorziening voor jongeren dekt.
Het bedrag van de eenheidskosten 2 en 3 is gebaseerd op openbaar aanbestede prijzen voor opleidingsuren op het respectievelijke gebieden en in de respectievelijke regio’s. Wanneer het aanbestedingsproces voor de onderliggende opleidingen wordt herhaald, worden deze bedragen aangepast volgens de volgende formule:
nieuwe prijs (excl. btw) = oude prijs (excl. btw) × (0,5 + 05 × Sr/So)
„Sr” is de INSEE-index van werkenden (identificatienr. 1 567 446) overeenkomstig de laatste maandelijkse publicatie op de datum van de bekendmaking
„So” is de INSEE-index van werkenden (identificatienr. 1 567 446) overeenkomstig de maandelijkse publicatie op de datum van de indiening van de inschrijving (voor de eerste aanpassing) en vervolgens op de datum van de maandelijkse publicatie van de verjaardag van de indiening van de inschrijving (voor de volgende aanpassingen)”
(1) Jongeren die geen baan hebben, geen onderwijs of opleiding volgen, en deelnemen aan een concrete actie die wordt ondersteund door het „Programme opérationnel national pour la mise en œuvre de l’Initiative pour l’emploi des jeunes en métropole et outre-mer”.
(2) Het recht om een vergoeding te ontvangen is geregeld bij besluit nr. 88-368 van 15 april 1988, zoals gewijzigd bij besluit nr. 2002-1551 van 23 december 2002.
BIJLAGE II
„BIJLAGE III
Voorwaarden voor de terugbetaling van uitgaven aan Tsjechië op basis van standaardschalen van eenheidskosten
1. Definitie van de standaardschalen van eenheidskosten
|
Soorten concrete acties |
Naam van de indicator |
Categorie kosten (1) |
Meeteenheid voor de indicator |
Bedragen (in nationale valuta CZK tenzij anders vermeld) |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Nieuw gecreëerde plaats in een nieuwe kinderopvang |
|
Aantal nieuw gecreëerde plaatsen in een nieuwe kinderopvang (2) |
20 053 incl. btw of 16 992 excl. btw |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Verbouwde plaats in groepsopvang voor kinderen (3) |
|
Aantal verbouwde plaatsen in groepsopvang voor kinderen (4) |
9 518 incl. btw of 8 279 excl. btw |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Bezettingsgraad per plaats in een kinderopvang |
|
Bezettingsgraad (5) |
628 (6) |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Verwerving van een kwalificatie van zorgverlener in de kinderopvang |
|
Aantal personen die een certificaat van beroepskwalificatie van zorgverlener in de kinderopvang behalen |
14 178 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Bezettingsgraad per plaats in een kinderopvang |
|
Bezettingsgraad (7) |
56 (8) |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Eén uur (60 minuten) deelname van een werknemer aan een externe opleiding over algemene informatietechnologie (IT) |
Alle subsidiabele kosten, met inbegrip van:
|
Aantal gevolgde uren per werknemer |
324 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Eén uur (60 minuten) deelname van een werknemer aan een externe opleiding over „zachte” en leidinggevende vaardigheden |
Alle subsidiabele kosten, met inbegrip van:
|
Aantal gevolgde uren per werknemer |
593 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Een periode (45 minuten) deelname van een werknemer aan een externe talencursus |
Alle subsidiabele kosten, met inbegrip van:
|
Aantal gevolgde perioden per werknemer |
173 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Eén uur (60 minuten) deelname van een werknemer aan een opleiding inzake gespecialiseerde IT |
Alle subsidiabele kosten, met inbegrip van:
|
Aantal gevolgde uren per werknemer |
609 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Eén uur (60 minuten) deelname van een werknemer aan een externe opleiding over boekhouding, economie en recht |
Alle subsidiabele kosten, met inbegrip van:
|
Aantal gevolgde uren per werknemer |
436 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Eén uur (60 minuten) deelname van een werknemer aan externe technische of andere bijscholing |
Alle subsidiabele kosten, met inbegrip van:
|
Aantal gevolgde uren per werknemer |
252 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Eén uur (60 minuten) deelname van een werknemer aan bijscholing door een interne opleider op een van de volgende gebieden:
|
Alle subsidiabele kosten, met inbegrip van:
|
Aantal gevolgde uren per werknemer |
144 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
0,1 voltijdequivalent (VTE) schoolpsycholoog en/of gespecialiseerd schoolpedagoog per maand |
Alle subsidiabele kosten, met inbegrip van directe personeelskosten |
Aantal 0,1 VTE’s per maand |
5 607 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
0,1 VTE schoolassistent en/of sociaal pedagoog per maand |
Alle subsidiabele kosten, met inbegrip van directe personeelskosten |
Aantal 0,1 VTE’s per maand |
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
0,1 VTE kinderverzorgster per maand |
Alle subsidiabele kosten, met inbegrip van directe personeelskosten |
Aantal 0,1 VTE’s per maand |
3 227 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Organisatie van een reeks van 16 lessen van 90 minuten per les voor een groep van ten minste 6 kinderen/leerlingen waarvan er minstens 2 risico lopen slechte schoolresultaten te behalen |
Alle subsidiabele kosten, met inbegrip van directe personeelskosten |
Aantal voltooide reeksen van 16 lessen van 90 minuten per les voor een groep van ten minste 6 kinderen/leerlingen waarvan er minstens 2 risico lopen slechte schoolresultaten te behalen |
17 277 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Organisatie van een reeks van 16 uur tutoring voor een groep van ten minste 3 leerlingen die risico lopen slechte schoolresultaten te behalen |
Alle subsidiabele kosten, met inbegrip van directe personeelskosten |
Aantal voltooide reeksen van 16 uur voor een groep van ten minste 3 leerlingen die risico lopen slechte schoolresultaten te behalen |
8 523 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Uren bijscholing voor pedagogen |
Alle subsidiabele kosten, met inbegrip van directe opleidingskosten |
Aantal gevolgde uren per pedagoog |
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Thematische bijeenkomst van minimaal 2 uur (120 minuten) met minimaal 8 ouders |
Alle subsidiabele kosten, met inbegrip van directe personeelskosten |
Aantal thematische bijeenkomsten van minimaal 2 uur (120 minuten) met minimaal 8 ouders |
3 676 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Reeks van 30 uur externe mentoring/coaching voor een groep van 3 tot 8 pedagogen |
Alle subsidiabele kosten, met inbegrip van directe personeelskosten |
Aantal voltooide reeksen van 30 uur mentoring/coaching voor een groep van 3 tot 8 pedagogen |
29 698 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Opleidingscyclus van 15 uur gestructureerde meeloopstage door een pedagoog |
Alle subsidiabele kosten, met inbegrip van directe personeelskosten |
Aantal voltooide opleidingscycli van 15 uur per pedagoog die een andere pedagoog in een andere school volgt |
4 246 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Cyclus van 10 uur opleiding via wederzijdse samenwerking van een groep van ten minste 3 pedagogen |
Alle subsidiabele kosten, met inbegrip van directe personeelskosten |
Aantal voltooide opleidingscycli van 10 uur van een groep van ten minste 3 pedagogen |
8 068 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Tandemles (10) van 2,75 uur |
Alle subsidiabele kosten, met inbegrip van directe personeelskosten |
Aantal voltooide tandemlessen |
778 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Cyclus van 19 uur wederzijdse samenwerking en leren met een deskundige en 2 pedagogen |
Alle subsidiabele kosten, met inbegrip van directe personeelskosten |
Aantal voltooide cycli van 19 uur met een deskundige en 2 andere pedagogen |
5 377 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
0,1 VTE loopbaanadviseur en/of coördinator samenwerking tussen scholen en werkgevers per maand |
Alle subsidiabele kosten, met inbegrip van directe personeelskosten |
Aantal 0,1 VTE’s per maand |
4 942 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Opleidingscyclus van 8,5 uur met gestructureerde meeloopstage door een pedagoog en een mentor |
Alle subsidiabele kosten, met inbegrip van directe personeelskosten |
Aantal voltooide opleidingscycli van 8,5 uur per gestructureerde meeloopstage in een instelling of bedrijf |
2 395 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Cyclus van 3,75 uur of 4 cycli van 3,75 uur opleiding met een pedagoog en deskundige/ICT-technicus |
Alle subsidiabele kosten, met inbegrip van directe personeelskosten |
Aantal voltooide opleidingscycli van 3,75 uur met een pedagoog en deskundige/ICT-technicus |
Eén cyclus: 1 050 Vier cycli: 4 200 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Maanden mobiliteit per onderzoeker |
Alle subsidiabele kosten van de concrete actie |
Aantal maanden mobiliteit per onderzoeker |
Componenten Bedrag (11) (in EUR)
Vergoeding voor de kosten van levensonderhoud (voor inkomende mobiliteit naar Tsjechië)
Junior
2 674
Senior
3 990 De bedragen van de vergoeding voor de kosten van levensonderhoud voor uitgaande mobiliteit uit Tsjechië worden berekend door de bedragen voor inkomende mobiliteit te vermenigvuldigen met de relevante correctiecoëfficiënt zoals vermeld in punt 3, afhankelijk van het land van bestemming.
Mobiliteitstoelage
600
Gezinstoelage
500
Onderzoeks-, opleidings- en netwerkkosten
800
Beheers- en indirecte kosten
650 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Alle subsidiabele kosten van de concrete actie |
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Een vierdaagse stage voor onderwijzend personeel in een school in een andere Europese staat bestaande uit ten minste 24 uur educatieve activiteiten |
Alle subsidiabele kosten van de concrete actie, namelijk:
|
Aantal vierdaagse stages in een school in een andere Europese staat waaraan onderwijzend personeel heeft deelgenomen |
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
2. Aanpassing van de bedragen
Het tarief voor de eenheidskosten 6 tot en met 11 kan worden aangepast door het initiële bedrag van het minimumloon te vervangen in de berekening die bestaat uit het minimumloon, de opleidingskosten en de indirecte kosten.
Het tarief voor eenheidskostprijs 12 kan worden aangepast door de initiële directe personeelskosten, met inbegrip van socialezekerheids- en gezondheidszorgbijdragen, en/of de salarissen van de deelnemers, met inbegrip van socialezekerheids- en gezondheidszorgbijdragen, te vervangen in de berekening die bestaat uit directe personeelskosten, met inbegrip van socialezekerheids- en gezondheidszorgbijdragen, en/of de salarissen van de deelnemers, met inbegrip van socialezekerheids- en gezondheidszorgbijdragen.
Het tarief voor de eenheidskosten 13 tot en met 17, 19 tot en met 27 en 29 kan worden aangepast door de initiële directe personeelskosten, met inbegrip van socialezekerheids- en gezondheidszorgbijdragen, te vervangen in de berekening die bestaat uit de directe personeelskosten, met inbegrip van socialezekerheids- en gezondheidszorgbijdragen, plus indirecte kosten.
Het tarief voor eenheidskostprijs 18 kan worden aangepast door de salarissen van de deelnemers, met inbegrip van socialezekerheids- en gezondheidszorgbijdragen, te vervangen in de berekening die bestaat uit de opleidingskosten plus de salarissen van de deelnemers, met inbegrip van socialezekerheids- en gezondheidszorgbijdragen, plus indirecte kosten.
Het tarief voor eenheidskostprijs 28 kan worden aangepast door de bedragen voor de vergoeding voor de kosten van levensonderhoud, de mobiliteitstoelage, de gezinstoelage, de onderzoeks-, opleidings- en netwerkkosten, de beheerskosten en de indirecte kosten te vervangen.
Het tarief voor eenheidskostprijs 30 kan worden aangepast door de initiële directe personeelskosten, met inbegrip van socialezekerheids- en gezondheidszorgbijdragen, de kosten in verband met de organisatie van de stage in de gastschool en de uitzendende school en de reis- en verblijfkosten te vervangen in de berekening die bestaat uit directe personeelskosten, met inbegrip van socialezekerheids- en gezondheidszorgbijdragen, de kosten in verband met de organisatie van de stage in de gastschool en de uitzendende school en de reis- en verblijfkosten.
De aanpassingen zijn als volgt op de bijgewerkte gegevens gebaseerd:
|
— |
voor het minimumloon, wijzigingen van het minimumloon zoals vastgesteld bij regeringsbesluit nr. 567/2006 Coll; |
|
— |
voor de socialezekerheidsbijdragen, wijzigingen van de werkgeversbijdragen aan de sociale zekerheid zoals gedefinieerd in wet nr. 589/1992 Coll. inzake de sociale zekerheid; |
|
— |
voor de gezondheidszorgbijdragen, wijzigingen van de werkgeversbijdragen aan de ziekteverzekering zoals gedefinieerd in wet nr. 592/1992 Coll. inzake de ziekteverzekeringspremies; |
|
— |
voor de gemiddelde salarissen om salarissen/personeelskosten te bepalen, wijzigingen van de laatste jaarlijks gepubliceerde gegevens voor de betrokken categorieën van het informatiesysteem van gemiddelde verdiensten (www.ispv.cz); |
|
— |
voor de vergoeding voor de kosten van levensonderhoud, de mobiliteitstoelage, de gezinstoelage, de onderzoeks-, opleidings- en netwerkkosten, de beheerskosten en de indirecte kosten, wijzigingen van de tarieven voor de Marie Skłodowska-Curieacties in het kader van Horizon 2020 (zoals gepubliceerd op https://ec.europa.eu/research/mariecurieactions/); |
|
— |
voor reis-, verblijf- en organisatiekosten onder eenheidskostprijs 30, wijzigingen van de bedragen voor reis- en organisatiekosten alsmede voor individuele steun zoals vastgesteld door de Europese Commissie voor kernactie 1 (mobiliteitsprojecten) in het kader van het Erasmus+-programma (http://ec.europa.eu/programmes/erasmus-plus/). |
3. Tabel van coëfficiënten met betrekking tot uitgaande mobiliteit van onderzoekers
|
Land |
Correctiecoëfficiënt |
|
Albanië |
0,908 |
|
Argentinië |
0,698 |
|
Australië |
1,253 |
|
België |
1,193 |
|
Bosnië en Herzegovina |
0,878 |
|
Brazilië |
1,098 |
|
Bulgarije |
0,853 |
|
Montenegro |
0,798 |
|
Tsjechië |
1,000 |
|
China |
1,014 |
|
Denemarken |
1,615 |
|
Estland |
0,934 |
|
Faeröer |
1,600 |
|
Finland |
1,391 |
|
Frankrijk |
1,325 |
|
Kroatië |
1,163 |
|
India |
0,630 |
|
Indonesië |
0,899 |
|
Ierland |
1,354 |
|
Italië |
1,273 |
|
Israël |
1,297 |
|
Zweden |
1,333 |
|
Japan |
1,383 |
|
Zuid-Afrika |
0,666 |
|
Zuid-Korea |
1,255 |
|
Oekraïne |
1,101 |
|
Canada |
1,031 |
|
Verenigde Staten van Amerika |
1,186 |
|
Cyprus |
1,095 |
|
Verenigd Koninkrijk |
1,436 |
|
Litouwen |
0,872 |
|
Letland |
0,906 |
|
Luxemburg |
1,193 |
|
Hongarije |
0,909 |
|
Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië |
0,816 |
|
Malta |
1,069 |
|
Mexico |
0,840 |
|
Moldavië |
0,729 |
|
Duitsland |
1,179 |
|
Nederland |
1,245 |
|
Noorwegen |
1,574 |
|
Polen |
0,912 |
|
Portugal |
1,063 |
|
Oostenrijk |
1,251 |
|
Servië |
0,801 |
|
Roemenië |
0,815 |
|
Rusland |
1,378 |
|
Griekenland |
1,106 |
|
Slowakije |
0,986 |
|
Slovenië |
1,027 |
|
Spanje |
1,165 |
|
Zweden |
1,333 |
|
Zwitserland |
1,350 |
|
Turkije |
1,033 |
|
Oekraïne |
1,101 |
|
Verenigde Staten van Amerika |
1,186 |
|
Verenigd Koninkrijk |
1,436 |
|
Vietnam |
0,610 ” |
(1) In het geval van de eenheidskosten 1 tot en met 5 dekken de genoemde kostencategorieën alle kosten in verband met die concrete actie, behalve de concrete acties van de soorten 1 en 2, die ook andere kostencategorieën kunnen omvatten.
(2) Dit betekent een nieuwe plaats die deel uitmaakt van de capaciteit van de nieuwe kinderopvang zoals geregistreerd door nationale regelgeving en die bewijs heeft van uitrusting voor elke nieuw gecreëerde plaats.
(3) Groepsopvang voor kinderen betekent als groepsopvang geregistreerd overeenkomstig de nationale wetgeving betreffende kinderopvang in groep.
(4) Dit betekent een plaats in een bestaande kinderopvang die nieuw is geregistreerd als groepsopvang voor kinderen overeenkomstig de nationale wetgeving en opgenomen in de officiële capaciteit van die groep en die bewijs heeft van uitrusting voor elke plaats.
(5) De bezettingsgraad is het aantal kinderen dat naar de kinderopvang komt per halve dag gedurende zes maanden, gedeeld door de maximale capaciteit van de opvang per halve dag gedurende zes maanden, vermenigvuldigd met 100.
(6) Dit bedrag wordt betaald voor elk procentpunt per plaats tot een maximum van 75 procentpunten voor een periode van zes maanden. Indien de bezettingsgraad lager is dan 20 % vindt geen terugbetaling plaats.
(7) De bezettingsgraad is het aantal kinderen dat naar de kinderopvang komt per halve dag gedurende zes maanden, gedeeld door de maximale capaciteit van de opvang per halve dag gedurende zes maanden, vermenigvuldigd met 100.
(8) Dit bedrag wordt betaald voor elk procentpunt per plaats tot een maximum van 75 procentpunten voor een periode van zes maanden. Indien de bezettingsgraad lager is dan 20 % vindt geen terugbetaling plaats.
(9) Interne opleiding is opleiding door een interne opleider.
(10) Onder tandemles wordt verstaan dat twee pedagogen samenwerken om hun professionele ontwikkeling wederzijds te versterken door samen na te denken over lesmethoden, deze te plannen en toe te passen in een klas.
(11) Het totale bedrag per deelnemer hangt af van de kenmerken van elk geval van mobiliteit en van de toepasselijkheid van elk van de genoemde componenten.
(12) Deze indicator wordt gebruikt voor interculturele medewerkers of tweetalige assistenten die rechtstreeks voltijds of deeltijds in dienst zijn bij de school.
(13) Deze indicator wordt gebruikt voor externe interculturele medewerkers die door de school op uurbasis in dienst worden genomen.
(14) Op basis van de reisafstand per deelnemer. De reisafstand wordt berekend met behulp van het door de Europese Commissie ondersteunde instrument voor afstandsberekening (http://ec.europa.eu/programmes/erasmus-plus/resources/distance-calculator_nl).
BIJLAGE III
„BIJLAGE V
Voorwaarden voor de terugbetaling van uitgaven aan Malta op basis van standaardschalen van eenheidskosten
1. Definitie van de standaardschalen van eenheidskosten
|
Soorten concrete acties |
Naam van de indicator |
Categorie kosten |
Meeteenheid voor de indicator |
Bedragen (in EUR) |
||||||||||||||||||||
|
Per week betaalde werkgelegenheidssteun aan kwetsbare en uiterst kwetsbare werknemers of werknemers met een handicap (1) |
Alle kosten die aan de werkgelegenheidssubsidie verbonden zijn |
Aantal gewerkte weken per werknemer |
|
||||||||||||||||||||
|
Eén uur deelname aan een erkende of niet-erkende externe opleiding |
Directe kosten van het verstrekken van een externe opleiding |
Aantal gevolgde uren per deelnemer |
25 |
||||||||||||||||||||
|
Verstrekking van één uur erkende of niet-erkende interne opleiding |
Loonkosten voor interne opleider |
Aantal verstrekte opleidingsuren per opleider |
4,90 |
||||||||||||||||||||
|
Eén uur deelname aan een erkende of niet-erkende interne of externe opleiding |
Loonkosten van de deelnemer |
Aantal gevolgde uren per deelnemer |
4,90 |
||||||||||||||||||||
|
|
Alle subsidiabele kosten van de concrete actie |
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
Alle subsidiabele kosten van de concrete actie |
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
Alle subsidiabele kosten van de concrete actie |
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
Alle subsidiabele kosten van de concrete actie |
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
Alle subsidiabele kosten van de concrete actie |
|
|
2. Aanpassing van de bedragen
Eenheidskostprijs 1 kan worden aangepast door het initiële minimumloon en/of de wettelijke bonus en/of wekelijkse toelagen en/of de socialezekerheidsbijdragen te vervangen in de berekening die bestaat uit het laagste weekbedrag van het nationale minimumweekloon in een bepaald jaar, de wettelijke bonus, de wekelijkse toelagen en de socialezekerheidsbijdragen, en dat resultaat te delen door 2.
Eenheidskostprijs 2 kan worden aangepast door toepassing van het jaarlijkse inflatiepercentage op de respectieve tarieven. Met ingang van 2017 kan voor een bepaald jaar N het inflatiepercentage voor het jaar N-1 worden toegepast, uitgaand van de gegevens van het Maltese nationale bureau voor de statistiek (zoals gepubliceerd op https://nso.gov.mt/en/nso/Selected_Indicators/Retail_Price_Index/Pages/Index-of-Inflation.aspx)
De eenheidskosten 3 en 4 kunnen worden aangepast door vervanging van het initiële nationale minimumloon voor personen van 18 jaar of ouder en/of de wettelijke bonussen en/of wekelijkse toelagen en/of de socialezekerheidsbijdragen in de berekeningsmethode die gebaseerd is op het uurloon van het nationale minimumloon voor personen van 18 jaar en ouder voor een bepaald jaar, de wettelijke bonussen, de wekelijkse toelagen en de socialezekerheidsbijdragen.
De aanpassingen zijn als volgt op de bijgewerkte gegevens gebaseerd:
|
— |
Het nationale minimumloon is bepaald in de nationale afgeleide wetgeving 452.71 (National Minimum Wage Standing Order). |
|
— |
De wettelijke bonussen, de wekelijkse toelagen en de socialezekerheidsbijdragen vloeien voort uit Hoofdstuk 452 van de Maltese „Employment and Industrial relations Act”. |
De eenheidskosten 5 tot en met 9 kunnen worden aangepast overeenkomstig de inflatie op nationaal niveau voor het jaar waarin de desbetreffende interventie plaatsvindt. De jaarlijkse inflatiepercentages worden gepubliceerd door het nationale bureau voor de statistiek (https://nso.gov.mt/en/nso/Selected_Indicators/Retail_Price_Index/Pages/Index-of-Inflation.aspx)”
(1) Zoals gedefinieerd in Verordening (EU) nr. 651/2014.
(2) https://ncfhe.gov.mt/en/Pages/MQF.aspx
(3) http://ecdl.org
BIJLAGE IV
„BIJLAGE VII
Voorwaarden voor de terugbetaling van uitgaven aan Slowakije op basis van standaardschalen van eenheidskosten
1. Definitie van de standaardschalen van eenheidskosten
|
Soorten concrete acties |
Naam van de indicator |
Categorie kosten |
Meeteenheid voor de indicator |
Bedragen (in EUR) |
||||||||||||||||||||||||||||
|
Perioden van 45 minuten vreemdetalenopleiding per werknemer |
Alle subsidiabele kosten van de concrete actie, met inbegrip van directe opleidingskosten |
Aantal gevolgde perioden van 45 minuten vreemdetalenopleiding per werknemer |
8,53 |
||||||||||||||||||||||||||||
|
ECDL-certificering |
Alle subsidiabele kosten van de concrete actie, met inbegrip van de directe kosten voor het afleggen van het examen en het uitreiken van het certificaat |
Aantal toegekende ECDL-certificaten volgens profiel en module (1) |
Naam certificaat Prijs ECDL-profiel — 1 Basis/Standaard-examen 31,50 ECDL-profiel — 2 Basis/Standaard-examens 59,00 ECDL-profiel — 3 Basis/Standaard-examens 76,50 ECDL-profiel — 4 Basis/Standaard-examens 92,00 ECDL-profiel — 5 Basis/Standaard-examens 111,50 ECDL-profiel — 6 Basis/Standaard-examens 127,00 ECDL-profiel — 7 Basis/Standaard-examens 142,50 ECDL-profiel — 8 Basis/Standaard-examens 163,00 ECDL-profiel — 1 Advanced-examen 39,10 ECDL-profiel — 2 Advanced-examens 74,30 ECDL-profiel — 3 Advanced-examens 99,40 ECDL-profiel — 4 Advanced-examens 122,50 |
||||||||||||||||||||||||||||
|
Bezetting van nieuw gecreëerde posten in inclusieve teams |
Directe loonkosten Indirecte kosten |
Aantal maanden waarin een nieuw gecreëerde post in een inclusief team is bezet |
Schoolpsycholoog — 1 235 per maand Speciale pedagoog/sociale pedagoog — 1 440 per maand |
||||||||||||||||||||||||||||
|
Bezetting van nieuw gecreëerde posten voor pedagogische assistenten |
Directe loonkosten Indirecte kosten |
Aantal maanden waarin een nieuw gecreëerde post voor een pedagogische assistent is bezet |
1 005 per maand |
||||||||||||||||||||||||||||
|
Bezetting van een nieuw gecreëerde post voor onderwijsassistent |
Directe loonkosten Indirecte kosten |
Aantal maanden waarin een nieuw gecreëerde post voor onderwijsassistent is bezet |
966 per maand |
||||||||||||||||||||||||||||
|
Eén uur deelname aan opleiding voor onderwijzend en gespecialiseerd personeel |
Directe loonkosten van de opleider en loon van de deelnemer |
Aantal gevolgde uren per deelnemer aan de opleiding voor onderwijzend en gespecialiseerd personeel |
Groep van 20 deelnemers: 10,10 per gevolgd uur per deelnemer Groep van 12 deelnemers: 10,65 per gevolgd uur per deelnemer |
2. Aanpassing van de bedragen
Niet van toepassing.”
(1) Er zijn twee mogelijke modules: 1) Basis/Standaard, en 2) Advanced.
BIJLAGE V
„BIJLAGE XIV
Voorwaarden voor de terugbetaling van uitgaven aan alle gespecificeerde lidstaten op basis van standaardschalen van eenheidskosten
1. Definitie van de standaardschalen van eenheidskosten
|
Soorten concrete acties (1) |
Naam van de indicator |
Categorie kosten |
Meeteenheid voor de indicator |
Bedragen (in EUR) |
|
Activiteiten op het gebied van formeel onderwijs (van voorschools tot tertiair onderwijs, met inbegrip van formeel beroepsonderwijs) in alle operationele programma’s van het ESF |
Deelnemers aan een academisch jaar van het formele onderwijs |
Alle subsidiabele kosten die rechtstreeks aan het verstrekken van essentiële goederen en diensten op het gebied van onderwijs verbonden zijn (2) |
Aantal deelnemers met een gecontroleerde deelname (3) aan een academisch jaar van het formele onderwijs, zoals gedifferentieerd volgens de ISCED (4) -classificatie |
Zie punt 3 (5) De bedragen gelden voor voltijdse deelname aan een academisch jaar. In het geval van deeltijdse deelname wordt het bedrag naar verhouding vastgesteld op basis van de deelname van de student. Wanneer de cursus minder dan één academisch jaar duurt, wordt het bedrag naar verhouding vastgesteld op basis van de duur van de cursus. Wanneer slechts een deel van de cursus in een instelling voor formeel onderwijs plaatsvindt, wordt het bedrag naar verhouding vastgesteld op basis van de in de instelling voor formeel onderwijs doorgebrachte tijd. |
2. Aanpassing van de bedragen
N.v.t.
3. Bedragen per deelname aan formeel onderwijs (in EUR) (6)
|
Opleidingsniveau |
AT |
BE |
BG |
CY |
CZ |
DE |
EE |
FI |
HU |
IE |
IT |
ES |
HR |
|
Kleuteronderwijs ED0 |
6 252 |
n.v.t. |
1 415 |
2 700 |
2 040 |
6 662 |
2 941 |
9 897 |
2 439 |
n.v.t. |
3 676 |
3 261 |
2 198 |
|
Kinderdagverblijf en educatieve ontwikkeling ED01 |
6 937 |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
9 214 |
n.v.t. |
15 714 |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
3 039 |
n.v.t. |
|
Voorschools onderwijs ED02 |
6 127 |
5 893 |
1 415 |
2 700 |
2 040 |
5 793 |
n.v.t. |
8 493 |
n.v.t. |
4 986 |
3 676 |
3 330 |
2 716 |
|
Basisonderwijs ED1 |
8 113 |
7 744 |
898 |
6 594 |
2 079 |
6 201 |
3 426 |
7 952 |
1 287 |
6 471 |
5 176 |
3 816 |
4 592 |
|
Basisonderwijs en lager secundair onderwijs (niveau 1 en 2) ED1_2 |
9 669 |
8 327 |
986 |
6 990 |
2 650 |
7 060 |
3 517 |
9 485 |
1 318 |
6 925 |
5 396 |
4 181 |
2 181 |
|
Lager secundair onderwijs ED2 |
11 233 |
9 563 |
1 089 |
7 756 |
3 456 |
7 607 |
3 711 |
12 511 |
1 351 |
8 200 |
5 747 |
4 881 |
n.v.t. |
|
Lager secundair onderwijs — algemeen ED24 |
11 233 |
n.v.t. |
1 130 |
7 756 |
3 463 |
7 607 |
3 691 |
12 511 |
1 329 |
8 200 |
5 748 |
4 881 |
n.v.t. |
|
Lager secundair onderwijs — beroepsopleiding ED25 |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
2 089 |
n.v.t. |
5 930 |
n.v.t. |
4 421 |
n.v.t. |
5 566 |
n.v.t. |
n.v.t. |
|
Hoger secundair onderwijs ED3 |
10 785 |
n.v.t. |
1 036 |
7 980 |
3 134 |
7 708 |
3 488 |
7 838 |
3 172 |
8 496 |
5 650 |
5 071 |
1 995 |
|
Hoger secundair en postsecundair niet-tertiair onderwijs (niveau 3 en 4) ED3_4 |
10 127 |
10 109 |
1 039 |
7 886 |
3 061 |
6 846 |
3 603 |
7 838 |
3 271 |
9 252 |
5 995 |
5 071 |
1 995 |
|
Hoger secundair onderwijs — algemeen ED34 |
9 395 |
n.v.t. |
921 |
7 281 |
2 629 |
8 045 |
3 194 |
7 199 |
3 288 |
n.v.t. |
n.v.t. |
4 495 |
n.v.t. |
|
Hoger secundair en postsecundair niet-tertiair onderwijs — algemeen (niveaus 34 en 44) |
9 395 |
10 271 |
921 |
7 281 |
2 450 |
7 988 |
3 194 |
7 199 |
3 288 |
n.v.t. |
n.v.t. |
4 495 |
n.v.t. |
|
Hoger secundair onderwijs — beroepsopleiding ED35 |
11 690 |
n.v.t. |
1 145 |
11 881 |
3 311 |
7 368 |
4 017 |
8 081 |
2 820 |
n.v.t. |
n.v.t. |
6 188 |
2 826 |
|
Hoger secundair en postsecundair niet-tertiair onderwijs — beroepsopleiding (niveaus 35 en 45) |
10 552 |
10 000 |
1 151 |
11 020 |
3 296 |
6 051 |
4 023 |
8 081 |
3 237 |
n.v.t. |
n.v.t. |
6 188 |
2 826 |
|
Postsecundair niet-tertiair onderwijs ED4 |
1 341 |
n.v.t. |
2 135 |
n.v.t. |
710 |
3 854 |
4 022 |
n.v.t. |
3 952 |
10 628 |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
|
Postsecundair niet-tertiair onderwijs ED44 |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
660 |
6 918 |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
|
Postsecundair niet-tertiair onderwijs — beroepsopleiding ED45 |
1 341 |
n.v.t. |
2 135 |
n.v.t. |
931 |
3 539 |
4 022 |
n.v.t. |
3 952 |
10 628 |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
|
Tertiair onderwijs korte cyclus ED5 |
12 098 |
9 089 |
n.v.t. |
1 241 |
6 928 |
5 963 |
n.v.t. |
n.v.t. |
1 994 |
n.v.t. |
4 000 |
4 883 |
n.v.t. |
|
Tertiair onderwijs (niveaus 5-8) ED 5-8 |
9 105 |
7 592 |
885 |
3 637 |
1 849 |
6 450 |
2 712 |
10 199 |
1 837 |
6 562 |
2 197 |
3 637 |
3 258 |
|
Tertiair onderwijs, met uitzondering van tertiair onderwijs korte cyclus (niveaus 6-8) ED 6-8 |
8 525 |
7 534 |
885 |
3 884 |
1 836 |
6 450 |
2 712 |
10 199 |
1 829 |
6 562 |
2 191 |
3 309 |
n.v.t. |
|
Opleidingsniveau |
FR |
LT |
LU |
LV |
MT |
NL |
PL |
PT |
RO |
SE |
SI |
SK |
UK |
|
Kleuteronderwijs ED0 |
5 259 |
1 853 |
15 898 |
2 534 |
4 731 |
6 065 |
1 759 |
2 367 |
916 |
13 267 |
4 433 |
2 037 |
3 978 |
|
Kinderdagverblijf en educatieve ontwikkeling ED01 |
n.v.t. |
2 178 |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
1 606 |
14 879 |
5 344 |
n.v.t. |
4 008 |
|
Voorschools onderwijs ED02 |
5 259 |
1 789 |
15 898 |
2 534 |
4 731 |
6 065 |
1 759 |
2 367 |
893 |
12 692 |
4 067 |
2 037 |
3 973 |
|
Basisonderwijs ED1 |
4 950 |
2 197 |
16 253 |
3 147 |
5 173 |
6 681 |
2 627 |
3 718 |
674 |
10 390 |
4 985 |
2 348 |
8 777 |
|
Basisonderwijs en lager secundair onderwijs (niveau 1 en 2) ED1_2 |
5 828 |
2 141 |
16 575 |
3 143 |
6 048 |
7 757 |
2 638 |
4 227 |
919 |
10 568 |
4 794 |
2 410 |
8 898 |
|
Lager secundair onderwijs ED2 |
6 931 |
2 108 |
17 103 |
3 136 |
7 720 |
9 352 |
2 663 |
5 116 |
1 217 |
10 974 |
4 393 |
2 467 |
9 142 |
|
Lager secundair onderwijs — algemeen ED24 |
6 931 |
2 083 |
17 103 |
3 138 |
7 738 |
8 228 |
2 663 |
n.v.t. |
1 217 |
n.v.t. |
4 393 |
2 449 |
9 464 |
|
Lager secundair onderwijs — beroepsopleiding ED25 |
n.v.t. |
3 332 |
n.v.t. |
2 944 |
5 821 |
12 367 |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
3 150 |
6 370 |
|
Hoger secundair onderwijs ED3 |
9 225 |
2 362 |
16 722 |
3 087 |
5 162 |
6 995 |
2 336 |
4 411 |
1 236 |
10 858 |
3 482 |
2 607 |
8 701 |
|
Hoger secundair en postsecundair niet-tertiair onderwijs (niveau 3 en 4) ED3_4 |
9 145 |
2 485 |
16 199 |
3 121 |
5 065 |
6 995 |
2 230 |
4 411 |
1 137 |
10 535 |
3 482 |
2 629 |
8 701 |
|
Hoger secundair onderwijs — algemeen ED34 |
9 106 |
2 043 |
14 368 |
3 152 |
5 230 |
7 589 |
2 101 |
n.v.t. |
2 820 |
7 908 |
4 241 |
1 932 |
8 895 |
|
Hoger secundair en postsecundair niet-tertiair onderwijs — algemeen (niveaus 34 en 44) |
9 087 |
2 043 |
14 368 |
3 152 |
5 238 |
7 589 |
2 101 |
n.v.t. |
2 820 |
7 856 |
4 241 |
1 932 |
8 895 |
|
Hoger secundair onderwijs — beroepsopleiding ED35 |
9 425 |
3 224 |
18 265 |
2 995 |
4 670 |
6 710 |
2 520 |
n.v.t. |
47 |
14 773 |
3 717 |
2 978 |
8 295 |
|
Hoger secundair en postsecundair niet-tertiair onderwijs — beroepsopleiding (niveaus 35 en 45) |
9 238 |
3 136 |
17 333 |
3 082 |
4 518 |
6 709 |
2 317 |
n.v.t. |
120 |
13 882 |
3 717 |
2 984 |
8 295 |
|
Postsecundair niet-tertiair onderwijs ED4 |
6 088 |
3 030 |
1 189 |
3 667 |
4 463 |
5 056 |
1 057 |
n.v.t. |
423 |
4 146 |
n.v.t. |
3 052 |
n.v.t. |
|
Postsecundair niet-tertiair onderwijs ED44 |
6 808 |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
6 598 |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
5 639 |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
|
Postsecundair niet-tertiair onderwijs — beroepsopleiding ED45 |
5 908 |
3 030 |
1 189 |
3 667 |
4 391 |
5 056 |
1 057 |
n.v.t. |
423 |
3 613 |
n.v.t. |
3 052 |
n.v.t. |
|
Tertiair onderwijs korte cyclus ED5 |
8 752 |
n.v.t. |
22 145 |
3 050 |
6 322 |
6 205 |
7 791 |
n.v.t. |
n.v.t. |
6 339 |
1 725 |
3 352 |
1 731 |
|
Tertiair onderwijs (niveaus 5-8) ED 5-8 |
6 289 |
2 736 |
33 659 |
2 449 |
8 819 |
6 081 |
2 384 |
1 293 |
1 772 |
10 477 |
3 869 |
1 937 |
2 257 ” |
(1) Deze eenheidskosten kunnen niet worden toegepast op soorten concrete acties waarvoor andere vereenvoudigde kostenopties zijn vastgesteld in een andere bijlage bij deze gedelegeerde verordening.
(2) Andere potentiële subsidiabele kosten van deze soort concrete acties, zoals vergoedingen, vervoerskosten, verblijfkosten of andere vormen van aan studenten die deelnemen aan deze soorten concrete acties verstrekte steun, vallen niet onder de eenheidskostprijs.
(3) Gecontroleerde deelname betekent dat het bewijs van de aanwezigheid van de student in het formele onderwijs of de formele opleiding twee of drie keer per academisch jaar door de nationale autoriteiten moet worden geverifieerd volgens de in de lidstaten gebruikelijke praktijken en procedures voor de controle van de aanwezigheid in het formele onderwijs of formele opleidingen.
(4) Internationale standaardclassificatie van het onderwijs (http://ec.europa.eu/eurostat/statistics-explained/index.php/International_Standard_Classification_of_Education_(ISCED)).
(5) De tabel in punt 3 geeft een overzicht van de bedragen voor alle lidstaten, met uitzondering van Griekenland en Denemarken, waarvoor momenteel geen gegevens beschikbaar zijn. In het geval van cursussen die minimaal één volledig academisch jaar duren kunnen deze bedragen aan de lidstaten worden terugbetaald op de volgende basis: 50 % voor het eerste bewijs van aanwezigheid tijdens het academische jaar (gewoonlijk aan het begin van het academische jaar, in overeenstemming met de nationale voorschriften en praktijken), 30 % voor het tweede bewijs van aanwezigheid en 20 % voor het derde en laatste bewijs van aanwezigheid. Voor lidstaten waarvan de nationale systemen bepalen dat deze informatie maar tweemaal per jaar wordt verstrekt, of voor cursussen die minder dan één volledig academisch jaar duren, worden deze bedragen voor 50 % na het eerste bewijs van aanwezigheid en voor nog eens 50 % na het tweede en laatste bewijs van aanwezigheid terugbetaald.
(6) „N.v.t.” geeft aan dat er voor die lidstaat en dat opleidingsniveau geen gegevens beschikbaar zijn.
BIJLAGE VI
„BIJLAGE XV
Voorwaarden voor de terugbetaling van uitgaven aan Cyprus op basis van standaardschalen van eenheidskosten
1. Definitie van de standaardschalen van eenheidskosten
|
Soorten concrete acties |
Naam van de indicator |
Categorie kosten |
Meeteenheid voor de indicator |
Bedragen (in EUR) |
||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Alle kosten, met inbegrip van directe personeelskosten |
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||
|
Maandloon voor vaste en tijdelijke overheidsambtenaren |
Alle kosten, met inbegrip van directe personeelskosten |
Aantal gewerkte maanden gedifferentieerd volgens loonschaal |
Loonschalen Α1 1 794 A2 1 857 A3 2 007 A4 2 154 A5 2 606 A6 3 037 A7 3 404 A8 3 733 A9 4 365 A10 4 912 A11 5 823 A12 6 475 A13 7 120 |
||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Alle kostencategorieën |
Aantal uitgevoerde beoordelingen |
|
2. Aanpassing van de bedragen
Niet van toepassing.”
BIJLAGE VII
„BIJLAGE XVI
Voorwaarden voor de terugbetaling van uitgaven aan Kroatië op basis van standaardschalen van eenheidskosten
1. Definitie van de standaardschalen van eenheidskosten
|
Soorten concrete acties |
Naam van de indicator |
Categorie kosten |
Meeteenheid voor de indicator |
Bedragen (in HRK) |
||
|
Door een onderwijsassistent gewerkte maanden |
Alle subsidiabele kosten van de concrete actie |
Aantal gewerkte maanden |
4 530,18 |
2. Aanpassing van de bedragen
Niet van toepassing.”
BIJLAGE VIII
„BIJLAGE XVII
Voorwaarden voor de terugbetaling van uitgaven aan Ierland op basis van standaardschalen van eenheidskosten
1. Definitie van de standaardschalen van eenheidskosten
|
Soorten concrete acties |
Naam van de indicator (1) |
Categorie kosten |
Meeteenheid voor de indicator |
Bedragen (in EUR) |
||
|
Geregistreerd succesvol resultaat van een deelnemer aan het programma „Overbrugging” |
Alle subsidiabele kosten van de concrete actie |
Aantal succesvolle resultaten per deelnemer |
1 316 |
||
|
Geregistreerd succesvol resultaat van een deelnemer aan het programma „Verwerven van specifieke vaardigheden” |
Alle subsidiabele kosten van de concrete actie |
Aantal succesvolle resultaten |
1 631 |
||
|
Geregistreerd succesvol resultaat van een deelnemer aan het programma „Stage” |
Alle subsidiabele kosten van de concrete actie |
Aantal succesvolle resultaten |
1 513 |
||
|
Geregistreerd succesvol resultaat van een deelnemer aan het programma „Opleidingscentrum van de gemeenschap” |
Alle subsidiabele kosten van de concrete actie |
Aantal succesvolle resultaten |
4 718 |
||
|
Geregistreerd succesvol resultaat van een deelnemer aan het programma „Lokale opleidingsinitiatieven” |
Alle subsidiabele kosten van de concrete actie |
Aantal succesvolle resultaten |
1 658 |
2. Aanpassing van de bedragen
Niet van toepassing.”
(1) Voor elke onderstaande naam van een indicator wordt met een succesvol resultaat verwezen naar een deelnemer die voldoet aan de door Raden voor Onderwijs en Opleiding (Education and Training Boards) voorgeschreven beoordelingscriteria, waarbij het resultaat door het panel voor de goedkeuring van resultaten (Results Approval Panel) wordt goedgekeurd en zowel op het goedkeuringsformulier „F12-Course-Summary-Assessment-Sheet-and-Results-Approval-Form” als in elektronische vorm via het Results Capture and Certification Request System (RCCRS) wordt geregistreerd.
BIJLAGE IX
„BIJLAGE XVIII
Voorwaarden voor de terugbetaling van uitgaven aan Spanje op basis van standaardschalen van eenheidskosten
1. Definitie van de standaardschalen van eenheidskosten
|
Soorten concrete acties |
Naam van de indicator |
Categorie kosten |
Meeteenheid voor de indicator |
Bedragen (in EUR) |
||||||
|
Uren deelname aan een opleiding |
Alle subsidiabele kosten van de concrete actie |
Aantal uren per deelnemer op voorwaarde dat de deelnemer:
In het geval van 1) stemt het aantal uren deelname door een deelnemer overeen met het totale aantal uren van de cursus (zoals vastgelegd in de catalogus van opleidingsspecialiteiten). In het geval van 2) kan enkel het aantal uren van daadwerkelijke deelname in aanmerking worden genomen. Zowel voor door een docent geleide als voor onlineopleiding is terugbetaling mogelijk voor maximaal 20 deelnemers per groep. |
8,58 per uur door een docent geleide opleiding (2) 4,5 per uur onlineopleiding |
2. Aanpassing van de bedragen
Niet van toepassing.”
(1) Beschikbaar op: https://www.sepe.es/contenidos/personas/formacion/especialidades_formativas/buscador_especialidades_formativas.html
(2) „Door een docent geleide opleiding” wordt gedefinieerd als een opleiding waarbij de deelnemers en de docent fysiek aanwezig zijn op dezelfde locatie, en wordt in Spanje „formación presencial” genoemd.
BIJLAGE X
„BIJLAGE XIX
Voorwaarden voor de terugbetaling van uitgaven aan het Verenigd Koninkrijk op basis van standaardschalen van eenheidskosten
1. Definitie van de standaardschalen van eenheidskosten
|
Soorten concrete acties |
Naam van de indicator |
Categorie kosten |
Meeteenheid voor de indicator |
Bedragen |
||||||||
|
Leerlingplaatsen binnen prioritaire as 3 van het operationele programma ESF voor Noord-Ierland (2014UK05SFOP004) |
Werkende deelnemers van minimaal 16 jaar die een volledige formele leerlingplaats nastreven |
Alle subsidiabele kosten van de concrete actie |
Aantal die een volledige formele leerlingplaats nastreven |
Bedragen worden berekend op basis van:
|
2. Aanpassing van de bedragen
Niet van toepassing.
3. Bedragen (in GBP)
|
|
LEERLINGPLAATS VAN NIVEAU 2 — Jongere |
|||||||
|
|
Triggergebeurtenis |
Financieringscategorieën (opmerking 1) |
Invaliditeitssupplement |
|||||
|
1 |
2 |
3 |
4 |
5 |
6 |
|||
|
1 |
Goedkeuring van het persoonlijke opleidingsplan |
330 |
330 |
330 |
330 |
330 |
330 |
610 |
|
2 |
Mijlpalen (opmerking 2) |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Verwerving van 20-25 % van de eenheden van het leerlingplaatskader (2) |
380 |
440 |
490 |
710 |
770 |
820 |
220 |
|
|
Verwerving van 40-45 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
380 |
440 |
490 |
710 |
770 |
820 |
220 |
|
|
Verwerving van 60-65 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
380 |
440 |
490 |
710 |
770 |
820 |
220 |
|
|
Verwerving van 80-85 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
380 |
440 |
490 |
710 |
770 |
820 |
220 |
|
3 |
Verwerving van essentiële vaardigheden (opmerking 3) |
330 |
330 |
330 |
330 |
330 |
330 |
0 |
|
4 |
Verwerving van de nationale beroepskwalificatie van niveau 2 |
330 |
380 |
440 |
550 |
600 |
660 |
220 |
|
5 |
Verwerving van het volledige leerlingplaatskader van niveau 2 |
330 |
380 |
440 |
820 |
880 |
930 |
0 |
|
6 |
Werkgeversprikkel |
500 |
500 |
500 |
750 |
750 |
750 |
0 |
|
|
LEERLINGPLAATS VAN NIVEAU 2 — Volwassene |
|||||||
|
|
Triggergebeurtenis |
Financieringscategorieën (opmerking 1) |
Invaliditeits-supplement |
|||||
|
1 |
2 |
3 |
4 |
5 |
6 |
|||
|
1 |
Goedkeuring van het persoonlijke opleidingsplan |
165 |
165 |
165 |
165 |
165 |
165 |
305 |
|
2 |
Mijlpaalbetalingen (opmerking 2) |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Verwerving van 20-25 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
190 |
220 |
245 |
355 |
385 |
410 |
110 |
|
|
Verwerving van 40-45 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
190 |
220 |
245 |
355 |
385 |
410 |
110 |
|
|
Verwerving van 60-65 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
190 |
220 |
245 |
355 |
385 |
410 |
110 |
|
|
Verwerving van 80-85 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
190 |
220 |
245 |
355 |
385 |
410 |
110 |
|
3 |
Verwerving van essentiële vaardigheden (opmerking 3) |
165 |
165 |
165 |
165 |
165 |
165 |
0 |
|
4 |
Verwerving van de nationale beroepskwalificatie van niveau 2 |
165 |
190 |
220 |
275 |
300 |
330 |
110 |
|
5 |
Verwerving van het volledige leerlingplaatskader van niveau 2 |
165 |
190 |
220 |
410 |
440 |
465 |
0 |
|
6 |
Werkgeversprikkel |
250 |
250 |
250 |
375 |
375 |
375 |
0 |
|
|
LEERLINGPLAATS VAN NIVEAU 3 (DOORSTROOMTRAJECT) — Jongere |
|||||||
|
|
Triggergebeurtenis |
Financieringscategorieën (opmerking 1) |
Invaliditeitssupplement |
|||||
|
1 |
2 |
3 |
4 |
5 |
6 |
|||
|
1 |
Goedkeuring van het persoonlijke opleidingsplan |
220 |
220 |
220 |
220 |
220 |
220 |
610 |
|
2 |
Mijlpaalbetalingen (opmerking 2) |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Verwerving van 20-25 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
380 |
440 |
490 |
710 |
770 |
820 |
220 |
|
|
Verwerving van 40-45 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
380 |
440 |
490 |
710 |
770 |
820 |
220 |
|
|
Verwerving van 60-65 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
380 |
440 |
490 |
710 |
770 |
820 |
220 |
|
|
Verwerving van 80-85 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
380 |
440 |
490 |
710 |
770 |
820 |
220 |
|
3 |
Verwerving van essentiële vaardigheden (opmerking 3) |
330 |
330 |
330 |
330 |
330 |
330 |
0 |
|
4 |
Verwerving van de nationale beroepskwalificatie van niveau 3 |
770 |
820 |
880 |
990 |
1 040 |
1 100 |
220 |
|
5 |
Verwerving van het volledige leerlingplaatskader van niveau 3 |
990 |
1 150 |
1 320 |
1 870 |
2 030 |
2 200 |
0 |
|
6 |
Werkgeversprikkel |
500 |
500 |
500 |
750 |
750 |
750 |
0 |
|
|
LEERLINGPLAATS VAN NIVEAU 3 (DOORSTROOMTRAJECT) — Volwassen leerlingen (VOLWASSENE) |
|||||||
|
|
Triggergebeurtenis |
Financieringscategorieën (opmerking 1) |
Invaliditeitssupplement |
|||||
|
1 |
2 |
3 |
4 |
5 |
6 |
|||
|
1 |
Goedkeuring van het persoonlijke opleidingsplan |
110 |
110 |
110 |
110 |
110 |
110 |
305 |
|
2 |
Mijlpaalbetalingen (opmerking 2) |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Verwerving van 20-25 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
190 |
220 |
245 |
355 |
385 |
410 |
110 |
|
|
Verwerving van 40-45 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
190 |
220 |
245 |
355 |
385 |
410 |
110 |
|
|
Verwerving van 60-65 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
190 |
220 |
245 |
355 |
385 |
410 |
110 |
|
|
Verwerving van 80-85 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
190 |
220 |
245 |
355 |
385 |
410 |
110 |
|
3 |
Verwerving van essentiële vaardigheden (opmerking 3) |
165 |
165 |
165 |
165 |
165 |
165 |
0 |
|
4 |
Verwerving van de nationale beroepskwalificatie van niveau 3 |
385 |
410 |
440 |
495 |
520 |
550 |
110 |
|
5 |
Verwerving van het volledige leerlingplaatskader van niveau 3 |
495 |
575 |
660 |
935 |
1 015 |
1 100 |
0 |
|
6 |
Werkgeversprikkel |
250 |
250 |
250 |
375 |
375 |
375 |
0 |
|
|
LEERLINGPLAATS VAN NIVEAU 3 (NIVEAU 2 ONVOLTOOID) (Opmerking 4) — Jongere |
|||||||
|
|
Triggergebeurtenis |
Financieringscategorieën (opmerking 1) |
Invaliditeitssupplement |
|||||
|
1 |
2 |
3 |
4 |
5 |
6 |
|||
|
1 |
Goedkeuring van het persoonlijke opleidingsplan |
330 |
330 |
330 |
330 |
330 |
330 |
610 |
|
2 |
Mijlpaalbetalingen (opmerking 2) |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Verwerving van 20-25 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
380 |
440 |
490 |
710 |
770 |
820 |
220 |
|
|
Verwerving van 40-45 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
380 |
440 |
490 |
710 |
770 |
820 |
220 |
|
|
Verwerving van 60-65 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
380 |
440 |
490 |
710 |
770 |
820 |
220 |
|
|
Verwerving van 80-85 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
380 |
440 |
490 |
710 |
770 |
820 |
220 |
|
4 |
Verwerving van de nationale beroepskwalificatie van niveau 2 |
660 |
710 |
770 |
990 |
1 040 |
1 100 |
220 |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Ingehouden/eerste betaling (opmerking 5) |
220 |
220 |
220 |
220 |
220 |
220 |
610 |
|
2 |
Mijlpaalbetalingen (opmerking 2) |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Verwerving van 20-25 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
380 |
440 |
490 |
710 |
770 |
820 |
220 |
|
|
Verwerving van 40-45 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
380 |
440 |
490 |
710 |
770 |
820 |
220 |
|
|
Verwerving van 60-65 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
380 |
440 |
490 |
710 |
770 |
820 |
220 |
|
|
Verwerving van 80-85 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
380 |
440 |
490 |
710 |
770 |
820 |
220 |
|
3 |
Verwerving van essentiële vaardigheden (opmerking 2) |
330 |
330 |
330 |
330 |
330 |
330 |
0 |
|
4 |
Verwerving van de nationale beroepskwalificatie van niveau 3 |
770 |
820 |
880 |
990 |
1 040 |
1 100 |
220 |
|
5 |
Verwerving van het volledige leerlingplaatskader van niveau 3 |
990 |
1 150 |
1 320 |
1 870 |
2 030 |
2 200 |
0 |
|
6 |
Werkgeversprikkel |
1 000 |
1 000 |
1 000 |
1 500 |
1 500 |
1 500 |
0 |
|
|
LEERLINGPLAATS VAN NIVEAU 3 (NIVEAU 2 ONVOLTOOID) (Opmerking 4) — Volwassen leerlingen (VOLWASSENE) |
|||||||
|
|
Triggergebeurtenis |
Financieringscategorieën (opmerking 1) |
Invaliditeitssupplement |
|||||
|
1 |
2 |
3 |
4 |
5 |
6 |
|||
|
1 |
Goedkeuring van het persoonlijke opleidingsplan |
165 |
165 |
165 |
165 |
165 |
165 |
305 |
|
2 |
Mijlpaalbetalingen (opmerking 2) |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Verwerving van 20-25 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
190 |
220 |
245 |
355 |
385 |
410 |
110 |
|
|
Verwerving van 40-45 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
190 |
220 |
245 |
355 |
385 |
410 |
110 |
|
|
Verwerving van 60-65 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
190 |
220 |
245 |
355 |
385 |
410 |
110 |
|
|
Verwerving van 80-85 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
190 |
220 |
245 |
355 |
385 |
410 |
110 |
|
4 |
Verwerving van de nationale beroepskwalificatie van niveau 2 |
330 |
355 |
385 |
495 |
520 |
550 |
110 |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Ingehouden betaling/startbetaling (opmerking 5) |
110 |
110 |
110 |
110 |
110 |
110 |
305 |
|
2 |
Mijlpaalbetalingen (opmerking 2) |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Verwerving van 20-25 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
190 |
220 |
245 |
355 |
385 |
410 |
110 |
|
|
Verwerving van 40-45 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
190 |
220 |
245 |
355 |
385 |
410 |
110 |
|
|
Verwerving van 60-65 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
190 |
220 |
245 |
355 |
385 |
410 |
110 |
|
|
Verwerving van 80-85 % van de eenheden van het leerlingplaatskader |
190 |
220 |
245 |
355 |
385 |
410 |
110 |
|
3 |
Verwerving van essentiële vaardigheden (opmerking 3) |
165 |
165 |
165 |
165 |
165 |
165 |
0 |
|
4 |
Verwerving van de nationale beroepskwalificatie van niveau 3 |
385 |
410 |
440 |
495 |
520 |
550 |
110 |
|
5 |
Verwerving van het volledige leerlingplaatskader van niveau 3 |
495 |
575 |
660 |
935 |
1 015 |
1 100 |
0 |
|
6 |
Werkgeversprikkel |
500 |
500 |
500 |
750 |
750 |
750 |
0 |
Opmerkingen:
|
1. |
De volledige lijst van leerlingplaatskaders en de financieringscategorieën waartoe zij behoren is opgenomen in de bijlagen 1 en 2 bij het document „ApprenticeshipsNI 2017 Operational Requirements” (beschikbaar op https://www.economy-ni.gov.uk/publications/apprenticeship-guidelines). |
|
2. |
Mijlpaalbetalingen vinden plaats na het bereiken van de mijlpalen/het verwerven van de eenheden van het overeengekomen algemene kader. Voor de berekening van het bereikte percentage wordt de voltooiing van gehele eenheden of delen van eenheden binnen het kader in aanmerking genomen in overeenstemming met het document „ApprenticeshipsNI 2017 Operational Requirements” (beschikbaar op https://www.economy-ni.gov.uk/publications/apprenticeship-guidelines). |
|
3. |
Essentiële vaardigheden bestaan uit communicatie, numeriek redeneervermogen en ICT. Het bedrag voor essentiële vaardigheden is beperkt tot één betaling per deelnemer van 55 GBP per volwassene/110 GBP per jongere voor elke essentiële vaardigheid (communicatie, numeriek redeneervermogen en ICT). |
|
4. |
In het geval van een leerlingplaats van niveau 3 (niveau 2 onvoltooid) kan een leerling met eerdere ervaring met een studie op niveau 2 een studie van het kader van niveau 3 volgen, waarbij rekening wordt gehouden met wat hij eerder heeft geleerd en behaald. Hierdoor is het mogelijk dat de leerling naar niveau 3 doorstroomt zonder het volledige kader van niveau 2 te hebben voltooid. |
|
5. |
Van toepassing wanneer een deelnemer alle componenten van de kwalificatie van niveau 2 op weg naar de leerlingplaats van niveau 3 heeft voltooid en behaald.” |
(1) Een jongere wordt gedefinieerd als een persoon tussen 16 en 24 jaar, terwijl een volwassene wordt gedefinieerd als een persoon van minimaal 25 jaar.
(2) Eenheden van het leerlingplaatskader zijn de elementen van de gespecificeerde/vereiste leertrajecten (modules) waaruit kwalificaties bestaan. De kwalificaties voor leerlingplaatsen van niveau 2 zijn beschikbaar op https://www.nidirect.gov.uk/articles/level-2-frameworks-apprenticeships en deze van leerlingplaatsen van niveau 3 zijn beschikbaar op https://www.nidirect.gov.uk/articles/level-3-frameworks-apprenticeships